CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

2026.135 Bijlage 2 Omgevingsverordening Zeeland 2024 (1694326)

Gemeenteraad 16 april 2026, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: Ingekomen stukken30.306 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

kas

gebouw van glas of ander lichtdoorlatend materiaal voor de teelt of veredeling van tuinbouwgewassen, fruitteelt of sierteelt;

kernwinkelgebied

binnen het centrum van een kern gelegen gebied waarin detailhandelsvoorzieningen zijn geconcentreerd;

klein schip

een klein schip als bedoeld in artikel 1.01 van het Binnenvaartpolitiereglement

kleinschalig bedrijventerrein

bedrijventerrein dat geen grootschalig bedrijventerrein is;

kleinschalig kampeerterrein

kampeerterrein dat in gebruik is als neventak bij een agrarisch of ander bedrijf of behorend bij een woning;

kunstwerk

civieltechnisch bouwwerk dat dient om een weg of verkeersbaan over een andere weg of verkeersbaan, een spoorweg, een vaarweg of ander oppervlaktewaterlichaam heen, of daaronder door, te voeren;

kwaliteitscriteria

in landelijke samenwerking tussen bevoegde gezagen ontwikkelde en beschikbaar gestelde actuele kwaliteitscriteria vergunningverlening, toezicht en handhaving inzake de beschikbaarheid en de deskundigheid van organisaties die met de uitvoering en handhaving van de betrokken wetten zijn belast;

kwaliteitsklasse wonen

kwaliteitsklasse wonen als bedoeld in artikel 29 van het Besluit bodemkwaliteit;

kwantitatieve gegevens

telcijfers, trendtellingen, inschattingen en afschotcijfers voor de in het faunabeheerplan beschreven diersoorten en op basis hiervan een analyse van de populatietrend;

ladingtank

tank vast verbonden met een binnenschip waarvan de wanden hetzij door de scheepsromp zelf, hetzij door van de scheepsromp onafhankelijke wanden zijn gevormd;

lawaaisport

in wedstrijdverband, ter voorbereiding op wedstrijden of voor recreatieve doeleinden gebruiken van voer- of vaartuigen met verbrandingsmotoren of modelvliegtuigen en het beoefenen van de schietsport met vuurwapens in de open lucht;

loonwerkbedrijf

Een bedrijf dat geheel of in overwegende mate gericht is op het leveren van gemechaniseerd loonwerk in het landelijk gebied, aan agrarische bedrijven, overheden en natuurorganisaties, zoals het uitvoeren van agrarisch loonwerk, cultuurtechnische werken, natuurbouw, grondverzet of soortgelijke dienstverlening, met inbegrip van een strategische werkvoorraad aan hulp-, bouw-, grond- of reststoffen (in verband met circulariteit). Hieronder valt in ieder geval niet het bewerken of opslaan van mest of het verrichten van werkzaamheden in de weg- en waterbouw;

loswal

kadeterrein dat bestemd en geschikt is voor het laden en lossen van schepen;

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

27

luchtkussenvoertuig

luchtkussenvoertuig als bedoeld in artikel 1 van het Besluit luchtkussenvoertuigen Wet geluidhinder;

motorrijtuig

motorrijtuig als bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994;

nazorgvoorziening

voorziening ter bescherming van het milieu als bedoeld in artikel 8.49, eerste en tweede lid, van de Wet milieubeheer;

neventak

bedrijfsonderdeel dat qua omvang en arbeidsinzet en gelet op de inkomsten die daaruit redelijkerwijs kunnen worden verworven niet als hoofdtak kan worden aangemerkt, of een activiteit waaruit de betrokkene niet het hoofdinkomen verwerft;

omgevingskwaliteiten

kwaliteiten die van belang zijn voor een goede leefomgeving, bij de beschrijving waarvan tenminste de navolgende aspecten in beschouwing worden genomen: luchtkwaliteit, stank, geluid, lichtvervuiling, veiligheid, bodem- en waterkwaliteit - waterbodems en grondwater daaronder begrepen -, waterkwantiteit, ecologische en natuurlijke kwaliteit, landschappelijke en beeldkwaliteit, cultuurhistorische kwaliteit, bereikbaarheid en sociale kwaliteit.

ontgassen

afvoeren van restladingdamp uit een ladingtank waarbij restladingdampen terechtkomen in de open lucht;

openbare weg

openbare weg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994 en artikel 1 van de Wegenwet;

opstelling voor zonne-energie

samenstel van bouwwerken of een andere constructie voor het opwekken van elektriciteit of warmte door het opvangen van de straling van de zon, geplaatst op of boven de grond of een oppervlaktewaterlichaam, met uitzondering van zonnepanelen op daken;

provinciale staten

Provinciale Staten van Zeeland;

provinciale weg

openbare weg in beheer bij de provincie, met inbegrip van de daarin gelegen kunstwerken en wat verder naar zijn aard daartoe behoort;

recreatieve bebouwing

gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, voor recreatief nachtverblijf en gebouwen voor recreatief dagverblijf waar dranken worden geschonken of eet- en drinkwaren voor consumptie worden bereid of verstrekt;

regionale meerwaarde

de mate waarin een bedrijf of activiteit een meerwaarde oplevert voor de economie en maatschappij in de regio, gelet op de herkomst van het bedrijf, werkgelegenheid, arbeidsmarkt, kennisinfrastructuur, plaats in regionale waardeketens, ruimtelijk economisch profiel van de regio, gebruik van regionale infrastructuur en afzetmarkt;

regionale waterkeringen

In bijlage XIII bij deze verordening aangewezen andere dan primaire waterkeringen als bedoeld in artikel 2.13, eerste lid, onder a, van de wet, die in beheer zijn bij het waterschap;

restladingdamp

damp die na het lossen in de ladingtank achterblijft;

schip

schip als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Scheepvaartverkeerswet;

solitair volwaardig glastuinbouwbedrijf

volwaardig glastuinbouwbedrijf dat is gevestigd buiten een concentratiegebied;

solitaire bedrijvigheid binnen bestaand stedelijk gebied

niet op bedrijventerreinen geclusterde bedrijven die volgens het omgevingsplan zijn toegelaten binnen bestaand

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

stedelijk gebied, met inbegrip van detailhandels- en horecabedrijven;

28

stedelijk gebied

in een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit toegelaten stedenbouwkundig samenstel van bebouwing voor wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel en horeca, en de daarbij behorende openbare of sociaal-culturele voorzieningen en infrastructuur, met uitzondering van stedelijk groen aan de rand van die bebouwing en lintbebouwing langs wegen, waterwegen of waterkeringen;

streekproducten

kenmerkende Zeeuwse producten die op Zeeuwse grond of in Zeeuwse wateren zijn geteeld en bedoeld voor consumptie;

taxateur

taxateur die werkzaam is voor een door BIJ12 aangewezen taxatiebureau of een consulent faunazaken van BIJ12;

toestel

toestel dat bij gebruik anders dan door menselijke energie geluidhinder kan veroorzaken, een luchtvaartuig daaronder niet begrepen;

traditionele windmolen

molen die in vroeger tijden was bedoeld voor bemaling voor waterbeheer, het malen van granen of overige ambachtelijke werkzaamheden, waarbij het gaande werk nog volledig of in overwegende mate intact is;

UN

getal van vier cijfers dat een gevaarlijke stof identificeert tijdens het transport, zoals vastgelegd in de Recommendations on the Transport of Dangerous Goods van de Verenigde Naties;

vaarwegbeheer

overheidszorg gericht op de instandhouding, bereikbaarheid en bescherming van een vaarweg en bijbehorende werken;

verduurzaming

treffen van maatregelen die verder gaan dan hetgeen bij of krachtens de wet is voorgeschreven voor milieu en dierenwelzijn en die strekken tot milieuwinst en het versterken van omgevingskwaliteiten;

verjaagactie

bestrijding van ganzen die op het schadeperceel aanwezig zijn of invallen;

verkeersbaan

verhardingsconstructie van een hoofdrijbaan, parallelweg, fiets- of voetpad;

vervoerder

onderneming als bedoeld in 1.2.1 van deel 1 van het Europees Verdrag inzake het internationale vervoer van gevaarlijke goederen over de binnenwateren (Trb. 2001, 67);

vuurwapen

vuurwapen als bedoeld artikel 1, onder 3°, van de Wet wapens en munitie;

waterschap

bevoegd bestuursorgaan van Waterschap Scheldestromen;

waterscooter

waterscooter als bedoeld in artikel 1.01, onder A, onder 18°, van het Binnenvaartpolitiereglement;

wet

Omgevingswet.

zeehaventerreinen

terrein dat onderdeel is van het beheergebied van North Sea Port.

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

SSS Bijlage II wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Bijlage II Overzicht informatieobjecten Geometrie Lijst met geometrieën: aardkundig waardevolle gebieden

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_0702107b6cb34f1bb7dd30dacfd43a96/nld@2023-1219;1

beheergebied brandganzen

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_1b385cf8a5eb4cccaeb25dda8820012c/nld@2023-1219;1

beheergebied zwervende damherten

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_55dcde577ec445c8b1004f059811b501/nld@2023-1219;1

beperkingengebied ankerplaatsen provinciale vaarwegen

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_64886cedeb424cfcb3edd66c83b00698/nld@2023-12-19;1

beperkingengebied ankerverbod provinciale vaarwegen

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_3811c938d5b84a4cab4fea7bb7ce09e4/nld@2023-1219;1

beperkingengebied beheer provinciale vaarwegen

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_63f130c04d114e549d2c40a0414ce4c0/nld@2023-1219;1

beperkingengebied beheer provinciale wegen

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_098ea17f74fe4e58b45d4367d555d1aa/nld@2023-1219;1

beperkingengebied objecten vrijheid van /join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijmeningsuiting provinciale wegen zing_50ddfc0874a74799abf522de4df5d924/nld@2023-1219;1 beperkingengebied scheepvaartafmetingen en diepgang schepen provinciale vaarwegen A

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_18e32d30551b4792bf4155f77d7cdc32/nld@2023-1219;1

beperkingengebied scheepvaartafmetingen en diepgang schepen provinciale vaarwegen B

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_6709c96067b84d06915386a76f82746a/nld@2023-1219;1

beperkingengebied scheepvaartafmetingen en diepgang schepen provinciale vaarwegen C

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_3fcbaf51812f4302a832cbebcd2d4df7/nld@2023-12-19;1

beperkingengebied scheepvaartafmetingen en diepgang schepen provinciale vaarwegen D

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_5a60caad29844b7a9ce75784eefa66a7/nld@2023-1219;1

beperkingengebied scheepvaartafmetingen en diepgang schepen provinciale vaarwegen E

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_3502325d1ba64b35aba9f6fef2f1fb5f/nld@2023-1219;1

beperkingengebied scheepvaartafmetingen en diepgang schepen provinciale vaarwegen F

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_a306e5660e9b49c7b341cb1a03557d95/nld@2023-1219;1

beperkingengebied toegangsdam buiten /join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijde berm voor landbouw- en zing_a4c68c8739fb4509b3cd566fac3782a2/nld@2023-12tuinbouwproducten 19;1

29

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

beperkingengebied uitzichtstroken /join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_b2158aadeeprovinciale wegen buiten de bebouwde fa428395ef92b0f604fc93/nld@2023-12-19;1 kom beperkingengebied verbod op objecten /join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijvrijheid van meningsuiting provinciale zing_c1a05e89e6b84cf1be9f16dd4bfb4c73/nld@2023-12wegen 19;1 beperkingengebied verbod toegangsdam /join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijbuiten de berm voor landbouw en zing_3d0a619768504e1eac0ec180ceebbee5/nld@2023-12tuinbouwproducten 19;1

30

beperkingengebied vrijwaringszone bouwwerken provinciale wegen

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_18dfee7db72245ecb5d5731ac324d998/nld@2023-1219;1

beperkingengebied vrijwaringszone provinciale wegen

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_c6fd0b560e4b4e18997356357e747970/nld@2023-1219;1

beperkingengebied vrijwaringszone werken provinciale vaarwegen

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_17f561017c0b476da6c3ba6c9291c5f3/nld@2023-1219;1

buiten de bebouwde kom

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_940adf321d134b9288c92d06b672cae9/nld@2023-1219;1

duisternisgebieden en in het invloedgebied

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_db4441f8dc6940b99053e98fcbd07d15/nld@2023-1219;1

ganzenrustgebieden

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_c24773a918084019b7b52ad920b9ceae/nld@2023-1219;1

gemiddelde kans op overstroming per jaar 1/25

/join/id/regdata/pv29/2023/norm_28abf4eaca7349f9a96f79c52e8fc155/nld@202312-19;1 /join/id/regdata/pv29/2023/norm_28abf4eaca7349f9a96f79c52e8fc155/nld@202412-23;2

gemiddelde kans op overstroming per jaar 1/100

/join/id/regdata/pv29/2023/norm_f5de3acd890b48a699563d16257a7847/nld@202312-19;1

gesloten stortplaatsen

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_abed7301f8cb4c8a85f276bf5f54b5b0/nld@2023-1219;1

grondwaterbeschermingszone

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_df7be5f3b13d49259e93933a1c061420/nld@2023-1219;1

invloedsgebieden

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_7e2d7811fcff4a7885692bc3d31de7e8/nld@2023-1219;1

laaggelegen gebieden

/join/id/regdata/pv29/2024/locatiegroep_1f0303ae8114491795ed3358286c7dfc/nld@202412-20;1

regionale waterkeringen

/join/id/regdata/pv29/2023/locatiegroep_32183d712f3f4e399a360f2b2b6935a2/nld@202312-19;1

stiltegebied a

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_64bc3513dcef493da204f45f40e6559c/nld@2023-1219;1

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

31

stiltegebied b

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_6e32a2185a454d8d93a209e8209a5825/nld@2023-1219;1

stiltegebied overig

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_7ae4a862b03d477485995ffe9292a482/nld@2023-1219;1

vaarweg

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_9d8fde66962c4963904590c62ca093c1/nld@2023-1219;1

waterwingebied

/join/id/regdata/pv29/2023/gebiedsaanwijzing_bef0aae819594139b0eece476476b0b3/nld@2023-1219;1

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

TTT Bijlage III wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Bijlage III LIJST NIEUWE ECONOMISCHE DRAGERS Bijlage behorende bij artikel 5.1 vijfde lid LANDBOUW VERWANTE ACTIVITEITEN Activiteit-categorie

Activiteit

Nieuwvestiging

Agrarische hulpbedrijven

Loonwerkbedrijven

x

-

Drainagebedrijven

-

-

Veehandelsbedrijven

x

-

Toeleverende bedrijven

-

-

Spermabank

-

-

Foeragehandel

x

-

Zaaizaad en pootgoed

x

-

Opslag agrarische producten

x

-

Hoefsmederij

-

Semi-agrarische bedrijven

Hoveniersbedrijven

x

-

Boomverzorgingsbedrijven

-

-

Natuur- en landschapsbeheer

-

-

Tuincentrum

x

-

Vis/escargot/wormkwekerij

-

Huisvesting arbeidsmigrantentijdelijke werknemers

-

x

Zorgboerderij; sociale nevenfunctie op agrarisch bedrijf bv. resocialisatie, therapie, gehandicapten, dagbesteding

-

Zorgwoning behorende bij agrarisch bedrijf

-

-

OPSLAG:

Caravans, boten, inboedel en overige opslag

-

Verblijfsrecreatie

Kampeerboerderij

-

-

Appartementen; verhuur

-

-

Hotelaccommodatie

-

Dagrecreatie

Logies met ontbijt

-

-

Horeca; restaurants, eethuis, ijssalon, theeschenkerij, partycentrum, bezoekerscentrum, paardenpension/-stalling, sauna

-

Verhuur; paarden, fietsen, kano's, trapauto's

x

-

Manage

x

-

Overige dagrecreatieve voorzieningen

x

AAN HUIS-GEBONDEN-BEROEPEN

Individuele paramedische of Therapeuti- sche praktijk

-

Dierenarts

Verkoop eigen agrarische producten

32

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

-

33

Activiteit-categorie

Activiteit

Nieuwvestiging

-

Atelier

-

-

Overige aan huis gebonden beroepen

-

MEDISCH VERWANTE DIENSTVERLENING

Privékliniek

-

-

Kuuroord

-

-

Dierenkliniek

-

-

Groepspraktijk

-

OVERIGE DIENSTVERLENING

Cursuscentrum

-

-

Crèche/Peuterspeelzaal

-

-

Museum/Tentoonstellingsruimte

-

-

Dierenasiel/-pension

-

-

Kapper

-

-

Computerservicebedrijf

-

-

Adviesbureau

-

-

Geluidsstudio

-

-

Antiekhandel

-

AMBACHTELIJKE LANDBOUWPRODUCT- Slachterij VERWERKENDE BEDRIJVEN

-

-

Vleesverwerking

-

-

Zuivelverwerking

-

-

Plantaardige producten

-

-

Imkerij

-

-

Palingrokerij

-

-

Wijnmakerij

-

-

Bierbrouwerij

-

-

Riet- en vlechtwerk

-

OVERIGE AMBACHTELIJKE BEDRIJVEN

Bouwbedrijven

-

-

Schilderbedrijven

-

-

Installatiebedrijven

-

-

Elektrotechnische installatiebedrijven

-

-

Dakdekkersbedrijf

-

-

Rietdekkersbedrijf

-

-

Houtzagerij en -schaverij

-

-

Speeltoestellenfabricage

-

-

Lasinrichtingen/bankwerkerijen

-

-

Vervaardiging medische instrumenten en orthopedische artikelen

-

-

Meubelmakerij/restauratie

-

-

Vervaardigen en reparatie sieraden

-

-

Vervaardigen reparatie muziekinstrumen- ten

-

Spel- en speelgoedfabricage

-

-

Spinnen en weven van textiel

-

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

Activiteit-categorie

Activiteit

Nieuwvestiging

-

Vervaardigen van textielwaren

-

-

Kledingvervaardiging

-

-

Reparatiebedrijven en gebruiksgoederen -

-

Pottenbakkerij

-

-

Natuursteenbewerking/beeldhouwerij

-

-

Zeefdrukkerij

-

UUU Binnen bijlage V wordt de volgende sectie op de aangegeven wijze gewijzigd:

C. Gekoppeld aan recreatieve kwaliteit, bebouwde omgeving en infrastructuur I. De (hoogte van de) bebouwing mag het open Deltalandschap van het Veerse Meer gebied niet verstoren. De regels voor bebouwing zijn als volgt: ● De zichtlijnen naar karakteristieke oriëntatiepunten of een historisch silhouet mogen niet verstoord worden (waaronder kerken Wolphaartsdijk en Kortgene, stadsgezicht Veere). ● Ontwikkelingen versterken het landschap en de landschappelijke beleving. ● (Zeer) hoge bouwwerken (bijvoorbeeld windmolens, masten en antennes) zijn niet wenselijk op de oevers en dammen van het Veerse Meer (buiten de concentratielokaties). ● Binnen agrarische bouwblokken volgt men de regels van het omgevingsplan. ● Binnen de contouren van het Veerse Meer mag niet in het water gebouwd worden.

34

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

Tabel_Haven_Vesting Veere

35

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

Tabel_Algemeen

II. Leg het accent op kwaliteitsverbetering, verduurzaming en maatschappelijke meerwaarde. In ieder geval moet ook worden voldaan aan het ontwikkelkader uit onderdeel 5 van deze bijlage. III. Sta geen permanente nieuwvestiging buiten aandachtsgebieden toe en sluit bij voorkeur aan op de bestaande bebouwingscontouren. Onder bestaande bebouwingscontouren worden zowel bestaand stedelijk gebied als andere bestaande clusters van (recreatieve) bebouwing verstaan. IV. (Weg)Infrastructuur is passend bij de (gebruiks)functies. Nieuwvestiging dan wel uitbreiding/aanpassing van bestaande bedrijven hebben invloed op de omgeving. Deze behoeven een goede (publieke) infrastructuur. Hierbij gaat het o.a. over bereikbaarheid, (openbare) vervoersvoorzieningen, toegankelijkheid en beschikbaarheid van nutsvoorzieningen, watertoevoer, internet, e.d. Bij voorziene impact wordt voor de betreffende infrastructurele onderdelen een impactstudie geëist. V. Behoud de vitaliteit van het landelijk gebied. Grote waarde wordt gehecht aan behoud van de karakteristieke openheid van het agrarische landschap rondom het Veerse Meer en de vitaliteit van het landelijke gebied. Bestaande agrarische bedrijven behouden de ontwikkelingsmogelijkheden die ze hebben op grond van hoofdstuk 5 in deze verordening. Deelname aan maatschappelijke opgaven of kwaliteitsimpulsen m.b.t.

groen- en landschapsontwikkelingen gebeurt op basis van vrijwilligheid.

36

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

VI. Bied alleen ruimte aan ondernemers die in hun ontwikkelplannen de identiteit en de specifieke kwaliteiten van het gebied respecteren en versterken. VVV Binnen bijlage IX wordt de volgende sectie op de aangegeven wijze gewijzigd:

4 Strandwal Walcheren

Fenomeen: Strandwal Waardering: Provinciaal niveau Huidig gebruik: Landbouw, bewoning Bescherming: Natuurgebied, Nb-wet, Nationaal Landschap, Provinciaal Belvedere gebied Bodemsoort: Zeekleigronden Vegetatie:

Landbouw: Bouwland

Ouderdom: Laat Subatlanticum Toelichting fenomeen: De oost-west oriëntatie van de strandwal op Walcheren is bijzonder. Daarnaast is de strandwal geselecteerd als Aardkundig waardevol gebied omdat de strandwal goed in het landschap waarneembaar is. De strandwal van Walcheren is ongeveer 350 jaar na Chr. gevormd en bereikte zijn maximale omvang 1000 jaar na Chr. Zeeland was op dat moment een gebied met schorren en platen. Voor de kust

37

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

werd een strandwal gevormd. Strandwallen zijn langgerekte zandbanken die evenwijdig aan de kust zijn opgeworpen in de branding. Het strandwalvormende proces speelt zich af in de strook langs de kust waarin de golfbewegingen tot aan de bodem reiken. In de nabijheid van de kust kan door golfwerking en zeestromingen zand uit de ondergrond worden losgemaakt en in de vorm van een strandwal worden afgezet. Bijna langs de gehele Nederlandse kust zijn de strandwallen noord-zuid georiënteerd. Door de uitstroom van de toenmalige Schelde via de huidige Oosterschelde ontstond een stroming in westelijke richting. Hierdoor ontstond de oost-west oriëntatie van de strandwal van Walcheren. De strandwal van Walcheren is niet meer actief en door landbouw vastgelegd. De wal is als rug nog goed zichtbaar in het landschap.

Toelichting bescherming: 13 % van het totale gebied is natuurgebied. Het gebied valt geheel in het Nationaal Landschap Walcheren. Een klein deel in het westen, slechts 2 %, valt onder de Nb-wet (Beschermd Natuurmonument en Natura 2000). Het gebied is 100% Provinciaal Belvedere gebied Overig: -

WWW Binnen bijlage IX wordt de volgende sectie op de aangegeven wijze gewijzigd:

38

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

10 Yerseke en Kapelsche Moer

Fenomeen: Inversie kreekruggen, oeverwallen en poelgronden Waardering: Nationaal niveau Huidig gebruik: Natuur, landbouw, bewoning, recreatie Bescherming: Natuurgebied, Nb-wet, Provinciaal Belvedere gebied Bodemsoort: Hollebollige gemoerde zeekleigronden en gewone zeekleigronden Vegetatie: Grasland met enkele boomgaarden en stukjes bouwland Ouderdom: Midden Subboreaal Toelichting fenomeen: De Yerseke en Kapelse Moer zijn één van de weinige authentieke gebieden waar het kenmerkende oude Zeeuwse polderlandschap nog bewaard is gebleven. In dit landschap dat door de zee en de mens is gevormd, kunnen ruwweg twee delen worden onderscheiden. De hogere delen, vaak ontstaan door inversie van het oorspronkelijke reliëf, bestaan uit kreekruggen en oeverwallen. De lagere delen, de zogenaamde poelgronden bestaan uit zeeklei met veen in de ondergrond. Door ontwatering en inklinking is het veen gaan oxideren en zijn hoogteverschillen in het landschap ontstaan. Lokaal is zout uit het onderliggende veen gewonnen (moernering) waardoor het reliëf mede is bepaald. Het gebied wordt gekenmerkt door een mozaïek van kleine weilanden, oude drinkputten en heggen en heeft een tamelijk gesloten karakter. Dit landschap geeft een fraai beeld van hoe het hele gebied er vroeger na de inpolderingen in de veertiende eeuw heeft uitgezien.

In de Yerseke en Kapelse Moer is een hobbelig microreliëf ontstaan als gevolg van inklinking en moernering, de gevolgen

39

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

van de winning van veen en zout uit de veenlagen onder de klei. Het proces van inklinking in nog gaande. Voor de aanleg van het Kanaal door Zuid-Beveland vormden de Yerseke en Kapelse Moer één aaneengesloten graslandgebied. Het gebied heeft een zout milieu vanwege zeewater uit het kanaal dat als kwel onder de dijk door omhoog komt. Dit zilte milieu zorgt voor de aanwezigheid van bijzondere planten en dieren. Het grasgebied is vanwege de rustige ligging en het vochtige milieu van groot belang voor grote aantallen vogels.

40

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

Toelichting bescherming: Het gebied bestaat voor 50% uit natuurgebied. Dit is in handen van Staatsbosbeheer (Kapelse Moer) en Zeeuws Landschap (Yerseke Moer). Het gebied is voor 60% Natura 2000-gebied (Nb-wet) en voor ongeveer 95% Provinciaal Belvedere gebied (een klein deel in het zuiden van Yerseke Moer valt erbuiten). Overig: Aardkundige aandachtsgebieden (Gonggrijp, 1989), Operatie Landijs Home | Stichting Het Zeeuwse Landschap

41

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

Door het natuurgebied loopt een wandelroute. De wandelroute is toegankelijk van 15 juli tot 1 november (tijdens het broedseizoen is het gebied niet toegankelijk). XXX Binnen bijlage IX wordt de volgende sectie op de aangegeven wijze gewijzigd:

12 Verdronken Zwarte Polder

Fenomeen: Intergetijdengebied, slikken en schorren, geulen en kreken en duinen Waardering: Nationaal niveau Huidig gebruik: Natuur, recreatie Bescherming: Natuurgebied, Nb-wet, Nationaal Landschap, Provinciaal Belvedere gebied Bodemsoort: Kalkloze zandgronden Vegetatie: Duinvegetatie en kweldervegetatie Ouderdom: Laat Subatlanticum Toelichting fenomeen: Het natuurreservaat de Verdronken Zwarte Polder is een zeldzaam en zeer representatief slikkenen schorrengebied gelegen achter een duinenrij. Het gebied is een door de mens ingepolderd stuk land dat als gevolg van stormvloeden (dijkdoorbraaken) onder water is komen te staan. Een deel van het verdronken land is opnieuw bedijkt en

42

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

ingepolderd. In het deel waar dit niet is gebeurd, heeft de zee toegang gehouden en is er een intergetijdengebied ontstaan. In de overstroomde polder zijn aanvankelijk slikken en schorren met geulen en kreken ontstaan. Langs de kust heeft zich een lage duinenrij ontwikkeld die, op een kleine kreekingang na, het schorrengebied afsluit van de zee. Via deze kreek staat het gebied tijdens hoogwater onder invloed van de zee. Langs deze kreek hebben zich oeverwallen ontwikkeld.

Toelichting bescherming: 55% van het totale gebied is natuurgebied (Zeeuws Landschap). Verdronken Zwarte polder valt onder de Nb-wet (88% Beschermd Natuurgebied en 100% Natura 2000). Het gebied is onderdeel

43

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

van het Nationaal Landschap West Zeeuws-Vlaanderen (100%) en is tevens Provinciaal Belvedere gebied (100%). Overig: Aardkundige aandachtsgebieden (Gonggrijp, 1989), Operatie Landijs www.hetzeeuwselandschap.nl In het gebied zijn wandelroutes uitgezet. Deze wandelroute is vrij toegankelijk. YYY Binnen bijlage IX wordt de volgende sectie op de aangegeven wijze gewijzigd:

15 De Putting

Fenomeen: Poelgronden Waardering: Provinciaal niveau Huidig gebruik: Natuur Bescherming: Natuurgebied Bodemsoort: Hollebollige gemoerde zeekleigronden en geëgaliseerde zeekleigronden Vegetatie: Dras, riet en grasland Ouderdom: Midden Subboreaal

44

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

Toelichting fenomeen: De Putting is één van de oudste polders van Zeeuws-Vlaanderen. Het authentieke karakter van het landschap is hier bewaard gebleven. In het zeekleilandschap dat door de zee en de mens is gevormd, kunnen ruwweg twee delen worden onderscheiden. De hogere delen, vaak ontstaan door inversie van het oorspronkelijke reliëf, bestaan uit kreekruggen en oeverwallen. De lagere delen, de zogenaamde poelgronden bestaan uit zeeklei met veen in de ondergrond. Door ontwatering en inklinking is het veen gaan oxideren en zijn hoogteverschillen in het landschap ontstaan. Lokaal is zout uit het onderliggende veen gewonnen (moernering) waardoor het reliëf mede is bepaald. De Putting bestaat uit poelgronden. Door inklinking en moernering, het winnen van veen en zout, is de polder lager komen te liggen. Centraal in de polder beheert Staatsbosbeheer een groot weidevogelreservaat (circa 60 ha), waar zichtbaar is hoe het gebied er vroeger uitgezien moet hebben. De waterstand is ten behoeve van de vogels hoog en de begrazingsdruk door runderen is laag. In de winter fungeert het gebied als opvang voor overwinterende ganzen en eenden.

45

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

Toelichting bescherming: Het natuurgebied (94%) is in handen van Staatbosbeheer. Overig: Het gebieden is niet vrij toegankelijk. Aan de Karnemelksstraat is een kijkheuvel opgeworpen van waar men een redelijk uitzicht heeft over het weidegebied.

ZZZ

46

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

Binnen bijlage IX wordt de volgende sectie op de aangegeven wijze gewijzigd:

18 Otheense kreek

Fenomeen: Niet actief kreeksysteem, deels watervoerend Waardering: Nationaal niveau Huidig gebruik: Natuur, landbouw, bewoning, recreatie Bescherming: Natuurgebied Bodemsoort:

Open water en zeekleigronden

Vegetatie: Landbouw: grasland en bouwland Ouderdom: Laat Subatlanticum Toelichting fenomeen: De Otheense kreek is een niet actief kreeksysteem, er is geen sprake meer van getijdenwerking en kreekvormende processen. Een groot deel van het systeem is bijzonder gaaf van vorm. Naast de hoofdkreek zijn verschillende zijtakken nog steeds watervoerend. De Otheense kreek is een door getijdenwerking ontstane kreek. In een kreek stroomt water met eb en vloed in en uit waarbij sediment wordt achtergelaten. In de bedding ligt het zwaardere zandige sediment en verder van de kreek is klei afgezet. Op sommige plaatsen ligt er aan weerszijden langs de kreek een lage oeverwal die bij elke vloed steeds een beetje wordt opgehoogd. Na inpoldering van een kreek begint het proces van reliëfomkering door ontwatering en inklinking. Klei klinkt in en zand niet. Dit heeft als gevolg dat het oorspronkelijke laagste deel van het landschap uiteindelijk het hoogste deel is geworden. Dit hogere deel wordt in het huidige landschap als een

47

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

kreekrug aangeduid en bestaat vaak uit twee parallel aan elkaar lopende ruggetjes (de oude oeverwallen) met een flauwe laagte ertussenin (de oude kreek). De Otheense kreek is een grootschalige kreek met open water inclusief zijtakken. Na indijking heeft het kreeksysteem, op het meest noordelijk gelegen deel na, zijn vorm behouden en voeren naast de hoofdkreek ook de verschillende zijtakken nog steeds water. De ligging van de kreek is nog volledig te volgen in het open landschap. In de 16e en 17e eeuw hebben Axel en de omringende ambachten zwaar geleden onder de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648). De regio was jarenlang frontgebied. De Staten van Zeeland hebben ter verdediging van de streek grote delen van het Vlaamse polderlandschap onder water laten lopen en het daarmee overgegeven aan de werking van eb en vloed. De toen uitgeschuurde geulen zijn nog op veel plaatsen in het landschap zichtbaar. Het krekengebied rond Axel vertoont nog tal van oude vestingsresten.

48

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

49

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

Toelichting bescherming: 46% van het gebied is natuurgebied (Staatsbosbeheer en particulier). Overig: -

AAAA Binnen bijlage IX wordt de volgende sectie op de aangegeven wijze gewijzigd:

50

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

26 Verdronken land van Zuid-Beveland

Fenomeen: Platensysteem met veenbanken Waardering: Provinciaal niveau Huidig gebruik: Natuur, recreatie Bescherming: Natuurgebied, Nb-wet, Nationaal Park Bodemsoort: Open water en niet gerijpte minerale gronden Vegetatie: Kweldervegetatie Ouderdom:

Laat Subatlanticum

Toelichting fenomeen: Het Verdronken land Zuid-Beveland is waardevol, omdat het een actief platensysteem in veenafzettingen is.Stormvloeden zijn van grote betekenis geweest voor de vorming van het Zeeuwse landschap. Door stormvloeden is Zeeland veranderd in een eilandenrijk. Voor de stormvloeden bestond Zeeland uit een groot veengebied achter een gesloten strandwal. Door zware stormvloeden werd de strandwal op een aantal plaatsen doorbroken en kon de zee het veengebied binnendringen. Door golfwerking werd een groot deel van het veenpakket afgebrokkeld. Op plaatsen waar het water niet de kracht had het veen weg te spoelen, werd het veen overspoeld. Een voorbeeld hiervan zijn de veenbanken die in het Verdronken land van Zuid-Beveland voorkomen. Het Verdronken land van Zuid-Beveland is een oude polder die door overstromingen aan het einde van de 16e eeuw onder invloed van de zee is komen te staan. Tijdens de St. Felixvloed in 1530 werd een deel van Zuid-Beveland en geheel Noord-Beveland overstroomd. Grotendeels is het land weer terug gewonnen op de zee, maar het Verdronken land van Zuid-Beveland is niet opnieuw ingepolderd.

51

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

In het gebied lagen oorspronkelijk 18 dorpen. Nu bestaat het Verdronken land van Zuid-Beveland uit een complex van schorren en slikken. Op de slikken zijn sommige dorpen, die in de golven verdwenen zijn, bij laag water nog goed herkenbaar. Door de lage dynamiek van deze zeearm gaat de opslibbing hier traag. De oude dorpen zijn met oesterbanken overgroeid.

Toelichting bescherming: Het Verdronken land van Zuid-Beveland is voor 45% natuurgebied (Natuurmonumenten). Het valt grotendeels onder de Nb-wet (98% Beschermd Natuurmonument en 99% Natura 2000). Het schorrenen slikkengebied is geheel onderdeel van Nationaal Park Oosterschelde.

52

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

Overig: www.natuurmonumenten.nl Het natuurgebied kan alleen onder leiding van een gids bezocht worden.

53

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

BBBB Bijlage X wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Bijlage X LIJST MET VERBODEN ACTIVITEITEN IN GRONDWATERBESCHERMINGSZONES

Activiteit

Als bedoeld in artikel van het Besluit activiteiten leefomgeving

Opslaan, mengen, scheiden en verdichten van bedrijfsafval of gevaarlijk afval voorafgaand aan inzameling of afgifte

3.39

Op of in de bodem brengen van bedrijfsafvalstoffen op gevaar- 3.40d lijke afvalstoffen buiten stortplaatsen Zuiveringsvoorziening voor ingezameld of afgegeven afvalwa- 3.41 ter Oppervlaktebehandeling met oplosmiddelen IPPC

3.44

Afvangen kooldioxide voor ondergrondse opslag

3.47

Raffinaderij

3.57

Maken van cokes

3.60

Basismetaal

3.66

Complexe minerale industrie

3.69

Basischemie

3.72

Stortplaats of winningsafvalvoorziening

3.84

Verbranden van afvalstoffen in een IPPC-installatie

3.87

Minerale producten industrie

3.111

Scheepswerven

3.144

Metaalproductieindustrie

3.103

Rubberindustrie en kunstofindustrie

3.134

Autodemontagebedrijf en tweewieler demontagebedrijf

3.152

Verwerken van bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen

3.184

Zuiveringstechnisch werk

3.173

Bedrijf voor het telen en kweken van waterplanten of waterdie- 3.221 ren Tankstation

3.296

Bunkerstation en andere tankplaatsen voor schepen

3.272

Opslag- en transportbedrijf, groothandel en containerterminal

3.285

Autosport en motorsport, zoals crossterrein, racebaan of kartbaan

3.304

Jachthaven

3.308

Schietbaan

3.311

Camping of openbaar zwembad

3.317

Spoorwegemplacement

3.295a

Het gebruik van ontplofbare stoffen of voorwerpen op militaire objecten

3.334

Luchthavens Winning van mergel, zand of grind, kalkzandsteen, kalk, steenkolen, turf of andere delfstoffen

CCCC

54

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 2.164 Aanvraagvereisten omgevingsvergunning onderwater flora en fauna Een omgevingsvergunningkanomgevingsvergunning kan worden verleend voor educatieve of onderzoeksdoeleinden. Dit doel moet duidelijk blijken uit de bij de aanvraag overgelegde gegevens. DDDD De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.1 Bedrijven In artikel 5.1.1 worden regels gesteld over de ontwikkeling van bedrijven. Noodzaak in verband met provinciaal belang is gelegen in: zorgvuldig ruimtegebruik, bundeling en concentratie alsmede het voorkomen van een onnodige inbreuk op de kwaliteit / openheid van het buitengebied. Tevens streeft de Provincie naar herstructurering van bestaande terreinen. In het eerste lid is tot uitdrukking gebracht dat de ontwikkeling (vestiging en uitbreiding) van bedrijvigheid in beginsel moet plaatsvinden op locaties waarop op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening al een bedrijf is toegestaan. Dit kan op grond van een omgevingsplan, een projectbesluit of een omgevingsvergunning. Voorts mag bedrijvigheid worden toegelaten op nieuw te ontwikkelen bedrijventerreinen, binnen het kader zoals bedoeld in de ladder duurzame verstedelijking. Een beleidsmatige doelstelling is verder dat het overgrote deel van de nieuw te ontwikkelen bedrijvigheid wordt geclusterd op of aansluitend aan grootschalige bedrijventerreinen. Voor de begrenzing van deze terreinen is uitgegaan van de ten tijde van de voorbereiding van de verordening geldende bestemmingsplannen waarin deze terreinen voor bedrijven zijn bestemd. Daarbij is gekozen voor een (bruto) begrenzing van de terreinen met inbegrip van de groenstroken rond de terreinen.

De aanwijzing in deze verordening als "grootschalig bedrijventerrein" is gebaseerd op de door de regio's opgestelde bedrijventerreinenprogramma's. Het betreft terreinen met een zekere ontwikkelingspotentie gezien de ligging, de ontsluiting en het economisch belang. De bestaande grootschalige bedrijventerreinen zijn: Regio De Bevelanden ● Hertenweg (gemeente Borsele) ● De Poel I en IV, De Poel II en III en Deltaweg (gemeente Goes) ● Smokkelhoek (gemeente Kapelle) ● Nishoek en Olzendepolder (gemeente Reimerswaal) Regio Schouwen-Duiveland ● Bruinisse en Straalweg (gemeente Schouwen-Duiveland) Regio Tholen ● Welgelegen (gemeente Tholen) Regio Walcheren ● Arnestein en Mortiere I (gemeente Middelburg) ● Kenniswerf (Edisonweg, Binnenhavens), Poortersweg en Souburg (gemeente Vlissingen) Regio Zeeuws-Vlaanderen ● Handelspoort, Koegorspolder en Noorderdokken (gemeente Terneuzen) ● Hogeweg en Hogeweg V (gemeente Hulst) De door de regio’s opgestelde bedrijventerreinenprogramma’s behoeven de instemming van Gedeputeerde Statengedeputeerde staten. In aanvulling op bovengenoemde bestaande grootschalige bedrijventerreinen is nieuwvestiging van nieuwe grootschalige bedrijventerreinen op grond van deze verordening niet uitgesloten.

Bij de indeling tussen grootschalige en kleinschalige terreinen geldt in het algemeen dat kleinschalige bedrijventerreinen ruimte bieden aan bedrijven tot en met milieuhindercategorie 3 en met een kavelgrootte van maximaal 0,5 hectare. Kleinschalige bedrijventerreinen zijn primair bedoeld voor bedrijvigheid die qua aard en schaal aansluiten bij de plaats of

55

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

de omgeving waar het toe hoort. Grootschalige bedrijventerreinen worden over het algemeen gekenmerkt door een grotere kavelgrootte en de mogelijkheid voor het accommoderen van bedrijfsactiviteiten tot en met milieuhindercategorie 4. Bedrijvigheid op grootschalige terreinen heeft veelal een regionale of bovenregionale schaal. Een omgevingsplan dat nieuwvestiging of uitbreiding van een bedrijventerrein mogelijk maakt, maakt tevens aannemelijk dat de inrichting van het bedrijventerrein klimaatbestendig is en dat duurzaam beheer en onderhoud gewaarborgd is. Klimaatbestendig wil zeggen dat de ontwikkeling geen negatief effect heeft op de mate waarin een gebied bestendig is tegen hittestress, droogte, wateroverlast en overstromingsrisico’s. Dit uitgangspunt sluit aan bij het landelijke en Zeeuwse beleid voor klimaatadaptatie. In het landelijke Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie is vastgelegd dat Nederland in 2050 klimaatbestendig moet zijn ingericht. In Zeeland is dit met de mede-overheden uitgewerkt in de Klimaatadaptatie Strategie Zeeland 2021-2026 (KasZ) inclusief bijbehorende Uitvoeringsagenda en convenant. Deze documenten zijn door alle bevoegde gezagen vastgesteld. In beginsel is daarmee elk bevoegd gezag gehouden aan de opgave.

In de KasZ staat over het klimaatbestendig inrichten van de buitenruimte dat (…) voor alle nieuwe ontwikkelingen, binnen en buiten het bestaand bebouwd gebied de klimaatopgave verplicht wordt meegenomen in de brede (o.a. ruimtelijke) afweging (…). Het uitgangspunt is dat de ontwikkeling in eerste instantie vanuit zichzelf klimaatbestendig moet zijn. Daarnaast moet afgewogen worden of de ontwikkeling bij kan dragen aan het oplossen van de klimaatopgave van de omgeving waarbinnen de ontwikkeling plaatsvindt. Onder duurzaam beheer wordt verstaan een verzorgde openbare ruimte en maatregelen die leiden tot een intensiever gebruik van ruimte en, zo mogelijk, maatregelen die leiden tot een hoger bedrijfseconomisch rendement en minder milieubelasting. Daarnaast maakt de motivering bij een omgevingsplan, dat nieuwvesting of uitbreiding mogelijk maakt, aannemelijk dat in de woonbehoefte van de toekomstige werknemers wordt voorzien (tweede lid onder sub e). Dit is vooral nodig als er sprake is van een substantiële toename van werkgelegenheid en is nog meer van belang als de verwachting is dat een deel van deze arbeidskrachten in het buitenland geworven zal worden of als de bedrijvigheid veel tijdelijke arbeidskrachten aantrekt.

Een dergelijke motivering kan gebaseerd zijn op een effectrapportage bij nieuwe bedrijvigheid, waarvoor de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) een handreiking heeft gemaakt. Wat een goede landschappelijke inpassing ten behoeve van biodiversiteit en landschap is hangt af van de locatie en de omvang van de bebouwing in relatie tot het omliggende gebied. Er is ruimte voor maatwerk om op de betreffende locatie tot een goede landschappelijke inpassing te komen. Als indicatie geldt voor een afschermende groengordel een breedte van 10 meter als algemene norm. Dit met een passende hoogte en gebiedseigen soorten. De landschappelijke inpassing wordt toegelicht in een plan voor de landschappelijke inpassing dat bestaat uit een inrichtingstekening van de ruimtelijke ontwikkeling, met een toelichting van tekst en beeldmateriaal. Daarin zijn opgenomen: ● Een beschrijving van de ontwikkeling; ● Kenmerken van de locatie en visualisaties; ● Een tekening van de inrichting voor en na de ontwikkeling met locaties en omvang van gebouwen, verharding, beplanting, perceelsranden; ● Een beheerplan; ● Een beplantingslijst.

Kleinschalige bedrijventerreinen hebben beperkte uitbreidingsmogelijkheden. Het dient dan te gaan om een eenmalige beperkte afronding, waarbij de ruimtelijke kwaliteit aantoonbaar verbetert. Het begrip éénmalig is voor het eerst benoemd in de Omgevingsverordening Zeeland 2018. Eénmalig betekent daarom dat kleinschalige bedrijventerreinen die na 7 november 2018, de datum van inwerkingtreding van de Omgevingsverordening Zeeland 2018, al zijn uitgebreid niet meer in aanmerking komen voor een verdere uitbreiding. IJkpunt hierbij is de datum van het onherroepelijk worden van het betreffende bestemmingsplan. Ook terreinen die al als afgerond kunnen worden beschouwd, door het bereiken van landschappelijke of infrastructurele grenzen kunnen niet verder uitgebreid worden. Onder een beperkte afronding waaronder wordt verstaan een netto afronding of uitbreiding van ten hoogste 20% of maximaal 0,5 hectare. Onder een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit wordt in ieder geval niet verstaan het verwezenlijken van een gebruikelijke landschappelijke inpassing (groenstrook van 5 tot 10 meter breed). Die maakt immers deel uit van de in lid 2 regel d benoemde reguliere eisen die aan dergelijke ontwikkelingen mogen worden gesteld. Tevens wordt opgemerkt

56

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

dat de verplaatsing van bedrijven uit de kern niet per definitie een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit van het bedrijventerrein met zich mee brengt. Onder een verbetering van ruimtelijke kwaliteit wordt onder andere verstaan een meer dan gebruikelijke groenstructuur rond het bedrijventerrein of het oplossen van bedrijfsgerelateerde knelpunten door de aanwezigheid/uitbreiding van het bedrijf op die locatie. Voorbeelden hiervan zijn een aanzienlijke verbetering van de openbare ruimte/de inrichting of de ontsluiting van het terrein of de directe omgeving ervan, het oplossen van hinder door geur, trilling, geluid, stof, het oplossen van knelpunten op het gebied van externe veiligheid, enzovoorts. Hoewel de hoofdregel in het derde lid staat, zijn er specifieke situaties denkbaar waarin een winwin situatie kan ontstaan voor zowel de ondernemer als de provinciale en algemene belangen en het noodzakelijk is meer dan de norm uit te breiden. Deze situaties zijn altijd per geval te beoordelen. Bij deze beoordeling is het een voorwaarde dat elders in de Provincie Zeeland alle uitbreiding boven de gegeven norm wordt gesaneerd en de mogelijkheid van bedrijfsvestiging uit het omgevingsplan wordt gehaald. Het doel hiervan is dat er netto geen uitbreiding van bedrijventerreinen plaatsvindt. Daarnaast is dit wel een extra mogelijkheid voor bedrijven.

De win-win situatie kan met name ontstaan als er naast de eenmalige uitbreiding bovendien aanwezige en/of te verwachten andere knelpunten tegelijkertijd verminderen/oplossen. Daarnaast is deze regeling een instrument om de herstructurering/sanering van verouderde bedrijventerreinen verder te stimuleren. De hoofdregel dat bedrijven alleen zijn toegestaan op een bedrijventerrein en locaties waarop reeds bedrijven zijn toegestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening, is niet van toepassing op enkele in het vijfde lid genoemde bedrijven, voorzieningen en activiteiten. Het betreft onder andere specifieke voorzieningen zoals afvalstort, grondstoffenwinning, olie en gaswinning, horeca- en recreatiebedrijven. Daarnaast zijn hier ook genoemd de zogenaamde nieuwe economische dragers en andere niet-agrarische activiteiten in het landelijke gebied. Nieuwe economische dragers en andere niet-agrarische activiteiten in het landelijke gebied De verwachting bestaat dat een substantieel deel van de agrarische ondernemers de agrarische activiteiten zal beëindigen. Herbestemming of sanering van de vrijkomende agrarische bedrijfsgebouwen is noodzakelijk om verpaupering te voorkomen. Nieuwe economische dragers leveren een bijdrage aan het behoud van de vitaliteit van het landelijk gebied.

De Provincie streeft naar voldoende ruimte voor nieuwe en uitbreiding van bestaande niet- agrarische en semi-agrarische activiteiten in het landelijk gebied. Voorwaarde is dat deze activiteiten qua aard, schaal, omvang en verkeer aantrekkende werking passen in het landelijk gebied. Bovendien wil de Provincie onnodige verstening van het landelijk gebied tegengaan. Een nieuwe activiteit dient daarom een bijdrage te leveren aan de herbestemming of sanering van vrijkomende bebouwing en het behoud van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing. Wat in het landelijk gebied wordt gerealiseerd wordt echter niet in de kern of op een bedrijventerrein gerealiseerd. Dit vraagt om afstemming van de ontwikkelingsmogelijkheden in het landelijk gebied en de mogelijkheden in of aansluitend aan de kernen. Naast de ontwikkelingsruimte voor wonen en recreatie biedt de Provincie in het landelijk gebied ruimte voor de ontwikkeling van nieuwe economische dragers. Het gaat per definitie om kleinschalige activiteiten die qua aard, schaal, omvang en verkeer aantrekkende werking passen in het landelijk gebied. In bijlage III is een voorbeeldlijst opgenomen van mogelijke activiteiten. Van gemeenten wordt verwacht dat zij in hun omgevingsplan een vergelijkbare lijst opnemen met toegestane activiteiten.

Van gemeenten wordt verwacht dat zij in hun afweging het waterschap betrekken zodat de waterschapsbelangen (verkeersontsluiting) geborgd zijn. Wanneer realisatie, uitbreiding of nieuwvestiging van een nieuwe economische drager in het landelijk gebied infrastructurele aanpassingen noodzakelijk maken, zijn de kosten voor deze aanpassingen voor rekening van de initiatiefnemer of de gemeente die de ontwikkeling mogelijk maakt. Initiatieven mogen niet leiden tot belemmeringen voor de ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende agrarische bedrijven. In het achtste lid is bepaald dat nieuwvestiging in nieuwe bebouwing is toegestaan als de motivering van het omgevingsplan aannemelijk maakt dat het aantal bouwvlakken in de regio niet toeneemt. Met de regio wordt bedoeld Zeeuws-Vlaanderen, Walcheren, Tholen, Schouwen-Duiveland en de Bevelanden.

57

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

De hier beschreven mogelijkheden zijn niet van toepassing op nieuwvestiging van bedrijven die zich richten op de industriële verwerking van producten. Nieuwvestiging van dergelijke bedrijven is uitsluitend mogelijk op bedrijventerreinen/zeehavens. Op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening legaal aanwezige activiteiten die niet voldoen aan de hiervoor genoemde uitgangspunten mogen in beginsel worden gecontinueerd. Onder "overige functioneel aan het buitengebied gebonden bedrijvigheid" worden onder meer begrepen: gemalen, rioolwaterzuiveringsinstallaties en vergelijkbare milieudienstverlening, radarinstallaties etc. Lijst nieuwe economische dragers In het beleid ten aanzien van het realiseren van Nieuwe Economische Dragers in het landelijk gebied wordt voor de toegestane activiteiten onderscheid gemaakt in het hergebruiken van bestaande bebouwing en nieuwvestiging. Daar waar het gaat om het hergebruiken van bestaande bebouwing bepaalt de gemeente welke activiteiten kunnen worden toegestaan. Hiertoe neemt de desbetreffende gemeente een lijst met toegestane activiteiten op in het omgevingsplan. De lijst in bijlage III kan daarbij worden beschouwd als een voorbeeldlijst. Dit is niet het geval voor de mogelijkheden voor nieuwvestiging van een nieuwe economische drager. Daarvoor heeft deze lijst een limitatief karakter.

Voor activiteiten waarvoor nieuwvestiging tot de mogelijkheden behoort is dit apart met een X aangegeven. Gemeenten kunnen van de in de tabel voor nieuwvestiging aangegeven activiteiten afwijken voor activiteiten die naar aard, verkeersaantrekking en invloed op de omgeving gelijkgesteld kunnen worden met de in de tabel genoemde activiteiten. Voorwaarde nieuwvestiging agrarisch bouwvlak Voor agrarische bedrijven, bedoeld in het vijfde lid, sub g, van dit artikel, geldt het volgende. In de afgelopen periode is een groot aantal agrarische bedrijven gestopt. Dit is een proces dat de komende jaren zal doorzetten. Vrijkomende agrarische bebouwing wordt hergebruikt door andere (nieuwe) agrarische ondernemers, herbestemd of gesaneerd. Door het afnemend aantal agrarische ondernemers zijn nieuwe agrarische bouwblokken niet noodzakelijk en willen we hiervoor ook geen mogelijkheden bieden om de openheid van het landelijk gebied te beschermen en hergebruik van bouwvlakken te bevorderen. Uitzonderingen op deze regel zijn mogelijk in de gevallen zoals die zijn beschreven in het artikel (elfde lid). Ook in die gevallen gelden voorwaarden die zijn gericht op behoud van de openheid van het landelijk gebied.

Het gaat dan om gevallen waarin: ● Sprake is van verplaatsing binnen een gemeente of regio, mits op het oude bouwblok ten minste alle agrarische opstallen worden gesaneerd en herbouw hiervan wordt tegengegaan of, ingeval van cultuurhistorische waardevolle bebouwing, op adequate wijze wordt herbestemd; ●

Sprake is van nieuwvestiging en geen vrijkomende agrarische bouwblokken beschikbaar zijn, de bedrijfseconomische noodzaak aantoonbaar is, en een bijdrage wordt geleverd in de sanering van agrarische opstallen elders.

Sanering van een eventueel aanwezige agrarische bedrijfswoning is daarbij niet noodzakelijk. Voor het bepalen van de bijdrage voor sanering van agrarisch opstallen elders wordt verwezen naar het in 2013 afgesloten convenant tussen de Vereniging van Zeeuwse Gemeenten (VZG) en de provincie waarbij afspraken zijn gemaakt over het door gemeenten te hanteren vereveningsprincipe, gebaseerd op een bij dat convenant behorende Handreiking Verevening. In de handreiking wordt uitleg gegeven over de achtergronden en de hoogte van de benodigde financiële compensatie en inzet van deze compensatie.

EEEE De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

58

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

Artikel 5.2 Loonwerkbedrijven Grootschalige logistiek en datacentra In dit artikel wordt ruimte geboden aan loonwerkbedrijven in het landelijk gebied. De begripsbepaling van loonwerkbedrijf is opgenomen in bijlage I behorende bij artikel 1.1 van deze verordening. Alleen bedrijven die loonwerk in het landelijk gebied als hoofdactiviteit verrichten vallen onder de begripsbepaling. Bedrijven die dit type werkzaamheden als neventak verrichten vallen onder artikel 5.1, vijfde lid, onder h en bijlage III bij deze verordening (regeling voor de vestiging van nieuwe economische dragers). In het eerste lid zijn de voorwaarden opgenomen die gelden voor nieuwvestiging van een loonwerkbedrijf in het landelijk gebied. De activiteiten op een loonwerkbedrijf gaan gepaard met verkeersbewegingen van grote landbouwmachines. Vaak over grotere afstanden tussen agrarische percelen en het bedrijf. Om deze verkeersbewegingen te bundelen op wegen die daarvoor geschikt zijn, kan gebruik worden gemaakt van het voorgeschreven netwerk uit het Kwaliteitsnet Landbouwverkeer Zeeland. De meest recente versie van dit netwerk is in 2022 opgesteld (www.kaarten.zeeland.nl/map/verkeersintensiteiten). In het tweede lid zijn de voorwaarden opgenomen die gelden voor uitbreiding van een loonwerkbedrijf in het landelijk gebied.

Voor zowel nieuwvestiging als uitbreiding geldt dat de ontwikkeling niet ten koste mag gaan van beschermde natuurwaarden en bijzondere landschappelijke en/of cultuurhistorische waarden in het betreffende gebied en dat wordt voorzien in een goede landschappelijke inpassing en een goede verkeersontsluiting in afstemming met de wegbeheerder. Provincie Zeeland wil de vestiging van grootschalige logistiek en datacentra op ongewenste plekken en met weinig regionale meerwaarde voorkomen. Door de aard en omvang hebben grootschalige logistiek (waaronder distributiecentra) en datacentra grote invloed op de ruimte, het landschap en het omliggende wegennet. Grootschalige logistiek en datacentra met een oppervlakte van meer dan 5 hectare worden daarom niet toegestaan, tenzij kan worden aangetoond dat de ontwikkeling een significante regionale meerwaarde heeft. In het geval van logistieke bedrijvigheid moet daarnaast worden voorzien in een goede verkeersontsluiting in afstemming met de wegbeheerder. Het is ongewenst dat meerdere bedrijfskavels zodanig (kunnen) worden samengevoegd dat daardoor alsnog aaneengesloten bedrijfskavels ontstaan met een totale omvang groter dan 5 hectare. Dit is geregeld in het eerste lid onder sub b. Gemeenten kunnen op grond van het tweede lid Gedeputeerde Staten verzoeken om ontheffing te verlenen van het eerste lid.

Om te beoordelen of sprake is van een significante regionale meerwaarde worden een aantal criteria gehanteerd die aansluiten bij de provinciale doelen uit de Zeeuwse Omgevingsvisie. 1. Regionale binding: onderbouwd moet worden in hoeverre er reeds sprake is van regionale binding of hoe het bedrijf die binding tot stand wil brengen (beoordelingsaspecten: binding van de eindgebruiker aan de bedrijfskavel, inzicht in het aantal en de herkomst van de werknemers, relatie met afnemers of toeleveranciers in de regio, relatie met Zeeuwse kennis- en onderwijsinstellingen). 2. Maatschappelijke en economische meerwaarde: onderbouwd moet worden dat de vestiging of uitbreiding van het bedrijf maatschappelijke en economische meerwaarde heeft (beoordelingsaspecten: aansluiting bij bestaande clusters of versterking van de regionaal economische structuur, innovatieniveau van product of dienst, aansluiting bij regionale arbeidsmarkt, mate van circulariteit en duurzaamheid). 3. Wijze van benutten schaarse ruimte (fysiek, milieu en energie) en landschappelijke inpassing: onderbouwd moet worden dat er sprake is van zorgvuldig ruimtegebruik en goede landschappelijke inpassing (beoordelingsaspecten: intensiteit ruimtegebruik (fysiek, milieu en energie), toegevoegde waarde per hectare, kwaliteit van de inpassing in de omgeving).

De beoordelingsaspecten dienen voldoende onderbouwd te worden om te kunnen concluderen dat er sprake is van een significante regionale meerwaarde. Het gaat hierbij om een integrale afweging per potentiële (nieuw)vestiger. Er is dus een significante mate van regionale binding en maatschappelijke- en economische meerwaarde vereist in combinatie met een goede ruimtelijke en landschappelijke inpassing op de nieuwe (of uit te breiden) bedrijfslocatie. Daarbij dient de eindgebruiker van de nieuwe bedrijfsvestiging bekend te zijn, anders is het toetsen of er sprake is van regionale

59

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

meerwaarde niet mogelijk. De verantwoordelijkheid voor de onderbouwing ligt bij de gemeente, al dan niet in afstemming met de initiatiefnemer. FFFF Na sectie 5.2 wordt een sectie ingevoegd, luidende:

Artikel 5.3 Loonwerkbedrijven In dit artikel wordt ruimte geboden aan loonwerkbedrijven in het landelijk gebied. De begripsbepaling van loonwerkbedrijf is opgenomen in bijlage I behorende bij artikel 1.1 van deze verordening. Alleen bedrijven die loonwerk in het landelijk gebied als hoofdactiviteit verrichten vallen onder de begripsbepaling. Bedrijven die dit type werkzaamheden als neventak verrichten vallen onder artikel 5.1, vijfde lid, onder h en bijlage III bij deze verordening (regeling voor de vestiging van nieuwe economische dragers). In het eerste lid zijn de voorwaarden opgenomen die gelden voor nieuwvestiging van een loonwerkbedrijf in het landelijk gebied. De activiteiten op een loonwerkbedrijf gaan gepaard met verkeersbewegingen van grote landbouwmachines. Vaak over grotere afstanden tussen agrarische percelen en het bedrijf. Om deze verkeersbewegingen te bundelen op wegen die daarvoor geschikt zijn, kan gebruik worden gemaakt van het voorgeschreven netwerk uit het Kwaliteitsnet Landbouwverkeer Zeeland. De meest recente versie van dit netwerk is in 2022 opgesteld (www.kaarten.zeeland.nl/map/verkeersintensiteiten). In het tweede lid zijn de voorwaarden opgenomen die gelden voor uitbreiding van een loonwerkbedrijf in het landelijk gebied.

Voor zowel nieuwvestiging als uitbreiding geldt dat de ontwikkeling niet ten koste mag gaan van beschermde natuurwaarden en bijzondere landschappelijke en/of cultuurhistorische waarden in het betreffende gebied en dat wordt voorzien in een goede landschappelijke inpassing en een goede verkeersontsluiting in afstemming met de wegbeheerder. GGGG Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.3 5.4 Binnenhaven en loswal HHHH Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.4 5.5 Kantoren IIII De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.5 5.6 Detailhandel-kernwinkelgebied In artikel 5.5 is bepaald dat een nieuwe detailhandelsvoorziening en uitbreiding van een bestaande detailhandelsvoorziening, primair kan worden gerealiseerd in een bestaand kernwinkelgebied. Een omgevingsplan dat geen bijdrage levert aan bundeling en concentratie is in beginsel strijdig met het beleidsdoel. Hierop zijn wel enkele uitzonderingen benoemd in de artikelen 5.4 tot en met 5.6. Hierbij bestaat wel afwegingsruimte. Bijvoorbeeld een supermarkt die ruimtelijk (in verband met omvang en verkeersontsluiting) aantoonbaar niet inpasbaar is in het kernwinkelgebied mag op enige afstand van het kernwinkelgebied, binnen bestaand stedelijk gebied worden toegestaan. Ook

60

Provinciaal blad 2024 nr. 19847

23 december 2024

een bestaande winkel buiten het kernwinkelgebied kan enige ontwikkelingsruimte worden geboden. Hiervoor is wel een goede motivering nodig omdat een dergelijke situatie per definitie niet bijdraagt aan bundeling en concentratie in het kernwinkelgebied. In die situaties zal maatwerk moeten worden geleverd waarbij per geval een zorgvuldige belangenafweging dient te worden gemaakt. Wat de motiveringsplicht betreft zoals opgenomen in het tweede lid wordt nog het volgende opgemerkt. Een beperkte uitbreiding of een nieuwvestiging van beperkte omvang vergt geen uitvoerige motivering. Naarmate de inbreuk op het geldende planologisch regime geringer is worden er ook minder zware eisen gesteld aan de motivering. Bij het toelaten van detailhandelsvoorzieningen binnen een kernwinkelgebied (binnenstad, dorpscentrum) is geen motivering per individuele winkel noodzakelijk maar kan worden volstaan met een algemene motivering die betrekking heeft op het desbetreffende gebied. In het derde lid zijn enkele specifieke detailhandelsvoorzieningen opgenomen die onder voorwaarden ook buiten een bestaand kernwinkelgebied kunnen worden gerealiseerd. Onder volumineuze goederen worden verstaan: auto's, boten, caravans, grove bouwmaterialen en naar aard en omvang vergelijkbare goederen.

Onder gevaarlijke goederen worden begrepen explosiegevaarlijke goederen, bestrijdingsmiddelen en naar aard vergelijkbare goederen. Handel in volumineuze en gevaarlijke goederen wordt doorgaans op bedrijventerreinen aan de rand van de stad gevestigd. Onder een kleinschalige detailhandelsvoorziening wordt verstaan: een kleinschalige voorziening met een verzorgingsgebied dat zich in hoofdzaak beperkt tot de dorpskern. Een voorbeeld van functioneel aan het buitengebied gebonden bedrijvigheid is: een benzinestation langs een (rijks)weg. JJJJ Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.6 5.7 Detailhandel in doelgerichte, laagfrequente aankopen en grootschalige detailhandelsvoorzieningen KKKK Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16802924/1