CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

2025.034 Bijlage 1 Plan van aanpak RIT effectieve interventies APZG - DEC2024 (1294411)

Gemeenteraad 27 februari 2025, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: Ingekomen stukken13.207 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

7.5. Stip op de horizon Met het RIT zetten we in Zeeland in op het directe loopvermogen wat momenteel wordt gemist bij acute en niet-acute meldingen. Om te voorkomen dat (complexe) casuïstiek blijft terugkeren is mogelijk om het RIT uit te breiden met meer expertise(s) en meer functies. Dit omvat: outreachende zorg bij niet-acute meldingen, inzet van consultatie en advies en de inzet van de noodzakelijke expertise, die langdurig en flexibel inzetbaar is (aanvullend op het lokale veld) om een doorbraak te creëren. Denk aan expertises vanuit bestaande organisaties zoals Emergis, Leger des Heils, GGD MAB, Veilig Thuis, VG-sector, Verslavingszorg, e.d. De verdere vormgeving moet samen oplopen met de doorontwikkeling van de overige deelprojecten van Domeinoverstijgend samenwerken en de ontwikkelingen bij gemeenten die momenteel bezig zijn met het versterken van de lokale teams.

Pagina 26

Bijlagen Bijlage 1: Inventarisatie Zeeuwse (on)mogelijkheden Wat is er wel: • • • •

Er kan op verschillende plekken/bij verschillende organisaties worden gemeld. Er zijn veel organisaties die (lokaal) inzetbaar en beschikbaar zijn binnen kantoortijden (niet-acuut). Er zijn ontwikkelingen gaande (in het voorveld) waar we op in kunnen spelen, maar waarbij we ook goed moeten kijken naar de overlap (denk hierbij aan de wijk GGD in Borsele, wijkwerker GGZ in Goes, de Zeeuwse pilot veldwerker Apzg14). Er is bij organisaties veel expertise beschikbaar in Zeeland.

Wat wordt er gemist: • • • • • • •

14

Direct loopvermogen bij niet-acute casuïstiek (zowel binnen als buiten kantoortijden) en/of snelle opvolging bij niet-acute casuïstiek (in de meeste gevallen is het casuïstiek die al langer loopt en (hoog) complex is) Direct loopvermogen en inzet zorg bij 112 meldingen die binnenkomen bij de Meldkamer van de politie (vaak ‘acute’ meldingen waar direct inzet vanuit zorg voor nodig is om de melding goed op te pakken en door te geleiden) Verbinding met elkaar/ delen van informatie (domeinoverstijgend), middels één systeem Duidelijke taakverdeling (wie doet wat, wanneer), sociale kaart (elkaar weten te vinden), efficiënte inzet beschikbare expertise Eén plek/team voor consultatie, advies, overleg en overzicht (met verschillende expertise) Eén Meldpunt. Mandaat, om te kunnen doorpakken waar nodig, domeinoverstijgend. Gezamenlijke verantwoordelijkheid bij het oppakken van complexe casuïstiek.

.Zie voetnoot 4. Pagina 27

Pagina 28

Bijlage 2: Belangengroepen en cijfers Politie De politie heeft de taak het handhaven van orde en veiligheid en het verlenen van hulp aan degenen die dat nodig hebben. De politie wordt ingeschakeld wanneer een persoon met zorgwekkend gedrag agressief of gevaarlijk is of overlast veroorzaakt. In de praktijk blijft de samenwerking tussen zorg- en veiligheid cruciaal bij het oppakken van meldingen van personen met zorgwekkend gedrag, vooral wanneer een situatie escaleert (of dreigt te escaleren. In de samenwerkingsafspraken wordt nader omschreven hoe en wanneer het RIT de politie kan inschakelen voor een melding (aansluitend op de al bestaande vervoersafspraken) en visa versa. Daarnaast staat erin vermeld wat de afspraken zijn rondom veiligheid. De politie heeft een data analyse uitgevoerd, rondom meldingen van verwarde personen (E33/i28 meldingen). E33 meldingen Oosterschelderegio 01-01-2023 t/m 01-05-2024

Pagina 29

E33 meldingen Walcheren 01-01-2023 t/m 31-05-2024

Pagina 30

E33 meldingen Zeeuws-Vlaanderen 01-01-2023 t/m 31-05-2024

GGZ GGZ Emergis Emergis is een brede maatschappelijke organisatie voor mentale gezondheid en welzijn. Jaarlijks ondersteunen we zo’n 13.000 mensen met uiteenlopende uitdagingen op het gebied van mentale gezondheid, verslaving, wonen, werken, veiligheid, huiselijk geweld. Kinderen, jongeren, volwassen en ouderen. Dat gebeurt door ongeveer 1.400 medewerkers op vijftig locaties in Zeeland. We werken bij mensen thuis, in (mentale)

Pagina 31

gezondheidscentra, huisartsenpraktijken, wijkcentra, klinieken, beschermende woonvormen, opvanglocaties en werkleerbedrijven. Steeds minder afhankelijk van tijd en plaats en zo digitaal mogelijk in alles wat we doen. Emergis heeft een breed en geïntegreerd aanbod. In elke regio – Zeeuws-Vlaanderen, Walcheren en de Oosterschelderegio – bieden we ambulante reguliere zorg in de basis ggz en (hoog) specialistische ggz in de vorm van ambulante behandeling en deeltijdbehandeling. Ook biedt Emergis Zeeland breed intensieve ambulante ggz zoals FACT, IHT en 24/7 crisiszorg en forensische zorg. Ten slotte hebben we een divers aanbod van outreachende en preventieactiviteiten en zetten we ons in op het gebied van maatschappelijke justitiële dienstverlening, verslavingsreclassering, werkleerbedrijven, maatschappelijke opvang, huiselijk en seksueel geweld en begeleid en beschermd wonen. Emergis heeft een data analyse uitgevoerd over 2023 en 2024. Er is gekeken naar het aantal uitgegeven crisismaatregelen en er is gekeken naar de aanmeldingen voor de crisisdienst vanuit de politie (regulier + SPOR).

Bemensing Interventieteam Voor bemensing van het RIT willen we gaan werken met SPV en psychiatrisch verpleegkundigen. De focus voor de inzet van het RIT is het uitvoeren van triage, een juiste inschatting te maken en de persoon door te geleiden naar passende vervolghulp. Zoals eerder al genoemd is gekozen voor (sociaal) psychiatrisch verpleegkundigen omdat dit BIG-geregistreerde professionals zijn, met kennis en Pagina 32

ervaring binnen de acute GGZ en/of de doelgroep personen met zorgwekkend gedrag/ complexe casuïstiek. Er wordt gewerkt met de generieke module Acute psychiatrie (GMAP); deze beschrijft de inhoud en organisatie van hulpverlening voor mensen in een crisissituatie, over wie bestaat dat zij een acute psychische stoornis hebben. Als onderdeel van de GMAP wordt gewerkt met een GGZ triagewijzer. Op basis van deze triagewijzer bepaalt het RIT de urgentie en vervolginzet van hulpverlening. Deze triage is erop gericht dat in alle situaties passende hulp geleverd wordt. Kennis en ervaring met (acute) GGZ, triageren en het inzetten van passende crisisinterventie zijn belangrijke functie-eisen. Daarnaast is het van belang dat de professionals ook een integrale kijk hebben op de problematiek die zich voordoet (zoals de (effecten) van sociaaleconomische problematiek). Waar nodig wordt er (aanvullende) scholing aangeboden. Hulpverlening tijdens een crisis gaat over het de-escaleren van de situatie en het stabiliseren van de persoon. De SPV is opgeleid voor het oppakken van, - en inzetbaar bij complexe en gecombineerde zorgvragen (psychisch, somatisch, sociaal en maatschappelijk). Een SPV kijkt vanuit meervoudige perspectieven en heeft een brede blik. Daarnaast is een SPV opgeleid in risicomanagement, kan risico inschattingen maken en deescalerend te werken.

Een kerntaak van een SPV is triageren en adequaat optreden in acute situaties. De SPV triageert om de ernst van een situatie en de benodigde (zorg)behoeften van een persoon met (psychische) problemen te beoordelen en de situatie te stabiliseren en toe te werken naar een persoonsgerichte oplossing. Een psychiatrisch verpleegkundige probeert zowel tijdens als na de behandeling complicaties en verergering van de symptomen te voorkomen. Deze grijpt bijvoorbeeld tijdig in als een patiënt in een -voor hem- bedreigende situatie terecht komt. De ggz-verpleegkundige is bekwaam om potentiële en actuele ggz-zorgbehoeftes op complexiteit en urgentie te kunnen inschatten en de aard en omvang van de zorg die nodig is te kunnen organiseren en uitvoeren. De ggz-verpleegkundige ondersteunt de cliënt in het eigen herstelproces, ondersteunt de (zelf-) redzaamheid bij de dagelijkse bezigheden en maatschappelijke participatie. De ondersteuning is zoveel mogelijk een samenwerkingsproces met de cliënt, waarbij ook altijd de omgeving betrokken wordt. Bij de ondersteuning wordt de context van de specifieke leefsituatie van de cliënt meegenomen In de samenwerkingsafspraken wordt nader omschreven welke taken en verantwoordelijkheden de (sociaal) psychiatrisch verpleegkundige heeft. Gemeenten De provincie Zeeland bestaat uit dertien gemeenten.

Alle 13 Zeeuwse gemeenten (burgemeester, College van B&W en gemeenteraad) vervullen diverse rollen en verantwoordelijkheden bij de samenwerking met betrekking tot personen met verward gedrag. Het College van B&W is verantwoordelijk voor de zelfredzaamheid, participatie en het welzijn van individuen, evenals voor de openbare orde. Op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) 2015 heeft de gemeente de plicht om mensen naar passende zorg te leiden en, indien nodig, bemoeizorg te verlenen. De gemeente heeft niet alleen een signaleringsfunctie (aan de voorkant) maar kan ook fungeren als regisseur tussen verschillende partijen (bijv. regisseren van acties voor een burger die voortkomen n.a.v. de inzet van het RIT).

Pagina 33

In 2023 is het project Domeinoverstijgend samenwerken zorg-veiligheid gestart. In 2024 is er een Rapport ‘Pijlers voor professionele samenwerking voor zorg en veiligheid in Zeeland’ opgeleverd. Het doel van dit project is te zorgen voor een meer efficiënte samenwerking tussen beide domeinen op zowel lokaal als regionaal niveau. Deze verbeterde samenwerking moet leiden tot het doorbreken van complexe casuïstiek en tot de ontwikkeling van een gezamenlijke Zeeuwse werkwijze, ondersteund door regionaal beleid en een regionaal overleg. Om deze doelen te bereiken zijn er zeven vervolgprojecten geformuleerd die leiden tot een herschikking van interne taken, werkwijzen en de inrichting van gezamenlijk lokaal overleg. Het RIT is één van de 7 deelprojecten. In de samenwerkingsafspraken wordt de communicatie, betrokkenheid, inzet en toegankelijkheid van de gemeenten beschreven in verbinding met het RIT. Stichting Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland en het Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland Stichting Zorg- en Veiligheidshuis (SZVHZ) voert verschillende taken uit. Vanuit de kerntaak biedt SZVHZ Integrale procescoördinatie op complexe casuïstiek, op het snijvlak van straf, zorg en bestuur. Als onafhankelijke organisatie brengt SZVHZ verschillende partijen bij elkaar op neutraal terrein. Ze legt verbindingen, maakt afspraken en houdt de regie.

Naast de kerntaak voert SZVHZ vijf taken uit in opdracht van de Zeeuwse gemeenten. Dit zijn: Levensloopaanpak, Re-integratie (ex)gedetineerden, Zorgcoördinatie slachtoffers mensenhandel en daarnaast het Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland met als taken ‘Meldpunt nietacuut’ en ‘Meldpunt Wvggz’. Bij het Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland kunnen inwoners en professionals die zich zorgen maken over iemand in hun omgeving die zorgwekkend gedrag vertoont terecht bij het Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland. Het Meldpunt is één van de belangrijke schakels binnen de aanpak van personen met zorgwekkend gedrag in Zeeland, o.a. als gegevensknooppunt. De volgende taken vallen onder dit meldpunt: — Verkennend onderzoek in het kader van de Wet verplichte ggz (Wvggz) — Niet-acute meldingen personen met zorgwekkend gedrag o Politiemeldingen o Landelijk Meldpunt Zorgwekkend Gedrag (0800-1205) Het Meldpunt ontvangt via het nummer 0800-1205 ook meldingen waarbij soms onduidelijk is wat er precies aan de hand is. Het meldpunt heeft bij Pagina 34

deze meldingen behoefte aan het inschakelen van loopvermogen een juiste inschatting te maken van de ernst van de problematiek die schuilgaat achter de melding (de zgn. niet-acute meldingen, zoals omschreven bij definities). Maandelijks gaat om ongeveer 6 niet-acute meldingen waarbij behoefte is aan de inzet van loopvermogen/een Interventieteam. Dit gaat dus om wezenlijk minder meldingen dan de ‘acute-meldingen’ (de meldingen die voortkomen uit de Meldkamer). Het MZGZ heeft een groot (boven)regionaal netwerk en werkt vanuit haar rol nauw samen met de hulpverlenende organisaties (zoals GGD bemoeizorg, wijk GGD, wijkwerkers GGZ, social casemanagement (SCM Emergis), maatschappelijk en/of justitiële dienstverlening (MJD Emergis) en maatschappelijk werk) en met de gemeenten. Nadere toelichting over de communicatie met de het Meldpunt en het RIT en gemaakte afspraken rondom de inzet van het RIT worden opgenomen in de samenwerkingsafspraken. Meldkamer (politie/ambulance) In juni 2020 zijn de meldkamers Zeeland en Midden- en West Brabant samengevoegd. De Meldkamer Zeeland/West-Brabant is gestationeerd in Bergen op Zoom. De centralisten (van de drie hulpdiensten: ambulance, brandweer en politie) handelen alle telefoontjes af die binnenkomen (via het nummer 112) en de spoedeisende meldingen die via het servicecenter van de politie binnen komen (via het nummer 0900-8844).

Nadere toelichting over de communicatie met de Meldkamer en het RIT en gemaakte afspraken rondom de inzet van het RIT worden opgenomen in de samenwerkingsafspraken. RAV (Zeeland; Witte Kruis en Zorgsaam) Witte Kruis verzorgt als vergunninghouder de ambulancezorg binnen de veiligheidsregio Zeeland. Stichting ZorgSaam verleent ambulancezorg in Zeeuws Vlaanderen als onderaannemer van Witte Kruis. Het werkgebied omvat de Zeeuwse (schier)eilanden Schouwen-Duiveland, Tholen, NoordBeveland, Zuid-Beveland, Walcheren en het verzorgingsgebied Zeeuws-Vlaanderen. In de samenwerkingsafspraken (bijlage 5) staat nader omschreven hoe en wanneer het RIT de ambulance kan inschakelen tijdens een inzet (aansluitend op de al bestaande vervoersafspraken). Huisartsenzorg (De huisartsenconnectie en Nucleuszorg) De Huisartsenconnectie is een organisatie die samenwerkt met professionals uit de eerstelijns huisartsenzorg (de ondersteunende diensten voor huisartsenzorg, de huisartsenspoedposten en- praktijken). De Regionale huisartsenorganisaties (RHO) heeft als werkgebied Walcheren, SchouwenDuiveland, Noord- en Zuid Beveland. Nucleuszorg is de ondersteunende eerstelijnsorganisatie voor de huisartsen in Zeeuws-Vlaanderen. In de samenwerkingsafspraken wordt nader omschreven hoe en wanneer het de huisarts het RIT kan inschakelen. Emergis heeft een data analyse uitgevoerd, hoe vaak de huisarts (incl.

HAP) personen hebben aangemeld voor een beoordeling bij de crisisdienst van Emergis in 2023 en 2024.

Pagina 35

Bijlage 3: Nadere omschrijving ‘lerend vermogen Gedurende de looptijd van de pilot is er doorlopend aandacht voor het leren en verbeteren d.m.v. het toepassen ‘lerend evalueren'. Dat betekent dat de evaluatie al tijdens het proces plaatsvindt en niet alleen aan het eind van een proces. Dit zorgt ervoor dat we blijvend kunnen leren en bijsturen. De ‘lerende evaluatie’ vindt plaats op 3 niveaus: 1. Gericht op de uitvoering en beleid: dit is van belang om op een systematische manier in kaart te brengen wat goed gaat en wat minder goed gaat. Het geeft zich op belangrijke randvoorwaarden om uiteindelijk tot een goede samenwerking te komen. 2. Gericht op onderliggende opvattingen en veronderstellingen over doelen en verwachtingen. Aan de te bereiken doelen en resultaten worden leerdoelen gekoppeld. Met het inbouwen van ‘lerende evaluatie momenten’ worden onzekere factoren sneller zichtbaar, blijven we continue leren van elkaar en borgen we dat we op een flexibele manier al vroegtijdig in de pilot kunnen bijsturen waar nodig. 3. Gericht op het proces. Hierbij wordt gekeken welke onderdelen van de pilot goed verlopen en welke minder goed en waarom dit zo is. Het lerend evalueren vraagt om een stevige rol van de projectleider. Deze staat continue in verbinding met de betrokken ketenpartners en anticipeert, reageert en reflecteert op de ingebrachte input.

De projectleider houdt alle ketenpartners op de hoogte van bovengenoemde

Pagina 36

aandachtspunten. Belangrijke randvoorwaarden voor 'lerend evalueren’ zijn: 1. Transparantie en een open communicatie; 2. Proportionele en gelijkwaardige verhouding tussen zorgpartners, veiligheidspartners en het gemeentelijk veiligheids- en sociaal domein; 3. Betrekken van ervaringsdeskundigheid (cliënt- en naastenperspectief). We sluiten hiermee aan op de doorontwikkeling van de Doorbraakmethode (een deelonderwerp van Domeinoverstijgend samenwerken). Daarin is het van belang dat we op Zeeuws niveau op drie ordes van elkaar leren: uitvoering, beleid en bestuur (zie afbeelding).

Bron: Orde van leren (IPW)

Pagina 37

Bijlage 4: Rapport klantenreizen Hersteltalent

Pagina 38

Pagina 39

Pagina 40

Pagina 41

Pagina 42

Pagina 43

Bijlage 5: Registratie

Te registreren gegevens bij iedere melding Datum en tijdstip melding 1. A. Wat was de datum van de melding? …-…B. Wat was het tijdstip van de melding? … : … uur C. Hoe lang duurde het voordat het RIT ter plaatse was? ….. D. Hoe lang heeft de inzet geduurd? …. Minuten 2. Was de persoon in behandeling bij de ggz of andere hulpverlening? Is huisarts bekend? o Ja, namelijk; o Nee o Weet ik niet

Melder 3. Wie was de melder? Persoon zelf / familie en naaste / burger (informatie direct aanvragen bij meldkamer als melding binnenkomt) Pagina 44

o Persoon met verward gedrag zelf o Familielid of naaste van de persoon met verward gedrag o Bezorgde buurtbewoner o Bezorgde burger (geen buurman / -vrouw van de persoon) Politie: o De meldkamer politie (telefoonnummer 112) o Het Service Centrum van politie (niet-acute telefoonnummer 0900-8844) o Politie ter plaatse (basisteam van politie) Overige hulpverlening: o Huisarts / huisartsenpost (HAP) o Hulpverlener Meldpunt Zorgwekkend Gedrag Zeeland

Urgentie en inzet hulpverlening 4. Wat was de urgentie van de melding volgens de ggz-triagewijzer? o U0 / U1: Binnen 15 minuten o U2: Binnen 1 uur o U3: Binnen 4 uur o U4: Binnen 24 uur o U5: Binnen 3 dagen o Niet-acuut

Pagina 45

5. Welke hulpverlener / dienstverlener is ingezet na de inzet? (meerdere antwoorden mogelijk) Eigen behandelaar / begeleider of ander meldpunt: o Eigen behandelaar / begeleider o Meldpunt Zorgwekkend gedrag Zeeland o Veilig Thuis o Meldpunt voor jeugdzorg Hulpverlening: o Huisarts / huisartsenpost (HAP) o Spoedeisende Hulp (SEH) van het ziekenhuis o Sociaal wijkteam of OGGZ o Reguliere ggz o Verslavingszorg o Verstandelijk gehandicaptenzorg (VG) o Hulpverlening in de verpleging en verzorging (V&V) o Ambulancezorg Overig: o Politie o Zelfhulpadvies gegeven en verwezen naar een hulplijn (bijv. 113, MIND Korrelatie of Sensoor) o Zelfhulpadvies gegeven, verwijzen naar een hulplijn was niet nodig

Pagina 46

o Anders, namelijk: 6. A. Is vervoer ingezet voor de persoon? o Ja o Nee B. Zo ja, welk vervoer is ingezet? o Ambulancevervoer o Politievervoer o Vervoer RIT Zeeland o GGZ vervoersdienst o Taxivervoer o Ander vervoer, namelijk:

Minimaal driemaandelijks in te vullen reflectieformulier Inhoud en verloop van meldingen 1. Hoe vaak was de inschakeling van het RIT door de politie terecht? Kruis aan in onderstaande tabel. Type melder

Nooit

In circa een kwart van de gevallen

In circa de helft van de gevallen

In circa driekwart van de gevallen

Meldkamer politie (112) Service centrum van politie (0900-8844) Politie op straat

Pagina 47

In alle gevallen

2. Welk deel van de meldingen betrof een melding van een persoon die eerder gebeld had naar het RIT? o Geen van de meldingen o Circa een kwart van de meldingen o Circa de helft van de meldingen o Circa driekwart van de meldingen o Alle meldingen

Tevredenheid van betrokkenen 3. Hoe verloopt de verdere samenwerking tussen het RIT en de ketenpartners in de regio? Is er meer of minder discussie dan eerst? Wat gaat goed en wat kan beter? 4. Wat is het oordeel van personen met verward gedrag en hun familie / naasten over het RIT en hoe wordt dit gemeten?

Terugkoppeling van informatie

5. Welke informatie wordt over het algemeen teruggekoppeld naar de melder? Verdeel in onderstaande tabel steeds 100% per type melder (per rij). Type melder Aan melders die zorgverlener zijn (bijv. huisarts) Aan melders die geen zorgverlener zijn (bijv. politie) Eigen behandelaar/ begeleider van de persoon als dit niet de melder was Meldpunt Zorgwekkend Gedrag Zeeland

Dat de persoon hulp ontvangen heeft (niet inhoudelijk welke hulp)

Inhoudelijk welke hulp de persoon ontvangen heeft

Dat het niet nodig was geweest om het RIT in te schakelen

…. %

…. %

…. %

…. %

…. %

…. %

…. %

…. %

…. %

…. %

…. %

…. %

Pagina 48

7. Overige opmerkingen / bevindingen over de pilot kunt u hieronder opnemen:

Bijlage 6: Samenwerkingsconvenant PILOT Regionaal interventieteam Zeeland Samenwerkingsconvenant PILOT Regionaal interventieteam Zeeland 2025-2027 I A.

De partijen: samenwerkende partijen die gezamenlijk sturing geven aan de inzet van het Regionaal Interventieteam (RIT)

13 Zeeuwse Colleges B&W Stichting Emergis Politie Zeeland-West Brabant Meldkamer politie Zeeland-West Brabant Broeder de Vries I B.

De partijen: deelnemende partijen die voornemend zijn om de opdracht voor de uitvoering van het RIT aan te nemen

Stichting Zorg en Veiligheidshuis Zeeland II.

• • • • • •

Overwegende dat: de deelnemende Partijen benoemd onder I A een samenwerking willen aangaan en gezamenlijk sturing willen geven aan de inzet van het Regionaal interventieteam (vanaf hier: RIT) Zeeland; de deelnemende partijen benoemd onder I B voornemens zijn de opdracht aan te nemen voor de uitvoering van het RIT; ondanks de inspanningen die partijen in het veiligheids-, zorg en sociaal domein leveren, blijven de meldingen van personen met zorgwekkend gedrag stijgen en blijft de druk op politie-inzet bij deze meldingen onverminderd hoog; met het RIT een triage kan plaatsvinden waarbij tevens passend vervoer voor personen met zorgwekkend gedrag ter plekke beschikbaar is; de kwaliteit van zorgverlening aan de mensen met zorgwekkend gedrag op het moment dat er een melding wordt gemaakt verbeterd wordt, door direct (zorg)professionals in te zetten die zorgt voor een juiste bejegening en juiste inschatting van de situatie (triage); de druk op de inzet van zorg in het algemeen, de HAP, crisisdienst van Emergis en ambulance capaciteit specifiek wordt verminderd; Pagina 49

• • • • • • • III.

de druk op politie-inzet bij meldingen van zorgwekkend gedrag wordt verminderd; er gezorgd wordt voor een optimale samenwerking tussen zorg- en veiligheid, met een meer efficiënte inzet van hulpdiensten/zorg- en veiligheidspartijen; het RIT de kwaliteit van zorgverlening en doorlooptijd naar een vervolgoplossing kan verbeteren voor personen met zorgwekkend gedrag op moment dat er een melding wordt gemaakt; het RIT bij spoedmeldingen waarbij sprake is van bovenliggende (acute) psychosociale problematiek, via het Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland overdragen naar het sociaal domein van de gemeenten om overlast zo veel mogelijk te voorkomen; er zorgvuldig wordt omgegaan met wet,- en regelgeving t.b.v. de aanpak personen met zorgwekkend gedrag, bijv. WvGGZ, WMO, Jeugdwet, WZD, politiewet, AVG, kwaliteitskader ambulancezorg rondom psychiatrische beoordeling het RIT als pilot start waarbij naar gelang de resultaten, wijzigingen kunnen worden voorgesteld aangaande de duur, het proces, bemensing, financiën etc.; het RIT een deelonderwerp is van het project Domeinoverstijgend samenwerken zorg en veiligheid in Zeeland. Zijn als volgt overeengekomen

1. Afkortingen HAP - HuisArtsenPost MZWB - Meldkamer Zeeland West Brabant PMZG - Personen Met Zorgwekkend gedrag RIT - Regionaal interventieteam Zeeland Partijen - Partijen genoemd onder I MZGZ - Meldpunt Zorgwekkend Gedrag Zeeland 2. De startdatum en de duur van dit convenant De intentie is om het convenant aan te gaan voor de duur van drie jaar (36 maanden). De startdatum wordt bepaald aan de hand van de toekenningsdatum van de vervolgsubsidie van ZonMw (in Q1 2025). 3. Ambitie De samenwerkende partijen hebben de ambitie om de dienstverlening tijdens de pilot periode tot een kwalitatief hoger peil te brengen en de effecten van het RIT inzichtelijk te maken. De samenwerkende partijen spannen zich in om zowel aan de menskant als aan de werkwijzen en processen de nodige expertise te leveren om deze ambitie te behalen. De samenwerkende partijen spannen zich in om, bij goed functioneren en het behalen van de gewenste resultaten, tijdens de pilotperiode te onderzoeken of het RIT na de pilot (financieel) structureel kan worden geborgd.

Pagina 50

4. Doelstellingen 3.1. Partijen zetten zich actief in om er gezamenlijk voor te zorgen dat bij meldingen die binnenkomen bij de MZWB rondom PMZG het RIT zo efficiënt en effectief mogelijk wordt ingezet. 3.2 Automatische verbinding realiseren met de sluitende aanpak rond personen met zorgwekkend gedrag die onder de regie van gemeenten wordt ontwikkeld en geïmplementeerd. 4. Onderlinge afstemming 4.1. De bestuurders van de samenwerkende partijen komen minimaal 4 keer per jaar bijeen (of zoveel meer als nodig). Deze overleggen zijn bedoeld om de stand van zaken, opgeleverde data, inzet en samenwerking met derde partijen te bespreken en indien nodig tussentijds bij te sturen. Bestuurlijk worden partijen middels dit overleg geïnformeerd over de voortgang van het RIT. De Stuurgroep zorg en veiligheid geeft bestuurlijke sturing aan het RIT in relatie tot de overige deelonderwerpen van het Domeinoverstijgend samenwerken zorg en veiligheid. 4.2. Elke 6 weken (of zoveel meer als nodig) vindt er een uitvoeringsoverleg/monitoringsoverleg plaats met de medewerkers van de samenwerkende partijen van het RIT, waar nodig aangevuld met de netwerkpartners. 4.3.

De samenwerking tussen de partijen benoemd onder I A en I B hebben betrekking op de volgende activiteiten, die voorwaardelijk zijn voor het operationeel laten zijn van het RIT: • De benodigde financiering; het personeel; de locatie; facilitair (opleiding, apparatuur, registratiesysteem, vervoersmiddel, materiaal); coördinatiekosten en intervisiemogelijkheden uitgevoerd door stichting Hersteltalent. 5. Bevoegdheden 5.1 Als opdrachtnemende partij neemt Stichting Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland, indien dat noodzakelijk is, autonoom beslissingen in de operationele aansturing van het RIT, binnen het vastgestelde budget en met inachtneming van de werkinstructies en werkprocessen (opgenomen in de samenwerkingsafspraken, als onderdeel van dit Samenwerkingsconvenant). 5.2 In geval van ingrijpende beslissingen aangaande de aard en omvang van deze samenwerking worden de deelnemende Partijen door Stichting Zorg- en Veiligheidshuis geconsulteerd en indien nodig gevraagd om instemming. 5.3 De projectleider is verantwoordelijk voor het coördineren van de voorbereidende taken voor de implementatie van het RIT. De projectleider werkt nauw samen met de beleidsadviseur. De projectleider en de beleidsadviseur zijn aangesteld bij het CZW bureau en treden op namens de 13 Zeeuwse gemeenten.

De projectleider en de beleidsadviseur hebben periodiek afstemming met de programmacoördinator Zeeuwse samenwerking sociaal domein. Vanaf de daadwerkelijke start wordt er een coördinerend medewerker/teamleider voor het RIT aangesteld. De coördinerend medewerker/teamleider is belast met de coördinatie van de operationele taken van het RIT. 5.4. De Stuurgroep zorg- en veiligheid is bevoegd om bestuurlijke sturing te geven aan het RIT in relatie tot de overige deelonderwerpen van het Domeinoverstijgend samenwerken zorg- en veiligheid. 6. Aanvraag tot inzet/ consultatie 6.1 De inzet van het RIT komt tot stand na opdracht hiertoe via de MZWB; 6.2. Uitsluitend de HAP en het MZGZ kunnen direct bij het RIT een aanvraag tot inzet indienen; Pagina 51

6.3 6.5 6.6 6.7

Wanneer consultatie gevraagd wordt, verbindt de MZWB de aanvrager door met de dienstdoende professional van het RIT voor overleg; Indien er sprake is van een somatisch toestandsbeeld wordt voorliggend te alle tijden een ambulance ingezet; deze afweging wordt gemaakt door de centralist van de meldkamer ambulance; Indien er sprake is van agressie of een onveilige situatie wordt te allen tijde ondersteuning van politie ingezet; deze afweging wordt gemaakt door de centralist van de meldkamer politie of ter plaatse door de professional. Wanneer de HAP en het MZGZ de inzet van het RIT aanvraagt, wordt dit te allen tijde doorgegeven aan de MZWB zodat zij weten dat het RIT bezet is en niet kan worden ingezet.

7. Vertrouwelijke informatie 7.1 Partijen doen al het nodige ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de PMZG bij uitvoering van de werkzaamheden waarop dit document betrekking heeft. 7.2 Partijen zorgen ervoor, conform de Wet Bescherming Persoonsgegevens, dat zorgvuldig en vertrouwelijk wordt omgegaan met informatie-uitwisseling ten behoeve van de betrokken zorgorganisaties. 8. Monitoring 8.1 Eens per kwartaal wordt door het RIT ten behoeve van het monitoringsoverleg een overzicht aangeleverd aan Partijen over de inzet van het RIT. In dit overzicht staan minimaal het aantal ritten per week vermeld, de aanrijtijden, de tijdsinzet en de uitkomst (vervolg) van de inzet. 8.2 Eens per halfjaar wordt door het RIT een inhoudelijke rapportage opgeleverd op basis van de RIT data die door de medewerkers van het RIT worden geregistreerd. 9. Domiciliekeuze en beschikbaarheid De standplaats van het RIT is het Zorg- en Veiligheidshuis. Het RIT is beschikbaar tussen 14u en 22u. Naar gelang er duidelijkheid is over de financiën zal er besloten worden of het RIT zeven dagen of vijf dagen inzetbaar is. N.a.v. de tussenevaluaties wordt er bijgestuurd waar nodig en waar mogelijk in de vorm en de inzetbaarheid van het RIT. De inzet kan aldus naar aanleiding van de tussenevaluaties worden aangepast. 10. Verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid 10.1.

De dagelijkse leiding en de operationele aansturing van het RIT liggen bij Stichting Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland. Verdere afspraken over de inzet van personeel, de verantwoordelijkheden en aansprakelijkheden worden vastgelegd in afzonderlijke samenwerkingsafspraken met de betrokken samenwerkingspartners die het personeel leveren. 11. Registratie De politie, de MZWB, het MZGZ en Dutch Medical Group/Broeder de Vries voorzien in een systeem waarmee de gegevensoverdracht is ingeregeld en de melding wordt geregistreerd conform de AVG-eisen. De registratiegegevens zijn input voor de businesscase die wordt ingericht voor de start van de implementatie van het RIT. Pagina 52

12. Van toepassing verklaring Nederlands recht Op deze overeenkomst is het Nederlands recht van toepassing. 13. Overige bepalingen 13.1 De convenantpartners verplichten zich bij het niet nakomen van afspraken zich tot het uiterste in te spannen deze kwestie in der minne te schikken. Wanneer dit geen resultaat heeft, wordt een onafhankelijke derde partij ingeschakeld ten einde een rechtsgang uit te sluiten. 13.2 Wanneer gedurende de looptijd van dit convenant een der Partijen haar verantwoordelijkheden, met instemming van overige Partijen, overdraagt aan een derde partij is deze plaatsvervangende Derde partij gehouden de inhoudelijke en financiële afspraken zoals vastgelegd in deze overeenkomst te respecteren. De wijziging is niet eerder van kracht dan na ondertekening door de Derde Partij en de latende Partij met inachtneming van een redelijke overgangstermijn. Deze wordt als addendum aan deze overeenkomst toegevoegd. 13.3 Wanneer een Partij door veranderende wet- en regelgeving gehouden is (een deel van) de dienstverlening zoals beschreven in dit samenwerkingsconvenant anders te gaan organiseren of in eigen beheer te gaan uitvoeren, wordt dit met Partijen besproken en worden de lopende afspraken opnieuw beoordeeld en indien nodig aangepast. 14.

Financiering en begroting Gedurende de looptijd van deze overeenkomst is een begroting opgesteld op basis van 9u inzet per dag van het RIT. Het CZW bureau/de gemeente Goes reserveert namens de 13 gemeenten een vast subsidiebedrag per jaar. Op basis van de verantwoording wordt gekeken of een indexatie noodzakelijk is. Stichting Zorg- en Veiligheidshuis Zeeland ontvangt voor de pilotperiode een beschikking waarin de opdracht is opgenomen. Stichting Zorg- en Veiligheidshuis verantwoordt jaarlijks de toegekende middelen gedurende de pilotperiode. Het CZW bureau beoordeelt de verantwoording jaarlijks met inachtneming van de gemaakte afspraken in het kader van dit convenant en wet,- en regelgeving. De Partijen Emergis en Broeder de Vries factureren jaarlijks de inzet van het personeel van het RIT (de professionals en de chauffeurs).

Pagina 53

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15095543/1