11. Bijlage 1 Herinrichting Uitkijkpunt Huls-Bijlagen bij de regels-Bijlage 1 Beleidsregel Limburgs Kwaliteitsmenu 2012.pdf
Tekst van het document
7 Bruto vloeroppervlakte
58
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
6.12
Nieuwe uitbreidingsgebieden voor woningbouw
Toelichting We maken onderscheid tussen de solitaire woningbouw uit paragraaf 6.11 en uitbreidingsgebieden voor woningbouw, de zogenaamde uitleglocaties. Gezien de demografische ontwikkelingen voorzien wij uitleglocaties (buiten de contour) alleen nog in Noord- en Midden-Limburg. Uitleglocaties vervullen een belangrijke rol in de volkshuisvestelijke taak van de gemeenten. Naast woningen krijgen ook andere maatschappelijk functies hier een plaats. Zoals groen, wateropvang, sport en ontspanning, winkels en maatschappelijke bebouwing. Voor de uitleglocaties worden nieuwe voorzieningen en infrastructuur aangelegd. De uitleggebieden vormen voor de gemeenten ook het middel om maatschappelijke opgaven en opgaven op het gebied van leefbaarheid en herstructurering mogelijk te maken. Maar dit blijft buiten de reikwijdte van het kwaliteitsmenu. Het Limburgs Kwaliteitsmenu richt zich voor deze gebieden specifiek op de compensatie van het de verloren waarden van het buitengebied. Module voor nieuwe uitbreidingsgebieden woningbouw. Uitleglocaties kunnen enkel aansluitend aan de contour worden gebouwd 8 . Dit kan alleen onder voorwaarde dat er binnen de contour geen ruimte meer is of kan worden hergebruikt (de SER-ladder dient te worden doorlopen). De uitleglocatie moet planologisch beoordeeld worden.
Uitgangspunt daarbij is dat voor een locatie wordt gekozen die zo min mogelijk waarden aantast. Voor de realisering van een uitleglocatie voor woningbouw geldt dat naast een goede ruimtelijke en landschappelijke inpassing van de locatie zelf een kwaliteitsbijdrage dient te worden geleverd. De kwaliteitsbijdrage dient ter compensatie van het verlies aan waarden in het buitengebied die door de ontwikkeling wordt veroorzaakt. Voor de kwaliteitsbijdrage wordt een drempelwaarde gegeven. De kwaliteitsbijdrage dient te worden ingezet voor groen, natuur landschap en herstel van landschappelijke cultuurhistorie. (Niet zijnde de inpassing of onderdeel van de inrichting van de wijk.) Normering nieuwe uitleggebieden voor woningbouw De drempelwaarde bedraagt € 5 per m2 plangebied ten behoeve van de realisering van groen, natuur, landschap en herstel landschappelijke cultuurhistorie (bij appartementen €25,-- per m2 b.v.o.). De gemeente kan op basis van de minimumhoogte een eigen benadering of berekeningswijze gebruiken, afhankelijk van de locale situatie. 8
Wanneer reeds aansluitend aan de contour een uitbreiding heeft plaatsgevonden kan hier, wanneer dit uit ruimtelijk planologisch oogpunt wenselijk is, op aangesloten worden. Er is dan weliswaar strikt formeel geen sprake meer van aansluitend aan de contour, maar sprake van aansluitend aan bebouwing die op de contour aansluit. De ruimtelijke kwaliteit staat hier voorop
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
59
Woningbouw - grootschalig (met infra)
Kwaliteitsbijdrage per
Kwaliteitsbijdrage in €
eenheid Woningbouw
m2 plangebied
€5
Appartementenbouw
m2 uitgeefbaar b.v.o.
€ 25
Aandachtpunten Deze module is niet van toepassing in Zuid-Limburg. Hier wordt, met uitzondering van de stedelijke gebieden, niet voorzien in nieuwe uitleggebieden. De module is van toepassing op het buitengebied van Limburg. Binnen de begrenzing stedelijk gebied is de module alleen van toepassing in P2 en P3, zowel in Zuid- als in Noord- en Midden-Limburg.
De bijdrage in deze module nieuwe uitbreidingsgebieden voor woningbouw is gebaseerd op de compensatiegedachte. Daarbij wordt via de mogelijkheden van de Grondexploitatiewet een bijdrage gevraagd ter verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Bij nieuwe uitbreidingsgebieden voor woningbouw kan de gemeente daarnaast aanvullend gebruik maken van de mogelijkheden van de Grondexploitatiewet om bijdragen te vragen voor (andere) ruimtelijke ontwikkelingen. Daarmee wordt inzet voor leefbaarheid, herstructurering, revitalisering etc. mogelijk. Deze bijdragen maken evenwel geen onderdeel uit van het Limburgs Kwaliteitsmenu.
60
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
6.13
Overige ( gebouwde) functies
Toelichting Naast de in de vorige modules genoemde meer algemeen voorkomende categorieën van ontwikkelingen zijn er nog minder algemeen voorkomende ontwikkelingen die op een kwalitatieve wijze dien te worden benaderd. We maken daarbij onderscheid in niet-commerciële maatschappelijke voorzieningen, waarbij de vestiging buiten de contour functioneel of ruimtelijke noodzakelijk is en anderzijds in commerciële voorzieningen die uit oogpunt van rust, ruimte of andere motieven een locatie zoeken buiten de contour, zoals bijvoorbeeld zorginstellingen. Ook functieverandering en herontwikkeling kunnen redenen zijn om op een meer kwalitatieve manier met bestemmingsveranderingen om te gaan. Beleid voor overige (gebouwde) functies. Niet commerciële maatschappelijke voorzieningen Voor de niet-commerciële/publieke maatschappelijk voorzieningen zoals politiebureaus, gemeentehuizen, brandweerkazernes etc. die niet onder de bovenstaande modules vallen geldt een kwaliteitsbeleid. Allereerst zal de noodzaak duidelijk moeten zijn om de publieke maatschappelijke voorziening buiten de contour te realiseren. Voor politie, brandweer etc. kan dit te maken hebben met inzetbaarheid, infrastructuur, reactietijden etc. Op basis van de publieke noodzaak om voor een locatie buiten de contour te kiezen wordt niet voorzien in het leveren van een genormeerde kwaliteitsbijdrage.
Deze ontwikkelingen komen zo sporadisch voor dat er voor deze ontwikkelingen maatwerk wordt voorgestaan. Uitgangspunt daarbij is een kwalitatieve benadering. Een objectieve beoordeling van de kwaliteiten is daarbij aan de orde. Commerciële voorzieningen Voor commerciële voorzieningen die niet onder de bovenstaand uitgewerkte modules vallen geldt een kwaliteitsbeleid. Er wordt voorzien in maatwerk, waarbij een kwalitatieve benadering uitgangspunt is. De kwaliteit van de ontwikkeling dient objectief beoordeeld te worden. Uit de ruimtelijke afweging moet blijken of vestiging buiten de contour aanvaardbaar is. Zo ja, dan dient de ontwikkeling, naast een goede ruimtelijke en landschappelijke inpassing ter plaatse, per saldo bij te dragen aan een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Daarbij is een kwaliteitsbijdrage verplicht. De hoogte van de kwaliteitsbijdrage is maatwerk, waarbij de gevolgen van de nieuwe bestemming voor de kwaliteit ter plekke en de omgeving moeten worden meegenomen, evenals de waardeverandering door de bestemmingswijziging. Er kan aansluiting worden gezocht bij vergelijkbare ontwikkelingen die in dit kwaliteitsmenu zijn opgenomen. Voor nieuwe vormen van zorg- of bedrijfsappartementen dient aangesloten te worden bij de module voor solitaire bebouwing.
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
61
Functieverandering (naar wonen) Ook voor de functieverandering van niet voor (permanente-) bewoning bestemde panden naar woningen staan wij een kwaliteitsbeleid voor (bijvoorbeeld vakantiewoningen, schuren, fabriekspanden etc.). Hoewel ruimtelijk (niet direct) een inbreuk wordt gepleegd op de waarden van het buitengebied, gebeurt dit functioneel wel. De panden zijn over het algemeen opgericht ten behoeve van hun functie in of voor het buitengebied. Nu deze functie klaarblijkelijk niet meer aan de orde is zouden zij eigenlijk gesloopt kunnen worden. Door hier een woonbestemming aan te geven vindt er daardoor indirect toch een verdergaande verstedelijking en verstening van het buitengebied plaats. Daar komt bij dat in het algemeen het opleggen van de woonbestemming ook leidt tot de wens om bijgebouwen etc. op te richten. Hetgeen ook leidt tot een verdergaande verstening. Daarom stellen wij voor deze ontwikkelingen een kwaliteitsbenadering voor. De hoogte van de kwaliteitsbijdrage is maatwerk, waarbij de gevolgen van de nieuwe bestemming voor de kwaliteit van het object en de omgeving moeten worden meegenomen, evenals de waardeverandering door de bestemmingswijziging. Er moet aansluiting worden gezocht op vergelijkbare modules in het kwaliteitsmenu. Deze functieveranderingsregeling is aanvullend op de VAB regeling.
In de VAB regeling zijn er mogelijkheden om nieuwe economische dragers op het agrarische bedrijf te ontwikkelen en om woningen in de voormalige agrarische hoofdgebouwen te realiseren, mits dit op een kwalitatieve manier gebeurt. Ook de invulling van monumentale panden met woningen is mogelijk. Daar waar ontwikkelingen niet binnen de VAB regeling passen kan van deze module gebruik worden gemaakt. Ook wanneer er naast functieverandering sprake is van nieuwbouw, uitbreiding, herbouw etc. moet er voor een kwalitatieve benadering op basis van het LKM worden gekozen.
Aandachtpunten Bij de invulling van VAB’s is vaak ook sprake van functieverandering. Deze valt niet onder het Limburgs Kwaliteitsmenu. Specifiek hiervoor geeft de provinciale Handreiking ruimtelijke ontwikkeling de mogelijkheden aan. De gemeente wordt in de handreiking gevraagd hier invulling aan te geven. Dit zou de gemeente kunnen doen via het gemeentelijke kwaliteitsmenu. Voor de omzetting van recreatiewoningen naar gewone woningen geldt het rijks- en provinciaal beleid voor deze categorie. Wanneer hieraan voldaan is kan een kwaliteitsbenadering worden toegepast.
62
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
7
Kwaliteitsverbeterende maatregelen
7.1
Inleiding
Met kwaliteitsverbeterende maatregelen worden de maatregelen bedoeld die worden genomen om een ontwikkeling in te passen of om het verlies aan omgevingskwaliteit als gevolg van de ontwikkeling te compenseren. Wanneer het kwaliteitsverlies door de ontwikkeling elders wordt gecompenseerd dan gebeurt dit door eerst de waarde van het kwaliteitsverlies uit te drukken in de vorm van een kwaliteitsbijdrage. Met de kwaliteitsbijdrage worden vervolgens de kwaliteitsverbeterende maatregelen elders uitgevoerd. Dit kan zowel rechtstreeks door de initiatiefnemer, als indirect via storting in een kwaliteitsfonds van de gemeente of regio. In onderstaand schema staan de begrippen opgenomen.
De hoogte van de kwaliteitsbijdrage zorgt zodoende voor een balans tussen ontwikkeling en kwaliteitsverbeterende maatregelen. De kwaliteitsverbeterende maatregelen hebben betrekking op de verbetering van de kwaliteit van het buitengebied. In dit hoofdstuk worden daarvan de voorwaarden gegeven en worden een aantal veel voorkomende maatregelen uitgewerkt. Verder is het aan de gemeente om in haar gemeentelijk kwaliteitsmenu maatregelen uit te werken die passen binnen de definitie. Over het pakket van de kwaliteitsverbeterende maatregelen maken Provincie en gemeente afspraken.
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
63
7.2
Wat zijn Kwaliteitsverbeterende maatregelen
Kwaliteitsverbeterende maatregelen zijn de maatregelen die gericht zijn op een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied. Ze vormen daarmee de invulling van de compensatiegedachte van het Limburgs Kwaliteitsmenu. Dit vormt ook het causale verband tussen de ingreep en de kwaliteitsverbeterende maatregel. Het dient te gaan om additionele maatregelen, maatregelen die niet tot de normale taken en verantwoordelijkheden behoren en/of waar nog geen budget voor gereserveerd is. Om de causaliteit te benadrukken en ter verhoging van het draagvlak dienen de maatregelen in tijd en plaats een verband te hebben met de ingreep. De maatregelen moeten zijn gebaseerd op democratisch gelegitimeerde beleidsstukken zoals structuurvisies, landschapsontwikkelingsplannen etc. Daarmee wordt een willekeur in maatregelen voorkomen. De gemeente kan gebruik maken van een uitvoeringsprogramma of projectenlijst om de maatregelen in op te nemen. Hiermee kunnen de maatregelen worden verbonden aan het gemeentelijke kwaliteitsbeleid. Belangrijk is dat voor de initiatiefnemer duidelijk is welke maatregelen er van hem worden verwacht of welke maatregelen er met zijn bijdrage worden uitgevoerd, of via het gemeentelijke kwaliteitsfonds worden uitgevoerd.
Voorwaarden kwaliteitsverbeterende maatregelen: –– De kwaliteitsverbeteringen zijn alle fysiek ruimtelijk van aard en komen ten goede aan de verbetering van de kwaliteit van het buitengebied; –– Het dient bij de kwaliteitsverbeteringen te gaan om additionele verbeteringen. Zaken waarvoor al middelen gereserveerd zijn komen daarom niet in aanmerking; –– De kwaliteitsverbeteringen dienen in tijd en plaats een verband te hebben met de ingreep/ontwikkelingen; –– De kwaliteitsverbeteringen zijn kwantificeerbaar.
Wanneer bij een ingreep een specifieke maatregel wordt gevraagd is dit in de desbetreffende modules aangegeven. Bij de uitbreiding van glastuinbouw bijvoorbeeld is dat de sloop van glasopstanden. Daarnaast zijn verschillende andere kwaliteitsverbeterende maatregelen mogelijk. Voor het draagvlak van het gemeentelijke kwaliteitsmenu verdient het de voorkeur om te streven naar maatregelen die verband houden met de ingreep. Ook combinaties van kwaliteitsverbeterende maatregelen zijn mogelijk. Bijvoorbeeld een deel sloop van stallen met een deel realisatie van natuur. Wanneer de gemeente gebruik maakt van een gemeentelijk of regionaal kwaliteitsfonds is het van belang om te streven naar een nauw verband tussen het kwaliteitsverlies door ontwikkelingen en de compenserende kwaliteitsverbeteringen, qua inhoud, tijd en plaats. Dit kan bijvoorbeeld door bijdragen binnen het fonds te oormerken en aan projecten te verbinden. De gemeente kan in haar gemeentelijke kwaliteitsmenu een gebiedsgerichte benadering toepassen voor de inzet van de kwaliteitsverbeterende maatregelen. Zij kan bijvoorbeeld aangeven waar sloop kan worden vergoed en waar niet. Of zij kan in gebieden op basis van een beleidsmatige afweging kiezen voor een
64
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
hogere of een lagere bijdrage in de sloopkosten. Ook de realisatie van natuur en landschap(selementen) dient bijvoorkeur plaats te vinden in de gebieden waar dit beleidsmatig het meest gewenst is, zoals de EHS of de gebieden die daarvoor in de gemeentelijke of regionale plannen zijn aangewezen. Maatregelen gericht op het herstel of het versterken van de watersystemen kunnen als kwaliteitsverbeterende maatregel worden opgenomen, mits deze passen binnen de voorwaarden. De maatregelen worden prioritair ingezet in die gebieden waar de kwaliteitsverbetering het grootst is. Naast de in dit hoofdstuk genoemde maatregelen kan de gemeente ook zelf kwaliteitsverbeterende maatregelen uitwerken. Hiervoor gelden de genoemde voorwaarden. De bijdrage aan de kwaliteitsverbeterende maatregelen kan niet hoger zijn dan de werkelijke kosten, dit in verband met niet toegestane staatssteun. Projecten binnen de contouren, in de kernen of de stedelijke gebieden, kunnen niet als kwaliteitsverbeterende maatregel in het kader van het LKM worden ingezet. Projecten binnen de kernen dragen niet direct bij aan de kwaliteitsverbetering van het buitengebied. Ook is het niet mogelijk om de LKM kwaliteitsbijdragen in te zetten voor ‘rode’ maatschappelijke functies zoals een Multifunctionele accommodatie, ook al ligt deze in het buitengebied.
De gemeente geeft via een lijst de doelen en projecten aan, waaraan zij de kwaliteitsbijdragen wil (laten) besteden. Deze doelen en projecten moeten passen binnen de bovenstaande voorwaarden voor kwaliteitsverbeteringen. Pas dan kan de gemeente het Limburgs Kwaliteitsmenu gaan toepassen.
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
65
7.3
Realisering nieuw groen, landschap en herstel cultuurhistorie.
Inleiding Realisering van nieuwe natuur, herstel en verbetering van het landschap en herstel van de cultuurhistorie is een vorm van kwaliteitsverbetering waarbij met het VORm-instrument reeds ruime ervaring is opgedaan. De maatregelen dragen bij aan de verbetering van de kwaliteit van het buitengebied. Waar in het VORminstrument de realisering van natuur in beginsel beperkt was tot de POG, wordt nu een ruimere benadering voorgestaan. De begrenzing daarvan wordt gevormd door de eis dat het dient te gaan om de invulling van democratisch gelegitimeerde plannen, zoals het gemeentelijke landschapsontwikkelingsplan of het structuurplan. Daarmee wordt een ad hoc benadering voorkomen en het draagvlak vergroot. De kwaliteitsverbeterende maatregel De kwaliteitsverbeterende maatregelen bestaan uit de realisatie van nieuwe natuur, landschap en herstel van cultuurhistorie via verwerving van gronden, inrichting van gronden, (aanloop-)beheer en eventuele doorlevering van de gronden aan een natuurbeherende instantie. Het gaat om gronden waarvan door de overheid bijvoorbeeld in het streekplan, het landschapsontwikkelingsplan, de structuurvisie of het reconstructieplan is vastgelegd dat deze van belang zijn, vanwege hun (potentiële) betekenis om te worden ontwikkeld tot natuur of waardevol landschap of dat cultuurhistorische elementen hersteld zullen worden.
Het dient te gaan om additioneel groen en herstel van cultuurhistorie. Het gaat niet om gronden waar al middelen voor beschikbaar zijn, zoals natuurcompensatie gronden. Compensatie in de EHS is wel mogelijk. Dit sluit aan bij de doelstelling van de verklaring van Roermond. Voor de gewenste soorten natuur en landschap zijn stimuleringsplannen Natuur Bos en Landschap en landschapsontwikkelingsplannen richtinggevend. Bij herstel van landschappelijke cultuurhistorie kan gedacht worden aan herstel van oude wegenstructuren, landschapelementen en graften, maar ook schansen, wegkruisen en kapellen, grafheuvels, landweren etc. Ook het herstel en de herbestemming van monumentale complexen zoals kloosters tezamen met het omringende landschap kunnen onderdeel zijn van een kwaliteitsverbeterende maatregel. De gronden dienen na realisatie duurzaam beschermd te worden via het bestemmingsplan. De gemeente kan in haar kwaliteitsbeleid aangeven welke gronden voor welke groene, landschappelijke of cultuurhistorische ontwikkelingen in aanmerking komen. Ook kan dit in een eventueel fonds worden opgenomen, via een bij het fonds behorende projectenlijst. De realisatie van de groene, landschappelijke of cultuurhistorische elementen dient privaatrechtelijk te worden vastgelegd.
66
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
De handhaving van realisatie en instandhouding van de kwaliteitsverbetering ligt vanaf het moment dat het gemeentelijk kwaliteitsmenu van kracht is primair bij de gemeente. Normeringen Voor de aanleg van natuur en landschap zijn door onder meer Staatsbosbeheer normbedragen opgesteld. Deze kunnen als basis worden gebruikt. Op de provinciale internetpagina staan kosten-voorbeelden van kwaliteitsgroen uitgewerkt. Inrichtingskosten en waardevermindering van de gronden zijn daarin de grootste kostenposten. Uiteindelijk zullen de reële kosten de omvang van de kwaliteitsverbetering bepalen. Aandachtpunten De inrichting van nieuwe natuur dient passend te zijn. Daartoe kan aansluiting worden gezocht bij de provinciale stimuleringsplannen. De Provincie kan bij de plannen voor inrichting van natuur en landschap behulpzaam zijn. Voor landschap en cultuurhistorie kan ook gebruik worden gemaakt van de Landschapsvisie Zuid-Limburg en het Landschapskader Noord- en Midden-Limburg. De Provincie ontwikkelt een digitale databank voor groen, zodat via het internet inzicht kan worden gegeven in de beschikbaarheid van grond voor natuur en landschap. Bij herstel van cultuurhistorie zal, daar waar het herstel van monumentale complexen zoals klooster e.d. aan de orde is zorgvuldig moeten worden gekeken naar de onderdelen die bijdragen aan de verbetering van de kwaliteit van het buitengebied.
Daarbij valt bijvoorbeeld te denken aan het omringende landschap, historische tuinen etc. Deze kunnen als kwaliteitsverbeterende maatregel worden opgenomen. Het herstel van de gebouwen zelf zal in de meeste gevallen worden gefinancierd door de nieuwe functie die hier aan gegeven wordt. Dit zal normaal gesproken geen onderdeel uitmaken van de kwaliteitsverbeteringen zoals bedoeld in het kwaliteitsmenu.
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
67
7.4
Sloop van bebouwing en glas
Inleiding In de Ruimte voor Ruimte regeling voor Noord- en Midden-Limburg en in de Ruimte voor Ruimte regeling voor Zuid-Limburg is evenals in de VORm-regeling ervaring opgedaan met de sloop van bebouwing. Zeker wanneer wordt gesloopt op ‘gevoelige’ locaties en nieuwe bebouwing via het bestemmingsplan duurzaam voorkomen wordt, kan dit een grote ruimtewinst en daarmee een grote verbetering van de kwaliteit van het buitengebied opleveren. In de Ruimte voor Ruimte regelingen was een vast aantal vierkante meters te slopen bebouwing verbonden met de bouw van een woning. In de VORm regeling werd dit losgelaten. De sloop van bebouwing wordt tegen een normbedrag, gebaseerd op de kostprijs, verrekend als kwaliteitsverbeterende maatregel. Ook wordt niet meer de mogelijkheid geboden om op de bouwkavel zelf een nieuwe woning te bouwen. Behalve als de bouwkavel voldoet aan de ruimtelijke voorwaarden voor solitaire woningbouw. De kwaliteitsverbeterende maatregel “sloop van bebouwing en glas” is een verdere uitwerking van deze VORm-principes. De kwaliteitsverbeterende maatregelen Sloop van storende bebouwing en glas kan een grote ruimtelijke winst opleveren. Zeker wanneer de gemeente er voor kiest om dit gebiedsgericht te benaderen en de gebieden aangeeft waarin dit de meeste ruimtewinst oplevert en waar met prioriteit het instrument wordt ingezet.
Voorbeelden zijn beekdalen en laagten, waardevolle open gebieden, oud-bouwlanden, etc. De gemeente kan deze gebieden in haar kwaliteitsbeleid aangeven. De sloop van bebouwing en glasopstanden moet bestuursrechtelijk en/of privaatrechtelijk worden geregeld. Opstallen dienen zo mogelijk in het geheel te worden gesloopt. Via aanpassing van het bestemmingsplan wordt geborgd dat nieuwbouw van bedrijfsgebouwen, stallen en glas op de locatie duurzaam wordt voorkomen. Uitgangspunt voor de vergoeding voor sloop is dat in onbruik geraakte bebouwing en glas wordt verwijderd, niet dat nog functionerende bedrijven worden gesaneerd. Daarom richt de bijdrage zich op de sloopkosten en niet op de waardevermindering van de opstallen. Deze hebben immers geen functionele waarde meer. Daarbij kan in gebieden waar sloop urgent is er eventueel voor gekozen worden ook andere zaken te waarderen, zoals verwijdering van verharding of andere kosten. Er zal steeds voor gewaakt moeten worden dat niet meer vergoed wordt dan de kosten, ter voorkoming van verboden staatssteun.
68
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
Normering sloop van bebouwing en glas Normering sloop van bebouwing en glas Voor de sloop van bebouwing zoals stallen, schuren en andere bebouwing geldt als richtlijn € 25 per m2 te slopen opstal. Er wordt geen restwaarde of actuele waarde voor de gebouwen vergoed, er wordt van uit gegaan dat het om oudere gebouwen gaat. Bovendien is de sloop vrijwillig en is eventuele kapitaalvernietiging (afbreken van opstallen met waarde) geen aanvaardbare tegenprestatie. Voor de sloop van glasopstanden geldt een richtlijn van € 4 per m2. Een nadere uitwerking is te vinden in de notitie ‘provinciale glasregeling’ (www.limburg.nl). Er wordt geen restwaarde of actuele waarde voor de glasopstanden vergoed, er wordt van uitgegaan dat het om oudere kassen gaat. Bovendien is de sloop vrijwillig en is eventuele kapitaalvernietiging (afbreken van opstallen met waarde) geen aanvaardbare tegenprestatie. Aandachtspunten De sloop van glas en/of gebouwen dient duurzaam te zijn. Sloop van gebouwen die daarna op dezelfde plaats of in de directe omgeving weer opnieuw worden gebouwd is geen duurzame ruimtelijke kwaliteitsverbetering. De sloop van glasopstand op het bedrijf dat uitbreidt telt niet mee. Dit is als vernieuwing van bestaand glas op te vatten. Het gaat om de netto uitbreiding van het bedrijf die dient te worden gecompenseerd.
De bouw van woningen op de eigen kavel is alleen mogelijk wanneer de te bouwen woningen voldoen aan de ruimtelijke voorwaarden die ook aan nieuwe solitaire woningen worden gesteld. Via wijziging van het bestemmingsplan zal een passende bestemming moeten worden gegeven aan de gronden die overblijven na de sloop van glas of bebouwing. Op basis van het POL 2006 is doorstart op de locatie enkel als (volwaardig) grondgeboden bedrijf mogelijk. Het gebruik van hoge boogkassen is hierbij uitgesloten. De sanering van agrarische bedrijven die willen beëindigen is geen doelstelling van het Limburgs Kwaliteitsmenu. Voor bedrijven die reeds zijn beëindigd is er deze mogelijkheid om de sloop van stallen als kwaliteitsverbeterende maatregel in te zetten. Het gaat om het duurzaam weghalen van bebouwing en glasopstanden. Het weg-bestemmen van ‘papieren’ glas en ‘papieren’ bebouwing is daarom geen kwaliteitsverbetering
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
69
7.5
Verplaatsing van agrarische bedrijven
Inleiding De verbetering van de ruimtelijke structuur voor agrarische bedrijven is een belangrijk maatschappelijk doel in het buitengebied van Limburg. Daarom worden intensieve veehouderijen en glastuinbouwbedrijven geconcentreerd op daartoe aangewezen locaties. Bedrijven in gevoelige gebieden, zoals de ‘extensiveringsgebieden intensieve veehouderij’, worden in hun ontwikkelingen beperkt om zo een zogenaamde ‘afwaartse beweging’ richting concentratiegebieden op gang te krijgen. Om de concentratie gestalte te geven, om de gevoelige gebieden te vrijwaren van bedrijven en om ruimtelijke en milieukundige knelpunten op te lossen zet de Provincie instrumenten in zoals de VIV(2) regeling en de aankoopregeling voor de EHS. De (ondersteuning van) de verplaatsing van een agrarisch bedrijf is, wanneer dit leidt tot ruimtelijke kwaliteitsverbeteringen een maatregel die past in het Limburgs Kwaliteitsmenu. De kwaliteitsverbeterende maatregel In het kader van het kwaliteitsmenu kunnen gemeenten de verplaatsing van agrarische (intensieve) veehouderijbedrijven ter verbetering van de ruimtelijke kwaliteit stimuleren. De realisering van overheidsdoelen is leidend. Daarom dient het bij te verplaatsen bedrijven om het oplossen van een objectiveerbaar en kwantificeerbaar ruimtelijk, milieukundig en maatschappelijk knelpunt te gaan.
Verbetering van de bedrijfseconomische, ruimtelijke of financiële situatie van het agrarisch bedrijf kan een mededoel zijn, maar niet de (enige) aanleiding. Er dient een goede balans te zijn tussen de inzet van middelen en het bereik van de doelen. Deze balans wordt gestalte gegeven via een (grond-)exploitatieberekening. De gemeenten werken in het kwaliteitsbeleid uit in welke gebieden verplaatsing aan de orde is op basis van knelpunten en doelen. Ook dient duidelijk te zijn hoe de duurzaamheid van de nieuwe locaties wordt beoordeeld. Daarnaast kunnen gemeenten kiezen voor een gedifferentieerde aanpak op basis van gebiedskwaliteiten. De oplossingen dienen duurzaam te zijn en duurzaam vastgelegd te worden. Dit betekent dat zowel bestuursrechtelijk als privaatrechtelijk de oplossing dient te worden vastgelegd. De oude locaties moeten een duurzame bestemmingswijziging krijgen. Ter voorkoming van ongeoorloofde staatssteun kan niet meer worden vergoed dan de kosten die voortkomen uit de verplaatsing.
70
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
Normering verplaatsing van agrarische bedrijven De bedragen voor de verplaatsing van bedrijven zijn richtlijnen. Onder de VORm-regeling en bij de verplaatsingsregeling intensieve veehouderij (VIV) is ervaring opgedaan met verplaatsingen. Daarbij is gewerkt met kostensoorten. Op basis van deze ervaringen komen we als richtlijn tot de volgende invulling van de kostensoorten:
Max. € 25/m2 sloop van gebouwen
Gecorrigeerde vervangingswaarde van de gebouwen op basis van taxatie DLG
Max. € 20.000,-- kosten bouwrijp maken
Max. € 50.000,-- onderzoeks- en advieskosten
Totaal Max. € 400.000,-- per bedrijf De gecorrigeerde vervangingswaarde zal afhangen van de ouderdom van de stallen. Deze gecorrigeerde vervangingswaarde dient door DLG te worden vastgesteld. Functieschade door bestemmingswijziging wordt in deze regeling niet vergoed, daar in het algemeen de gronden voor agrarische waarde gekocht zijn. Naast de maximering van de kosten per kostensoort geldt er ook een richtlijn voor het plafond van de totale bijdrage per bedrijf. Er is gekozen voor een plafond in de bijdrage, omdat het een stimuleringsbijdrage betreft. Voor de bepaling van de maximale hoogte van de bijdrage gebruiken we de ervaringen van VORm. Het uitgangspunt is dat zuinig wordt omgegaan met fondsen en de inzet van woningbouw en andere kostendragers. Er wordt gekozen voor het laaghangend fruit; de bedrijven waarvan de verplaatsing een grote bijdrage levert aan de kwaliteit van het buitengebied en die relatief goedkoop te verplaatsen zijn. Als richtlijn wordt een plafond van € 400.000 per bedrijf geadviseerd. Als aandachtpunt geldt dat nooit méér kan worden vergoed dan de daadwerkelijke kosten. Dit om problemen met staatssteun te voorkomen. Aandachtpunten Voor de intensieve veehouderijbedrijven in de extensiveringsgebieden heeft de Provincie een provinciale verplaatsingsregeling opgesteld. Deze staat los van het kwaliteitsmenu.
Uitgangspunt van de regeling is dat deze de toegerekende kosten dekt. Daardoor is er geen aanvullende financiering uit het kwaliteitsmenu nodig. Beëindiging en sanering van agrarische bedrijven valt buiten het kader van dit kwaliteitsmenu. In voorkomende gevallen zoals gebiedsontwikkelingen kan de Provincie in overleg met gemeenten en andere betrokken partijen besluiten om mee te werken aan de sanering van bedrijven om daarmee ruimtelijke doelen te bereiken. Er is dan echter altijd sprake van maatwerk en gezamenlijke betrokkenheid.
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
71
7.6
Gemeentelijke kwaliteitsverbeterende maatregelen
Inleiding De gemeente kan ook zelf kwaliteitsverbeterende maatregelen ontwikkelen en opnemen in het gemeentelijke kwaliteitsmenu. Voor deze maatregelen zijn de lokale omstandigheden, ambities en knelpunten van belang. Het POL, het reconstructieplan, het plan vitaal platteland maar ook de gemeentelijke structuurplannen, landschapsontwikkelingsplannen, beeldkwaliteitsplannen etc. kunnen de inspiratie vormen voor deze maatregelen. Kwaliteitsverbeterende maatregel De gemeente kan eigen kwaliteitsverbeterende maatregelen uitwerken. Hiervoor gelden de voorwaarden van causaliteit, additionaliteit en legitimiteit. Uitgewerkt betekent dit:
De kwaliteitsverbeteringen zijn alle fysiek ruimtelijk van aard en komen ten goede aan de verbetering van de kwaliteit van het buitengebied;
Het dient bij de kwaliteitsverbeteringen te gaan om additionele verbeteringen. Zaken waarvoor al middelen gereserveerd zijn komen daarom niet in aanmerking;
De kwaliteitsverbeteringen dienen in tijd en plaats een verband te hebben met de ingreep/ontwikkelingen;
De kwaliteitsverbetering is kwantificeerbaar.
Beheer, plannenmakerij, festiviteiten etc, vormen geen maatregel. De maatregelen zijn bij voorkeur gebaseerd op vastgestelde overheidsdocumenten zoals inrichtingsplannen, natuur- en landschapsplannen, structuurvisies etc. Projecten binnen de contouren, in de kernen of de stedelijke gebieden, kunnen niet als kwaliteitsverbeterende maatregel in het kader van het LKM worden ingezet. Projecten binnen de kernen dragen niet direct bij aan de kwaliteitsverbetering van het buitengebied. Ook ‘rode’ maatschappelijke functies zoals multifunctionele accommodaties (MFA’s), kunnen niet als kwaliteitsverbeteringen maatregel in het kader van het LKM worden opgevoerd, ook al liggen deze in het buitengebied. De maatregelen worden opgenomen in het gemeentelijke beleid en op de projecten- of doelenlijst. Zo mogelijk worden ze uitgewerkt in concrete projecten en opgenomen in de uitvoeringsparagraaf of projectenlijst die gekoppeld wordt aan de gemeentelijke structuurvisie
72
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
Aandachtpunten Onderhoud van groen en landschap is een maatregel die door een aantal gemeenten is genoemd als wenselijke kwaliteitsverbeterende maatregel. De mogelijkheden hiervoor lijken beperkt. Het dient in het kwaliteitsmenu te gaan om additionele maatregelen. Het financieren van het reguliere onderhoud kan daarom geen kwaliteitsverbeterende maatregel zijn. Bijzondere maatregelen, herstel van landschap en cultuurhistorie en het onderhoud dat deel uitmaakt van aanleg van nieuwe natuur en landschap in het kader van het kwaliteitsmenu kunnen dat eventueel wel zijn.
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
73
Bijlage 1: Kwaliteitsmenu van toepassing
9
Buiten de contouren Noord- en Midden-Limburg en binnen begrenzing Stedelijke dynamiek in perspectieven P2 en P3.
Alle modules LKM van toepassing
Buiten de contouren Zuid-Limburg
AAlle modules LKM van toepassing met uitzondering van uitbreidingsgebieden woningbouw, uitbreiding bedrijventerreinen en glastuinbouw 9
Binnen begrenzing stedelijk dynamiek in perspectief P8
De LKM modules voor agrarische nieuwvestiging en uitbreiding, glastuinbouw en nieuwe landgoederen zijn van toepassing. Aanvullend kwaliteitsbeleid en gebruik van de overige modules van het LKM is naar eigen keuze van de gemeente.
Binnen de begrenzing stedelijke dynamiek in de perspectieven P6 en P9
Gemeenten kunnen naar eigen keuze een kwaliteitsbeleid voeren en onderdelen van het LKM toepassen.
We gaan er van uit dat in Zuid Limburg in verband met de ingezette krimp, buiten de grens stedelijke dynamiek, geen uitleggebieden meer aan de orde zijn. Uitbreiding van bedrijfsterrein, buiten de grens stedelijke dynamiek, is hier niet aan de orde. Ook glastuinbouw is hier niet aan de orde.
74
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
Bijlage 2: Tabel van ontwikkelingen, kwaliteitsbijdragen en kwaliteitsverbeteringen Naast de goede ruimtelijke en landschappelijke inpassing ter plaatse gelden de volgende bijdragen en kwaliteitsverbeteringen per module. Ontwikkeling
Kwaliteitsbijdrage
Kwaliteitsverbetering
Opmerkingen
Nieuwe landgoederen
--
5 of 10 hectare nieuw groen
Als onderdeel van het landgoed
Gebiedseigen recreatie en toerisme
--
Ca. 5m2 groen per m2 rood
Richtlijn. Bij voorkeur als onderdeel van de ontwikkeling
Niet gebiedseigen recreatie en toerisme
€ 25,--/m2
Naar keuze10
Agrarische nieuwvestiging en uitbreiding
Eventueel, afhankelijk van de mogelijkheden ter plaatse
Inpassing, waterafkoppeling en eventueel verdergaande kwaliteitsverbeterende maatregelen
Op maat, afhankelijk van de ontwikkeling en de omgeving
Uitbreiding glastuinbouw
--
Sloop 2m2 glas per 1m2 uitbreiding glas
Altijd in combinatie met module agrarische nieuwvestiging en uitbreiding
Uitbreiding bedrijventerrein
€ 5,-- /m2 bedrijventerrein
Groen, natuur, landschap en landschappelijke cultuurhistorie
Uitbreiding solitaire bedrijven in het buitengebied
€ 35,--/m2 bestemd bedrijfsterrein
Naar keuze
Nieuwe solitaire woningbouw
€100,--/m2 kavel €125,--/m2 b.v.o. (bij appartementen)
Naar keuze
Nieuwe uitbreidingsgebieden voor woningbouw
€ 5,--/m2 plangebied € 25,--/m2 b.v.o. (bij appartementen)
Groen, natuur, landschap en landschappelijke cultuurhistorie
Overige (bebouwde) functies
divers
divers
9
10 Naar keuze betekent dat de gemeente zelf kan kiezen voor een kwaliteitsverbetering, zolang deze past binnen de algemene voorwaarden.
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
75
Bijlage 3: Benodigde gegevens ten behoeve van de monitoring van het kwaliteitsmenu 1.
Algemeen
Naam initiatief(nemer) Adres + huisnummer Gemeente Datum binnenkomst projectvoorstel Datum behandeling projectvoorstel in kwaliteitscommissie Inhoudelijke beoordeling project door kwaliteitscommissie Datum vaststelling Bestemmingsplan / projectbesluit (rode ontwikkeling en tegenprestatie) door College Afhankelijk van gebiedseigenheid ontwikkeling ofwel gegevens benodigd onder punt 2a of onder 2b. Punt 3 geldt weer voor alle projecten
2a.
Niet gebiedseigen projecten (voorheen VORm)
Rode ontwikkeling Adres + huisnummer Gemeente Kadastrale ligging Vigerende en nieuwe bestemming Ligging ontwikkeling t.o.v. contour (aan contour, in lint of cluster, solitair) Aard ontwikkeling .. (n) solitaire woning of appartement (in lint of cluster) .. (n) woningen (appartementen)uitleggebied uitbreiding solitair bedrijventerrein uitbreiding bedrijventerreinen .. bbvo m2 kantoren maatschappelijke functie, ………….. niet gebiedseigen R&T nieuw landgoed uitbreiding bestaand landgoed Oppervlakte nieuwe ontwikkeling in m2 Feitelijke realisatiedatum rode ontwikkeling Kwaliteitsbijdrage Aard kwaliteitsbijdrage Vigerende en nieuwe bestemming kwaliteitsbijdrage Kadastraal nummer kwaliteitsbijdrage Oppervlakte kwaliteitsbijdrage Kosten kwaliteitsbijdrage
76
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
2b.
Wel gebiedseigen projecten, voorheen BOM+
Rode ontwikkeling Adres + huisnummer Gemeente Bestaande bebouwing Aard bestaande bebouwing:
bouwkavel, gebouwen, containerveld, tunnel, gebiedseigen R&T, glas
Oppervlakte in m2 Perspectief Kadastrale gegevens Vigerende bestemming Nieuwe bestemming Aard nieuwe ontwikkeling Aard nieuwe ontwikkeling:
bouwkavel, gebouwen, containerveld, tunnels, gebiedseigen R&T, glas
Oppervlakte in m2 Perspectief Kadastrale gegevens Vigerende bestemming Nieuwe bestemming Kwaliteitsbijdrage Aard kwaliteitsbijdrage - Bestaande bebouwing: landschappelijke inpassing, hemelwaterafkoppeling - Nieuwe bebouwing: landschappelijke inpassing, hemelwaterafkoppeling - Andere omgevingsmaatregel: sloop, cultuurhistorie, landschap, erosiemaatregel etc. Oppervlakte kwaliteitsbijdrage - bestaande bebouwing in m2 - nieuwe bebouwing in m2 - oppervlakte kwaliteitsbijdrage in m2 Kosten kwaliteitsbijdrage in € Kadastrale ligging Vigerende en nieuwe bestemming kwaliteitsbijdrage
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
77
3
Overeenkomst (invullen voor alle projecten)
Afsluitingsdatum overeenkomst Hoogte bankgarantie / boetebeding Uiterlijke datum realisatie overeenkomst volgens OVK Feitelijke datum realisatie overeenkomst Geplande controledatum overeenkomst Feitelijke controledatum overeenkomst Datum claim bankgarantie / inning boete Datum afgifte dechargeverklaring Geplande controledatum in stand houding kwaliteitsbijdrage Feitelijke controledatum in stand houding kwaliteitsbijdrage
78
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
Bijlage 4 : Overzicht belangrijkste wijzigingen ten opzichte van LKM 2010
De Provinciale rol bij pijplijnplannen en nieuwe plannen, overgangsregeling is aangepast.
Er zijn alternatieven voor de bankgarantie gegeven.
De mogelijkheden van bestuursrechtelijk en privaatrechtelijk borgen en handhaven zijn aangepast naar aanleiding van recente uitspraken.
Het aanbod van een provinciaal registratiesysteem voor LKM plannen is opgenomen.
Een waarschuwing voor mogelijke fiscale gevolgen van het LKM is opgenomen.
Kamperen bij de boer is verder uitgewerkt in de agrarische module.
De mogelijkheid om kwaliteitsverbeteringen ook in de EHS te realiseren is opgenomen.
De verplichting vanuit de Provincie om als gemeente het LKM in een structuurvisie uit te werken is komen te vervallen. De verplichting volgt uit de Grexwet bij financiële bijdragen.
Het halfjaarlijks aanleveren van gegevens over toepassing van het LKM door de gemeenten is vervangen door een jaarlijkse aanlevering.
De combinatie van een bestuurlijke afspraak/afsprakenkader samen met een acceptabele doelen- en projectenlijst als basis voor de gemeente om de verantwoordelijkheid te verkrijgen voor de toepassing van net LKM is opgenomen.
De jaarlijkse evaluatie van de toepassing van het LKM door de gemeenten is opgenomen.
De werkwijze waarbij de Provincie niet tussentijds ingrijpt bij plannen en niet meer steekproefsgewijze controleert is opgenomen.
Het formeren van een regionale kwaliteitscommissie is niet meer verplicht en vervangen door de advisering bij een casus door een onafhankelijke en deskundige kwaliteitscommissie.
De uitspraak van de RvS over de onmogelijkheid om inpassing via een privaatrechtelijke overeenkomst te regelen omdat dit via een voorwaardelijke bestemming moet gebeuren is verwerkt.
De volgende verduidelijkingen zijn in de tekst doorgevoerd:
Een verduidelijking in de verhouding tussen het invullen van VAB’s met nieuwe woningen in hoofdgebouwen en bijgebouwen, nieuwe economische dragers etc in paragraaf 6.13.
Een verduidelijking in de behandeling van nieuwe (solitaire)vakantieappartementen gebouwen en complexen in de paragrafen 6.5 en 6.6. .
De term b.v.o. is verklaard in de paragrafen 6.6, 6.11 en 6.12
De verwijzingen naar de beschikbare documentatie op internet is geactualiseerd in paragraaf 3.8.
de mogelijkheid om vragen over het Limburgs Kwaliteitsmenu te stellen via limburgskwaliteitsmenu@ prvlimburg.nl is in paragraaf 3.8 opgenomen.
De leeswijzer is aangepast zodat de wijzigingen ten opzichte van het LKM 2010 herkenbaar zijn.
In paragraaf 5.5. is een korte toelichting op de kwaliteitsbijdrage toegevoegd.
De toelichting op kwaliteitsverbeteringen in paragrafen 5.6 en 7.2 is uitgebreid zodat duidelijk is dat kwaliteitsbijdragen voor het buitengebied niet in de kern kunnen worden ingezet en niet voor ‘rode’ maatschappelijke functies zoals MFA’s etc kunnen worden ingezet.
In paragraaf 7.4 is aangegeven dat de sloop van papieren gas en papierenbebouwing niet voldoet als kwaliteitsverbetering.
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
79
In bijlage 2 is een schema opgenomen waarbij per ontwikkeling de kwaliteitsbijdragen en kwaliteitsverbeteringen zijn opgenomen.
80
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012
81
82
Limburgs Kwaliteitsmenu 2012