CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

Noordzee Residence Renesse Bijlagen bij toelichting Bijlage 15 Nota Zienswijzen

Commissie Ruimte en Economie 9 oktober 2023, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: RVS Vaststelling bestemmingsplan Noordzee Residence Renesse (967042)22.857 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Schouwen-Duiveland Bestemmingsplan Noordzee Residence Renesse Nota zienswijzen

identificatie projectnummer: 474501.100

datum: 21 juli 2023

2

474501.100

21 juli 2023

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1.

Inleiding

3

Hoofdstuk 2.

Zienswijzen

4

2.1. 2.2. 2.3. 2.4. 2.5. 2.6. 2.7. 2.8. 2.9. 2.10. 2.11. 2.12. 2.13. 2.14. 2.15. 2.16.

Zienswijze 1 Zienswijze 2 Zienswijze 3 Zienswijze 4 Zienswijze 5 Zienswijze 6 Zienswijze 7 Zienswijze 8 Zienswijze 9 Zienswijze 10 Zienswijze 11 Zienswijze 12 Zienswijze 13 Zienswijze 14 Zienswijze 15 Zienswijze 16

Hoofdstuk 3. 3.1. 3.2.

Samenvatting

Wijzigingen als gevolg van zienswijzen Ambtshalve wijzigingen

4 5 8 11 20 21 23 24 24 26 29 29 31 32 50 53

55 55 56

3

Hoofdstuk 1.

Inleiding

Het ontwerpbestemmingsplan Noordzee Residence Renesse is op de gebruikelijke wijze ter inzage gelegd voor het indienen van zienswijzen, zoals voorgeschreven in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en artikel 3.16 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Het ontwerpbestemmingsplan heeft ter inzage gelegen van 27 december 2022 tot en met 7 februari 2023. De stukken waren digitaal raadpleegbaar op de website www.ruimtelijkeplannen.nl. Ook lag het ontwerpplan gedurende de genoemde periode in de leesruimte van het gemeentehuis en was het plan tijdens de openingstijden van het gemeentehuis te raadplegen. Ook kon een ieder een pdf-versie van het ontwerpbestemmingsplan aanvragen via de website https://www.schouwen-duiveland.nl/bestuur-enorganisatie/vraag-aan-de-gemeente. Gedurende de termijn van 6 weken is een ieder in de gelegenheid gesteld zijn of haar zienswijze in te dienen bij de gemeenteraad van de gemeente Schouwen-Duiveland. In totaal zijn er zestien zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan ontvangen. De ingediende zienswijzen zijn tijdig ingediend bij de gemeenteraad, dan wel tijdig aan dit bestuursorgaan verzonden en daarmee ontvankelijk. De zienswijzen zijn samengevat en beantwoord in Hoofdstuk 2. Hoofdstuk 3 geeft aan waar het plan is aangepast naar aanleiding van de zienswijzen. Daarnaast zijn de aanpassingen die ambtshalve zijn verwerkt, aangegeven.

De zienswijzen zijn geanonimiseerd.

4

Hoofdstuk 2.

Zienswijzen

2.1. Zienswijze 1 Samenvatting zienswijze 1 1. Reclamant is diep geraakt door het feit, dat er 285 recreatiewoningen worden gerealiseerd voor toeristen in plaats van woningen voor de inwoners van het eiland Schouwen-Duiveland, die smeken om woonruimte. De ideale situatie (droom) voor de reclamant, is de realisatie van een wijkje op deze locatie, waarbij deze woningen worden gebouwd met de bijbehorende voorzieningen.

Reactie gemeente Het bestemmingsplan is opgesteld om een initiatief van een ontwikkelaar mogelijk te maken. Het verzoek van initiatiefnemer om het herzien van het bestemmingsplan betreft de herontwikkeling van twee voormalige campings naar een recreatiepark met 285 recreatiewoningen. Aan de ontwikkeling van de plannen is jarenlang gewerkt. Ten tijde van de eerste planvorming voor dit project was er nog geen sprake van woningnood. Sterker nog, in Renesse waren er destijds nauwelijks mogelijkheden tot woningbouw. Met een (gedwongen) wijziging van de plannen van recreatiewoningen naar woningen zou de gemeente ingaan tegen eerder gemaakte afspraken met de initiatiefnemer, die vastliggen in een exploitatieovereenkomst. We erkennen, dat er momenteel een tekort aan (betaalbare) woningen is. De wijze waarop we woningbouwontwikkeling vorm willen geven op SchouwenDuiveland in het algemeen, en in Renesse in het bijzonder, hebben we vastgelegd in de Structuurvisie Wonen, die volgt op de Woonvisie 2018-2027. ln de Structuurvisie Wonen hebben we contouren opgenomen, waarbinnen we zoeken naar locaties voor woningbouw. lnbreiding (ofwel nieuwbouw binnen de bestaande bebouwde kom) gaat voor uitbreiding. De locatie van de Noordzee Residence Renesse ligt buiten de kern Renesse. Bovendien valt het plangebied volgens de provinciale omgevingsverordening in het landelijk gebied.

Kleinschalige woningbouw is daar alleen onder voorwaarden mogelijk. Aan deze voorwaarden voldoet het plangebied niet. Woningbouw op deze locatie past in beginsel niet in de provinciale omgevingsverordening en kan daarom niet eenvoudig binnen het plangebied worden voorzien. Aan een nadere toetsing, of we in dit geval alsnog woningbouw buiten de bebouwde kom willen c.q. mogen toestaan, komen we in ieder geval niet toe, nu de initiatiefnemer vasthoudt aan de ontwikkeling van recreatiewoningen.

5

2.2. Zienswijze 2 Samenvatting zienswijze 2 1. Reclamant blijft zijn zorg uitspreken over de uitbreidingen en wijzigingen die plaats vinden in het aanbod van het toeristische product en de daarmee gepaarde extra verkeersbewegingen. Het bestemmingsplan stelt dat er geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling is. Er wordt in de laddertoets aangegeven, dat alleen de aard wijzigt (van stacaravan naar huisjes). Dat is niet juist. Het terrein werd gebruikt voor stacaravans met vaste bewoners, waarbij er sprake was van een wintersluiting. Bij het nieuwe park zijn er wisselende gasten en een jaarrond exploitatie.

Reactie gemeente Ten aanzien van verkeer geldt het volgende. Bij de planvorming is aangesloten bij de bestaande ontsluitingen van de voormalige campings Bona Vide en de Karavaan op de Hogezoom. Mede naar aanleiding van deze zienswijze is onderzocht of het plangebied op een alternatieve wijze kan worden ontsloten en de Hogezoom kan worden ontlast. Hieruit volgt dat een alternatieve ontsluiting mogelijk is, waarbij het zuidelijk deel wordt ontsloten via de Lagezoom-Kooijmansweg. De ontsluiting van het (kleinere) noordelijk deel blijft plaatsvinden via de Hogezoom. Dit leidt tot een afname van de verkeersbelasting op de Hogezoom ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan (en de mogelijkheden die het vigerende bestemmingsplan biedt). Uw zienswijze heeft dus op dit punt, samen met andere zienswijzen, geleid tot een aanpassing van het bestemmingsplan. De term stedelijke ontwikkeling is opgenomen in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Voorliggend plan is een stedelijke ontwikkeling. In artikel 3.1.6. lid 2 Bro is bepaald, dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling moet worden getoetst aan de ladder voor duurzame verstedelijking. In de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan is in paragraaf 2.5 gemotiveerd, dat er geen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, omdat er sprake is van een functiewijziging (die ook nog eens van verblijfsrecreatieve aard blijft).

Het geldende bestemmingsplan staat 422 permanente standplaatsen toe voor stacaravans. In lid 1.110 is een permanente standplaats gedefinieerd als een standplaats bestemd voor het plaatsen van een kampeermiddel of een kampeerhuisje en twee bijzettentjes van maximaal acht vierkante meter, dat gedurende het gehele jaar aanwezig mag zijn ten behoeve van recreatief nachtverblijf. In lid 1.65 is aangegeven, dat een stacaravan valt onder de definitie van een kampeermiddel. Er zijn daarnaast 145 niet-permanente standplaatsen toegestaan. Deze plekken zijn volgens lid 1.110 bestemd voor het plaatsen van één of meerdere kampeermiddelen, niet zijnde een stacaravan, gedurende het zomer- en/of winterseizoen (dus ook jaarrond). Daarbij dient er volgens het geldende bestemmingsplan sprake te zijn van een centrale bedrijfsmatige exploitatie, hetgeen is gedefinieerd als het via een bedrijf, stichting of andere rechtspersoon voeren van een gezamenlijk beheer en exploitatie van recreatiewoningen, kampeerterreinen en kampeermiddelen, gericht op het bieden van (permanent wisselende) recreatieve (nacht)verblijfsmogelijkheden.

6

Het mogelijke gebruik, zoals geregeld in het geldende bestemmingsplan, komt dus overeen met het beoogde gebruik in de nieuwe situatie (jaarrond gebruik als verblijfsrecreatieterrein). In de nieuwe situatie worden er in plaats van 422 stacaravans en 145 niet-permanente standplaatsen maximaal 285 recreatiewoningen toegestaan met een maximum van 1850 slaapplaatsen. Deze planologische functiewijziging heeft niet een zodanige aard en omvang, dat er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, als dit wordt beoordeeld op basis van de ruimtelijke uitstraling van de in het nieuwe plan voorziene functie en de mogelijkheden die het geldende bestemmingsplan biedt c.q. hetgeen ten tijde van de exploitatie als kampeerterrein aan de orde was. Dat wordt hieronder nader gemotiveerd. Er zijn in het nieuwe plan veel minder verblijfsrecreatieve eenheden. Ze zijn wel groter. Het geldende plan staat toe: 422 stacaravans van maximaal 55 m2 groot met een maximum bouwhoogte van 5 meter en 145 kampeerhuisjes van 75 m2 met een bouwhoogte van maximaal 5,5 meter hoog. Het nieuwe plan omvat ten hoogste 285 recreatiewoningen van in beginsel maximaal 75 m2 groot. Van de 285 recreatiewoningen zijn er maximaal 50 van 80 m2 en maximaal 20 van 100 m2 toegestaan. Voor alle recreatiewoningen geldt een bouwhoogte van maximaal 8 meter en een goothoogte van maximaal 4 meter.

Het nieuwe plan leidt ten opzichte van een maximale planologische invulling van het geldende bestemmingsplan tot minder verkeersbewegingen. De impact op de ruimtelijke uitstraling is naar aard en omvang niet zodanig, dat het nieuwe bestemmingsplan een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt. 2.

Reclamant vraagt zich af waarom er wederom wordt gekozen voor ontsluiting via de Hogezoom.

We kozen eerder voor ontsluiting via de Hogezoom, omdat er dan aansluiting is bij de bestaande ontsluitingen van de voormalige camping Bona Vide en de Karavaan.

In het verleden is er sprake van geweest dat Camping De Oase, Camping Bona Fide en ook Camping de Karavaan (gezamenlijk) zouden ontsluiten via de Lagezoom om zo de Hogezoom te ontlasten van recreatieverkeer. Met de toekomstige ontwikkeling wordt er ook meer recreatieverkeer verwacht.

Zoals onder ad 1 is aangegeven is mede naar aanleiding van deze zienswijze onderzoek gedaan, en beoordeeld of het plangebied op een alternatieve wijze kan worden ontsloten en de Hogezoom kan worden ontlast. Hieruit volgt dat voor een alternatieve ontsluiting is gekozen, waarbij het zuidelijk deel wordt ontsloten via de Lagezoom-Kooijmansweg. De ontsluiting van het (kleinere) noordelijk deel blijft plaatsvinden via de Hogezoom. Dit leidt tot een afname van de verkeersbelasting op de Hogezoom ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan (en de mogelijkheden die het vigerende bestemmingsplan biedt). Deze zienswijze

7

heeft, samen met andere zienswijzen, geleid tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Voor de volledigheid merken we op, dat het zware bouwverkeer ook niet (meer) over de Hogezoom zal rijden. Dit verkeer gaat via de Lagezoom-Kooijmansweg het zuidelijk deel van het recreatiepark op en zal via een oversteek op de Hogezoom het noordelijk deel bereiken. 3.

Op de inrichtingsschets is te zien, dat er veel groen rondom het bungalowpark wordt aangelegd. Op zich is dit een goede zaak, maar is hierin ook rekening gehouden met de schaduwwerking voor de bewoners die aangrenzend wonen?

4.

In het bestemmingsplan staat geschreven, dat het bungalowpark een maatschappelijke bijdrage kan leveren aan het dorp, zoals bijvoorbeeld werkgelegenheid en inkopen bij lokale ondernemers. De reclamant wil concreet weten wat de ontwikkelaar als maatschappelijke bijdrage ziet en stelt zelf voor om ook een aantal van de woningen te realiseren voor starters.

5.

Er wordt in de toelichting verwezen naar diverse visies zoals de Horecavisie (2007), Schouwen Duiveland voor toerisme (2012), Nota Kamperen (2011) en Nota Recreatiewoningen (2011). Reclamant vraagt zich af op welke manier deze visies nu nog aansluiten op het heden en hoe rechtvaardigen zij de ontwikkeling van Noordzee Residence Renesse.

Voor de wijze waarop de groene omzoming van het recreatiepark moet worden vormgeven, is een voorwaardelijke verplichting opgenomen in artikel 8 van de planregels. Hierbij wordt voorzien in een grondwal van 2 meter hoog en 5 meter breed met bosschages of een 10 meter brede strook zonder grondwal. Met toestemming van het college van burgemeester en wethouders kan ook onder voorwaarden (voor een gedeelte) een alternatieve inrichting worden gerealiseerd. Bij de keuze voor de uiteindelijke aanleg en/of inplanting zal de initiatiefnemer met omwonenden in overleg treden om te onderzoeken op welke wijze rekening kan worden gehouden met de wensen van omwonenden, waarbij schaduwwerking ook een aandachtpunt is. Dat is dus maatwerk, waarbij het gemeentelijk beleid voor landschappelijke inpassing het uitgangspunt vormt. Daar moet in individuele gevallen een balans gevonden worden. In het plan en de exploitatie wordt gezocht naar verbindingen met de ondernemers van Renesse. Daarbij kan gedacht worden aan het schoonmaken van de woningen, het onderhoud van het park (hoveniers) en van gebouwen en aan fietsenverhuur. Dergelijke aspecten kunnen niet in een bestemmingsplan worden geregeld. De recreatiewoningen mogen niet permanent worden bewoond en kunnen daarom niet worden gebruikt als reguliere woningen voor starters.

Voor de bouw van woningen in het plangebied verwijzen van naar ons antwoord aan reclamant 1 in deze zienswijzennota. Voor de Horecavisie geldt, dat deze visie erop ziet, dat horeca op recreatieterreinen een aanvulling vormt op het voorzieningenniveau op een recreatieterrein. Nieuwvestiging van horeca op een recreatieterrein dient per individuele aanvraag beoordeeld te worden op onder andere de mate van overlast, planologische inpassing en uitstralingseffecten. Uitgangspunt hierbij is, dat horeca op recreatieterreinen primair bedoeld is voor de eigen gasten. Reclame-uitingen buiten het recreatieterrein zijn dan ook niet toegestaan. Het college kan afwijkend besluiten, bijvoorbeeld indien de horecagelegenheid een belangrijke sociale functie vervult voor de omgeving. Bij voorliggend plan is de horeca uitsluitend bedoeld voor de gasten van het recreatiepark. Bij de mogelijke situering van de horeca is de minimum richtafstand van 50 meter ten opzichte van omliggende woningen van de VNG

8

(Bedrijven en Milieuzonering, 2009) aangehouden om hinder te voorkomen. Dat is geborgd in de planregels in samenhang met de verbeelding. De visie op toerisme van Schouwen-Duiveland streeft naar meer seizoenspreiding van de toeristenstroom en meer bereik van gezinnen met (jonge) kinderen en senioren (vitale 50+'er). Daar sluit dit plan op aan. Voor de Nota Kamperen en de Nota Recreatiewoningen geldt, dat belangrijke delen inmiddels niet meer van toepassing zijn vanwege de 'Agenda Toerisme 2018-2026' en de 'Evaluatie en gedeeltelijke aanpassing Nota Kamperen en Agenda Toerisme'. Het belangrijkste punt, dat nog geldt, is de voorwaarde van landschappelijke inpassing. Het terrein dient rondom voorzien te zijn van een beplantingsstrook met een afschermende struik- en boomlaag van voornamelijk streekeigen soorten met een breedte van ten minste 10 meter of 5 meter op een aarden wal van minimaal 2 m hoog, gemeten vanaf het maaiveld. Deze wijze van inpassen is in het bestemmingsplan geregeld.

2.3. Zienswijze 3 Samenvatting zienswijze 1. Reclamant vreest, dat met de voorliggende ontwikkeling de rust op zijn camping en woning(en) verloren gaat door de toestroom aan auto’s.

Reactie gemeente Een deel van het autoverkeer dat vanuit het zuiden naar het recreatiepark rijdt, zal mogelijk langs de camping en de woning van reclamant rijden. Het verkeer naar het recreatiepark afkomstig uit het zuiden gebruikt als voorkeursroute de Recreatieverdeelweg (N652) en de Kooijmansweg langs de camping en de woning. Het verkeer, dat vanuit het noorden / oosten afkomstig is, rijdt normaliter niet langs de camping en de woning van reclamant. Voor wat betreft de (geluid)hinder vanwege het verkeer van en naar het nieuwe recreatiepark moet worden beoordeeld of er sprake is van indirecte hinder. Indirecte hinder is de geluidshinder die niet wordt veroorzaakt door activiteiten of installaties binnen de inrichting, maar die wel aan de inrichting is toe te rekenen. Bij de beoordeling van indirecte hinder geldt, dat de gevolgen voor het milieu (woon- en leefklimaat) van het af- en aanrijdende verkeer niet meer aan het in werking zijn van een inrichting wordt toegerekend, indien dit verkeer kan worden geacht te zijn opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Hiervan is sprake wanneer het af- en aanrijdende verkeer zich door zijn snelheid en rijen stopgedrag niet meer, dan wel nog niet, onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg kan bevinden.

9

Het af- en aanrijdende verkeer is nabij de kruising Kooijmansweg / Lagezoom op meer dan 300 meter afstand van de aangepaste entree van het recreatiepark Noordzee Residence Renesse voor wat betreft snelheid en rij- en stopgedrag niet meer te onderscheiden van het overige verkeer, dat daar aanwezig kan zijn en moet derhalve worden geacht vanaf daar opgenomen te zijn in het heersende verkeersbeeld. Dit volgt uit jurisprudentie, zie uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State d.d. 23 april 2008 (ECLI:NL:RVS:2008:BD0315). Ter hoogte van de camping en woning van reclamant is er geen sprake meer van indirecte hinder. 2.

Er wordt verzocht om het haalbaarheidsonderzoek dat wordt uitgevoerd naar een alternatieve ontsluiting rond te sturen naar de bewoners rondom het plangebied en daarnaast ook een nadere termijn te bieden om hierop te reageren.

Het haalbaarheidsonderzoek naar een alternatieve ontsluiting en de gevolgen daarvan voor het bestemmingsplan worden meegenomen bij de besluitvorming door de gemeenteraad en de beantwoording van de zienswijzen. De resultaten van de variantenstudie zijn voorafgaand aan de besluitvorming door de gemeenteraad met de werkgroep besproken.

Als laatste wordt er verzocht om tevens de besluitvorming over het raadsvoorstel en de zienswijze uit te stellen met inachtneming van de reactie van de mensen op het onderzoek naar de haalbaarheidsstudie.

De variantenstudie is de uitkomst van een proces en het is dan aan de gemeenteraad om het goed te keuren. De reclamant kan inspreken en/of een brief naar de raad sturen.

Voorafgaand aan het onderzoek moet er benadrukt worden, dat mensen van nature de kortste route nemen. In dit geval is de kortste route via de Kooijmansweg. Dit is ten onrechte niet meegewogen.

Bij de alternatievenstudie is rekening gehouden met de voorkeursroute van de gasten vanuit verschillende richtingen. De voorkeursroute is bepaald met Google Maps (route). Alleen het verkeer in zuidelijke richting rijdt volgens Google Maps mogelijk langs de camping en woning van reclamant. Het verkeer in noordelijke richting (Rotterdam) en oostelijke richting (Brouwershaven, Zierikzee) rijdt via de Roelandsweg en de N652 / N651 in noordelijke en oostelijke richting.

3.

Nabij de woning van reclamant bevindt zich een verkeersplateau die zorgt voor scheuren in de naastliggende woning. Met een verhoogde verkeersdrukte zal dit probleem verergeren.

Gezien de vormgeving van het plateau, de afstand tussen het plateau en de woning van meer dan 20 meter en de omstandigheid, dat de toename van het verkeer vanwege het recreatiepark vrijwel alleen personenauto’s betreft, achten wij dit niet aannemelijk. Met de initiatiefnemer is afgesproken, dat het zware bouwverkeer voor de woning van reclamant zal rijden. Wij zullen dit borgen door tijdig maatregelen te nemen, zo nodig ook via tijdelijke bebording.

3.

De suggesties voor een alternatieve ontsluiting zijn allemaal nadelig voor de reclamant. Onder andere: “Ingangen verplaatsen naar Lagezoom”, of “Ingang park via Kooijmansweg” en “Het verkeer

Uit de variantenstudie kan worden afgeleid, dat de verkeersafwikkeling op de Kooijmansweg ter hoogte van de woning / camping van reclamant bij de bestudeerde varianten hetzelfde blijft of verbetert ten opzichte van de oorspronkelijke opzet, zoals opgenomen in het

10

4.

over de Lagezoom naar de camping laten rijden en ook van de camping af”. Door deze suggesties wordt het probleem verschoven richting de Kooijmansweg.

ontwerpbestemmingsplan. Zie daarvoor paragraaf 3.1.2 van het document Variantenstudie ontsluiting Noordzee Residence Renesse (Antea Group, 2023), dat bij het vastgestelde bestemmingsplan is gevoegd.

Reclamant geeft aan, dat er te makkelijk wordt gedacht over verkeerslawaai en dat er van verkeerde informatie is uitgegaan. Ten eerste is de Kooijmansweg geen 30 km/uur weg; er geldt een maximum van 60 km/uur. Bovendien wordt deze maximum snelheid in het gedeelte van de Kooijmansweg helaas veelvuldig overschreden, wat naast gevaar ook veel extra verkeerslawaai oplevert.

In de toelichting van het bestemmingsplan is inderdaad abusievelijk opgenomen, dat de Kooijmansweg een 30 km/uur is, terwijl er ter hoogte van het perceel van reclamant een maximum snelheid van 60 km/uur geldt. Op basis van onze beantwoording van deze zienswijze onder punt 1 verandert de conclusie echter niet. De toelichting zal wel worden aangepast naar aanleiding van de zienswijze.

Ook is het opvallend, dat er voornamelijk wordt uitgegaan van ontsluitingswegen voor verblijfsrecreatieterreinen. Daarbij is geen acht geslagen op het feit dat er ook woonhuizen aan deze wegen gelegen zijn. Er wordt uitgegaan van wishfull thinking in plaats van doelredenatie.

De constatering van de omstandigheid dat de maximum snelheid veelvuldig wordt overschreden, heeft geen invloed op de beantwoording. Voor wat betreft de zienswijze, dat er voornamelijk wordt uitgegaan van ontsluitingswegen voor verblijfrecreatieterreinen duidt reclamant op paragraaf 5.6.2 van het bestemmingsplan. Bij het onderdeel waar wordt ingegaan op ontsluitingswegen voor recreatieverkeer betreft het de onderbouwing, dat in het plangebied van voorliggend plan sprake is van een goed woon- en leefklimaat als het gaat om geluid vanwege wegverkeer op omliggende wegen. Onder het kopje indirecte hinder is ingegaan op de hinder vanwege geluid vanwege het verkeer, dat door voorliggend plan wordt gegenereerd op omliggende geluidgevoelige functies. Hierbij is uitgegaan van een vergelijking van het verkeer dat ontstaat bij een maximale invulling van het geldende bestemmingsplan en een maximale invulling van het voorliggende plan. Dat leidt tot een afname van het verkeer. Zoals onder onderdeel 1 van uw zienswijze is beantwoord, is er ook geen sprake van indirecte hinder als wordt gekeken naar de feitelijke toename van het verkeer. De conclusie verandert hierdoor niet. De onderbouwing is gedaan op basis van onderbouwde, realistische aannames. Er is geen sprake van wishfull thinking.

5.

Reclamant heeft voor zowel zakelijk (camping) als privé (woning) de wens, dat alles vanuit de gemeente in het werk wordt gesteld om de verkeerstoename richting de Kooijmansweg tegen te gaan, bij voorkeur zelfs vermindert ten opzichte van de huidige situatie. Daarnaast wordt er beleefd verzocht om het uitvoeren van een nulmeting.

Om het verkeer vanuit het zuiden te stimuleren het plangebied via de Recreatieverdeelweg en de rotonde Lagezoom te benaderen, heeft de initiatiefnemer toegezegd bij de rotonde Kooijmansweg/N652 bebording te plaatsen die het aankomend autoverkeer via de Lagezoom leidt en het vertrekkend verkeer naar de rotonde Lagezoom.

11

Het is niet duidelijk wat reclamant met een nulmeting bedoelt. Als een nulmeting wordt bedoeld, waarbij de staat van de woning vóór de bouw bepaald wordt zijn we niet voornemens die uit te voeren. Gezien de afstand van 850 meter tussen de woning en het plangebied, is het naar onze mening niet mogelijk om bij het optreden van eventuele schade aan de woning in het kader van de aansprakelijkheid te bepalen of die schade door voorliggend plan is ontstaan. We wijzen reclamant erop, dat reclamant ook zelf een nulmeting kan laten uitvoeren voorafgaand aan de start van de werkzaamheden. 6.

Reclamant laat weten graag in gesprek te gaan met alle partijen om zo tot een goede oplossing te komen.

Met reclamanten is op 12 april 2023 een gesprek gevoerd. Dit om meer inzicht te krijgen in de achtergrond van de ingediende zienswijze. Uit dit gesprek is gebleken dat reclamanten geen aanpassing willen aan de huidige verkeersstructuur voor hun bedrijf met verkeersdrempel. Eventuele verkeersremmende of verkeersbeperkende maatregelen zullen, naar hun mening, elders moeten worden gezocht Bij het gesprek is ook het verzoek van reclamanten om de camping uit te breiden aan de orde gekomen. Dit verzoek is op 15 mei 2023 afgehandeld. Het verzoek, alsmede de reactie daarop, zijn niet van invloed op de planvorming voor Noordzee Residence Renesse en vallen inhoudelijk verder buiten de orde van de beantwoording van de zienswijze.

2.4. Zienswijze 4 Samenvatting zienswijze 1. Reclamant maakt zich zorgen over het feit dat er naast het geplande “Recreatiepark Noordzee Residence Renesse” ook nog twee andere projecten lopen, namelijk de uitbreiding van Camping De Oase en de nieuwbouw van het hotel Vroonweg 35 Renesse. Deze ontwikkelingen liggen alle drie dicht bij elkaar. Volgens het ontwerpbestemmingsplan leidt de geïsoleerde afweging van elk afzonderlijk plan tot het voldoen aan de grenswaarden voor verkeer, milieu etc. Als de momenteel geplande gebieden echter samen worden geëvalueerd, zullen de beschreven grenswaarden zeker ruimschoots worden overschreden. Daarom moeten de

Reactie gemeente Stikstof Ten aanzien van cumulatie van stikstof geldt, dat de drie ontwerpbestemmingsplannen sec niet leiden tot een toename van stikstof. Alleen al om die reden hoeft in het onderzoek naar de stikstofdepositie geen rekening te worden gehouden met de overige ontwikkelingen. Dit is vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling). Concreet betekent dit, dat wanneer een plan (of project) op zichzelf niet leidt tot een toename van stikstofdepositie (= de berekende stikstofdepositie bedraagt niet meer dan 0,00 mol N/ha/jr), het betreffende plan (of project) om die reden geen negatieve stikstofdepositie gevolgen heeft en dat aan cumulatie met andere plannen en/of projecten om die reden niet wordt toegekomen. Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling van 26 april 2022 (ECLI:NL:RVS:2022:1210). M.e.r.-beoordeling

12

plannen voor de gebieden en hun effecten op de omgeving niet afzonderlijk, maar in hun geheel worden beschouwd.

In het kader van de vormvrije m.e.r.-beoordeling is er geen aanleiding om de nadelige gevolgen van de betreffende bestemmingsplannen van Camping De Oase, Fletcher Hotel te Renesse en voorliggend plan in cumulatie te beoordelen. In dit geval is er geen sprake van zo’n samenhang tussen de door reclamant genoemde ontwikkelingen, dat deze voor de toepassing van de m.e.r.-regelgeving als één activiteit (één stedelijk ontwikkelingsproject) moet worden aangemerkt en in cumulatie moet worden beschouwd. Er is namelijk geen sprake van een financiële, organisatorische of bouwkundige samenhang tussen de activiteiten waarin de betreffende verschillende bestemmingsplannen voorzien. Het feit dat de ontwikkelingen op relatief korte afstand van elkaar zijn gelegen, maakt niet dat er sprake is van een bouwkundige samenhang. Ook zijn de plannen bouwkundig niet van elkaar afhankelijk. Er is tevens geen sprake van organisatorische of financiële samenhang. De plannen worden door verschillende initiatiefnemers gerealiseerd en de initiatiefnemers werken niet samen om de verschillende plannen te realiseren. Verkeer In het kader van een goede ruimtelijke ordening moet wel het aspect verkeer cumulatief worden beschouwd. Beoordeeld moet worden, dat de wegenstructuur de toename van de verkeersstromen in de huidige situatie aankan en de ontsluiting vanuit een verkeerskundig oogpunt aanvaardbaar is.

De drie recreatieve ontwikkelingen (uitbreiding Fletcher hotel, Camping de Oase en voorliggend plan liggen op zich in elkaars nabijheid. Ervan uitgaande, dat de besluitvorming over de bestemmingsplannen mogelijk op ongeveer hetzelfde moment plaatsvindt, is naar aanleiding van de zienswijze beoordeeld of de wegenstructuur het extra verkeer aan kan. Verkeersgeneratie De verkeersgeneratie voor de verschillende plannen is bepaald op basis van de “Regelgeving Agenda Toerisme 2018-2026” van de gemeente Schouwen-Duiveland, hierna te noemen “Agenda Toerisme”. De hiermee berekende verkeersgeneratie komt significant hoger uit dan wanneer deze wordt berekend op basis van de CROW kencijfers van publicatie 381. De verkeersgeneratie van de drie plannen is bepaald met de Agenda Toerisme. Desondanks zijn er goede argumenten om specifiek voor deze ontwikkelingen, die allen op fiets/loopafstand liggen van het strand en het centrum van Renesse met veel voorzieningen, de CROW kencijfers aan te houden. De Agenda Toerisme geeft in de overweging bij de kencijfers ook aan dat voor ontwikkelingen op locaties zoals deze CROW kencijfers ook voldoen. Maar omdat voldaan moet worden aan het

13

gemeentelijk beleid is voor de berekening van de verkeersgeneratie uitgegaan van de Agenda Toerisme. Verkeertoedeling De drie ontwikkelingen ontsluiten via verschillende wegen. Onderstaande figuur geeft de wegen weer waarover ontsloten wordt door de verschillende plannen. Elke weg heeft een nummer die correspondeert met de nummering van de beoordeling daaronder.

1. Lagezoom Van zowel recreatiepark Noordzee Residence Renesse als van Camping De Oase wordt een deel van het verkeer afgewikkeld via de Lagezoom. Het plan voor Hotel Fletcher heeft geen relatie met de Lagezoom. 1a Lagezoom tussen nieuwe entree Oase en de Roelandsweg De verkeersintensiteit op de Lagezoom (tussen Roelandsweg en Kooijmansweg) in de bestaande situatie in 2023 is circa 1.279 mvt/etmaal. Uitgaande van een autonome groei van 1 procent per jaar is de verkeersintensiteit in 2033 dan circa 1.412 mv/etmaal. De toename van het verkeer op dit deel van de Lagezoom vanwege Camping de Oase bedraagt volgens het bestemmingsplan 2.627 mvt/etmaal. De toename van recreatiepark Noordzee Residence Renesse op de Lagezoom is volgens het bestemmingsplan circa 609 mvt/etmaal. Dit leidt tot een totale verkeersintensiteit van 4.648 mvt/etmaal (1.412 + 2.627 + 609). Op basis van de richtlijnen van Duurzaam Veilig heeft, gezien de inrichting, functie en gebruik van de weg dit deel van de Lagezoom een capaciteit van 6.000 mvt/etm. De Lagezoom heeft derhalve genoeg capaciteit om de toename aan verkeer te verwerken.

14

1b Lagezoom tussen Kooijmansweg en nieuwe entree Oase De verkeersintensiteit op de Lagezoom (tussen Kooijmansweg en nieuwe entree Oase) in de bestaande situatie in 2023 is circa 1.279 mvt/etmaal. Uitgaande van een autonome groei van 1 procent per jaar is de verkeersintensiteit in 2033 dan circa 1.412 mv/etmaal. De toename van het verkeer op dit deel van de Lagezoom vanwege Camping de Oase bedraagt volgens het bestemmingsplan 292 mvt/etmaal. De toename van recreatiepark Noordzee Residence Renesse op de Lagezoom is volgens het bestemmingsplan circa 609 mvt/etmaal. Dit leidt tot een totale verkeersintensiteit van 2.313 mvt/etmaal (1.412 + 292 + 609). Op basis van de richtlijnen van Duurzaam Veilig heeft, gezien de inrichting, functie en gebruik van de weg dit deel van de Lagezoom een capaciteit van 6.000 mvt/etm. De Lagezoom heeft derhalve genoeg capaciteit om de toename aan verkeer te verwerken. 2. Kooijmansweg (deel tussen de Hogezoom en Lagezoom) Van het recreatiepark Noordzee Residence Renesse wordt het verkeer deels afgewikkeld via dit deel van de Kooijmansmans. De plannen voor Hotel Fletcher en Camping De Oase hebben geen relatie met dit deel van de Kooijmansweg. Een cumulatieve beschouwing voor deze weg is derhalve niet aan de orde. 3.

Kooijmansweg (tussen Lagezoom en N652 Van zowel recreatiepark Noordzee Residence Renesse als van Camping De Oase wordt een deel van het verkeer afgewikkeld via dit deel van de Kooijmansweg. Het plan voor Hotel Fletcher heeft geen relatie met dit deel van de Kooijmansweg. De verkeersintensiteit op de Kooijmansweg tussen de Lagezoom en de N652 in de bestaande situatie in 2023 is circa 1.279 mvt/etmaal voor een weekdag en werkdag. Uitgaande van een autonome groei van 1 procent per jaar is de verkeersintensiteit in 2033 dan circa 1.412 mv/etmaal. De toename van het verkeer op dit deel van de Kooijmansweg vanwege Camping de Oase bedraagt volgens het bestemmingsplan 292 mvt/etmaal. De toename van Noordzee Residence Renesse is volgens het bestemmingsplan 448 mvt/etmaal. Dit leidt tot een totale verkeersintensiteit van 2.152 mvt/etmaal (1.412 + 292 + 448). Op basis van de richtlijnen van Duurzaam Veilig heeft, gezien de inrichting, functie en gebruik van de weg, dit deel van de Kooijmansweg een capaciteit van 6.000 mvt/etm. De Kooijmansweg heeft derhalve genoeg capaciteit om de toename aan verkeer te verwerken.

15

4. Vroonweg De verkeersafwikkeling van het plan voor Hotel Fletcher gaat via de Vroonweg. De plannen voor Recreatiepark Noordzee Residence Renesse en De Oase hebben geen relatie met de Vroonweg voor wat betreft de verkeersafwikkeling. Een cumulatieve beschouwing voor deze weg is derhalve niet aan de orde. 5. Hogezoom De verkeersafwikkeling van Recreatiepark Noordzee Residence Renesse gaat deels via de Hogezoom. De plannen voor Camping De Oase en het Hotel Fletcher hebben geen relatie met de Hogezoom voor wat betreft de verkeersafwikkeling. Een cumulatieve beschouwing voor deze weg is derhalve niet aan de orde. 6. Roelandsweg Voor wat betreft de Roelandsweg (gebiedsontsluitingsweg) geldt, dat het verkeer vanaf Hotel Fletcher na de Vroonweg zijn weg (deels) in zuidelijke richting vervolgt op de Roelandsweg, een gebiedsontsluitingsweg richting het centrum en de provinciale weg. Aan de Roelandsweg ligt ook de huidige ingang van Camping de Oase waar in de beoogde situatie nog klein deel van het verkeer van de camping gebruik van zal maken. Daarnaast zal het verkeer van Recreatiepark Noordzee Residence Renesse voorliggend plan ook deels via de Roelandsweg worden afgewikkeld.

De Roelandsweg kan worden opgedeeld in twee delen: 6a Roelandsweg tussen Hogezoom en de Lagezoom) 6b Roelandsweg tussen de Lagezoom en de rotonde N652 6a Roelandsweg tussen Hogezoom en de Lagezoom) De verkeersintensiteit op dit deel van de Roelandsweg is in 2023 circa 6.332 mvt/etmaal. Uitgaande van een autonome groei van 1 procent per jaar is de verkeersintensiteit op de Roelandsweg in 2033 circa 6.995 mvt/etmaal. Het bestemmingsplan van Camping de Oase voorziet erin, dat de hoofdingang naar het zuiden (Lagezoom) wordt verplaatst. De toekomstige Camping de Oase wordt met name ontsloten via de Lagezoom. Een klein deel van het verkeer zal nog steeds via de oude ingang aan de Roelandsweg worden ontsloten. Dit betekent volgens het bestemmingsplan Camping De Oase Renesse, dat in de toekomstige situatie de verkeersstromen op de Roelandsweg tussen de Hogezoom en Lagezoom een omvang heeft van circa 4 mvt/etmaal. Het bestemmingsplan Vroonweg 35 Renesse waarin het plan voor Hotel Fletcher mogelijk wordt gemaakt leidt tot een verkeersgeneratie van 227 mvt/etmaal.

16

Het bestemmingsplan voor Recreatiepark Noordzee Residence Renesse leidt tot een verkeersgeneratie van 300 mvt/etmaal. De drie plannen leiden tot een totale verkeersintensiteit in 2033 van 7.526 mvt/etmaal op de Roelandsweg (6.995 + 4 + 227 + 300). Op basis van de richtlijnen van Duurzaam Veilig heeft, gezien de inrichting, functie en gebruik van de weg, dit deel van de Roelandsweg een capaciteit van 15.000 mvt/etm. Dit deel van de Roelandsweg heeft derhalve genoeg capaciteit om de toename aan verkeer te verwerken. 6b Roelandsweg tussen de Lagezoom en de rotonde N652 De verkeersintensiteit op dit deel van de Roelandsweg is in 2023 circa 6.332 mvt/etmaal voor een weekdag en werkdag. Uitgaande van een autonome groei van 1 procent per jaar is de verkeersintensiteit op de Roelandsweg in 2033 circa 6.995 mvt/etmaal. Het bestemmingsplan van Camping de Oase voorziet erin, dat de hoofdingang naar het zuiden (Lagezoom) wordt verplaatst. De toekomstige Camping de Oase wordt met name ontsloten via de Lagezoom. Een klein deel van het verkeer zal nog steeds via de oude ingang aan de Roelandsweg worden ontsloten. Dit betekent volgens het bestemmingsplan Camping De Oase Renesse, dat er circa 4 mvt/etmaal uit noordelijke richting komen (bestaande entree) en 2.627 mvt/etmaal vanuit de richting Lagezoom komen.

In totaal neemt de verkeersintensiteit op dit deel van de Roelandweg toe met 2.631 mvt/etmaal (4 + 2627). . Het bestemmingsplan Vroonweg 35 Renesse waarin het plan voor Hotel Fletcher mogelijk wordt gemaakt leidt tot een verkeersgeneratie van 227 mvt/etmaal. Het bestemmingsplan Recreatiepark Noordzee Residence Renesse leidt tot dat een toename van 909 mvt/etmaal over dit deel van de Roelandsweg. De drie plannen leiden tot een totale verkeersintensiteit in 2033 van 10762 mvt/etmaal op de Roelandsweg (6.995 +2.631 + 227 + 909). Op basis van de richtlijnen van Duurzaam Veilig heeft, gezien de inrichting, functie en gebruik van de weg, dit deel van de Roelandsweg een capaciteit van 15.000 mvt/etm. Dit deel van de Roelandsweg heeft derhalve genoeg capaciteit om de toename aan verkeer te verwerken. De conclusie uit de cumulatieve beoordeling is, dat wegenstructuur het extra verkeer vanwege de drie plannen aankan. Luchtkwaliteit In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt aansluitend aan het aspect verkeer ook ingegaan op de

17

cumulatieve effecten van de drie plannen op het gebied van luchtkwaliteit. De luchtkwaliteit wordt met name bepaald door de uitstoot van verschillende stoffen door het wegverkeer. De verschillende ontwikkelingen in de omgeving van het plangebied zorgen niet voor een grootschalige groei van de verkeersintensiteiten. Als daarbij de huidige achtergrondconcentraties van de verschillende stoffen, die ver onder de geldende normen blijven, mede in ogenschouw worden genomen, kan gesteld worden, dat er geen significant nadelige cumulatieve luchtkwaliteit effecten te verwachten zijn. 2.

In het plangebied worden 285 woningen voor 2 tot 16 personen met een maximum aantal van 1850 bedden in een moderne bouwstijl gepland. Op de vorige camping waren 422 plaatsen toegestaan, maar het gemiddelde aantal bedden lag met 1200 tot 1600 veel lager dan in de nieuwe plannen. Uit onderzoek van soortgelijke vakantieparken is gebleken dat vakantiewoningen met een bezetting van meer dan 6 personen leiden tot een aanzienlijk grotere belasting van het milieu, bijvoorbeeld door geluid en verkeer. Beperken van de grootte van de woningen en vermindering van het maximum aantal bedden zou stuk beter zijn voor de woon en leefomgeving. Het vakantiepark is ingedeeld in milieucategorie 3.1 en de afstand van 50 meter tot bestaande rustige woonomgeving moet ook gelden voor de vakantiewoningen ten opzichte van de woningen rondom het park.

De 1.850 slaapplekken, die als maximum zijn geborgd in de planregels, leiden tot 1.357 mvt/etm. De 422 stacaravans en 125 toeristenplekken die op basis van het geldende bestemmingsplan zijn toegestaan met gemiddeld 4 slaapplaatsen (totaal 2.188 slaapplekken) leiden tot 1.604 mvt/etmaal. Ten opzichte van de eerder beschikbare planologische mogelijkheden, neemt het aantal slaapplekken en het aantal verkeersbeweging dus af. Voor de beoordeling van milieueffecten van het recreatiepark op de omgeving is gebruik gemaakt van richtafstanden uit de handreiking Bedrijven en Milieuzonering van de VNG (2009), waarin minimale richtafstanden zijn opgenomen die gelden voor de aspecten stof, geluid, geur en veiligheid. Voor een kampeerterrein gelden richtafstanden van 30 meter voor geur, 50 meter voor geluid, 30 meter voor gevaar en nul meter voor stof. Normaal gesproken worden deze richtafstanden aangehouden tussen de perceelsgrens van het kampeerterrein en de dichtstbijzijnde gevel van de woningen. Van deze afstanden kun je gemotiveerd afwijken. Wij hebben dat gedaan door rekening te houden met de functies, waardoor op een verblijfsrecreatief terrein hinder door geluid, geur en gevaar kan ontstaan (parkeren, horeca, keuken en speelvoorzieningen, centrumvoorzieningen met geluid) en voor die specifieke functies zones op de verbeelding opgenomen, waar die functies mogen worden gevestigd.

Die zones zijn gebaseerd op de richtafstanden van de VNG. Buiten die zones zijn de specifieke functies niet toegestaan. Voor het gebruik van recreatiewoningen treedt alleen geluideffect op vanwege stemgeluid van de recreanten. Het gebruik van een recreatiewoning wordt vergelijkbaar geacht met het gebruik van een reguliere woning, behalve bij de grotere woningen, waarin groepen kunnen

18

verblijven. Bij het plaatsen van grotere recreatiewoningen is met mogelijke hinder vanwege stemgeluid op de omgeving rekening gehouden door de grotere recreatiewoningen alleen toe te staan op het zuidelijk deel in een speciaal daarvoor aangewezen gebied (op ten minste 50 meter van de omliggende woningen, waarbij derhalve wordt voldaan aan de richtafstanden). De woning van reclamant ligt op 95 meter van deze zone. Daarbij wordt het recreatieterrein omzoomd met een grondwal van 2 meter hoog en 5 meter breed met bosschages of met een 10 meter brede strook bosschages, waardoor er altijd afstand is tussen de recreatiewoningen en de omgeving. De grondwal heeft bovendien een geluiddempend effect. 3.

De reclamant laat weten, dat het aantal verkeersbewegingen van 1.357 per dag niet de werkelijkheid weerspiegelt. Indien echter de geldende min/max berekeningsprincipes worden gehanteerd, geeft het getoonde aantal bedden per woning en het aantal individuele eenheden een realistisch beeld van de werkelijke verkeersbewegingen met een minimum van 1025 en een maximum van 3375 verkeersbewegingen per dag. Met deze cijfers zullen de grenswaarden van luchtkwaliteit zeker worden overschreden. Met alle plannen bij elkaar opgeteld zal het nog erger worden.

4.

Een oplossing zou zijn om de parkeerplaatsen buiten Renesse te realiseren. Elektrische bussen kunnen dan de mensen vanaf parkeerterrein naar vakantiepark brengen. De economische situatie is veranderd sinds de oorlog in Oekraïne. De reclamant vraagt zich af of er wel rekening is gehouden met de gestegen bouwkosten en inflatie ten opzichte van de tijd van budgettaire planning. De winstgevendheid van het project moet opnieuw worden bepaald aan de hand van de gewijzigde criteria.

Het is niet duidelijk welke berekeningsprincipes reclamant heeft gebruikt. Het aantal verkeersbewegingen van 1.357 mvt/etmaal is berekend op basis van de gemeentelijke normen. Wanneer er zou worden uitgegaan van de minimale en maximale CROW-kengetallen uit de CROW-publicatie Toekomstbestendig parkeren - Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie (2018) van 2,6 - 2,8 mtv / etmaal per bungalow, die algemeen worden geaccepteerd, leiden 285 recreatiewoningen tot circa 740 tot 800 mvt/etmaal. De gemeentelijke norm is derhalve al veel strenger dan de landelijke CROW-cijfers. Bij de luchtkwaliteitberekening is gerekend met 1.357 mvt/etmaal, waaruit volgt dat de bijdrage niet in betekenende mate is. Voor wat betreft de opmerking over de cumulatie wordt verwezen naar onze beantwoording van onderdeel 1 van deze zienswijze Alternatieve parkeervoorziening buiten Renesse of inzet van bussen is derhalve niet nodig.

Uit rechtspraak volgt dat de gevolgen van een crisis op de behoefte pas kunnen en hoeven te worden meegenomen als de mogelijk structurele gevolgen voldoende duidelijk zijn (zie bijvoorbeeld ABRvS 15 juli 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1666). De initiatiefnemer houdt bij de uitvoering van het plan rekening met de gestegen bouwkosten en de inflatie. Het plan is op basis daarvan nog uitvoerbaar. De oorlog in Oekraïne speelt sinds februari 2022 en de structurele gevolgen zijn niet duidelijk. Gelet op het gegeven, dat de planperiode zich uitstrekt over een periode

19

van 10 jaar doen de mogelijke gevolgen van die crisis niets af aan de economische uitvoerbaarheid van het plan. 5.

Reclamant geeft aan dat de toegang tot het plangebied niet kan lopen via de Hogezoom. De straat is een smalle, geplaveide straat, die ook verkeer remmende elementen bevat. De Hogezoom is niet geschikt om de bovengenoemde verkeersbewegingen te dragen. De verwachte extreme verkeersdrukte leidt tot levensbedreigende situaties voor voetgangers en fietsers.

Op basis van de variantenstudie is gekozen voor een alternatieve ontsluiting van het zuidelijk deel van het plangebied, waardoor de verkeersbelasting vanwege het plan ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan fors wordt verminderd (op de Hogezoom 44% minder verkeer uit oostelijke richting en 11% minder uit westelijke richting). Hierdoor wordt zo veel mogelijk gemotoriseerd verkeer op de Hogezoom vermeden hetgeen in overeenstemming is met het IVVP. Uit de variantenstudie volgt dat door de nieuwe entree voor het zuidelijk deel aan de Kooijmansweg de toename van het autoverkeer op de Hogezoom vanaf de rotonde vanwege het plan circa 300 mvt/etmaal bedraagt. Uitgaande van verkeer gedurende 16 uur per dag zijn dat circa 19 autobewegingen per uur extra. Deze toename in combinatie met het feit dat de weg een maximum snelheid kent van 30 km/uur leidt tot de conclusie dat de verkeersveiligheid niet verslechterd. Daarbij geldt bovendien, dat gezien de ligging van het recreatiepark nabij het centrum (ca. 600 m) en het strand (ca. 1.700 m) het aannemelijk is dat de gasten van het park vaak ervoor kiezen de auto te laten staan en zich te voet of per fiets te verplaatsen. Daarnaast zal het verkeer zo worden geleid dat bij het verlaten van het park het verkeer via de Kooijmansweg moet rijden, hetgeen leidt tot een langere route die gebruik van de auto bij korte afstanden ontmoedigt.

De Hogezoom, met een wegprofiel van 4,8 meter breed, voldoet aan de eisen van het minimale profiel van een erftoegangsweg bij beperkt vrachtverkeer. Daarbij geldt dat het vrachtverkeer (bevoorrading) in de gebruiksfase via de zuidkant (via de Lagezoom-Kooijmansweg) het plangebied benadert en dus niet over de Hogezoom zal rijden. Voor de volledigheid merken we op, dat het zware bouwverkeer ook niet (meer) over de Hogezoom zal rijden. Dit verkeer gaat via de Lagezoom-Kooijmansweg het zuidelijk deel van het recreatiepark op en zal via een oversteek op de Hogezoom het noordelijk deel bereiken.

6.

In het plangebied ontwikkelt zich momenteel een bijzondere flora en fauna. Bij het plannen moet dus speciale aandacht worden besteed aan de vestigingen van de buitengewone flora en fauna op de locatie.

Er is een actueel natuuronderzoek beschikbaar, waarin in de database NDFF, 2016-2021 is gekeken naar het voorkomen van vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten. Op basis van de verspreidingsgegevens van een soort, in combinatie met kennis van de

20

terreingeschiktheid voor deze soorten, is vervolgens door een deskundig ecoloog nagegaan of het plangebied een functie vervult voor (onder andere) deze soorten en of effecten aan de orde zijn. Het voorkomen van jaarrond beschermde nesten wordt uitgesloten. Voor de algemene broedvogels moet rekening worden gehouden met het broedseizoen. Hier zal tijdens de werkzaamheden rekening mee worden gehouden. Voor wat betreft de grijze wouw, waar door reclamant specifiek naar wordt verwezen, geldt dat een waarneming ervan in het plangebied zeer goed mogelijk is. De grijze wouw is een dwaalgast die vorig jaar (2022) enkele weken/ maanden in Zeeland rondvloog. Het was echter volgens de waarnemingen een enkel exemplaar (er is er waarschijnlijk maar één in Nederland), waardoor er geen nesten aanwezig kunnen zijn van deze soort. Daarnaast zal deze eerder jagen op de grote open gebieden in de omgeving.

2.5. Zienswijze 5 Samenvatting zienswijze 1. Reclamant laat weten zich zorgen te maken over de gevolgen van de ontwikkeling. Het betreft hier met name het aspect verkeeroverlast op de Hogezoom (in verband met de ingangen van het vakantiepark) en op de huizen en omwonenden. Verkeersveiligheid op de Hogezoom is, mede gezien de vele kinderen en vele toeristen die daar fietsen, van groot belang.

Reactie gemeente Verkeersoverlast Op basis van de variantenstudie is gekozen voor een alternatieve ontsluiting van het zuidelijk deel van het plangebied, waardoor de verkeersbelasting vanwege het plan ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan fors vermindert. Hierdoor wordt zo veel mogelijk gemotoriseerd verkeer op de Hogezoom vermeden hetgeen in overeenstemming is met het IVVP. Uit de variantenstudie volgt dat door de nieuwe entree voor het zuidelijk deel aan de Kooijmansweg de toename van het autoverkeer op de Hogezoom vanaf de rotonde vanwege het plan circa 300 mvt/etmaal bedraagt. Uitgaande van verkeer gedurende 16 uur per dag zijn dat circa 19 autobewegingen per uur extra. Deze toename in combinatie met het feit dat de weg een maximum snelheid kent van 30 km/uur leidt tot de conclusie dat de verkeersveiligheid niet verslechtert. Daarbij geldt bovendien, dat gezien de ligging van het recreatiepark nabij het centrum (ca. 600 m) en het strand (ca. 1.700 m) de gasten van het park vaak ervoor kiezen de auto te laten staan en zich te voet of per fiets te verplaatsen. Daarnaast zal het verkeer zo worden geleid dat bij het verlaten van het park het verkeer via de Kooijmansweg moet rijden, hetgeen leidt tot een langere route die gebruik van de auto bij korte afstanden ontmoedigt.

De Hogezoom, met een wegprofiel van 4,8 meter breed, voldoet aan de eisen van het minimale profiel van een

21

erftoegangsweg bij beperkt vrachtverkeer. Daarbij geldt dat het vrachtverkeer (bevoorrading) in de gebruiksfase via de zuidkant (via de Lagezoom-Kooijmansweg) het plangebied benadert en dus niet over de Hogezoom zal rijden. Voor de volledigheid merken we op, dat het zware bouwverkeer ook niet (meer) over de Hogezoom zal rijden. Het zware bouwverkeer rijdt via de Kooijmansweg het zuidelijk deel van het park op, waarna het via een oversteek over de Hogezoom het noordelijk deel bereikt. Er rijdt daardoor dus geen bouwverkeer over de Hogezoom. De Kooijmansweg voldoet bij beperkt vrachtverkeer. Bij incidenteel veel zwaar bouwverkeer zal met verkeersregelaars / verkeersregelinstallaties door de aannemer de verkeersveiligheid worden geborgd. Verkeersveiligheid Uit de variantenstudie volgt dat door de nieuwe entree voor het zuidelijk deel aan de Kooijmansweg de toename van het autoverkeer op de Hogezoom vanaf de rotonde vanwege het plan circa 300 mvt/etmaal bedraagt. Uitgaande van verkeer gedurende 16 uur per dag zijn dat 18 autobewegingen per uur extra. Deze toename in combinatie met het feit dat de weg een maximum snelheid kent van 30 km/uur leidt tot de conclusie dat de verkeersveiligheid niet verslechtert.

2.6. Zienswijze 6 Samenvatting zienswijze 1. Reclamant geeft aan dat de weilanden achter zijn woning nooit een recreatiebestemming hebben gehad. Dit was altijd weidegrond. De kampeerplaatsen bevonden zich op het resterende terrein van camping Bona Fide en Karavaan. De reclamant vindt het dan ook ongelofelijk dat er precies op de erfgrens van Hogezoom 150 huizen staan ingetekend op de schetsen. Dit heeft tot gevolg dat zijn / haar woongenot wordt aangetast en dat een extra brede groenstrook als buffer van zeer groot belang is.

Reactie gemeente De gronden zijn in het geldende bestemmingsplan Kop van Schouwen bestemd als Recreatie – Kampeerterrein, waarbij op de gronden achter de woning van reclamant zowel permanente als niet-permanente standplaatsen zijn toegestaan. Dit plan is vastgesteld in 2013. De gronden achter de woning van reclamant hebben derhalve al minimaal 10 jaar een verblijfsrecreatieve bestemming. Voor de beoordeling van milieueffecten op de omgeving is gebruik gemaakt van richtafstanden uit de handreiking Bedrijven en Milieuzonering van de VNG (2009), waarin minimale richtafstanden zijn opgenomen die gelden voor de aspecten stof, geluid, geur en veiligheid. Voor een kampeerterrein gelden richtafstanden van 30 meter voor geur, 50 meter voor geluid, 30 meter voor gevaar en nul meter voor stof. Normaal gesproken worden deze richtafstanden aangehouden tussen de perceelsgrens van het kampeerterrein en de dichtstbijzijnde gevel van de woningen. Van deze afstanden kun je gemotiveerd

22

afwijken. Wij hebben dat gedaan door rekening te houden met de functies waardoor op een verblijfsrecreatief terrein hinder door geluid, geur en gevaar kan ontstaan (parkeren, horeca, keuken en speelvoorzieningen, centrumvoorzieningen met geluid) en voor die specifieke functies zones aangegeven, waar die functies mogen worden gevestigd. Die zones zijn gebaseerd op de richtafstanden van de VNG. Buiten die zones zijn de specifieke functies niet toegestaan. Voor het gebruik van recreatiewoningen treedt alleen geluideffect op vanwege stemgeluid van de recreanten. Het gebruik van een recreatiewoning wordt vergelijkbaar geacht met het gebruik van reguliere woningen, behalve bij de grotere woningen waarin groepen kunnen verblijven. Bij het plaatsen van grotere recreatiewoningen is met mogelijke hinder vanwege stemgeluid op de omgeving rekening gehouden door de grotere recreatiewoningen alleen toe te staan op het zuidelijk deel in een speciaal daarvoor aangewezen gebied (op ten minste 50 meter van de omliggende woningen, waarbij derhalve wordt voldaan aan de richtafstanden). Daarbij wordt het recreatieterrein aan de noord- en westzijde omzoomd met een grondwal van 2 meter hoog en 5 meter breed met bosschages of met een 10 meter brede strook bosschages, waardoor er altijd afstand is tussen de recreatiewoningen en de omgeving.

Deze groene omzoming heeft mede als gevolg dat zicht vanaf de woning op het recreatieterrein wordt voorkomen. De grondwal heeft bovendien een geluiddempend effect. Het woon- en leefklimaat bij de woning van reclamant is hiermee geborgd. 2.

Reclamant vindt het merkwaardig, dat de bestaande groenstrook met volgroeide volwassen bomen en struiken wordt omgezaagd om nieuw groen aan te leggen. Het voorstel is om de bestaande groenstrook te handhaven en daarnaast de aarden wal te maken met nieuw groen, zodat een extra goede buffer wordt gecreëerd tussen de bewoonde percelen en de nieuw te bouwen recreatie. Aan de kant van de Vroonweg is al een soortgelijke situatie gemaakt.

Voor de wijze waarop de groene omzoming van het recreatiepark moet worden vormgeven is een voorwaardelijke verplichting opgenomen in artikel 8 van de planregels. Hierbij wordt voorzien in een grondwal van 2 meter hoog en 5 meter breed met bosschages of een 10 meter brede strook zonder grondwal. Met toestemming van het college van burgemeester en wethouders kan ook onder voorwaarden voor delen een alternatieve inrichting gerealiseerd worden. Bij de keuze voor de uiteindelijke inrichting zal de initiatiefnemer met omwonenden in overleg treden om te onderzoeken op welke wijze rekening kan worden gehouden met de wensen van omwonenden. Initiatiefnemer zal bij de planuitwerking in overleg treden met reclamant om wensen te en beoordelen in hoeverre daar rekening mee kan worden gehouden.

23

Op basis van de beantwoording van onderdeel 1 van de zienswijze is een extra buffer tussen Hogezoom 150 en het recreatiepark niet nodig. De grondwal die aan de Vroonweg is gerealiseerd betreft een compensatiemaatregel om het leefgebied voor de wezel te borgen, die de gemeente in overleg met de initiatiefnemer heeft aangelegd.

2.7. Zienswijze 7 Samenvatting zienswijze 1. Reclamant staat volledig achter het standpunt van de bewonerscommissie, om beide ingangen van het park niet op de Hogezoom te laten uitkomen. Als bewoner van de Hogezoom maakt hij / zij zich zorgen over de fietsers en wandelaars die tijdens het toeristenseizoen van de straat gebruik maken. Als de bezoekers van Noordzee Residence Renesse per auto gebruik moeten maken van dezelfde straat, dan ontstaat er een verkeersdrukte die de veiligheid van kwetsbare weggebruikers zonder enige twijfel in gevaar gaat brengen.

Reactie gemeente Verkeersafwikkeling Op basis van de variantenstudie is gekozen voor een alternatieve ontsluiting van het zuidelijk deel van het plangebied, waardoor de verkeersbelasting vanwege het plan ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan fors wordt verminderd (op de Hogezoom 44% minder verkeer uit oostelijke richting en 11% minder uit westelijke richting). Hierdoor wordt zo veel mogelijk gemotoriseerd verkeer op de Hogezoom vermeden hetgeen in overeenstemming is met het IVVP. Uit de variantenstudie volgt dat door de nieuwe entree voor het zuidelijk deel aan de Kooijmansweg de toename van het autoverkeer op de Hogezoom vanaf de rotonde vanwege het plan circa 300 mvt/etmaal bedraagt. Uitgaande van verkeer gedurende 16 uur per dag zijn dat circa 19 autobewegingen per uur extra. Deze toename in combinatie met het feit dat de weg een maximum snelheid kent van 30 km/uur leidt tot de conclusie dat de verkeersveiligheid niet verslechterd. Daarbij geldt bovendien, dat gezien de ligging van het recreatiepark nabij het centrum (ca. 600 m) en het strand (ca. 1.700 m) de gasten van het park vaak ervoor kiezen de auto te laten staan en zich te voet of per fiets te verplaatsen.

Daarnaast zal het verkeer zo worden geleid dat bij het verlaten van het park het verkeer via de Kooijmansweg moet rijden, hetgeen leidt tot een langere route die gebruik van de auto bij korte afstanden ontmoedigt. De Hogezoom, met een wegprofiel van 4,8 meter breed, voldoet aan de eisen van het minimale profiel van een erftoegangsweg bij beperkt vrachtverkeer. Daarbij geldt dat het vrachtverkeer (bevoorrading) in de gebruiksfase via de zuidkant (via de Lagezoom-Kooijmansweg) het plangebied benadert en dus niet over de Hogezoom zal rijden. Voor de volledigheid merken we op, dat het zware bouwverkeer ook niet (meer) over de Hogezoom zal rijden. Dit verkeer gaat via de Lagezoom-Kooijmansweg het zuidelijk deel van het recreatiepark op en zal via een oversteek op de Hogezoom het noordelijk deel bereiken.

24

Verkeersveiligheid Uit de variantenstudie volgt dat door de nieuwe entree voor het zuidelijk deel aan de Kooijmansweg de toename van het autoverkeer op de Hogezoom vanaf de rotonde vanwege het plan circa 298 mvt/etmaal bedraagt. Uitgaande van verkeer gedurende 16 uur per dag zijn dat 18 autobewegingen per uur extra. Deze toename in combinatie met het feit dat de weg een maximum snelheid kent van 30 km/uur leidt tot de conclusie dat de verkeersveiligheid niet verslechterd. 2.

Bij de realisatie van dit project moet er beter worden gecommuniceerd en goed worden nagedacht over het beperken van de overlast voor omwonenden. Bij het vorige project (de ontmanteling van camping Bona Fide) ging dit namelijk niet goed.

Voor wat betreft hinder door bouwverkeer wordt verwezen naar de beantwoording van onderdeel 1 van deze zienswijze. Voor wat betreft hinder vanwege bouwlawaai moet de aannemer voldoen aan het Bouwbesluit 2012. De initiatiefnemer heeft toegezegd zorgvuldig te communiceren met omwonenden en hinder zoveel mogelijk te willen voorkomen.

2.8. Zienswijze 8 Samenvatting zienswijze 1. De reclamant heeft naar eigen inziens een erfdienstbaarheid die in het ontwerpbestemmingsplan niet meer uitvoerbaar is. Dit door de groenstrook rondom het plangebied, die is opgenomen in artikel 3 van het bestemmingsplan.

Reactie gemeente Hiermee is rekening gehouden. De voorwaardelijke verplichting voor de aanleg van de groene omzoming geldt niet aan oostkant van het perceel van reclamant (daar is de aanduiding ‘groen’ niet opgenomen). De erfdienstbaarheid blijft daardoor uitvoerbaar. Initiatiefnemer zal contact opnemen met reclamant om de situatie samen goed te bepreken.

2.9. Zienswijze 9 Samenvatting zienswijze 1. De reclamant maakt zich zorgen over de realisatiefase van het park. Dit zal namelijk leiden tot overlast als gevolg van de bouw en aanleg zelf, alsmede het bouwverkeer over onder andere de Kooijmansweg.

2.

De Aerius berekeningen inzake de uitgangssituatie bestrijdt en betwijfelt de reclamant. Het uitgangspunt dat niet de bestaande situatie, maar de situatie die de bestemming toelaat als uitgaanswaarde wordt aangehouden is kort door de bocht geredeneerd. Er zijn ook al meerder initiatieven geweest binnen het bestaande bestemmingsplan

Reactie gemeente Bouwverkeer zal rijden via de Lagezoom – Kooijmansweg, waarna het bouwverkeer het zuidelijk deel van het plangebied via de nieuwe toegang oprijdt. De toegang tot dit deel van het park zal zoveel mogelijk zuidelijk worden gelegd om de afstand tot de woning van reclamant te maximaliseren en hinder zoveel mogelijk te voorkomen. Er rijdt dus geen zwaar bouwverkeer voor de woning van reclamant langs over de Kooijmansweg. In beginsel geldt inderdaad, zoals reclamant stelt, dat de referentiesituatie voor stikstofonderzoek bij bestemmingsplannen wordt gevormd door het feitelijk, planologisch legaal gebruik voorafgaand aan de vaststelling van het bestemmingsplan. Op dit uitgangspunt geldt echter een belangrijke uitzondering volgens de rechtspraak (ABRS 1 september 2021), die in dit geval van toepassing is. Uit de uitspraak van de Raad van State over het bestemmingsplan en het exploitatieplan "Zandzoom 2019" (ABRS 1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13078758/1