2023 431 Bijlage 3 HS Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltrace) - Toelichting
Tekst van het document
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
totaal moet het voorgenomen watersysteem 841,5 m3 kunnen bergen om de toename van verharding in het plangebied te compenseren. De berekende waterberging is een indicatie, zodra het definitieve ontwerp van het hoogspanningsstation klaar is zal een update van de benodigde waterberging worden uitgevoerd. Ten opzichte van de huidige situatie is de bergingscapaciteit berekend met een gemiddeld peilstijging van 0,4 m. In totaal kan het voorgenomen watersysteem ca. 1.636 m³ (4.090 m² x 0,4m) bergen. Voor de watervergunning is het van belang inzicht te hebben in de potentiële bergingshoogte op basis van het verschil tussen de gemiddelde maaiveldhoogte en het waterpeil voor T=100. Rekening houden met een minimaal peilstijging van 0,21 m kan de benodigde opgave van 75 mm per m² toename verharding worden gecompenseerd (4.090 x 0,21 = 859 m³). Dit is geborgd in de planregels van het bestemmingsplan door het opnemen van een voorwaardelijke verplichting. Hierin is geregeld dat de waterretentie moet zijn aangelegd op het moment dat het transformatorstation in gebruik wordt genomen. Voor het toekomstige watersysteem geldt het uitgangspunt ‘hydrologisch neutraal, klimaatbestendig en waterrobuust ontwikkelen’. Dit geldt voor zowel het oppervlakte- als grondwatersysteem. Voor het aanleggen, wijzigen of dempen van oppervlaktewaterlichamen geldt een vergunningplicht.
Voor de vergunning is het van belang dat er invulling gegeven wordt aan de waterbergingsopgave en compensatie van gedempt water. Ook moet voor de vergunning worden opgenomen dat het watersysteem niet wordt aangetast door de aanleg van het toekomstige hoogspanningsstation. Veiligheid en waterkeringen Het plangebied bevindt zich niet in of rondom een waterkering of de beschermingszone daarvan. Om deze reden worden geen effecten verwacht op de waterveiligheid. Klimaatscan Volgens de kaart ‘water op straat’ van de klimaateffectatlas is er in de huidige situatie sprake van een kans op water op straat. Het water op straat kan een waterdiepte tussen 15 en 30 cm bereiken. Uit deze kaart blijkt dat een groot deel van het plangebied en de omgeving kwetsbaar is voor wateroverlast. Om het hoogspanningsstation waterrobuuster te maken, is het ook van belang om te voldoen aan de bergingseisen van zowel de gemeente als het waterschap, met name om ‘hydrologisch neutraal, klimaatbestendig en waterrobuust’ te bouwen. Om water op straat te voorkomen moet meer inzicht worden gegeven in het toekomstige hemelwater beheer en de manier waarop de compensatie door toename verhard zal plaatsvinden. Overstromingsrisico Er is er een risico dat de omgeving van het station door diverse oorzaken onder water komt te staan.
Het kan hierbij gaan om overstromingsgevaar vanuit de Oosterschelde, vanuit lokale boezemwaters en vanuit achterliggende gebieden, door bijvoorbeeld stagnerende afvoer van regenwater. Door SVASEK Hydraulics is een onderzoek naar overstromingsrisico's uitgevoerd. Het onderzoek door SVASEK is als Bijlage 12 bijgevoegd. Uit het onderzoek blijkt dat vanwege de overstromingsrisico's het terrein moet worden opgehoogd met 0,25 m om te voldoen aan het blad 54 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
advies van de minimale maaiveldhoogte van NAP -0,35 m. Vooroverleg Het bestemmingsplan is in het kader van het vooroverleg aan diverse instanties toegestuurd. De Veiligheidsregio Zeeland en de provincie Zeeland gaven in het advies op basis van artikel 10 van de Wet Veiligheidsregio’s aan dat de gevolgen en maatregelen voor het overstromingsrisico inzichtelijk dienen te worden gemaakt. Een uitgebreide reactie hierop is bijgevoegd als Bijlage 13. Voor wat betreft het bouwniveau c.q. de maaiveldhoogte van het hoogspanningsstation is een zorgvuldige afweging gemaakt tussen het belang van waterveiligheid c.q. klimaatbestendigheid en landschappelijke inpassing, in lijn met het vigerende TenneT-beleid. Deze gebalanceerde afweging heeft geresulteerd in de eerdergenoemde voorziene maaiveldverhoging van 0,25 meter. Hierbij wordt bij een verhoudingsgewijs geringe inspanning een verhoudingsgewijs grote mitigatie van het overstromingsrisico gerealiseerd, zonder daarbij het landschappelijk karakter en het uitzicht op de historische kern van Zierikzee te zeer aan te tasten. Van deze aantasting zou wel sprake zijn bij een substantiële ophoging van het maaiveld. De voorziene maaiveldverhoging is gebaseerd op het TenneT afwegingskader c.q. de beleidsregels ten aanzien van waterveiligheid en het waterveiligheidsonderzoek uitgevoerd door bureau Svašek.
De gehanteerde scenario's in het rapport van Svašek zijn representatief, ook na hernieuwde toetsing naar aanleiding van een reactie op het onderzoek door de Provincie Zeeland en Veiligheidsregio Zeeland. Er kan worden gesteld dat het hoogspanningsstation wordt gebouwd op een locatie waarbij reeds (ruim) vóór 2050 wordt voldaan aan een kans op een dijkdoorbraak van minder dan 1: 10.000, conform de TenneT-waterveiligheidseis voor de realisatie van een nieuw hoogspanningsstation. Eén en ander is gebleken uit informatie over het dijkversterkingsprogramma van waterschap Scheldestromen, waarin ook de versterking van de zeewering ter hoogte van het toekomstige hoogspanningsstation is opgenomen. De voorgenomen ophoging van het maaiveld met een hoogte van 0,25 m kan worden beschouwd als een aanvullende maatregel om voorafgaand aan deze dijkversterking de risico's verder te mitigeren. Het waterschap heeft op 10 juli 2023 een vooroverlegreactie ingediend. Hierin wordt gevraagd om een nadere specificatie van de waterberging en wordt ingegaan op de mogelijke sanering van dammen in het gebied. De waterberging is geborgd in een voorwaardelijke verplichting. De nu beoogde waterretentie is opgenomen in het landschappelijke inpassingsplan. Uit de berekening in dit plan blijkt dat er op basis van de opgave 840 m² oppervlaktewater moet worden gerealiseerd.
In het plan is ruimte opgenomen voor 1.280 m². De sanering van dammen is onderdeel van de verdere concrete uitwerking van de plannen. De daarvoor noodzakelijke vergunningen worden tijdens de verdere uitwerking aangevraagd. Conclusie Uit de watertoets blijkt dat het aspect water de uitvoering van het plan niet in de weg staat.
4.10
Ecologie Kader Wet natuurbescherming Bij de voorbereiding van een ruimtelijk plan dient onderzocht te worden of de Wet natuurbescherming (hierna: Wnb) en het beleid van de provincie ten aanzien van de bescherming van dier- en plantensoorten en de bescherming van het Natuurnetwerk
blad 55 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
Nederland de uitvoering van het plan niet in de weg staan. In elk geval moet aannemelijk zijn dat vergunning of ontheffing van de bij of krachtens deze wet geldende verbodsbepalingen kan worden verkregen voor de activiteiten die met dit bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt. Met de Wnb zijn alle bepalingen met betrekking tot de bescherming van natuurgebieden en dier- en plantensoorten samengebracht in één wet. De Wnb implementeert diverse Europeesrechtelijke regelgeving, zoals de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn in de Nederlandse wetgeving. Gebiedsbescherming De Wnb kent diverse soorten natuurgebieden: Natuurnetwerk Nederland (NNN) en Natura 2000-gebieden. De Minister van Economische Zaken wijst gebieden aan die deel uitmaken van het Europese netwerk van natuurgebieden: Natura 2000. Voor ieder Natura 2000-gebied zijn instandhoudingsdoelstellingen voor de leefgebieden van vogelsoorten (Vogelrichtlijn) en voor de natuurlijke habitats en habitats van soorten (Habitatrichtlijn) opgesteld. De bescherming van deze gebieden heeft externe werking, zodat ook ingrepen die buiten deze gebieden plaatsvinden verstoring kunnen veroorzaken en moeten worden getoetst op het effect van de ingreep op soorten en habitats. Gebieden die deel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland worden aangewezen in de provinciale verordening.
Voor dit soort gebieden geldt het 'nee, tenzij' principe, wat inhoudt dat binnen deze gebieden in beginsel geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mogen plaatsvinden. Soortenbescherming In de Wnb wordt een onderscheid gemaakt tussen soorten die worden beschermd in de Vogelrichtlijn, soorten die worden beschermd in de Habitatrichtlijn en de bescherming van overige soorten. De provincie kan ontheffing verlenen van de verboden voor overige soorten. Toetsing Ten behoeve van de realisatie van het hoogspanningsstation is door Antea Group een natuurtoets Wet natuurbescherming uitgevoerd. De volledige natuurtoets is opgenomen als Bijlage 14 bij de toelichting. De resultaten van de natuurtoets zijn hieronder beschreven. Gebiedsbescherming Natura 2000-gebieden Het plangebied maakt geen onderdeel uit van een Natura 2000-gebied. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied ligt op circa 170 meter afstand van het plangebied voor zover het de kabel betreft, het transformatorstation is gelegen op circa 500 meter, zie ook figuur 4.5. Het betreft het Natura 2000-gebied Oosterschelde. Daarnaast is op circa 5,4 kilometer afstand het Natura 2000-gebied Grevelingen gelegen. De afstand tussen deze Natura 2000-gebieden en het plangebied is dermate groot dat van directe aantasting, zoals verdroging of geluid- en lichtverstoring, geen sprake is.
In dit geval kunnen alleen externe effecten als gevolg van stikstofdepositie van toepassing zijn op het betreffende Natura 2000-gebied. Later in deze paragraaf wordt ingegaan op de effecten van stikstofdepositie.
blad 56 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
Figuur 4.5 Ligging onderzoekgebied ten opzichte van Natura 2000-gebied Oosterschelde (paars) en Grevelingen (groen) Natuurnetwerk Nederland Het plangebied is niet in een Natuurnetwerk Nederland-gebied gelegen. Het dichtstbijzijnde NNN-gebied met natuurbeheertype N12.02 (Kruiden- en faunarijk grasland) ligt op circa 10 meter ten oosten van het plangebied. Van directe aantasting (beslag name van oppervlakte) van de NNN is dan ook geen sprake. Het plangebied ligt binnen de 100 meter zone voor externe werking voor de beoordeling van externe effecten (licht- en geluidsverstoring), die de Provincie Zeeland hanteert. De werkzaamheden binnen de 100 meter betreffen echter het aanleggen van ondergrondse kabels. Het aanleggen van de kabels is tijdelijk, waardoor (significant) negatieve effecten zijn uitgesloten. Er is daarom geen noodzaak voor vervolgstappen of een uitgebreidere toetsing voor wat betreft het NNN.
blad 57 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
Figuur 4.6 Ligging onderzoeksgebied ten opzichte van Natuurnetwerk Nederland Houtopstanden Ten behoeve van het voorliggende plan worden bomen en/of houtopstanden gekapt. De bescherming houtopstanden (Wnb) is derhalve niet aan de orde. Soortenbescherming Van een aantal soorten is de aanwezigheid in het plangebied niet uit te sluiten. Hieronder wordt ingegaan op de in het plangebied aanwezige beschermde soorten. Vleermuizen Binnen het plangebied wordt geen essentieel leefgebied van vleermuizen verwacht door de open onbeschutte omstandigheden. De watergangen binnen het plangebied zijn klein van omvang met een breedte van een meter, zonder enige opgaande vegetatie. Er zijn echter wel lijnvormige elementen en luwten aanwezig rondom het plangebied. Het betreft de watergang met bomenrij/hagen (langs de Straalweg) ten westen van het plangebied. Doordat er in de omgeving weinig alternatieven geschikte foerageergebieden en vliegroutes zijn, is er mogelijk sprake van een essentiële vliegroute. De bomenrij/hagen en watergang gelegen tegen het plangebied worden door het voornemen niet aangetast. Hierbij dient wel te worden opgemerkt dat de vliegroute en het foerageergebied altijd hun functie moet kunnen vervullen.
Wanneer aan de volgende randvoorwaarden wordt voldaan, zijn geen negatieve effecten op deze potentiële vliegroute voor vleermuizen te verwachten: De werkzaamheden worden tussen zonsopkomst en zonsondergang uitgevoerd; Indien werkzaamheden tussen zonsondergang en zonsopkomst worden uitgevoerd, mag geen kunstmatige verlichting worden toegepast die op de watergangen en bomenrij schijnt.
blad 58 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
Indien niet aan deze randvoorwaarden kan worden voldaan, dient voorafgaande aan de werkzaamheden door middel van een nader onderzoek het gebruik van de watergang inzichtelijk te worden gemaakt. Haas Binnen het plangebied is geschikt biotoop aanwezig voor de haas. De haas is beschermd in de provincie Zeeland onder artikel 3.10 van de Wnb. Voor de haas is geen onderzoeksprotocol opgesteld. Daarnaast heeft de haas geen vast leefgebied of territorium, waardoor deze gemakkelijk verplaatst naar een nieuw leefgebied. Aangezien er in de omgeving van het plangebied genoeg alternatief leefgebied bevindt, zal er ook geen essentieel leefgebied verdwijnen. Daarnaast kan het plangebied na afloop van de werkzaamheden weer bewoond worden door hazen. Na overleg met de provincie Zeeland wordt geadviseerd om het nader onderzoek naar de haas in het plangebied op de volgende manier uit te voeren: er dient over meerdere bezoeken gekeken te worden naar het aantal hazen dat aanwezig is binnen het plangebied. Hieruit kan een inschatting worden gemaakt voor hoeveel individuen van hazen het gebied als essentieel leefgebied dient, waarna er mogelijk mitigerende maatregelen moeten worden getroffen. Het advies is om niet te werken in de periode wanneer jonge hazen aanwezig zijn (januari-oktober). Jonge hazen zijn niet zo mobiel als volwassen hazen, waardoor deze niet weg kunnen rennen van werkvoertuigen.
Indien dit niet mogelijk is, wordt geadviseerd om voorafgaand aan de werkzaamheden een onderzoek uit te voeren naar de aanwezigheid van voortplantingslocaties. Het plangebied kan worden vrijgegeven wanneer er geen voortplantingslocaties met jonge hazen aanwezig zijn. Konijn Tijdens het terreinbezoek zijn konijnen waargenomen binnen het plangebied. Het konijn is beschermd in de provincie Zeeland onder artikel 3.10 van de Wnb. Voor het konijn is geen onderzoeksprotocol opgesteld. Het konijn is in tegenstelling tot de haas wel gebonden aan locatie, doordat deze gebruik maakt van burchten. Tijdens het terreinbezoek is gebleken dat de konijnen overdag in de aangelegen groenstrook schuilen. Een klein deel van deze groenstrook wordt aangetast in verband met de aanleg van een aanrijroute. Hierdoor kunnen mogelijk burchten binnen de haagstructuur verloren gaan. Na overleg met de provincie Zeeland wordt geadviseerd om het nader onderzoek naar het konijn in het plangebied op de volgende manier uit te voeren: er dient over meerdere bezoeken gekeken te worden naar het aantal konijnen dat aanwezig is binnen het plangebied. Hieruit kan een inschatting worden gemaakt voor hoeveel individuen van konijn het gebied als essentieel leefgebied dient, waarna er mogelijk mitigerende maatregelen moeten worden getroffen.
Het wordt geadviseerd om bij de realisatie van de aanrijroute de bomenrijen en struwelen hagen te ontzien van de werkzaamheden. Op deze manier gaan er geen burchten van konijnen verloren. Kleine marterachtigen Het plangebied maakt mogelijk onderdeel uit van het leefgebied van de bunzing en wezel. Als de groenstroken, struwelen, boerderij en werkplaats niet worden aangetast met het aanleggen van de rijroute heeft de ontwikkeling geen effect op de schuilplaatsen van kleine marterachtigen, waardoor negatieve effectieve uit te sluiten zijn en er geen nader onderzoek blad 59 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
noodzakelijk is. Rugstreeppad De rugstreeppad is beschermd onder Artikel 3.5 van de Habitatrichtlijn. Het plangebied voldoet aan de biotoopeisen van de rugstreeppad. Er zijn (voortplantings)wateren aanwezig in het plangebied en mogelijkheden om te schuilen. Daarnaast is de rugstreep waargenomen binnen het plangebied. Hierdoor kan de rugstreeppad niet worden uitgesloten uit het plangebied. De rugstreeppad heeft meerdere (zomer)verblijfplaatsen gedurende actieve periode die hij met regelmaat bezoekt. Met name de gronden rondom de boerderijen kunnen dienen als verblijfplaats. Daarnaast kunnen de ondiepe sloten dienen als voortplantingswateren voor de rugstreeppad. Het aantasten van deze terreinen ten gevolge van het plan zal er mogelijk voor zorgen dat het leefgebied van de rugstreeppad verdwijnt. Daarom dient er voorafgaand aan de werkzaamheden nader onderzoek uitgevoerd te worden om inzicht te verkrijgen in het gebruik van het plangebied door de rugstreeppad. Bij het realiseren van de hoogspanningsstations is het mogelijk dat het gebied tijdelijk (bijvoorbeeld voorbelasting met schrale grond) wordt omgevormd tot een ideaal leefgebied voor rugstreeppad. Daarom wordt geadviseerd als de activiteiten niet uitgesteld kunnen worden tot buiten de voortplantingsperiode of overwinteringsperiode, voorafgaand aan de activiteiten het plangebied ontoegankelijk te maken voor rugstreeppadden.
Er kan worden voorkomen dat rugstreeppadden de werklocatie gaan bevolken door het gebied waar de werkzaamheden plaats gaan vinden uit te rasteren. Nader onderzoek haas, konijn, vleermuis en rugstreeppad Er is nader onderzoek uitgevoerd om inzicht te krijgen naar het gebruik van het plangebied voor haas, konijn, vleermuis en rugstreeppad. Dit onderzoek is uitgevoerd door Antea Group en is als bijgevoegd als Bijlage 15. Uit het nader onderzoek blijkt dat voor de realisatie van het plan een ontheffing dient te worden aangevraagd voor het aantasten van essentieel leefgebied van konijnen (burchten) en vleermuizen (vliegroute). Daarnaast dient er tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden rekening gehouden te worden met de zorgplicht (Artikel 3.11 van de Wnb) voor onder andere de egel. Dit betekent dat er wordt gewerkt vanuit één richting zodat verscholen dieren in de sloten en groenstroken kunnen vluchten. Indien vegetatie in de winter wordt verwijderd, dienen bladerhopen gecontroleerd te worden op slapende egels, zodat per ongelijke doding wordt voorkomen. De verwachting is dat deze ontheffing op basis van het van toepassing zijnde provinciale beleid ook verleend zal worden. De Wet natuurbescherming staat de uitvoerbaarheid van het plan niet in de weg. Effectbeoordeling stikstofdepositie Door Antea Group is een stikstofdepositie onderzoek uitgevoerd.
Dit onderzoek is als Bijlage 16 bijgevoegd. Uit de berekening uitgevoerd met AERIUS Calculator versie 2023 blijkt dat, als gevolg van de maatgevende activiteiten in de realisatiefase, de stikstofdepositietoename meer bedraagt dan 0,00 mol N per hectare per jaar. Significante gevolgen voor de habitats in Natura 2000-gebieden zijn daarmee niet op voorhand uitgesloten. Uit de berekening blijkt dat er geen bijdrage is in de gebruiksfase. blad 60 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
Het nieuwe hoogspanningsstation en het kabeltracé richting Halsteren leiden tot een toename in stikstofdepositie van maximaal 0,01 mol N per hectare per jaar op de Natura-2000 gebieden Grevelingen en Oosterschelde. Hiervoor is een voortoets uitgevoerd. Voortoets Door Antea Group is een voortoets uitgevoerd. Dit onderzoek is als Bijlage 17 bijgevoegd. In een voortoets wordt onderzocht of er sprake is van een projectbijdrage ter plekke van een stikstofgevoelig habitattype of stikstofgevoelig leefgebied van een habitat-of vogelsoort dat zich in een (naderend) overbelaste situatie bevindt. Als dat niet het geval is, kan worden geconcludeerd dat een toename van stikstofdepositie niet leidt tot significante gevolgen. Wanneer wel sprake is van een projectbijdrage op (naderend) overbelaste hexagonen wordt met een ecologische analyse en beoordeling bepaald of significante gevolgen kunnen worden uitgesloten. Als dat niet het geval is, dienen vervolgstappen te worden genomen (bijvoorbeeld een Passende beoordeling). Er is in het stifstofdepositieonderzoek geconstateerd dat er sprake is van een projectbijdrage op (naderend) overbelaste hexagonen van habitattypen van Natura 2000-gebieden Grevelingen en Oosterschelde.
Het betreft de habitattypen 'H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks)' en 'H2190B Vochtige duinvalleien (kalkrijk)' binnen het Natura 2000-gebied Grevelingen en H1310A Zilte pionierbegroeiingen (zeekraal)’, ‘H1320 Slijkgrasvelden’, ‘H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks)’ en ‘H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks)’. in Natura 2000-gebied Oosterschelde. De habitattypen H1330B en/of H2190B in het Natura 2000-gebied Grevelingen vormen leefgebied voor de groenknolorchis, bontbekplevier, strandplevier, visdief en tureluur. Het habitattype H1330B in het Natura 2000-gebied Oosterschelde vormt leefgebied voor de bruine kiekendief, bontbekplevier, strandplevier, visdief, scholekster, kievit en tureluur. Het habitattype H1330B in het Natura 2000-gebied Grevelingen kampt met de gevolgen van voortschrijdende ontzilting door de sluiting van de Brouwersdam. Dit proces is niet stikstof-gerelateerd. Zodoende kunnen effecten van de projectbijdrage op dit habitattype worden uitgesloten. De behoudsdoelstelling van H2190B wordt gehaald, het habitattype komt in goed ontwikkelde vorm voor en de kwaliteit van het habitattype neemt toe op locaties waar de KDW wordt overschreden. Stikstofdepositie vormt zodoende geen knelpunt voor dit habitattype, significante effecten kunnen worden uitgesloten.
Aangezien significante effecten van de projectbijdrage op beide habitattypen kunnen worden uitgesloten, kunnen ook effecten op de leefgebiedsfunctie van dit habitattype voor de groenknolorchis, scholekster, bontbekplevier, strandplevier, visdief en tureluur worden uitgesloten. Binnen het Natura 2000-gebied Oosterschelde betreft het de habitattypen ‘H1310A Zilte pionierbegroeiingen (zeekraal)’, ‘H1320 Slijkgrasvelden’, ‘H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks)’ en ‘H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks)’. Voor de habitattypen H1310A, H1320 en H1330A in het Natura 2000-gebied Oosterschelde vormt zandhonger (het proces waarbij het buitendijks areaal kleiner wordt door erosie) een belangrijk knelpunt. De berekende projectbijdrage leidt niet tot een verandering van deze trend. Het habitattype H1330B in het Natura 2000-gebied Oosterschelde kampt met de gevolgen van onvoldoende dynamiek en onvoldoende toevoer van zout water. Deze processen zijn niet stikstof-gerelateerd. Zodoende kunnen effecten van de projectbijdrage op deze habitattypen worden uitgesloten. Aangezien significante effecten van de projectbijdrage op deze habitattypen kunnen worden uitgesloten, kunnen ook effecten op de leefgebiedsfunctie van deze habitattypen voor de bruine kiekendief, bontbekplevier, strandplevier, visdief, scholekster, kievit en tureluur blad 61 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
worden uitgesloten. Uit de Voortoets stikstofdepositie blijkt – in combinatie met de conclusies van de Natuurtoets - dat significante gevolgen op enig Natura 2000-gebied bij voorbaat met zekerheid uitgesloten kunnen worden. Conclusie Uit de natuurtoets blijkt dat ontheffing moet worden aangevraagd voor het aantasten van essentieel leefgebied van konijnen (burchten) en vleermuizen (vliegroute). De verwachting is dat deze ontheffing, op basis van het geldende provinciale beleid verleend zal worden. Uit de stikstofberekening en de daarna uitgevoerde voortoets is gebleken dat dat significante gevolgen op Natura 2000-gebieden uitgesloten kunnen worden.
4.11
Verkeer en parkeren Kader Bij ruimtelijke plannen moet worden aangetoond dat de ontwikkeling geen negatieve gevolgen heeft voor de verkeer- en parkeersituatie ter plaatse. Toetsing Parkeren In het plangebied worden in de toekomstige situatie geen werkplekken gerealiseerd. Wel zullen er regelmatig inspecties plaatsvinden op het terrein. Tijdens deze inspecties wordt er door de inspecteurs geparkeerd op het eigen terrein. Op eigen terrein is voldoende parkeergelegenheid beschikbaar om in deze parkeerbehoefte te voorzien. Verkeersgeneratie en verkeersafwikkeling Het hoogspanningsstation functioneert onbemand. Ten behoeve van controle en onderhoud bezoeken enkele voertuigen het hoogspanningsstation. De verkeersgeneratie neemt nauwelijks toe. Vanaf de bestaande ontsluitingsweg wordt een toegangsweg gerealiseerd. Uitsluitend tijdens inspecties wordt er over de toegangsweg naar het hoogspanningsstation gereden. De bestaande ontsluitingswegen in de omgeving van het plangebied hebben voldoende capaciteit om het aantal verkeersbewegingen te kunnen verwerken. Het plangebied is goed bereikbaar voor het gemotoriseerde verkeer. Negatieve gevolgen voor de verkeersafwikkeling in en in de omgeving van het plangebied zijn op basis van het voorgaande niet te verwachten. Conclusie Het aspect verkeer staat de ontwikkeling daarom niet in de weg.
4.12
Magneetvelden Kader Overal waar stroom doorheen loopt ontstaat een magnetisch veld. Zo ook rond hoogspanningsverbindingen. Er is geen sprake van wettelijke limieten voor blootstelling aan deze magnetische velden, maar er is wel sprake van Europees en nationaal beleid. Ook
blad 62 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
is er uitgebreid wetenschappelijk onderzoek gedaan of er gezondheidseffecten bij mensen te verwachten zijn door blootstelling aan laagfrequente magneetvelden zoals die bij hoogspanningsverbindingen voor komen. Op basis van dit wetenschappelijk onderzoek zijn in internationaal verband blootstellingslimieten aanbevolen voor magneetvelden. Deze houden in dat blootstelling aan een magneetveldsterkte van meer dan 100 microtesla wordt afgeraden. De verzamelde wetenschappelijke gegevens wijzen op het bestaan van een zwakke, maar statistisch significante associatie tussen het voorkomen van leukemie bij kinderen tot 15 jaar en het wonen in de nabijheid van bovengrondse hoogspanningsverbindingen. Ondanks dat er geen aanwijzingen zijn gevonden voor een oorzakelijk verband heeft de Rijksoverheid, op advies van de Gezondheidsraad, in 2005 een beleidsadvies uitgebracht voor bovengrondse hoogspanningsverbindingen waarin wordt geadviseerd zoveel als redelijkerwijs mogelijk te voorkomen dat er nieuwe situaties ontstaan waarbij kinderen langdurig worden blootgesteld aan magnetische velden met een jaargemiddelde veldsterkte van meer dan 0,4 microtesla. Dit komt er op neer dat het advies is om bij nieuwe situaties gevoelige bestemmingen (woningen, scholen, crèches en kinderopvangplaatsen) zo veel als redelijkerwijs mogelijk buiten de magneetveldzone van 0,4 microtesla te plaatsen.
Bovengenoemd beleidsadvies van de rijksoverheid ziet op langdurige blootstelling en is van toepassing op nieuwe situaties en bovengrondse hoogspanningsverbindingen. Voor alle hoogspanningsverbindingen geldt daarnaast te allen tijde de blootstellingslimiet van 100 microtesla conform de aanbeveling van de Europese Unie. Deze waarde wordt ook in Nederland gehanteerd. Op voor publiek toegankelijke plaatsen nabij hoogspanningsinfrastructuur van TenneT wordt deze limiet nergens overschreden. In 2018 heeft de Gezondheidsraad een nieuw advies uitgebracht over mogelijke gezondheidseffecten van magneetvelden. Hierbij geeft de Gezondheidsraad de staatssecretaris van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (voorheen VROM) in overweging om het voorzorgsbeleid rondom bovengrondse hoogspanningslijnen uit te breiden naar ondergrondse elektriciteitskabels en andere bronnen die oorzaak kunnen zijn van langdurige blootstelling aan magnetische velden uit het elektriciteitsnetwerk. op 21 april 2023 heeft de minister van klimaat en energie in afstemming met de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en de staatsecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een brief gestuurd over het voorzorgsbeleid bij elektriciteitsvoorzieningen.
De brief bevat het advies voor gemeenten en netbeheerders hoe om te gaan met de mogelijke gezondheidsrisico’s van magneetvelden van netcomponenten (bovengrondse hoogspanningslijnen, hoogspanningsstations, ondergrondse kabels en transformatorhuisjes). De minister stelt vast dat wonen in de buurt van netcomponenten verantwoord is, aangezien gezonheidsrisico's onzeker en laag zijn. Hierbij is het advies om alleen bij bovengrondse hoogspanningslijnen het bestaande voorzorgsbeleid voort te zetten. Voor overige netcomponenten is het advies om geen specifieke afstanden tot bestemmingen waarin mensen langdurig verblijven te berekenen. De minister is van mening dat het voldoende is om bij deze netcomponenten, in nieuwe situaties proportionele bronmaatregelen te treffen. Bij stations betekent dit dat bronnen zoals transformatoren zo ver mogelijk worden geplaatst van woningen of gebieden waar plannen zijn voor woningen. Toetsing De voorgenomen ontwikkeling voorziet niet in bovengrondse hoogspanningsverbindingen. Er worden bronmaatregelen toegepast en de transformatoren worden zo ver mogelijk van de bestaande woningen af geplaatst. Hiermee wordt voldaan aan het nieuwe voorzorgbeleid. Om ongerustheid bij omwonenden te voorkomen is gevraagd om inzicht te geven in de blad 63 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
ligging van de contour van 0,4 microTesla. TenneT heeft eerder bij diverse hoogspanningsstations onderzoek uitgevoerd naar magneetvelden. Daaruit volgt dat aangenomen mag worden dat de contour van 0,4 microTesla (jaargemiddeld) voor stations binnen 40 meter van het hek rondom het station is gelegen. Bij het te realiseren 150/21/10 kV hoogspanningsstation zijn binnen 40 meter van het hek rondom het station geen objecten gelegen die in het kader van het nieuwe beleidsadvies bij elektriciteitsverbindingen zouden kunnen worden aangemerkt als gevoelige bestemming. Conclusie is dan ook dat wordt voldaan aan de aanbevelingen op Europees en nationaal niveau voor wat betreft magneetvelden. Conclusie Het aspect magneetvelden vormt geen belemmering voor de ontwikkeling.
4.13
Licht en duisternis Kader De algemene doelstelling van de gemeente is om slechts te verlichten wanneer dit echt nodig is. Dit betekent onder meer dat openbare verlichting, terreinverlichting en veldverlichting zo gericht mogelijk worden ingezet. Via de gemeentelijke Module Licht en Duisternis (2009) streeft de gemeente naar het zo goed mogelijk borgen van de duisternis. Toetsing Het uitgangspunt voor voorgenomen ontwikkeling is dat het hoogspanningsstation zo donker mogelijk is. Om veiligheidsredenen is de noodverlichting continu aan. Tijdens onderhoud en inspecties wordt de verlichting handmatig aangezet. Dit is geen permanente verlichting. Hiermee wordt aangesloten bij de algemene doelstelling van de gemeente om slechts te verlichten wanneer dit echt nodig is. Negatieve effecten van lichthinder worden voorkomen. Conclusie Het aspect licht en duisternis vormt geen belemmering voor de ontwikkeling.
4.14
Duurzaamheid Kader Op dit moment zijn er een aantal transities die onder het begrip duurzaamheid vallen. De energietransitie, (het terugbrengen van de CO2 uitstoot door van fossiele energie over te gaan op hernieuwbare en duurzame energie) de ruimtelijke adaptatie voor de klimaatverandering (het aanpassen van de openbare ruimte om de negatieve effecten van de klimaatverandering te verkleinen of zelfs weg te nemen) en de overgang naar kringloopeconomie (gericht op het hoogwaardig hergebruiken van producten en grondstoffen). Alle ruimtelijke ontwikkelingen worden aan deze ontwikkelingen getoetst en indien mogelijk zal op deze ontwikkelingen geanticipeerd moeten worden. Energiebesparing en het gebruik van duurzame energie is een belangrijk thema in het nationale, regionale en gemeentelijk energie en klimaatbeleid. In het bestemmingsplan gaat het er bij het thema energie om dat rekening gehouden wordt met energiebesparing en duurzame energieopwekking bij het ontwikkelen van een plangebied. Daarnaast moet er ook gekeken worden of de ontwikkeling klimaatbestendig is.
blad 64 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
Daarvoor wordt gekeken naar de thema's waterveiligheid, wateroverlast, hitte en droogte. Klimaatverandering heeft ook voor deze thema's gevolgen. Door daar aan de voorkant hierop te anticiperen, kunnen de effecten hiervan worden verminderd. Het wordt steeds belangrijker om het regenwater wat er valt te hergebruiken, omdat de kans op schaarste van zoet water steeds groter wordt in de toekomst. Klimaatverandering zorgt dat er steeds langere perioden van droogte en hitte ontstaan. Door te zorgen voor voldoende opgaande beplanting, wordt voor schaduw gezorgd, maar ook rond de beplanting is door water verdamping uit de plant de lucht koeler. Daarnaast kan beplanting zorgen dat wateroverlast minder wordt, doordat het water opgenomen wordt door de plant, en het water in de bodem opgenomen wordt, waardoor de bodem minder snel uitdroogt. In het kader van een circulaire economie is het belangrijk dat er gebruik wordt gemaakt van duurzame materialen en dat grondstoffen hergebruikt kunnen worden. Toetsing Op Schouwen-Duiveland is het energienet van de regionale netbeheerder vol. Ook nadert een aantal componenten en verbindingen het einde van hun levensduur. De verwachte hoeveelheid duurzaam opgewekte stroom in de regio gaat de transportcapaciteit van het bestaande energienet ruimschoots overtreffen. Er is daarom gevraagd naar extra netwerkcapaciteit.
Op dit moment is er al sprake van congestie. Er kunnen geen grootschalige, duurzame initiatieven meer worden aangesloten. Daarnaast wordt op Schouwen-Duiveland meer energie geproduceerd dan dat er wordt verbruikt. Het voorgenomen hoogspanningsstation en de nieuwe aansluiting op het landelijke zwaardere 150 kV-netwerk, die ervoor zorgt dat al die opgewekte energie afgevoerd kan worden, is dus essentieel. Het hoogspanningsstation wordt gerealiseerd met duurzame materialen. Bij de verdere uitwerking van het ontwerp van het hoogspanningsstation wordt hier zoveel mogelijk rekening mee gehouden. Ten aanzien van het klimaat wordt met de ontwikkeling rekening gehouden met overstromingen en waterberging. Voor het hoogspanningsstation is gekozen voor ophoging waarbij alle vormen van extreme regenval en ook nog doorbraak van het Luitje volledig worden ondervangen. Daarvoor moet het maaiveld met 25-30 cm worden verhoogd. Het te verharden oppervlak wordt zo klein mogelijk gehouden, waar mogelijk met waterdoorlatende verharding, zodat al het regenwater direct kan infiltreren. Het hoogspanningsstation wordt landschappelijk ingepast met opgaande beplanten, wat zorgt voor schaduw en minder wateroverlast. De installaties van het hoogspanningsstation zijn bestand tegen hitte en droogte.
De ontwikkeling draagt bij aan het verduurzamen van de gemeente Schouwen-Duiveland door rekening te houden met duurzaamheidsaspecten als energietransitie, duurzame mobiliteit, circulaire economie en klimaatadaptatie. Conclusie Het aspect duurzaamheid vormt geen belemmering voor de ontwikkeling.
blad 65 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
blad 66 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
Hoofdstuk 5
Juridische planbeschrijving Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) Dit bestemmingsplan is opgezet conform de Wro en Bro. Inherent hieraan is de toepassing van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) 2012. De SVBP bevat standaarden voor de opbouw van de verbeelding en regels van een bestemmingsplan of inpassingsplan, zowel digitaal als analoog. Bestemmingsplannen n zijn hierdoor op vergelijkbare wijze opgebouwd en op eenzelfde manier verbeeld. Verhouding met geldende bestemmingsplan Dit bestemmingsplan betreft een zelfstandig bestemmingsplan voor het hoogspanningsstation en kabels en leidingen en herziet deels het geldende bestemmingsplan Buitengebied (vastgesteld 26 maart 2009). De herziening van dat bestemmingsplan (verzamelde wijzigingen regels Buitengebied Schouwen-Duiveland tot en met mei 2022) is niet van toepassing binnen het plangebied. De dubbelbestemming voor de hoogspanningsverbinding en de regionale elektriciteitsverbinding zijn over de enkelbestemmingen, zoals die opgenomen zijn in het geldende bestemmingsplan Buitengebied heengelegd. Die enkelbestemmingen zoals opgenomen in dat bestemmingsplan blijven dan ook ongewijzigd en van toepassing. Dit is geregeld in Artikel 13 Overige regels. Planregels, planverbeelding en plantoelichting Het bestemmingsplan bestaat uit planregels, planverbeelding en plantoelichting.
De planregels en de planverbeelding vormen tezamen het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan. De plantoelichting heeft geen bindende werking en maakt juridisch gezien ook geen onderdeel uit van het bestemmingsplan, maar bevat de onderbouwing van de ontwikkeling en biedt hulp bij de uitleg van bestemmingen en regels. In de volgende paragraaf worden de in dit bestemmingsplan opgenomen planregels nader toegelicht.
5.1
Planregels De planregels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Hoofdstuk 2 geeft de planregels behorende bij de in het plangebied voorkomende bestemmingen. Hoofdstuk 3 bevat de algemene, voor het gehele plangebied geldende, regels en hoofdstuk 4 bevat de overgangsregels en slotregel. In deze paragraaf worden alle planregels kort toegelicht. Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen In dit artikel worden alle noodzakelijke begripsomschrijvingen weergegeven. De interpretatie van begrippen zijn vastgelegd, waardoor de duidelijkheid wordt vergroot. Artikel 2 Wijze van meten Dit artikel geeft aan op welke wijze bepaalde maten in dit bestemmingsplan moeten worden berekend.
blad 67 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 Bedrijf - Nutsvoorziening Deze bestemming maakt de oprichting en het gebruik van een nieuw hoogspanningsstation mogelijk. Voorzieningen behorende bij het station zijn ook toegestaan, zoals netaansluitingen, kabels en leidingen. Ondergeschikte voorzieningen zoals bijvoorbeeld parkeervoorziening en ontsluitingen zijn ook toegestaan. Bedrijfsgebouwen mogen maximaal 10 m hoog zijn en bouwwerken geen gebouwen zijnde maximaal 15 m. Uitzondering zijn bouwwerken voor afspanportalen en bliksempieken, die mogen 30 m hoog worden en erfafscheidingen maximaal 3 m hoog. Uiterlijk binnen 3 jaar na ingebruikname van het hoogspanningsstation moet het landschapsplan volledig gerealiseerd zijn en in stand gehouden worden. Indien dit niet binnen de gestelde termijn is gerealiseerd, of niet in stand gehouden wordt, dan is er alsnog sprake van strijdig gebruik. Dan kan worden afgedwongen dat het station buiten gebruik wordt gesteld. Het dijklichaam aan de zuidzijde van het station, zoals opgenomen in het landschapsplan moet al zijn aangelegd (en in stand te worden gehouden) voordat het hoogspanningsstation in gebruik genomen wordt. De termijn van drie jaar is gekozen, voor een worst case scenario waarin de gronden niet gelijktijdig kunnen worden verworven en ontwikkeld.
In de voorwaardelijke verplichting is daarom ook bepaald dat binnen 18 maanden na het in eigendom krijgen ven de gronden de landschappelijke inpassing moet zijn gerealiseerd. Daarnaast is een voorwaardelijke verplichting opgenomen voor de realisatie van waterbergingsmaatregelen (die ook onderdeel uitmaken van het landschapsplan). Deze maatregelen moeten ook voor ingebruikname van het hoogspanningsstation zijn gerealiseerd en in stand worden gehouden. Artikel 4 Groen - Landschappelijk Deze bestemming geldt voor de gronden die ten behoeve van de landschappelijke inpassing en kwaliteitsverbetering van het landschap worden ingericht conform een landschapsplan. Binnen deze bestemming is tevens de ontsluiting van het hoogspanningsstation toegestaan. In Groen - Landschappelijk mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, onder de voorwaarden dat gebouwen niet zijn toegestaan en de bouwhoogte van bouwwerken geen gebouwen zijnde maximaal 5 meter bedraagt. Het gaat om bouwwerken geen gebouwen zijnde die nodig zijn voor de invulling van de landschappelijke inpassing. Ten behoeve van de bescherming en instandhouding van de landschappelijke inpassing is een aanlegvergunningenstelsel opgenomen. Artikel 5 Verkeer Binnen het plangebied is een (ontsluitings)weg aanwezig. Gronden binnen deze bestemming zijn dan ook aangewezen voor (primair) verkeersdoeleinden.
Gebouwen mogen, met uitzondering van nutsvoorzieningen, niet worden gebouwd. Artikel 6 Water De gronden met deze bestemming zijn bestemd voor water, waterberging en waterhuishoudkundige voorzieningen. Binnen het plangebied is een watergang aanwezig en blad 68 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
heeft dan ook deze bestemming gekregen. Het is enkel toegestaan om bouwwerken geen gebouwen zijnde binnen en ten behoeve van deze bestemming te bouwen. Artikel 7 Leiding - Hoogspanning Deze dubbelbestemming is enerzijds nodig om de ondergrondse hoogspanningsverbinding(en) aan te kunnen leggen en anderzijds om deze, na aanleg, te beschermen (beschermingszone). Om dit laatste doel te bewerkstelligen zijn bouwregels en regels voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden anders dan bouwwerkzaamheden opgenomen in de bestemmingen om te voorkomen dat de hoogspanningsverbinding door werkzaamheden wordt beschadigd. Artikel 8 Leiding - Leidingstrook Deze dubbelbestemming is enerzijds nodig om de ondergrondse regionale elektriciteitsverbindingen aan te kunnen leggen en anderzijds om deze, na aanleg, te beschermen (beschermingszone). Om dit laatste doel te bewerkstelligen zijn bouwregels en regels voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden anders dan bouwwerkzaamheden opgenomen in de bestemmingen om te voorkomen dat de regionale elektriciteitsverbinding door werkzaamheden wordt beschadigd. Artikel 9 Waarde - Archeologie 6 De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden.
Bouwwerken geen gebouwen zijnde tot maximaal 2 m bouwhoogte zijn toegestaan. Voor het bouwen van overige bouwwerken ten behoeve van de andere bestemmingen geldt dat als een bouwwerk groter is dan 2.500 m2 met grondwerkzaamheden dieper dan 0,50 cm plaatsvindt geldt dat aangetoond moet worden dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn of dat de waarden in voldoende mate zijn vastgesteld. Voor het uitvoeren van de in dit artikel genoemde werkzaamheden geldt een omgevingsvergunningsplicht. Die vergunning is slechts toelaatbaar als er geen onevenredige afbreuk van de archeologische belangen in het geding zijn. Eventueel kunnen er voorwaarden aan de omgevingsvergunning worden verbonden. Er wordt advies gevraagd aan een archeologisch deskundige. Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 10 Anti-dubbeltelregel In deze regel is vastgelegd dat grond die in aanmerking moest worden genomen bij het verlenen van een omgevingsvergunning, waarvan de uitvoering heeft plaatsgevonden of alsnog kan plaatsvinden, bij de beoordeling van een andere aanvraag om een omgevingsvergunning niet opnieuw in beschouwing mag worden genomen. Artikel 11 Algemene aanduidingsregels Geluidzone - industrie Met deze geluidszone wordt de omgeving beschermd tegen lawaai van het hoogspanningsstation. Daarnaast is dit hoogspanningsstation volgens de Wet geluidhinder aangemerkt als een zoneringsplichtige inrichting.
In de regels is bepaald dat binnen deze geluidzone geen geluidgevoelige gebouwen gebouwd mogen worden of gronden of bestaande blad 69 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
gebouwen mogen worden omgezet naar geluidgevoelige functies. Het bevoegd gezag kan hiervan onder voorwaarden afwijken. Artikel 12 Algemene afwijkingsregels In dit artikel is de mogelijkheid voor het bevoegd gezag opgenomen om onder voorwaarden af te wijken van het plan. Artikel 13 Overige regels In de overige regels is de verhouding geregeld met de onderliggende bestemmingsplannen waarin aanpassingen worden gedaan in verband met de dubbelbestemmingen Leiding Hoogspanning en Leiding - Leidingstrook. De onderliggende bestemmingen, zoals opgenomen in de onderliggende bestemmingsplannen blijven van toepassing. Maar op het moment dat de regels behorende bij de genoemde dubbelbestemmingen aanleiding geven tot een andere uitleg dan in de regels van de desbetreffende onderliggende bestemmingsplannen is opgenomen, dan gaan de regels van de genoemde dubbelbestemmingen in dit bestemmingsplan voor. Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 14 Overgangsrecht In het overgangsrecht is een regeling opgenomen voor bebouwing en gebruik dat al bestond bij het opstellen van het plan, maar dat strijdig is met de opgenomen regeling. Onder bepaalde voorwaarden mag deze strijdige bebouwing en/of strijdig gebruik worden voortgezet of gewijzigd. Artikel 15 Slotregel In de slotregel is de officiële naam van het plan bepaald. Onder deze naam kan het bestemmingsplan worden aangehaald.
blad 70 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
Hoofdstuk 6
6.1
Uitvoerbaarheid
Economische uitvoerbaarheid De kosten van de aanleg en instandhouding van de voorgenomen ontwikkeling en het risico, komen voor rekening van initiatiefnemers TenneT en Stedin. De gemeente Schouwen-Duiveland heeft voor de tervisielegging van dit bestemmingsplan overeenstemming bereikt met de initiatiefnemer over de te verhalen kosten. Het plan is economisch uitvoerbaar.
6.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
6.2.1
Participatie Tijdens het proces van totstandkoming van de locatiekeuze zijn omwonenden betrokken. Dit proces is beschreven in paragraaf 2.1.
6.2.2
Vooroverleg Het concept van het ontwerpbestemmingsplan is in het kader van het overleg op grond van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening voorgelegd aan diverse instanties. Twee instanties hebben hierop gereageerd. Hieronder volgt een samenvatting van de reacties van Provincie Zeeland en Veiligheidsregio Zeeland. Provincie Op 21 augustus 2023 heeft provincie Zeeland een aanvullende reactie gegeven. De reactie van de provincie is bijgevoegd als Bijlage 18. De provincie geeft aan dat onvoldoende wordt ingegaan op de risico's van klimaatverandering en maatregelen voor klimaatbestendigheid. Bij de locatiekeuze zijn maatregelen tegen klimaateffecten afgewogen. Daarbij ging het vooral om het beperken van de gevolgen van wateroverlast en overstromingen. Op de volgende punten vraagt de provincie om een verdere onderbouwing van de maatregelen: Bij het afwegen van overstromingsrisico's is deels van verkeerd geselecteerde overstromingsscenario's en daarmee waterdieptes uitgegaan. Provincie Zeeland adviseert uit te gaan van overstromingsscenario's in de Zuidernieuwlaandpolder. De keuze voor de aanleghoogte van de apparatuur van het hoogspanningsstation dient verder onderbouwd te worden. Welke afweging is er gemaakt om te kiezen voor een minimale ophoging tot -0,65 m + NAP? Provincie mist de afweging en eventuele maatregelen voor de klimaataspecten hitte en droogte.
Deze reactie heeft geleid tot aanpassingen in de Watertoets in paragraaf 4.9. Veiligheidsregio Op 22 september 2022 heeft Veiligheidsregio Zeeland een reactie gegeven. Dit advies had betrekking op externe veiligheid, bluswatervoorziening, bereikbaarheid en klimaatrisico's. Dit advies is verwerkt in paragraaf 4.7. Op 21 augustus heeft de Veiligheidsregio een aanvullende reactie gegeven. Deze reactie is bijgevoegd als Bijlage 19. De Veiligheidsregio heeft aangegeven dat een onderbouwde veiligheidsafweging van klimaatrisico's conform de landelijke "maatlat Groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving" ontbreekt. Naar aanleiding van deze reactie is een onderbouwing toegevoegd in
blad 71 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.
ontwerp bestemmingsplan Hoogspanningsstation Zierikzee + herziening buitengebied (kabeltracés)
Gemeente Schouwen-Duiveland Projectnummer 0476754.111
paragraaf 4.9 . Waterschap Op 10 juli 2023 heeft het waterschap Scheldestromen haar reactie gegeven. de reactie is bijgevoegd als Bijlage 20. De reactie heeft betrekking op de waterberging en de technische uitwerking van de plannen. Hier wordt nader op ingegaan in paragraaf 4.9, maar de reactie leidt niet tot een aanpassing van het ontwerpbestemmingsplan.
6.2.3
Zienswijzen Overeenkomstig de wettelijke vereisten wordt het ontwerpbestemmingsplan met de daarbij behorende stukken zes weken ter inzage gelegd. Gedurende deze termijn wordt eenieder de mogelijkheid geboden zienswijzen over dit ontwerpbestemmingsplan in te dienen bij de gemeenteraad.
blad 72 van 72
Ruimte - Antea Nederland B.V.