2023 437 Bijlage 1 Evaluatierapportage Apzg + Wvggz 2018-2022 en 2023 ev (def)
Tekst van het document
Er valt nog een verbeterslag te maken in de verbinding met het sociaal domein. Het project “De essentiële voorwaarden/maatschappelijk plan Wvggz” probeert daarop een antwoord te vinden. 5.3.4. Ervaringen OM met de Wvggz Het OM bevestigt het beeld dat zij de meeste meldingen Wvggz rechtstreeks ontvangen vanuit de GGZ. Een kleiner aantal meldingen ontvangen zij via het Meldpunt. Het valt het OM op dat de Wvggz meldingen die vanuit de Meldpunten/colleges B&W komen vaak minder overduidelijk ‘Wvggz-meldingen’ zijn. Vaak is er minder zicht op een diagnose en is de onderbouwing niet altijd voldoende om een ZM op te leggen. Het OM heeft het idee dat er vanuit gemeenten en ketenpartners soms te snel naar de Wvggz wordt gekeken als ‘oplossing’ voor de situatie. Het team ‘verplichte zorg’ binnen het OM geeft aan dat ze als team nog zoekende zijn hoe ze ook hun steentje kunnen bijdragen in de algehele aanpak personen met zorgwekkend gedrag. Ze zien een duidelijke toename van deze casussen, maar niet altijd gaat dit gepaard met het plegen van strafbare feiten. Ook betekent verward gedrag niet altijd dat er sprake is van een psychiatrische stoornis die gedwongen behandeld kan worden. Het probleem is dus dat verplichte zorg (ultimum remedium) of strafrechtelijke afdoening niet altijd binnen de mogelijkheden vallen.
Het OM kan meedenken en organisaties adviseren, maar kan geen interventies inzetten die niet binnen hun ‘gereedschapskist’ vallen. Verder geeft het OM dat zij het voormalige artikel 37 uit het strafrecht missen. Met dit artikel kon de strafrechter besluiten tot een opname in een psychiatrische inrichting als er geen andere straffen konden worden opgelegd in een lopende strafzaak. Deze mogelijkheid is er met de komst van de Wvggz niet meer. De strafrechter kan nu alleen nog een zorgmachtiging (ZM) afgeven als aan alle voorwaarden voor verplichte zorg is voldaan. En als de strafrechter nu in een strafzaak een zorgmachtiging afgeeft, wil dat nog niet zeggen dat er daadwerkelijk zorg verleend gaat worden. De ZM is immers een machtiging om zorg te verlenen en geen bevel. Of en hoe er zorg wordt ingezet is uiteindelijk aan de GGZ om te bepalen. Als laatste geeft het OM aan dat ze goede contacten hebben met de GGZ en het Meldpunt. De lijntjes zijn kort en als het nodig is kan er snel geschakeld worden. 5.4.
Lopende initiatieven en ontwikkelingen in het kader van de Wvggz
Let op: per initiatief/ontwikkeling is de stand van zaken weergegeven op het moment van schrijven. Het is mogelijk dat er inmiddels weer wijzigingen hebben plaatsgevonden. 5.4.1. Landelijke wetsevaluatie Wzd en Wvggz In de landelijke wetsevaluatie Wvggz en Wzd (fase 1 en 2) zijn 70 aanbevelingen gedaan over de onderdelen van beide wetten en de praktijk. Overall, was de uitkomst van de evaluatie: —
—
—
—
De implementatie van de Wzd en Wvggz verloopt op tal van punten nog moeizaam. Dit komt o.a. door tekortkomingen in beide wetten, met gebrekkige omstandigheden op het vlak van de benodigde randvoorwaarden (binnen sectoren en tussen zorgaanbieders). De relatie tussen de Wvggz en de Wzd is ingewikkeld en roept in de praktijk nog veel vragen op. De overlap tussen de doelgroepen blijkt groter te zijn dan ten tijde van de totstandbrenging van de wetten werd gedacht, waardoor de omvang en complexiteit van allerlei ‘grensgeschillen’ aanzienlijk is. De resultaten van de invoering van de Wvggz en Wzd bewegen zich langzaam. O.a. de doelstellingen van de wetten om dwang terug te dringen, de verschuiving van intramurale naar ambulante zorg, het bij de besluitvorming betrekken van de wensen en voorkeuren van patiënten, worden nog maar in beperkte mate bereikt. In de praktijk spelen zodanige vragen en problemen dat in dit onderzoek in totaal 70 aanbevelingen voor verbetering worden gedaan (gericht op de inhoud van de wetten en verbeteren van de randvoorwaarden en richtlijnen in het veld).
Deze punten laten zien dat er nog veel inspanning nodig is vanuit zowel de wetgever, de overheid en het veld. Een wetswijziging proces kost tijd. In de tussentijd is het landelijke ketencoördinatieteam bezig (samen met gemeenten en partijen in het veld) om door allerlei initiatieven de werkbaarheid van de wetten te verbeteren. Het
34
tussentijds bijsturen en de doorvoering van de uiteindelijke wetswijziging vragen om gezamenlijke coördinatie, (aan)sturing vanuit gemeenten en afstemming met partners in het veld (GGZ, OM, politie e.d.). Uit deze 70 aanbevelingen, zijn de punten gefilterd die vragen om gezamenlijke coördinatie, (aan)sturing vanuit gemeenten en afstemming met partners in het veld (GGZ, OM, politie e.d.). Deze punten zijn te vinden in bijlage 8.13. De verwachting is dat de eerste wijzigingen voor (als gevolg van de wetsevaluatie) op z’n vroegst pas worden doorgevoerd vanaf 1-1-2025. 5.4.2. Pilot essentiële voorwaarden Wvggz De pilot essentiële voorwaarden Wvggz24 is per 1 april 2023 gestart en geeft uitvoering aan het wederkerigheidsbeginstel dat is opgenomen in de wet. Het wederkerigheidsbeginsel is een belangrijk uitgangspunt in de Wvggz. Dit houdt in dat de overheid een inspanningsverplichting heeft om kwalitatief goede zorg te bieden en een hoogst haalbare mate van maatschappelijke participatie waarborgt door de inzet op de essentiële maatschappelijke voorwaarden (zoals huisvesting, financiën en dagbesteding). Voor de uitvoering van een zorgmachtiging (ZM) wordt er altijd een zorgplan opgesteld. Een zorgplan wordt opgesteld door de zorgverantwoordelijke. In het zorgplan staan afspraken over de invulling van de zorg.
Met de start van de pilot wordt er naast het zorgplan ook een maatschappelijk plan opgesteld met de cliënt, diens naasten en overige betrokkenen. In het maatschappelijk plan worden afspraken gemaakt over de ‘essentiële voorwaarden’ zoals inkomen, schuldhulpverlening, werk of dagbesteding, wonen en ondersteuning. Met het opstellen van aan maatschappelijk plan en het inrichten van de ‘essentiële voorwaarden’ wordt ingezet op preventie van verplichte zorg en een meer integraal plan voor de cliënt. De casemanagers van het MJD van Emergis hebben de taak om samen met de cliënt en betrokkenen het maatschappelijk op te stellen. De casemanagers van het MJD leggen hiervoor o.a. contact met proces-coördinatoren van de gemeenten. Met deze pilot wordt ingezet op een nauwere samenwerking tussen de GGZ en het sociaal domein. De pilot gaat mogelijk een bijdragen leveren aan het meer zicht krijgen op ieders taken, rollen en verantwoordelijkheden binnen het proces, maar ook meer zicht op de status van een casus. Gemeenten hadden weinig/geen zicht maar op een casus als er een Wvggz melding was gedaan. Met de nieuwe werkwijze gaan de gemeenten wel zicht krijgen op casussen waarvoor uiteindelijk een ZM is afgegeven, omdat het MJD contact zoekt met de PC van de gemeente t.b.v. het invullen van het maatschappelijk plan. Er zijn vaste evaluatiemoment ingepland met ketenpartners.
Daarnaast worden de resultaten van de pilot nauw gevolgd en worden effecten gemeten. Dit zorgt ervoor dat er tijdig kan worden bijgestuurd, indien nodig. 5.4.3. Regiotafel Verplichte Zorg Zeeland en Regio-overleg Wvggz op arrondissement De Wet verplichte ggz legt taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden in het kader van verplichte zorg neer bij de zorgaanbieder, het Openbaar Ministerie en het college van burgemeesters en wethouders. In Wvggz, artikel 8:31 is voor deze partijen een verplichting opgenomen tot het voeren van een periodiek overleg. De wet geeft als doel dat het overleg zicht houdt op de uitvoering en het aanbod van verplichte zorg en eventuele knelpunten die hierbij kunnen opspelen. In de wet wordt echter aan het regio-overleg zelf verder geen expliciete besluitvorming of bestuurskracht toegeschreven op deze punten. Op arrondissementsniveau heeft Zeeland/West-Brabant afgesproken om vanaf 2022 tweejaarlijks op arrondissementsniveau te overleggen en tweejaarlijks op regionaal/provinciaal niveau te overleggen. De Regiotafel Verplichte Zorg Zeeland verzamelt agendapunten die van belang zijn om in te brengen in het overleg op arrondissementsniveau. Vanaf eind 2022 zijn ook de verstandelijke gehandicapten sector en de verzorging en verplegingssector aangesloten op de Zeeuwse Regiotafel Verplichte zorg.
De deelnemende partijen geven aan dat het zeer waardevol is om met elkaar periodiek afstemming te hebben en merken dat ontwikkellijnen ook steeds dichter bij elkaar komen. In bijlage 8.14 staat een overzicht van agendapunten die aan bod dienen te komen in de regiooverleggen/Regiotafel Verplichte Zorg Zeeland. 5.4.4. Gebruikersoverleg Khonraad Het landelijke gebruikersoverleg Khonraad (GO Khonraad) is vanuit de VNG opgezet en heeft als doel om samen als gebruikers van Khonraad op te trekken richting Khonraad voor het maken (eventueel nieuwe) contractafspraken. Khonraad heeft momenteel allemaal individuele contracten met gemeenten, voor de verwerking van verschillende gegevens, betreffende:
— Crisismaatregel — Tijdelijk Huisverbod — Wvggz: verkennend onderzoek, aanvragen voorbereiding zorgmachtiging 24
Voor het project Essentiële voorwaarden Wvggz zijn middelen toegekend vanuit het Innovatiefonds voor de looptijd van 3 jaar.
35
Per gemeente worden verschillende producten afgenomen. De meeste contracten voor Khonraad lopen af per 2022 of per 2023. In Q2 2023 is het GO Khonraad, in samenwerking met de VNG, bezig met het opstellen van een modelovereenkomst voor Khonraad, conform de Gibbit. Het Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland is namens Zeeland als gebruiker aangehaakt op het GO Khonraad. De ontwikkelingen en resultaten uit het GO Khonraad worden structureel teruggekoppeld aan de werkgroep en het afstemmingsoverleg met de gemeenten
6.
Algemene aandachtspunten
6.1. Gegevensdeling Binnen de aanpak personen zorgwekkend gedrag en de Wvggz wordt er gewerkt op het snijvlak van zorg, veiligheid en sociaal domein. Er zijn per definitie verschillende professionals betrokken bij één casus. Deze professionals werken vanuit verschillende organisaties en voeren taken uit vanuit verschillende wet- en regelgeving. Regelmatig geven professionals aan dat het uitvoeren van hun taak wordt bemoeilijkt door regelgeving omtrent privacy en gegevensdeling of is onduidelijk welke informatie met wie en waarom gedeeld kan worden. Ook vragen over de rol en het beschermen van de cliënt en diens omgeving spelen hierin een rol. De AVG wordt vaak nog als obstakel gezien, terwijl er binnen de kader van de AVG het goed mogelijk is om voor je eigen organisatie en tussen organisatie duidelijk en handzame werkafspraken te maken die gegevensdeling wel mogelijk maken bij complexe casuïstiek. Dit is één van de ontwikkelopgaven die op de agenda staat van de werkgroep en het afstemmingsoverleg Wvggz en Apzg. Voor dit onderdeel is het belangrijk om ook de landelijke ontwikkelingen in de gaten te houden. Vanuit de VNG worden bijv. jaarlijks leergangen georganiseerd over privacy en gegevensdeling op het gebied van zorgveiligheid25. Elke professional kan zich hier voor inschrijven.
Dit jaar ligt er ook een wetsvoorstel in de Tweede Kamer: de Wet aanpak meervoudige problematiek (Wams). Het doel van de Wams is om knelpunten weg te nemen die gemeenten en andere organisaties in het sociaal domein ervaren als zij persoonsgegevens uitwisselen bij het aanpakken van meervoudige problematiek. De wet biedt gemeenten (de Colleges B&W) een wettelijke basis die noodzakelijk zijn voor het verwerken en uitwisselen van persoonsgegevens bij de aanpak van meervoudige problematiek. Ook biedt het wetsvoorstel een wettelijke basis voor de Meldpunten niet-acuut om regels te stellen voor het verwerken van persoonsgegevens. 6.2. Cliënt- en naastenperspectief Op lokaal niveau wordt er bij projecten of bij een bepaald ondersteuningsaanbod al gewerkt met cliënt- en naastenorganisaties. Denk hierbij aan de organisaties Hersteltalent, Ypsilon, Zorgbelang Zeeland/West-Brabant. Ook steeds meer GGZ-organisaties werken met de inzet van ervaringskundigheid. In de regionale beleidsontwikkeling vraagt het betrekken van het cliënten en het naastenperspectief nog de nodige aandacht. Het streven is om deze partijen in ieder geval te betrekken bij de komende subsidieaanvragen voor ZonMw. Over het algemeen is een (intensievere) samenwerking met ervaringsdeskundigen in het meer preventieve veld denkbaar.
Zo kan er in het voorveld meer actief worden doorverwezen naar zelfregiecentra of cliëntinitiatieven of kunnen ervaringsdeskundigen worden ingezet voor trainingen of voorlichting. Bij de beleidsterreinen BW en MO loopt er een project met Hersteltalent en Zorgbelang Zeeland West-Brabant om cliënt- en naastenparticipatie in BW en MO structureel in te bedden bij beleidsontwikkeling en uitvoering in Zeeland. Vanuit dit project wordt er een flexibele pool van mensen met ervaringskennis opgezet. Voor het onderdeel Wvggz en Apzg is het waard om te onderzoeken of er verbinding kan worden gelegd en kan worden aangesloten op deze flexibele pool. Om uiteindelijk toe te werken naar het structureel borgen van cliënten en naasten-perspectief in alle processen. 6.3.
Voorzieningenaanbod
Vanuit de centrumgemeente Vlissingen is de opdracht gegeven aan het onderzoeksbureau HHM om een onderzoek in te stellen naar het huidige voorzieningenaanbod maatschappelijke opvang (incl. veilige opvang) en beschermd wonen in Zeeland. Het doel is om te komen tot een concreet uitvoeringsplan, waarin de visie op spreiding, opbouw, ombouw en afbouw voor BW, MO en VO worden vertaald naar acties. Het toewerken naar meer diversiteit en variatie in woonvormen is één van de aandachtspunten die is meegegeven voor het onderzoek. Het onderzoek is nog niet afgerond. Het vaak ontbreken van passende woningen en opvangvoorzieningen, waardoor mensen weer op straat terecht komen, is ook één van de aandachtspunten binnen de aanpak personen met zorgwekkend gedrag en de Wvggz. Hoewel dit onderzoek meer vanuit de beleidsterreinen BW, MO en VO is aangevlogen, zijn er wel raakvlakken met de Apzg en de Wvggz. Zodra het onderzoek gereed is, worden de uitkomsten ook gedeeld met de werkgroep en het afstemmingsoverleg, om te kijken waar we op aan kunnen sluiten.
25 Leergang Organiseren privacy en gegevensdeling: Zo doe je dat! | VNG
36
7.
Conclusies en advies
7.1. Aanpak personen zorgwekkend gedrag De cijfers laten zien dat de meldingen van personen met zorgwekkend gedrag blijven stijgen in Zeeland. Dit komt ook overeen met het landelijke beeld. De groep mensen, waar het om gaat, is enorm divers. Zowel uit de cijfers als de opgehaalde input blijkt dat de problematiek waar de mensen mee kampen steeds hardnekkiger en complexer wordt. Denk hierbij aan GGZ problematiek in combinatie met problemen op verschillende leefgebieden (verslaving, schulden, inkomen of geen passende woonplek). De personen in de leeftijdscategorie 65+ blijven voor het grootste aantal E33 meldingen zorgen. Echter, uit de cijfers en uit onderzoek blijkt dat we de doelgroep jongvolwassenen niet moeten vergeten. Dit is een doelgroep die voornamelijk in coronatijd onzichtbaar is gebleven, maar inmiddels ook zorgt voor meer E33 en E14 meldingen. Deze ontwikkeling laat zien dat de problematiek (die onderliggende is aan de meldingen zorgwekkend gedrag), zich over een steeds bredere doelgroep verspreidt en steeds meer mensen raakt. Een verklaring kan zijn dat de mentale weerbaarheid van een bredere groep mensen is verminderd. Mensen die voorheen goed op eigen benen konden staan, lijken nu steeds vaker te ontwrichten.
De verhardde en complexe problematiek op meerdere leefgebieden vraagt in de praktijk om een intensievere domeinoverstijgende samenwerking tussen verschillende partijen in het zorg, sociaal- en veiligheidsdomein. Dit vraagt om een netwerkwerk samenwerking, waarin partners elkaar nog beter kunnen vinden. Voornamelijk ook waar partijen elkaars rollen kennen en begrijpen, zodat partijen elkaar kunnen aanvullen en versterken in de aanpak van personen met zorgwekkend gedrag. Het advies is om dit onderwerp blijvend op de agenda te houden. Het elkaar regelmatig ontmoeten (zowel op regionaal als lokaal niveau) is essentieel. Lokaal kan dit ook al goed worden opgepakt, bijvoorbeeld d.m.v. het organiseren van een netwerkbijeenkomst rondom een onderwerp dat lokaal speelt in het kader van de aanpak personen zorgwekkend gedrag. Op deze manier krijg je als gemeente meer zicht op waar nog eventueel ‘gaten’ zitten of waar nog behoefte ligt in het lokale ondersteuningsaanbod. We constateren dat een steeds grotere en voornamelijk bredere doelgroep verantwoordelijk is voor meldingen zorgwekkend gedrag. Wat is er nodig om de tij te keren en de aanpak effectiever te maken? Het advies is om de focus van de aanpak te verleggen. Het overlastgevend gedrag, waardoor mensen in beeld komen bij de politie of bij het Meldpunt, komt ergens vandaan.
In de aanpak van personen met zorgwekkend gedrag is het advies om (nog meer) te gaan bewegen van repressie naar preventie. In de huidige situatie kan deze beweging worden ingezet op meerdere momenten: A) Op het moment dat personen met zorgwekkend gedrag in aanraking komen met de politie, is het van belang om snel te triëren en te onderzoeken wat de onderliggende problematiek en zorgvraag is, zodat de juiste partij de melding op kan pakken en kan toeleiden naar passende ondersteuning. B) Bij de eerste signalen van zorgwekkend gedrag, waarbij partijen (die de signalen ontvangen) in het voorliggend veld eerder signalen bundelen en sneller schakelen. Door in een vroeger stadium te achterhalen waar de spanning of het risico zit, kan een opstapeling van problemen worden voorkomen. Sterke lokale zorgstructuren kunnen hier een grote rol in spelen. De kracht zit hem in het samenspel tussen het Meldpunt, gemeenten en (lokale) zorg-en veiligheidspartners. Samen kunnen zij het beeld rondom een casus compleet krijgen en in een vroeger stadium elkaar opzoeken en interventies plegen om een opstapeling van problemen bij mensen te voorkomen en escalatie of veiligheidsissues voor te zijn. Voor allebei de situaties is een goede triage en ‘loopvermogen’ essentieel. Dit vraag om kennis en expertise van verschillende vormen van problematiek aan de voorkant (zoals kennis van de GGZ en de Wmo).
Door het organiseren van een goede triage, kan snel in kaart worden gebracht wat de eerste zaken zijn die opgepakt moeten worden (om erger of escalatie te voorkomen). Om uiteindelijk te voorkomen dat mensen in beeld blijven komen en de recidivecijfers omlaag gaan. Het concept Wijk GGD biedt kansen om ook lokaal meer loopvermogen te organiseren om (eerder) signalen van zorgwekkend gedrag op te pakken. Nu vinden we elkaar soms alleen in urgente situaties. Dit komt doordat een organisatie nog te vaak enkel en alleen betrokken is op een afgebakend stuk van de problematiek. Het advies is om de triage en het loopvermogen voor situatie A mee te nemen in de subsidieaanvraag voor ZonMw. De algehele verbetering van de verbinding tussen het zorg- en veiligheidsdomein is voor een groot deel ook belegd in het project Domeinoverstijgend samenwerken. Denk hierbij aan het aanscherpen van afspraken omtrent op-en afschaling en het uitrollen van een gezamenlijke werkbare methodiek voor het oppakken en oplossen van complexe casuïstiek op het gebied van zorg-veiligheid. Het advies is om in de uitvoering aan te sluiten bij de ontwikkelingen en uitkomsten van het project Domeinoverstijgend samenwerken. Dit zal op termijn ook zijn effect hebben op de samenwerking in de praktijk. 7.2.
Wet verplichte GGZ Bij de implementatie van de Wvggz is er veel tijd een aandacht gegaan naar het inrichten van de primaire processen en het op orde krijgen van de administratieve en systeemtechnische randvoorwaarden. De aanbevelingen uit de landelijke wetsevaluatie laten zien dat er op veel punten nog een verbeterslag is te maken. In Zeeland lijkt het aantal opgelegde zorgmachtigingen (ZM) en crisismaatregelen (CM) zich te stabiliseren in 2022. Dit komt ook overeen met het landelijk beeld. Het is lastig om hier een verklaring voor te geven of een conclusie uit te trekken. Het kan zijn dat partijen elkaar inmiddels steeds beter te vinden in het proces, waardoor 37
er mogelijk eerder geschakeld wordt en er ook in bredere zin wordt gekeken naar alternatieven/om verplichte zorg te voorkomen. Hoewel, het meer zicht hebben op elkaars rollen, taken en verantwoordelijkheden in het proces van de Wvggz, kan nog beter en vraagt nog steeds aandacht. Het advies is om de huidige overleggen (de werkgroep, het afstemmingsoverleg, de Regiotafel en Regio-overleg op arrondissementniveau) te gebruiken om zicht te houden op de uitvoering, het aanbod en eventuele knelpunten in het kader van verplichte zorg (en de verbinding met andere beleidsterreinen zoals de Apzg en levensloopaanpak). Deze overleggen kunnen ook wordt gebruikt om uit te vragen waar nog de behoefte ligt op het gebied van relatiebeheer en informatievoorziening over van de Wvggz (en de aanpak personen zorgwekkend gedrag). Als laatste is het van belang om de ontwikkelingen en eventuele wijzigingen die voortkomen uit de landelijke wetsevaluatie in de gaten te houden, zodat we daar t.z.t. regionaal op kunnen inspelen. Voor de Wvggz geldt ook het advies dat er eerder en nog meer ingezet kan worden op preventie: het inrichten van de essentiële voorwaarden, zoals passende huisvesting, inkomen, dagbesteding e.d.. Dit zijn basisvoorwaarden voor het voorkomen van verergering van problematiek, maar ook voor stabilisatie en herstel.
Deze ontwikkeling wordt gestimuleerd door de pilot essentiële voorwaarden van Emergis. De pilot heeft als doel om handvatten te bieden voor gemeenten, zorg en veiligheidsdomein om tot een meer integraal plan van aanpak te komen met optimale en duurzame herstelmogelijkheden voor de cliënt en zij/haar omgeving en netwerk. Daarnaast is de verwachting dat de pilot enerzijds bijdraagt aan o.a. een meer preventie manier van werken (reductie en/of voorkoming van verplichte zorg) en anderzijds aan het versterken van de integrale samenwerking tussen de GGZ, sociaal domein en overige ketenpartners in het sociaal- en veiligheidsdomein. Het advies is om de pilot nauw te volgen, bij te sturen waar nodig en de succesvolle elementen te destilleren t.b.v. verdere doorontwikkeling op het gebied van de Wvggz en de algehele aanpak van personen met zorgwekkend gedrag. 7.3.
Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland
De evaluatierapportage laat zien dat er de afgelopen jaren al veel is gebeurd op het gebied van de Wvggz en de aanpak van personen met zorgwekkend gedrag. Met het inrichten van het Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland is er een centraal punt voor het verwerken en het triëren van meldingen niet-acuut (i28 zorgformulieren en de 0800-1205) en het uitvoeren van de wettelijke taken in het kader van de Wvggz (meldfunctie, triage, verkennend onderzoek, aanvraag voorbereiding zorgmachtiging). De Zeeuwse gemeenten hebben begin 2022 middels een apart collegevoorstel deze taken van het Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland bestendigd 26. Het Meldpunt heeft samen met partners in het veld hard gewerkt om werkafspraken, processen, taken en verantwoordelijkheden op elkaar af te stemmen. Het samenvoegen van deze taken binnen één regionaal Meldpunt, zorgt ervoor dat meldingen steeds efficiënter worden opgepakt. Het Meldpunt fungeert inmiddels als een belangrijke schakel in de hele keten, met name als het gaat om het triëren van meldingen en het toeleiden naar passende hulp en ondersteuning. Deze rol en positie wordt alleen nog maar belangrijker en meer waard bij de beoogde beweging die wordt geadviseerd (van repressie naar meer preventie).
De kracht van het Meldpunt ligt vooral in de samenwerking én de wisselwerking met ketenpartners (GGZ en overige zorgpartijen, politie, justitie, gemeenten e.d.). Nu het Meldpunt een aantal jaren bestaat is er meer ruimte gekomen voor de doorontwikkeling op kwaliteit, o.a. gericht op: —
— —
Het verder opbouwen en onderhouden van een netwerksamenwerking (met partijen en organisaties in het veld op zowel lokaal, Zeeuws, arrondissement en landelijk niveau als op ambtelijk en bestuurlijk niveau). Hierbij staat herkenbaarheid, zichtbaarheid en aanspreekbaarheid centraal (voor zowel professionals als de burger); Waar mogelijk aansluiten op de lokale situatie en (zorg)structuren, zowel bij de huidige ontwikkelingen die zich voordoen en bij ontwikkelingen die nog op ons afkomen. Het optimaliseren van informatiedeling en privacy, doorontwikkeling op ICT (implementatie van het systeem PGAx), informatieverzameling en analyse t.b.v. beleids- en sturingsinformatie op zowel Zeeuws als lokaal niveau (dit alles in het kader van de ontwikkellijn ‘huis op orde’ van de Meerjarenagenda zorgen veiligheidshuizen)
Deze evaluatierapportage heeft inzage gegeven in wat er de afgelopen jaren is gebeurd op het gebied van de Wvggz en de Aanpak personen zorgwekkend gedrag in Zeeland. Ook heeft de rapportage inzage gegeven in welke ontwikkelingen nog op de rol staan, waar de aandachtspunten liggen en welke zaken er de komende periode (verder) opgepakt moeten worden. Uit de kwalitatieve en kwantitatieve analyse blijkt dat een continue bezetting van het Meldpunt essentieel is om de huidige meldingenstroom op te pakken en het Meldpunt (o.a. vanwege landelijke ontwikkelingen en kaders) een steeds prominentere rol krijgt in het oppakken, triëren en toeleiden van meldingen zorgwekkend gedrag. Het Meldpunt heeft een infrastructuur opgebouwd waardoor ze in staat zijn om de grote diversiteit van de meldingen op te pakken. Het Meldpunt heeft zich de afgelopen jaren doorontwikkeld en daarmee is er een sterke basis en structuur gelegd om huidige processen verder te optimaliseren en komende ontwikkelingen op te pakken in samenwerking met ketenpartners. Het advies is om vanaf 2024 een Zeeuwse structurele financiering in te stellen voor het Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland. Een structurele financiering zorgt ervoor dat er nog meer op duurzaamheid kan worden gestuurd, o.a. in de uitvoering en bij het maken van samenwerkingsafspraken bij toekomstige ontwikkelingen. Sinds 2020 26
Enkel het collegevoorstel van de gemeente Borsele en Terneuzen mist nog.
38
ontvangen alle Zeeuwse gemeenten afzonderlijk middelen in het gemeentefonds t.b.v. de bekostiging van de uitvoering van de Wvggz en aanpak personen met verward gedrag. Het gaat om structurele middelen en deze middelen zijn inmiddels opgenomen in reguliere posten van het gemeentefonds. Deze middelen kunnen gemeenten blijven inzetten voor de structurele financiering die wordt voorgesteld. De aanvullende middelen die via ZonMw subsidies beschikbaar komen in 2023 zijn enkel inzetbaar voor de optimalisering van de samenwerking tussen de gemeenten, de ggz en het sociaal domein in de keten. Met de structurele middelen voor het Meldpunt én de middelen vanuit ZonMw kunnen we ervoor zorgen dat de aanpak van personen met zorgwekkend gedrag volledig sluitend wordt en blijft. Een sluitende aanpak die uiteindelijk ten goede komt aan de burger en zijn naasten.
8.
Bijlagen
39
8.1. Afzonderlijke kaders Aanpak personen zorgwekkend gedrag De Apzg komt voort uit het landelijk programma ‘aanpak personen verward gedrag’. In 2015 hebben de Ministeries VWS en V&J en de VNG het Aanjaagteam verwarde personen ingesteld. Later zijn de taken van het Aanjaagteam ondergebracht in het landelijk Schakelteam. Het schakelteam had de opdracht om in twee jaar tijd de realisatie van de sluitende aanpak in Nederland te ondersteunen en te faciliteren. Het aanjaagteam heeft een definitie opgesteld van mensen met verward gedrag. Tevens zijn vier categorieën van mensen met verward gedrag gemaakt en zijn er negen bouwstenen benoemd. Alle regio’s hadden de opdracht om per 1 oktober 2018 met deze benoemde kaders te beschikken over een goed werkende aanpak voor ondersteuning van mensen met verward gedrag. Deze categorieën worden toegelicht in de paragraaf ‘over wie gaat het’ van dit hoofdstuk. Het Aanjaagteam en het Schakelteam hadden dus de taak om de problematiek en aanpak van personen met verward gedrag aan te jagen, te agenderen en te duiden. In 2019 is de opdracht voor de volgende fase belegd bij het VLOT27. De fase van de verdere implementatie van de persoonsgerichte aanpak in de regio, de gemeente en de wijk.
Figuur 2: Negen bouwstenen ‘verward gedrag’
Het gaat om mensen die grip op hun leven (dreigen te) verliezen, waardoor het risico aanwezig is dat zij zichzelf of anderen schade berokkenen. Dit verlies kan eenmalig of chronisch zijn. – Definitie personen met verward gedrag, Schakelteam (2016).
In Zeeland is er in 2017 een Zeeuws plan van aanpak28 opgesteld door de projectleider Maurits van Belzen. Dit plan van aanpak en de gestelde kaders (de definitie en de bouwstenen) vormen nog steeds de basis van de aanpak personen zorgwekkend gedrag in Zeeland. Op Zeeuws niveau geven we, aanvullend op de interventies binnen de gemeenten, regionaal vorm aan: — — — — —
Regionaal ‘Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland’ Sociale opvangplaatsen Monitoring en advisering Passend vervoer personen met zorgwekkend gedrag in samenwerking met de partners in het arrondissement Zeeland/West-Brabant Regionale afstemming op ambtelijk en bestuurlijk niveau.
Lokaal hebben alle Zeeuwse gemeenten hun eigen lokale infrastructuur t.b.v. het voorkomen van zorgwekkend gedrag en t.b.v. het tijdig interveniëren als zich zorgwekkend gedrag voordoet. In bijlage 8.2. staat een overzicht van deze verschillende activiteiten op lokaal niveau en op regionaal/Zeeuws niveau. Wet verplichte GGZ De BOPZ is per 1 januari 2020 vervangen door de Wet verplichte GGZ (Wvggz) voor cliënten met psychiatrische problemen en de Wet Zorg & Dwang (Wzd) voor cliënten met een verstandelijke beperking of dementie. De Wvggz zorgt ervoor dat mensen die vanwege een psychische stoornis een gevaar vormen voor zichzelf of anderen, tijdig de juiste zorg krijgen. De Wvggz bepaalt onder welke voorwaarden en op welke wijze iemand gedwongen kan worden opgenomen of behandeld en de wet regelt de rechten en plichten voor de cliënt. — —
De Wvggz maakt het mogelijk om de verplichte zorg ook poliklinisch of ambulant (bij iemand thuis) te verlenen. Dit was onder de BOPZ niet mogelijk. Binnen de Wvggz hebben zorgverleners meer instrumenten gekregen voor zorg op maat te bieden. Ook de rechtspositie van de cliënt en de familievertrouwenspersonen zijn versterkt binnen de Wvggz.
27
VLOT (Verbindend Landelijk Ondersteuningsteam), bestaat uit een team van vertegenwoordigers van VWS, JenV, BZK en de VNG en regioadviseurs. Het voormalig VLOT is anno 2023 ondergebracht bij het landelijk Regioteam Zorg & Veiligheid van de VNG, en bestaat uit regioadviseurs om gemeenten en ketenpartners in de regio te ondersteunen bij het realiseren van betere samenwerking en om gemeenten en regio’s vraaggericht te ondersteunen. 28 Nota Verward in Zeeland: regionaal plan voor mensen met verward gedrag” (vastgesteld door het bestuurlijk Overleg van Zorg en Veiligheid op 2 december 2017)
40
—
De cliënt en familie-en naasten van de cliënt hebben meer inspraak in het aanvraagproces van de Wvggz en de behandeling. De cliënt heeft meer mogelijkheden kregen om verplichte zorg te voorkomen door gedurende het traject alsnog open te staan voor vrijwillige zorg.
Iemand kan verplichte zorg opgelegd krijgen via een zorgmachtiging (via de rechter) of een crisismaatregel (via de burgemeester). De verplichte zorg binnen de Wvggz kan bestaan uit: verplichte medische behandeling, ambulante behandeling thuis of opname in een kliniek. De uitvoering van deze zorg valt binnen de kaders van de Zorgverzekeringswet (18+) en Jeugdhulp (12-18 jaar).
Figuur 3: betrokken professionals bij de Wvggz
De Wet verplichte ggz is in de basis een zorgwet. Binnen het leveren van zorg op maat wordt meer gestuurd op preventie van verplichte zorg en een integraal cliëntbehandelplan met aansluiting op de essentiële voorwaarden binnen het sociaal domein. Deze voorwaarden betreffen maatwerkondersteuning op inkomen, schuldhulpverlening, werk of dagbesteding, wonen en ondersteuning vanuit de Wmo 2015. In Zeeland is zijn de wettelijke taken van het College B&W, in het kader van de Wvggz, belegd bij het Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland. Dit gaat om de meldfunctie, triage, verkennend onderzoek, aanvraag voorbereiding zorgmachtiging). De GGZ-aanbieders: Emergis/Zeeuwse Gronden zijn gecontracteerd door de zorgverzekering om verplichte zorg uit te voeren. Hieronder staat een korte beschrijving van de procedures binnen de Wvggz ZM De OvJ doet het verzoek om verlening van een ZM. Dit verzoek wordt gedaan op de informatie die is verkregen via: de melding, een verkennend onderzoek, of verzoek van een professional, zoals een geneesheer-directeur van de GGZ. Een geneesheer-directeur baseert het advies mede op de beoordeling van een onafhankelijk psychiater. De rechter besluit uiteindelijk om een ZM op te leggen als er sprak is van een psychische stoornis die leidt tot ‘ernstig nadeel’.
Een ZM wordt alleen afgegeven door de rechter als vrijwillige zorg echt niet meer mogelijk is, maar er wel zorg nodig is om het ernstig nadeel weg te nemen. CM en VCM: Alleen de burgemeester kan besluiten om een crisismaatregel (CM) op te leggen. Een CM kan worden opgelegd als iemand een gevaar vormt voor zichzelf of anderen, of als de persoon niet in staat is om voor zichzelf te zorgen. De CM is bedoeld om ervoor te zorgen dat de persoon zo snel mogelijk de juiste zorg krijgt, zodat het gevaar en het ‘ernstig nadeel’ kan worden verminderd en de persoon weer stabiliseert. Een CM heeft de duur van maximaal 3 dagen. De burgemeester baseert zijn besluit op een medische verklaring van een onafhankelijke psychiater. Wettelijk gezien is het de taak van het college B&W om de cliënt te horen (als onderdeel van de procedure CM). De Zeeuwse gemeenten hebben Khonraad gemandateerd om het horen van de cliënten uit te voeren. Meer over ‘horen’ in de paragraaf hieronder. Als de CM afloopt en de persoon nog steeds zorg nodig heeft, kan er een voortgezette crisismaatregel (VCM) worden opgelegd. Dit is een verlenging van de crisismaatregel en kan worden opgelegd als de persoon nog steeds een gevaar vormt voor zichzelf of anderen, of als de persoon nog steeds niet in staat is om voor zichzelf te zorgen.
De VCM kan maximaal drie weken duren en kan ook worden opgelegd door de burgemeester, een geneesheerdirecteur of de officier van justitie. Het doel van de voortgezette crisismaatregel is om ervoor te zorgen dat de persoon de juiste zorg blijft ontvangen totdat er een meer permanente oplossing is gevonden.
8.2. Overzicht activiteiten op lokaal en regionaal niveau in Apzg
41
Activiteiten per gemeente o.b.v. de 9 bouwstenen personen met zorgwekkend/onbegrepen/verward gedrag Inbren 2. Preven 3. Vroe 4. Meldi 5. Beoo 6. Toele 7. Pass 8. Passen 9. Infor g tie en gng rdeli iding end de mati mense levens tijdig ng verv onders en met e en oer teunin voor verwar structu signa risico g zorg zieni d ur lerin en ng gedrag g taxat straf en ie omgevi ng Doorbraak prestatieaf Doorbraa Outreachen methode, spraken kde zorg om samenwerki met de methode te ng met CZ woningcorp en OGGzvoorkomen samen in oratie t.b.v netwerk30 dat SOS. Het huisvesting mensen op verbeterper voor straat spectief van kwetsbare belanden. de cliënt doelgroepe Samenwer staat hierbij n. king met voorop. Samenwer en inzet Korte lijnen king met van MJD met corporaties van Ypsilon. en zorg in Emergis Weer (middels Thuis29 product Maatwerk). Start Skaeve Huze (tweede helft 2023)31 Bezig met Impleme het ntatie inbedden Doorbraa van kpreventie methode (activiteite Maatscha n) op het ppelijk gebied van werk. mentaal welzijn 1.
Terneu zen
Hulst
Sluis Goes
NoordBevela nd
Borsele Tholen Schouw en-
Nog niet ontvangen crisiskaart (uitgevoerd door Hersteltalen t) GGT (Gemeenteli jk gebiedstea m?)
GGT, lokale zorgstructu ren, bemoeizor g
Wijkwerk er onbegrep en gedrag GGT
GGT, contact huisarts
Huisarts, Wmo, GGT, omgeving
Wmo (bijv. MJD) zorgverzek erings-wet (GGZ)
Nog niet ontvangen Nog niet ontvangen Project Kansrijk Wonen32
Logeervoorziening van Zeeuwse Gronden. Mensen met een EPA kunnen hier verblijven al dan niet om de thuissituatie te ontlasten of zelf even op adem te komen. Soms logeren er mensen met een psychiatrische aandoening die anders dakloos zouden zijn. 30 Partijen van zorg, wonen, veiligheid en sociaal domein komen eens per maand samen en bespreken zorgwekkende signalen. Doel: gezamenlijk voorkomen dat situaties verergeren 31 voor mensen die nergens anders meer kunnen wonen vanwege hun afwijkende gedrag. 29
intensieve samenwerking tussen Zeeuwland, Emergis en andere partijen maar ook een passende plek waar onbegrepen gedrag er mag zijn, zorgt ervoor dat de deelnemers, die zorg mijden en overlast geven, de ondersteuning die nodig is 32
42
Duivela nd Kapelle Reimer swaal
Nog niet ontvangen Project: lokale implementa tie crisiskaart (uitgevoerd door Hersteltalen t)
Hersteltale nt sluit vanuit cliëntperspectief aan bij OGGZ netwerk Regeling briefadres wordt uitgevoerd, soms contact met MJD
Informati e van zorg en veiligheid komt samen in diverse interne overlegge n
Woonoverl ast is meegenom en in de herrijking van de APV
Buurtbemi ddeling is ingekocht bij SMWO Middelb urg Veere
Nog niet ontvangen
Vlissing en
Lokale toegang en buurtteams (wijkgericht werken) Pilot inrichten essentiële voorwaarde n Wvggz (start 1-42023), door Emergis
Region aal/ Zeeuws
Deelname aan OGGZ overleggen en i28overleggen
In ontwikkelin g: onderzoeke n of er verbinding kan worden gelegd met de flexibele pool van mensen met ervaringskennis (Zeeuwse pilot opgezet
Invoering buurtteam s Pilot inrichten essentiële voorwaard en Wvggz (start 1-42023), door Emergis Weer Thuis/Tea m Thuis33 Tiny House Emergis34
Buurttea ms en buurtbemiddeli ng Pilot straatpsychiate r Alle gemeent en hebben een actieve verwijzin g naar het Zeeuws Meldpunt Zorgwekk end Gedrag op hun website
Zie meldpunt zorgwekk end gedrag Zeeland + Ketenveln dorm35
Zie meldpunt zorgwekk end gedrag Zeeland
Zie o.a. sociale opvangpl aatsen (link met levensloo paanpak: Indien er sprake is van (recidiver end) hoog veiligheid srisico, vindt aanmeldi ng plaats ter beoordeli ng van de Levensloo p-aanpak
Zie Passend vervoer personen met onbegrep en gedrag in samenwe rking met de partners in het arrondiss ement Zeeland WestBrabant
Sociale opvangplaa tsen, straattriag e e.a uit de bouwstene nnotitie MO (zie ook antwoord op vraag 9) aansluiting op de levensloop aanpak/ ketenveldn orm (en beveiligde intensieve zorg)
Zie monitorin g en adviserin g en Regionale afstemmi ng op ambtelijk en bestuurlij k niveau. Zie website Meldpunt Zorgwekk end gedrag + verwijzin g op lokale website
aanvaarden. Hiermee worden mogelijk duurdere en meer intramurale alternatieven zoals Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen voorkomen. Ook wordt ingezet op het voorkomen van huisuitzetting en overlast gevende situaties in de buurt. Het project is gericht op lokale inwoners van Schouwen-Duiveland. Samenwerking tussen gemeente, woningcorporaties en zorgaanbieders voor het inregelen van basisvoorwaarden voor (weer) zelfstandig te gaan wonen (na opvang of BW), uit de praktijk blijkt dat deze werkwijze voor een brede doelgroep kan worden ingezet. 34 Deze voorziening is voor inwoners van de provincie Zeeland die onder de noemer groepsongeschikt vallen en daarmede niet binnen de reguliere opvang passen en waarbij geen klinische opname in een ggz-instelling is geïndiceerd. 35 Doelgroep: personen (18+) die agressief en/of gevaarlijk gedrag (dreigen) te vertonen als gevolg van een psychiatrische aandoening en/of een (licht) verstandelijke beperking en/of niet aangeboren herstenletsel, waarbij sprake is van gevaarlijk gedrag richting anderen/samenleving (of een aantoonbaar hoogrisico op dit gedrag), langdurige terugkerende en moeilijk beheersbare multiproblematiek, die onvoldoende in bestaande zorg-en begeleidingssystemen te beheersen valt. 33
43
vanuit BW MO). Toewerken naar structureel borgen cliënten en naastenperspectief in alle processen
naar de website van het Meldpunt
Zie ook de Bouwstenennotitie voor de inventarisatie van preventie activiteiten per gemeente (vanuit MO-perspectief)
8.3.
Ontwikkelopgave werkgroep Wvggz en Apzg
2023 1. Evaluatie Wvggz en Apzg 2020-2022 2. Voorbereiding structurele financiering Wvggz en Apzg (vanaf 2024) 3. Uitwerking loopvermogen (intensivering samenwerking politie, GGZ en sociaal domein), verbinding leggen met het (geüpdatet) vervoersconvenant tussen Politie, Ambulance en de GGZ en een voorstel opleveren 4. 5. 6.
Prioritering/planning Q 1 en 2 2023 Q2 2023 Q2, 3 en 4 2023
Opstart, uitrol en monitoring pilot essentiële voorwaarden Wvggz Bevorderen van kennisuitwisseling en het maken van werkafspraken m.b.t. gegevensuitwisseling ….
8.4.
Vergelijking aantal E33 meldingen bekend bij het Meldpunt en bekend bij politie Zeeland/WestBrabant
Hieronder staat een overzicht van het aantal politiemeldingen niet-acuut (E33) over de afgelopen 5 jaar dat bekend is bij het Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland en dat bekend is bij de politie. Er is duidelijk een verschil te zien in de aantallen. De toelichting omtrent de kwaliteitscheck op de meldingen die is gegeven bij de paragraaf ‘kwaliteit van de politiemeldingen nietacuut’ geven een verklaring voor deze verschillen.
2022
2433
2021
2318
2020
3807 3460
1697
2019
1479 1872 1143
2018 0
1000
2000
E33 bekend bij de Politie
8.5.
4075
3083
3000
4000
5000
E33 bekend bij het Meldpunt
Specificatie aantal unieke personen en aantal meldingen per gemeente per jaar
Belangrijke opmerking betreft het aantal unieke personen: de totalen van de 5 verschillende jaren kan je niet zomaar bij elkaar optellen. Omdat er personen zijn die in meerdere jaren worden gemeld zouden daar dan dubbeltellingen in zitten. Daarom is het niet mogelijk om een totaaltelling te maken per gemeente over de afgelopen 5 jaar. Er is alleen een overzicht gemaakt van de E33 meldingen. Het aantal unieke personen die verantwoordelijk zijn voor het aantal E14 meldingen geven relatief weinig extra informatie. Bovendien zijn de cijfers bij de E14 meldingen van het aantal personen versus het aantal meldingen nagenoeg gelijk. Dit is logisch te verklaren omdat het om (poging tot) zelfdoding gaat en het vaak maar één persoon betreft die verantwoordelijk is voor de melding.
44
Borsele
Goes
300 250 200
500 400
95
333
300
55
43 33
47
699
565
600
124
100
724
692
700
168
150
50
800
248
44
46
176
197
2018
2019
200
232
199
208
2021
2022
100
0 2018
2019
2020
E33 meldingen
2021
0
2022
unieke personen
E33 meldingen
Schouwen-Duiveland 190
200
77
80
113 90
81
94
100
177
150
100
unieke personen
Kapelle
174
157
2020
97
83
76
40
50
56
60 38
39
36
34
2020
2021
2022
35 25
21
20 0
0 2018
2019
2020
E33 meldingen
2021
2018
2022
2019 E33 meldingen
unieke personen
Reimerswaal
Noord-Beveland
184
200
66
70
175
55
54
60
147
150
unieke personen
55
50 86
100 59 51
40
81
62
63
57
33
30
20
20
50
30
23
18
15
10 0
0 2018
2019
2020
E33 meldingen
2021
2022
2018
unieke personen
2019 E33 meldingen
Tholen
50
500
37
26
391
400
93 47
636
600
136
49
42
2022
unieke personen
700
172
100
2021
Middelburg
200 150
2020
45
54
300 200
409
400
265
147
165
165
140
2018
2019
2020
2021
168
100
0
0 2018
2019 E33 meldingen
2020
2021
unieke personen
2022
E33 meldingen
2022
unieke personen
45
Veere 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0
Vlissingen 163
1000
144
141
105 66
75
62
33
864
627 390 277
244
2019
2020
193
200
192
196
2021
2022
0
2018
2019
2020
E33 meldingen
2021
2022
2018
unieke personen
E33 meldingen
Hulst 279
300 250
219
304
98
100
196
84
233
250 200
110
84
109
100
199
177 130
150
164
150
unieke personen
Sluis
350
200
774
600 400
51
38
798
800
74
58
52
2018
2019
71
82
85
2021
2022
50
50
0
0 2018
2019
2020
E33 meldingen
2021
2022
E33 meldingen
unieke personen
2020
unieke personen
Terneuzen 600 479
500 365
400 300 200
355
258 170
492
149
148
2019
2020
212
199
2021
2022
100 0 2018
E33 meldingen
unieke personen
Bron: Politie Zeeland/West-Brabant 8.6.
Specificatie aantal hulpbehoevenden en betrokkenen per gemeente per jaar
Bron: Politie Zeeland/West-Brabant 46
8.7.
Specificatie aantal antecedenten per gemeente per jaar
Bron: politie Zeeland/West-Brabant 8.8.
Wpg machtigingsbesluit meldpunten niet-acute zorg
Bijlage 1 Wpg-machtigingsbesluit meldpunten niet-acute zorg [Regeling vervalt op nader te bepalen datum]. Geraadpleegd op 17-10-2022. Geldend van 11-12-2021 t/m heden
1voor: Wpg-machtigingsbesluit meldpunten niet-acute zorg Artikel 1 1Aan de korpschef wordt toestemming gegeven politiegegevens te verstrekken aan een meldpunt dat is ingesteld door één of meerdere colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeester(s) van gemeente(n) gezamenlijk met het oog op de zorg voor maatschappelijke ondersteuning, bedoeld in artikel 2.1.1 van de Wet maatschappelijk ondersteuning, en/of met het oog op de handhaving van de openbare orde, bedoeld in artikel 172 van de Gemeentewet. 2De in lid 1 bedoelde verstrekking van politiegegevens vindt slechts plaats indien dit noodzakelijk is voor: a.het doen van meldingen over zorgwekkende situaties, al dan niet in combinatie met mogelijke/dreigende verstoring van de openbare orde, waarin burgers vermoedelijk zorg of ondersteuning nodig hebben met het oog op hun zelfredzaamheid of participatie en niet zelf om hulp vragen; b.het beantwoorden van informatievragen met betrekking tot het onderzoeken en triëren, door het meldpunt, van meldingen die door de politie of derden zijn gedaan om noodzakelijke zorg of ondersteuning in gang te kunnen zetten; c.het bieden van maatschappelijke ondersteuning in het kader van het ondersteunen van de zelfredzaamheid en de participatie van personen met een beperking of met chronische psychische of psychosociale problemen zoveel mogelijk in de eigen leefomgeving, het bieden van
beschermd wonen en opvang. 3De in het eerste lid bedoelde politiegegevens betreffen uitsluitend politiegegevens die worden verwerkt overeenkomstig de artikelen 8 en 13 van de Wet politiegegevens. 4De verstrekking van de in het eerste lid bedoelde gegevens vindt slechts plaats als het opsporingsbelang zich hier niet tegen verzet. Artikel 2
47
De politiegegevens, bedoeld in artikel 1, worden slechts verstrekt indien het meldpunt maatregelen heeft getroffen die waarborgen dat de gegevens uitsluitend worden gebruikt voor het doel waarvoor zij zijn verstrekt en dat de gegevens worden vernietigd zodra deze niet langer noodzakelijk zijn voor het doel waarvoor zij zijn verstrekt. Artikel 3 Dit besluit wordt in de Staatscourant geplaatst en treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst, en vervalt op de dag dat bij of krachtens de Wet politiegegevens in deze verstrekking van politiegegevens is voorzien. Artikel 4 Dit besluit wordt aangehaald als: Wpg-machtigingsbesluit meldpunten niet-acute zorg. 8.9.
Overzicht signalen zorgwekkend gedrag
Waar kan ik terecht met zorgen om een persoon met verward gedrag? | Rijksoverheid.nl Signalen van zorgwekkend gedrag Mensen die zorgwekkend gedrag vertonen, kunt u herkennen aan onderstaande signalen. Ziet u iemand die dit soort gedrag vertoont? Dan kunt u contact opnemen met het Meldpunt Zorgwekkend Gedrag. De deskundigen bij het meldpunt denken graag met u mee of er hulp nodig is. En zo ja, wat voor hulp. Signalen van zorgwekkend gedrag zijn bijvoorbeeld als iemand:
• • • • • • • • • • • 8.10.
vieze kleding draagt; er onverzorgd uitziet; verward overkomt; een onrustige of zenuwachtige indruk maakt; heel veel of helemaal niet buitenkomt; zich afzondert en sociaal contact mijdt; in zichzelf praat; veel vuilnis in of rond het huis heeft liggen; verdovende middelen gebruikt, zoals alcohol of drugs; afspraken niet nakomt; het moeilijk vindt om aanwijzingen of advies van anderen op te volgen.
Specificatie vergelijking Landelijk Meldpunt zorgwekkend gedrag en Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland 2021
2022* zonder december
landelijk: laagste aantal meldingen bekend bij de regionale meldpunten Zeeland: laagste aantal meldingen bij bekend bij Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland
0
1
3
7
landelijk: hoogste aantal meldingen bekend bij de regionale meldpunten Zeeland: hoogste aantal meldingen bij Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland landelijk gemiddelde: aantal pogingen gesprek doorgezet en beantwoord door regionale meldpunten
50
73
14
22
NB
11,5
Zeeland gemiddelde: aantal gesprekpogingen ontvangen en beantwoord door het Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland Zeeland gemiddeld: procentueel aantal telefoontjes doorgezet naar Meldpunt zorgwekkend gedrag Zeeland t.o.v. totaal aantal telefoontjes Landelijk meldpunt
7,1
13,5
1%
2%
48
8.11.
Specificatie aantal mensen die gebruik hebben gemaakt van de sociale opvangplaatsen per gemeente
aantal mensen die gebruik hebben gemaakt van de sociale opvangplaatsen gemeenten van herkomst. Bron: Emergis 35
30
30 25 20
16
15
8
10 5
11
1
21
3
21
1
1
3 1
1
2
5
0 BOR GOE HUL KAP MID N-B REI S-D SLU TER THO VEE VLI 2021 2022 2023 (t/m 19-4-2023)
8
1
1
2
2
1
1
3
In scope bestuurlijke regie Z&V
1
2022
7
4
2
2
11
2
16
2
4
30 7
2023 (t/m 19-4-2023)
Linken op dossierniveau, inhoudelijk en casusniveau levensloopaanpak, Apzg en Wvggz Mensen met meer begrepen gedrag die geen overlast veroorzaken, wel leed hebben
8.13.
1
2
Onb Belgi ZVW TOT eken ë VP AAL d
5
2021
8.12.
3
1
22
Mensen met onbegrepen gedrag die geen overlast veroorzaken, wel leed hebben
Mensen die hulp of zorg nodig hebben, overlast of ernstig nadeel veroorzaken, maar niet gevaarlijk zijn
Mensen die hulp of zorg nodig hebben, overlast of ernstig nadeel veroorzaken, en eerder in aanraking zijn geweest met strafrecht en/of specialistische (verplichte)(beveiligde) zorg
Mensen met een strafrechtelijke titel, die (forensische) zorg nodig hebben
Aanpak personen onbegrepen gedrag Wet verplichte ggz Wet Zorg en Dwang (aansluiting Wvggz) Levensloopaanpak Ketenveldnorm Domeinoverstijgend samenwerken Z&V
Punten uit de landelijke wetsevaluatie Wzd en Wvggz die vragen om regionale coördinatie
Uit de 70 aanbevelingen van de landelijke wetsevaluatie, zijn de punten gefilterd die vragen om gezamenlijke coördinatie, (aan)sturing vanuit gemeenten en afstemming met partners in het veld (GGZ, OM, politie e.d.).: -
-
Laat gericht onderzoek doen naar de discrepantie tussen de wettelijke eisen en de beschikbaarheid van daarvoor benodigde middelen en voorzieningen (personeel, financieel, beddencapaciteit) (overheid). Richt een taskforce in die de opdracht krijgt de Wvggz en de Wzd te screenen op onnodige administratieve belasting, om te komen tot concrete aanbevelingen ter vereenvoudiging van de uitvoerbaarheid van de wetgeving (overheid). Richt een taskforce in die de opdracht krijgt de voorgeschreven momenten van gegevensuitwisseling in de Wvggz en de Wzd te screenen op uitvoerbaarheid en nut/noodzaak, om te komen tot concrete aanbevelingen ter vereenvoudiging van de uitvoerbaarheid van de wetgeving (overheid). Intensiveer de voorlichting aan en de scholing over de Wvggz en de Wzd onder de personen die bij de toepassing van deze wetten betrokken zijn (overheid i.s.m. de veldpartijen). Bezie op welke punten de verhouding tussen Wzd en Wgbo nog verder verduidelijkt kan worden (overheid).Wvggz en Wzd: samenhang en afstemming
In relatie tot de verbinding met de Wzd:
49
-
-
-
Neem alsnog in de Wzd een verplichting op vergelijkbaar met die van art. 8.31 Wvggz, nl om een periodiek overleg te voeren (wetgever). Voeg aan de Wzd een met art. 8:1 lid 5 Wvggz vergelijkbare bepaling toe: dat hulp van de politie kan worden ingeroepen door burgemeester of OvJ in geval van een crisis (wetgever). Voeg aan de Wzd een met art. 7:3 Wvggz vergelijkbare bepaling toe, nl. die tijdelijk verplichte zorg voorafgaand aan een crisismaatregel mogelijk maakt (wetgever). Neem in de Wzd op dat bij tijdelijk verblijf van een Wvggz-patiënt in een Wzd-instelling de zorgmachtiging ex Wvggz niet vervalt, maar wordt opgeschort (wetgever). Maak het mogelijk dat een opgeschorte Wzd-machtiging ook kan worden verlengd op een moment dat betrokkene met een zorgmachtiging zich in een Wvggz-instelling bevindt, en wel in gevallen waarin een terugkeer naar het Wzd-domein voorzienbaar is (wetgever). Neem in de Wvggz vergelijkbare doorgeleidingsbepalingen op als nu in art. 28, tweede lid en 30, tiende lid Wzd zijn opgenomen teneinde een tijdige overgang naar de Wzd procedures te bespoedigen, mocht deze in de voorbereidingsfase van een ZM aangewezen blijken (wetgever). Neem in elk geval in de Wvggz de mogelijkheid op dat, onder voorwaarden, de onvrijwillige opname in de zin van die wet mede kan strekken tot opneming in een Wzd-accommodatie (wetgever).
In relatie tot de verbinding met de Wfz: -
-
Onderzoek mogelijkheden om, in de context van art. 2.3 Wfz, een beter onderscheid te maken tussen patiënten waarbij de nadruk ligt op zorgbehoefte en patiënten waarbij het (vooral) gaat om delict preventie (overheid i.s.m. de veldpartijen). Creëer een coördinerende functie ten behoeve van situaties waarin art. 2.3 Wfz i.c.m. de Wzd wordt toegepast (overheid i.s.m. de veldpartijen).
Over het algemeen is de aanbeveling gedaan om op de kortst mogelijke termijn een gedragen actieprogramma op te richten dat zich richt op manieren om anders dan door wetsaanpassing te komen tot verbetering van de werkbaarheid, uitvoerbaarheid en effectiviteit van de Wvggz en de Wzd. Stimuleer daarbij de uitwisseling van ervaringen tussen zorgaanbieders, om van elkaar te leren (overheid, veldpartijen).
8.14.
Agendapunten Regiotafel verplichte zorg Zeeland
Agendapunten die aan bod dienen te komen in de regio-overleggen Wet verplichte ggz/Regiotafel Verplichte Zorg Zeeland 1.
Toezicht op de verplichte zorg: a. Informatieverzameling b. Knelpunten bij geweldsincidenten c. Reflectie kwaliteit van uitvoering 2. Het aanbod van verplichte zorg: a. Regionaal en bovenregionaal b. Knelpunten c. Ontwikkelingen in het zorgaanbod op inhoud/organisatie/inkoop/financiering d. Samenwerking tussen de zorgaanbieders verplichte zorg binnen de Wvggz en WZD, alsook de samenwerking met CZ/Zorgkantoor cruciaal 3. (Boven)regionale samenwerkingsknelpunten 4. ICT → betreft niet de knelpunten die vallen onder de overeenkomst met Khonraad. Betreft wel de bespreking van koppelingsknelpunten tussen de partijen OM, gemeenten, AMVG. 5. Management rapportages 6. Uitvoering CM en ZM processen 7. Gegevensdelingsafspraken 8. Implementatie Wvggz en Wzd 9. Bestuurlijke tenuitvoerlegging en uitvoering verplichte zorg 10. Aansluiting op ketenveldnorm (levensloopfunctie en beveiligde bedden) 11. Aansluiting op de ontwikkelingen aanpak personen met onbegrepen gedrag (apzg) 12. Samenhang tussen Wzd en Wvggz In de overleggen worden geen individuele casussen besproken. De agenda kunnen wel een gevolg zijn van terugkerende casuïstiek.
50