CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwerpbestemmingsplan Renesse - Toelichting

Gemeenteraad 23 december 2021, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: Bestemmingsplan Renesse (498313)21.983 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

RENESSE Toelichting bestemmingsplan, ontwerp

Renesse

2

Inhoudsopgave

Toelichting

5

1

Inleiding

6

1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Aanleiding Doel Ligging en plangrenzen Geldende bestemmingsregeling Leeswijzer

6 6 6 7 7

2

Beleidskader

8

2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7

Inleiding Europees beleid Rijksbeleid Provinciaal beleid Regionaal beleid Gemeentelijk beleid Conclusie

8 8 8 9 9 9 13

3

Planologisch kader

14

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6

Inleiding Historische analyse Ruimtelijke analyse Functionele analyse Duurzaamheidsladder Conclusie

14 14 19 25 27 28

4

Milieu- en duurzaamheidskader

29

4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13

Inleiding Bedrijven en milieuzonering Luchtkwaliteit Geur Geluid en stilte Externe veiligheid Bodem Water Flora en fauna Licht en duisternis Energie en klimaat M.e.r.-beoordeling Conclusie

29 29 33 34 35 37 39 41 44 46 46 47 48

5

Juridische aspecten

49

3

5.1 5.2 5.3 5.4

Inleiding Plansystematiek Toelichting op de bestemmingen Handhaving

49 49 49 56

6

Economische uitvoerbaarheid

58

6.1 6.2 6.3

Inleiding Toepassing Grondexploitatiewet Conclusie

58 58 58

7

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

59

7.1 7.2 7.3

Inleiding Resultaten ter inzage legging voorontwerpbestemmingsplan Resultaten ter inzage legging ontwerpbestemmingsplan

59 59 59

4

Toelichting

5

1 Inleiding 1.1

Aanleiding

De gemeente Schouwen-Duiveland wil voor haar grondgebied over actuele bestemmingsplannen beschikken. Het huidige bestemmingsplan Bebouwde kom Renesse is in 2007 vastgesteld. De afgelopen jaren is het beleid van de gemeente op verschillende punten gewijzigd en zijn en nieuwe ontwikkelingen gerealiseerd. Om aan deze ambitie te voldoen is het nodig voor het plangebied Renesse een nieuw bestemmingsplan op te stellen.

1.2

Doel

Voorliggend bestemmingsplan wordt opgesteld met als doel te voldoen aan de actualiseringsverplichting uit de Wro. Daarnaast wordt de geldende regeling aangepast aan de huidige maatschappelijke normen over wat er in een bestemmingsplan vastgelegd dient te worden. Het gaat dan onder andere om de in de geldende bestemmingsplannen gehanteerde systematieken, deze zijn gedeeltelijk achterhaald. Verder vragen gewenste nieuwe ontwikkelingen binnen het bestemmingsplangebied en verleende vrijstellingen, ontheffingen of afwijkingen om een aangepaste regeling.

1.3

Ligging en plangrenzen

Het plangebied omvat de kern van Renesse bestaande uit het centrumgebied, het transferium en de gebieden rond de Jan van Renesseweg, Scholderlaan en Stoofweg. De begrenzing van het plangebied is in de onderstaande figuur weergegeven.

6

Figuur 1: Uitsnede plangebied bestemmingsplan Renesse

1.4

Geldende bestemmingsregeling

Voor de gronden die binnen het bestemmingsplangebied Renesse vallen, wordt de bestaande bestemmingsregeling herzien. Daarmee vervallen de voor het plangebied geldende bestemmingsplannen. Het gaat om de volgende plannen: Naam plan Bebouwde kom Renesse 2e herziening Bebouwde kom Renesse

1.5

Vervalt geheel of gedeeltelijk Geheel Geheel

Leeswijzer

In hoofdstuk 2, 3 en 4 worden achtereenvolgens het beleidskader, het planologisch kader en het milieuen duurzaamheidskader beschreven. In hoofdstuk 5 wordt de visie op het plangebied toegelicht. Daarna volgt hoofdstuk 6 met daarin de juridische aspecten en hoofdstuk 7 met een onderbouwing van de economische uitvoerbaarheid. De toelichting van dit bestemmingsplan wordt afgesloten met een hoofdstuk over de maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan.

7

2 Beleidskader 2.1

Inleiding

De gemeente Schouwen-Duiveland heeft te maken met geldende beleidskaders van diverse overheden. Deze kaders zijn van invloed op de inhoud van een bestemmingsplan. Het gemeentelijke ruimtelijke beleid, zoals vastgelegd in dit bestemmingsplan, dient zich te bewegen binnen de marges van deze beleidskaders. In dit hoofdstuk worden de voor dit plan relevante beleidskaders en de wijze waarop deze in dit plan hun grondslag vinden, beschreven. Een uitgebreide beschrijving van geldende beleidskaders is opgenomen in bijlage 1 Beleidskader.

2.2

Europees beleid

Het bestemmingsplan sluit aan bij de verschillende Europese beleidskaders, waarvan de Kader Richtlijn Water de meest relevante is. De voornaamste beleidsuitgangspunten richten zich op het verbeteren van milieu- en natuurlijke kwaliteiten. In dit bestemmingsplan zijn deze kwaliteiten beschermd door conserverende bestemmingen.

2.3

Rijksbeleid

Het bestemmingsplan sluit aan bij de verschillende nationale beleidskader, waaronder de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte, het Besluit Algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), Monumentenwet 1988, Erfgoedwet, de Nota Belvedere, het Nationale Bestuursakkoord Water en het Nationaal Waterplan. De voornaamste beleidsuitgangspunten richten zich op het verbeteren van milieukwaliteiten, cultuurhistorische waarden en natuurlijke kwaliteiten. In dit bestemmingsplan zijn deze beleidsuitgangspunten geborgd door conserverende bestemmingen.

Erfgoedwet 2016 Met de Erfgoedwet beschermt de overheid het cultureel erfgoed in Nederland. Vóór 2016 waren er verschillende wetten en regels voor behoud en beheer van cultureel erfgoed. Sinds juli 2016 zijn die allemaal samengegaan in 1 wet.

Elk type cultureel erfgoed heeft eigen werkwijzen en beschermingsmaatregelen. Maar de wetgeving in Nederland hiervoor was versnipperd. Ook moest een aantal regels worden vernieuwd. In de Erfgoedwet zijn bestaande wetten en regelingen gebundeld. Ook staan er regels om belangrijk cultureel erfgoed beter te beschermen en te behouden.

In de Erfgoedwet staat: wat cultureel erfgoed is; hoe Nederland omgaat met roerend cultureel erfgoed (zoals schilderijen); wie welke verantwoordelijkheden heeft; hoe Nederland daar toezicht op houdt.

8

2.4

Provinciaal beleid

Het bestemmingsplan sluit aan bij de verschillende provinciale beleidskader, waaronder het Omgevingsplan Zeeland (2012-2018), met de daarbij horende Verordening Ruimte Provincie Zeeland (VRPZ), de Kustvisie Zeeland, de Beleidsvisie Externe Veiligheid, het Provinciaal Verkeers- en Vervoersplan Zeeland en de Zeeuwse Nota Waterkeringen. Met name het Omgevingsplan, de VRPZ, de Kustvisie en de Beleidsvisie Externe Veiligheid zijn voor dit bestemmingsplan van belang en worden hierna nader toegelicht. Daarbij is de inhoud van het Omgevingsplan sturend en de inhoud van de VRPZ leidend. Omgevingsplan Zeeland 2018 Op 21 september 2018 heeft het college van Gedeputeerde Staten het Omgevingsplan 2018 vastgesteld. Het Omgevingsplan 2018 bevat de hoofdlijnen uit alle provinciale beleidsplannen voor de fysieke leefomgeving. Het Omgevingsplan behandelt de theam's economie, ruimte, mobiliteit, natuur, cultuur, water en milieu. De kern van het Omgevingsplan wordt gevormd door vier intergrale strategische toekomstgerichte opgaven die nationaal en provinciaal centraal staan: 1. duurzame en concurrerende economie; 2. klimaatbestendige en - neutrale samenleving; 3. waardevolle leefomgeving 4. toekomstbestendige bereikbare woon-, werk- en verblijfomgeving. In dit bestemmingsplan worden geen ontwikkelingen mogelijk gemaakt die strijdig zijn met de belangen van het Omgevingsplan.

Het betreft een actualisatie van een bestemmingsplan. Omgevingsverordening Zeeland (2018) In de Omgevingsverordening van de provincie Zeeland zijn regels opgenomen ten aanzien van de fysieke leefomgeving van de provincie Zeeland. Hierbij zijn de uitgangspunten opgenomen die zijn vastgelegd in de provinciale Omgevingsvisie. Het voorliggende bestemmingsplan is niet in strijd met de in de Omgevingsverordening Zeeland opgenomen artikelen. Het bestemmingsplan sluit aan bij de artikelen.

2.5

Regionaal beleid

Het bestemmingsplan sluit aan bij de verschillende regionale beleidskaders, waaronder het Toetskader bluswatervoorzieningen en bereikbaarheid, het Waterbeheerplan, de Keur watersysteem Waterschap Scheldestromen en Bestuursvisie op Fysieke veiligheid in Zeeland. De voornaamste beleidsuitgangspunten richten zich op het verbeteren van veiligheid en milieukwaliteit. In het voorliggende bestemmingsplan zijn deze waarden beschermd door middel van conserverende bestemmingen.

2.6

Gemeentelijk beleid

Masterplan Renesse Het Masterplan Renesse is een visie op de ontwikkeling van Renesse voor de komende 20 tot 30 jaar. Het geeft aan waar de belangrijkste kansen en opgaven liggen voor het dorp en levert zo een bijdrage aan het verbeteren van de kwaliteit van en samenhang tussen toekomstige initiatieven en ontwikkelingen in en om het dorp. Het Masterplan geeft de grote lijnen aan waarbinnen toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen plaats kunnen vinden. Ten eerste is er inzicht gegeven in de kwaliteiten van Renesse en de omgeving. De kernkwaliteiten van Renesse zijn:

9

1. Een veelzijdig en aantrekkelijk strand. 2. Een afwisselend landschap in en om het dorp. 3. Een bruisend centrum. 4. Een hechte en ondernemende gemeenschap. Daarna zijn de trends en ontwikkelingen beschreven. Uit deze eerste twee stappen is gebleken dat stilstaan geen optie is voor Renesse. Om te voorkomen dat Renesse stil komt te staan moet het zich blijven verbeteren. Er zijn daarom vijf strategieën opgesteld die belangrijk zijn voor de toekomst van Renesse: 1. Bouw verder op waar je sterk in bent (kernkwaliteiten als uitgangspunt); 2. Seizoens-verlenging (groei in schouderseizoenen); 3. Aantrekken divers publiek (kwaliteiten aantrekkelijk voor een breed publiek); 4. Kruisbestuiving (voorzieningen en attracties profiteren van elkaar); 5. Investeren in gemeenschapszin en samenwerking (gemeenschap en toerisme profiteren van elkaar). Naast het uitstippelen van strategieën is het voor de toekomst van Renesse ook van belang dat er ambities voor het dorp worden opgesteld. De ambities zien op het strand en de beleving daarvan, het leven in het landschap, het bruisend centrum en het thuisgevoel. Bij al deze ambities zijn verschillende opgaven benoemd die moeten helpen Renesse te ontwikkelen. Nu inzicht is gekregen in de kernkwaliteiten, strategieën en de ambities en opgaven kunnen in het verlengde daarvan vier belangrijke ontwikkelgebieden worden geïdentificeerd.

Dit zijn de plekken in Renesse waar de komende jaren veel verschillende opgaven samen komen en de grootste slag kan worden geslagen in het verder ontwikkelen van Renesse tot een aantrekkelijke, levendige en groene badplaats: Centrum Renesse Omgeving Transferium Jan van Renesseweg, Oude Moolweg en strandopgang Omgeving Vroonweg Woonvisie 2013-2022 (2013) In bijlage 1, paragraaf 5.2 van de Woonvisie zijn de ambities en de strategie van de gemeente beschreven. De grootste uitdaging die er nu voor de gemeente ligt, is de plancapaciteit meer in evenwicht brengen met de kaders en de beleidsaccenten in de Woonvisie. In totaliteit is de plancapaciteit namelijk momenteel bijna twee keer zo groot als de eigen behoefte en de behoefte van vestigers. Voor de herprogrammering van de nieuwbouw is in de Woonvisie de actie aangegeven dat het college de mismatch in beeld brengt tussen de kaders en plancapaciteit, en een prioriteitsvoorstel doet met bijbehorende woning(her)programmering. Deze mismatch is inmiddels in beeld gebracht, en de woningmarktafspraken Regio Schouwen-Duiveland zijn op 18 maart 2014 door het college vastgesteld. Daarmee is duidelijk geworden welke stappen de gemeente moet nemen om regie te kunnen pakken en te sturen op de ontwikkelingen op de woningmarkt in Schouwen-Duiveland.

Minder en anders Uit de inventarisatie is gebleken dat we te maken hebben met een kwalitatieve mismatch (behoefte sluit niet aan bij de vraag), een grote overcapaciteit (meer woningbouwplannen dan behoefte) en te weinig spreiding (te veel plannen in bepaalde kernen/woonmilieus). De gezamenlijke opgave is minder en andere woningen. Voor alle woonmilieu (Zierikzee, Dorpswonen en Wonen aan de kust) zijn keuzes gemaakt om zo veel mogelijk aan de kwalitatieve en kwantitatieve behoefte te voldoen voor eigen inwoners en vestigers. Er is echter veel harde plancapaciteit (85%) waardoor er op dit moment weinig (kwalitatieve) keuzes gemaakt

10

kunnen worden en er ook weinig ruimte is voor nieuwe initiatieven. De gemeente heeft in eerste instantie alleen ruimte gemaakt door zachte plannen te schrappen of deze door te schuiven tot na 2024. En er zijn keuzes gemaakt om minder of geen woningen te realiseren in eigen gemeentelijke plannen. Woningmarktafspraken regio Schouwen-Duiveland Met het vaststellen van de regionale woningmarktafspraken heeft het college duidelijkheid gegeven over gewenste en ongewenste ontwikkelingen op basis van de prognose uit de Woonvisie. Ook vormt dit document de basis om met marktpartijen en corporaties, die plannen hebben voor woningbouw en die zijn opgenomen in het woningbouwprogramma, in gesprek te gaan. Het college wil in overleg kijken of er mogelijkheden zijn om bestaande plannen kwalitatief aan te passen, zodat de juiste woningen op de juiste plaats gerealiseerd kunnen worden. Hiermee wil het college bovendien ook bereiken dat de concurrentie tussen plannen vermindert, zodat de gewenste woningen echt gerealiseerd worden. Relevantie voor Renesse De woonbestemmingen in dit bestemmingsplan zijn overgenomen uit de bestemmingsplannen "Bebouwde kom Renesse" en "2e herziening bebouwde kom Renesse". Er zijn geen nieuwe woonbestemmingen toegevoegd. Percelen waarop in de vigerende bestemmingsplannen nog woningen gerealiseerd mogen worden zijn in beeld gebracht.

De vertaling van het gemeentelijk woonbeleid in dit bestemmingsplan is als volgt: 1. Bedrijfswoningen: aanwezige bewoonbare bedrijfswoningen hebben op de verbeelding van dit bestemmingsplan de aanduiding 'bedrijfswoning' gekregen. 2. Reguliere woningen: bestaande woningen, niet zijnde een bedrijfswoning, hebben op de verbeelding van dit bestemmingsplan de bestemming 'Wonen' gekregen. 3. Flexibele bestemming waarbinnen wonen is toegestaan. In deze categorie zijn de volgende situaties te onderscheiden: a. In het huidige gebouw is op dit moment een hoofdbewoner ingeschreven of geen hoofdbewoner ingeschreven maar wel met foto's aangetoond dat er sprake is van een bewoonbaar (deel van) het gebouw: de bestaande woning heeft op de verbeelding de aanduiding 'wonen' gekregen. b. In het huidige gebouw is volgende de huidige eigenaar geen woonprogramma aanwezig. Deze gebouwen hebben in dit bestemmingsplan geen aanduiding 'wonen' of 'bedrijfswoning' op de verbeelding en daarmee geen mogelijkheid meer om een woning te realiseren. 4. Lege bouwkavels: Dit betreft percelen waar op dit moment (nog) geen woning gerealiseerd is maar waarvoor in het nog geldende bestemmingsplan wel de mogelijkheid opgenomen is om er een woning te bouwen. In het voorliggende plangebied gaat het om het adres Zeeanemoonweg tussen 13 en 17.

Conform de structuurvisie 'ongebruikte bouwtitels in bestemmingsplannen', vastgesteld door de gemeenteraad op 29 oktober 2015, is tot 10 jaar na de vaststelling van de structuurvisie mogelijk een bouwtitel conform huidig bestaand planologisch recht te verkrijgen. De einddatum van dit recht is vastgesteld op 29 oktober 2025. Na deze datum, die voor alle ongebruikte bouwtitels binnen de gemeente Schouwen-Duiveland gelijktijdig afloopt, worden de bouwtitels die op dat moment nog steeds niet gebruikt zijn planologisch onmogelijk gemaakt. In dit bestemmingsplan is dit verwerkt door ter plaatse van de lege bouwkavel een aanduiding 'wetgevingzone-wijzigingsgebied' op te nemen. Met deze wijzigingsbevoegdheid kunnen burgemeester en wethouders na 29 oktober 2025 overgaan tot het herbestemmen van deze percelen. Detailhandelsstructuurvisie (2013) De detailhandelsstructuurvisie (DSV) heeft als hoofddoelen te komen tot een goede verzorgingsstructuur voor haar inwoners en de toeristen in het gebied, een duurzame voorzieningenstructuur en een sterk ondernemersklimaat voor haar ondernemers. Om de consument zo goed mogelijk te bedienen, wordt gestreefd naar sterke winkelconcentraties die elkaar aanvullen. Aan de ondernemers wordt bovendien ruimte binnen de gestelde kaders geboden om in te kunnen blijven spelen op de dynamiek in de

11

detailhandel. In de DSV wordt aangegeven welke vorm van detailhandel op welke locatie gewenst is en hoeveel uitbreidingsruimte er nog is. In het plangebied komen verschillende detailhandelsbedrijven voor. Relevantie voor Renesse In Renesse is een supermarkt in het centrum aanwezig. Naast de dagelijkse boodschappen is Renesse sterk vertegenwoordigd in recreatief winkelen. Beide vormen van detailhandel worden hieronder behandeld. De huidige supermarkt is gevestigd aan de Wilhelminaweg 1 Renesse. Op grond van de DSV mag deze supermarkt uitbreiden tot maximaal 1500m² bvo. Op de huidige locatie van de supermarkt zijn echter geen mogelijkheden. Ook is het onderdeel parkeren op de huidige locatie een probleem. Wanneer de supermarkt schaalvergroting wenst dan zal gezocht worden naar een andere locatie. Voorwaarde van deze locatie is wel dat het zich op loopafstand van het centrum bevindt zodat er een ruimtelijke relatie met het centrum blijft. Tevens kunnen de andere winkels dan blijven profiteren van de aanwezigheid van een supermarkt. Zierikzee is in de DSV aangewezen als het recreatieve winkelhart van Schouwen-Duiveland. Het is het grootste en belangrijkste winkelgebied om te funshoppen en te verblijven. Aanvullend op het centrum van Zierikzee krijgt het centrum van Renesse ook ruimte om de recreatieve winkelfunctie te behouden en te versterken.

De functie is daarbij wel ondergeschikt aan Zierikzee. In het onderliggende bestemmingsplan komt detailhandel voor in de zelfstandige bestemming 'Detailhandel' maar binnen de bestemming 'Centrum' zijn detailhandelsfuncties toegestaan. Er worden geen nieuwe detailhandelsfuncties toegevoegd tenzij er eerder een vergunning in afwijking van het bestemmingsplan is verleend. Deze vergunningen worden in deze actualisatie dan verwerkt. Horecavisie (2018) Het nieuwe horecabeleid van de gemeente maakt uitbreiding en nieuwvestiging van horeca in principe niet meer mogelijk. Er zijn slechts nog bijzondere situaties waarbij nieuwe horeca kan worden toegevoegd. In het voorliggende bestemmingsplan zijn geen nieuwe horecabestemmingen toegevoegd. Bestaande horecabedrijven hebben de bestemming Horeca gekregen. Nota Kamperen (2017) In het plangebied komt slechts één kampeerterrein met de bestemming 'Recreatie-Kampeerterrein' voor. Dit recreatiebedrijf is gelegen aan de Zeedisteldreef. De bestemming en regeling voor dit terrein is lijn met de uitgangspunten van de Nota Kamperen. Bomenbeleidsplan Schouwen-Duiveland (2009) In dit beleid is bepaald dat monumentale en waardevolle bomen worden opgenomen in een bestemmingsplan op het moment dat deze gewijzigd of geactualiseerd wordt.

Hierdoor kan het belang om een boom duurzaam in stand te houden dwingend worden meegenomen in de belangenafweging en is het mogelijk om beschermende voorwaarden te stellen. In het plangebied zijn een aantal monumentale en waardevolle bomen aanwezig.

12

Figuur 2: monumentale bomen (Bron: landelijk register monumentale bomen) Bomenstructuurplan Schouwen-Duiveland (2012) Het bomenstructuurplan is onlosmakelijk verbonden met het hierboven beschreven bomenbeleidsplan. Het plan is een nadere uitwerking van een onderdeel van het beleidsplan. Het is naast een visie ook een helder en concreet uitvoeringsplan. De nadruk ligt op de samenhang tussen de bomen en de opbouw van de kern. Voor het plangebied is in het structuurplan een inventarisatie gemaakt van waardevolle bomenstructuren. Deze waardevolle en structuurbepalende bomen hebben in het bestemmingsplan de bestemming 'Groen'. In het plangebied komen ook andere waardevolle groenstructuren voor. In dit bestemmingsplan hebben deze gebieden de bestemming 'Groen-Landschappelijk' gekregen.

2.7

Conclusie

Geconcludeerd kan worden dat het onderhavig plan aansluit bij het beleid zoals hierboven beschreven.

13

3 Planologisch kader 3.1

Inleiding

Bij het opstellen van een bestemmingsplan is het van belang om de uitgangssituatie goed in beeld te brengen. Daarbij is aandacht nodig voor de ontstaansgeschiedenis, de ruimtelijke opbouw en de functionele opbouw van het plangebied en zijn omgeving. In dit hoofdstuk wordt dit in beeld gebracht door een historische analyse, een ruimtelijke analyse en een functionele analyse.

3.2

Historische analyse

3.2.1 Ontstaansgeschiedenis In 1244 wordt Renesse voor het eerst vermeld als Rietnesse, wat op een weelderige vegetatie van riet wijst. Riet groeit in brak water, vandaar dat Renesse is ontstaan halverwege de duinen (zout water) en de Schelveringhe (zoet water). Costijn van Zierikzee bouwde, nadat hij heer van Renesse werd, een burcht aan de monding van de Schouwse moeren die Moermond ging heten. Zijn bucht werd in 1297 belegerd en na overgave volledig verwoest. Vermoedelijk heeft Arend van Haamstede kort na 1334 een kleiner slot laten bouwen zuidwestelijk, aan de buitenzijde van de slotgracht, dat twee ronde torens op de zuidelijk hoeken had. Dit kasteel verviel in de 15e eeuw tot een ruïne. Het huidige kasteel, slot Moermond, is vermoedelijk een uitbreiding van de donjon van de vorige. In 1513 werd deze bewoonbaar gemaakt. Tot op heden is het slot keer op keer gerestaureerd. Na de watersnood is het slot verkocht aan een stichting en inmiddels doet het dienst als hotel. Het slot ligt ten oosten van de dorpskern in een bijzonder landschappelijk gebied. Als men naar de geleidelijke groei van het dorp Renesse kijkt dan valt op dat de ontwikkeling van het dorp altijd heeft plaatsgevonden langs een aantal prominente, landschappelijke lijnen en zich min of meer heeft gevoegd in het duinlandschap.

Op één van de oudste kaarten van Renesse zijn de belangrijkste route van Renesse al duidelijk herkenbaar. De Hogezoom/Laône vormt de duidelijke ruggengraat van het landschap en verbindt het dorp met Haamstede en Burgh. Vanuit de Hogezoom slingeren diverse routes de duinen en het achterland in, zoals de Hoogenboomlaan, Stoofweg en Oude Moolweg. De kerk is waarschijnlijk gebouwd in 1506 en werd voor het laatst gerestaureerd in 1949-1951. De kerktoren uit de eerste helft van de 15e eeuw, werd kort voor de oorlog nog iets opgetrokken. De tuin rond de kerk, vanouds een begraafplaats, was geheel ommuurd. De graven zijn gelicht en de muur is nu vervangen voor een haag. De kerkklok dateert uit 1458. Renesse is een ringdorp, Het belangrijkste element, de ring, een straat in de vorm van een min of meer gelijkmatige cirkel die de hoger gelegen kerk omsluit. De meeste andere straten komen op deze ring uit. Aan de buitenzijde heeft de ring nog een gesloten bebouwing. Bijzonder is dat de school destijds aan de kerk was vastgebouwd, op de plaats van het koor. In de 16e eeuw stond er een korenmolen aan de Oude Moolweg te noorden van het dorp. Ook stond er aan de Nieuwe Moolweg (de tegenwoordige Hoogenboomlaan) een molen. Oorspronkelijk stond er in Renesse een muziektent op de hof rond de kern.

Deze werd in 1912 geplaatst en is in de jaren tachtig wegens ruimtegebrek overgeplaatst naar Scharendijke. Vanaf 1915 tot aan de watersnoodramp in 1953 rijdt er een tram tussen Zijpe en Burgh, die ook door Renesse rijdt. De stoomtram liep vanaf Haamstede via de route van de voormalige Vroonweg naar de kruising bij de Roelandsweg en Hogezoom. Hier was ook de halte. Hert centrum van Renesse strekt zich nu nog steeds uit tussen de plaats van de voormalige tramhalte en de ring.

14

Vlak voor de Tweede Wereldoorlog is de Vroonweg aangelegd, die Renesse beter met Burgh-Haamstede moest verbinden. Na de Watersnoodramp in 1953 werd Renesse uitgebreid bij deze weg. In het verlengde van de Vroonweg kwam de Zeedistelweg als verbinding met het nieuwe gedeelte. De basisschool 't Staepel'of aan de Mauritsweg is in 1970 geopend en gebouwd op een plaats waar vroeger klampen of stapels stro werden gezet. In de jaren '80 van de vorige eeuw kreeg Renesse landelijke bekendheid als vakantieoord bij jongeren. Daardoor konden het amusementsleven en de recreatie zich hier in die jaren stormachtig ontwikkelen. Inmiddels is er voor het dorp een andere tendens ingezet, en ontwikkelt Renesse zich de laatste jaren meer en meer als een belangrijke familiebadplaats. 3.2.2 Historische geografie Voor de geologische geschiedenis van Schouwen-Duiveland zijn de gebeurtenissen in het laatste deel van het Pleistoceen en in het Holoceen bepalend geweest voor het huidige landschap. Gedurende het laatste deel van het Pleistoceen (de periode van de ijstijden) is in dit deel van Zeeland een pakket van tien tot vijftien meter dik dekzand afgezet. Het zand werd door de wind aangevoerd uit de toen drooggevallen Noordzee. Na afloop van de laatste ijstijd, zo’n tienduizend jaar geleden, werd het klimaat warmer en vochtiger.

Als gevolg van het smelten van de uitgestrekte ijskappen steeg de zeespiegel en rees ook de grondwaterstand. Er ontstonden gunstige omstandigheden voor veenvorming, waardoor de zandafzettingen in de ondergrond bedekt zijn geraakt met een veenlaag (basisveen later Hollandveen). Omstreeks 5000 jaar geleden werd de veenvorming onderbroken, doordat ongeveer ter plekke van de huidige Nederlandse kust een reeks parallelle strandwallen opstoof waarbij jongere strandwallen gevormd werden ten westen van de oudere. Wegens de doorgaande, doch langzamere zeespiegelstijging werden de jongere strandwallen hoger dan de oudere. Tevens werden door aanlandige wind lage duinen gecreëerd op de strandwallen, zoals bij Haamstede. Er ontstond dus een duinenkust, met een waddengebied er achter. De veenlagen werden bedekt met wadafzettingen, voornamelijk klei en zavel. Circa 3700 jaar geleden was er zo een vrijwel geheel gesloten strandwal langs de gehele Nederlandse kust ontstaan. Op de zo ontstane strandvlaktes tussen de strandwallen ging de ophoging van zand verder in de vorm van duinvorming. Deze strandwallen worden ook wel de oude duinen genoemd.

Op de Kop van Schouwen was vanaf dat moment sprake van een duinenlandschap. In het overgrote deel van Zeeland ging de veenvorming verder. Ongeveer 3500 jaar geleden was heel Zeeland bedekt onder een dikke veenlaag. Deze veenlaag zou een paar duizend jaar stand houden.

Door een sterke aanvoer van zand vanuit de zee werden tussen 1000 en 1300 de aanwezige oude duinen overstoven, evenals het achterliggende zeekleilandschap. Er vormden zich grote paraboolduinen, die steeds verder naar het oosten schoven. De restanten van deze paraboolduinen liggen nu ten zuiden van Nieuw-Haamstede en ten westen van Haamstede. Vanaf de 17de tot en met de 19de eeuw is hier opnieuw zand overheen gestoven waarbij de hoge Meeuwenduinen zijn gevormd. De verstuivingen werden vanaf 1923 aan banden gelegd door de aanplant van helmgras en duinbebossing. De hoogste duintoppen reiken tot circa 30 meter boven NAP. Het noordelijke deel van de Kop van Schouwen bestaat uit een smalle zone jonge duinen en een brede strook oudere binnenduinen. Deze gronden werden vroeger als cultuurland (vroongronden) gebruikt voor graanteelt, hakhout en beweiding. Sterke verstuiving en agrarisch gebruik hebben geleid tot een licht geaccidenteerd landschap van lage duinkopjes en ondiepe laagten. Vooral in het oostelijke deel, langs de voormalige Vroonweg, is het reliëf goed behouden. De vroongronden zijn plaatselijk geheel ontkalkt en bestaan uit droge en vochtige graslanden, afgewisseld met wat bosjes. Op veel plaatsen bevindt zich op een diepte van 2-3 meter nog kalkhoudend materiaal in de ondergrond. De diepste valleien krijgen

15

toestroom van grondwater dat in contact staat met deze kalkrijke lagen. Het gebied kent van oudsher een hoge grondwaterstand. Tot 1683 werd het overtollige water afgevoerd naar het strand via het Palinxgat. Toen dat door duinvorming werd afgesloten, werd het water via duinwateringen naar de lager gelegen polder Schouwen afgevoerd. 3.2.3 Historische ecologie Door de grote variatie in gradiënten (=overgangen) heeft de duinzoom een rijke flora. Naast de vegetaties van natte duinvalleien en open vronen in het noordelijk deel, komen hier ook vegetaties voor die gebonden zijn aan het uittreden van zoet kwelwater (tussen Hoge en Lagezoom). De voorkomende vegetatietypen van het duinlandschap zijn internationaal gezien zeldzaam. Vandaar dat de Kop van Schouwen op grond van het voorkomen van deze vegetatietypen is aangewezen als beschermd natuurgebied dat deel uitmaakt van het Natura-2000 gebied 'Kop van Schouwen'. Dit betekent dat bij werkzaamheden in het gebied de beschermde vegetaties geen schade mogen ondervinden en de ontwikkeling ervan moet worden gestimuleerd. Een prioritaire soort is de Groenknolorchis. Hiervoor is de zoete kwel van belang. Een andere belangrijk soort, en tevens aandachtssoort in de nota Soortenbeleid van Provincie Zeeland, is de Noordse Woelmuis. Het merendeel van de grond binnen het plangebied is gecultiveerd en/of bebouwd.

3.2.4 Archeologie De archeologische rijkdom van een gebied is sterk afhankelijk van de ontwikkeling van het landschap. Het aantreffen van archeologische resten is immers sterk afhankelijk van de mogelijkheden tot bewoning en gebruik van het landschap in het verleden. Op Schouwen-Duiveland is de invloed van de zee een zeer belangrijke factor. Het landschap heeft door de eeuwen heen een sterk dynamisch karakter gehad. Deze ontwikkelingsdynamiek heeft de mogelijkheden van gebruik sterk beïnvloed. Verder kunnen door het dynamische landschap tevens eventuele archeologische resten aan het oog zijn onttrokken door erosie of juist bedekking met sedimenten. Voorbeelden hiervan zijn weggespoelde nederzettingen die in de geul van de Oosterschelde zijn verdwenen of nederzettingen die overstoven zijn met duinzand. Het is dan ook niet vreemd dat de hoogste archeologische waarden te vinden zijn op de plekken die als eerste bewoond werden. Een groot archeologisch monument ligt dan ook in het duingebied bij Haamstede, waar al vanaf het Neolithicum (4000 - 3100 v.C.) bewoning heeft plaatsgevonden. Ook op de voormalige eilanden Duiveland en Dreischor liggen diverse terreinen met hoge archeologische waarde. In het gemeentelijke Beleidsplan Archeologie is voor het gehele eiland vastgelegd welke archeologische verwachtingswaarden er zijn.

Hieraan zijn beleidsadviezen gekoppeld die als basis dienen voor de voorwaarden bij op te stellen bestemmingsplannen. Er wordt daarbij onderscheid gemaakt in verschillende gebiedstypen, van archeologische monumenten tot gebieden waar geen enkele archeologische verwachtingswaarde is. Voor ieder gebiedstype gelden eigen uitgangspunten, randvoorwaarden en drempelwaarden. In het plangebied komen de volgende gebiedstypen voor: Archeologisch onderzoeksgebied A Archeologisch waardevol gebied C Archeologisch waardevol gebied D

16

Figuur 3: uitsneden beleidskaart archeologie

17

Overeenkomstig het gemeentelijk beleid dat is samengevat is figuur 3, zijn in het bestemmingsplan de dubbelbestemmingen 'Waarde-Archeologie - 4', 'Waarde-Archeologie - 5' en 'Waarde-Archeologie - 6' opgenomen. Hiermee is het belang van de aanwezige archeologische waarde binnen het plangebied beschermd.

Figuur 1: gemeentelijke uitgangspunten dubbelbestemming Waarde-Archeologie 3.2.5 Historische bouwkunde De provincie Zeeland beschikt over een kaart (CHS-kaart) met daarop de cultuurhistorisch waardevolle objecten. Hierna gaan we nader op de bouwkundige objecten in en wordt aangegeven hoe deze cultuurhistorisch waarden in het plangebied geborgd zijn. Rijksmonumenten Binnen het plangebied zijn de volgende objecten aangewezen als Rijksmonument: Woonhuis(voormalig ecoscope), Roelandsweg 3, monumentennummer: 38823 Woonhuis, Korte Reke 4, monumentennummer: 38825 Woonhuis, Korte Reke 9, monumentennummer: 38826 Woonhuis, Kromme Reke 9, monumentennummer: 38827 Kerktoren, Lange Reke 6, monumentennummer: 38830 Kerkgebouw, Lange Reke 7, monumentennummer: 38831 Woonhuis, Lange Reke 12, monumentennummer: 38832 Woonhuis, Lange Reke 22, monumentennummer: 38833 Woonhuis, Lange Reke 23, monumentennummer: 38824 Woonuis, Laone 1, monumentennummer: 38836 Woonhuis, Laone 27, monumentennummer: 38838 Woonhuis 'Huis Grol', Stoofweg 4, monumentennummer 38840 Woonhuis, Korte Reke 1, monumentennummer: 38997 Woonhuis, Duinweg 1, monumentennummer: 496605 Woonhuis, Duinweg 3, monumentennummer: 496611 Woonhuis 'De Schelp', Duinweg 2, monumentennummer: 496617 Woonhuis 'Parnassia', Duinweg 5, monumentennummer: 496623 Woonhuis 'De Meidoorn', Bremweg 2, monumentennummer: 496629 Woonhuis 'Het Elzenhoekske',

Bremweg 10, monumentennummer: 496635 Woonhuis 'Huize ter Duin', Oude Moolweg 60, monumentennummer: 496641 Overige bebouwing Aan de Capelweg staat een bijzondere serie woningen. Deze woningen zijn zogenaamde geschenkwoningen die na de watersnoodramp van 1953 geschonken zijn door Noordwegen als een tijdelijke oplossing voor de ontstane woningnood. Door de bijzondere belevingswaarde van het ensemble

18

zijn deze woningen blijven staan en in gebruik gebleven als woning. Het ensemble is nog duidelijk herkenbaar door de opvallende stedenbouwkundige plaatsing van de bouwmassa's, de houten gevels en de specifieke details in de architectuur. Hoewel de woningen niet zijn aangewezen als (rijks)monument, zijn ze wel van speciale waarde voor Renesse en een directe verwijzing naar een bijzondere periode in de geschiedenis van Schouwen-Duiveland. Op de hoek van de Hogezoom en de Vroonweg staat het voormalige tramstation, nu in gebruik als horeca pand. Hoewel het pand inmiddels behoorlijk wat aanpassingen heeft ondergaan is de oorspronkelijke verschijningsvorm van het oude tramstation nog wel zichtbaar. Conclusie De bescherming van de hiervoor beschreven rijksmonumenten wordt geborgd in het kader van de 'monumentenwet 1988'. In dit bestemmingsplan is dan ook geen beschermingsregime opgenomen. De overige genoemde bebouwing kan niet worden geborgd in het bestemmingsplan. Het behoud is afhankelijk van de eigenaar. 3.2.6 Cultuurhistorie Cultuurhistorische waarden vertellen vaak iets over het verleden van een gebied. Het is een samenspel van historische landschappen, historisch geografische elementen, monumentale gebouwen en archeologische vindplaatsen.

De cultuurhistorische betekenis is hét aangrijpingspunt om invulling te geven aan een betekenisvolle ruimtelijke inrichting: de gebiedsidentiteit krijgt 'handen en voeten'. Door de historie van een gebied zichtbaar te vertalen naar het ruimtelijke ontwerp en door accentuering van karakteristieke ontginnings- en bebouwingsstructuren is de geschiedenis van de ruimte te vertellen. In Renesse komt met name Landschap en Erfgoed voor in het noordelijke gedeelte van het dorp. Overige waardevolle elementen liggen buiten het plangebied. In het voorliggende bestemmingsplan hebben de betreffende gebieden een bestemming gekregen waarbij de natuur- en landschapswaarden beschermd worden.

3.3

Ruimtelijke analyse

3.3.1 Stedenbouwkundige analyse Om de bestaande ruimtelijke structuur van Renesse beter te begrijpen, wordt deze in de volgende paragrafen uiteen gezet. In het algemeen kan worden gesteld dat het dorp Renesse een bijzondere positie inneemt op het eiland Schouwen-Duiveland. Door de ligging direct achter de jonge duinen op de overgang naar de open kleipolders van Schouwen is Renesse voor velen een aansprekend badplaats waar naar hartenlust gewoond, gewerkt en gerecreëerd kan worden. De huidige ruimtelijke structuur van het dorp is de optelsom van het rijke verleden en de ontwikkeling van Renesse als woon- en recreatie dorp. Renesse is één van de belangrijkste toeristische kernen van Schouwen-Duiveland. Binnen het plangebied komen meerdere bebouwingsconcentraties voor. Het dorp heeft een bruisend centrum met veel horeca en winkels. Daarnaast zijn er enkele naoorlogse woonbuurten en een bijzondere woonconcentratie tussen de Oude Moolweg en de Scholderlaan. In dit gebiedje zijn in 1932 de eerste planmatige recreatiewoningen gerealiseerd aan de rand van de vroongronden. De verschillende bebouwingsconcentraties worden van elkaar gescheiden door belangrijke landschappelijke lijnen, die de structuurdragers de ruimtelijke layout zijn. De structuur van historische lange lijnen vormt al eeuwen een stevige kapstok voor de ontwikkeling van het dorp en voor de relaties met de omgeving.

Hieronder volgt een korte beschrijving van de verschillende ruimtelijk eenheden binnen de dorpskern, te weten het (historisch) centrum, de lintbebouwing, de westelijke planmatige woonwijk na 1945 (gebied Zeeanemoonweg) de oostelijke planmatige woonwijk vanaf de jaren '80 (gebied Mauritsweg) het landschappelijk woongebied Oude Moolweg/Scholderlaan en de landschapstuin met daarin het

19

transferium. Het centrum Het centrum bestaat uit veelal aaneengesloten, kleinschalige bebouwing. Het gedeelte rond de ring (Kromme Reke, Lange Reke en Korte Reke) heeft een herkenbare, historische uitstraling als het gaat om de bebouwing in de randen. De kerk is de historische middelpunt van de ring. Opvallend is dat er aan de ring sprake is van een functionele tweedeling; aan de oostzijde (Kromme Reke) wordt voornamelijk gewoond, terwijl er aan de zuidwest zijde (Korte Reke) voornamelijk centrumfuncties en horeca voorkomen. De inrichting van de openbare ruimte is hier groen met ruime gazons. De tuintjes aan de Kromme Reke en de eigen stoepen benadrukken de individualiteit en kleinschaligheid van de panden. Er staan geen monumentale bomen op de ring. Het gedeelte van het centrum tussen de ring en de Jan van Renesseweg heeft een ander karakter. De oorspronkelijke bebouwing is hier vaak vervangen voor nieuwe bebouwing die in schaal en maat soms afwijkend is. Het gebied kent een hoge dynamiek als het gaat om aanpassingen aan de bebouwing en functiewisselingen. De bebouwing is over het algemeen nog wel kleinschalig te noemen. Enkele panden hebben afwijkende bouwvolumes zoals de Jumbo. Het gebied De Zoom is vanaf de jaren '80 aan het centrum toegevoegd als verbindende winkelstraat tussen het plein aan de Hogezoom en de Zeeanemoonweg.

Hier is ook sprake van wonen en horeca op de verdieping. Verder bestaat het centrum nog uit bebouwing aan de Lindelaan. De Lindelaan is een historische weg maar de bebouwing aan de noordzijde is van latere datum. De bebouwing voegt zich echter wel in het historische bebouwingspatroon van de kern. Aan de zuidzijde van de Lindelaan bevinden zich de opslagruimtes van de winkels aan de ring (Lange Reke). Op de hoek van de Lindelaan en de Oude Moolweg staat het woongebouw Vronenburg. Het bouwvolume wijkt af van de omgeving door de grotere omvang en hoogte van het pand. De linten Langs de historische wegen die vroeger vanuit het agrarische landschap en de vroongronden naar de dorpskern liepen, zijn vrijstaande, vaak voorname panden te vinden. De panden staan op enige afstand van de openbare weg op diepe, groene percelen. De karakteristieke voorgevels zijn van ouds her rijk gedecoreerd, en staan met de voorgevel meestal parallel aan de straat. Langs de weg staan forse bomen of een opgaande beplanting en houtwallen (Laône) waardoor het straatbeeld een lommerrijke uitstraling heeft. Het wegprofiel is smal en de percelen worden op de meeste plekken van de weg gescheiden door sloten of de duinbeek. De historische en groene sfeer van de dorpslinten Hogezoom, Laône en Stoofweg maakt dat deze gebieden een bijzondere rol hebben in de structuur van het dorp.

De linten zijn de schakels tussen het centrum van Renesse en het bijzondere omliggende landschap. Ze hebben tevens een belangrijke rol in de ontsluiting van het dorp, zowel voor autoverkeer als voor fietsers. Het naoorlogse woongebied (omgeving Zeeanemoonweg) De woonwijk die na de oorlog aan de dorpskern werd toegevoegd wordt globaal begrenst door de Luieweg, Jan van Renesseweg, Vroonweg, Zeeasterweg. In dit deel van Renesse staan voornamelijk vrijstaande woningen, bungalows met vaak één laag en een kap. De kavels hebben een gemiddelde afmeting. Op enkele plaatsen zijn er speelvoorzieningen in de wijk aangelegd. In de straten is op de meeste plaatsen naast de rijbaan en de stoepen, groen aanwezig wat in combinatie met de voortuinen van de woningen de wijk een groen karakter geeft. Aan de Capelweg staat een bijzondere serie Noorse geschenkwoningen, die na de watersnoodramp aan de bevolking van Renesse zijn geschonken voor de eerste opvang van de bewoners. De herkenbare hoofdvorm met het zadeldak, de houten gevels met specifieke details en de ritmiek waarin de woningen geplaatst zijn maken dat het een unieke ruimtelijke eenheid binnen de wijk is. Opvallende landschappelijk relicten zijn het Wallenweegje en de Luieweg. Dit zijn, vanwege de beplanting, kenmerkende wegen in het zoomgebied.

Verspreid over de kern Renesse komen een aantal beboste particuliere percelen voor, zo ook in dit deelgebied. De beboste percelen spelen een belangrijke rol in de ruimtelijke beleving van Renesse.

20

De oostelijke planmatige woonwijk (omgeving Mauritsweg) De jongste uitbreidingswijk van Renesse ligt aan de oostzijde van de kern. Deze woonwijk wordt voornamelijk ingekaderd door De Stoofwekken, de Stoofweg, de groenstrook aan de dorpsrand en de achterzijden van de panden aan de Kromme Reke. In de genoemde groenstrook is een wandelpad opgenomen. De groenstrook heeft tevens een landschappelijke waarde, vanwege de beplanting. Ten noorden van de groenstrook ligt net buiten het plangebied, een sportveldencomplex met een parkeerterrein. In de oostelijke hoek van de woonwijk ligt een tenniscomplex. Ook de basisschool ligt in deze wijk. Het gebouw van de school heeft als enige in deze wijk een afwijkende schaal en maat. In de stedenbouwkundige en architectonische opzet van de bebouwing en de omgeving is duidelijk de tijdgeest afleesbaar. Een centrale groenstrook scheidt de woonwijk in twee delen en markeert tevens de overgang tussen het oudste deel en het nieuwere planmatige deel. In het oudste deel staan vooral aaneengesloten eengezinswoningen van twee bouwlagen met een kap. In het nieuwere deel staan vooral geschakelde twee onder één kap woningen en rijwoningen. Langs de randen staan vrijwel uitsluitend vrijstaande woningen. Deze woningen volgen daarmee het oorspronkelijke lintbebouwing langs de Stoofweg.

Landschappelijk woongebied Oude Moolweg/Scholderlaan Het gebied Oude Moolweg/Scholderlaan ligt op de overgang van het zoomlandschap naar de duinen. Het gebied heeft daardoor een bijzondere landschappelijke gradiënt en een groene uitstraling. De historische lijnen zoals de Oude Moolweg en de Scholderlaan zijn nog altijd in het gebied zichtbaar. Deze wegen hebben een relatief smal profiel en worden geflankeerd door opgaande dichte boomhagen. Deze boomhagen en wallenstructuren waren van oudsher in het zoomlandschap aanwezig. Ze zijn nog voor een groot deel behouden en herkenbaar. Bij de ontwikkeling van het gebied tot een recreatiegebied met recreatieve- en later permanente bewoning, is rekening gehouden met de ecologische en landschappelijke kwaliteiten. Bij de ontwikkeling van het gebied is de Jan van Renesseweg aangelegd ten westen van de Oude Moolweg. De Jan van Renesseweg vormt nu de belangrijkste ontsluiting van het gebied en is tevens de belangrijkste koppeling van de dorpskern naar het strand. De weg eindigt in een keerlus en een parkeerterrein, van waaruit de langzaam verkeersroutes naar het strand beginnen. De Jan van Renesseweg is bij de herinrichting in 2017 voorzien van een nieuwe bestrating met vrijliggende voetpaden en een nieuwe, meer open beplantingsstructuur.

De Jan van Renesseweg vormt de scheiding tussen het westelijk deel van deze wijk en het oostelijk deel welke een meer groen-landschappelijke uitstraling heeft. De bijzondere kenmerken van deze twee aparte woonsferen worden hieronder kort beschreven. Ten oosten van de Jan van Renesseweg zorgt de vaak dichte beplanting voor een bijzonder, besloten groene sfeer. De wegprofielen zijn hier erg smal en hebben een natuurlijke uitstraling door het ontbreken van trottoirs en een smalle strook openbaar groen tussen de rijlopers en de woonpercelen. Ook de meeste woonkavels zijn voorzien van een dichte beplanting aan de randen. Aan de noordzijde is de beleving van het duingebied en het landschap opvallend. Door de kleinschalige bebouwing en de onverharde percelen komt het landschap hier het woongebied binnen. Doordat deze strook ook een sterk reliëf kent, wordt het natuurlijke karakter duidelijker onderstreept. Ook tussen de woonclusters is het oorspronkelijke landschap in stand gehouden. Soms zijn nog de elzenmeten aanwezig. De sterke, groene dooradering van dit woongebied maakt dat het sterk in zichzelf gekeerd wort beleefd. Hierdoor is op veel plaatsen de bijzondere ligging van het woongebied, tussen duinen en het zoomgebied, niet te ervaren.

Deze gebieden krijgen vanwege de sterke groen/landschappelijke waarden een passende groenbestemming met de subbestemming 'Natuur- en landschapswaarden". Binnen de woonclusters komt een rijke variatie aan verschillende vrijstaande woningen voor. De meeste woningen hebben één laag en een kap. Er komen zowel houten als stenen woningen voor in het gebied. Een groot aantal woningen is in de loop van de tijd aangepast en vergroot. Hierbij is de uitstraling over het algemeen erg natuurlijk en relatief onbebouwd gebleven. Deze bijzondere kwaliteit van dit landschappelijk woongebied moet voor de toekomst behouden blijven. Daarom is er voor dit gebied een bijzondere bebouwingsregeling opgenomen in dit bestemmingsplan, waarbij uitgegaan wordt van een

21

bebouwingspercentage van 30% binnen het bebouwingsvlak. Aan de noordelijke rand van het gebied (Duinweg) ligt een bijzonder parkje met (recreatie)woningen. Dit parkje is in 1932 ontwikkelt en is één van de eerste projectmatig gebouwde serie recreatiewoningen. De woningen zijn nog als serie herkenbaar door de onderlinge plaatsing, de bijbehorende wegenstructuur en de relatie met het aangrenzende duingebied. Enkele van deze woningen zijn aangewezen als rijksmonument. Dit complexje vormt een vroeg, herkenbaar voorbeeld van complexmatig opgezette recreatiebouw en bezit als zodanig cultuurhistorische- en ensemblewaarde. De woningen zijn zeldzaam doordat ze nog grotendeels origineel zijn.

Onderaan de duinen staan nog een aantal Oostenrijkse geschenkwoningen. De herkenbare hoofdvorm met het zadeldak, de houten gevels met specifieke details en de ritmiek waarin de woningen geplaatst zijn maken dat het een unieke ruimtelijke eenheid binnen de wijk is. Op Provinciaal niveau wordt onderzocht hoe waardevol dit soort objecten zijn en op welke manier ze beschermd kunnen worden. 3.3.2 Landschap Het plangebied maakt deel uit van een grote landschappelijke eenheid die de gehele kop van Schouwen-Duiveland beslaat. Het landschap op de Kop van Schouwen kenmerkt zich door de karakteristieke overgang van de open kleipolders in het oosten naar de soms besloten en soms open (zanderige) gronden in het westen. Achtereenvolgens ligt, tegen de polder, eerst een zone met bosrijke zoomgronden, vervolgens een zone met meer open vroongronden en tot slot de duinstrook met jonge duinen die sterk geaccidenteerd is. Onderstaand worden deze gebieden afzonderlijk uitgelicht. De polder is een primair landbouwgebied. De polder is door het gebruik en de bodemgesteldheid ruim en open. De overgang naar de hoger gelegen zoomgronden is duidelijk aanwezig. In de polder komt over het algemeen maar weinig opgaande beplanting voor. Alleen de agrarische erven zijn als groene, met opgaande beplanting omzoomde eilanden zichtbaar. In tegenstelling tot de polder is het zoomgebied een zeer besloten gebied.

Van west naar oost loopt het gebied enigszins af. Het gebied wordt gekenmerkt door een afwisseling van elzenmeten, singels en hagen, open ruimten en fruitgaarden, dorpskernen en recreatieterreinen. Dit maakt het gebied tot een kleinschalig en relatief dicht gebied. Soms bevinden zich in het zoomgebied kleinere, open landbouwpercelen. Tussen Haamstede en Renesse is het gebied hierdoor nog redelijk open. Landgoederen zoals Slot Moermond zorgen met de opgaande (laan)beplanting voor een extra groene beslotenheid in het landschap. De overgangen naar de duinen en de vroongronden en de polder zijn rond Renesse vaak nog intact, en daarmee zeldzaam in Nederland. De gronden binnen het plangebied "Bebouwde Kom Renesse" zijn voornamelijk aan te merken als (verstedelijkte) zoomgronden en voor een gering deel als vroongronden en duingebied. Vroongronden zijn opener dan de duinen. Soms zijn er echter elzenmeten, houtwalletjes en kleine reliëf verschillen die het landschap een meer besloten karakter geven. De vroongronden bestaan voornamelijk uit begraasde graslanden en hebben daarmee naast de duinen ook een belangrijke functie als natuurgebied. In Renesse liggen de grote recreatieterreinen ingeklemd tussen de duinen en deze vroongronden. Een brede strook vroongronden ligt vooral ten westen van het plangebied.

In het plangebied zelf komt direct tegen de duinstrook een smallere strook vroongronden voor, direct ten noorden van het woongebied aan de Oude Moolweg/Scholderlaan. 3.3.3 Natuur, groen en water Natuur Naast het alom aanwezige landschap rond Renesse zijn deze gebieden ook aangewezen als natuurgebieden. Ten eerste is Renesse omringd door het Natura2000-gebied Kop van Schouwen. Daarnaast vallen dezelfde gebieden ook onder het Natuur Netwerk Nederland (NNN). Het overgrote deel

22

van deze gebieden vallen niet binnen het plangebied maar zijn aansluitend. Aan de Jan van Renesseweg is echter een perceel wat valt onder het NNN met de aanduiding bestaande natuur. Tevens is er nog een gebied aan de Laone wat valt onder de NNN met de aanduiding nieuwe natuur. Op grond van de verordening van de Provincie moeten deze perceel de bestemming 'Natuur' krijgen danwel een bestemming met de mogelijk voor een wijziging naar 'Natuur'. In het oude bestemmingsplan hebben deze perceel al de bestemming 'Natuur' in dit bestemmingsplan is de bestemming overgenomen. Vanwege de omliggende natuurgebieden is er op de verbeelding een 'afwegingszone-natuur' opgenomen. In de regels is opgenomen in welke gevallen natuuronderzoek nodig is. Groenstructuren Renesse is een groen dorp. Opvallend is dat het groen vooral bestaat uit landschappelijke elementen die binnen de bebouwde kom de groenstructuur van het dorp vormen. De lange landschappelijke lijnen waaraan later de bebouwing is ontstaat (linten) worden ondersteund door voorname bomenrijen en houtwallen zoals aan de Hogezoom, de Laône en Oude Moolweg. Het woongebied aan de noordzijde, tussen de duinen en het centrum heeft een dichte beplantingsstructuur, waardoor de woningen opgaan in de groene, landschappelijke omgeving. Op enkele plaatsen is er een opvallende afwisseling met de open duinvegetatie of de vroongronden.

De aanwezigheid van de duinen is op bijna alle plekken zichtbaar en voelbaar. In het centrum is de kerkring een opvallende groene plek. Door de ruime maatvoering van de ring en de inrichting met gazons en solitaire bomen, levert de ring een belangrijke bijdrage aan de groene uitstraling van het centrum. Verder bestaat het groen in de woonwijken voornamelijk uit gazons en bomenrijen in de woonstraten. Enkele woonpercelen zijn dicht bebost en omringt met houtwallen, waardoor ze als groene eilanden in de bebouwde omgeving liggen. Aan de oostzijde van de dorpskern grenst het bijzondere parklandschap van het slot Moermond. Een voorname houtwal met opgaande beplanting begrenst hier de rand van de bebouwde kom, waardoor de bebouwing naar de landschap grotendeels aan het zicht wordt onttrokken. Het transferium aan de zuidwest zijde van de kern vormt de overgang naar het buitengebied. Er is slechts een klein deel verhard. Het grootste deel van het transferium bestaat uit gras waarop geparkeerd kan worden. Het transferium is verder door nieuwe beplanting landschappelijk ingepast. Daarbij is aan kant van de Stoofweg onder andere gebruik gemaakt van houtwallen. Een bijzonder landschappelijk waterelement is de duinwatering of duinbeek. De beek voert water uit het hoger gelegen duingebied af naar de lagere polders.

De duinbeek slingert door verschillende landschappen en de bebouwde kom en steekt ter hoogte van de de kruising Laône - Mauritsweg over naar de zuidzijde om aan te sluiten op het water bij slot Moermond. De duinbeek is niet op alle plaatsen even goed zichtbaar. Recent is bij de herinrichting van de Jan van Renesseweg het verloop van de beek weer beter zichtbaar gemaakt. 3.3.4 Verkeer In de voorgaande paragrafen is de ruimtelijke structuur van Renesse beschreven waarbij ook een deel van de verkeersstructuur beschreven is. De bestaande verkeersstructuur is weergegeven in de figuur 5. De structuur is grotendeels gebaseerd op de ruimtelijke en historische context.

23

Figuur 5: Verkeersstructuur Renesse Het toerisme in Renesse zorgt voor zeer grote verschillen in de verkeersintensiteiten tussen de zomer en winterperiode. 3.3.5 Kabels en leidingen en overige infrastructuur Voor hoofdtransportleidingen en hoogspanningsverbindingen geldt dat deze in het bestemmingsplan moeten worden geregeld. Deze leidingen hebben namelijk gevolgen voor het gebruik van gronden in de directe omgeving en zijn dus planologisch relevant. Ook niet-hoofdtransportleidingen met veiligheidscontour, kunnen planologisch relevant zijn. Als planologisch relevante leidingen worden aangemerkt (buis)leidingen voor het transport van: elektriciteit met een hoogspanning van meer dan 50 kV; brandbare gassen met een druk van 20 bar en hoger; brandbare vloeistoffen of giftige stoffen met een diameter van 4" en hoger. Buisleidingen met een diameter van 400 mm en groter kunnen planologisch relevant zijn. Niet-planologisch relevante leidingen behoeven geen bescherming c.q. regeling in het bestemmingsplan. Deze leidingen kunnen dan ook zonder planologische procedure worden aangelegd. 3.3.6 Sociale veiligheid Natuurbranden Een aandachtpunt op gebied van veiligheid blijft het risico op natuurbranden in de aan het plangebied grenzende duin- en bosgebieden. Dat risico wordt ook benoemd in de crisisplannen en op de landelijke risicokaart.

(http://nederland.risicokaart.nl/risicokaart.html) externe veiligheid.

24

3.4

Functionele analyse

3.4.1 Functionele hoofdstructuur Renesse is een levendig dorp in het hart van de Kop van Schouwen. Het dorp is een levendige ontmoetingsplek voor bewoners en bezoekers. Renesse is daardoor een belangrijke toeristische bestemming op Schouwen-Duiveland en Zeeland. Het dorpscentrum heeft verschillende maatschappelijke voorzieningen, winkels, evenementen en een goede bereikbaarheid met auto en openbaar vervoer. Renesse ligt relatief dicht bij het strand en mooi ingebed in het karakteristieke duinlandschap. In en rond Renesse liggen daarom vele campings, vakantieparken, hotels en villa's. 3.4.2 Wonen De meest voorkomende functie in het plangebied is wonen. In het plangebied komen zowel reguliere als bedrijfswoningen voor. Bedrijfswoningen onderscheiden zich van reguliere woningen doordat deze alleen bestemd zijn voor bewoning door (het huishouden van) een persoon omdat huisvesting daar noodzakelijk is of waarvan het hoofdinkomen afkomstig is van het bedrijf op het terrein waar de woning bij hoort. Reguliere woningen In het centrum van Renesse, zie onderstaande figuur, is het verboden om de reguliere woning te gebruiken als tweede woning. Buiten het werkingsgebied van onderstaande figuur is het gebruik als tweede woning wel toegestaan. Ook worden op verschillende adressen als nevenactiviteit bed en breakfast aangeboden voor toeristen.

Figuur werkinsgebied huisvestingsverordening Renesse Verblijfsrecreatie komt voor in de vorm van tweede woningen en recreatieve verhuur van woningen. Het

25

gebruik als tweede woning is toegestaan binnen de woonbestemming. Een woning mag voor eigen gebruik als tweede woning worden gebruikt. Het gebruik van een woning als verblijfsrecreatief verhuurobject is niet toegestaan binnen de bestemming 'Wonen'. Een belangrijke reden hiervoor is dat recreatieve verhuur van woningen doorgaans op gespannen voet staat met de woonfunctie. Op diverse plekken binnen de gemeentegrenzen is vergelijkbare verhuur van woningen als recreatieobject vanwege overlastsituaties beëindigd door middel van handhaving van het bestemmingsplan. In de praktijk blijken de belangen en gedragingen van vaste bewoners en de tijdelijk verblijvende recreanten te ver uiteen te liggen om in duurzame harmonie naast elkaar te kunnen bestaan. Het bestemmingsplan kan immers niet regelen aan welke specifieke doelgroep de woningen verhuurd mogen worden. Naast koopwoningen zijn er ook particuliere huurwoningen en huurwoningen van de woningbouwvereniging Zeeuwland in het plangebied. Alle bestaande bewoonbare huur- en koopwoningen hebben in voorliggend bestemmingsplan de enkelbestemming 'Wonen'. Daarnaast zijn er ter plaatse van de aanduiding 'wonen' ook zelfstandige woningen toegestaan. Deze aanduiding komt voor in de enkelbestemmingen 'Centrum' en 'Detailhandel'. Bedrijfswoningen Verspreid over het plangebied zijn er binnen diverse functies bedrijfswoningen in gebruik.

Alle bestaande bewoonbare bedrijfswoningen hebben in het voorliggend bestemmingsplan de aanduiding 'bedrijfswoning' gekregen. Deze aanduiding komt in de volgende enkelbestemmingen voor: 'Bedrijf', 'Horeca', en 'Maatschappelijk'. Net als in het voorgaande bestemmingsplan en conform geldend beleid wordt in de bestemmingsplanregeling geen mogelijkheid voor nieuwe woningen en bedrijfswoningen geboden. 3.4.3 Werken Opvallend aan de functionele opbouw van Renesse is het beperkt aantal bedrijven dat in de kern is gevestigd. In het verleden zijn verschillende bedrijven uit de kern verplaatst naar het bedrijventerrein Duinzoom. Dit bedrijventerrein maakt geen onderdeel uit van dit bestemmingsplan. Op dit moment zijn er nog een paar bedrijven aanwezig. Deze bedrijven hebben in dit bestemmingsplan de enkelbestemming 'Bedrijf' gekregen. Kromme Reke 18 en 19: voormalig bouwbedrijf Braber Hogezoom 145: tankstation Wilhelminaweg 6: opslag Bremweg 51: opslag Voor het perceel Kromme Reke 18 en 19 zijn plannen om woningbouw te realiseren. Dit wordt echter niet direct mogelijk gemaakt in dit bestemmingsplan. Middels een wijzigingsbevoegdheid kan de bestemming gewijzigd worden naar 'Wonen'. Er zijn dan maximaal twee woningen toegestaan. Tevens is er in het plangebied nog één perceel met de bestemming 'Kantoor' aanwezig. Het betreft het kantoor van Stichting Renesse aan de Jan van Renesseweg 25.

Het voormalige kantoorgebouw aan de Zeeanemoonweg is gesloopt. Op deze locatie is detailhandel met daarboven woningen gerealiseerd. Het kantoorgebouw aan de Hogezoom 149 is nu detailhandel. Bij de inventarisatie die is uitgevoerd voorafgaand aan het opstellen van dit bestemmingsplan is gebleken dat een perceel aan het Jonkersweegje een agrarische bestemming heeft die feitelijk niet als zodanig in gebruik is. In dit geval gaat het om een perceel die nu in gebruik is als weide voor paarden of andere hobbymatig gehouden dieren. Dit gebruik is niet in overeenstemming met de nu geldende agrarische bestemming. Aangezien het huidige gebruik, het hobbymatig houden van dieren, meer wenselijk is in een bebouwde kom dan regulier agrarisch gebruik, is de regeling ter plaatse aangepast zodat hobbymatig houden van dieren toegestaan is en regulier agrarisch gebruik niet. Het betreffende perceel heeft in dit bestemmingsplan de enkelbestemming 'Groen - Weidegrond' gekregen.

26

3.4.4 Voorzieningen Onder invloed van het toerisme is Renesse een dorp met een uitgebreid voorzieningenniveau. In de kern zijn verschillende winkels aanwezig. Het winkelgebied concentreert zich in met name aan de Hogezoom, De Zoom en de Lange Reke. De horeca in Renesse loopt uiteen van een restaurant tot een snackbar en discotheken. De consumptieve horecabedrijven zijn geconcentreerd aan de Hogezoom, Lange Reke en Korte Reke. De pensions en hotels liggen meer verspreid over de kern. Naast detailhandel en horeca zijn er ook maatschappelijke voorzieningen als een basisschool, een kerk, medische voorzieningen als (tand)arts en fysiotherapie en een enkel dienstverlenend bedrijf zoals binnenkort een VVV-kantoor gevestigd. In dit bestemmingsplan hebben deze voorzieningen de volgende enkelbestemmingen gekregen: Centrum: hierbinnen zijn overal zowel detailhandel, kleinschalige kantoren, dienstverlenende bedrijven, bedrijven met milieucategorie 1, culturele centra en maatschappelijke functies toegestaan en is dus uitwisseling mogelijk. Ter plaatse van specifieke aanduidingen zijn ook een supermarkt, een casino en horeca toegestaan. Detailhandel: hierbinnen is detailhandel toegestaan en ter plaatse van de aanduiding 'dienstverlening' dienstverlenende bedrijven zoals een makelaarskantoor. Horeca: hierbinnen is horeca toegestaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10832444/1