CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

2023 259 Bijlage 2 Aanvraag Aquatuur export E-loket

Gemeenteraad 28 september 2023, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: Ingekomen stukken10.922 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Aquatuur - Aanvraag ingediend Status export: Aanvraag

info

Helptekst...

Datum export: 24/11/2022

Algemene projectgegevens PROJECTNAAM

STATUS

PV

STARTDATUM

Aquatuur

Aanvraag ingediend

Vlaamse Instelling vo 01/03/2023

EINDDATUM 28/02/2026

Probleemstelling / Opportuniteit De laatste vijf jaren worden wij wereldwijd steeds sterker geconfronteerd met de gevolgen van klimaatverandering. De temperatuurstijging ten gevolge van klimaatverandering zorgt voor frequentere en extremere weersomstandigheden die direct en indirect een invloed hebben op onze biosfeer en meer in het bijzonder op ons watersysteem. Daarenboven is er een toegenomen spanningsveld tussen de noden van de samenleving en de veerkracht van het watersysteem resulterend in problemen van waterkwaliteit, wateroverlast en schaarste. Dit spanningsveld zal zich nog doorzetten als gevolg van de voorspelde demografische evoluties, de bijhorende impact op grondstoffen en ruimte, evoluties in het klimaat en de urbanisatie. Ook binnen de Scheldemondregio komt dit spanningsveld steeds nadrukkelijker tot uiting. Zo zorgt de combinatie van klimaatverandering en verharding ervoor dat het tijdsverschil tussen de beschikbaarheid van water en het gebruik ervan groter wordt, en dus is wateropslag nodig om dit te counteren. Veel waterbronnen hebben daarnaast ook een onvoldoende kwaliteit voor bepaalde toepassingen. Het verhogen van de waterkwaliteit zal ertoe leiden dat de toegang tot water verhoogt en er dus ook een grotere zoetwaterbeschikbaarheid komt binnen de regio.

Er is binnen de regio ook een groeiend bewustzijn dat de oplossingen niet enkel moeten komen vanuit technologische hoek, maar dat ook de niet-technologische aspecten een grote rol spelen. Projecten worden veelal enkel aangepakt vanuit een technologisch oogpunt, een focus op symptoombestrijding zonder voldoende inzicht te hebben op onderliggende belangrijke oorzaken (H2050). Onderliggende oorzaken die te maken hebben met verschillende aspecten: vastgeroeste denkpatronen/opvattingen, heilige huisjes, institutionele regels, afwezigheid van nodige samenwerkingsverbanden, het missen van een dialoog, kennis en verbondenheid tussen stakeholders... Binnen Aquatuur wordt extra aandacht gegeven aan deze niettechnologische aspecten om zo de impact op lange termijn te verhogen en deze ingang te laten vinden op verschillende gebieds- en beleidsniveaus. Op regionaal, provinciaal, nationaal en Europees beleid worden reeds zware inspanningen geleverd om de zoetwaterbeschikbaarheid te verhogen door gemeenschappelijke visies te creëren op verschillende gebieds-

en beleidsniveaus (Visie2050, Blue deal, Zeeuws Deltaplan zoetwater, Euregio Scheldemond, Deltaprogramma...) en in de daaraan gekoppelde financieringsprogramma’s (Interreg, Horizon, Blue deal calls, Deltafonds…). Het gemeenschappelijk doel is het creëren van een robuust watersysteem: een systeem dat voldoende zoetwater beschikbaar heeft op het juiste moment met de juiste kwaliteit en dat daarnaast in staat is om klimaatschokken op te vangen, onze ecosystemen te beschermen en tegelijkertijd de nodige functies en diensten te bieden (Visie2050, 2016). Een doelstelling die binnen Aquatuur ook centraal staat.

Projectdoelstelling ‘Aquatuur’ 'Aqua’ de Latijnse vertaling voor water en ‘tuur’ het laatste deel van het woord natuur staan symbool voor de projectdoelstelling: Het verhogen van de klimaatrobuustheid, door het verhogen van de zoetwaterbeschikbaarheid, op basis van natuurgebaseerde groenblauwe oplossingen (NGBO) in de Scheldemondregio. Technologisch (WP3 en WP4) Enerzijds zal Aquatuur de zoetwaterbeschikbaarheid verhogen door in te zetten op (1) wateropslag en door (2) de kwaliteit van verschillende waterstromen te verhogen waardoor ook de toegang tot meer duurzame waterbronnen verhoogt. Wateropslag wordt in het project op een duurzame natuurgebaseerde groenblauwe manier verhoogd door ook rekening te houden met de geleverde ecosysteemdiensten. Hiertoe wordt ingezet op volgende NGBO’s: kreekruginfiltratie, opslag van water in natuurgebieden en natuur inclusieve zoetwaterbassins. Daarnaast wordt de toegang tot water en ook de zoetwaterbeschikbaarheid verhoogd door verschillende waterstromen op te waarderen (zuiveren tot een betere kwaliteit) door toepassing van NGBO's welke ook bijdragen aan het stimuleren van verschillende ecosysteemdiensten. Verhogen van de repliceerbaarheid van NGBO’s (WP5) Aquatuur beoogt geen kortetermijnvisie en focust niet enkel op het demonsteren van demo’s binnen de projecttermijn.

Aquatuur wil duurzame lange termijn samenwerkingsverbanden opzetten, drempels tot gebruik van NGBO’s verlagen en hefbomen/handvaten aanreiken voor de implementatie van NGBO’s door: 1. Het voeren van dialogen tussen verschillende stakeholders zodoende de niet technologische barrières weg te nemen. De dialoog wordt gevoed door het inzichtelijk maken van verschillende knelpunten, geleerde lessen en door gezamenlijk een waarde model en verdienmodel te creëren. 2. Ontwikkelen van een digitale praktijkgids waarin NGBO’s op verschillende manieren benaderd zullen worden om de drempel tot gebruik te verlagen: ‘Wat is het?’, ‘Hoe werkt het? En ‘Wat kost het nu eigenlijk?’.

Grensoverschrijdende samenwerking De Scheldemondregio is een diverse regio ontstaan uit de wisselwerking tussen de zee, het rivierenlandschap en de mens en die enkele belangrijke overeenkomsten heeft (Grenswerk, 2021). Overeenkomsten die opportuniteiten met zich meebrengen die grensoverschrijdende samenwerking en leerprocessen kunnen voeden om de zoetwaterbeschikbaarheid en de waterrobuustheid van de regio optimaal te gaan verhogen. De overeenkomsten zorgen soms ook voor dezelfde probleemstellingen waarvoor oplossingen beter gezamenlijk aangepakt worden dan één ieder voor zich: één grensoverschrijdende aanpak en oplossing. Aquatuur zal grensoverschrijdend werken rond implementatie van oplossingen, methodologie, evaluatie, data verzameling, monitoring, communicatie, management…

Enkele specifieke voorbeelden van grensoverschrijdende samenwerkingen binnen Aquatuur: • Zowel aan Nederlandse, als aan Vlaamse zijde worden zoetwaterbassins aangelegd om zoetwater te kunnen opslaan. In Nederland komt de roep steeds luider om de zoetwaterbassins te gast te laten zijn in het landschap (focus buiten het zoetwaterbassin) terwijl in Vlaanderen de focus ligt op de ecologische stapstenen die in het zoetwaterbassin gecreëerd worden. Aangereikte oplossingen binnen (Vlaams) en buiten (Nederlands) creëren één gezamenlijke natuur-inclusieve oplossing in functie van ‘de bovengrondse zoetwateropslag’. • De samenwerking in functie van wateruitwisseling tussen natuur en landbouw verloopt vandaag de dag zowel in Nederland als Vlaanderen stroef. In de provincie Zeeland is er reeds een intentie om dit uit te rollen in het natuurgebied de Zwaakse Weel. Nederland kan hier als voorbeeld dienen voor Vlaanderen om natuur en landbouw te laten samen werken. Terwijl er in Vlaanderen misschien gegronde redenen zijn waarom die uitrol er niet komt, waaruit Nederland dan weer leerlessen kan trekken. Een grensoverschrijdende samenwerking kan een gezamenlijke visie en stappenplan tot integratie faciliteren. • De implementatie van Constructed Wetlands (CWs) in WP4 wordt grensoverschrijdend aangepakt.

De universiteiten en kennisinstellingen (VITO (België), HZ University of Applied Sciences (Nederland) en Universiteit Gent (België)) aan beide landsgrenzen werken telkens samen en bundelen zo hun kennis inzake CW’s. UGent heeft expertise in ontwerp van CWs, onderzoeksaanpak en data-analyse. HZ heeft veel ervaring met het opvolgen en monitoren van watertechnologische oplossingen en natuurlijke zuiveringen. VITO heeft expertise in het opzetten van demo’s en de praktische samenwerkingsvormen die daarmee gepaard gaan. VITO heeft alsook een brede expertise in circulaire, natuurgebaseerde en digitale technologieën. • ….

Partnerschap Het consortium is vertegenwoordigd vanuit een brede maatschappelijk context en behelst een groot deel van de waardeketen van water over verschillende sectoren heen: kenniscentra, universiteiten, landbouw, lokale overheden, provinciale overheden en administraties. Om het projectbeheer werkbaar te houden is er een kerngroep die het project zal sturen: VITO, HZ University of Applied Sciences, UGent, Provincie Zeeland en Inagro. De lead in het project wordt genomen door VITO. Naast de kerngroep maken volgende partners deel uit van het partnerschap: Vlaamse Milieumaatschappij, Vlaamse Landmaatschappij, Gemeente NoordBeveland en Gemeente Schouwen-Duiveland. Er zijn geen partners aanwezig vanuit industriesector of natuur. Het consortium is hier niet blind voor aangezien verschillende activiteiten en outpus invulling geven aan de noden van deze sectoren, alsook wordt interactie via verschillende communicatietools opgezet met deze sectoren. Vlakwa empowered by VITO (lead-partner/ WP1 en WP2-leider): Vlakwa (Vlaams Kenniscentrum Water) is een onafhankelijke afdeling binnen VITO (Vlaams Instituut voor Technologisch Onderzoek).

Vlakwa is een intermediaire organisatie die actief projecten initieert, coördineert en faciliteert binnen het integrale watersysteem door een geïntegreerde aanpak met maximale grensoverschrijdende en internationale connectie, kennisopbouw, wederzijdse samenwerking en uitwisseling van kennis en ervaringen. Ervaring Vlakwa in internationale projecten: FRESH4Cs, F2AGRI, NEREUS, I-QUA, Water Test Network, NuReDrain.... Vlakwa wordt doorheen de propsoal als VITO benoemd. VITO is een Vlaamse onderzoeks -en technologieorganisatie (RTO) met als centrale missie de transitie naar een duurzame wereld te versnellen. Een van de missies is het oplossen van onze economische en maatschappelijke wateruitdagingen. Onder de koepel van de WaterKlimateHub ontwikkelt VITO’s interdisciplinaire waterteam oplossingen om de transitie “from risk to resilience” te versterken met behulp van circulaire, natuurgebaseerde en digitale technologieën. VITO is de drijvende kracht achter proces- en businessmodelinnovatie om holistische oplossingen voor klimaatadaptatie te demonstreren en te implementeren. VITO heeft een zeer sterke en brede ervaring in internationale projecten. VITOWaterKlimateHub is betrokken bij activiteit 4.1.

Provincie Zeeland (WP3-leider): De provincie wil zich actief inzetten om de zoetwaterbeschikbaarheid te verbeteren en neemt daarom deel aan het project Aquatuur. Ook wil de provincie invulling geven aan de opgestelde strategie in het Zeeuws Deltaplan Zoet Water. De provincie Zeeland heeft ruime ervaring in internationale projecten zoals: FRAMES, Grenspark Groot-Saefthinghe... HZ University of Applied Sciences (WP4-leider): HZ is een regionaal Nederlands kennis- en onderwijsinstituut met een grote focus op samenwerking in een regionale en grensoverschrijdende context. HZ richt zich onder meer op uitdagingen van kust- en delta watersystemen, die niet alleen technisch van aard zijn maar ook sociaal, bestuurlijk en economisch. Watertechnologisch onderzoek richt zich op waterkwaliteit, waterbeschikbaarheid voor industrie, landbouw en natuur en water(her)gebruiksefficiëntie. Ervaring HZ in internationale projecten: FRESH4Cs, IMPROVED, NEREUS, SARCC, Polder2Cs en FRAMES. Inagro (WP5-leider): Inagro vzw is sinds 1956 het aanspreekpunt voor de West-Vlaamse land- en tuinbouwsector. Inagro heeft als doel om via wetenschappelijk onderbouwd praktijkgericht onderzoek kennis over te dragen aan de belanghebbenden in de agrarische sector. Omwille van het belang van het thema water voor de sector, wordt sinds 2005 ingezet op een integrale benadering van dit thema.

Zowel waterbeschikbaarheid als waterkwaliteit en waterbehandeling staan hierbij centraal. Samenwerking met andere spelers is hierbij essentieel. Ervaring Inagro in internationale projecten: F2AGRI, NuReDrain, Lyse en TripleC. Universiteit Gent (UGent): UGent Labo voor Industriële Water en Ecotechnologie (LIWET) doet reeds meer dan 20 jaar onderzoek naar natuurgebaseerde oplossingen zoals constructed wetlands voor de duurzame recuperatie van water en nutriënten. Onderzoek focust op optimale dimensionering en bedrijfsvoering, intensificatie, en mogelijkheden tot inpassing in hergebruikschema’s. LIWET heeft een ijzersterke ervaring in nationaal (o.a. Vlaanderen Circulair) en internationaal (o.a. Interreg EnAlgae & I-QUA) vertaalonderzoek, waarbij interessante concepten op piloot- of full-scale gedemonstreerd worden. Vlaamse Landmaatschappij (VLM): Voor de VLM zijn een veerkrachtige open ruimte vol leven en een dynamisch platteland het antwoord op uitdagingen als de verstedelijking, de klimaatverandering en de achteruitgang van de biodiversiteit. VLM versterkt de open ruimte en het platteland door o.a. te investeren in bodem- en waterkwaliteit, biodiversiteit en sociale cohesie. VLM heeft heel wat acties lopen inzake klimaatrobuustheid (binnen de Blue Deal, binnen de Vlaamse programmawerking rond droogte en waterschaarste) en is ook internationaal actief (o.a.

Interreg TEC!, Fresh4Cs, Co-Adapt en H2020 Coastal). Vlaamse Milieumaatschapij (VMM): Het is de missie van de VMM om voor de huidige en toekomstige generaties in Vlaanderen proper, aantrekkelijk en voldoende water te waarborgen, en de klimaatadaptatie mee te sturen. Samen met partners en belanghebbenden gaan we ervoor om resultaten te behalen op het terrein en in het beleid en om snel in te spelen op de veranderende maatschappelijke noden. VMM coördineert het integraal waterbeleid in Vlaanderen en neemt een rol op in de verschillende stappen van het beleidsproces (meten, plannen, actie nemen, evalueren). Ervaring VMM in internationale projecten: IMPAKT!, TOPSOIL, SCAPE en NARMENA. Gemeente Schouwen-Duiveland (GSD): GSD is trekker van het living lab Schouwen-Duiveland (www.livinglabschouwen-duiveland.nl) dat sinds 2018 actief is op het gebied van innovaties met betrekking tot zoetwaterbeschikbaarheid in het landelijk gebied. In de samenwerking van het living lab werken we aan complexe uitdagingen die te maken hebben met het veranderende klimaat en de toenemende verzilting van onze landbouwgronden. Ervaring GSD in internationale project: Star2CS. Gemeente Noord-Beveland: Noord-Beveland is een eiland in de provincie Zeeland en heeft geen externe aanvoer van zoet water. Het zoet water wat beschikbaar is, is enkel neerslag.

Om het eiland meer klimaat robuust te maken voor de toekomst wordt gekeken hoe het zoete regenwater bovengronds op een verantwoorde manier kan worden opgeslagen. Leerlessen worden door Noord-Beveland gecapteerd uit het living lab van GSD, alsook wordt nauw samengewerkt het Waterschap Scheldestromen. Ervaring NoordBeveland in internationale projecten: 120 km Noorzeekust en Build With CaRe.

Programmalink Doelstelling B4 Bevorderen van de aanpassing aan de klimaatverandering en van rampenrisicopreventie en –bestendigheid RCO02: Bedrijven ondersteund door subsidies (Aantal) Streefwaarde: 0

RCO10: Bedrijven die samenwerken met onderzoeksorganisaties (Aantal) Streefwaarde: 0

RCO116: Gezamenlijk ontwikkelde oplossingen (Aantal) Streefwaarde: 6

RCO26: Groene infrastructuur aangelegd of verbeterd met het oog op klimaatadaptatie (Hectare) Streefwaarde: 21

RCO84: Gemeenschappelijk ontwikkelde en in het project uitgevoerde proefactiviteiten (Aantal) RCR104: Oplossingen ondernomen of opgeschaald door organisaties (Aantal) Streefwaarde: 6 Uitgangswaarde: 0

Oproep Oproep 1

Partners Vlaamse Instelling voor Technologisch

Gemeente Noord-Beveland - Andere

Onderzoek (VITO) - NV

Voorstraat 31

Boeretang 200

4493CE Noord-Beveland

2400 Mol

Nederland

België

www.noord-beveland.nl

www.vlakwa.be

EFRO: Ja

EFRO: Ja

Publiek

Publiek

Gemeente Schouwen-Duiveland -

HZ University of Applied Sciences -

Andere

Stichting

Laan van Sint Hilaire 2

Edisonweg 4

4301SH Schouwen-Duiveland

4382NW Vlissingen

Nederland

Nederland

www.schouwen-duiveland.nl

https://hz.nl/

EFRO: Ja

EFRO: Ja

Publiek

Publiek

Inagro - VZW

Provincie Zeeland - Andere

Ieperseweg 87

Abdij 6

8800 Roeselare

4331BK Middelburg

België

Nederland

www.inagro.be

https://www.zeeland.nl/

EFRO: Ja

EFRO: Ja

Publiek

Publiek

Universiteit Gent - Andere

Vlaamse Landmaatschappij - NV

Sint-Pietersnieuwstraat 25

Koning Albert II-Laan 15

9000 Gent

1210 Sint-Joost-ten-Node

België

België

www.ugent.be

www.vlm.be

EFRO: Ja

EFRO: Ja

Publiek

Publiek

Vlaamse Milieumaatschappij - Andere Dokter De Moorstraat 24-26 9300 Aalst België www.vmm.be EFRO: Ja Publiek

Werkpakketten

1 - Projectmanagement Activiteiten

1.1 - Inhoudelijke projectstructuur Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 23:59 Omschrijving: Het consortium van Aquatuur bestaat uit 9 partners. VITO stelt een projectcoördinator aan die zowel de inhoudelijke, financiële, administratieve voortgang bewaakt, verantwoordelijk is voor de communicatieflow binnen het consortium en zorgt voor contact met en rapportage aan Interreg. Het partnerschap heeft bewust gekozen een kerngroep op te richten om de beslissings-efficiëntie te verhogen en de administratieve last voor de partners buiten de kerngroep te verlagen. De kerngroep bestaat uit 5 partners: VITO, Inagro, Universiteit Gent, Provincie Zeeland en HZ University of Applied Sciences. Daarnaast behoren volgende partners tot het partnerschap: gemeente Schouwen-Duiveland, Gemeente Noord-Beveland, Vlaamse Landmaatschappij (VLM) en Vlaamse Milieumaatschappij (VMM). De kerngroep zal minstens 6-maandelijks samen komen, afgestemd op de behoefte van het project en de partners. Naast deze kerngroepvergaderingen zullen er ook 6-maandelijkse vergaderingen van het volledige partnerschap worden georganiseerd; zo zal de kerngroep dus (minstens) om de drie maanden contact hebben met elkaar.

Tijdens de kerngroepvergaderingen zal er zowel een focus zijn op de inhoudelijke voortgang van de diverse werkpakketten, financiële zaken en ook op de administratieve verplichtingen (bvb naar Interreg of qua aanbestedingen). De kerngroep zal telkens worden voorgezeten door projectcoördinator VITO die de uitvoering van het project zal overzien en die op geregelde tijdstippen zal evalueren, en indien nodig zal bijsturen. Bijéénkomsten van het volledige partnerschap zullen aangevuld worden met bezoeken aan cases en/of toelichtingen over lopende onderzoeken. Het project is opgedeeld in 5 werkpakketten, de verantwoordelijkheid van ieder werkpakket wordt gedragen door een werkpakketleider (WP-leider). De WP-leider zorgt voor tijdige rapportage naar de projectcoördinator over eventuele problemen met de voortgang en eventuele nieuwe risico’s voor het uitvoeren van het project. De WP-leider zorgt ook voor de nodige voortgangsrapportage naar de projectleider om te gebruiken bij de rapportage naar Interreg. Het project heeft volgende WP’s en WPleiders: • WP1 'Projectmanagement': VITO • WP2 'Communicatie': VITO • WP3 'Wateropslag adv natuurgebaseerde groenblauwe oplossingen (NGBO's)': Provincie Zeeland.

• WP4 'Zuivering en opwaardering van waterstromen adv NGBO's': HZ University of Applied Sciences • WP5: 'Verhogen van de repliceerbaarheid van NGBO's: Inagro Binnen de WPs wordt telkens een verantwoordelijke aangeduid per activiteit. De respectievelijke verantwoordelijken staan aangeduid in iedere activiteit.

1.2 - Rapportering

Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 23:59 Omschrijving: Het project zal halfjaarlijks een inhoudelijk voortgangsrapport indienen. De financiële rapportering kan doorlopend plaatsvinden

Risico's / Partners & budget

Gemeente Noord-Beveland Budget: € 0

Gemeente Schouwen-Duiveland Budget: € 22567.01

HZ University of Applied Sciences Budget: € 41706

Inagro Budget: € 22193.25

Provincie Zeeland Budget: € 23006.17

Universiteit Gent Budget: € 27019.17

Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) Budget: € 218444.59

Vlaamse Landmaatschappij Budget: € 14700

Vlaamse Milieumaatschappij Budget: € 12300

Continuïteit /

2 - Communicatie Visie Het werkpakket communicatie ondersteunt Aquatuur om zijn doelstellingen te bereiken door te informeren, sensibiliseren en engageren. Het hoofddoel van de communicatie en disseminatie is om bredere implementatie van NGBO’s te stimuleren en faciliteren. Via verschillende tools en kanalen brengt het Aquatuur-consortium de gecapteerde leerlessen naar doelgroepen die zelf ook initiatief kunnen nemen tot replicatie zoals landbouwers, industrie, studiebureaus, (natuur)organisaties, en administraties. Ook wordt binnen Aquatuur zo veel als mogelijk aandacht besteed aan het bereiken en informeren van de burgers. Aquatuur gaat hiervoor verder dan de verplichte communicatieactiviteiten zoals projectwebsite, programmalogo, communicatie via website en sociale media van projectpartners, A3-affiche en permanente plaat vanuit Interreg.

Daarnaast zet Aquatuur in op volgende communicatieactiviteiten: • Minstens 1 event/workshop per investering voor stakeholders; • Voor activiteiten zonder investering, wordt de activiteit gecommuniceerd via en gekoppeld aan minstens één bestaand event (dissiminatieactiviteit); • Roll-up banner in communicatiehuisstijl voor events gekoppeld aan activiteiten binnen WP3 en WP4; • Presentatietemplate/slidedeck in de communicatiehuisstijl van het project, met up-to-date fotomateriaal van de investeringen; • Digitale praktijkgids, gekoppeld aan projectwebsite; • Explainervideo voor iedere activiteit binnen WP3 en WP4; Al deze communicatietools worden maximaal geïntegreerd in de communicatie van elke projectpartner via onder meer sociale media, nieuwsbrieven, presentaties en events. Door aan bestaande netwerken aan te knopen in plaats van volledig nieuwe kanalen op te starten voor het project, kunnen we maximale impact en synergie realiseren. Ervaring in voorgaande projecten leert dat deze extra stappen hefbomen creëren voor de gedemonstreerde oplossingen: ze worden beter begrepen, opgepikt, en verder geïmplementeerd. Eveneens werd getracht burgerparticipatie zoveel als mogelijk te integreren in het project. Echter bleek dit geen éénvoudige oefening te zijn. Niet alle cases lenen zich er bijvoorbeeld toe om citizen science te doen.

Wel wordt gefocust op informeren van burgers, bijvoorbeeld door de permanente plakkaten bij de investeringen, uitnodiging bij workshops (indien relevant), betrokkenheid bij stakeholderoverleg van activiteit 4.3 (Kraenepoel Aalter), via sociale media van de partners, via nieuwsbrieven...

Dit WP wordt geleid door lead partner VITO, met ondersteuning van alle partners.

Activiteiten

2.1 - PR verplichtingen Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 23:59 Omschrijving: Invulling geven aan de PR- en communicatieverplichtingen voor begunstigden conform het programmareglement

2.2 - Activiteit 2.2: Communicatieverplichtingen project breed Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 00:00 Omschrijving: Om de oplossingen die gedemonstreerd worden breder bekend te maken, en zo de replicatie kansen te verhogen, worden er projectbreed bijkomende communicatie-acties ondernomen: dissiminatieactiviteiten voor niet-investeringen, explainervideo + banner in communicatiehuisstijl voor iedere activiteit binnen WP3 en WP4 en er wordt een algemene projectvideo ontwikkeld. Er wordt telkens gemikt op een breed publiek van relevante actoren zoals landbouwers, industrie, studiebureaus, (natuur)organisaties, en administraties. Eveneens werd getracht burgerparticipatie zoveel als mogelijk te integreren in het project. Echter bleek dit geen éénvoudige oefening te zijn. Burgers zullen zo veel als mogelijk geïnformeerd worden, bijvoorbeeld het plaatsen van permanente plakkaten om extra duiding te geven, hen uit te nodigen bij workshops (indien relevant) en het stakeholderoverleg van activiteit 4.3 (Kraenepoel Aalter), het informeren via sociale media van de partners en via nieuwsbrieven... Outputoverzicht Naam

Streefwaarde

Type

Output 2.2.1: Dissiminatieactiviteit voor niet-investeringen

3

Gewone output

Output 2.2.2: Explainervideo voor iedere activiteit binnen WP

7

Gewone output

Output 2.2.3: Banners in communicatiehuisstijl voor iedere a

7

Gewone output

Output 2.2.4: algemene projectvideo

1

Gewone output

2.3 - Activiteit 2.3: Communicatieverplichten van investeringen Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 00:00 Omschrijving:

Om de oplossingen die gedemonstreerd worden in de investeringen breder bekend te maken, en zo de replicatie kansen te verhogen, worden er specifiek rond de investeringen bijkomende communicatie-acties ondernomen: organisatie event/workshop voor alle activiteiten met investeringen binnen WP3 en WP4, schrijven van wetenschappelijke publicaties en het plaatsen van permanente platen bij de investeringen. De communicatieacties mikken telkens op een breed publiek van relevante actoren zoals landbouwers, kennispartners, industrie, studiebureaus, (natuur)organisaties, en administraties/overheden... Outputoverzicht Naam

Streefwaarde

Type

Output 2.3.1: Event/workshop georganiseerd voor stakehold

4

Gewone output

Output 2.3.2: Schrijven van wetenschappelijke publicaties

3

Gewone output

Output 2.3.3: permanent plaat bij investering

4

Gewone output

2.4 - Activiteit 2.4: Start- en slotconferentie Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 00:00 Omschrijving: De startconferentie van het project wordt georganiseerd door UGent en HZ University of Applied Sciences. De startconferentie kadert binnen WETPOL, een internationale conferentie over (constructed) wetlands. Door Aquatuur in te bedden in een bestaand event met een eigen netwerk, boosten we de visibiliteit in een internationale context. De slotconferentie wordt georganiseerd in duo door VITO en de Vlaamse Milieumaatschappij. Outputoverzicht Naam

Streefwaarde

Type

Output 2.4.1: Startconferentie

1

Gewone output

Output 2.4.2: Slotconferentie

1

Gewone output

Risico's / Partners & budget Samenwerking partners: Binnen dit werkpakket zijn alle negen partners uit Aquatuur betrokken, VITO is WP-leider. De WP-leider is

verantwoordelijk voor de inhoudelijke rapportage. Gezien de projectcoördinator en WP-leider beide VITO zijn vormt dit geen probleem naar timing en/of inspanningen. Alle partners verbinden zich er ook toe de nodige bewijslast te verzamelen voor de inhoudelijke rapportage en deze tijdig aan te leveren aan de WP-leider. De partners verbinden zich ertoe de nodige communicatie inspanningen te leveren die door de WP-leider opgelegd worden. Alsook verbinden de partners van de kerngroep (VITO, UGent, HZ University of Applied Sciences en Inagro) zich ertoe de kerngroep meetings bij te wonen en de nodige input te leveren. Voor de meetings met het volledige partnerschap verbinden alle partners er zich toe aanwezig te zijn en de nodige input te leveren.

Gemeente Noord-Beveland Budget: € 16236

Gemeente Schouwen-Duiveland Budget: € 23195

HZ University of Applied Sciences Budget: € 56945

Inagro Budget: € 23863.5

Provincie Zeeland Budget: € 15752.42

Universiteit Gent Budget: € 36210.76

Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) Budget: € 106321.02

Vlaamse Landmaatschappij Budget: € 14700

Vlaamse Milieumaatschappij Budget: € 30750

Continuïteit

/

3 - WP3: Wateropslag aan de hand van natuurgebaseerde groenblauwe oplossingen Doelstelling Het hoofddoel van WP3 is om water bovengronds en ondergronds op te slaan in perioden van neerslagoverschot om vervolgens dat water in te zetten in perioden van neerslagtekorten zodoende wordt de Scheldemondregio meer klimaatrobuust inzake zoetwaterbeschikbaarheid. Binnen Aquatuur demonstreren we wateropslag en definiëren we de verschillende hefbomen die bovengrondse en/of ondergrondse opslag verder kunnen faciliteren. Zulke hefbomen zijn bijvoorbeeld zoetwaterbassins natuurinclusiever te maken, ecologie en biodiversiteit stapstenen binnen en buiten de zoetwaterbassins inzichtelijk te maken en opslag van water in natuur ten behoeve van landbouw te faciliteren. Provincie Zeeland is WP3-leider.

Activiteiten

3.1 - Activiteit 3.1: Ecologische stapstenen buiten het zoetwaterbassin Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 00:00 Omschrijving: Van de afgelopen vijf jaar waren er vier droger dan gemiddeld, wat de interesse in zoetwaterbassins (verder aangeduid als bassins) binnen de agrarische sector heeft versterkt. Bassins kunnen in de winter/najaar worden gevuld met zoet omgevingswater, dat vervolgens beschikbaar is op cruciale momenten gedurende het groeiseizoen. Dat bassins een onderdeel zijn van de oplossing om de zoetwaterbeschikbaarheid in de Scheldemondregio te vergroten is duidelijk. Aan de andere kant heeft een bassin een aanzienlijke negatieve invloed op de landschappelijke kwaliteit, wat het draagvlak in de omgeving doet dalen. Om deze landschappelijke kwaliteit te behouden heeft de Provincie Zeeland een onderzoek laten uitvoeren om bassins landschappelijk in te passen. Het uitgangspunt bij de landschappelijke inpassing is “het bassin te gast laten zijn in het ontvangende landschap’’. Bv. door een flauw talud toe te passen, het talud te voorzien van groen en/of door het te camoufleren met inheemse beplanting. Ook wordt onderzocht welke positieve impact die beplanting kan hebben op de landbouwgewassen en de biodiversiteit in de omgeving. Het partnerschap Aquatuur gaat twee voorbeeld casussen in Noord-Beveland uitwerken en realiseren.

In samenspraak met de agrariërs worden er twee bassins gerealiseerd die als goed voorbeeld moeten dienen en waar kandidaat bouwers zich aan vast kunnen houden, dit maakt dat een publieke bijdrage gerechtvaardigd is. Voor de duidelijkheid: de agrariërs investeren zelf in het bassin, Aquatuur beoogt enkel in de landschappelijk inpassing te voorzien, met een potentiële meerwaarde voor natuur en landbouw. Deze maatregelen zullen het draagvlak onder de omwonende, agrariërs en andere stakeholders sterk doen toenemen.

De resultaten zullen besproken worden met Inagro (activiteit 3.2) zodoende deze te bundelen tot één gemeenschappelijke oplossing. De opgedane ervaring zal voor ieder type van open wateropslag verwerkt worden tot een ‘proof of concept’ dat opgenomen wordt in digitale gids (zie werkpakket 5). Case-eigenaar: Noord-Beveland, ondersteuning wordt geboden door de provincie Zeeland

3.2 - Activiteit 3.2: Ecologische stapstenen binnen het zoetwaterbassin Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 00:00 Omschrijving: In West-Vlaanderen werd en wordt door de landbouwsector geïnvesteerd in zoetwaterbassins (met folie) en grote open putten. Het water dat in deze bassins wordt opgeslagen is regenwater, eventueel aangevuld met ander water zoals oppervlaktewater, run off water of grondwater. Dit water wordt ‘gewonnen’ in periodes van overaanbod aan zoetwater en is productiewater voor het betrokken bedrijf. Deze wateropslag kan door een uitgekiende aanleg ook een belangrijke natuurverbindende stapsteen vormen en de biodiversiteit in de omgeving versterken. Anderzijds kan een minder doordacht aangelegde wateropslag ongewild een ecologische val vormen. De vraag is welke natuurtechnische ingrepen kunnen ingezet worden om de biodiversiteitswaarde te verhogen? Om een verbeterd inzicht te krijgen in het type natuurtechnische ingrepen worden volgende acties gepland: 1. Tweemaal inventarisatie (start en einde projecttermijn) van de biologische waterkwaliteit in en om twee artificiële types wateropslag: 5 foliebassins met en 5 zonder talud. 2. Formuleren van voorstel tot optimalisatie aan de betrokken bedrijfsleiders. 3. Toepassen van natuurtechnische ingrepen op bassins met en zonder talud, 5 in totaal. 4.

Analyse van de temporele dynamiek in chemische waterkwaliteit en waterkwantiteit (alle bassins). 5. Beschrijving van de directe omgeving rond de wateropslag (alle bassins). 6. Bespreking van de resultaten met wetenschappelijke experten. 7. De resultaten zullen besproken worden met de gemeente Noord-Beveland (activiteit 3.1) zodoende deze te bundelen tot één gemeenschappelijke oplossing. De opgedane ervaring zal verwerkt worden tot een ‘proof of concept’ dat opgenomen wordt in de digitale gids (zie WP 5). Deze zal de basis vormen voor de advisering van: 1. Kandidaat-bouwers van nieuwe zoetwateropslag. 2. Wateropslag-eigenaars die de natuurtechnische inrichting wensen te verbeteren. Case-eigenaar: Inagro

3.3 - Activiteit 3.3: Kreekruginfiltratie: praktijkproef Noordgouwe Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 00:00 Omschrijving: Een eerder haalbaarheidsonderzoek toont aan dat de lokale zoetwatervoorraad kan worden aangevuld

door drainwater uit de directe omgeving centraal op een kreekrug te infiltreren. In deze activiteit gaan we de kreekruginfiltratie demonstreren via twee winpercelen en een infiltratieperceel, die direct met elkaar zijn verbonden. Het project is opgehangen aan drie onderzoeksvragen waarin de aannames uit eerder uitgevoerd haalbaarheidsonderzoek zullen worden getoetst t.a.v. de oogstbare neerslag uit de drainages. Hoeveel water kan er daadwerkelijk geoogst worden op de winpercelen? Twee winpercelen met een oppervlak van 12 ha worden voorzien van een peilgestuurd drainagesysteem, waarmee neerslag wordt verzameld die naar het infiltratieperceel van 6 ha groot centraal op de kreekrug wordt geleid. De aanname in het haalbaarheidsonderzoek is dat 60% van de neerslag winbaar is. Dit zal worden getoetst door het verzamelvolume drainwater en de neerslag op de 12 ha te meten. Het volume dat per jaar geïnfiltreerd wordt, is ingeschat op 15.000m³. Leidt infiltratie van het opgevangen drainwater uit de winpercelen tot vernattingsproblemen op het infiltratieperceel? De natuurlijke neerslag op dat perceel wordt aangevuld met het oogstvolume van de winpercelen. Via peilmetingen volgen we het waterpeil in het infiltratieperceel op om te kijken of er geen wateroverlast ontstaat tijdens periodes van intense neerslag.

Vergroot infiltratie de zoetwaterbel van de kreekrug? De cruciale factor ten aanzien van deze vraag is de drainerende werking van een bestaande peilsloot die de kreekrug doorsnijdt en het infiltratieperceel begrenst. De groei van de zoetwaterbel zal worden onderzocht door de dynamiek van het zoet-zoutgrensvlak te volgen in de tijd. Daartoe zullen enkele peilbuizen worden aangelegd voorzien van CTD-sensoren waarmee in de tijd de geleidbaarheid, temperatuur en stijghoogte op verschillende dieptes kunnen gemeten worden. Case-eigenaar: Schouwen-Duiveland, ondersteuning door provincie Zeeland

3.4 - Activiteit 3.4: Natuurgebieden als waterbuffer Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 00:00 Omschrijving: De droogte van de afgelopen jaren treft niet alleen landbouw, maar ook watergebonden natuur- en recreatiegebieden. Extra water vasthouden in periodes van wateroverschot kan het tekort aan water tijdens droogte in de zomer helpen beperken. Het surplus aan water dat opgeslagen wordt in natuur-en recreatiegebieden kan ingezet worden voor de landbouw met als belangrijke voorwaarde dat de natuur hiervan geen schade mag ondervinden. Eerder heeft KWR, in opdracht van de provincie Zeeland, de haalbaarheid onderzocht van het hierboven omschreven concept. Dit onderzoek startte met het opstellen van een toetsingskader, aan de hand hiervan zijn twee quickscans uitgevoerd voor natuurgebieden in Zeeland, waarvan één een positief resultaat had, gevolgd door een praktijkuitvoering. Binnen deze activiteit gaan we de quickscan methodiek uitvoeren op twee gebieden in Vlaanderen (Beverhoutsveld te Beernem en de Moerbeke/Sinaaipolder) en vijf gebieden in Zeeland; Zestig Voet, Vlaamsche Kreek, Vinkenisse Kreek, de Putting en de Autrigepolder. Via de grensoverschrijdende samenwerking bekijken we hoe de Nederlandse methodiek in Vlaanderen kan worden toegepast, en omgekeerd of de huidige terughoudende houding in Vlaanderen kan vertaald worden naar een aanpassing van de methodiek.

Met als einddoel één gemeenschappelijk methodiek te definiëren die verder kan uitgerold worden over andere gebieden. In het verleden blijkt er in mindere mate samenwerking geweest te zijn tussen natuur en landbouw, wat

opportuniteiten met zich meebrengt voor de toekomst. Met het uitrollen van deze quickscan en het toepassen van het toetsingskader kunnen mogelijke nieuwe samenwerkingsverbanden gecreëerd worden. Om de methodiek tot samenwerking tussen verschillende stakeholders te optimaliseren in functie van opschaalbaarheid wordt ondersteuning geboden vanuit activiteit 5.1 aan één natuurgebied ter demonstratie. Case-eigenaars: Provincie Zeeland en VITO met ondersteuning van HZ University of Applied Sciences vanuit activiteit 5.1. Outputoverzicht Naam

Streefwaarde

Type

Output 3.4.1: Rapportage resultaten toetsingskader

7

Gewone output

Output 3.4.2: Grensoverschrijdende workshop-kennisdeling 1

Gewone output

Output 3.4.3: Stappenplan tot implementatie toetsingskade 1

Gewone output

Risico's Activiteit 3.1 • Timing aanleg bassins: de twee bassins worden buiten het project gefinancierd en aangelegd. De activiteiten binnen Aquatuur hangen echter af van het afronden van deze investeringen. Deze investeringen zijn vergunning plichtig. We mitigeren dit risico door met de betrokken investeerders een duidelijke timing af te spreken en door twee bassins te identificeren als back-up. Activiteit 3.1 zelf behoeft geen vergunning. • Om deze activiteit uit te voeren wordt een samenwerkingsovereenkomst met de investeerders (eigenaars bassin) opgesteld waarin alsook de duurzaamheid van de investering wordt vastgelegd. Indien er geen overeenkomst met de investeerders wordt gevonden kan ook hier uitgeweken worden naar de bassins die als back-up worden geïdentificeerd. Activiteit 3.2 • Onvoldoende bassins worden geïnventariseerd: In deze activiteit wordt gewerkt met bestaande zoetwaterbassins. Inagro kan beroep doen op een breed netwerk binnen de sector waardoor het risico op het niet kunnen inventariseren van het aantal vooropgestelde bassins als laag wordt ingeschat. Bijkomend kan er ook ten dele worden uitgeweken naar de zoetwaterbassins die op het eigen proefcentrum van Inagro aanwezig zijn. Activiteit 3.3 • Infiltratievergunning en andere vergunningen bekomen. De contacten met de bevoegde instanties zijn zeer goed.

Provincie Zeeland en gemeenten Schouwen-Duiveland zullen gedurende de vergunningsfase de dialoog met de bevoegde instantie (Waterschap Scheldestromen) blijven houden om de aflevering van vergunningen niet als struikelblok te laten optreden. Waterschap Scheldestromen is lid van de kerngroep binnen Living Lab Schouwen-Duiveland, dus daar vindt ook regelmatig overleg plaats betreffende lopende zaken. • Er is een bepaalde praktische onzekerheid rond het te oogsten volume drainwater en de bergingscapaciteit van de zoetwaterbel (volume infiltratiewater vs volume water te oogsten). Eerder uitgevoerd haalbaarheidsonderzoek mitigeert deze onzekerheid reeds theoretisch. • Investeringen binnen de gestelde termijn uitvoeren. Ook hier zal de Schouwen-Duiveland proactief op inspelen door de dialoog met de betrokken partijen dichtbij te houden. De contacten zijn vandaag de dag zeer goed. Dit risico wordt als minor ingeschat op vandaag.

• Er stappen 3 landbouwers mee in het traject die geen partner zijn. Het risico dat één van de landbouwers uit traject stapt is maximaal gemitigeerd door een lange aanloopfase te doen en de landbouwers financieel mee te laten investeren in het project. De inhoud van het project is afgestemd op de wensen en noden van de landbouwers. Alsook zal de gemeente Schouwen-Duivenland instaan voor de duurzaamheid van de investering. Om deze activiteit uit te voeren wordt een samenwerkingsovereenkomst met de investeerders (eigenaars bassin) opgesteld waarin alsook de duurzaamheid van de investering wordt vastgelegd. Activiteit 3.4 • Niet-participatie stakeholders: om deze activiteit te doen slagen is er afhankelijkheid van participatie van stakeholders. Gezien het groot stakeholdernetwerk en de grote ervaring van het partnerschap wordt dit risico als zeer gering beschouwd.

Partners & budget Samenwerking partners: Binnen dit werkpakket zijn volgende partners betrokken: VITO, Provincie Zeeland, Inagro, Gemeente NoordBeveland, Gemeente Schouwen-Duiveland en VMM. Provincie Zeeland is WP-leider. De WP-leider is verantwoordelijk voor de inhoudelijke rapportage. Alle partners verbinden zich er ook toe de nodige bewijslast te verzamelen voor de inhoudelijke rapportage en deze tijdig aan te leveren aan de WP-leider. De specifieke samenwerkingsvormen per activiteit zijn als volgt: • Activiteit 3.1: Binnen deze activiteit zullen de provincie Zeeland en gemeente Noord-Beveland samenwerken. Provincie Zeeland zal een ondersteunende rol opnemen ten aanzien van de gemeente Noord-Beveland. Deze activiteit zal ook een koppeling aangaan met partner Inagro (activiteit 3.2) om één gemeenschappelijke oplossing te creëren. Provincie Zeeland neemt de lead in het tijdig aanleveren van alle nodige info aan Inagro voor activiteit 5.2 ‘Praktijkgids’. • Activiteit 3.2: Deze activiteit zal een koppeling aangaan met partner Noord-Beveland (activiteit 3.1). Gezien de lead heeft over de praktijkgids vormt input op de praktgijds betreffende activiteit 3.2 geen probleem. • Activiteit 3.3: Binnen deze activiteit zullen de provincie Zeeland en gemeente Schouwen-Duiveland samenwerken.

Provincie Zeeland zal een ondersteunende rol opnemen ten aanzien van de gemeente Schouwen-Duiveland. Alsook zullen partners VITO en VMM waar mogelijk en relevant, expertise aanleveren voor de case via workshop, persoonlijke communicatie... Provincie Zeeland neemt de lead in het tijdig aanleveren van alle nodige info aan Inagro voor activiteit 5.2 ‘Praktijkgids’. • Activiteit 3.4: Binnen deze activiteit zullen VITO en provincie Zeeland nauw samenwerken. Er wordt in totaal 7 natuurgebieden gescreend waarvan 5 in Nederland en 2 in Vlaanderen. Provincie Zeeland neemt de verantwoordelijkheid op voor deze in Nederland, VITO voor diegene in Vlaanderen. Informatie over resultaten wordt op regelmatige basis uitgewisseld tussen VITO en provincie Zeeland. Zij verbinden er zich beide toe om samen een afsluitende overkoepelende worskhop te organiseren waarbij alle natuurgebieden vertegenwoordigd zijn. De input voor de praktijkgids wordt zowel door Provincie Zeeland als VITO aangeleverd waaronder het stappenplan tot implementatie van het toetsingskader in andere natuurgebieden.

Gemeente Noord-Beveland Budget: € 221400

Gemeente Schouwen-Duiveland Budget: € 305742.5

Inagro Budget: € 157660

Provincie Zeeland Budget: € 149773.64

Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) Budget: € 54125

Continuïteit Alle projectresultaten en eindrapporten worden gekoppeld aan de praktijkgids dewelke gekoppelde wordt aan de Aquatuur-Interreg webpagina en ook aan webpagina’s van de partners binnen Aquatuur zodoende de continuïteit en mogelijke replicatie maximaal te garanderen. Continuïteit ligt veelal aan de basisbeginselen, vandaar wordt door kennispartner HZ, de geleerde lessen vanuit Aquatuur geïntegreerd in hun onderwijs curricula. Activiteit 3.1 De duurzaamheid van de bassins wordt geschat op 30 jaar (levensduur van de folie). Voor de instandhouding van de landschappelijke inpassing worden afspraken gemaakt tussen de agrariërs en de gemeente NoordBeveland door middel van een samenwerkingsovereenkomst. Activiteit 3.2 De resultaten van deze inventarisatie zullen o.a. door Inagro verder gebruikt worden • Bij het adviseren van land- en tuinbouwers die willen investeren in de zoetwaterbassins • In contacten met studiebureaus en architecten die land- en tuinbouwers bij staan bij het aanvragen van de nodige vergunningen voor de aanleg van zoetwaterbassins • In contacten met overheden en beleid Activiteit 3.3 Deze activiteit bevat praktische onzekerheden dewelke beschreven zijn in de risico’s. Indien blijkt na projectperiode dat de resultaten van de demo onvoldoende zijn voor de verderzetting (of mogelijke opschaling), worden verder oplossingen gezocht.

Indien geen verdere oplossingen voor handen zijn wordt het na grondige afwegingen het project gestopt. Bij verderzetting van de demo wordt de duurzaamheid van de drains geschat op 25 jaar, mits jaarlijks onderhoud. De infrastructuur kom niet in gevaar door de gevolgen van klimaatverandering. Tussen de gemeente Schouwen-Duiveland en de agrariërs worden afspraken gemaakt voor het instandhouding van de fysieke investering, hier valt het onderhoud ook onder. Activiteit 3.4 Bij positieve resultaten uit de quickscans, wordt aangestuurd om de uitkomsten in praktijk en aldus investeringen te landen. Verschillende gebieden staan hier positief tegenover en starten ook vanuit het perspectief om actief iets in het veld te doen met de resultaten van de quickscan. Alsook wordt ook een stappenplan ontworpen om het toetsingskader eenvoudiger te implementeren en breder te laten uitrollen in Vlaanderen en Nederland.

4 - WP4: Zuivering en opwaardering van waterstromen adv natuurgebaseerde groenblauwe oplossingen Doelstelling Het doel van dit WP is om de zoetwaterbeschikbaarheid in de Scheldemondregio te verhogen,door het creëren van alternatieve waterbronnen (voor de mens en de natuur) door het opwaarderen van oppervlaktewater via constructed wetlands (CW’s). CW’s zijn artificiële plantenvelden waar een samenspel tussen planten, microorganismen en bodem toelaat om diverse polluenten te verwijderen. Vanwege verschillende kwaliteiten bronwater en kwaliteitsvereisten voor eindgebruik, worden ook verschillende types CW’s gedemonstreerd. Dit zal leiden tot een best practice voor opwaarderen van oppervlaktewater met CW’s. CW’s bieden ook bijkomende voordelen zoals het stimuleren van verschillende ecosysteemdiensten die ook geëvalueerd worden. HZ University of Applied Sciences is WP4-leider.

Activiteiten

4.1 - Activiteit 4.1: Creëren van een alternatieve zoetwaterbron door gebruik van Constructed Wetlands Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 00:00 Omschrijving: In deze casus demonstreren HZ, UGent, VITO en de provincie Zeeland hoe CW’s oppervlaktewater kunnen zuiveren tot een alternatieve waterbron voor verschillende sectoren (landbouw, natuur, drinkwaterproductie, industrie...) met verschillende kwaliteitseisen in Vlaanderen en Nederland. De CW’s worden gebouwd op het pompstation Isabellarigool (Oost-Vlaanderen), op grond van Evides, en maken gebruik van afstromend polderwater dat anders in zee uitmondt. Uit voorgaand onderzoek blijkt dat de waterkwaliteit niet voldoet aan verschillende kwaliteitseisen bijvoorbeeld voor infiltratie. Deze casus richt zich op de verwijdering van metalen, PAKs, pesticiden, microplastics en PFAS. In een flexibele pilootopstelling wordt gedemonstreerd welk type CW het meest geschikt is en welke ontwerpparameters nodig zijn. De opstelling wordt een demo van ±130 m², die ± 20 m³/dag zal behandelen. Het bestaat uit een bezinkingsbekken met floating wetlands en 5 verschillende soorten CW’s (boven/ondergronds doorstroomd, met/zonder beluchting en biochar, verschillende plantensoorten) waarbij de combinatie met andere technologieën zoals actief kool en UV in het lab getest worden.

Volgende zaken zullen geëvalueerd worden: hybride technologie, zuiveringsrendementen, kosten en ecosysteemfuncties. De kennisinstellingen en provincie Zeeland willen via deze oplossing de zoetwaterbeschikbaarheid verhogen in de Scheldemondregio. Evides steunt deze casus door hun grond aan te bieden omdat zij de waarde in het creëren van alternatieve waterbronnen en de vermindering van druk op onze huidige drinkwaterbronnen zien. De kennisinstellingen zijn verantwoordelijk voor de voorbereiding, realisatie en monitoring van de CW’s plus de analyses. Provincie Zeeland ondersteunt de financiering van deze

casus. Deze casus vraagt veel grensoverschrijdende samenwerking tussen de betrokken belanghebbenden. In activiteit 5.1 wordt het grensoverschrijdende watervraagstuk verder uitgediept en mogelijke verdere samenwerking tussen Vlaanderen en Nederland gefaciliteerd.

4.2 - Activiteit 4.2: een "intelligent" CW voor het opwaarderen van oppervlaktewaterkwaliteit Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 00:00 Omschrijving: De kwaliteit van waterlopen is belangrijk voor de toegang tot duurzame waterbronnen, maar veel waterlopen in de Scheldemondregio halen de milieukwaliteitsnormen van de kaderrichtlijn water (WFD) niet. Daarom is er een grote vraag naar duurzame oplossingen. In de Ringbeek (West-Vlaanderen, Oostkamp, stroomgebied Rivierbeek en Hertsbergebeek) worden vooral tijdens de zomer na lange periodes van droogte en daaropvolgende intense regenbuien de normen voor stikstof en fosfor frequent overschreden. Gezien diffuse pollutie de grootste bijdrage levert (±75%), werd gezocht naar een oplossing om het zelfzuiverend vermogen van de beek te stimuleren. Omdat deze door landschappelijk waardevol agrarisch gebied stroomt, opteert de VMM als waterwegbeheerder voor een natuurgebaseerde groenblauwe, landschappelijk inpasbare oplossing onder de vorm van een CW. Hiervoor werd reeds een terrein van 1,5 ha aangekocht. Op die oppervlakte kan niet het volledige debiet van de beek behandeld worden met een CW, maar het laat wel toe om te hoge concentraties af te toppen (“peak shaving”) na een intense zomerse bui.

Hiertoe wordt voorzien in een intelligente, geautomatiseerde in- en uitlaatconstructie die op basis van real-time waterkwaliteitsmetingen en te ontwikkelen controle-algoritmes het debiet in en uit het CW zal aansturen. Om voldoende fosforverwijdering te garanderen wordt ook een filter met fosfaat adsorberend materiaal voorzien als onderdeel van het CW. Concreet voorziet Aquatuur de bouw, monitoring en evaluatie van een CW om de klimaatrobuustheid van de Ringbeek inzake waterkwaliteit te garanderen. Het project zoekt een antwoord op volgende vragen: (1) Wat is de beste sturing van de in- en uitlaatconstructies om tot een optimale verwijdering van nutriënten te komen?; (2) Hoe dimensioneren we een dergelijk systeem met het oog op replicatie?, (3) Welke beheersmaatregelen zijn nodig (bv. ontslibben, maaien, vervangen fosfaatadsorberend materiaal, …)? 4) Wat is de business case van het constructed wetland ten aanzien van het optimaliseren van RWZI’s, verder afkoppelen van rioleringen en het installeren van IBA’s in het stroomgebied van de Rivierbeek en Hertsbergebeek? Case-eigenaar is de Vlaamse milieumaatschappij ondersteund door UGent en HZ

4.3 - Activiteit 4.3: Een CW met ijzerzand voor het opwaarderen van oppervlaktewaterkwaliteit Startdatum: 01/03/2023 00:00 Einddatum: 28/02/2026 00:00 Omschrijving: De Kraenepoel (KP) (Aalter, Oost-VL) is een ecologisch zeer waardevolle vijver van ±20 ha die sterk te

lijden heeft onder eutrofiëring en verdroging. Het natuurinrichtingsproject KP streeft naar een duurzaam herstel om Europees habitattype 3130 te realiseren. Hydrologische maatregelen zijn voorzien om tot een hogere watertoevoer te komen. Hiervoor zal het Bloembeeksken - vroeger omgeleid wegens te slechte waterkwaliteit - opnieuw aangekoppeld worden. Echter is de waterkwaliteit van het Bloembeeksken nog steeds ruim onvoldoende, vooral door diffuse vervuiling (nutriënten uit landbouw), en deels door runoff van de snelweg E40. Daarom worden NGBO voorzien om de kwaliteit van dit extra toegevoerde water (geschat 670 m³/dag) te verbeteren. De VLM voorziet vanaf 2026 in de bouw van een CW (1500 m²) gevuld met ijzerzand om fosforconcentraties te reduceren tot < 40 µgP/L. Nabehandeling voor volgende parameters: stikstof; metalen, minerale olie en PAKs (uit run-off) wordt voorzien in de Kleine KP (1100 m²), welke zal heringericht worden tot CW. Voorbereidend op de bouw worden volgende acties voorzien binnen Aquatuur: 1. De inrichtingsvisie voor de Kleine KP zal uitgewerkt worden binnen de randvoorwaarden (EUhabitatdoelstellingen) en op basis van best practices voor NGBO. 2. Het technisch ontwerp zal via een overheidsopdracht uitbesteed worden. Gezien de complexiteit ervan zullen Aquatuur partners expertise delen om tot een optimaal technisch ontwerp te komen. 3.

Er wordt een adequaat monitoringsplan opgesteld en de baseline monitoring (voor aanvang werken) wordt opgestart. 4. Evaluatie infiltratiemogelijkheden van water uit Kraenepoel. 5. Ondersteuning aan stakeholderoverleg (beheerscommissie Kraenepoel en commissie en comité van het Natuurinrichtingproject). Case-eigenaar is VLM. UGent en HZ ondersteunt bij de uitwerking van de plannen en draagt bij aan de baseline monitoring. Aquatuur ondersteunt het stakeholder-overleg, waarin verschillende beleidsniveaus, middenveldorganisaties en burgers/omwonenden vertegenwoordigd zijn. Outputoverzicht Naam

Streefwaarde

Type

Output 4.3.1: Rapportage 'Inrichtingsvisie Kleine Kraenepoel'

1

Gewone output

Output 4.3.2: Technisch ontwerp van ijzerzandfilter en gesele 1

Gewone output

Output 4.3.3: Monitoringsplan

1

Gewone output

Output 4.3.4: Implementatieplan NGBO

1

Gewone output

Risico's Activiteit 4.1 • Voor de CWs is een vergunning nodig. Om de vergunningsaanvraag vlot te laten verlopen, zal een gespecialiseerd bureau ingehuurd worden. • Medewerking Evides, verlenen gronden: Gezien Evides geen partner is van Aquatuur zou dit als en risico kunnen beschouwd worden. Echter wordt met Evides (eigenaar terrein) een samenwerkingsovereenkomst afgesloten. • Afsterven planten: het CW is niet actief buiten de zomer maar de planten hebben ook tijdens droge periodes altijd water nodig om niet af te sterven. Om dit risico te mitigeren wordt 10% van het berekende debiet naar het CW gestuurd zodat de planten niet zonder water komen te staan. Hoger toenemend zoutgehaltes tijdens de zomer worden als minor risico beschouwd voor planten en microorganismen.

Activiteit 4.2 • Niet bekomen vergunning: Voorontwerp en vergunningsaanvraag van het CW werden reeds opgestart, met deadline juli 2023 om de omgevingsvergunning effectief te bekomen. Er werd in de planning rekening gehouden met een tijdsbuffer, zodat zelfs bij een late aflevering van de vergunning onze timing binnen de projectperiode niet in gevaar komt. • Onvoldoende performantie van het CW: er is geen zekerheid dat de waterkwaliteitsdoelstellingen (onmiddellijk) behaald zullen worden – vandaar de nood aan een demoproject. De “intelligentie” van het systeem is data gedreven en zal optimaliseren naarmate meer data beschikbaar komen. Ook kan het CW een opstarttijd nodig hebben om performanter te worden, waardoor de optimale resultaten pas na het project behaald worden. De beschikbare oppervlakte van het CW kan ook te klein blijken versus de te behandelen debieten en concentraties. Om dit te mitigeren engageert VMM zich ook om na het einde van Aquatuur verder te monitoren. Indien monitoringresultaten positief zijn maar de oppervlakte onvoldoende blijkt, bestaat de mogelijkheid dat VMM het systeem uitbreidt (met aankoop aanpalend terrein) indien mogelijk. Activiteit 4.3 • Niet bekomen goedkeuring: het natuurinrichtingsproject Kraenepoel wacht nog op goedkeuring en financiering door de Vlaamse Minister van Leefmilieu (voorzien dec 2022).

Daarna pas kan gestart worden met uitvoeringsplannen en aanleg. Gezien de aanleg zelf pas na Aquatuur start, zijn er geen noemenswaardige risico’s m.b.t. het opstellen van de uitvoeringsplannen.

Partners & budget Samenwerking partners: Binnen dit werkpakket zijn volgende partners betrokken: VITO, HZ University of Applied Sciences, UGent, Provincie Zeeland, VMM en VLM. HZ University of Applied Sciences is WP-leider. Alle partners verbinden er zich ook toe de nodige bewijslast te verzamelen voor de inhoudelijke rapportage en deze tijdig aan te leveren aan de WP-leider. De specifieke samenwerkingsvormen per activiteit zijn als volgt: • Activiteit 4.1: Drie kennisinstellingen/Universiteiten zullen hier samenwerken aan de uitwerking van het concept, de monitoring en rapportering. HZ zal het onderzoek coordineren en is verantwoordelijk voor de bijhorende lab-testen (actief kool en UV) alsook de operationele werkzaamheden, klassieke waterparameters en metalen en rapportage; VITO analyseert pesticiden en PFAS en regelt de vergunning en UGent onderzoekt de microplastics en PAKs en is verantwoordelijk voor onderzoeksplan en rapportage. De provincie Zeeland voorziet de financiering voor de aanleg van de constructed wetland pilots. De input voor de praktijkgids wordt geleverd door HZ. • Activiteit 4.2: VMM neemt de lead in deze activiteit met ondersteuning vanuit UGent. UGent ondersteunt in optimalisatie, sturing en dimensionering van het systeem en de verwerking van de data. HZ ondersteunt in het evalueren van de business case (kosten-baten van de voorgestelde oplossing t.o.v.

andere potentiële oplossingen voor nutriëntenverwijdering). De input voor de praktijkgids wordt aangeleverd door VMM, UGent en HZ. • Activiteit 4.3: VLM neemt de lead in deze case met ondersteuning vanuit UGent en HZ inzake het opstellen van een inrichtingsvisie Kleine Kraenepoel, technisch ontwerp, monitoringsplan en stakeholderoverleg. VITO zal input leveren aan het stakeholderoverleg. De input voor de praktijkgids wordt geleverd door VLM en UGent.

HZ University of Applied Sciences Budget: € 142996

Universiteit Gent

Budget: € 193652.5

Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) Budget: € 154414.89

Vlaamse Landmaatschappij Budget: € 170100

Vlaamse Milieumaatschappij Budget: € 467400

Continuïteit Alle projectresultaten en eindrapporten worden gekoppeld aan de praktijkgids dewelke gekoppeld wordt aan de Aquatuur-Interreg webpagina en ook aan webpagina’s van de partners binnen Aquatuur zodoende de continuïteit en mogelijke replicatie maximaal te garanderen. Continuïteit ligt veelal aan de basisbeginselen, vandaar wordt door kennispartners HZ en UGent, de geleerde lessen vanuit Aquatuur geïntegreerd in hun onderwijs curricula. Activiteit 4.1 • De resultaten zullen gebruikt worden voor nieuwe toepassingen van CW’s, waarbij ze ingezet kunnen worden voor het verwijderen van microverontreinigingen. Het oppervlaktewater kan zodoende als bron ingezet worden voor verschillende sectoren. De interesse is hier reeds groot. Activiteit 4.2 • VMM blijft als eigenaar van dit systeem instaan voor verdere monitoring en onderhoud. • De Europese waterkwaliteitsdoelstellingen inzake nutriënten worden op veel plaatsen in de Scheldemondregio niet gehaald. De kennis rond NGBO, online monitoring en de ontwikkelde algoritmes voor sturing van NGBO kan door VMM benut worden om nieuwe projecten op te starten. De interesse op vandaag rond dit onderwerp is al groot. • De opgedane kennis zal via een rapport en studiedagen ook verspreid worden bij andere waterloopbeheerders (2e en 3e categorie in Vlaanderen, waterschappen in Nederland).

Activiteit 4.3 • Hoewel de investeringen niet kunnen uitgevoerd worden binnen de termijn van het project, zullen ze wel uitgevoerd worden binnen de programmaperiode van Interreg VI Vlaanderen-Nederland programma (start wordt voorzien augustus 2026). De VLM is bereid om de communicatieverplichtingen in het kader van investeringen, zoals vooropgesteld in het programmadocument, op te nemen, zodat op terrein zichtbaar wordt dat de realisaties op terrein mede tot stand gekomen zijn door de samenwerking in het kader van het EU-project Aquatuur. Na de projectperiode van Aquatuur kan de VLM, in de vorm van rapportage aan het Interreg-secretariaat, de voortgang van het project Kraenepoel rapporteren. De duurzaamheid is zodoende expliciet aanwezig. • Het monitoringsplan dat ontwikkeld wordt binnen Aquatuur garandeert dat er ook de nodige lessen geleerd zullen worden na aanleg. Deze zullen breed gedeeld worden, o.a. binnen beheercomité en beheercommissie.

5 - WP5: Verhogen van de repliceerbaarheid van natuurgebaseerde groenblauwe oplossingen Doelstelling Implementatie van innovatie en technieken loopt veelal tegen technologische en niet-technologische barrières aan. Barrières die zowel een eerste implementatie als de repliceerbaarheid fnuiken. Alsook vormt de afwezigheid van de juiste kennis, inzichten en handvaten een drempel om kansenrijke technieken op te schalen. Hier wil Aquatuur verandering in brengen door een stuwende kracht te vormen in de dialoog tussen landbouw, industrie, (lokaal) beleid, maatschappelijke (natuur)organisaties, belangenorganisaties, studiebureaus en andere geïnteresseerden en alsook de drempel tot gebruik verlagen, door: 1. Multi-actor implementatie van NGBO: de niet technische barrières op verschillende cases wegwerken op systeemniveau. 2. Uitwerken van een praktijkgids zodoende de drempel tot gebruik van NGBO’s te verlagen en de repliceerbaarheid van de gebruikte natuurgebaseerde groenblauwe oplossingen na de projecttermijn van Aquatuur te vergroten. Inagro is WP-leider van WP5.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13029184/1