CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

20201215 Raadsbrief vaststelling wijzigingsplan realiseren kampeerhuisjes Hogeweg 96a B-H - bijlage 1

Gemeenteraad 28 januari 2021, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: Ingekomen stukken58.594 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 7 van 7

Voor stikstof zijn nieuwe richtlijnen per 15 oktober. Nieuwe onderzoeken met goede onderzoek variabelen zijn nodig. c. Het natuurgebied komt tot rust in de winterperiode door de lage bezetting. Door de verplichte verhuur en jaarrond exploitatie heeft de natuur geen rust meer. d. De natuurtoets is verouderd. Op het terrein is de boomkikker gezien. Daarnaast zijn vele bomen inmiddels verwijderd. In het plan staat beschreven dat rekening wordt gehouden met vleermuizen, met de kap van de bomen gebeurt dat niet. e. Het duinlandschap met veel zand heeft ook gevolgen door verstuivingen. Dit doet afbraak aan het achterliggende natuurgebied. f. De gemeente moet prioriteit geven aan de bouw van woningen i.p.v. recreatie als het gaat om stikstofuitstoot. Beantwoording 1. De ontwikkeling is getoetst aan de Wet natuurbescherming. a. Onderzoek naar de stikstofdepositie in zowel de aanlegfase als de gebruiksfase is opgenomen in de natuurtoets. Doordat het aantal recreatieverblijven substantieel afneemt, de nieuwe recreatieverblijven elektrisch worden verwarmd, ten opzichte van de gasgestookte huidige verblijven, en doordat de verkeersgeneratie afneemt ten opzichte van de huidige situatie, is sprake van afname van de stikstofdepositie op voor stikstof gevoelige en overbelaste habitats in Natura 2000-gebieden tijdens de gebruiksfase.

Van een probleem vanwege de uitstoot van stikstof is dan ook geen sprake.

b.

c.

d.

e.

f.

Tijdens de aanlegfase is rekening gehouden met een gefaseerde uitvoering van West en Oost. Dit is inclusief de realisatie van voorzieningen waaronder het zwembad. Doordat tijdens de aanlegfase het park niet gebruik wordt, komt de stikstofuitstoot afkomstig van de gebruiksfase – met inbegrip van verkeer – in de periode van de aanleg te vervallen. Hierdoor is ook tijdens de aanlegfase sprake van een afname van de stikstofdepositie ten opzichte van de huidige situatie. Het bezettingspercentage in de winterperiode is gebaseerd op informatie van de huidige exploitant. De AERIUS-berekeningen zijn uitgevoerd met de meest actuele versie van de calculator (AERIUS 2020, 15 oktober 2020). De natuurtoets is geactualiseerd, waarbij de nieuwe AERIUS-berekeningen zijn opgenomen. Omdat gebruik wordt gemaakt van interne saldering (waarbij de toekomstige stikstofdepositie wordt gesaldeerd met de bestaande stikstofdepositie), is op basis van de provinciale beleidsregels intern en extern salderen een vergunning krachtens de Wet natuurbescherming aangevraagd. De lopende aanvraag voor een natuurvergunning is op 30 oktober 2020 gewijzigd ingediend. Gedeputeerde Staten hebben op 19 november 2020 het ontwerpbesluit genomen en is voornemens de vergunning te verlenen. De ontwerp natuurvergunning wordt vanaf 25 november 2020 gedurende 6 weken ter inzage gelegd.

Door middel van de natuurtoets is aangetoond dat het plan geen negatieve gevolgen heeft voor de natuurgebieden in de omgeving. Enerzijds is sprake van een hogere bezettingsgraad; anderzijds is echter sprake van een substantiële afname van het aantal eenheden. Naar verwachting is per saldo sprake van een positief effect. Overigens is ook in de bestaande situatie sprake van jaarrondopenstelling. In de zomer en het najaar van 2020 is onderzoek uitgevoerd naar het voorkomen van beschermde diersoorten. Dat onderzoek wordt in het voorjaar van 2021 voortgezet. Uit het onderzoek blijkt, dat met het nemen van de juiste maatregelen tijdens de aanlegfase van het nieuwe terrein, de ontwikkeling geen belemmering vormt voor beschermde soorten. Voor zover verblijf- of rustplaatsen worden vernietigd, zal een ontheffing van de Wet natuurbescherming worden aangevraagd. Verwacht wordt dat deze ontheffingen verleend zullen worden. Er is geen grond voor het oordeel dat de Wet Natuurbescherming aan de uitvoerbaarheid van het wijzigingsplan in de weg staat. Daarbij speelt mee dat er in de toekomstige situatie juist meer ruimte is voor natuurontwikkeling omdat het totale aantal recreatieverblijven op het terrein (flink) afneemt ten opzichte van de huidige situatie. Van de boomkikker is bekend dat deze voorkomt in het plangebied en de omgeving. In het plangebied komt geen voortplantingsbiotoop voor.

Bovendien is in de omgeving voldoende geschikt leefgebied aanwezig. De gunstige staat van instandhouding van de boomkikkerpopulatie is dan ook niet in het geding. Overigens is daarbij van belang dat de populatie boomkikkers op de Kop van Schouwen is ontstaan uit een aantal uitgezette buitenlandse boomkikkers. Deze populatie is dan ook niet inheems. Het gaat derhalve om een ondersoort die van nature niet in Nederland voorkomt en is uitgezet. Daarmee is het beschermingsregime van de Wet natuurbescherming niet van toepassing. . Het achterliggende natuurgebied Kop van Schouwen bestaat uit bos en duinlandschap. De herinrichting van Duinrand West sluit aan op dit landschap en vormt daarmee een aanvulling op het bestaande natuurgebied. Van afbraak van dit natuurgebied is dan ook geen sprake. Verder zal het duinlandschap binnen De Schouwse Valleien worden voorzien van streekeigen duinbeplanting, waardoor geen verstuiving zal plaatsvinden. Dat is ook voor het verblijfsrecreatief gebruik onwenselijk. De ontwikkeling van Duinrand veroorzaakt per saldo een afname van de stikstofdepositie op stikstofgevoelige en overbelaste habitats in de omgeving. Als gevolg daarvan zal er dus eerder meer ruimte voor woningbouw op Schouwen-Duiveland ontstaan.

Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het wijzigingsplan. ZI-96 Reclamant 96 Zaaknr: 361982 Samenvatting 1. Reclamant sluit zich op persoonlijke titel aan bij de zienswijze zoals opgesteld door HELIO advocaten in opdracht van haar cliënt vereniging Duinrand Samen Sterk en neemt hun argumenten over. Beantwoording 2. Verwezen wordt naar de beantwoording van de zienswijze van Duinrand Samen Sterk, die is opgenomen onder ZI-92 ZI-97 Reclamant 97 Zaaknr: 361977 Samenvatting

1. Er veel meer urgente bouwplannen op schouwen Duiveland eerder uitgevoerd zouden moeten worden waaraan het stikstof- “budget” zou kunnen worden besteed; 2. Dit plan niet gereed is, in het ontwerp- wijzigingsplan is nog geen onderzoek gedaan naar de archeologische waarden, ongesprongen explosieven en de bodemgesteldheid;

3. Er niets is vastgelegd over de uitvoering van werken door “Zeeuwse” bedrijven; 4. Er, doordat er op het nieuwe park eigen voorzieningen worden voorzien, de ondernemers Burgh-Haamstede en omgeving hiervan forse omzetschade zullen lijden; er in het verleden bouwplannen zijn gestrand door uiteenlopende redenen. Dit betrof gewenste en noodzakelijke bouwplannen, terwijl dit onderhavige ontwerp-wijzigingsplan is gebaseerd op luxe, kapitalistische nieuwbouw, terwijl er niemand (behalve de eigenaar) een probleem heeft met de huidige situatie, oftewel totaal niet noodzakelijk. Beantwoording 1. Er bestaat niet zoiets als een stikstof-budget. Doordat de nieuwe recreatieverblijven elektrisch worden verwarmd, ten opzichte van de gasgestookte huidige verblijven, en doordat de verkeersgeneratie afneemt ten opzichte van de huidige situatie, is sprake van afname van de stikstofdepositie op voor stikstof gevoelige en overbelaste habitats in Natura 2000-gebieden tijdens de gebruiksfase. Van een probleem vanwege de uitstoot van stikstof is dan ook geen sprake. 2. In de toelichting van het wijzigingsplan is in tabel 3.1 sub a.b. en e. beschreven dat voor toepassing van de wijzigingsbevoegdheid bodem-, explosieven en archeologisch onderzoek niet noodzakelijk is. Onderzoek is in het kader van de nieuwe inrichting uiteindelijk wel noodzakelijk.

Deze onderzoeken worden uitgevoerd of zijn inmiddels gereed. Bodemonderzoek is pas mogelijk als de huidige bebouwing op het terrein grotendeels of volledig is verwijderd. Dit onderzoek brengt de uitvoerbaarheid van het wijzigingsplan niet in het geding. 3. Het wijzigingsplan ziet uitsluitend op toetsing aan planologisch-ruimtelijke aspecten. In dat kader kan de gemeente niet als voorwaarde stellen dat Zeeuwse bedrijven moeten worden ingeschakeld. 4. Uit onder andere het onderzoek ‘Dag- en verblijfsrecreatie in Nederland’ blijkt dat de besteding per dag van huurders van kampeerhuisjes en recreatiewoningen groter is dan van vaste gebruikers van de huidige stacaravans. Verhuur aan wisselende gasten zorgt dus voor een economische impuls in de regio. Er is dan ook geen sprake van een afname aan inkomsten in de detailhandel. Daarnaast zal door de vernieuwing van de verblijfsaccommodatie en de centrale bedrijfsmatige verhuur de bezettingsgraad jaarrond toenemen. 5. De wijze waarop de herontwikkeling van Duinrand plaatsvindt is een keuze van initiatiefnemer. Daarbij is gekozen voor een totale samenhangende herinrichting en upgrading van het terrein. Het verduurzamen van voorzieningen is slechts één aspect van de daarmee beoogde kwaliteitsverbetering van het totale terrein en daarmee onvoldoende om de beoogde verbetering te realiseren.

Als slechts de bestaande huisjes en chalets zouden worden verduurzaamd, wordt niet de gewenste eenheid en samenhang bereikt. Dat geldt ook voor de openheid en ruimte – mede door terugdringing van het aantal recreatieverblijven – die in het nieuwe concept gerealiseerd wordt. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het wijzigingsplan. ZI-98 Reclamant 98 Zaaknr: 363009 Samenvatting 1. Reclamant sluit zich op persoonlijke titel aan bij de zienswijze zoals opgesteld door HELIO advocaten in opdracht van haar cliënt vereniging Duinrand Samen Sterk en neemt hun argumenten over. Beantwoording 2. Verwezen wordt naar de beantwoording van de zienswijze van Duinrand Samen Sterk, die is opgenomen onder ZI-92 ZI-99 Reclamant 99 Zaaknr: 363006 Samenvatting 1. Reclamant sluit zich op persoonlijke titel aan bij de zienswijze zoals opgesteld door HELIO advocaten in opdracht van haar cliënt vereniging Duinrand Samen Sterk en neemt hun argumenten over. Beantwoording 2. Verwezen wordt naar de beantwoording van de zienswijze van Duinrand Samen Sterk, die is opgenomen onder ZI-92 Z-100 Bescherm de Delta Zaaknr: 362680 Samenvatting 1. Bescherm de Delta is van mening dat een MER moet worden uitgevoerd. 2. Het behoefte onderzoek is onvoldoende.

Er is bijvoorbeeld nog steeds geen onderzoek gedaan naar nut en noodzaak van nog meer standaard vaste kampeerhuizen voor permanente verhuur, afgezet tegen verhuur van vaste staanplaatsen aan een gebruiker (of bijv. toerplaatsen).

3.

4. 5. 6. 7. 8. 9.

Er zijn geen tekeningen van de huisjes en recreatiewoningen bekend. Tevens is er geen natuurvergunning van de Provincie aanwezig. Reclamant twijfelt of de stikstofberekeningen juist zijn op basis van de beschikbare openbare gegevens. Dit gaat om de aanvoer van grond, het borgen van emissie loos bouwen en het aantal slaapplaatsen ligt niet vast. Er moet vastgelegd en geborgd worden dat er een heldere landschappelijke inpassing komt/is, met name aan de noordkant. Die is er nu niet, met uitzondering van de noordoostkant. In de regels opnemen dat balkons niet zijn toegestaan. Dit in verband met de impact op de natuur. In de regels opnemen dat er geen kelder- en kruipruimte onder de kampeerhuizen worden gerealiseerd. Dit in verband met de verdroging van het natuurgebied. De maximale inhoud van 250m³ vastleggen in de regels. Het veldonderzoek in het kader van de natuurtoets opnieuw uitvoeren. In 2019 en 2020 zijn boomkikkers gezien, dit kan wijzen op kolonisatie. Een bodemonderzoek ontbreekt. Omdat er vroeger een boomgaard is geweest kunnen nog steeds gevaarlijke stoffen aanwezig zijn.

Beantwoording 1. Gelet op de aard en de omvang van de ontwikkeling is op basis van het Besluit milieu-effectrapportage geen sprake van een directe mer-plicht of een (directe) mer-beoordelingsplicht. Dat betekent dat sprake is van een vormvrije mer-beoordelingsplicht. Uit de resultaten van de uitgevoerde onderzoeken en de vormvrije m.e.r.beoordeling blijkt dat de ontwikkeling van Duinrand niet leidt tot belangrijke nadelige milieugevolgen. In tegendeel, voor diverse aspecten leidt de ontwikkeling tot een verbetering van de milieu-effecten. 2. De uitgevoerde Ladderonderbouwing toont aan dat de beoogde ontwikkeling duidelijk voorziet in een behoefte. In het behoefteonderzoek zijn cijfers van het kenniscentrum Kusttoerisme toegepast. Hieruit blijkt dat de vraag naar huisjesparken toeneemt ten opzichte van de vraag naar kampeerterreinen. Hoewel hier geen verschil wordt gemaakt tussen chalets, kampeerhuisjes en recreatiewoningen blijkt dat de vraag naar luxe accommodatievormen toeneemt. Het Trendrapport Toerisme 2019 geeft bovendien een duidelijke behoefte aan meer kwaliteit aan. Een stacaravan voldoet steeds minder aan de vraag van de hedendaagse toerist en overigens ook niet aan de duurzaamheidseisen. Deze heeft de voorkeur voor een recreatiewoning, voorzien van alle gemakken. De Laddertoets wijst uit dat de beoogde ontwikkeling voorziet in een behoefte.

Dat mogelijk ook op met andere voorzieningen aan een ander deel van de marktvraag kan worden voldaan, doet hier niet aan af. 3. Onderzoek naar de stikstofdepositie in zowel de aanlegfase als de gebruiksfase is opgenomen in de natuurtoets. Doordat de nieuwe recreatieverblijven elektrisch worden verwarmd, ten opzichte van de gasgestookte huidige verblijven, en doordat de verkeersgeneratie afneemt ten opzichte van de huidige situatie, is sprake van afname van de stikstofdepositie op voor stikstof gevoelige en overbelaste habitats in Natura 2000-gebieden tijdens de gebruiksfase. Van een probleem vanwege de uitstoot van stikstof is dan ook geen sprake. Tijdens de aanlegfase is rekening gehouden met een gefaseerde uitvoering van West en Oost. Dit is inclusief de realisatie van voorzieningen waaronder het zwembad. Doordat tijdens de aanlegfase het park niet gebruik wordt, komt de stikstofuitstoot afkomstig van de gebruiksfase – met inbegrip van verkeer – in de periode van de aanleg te vervallen. Hierdoor is ook tijdens de aanlegfase sprake van een afname van de stikstofdepositie ten opzichte van de huidige situatie. De AERIUS-berekeningen zijn uitgevoerd met de meest actuele versie van de calculator (AERIUS 2020, 15 oktober 2020). De natuurtoets is geactualiseerd, waarbij de nieuwe AERIUS-berekeningen zijn opgenomen.

Omdat gebruik wordt gemaakt van interne saldering (waarbij de toekomstige stikstofdepositie wordt gesaldeerd met de bestaande stikstofdepositie), is op basis van de provinciale beleidsregels intern en extern salderen een vergunning krachtens de Wet natuurbescherming aangevraagd. De lopende aanvraag voor een natuurvergunning is op 30 oktober 2020 gewijzigd ingediend. Gedeputeerde Staten hebben op 19 november 2020 het ontwerpbesluit genomen en is voornemens de vergunning te verlenen. De ontwerp natuurvergunning wordt vanaf 25 november 2020 gedurende 6 weken ter inzage gelegd. 4. Aan de noordzijde van het terrein zal worden voorzien in een goede landschappelijke inpassing, die voldoet aan de regels uit het wijzigingsplan. Daartoe zal een strook met een breedte van 5 meter worden ingeplant met een struik- en boomlaag met streekeigen soorten en worden voorzien van een twee meter hoge wal. Realisatie en instandhouding van deze landschappelijke inpassing zal bovendien worden geborgd door middel van een voorwaardelijke verplichting. 5. De kampeerhuisjes voldoen aan de maatvoeringen zoals opgenomen in de wijzigingsbevoegdheid. Balkons hebben in aanvulling op de kampeerhuisjes geen extra effect op de natuurwaarden. In dit verband is voorts nog van belang dat het aantal eenheden in de toekomstige situatie fors afneemt ten opzichte van de huidige situatie.

Als gevolg daarvan neemt de druk op de natuur af. 6. Met het wijzigingsplan worden de regels voor kampeerhuisjes van het bestemmingsplan Kop van Schouwen van toepassing. De kampeerhuisjes voldoen aan de maatvoering uit de wijzigingsvoorwaarden. 3 7. In de regels van het bestemmingsplan ‘Kop van Schouwen’ is een maximale inhoudsmaat van 250m voor kampeerhuisjes vastgelegd. Deze regels zijn van toepassing op de beoogde kampeerhuisjes in Duinrand West. Het is dan ook niet nodig om de inhoudsmaat op te nemen in het wijzigingsplan. 8. In de zomer en het najaar van 2020 is onderzoek uitgevoerd naar het voorkomen van beschermde diersoorten. Dat onderzoek wordt in het voorjaar van 2021 voortgezet. Op basis van de beschikbare informatie komt de instandhouding van de voorkomende soorten door de beoogde ontwikkeling niet in het geding. Voor zover verblijf- of rustplaatsen worden vernietigd, zal een ontheffing van de Wet Natuurbescherming worden aangevraagd. Verwacht wordt dat deze ontheffingen verleend zullen worden. Er is geen grond voor het oordeel dat de Wet Natuurbescherming aan de uitvoerbaarheid van het wijzigingsplan in de weg staat.

9.

Het bodemonderzoek is niet nodig ten behoeve van het wijzigingsplan. Er is geen sprake van functiewijziging. Het terrein heeft een verblijfsrecreatieve functie en behoudt die. Desondanks wordt bodemonderzoek uitgevoerd voorafgaand aan het grondverzet. Dergelijk onderzoek is pas mogelijk als de huidige opstallen en bebouwing op het terrein grotendeels of volledig zijn verwijderd. De uitkomsten van deze onderzoeken brengen de uitvoerbaarheid van het wijzigingsplan niet in het geding.

Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het wijzigingsplan. ZI-101 Reclamant 101 Zaaknr: 362676 Samenvatting 1. Reclamant sluit zich op persoonlijke titel aan bij de zienswijze zoals opgesteld door HELIO advocaten in opdracht van haar cliënt vereniging Duinrand Samen Sterk en neemt hun argumenten over. Beantwoording 2. Verwezen wordt naar de beantwoording van de zienswijze van Duinrand Samen Sterk, die is opgenomen onder ZI-92 ZI-102 Reclamant 102 Zaaknr: 362675 Samenvatting 1. Reclamant sluit zich op persoonlijke titel aan bij de zienswijze zoals opgesteld door HELIO advocaten in opdracht van haar cliënt vereniging Duinrand Samen Sterk en neemt hun argumenten over. Beantwoording 2. Verwezen wordt naar de beantwoording van de zienswijze van Duinrand Samen Sterk, die is opgenomen onder ZI-92 ZI-103: Reclamant 103 Zaaknr: 362673 Samenvatting 1. Gedurende lange tijd hebben lokale ondernemers geprofiteerd van de gasten van Duinrand. Er is veel geld geïnvesteerd in het vakantiehuis, met de bedoeling hier het gehele hoogseizoen te verblijven. 2. De natuur, zoals zwaluwen, vogelnesten, boomkikkers en merels, zal worden verstoord. 3. Een luxueus vakantieverblijf is niet voor iedereen weggelegd. Op Duinrand zijn de prijzen ook nog voor families op te brengen. 4. De detailhandel in Burgh-Haamstede, Renesse en Zierikzee zal het niet overleven.

De huidige gasten zijn belangrijke klanten voor lokale ondernemers. Dat geldt ook voor restaurants. 5. Gevraagd wordt of het mogelijk is de vakantiehuizen op te nemen in de herstructureringsplannen. 6. De opzegtermijn moet, indien nodig, minimaal 5 jaar bedragen.

Beantwoording 1. Uit onder andere het onderzoek ‘Dag- en verblijfsrecreatie in Nederland’ blijkt dat de besteding per dag van huurders van kampeerhuisjes en recreatiewoningen groter is dan van vaste gebruikers van de huidige stacaravans. Verhuur aan wisselende gasten zorgt dus voor een economische impuls in de regio. Daarnaast zal door de vernieuwing van de verblijfsaccommodatie en de centrale bedrijfsmatige verhuur de bezettingsgraad jaarrond toenemen. De initiatiefnemer zal op grond van de Recron-voorwaarden een passende compensatie bieden aan de huidige huurders/gebruikers van de recreatieverblijven. Sommige gebruikers hebben van die compensatieregeling reeds gebruik gemaakt. 2. In de zomer en het najaar van 2020 is onderzoek uitgevoerd naar het voorkomen van beschermde diersoorten. Dat onderzoek wordt in het voorjaar van 2021 voortgezet. Uit het onderzoek blijkt, dat met het nemen van de juiste maatregelen tijdens de aanlegfase van het nieuwe terrein, de ontwikkeling geen belemmering vormt voor beschermde soorten. Voor zover verblijf- of rustplaatsen worden vernietigd, zal een ontheffing van de Wet natuurbescherming worden aangevraagd. Verwacht wordt dat deze ontheffingen verleend zullen worden. Er is geen grond voor het oordeel dat de Wet Natuurbescherming aan de uitvoerbaarheid van het wijzigingsplan in de weg staat.

Daarbij speelt mee dat er in de toekomstige situatie juist meer ruimte is voor natuurontwikkeling omdat het totale aantal recreatieverblijven op het terrein (flink) afneemt ten opzichte van de huidige situatie. 3. Het wijzigingsplan voorziet in de realisatie van 100 kampeerhuisjes. Zoals ook gemotiveerd in de Ladderonderbouwing voorzien de kampeerhuisjes in nieuw aanbod in het middensegment. Het wijzigingsplan voorziet dus in het realiseren van nieuw aanbod in dit marktsegment 4. Uit onder andere het onderzoek ‘Dag- en verblijfsrecreatie in Nederland’ blijkt dat de besteding per dag van huurders van kampeerhuisjes en recreatiewoningen groter is dan van vaste gebruikers van de huidige stacaravans. In combinatie met de hogere bezettingsgraad zal verhuur aan wisselende gasten naar

5.

6.

verwachting dus voor een economische impuls in de regio zorgen. Er is dan ook geen sprake van een afname aan inkomsten in de detailhandel. De wijze waarop de herontwikkeling van Duinrand plaatsvindt is een keuze van initiatiefnemer. Daarbij is gekozen voor een totale samenhangende herinrichting en upgrading van het terrein. Als slechts de bestaande huisjes en chalets zouden worden aangepast, wordt niet de gewenste kwaliteitsverbetering, eenheid en samenhang bereikt. De gemeente is geen partij in de privaatrechtelijke afspraken tussen eigenaar en huurders en kan geen uitspraken doen over opzegtermijnen.

Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het wijzigingsplan. ZI-104 Reclamant 104 Zaaknr: 362672 Samenvatting 1. Initiatiefnemer geeft aan dat de bestaande vakantieverblijven niet meer duurzaam en economisch rendabel zijn. Bij de verbouw van het vakantieverblijf is hiermee juist rekening gehouden. Als het plan van de initiatiefnemer duidelijk was geweest, dan was er minder in het vakantieverblijf geïnvesteerd. 2. Het is niet mogelijk geweest om met initiatiefnemer in gesprek te gaan over een verdere verduurzaming van het vakantieverblijf. Ook voorstel om de bestaande vakantieverblijven in de herstructureringsplannen op te nemen zijn niet in overweging genomen. 3. De gasten van Duinrand zorgen voor inkomsten voor de gemeente Schouwen-Duiveland door bezoek aan lokale ondernemers. Met het nieuwe plan zullen gasten Burgh-Haamstede niet bezoeken, maar op het park blijven. De lokale ondernemers in Burgh-Haamstede zullen hierdoor inkomsten verliezen. 4. Onduidelijk is of het herstructureringsplan in overeenstemming is met de Kustvisie. 5. Als verderop in het gebied luxe kampeerhuisjes worden gebouwd, is het effect op het Natura 2000-gebied beperkt en dan kunnen de huidige vakantieverblijven staan blijven. 6. Er zijn al veel leegstaande vakantieparken met luxe recreatieverblijven. Onduidelijk is waarom er niet gestreefd wordt naar diversiteit. 7.

Het is niet wenselijk dat een kleine groep mensen bepaalt wie waar mag leven. Dat is wat initiatiefnemer nu doet, alleen met het doel meer geld te verdienen. Zonder rekening te houden met de natuur en de economische gevolgen. Beantwoording 1. De gemeente is gehouden de beoogde ontwikkeling in het publiekrechtelijke spoor te toetsen aan de daarvoor geldende toetsingskaders. Het college is binnen de door de raad aan het college toegekende bevoegdheden bevoegd om regels en bestemmingen toe te kennen aan gronden. Daarbij speelt in dit geval in het bijzonder, gelet ook op de betrokken belangen, dat het huidige kampeerterrein is gedateerd en niet voldoet aan onder meer de eisen op het gebied van toeristische kwaliteit en duurzaamheid, zodat een onevenredig aanzienlijk bedrag nodig is voor de verbetering van de voorzieningen. Die investering kan niet van de initiatiefnemer en gebruikers worden gevergd, nog daargelaten dat daarmee niet de vereiste kwaliteitsverbetering kan worden bereikt. De initiatiefnemer zal op grond van de Recron-voorwaarden een passende compensatie bieden aan de huidige huurders/gebruikers van de recreatieverblijven. Sommige gebruikers hebben van die compensatieregeling reeds gebruik gemaakt.

Daarmee zijn die belangen van de huidige gebruikers voldoende verzekerd en bestaat geen grond voor het oordeel dat bij het wijzigingsplan onvoldoende rekening is gehouden met hun belangen. Reclamant heeft daarmee niet aannemelijk gemaakt dat aan zijn belang (en de belangen van de gebruikers) zodanig voorbij is gegaan, dat het wijzigingsplan om deze reden niet zou kunnen worden vastgesteld. 2. De wijze waarop de herontwikkeling van Duinrand plaatsvindt is een keuze van initiatiefnemer. Daarbij is gekozen voor een totale samenhangende herinrichting en upgrading van het terrein. Het verduurzamen van voorzieningen is slechts één aspect van de daarmee beoogde kwaliteitsverbetering van het totale terrein en daarmee onvoldoende om de beoogde verbetering te realiseren. Verder is van belang dat als slechts de bestaande huisjes en chalets zouden worden verduurzaamd, niet de gewenste kwaliteitsverbetering, eenheid en samenhang wordt bereikt. Dat geldt ook voor de openheid en ruimte – mede door terugdringing van het aantal recreatieverblijven – die in het nieuwe concept gerealiseerd wordt. 3. Uit onder andere het onderzoek ‘Dag- en verblijfsrecreatie in Nederland’ blijkt dat de besteding per dag van huurders van kampeerhuisjes en recreatiewoningen groter is dan van vaste gebruikers van de huidige stacaravans. Bovendien zal de gemiddelde bezettingsgraad toenemen.

Verhuur aan wisselende gasten zorgt daardoor naar verwachting dus voor een economische impuls in de regio. 4. Het wijzigingsplan heeft betrekking op de realisatie van 100 kampeerhuisjes. Deze ontwikkeling past binnen de wijzigingsregels van het bestemmingsplan Kop van Schouwen. Aanvullend is getoetst aan het gemeentelijk en provinciaal beleid. De Kustvisie is vertaald in de provinciale omgevingsverordening 2018, De herontwikkeling voldoet aan de voorwaarden uit de Omgevingsverordening. Van belang daarbij is dat de wens tot differentiatie uit de Kustvisie geen betrekking heeft op een onderscheid binnen de accommodatie van één terrein. Bovendien is sprake van meerdere typen recreatiewoningen en kampeerhuisjes en daarmee ook binnen het terrein sprake van differentiatie. 5. Door middel van de natuurtoets is aangetoond dat het plan geen negatieve gevolgen heeft voor de natuurgebieden in de omgeving. Er is veeleer sprake van een positief effect, met name vanwege de afname van het aantal recreatie-eenheden ten opzichte van de huidige situatie.

6.

7.

In de Ladderonderbouwing is onderbouwd dat de beoogde ontwikkeling voorziet in een behoefte en inspeelt op de gewijzigde vraag naar verblijfsrecreatief aanbod. Daarbij is onder meer gekeken naar de cijfers van het kenniscentrum Kusttoerisme. Hieruit blijkt dat de vraag naar huisjesparken toeneemt ten opzichte van de vraag naar kampeerterreinen. Hoewel hier geen verschil wordt gemaakt tussen chalets, kampeerhuisjes en recreatiewoningen blijkt dat de vraag naar luxe toeneemt. Het Trendrapport Toerisme 2019 geeft een duidelijke behoefte aan meer kwaliteit aan. Een stacaravan voldoet steeds minder aan de vraag van de hedendaagse toerist. Deze heeft de voorkeur voor een recreatiewoning voorzien van alle gemakken. De nieuwe ontwikkeling voorziet daarmee, blijkens de verrichte onderzoeken in een behoefte. Verder is van belang dat binnen De Schouwse Valleien ook verschillende typen accommodatie wordt aangeboden. De kampeerhuisjes voorzien bovendien in de vraag in het middensegment. De wijze waarop de herontwikkeling van Duinrand plaatsvindt is een keuze van initiatiefnemer. Daarbij is gekozen voor een totale samenhangende herinrichting en upgrading van het terrein. Als slechts de bestaande huisjes en chalets zouden worden aangepast, wordt niet de gewenste kwaliteitsverbetering, eenheid en samenhang bereikt.

De onderhavige procedure heeft uitsluitend betrekking het mogelijk maken van 100 kampeerhuisjes op permanente standplaatsen en het verkleinen van het aantal permanente standplaatsen. De gemeente is gehouden deze ontwikkeling in het kader van een goede ruimtelijke ordening te toetsen aan de wijzigingsregels, beleid en wetgeving. Overigens laat dat onverlet dat het de huidige huurders en eigenaren vrij staat om een eigen keuze te maken in een andere locatie om te recreëren.

Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het wijzigingsplan. ZI-105 Reclamant 105 Zaaknr: 363416 Samenvatting 1. Door initiatiefnemer zijn diverse werkzaamheden uitgevoerd op het park, zoals het vergroten van de plaatsen en het vernieuwen van nutsvoorzieningen. Daarnaast werden nog steeds stacaravans verkocht. Dit versterkte het vertrouwen in een toekomst op Duinrand. Dit heeft geleid tot aankoop van een stacaravan in 2012. Vervolgens is de stacaravan, in overleg met Duinrand Recreatie, verbouwd en vergroot. Er is een nieuw tuinhuis geplaatst in 2018. Ook is de afvoer van hemelwater van het perceel verbeterd. 2. Door de herstructureringsplannen is er geen tijd om van de investeringen te genieten. Gevraagd wordt om nog 10 jaar van de stacaravan gebruikt te mogen maken en een afkoopsom die recht doet aan de situatie. 3. De nieuwe ontwikkelingen maken het voor de lagere inkomsensklasse onmogelijk om te recreëren. Dit temeer omdat in heel Zeeland luxueuze vakantieverblijven worden gebouwd, zonder rekening te houden met de gevolgen voor de natuur. Het sociaal welzijn van de Nederlandse en Europese bevolking staat hiermee op het spel. Het gaat niet alleen om 600 vakantieverblijven, maar om veel meer gezinnen, families en vrienden die in de vakantiewoningen verblijven. 4.

Het is een verlies voor de lokale economie omdat het bedrijfsconcept ervan uitgaat dat uitgaven op het park plaatsvinden. 5. Opgeroepen wordt om niet alleen naar het economisch perspectief te kijken, maar ook rekening te houden met de sociale kant. Beantwoording 1. De verwachtingen die de exploitant mogelijk heeft gewekt, kunnen geen reden zijn om het wijzigingsplan voor de 100 kampeerhuisjes niet vast te stellen. De gemeente dient het wijzigingsplan in het kader van een goede ruimtelijke ordening te toetsen op de wijzigingsregels, beleid en wetgeving. In het privaatrechtelijke spoor zal de initiatiefnemer op grond van de Recron-voorwaarden een passende compensatie bieden aan de huidige huurders/gebruikers van de recreatieverblijven. 2. De gemeente is gehouden de beoogde ontwikkeling in het publiekrechtelijke spoor te toetsen aan de daarvoor geldende toetsingskaders. Het college is binnen de door de raad aan het college toegekende bevoegdheden bevoegd om regels en bestemmingen toe te kennen aan gronden. Daarbij speelt in dit geval in het bijzonder, gelet ook op de betrokken belangen, dat het huidige kampeerterrein is gedateerd en niet voldoet aan onder meer de eisen op het gebied van toeristische kwaliteit en duurzaamheid, zodat een onevenredig aanzienlijk bedrag nodig is voor de verbetering van de voorzieningen.

Die investering kan niet van de initiatiefnemer en gebruikers worden gevergd, nog daargelaten dat daarmee niet de vereiste kwaliteitsverbetering kan worden bereikt. De initiatiefnemer zal op grond van de Recron-voorwaarden een passende compensatie bieden aan de huidige huurders/gebruikers van de recreatieverblijven. Sommige gebruikers hebben van die compensatieregeling reeds gebruik gemaakt. Daarmee zijn die belangen van de huidige gebruikers voldoende verzekerd en bestaat geen grond voor het oordeel dat bij het wijzigingsplan onvoldoende rekening is gehouden met hun belangen. Reclamant heeft daarmee niet aannemelijk gemaakt dat aan zijn belang (en de belangen van de gebruikers) zodanig voorbij is gegaan, dat het wijzigingsplan om deze reden niet zou kunnen worden vastgesteldDe gemeente kan geen partij zijn in de privaatrechtelijke afspraken tussen exploitant en huurders/eigenaren. Zo kan de gemeente ook geen overgangstermijn worden bepaald. 3. In het, in verband met de Ladderonderbouwing uitgevoerde behoefteonderzoek zijn onder meer cijfers van het kenniscentrum Kusttoerisme toegepast. Hieruit blijkt dat de vraag naar huisjesparken toeneemt ten opzichte van de vraag naar kampeerterreinen. Hoewel hier geen verschil wordt gemaakt tussen chalets, kampeerhuisjes en recreatiewoningen blijkt dat de vraag naar luxe toeneemt. Het Trendrapport Toerisme

4.

5.

2019 geeft een duidelijke behoefte aan meer kwaliteit aan. Een stacaravan voldoet steeds minder aan de vraag van de hedendaagse toerist. Deze heeft de voorkeur voor een recreatiewoning voorzien van alle gemakken. De nieuwe ontwikkeling voorziet daarmee, blijkens de verrichte onderzoeken in een behoefte. Overigens voorzien de kampeerhuisjes in de behoefte in het middensegment. Uit onder andere het onderzoek ‘Dag- en verblijfsrecreatie in Nederland’ blijkt dat de besteding per dag van huurders van kampeerhuisjes en recreatiewoningen groter is dan van vaste gebruikers van de huidige stacaravans. Bovendien neemt de bezettingsgraad gemiddeld toe. De nieuwe ontwikkeling zorgt naar verwachting voor een economische impuls in de regio. Overigens zullen de voorzieningen op het park niet van een zodanige omvang zijn dat gebruikers geen De gemeente dient dergelijke initiatieven in het kader van de planologische procedure te toetsen aan een goede ruimtelijke ordening op basis van de geldende planologische kaders. Daarbij kunnen sociale aspecten niet maatgevend. Bovendien voorziet de beoogde ontwikkeling in een actuele en toekomstige vraag en draagt de ontwikkeling bij aan een substantiële ruimtelijke kwaliteitswinst. Met de kampeerhuisjes wordt ook accommodatie aangeboden in het middensegment. Met opmaak: Lijstalinea

Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het wijzigingsplan.

4. Ambtshalve aanpassingen Aanpassing verbeelding - De ter plaatse van het plangebied geldende ongewijzigde bestemmingen en aanduidingen zijn ten behoeve van de inzichtelijkheid en raadpleegbaarheid integraal overgenomen uit het moederplan. De verbeelding geeft zodoende een volledig beeld van de na vaststelling van dit wijzigingsplan ontstane situatie. Aanpassen regels - Sinds de vaststelling van het ontwerpwijzigingsplan is de vertaling van het stedenbouwkundig ontwerp in het landschappelijk ontwerp op een aantal punten gewijzigd. Het gaat daarbij om de hoogte-accenten in het duinlandschap en de beplanting. Als gevolg daarvan zijn de beschrijving van het landschappelijke ontwerp en bijlage 1 bij het wijzigingsplan aangepast. - Omdat de wijze van waterberging op dit moment nog niet vaststaat wordt een voorwaardelijke verplichting aan de regels toegevoegd, luidende: Herinrichting van het watersysteem in het plangebied is slechts toegestaan nadat daarover afstemming heeft plaatsgevonden met de waterbeheerder. Aanpassing bijlagen - De bij de mer-beoordeling opgenomen, door Arcadis uitgevoerde, akoestische onderzoeken wegverkeers- en industrielawaai zijn op een aantal punten verduidelijkt. De conclusies zijn ongewijzigd en onverkort actueel.

- De geactualiseerde onderzoeken van Arcadis zijn samen met de ingediende natuurtoets ten behoeve van de Wnb-vergunning, geactualiseerde stikstofberekeningen en het uitgevoerde explosievenonderzoek als aparte bijlage aan het wijzigingsplan toegevoegd. Aanpassing Toelichting - De toepassing van de wijzigingsbevoegdheid en de mogelijkheden op basis van het geldende bestemmingsplan worden hier en daar verduidelijkt. - De mogelijkheid voor het toekennen van de bestemming ‘Groen-Landschappelijk’ binnen de wijzigingsbevoegdheid wordt nader benoemd. - Een omschrijving dat op basis van het geldende bestemmingsplan het aantal kampeerhuisjes momenteel 0 bedraagt is toegevoegd. - Benadrukt wordt dat uit het soortenonderzoek blijkt, dat met het nemen van de juiste maatregelen tijdens de aanlegfase van het nieuwe terrein, de ontwikkeling geen belemmering vormt voor beschermde soorten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9566002/1