CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

210621 Transitieplan + BC update JBw Zeeland

Gemeenteraad 30 september 2021, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: Ingekomen stukken12.979 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Transitieplan en Update Business case Jeugdbescherming west Zeeland 21 juni 2021

Raad van Bestuur Jeugdbescherming west 18 juni 2021 (versie 1.0) Dit document is met veel zorgvuldigheid in een korte tijd tot stand gekomen. Gezien de aard van het document vragen wij u terughoudend te zijn in het verspreiden (slechts op basis van ‘need tot know’). Dit document bevat geen contractuele verbindingen voor Jeugdbescherming west. Mochten er vragen zijn over de inhoud of de gebruikte uitgangspunten vragen wij u met ons contact op te nemen.

Inhoudsopgave 1.

Introductie en management samenvatting .................................................................... 3 1.1........Introductie ............................................................................................................................. 3 1.2........Waar staan we in het proces? ............................................................................................... 3 1.3........Update business case ............................................................................................................. 4 1.4........Contractering restant 2021 en 2022-2026 ............................................................................ 4 1.5........Ontwikkeling van de (strategische) risico’s uit fase 1 ............................................................ 5 1.6........Nieuwe risico’s voor de implementatiefase .......................................................................... 6 1.7........Afsluitend ............................................................................................................................... 6 2. Update business case ................................................................................................... 8 2.1........Samenvatting .........................................................................................................................

8 2.2........Nadere toelichting ................................................................................................................. 8 2.3........Liquiditiesprognose en financiele kencijfers ........................................................................ 10 2.4........Uitkomsten van juridisch en fiscaal boekenonderzoek ....................................................... 11 3. Transitieplan .............................................................................................................. 15 3.1........Inleiding................................................................................................................................ 15 3.2........Sturing van de organisatie ................................................................................................... 15 3.3........Overdracht in het kader van goed bestuur .......................................................................... 17 3.4........Cliëntperspectief .................................................................................................................. 19 3.5........Intern perspectief ................................................................................................................ 22 3.6........Leren en groeien ..................................................................................................................

26 3.7........Risico’s in deze transitiefase ................................................................................................. 27 4. Processtappen in de bestuurlijke fusie ........................................................................ 29 4.1........Opzet bestuurlijke fusie ....................................................................................................... 29 4.2........Stand van zaken opschortende voorwaarden ...................................................................... 29

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

2

1. Introductie en management samenvatting 1.1. Introductie Op 12 februari 2021 heeft Jeugdbescherming west het verzoek gekregen om een onderzoek uit te voeren naar een mogelijke overname van de activiteiten van de Stichting Intervence. Op 15 april jl. hebben wij onze business case gepresenteerd aan de Zeeuwse gemeenten en aan andere betrokken partijen. Dit document is een uitwerking van fase 2 van de aanpak van het transitieproces, zoals we hebben beschreven in onze brief van 11 september 20201. Vooraf willen wij nogmaals benadrukken dat de reden dat wij op het verzoek van de Zeeuwse gemeenten zijn ingegaan, is dat wij graag willen dat Zeeland een robuuste en financieel gezonde jeugdbeschermingsorganisatie heeft waarbij de veiligheid van jeugdigen in Zeeland voorop staat. Hiervoor is van belang dat de kwaliteit en het behoud van de professionals waar Intervence de afgelopen jaren in heeft geïnvesteerd, wordt voortgezet, dat de gezinnen dezelfde (vaste) professionals behouden en we daarmee de zorgcontinuïteit borgen en dat we de innovaties die in Zeeland gaande zijn, zoals Vaart in Veiligheid, verdiepen en continueren.

Dat de professionals van Intervence zijn getraind in dezelfde methodiek (Functional Family Parole) als de professionals van Jeugdbescherming west wat betekent dat we qua methodiek naadloos op elkaar aansluiten en elkaar daarin kunnen versterken, zien wij als een groot pluspunt. Tot slot merken wij nog op dat de business case en ook onderliggend transitieplan & update van de business case passen binnen de huidige afspraken en bedrijfsvoering zoals deze zijn uitgewerkt met onze bestaande inkoopregio’s. In dit kader zouden wij graag zien dat de dertien Zeeuwse gemeenten aansluiten bij ons bovenregionale bestuurlijke netwerk zodat daar, naast kennisdeling tussen alle partijen, ook innovatieve ideeën met elkaar gedeeld kunnen worden.

1.2. Waar staan we in het proces?

In genoemde brief van 11 september 2020 hebben wij aangegeven dat we in dit transitieproces onderstaande belangrijke stappen zien: • De financiële consequenties in beeld brengen op basis van een business case en een integraal stappenplan (periode van 6 weken na start formele opdracht). Deze business case is 15 april 2021 opgeleverd. Daarna hebben wij ook op uw verzoek een aanvulling opgeleverd op 28 april om de mogelijke effecten van Briedis in kaart te brengen. • Gezamenlijke uitwerking in deelplannen (periode van 6 weken na principe overeenstemming stap 1) vormgegeven in dit fase 2 plan. • Implementatie binnen de bestaande organisatie en de direct daaropvolgende overdracht van verantwoordelijkheid welke samengaat met de wijziging van de naam Intervence naar Jeugdbescherming west Zeeland en vastlegging in nieuwe contractafspraken.

1

Brief d.d. 11 september met ref 2020.699 RvB/NM inzake Reactie op GI-functie in Zeeland.

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

3

Met het opleveren van dit document hebben we fase 2, de gezamenlijke uitwerking van de business case in deelplannen, afgerond en zijn we klaar voor fase 3, de overdracht van de bestuurlijke verantwoordelijkheid in het kader van de bestuurlijke fusie, de wijziging van de statutaire naam naar Jeugdbescherming west Zeeland en de vastlegging in nieuwe contractafspraken.

1.3. Update business case In onderstaande tabel 1 hebben wij de financiële uitgangspunten van de business case van 15 april jl. afgezet tegen de huidige update. Zoals zichtbaar, is er in deze update sprake van beperkte afwijkingen op onderdelen en is de gevraagde financiële injectie naar boven aangepast met €154.000 en komt deze nu uit op een bedrag van € 3,99 miljoen. Financiële injectie (x €000) Compensatie eigen vermogen 1/1 Prognose verlies jan - juni Prognose verlies juli –dec Transitiekosten Opbouw risicobuffer van 15% Totaal

Business Case 313 575 370 1.512 1.059 3.836

Update

Afwijking

268 500 370 1.785 1.059 3.990

45 75 0 -273 0 154

Tabel 1 Vergelijking business case en update

Deze afwijking van 4% wordt in hoofdstuk 2 verder toegelicht. Met het bepalen van dit bedrag staan, met uitzondering van de prognose jan-juni 2021, alle andere bedragen vast en deze zullen niet meer wijzigen. In hoofdstuk 4 is aangegeven dat overeenstemming op dit onderdeel, inclusief de wijze van afrekening van verlies januari – juni 2021, ook opgenomen is als opschortende voorwaarde van het realiseren van de fusie. De Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland heeft toegezegd om de financiële injectie te bevestigen conform de nadere afspraken die hierover in het fusie document zijn gemaakt.

1.4. Contractering restant 2021 en 2022-2026 Aangezien de Zeeuwse gemeenten eind 2020 het inkoopcontract met Intervence niet hebben verlengd en zij het afgelopen halfjaar hebben gewerkt onder een overbruggingsovereenkomst, ontstond er een probleem rondom de rechtmatigheid van het inkoopcontract met Jeugdbescherming west vanaf 1 juli 2021, ook in verband met de aanbestedingsronde per 1 januari 2022. Om dit probleem op te lossen hebben de gemeenten gekozen voor de zogenaamde vrijwillige transparantie voor de gunning van de wettelijke taken als Gecertificeerde Instelling (jeugdbescherming en jeugdreclassering). Dit is op 27 mei jongstleden als volgt verwoord en gepubliceerd op Tenderned: Rondom het zelfstandig opereren van een Gecertificeerde Instelling in Zeeland is een acute en precaire situatie ontstaan. Snel handelen is vereist om de continuïteit van de zorg niet in gevaar te brengen en te beschikken over een voldoende kwalitatief en kwantitatief toereikend aanbod. De Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland is daarom voornemens om per 16 juni 2021, namens de 13 Zeeuwse gemeenten, de wettelijke taken als Gecertificeerde Instelling (jeugdbescherming en jeugdreclassering) te gunnen aan Jeugdbescherming West (JB West) voor de duur van de rest van dit jaar (2021) en voor de periode van vijf jaar daarna (2022-2026).

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

4

Voor de GI-taken voor specifieke doelgroepen zal een afzonderlijk aanbestedingstraject gaan plaatsvinden. Na een aantal verkenningen is gebleken dat deze partij als enige geïnteresseerd is en bereid is bestuurlijk te fuseren met de huidig gecontracteerde aanbieder en daarnaast de diensten te verrichten voor de periode van 2022 tot en met 2026. De termijn voor het maken van bezwaar tegen deze gunning in de vorm van een vrijwillige transparantie is op 17 juni 2021 afgelopen. Tijdens de wettelijke reactieperiode na publicatie van de voorwaarden zijn er geen bezwaren ontvangen waaruit blijkt dat de bestuurlijke fusie niet door kan gaan. Daarnaast hebben we met elkaar afspraken gemaakt over de verdere samenwerking in Vaart in Veiligheid. Deze zullen ook de komende periode verder vorm moeten krijgen en worden opgenomen in het op te stellen contract. Wanneer deze procedure is doorlopen zal de Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland direct een contract afsluiten met Jeugdbescherming west Zeeland voor de restantperiode 2021 (op basis van de huidige condities van de lopende aanbesteding) alsmede een contract voor de periode 2022-2026 op basis van de afspraken uit de business case die inmiddels ook nader uitgewerkt zijn in het fusiedocument. Het gereed hebben van dit contract is zoals in hoofdstuk 4 is vermeld een opschortende voorwaarde om te komen tot de bestuurlijke fusie.

In paragraaf 3.4. hebben wij aangegeven dat we hierbij op dit moment geen rekening houden met mogelijke effecten van het faillissement van Briedis en nadere uitwerking daarvan in het addendum.

1.5. Ontwikkeling van de (strategische) risico’s uit fase 1 In fase 1 hebben wij vijf strategische risico’s geformuleerd die zich mogelijk in fase 2 zouden kunnen gaan voordoen. Onderstaand geven we een korte stand van zaken rondom deze risico’s. Het risico dat bestaande begeleiding bij gezinnen/ jeugdigen van Stichting Intervence wegvalt. Gedurende fase 2 hebben wij er samen met de Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland voor gekozen om een specifieke taskforce op te zetten om enerzijds personeel te werven en anderzijds beter zicht te krijgen op nieuwe wettelijke maatregelen. Door het wegvallen van Briedis en ook de beperkte beschikbaarheid van personeel bij de andere in Zeeland actieve GI’s vraagt dit continue aandacht. Op dit moment is er sprake van een zeer beperkte wachtlijst en neemt de voorspelbaarheid toe. Zie ook hoofdstuk 3. Het risico dat we in de complexiteit van de regels afdwalen van de bedoeling. We stellen vast dat alle betrokken partijen zich zeer intensief hebben ingespannen om het doel van de continuïteit van de jeugdbescherming en jeugdreclassering in Zeeland centraal te stellen. De gevraagde creativiteit en transparantie die wij nastreven en ook krijgen van iedereen, helpen ons om deze regelfase door te komen.

Hierdoor zijn we er met z’n allen in geslaagd om het risico dat we door de complexiteit van de regelgeving afdwalen van de bedoeling, te beperken tot een minimum.

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

5

Het risico dat we als GI en gemeenten onvoldoende samenwerken en daarmee het gezamenlijk doel niet bereiken. Door de intensivering van de samenwerking begrijpen we elkaar steeds beter. We hebben gemerkt dat de afstand en nabijheid, alsmede het praten met in plaats van over elkaar op gang komt, maar nog verder verbeterd kan en moet worden. De lockdown en niet fysieke samenwerking helpen daar niet bij. Eén van de eerste zaken die wij in fase 3 willen vormgeven is het inrichten en het maken van afspraken omtrent goed opdrachtgevers- en opdrachtnemerschap. Hierbij komen vragen aan de orde als wat verwachten we van elkaar, op welke wijze gaan we dat realiseren en hoe acteren we samen bij onverwachte situaties of nieuwe signalen uit de omgeving? Het risico dat we de vitaliteit van medewerkers uit het oog verliezen. Het verzuim is binnen Intervence gestabiliseerd en er is geen langdurig verzuim bijgekomen. Wel merken we dat er in de afgelopen weken en maanden veel gevergd is van medewerkers en management. Daarbij realiseren we ons dat met het vertrek van de bestuurder en twee managers extra aandacht nodig is om elkaar vast te houden, afscheid te nemen van het zelfstandige bestaan en onderdeel te worden van een nieuwe organisatie. In paragraaf 3.1 gaan we hier specifiek op in.

Het zal ook nodig zijn dat partijen die de afgelopen periode soms tegen over elkaar hebben gestaan ook met elkaar reflecteren op het proces voordat we direct overgaan tot de orde van de dag. Stilstaan en de tijd nemen voor waar we staan is ook in onze aanpak met gezinnen een belangrijk aspect dat we in deze fase niet moeten vergeten. Het risico dat we onduidelijk of onvoldoende communiceren over planning en besluitvorming. In de afgelopen periode hebben we elkaar, ook gegeven de onzekerheid en afhankelijkheid van de verschillende stappen in het fusieproces, zoveel mogelijk en in alle transparantie geïnformeerd. Daar zijn we dankbaar voor, maar we zullen elkaar nog verder moeten opzoeken om de samenwerking verder te versoepelen.

1.6. Nieuwe risico’s voor de implementatiefase In de laatste paragraaf van hoofdstuk 3 hebben we de risico’s en onze mitigerende maatregelen die wij nu zien bij het uitwerken van het transitieplan uitgeschreven. Onderstaand hebben we deze samengevat: - Het risico dat de huidige druk op het primaire proces steeds verder toeneemt ten koste van de vitaliteit. - Het risico dat door het te snel wisselen van management er onzekerheid ontstaat in de organisatie. - Het risico van wachtlijsten door stijgende instroom en gebrek aan goed opgeleide jeugdbeschermers. - Het risico dat we niet genoeg tijd nemen om elkaars cultuur en achtergronden te begrijpen. We vragen de wethouders, de Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland, het ministerie J&V, de inspectie IGJ en alle andere betrokken partijen samen met ons te blijven kijken naar het samen beheersen van deze risico’s. Dit kan iedereen wat ons betreft vanuit zijn eigen rol vorm en inhoud geven.

1.7. Afsluitend Deze fase kenmerkte zich in het verder verdiepen van de business case en het komen tot een transitieplan welke de basis is voor de implementatie van de bestuurlijke fusie. Daarnaast is er in de afgelopen zes weken zeer hard door iedereen gewerkt om ook alle formele en juridische stappen te doorlopen. Een traject dat normaal zeker zes tot negen maanden vraagt is nu in zes weken

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

6

gerealiseerd. We zijn er ons daarbij terdege van bewust dat we een groep medewerkers die vooral in de uitvoering werkzaam zijn nog niet in alle aspecten hebben meegenomen. Enerzijds niet omdat we eerst zekerheid wilden hebben over het gehele proces en anderzijds dat we ook samen met de professionals straks de nieuwe organisatieopzet willen vormgeven. Daarbij speelde de genoemde tijdsdruk en Corona ook zeker een rol.

We hebben op basis van deze zes weken nu vastgesteld dat de veronderstellingen in de business case inhoudelijk, financieel en juridisch haalbaar zijn. Maar we realiseren ons ook dat de aandacht weer snel gericht moet worden naar het feitelijke werk en de professionals, waar het allemaal om gaat, dat is de veiligheid van jeugdigen en gezinnen. Wetende dat afscheid nemen van de bestaande organisatie en het lange werken onder druk en onzekerheid van een baan en de wisselende waardering door de buitenwereld iedereen iets doet. En wij weten uit ervaring dat dit zeker iets doet met de professionals die zich dag-in-dag-uit met volledige overgave inzetten.

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

7

2. Update business case 2.1. Samenvatting Zoals afgesproken hebben wij in de afgelopen zes weken verder gekeken naar alle uitgangspunten van de business case van 15 april 2021. Mede aan de hand van de meest recente inzichten en ontwikkelingen hebben we een update gemaakt van onze business case. Met uitzondering van het verlies van januari – juni 2021 (welke separaat wordt verrekend na opstelling van de fusiebalans per 30 juni) staan alle andere bedragen nu vast. In onderstaande tabel is een en ander samengevat en in paragraaf 2.2 geven wij per onderdeel een nadere toelichting op de afwijkingen. Financiële injectie (x €000) Compensatie eigen vermogen 1/1 Prognose verlies jan - juni Prognose verlies juli –dec Transitiekosten Opbouw risicobuffer van 15% Totaal

Business Case 313 575 370 1.512 1.059 3.836

Update

Afwijking

268 500 370 1.785 1.059 3.990

45 75 0 -273 0 154

Tabel 2 Vergelijking business case en update

In paragraaf 2.4 hebben we een nadere uitwerking opgenomen van de aspecten die naar voren zijn gekomen uit de fiscale en juridische due diligence onderzoeken.

2.2. Nadere toelichting Compensatie eigen vermogen 1 januari 2020 Eigen vermogen Stand eigen vermogen jaarrekening 2020

Business Case -313

Update

Afwijking

-268

45

Tabel 3 Aanpassing eigen vermogen 1-1-2020

Op 25 mei jongstleden is de jaarrekening 2020 van Intervence, die is voorzien van een goedkeurende controleverklaring met verplicht toelichtende paragraaf rondom de continuïteit, vastgesteld door de raad van toezicht van Intervence. De afwijking met het in de business case opgenomen (negatieve) eigen vermogen (gebaseerd op de toen beschikbare concept-jaarrekening 2020) is iets minder negatief geworden. Dit heeft voornamelijk te maken met stelposten rondom de vorderbaarheid en inbaarheid van vorderingen. In de jaarrekening 2020 is een vordering opgenomen inzake consult en advies werkzaamheden over de periode 2019 op de Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland ad €183.420 (in de jaarrekening 2020 voorzien voor € 110.000. Naar wij hebben vernomen is er inmiddels overeenstemming over deze vordering en zal IJZ een bedrag € 57.000 (afgerond) betalen en zal het restant van € 27.000 (afgerond) worden afgeboekt en ten laste van het verlies over het eerste halfjaar van 2021 worden gebracht. Dit verlies wordt meegenomen in de fusiebalans per 30 juni 2021.

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

8

Dekking exploitatieverlies 2021 Update

Afwijking

Januari – februari Maart – april Mei -juni Totaal

Business Case -213 -190 -172 -575

-133 -94 -273 -500

80 96 -101 75

Prognose juli -dec

-377

-377

0

Resultaatontwikkeling jan - juni

Tabel 4 Update financiële resultaten jan-jun 2021

In de cijfers januari – april zijn nog een aantal reserveringen en stelposten niet volledig opgenomen. Deze worden in mei – juni gecorrigeerd. Per saldo is het resultaat over het eerste halfjaar € 75.000 minder negatief als gevolg van onderbezetting in het primaire proces en het zeer strak sturen en opzeggen van contracten in de bedrijfsvoering. Op dit moment hebben we geen aanleiding om de prognose voor het tweede half jaar aan te passen. Wel hebben wij in het addendum op onze business case inzake het overnemen van gezinnen van Briedis aangegeven dat, afhankelijk van de wijze waarop dit gaat plaatsvinden, er extra kosten gemaakt moeten gaan worden. Deze zijn, gezien de huidige onduidelijkheid van de mogelijke overdracht, niet opgenomen in deze update. Update eenmalige kosten inzake besparing indirecte kosten Eenmalige kosten inzake besparing indirecte kosten

Business case

Update

Afwijking

Mobiliteitsplan personeelskosten IT-integratie Huisvestingskosten (inclusief onderverhuur) Overige kosten Totaal

360 635 250 267 1.512

450 635 250 450 1.785

90 0 0 183 273

tabel 5 Update eenmalige kosten inzake besparing indirecte kosten

We hebben met de vakbonden een addendum afgesloten op het bestaande sociaal plan. Deze is opgenomen in bijlage 1 van dit document. In dit addendum is onder meer afgesproken dat medewerkers, die ons aanbod om bij B&B van JB west te komen werken niet accepteren, het recht behouden op het afgesproken sociaal plan. Inmiddels hebben we informeel gesproken met alle betrokken medewerkers en is gebleken dat enkelen deze overstap niet gaan maken. Daardoor ontstaan extra sociaal plan kosten van €90.000. We hebben op dit moment geen signalen dat de ramingen rondom de IT-integratie en huisvestingskosten materieel gaan afwijken van de eerdere inschattingen

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

9

De overige indirecte kosten die wij moeten gaan maken hebben zich als volgt ontwikkeld. Overige indirecte kosten Implementatie bestuurlijke fusie Training driehoek Integratie kwaliteitsmanagementsystemen Advies en onvoorziene kosten Sub totaal

Business case 117 50 0 100 267

Update

Afwijking

250 50 50 100 400

133 0 50 0 183

Tabel 6 Overige indirecte kosten

We hebben in gesprekken met management, ondernemingsraad en cliëntenraad van Intervence begrepen dat er grote zorgen zijn omtrent de continuïteit van alle primaire en ondersteunende processen in de implementatiefase na 1 juli 2021 wanneer het huidige management en raad van bestuur gaan terugtreden en de integratie en harmonisatie met Jeugdbescherming west gaat plaatsvinden. De in de business case beoogde interne transitiemanager is niet beschikbaar en daarom zal gekeken moeten worden hoe we deze kennis gaan borgen. In paragraaf 3.1 hebben wij de tijdelijke sturing vanaf 1 juli beschreven en daarbij aangegeven dat we kiezen voor een transitiemanager (vooral gericht op het primaire proces) en voor een liaison officer (vooral gericht op de integratie met de processen van Jeugdbescherming west). De extra kosten voor deze uitbreiding zijn voor een jaar begroot op € 133.000. Op basis van de afspraken met het KMI betekent dit dat we extra audits en integratie-activiteiten moeten uitvoeren om op een navolgbare wijze de integratie naar een keurmerk mogelijk te maken. Deze werkzaamheden komen boven op de bestaande activiteiten en zijn daarom extra begroot met €50.000.

2.3. Liquiditeitsprognose Mede op verzoek van de Jeugdautoriteit hebben we een middellang financieel model gemaakt waarin naast de exploitatie ook zicht is op het liquiditeitsverloop.

Bij de ontwikkeling van de liquiditeit hebben we rekening gehouden met de beëindiging van het systeem van maandelijkse bevoorschotting van de pxq omzet ultimo 2021. Vanaf 2022 zullen wij de pxq omzet declareren bij de gemeenten via Colabris/Vecozo (berichtenverkeer). Conform de normen in het Berenschot kostprijsonderzoek is hiertoe 2,5 maand werkkapitaalfinanciering benodigd. Hiermee is in het model rekening gehouden.

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

10

Op basis van deze cijfers komen wij tot de slotsom dat Jeugdbescherming west Zeeland zelfstandig, en daarmee ook binnen de financiële kaders die wij met andere regio’s hebben afgesproken, kan opereren.

2.4. Uitkomsten van juridisch en fiscaal boekenonderzoek Juridische en fiscale due diligence Mede in het kader van de bestuurlijke aansprakelijkheid hebben we voor de bestuurlijke fusie externe juristen (HVG Law) en fiscalisten (EY) gevraagd een due diligence uit te voeren. Als voorbeelden van juridische aandachtspunten kunnen worden genoemd: mogelijke claims (bijvoorbeeld van cliënten) en risico's op basis van gesloten overeenkomsten, uitgevoerde zorg, ingehuurd personeel of werknemers, data/privacy issues, samenwerkingsverbanden, wijze van financiering en compliance met geldende regelgeving en de eventuele goedkeuring door het ACM van de bestuurlijke fusie. Wat betreft de goedkeuring door de ACM en/of Nza heeft de jurist bevestigd dat hier geen sprake van is omdat niet wordt voldaan aan de grootte criteria (totale omzet van de groep blijft onder de €55 miljoen en de omzet van Intervence ligt niet boven de € 10 miljoen). Fiscale risico's kunnen zijn gelegen in de vennootschapsbelasting, de omzetbelasting en de loonheffing, sociale verzekeringen, schenkbelastingen en overdrachtsbelastingen.

Samenvatting uitkomsten juridische due diligence Uit het rapport van HVG Law van 16 juni 2021 komen de volgende juridische bevindingen en aandachtspunten naar voren: • Na de bestuurlijke fusie moeten de statuten worden aangepast om de naamswijziging van stichting Intervence naar stichting Jeugdbescherming west Zeeland tot stand te laten komen. Hierbij moet ook aandacht worden besteed aan de wijzigingen in de Jeugdwet en de Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen. Dit is onderdeel van stap 3 Implementatieplan; • Voor de bestuurlijke fusie moet toestemming worden gevraagd aan de hypotheekverstrekker (ABN AMRO) op grond van artikel 8 sub k van de leningsovereenkomst. Indien deze niet wordt verkregen is de lening zonder voorafgaande ingebrekestelling opeisbaar en Intervence in verzuim; • HVG meldt verder dat uit de comfort letter van 8 januari 2021 in combinatie met de overbruggingsovereenkomst blijkt dat er sprake is van een achtergestelde lening van Intervence bij IJZ. Zoals bekend gaat het hierbij om alle bijdragen van de Gemeenten vanaf 1 januari 2021, met uitzondering van de vergoeding op basis van p x q van de door Intervence geleverde dienstverlening, hetgeen is opgenomen in de comfort letter van 8 januari 2021.

Dit is onderdeel van de fusieovereenkomst; • Inzake de doorlopende volmacht opgesteld in het kader van de uitvoering van de maatregelen van jeugdbescherming en jeugdreclassering en de uitoefening van de voogdij binnen Intervence betrekking hebbende op teamleiders/regiomanagers, hoofd bedrijfsvoering, gedragswetenschappers en jeugdbeschermers/gezinsmanagers adviseert HVG na de bestuurlijke fusie deze te beoordelen en waar nodig aan te passen aan de wensen van Jeugdbescherming west. Dit is onderdeel van stap 3 Implementatieplan; • HVG beveelt ook om na de bestuurlijke fusie de standaardarbeidsovereenkomst aan te passen op diverse zaken, zoals een opzegtermijn conform de Cao Jeugdzorg, opnemen van een uitgebreider geheimhoudingsbeding, opnemen van een boetebeding, eventueel opnemen van een non-concurrentiebeding voor concurrentiegevoelige posities. Dit geldt voor de arbeidsovereenkomsten van het managementteam (voor diegenen die blijven). Dit is onderdeel van stap 3 Implementatieplan;

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

11

• • •

•

•

•

•

•

HVG raadt ook aan om na de bestuurlijke fusie een duidelijk onderscheid te maken tussen werknemers en zzp-ers ter voorkoming dat een overeenkomst van opdracht wordt gekwalificeerd als een arbeidsovereenkomst. Dit is onderdeel van stap 3 Implementatieplan; Voor diverse IT-contracten (Bizon software, Collabris, Beaufort, et cetera) raadt HVG aan om contact op te nemen met de leveranciers om vast te leggen dat het gebruiksrecht niet zal komen te vervallen als gevolg van de Bestuurlijke Fusie; In haar rapport bevestigt HVG het eigendom van het pand aan de Rozenburglaan 89 te Middelburg en tevens het bestaan van onderverhuurcontracten voor de ruimten van Partners voor Jeugd (WSG) en Fysiotherapie Zuid-Dauwendaele. Dit is conform de uitgangspunten van onze business case van 15 april 2021; HVG heeft in het kader van de juridische due diligence ook gekeken naar de concepthuurovereenkomst met 's Heeren Loo Zorggroep (beoogde ingangsdatum 1 september 2021) en merkt op dat de concept-huurovereenkomst is opgesteld conform de meest recente versie van het ROZ model. Tevens zijn de door de ROZ recent opgestelde bepalingen in het kader van energielabel verplichtingen opgenomen. Deze beoogde verhuur was reeds meegenomen in onze business case van 15 april 2021. Ten aanzien van de gehuurde ruimte in Hulst merkt HVG op dat geen onderdeel uitmaakt van het certificaat van het keurmerkinstituut.

Voor de ruimten in Terneuzen geldt, alleen is hier geen getekende versie van de huurovereenkomst beschikbaar. Dit zal onderdeel zijn van stap 3 Implementatieplan; HVG bevestigt ten aanzien van de egalisatiereserve dat Intervence in 2014 een brief van de provincie heeft ontvangen waaruit blijkt dat Intervence ontslagen is van de verplichting om het opgebouwde vermogen terug te betalen aan de provincie en zij daarom is het uitgangspunt hanteren dat de subsidie niet hoeft te worden terugbetaald. Dit was ook een uitgangspunt in de vastgestelde jaarrekening en onze business case 15 april 2021; Ten aanzien van dreigende procedures tegen Intervence meldt HVG vooralsnog in geen van deze dreigende procedures actie door de wederpartijen is ondernomen na de inhoudelijke reactie van Intervence. Van een gerechtelijke procedure is op 17 juni in geen van de zaken sprake. HVG raadt aan met Intervence af te spreken dat zodra er op één van deze dossiers actie wordt ondernomen (of ingeval van een nieuwe claim), een advocaat van Jeugdbescherming west inhoudelijk meekijkt.

Dit is onderdeel van stap 3 Implementatieplan; HVG bevestigt dat blijkens het certificaat keurmerkinstituut het kwaliteitsmanagementsysteem van Intervence voor de toepassingsgebieden jeugdbescherming en jeugdreclassering voldoet aan de normen van het certificatieschema voor toetsing van het kwaliteitsmanagementsysteem van uitvoerende organisaties voor jeugdbescherming en jeugdreclassering. Het certificaat is geldig tot 15 mei 2023. Dit is onderdeel van stap 3 Implementatieplan.

Uit bovengenoemde samenvatting blijkt dat alle constateringen en adviezen belegd zijn met uitzondering van de toestemming van hypotheekverstrekker. Wij zien gezien het feit dat onderpand intact blijft geen financieel risico en zullen op korte termijn de hypotheekverstrekker informeren en toestemming vragen. Samenvatting uitkomsten fiscale due diligence Uit het rapport van EY van 17 juni 2021 blijkt het volgende ten aanzien van de BTW: • EY ziet geen materieel risico ten aanzien van de btw-positie van Intervence; • Intervence heeft een conservatieve btw-positie ingenomen Enerzijds is btw voldaan over een aantal activiteiten, zoals het detacheren van personeel en de servicekosten bij verhuur van commerciële ruimten. Anderzijds heeft Intervence geen btw-voorbelasting in aftrek gebracht;

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

12

•

• •

EY constateert dat geen btw-risico bestaat voor het detacheren van personeel, omdat Intervence btw heeft voldaan. Wel zou kunnen worden beoordeeld of de detachering door Intervence in het kader van Advies en Consult voldoet aan de voorwaarden voor een btwvrijstelling. Wanneer de vrijstelling (met terugwerkende kracht) van toepassing is, leidt dit tot een lager recht op aftrek van voorbelasting. Omdat Intervence geen btw in aftrek brengt, is dit echter geen risico; EY raadt aan om het recht op aftrek van voorbelasting van Intervence te beoordelen. Het aftrekrecht is nu niet benut en stelt et kan zinvol zijn om het aftrekrecht alsnog te benutten, bijvoorbeeld door het indienen van een suppletie; EY raadt aan om na de bestuurlijke fusie te beoordelen of de stichtingen in financieel, organisatorisch en economisch opzicht verweven zijn en derhalve van rechtswege een btw fiscale eenheid vormen.

Na de bestuurlijke fusie zal er sprake zijn van eenheid van leiding (dezelfde raden van bestuur en raden van toezicht) en organisatorisch verbondenheid. De stichting Jeugdbescherming west Zeeland zal financieel onafhankelijk en zelfstandig kunnen opereren, maar zal wel een fiscale eenheid gaan vormen met onze andere stichtingen. Vanuit deze verwevenheid maakt de stichting ook onderdeel uit van de Jeugdbescherming west groep en zal zij ook worden opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening vanaf het boekjaar 2021. Wat betreft Consult en Advies gaan wij er van uit dat deze werkzaamheden onderdeel zullen worden van het inkoopcontract voor de periode 1 juli 2021 tot en met 31 december 2021 en daarmee binnen de Jeugdwet zullen vallen en dat hierover geen omzetbelasting verschuldigd zal zijn. Over de overdrachtsbelasting kan het volgende worden gemeld: • EY ziet geen risico’s voor de overdrachtsbelasting in de periode 2018 2020 noch ten aanzien van de bestuurlijke fusie tussen JB West en Intervence. In de business case zijn wij ervan uitgegaan dat het pand juridische en economisch eigendom blijft van de stichting Jeugdbescherming west Zeeland. Dit beeld verandert derhalve niet met de uitkomsten van de fiscale due diligence.

Over de vennootschapsbelasting wordt het volgende vermeld: • Het onderzoek heeft zich hier beperkt tot het al dan niet drijven van een onderneming door Intervence en strekt zich niet uit tot de diverse vrijstellingen in de vennootschapsbelasting, noch tot het zogenaamde ‘concurrentiecriterium’; • In onze analyse gaan wij ervan uit dat de activiteiten van Intervence kunnen worden gezien als één geclusterde activiteit voor de toepassing van de ondernemingstoets; • Op basis van het niet voldoen aan de winstoogmerktoets, dreef Intervence in de voor de heffing van vennootschapsbelasting relevante jaren in principe géén onderneming. Wij signaleren voor de jaren 2015 en 2016 een zeer beperkt risico dat de Belastingdienst over kan gaan tot navordering van vennootschapsbelasting; • Afhankelijk van de vormgeving van de kapitaalinjectie, kan deze gevolgen hebben voor de vennootschapsbelastingplicht van Intervence. • Er is door het feit dat zowel Jeugdbescherming west als Intervence een ANBI-status hebben en de kapitaalinjectie van de gemeente komt geen sprake van een risico op gebied van mogelijke heffing van schenkingsbelasting. Bij het opstellen van de business case van 15 april 2021 zijn wij er ook uitgegaan, op basis van de negatieve resultaten uit het verleden, dat Intervence niet voldoet aan de ondernemingstoets en derhalve geen vpb-plichtig is over de jaren 2015 tot en met 2021.

Wij bezien dit als één periode,

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

13

waarmee de beperkte risico's voor de jaren 2015 en 2016, waarin de resultaten wel beperkt positief waren, worden gemitigeerd. Ook voor de jaren 2022 en verder voorzien wij dat niet zal worden voldaan aan de ondernemingstoets en dat de Jeugdbescherming ook niet onder de vpb-plicht zal vallen. Wij voorzien geen materiële positieve resultaten en het vermogen zal ook niet navenant toenemen na de verkregen startpositie van het eigen vermogen na de bestuurlijke fusie. Dit zal wel jaarlijks moeten worden getoetst. Op basis van deze constatering en adviezen constateren wij dat (m.u.v. schenkingsrisico) er geen aanleiding is om nu verdere acties te ondernemen die wij nog niet beoogd hadden te doen.

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

14

3. Transitieplan 3.1. Inleiding In dit transitieplan zal worden stilgestaan bij de uitganspunten en de inrichting van fase 3 Implementatie. Het transitieplan neemt hierbij de business case van 15 april als uitgangspunt. Hier worden de contouren van dit transitieplan geschetst in de volgende onderwerpen: • Sturing van de organisatie (governance); • Overdracht in het kader van goed bestuur; • Het cliëntperspectief; • Het interne perspectief; • Het perspectief leren en groeien. In dit transitieplan staat hoe de huidige situatie wordt omgezet naar een nieuwe situatie, eventueel waar nodig en waar mogelijk al met behulp van een stappenplan. Dit betekent dat in dit document alle stappen staan om van situatie A naar situatie B te komen. De werkwijze van Jeugdbescherming west, die gebaseerd is op het waarborgen de van veiligheid, het werken vanuit principes en het methode-integer-handelen, zal vanaf de datum van de bestuurlijke fusie de grondslag vormen voor hoe wij willen werken. We hebben met elkaar deze principes verwoord in de onderstaande aspecten van handelen: 1. We praten altijd met het kind 2. 1 gezin, 1 plan en 1 jeugdbeschermer 3. Maatwerk, doen waar het de klant om gaat 4. Doe alleen waardewerk 5. We werken als één team 6. 100% schone overdracht 7. Deskundigheid op de juiste plek en tijd 8. Continue doorstroom 9.

Pull not push Vanuit deze principes handelen wij in alle onderdelen van de organisatie. Of het nu gaat over de jeugdbeschermer met de jeugdigen/gezinnen, de teammanager met de jeugdbeschermer, de bestuurders met teammanagers en de raad van toezicht met bestuurders, overal hanteren wij deze principes. Daarnaast proberen wij ook in de geest van deze principes afspraken te maken met externe partijen. De sturing van onze organisatie wordt vormgeven door de missie en visie van Ieder kind blijvend veilig die uitgewerkt is een A3 jaarplan en die gevolgd wordt via sturing op de vier dimensies van de balanced scorecard. In dit hoofdstuk zijn de aspecten klantperspectief, intern perspectief en groei en leerperspectief dan ook nader uitgewerkt. Het financiële aspect is onderdeel van hoofdstuk 2. Alle perspectieven komen steeds terug in de wijze van sturing van de organisatie. Vandaar dat we dit plan ook starten met dit aspect van sturing.

3.2. Sturing van de organisatie Direct na 1 juli verandert er nog niets in de aansturing van de direct uitvoerende teams. In de periode 1 juli tot 1 oktober vertrekt het boventallig zijnde management, alsmede de ondersteunende medewerkers die niet kiezen voor de overgang naar Jeugdbescherming west of waarvan in overleg het tijdelijk contract niet zal worden verlengd.

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

15

Het is van belang dat in deze fase, naast de continuering van de operationele werkzaamheden, ook alle blijvende medewerkers met elkaar in verbinding blijven om de kracht en energie te vinden om samen met Jeugdbescherming west het huidige kwaliteitsniveau te behouden en de beste ondersteuning te blijven organiseren. Vertrouwen herwinnen en aan elkaar wennen staan centraal in deze fase van het bedenken van de overdracht naar opbouw van nieuwe structuren en werkwijze. Uitgangspunt hierbij is dat het goede blijft behouden en wordt aangevuld met de kennis, ervaring en ondersteunende capaciteiten van Jeugdbescherming west. In afstemming met het management, de Ondernemingsraad (OR) en de Cliëntenraad (CR) wordt gekeken naar welke aandachtspunten per direct opgepakt moeten worden. Wat hebben we afgesproken met het vertrekkend management Met de realisatie van de bestuurlijke fusie per 1 juli draagt de huidige bestuurder van Intervence geen bestuurlijke verantwoordelijkheid meer, maar voert zij in goed overleg en in afstemming met de nieuwe raad van bestuur nog wel een aantal activiteiten uit. Hierbij gaat het vooral om het er zijn voor de medewerkers, de werving van nieuwe medewerkers, het overdragen van het bestuurlijk netwerk aan de nieuwe raad van bestuur, het financieel afronden van het eerste half jaar en het meedenken over hoe de verandering verder wordt vormgegeven.

De overdracht van haar werkzaamheden zal grotendeels plaatsvinden in de maand juli en voor haar vakantie begin augustus. Daarna is zij aanwezig en beschikbaar voor de overdracht tot 1 oktober. De concern controller en hoofd beleid dragen in de periode van 1 juli tot en met 30 september hun werkzaamheden over aan de betreffende managers van Jeugdbescherming west. Hierbij is het streven dat de financiële en administratieve processen al per 1 augustus zijn overgedragen. Tijdelijke structuur In de implementatiefase werken we vanuit drie speerpunten om samen met alle medewerkers vorm te geven aan de veranderingen, te weten: 1. Het borgen van de zorgcontinuïteit en een geleidelijke overgang naar de werkwijze van Jeugdbescherming west. 2. Het integreren en harmoniseren van alle bedrijfsvoeringsprocessen met die van Jeugdbescherming west. 3. Het beheren en onderhouden van het externe netwerk van gemeenten, zorgaanbieders en collega GI’s. Ad 1 We zoeken binnen Intervence of in het netwerk van Intervence in Zeeland een transitiemanager, die samen met de twee zittende teammanagers (voorheen regiomanagers), verantwoordelijk wordt voor de aansturing van het primaire proces, de werving en opleiding van een nieuwe teammanager en het aansluiten op de werkwijze van Jeugdbescherming west (met gebruik van de daarbij behorende overgang naar WIJZ, het werken in de driehoek etc.).

Zodra het managementteam compleet is en onderdeel is geworden van de structuur van Jeugdbescherming west zal deze transitiemanager stoppen. Onze verwachting is dat dit zeker zes maanden in beslag zal nemen. Ons idee is dat we in de organisatie per regio enkele uitvoerende medewerkers deels vrijstellen van werk om de transitiemanager te ondersteunen. Op die manier betrekken we de professionals direct bij alle ontwikkelingen. Ad 2 Inmiddels hebben we een liaison officer gevonden die zorg zal dragen voor de verbinding tussen de organisaties. De liaison officer coördineert de integratie van alle ondersteunende processen en geeft veel aandacht aan de interne communicatie. De liaison officer werkt hierbij nauw samen met de transitiemanager en het managementteam en is voor alle medewerkers goed

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

16

bereikbaar. De liaison officer is daarbij - naast de bestuurders - ook het directe aanspreekpunt voor de Ondernemingsraad. De functie wordt uitgevoerd door Esther van Bostelen. Esther werkt als zelfstandige en is bekend met de structuur en werkwijze van Jeugdbescherming west. Zij zal de rol van liaison officer op zich nemen voor minimaal zes maanden en zal drie dagen per week fysiek aanwezig zijn op de locaties in Middelburg en Terneuzen. Ad 3 Het beheren en onderhouden van de externe contacten zal plaatsvinden door en onder leiding van Astrid Rotering en Joost van der Hulst. Zij zijn in de periode van juli tot en met december afwisselend (elk om de week) de gehele donderdag en de vrijdagochtend fysiek aanwezig in Middelburg. In de formatie is rekening gehouden met een formatieplaats voor een nieuwe accountmanager. We willen deze nog niet direct aannemen maar eerst samen met een aantal medewerkers kijken hoe we dit het beste kunnen inbedden in de organisatie. Daarbij sluit ook communicatie nauw aan. Het contract met de huidige tijdelijke functionaris communicatie willen we verlengen tot eind van dit jaar.

3.3. Overdracht in het kader van goed bestuur Het resultaat van de bestuurlijke fusie is het ontstaan van een vierde stichting binnen de Jeugdbescherming west groep, namelijk Jeugdbescherming west Zeeland. Deze stichting krijgt eenzelfde positie als de stichtingen Haaglanden en Zuid-Holland. Na overleg met de verschillende raden en voorzitters zijn we tot de volgende afspraken gekomen om te zorgen voor een zorgvuldige integratie en borging van kennis en expertise. Schematisch ziet dit er als volgt uit: Jeugdbescherming west Beleid & Bedrijfsvoering

Jeugdbescherming west Haaglanden

Jeugdbescherming west Zuid-Holland

Jeugdbescherming west Zeeland

Figuur 1 Jeugdbescherming west groep

Het bestuur Als gevolg van de bestuurlijke fusie worden de huidige bestuurders van Jeugdbescherming west benoemd als bestuurders van Intervence, dat na de naamswijziging verder gaat onder de naam Jeugdbescherming west Zeeland. Hiermee wordt afscheid genomen van de huidige bestuurder van Intervence. Een en ander krijgt vorm door het tekenen van de fusieovereenkomst die in hoofdstuk 4 nader is toegelicht en vervolgens door het in- en uitschrijven van de oude en nieuwe raad van bestuur en raad van toezicht. De volgorde van in- en uitschrijven is hierbij van belang. De raad van toezicht van Intervence heeft binnen de normen van de WNT een vaststellingsovereenkomst afgesloten met de zittende bestuurder. De raad van toezicht Onderdeel van de bestuurlijke fusie is het feit dat de huidige raad van toezicht van Intervence aftreedt. Voor die tijd zal de raad van toezicht, als onderdeel van een vaststellingsovereenkomst,

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

17

décharge verlenen voor het gevoerde financiële beleid aan de huidige bestuurder van Intervence voor de periode tot 1 juli 2021 (of elke andere fusiedatum). De Raad van Toezicht van Jeugdbescherming west bestaat uit 5 leden, zij zien graag dat 1 lid vanuit Zeeland extra toetreedt tot de raad van toezicht om zodoende de Zeeuwse kennis, ervaring en binding te borgen in de Raad. Het heeft de voorkeur dat dit lid een financieel profiel heeft en voldoende binding met de regio Zeeland heeft. Na overleg in en tussen beide raden is besloten dat de huidige voorzitter van de raad van toezicht van Intervence per 1 juli, onder voorwaarden dat de fusie wordt geeffectueerd, zal toetreden tot de raad van toezicht van Jeugdbescherming west. Cliëntenraad Jeugdbescherming west heeft een cliëntenraad die bestaat uit 12 leden. De raad wordt ondersteund door de cliëntambassadeur. Waar we nu nog werken met één centrale raad, werken we toe naar een raad per regio, waarbij iedere regio vertegenwoordigd wordt in een centrale raad. Intervence heeft een cliëntenraad die bestaat uit 4 leden. De raad wordt ondersteund door een ambtelijk secretaris (gem. 5 uur per week). De cliëntenraad van Intervence zal in 2021 in de huidige vorm blijven functioneren, om zodoende de opgedane kennis en betrokkenheid te benutten en borgen in de uiteindelijke cliëntenraad.

De integratie van de cliëntenraad van Intervence / Jeugdbescherming west Zeeland met de centrale cliëntenraad van Jeugdbescherming west zal in overleg voor 1 januari 2022 vorm worden gegeven. Het overleg met de raad van bestuur zal vanuit de centrale raad plaatsvinden, de regionale cliëntenraden sluiten periodiek aan bij het regio MT. De beide cliëntenraden zullen met elkaar afstemmen hoe de integratie van de beide raden vorm zal krijgen. Uitgangspunt hierbij is dat er uiteindelijk één centrale cliëntenraad zal zijn, waarbij iedere regio vertegenwoordigd is vanuit de eigen regionale raad. De voorzitters van de cliëntenraad hebben contact met elkaar om in eerste instantie kennis te maken en vervolgens afspraken te maken over de vormgeving van dit traject. De clientambassadeur van Jeugdbescherming west zal hierbij ondersteunen. Daarnaast zijn we benaderd door een groep ouders die zich verenigd hebben. Zij worden ondersteund door het Ondersteuningsteam Zorg voor de Jeugd. Deze groep ouders heeft ons een aantal adviezen meegegeven ten aanzien van de plannen en aandachtspunten hierbij. Hierbij gaat het over onder andere kwaliteit, gezinsgericht werken, communicatie en samenwerking met gezinnen en in het netwerk, vraaggericht inzetten van zorg en het betrekken van de gezinnen hierbij, het voorkomen van uithuisplaatsingen en langdurige maatregelen.

Deze ouders vragen ook aandacht voor de juiste scholing van professionals en hebben ideeën voor het organiseren van een ‘Zeeuwse cliëntenraad’. Ondernemingsraad De Ondernemingsraad (OR) van Jeugdbescherming west bestaat uit elf zetels, die naar evenredigheid zijn verdeeld over de drie stichtingen (Haaglanden, Zuid-Holland en Beleid & Bedrijfsvoering). Op dit moment zijn er twee zetels niet vervuld, hiervoor staan vacatures open. De OR wordt ondersteund door een ambtelijk secretaris. Intervence heeft een OR die bestaat uit 5 leden. Ook deze OR wordt ondersteund door een ambtelijk secretaris (dezelfde als voor de regio cliëntenraad). < Deze paragraaf is onderdeel van gesprek met de ondernemingsraden> Er komt een vaste Commissie afronding overgang Intervence voor ‘oud’ Intervence medewerkers van de onderneming. Deze bestaat uit 5 leden van de voormalige OR Intervence en 2 leden van de OR

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

18

van JB west, aangevuld met de ambtelijke secretaris van de voormalige OR Intervence. Omtrent aangelegenheden (en dan met name adviesaanvragen en instemmingsaanvragen) die specifiek de oud-medewerkers van Intervence betreffen, zal de ondernemingsraad de Commissie afronding bestuurlijke fusie Intervence/ JB west) om een preadvies vragen. Indien de ondernemingsraad en de Commissie van mening verschillen over de vraag of een aangelegenheid uitsluitend of hoofdzakelijk de oud-medewerkers Intervence betreft, zullen zij het in goed overleg, en met oog voor elkaars standpunten, met elkaar eens moeten worden. De leden van de Commissie worden door de ondernemingsraad benoemd voor een periode die aanvangt op 1 juli 2021 (vanaf de nieuwe samengestelde OR) en eindigt per 01-01-2022 of later in overleg met de OR en de bestuurder van Jeugdbescherming west. Aan het eind van de zittingsperiode van de ondernemingsraad of Commissie worden de vormgeving en de inrichting van de medezeggenschap door de ondernemingsraad en de Commissie geëvalueerd. Klachtencommissie De klachtencommissie bij Intervence wordt vormgegeven door 4 externe leden, ondersteund door een secretaris. De leden van de klachtencommissie zijn bereid om hun werkzaamheden voort te zetten in de provincie Zeeland. De secretaris (dezelfde als bij OR en CR) is geheel 2021 beschikbaar voor de klachtencommissie.

Hiermee wordt voorzien in de uitvoering en het proces van de lopende klachten en is er voldoende tijd om in de tweede helft van 2021 te zorgen voor een goede integratie en aansluiting bij de werkzaamheden van de klachtencommissie van Jeugdbescherming west, waardoor het klachtproces ongehinderd door kan blijven lopen.

3.4. Cliëntperspectief Continuïteit van uitvoering maatregelen De zorgcontinuïteit van de gezinnen waar Intervence verantwoordelijk voor is, is geborgd. Doordat gekozen is voor een bestuurlijke fusie en de jeugdbeschermers (voorheen: gezinsmanagers) allemaal2 in dienst kunnen blijven, kunnen de gezinnen hun eigen jeugdbeschermer behouden. Er is wel een zorg of het ons gaat lukken om op relatief korte termijn voldoende gekwalificeerde jeugdbeschermers te werven. In december vorig jaar is het besluit genomen om Intervence af te bouwen en de gezinnen over te dragen aan de GI's die werkzaam zijn in Zeeland, te weten William Schrikker Stichting, Leger des Heils Jeugdbescherming en jeugdreclassering en Briedis. Naast het reguliere verloop bij de GI’s, en ook bij Intervence, hebben door dit besluit en de onzekerheid die daarbij ontstond, nog meer gezinsmanagers ontslag genomen. In totaal hebben in de periode van jan-jul 2021 20 gezinsmanagers de organisatie verlaten, dat betekent dat ongeveer 170 gezinnen overgedragen moesten worden naar andere jeugdbeschermers. Dit heeft vanzelfsprekend effect op de gezinnen en op de werkdruk van de jeugdbeschermers. Vanaf april 2021 heeft Intervence toestemming gekregen om de formatie weer op peil te krijgen en te gaan werven. De werving verloopt, ondanks alle inzet, langzaam.

Het duurt 9 tot 12 maanden voordat een onervaren gezinsmanager is opgeleid en volwaardig ingezet kan worden. In de afgelopen periode zijn 12 nieuwe gezinsmanagers aangenomen die langzaamaan gaan instromen bij Intervence. In samenwerking met allerlei partijen wordt vanzelfsprekend verder gezocht naar ervaren mensen. Dit gaat de komende jaren nog veel van ons vragen. Zodra de fusie een feit is zullen wij direct alle jeugdigen en gezinnen mondeling en schriftelijk informeren dat er in de bestaande relatie tussen de jeugdbeschermer en de gezinnen niets zal gaan wijzigingen en waar ze terecht kunnen voor eventuele vragen. Daarnaast zullen we alle verschillende 2

Uitzonderingen hierop zijn jeugdbeschermers die er zelf voor kiezen om te vertrekken zoals toegelicht bij verloop/ uitstroom.

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

19

partners informeren en regelen we alle formaliteiten die ervoor nodig zijn om de zorg en begeleiding goed door te kunnen laten lopen (denk aan; mandateringen, naamswijziging enz.). Instroommanagement Het bovenstaande betekent ook dat het voldoen aan de wettelijke opdracht om binnen 5 werkdagen een vaste gezinsmanager te koppelen aan een gezin in de komende periode nog behoorlijk onder druk zal staan. In dat kader is er voor Jeugdbescherming west Zeeland een instroomproces voor nieuwe cliënten geschreven zodat de veiligheid van deze gezinnen gewaarborgd wordt. Het veiligheidsplan, dat ingaat op de acute veiligheid van het gezin/de jeugdige, wordt gemaakt binnen de gestelde termijn maar het veranderplan (blijvende veiligheid) wordt pas gemaakt als het gezin gekoppeld is aan een vaste jeugdbeschermer. Om hierin wel de veiligheid van de gezinnen te kunnen waarborgen wordt er tijdelijk een instroomteam opgericht. Hieraan zullen twee gedragswetenschappers van Jeugdbescherming west meehelpen om de medewerkers uit het instroomteam te ondersteunen in het maken van goede veiligheidstaxaties, veiligheidsplannen en bodemeisen.

In dit instroomproces staan ook de afspraken beschreven over hoe wij het zicht op de veiligheid houden, hoe er geprioriteerd wordt in de verschillende wachtende gezinnen en welke gezinnen bovenaan de lijst komen om zo spoedig mogelijk een vaste jeugdbeschermer te krijgen. Taskforce Acute veiligheid Om het bovenstaande verwachte probleem zo veel mogelijk voor te zijn, zijn we -naast het met prioriteit werven van jeugdbeschermers- gestart met de Taskforce Acute Veiligheid. Deze taskforce regisseert alle nieuwe gezinnen met als doel ervoor te zorgen dat er binnen 5 dagen een vaste jeugdbeschermer gekoppeld wordt vanuit één van de in Zeeland actieve GI’s met als doel de acute veiligheid van alle gezinnen in beeld te hebben met een bijbehorend veiligheidsplan. Iedere GI moet hier zijn verantwoordelijkheid nemen in de verdeling van de zaken naar een vast jeugdbeschermer dan wel een plan maken hoe dit tijdelijk vorm wordt gegeven (zie bijvoorbeeld het instroommanagement). Daarnaast wordt er vanuit de Taskforce overleg gevoerd met de gemeenten over de stand van zaken en wat er nodig is. Ook de Raad voor de Kinderbescherming en de Rechtbank zijn onderdeel van deze taskforce. Op dit moment (juni 2021) lukt het grotendeels om alle nieuwe gezinnen een vaste jeugdbeschermer toe te wijzen.

Het intrekken van het certificaat en het daaropvolgende faillissement van Briedis is hierbij wel een punt van aandacht. Vanuit Intervence/Jeugdbescherming west Zeeland hebben wij het aanbod gedaan dat de jeugdbeschermers van Briedis in de ZZP constructie tot 31 december bij ons met hun gezinnen terecht kunnen zodat we zorgcontinuïteit kunnen organiseren. In ons addendum op de financiële business case hebben we dit verder financieel uitgewerkt. Zorgaanbieders Intervence heeft een samenwerkingsrelatie met de zorgaanbieders opgebouwd. Wij zullen die vanzelfsprekend één op één overnemen. Vanaf datum van de bestuurlijke fusie gaan wij met de belangrijkste zorgaanbieders in gesprek om de samenwerkingsafspraken te bevestigen ofwel aan te scherpen. Ook zullen wij aan hen vragen wat zij van ons verwachten, wat er goed gaat en wat er beter kan. Tevens zullen we bespreken hoe het zorgaanbod in Zeeland eruitziet en wat er eventueel aanvullend nodig is. De Zeeuwse zorgaanbieders zijn verenigd in het zogenoemde penvoerderoverleg waar Jeugdbescherming west ook aan deel zal gaan nemen. Gemeentelijke toegangsorganisaties De GI’s in Zeeland, waaronder Intervence hebben samenwerkingsafspraken met de gemeentelijke toegangsorganisaties. Wij zullen deze afspraken voor 2021 overnemen. Vanaf september 2021 gaan

Transitieplan en update business case Jeugdbescherming west Zeeland (versie 1.0)

20

we naar alle gemeenten en checken we bij hen hoe de samenwerking verloopt. Als er wederzijdse behoefte is om de afspraken aan te passen zullen we dat gezamenlijk doen. Raad voor de Kinderbescherming, Veilig Thuis, Rechtbank en andere Justitiepartners Dezelfde exercitie zullen we doen bij Veilig Thuis en de Raad voor de Kinderbescherming. Met deze partners zullen we sowieso de komende jaren een nog intensievere relatie gaan opbouwen in het kader van Vaart in Veiligheid en de landelijke ontwikkeling toekomstscenario Kind en Gezinsbescherming. De samenwerkingsrelatie die is opgebouwd met de Rechtbank, Politie, Openbaar Ministerie en de Veilgheidshuizen worden gecontinueerd. We zullen in de verschillende projecten die lopen naadloos continueren. Met andere woorden alles wat loopt zullen wij overnemen en in overleg passen we daar aan waar dat in ieders belang is. Faillissement Briedis Het is inmiddels geen geheim meer dat de coöperatie Briedis Jeugdbeschermers in financiële moeilijkheden verkeert. Het jeugdbeschermingscertificaat van Briedis is eind april 2021 door het Keurmerkinstituut ingetrokken en vervangen door een beëindigingscertificaat. Hiermee is Briedis in staat gesteld om de aan haar toevertrouwde jeugdigen zorgvuldig over te dragen.

Door intrekking van het vereiste certificaat dat nodig is om binnen het gedwongen kader te mogen werken is het voor Briedis onmogelijk geworden om de door haar te verlenen begeleiding te continueren. Briedis heeft daarom de verplichting gekregen om binnen een termijn van zes maanden de jeugdigen op zorgvuldige wijze over te dragen naar een andere Gecertificeerde Instelling. Het is van groot maatschappelijk belang dat de continuïteit van de zorg voor de kinderen wordt geborgd en dat de zorgoverdracht gecontroleerd verloopt. De onzekere financiële situatie van Briedis vormt een bedreiging voor de continuïteit van de zorg en de gecontroleerde overdracht. Om die reden is er in eerste instantie voor gekozen om uitstel van betaling (surseance van betaling) aan te vragen. Omdat de surseance geen bescherming biedt tegen preferente schulden en ook geen vangnet biedt voor de loonkosten, is de surseance ingetrokken en heeft de Rechtbank Den Haag bij vonnis van 1 juni 2021 Briedis in staat van faillissement verklaard. In de afgelopen weken hebben wij overleg gevoerd met zowel de bestuurder van Briedis als met de recentelijk in verband met het faillissement aangestelde curator. In deze gesprekken heeft de bestuurder van Briedis aangeboden dat wij Briedis in de bestaande vorm (zzp-in-coöperatie model) overnemen.

Dit aanbod hebben wij afgeslagen omdat wij niet in continuïteit met zzp-ers willen werken die anders worden beloond dan onze jeugdbeschermers in loondienst. Als tegenvoorstel hebben wij op 14 juni ons voorstel van begin mei herhaald, namelijk om de gezinnen met de vaste jeugdbeschermers tijdelijk in de bestaande zzp-vorm over te nemen en ze na een half jaar een dienstverband aan te bieden. Hiermee zou de continuïteit van de zorg zijn gewaarborgd. Wij hebben hierop nog geen reactie van de curator mogen ontvangen. In dit transitieplan is derhalve geen rekening gehouden met de aspecten die wij in de update van de business case hebben benoemd. Zonder goede afspraken en beschikbaarheid van afdoende formatie is het opvangen van 50 tot 60 gezinnen bij Intervence/ Jeugdbescherming west Zeeland een acuut probleem. In de taskforce worden de ontwikkelingen op het gebied van Briedis dan ook op de voet en met argusogen gevolgd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10344722/1