Hotel Vroonweg 35 Renesse Toelichting compressed
Tekst van het document
Een hotel valt in de categorie 'hotel en pensions met keuken, conferentie-oorden en congrescentra' met milieucategorie 1 en een richtafstand van 10 meter. Deze richtafstanden gelden voor gevoelige functies in een rustige woonwijk, zoals de woningen aan de Hoogenboomlaan aan de noordzijde van het plangebied te typeren zijn. De afstand van de grens van de horeca-bestemming tot de gevel van de dichtstbijgelegen woning bedraagt circa 25 meter. Het hotel voldoet daarmee aan de richtafstand. Er is sprake van een aanvaardbaar woon- en
Juust
24
Hotel Vroonweg 35 Renesse
leefklimaat ter plaatse van de woningen.
4.4
Bodem
Om het risico uit te sluiten, dat mensen gezondheidsproblemen krijgen als gevolg van een langdurig verblijf op verontreinigde grond, dient aangetoond te worden dat de bodemkwaliteit geschikt is voor de beoogde functie. Ter plaatse van het plangebied zijn meerdere bodemonderzoeken uitgevoerd. Deze worden hierna toegelicht. Onderzoek Verkennend bodemonderzoek perceel voormalige strandkerk Voor een deel van het plangebied, ter plaatse van de Hoogenboomlaan 3, het perceel van de voormalige Strandkerk, is door ABO Milieuconsult B.V. een verkennend bodem- en asfaltonderzoek uitgevoerd (zie Bijlage 4). De locatie kan op basis van het vooronderzoek als verdacht worden beschouwd in verband met het mogelijk aanwezig zijn van een voormalige ondergrondse brandstoftank. Geconcludeerd wordt dat zintuiglijk aan het opgeboorde materiaal van de 15 boringen geen bijzonderheden zijn waargenomen die kunnen duiden op een verontreiniging van de bodem. De bodem bestaat tot 2,5 m-mv (maximale boordiepte) uit matig fijn zand. Uit de analyseresultaten kan met betrekking tot de boven- en ondergrond worden geconcludeerd dat in geen van de grond(meng)monsters overschrijdingen van de achtergrondwaarde zijn gemeten.
Uit de analyseresultaten kan met betrekking tot het grondwater worden geconcludeerd dat in het grondwater geen verhoogde concentraties ten opzichte van de streefwaarde en/of de detectiegrens van de desbetreffende parameter zijn aangetoond. De hypothese 'de onderzoekslocatie is verdacht' dient op basis van de onderzoeksresultaten te worden verworpen. Asfaltonderzoek De aanwezige asfaltverharding heeft een oppervlakte van circa 2.550 m2 , is maximaal 20 tot 25 cm dik en bestaat uit meerdere lagen asfalt. Uit de beschrijvingen van de boorkernen blijkt dat onder het asfalt geen funderingslaag aanwezig is. Van zes van de dertien boorkernen zijn laagdiktes bepaald (volgens RAW 152 (2000)) en is met behulp van een PAK-marker indicatief getest op teerhoudendheid. Bij vier van de zes boorkernen gaf de PAK-marker een negatieve uitslag op de toplaag (0-5 mm OB asfalt). Dit betekent dat het PAK gehalte in deze kernen meer dan 250 mg/kg bedraagt. De onderliggende asfaltlagen (GAB en zandasfalt) gaven een positieve uitslag. Dit betekent dat het PAK gehalte in deze kernen minder dan 259 mg/kg bedraagt. Om de teerhoudendheid nader te kunnen vaststellen (gehalte > 75 mg/kg PAK) zijn twee mengmonsters van de asfaltlagen samengesteld en geanalyseerd op PAK (DLC). Uit de analyseresultaten blijkt dat in geen van de mengmonsters een PAK gehalte is aangetoond groter dan 50 mg/kg.
Dit betekent dat de asfaltverharding, met uitzondering van de toplaag (0-5 mm), niet teerhoudend is. Geraamd wordt dat circa 1.234 ton niet teerhoudend asfalt zal vrijkomen. De teerhoudende toplaag (slijtlaag) zal dan eerst moeten worden verwijderd. De onderzoeksresultaten geven geen aanleiding voor vervolgonderzoek en vormen geen belemmering. Verkennend bodemonderzoek huidig hotelperceel Ter plaatse van het perceel van het huidige hotel (Vroonweg 33) is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd conform NEN 5740 door Terra Milieu (zie Bijlage 5). Op basis van het uitgevoerde onderzoek en de analyseresultaten kan worden geconcludeerd dat in de grond PAK's en kwik verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarde worden aangetroffen. In het grondwater worden geen verhoogde parameters aangetroffen. De locatie kan niet meer als onverdacht worden beschouwd. Verhogingen ten opzichte van de achtergrondwaarde, respectievelijk de streefwaarde worden vaker aangetroffen tijdens bodemonderzoek, maar geven geen bezwaar voor het geplande gebruik van de locatie. De resultaten van het bodemonderzoek geven geen aanleiding om een nieuw onderzoek met een gewijzigde onderzoeksstrategie uit te voeren. Bodemonderzoek wegtracé Ter plaatse van de Vroonweg, Kabbelaarsweg en Hoogenboomlaan is een bodemonderzoek uitgevoerd ten
Juust
25
Hotel Vroonweg 35 Renesse
behoeve van de herinrichting van deze wegen. Omdat een deel van de huidige Vroonweg binnen het plangebied is gelegen van het hotel, is ook dit onderzoek van belang in dit bestemmingsplan. Het bodemonderzoek is uitgevoerd door SMA Milieu en Ruimte (zie Bijlage 6). Op basis van de onderzoeksresultaten mag worden aangenomen dat het PAK10-gehalte in de vakken A (Vroonweg ten oosten van kruising met Capelweg) en H (Roelandsweg) lager is dan 75 mg/kg.ds. Dit asfalt wordt daarmee volgens CROW publicatie 210 beschouwd als teervrij. Ook de vakken B (toplaag Vroonweg en Hoogenboomlaan), C (onderlaag GAB 0/16 in Vroonweg) en G (toplaag Hoogenboomlaan ten westen van huisnummer 38-0262) mogen op basis van onderhavig onderzoek worden beschouwd als teervrij. De omvang van deze vastgestelde teervrije asfaltlagen wordt globaal geschat op 1.490 ton. Echter, het als teervrij te verwijderen asfalt zal vermoedelijk kleiner zijn vanwege een benodigde veiligheidsmarge van 20 mm tijdens het frezen. Dit dient te worden uitgewerkt in een frees- en schollenplan (CROW 210 stap 5). Op basis van de onderzoeksresultaten dient het overige asfalt (globaal 595 ton, dit is exclusief teervrij asfalt uit bovengenoemde veiligheidsmarges) te worden aangemerkt als teerverdacht of teerhoudend. Aanvullend boorkernonderzoek wordt niet zinvol geacht.
Omdat de tijdens het PAK-markeronderzoek als teerhoudend aangemerkte asfaltlagen gerelateerd lijken aan oppervlaktebehandelingen en penetratielagen van beperkte dikte, kan worden overwogen om de teerverdachte en -houdende lagen na verwijdering middels frezen nogmaals te onderzoeken. Ditmaal als partij niet-vormgegeven bouwstof volgens het Besluit bodemkwaliteit. Vermoedelijk zal het PAK10-gehalte in dit freesasfalt <75 mg/kg.ds zijn, waardoor dit asfalt mogelijk alsnog als teervrij asfalt milieubewust kan worden verwerkt. In verband met het aantreffen van funderingslagen met puin van onduidelijke herkomst dient te worden uitgegaan van voor verontreiniging met asbest verdachte funderingslagen. Aanbevolen wordt om een onderzoek naar asbest in deze funderingen (NEN 5707 cq. NEN 5897) uit te voeren. Gronden die niet onderzocht zijn Wanneer de onderzoeksgebieden van de voornoemde bodemonderzoeken over het plangebied van het bestemmingsplan worden geprojecteerd, blijkt dat er twee smalle stroken op het hotelperceel aanwezig zijn die niet zijn onderzocht. De bodemdeskundige van de gemeente heeft deze situatie beoordeeld en concludeert dat de huidige onderzoeken een goed beeld geven van de bodemkwaliteit op de te ontwikkelen locatie; de onderzoeken tonen aan dat de bodem geschikt is voor de toekomstige functie.
Ook op basis van historische informatie is op de stroken geen verontreiniging te verwachten. Er wordt dan ook geen vervolgonderzoek noodzakelijk geacht en het aspect 'bodem' staat de vaststelling van het bestemmingsplan niet in de weg. Mochten er veel grondroeringen gaan plaatsvinden bij de twee stroken, dan kan eventueel bij uitvoering nog aanvullende onderzoek worden uitgevoerd. Conclusie Het aspect bodem vormt geen belemmering voor het bestemmingsplan.
4.5
Energie en klimaat
Algemeen Op dit moment zijn er een aantal transities die onder het begrip duurzaamheid vallen. De energietransitie, (het terugbrengen van de CO2 uitstoot door van fossiele energie over te gaan op hernieuwbare en duurzame energie) de ruimtelijke adaptatie voor de klimaatverandering (het aanpassen van de openbare ruimte om de negatieve effecten van de klimaatverandering te verkleinen of zelfs weg te nemen) en de overgang naar circulaire economie (gericht op het hoogwaardig hergebruiken van producten en grondstoffen). Alle ruimtelijke ontwikkelingen worden aan deze ontwikkelingen getoetst en indien mogelijk zal op deze ontwikkelingen geanticipeerd moeten worden. Energiebesparing en het gebruik van duurzame energie is een belangrijk thema in het nationale klimaatbeleid. In het bestemmingsplan gaat het er bij het thema energie om dat rekening gehouden wordt met duurzaamheidsaspecten bij het ontwikkelen van een plangebied. Daarnaast moet er ook gekeken worden of de ontwikkeling klimaatbestendig is. Daarvoor wordt gekeken naar de thema's waterveiligheid, wateroverlast, hitte en droogte. Klimaatverandering heeft ook voor deze thema's gevolgen. Door daar aan de voorkant hierop te anticiperen, kunnen de effecten hiervan worden verminderd. Regelgeving
Juust
26
Hotel Vroonweg 35 Renesse
Alleen via het Bouwbesluit geldt een wettelijke verplichting om bij bestemmingsplannen aandacht te besteden aan (duurzame) energie. Door bij de opstelling van een bestemmingsplan al rekening te houden met bijvoorbeeld een zongerichte situering van woningen, kan al in een vroeg stadium van een planontwikkeling worden bewerkstelligd dat de mogelijkheden voor efficiënt gebruik van energie en de inzet van nieuwe energiebronnen kunnen worden benut. In het bestemmingsplan kunnen geen voorwaarden worden gesteld met betrekking tot energie van niet stedenbouwkundige aard. De gemeente is verplicht uit het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie om in 2020 een plan te hebben om de gemeente in 2050 klimaatbestendig te hebben. Bij nieuwbouw moet hier rekening mee worden gehouden. Toetsing Om te voldoen aan het Bouwbesluit dient er in het kader van de omgevingsvergunningaanvraag voor de activiteit 'bouwen', een EPC-berekening aangeleverd te worden. Voor de MPG kan gekozen worden voor een SBK-bewijs of voor een berekening uit te voeren met bijvoorbeeld GPR-gebouw.
De volgende specifieke duurzaamheidsaspecten zullen worden toegepast en ondergebracht: All electric Aanwezigheidsdetectie LED verlichting Daglichtregulering Water besparende maatregelen Gescheiden HwA en DwA Infiltratie HwA zoveel als mogelijk op het perceel Waterbesparende maatregelen Aanwezigheidsschakeling in hotelkamers Laadpalen in garage Laadpalen fietsenstalling OV informatiescherm in lobby t.b.v. promoten gebruik OV Toepassen duurzame materialen Ten tijde van de verdere uitwerking van de bouwplannen zal hier meer over duidelijk worden. Circulaire economie De circulaire economie is gericht op het zodanig toepassen van materialen dat de materialen na gebruik weer hergebruikt kunnen worden voor een hoogwaardige toepassing. In onderstaand figuur staat de essentie van circulaire economie aangegeven. Hergebruik betekent op de eerste plaats dat kapotte dingen weer gerepareerd worden en door goed onderhoud een langer functioneel gebruik mogelijk is. Wanneer het product zelf niet meer nodig is, wordt het niet weg gegooid, maar juist weer opnieuw voor anderen in roulatie gebracht, eventueel nadat onderdelen vervangen zijn en het product zo een update heeft gekregen. Als dat niet gaat, kan het materiaal nog gerecycled worden, waardoor de grondstof weer hergebruikt wordt. Als circulaire economie verder wordt doorgevoerd, dan gaat het niet meer om bezit maar om gebruik.
De functie/dienst wordt gekocht en niet het middel. Het college van burgemeester en wethouders heeft aangegeven met het principe circulaire economie actief aan de slag te gaan. Bij de verdere uitwerking van het ontwerp van het gebouw wordt hier zoveel mogelijk rekening mee gehouden.
Juust
27
Hotel Vroonweg 35 Renesse
Het gehele gebouw wordt gasloos. Voor het verwarmen van het gebouw wordt gebruik gemaakt van een VRF systeem (combi-warmtepomp met de buitenlucht als bron). Ten aanzien van de energieprestatie van het gebouw is een BENG-berekening (Bijna Energie Neutrale gebouwen) gemaakt en getoetst. Hieruit blijkt dat voldaan wordt aan de eisen inzake energieprestatie uit het Bouwbesluit 2012. Ten aanzien van het klimaat wordt met de ontwikkeling rekening gehouden met hittestress en waterberging. Het hotel wordt voorzien van zonwerende beglazing en een goede isolatie. Daarmee wordt hitte in het gebouw voorkomen. Aan de warmste zijden van het gebouw - de zuidzijde en zuidwestzijde - wordt de buitenruimte hoofdzakelijk met groen en een waterpartij ingericht. Tijdens een hitteperiode straalt dit minder warmte uit dan bijvoorbeeld een stenen verharding. Langs de randen van het terrein zijn bomen voorzien die voor schaduw en daarmee verkoeling kunnen zorgen tijdens hete periodes. Tevens wordt voorzien in circa 390 m2 open water / wadi in het plan. Ten aanzien van waterberging kan water afgevoerd worden naar deze waterpartij die aangesloten wordt op de bestaande duiker in het zuidwesten van het plangebied.
4.6
Externe veiligheid
De doelstelling van het externe veiligheidsbeleid is het realiseren van een veilige woon- en leefomgeving door het beheersen van risico's van activiteiten met gevaarlijke stoffen (zoals het gebruik, de opslag, de productie als het transport). Het beleid is erop gericht te voorkomen dat er dichtbij gevoelige bestemmingen activiteiten met gevaarlijke stoffen plaatsvinden. Bij nieuwe (ruimtelijke) ontwikkelingen dient rekening te worden gehouden met risicobronnen in de omgeving. Op basis van de risicokaart blijkt, dat in de directe omgeving geen risicobronnen aanwezig zijn. Ter plaatse van de camping 'De Oase' en 'Julianahoeve' zijn propaantanks aanwezig. Deze propaantanks zijn echter op een grote afstand van het plangebied gelegen (meer dan 900 meter). Tevens liggen de risicocontouren van deze propaantanks binnen het gebied van de eigen inrichting. Deze risicobronnen hebben daarmee geen invloed op het plangebied. Het aspect externe veiligheid vormt geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.
Juust
28
Hotel Vroonweg 35 Renesse
4.7
Geluid
Geluid kan hinderlijk en schadelijk voor de gezondheid zijn. Zo kunnen hoge geluidsniveaus het gehoor beschadigen. Maar ook verstoring van de slaap kan op de lange duur slecht zijn voor de gezondheid. In Nederland zijn afspraken gemaakt over wat acceptabele geluidsniveaus zijn en wat niet (de geluidsnormen). Bij ruimtelijke plannen kan akoestisch onderzoek nodig zijn om geluidhinder bij geluidgevoelige objecten (scholen, woningen, etc.) te voorkomen. De Wet geluidhinder (Wgh) bevat geluidnormen en richtlijnen over de toelaatbaarheid van geluidniveaus als gevolg van rail- en wegverkeerslawaai, industrielawaai en luchtvaartlawaai. Een akoestisch onderzoek moet worden uitgevoerd als een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling een geluidgevoelig object mogelijk maakt binnen een geluidzone van een bestaande geluidbron of indien het plan een nieuwe geluidbron mogelijk maakt. Een hotel is op basis van de Wet geluidhinder géén geluidgevoelige functie. Het uitvoeren van akoestisch onderzoek is voor de ontwikkeling van het hotel daarom niet benodigd. Daarnaast krijgen de wegen aangrenzend aan het plangebied een 30 km/uur regime. In het kader van het bestemmingsplan voor de herinrichting van de omliggende wegen Vroonweg, Kabbelaarsweg en Hoogenboomlaan is een akoestisch onderzoek uitgevoerd.
Hierin is onderzocht wat het effect is van de verlegging van de wegen op de geluidsbelasting op de gevels van nabij gelegen woningen. Omdat er sprake is van een significante toename van de geluidsbelasting ter plaatse van enkele woningen, worden vanuit een goede ruimtelijke ordening maatregelen getroffen ter plaatse van de woning aan de Hoogenboomlaan 28 c.
4.8
Kabels en leidingen
In het bestemmingsplan worden uitsluitend kabels en leidingen (gas, water, elektra, rioolpersleidingen) opgenomen die ruimtelijke relevantie hebben, of van belang zijn in het kader van externe veiligheid, beheer of gezondheidsrisico. Voor deze kabels en leidingen geldt een waarborgzone omdat deze wellicht een risico met zich meebrengen. Het gaat hier met name om een verhoogd risico als ze bij werkzaamheden worden geraakt. In of in de nabijheid van het plangebied liggen geen planologisch relevante kabels en/of leidingen.
4.9
Licht en duisternis
De verwachte mate van hinder van lichtuitstraling is hieronder kwalitatief beschreven. Huidige situatie Het plangebied is een matig donker gebied. In de huidige situatie is er beperkt sprake van lichthinder. Het huidige hotel en de straatverlichting vormen de belangrijkste lichtbronnen. Toekomstige situatie In de toekomstige situatie zal de lichtuitstraling waar mogelijk verbeteren ten opzichte van de huidige situatie. De nieuw te plaatsen lichtmasten zullen worden voorzien van LED-armaturen, waardoor de uitstraling naar de omgeving wordt verminderd. De gemeente hanteert prioriteit 1: geen verlichting, 2: dynamische verlichting, 3: gericht verlichten en 4: met zo min mogelijke lichtsterkte. Verlichting dient zo goed mogelijk aan dit beleid te voldoen. In de verdere gedetailleerde uitwerking van de inrichting van het terrein rondom het hotel zal een lichtplan worden opgesteld waarbij voldaan wordt aan het gemeentelijke beleid. Uitgangspunt is dat de toekomstige verlichting naar beneden schijnende lichten heeft en zoveel mogelijk nabij de bebouwing wordt geplaatst.
Juust
29
Hotel Vroonweg 35 Renesse
4.10
Luchtkwaliteit
In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient rekening te worden gehouden met luchtkwaliteit. Als het een ruimtelijk project of (te vergunnen) activiteit betreft, waarvan de bijdrage aan de luchtverontreiniging klein is, is geen toetsing aan de grenswaarden luchtkwaliteit nodig. Beoordeeld moet worden of de ontwikkeling 'Niet In Betekende Mate' (NIBM) bijdraagt aan de concentraties van diverse verontreinigende stoffen, waaronder stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM10) in de buitenlucht. Als een project tot een toename voor NO2 en PM10 leidt die lager is dan de NIBM grens van 1,2 ìg/m3 hoeft het project niet getoetst te worden aan de grenswaarden. Vanzelfsprekend moet er wel sprake zijn van een goede ruimtelijke ordening. In de regeling NIBM is aangegeven, dat een woningbouwlocatie met maximaal 1.500 woningen en één ontsluitingsweg is aan te merken als een ontwikkeling die NIBM bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. De voorgenomen ontwikkeling draagt niet in betekenende mate bij aan een verslechtering van de luchtkwaliteit, zie onderstaande afbeelding. Dit is gebaseerd op 482,8 motorvoertuigbewegingen per weekdagetmaal op basis van de maximale planologische invulling van het plan (142 kamers, 100% bezetting, 3,4 motorvoertuigen per kamer) en het (realisatie)jaar dat het hotel volledig in gebruik zal zijn.
Afbeelding | NIBM-tool 2021 (bron: Infomil)
4.11
Natuur
De Wet natuurbescherming zorgt voor bescherming van gebieden, diersoorten, plantensoorten en bossen. De beschermde flora en fauna mag niet worden verstoord, verjaagd of worden gedood. Voorafgaand aan een ontwikkeling moet worden onderzocht of er beschermde dieren- of plantensoorten in het plangebied leven. Gebiedsbescherming Het plangebied ligt niet binnen de begrenzing van een natuurgebied, natuurnetwerk en Natura-2000 gebieden. De Vroongronden aan de westzijde van het plangebied maken deel uit van het Natura2000-gebied 'Kop van Schouwen'. Ook ten noorden van het plangebied op een afstand van circa 150 meter zijn gronden aanwezig die deel uitmaken van dit Natura2000-gebied. Op basis van de Wet natuurbescherming dient te worden nagegaan of de ontwikkeling negatieve effecten op dit Natura2000-gebied heeft. Omdat het plangebied op korte afstand van het Natura2000-gebied is gelegen kunnen op voorhand negatieve effecten op de Natura2000-doelstellingen niet worden uitgesloten. Negatieve effecten op aangewezen habitattypen en -soorten zijn te verwachten door verzuring en vermesting
Juust
30
Hotel Vroonweg 35 Renesse
door stikstofdepositie uit de lucht. Voor de herontwikkeling van het hotel is een stikstofberekening uitgevoerd (zie Bijlage 7). Omdat het huidige hotel een stikstofuitstoot heeft en ook een verkeersaantrekkende werking is een verschilberekening gemaakt waarbij de toekomstige situatie gesaldeerd wordt met de huidige situatie. Uit de stikstofberekening blijkt dat zowel voor de gebruiksfase als de aanlegfase geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j zijn. Het project heeft daarmee geen negatief effect op de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura2000-gebieden voor wat betreft stikstof. Door Ecologisch Adviesbureau Viridis bv is een voortoets Wet natuurbescherming uitgevoerd (15 november 2022, zie Bijlage 8) ten behoeve van de herontwikkeling van het hotel. Met de voortoets is onderzocht of de sloop en nieuwbouw van het hotel aan de Vroonweg (significant) negatieve effect kan hebben op de instandhoudingsdoelstellingen van aangewezen habitattypen of soorten binnen de Natura 2000-gebieden 'Kop van Schouwen', 'Voordelta', en 'Oosterschelde'. Uit de voortoets blijkt, dat op zowel aangewezen soorten als aangewezen habitattypen, door de werkzaamheden geen (significant) negatieve effecten zijn te verwachten.
Uit de stikstofberekening komt geen toename van de stikstofdepositie naar voren en ook voor de overige verstoringsfactoren geldt dat negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen zijn uitgesloten. De aangewezen instandhoudingsdoelstellingen worden niet bedreigd door de voorgenomen ingrepen. Voor het project geldt dat er geen negatieve effecten op de omliggende Natura2000-gebieden zijn te verwachten. Er is geen noodzaak tot het uitvoeren van een verslechteringstoets of passende beoordeling. Soortenbescherming Door Ecolybrium is een quickscan flora en fauna en een vleermuisonderzoek uitgevoerd (30 november 2022, zie Bijlage 9). Hieruit blijkt dat er geen jaarrond beschermde netsten aanwezig zijn, effecten op beschermde soorten grondgebonden zoogdieren, op beschermde en/of bijzondere soorten vissen, amfibieën en libbelen en op zwaar beschermde soorten dagvlinders en/of ongewervelden en reptielen zijn uit sluiten. Wel wordt geadviseerd om de algemene zorgplicht in acht te nemen als het gaat om de amfibieën die waarschijnlijk de poel gebruiken voor hun voortplanting. Indien de meest verstrorende werkzaamheden buiten de broeidperiode uitgevoerd kunnen worden, of starten net voorafgaande aan het broedseizoen, dan is (opzettelijke) verstoring van algemeen boorkomende soorten broedvogels niet aan de orde.
Uit het vleermuisonderzoek is gebleken dat er geen vaste rust- en verblijfplaatsen aanwezig zijn van vleermuizen. Er zijn geen primaire vliegroutes aanwezig boven en naast de beoogde ingreeplocatie. Er zijn geen bomen aanwezig, maar boven het dak aan de zuidzijde is wel een foerageergebied voor de gewone dwergvleermuis. Dit betreft geen essentieel foerageergebied. Er is geen ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming noodzakelijk.
4.12
Niet gesprongen explosieven
In de Tweede Wereldoorlog is in Zeeland veel gevochten. Doordat tijdens de gevechten niet alle munitie is ontploft zijn er tot op de dag van vandaag blindgangers in de bodem te vinden. Beleidsnota conventionele explosieven De gemeente Schouwen-Duiveland is in de Eerste en de Tweede Wereldoorlog getroffen door oorlogsgeweld. Dit heeft er toe geleid dat er een kans bestaat dan conventionele explosieven (CE) in de bodem zijn achtergebleven. De gemeente Schouwen-Duiveland heeft een beleidsnota opgesteld om onder andere te voorkomen dat conventionele explosieven ongecontroleerd exploderen. Bij deze beleidsnota is een beleidskaart toegevoegd. Op deze kaart ligt het plangebied grotendeels buiten gebieden met een trefkans en voor een klein deel in een gebied met een verlaagde trefkans. Tevens staat op de locatie reeds bebouwing en ook ter plaatse van de locatie van de voormalige strandkerk heeft bebouwing gestaan. De kans op het aantreffen van conventionele explosieven is daardoor klein. Het uitvoeren van onderzoek voorafgaand aan de ontwikkeling is niet noodzakelijk. Het protocol toevalstreffer CE is altijd van toepassing.
Juust
31
Hotel Vroonweg 35 Renesse
Afbeelding | Uitsnede Beleidskaart CE Schouwen-Duiveland (bron: gemeente Schouwen-Duiveland)
4.13
Water
Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) stelt een watertoets in ruimtelijke plannen verplicht. Beschreven moet worden op welke wijze in het plangebied met water en watergerelateerde aspecten wordt omgegaan. Voorkomen moet worden dat ontwikkelingen in het ruimtegebruik ongewenste effecten hebben op de waterhuishouding. Een goede afstemming tussen beiden is derhalve noodzakelijk om problemen, zoals bijvoorbeeld wateroverlast, slechte waterkwaliteit, verdroging, etc., te voorkomen. Thema en water(beheer)doelstelling Uitwerking Veiligheid waterkeringen Het plangebied is niet in of nabij een waterkering Waarborgen van het veiligheidsniveau en rekening gelegen. houden met de daarvoor benodigde ruimte. Voorkomen overlast door oppervlaktewater Het gebied is in de huidige situatie grotendeels Het plan biedt voldoende ruimte voor het verhard. Ook in de toekomstige situatie zal het gebied vasthouden, bergen en afvoeren van water. grotendeels verhard zijn. Waarborgen van voldoende bouwpeil om overstroming vanuit oppervlaktewater in maatgevende situaties te voorkomen. Rekening houden met de gevolgen van klimaatverandering en de kans op extreme weersituaties.
In de huidige situatie is in totaal 3.970 m2 bebouwing en terreinverharding aanwezig (exclusief de gesloopte strandkerk). In de toekomstige situatie zal in totaal 6.555 m2 verharding aanwezig zijn. De doorlatende bodemverharding betreft halfverharding ter plaatse van de parkeerplaatsen (1.830 m2 ). Dit is voor 50% meegerekend in de berekening. Er is daarmee een toename van 2.585 m2 aan verharding. Hiertoe dient 194 m3 watercompensatie plaats te vinden (2.585 x 0,075 mm). In het gebied is geen peilbesluit aanwezig. Daarom wordt er gerekend vanaf maaiveld. In het plan is rekening gehouden met de aanleg van een bermsloot met een minimale oppervlakte van 390 m2 , gerekend met een diepte van minimaal 0,5 m kan voorzien worden in (ruim) voldoende watercompensatie binnen het plangebied.
Juust
32
Hotel Vroonweg 35 Renesse
Voorkomen overlast door hemel- en afvalwater Het afvalwater wordt afgevoerd door het Waarborgen optimale werking van de zuiveringen/ vuilwaterstelsel van de gemeente. Hemelwater dient RWZI's en van de (gemeentelijke) rioleringen. via het oppervlaktewater of via een gescheiden Afkoppelen van (schone) verharde oppervlakken in rioleringsstelsel (indien aanwezig) te worden verband met de reductie van hydraulische belasting van afgevoerd. de RWZI, het transportsysteem en het beperken van Het beheer en onderhoud van het inzamelings- en overstorten. transportstelsel van afvalwater, kortom de riolering, ligt bij de gemeente. Waterschap Scheldestromen is verantwoordelijk voor de zuivering van het aangeleverde afvalwater. Grondwaterkwantiteit en verdroging In het plangebied wordt geen grondwater onttrokken. Voorkomen en tegengaan van grondwateroverlast en -tekort. Rekening houdend met de gevolgen van klimaatverandering. Beschermen van infiltratiegebieden en –mogelijkheden. Grondwaterkwaliteit Het plan maakt geen functies mogelijk die tot Behoud of realisatie van een goede verslechtering van de waterkwaliteit van zowel grondwaterkwaliteit. Denk aan oppervlaktewater als grondwater leiden. Het grondwaterbeschermingsgebieden. plangebied is niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied.
Oppervlaktewaterkwaliteit Het plan heeft geen negatieve gevolgen voor de Behoud of realisatie van goede kwaliteit van het oppervlaktewater. Van de oppervlaktewaterkwaliteit. Vergroten van de veerkracht oppervlaktes waarvan het hemelwater wordt afgevoerd van het watersysteem. Toepassing van de trits naar oppervlaktewater zal rekening worden gehouden schoonhouden, scheiden, zuiveren. met het materiaalgebruik. Volksgezondheid Door het afkoppelen van hemelwater van de DWA Minimaliseren risico watergerelateerde ziekten en worden vuilwateroverstorten (in de omgeving) plagen. Voorkomen van verdrinkingsgevaar/-risico's via tegengegaan. De risico's van watergerelateerde ziekten o.a. de daarvoor benodigde ruimte. en plagen worden hierdoor geminimaliseerd. Bodemdaling Voorkomen van maatregelen die (extra) maaiveldsdalingen in zettinggevoelige kunnen veroorzaken.
Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling zal het (grond)waterpeil niet worden aangepast. Eventuele gebieden bodemdaling in de omgeving zal niet door het plan worden beïnvloed.
Natte natuur De ontwikkeling heeft geen invloed op de Ontwikkeling/bescherming van een rijke gevarieerde en natuurgebieden in de omgeving. Door de natuurlijke natuurlijk karakteristieke aquatische natuur. overgang van het hotelterrein naar de naastgelegen Vroongronden, zal de ontwikkeling juist een positieve bijdrage hebben. Onderhoud oppervlaktewater In en rondom het plangebied zijn meerdere Oppervlaktewater moet adequaat onderhouden watergangen aanwezig. Mede met de herinrichting van worden. Rekening houden met obstakelvrije de omliggende wegen worden enkele watergangen onderhoudsstroken vrij van bebouwing en opgaande verlegd. Hiervoor is een integraal plan opgesteld. De (hout)beplanting. wijzigingen hebben geen invloed op het onderhoud van de watergangen. Er wordt rekening gehouden met obstakelvrije zones waardoor de watergangen goed onderhouden kunnen worden.
Juust
33
Hotel Vroonweg 35 Renesse
Anderer belangen waterbeheer Relatie met eigendom waterbeheerder In het plangebied zijn geen objecten aanwezig die in Ruimtelijke ontwikkelingen mogen de eigendom zijn van de waterbeheerder. werking van objecten (terreinen, milieuzonering) van de waterbeheerder niet belemmeren. Wegen in beheer bij het waterschap (alleen invullen voor zover van toepassing) In het plangebied zijn geen wegen aanwezig die in het * in de bouwfase: beheer zijn bij het waterschap. Vinden er transporten (grond/bouwmaterialen) plaats over waterschapswegen? * na realisatie: verkeersaantrekkende werking Veroorzaakt uw plan structureel extra verkeer? *na realisatie: bereikbaarheid Omschrijf hoe motorvoertuigen, fietsers en voetgangers uw plan kunnen bereiken. Worden er hiervoor uitwegen gewijzigd of nieuw aangelegd? * na realisatie: parkeren Wordt er op uw eigen terrein geparkeerd? * na realisatie: (ver)bouwen Bent u voornemens om binnen 20 meter van een waterschapsweg een bouwwerk te (ver)bouwen? (zoals een woning of afscheiding (gefundeerd).
4.14
Milieu Effect Rapportage
In onderdeel D van de bijlage van het Besluit m.e.r. zijn diverse activiteiten opgenomen waarvoor een m.e.r.-beoordelingsplicht geldt. Hierbij moet beoordeeld worden of er sprake is van (mogelijke) belangrijke nadelige milieugevolgen. Als deze niet uitgesloten kunnen worden geldt een m.e.r.-plicht. In onderdeel D is per activiteit de drempelwaarde benoemd. Als een activiteit voorkomt in onderdeel D en boven de drempelwaarde komt, geldt voor het te nemen besluit een m.e.r.-beoordelingsplicht. Indien er activiteiten plaatsvinden die in onderdeel D zijn opgenomen, maar onder de drempelwaarde blijven, dient er nagegaan te worden of het project grote milieugevolgen heeft. Deze toets dient plaats te vinden aan de hand van de criteria uit bijlage III van de Europese richtlijn m.e.r.. De hoofdcriteria waaraan getoetst moet worden zijn: kenmerken van het project, plaats van het project en kenmerken van het potentiële effect. Het bevoegd gezag dient vervolgens voor de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan een besluit te nemen of er een MER moet worden opgesteld. De grondslag hiervoor is een vormvrije m.e.r.-beoordeling. In onderdeel D van het Besluit m.e.r. wordt in categorie D10 de aanleg, wijziging of uitbreiding van jachthavens en hotelcomplexen buiten stedelijke zones met bijbehorende voorzieningen genoemd.
De drempelwaarde voor een formele m.e.r.-beoordeling in het Besluit m.e.r. ligt voor beide activiteiten op 250.000 bezoekers of meer per jaar, een oppervlakte van 25 hectare of meer, 100 ligplaatsen of meer of een oppervlakte van 10 hectare of meer in een gevoelig gebied. Bij de herontwikkeling van het hotel worden deze drempelwaarden niet behaald. Het plangebied is circa 1,1 ha groot en het aantal bezoekers ligt fors lager. In onderdeel De van het Besluit m.e.r. wordt in categorie D11.2 de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterrein genoemd. De drempelwaarde voor een formele m.e.r.-beoordeling hiervan ligt op een oppervlakte van 100 hectare of meer,
Juust
34
Hotel Vroonweg 35 Renesse
een aaneengesloten gebied met 2000 of meer woningen of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer. Ook hier blijft de ontwikkeling ruim onder de drempelwaarden. Conform artikel 3 Besluit m.e.r. is het niet automatisch meer nodig om bij een passende beoordeling een plan-m.e.r.-beoordeling op te stellen indien de ontwikkeling geen aanzienlijke milieueffecten heeft en de ontwikkeling een kleine wijziging betreft voor een gebied dat klein is in verhouding tot het totale grondgebied van de gemeente. Uit de eerder uitgevoerde Passende beoordeling blijkt, dat er geen significante negatieve effecten aanwezig zijn op Natura2000-gebieden. Dit blijkt ook uit de actuele stikstofberekening. Ook vanuit de overige beschreven milieuaspecten leidt het plan niet tot aanzienlijke milieueffecten. Daarnaast betreft de ontwikkeling een kleine wijziging omdat op het perceel reeds een hotel aanwezig is. Er is sprake van een herontwikkeling waarbij ingezet wordt op kwaliteitsverbetering. Tot slot is het plangebied klein in verhouding tot het gehele grondgebied van de gemeente Schouwen-Duiveland. Volstaan kan worden met een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Hiertoe is een aanmeldnotitie opgesteld (zie Bijlage 10).
Uit de integrale beoordeling van de milieueffecten gelet op de aanvraag en de selectiecriteria uit bijlage III m.e.r.-richtlijn (in onderlinge samenhang beschouwd) wordt geconcludeerd dat de ontwikkeling van het hotel niet leidt tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. Het opstellen van een milieueffectrapportage (MER) is daardoor niet noodzakelijk. Naar aanleiding van ingekomen zienswijzen, is het plan op onderdelen gewijzigd. De parkeerkelder met wellnessvoorzieningen is komen te vervallen en er zijn 6 hotelkamers bijgekomen. De conclusie omtrent hydrologie wijzigt niet. Er is juist sprake van een verbetering. Naar aanleiding van het gewijzigd plan hebben een aantal extra stikstofberekeningen plaatsgevonden, maar ook hier wijzigt de conclusie niet. Daarmee leiden de wijzigingen niet tot een andere uitkomst ten aanzien van de integrale milieubeoordeling, waardoor de conclusie van de aanemldnotitie nog actueel is.
4.15
Conclusie
Omgevingsaspecten zijn onderzocht en vormen geen belemmering voor de ontwikkeling. Planologische medewerking aan het initiatief ligt dan ook in de rede.
Juust
35
Hotel Vroonweg 35 Renesse
Hoofdstuk 5 5.1
Juridische aspecten
Inleiding
In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op de beleidsmatige verantwoording en aanwezige kwaliteiten en waarden in het gebied. Om deze waarden te kunnen behouden en te borgen, worden deze in planregels vastgelegd. Dit hoofdstuk beschrijft de wijze waarop het ruimtelijk en functioneel beleid voor het plangebied in het bestemmingsplan is vertaald.
5.2
Plansystematiek
In de Wet ruimtelijke ordening met bijbehorende Besluit ruimtelijke ordening heeft het bestemmingsplan een belangrijke rol als normstellend instrument voor het ruimtelijk beleid van de gemeente, provincies en het rijk,. In de ministeriële 'Regeling standaarden ruimtelijke ordening' hierna (Rsro) is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (hierna SVBP 2012) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen, die tot doel heeft om te komen tot een geüniformeerde en gestandaardiseerde opzet van bestemmingsplannen in Nederland. Deze methodiek is onverkort gevolgd. Het bestemmingsplan is daarbij tevens digitaal vervaardigd en is daarom ook digitaal raadpleegbaar via internet. Naast het feit dat de bestemmingen, aanduidingen en weergave van de verbeelding gestandaardiseerd zijn, vloeit de redactie van de regels ten aanzien van het overgangsrecht en de anti dubbeltelbepaling rechtstreeks voort uit het Besluit ruimtelijke ordening. De beleidsmatige inhoud van het bestemmingsplan is niet gestandaardiseerd. De gemeente behoudt haar vrijheid ten aanzien van de inhoud en vormgeving aangaande de toelichting. De verbeelding geeft de bestemmingen weer. Binnen de bestemmingsvlakken kunnen bouwvlakken, bouw-, gebieds-, functie-, en maatvoeringsaanduidingen aangegeven worden, waarbinnen een aantal specifieke bouwregels en functies kunnen worden aangegeven.
Deze hebben juridische betekenis, omdat daar in de regels naar wordt verwezen. De topografische ondergrond die gebruikt is als basis voor de verbeelding heeft geen juridische status.
5.3
Toelichting op de bestemmingen
Algemeen De regels bevatten bepalingen over het gebruik van de gronden, over de toegelaten bebouwing en bepalingen betreffende het gebruik van op te richten bouwwerken. De regels zijn, conform de wettelijk verplicht gestelde SVBP 2012, onderverdeeld in vier hoofdstukken: - Hoofdstuk 1 Inleidende regels - Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels - Hoofdstuk 3 Algemene regels - Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Inleidende regels Begripsbepalingen en Wijze van meten De inleidende regels omvatten de begripsbepalingen en de bepalingen omtrent de wijze van meten. De begripsbepalingen geven de definities over de in de regels gehanteerde begrippen met betrekking tot bouwen en functies. De wijze van meten geeft uitsluitsel over de wijze waarop afstanden, hoogtes, oppervlakte etc. moeten worden gemeten. Bestemmingsregels Horeca
Juust
36
Hotel Vroonweg 35 Renesse
Het plangebied omvat het terrein ten behoeve van het hotel. Het gehele plangebied is daarom bestemd als 'Horeca'. Binnen deze bestemming is de exploitatie van een hotel mogelijk met bijbehorende voorzieningen, zoals een restaurant en andere kleinschalige functies zoals ondergeschikte detailhandel. Ten aanzien van het bouwen mag van het gehele terrein maximaal 40% worden bebouwd. Het hoofdgebouw dient binnen het bouwvlak te worden gebouwd. Er geldt een maximale bouwhoogte van 11,5 meter. Waarde - Archeologie 6 De voor 'Waarde - Archeologie - 6' aangewezen gronden zijn opgenomen voor het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden. De situering van de bestemming komt voort uit de gemeentelijke archeologische verwachtingskaart. Met deze dubbelbestemming wordt tevens geborgd, dat eerst een archeologisch onderzoek wordt uitgevoerd, voordat er grondwerkzaamheden plaatsvinden dieper dan 0,5 -mv. Algemene regels Anti-dubbeltelregel Deze bepaling is ingevolge artikel 3.2.4 van het Besluit ruimtelijke ordening vast voorgeschreven. Doel van deze bepaling is te voorkomen, dat er meer wordt gebouwd dan het bestemmingsplan beoogd, bijv. ingeval (onderdelen van) percelen van eigenaar wisselen.
Algemene bouwregels Dit artikel bevat een aantal algemene bepalingen ten aanzien van het overschrijden van de bouwgrenzen van verschillende bij gebouwen horende elementen zoals schoorstenen en erkers. Tevens is een regeling opgenomen die waarborgt dat er wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid bij nieuwbouw. Algemene gebruiksregels In dit artikel zijn algemene regels opgenomen ten aanzien van het gebruik van gronden en bouwwerken. Algemene afwijkingsregels In deze regels wordt aan burgemeester en wethouders de bevoegdheid gegeven om bij omgevingsvergunning af te wijken van de maximum toegestane bouwhoogte en voor het aanbrengen van wijzigingen in de plaats, richting en/of afmetingen van bouwgrenzen voor zover dit voor een praktische uitvoering van het plan noodzakelijk is. Algemene wijzigingsregels In dit artikel is een aantal algemene wijzigingsregels opgenomen. Het betreft een standaardregeling die het mogelijk maakt om bij de uitvoering van bouwplannen beperkte afwijkingen van het plan mogelijk te maken die niet met een omgevingsvergunning voor afwijken geregeld kunnen worden, zoals het overschrijden van bestemmingsgrenzen. Overige regels In deze regels zijn regels opgenomen ten behoeve van voldoende parkeergelegenheid. Overgangs- en slotregels In deze regels is het overgangsrecht vastgelegd in de vorm zoals in het Besluit ruimtelijke ordening is voorgeschreven.
Als laatste is de slotbepaling opgenomen, welke bepaling zowel de titel van het plan als de regels bevat.
Juust
37
Hotel Vroonweg 35 Renesse
Hoofdstuk 6 6.1
Uitvoerbaarheid
Financiële uitvoerbaarheid
Voor bouwplannen zoals die zijn aangewezen in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is het uitgangspunt dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt. Van de verplichting een exploitatieplan vast te stellen kan onder andere worden afgeweken als het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd, bijvoorbeeld door een anterieure overeenkomst of doordat de verplicht te verhalen kosten zijn verdisconteerd in de grondprijs. Dit plan voorziet in de bouw van een nieuw hotel. Dit betreft een bouwplan, zoals dat hierboven is benoemd. De gemeente Schouwen-Duiveland heeft met de initiatiefnemer een (anterieure) overeenkomst gesloten waarin onder andere het kostenverhaal is geregeld. De kosten die gemaakt worden bij de uitvoering van de ontwikkeling zijn voor rekening van de initiatiefnemer. Ook eventuele planschade wordt op de initiatiefnemer verhaald. De ontwikkeling heeft voor de gemeente geen negatieve financiële gevolgen. Voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning zullen de gebruikelijke leges in rekening worden gebracht.
6.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Inleiding Gedurende de voorbereiding van bestemmingsplannen wordt het plan één of meerdere keren ter inzage gelegd. Tijdens de periode van ter inzage legging kunnen bewoners, bedrijven, dorps- en stadsraden en andere geïnteresseerden of belanghebbenden reageren op het plan. Ook wordt overleg gevoerd met andere overheden over het plan. De resultaten van de ter inzage legging kunnen leiden tot aanpassingen, verbeteringen of wijzigingen van het plan. In deze paragraaf wordt beschreven wat de resultaten zijn van deze maatschappelijke consultaties. Voorgeschiedenis voorontwerpbestemmingsplan Het voorontwerpbestemmingsplan (destijds genaamd 'Herontwikkeling Strandkerk en omgeving') heeft van 29 oktober 2018 tot en met 10 december 2018 ter inzage gelegen in het gemeentehuis en was digitaal raadpleegbaar via de gemeentelijke website. Gedurende deze periode heeft iedereen bij het college schriftelijk of mondeling een inspraakreactie kunnen geven op voornoemd bestemmingsplan. Tevens heeft het college de vooroverlegpartners in de gelegenheid gesteld een reactie te geven op het bestemmingsplan. Vanwege de stikstofproblematiek is het ontwerpbestemmingsplan daarna niet in procedure gebracht. In de hierop volgende maanden is er een oplossing gezocht rond de stikstofproblematiek en is het inrichtingsplan voor de herinrichting van Vroonweg, Kabbelaarsweg en Hoogenboomlaan definitief gemaakt.
In het voorontwerp was reeds de herontwikkeling van het hotel meegenomen, maar dit bestond toen nog uit een ander ontwerp voor het gebouw en het terrein. In de zomer van 2020 is het hotel failliet gegaan en is een andere partij betrokken geraakt. Er is vervolgens gewerkt aan een nieuw ontwerp voor het hotel. Omdat de plannen voor de herinrichting van de wegen al wel definitief waren is hiervoor een apart bestemmingsplan opgesteld (bestemmingsplan Wegtracé Vroonweg, Kabbelaarsweg en Hoogenboomlaan). Het ontwerpbestemmingsplan hiervan is van 22 november 2021 tot en met 3 januari 2022 ter inzage gelegd. In onderhavig bestemmingsplan is het terrein van het hotel opgenomen en wordt het nieuwe ontwerp van het hotel mogelijk gemaakt. Het ontwerp van dit bestemmingsplan wordt ter inzage gelegd. Vooroverleg Vooroverleg zoals bedoeld in artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening is voor dit plan van toepassing. In het kader van dit bestuurlijke vooroverleg is het plan in ieder geval toegezonden aan de provincie, het waterschap en de veiligheidsregio. De Nota vooroverleg is als Bijlage 11 toegevoegd aan deze toelichting. Hierin zijn de ingekomen reacties samengevat en beantwoord. Ter inzage legging ontwerpbestemmingsplan Gelet op het bepaalde in artikel 3.8 Wro in combinatie met afdeling 3.4 Awb is het ontwerpbestemmingsplan,
Juust
38
Hotel Vroonweg 35 Renesse
na voorafgaande bekendmaking, gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegd. Een ieder is in de gelegenheid gesteld zijn of haar zienswijze mondeling of schriftelijk kenbaar te maken bij de gemeenteraad. Tijdens de terinzagelegging zijn drie zienswijzen ingediend. In de Nota zienswijzen in Bijlage 12 zijn de zienswijzen samengevat en voorzien van een antwoord. Vaststelling van het bestemmingsplan, al dan niet in gewijzigde vorm, gebeurt met inachtneming van de ingediende zienswijzen en enkele ambtshalve wijzigingen.
Juust
39
Hotel Vroonweg 35 Renesse
Goessestraatweg 17A, 4421 AD, Kapelle +31 (0) 85-9020222 • info@juust.nl
juust.nl