Meeldijk 11 - Bijlage 4 - 000355 RO01 ON02 Meeldijk 11, Burgh-Haamstede
Tekst van het document
4.13
Water
Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) stelt een watertoets in ruimtelijke plannen verplicht. Beschreven moet worden op welke wijze in het plangebied met water en watergerelateerde aspecten wordt omgegaan. Voorkomen moet worden dat ontwikkelingen in het ruimtegebruik ongewenste effecten hebben op de waterhuishouding. Een goede afstemming tussen beiden is derhalve noodzakelijk om problemen, zoals bijvoorbeeld wateroverlast, slechte waterkwaliteit, verdroging, etc., te voorkomen. In het plan wordt een nieuw bouwwerk gerealiseerd. Het extra verhard oppervlak ten opzichte van de huidige situatie neemt niet toe, zie onderstaand tabel: Thema en water(beheer)doelstelling
Juust
Uitwerking
30
Meeldijk 11, Burgh-Haamstede
Veiligheid waterkeringen Het plangebied is gelegen aan de de Meeldijk. Dit is Waarborgen van het veiligheidsniveau en rekening een regionale waterkering (zie onderstaande houden met de daarvoor benodigde ruimte. afbeelding). Het kan voorkomen dat een activiteit nadelige invloed heeft op de waterkering. Een watervergunning op basis van de Keur moet worden aangevraagd om te beoordelen of het plan nadelige effecten op de waterkering heeft. Daarentegen blijkt dat deze waterkering in de toekomst als regionale waterking komt te vervallen.
Voor de keur en het onderhouden van de sloot langs de Meeldijk blijft het perceel bovendien toegankelijk. Het onderhouden van de watergang aan de noordoostzijde van het perceel kan plaats vinden vanaf het omringende perceel.
Juust
31
Meeldijk 11, Burgh-Haamstede
Voorkomen overlast door oppervlaktewater Het plan biedt voldoende ruimte voor het vasthouden, bergen en afvoeren van water. Waarborgen van voldoende bouwpeil om overstroming vanuit oppervlaktewater in maatgevende situaties te voorkomen. Rekening houden met de gevolgen van klimaatverandering en de kans op extreme weersituaties.
Het bebouwingsoppervlak blijft in de nieuwe situatie gelijk aan de bestaande situatie. De bestaande bebouwingscontouren blijven nagenoeg gelijk. Hierdoor hoeft geen watercompensatie plaats te vinden. Echter wordt er wel wateroppervlak toegevoegd in de vorm van een zwemvijver (150 m²), vijver/waterpartij (500 m²) en een sloot (200 m²). Beide waterpartijen worden niet verbonden met de watergang maar krijgen een kunstmatige bodem. Dit vanwege het feit dat het grondwater ca 180 cm. minus NAP ligt en dat er anders veel te veel grondverzet moet plaats vinden om tot op het grondwater te komen. beide bodems worden gemaakt van een folie en krijgen een diepte van ca 80 tot 100 cm minus maaiveld. Het waterpeil wordt kunstmatig op hoogte gehouden. De Kreek/peol krijgt rondom een natuurlijke oever. Ook de zwemvijver wordt van een helftenfilter voorzien. Voorkomen overlast door hemel- en afvalwater Het huishoudelijk afvalwater wordt gescheiden van het Waarborgen optimale werking van de zuiveringen/ hemelwater afgevoerd via het bestaande gemeentelijke RWZI's en van de (gemeentelijke) rioleringen. rioolstelsel en aangeboden voor zuivering.
Afkoppelen van (schone) verharde oppervlakken in verband met de reductie van hydraulische belasting van Het hemelwater wordt geloosd op een door het de RWZI, het transportsysteem en het beperken van Waterschap ondeerhouden sloot aan de voorzijde of overstorten. achterzijde van het perceel. De sloot die langs het complext loopt (van de voorzijde naar de achterzijde van het perceel) wordt niet gebruikt. Verder is het mogelijk om het hemelwater van het complex te laten lozen op de zwemvijver en vanaf de zwemvijver een overloop te maken naar de sloot aan de achterzijde van het perceel. Hierbij moet aandacht worden besteed aan een goede monding in de sloot met een betonnen eindstuk wat niet beschadigd tijdens het maaien van de sloot. Grondwaterkwantiteit en verdroging De ontwikkeling voorziet niet in het onttrekken van Voorkomen en tegengaan van grondwateroverlast grondwater. De ontwikkeling veroorzaakt evenmin en -tekort. Rekening houdend met de gevolgen mogelijke grondwateroverlast. van klimaatverandering. Beschermen van infiltratiegebieden en –mogelijkheden.
Juust
32
Meeldijk 11, Burgh-Haamstede
Grondwaterkwaliteit Zowel tijdens de bouwfase als de gebruiksfase worden Behoud of realisatie van een goede geen uitlogende materialen gebruikt. Er zijn (daardoor) grondwaterkwaliteit. Denk aan geen nadelige gevolgen voor de waterkwaliteit te grondwaterbeschermingsgebieden. verwachten. Oppervlaktewaterkwaliteit Het hemelwater wordt afgekoppeld en niet Behoud of realisatie van goede aangesloten op de riolering conform de door het oppervlaktewaterkwaliteit. Vergroten van de veerkracht Waterschap gehanteerde afkoppelbeslisboom. Er zal van het watersysteem. Toepassing van de trits geen gebruik worden gemaakt van uitloogbare schoonhouden, scheiden, zuiveren. materialen. Er zijn (daardoor) geen nadelige gevolgen voor de waterkwaliteit te verwachten. Volksgezondheid In het plangebied is oppervlaktewater aanwezig. In het Minimaliseren risico watergerelateerde ziekten en belang van de volksgezondheid moet worden plagen. Voorkomen van verdrinkingsgevaar/-risico's via voorkomen dat botulisme en blauwalg zich kunnen o.a. de daarvoor benodigde ruimte. voordoen. Naast (zwerf)vuil, dode vissen en dode watervogels direct uit oppervlakte water verwijderen. Aanleg van voldoende diepe watergangen, poel en zwemvijver voorkomt een hoge watertemperatuur, waardoor eutrofiëring en dus de kans op blauwalg uitblijft.
Ook een goede doorstroming van het oppervlaktewater voorkomt watergerelateerde ziekten. Daarnaast moeten woekerende exotische waterplanten worden verwijderd. Bodemdaling De polderpeilen worden niet aangepast. Bodemdaling Voorkomen van maatregelen die (extra) zal niet optreden. maaiveldsdalingen in zettinggevoelige gebieden kunnen veroorzaken. Natte natuur In het plangebied is geen natte natuur aanwezig. Ontwikkeling/bescherming van een rijke gevarieerde en natuurlijk karakteristieke aquatische natuur. Onderhoud oppervlaktewater Watergangen zullen periodiek (1 maal per jaar) worden Oppervlaktewater moet adequaat onderhouden “geschoond" van overtollige waterplantengroei om worden. Rekening houden met obstakelvrije doorstroming van het water te bevorderen. onderhoudsstroken vrij van bebouwing en opgaande Neergeslagen slib zal eens in de 10 jaar worden (hout)beplanting. gebaggerd. Het oppervlaktewater is overal goed bereikbaar (handmatig en/of machinaal) om bagger en maaisel langs waterkant en oevers te verwerken of zo nodig over eigen terrein af te voeren. Anderer belangen waterbeheer Relatie met eigendom waterbeheerder Ruimtelijke ontwikkelingen mogen de werking van objecten (terreinen, milieuzonering) van de waterbeheerder niet belemmeren.
Juust
In het plangebied zijn geen gronden van het waterschap gelegen.
33
Meeldijk 11, Burgh-Haamstede
Wegen in beheer bij het waterschap De Meeldijk is in beheer bij het Waterschap. (alleen invullen voor zover van toepassing) * in de bouwfase: Ja. Vinden er transporten (grond/bouwmaterialen) plaats over waterschapswegen? * na realisatie: verkeersaantrekkende werking Veroorzaakt uw plan structureel extra verkeer?
Ja, afgerond en gemiddeld motorvoertuigbewegingen per etmaal.
52
*na realisatie: bereikbaarheid Omschrijf hoe motorvoertuigen, fietsers en Via bestaande toegang aan de Meeldijk 11. voetgangers uw plan kunnen bereiken. Worden er hiervoor uitwegen gewijzigd of nieuw aangelegd? * na realisatie: parkeren Wordt er op uw eigen terrein geparkeerd?
Ja, er worden 25 parkeerplaatsen aangelegd.
* na realisatie: (ver)bouwen Nee, binnen 45-50 meter. Bent u voornemens om binnen 20 meter van een waterschapsweg een bouwwerk te (ver)bouwen? (zoals een woning of afscheiding (gefundeerd).
4.14
Milieu Effect Rapportage
In onderdeel D van de bijlage van het Besluit m.e.r. zijn diverse activiteiten opgenomen waarvoor een m.e.r.-beoordelingsplicht geldt. Hierbij moet beoordeeld worden of er sprake is van (mogelijke) belangrijke nadelige milieugevolgen. Als deze niet uitgesloten kunnen worden geldt een m.e.r.-plicht. In onderdeel D is per activiteit de drempelwaarde benoemd. Als een activiteit voorkomt in onderdeel D en boven de dremeplwaarde komt, geldt voor het te nemen besluit een m.e.r.-beoordelingsplicht. Indien er activiteiten plaatsvinden die in onderdeel D zijn opgenomen, maar onder de drempelwaarde blijven, dient er nagegaan te worden of het project grote milieugevolgen heeft. Deze toets dient plaats te vinden aan de hand van de criteria uit bijlage III van de Europese richtlijn m.e.r.. De hoofdcriteria waaraan getoetst moet worden zijn: kenmerken van het project, plaats van het project en kenmerken van het potentiële effect. Het bevoegd gezag dient vervolgens voor de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan een besluit te nemen of er een MER moet worden opgesteld. De grondslag hiervoor is een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Het plan maakt geen activiteit mogelijk die genoemd is in onderdeel D van het Besluit m.e.r. Een (vormvrije) m.e.r. beoordeling of besluit is dan ook niet benodigd.
4.15
Conclusie
De milieu- en andere sectorale aspecten ten aanzien van het onderhavige plan zijn onderzocht en hierboven toegelicht. Deze aspecten vormen geen belemmering voor de ontwikkeling. Planologische medewerking aan het initiatief ligt dan ook in de rede.
Juust
34
Meeldijk 11, Burgh-Haamstede
Hoofdstuk 5 5.1
Uitvoerbaarheid
Financiële uitvoerbaarheid
Voor bouwplannen zoals die zijn aangewezen in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is het uitgangspunt dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt. Van de verplichting een exploitatieplan vast te stellen kan onder andere worden afgeweken als het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd, bijvoorbeeld door een anterieure overeenkomst of doordat de verplicht te verhalen kosten zijn verdisconteerd in de grondprijs. Tussen de initiatiefnemer en de gemeente Schouwen-Duiveland wordt een privaatrechtelijke overeenkomst gesloten (exploitatieovereenkomst), met daarin een investerings- en exploitatiebegroting. Hiermee kunnen de gemeentelijke kosten voor het voeren van de planologische procedure worden verhaald.
5.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Vooroverleg Vooroverleg zoals bedoeld in artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening is voor dit plan van toepassing. In het kader van dit bestuurlijke vooroverleg wordt het plan in ieder geval toegezonden aan de provincie, het waterschap en de veiligheidsregio. Ter inzage legging ontwerpbesluit omgevingsvergunning Het ontwerpbesluit omgevingsvergunning wordt, tezamen met de aanvraag en de daarbij behorende stukken, zes weken ter inzage gelegd. Gedurende deze termijn kunnen zienswijzen worden ingediend.
Juust
35
Meeldijk 11, Burgh-Haamstede
Bijlagen
Juust
36
Meeldijk 11, Burgh-Haamstede
Bijlage 1 Vereveningsvoorstel
Juust
37
Meeldijk 11, Burgh-Haamstede
Vereveningsvoorstel Naast de landschapsstrategieën continueert de gemeente vooralsnog het vereveningsbeleid uit de Structuurvisie Buitengebied in Beweging. Dit houdt in dat zij de economische ontwikkelingen blijft koppelen aan een ruimtelijke kwaliteitswinst voor de omgeving. Met het beleid in deze omgevingsvisie zijn er veel mogelijkheden voor de ontwikkeling van erven. Ruimte voor ontwikkeling is maatschappelijk alleen houdbaar als initiatiefnemers ook een extra ruimtelijke bijdrage leveren naast het bijdragen aan het gebiedsdoel groene erven. Hierbij liggen kansen om ook te investeren in cultuurhistorische elementen op de erven of daar buiten. De gemeente ziet dit als een maatschappelijke verantwoordelijkheid van initiatiefnemers. Uitgangspunt bij de vereveningsopgave is dat de omvang van de investering in kwaliteit in verhouding moet staan tot de omvang van het nieuwe gebruik. Voor de verevening van dit plan zijn diverse mogelijkheden, omdat zowel de grote schuur ingrijpend wordt gerestaureerd als het landschap wordt versterkt en verbeterd. Beide ingrepen zijn fysieke ruimtelijke ontwikkelingen die essentieel onderdeel zijn van het plan, wat tevens als Nieuwe Economische Drager is aangewezen. Het bedrag van €8.000,- dat in het Provinciale Omgevingsplan wordt gesteld zal hier ruimschoots in geïnvesteerd worden.
Investering in het herstel van cultuurhistorisch element: De schuur die in het plan gerestaureerd zal worden is aangewezen als waardevol historische boerderij (geen monument). Het betreft hier dan het restaureren van het gevelmetselwerk/voegwerk/betimmeringen, de houten spanten/ kappen/balklagen/dakpannen, de houten kozijnen/ramen/deuren, het mogelijk funderingsherstel en het conserveren om verder verval te voorkomen, etc. Zie voor omschrijving en foto’s van de elementen en de noodzakelijke restauratie werkzaamheden, huidig en toekomstig gebruik ook het idee/ontwerp van Dam & Partners Architecten. Op deze manier wordt middels deze restauratie invulling gegeven aan de instandhouding van cultuurhistorisch elementen en de verbetering van het erf. Versterking van het landschap: Een groot deel van het perceel is momenteel braakliggend akkerland. Hier is als onderdeel van het plan een landschappelijke inpassing voorgesteld dat aansluit bij de akker natuur van SchouwenDuiveland met aandacht voor waterpartijen, zoals dat bijvoorbeeld ook nabij Burghsluis is ingepast. Zie hiervoor ook het landschapsvoorstel van Dam & Partners Architecten. Er is sprake van investeringen in de uitbreiding van streekeigen erfbeplanting of vergelijkbare inrichting van het terrein, o.a.: - Het verbeteren van het landschap d.m.v.
een bloemrijk grasland met schelpenpaden, uitgemaaide zichtlijnen, wisselende akker vegetatie, een windsingel van elzen en solitaire boomgroepen. Het maken van een vijver/natuurlijke poel, een kavelsloot en een vogelkijk toren. - Aandacht voor de fauna en de natuurinclusiviteit, een ecologische plek creëren voor kikkers, vlinders, insecten, kleine reptielen, etc. - Het ophangen van nestkasten of broedgelegenheden voor de huis-, boeren- en gierzwaluwen.
Op deze manier wordt middels dit plan invulling gegeven aan ruimtelijke kwaliteitswinst in de vorm van landschaps- en natuurontwikkeling.
De volgende componenten vallen onder de investering voor verevening: - De inbrengwaarde van de grond. - De bijdrage van de plankosten voor het opstellen van het vereveningsplan. - De arbeid. - De reële kosten van materiaal.
Bijlage 2 Verkennend bodemonderzoek
Juust
40
Meeldijk 11, Burgh-Haamstede
Bijlage 3 Stikstrofberekening
Juust
41
Meeldijk 11, Burgh-Haamstede
VERKENNEND BODEMONDERZOEK Locatie Meeldijk 11, Burgh-Haamstede
Opdrachtgever: Projectnummer: Status rapport: Datum:
Dhr. Michiel Deturck Meeldijk 11 4328 NE Burgh-Haamstede 20MIT103.10 Definitief V.01 15 april 2020
Autorisatie: (mede)auteur Naam: Mevr. M. van der Klooster Paraaf:
projectleider: Naam: Mevr. C.C.M. Braat
Datum: 15 april 2020
Datum: 15 april 2020
I N H O U D: I N H O U D:
2
SAMENVATTING
3
1
INLEIDING
5
2
VOORONDERZOEK
6
2.1Inleiding
6
2.2Huidige situatie
6
2.3Historie
6
2.4Geohydrologie
7
2.5Conclusie vooronderzoek
7
2.6Onderzoeksstrategie
7
3
9
VERRICHTE WERKZAAMHEDEN
3.1Veldwerkzaamheden
9
3.2Zintuiglijke waarnemingen en metingen grondwater
9
3.3Laboratoriumonderzoek
10
4
11
RESULTATEN
4.1Toetsing
11
4.2Grond en grondwater
12
5
13
CONCLUSIES EN ADVIES
5.1Conclusies
13
5.2Advies
13
6
14
RESTRISICO EN BETROUWBAARHEID
6.1Restrisico
14
6.2Betrouwbaarheid
14
BIJLAGEN: 1: Regionale situatieschets 2: Situatieschets met situering boringen en peilbuis 3: Foto’s 4: Profielbeschrijvingen grondboringen 5: Analyseresultaten grond en grondwater 6: Toetsingskader grond en grondwater 7: Historische gegevens
Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
2
20MIT103.10
SAMENVATTING In opdracht van heeft Mitec Advies B.V. in maart 2020 een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 uitgevoerd ter plaatse van een deel van de locatie Meeldijk 11 te Burgh-Haamstede, kadastraal bekend als de gemeente Westerschouwen, sectie F, nummer 1522 (gedeeltelijk). Doel van het verkennend bodemonderzoek is het verkrijgen van inzicht in de actuele bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie en op basis hiervan na te gaan of de bodemkwaliteit een belemmering kan opleveren voor een omgevingsvergunningaanvraag voor de geplande nieuwbouw. Op basis van de verkregen informatie van de gemeente Schouwen-Duivenland en de opdrachtgever is de hypothese gesteld dat ter plaatse van de onderzoekslocatie geen bodemverontreiniging is te verwachten. De onderzoekslocatie is derhalve aangemerkt als een onverdachte locatie. Het veldwerk is uitgevoerd op 16 maart 2020 en 31 maart 2020. Bij de uitgevoerde grondboringen zijn zintuiglijk bijzonderheden waargenomen. Deze zintuiglijk waargenomen bijzonderheden staan weergegeven in hoofdstuk 3, paragraaf 3.2 van onderhavige rapportage. Uit het laboratoriumonderzoek blijkt dat in de mengmonsters 1 en 2 (MM1 en MM2), van de bovengrond, voor de onderzochte parameter PAK een licht tot matige verontreiniging is aangetoond.
Verder worden in de bovengrond lichte verontreinigingen aan PCB’s, kobalt, lood, zink en minerale olie aangetoond. Uit de separate deelmonsters van MM1, onder de volledige betonlaag, blijkt dat ter plaatse van boring 7 in de toplaag met brokken beton een sterke verontreiniging aan PAK is aangetoond. Hieronder, in de bovengrond, is een lichte verontreiniging met PAK aangetoond. Deze boring bevindt zich op de perceelsgrens. Indien men voornemens is ter plaatse grond te ontgraven (of de betonlaag te verwijderen) wordt een afperkend/nader bodemonderzoek noodzakelijk geacht om de ernst en omvang van deze verontreiniging nader in kaart te brengen. Indien grond wordt afgevoerd dient deze te worden aangeboden bij een erkend verwerker. In de overige deelmonsters (ter plaatse van de boringen 8 en 10) worden slechts lichte verontreinigingen met PAK aangetoond. Uit het laboratoriumonderzoek blijkt dat in mengmonster 4 (MM4), van de ondergrond, voor de onderzochte parameters lood en PAK een overschrijding van de achtergrondwaarde is aangetoond. Uit het laboratoriumonderzoek blijkt dat in het ondiepe grondwater uit peilbuis 13 (13-Pb13-1) voor de onderzochte parameters molybdeen en naftaleen een overschrijding van de streefwaarde is aangetoond. Gezien de verkregen resultaten van het onderzoek dient de gestelde hypothese “onverdachte locatie” voor de locatie formeel te worden verworpen.
Op basis van historisch onderzoek, de zintuiglijke beoordeling van de grond- en grondwatermonsters en de resultaten van het chemisch-analytisch onderzoek kan geconcludeerd worden dat er geen risico’s voor de volksgezondheid en het milieu aanwezig zijn met betrekking tot de huidige en voorgenomen activiteiten op de onderzoekslocatie.
Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
3
20MIT103.10
De verkregen resultaten van het uitgevoerde verkennend bodemonderzoek geven geen directe aanleiding tot het uitvoeren van een nader bodemonderzoek. Op basis van de resultaten van dit verkennend bodemonderzoek wordt geadviseerd dat er vanuit milieuhygiënisch oogpunt geen belemmeringen zijn voor de omgevingsvergunning van de voorgenomen nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het is echter aan het bevoegd gezag, te weten de gemeente Schouwen-Duivenland en/of de regionale uitvoeringsdienst Zeeland, om aan te geven of het uitvoeren van een nader te bepalen vorm van onderzoek en/of maatregelen noodzakelijk is/zijn. De verkregen resultaten van het uitgevoerde verkennend bodemonderzoek vormen geen belemmering voor een omgevingsvergunningaanvraag voor de geplande nieuwbouw. Dit onderzoek kan niet gebruikt worden om grond, afkomstig van de onderzoekslocatie elders toe te passen. Hiervoor dienen de toepassingseisen van het Besluit bodemkwaliteit in acht genomen te worden. Dit onderzoek kan wel gebruikt worden om grond, afkomstig van de onderzoekslocatie af te voeren naar een erkend verwerker.
Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
4
20MIT103.10
1
INLEIDING In opdracht van heeft Mitec Advies B.V. in maart 2020 een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 uitgevoerd ter plaatse van een deel van de locatie Meeldijk 11 te Burgh-Haamstede, kadastraal bekend als de gemeente Westerschouwen, sectie F, nummer 1522 (gedeeltelijk). In bijlage 1 is de globale ligging van de onderzoekslocatie aangegeven in een regionale situatieschets. Reden voor het uitvoeren van het verkennend bodemonderzoek is een omgevingsvergunningaanvraag voor de geplande nieuwbouw. Doel van het verkennend bodemonderzoek is het verkrijgen van inzicht in de actuele bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie en op basis hiervan na te gaan of de bodemkwaliteit een belemmering kan opleveren voor een omgevingsvergunningaanvraag voor de geplande nieuwbouw. Onderzoeksvraag betreft dan ook: Wat is de actuele bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie? Kan de bodemkwaliteit een belemmering opleveren voor de geplande nieuwbouw? Op basis van de verkregen informatie van de gemeente Schouwen-Duivenland en de opdrachtgever is een onderzoeksprogramma opgesteld op basis van de meest recente versie van de Nederlandse Norm 5740. Deze norm beschrijft de werkwijze voor het opstellen van de onderzoeksstrategie bij uitvoering van een verkennend bodemonderzoek naar de aanwezigheid van bodemverontreiniging. Het veldwerk is uitgevoerd door de heer A.P.
de Jonge en geassisteerd door de heer S. Rijk, beide gecertificeerd en erkend veldwerker van Mitec Advies B.V. Dit alles conform de BRL SIKB 2000 (Beoordelingsrichtlijn voor SIKB- procescertificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek), inclusief de onderliggende protocollen 2001 en 2002. Het procescertificaat van Mitec Advies B.V. en het daarbij behorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake de monsterneming en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. Als referentiekader bij de beoordeling van de analyseresultaten wordt het laatst aangepaste toetsingskader van het Ministerie van V.R.O.M gebruikt (Circulaire Bodemsanering 2013 d.d. 1 juli 2013). De onderzochte locatie is niet in eigendom van Mitec Advies B.V. of gerelateerde zusterbedrijven. Hierdoor is de wettelijk voorgeschreven functiescheiding geborgd. In dit rapport wordt verslag gedaan van de uitgevoerde werkzaamheden. Het vooronderzoek op basis van de NEN 5725 is geïntegreerd in onderhavig rapport als hoofdstuk 2. Vervolgens bevat hoofdstuk 3 de verrichte werkzaamheden. In hoofdstuk 4 worden de resultaten van het onderzoek weergegeven. In hoofdstuk 5 wordt een conclusie getrokken en een advies gegeven.
Tot slot worden in hoofdstuk 6 het restrisico en de betrouwbaarheid van het onderzoek besproken.
Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
5
20MIT103.10
2 2.1
VOORONDERZOEK Inleiding Voor het historisch onderzoek is gebruik gemaakt van gegevens verkregen uit: - kadastrale kaarten; - grondwater kaarten; - topografische kaarten; - historische kaarten; - eerder uitgevoerd bodemonderzoek; - een locatie bezoek; - www.bodemloket.nl; - www.zeeuwsbodemvenster.nl; - Nazca-i provincie Zeeland; - informatie van het bevoegd gezag; - informatie van de opdrachtgever. Voor de geo(hydro)logische gegevens zijn de betreffende grondwaterkaarten en topografische kaarten van het Instituut voor grondwater en Geo-Energie (Dienst Grondwaterverkenning T.N.O.) te Delft geraadpleegd.
2.2
Huidige situatie De onderzoekslocatie is gelegen op de locatie Meeldijk 11 te Burgh-Haamstede. De onderzoekslocatie is kadastraal bekend als gemeente Westerschouwen, sectie F, nummer 1522 (gedeeltelijk). De onderzoekslocatie maakt deel uit van een groter kadastraal perceel. De totale onderzoekslocatie (geheel kadastraal perceel, inclusief voorgenomen nieuwbouwvlak woning) heeft een oppervlakte van circa 5.256 m2 en is ten tijde van het uit te voeren verkennend bodemonderzoek bebouwd en deels verhard met beton, asfalt, klinkers en grind. De onderzoekslocatie is gelegen in het buitengebied van Burgh-Haamstede.
2.3
Historie Van de onderzoekslocatie zelf zijn bij de gemeente Schouwen-Duivenland met betrekking tot milieu en bodem historische gegevens bekend. Aan de Meeldijk 11 te Burgh-Haamstede staat een historisch onderzoek vermeld door TEBODIN in november 2005. Hier zijn verder geen gegevens van bekend. Mogelijk is de onderzoek ook niet uitgevoerd. Van enkele nabijgelegen locaties zijn bij de gemeente Schouwen-Duivenland met betrekking tot milieu en bodem tevens historische gegevens bekend. Voor nadere informatie verwijzen wij u naar bijlage 7 van onderhavige rapportage. Op het zelfde adres maar op het andere perceel naast het huis staat een HBO tank vermeld, die geplaatst is rond 1982. De status van deze tank is onbekend. De volgende mogelijke potentiele bronnen van bodemverontreiniging blijken uit historisch onderzoek (locatie, afstand, parameters): - HBO-tank met als verdachte parameters minerale olie (minimaal 6 meter afstand van perceelsgrens).
Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
6
20MIT103.10
Gezien de afstand van de onderzoekslocatie tot boven genoemde verdachte locaties, wordt verwacht dat deze activiteiten geen invloed hebben op de huidige onderzoekslocatie. Volgens de Bodemkwaliteitskaart van de gemeente Schouwen-Duivenland is: - de onderzoekslocatie gelegen in zone A “Buitengebied zonder zierikzee” en heeft de onderzoekslocatie de bodemfunctie “Overige”; - op de onderzoekslocatie de bovengrond (bodemlaag van 0-50 cm-mv) te classificeren als zijnde bodemkwaliteitsklasse “Achtergrondwaarde”. Dit gebaseerd op toetsing aan het generiek kader; - op de onderzoekslocatie de ondergrond (bodemlaag van 50-200 cm-mv) te classificeren als zijnde bodemkwaliteitsklasse “Achtergrondwaarde”. Dit gebaseerd op toetsing aan het generiek kader; - de onderzoekslocatie niet gelegen in een voormalig fruitteeltgebied. Indien grond toegepast gaat worden op locaties waar gebiedsspecifiek beleid (gebiedsspecifiek kader) van toepassing is dan dient de Nota Bodembeheer van de desbetreffende gemeente te worden geraadpleegd of contact opgenomen te worden met het bevoegd gezag. Bij het Bodemloket zijn van de onderzoekslocatie geen aanvullende (bodem)gegevens bekend. Voor nadere informatie verwijzen wij u naar bijlage 7 van onderhavige rapportage. 2.4
Geohydrologie Aan de hand van de grondwaterkaart van het gebied (Dienst Grondwaterverkenning TNO, kaart 42), is de volgende indeling vastgesteld. De ondergrond is schematisch onder te verdelen in: - een slecht doorlatende deklaag bestaande uit afwisselend zand- en kleilaagjes tot een - diepte van ca. 5 m - m.v.; - een eerste watervoerende pakket van matig grof tot matig fijn zand tot een diepte van ca. - 50 meter - m.v.; - een scheidende laag tot ± 70 meter minus maaiveld; - een tweede watervoerend pakket van fijn tot grof zand. Op basis van de grondwaterkaarten van de Dienst Grondwaterverkenning TNO is de stromingsrichting van het eerste watervoerende pakket niet af te leiden.
2.5
Conclusie vooronderzoek Op basis van de verkregen informatie van de gemeente Schouwen-Duivenland en de opdrachtgever is de hypothese gesteld dat ter plaatse van de onderzoekslocatie geen bodemverontreiniging is te verwachten. De onderzoekslocatie is derhalve aangemerkt als een onverdachte locatie.
2.6
Onderzoeksstrategie In tabel 1 wordt een overzicht gegeven van de geplande werkzaamheden op basis van de meest recente versie van de NEN 5740. Oppervlakte
circa 5.250 m2
Strategie
ONV-NL
Verharding
Aantal boringen
-
tot 0.5 m-mv 12
Aantal monsters en analyses
en tot 2.0 m-mv 3
en peilbuis
grond
grondwater
1
2 NEN bg 2 NEN og
1 NEN gw
Tabel 1. Uit te voeren werkzaamheden
Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
7
20MIT103.10
Het NEN-pakket voor grond bevat de volgende parameters: - de zware metalen barium, cadmium, kobalt, koper, lood, molybdeen, nikkel, zink en kwik; - polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s 10); - minerale olie; - som PCB’s; - lutum- en organisch stofgehalte; - droogrest. Het NEN-pakket voor grondwater bevat de volgende parameters: - de zware metalen barium, cadmium, kobalt, koper, lood, molybdeen, nikkel, zink en kwik; - vluchtige aromaten; - vluchtige chloorkoolwaterstoffen/chloorbenzenen; - minerale olie. Alle monstervoorbehandelingen en analyses worden onder AS3000 condities uitgevoerd. De geleidbaarheid, de zuurgraad en de troebelheid van het grondwater zullen tijdens het bemonsteren van het grondwater worden bepaald.
Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
8
20MIT103.10
3
VERRICHTE WERKZAAMHEDEN Voor het onderzoeksprogramma zijn de richtlijnen van de Nederlandse Norm 5740 als uitgangspunt gehanteerd. Het bodemonderzoek heeft betrekking op het terrein zoals dat in bijlage 2 is weergegeven.
3.1
Veldwerkzaamheden Het veldwerk voor het verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd in maart 2020 zoals in paragraaf 2.6 is aangegeven. Op 16 maart 2020 zijn de grondboringen verricht en is de peilbuis geplaatst. Op 24 maart 2020 is de peilbuis herplaatst (wegens de drooggevallen eerder geplaatste peilbuis). Op 31 maart 2020 is het grondwater uit de herplaatste peilbuis bemonsterd. Voordat met het veldwerk is begonnen is zoals te doen gebruikelijk, het terrein visueel gecontroleerd op mogelijke verontreinigingen als gevolg van o.a. illegale lozingen en/of stortingen (bijv. afgewerkte olie, gevaarlijk afval, e.d.). Tijdens deze controle zijn geen bijzonderheden aangetroffen. De bodemprofielen van de uitgevoerde grondboringen zijn beschreven en de opgeboorde grond is zintuiglijk beoordeeld. De beschrijvingen van de bodemprofielen zijn opgenomen in bijlage 4. Aan de hand van de uitgevoerde grondboringen kan een globale beschrijving van de bodemopbouw worden gegeven. Er zijn geen plastics of ander bodemvreemd materiaal, anders dan beton, (bak)steen of hout aangetroffen. De grond is bemonsterd per traject van maximaal 50 cm. De situering van de boorplaatsen en de peilbuis is aangegeven in bijlage 2.
Ten aanzien van de inspectie voor asbest dient opgemerkt te worden dat hier voldoende aandacht aan is besteed, doch deze inspectie is niet uitgevoerd overeenkomstig de voorschriften zoals die in NEN 5707 (Inspectie, monsterneming en analyses van asbest in bodem en partijen grond) en/of de NEN 5897 (Monsterneming en analyse van asbest onbewerkt bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat) staan omschreven.
3.2
Zintuiglijke waarnemingen en metingen grondwater Bij de uitgevoerde grondboringen zijn zintuiglijk bijzonderheden waargenomen. Deze zintuiglijk waargenomen bijzonderheden staan in de onderstaande tabel weergegeven. Boring 04 05 07
Diepte boring (m -mv) 0,50 0,50 0,50
08 10
0,50 2,00
11 13 13A 14 15
2,00 2,20 3,30 0,50 0,50
Traject (m -mv) 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,14 - 0,30 0,30 - 0,50 0,14 - 0,30 0,14 - 0,50 0,50 - 1,00 0,05 - 1,00 1,00 - 1,50 1,00 - 1,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Klei Klei Zand Zand Zand Zand Zand Klei Klei Klei Klei Klei
sporen hout sporen beton, sporen baksteen brokken beton, sporen grind sporen grind brokken beton matig baksteenhoudend sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen hout
Tabel 2. Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden
Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
9
20MIT103.10
Tijdens het uitvoeren van het veldwerk is aandacht geschonken aan de aanwezigheid van asbestverdachte materialen op het maaiveld en in de opgeboorde grond. Dit materiaal is zintuiglijk niet waargenomen. In tabel 3 zijn de gegevens van de metingen tijdens peilbuisbemonstering in het veld weergegeven. Watermonster 13A-1A-1
Filterdiepte (m -mv) 2,30 - 3,30
Grondwater-stand (m -mv) 1,81
pH (-) 6,4
EC (µS/cm) 970
Troebelheid (NTU) 2,71
Tabel 3. Metingen grondwater 3.3
Laboratoriumonderzoek De verzamelde grond- en grondwatermonsters zijn zo spoedig mogelijk na monsterneming aangeboden aan het door de Raad van Accreditatie erkende Milieulaboratorium. Vooraf heeft door Mitec Advies B.V. conservering van de monsters plaatsgevonden. - grond Het laboratorium is verzocht grondmengmonsters samen te stellen en te analyseren volgens onderstaande tabel. Het analysecertificaat van de grondmengmonsters is opgenomen in bijlage 5. Analysemonster MM1
Traject (m - mv) 0,14 - 0,50
MM2
0,00 - 0,50
MM3
0,07 - 0,62
MM4
0,50 - 2,00
MM5
0,50 - 2,00
Uitsplitsing MM1 M7.1 M8.1 M10.1 M7.2
0,14 - 0,30 0,14 - 0,30 0,14 - 0,50 0,30 - 0,50
Deelmonsters 07 (0,14 - 0,30) 08 (0,14 - 0,30) 10 (0,14 - 0,50) 02 (0,00 - 0,50) 04 (0,00 - 0,50) 11 (0,05 - 0,50) 14 (0,00 - 0,50) 15 (0,00 - 0,50) 16 (0,00 - 0,50) 03 (0,08 - 0,30) 06 (0,07 - 0,50) 12 (0,12 - 0,62) 13 (0,10 - 0,50) 06 (0,50 - 1,00) 06 (1,50 - 2,00) 11 (0,50 - 1,00) 13 (0,50 - 1,00) 13 (1,00 - 1,50) 10 (0,50 - 1,00) 10 (1,00 - 1,50) 11 (1,00 - 1,50) 12 (0,62 - 1,00) 12 (1,50 - 2,00) 13 (1,50 - 2,00)
Analysepakket NEN grond
07 (0,14 - 0,30) 08 (0,14 - 0,30) 10 (0,14 - 0,50) 07 (0,30 - 0,50)
PAK (10 VROM), Pakket lutum en organische stof PAK (10 VROM), Pakket lutum en organische stof PAK (10 VROM), Pakket lutum en organische stof PAK (10 VROM), Pakket lutum en organische stof
NEN grond
NEN grond
NEN grond
NEN grond
Tabel 4. Mengmonsters grond - grondwater Het laboratorium is verzocht het aangeboden grondwatermonster te analyseren volgens onderstaande tabel. Het analysecertificaat van het grondwatermonster is opgenomen in bijlage 5. Monstercode 13A-1-1
Peilbuisnummer 13
Filterstelling (m-mv) 1,20 - 2,20
Analysepakket NEN grondwater
Tabel 5. Grondwatermonster Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
10
20MIT103.10
4 4.1
RESULTATEN Toetsing De analyseresultaten worden beoordeeld aan de hand van de Achtergrond- en Interventiewaarden uit de Circulaire Bodemsanering 2013 van 1 juli 2013 van het Ministerie van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (voor grondwater wordt nog steeds de term Streefwaarde gehanteerd). De betekenis van de richtwaarden is als volgt. Achtergrondwaarden: de gehalten zoals die op dit moment voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen. De Achtergrondwaarden zijn gerelateerd aan het organische stof- en lutumgehalte van de bodem. Interventiewaarden: geven aan wanneer de functionele eigenschappen, die de bodem heeft voor mens, dier en plant ernstig zijn, of dreigen te worden verminderd. De Interventiewaarden (I) zijn gerelateerd aan het organische stof- en lutumgehalte van de bodem. Bij gevallen van bodemverontreiniging waarbij de Interventiewaarden niet worden overschreden, wordt door toetsing van de gemeten concentratie van de betreffende component(en) aan het gemiddelde van de Achtergrond- en Interventiewaarde (Tussenwaarde) van deze component(en) nagegaan of nader onderzoek naar de ernst en omvang van de verontreiniging nodig is (Index > 0,5 en < 1,0 = Tussenwaarde (T)).
De Achtergrond- en Interventiewaarden voor de grond en het grondwater van onderhavige onderzoekslocatie, zijn opgenomen in de toetsingstabellen die bijgevoegd zijn in bijlage 6. Ook de berekende Tussenwaarden voor nader onderzoek zijn in deze bijlage opgenomen. Bij de beoordeling van de aangetroffen gehaltes in de grond en in het grondwater is de volgende terminologie gebruikt: geen Achtergrond- (AW), Streef- (S) en Interventiewaarden (I) bekend, maar wel verhoogd gemeten; gehaltes kleiner of gelijk aan de achtergrond- (AW), Streefwaarde (S) of detectiegrens; groter dan Achtergrond- (AW) of Streefwaarde (S) en kleiner dan de Index < 0,5 (Tussenwaarde (T)); groter dan of gelijk aan de Index > 0,5 en < 1,0 (Tussenwaarde (T)) en kleiner dan de Interventiewaarde (I); groter dan of gelijk aan de Interventiewaarde (I = Index > 1,0). In bijlage 5 zijn de analyseresultaten van de grond opgenomen in mg/kg d.s., tenzij anders aangegeven. De analyseresultaten van het grondwater zijn opgenomen in µg/l.
In de tabellen in de onderstaande paragraaf zijn de toetsingsresultaten van de grond opgenomen met index., tenzij anders aangegeven. De toetsingsresultaten van het grondwater zijn opgenomen met index. In de tabellen worden de stoffen opgenomen waar van de gemeten gehaltes groter zijn dan de Achtergrondwaarde (AW) of Streefwaarde (S).
Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
11
20MIT103.10
4.2
Grond en grondwater Grond Analysemonster MM1
Traject (m -mv) 0,14 - 0,50
> AW (+index)
> I (+index) -
0,50 - 2,00
PCB (som 7) (0,04) Kobalt (0,11) PAK 10 VROM (0,74) Minerale olie (totaal) (0,09) Zink (0,23) Lood (0,09) PAK 10 VROM (0,04) Lood (0,04) PAK 10 VROM (0,38) -
MM2
0,00 - 0,50
MM3 MM4
0,07 - 0,62 0,50 - 2,00
MM5 Uitsplitsing MM1 M7.1
0,14 - 0,30
-
M8.1 M10.1 M7.2
0,14 - 0,30 0,14 - 0,50 0,30 - 0,50
PAK 10 VROM (0,22) PAK 10 VROM (0,01) PAK 10 VROM (0,45)
Indicatieve toetsing BBK monsterconclusie Niet Toepasbaar > industrie
-
Klasse industrie
-
Altijd toepasbaar Klasse industrie
-
Altijd toepasbaar
PAK 10 VROM (2,43) -
Niet Toepasbaar > Interventiewaarde Klasse industrie Klasse wonen Klasse industrie
Tabel 6. Overzicht aangetroffen stoffen in de grond met een gehalte groter dan achtergrondwaarde Grondwater Watermonster 13A-1-1
Filterdiepte (m -mv) 1,20 - 2,20
> S (+index)
> I (+index)
Molybdeen (0,01) Naftaleen (-)
-
Tabel 7. Overzicht aangetroffen stoffen in het grondwater met een gehalte groter dan streefwaarde
Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
12
20MIT103.10
5 5.1
CONCLUSIES EN ADVIES Conclusies Uit het laboratoriumonderzoek blijkt dat in de mengmonsters 1 en 2 (MM1 en MM2), van de bovengrond, voor de onderzochte parameter PAK een licht tot matige verontreiniging is aangetoond. Verder worden in de bovengrond lichte verontreinigingen aan PCB’s, kobalt, lood, zink en minerale olie aangetoond. Uit de separate deelmonsters van MM1, onder de volledige betonlaag, blijkt dat ter plaatse van boring 7 in de toplaag met brokken beton een sterke verontreiniging aan PAK is aangetoond. Hieronder, in de bovengrond, is een lichte verontreiniging met PAK aangetoond. De boring bevindt zich op de perceelsgrens. Indien men voornemens is ter plaatse grond te ontgraven (of de betonlaag te verwijderen) wordt een afperkend/nader bodemonderzoek noodzakelijk geacht om de ernst en omvang van deze verontreiniging nader in kaart te brengen. Indien grond wordt afgevoerd dient deze te worden aangeboden bij een erkend verwerker. In de overige deelmonsters (ter plaatse van de boringen 8 en 10) worden slechts lichte verontreinigingen met PAK aangetoond. Uit het laboratoriumonderzoek blijkt dat in mengmonster 4 (MM4), van de ondergrond, voor de onderzochte parameters lood en PAK een overschrijding van de achtergrondwaarde is aangetoond.
Uit het laboratoriumonderzoek blijkt dat in het ondiepe grondwater uit peilbuis 13 (13-Pb13-1) voor de onderzochte parameters molybdeen en naftaleen een overschrijding van de streefwaarde is aangetoond. Gezien de verkregen resultaten van het onderzoek dient de gestelde hypothese “onverdachte locatie” voor de locatie formeel te worden verworpen.
5.2
Advies Op basis van historisch onderzoek, de zintuiglijke beoordeling van de grond- en grondwatermonsters en de resultaten van het chemisch-analytisch onderzoek kan geconcludeerd worden dat er geen risico’s voor de volksgezondheid en het milieu aanwezig zijn met betrekking tot de huidige en voorgenomen activiteiten op de onderzoekslocatie. De verkregen resultaten geven geen directe aanleiding tot het uitvoeren van een nader bodemonderzoek. Op basis van de resultaten van dit verkennend bodemonderzoek wordt geadviseerd dat er vanuit milieuhygiënisch oogpunt geen belemmeringen zijn voor de omgevingsvergunning van de voorgenomen nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het is echter aan het bevoegd gezag, te weten de gemeente Schouwen-Duivenland en/of de regionale uitvoeringsdienst Zeeland, om aan te geven of het uitvoeren van een nader te bepalen vorm van onderzoek en/of maatregelen noodzakelijk is/zijn. De verkregen resultaten van het onderzoek vormen geen belemmering voor een omgevingsvergunningaanvraag voor de geplande nieuwbouw. Dit onderzoek kan niet gebruikt worden om grond, afkomstig van de onderzoekslocatie elders toe te passen. Hiervoor dienen de toepassingseisen van het Besluit bodemkwaliteit in acht genomen te worden. Dit onderzoek kan wel gebruikt worden grond, afkomstig van de onderzoekslocatie en af te voeren naar een erkend verwerker.
Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
13
20MIT103.10
6 6.1
RESTRISICO EN BETROUWBAARHEID Restrisico Onder restrisico wordt verstaan de kans, dat ondanks een bodemonderzoek achteraf aanvullende bodemverontreiniging wordt geconstateerd. Het restrisico in deze situatie wordt bepaald door de (relatief kleine) kans, dat plaatselijk een beperkte spot met verontreiniging aanwezig is. Daarom dient bij sloop- en bouwactiviteiten en bij het omzetten van grond steeds aandacht gegeven te worden aan bijzondere kenmerken m.b.t. eventuele bodemverontreiniging. Bodemverontreiniging is in het veld te herkennen aan een afwijkende kleur, geur en dergelijke van de grond. Uiteraard kunnen, op dit moment, nog niet bekende obstakels zoals voormalige leidingwerken, putten, puinpakketten en dergelijke eveneens een aanwijzing zijn. Eventueel aangetroffen bijzonderheden dienen ten allen tijde nader bekeken te worden. Teneinde de aanvoer van verontreinigde grond te voorkomen, dient, in geval van aanvoer van grond en/of ophoogzand, de leverancier van de grond en/of het ophoogzand een certificaat te overleggen van de herkomst en van de chemische kwaliteit van het aangevoerde materiaal.
6.2
Betrouwbaarheid Het onderhavige onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Mitec Advies B.V. streeft bij elk bodem- en/of grondwateronderzoek naar een optimale representativiteit. Echter een dergelijk onderzoek is gebaseerd op het verrichten van een beperkt aantal boringen en het nemen van een beperkt aantal monsters. Hierdoor blijft het mogelijk dat plaatselijke afwijkingen in de samenstelling van grond en/of grondwater aanwezig zijn welke tijdens het onderzoek niet naar voren zijn gekomen. Mitec Advies B.V. is niet aansprakelijk voor hieruit voortvloeiende schade of gevolgen van welke aard ook. Hierbij wordt er tevens op gewezen, dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname is. De grond en of het grondwater kan na het onderzoek van kwaliteit veranderen door bijvoorbeeld een calamiteit, aanvoer van grond, enz. Op basis van de uit dit onderzoek verkregen gegevens kan geen uitspraak worden gedaan over de aan- of afwezigheid van asbest. Hiervoor dient een onderzoek plaats te vinden conform de voorschriften zoals die in NEN 5707 (inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond) en/of de NEN 5897 (monsterneming en analyse van asbest in onbewerkt bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat) staan omschreven.
In algemene zin wordt gesteld dat aanwezigheid van puinlagen en/of grondlagen waarin bijmenging van puin en/of ander sloopafval voorkomt worden verdacht voor verontreinigingen met asbest, tenzij de betreffende lagen zijn toegepast voor of nadat grootschalig met asbest werd gewerkt en dit aantoonbaar kan worden gemaakt en/of het tegendeel is bewezen (door uitgevoerd asbestonderzoek conform de NEN 5707 en/of NEN 5897).
Mitec Advies B.V. www.mitecadvies.nl info@mitecadvies.nl
14
20MIT103.10
Kadastrale kaart
Uw referentie: 20MIT103.10
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 1000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Westerschouwen F 1521
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 9 maart 2020 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
-OverzichtKaart niet op schaal
1 4
1 4
11
3 5 10 6 16
11
2 12 8 7 15
13
13A 9
14
3 5 10 6 16
2
-Legenda-
12 8 7 15
13
13
(..) (..) (..)
A
Boring tot 0,5 m-mv Boring tot 2,0 m-mv
Toekomstig nieuwbouwvlak
14
4
Braak Beton
Boring afgewerkt met een peilbuis Contour onderzoekslocatie/ nieuwbouwvlak
9
Klinkers
Tegels Grind
Schaal 1: 30 Boring:
01
Boring: 0
0
braak
02 0
0
Klei, matig zandig, zwak humeus, neutraalbruin
Klei, matig zandig, zwak humeus, neutraalbruin
1
1
-50
50
Boring:
Boring: 0
klinker
-8
Volledig klinkers
04 0
0
braak Klei, matig zandig, zwak humeus, sporen hout, neutraalbruin
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal
1
1
-30
Klei, matig siltig, neutraalgrijs
2 50
-50
50
03
0
strooisel
-50
Projectcode: 20MIT103.10
50
-50
Meeldijk 11 te Burg-Haamstede getekend volgens NEN 5104
Schaal 1: 30 Boring:
05
Boring: 0
0
braak
06
0
Klei, sterk zandig, zwak humeus, sporen beton, sporen baksteen, neutraal grijsbruin
0
beton
-7
Volledig beton Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige
1
1
-50
50
-50
50
Klei, matig siltig, neutraalgrijs
2
100
3
-150
150
Klei, sterk siltig, neutraalgrijs
4
-200
200
Boring:
07
Boring: 0
0
beton
08 0
0
Volledig beton 1 -30
2 50
-50
Projectcode: 20MIT103.10
beton Volledig beton
-14
-14
Zand, matig fijn, zwak siltig, brokken beton, sporen grind, neutraalbruin
1 -30
Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen grind, neutraalbruin
2 50
-50
Zand, matig fijn, zwak siltig, brokken beton, neutraalbeige Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal bruinbeige
Meeldijk 11 te Burg-Haamstede getekend volgens NEN 5104
Schaal 1: 30 Boring:
09
Boring: 0
0
braak
10 0
0
Klei, sterk zandig, neutraalbruin
beton Volledig beton
-14
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig baksteenhoudend, neutraalbruin
1 1 -50
50
-50
50
Zand, matig fijn, matig siltig, sporen baksteen, neutraalbruin 2
-100
100
Zand, zeer fijn, matig siltig, neutraal grijsbruin 3
150
4
-200
200
Boring:
11
Boring: 0 -5
0
beton
12 0
0
Volledig beton
-12
Klei, matig zandig, sporen baksteen, neutraalgrijs
1
beton Volledig beton Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige
1 50
50
2 2 -100
100
-100
100 Zand, zeer fijn, uiterst siltig
Zand, zeer fijn, matig siltig, neutraalbeige
3
3
150
150
4
200
4
-200
Projectcode: 20MIT103.10
200
-200
Meeldijk 11 te Burg-Haamstede getekend volgens NEN 5104
Schaal 1: 30 Boring:
13
0
Boring: 0
klinker
-10
Volledig klinkers
13A
0
0
klinker
-10
Volledig klinkers
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin
1 -50
50
-50
50 Klei, sterk zandig, neutraalbruin
Klei, sterk zandig, neutraalbruin
2
-100
100
-100
100 Klei, matig zandig, sporen baksteen, neutraalbruin
Klei, matig zandig, sporen baksteen, neutraalbruin
3
-150
150
-150
150 Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin
4
200
200 5 -220
250
300
-330
Boring:
14
Boring: 0
0
braak
15 0
0
Klei, sterk zandig, zwak humeus, sporen baksteen, neutraalbruin
Klei, matig zandig, zwak humeus, sporen hout, neutraalbruin
1
50
braak
1
-50
Projectcode: 20MIT103.10
50
-50
Meeldijk 11 te Burg-Haamstede getekend volgens NEN 5104
Schaal 1: 30 Boring:
16 0
0
braak Klei, matig zandig, zwak humeus, zwak wortelhoudend, neutraalbruin
1
50
-50
Projectcode: 20MIT103.10
Meeldijk 11 te Burg-Haamstede getekend volgens NEN 5104
Legenda (conform NEN 5104) grind
Schaal 1: 30 Grind, siltig
klei
geur Klei, zwak siltig
geen geur zwakke geur
Grind, zwak zandig
matige geur
Klei, matig siltig
sterke geur Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10
Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
>10000
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
monsters
Zand, uiterst siltig
geroerd monster
overige toevoegingen
ongeroerd monster
zwak humeus volumering
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting
grind afdichting filter
Projectcode: 20MIT103.10
Meeldijk 11 te Burg-Haamstede getekend volgens NEN 5104
SYNLAB Analytics & Services B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.synlab.nl
Analyserapport
Mitec Advies BV Cindy Braat Schouwersweg 9 4451 HS HEINKENSZAND
Uw projectnaam Uw projectnummer SYNLAB rapportnummer Rapport-verificatienummer
Blad 1 van 8
: Meeldijk 11 te Burg-Haamstede : 20MIT103.10 : 13218983, versienummer: 1. : GTREHXQ5
Rotterdam, 24-03-2020
Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project 20MIT103.10. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de geteste monsters. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SYNLAB is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SYNLAB Analytics & Services B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden of het SYNLAB laboratorium in Frankrijk (99-101 Avenue Louis Roche, Gennevilliers) is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 8 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Mocht u vragen en/of opmerkingen hebben naar aanleiding van dit rapport, bijvoorbeeld als u nadere informatie nodig heeft over de meetonzekerheid van de analyseresultaten in dit rapport, dan verzoeken wij u vriendelijk contact op te nemen met de afdeling Customer Support. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn.
Hoogachtend,
Jaap-Willem Hutter Technical Director
SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Mitec Advies BV Cindy Braat Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Blad 2 van 8
Analyserapport Meeldijk 11 te Burg-Haamstede
Orderdatum 17-03-2020 Startdatum 17-03-2020 Rapportagedatum 24-03-2020
20MIT103.10 13218983 - 1
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002 003 004 005
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MM1 MM1 07 (14-30) 08 (14-30) 10 (14-50) MM2 MM2 02 (0-50) 04 (0-50) 11 (5-50) 14 (0-50) 15 (0-50) 16 (0-50) MM3 MM3 03 (8-30) 06 (7-50) 12 (12-62) 13 (10-50) MM4 MM4 06 (50-100) 06 (150-200) 11 (50-100) 13 (50-100) 13 (100-150) MM5 MM5 10 (50-100) 10 (100-150) 11 (100-150) 12 (62-100) 12 (150-200) 13 (150-200)
Analyse
Eenheid
Q
droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten
gew.-% g -
S S S
89.1 <1 geen
81.2 <1 geen
90.8 <1 geen
80.8 <1 geen
80.8 <1 geen
organische stof (gloeiverlies)
% vd DS
S
0.8
3.0
<0.5
0.9
1.1
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS
S
2.2
9.0
<1
3.0
1.6
METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
S S S S S S S S S
230 <0.2 10 17 <0.05 14 0.63 12 47
41 0.34 4.3 9.8 0.09 69 0.51 9.1 160
<20 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20
<20 <0.2 3.2 6.9 0.07 46 <0.5 7.7 29
<20 <0.2 1.9 <5 <0.05 <10 <0.5 4.6 <20
<0.01 0.19 0.10 0.81 0.36 0.36 0.20 0.39 0.33 0.29 2) 3.037
<0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 2) 0.07
0.10 2.7 0.64 4.1 1.6 1.5 0.88 1.7 1.4 1.2 2) 15.82
<0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 2) 0.07
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
001
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN 1) naftaleen mg/kgds S <0.03 fenantreen mg/kgds S 2.8 antraceen mg/kgds S 0.25 fluoranteen mg/kgds S 8.7 benzo(a)antraceen mg/kgds S 3.2 chryseen mg/kgds S 3.0 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 2.3 benzo(a)pyreen mg/kgds S 4.2 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 3.0 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 3.0 2) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 30.471 (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds PCB 118 µg/kgds PCB 138 µg/kgds PCB 153 µg/kgds PCB 180 µg/kgds
S S S S S S S
002
1)
<2.0 1) <2.2 1) <1.8 1) <2.1 2.4 1) <1.4 3.1
003
004
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
005
Mitec Advies BV Cindy Braat Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Blad 3 van 8
Analyserapport Meeldijk 11 te Burg-Haamstede
Orderdatum 17-03-2020 Startdatum 17-03-2020 Rapportagedatum 24-03-2020
20MIT103.10 13218983 - 1
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002 003 004 005
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MM1 MM1 07 (14-30) 08 (14-30) 10 (14-50) MM2 MM2 02 (0-50) 04 (0-50) 11 (5-50) 14 (0-50) 15 (0-50) 16 (0-50) MM3 MM3 03 (8-30) 06 (7-50) 12 (12-62) 13 (10-50) MM4 MM4 06 (50-100) 06 (150-200) 11 (50-100) 13 (50-100) 13 (100-150) MM5 MM5 10 (50-100) 10 (100-150) 11 (100-150) 12 (62-100) 12 (150-200) 13 (150-200)
Analyse
Eenheid
Q
som PCB (7) (0.7 factor)
µg/kgds
S
MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
S
001 12.15
2)
002 4.9
<5 14 39 3) 70 120
<5 8 10 8 30
2)
003 4.9
<5 <5 <5 <5 <20
2)
004 4.9
2)
<5 <5 <5 <5 <20
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
005 4.9
<5 <5 <5 <5 <20
2)
Mitec Advies BV Cindy Braat Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Blad 4 van 8
Analyserapport Meeldijk 11 te Burg-Haamstede 20MIT103.10 13218983 - 1
Orderdatum 17-03-2020 Startdatum 17-03-2020 Rapportagedatum 24-03-2020
Monster beschrijvingen
001
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
002
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
003
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
004
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
005
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
Voetnoten 1 2 3
De rapportagegrens is verhoogd i.v.m. noodzakelijke verdunning. De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa. Er zijn componenten na C40 aangetroffen. Deze zijn niet van invloed op het gerapporteerde resultaat.
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Mitec Advies BV Cindy Braat Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Blad 5 van 8
Analyserapport Meeldijk 11 te Burg-Haamstede
Orderdatum 17-03-2020 Startdatum 17-03-2020 Rapportagedatum 24-03-2020
20MIT103.10 13218983 - 1
Analyse
Monstersoort
Relatie tot norm
droge stof
Grond (AS3000)
gewicht artefacten
Grond (AS3000)
aard van de artefacten
Grond (AS3000)
organische stof (gloeiverlies)
Grond (AS3000)
lutum (bodem)
Grond (AS3000)
barium
Grond (AS3000)
cadmium
Grond (AS3000)
kobalt
Grond (AS3000)
koper
Grond (AS3000)
kwik
Grond (AS3000)
lood
Grond (AS3000)
molybdeen
Grond (AS3000)
nikkel
Grond (AS3000)
zink
Grond (AS3000)
naftaleen
Grond (AS3000)
fenantreen
Grond (AS3000)
antraceen
Grond (AS3000)
fluoranteen
Grond (AS3000)
benzo(a)antraceen
Grond (AS3000)
chryseen
Grond (AS3000)
benzo(k)fluoranteen
Grond (AS3000)
benzo(a)pyreen
Grond (AS3000)
benzo(ghi)peryleen
Grond (AS3000)
indeno(1,2,3-cd)pyreen
Grond (AS3000)
pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) PCB 28
Grond (AS3000)
Grond: Gelijkwaardig aan ISO 11465 en gelijkwaardig aan NEN-EN 15934 (monstervoorbehandeling conform NEN-EN 16179). Grond (AS3000): conform AS3010-2 en gelijkwaardig aan NEN-EN 15934 Conform AS3000 en conform NEN-EN 16179 Idem Grond: gelijkwaardig aan NEN 5754. Grond (AS3000): conform AS3010-3 Grond: eigen methode. Grond (AS3000): conform AS3010-4 Conform AS3010-5 en conform NEN 6950 (ontsluiting conform NEN 6961, meting conform NEN-EN-ISO 17294-2) Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3010-6 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem
PCB 52
Grond (AS3000)
PCB 101
Grond (AS3000)
PCB 118
Grond (AS3000)
PCB 138
Grond (AS3000)
PCB 153
Grond (AS3000)
PCB 180
Grond (AS3000)
som PCB (7) (0.7 factor)
Grond (AS3000)
totaal olie C10 - C40
Grond (AS3000)
Grond (AS3000)
Conform AS3010-8 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3010-7 en conform NEN-EN-ISO 16703
Monster
Barcode
Aanlevering
Monstername
Verpakking
001 001 001 002 002
Y8321518 Y8321520 Y8299253 Y8316357 Y8317135
16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020
16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020
ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Mitec Advies BV Cindy Braat Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Blad 6 van 8
Analyserapport Meeldijk 11 te Burg-Haamstede
Orderdatum 17-03-2020 Startdatum 17-03-2020 Rapportagedatum 24-03-2020
20MIT103.10 13218983 - 1
Monster
Barcode
Aanlevering
Monstername
Verpakking
002 002 002 002 003 003 003 003 004 004 004 004 004 005 005 005 005 005 005
Y8283197 Y8316336 Y8316311 Y8283209 Y8283208 Y8321527 Y8299343 Y8282496 Y8321519 Y8283194 Y8317131 Y8321521 Y8283196 Y8299277 Y8321032 Y8321517 Y8283191 Y8282493 Y8299339
16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020
16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020 16-03-2020
ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201
Paraaf : SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028
AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Mitec Advies BV Cindy Braat Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Blad 7 van 8
Analyserapport Meeldijk 11 te Burg-Haamstede 20MIT103.10 13218983 - 1