1489854 Bijlage Herbouw Reddingsposten SD afweging en programma van eisen
Tekst van het document
herbouw reddingsposten schouwen-duiveland afweging en programma van eisen Concept - 17 februari 2025
Inhoud 01 - de situatie
3
colofon
De vraag Het werk van de reddingsbrigade De bestaande posten
4 5 5
DOCUMENTGEGEVENS
02 - ambitie Veiligheid Proactiviteit Preventie Preparatie Repressie Nazorg EHBO Gastheerschap Politieveiligheid Natuur en milieu Samenvatting
12 13 14 14 14 14 14 14 14 14 14 15
03 - beleidstoets
16
Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid Samenvatting
17 17 19 22
04 - programma van eisen
23
Programma Opties voor de hoofdvorm van de post Plattegronden Doorsneden Materialen Architectuur
24 26 28 29 31 31
05 - conclusie
32
Noodzaak Aanpassen beleid Programma van eisen Vervolg
33 33 33 33
Titel Herbouw Reddingsposten Schouwen-Duiveland Rapportnummer 001386.S02.C03 Datum 17 Februari 2025 Status Concept 27 OPDRACHTGEVER Naam Gemeente Schouwen-Duiveland Larissa den Boer 18Contactpersoon Adresgegevens Laan van St, Hillaire 2, 4301 SH Zierikzee OPDRACHTNEMER Naam Juust BV Adresgegevens Goessestraatweg 17A 4421 AD Kapelle 0113 - 405051 info@juust.nl Auteur(s) Miranda van der Neut Contactgegevens miranda@juust.nl
01 de situatie
de situatie DE VRAAG De Strandreddingsbrigade Westerschouwen (verder SRB genoemd) is een belangrijke vrijwilligersorganisatie die zich inzet voor de veiligheid op de stranden van Schouwen-Duiveland. De bestaande huisvesting van de reddingsbrigade is aan vernieuwing toe. De huisvesting van de drie vaste posten op de stranden van Westenschouwen, Renesse en Scharendijke staan een goed en veilig gebruik steeds meer in de weg. Er spelen daarbij verschillende aspecten een rol zoals de bemensing van de posten (met eventueel een nachtelijke bezetting), huisvesting van de vrijwilligers, de slechte kwaliteit van de gebouwen en de technische installaties, de opslag van materialen en de mogelijkheden om verder te moderniseren. Deze rapportage brengt de mogelijkheden voor het moderniseren en verduurzamen van een toekomstige, duurzame huisvesting van de reddingsbrigade in de westhoek van Schouwen-Duiveland in beeld. Het gaat daarbij om de vaste posten met daaraan gekoppeld een onderzoek naar de mogelijkheid voor overnachten op de posten. De mobiele posten worden hierin niet betrokken. Daarnaast is op dit moment sprake van opslag op een locatie aan de Roterij in Burgh-Haamstede in een pand wat gehuurd wordt. Hier vinden ook de trainingsactiviteiten plaats. Het is wenselijk te onderzoeken of de trainingsfaciliteit mogelijk gecombineerd kan worden met de (nieuwe) huisvesting op het strand.
De opslag wordt op een locatie in Burgh-Haamstede behouden. De huidige fundering en constructie worden gebruikt voor de te bouwen posten. Daarover meer in het hoofdstuk Programma van Eisen. Dit betekent dat een eventuele uitbreiding van het programma zeer waarschijnlijk zal zorgen voor een gebouw in twee bouwlagen of het uitbreiden van de bestaande constructie. Het integreren van een kleine opslag, training en overnachting in de nieuwe posten zorgt voor een duurzame instandhouding van de posten. De vragen die in deze rapportage beantwoord worden zijn: • Op welke manier is de modernisering en verduurzaming van de reddingsposten passend te maken in het vigerende beleid van de betrokken overheden (Rijk, Provincie en Gemeente); • Is het overnachten van personeel wenselijk, noodzakelijk en planologisch mogelijk te maken?; • Is het mogelijk om de drie reddingsposten op de stranden van Westenschouwen, Renesse en Scharendijke te moderniseren 4
LIGGING VAN HET PLANGEBIED
met behoud van de bestaande constructiepalen; • Welke kwalitatieve en kwantitatieve eisen (Programma van eisen) worden er vanuit de gebruikers en de opdrachtgever (gemeente) meegegeven aan de nieuwbouw van de posten? De samenvattende conclusie en aanbevelingen zijn in het laatste hoofdstuk opgenomen. HET WERK VAN DE REDDINGSBRIGADE Voorkomen van verdrinking is de kern van het werk. De beste methode om verdrinking te voorkomen, is het opsporen van gevaarlijke situaties. Daarom wordt er veel gepatrouilleerd; zowel lopend, rijdend als varend. Drijven mensen niet te ver af, bevinden ze zich niet te dicht bij paalhoofden, houden mensen op zandbanken rekening met het getij, enzovoort. De reddingsbrigade waarschuwt recreanten en geeft voorlichting en adviezen. Vanuit de reddingsposten en op aangewezen stukken strand wordt ook toezicht gehouden. Ondanks deze maatregelen is niet alles te voorkomen, daarom is het ook belangrijk dat badgasten alert blijven op de gevaren van de zee. Veelal komen recreanten naar de reddingspost met allerlei kleine verwondingen. Het behandelen van insectenen kwallenbeten, kleine snij- en schaafwonden vormen de meest voorkomende EHBO-werkzaamheden. Soms gaat het echter om zwaardere letstels. Daarnaast is het vooral op warme dagen druk met hitte-bevangingen. Soms moet de SRB ook in actie komen voor mensen met hartklachten.
Bij dergelijke ‘zwaardere’ EHBO-gevallen worden patrouilles naar de ongevalplaats gestuurd en indien noodzakelijk deskundige hulpdiensten ingeschakeld. Als iemand op het strand 112 belt, ondersteunt de SRB de hulpdiensten met de localisatie van het slachtoffer, transport van hulpverleners en het vrijmaken van rijroutes en duinovergangen Een iets minder bekende rol van de SRB is die van gastheerschap op de stranden. Recreanten vragen om allerlei informatie met betrekking tot het getij, temperatuur van lucht en water. Worden mensen door de brigade geïnformeerd over de strandregels en mogelijke gevaren die de zee met zich meebrengt. Omdat er zich onder de strandbezoekers veel vakantiegangers bevinden, wordt er ook vaak gevraagd naar de locatie van campings en activiteiten. Ook wanneer er op het strand of op het water sporen van vervuiling of gewonde of dode dieren gevonden worden, wordt dit door de reddingsbrigade gemeld aan de
desbetreffende instantie. Het kan dan gaan om Gemeente, Rijkswaterstaat, EHBZ, vogelopvang etc. Los van de modernisering en de vraag naar uitbreiding van de reddingsposten, is het voor de gemeente SchouwenDuiveland belangrijk dat de veiligheid op de stranden ook in de toekomst gewaarborgd blijft. Het gevoel van veiligheid begint voor de badgasten vaak al bij het duidelijk zichtbaar zijn van de reddingsbrigade. Op dit moment draagt de kwaliteit van de posten niet positief bij aan de professionaliteit van de reddingsbrigade. De posten zijn duidelijk gedateerd en door de zandverplaatsing op de stranden liggen sommige posten relatief lager waardoor ze moeilijker zichtbaar zijn vanaf de stranden. DE BESTAANDE POSTEN Op de volgende pagina’s wordt een overzicht van de bestaande posten gegeven. In basis wijken de posten niet erg van elkaar af. Het palenplan van de posten is wel enigszins verschillend (zie tekeningen). De oppervlakte van de posten exclusief vrijstaande berging, bedraagt in de huidige situatie circa 57,5 vierkante meter. Trappen, hellingen en veranda’s worden hierbij niet meegerekend. De onderzijde van de posten is jaren geleden afgesloten door middel van hekwerken. Dit vanwege vandalisme aan de posten, met name aan de kabels en leidingen onder de vloer.
Voor de toekomstige nieuwe reddinsgposten wordt uitgegaan van de bestaande locaties en hergebruik van de aanwezige betonnen funderingspalen.
02 ambitie
ambitie VEILIGHEID
De reddingsbrigade is een organisatie die voor een groot deel op vrijwilligers draait. Deze vrijwilligers komen niet alleen uit de directe omgeving van de stranden. Sterker nog, de meeste vrijwilligers komen van buiten het eiland. De afbeelding links onderin laat zien waar de vrijwilligers zoal vandaan komen. In totaal gaat het om meer dan 320 mensen. De reddingsbrigade is zelf verantwoordelijk voor de huisvesting van haar vrijwilligers. De gemeente is financieel verantwoordelijk hiervoor.
De reddingsbrigade is onmisbaar op de stranden van SchouwenDuiveland. Er wordt veel van de brigade gevraagd. Meer dan 150 keer per jaar rukken ze uit voor grote en kleine meldingen op de stranden. Een voldoende bezetting van de posten is daarom essentieel.
De reddingsbrigade levert zoals eerder al benoemd een belangrijke bijdrage aan de veiligheid en de beleving van veiligheid op de stranden van Schouwen-Duiveland. Het thema veiligheid wordt in de huidige tijd steeds belangrijker. Ook in het kusttoerisme is dit een steeds belangrijker thema. De bezoekers aan de stranden laten hun keuze voor de locatie steeds vaker afhangen van de aanwezigheid van een reddingspost. Daarom is een goed functionerende reddingsbrigade op de stranden een steeds belangrijker aspect van het toeristisch product van het eiland.
Recreatie op de stranden speelt zich niet meer enkel af in de twee zomermaanden tot eind van de middag. Door een breder recreatief aanbod op Schouwen-Duiveland en daardoor een breder publiek, worden de stranden gedurende het hele jaar en over een langere periode van de dag bezocht. Het is daarom wenselijk om ook het zogenaamde ‘toezichtvenster’ door de Reddingsbrigade verder te verbreden. De gemeente heeft de afspraken met de reddingsbrigade in een zogenaamd ‘strandveiligheidsprotocol’ vastgelegd. Hierin worden de afspraken over de dienstverlening rond de veiligheid op de stranden met betrokken partijen beschreven. De strandveiligheidstaken bestaan uit drie diensten. Het houden van toezicht op badgasten in de afgebakende gebieden aan de waterlijn is de primaire taak. Het houden van toezicht heeft tot doel een veilige omgeving te scheppen voor baders en zwemmers, waarmee wordt getracht de verdrinkingsdood te voorkomen. Deze taak omhelst alle facetten
HERKOMST VAN DE VRIJWILLIGERS 13
ambitie uit de veiligheidsketen. PROACTIVITEIT De SRB wordt in een vroegt¡jdig stadium betrokken bij alle zaken die de veiligheid van strandbezoekers aan kunnen gaan. De SRB wordt gelijkwaardig behandeld als andere hulpverleningsdiensten. De SRB wordt geconsulteerd voor alle activiteiten die in en rond het verzorgingsgebied plaatsvinden. Dit omvat ook activiteiten die in eerste instantie geen betrekking lijken te hebben op de veiligheid van baders en zwemmers, zoals aanpassingen in de buitenruimte en vergunningverlening.
het Kustwachtcentrum in Den Helder. Bij repressief optreden met mogelijk gemeentelijk bestuurlijke ¡mpact, wordt direct de dienstdoende AOV’er van de GSD geïnformeerd. NAZORG Het handelen hier is gericht op het zo snel mogelijk laten terugkeren van normale verhoudingen, de gevolgen verwerken en het lering trekken uit gebeurtenissen. Bij nazorg staat de opvang en het doorverwijzen van lifeguards centraal. Lifeguards kunnen hierbij worden opgevangen door een intern opvangteam of worden doorverwezen naar professionals.
PREVENTIE
EHBO
Het voorlichten van strandbezoekers over (mogelijk) gevaarlijke situaties is een belangrijk aspect van de Lifeguardtaak. Dit gebeurt primair door strandbezoekers actief aan te spreken binnen de afgebakende gebieden. Wanneer vaar- en voertuigen onderweg zijn naar opgeschaalde toezichtlocaties en risicolocaties informeert de SRB ook strandbezoekers die zich buiten de afgebakende gebieden begeven actief over de mogelijke gevaren.
Naast de gevaren die de zee voor baders en zwemmers met zich-meebrengt kunnen er ook door andere oorzaken incidenten plaatsvinden op het strand. De lifeguards zijn veelal als eerste aanwezig bij incidenten om eerste hulp te verlenen. Alle lifeguards beschikken over een diploma EHBO zoals beschreven in deel 3 artikel 1.5 uit het Opleiding en Examen Reglement van Reddingsbrigade Nederland. GASTHEERSCHAP
PREPARATIE Preparatie is de voorbereiding op scenario’s waarbij repressief opgetreden wordt. Feitelijk is dit het opschalen voor een eventueel worst-case-scenario. REPRESSIE Dit is het repressief optreden. Het repressief optreden omvat onder andere het bestrijden van calamiteiten en ongevallen Daarnaast heeft de SRB in het kader van repressie een coördinerende en sturende rol in het geval van vermissingen en vondelingen in het verzorgingsgebied. Deze rol staat omschreven in de “Werkafspraak Vermissingen op het strand en in recreatiegebieden” tussen de Politie, Reddingsbrigade en KNRM. De SRB hanteert hierbij de landelijk vastgestelde procesflow behorende bij de werkafspraak. Daarnaast kan de SRB via het Kustwachtcentrum Den Helder en de meldkamer van de Veiligheidsregio Zeeland opgeroepen worden voor assistentie dan wel ondersteuning bij diverse incidenten. Hierin sluit de SRB zich aan bij de reguliere opgeschaalde inzet die gecoördineerd wordt vanu¡t de meldkamer van de Veiligheidsregio Zeeland of 14
Doordat lifeguards van de SRB bij strandbezoek vrijwel altijd aanwezig zijn op het strand zijn zij voor de strandbezoeker vaak het eerste aanspreekpunt. Onder gastheerschap wordt verstaan het geven van oprechte aandacht en hartelijkheid met als doel de strandbezoeker zich zo welkom mogelijk te laten voelen. ln de praktijk betekent dit onder andere het actief aanspreken van de strandbezoeker en het aanspreekbaar zijn voor de strandbezoeker. Dit laatste houdt onder andere in dat de lifeguards in de afgebakende zones voor strandbezoekers direct aanspreekbaar zijn aan de waterlijn De SRB handelt als gastheer en treedt daar waar nodig op als intermediair. Indien nodig, verwijst de SRB door naar de verantwoordelijke instanties die zich al dan niet op het strand bevinden. POLITIEVEILIGHEIDSTAAK De SRB kan meldingen ontvangen waarvoor strandbezoekers eigenlijk de Politie of gemeentelijke handhaving moet benaderen. Voorbeelden van dergelijke meldingen zijn: diefstal, vermissing of verlies van persoonlijke bezittingen en meldingen van opstootjes. De SRB wijst strandbezoekers met deze meldingen
door naar de juiste instanties. NATUUR EN MILIEU Voorbeelden van meldingen over natuur en milieu zijn meldingen van brand, vernieling en aangespoelde of gewonde dieren. Voor dit type meldingen wordt contact opgenomen met de juiste instanties. Voor het waarborgen van alle hiervoor genoemde vastgelegde taken van de reddingsbrigade met als hoofdtaak de veiligheid nu en in de toekomst, wil de reddingsbrigade de vrijwilligers in de toekomst op de posten laten overnachten. Dit heeft een tweeledig doel: 1. Mee gaan in de trend van strandgasten die langer op het strand blijven in de avond. De SRB verruimt haar toezichtvenster en preventieve aanwezigheid, waardoor ook de veiligheid op de stranden vergroot (ook in de avond en nacht) 2. uit de door de reddingsbrigade gehouden enquete onder de vrijwilligers is gebleken dat het overnachten op de stranden heeft een positief effect op de aanmelding van vrijwilligers, wat essentieel is voor het goed kunnen blijven functioneren van de reddingsbrigade. Gemeente hoeft hierdoor geen overnachting elders meer organiseren of aan te bieden op een in het hoogseizoen druk bezet eiland.
DE SITUATIE IN OUDDORP BAART ZORGEN (BRON PZC 2024)
AMBITIE • De reddingsbrigade wil ook in de toekomst haar taken kunnen blijven uitvoeren op de stranden van Schouwen-Duiveland; • Deze taken zien vooral op de veiligheid van de stranden en bezoekers, 24/7 het hele jaar rond. • De toekomst van de Reddingsbrigade hangt af van de aanmelding van vrijwilligers. De vrijwilligers komen vanuit alle windstreken. De vrijwilligers hebben in een enquete aangegeven dat ze grote meerwaarde zien in het overnachten op de stranden. • Doordat er in de toekomst altijd iemand aanwezig is op de posten verruimt het toezichtvenster van de Reddingsbrigade en verbetert daarmee de algemene veiligheid op de stranden (ook in de avond en nacht) • De brigade ziet kansen voor afspraken over iontegraal beheer van de stranden • De reddingsbrigade draagt zelf zorg voor de opleiding van haar vrijwilligers. Hiervoor is het belangrijk dat er op de stranden getraind kan worden. • De reddingsbrigade is gastheer op de stranden. • Om klaar te zijn voor de toekomst en aantrekkelijk te blijven voor vrijwilkligers en badgasten is het noodzakelijk dat de bestaande reddingsposten worden gemoderniseerd. • Uitgangspunt is het behoud van drie vaste posten op de stranden van Westenschouwen, Renesse en Scharendijke (zie kaart ‘plangebied’ in de inleiding)
03 beleidstoets
Ervan uitgaande dat de bestaande posten vervangen en vergroot worden kijken we eerst naar de uitgangspunten die genoemd worden in de vigerende beleidsdocumenten die op de situatie van de reddingsposten van toepassing zijn. In dit hoofdstuk lopen we de belangrijkste beleidsregels door.
Het programma Mooi Nederland heeft als hoofddoel: ruimtelijke kwaliteit centraal stellen in de aanpak van maatschappelijke opgaven, op de korte én lange termijn. Het Programma Mooi Nederland biedt voor de nationale opgaven perspectief op oplossingen met ruimtelijke kwaliteit en samenhang tussen de opgaven.
RIJKSBELEID Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan grote opgaven waardoor Nederland de komende 30 jaar verandert. In de NOVI wordt aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 de langetermijnvisie in beeld gebracht. Het Rijk wil sturen op de nationale belangen. De inzet van het Rijk is samengevat in vier prioriteiten: • Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie. • Duurzaam economisch groeipotentieel. • Sterke en gezonde steden en regio’s. • Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Het versterken van de omgevingskwaliteit staat in de NOVI centraal. Dit houdt in dat alle plannen met oog voor de natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid gemaakt moeten worden. De NOVI maakt bij het maken van keuzes gebruik van drie afwegingsprincipes: • Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; • Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; • Afwentelen wordt voorkomen. De uitkomsten van de programma’s NOVEX en Mooi Nederland leiden tot nieuw nationaal ruimtelijk beleid: de aangescherpte NOVI. Het kabinet verwacht in 2024 de aangescherpte NOVI definitief te kunnen vaststellen. Er zijn zestien NOVEX-gebieden aangewezen waar grote ruimtelijke transities vragen om een apart ontwikkelperspectief.
Dit ontwikkelperspectief stellen Rijk en regio samen op. Voor de NOVEX-gebieden wordt vervolgens een uitvoeringsagenda met regionale investeringsagenda opgesteld: wie doet wat en wanneer?
De beleidsdoorwerking van de NOVI vindt plaats door middel van wet- en regelgeving, NOVI-gebieden, Gebiedsagenda’s Grote Wateren en de Omgevingsagenda’s. De locaties liggen niet binnen een NOVEX-gebied. Het rijksbeleid heeft dus geen directe doorwerking voor de voorgenomen ontwikkeling en vormt vooralsnog geen belemmering voor het herontwikkelen van nieuwe reddingsposten.
PROVINCIAAL BELEID Omgevingsvisie Zeeland De Provincie Zeeland heeft de Zeeuwse Omgevingsvisie op 11 november 2021 vastgesteld. Deze visie benoemt de vier Zeeuwse ambities voor 2050 voor de kwaliteit van de fysieke leefomgeving in de provincie Zeeland. Deze sluiten aan bij de prioriteiten van de NOVI en geven daar een Zeeuwse invulling aan. De Zeeuwse ambities geven richting aan al het provinciale beleid en de uitvoering daarvan. Deze ambities zijn: 1.
Uitstekend wonen, werken en leven in Zeeland.
2.
Balans in de grote wateren en het landelijk gebied.
3.
Een duurzame en innovatieve economie.
beleidstoets 4.
Klimaatbestendig en CO2-neutraal Zeeland.
Deze vier Zeeuwse ambities vragen om een goede afweging van keuzes, zowel op regionaal als op lokaal niveau. De drie afwegingsprincipes die het Rijk daarvoor heeft bedacht -zoals aangegeven in de NOVI- zijn in de Omgevingsvisie vertaald naar vier afwegingsfactoren. Deze zijn nodig om een zorgvuldige afweging te kunnen maken bij concrete initiatieven en activiteiten in Zeeland. Deze afwegingsfactoren zijn: 1.
Doe meer met minder grond.
2.
Werk samen en deel kosten en baten.
3.
Maak gebruik van de Zeeuwse kernkwaliteiten.
4.
Denk aan de toekomst en aan de rest van de wereld.
De vier ambities zijn algemene strategische ambities met 2050 als horizon. Deze moeten ook richting geven aan beleidsdoelstellingen voor de kortere termijn (2030). In de Omgevingsvisie Zeeland is dan ook het beleid voor de periode tot 2030 vormgegeven. Dit beleid is onderverdeeld in doelen voor 2030, de huidige situatie, acties voor de periode tot 2030 én afwegingsfactoren voor de uitvoering. Er zijn 27 thema’s (bouwstenen) uitgewerkt waarbij het beleid voor de komende 10 jaar is weergegeven en waarvoor instrumenten, waaronder de Zeeuwse Omgevingsverordening, kunnen worden ingezet. In de Zeeuwse Omgevingsverordening, is het beleid uit de Zeeuwse Omgevingsvisie verankerd. Het onderwerp recreatie en toerisme valt binnen de ambitie ‘een duurzame en innovatieve economie’. Recreatie en toerisme zijn zeer belangrijk voor Zeeland, als pijlers voor de economie, werkgelegenheid en leefbaarheid. De recreatieen toerismesector is sterk in beweging en er ligt een vraag om kwaliteitsverbetering en een gemeenschappelijke infrastructuur. De Zeeuwse stranden zijn de belangrijkste toeristische trekker. Zeeland beschikt over de schoonste en veiligste stranden van Europa en de stranden zijn van grote economische waarde voor Zeeland. Zeeland heeft daarnaast een veelzijdig aanbod. De provincie scoort hoog op het gebied van (buiten)recreatie (vooral 18
wandelen en fietsen), watersport (vooral actieve sporten, zoals kitesurfen en duiken) en gastronomie. Het Zeeuwse duin- en cultuurlandschap, met haar stranden, historische kernen en het omliggende platteland is het decor van beleving voor de gasten. In de omgevingsvisie is de actie opgenomen ‘’zorgen voor een toekomstbestendige sector met vitale bedrijven en ontwikkeling met kwaliteit’’ (actie 2.1). Voor de kustzone is in de Zeeuwse Kustvisie vastgelegd hoe de provincie de Zeeuwse Kwaliteitskust beschermt, versterkt en waar nodig herstelt. Deze visie blijft onverkort van kracht. De hierin opgenomen en hiervoor genoemde kwaliteitsaspecten gelden ook voor de recreatie in de overige delen van Zeeland. Zeeuwse Kustvisie (2017) De Zeeuwse kust is van groot belang voor Zeeland én Nederland vanwege het behoud en de versterking van de waterveiligheid en natuurwaarden, het Zeeuwse DNA in landschap en erfgoed, alsmede de economie en werkgelegenheid. Om de beoogde Zeeuwse Kwaliteitskust dichterbij te brengen wordt ingezet op een tweezijdige ontwikkelingsstrategie: • Beschermen, versterken en beleven van bestaande kwaliteiten (natuur en landschap, (verblijfs)recreatie, water/ strand en infrastructuur); • Gebiedsgericht ontwikkelen van nieuwe kwaliteiten.
De ontwikkelstrategieën beschermen, versterken en beleven van bestaande kwaliteiten en het ontwikkelen van nieuwe kwaliteiten zijn gekoppeld aan onder andere het strand en waterkering. Dit is op de Zeeuwse Kustvisiekaart aangegeven in het geel.
Westenschouwen: strand, bij natuurstrand/recreatiestrand
toegestane
Wilhelminahoeve: natuurstrand
toegestane
strand,
bij
dagcabines, dagcabines,
Jan van Renesseweg: strand, bij toegestane bij toegestane strandpaviljoens en enkele dagcabines, recreatiestrand Brouwersdam/Scharendijke: strand, strandpaviljoens, recreatiestrand
bij
toegestane
De typeringen van de stranden worden in de kustvisie verder uitgewerkt en van uitgangspunten voorzien die gaan over gebruik en kwaliteit. Alle vaste posten van de reddingsbrigade staan op aangewezen recreatiestranden. Het strand, de duinen, dammen en dijken vormen samen de waterkeringszone en beschermen Zeeland en de buurprovincies tegen overstromingen. Het strand en de duinen vormen hiernaast het grootste aaneengesloten natuurgebied van Nederland. Het ervaren van de elementen en het vrije uitzicht op de horizon zijn grote kwaliteiten die gekoesterd mogen worden. Ook bieden ze volop ruimte aan recreatieve activiteiten, van uitwaaien op een leeg winters strand tot en met de zomerse hectiek van zwemmen, zonnebaden en water gerelateerde sporten. Het Zeeuwse strand biedt daarmee voor elk wat wils. Om deze kwaliteiten voor de toekomst te borgen, wordt ingezet op het garanderen van de waterveiligheid, het beschermen en versterken van de natuurlijke processen en het bieden van strandplezier voor inwoner en toerist. Om de waterveiligheid te blijven garanderen en om mee te groeien met de zeespiegelstijging wordt regelmatig zand aan de kust toegevoegd. Dit gebeurt in de vorm van onderwatersuppleties en strandsuppleties. Hiernaast is door Rijkswaterstaat en Waterschap Scheldestromen beleid en regelgeving vastgesteld met uitgangspunten voor medegebruik van de waterkering.
Hierbij gelden in ieder geval de volgende voorwaarden: • Strandbebouwing mag geen gevaar zijn voor de stabiliteit van de waterkering en moet in stormcondities uiteen kunnen vallen; • Jaarrond aanwezige strandbebouwing moet een minimale vloerhoogte aanhouden om een efficiënte uitvoering van suppleties mogelijk te maken; • Jaarrond aanwezige strandbebouwing moet een minimale vloerhoogte aanhouden om doorstuiving te optimaliseren. Elk stukje strand heeft zijn eigen kwaliteit. Om deze kwaliteiten te beschermen, te versterken en te kunnen beleven wordt ingezet op het vergroten van het contrast tussen enerzijds de
beleidstoets rustige natuurstranden en anderzijds de intensiever benutte recreatiestranden. Deze laatste zijn onderdeel van het vraagstuk van de reddingsbrigade (de posten staan op recreatiestranden in de Kustvisie). Recreatiestranden (niet-dynamisch beheerde stranden) De dagrecreatieve aantrekkingskracht van de Zeeuwse kust concentreert zich vooral op de niet-dynamisch beheerde recreatiestranden. Dit strandtype omvat het brede spectrum van drukke en optimaal bereikbare stranden zoals bij Westenschouwen tot en met rustige stranden zoals op Neeltje Jans.
8.Exploitatie Onderstaand staan een aantal belangrijke passages uit het nieuwe strandbeleid: p.33: Ten aanzien van reddingsposten en sanitaire voorzieningen vullen we de bebouwing in, in afstemming met de ruimtebehoefte voor een goede uitoefening van taken of de functie (ook in relatie tot ARBO-eisen). Hiervoor legt de gemeente geen planologische begrenzing vast (is nu nog wel sprake van met het vigerende omgevingsplan). Uitgangspunt is doelmatig functioneel. Overnachting puur ten dienste van strandbewaking is bij uitzondering toegestaan in het nieuwe strandbeleid.
De bestaande voorzieningen op deze stranden voorzien in een belangrijke vraag vanuit de inwoner en toerist en vormen een symbiose met de achterliggende Zeeuwse badplaatsen en verblijfsrecreatieve terreinen. Om de balans van de kwaliteiten van het strand te behouden is extra recreatieve strandbebouwing niet toegestaan. Ook op recreatiestranden is aandacht voor natuur- en landschapswaarden aan de orde. Kwaliteitsverbetering van de bestaande bebouwing is mogelijk op voorwaarde dat tegemoet wordt gekomen aan eisen vanuit het waterkeringsbelang en sluit qua schaal en vormgeving aan bij de omgevingskwaliteiten en het lokale DNA.
p.33 verlichting: Duisternis is een specifieke kwaliteit van onze gemeente. Zowel op natuurstranden als op recreatieve stranden streven we naar zo min mogelijk lichtvervuiling. Strandpaviljoens mogen enkel verlichting voeren tijdens de openingstijden van het paviljoen, wanneer er mensen buiten (op het terras) aanwezig zijn. De lichtbron mag buiten de inrichting niet te zien zijn. Desgewenst kan hierbij gebruik gemaakt worden van dynamische verlichting of verlichting met een bewegingssensor. Alleen veiligheidsverlichting is ook ’s nachts toegestaan. Lichtreclames zijn uitgesloten.
GEMEENTELIJK BELEID
p.46 Strandbewaking - Visie op strandveiligheid
Strandbeleid (concept 2024) Het strand vraagt om continue aandacht en inzet van de gemeente en andere betrokken instanties. Met deze beleidsnota geeft de gemeente richting aan de toekomst van het strand en hoe de gemeente daar samen met andere overheden, ondernemers, natuur- en belangenorganisaties, inwoners en toeristen mee om wil gaan. De nota bevat de volgende Inhoudelijke thema’s: 1.Ruimtelijk kader: strandzonering
inzet van lifeguards is een groot goed. Juist de sfeer in de organisatie en het karakter van de werkzaamheden zorgen ervoor dat vrijwilligers vanuit het hele land zich vaak voor meerdere jaren verbinden aan het eiland. Juist het feit dat er sprake is van vrijwilligerswerk maakt dat de Strandreddingsbrigade niet hoeft te concurreren met bijvoorbeeld de horeca voor het aantrekken van menskracht. Toch maakt dit de organisatie ook kwetsbaar. De ambitie is een jaarrond aanwezigheid van de strandreddingsbrigade en het verder professionaliseren van de organisatie. Bij de herziening van de dienstverleningsovereenkomst in 2026 beziet de gemeente, in overleg met het bestuur van de Strandreddingsbrigade, of het mogelijk en wenselijk is twee fte aan vaste krachten in dienst te nemen. Dit met oog op het borgen van de continuïteit van lifeguard dienstverlening (met name buiten de reguliere bezettingstijden) en de organisatorische dienstverlening. De gemeente zorgt voor hoogwaardige kwalitatieve materialen voor het uitoefenen van de taken van de Strandreddingsbrigade. Dit is niet alleen van belang voor het uitoefenen van de taken, maar zorgt er ook voor dat de reddingsbrigade een aantrekkelijke plek is voor lifeguards om te werken. De mogelijkheid om te overnachten op de reddingspost heeft voor
De gemeente heeft de wettelijke zorgplicht om er in alle redelijkheid alles aan te doen dat het risico op ongelukken te beperken. Basis voor het strandveiligheidsbeleid is de visie op strandveiligheid die is opgesteld door het Nederlands Instituut Veiligheid Zwemlocaties (NIVZ). Het veiligheidsbeleid is erop gericht het risico op ongelukken op en rond het water zo klein mogelijk te maken. de gemeente streeft ernaar dat er op Schouwen-Duiveland geen mensen verdrinken en dat het aantal ongelukken op het strand tot een absoluut minimum beperkt is.
2.Kwaliteit en onderscheidend vermogen 3.Ruimtelijke ordening: strandbebouwing 4.Voorzieningen 5.Recreatie 6.Veiligheid en regelgeving 7.Beheer
De bewaking van de stranden is in handen van de Strandreddingsbrigade (SRB). Via een dienstverleningsovereenkomst (DVO) is vastgelegd hoe de dienstverlening van de SRB is georganiseerd. Belangrijk aandachtspunt is dat de dienstverlening rust op vrijwilligers die samenwerken in een professionele organisatie. De vrijwillige 19
beleidstoets de dienstverlening van de Strandreddingsbrigade operationele voordelen, bijvoorbeeld met oog op langere inzetbaarheid op mooie stranddagen of het verzorgen van trainingen buiten de toezichttijden. Daarnaast is een deel van de aantrekkelijkheid van de Strandreddingsbrigade als vrijwilligersorganisatie het feit dat lifeguards mogen overnachten op de reddingspost. In deze notitie brengen we in beeld hoe we de huisvesting niet alleen zowel functioneel, aantrekkelijk als ook veilig verantwoord kunnen laten plaatsvinden. De gemeente zet zich ervoor in om huisvesting van medewerkers van de strandreddingsbrigade op het strand blijvend te faciliteren. Overnachting puur ten dienste van strandbewaking in bij uitzondering toegestaan, het strandbeleid onderstreept dit. Bestemmingsplan - omgevingsplan Voor het vernieuwen van de bestaande reddingsposten is een planologische procedure nodig. Er zijn in principe twee mogelijkheden: 1. Een O.P.A. (Omgevingsplanactiviteit): het plan past binnen de geldende regels van het omgevingsplan en is er geen onderbouwing nodig. Het kan wel zijn dat er aanvullende onderzoeken moeten worden aangeleverd. Dit is het meest eenvoudige spoor. 2. Een B.O.P.A. (Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit): het plan past niet (helemaal) binnen de geldende regels van
het omgevingsplan en is een goede ruimtelijke onderbouwing (BOPA-onderbouwing) nodig waaruit blijkt dat er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Door middel van diverse onderzoeken moet worden aangetoond dat de nieuwe activiteit wenselijk en mogelijk is. Aan de BOPA zitten altijd aanvullende onderzoeken vast.
De totale vloeroppervlakte van een reddingspost met bijbehorende opslagruimte (intern) en exclusief trap en/of gebouwde opgang naar de reddingspost bedraagt ten hoogste 100m2.
•
De oppervlakte van een bij een reddingspost behorende opslagruimte bedraagt ten hoogste 15m2
De reddingsposten vallen binnen het omgevingsplan ‘Kop van Schouwen’ . De volgende artikelen van toepassing: •
Artikel 17 Recreatie - Strand
•
Artikel 29 Waarde – Archeologie – 3
•
Artikel 32 Waarde – Archeologie – 6
•
Artikel 35 Waterstaat – Waterkering
Hieronder worden deze artikelen verder toegelicht en wordt benoemd welke regels relevant zijn voor het project van de reddingsposten.
Nadere eisen Het bevoegd gezag kan met het oog op het waterkeringsbelang en natuurbelangen nadere eisen stellen ten aanzien van: 1. de afstanden van een strandpaviljoen en reddingspost tot de duinvoet; 2. minimale afstand reddingsposten onderling;
tussen
strandpaviljoens
en
3. minimale afstand tot strand- en paalhoofden en stenen bermen; 4.
de constructie van het paviljoen en reddingspost;
Artikel 17 Recreatie – Strand
5.
de verlichting van het strandpaviljoen en reddingspost;
Dit artikel legt het gebruik van de stranden vast in regels. De aangewezen gronden ‘strand’ zijn bestemd voor dagrecreatie en behoud en ontwikkeling van natuurwaarden. Voor de reddingsposten is een aanduiding opgenomen. Daar is ‘een specifieke vorm van dienstverlening – reddingspost’ toegestaan. Maar ook andere functie die daarbij horen zoals
6. de fundering en in geval van paalfundering aan de paaldiepte en de minimale paalafstand;
•
Openbaar toegankelijke voorzieningen
•
Bijbehorende opslagruimtes
•
Toiletten, douche en kleedruimtes
•
groen, water, waterhuishoudkundige voorzieningen
•
andere voorzieningen ten dienste van de bestemming.
•
In dit artikel zijn ook de bouwregels opgenomen.
De volgende bouwregels zijn van toepassing op het plan: •
Maximum bouwhoogte: 6 meter
•
Maximum goothoogte: 3,5 meter
•
Gebouwen worden boven het strandniveau geplaatst (artikel 17.2.1, lid b).
•
De afstand van een reddingspost tot de duinvoet mag niet minder dan 3 meter bedragen.
20
•
7. de hoogte van de onderkant van de vloer van een strandpaviljoen en reddingspost ten opzichte van het strand in verband met zandsuppletie op het strand. Deze nadere eisen mogen worden gesteld met het doel te voorkomen dat de belangen van bijvoorbeeld de waterkering of natuur worden geschaad of afbreuk wordt gedaan aan de doeleinden van het plan en met het oog op de bereikbaarheid van gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde, en gronden in verband met calamiteiten. Afwijkingsmogelijkheden voor bouwen Er zijn geen afwijkingsmogelijkheden voor een reddingspost. De afwijkingsmogelijkheden in het omgevingsplan zijn enkel bedoeld voor strandpaviljoens. Gebruiksregels Nachtverblijf in reddingsposten ter beveiliging van de post en het strand is toegestaan. Aangezien er 12 bedden worden gerealiseerd in de nieuwe reddingsposten is het noodzakelijk dat dit getal goed wordt toegelicht. De onderbouwing van het aantal slaapplaatsen zal gerelateerd moeten worden aan het aspect veiligheid.
Artikel 29 en 32 waarde – archeologie – 3 en 6 De voor ‘Waarde - Archeologie - 3’ en ‘Waarde - Archeologie - 6’ aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming, ook bestemd voor het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden. Deze bestemming is dominant en wordt niet beïnvloed door de aanwezigheid van eventuele andere bestemmingen op deze zelfde gronden.
behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en) tevens bestemd voor de waterkering. De duinen en kuststrook hebben een belangrijke functie als kustverdediging van het eiland.
De omgevingsvergunning kan worden aangevraagd via het omgevingsloket (ook wanneer de gemeente de aanvrager is).
Bouwregels
1.
De bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd met inachtneming van de volgende regel: de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag maximaal 2 meter bedragen.
Bouwregels De regels hebben vooral betrekking op andere zaken dan gebouwen. De bouwhoogte van bouwwerken mag maximaal 2 meter bedragen. Andere bestemmingen Ten behoeve van andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag niet worden gebouwd, indien het bouwplan betrekking heeft op een bouwwerk met een oppervlakte groter dan 30 m² en waarbij bovendien grond- of graafwerkzaamheden dieper dan 0,50 meter beneden het maaiveld plaatsvinden. Dit heeft zeer waarschijnlijk geen consequenties voor de reddingsposten omdat er gebruik wordt gemaakt van de bestaande palenconstructie. Zie onderstaande citaat: Het bepaalde onder lid 29.2.2, onder a is niet van toepassing indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering. Afwijkingsmogelijkheden voor bouwen Er kan van de bovenstaande regels worden afgeweken wanneer de aanvrager van de omgevingsvergunning voor het bouwen een rapport heeft overgelegd, waarin wordt aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden aanwezig zijn of dat de archeologische waarden voldoende worden veiliggesteld. Artikel 35 Waterstaat – waterkering De voor ‘Waterstaat - Waterkering’ aangewezen gronden zijn 21
Andere bestemmingen: Ten behoeve van de andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag met in achtneming van de voor de betrokken bestemming(en) geldende (bouw)regels uitsluitend worden gebouwd, indien de omgevingsvergunning betrekking heeft op nieuwbouw van een reddingspost of vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder het peil, niet wordt uitgebreid, mits het belang van de waterkering door de bouwactiviteiten niet onevenredig wordt geschaad. Er moet altijd schriftelijk advies in bij de beheerder(s) van de waterkering worden gevraagd. Afwijkingsmogelijkheden voor bouwen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 35.2.1 ten behoeve van het bouwen van hogere bouwwerken, met inachtneming van het volgende: 1. vergunning wordt uitsluitend verleend ten behoeve van de bouw van bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 2. vergunning wordt verleend, indien de bij de betrokken bestemming behorende bouwregels in acht worden genomen en het belang van de waterkering door bouwactiviteiten niet onevenredig wordt geschaad; 3. alvorens omtrent het verlenen van de omgevingsvergunning te beslissen, wint het bevoegd gezag schriftelijk advies in bij de beheerder(s) van de waterkering. VERVOLGPROCEDURE In geval van een O.P.A. of een B.O.P.A. is er sprake van een reguliere procedure.
Deze procedure duurt in principe 8 weken.
Als het definitieve plan zo wordt vormgegeven dat het voldoet aan de geldende regels uit het omgevingsplan (model met kap), zijn de volgende stukken nodig: Concrete situatietekening van de reddingspost met bijbehorende maatvoering; 2.
Beknopte toelichting op het plan;
3.
Archeologisch onderzoek.
4.
Afstemming met het Waterschap (door gemeente)
5.
Stikstofdepositierapportage.
6.
Quickscan Flora en Fauna en natuurtoets (Provincie)
Wanneer het definitieve plan niet voldoet aan de geldende regels uit het omgevingsplan, mioet aanvullend op de bovenstaande stukken ook een BOPA onderbouwing (toelichting op het plan) en bijbehorende bijlagen en deelonderzoeken) worden opgesteld. Deze onderbouwing is uitgebreider dan bij de OPA. Met name de uitkomst van de stikstofberekening en de natuurtoets zijn op voorhand niet in te schatten. Hierin zitten dus risico’s voor de uitvoering van het plan. Advies is dan ook om aansluitend op de besluitvorming over het Programma van Eisen deze onderzoeken direct op te pakken.
RIJK Vooralsnog geen belemmeringen vanuit vigerend beleid. Het Rijk is wel verantwoordelijk voor de kustverdediging en dus moet er toestemming gegeven worden aan het voorgenomen bouwplan. Deze toestemming zit in de vergunningenprocedure opgenomen. WATERSCHAP Bevoegd gezag voor de watertoets en waterveilgheid PROVINCIE - KUSTVISIE • kwaliteitsverbetering van de bestaande bebouwing is mogelijk op voorwaarde dat tegemoet wordt gekomen aan eisen vanuit het waterkeringsbelang • nieuwe bebouwing sluit qua schaal en vormgeving aan bij de omgevingskwaliteiten en het lokale DNA • reddingsposten worden niet specifiek genoemd in de opsomming van bebouwing op de stranden • wanneer we aansluiten bij de regeling voor strandpaviljoens (die ook een jaarrond staan) geldt een goothoogte van maxiaal 4 meter en een bouwhoogte van 6.5 meter, gemeten vanaf de vloer van het gebouw. • gebouwen mogen niet boven de hoogte van de duinen uitkomen PROVINCIE - OMGEVINGSVERORDENING • Reddingsbrigadegebouwen zijn uitgesloten van de regelgeving waarin staat dat er geen nieuwverstiging van gebouwen of uitbreiding is toegestaan. GEMEENTE - STRANDBELEID •
inzetten op verdere professionalisering van de reddingsbrigade
•
Vernieuwen en moderniseren van de posten en materieel, met oog voor de natuurlijke omgeving
•
Overnachten op de posten bij uitzondering mogelijk maken puur ten dienste van strandbewaking.
GEMEENTE - OMGEVINGSPLAN •
maximaal oppervlak 100 vierkante meter
•
goothoogte maximaal 3,5 meter en nokhoogte maximaal 6 meter
•
op de hoogtematen is 10% afwijking toegestaan
•
bijgebouw maximaal 15 vierkante meter
•
OPA of BOPA procedure van 8 weken is noodzakelijk
•
Daarbij wordt een onderbouwing van het (bouw)plan gevraagd
•
Ook de volgende deelonderzoeken moeten in ieder geval worden uitgevoerd: archeologie, stikstof, flora-en fauna.
•
En er is ongeacht de procedure altijd toestemming nodig van het waterschap en/of rijkswaterstaat
04 programma van eisen
PROGRAMMA VAN EISEN Voor de bouw van de drie nieuwe reddingsposten is een programma van eisen opgesteld in een samenwerking tussen de Reddingsbrigade en de gemeente Schouwen-Duiveland. Dit programma van eisen is richtinggevend voor de technische uitwerking en bouw van de posten.
•
We gaan uit van een natuurlijke toevoer van lucht in de posten met een mechanische afvoer van keuken en natte ruimtes.
•
De reddingspost is rookvrij.
•
De isolatiewaarde (RC waarde) van de gevels moet 4,7 m 2 K/W zijn.
in de daarvoor aangewezen technische ruimte. •
Uitgaan van verwarmen en koelen door middel van airco.
•
Warmwater via een zonneboilersysteem. De boiler moet een minimale capaciteit van 200 liter hebben.
•
De energie wordt verkregen uit bestaande nutsvoorzieningen en de toepassing van zonnepanelen op het dak van de reddingspost en eventueel ook op het boothuis.
•
De hele technische installatie is energie neutraal.
•
Het gebouw is voorzien van antennes communicatieapparatuur (nader te bepalen)
•
Er moet in een bliksem afleider op het gebouw worden voorzien.
•
Extra hydrofoorpomp voorzien in verband met wisselende waterdruk op de stranden.
1. Algemeen •
•
Uitgangspunt is drie gelijke, duurzame en energieneutrale permanente posten op de stranden van Westenschouwen, Renesse en Scharendijke die het jaarrond te gebruiken zijn met overnachtingsmogelijkheden voor de vrijwilligers. De posten zijn modulair gebouwd en daardoor binnen 10 dagen te verwijderen van het strand wanneer dit vanwege onderhoud en/of waterveiligheid gevraagd wordt (Rijk).
•
De posten zijn herkenbaar als reddingsposten, mede door het voeren van het (nationale) logo op de gevel.
•
De footprint per post is maximaal 100 m².
•
De hoogte van de verdieping is inwendig minimaal 2,60 m.
•
De posten rusten op een staalconstructie die bevestigd wordt op de bestaande betonnen palen. Het palenplan verschilt per locatie waarbij er in Westenschouwen extra palen onder het bordes aanwezig zijn.
2. Vloer •
Gelaste stalen draagconstructie in U- en H-profielen. Alle verbindingen zijn gelast volgens de voorgeschreven NEN-norm. Corrosiebescherming moet geschikt zijn voor weersinvloeden van zand en zee/zilte lucht.
•
Vloeren moeten extra beschermd worden tegen slijtage door zand.
•
De accommodatie is voorzien van een betonvloer op de begane grond en op de verdieping onder voorwaarde dat de palenconstructie dit kan dragen. Anders de verdiepingsvloer in hout uitvoeren. De bovenkant van de betonvloer is volkomen vlak en glad.
•
De betonvloer voldoet aan de isolatiewaarden voor nieuwbouw (RC waarde minimaal 3,7).
•
Er worden geen drempels toegepast.
•
De gebruikte materialen zowel binnen als buiten zijn stevig, stootvast en weinig gevoelig voor schade of vandalisme.
•
De vloer op de eerste laag wordt waterdicht uitgevoerd tot 5 centimeter boven het vloerniveau
•
De draagconstructie is standaard minimaal 30 minuten brandwerend.
•
In de gehele accommodatie zijn de naden en plinten afgekit.
•
In de sanitaire ruimtes, EHBO ruimte en in de droogruimte wordt antislip kunststof vloerbedekking toegepast en minimaal 10 centimeter omhoog gezet tegen de wand. Deze vloer is vochtbestendig, waterdicht, slijtvast en gemakkelijk in onderhoud.
•
De stalen frames zijn extra behandeld tegen roest en verwering. De vloer- en dakframes zijn eveneens behandeld en de kolommen zijn verzinkt uitgevoerd.
•
Alle maatvoeringen binnen- en buitenwerks voldoen aan de minimale eisen vanuit het bouwbesluit.
•
Deuren en beweegbare ramen zijn uitgevoerd met extra zwaar hang- en sluitwerk voor intensief gebruik.
•
Toegang tot de posten middels een tag-systeem/NFC via mobiel. Wel met back-up sleutel per post.
•
Posten zijn goed afsluitbaar volgens de veilgheidsnormen en politiekeurmerk.
•
Alle ramen worden uitgevoerd in draaikiep naar binnen ivm zemen buitenkant. Voorzien van ventilatierooster ivm luchtverversing verwarmen en koelen dmv airco.
•
•
De doucheruimte wordt (bij de toegangsdeuren) voorzien van een half-afgeronde waterdichte waterkering van ca. 20 mm hoog. De kunststof vloerbedekking wordt doorgelegd over de waterkering. Alle ruimtes zijn voorzien van een afvoerputje met uitzondering van slaapruimtes.
3. Nutsvoorzieningen •
Alle technische installaties (met uitzondering van de zonnepanelen) en nutsvoedingen worden voorzien binnen
voor
de
4. Dak •
De draagconstructie van het dak bestaat uit een gelast stalen frame, samengesteld uit HEA- en Uprofielen, voorzien van een roestwerende coating. Alle stalen delen en lasnaden zijn geschikt en beschermd tegen de extreme weersinvloeden op de stranden (zout en zand).
•
Het dak wordt afgewerkt met een bitumineuze dakbedekking of vergelijkbaar materiaal passend bij de omgeving en de architectuur van het gebouw.
•
De brandwerendheid van het plafond bedraagt 30 minuten van onder naar boven.
•
Toegang tot het dak voor onderhoud moet mogelijk zijn vanaf het bordes (met ladder).
5. Sanitaire ruimtes (douches en toiletten) •
Alle sanitaire ruimtes worden mechanisch geventileerd op aanwezigheid van vocht en of CO2 gestuurd. De ventilatoren zijn gekoppeld aan de verlichting en hebben een beperkte nalooptijd.
•
De douches zijn vanaf binnen toegankelijk.
•
Minimaal twee douches met wastafel, bankje, muurhaken en themostaatkranen. Kiezen voor standaard sanitair (niet automatisch).
•
Minimaal 1 afgescheiden toiletruimte, die van binnenuit 24
PROGRAMMA VAN EISEN toegankelijk is. Het toilet is uitgevoerd als hangtoilet met een kleine wasbak/fontein. Een tweede toilet op de verdieping is wenselijk maar geen vereiste. 6. Keuken •
De oppervlakte van de keuken bedraagt minimaal 10 vierkante meter.
•
De keukeninrichting bestaat minimaal uit een kookplaat (6 plaatsen - geen gas), vaatwasser, spoelbak, koelvriescombinatie, grote oven (of twee combi-ovens) en afzuigkap.
•
De keuken heeft voldoende opbergruimte.
•
De ruimte van de keuken is verbonden met de centrale leefruimte.
tassen (voldoende kastruimte) •
12. Botenhuis 9. EHBO ruimte
De oppervlakte van de leefruimte bedraagt minimaal 35 vierkante meter.
•
De leefruimte is niet direct toegankelijk voor derden
•
De ruimte is bij voorkeur verbonden met de keuken en biedt ruimte om gezamenlijk te eten (12 personen) en voor vrijetijdsmomenten.
•
De leefruimte moet geschikt zijn als instructielokaal met de mogelijkheid tot gebruik van een beamer/scherm.
•
De ruimte is te gebruiken voor de vrijetijdsmomenten in de avond. Er moet een TV/internet aansluiting worden meegenomen.
•
Aanwezigheid van zonwering.
•
Extra bergruimte in de leefruimte is gewenst.
•
Mogelijkheid tot verduistering (rolluiken).
8. Slaapvertrekken •
25
Het slapen bij voorkeur in minimaal twee aparte vertrekken. Deze vertrekken beschikken over minimaal één raam die op een ventilatiestand gezet kan worden.
•
Voor het botenhuis wordt uitgegaan van het gebruik van een 20 ft zeecontainer. De ruimte biedt plaats aan de opslag van één vaartuig en brandstofopslag.
•
De vloeroppervlakte van de EHBO ruimte moet minimaal 14 vierkante meter zijn.
•
De EHBO ruimte is vanaf buiten toegankelijk via twee openslaande deuren.
•
Uitbreiding met een tweede container moet in de toekomst mogelijk zijn.
•
De EHBO ruimte is dichtbij de hoofdtrap/toegang vanaf het strand gesitueerd.
•
•
In de ruimte zijn minimaal de volgende voorzieningen aanwezig: behandelbank, uitstortgootsteen met douchemengkraan, kleine pantry met spoelbak en kastruimte, ophangpunt kuipbrandcard.
Grote deuren aan de voorzijde van het botenhuis worden extra zwaar uitgevoerd in het hang en sluitwerk vanwege de wind.
•
Het botenhuis beschikt over een eigen verlichting en stromend water (te koppelen vanaf de reddingspost).
•
•
Het doorzicht van de ramen aan de buitenzijde van de EHBO-ruimte zijn beperkt geblindeerd.
Het botenhuis beschik over een extra loopdeur aan de lange kant en indien mogelijk daglichttoetreding aan de achterzijde.
•
Tweede vluchtweg naar buiten vanaf de EHBO ruimte is wenselijk.
•
De buitenkant van de zeecontainer wordt uitgevoerd in hetzelfde hout als de gevels van het hoofdgebouw.
•
Mobiliteit van de botenloods is een vereiste, dus geen vaste bebouwing en makkelijk te verplaatsen door strandaannemer.
7. Leefruimte •
met zo min mogelijk kozijnstijlen uitgevoerd.
Slaapvertrekken moeten verduisterd kunnen worden.
10. Natte- en opslagruimte •
Natteruimte indicatief 15 vierkante meter
•
De ruimte is geschikt voor natte opslag en droge materialen
•
Om die reden is deze ruimte voorzien van mechanische ventilatie en minimaal één beweegbaar raam.
•
Deze ruimte is toegankelijk vanaf buiten en binnen en is in de buurt van de doucheruimtes gesitueerd.
11. Observatieruimte •
De oppervlakte van deze ruimte bedraagt minimaal 6 vierkante meter.
•
Er moet voldoende wandruimte zijn voor kasten.
•
Er kan een werkplek worden ingericht voor minimaal 3 personen, met ruimte voor een werkblad, pc met 2 schermen en randapparatuur. Daarnaast is er nog een vast werkblad/tafel aanwezig.
•
Minimaal 12 slaapplaatsen in 6 stapelbedden mogelijk maken
•
De ruimte is afsluitbaar met een schuifwand/deur van de leefruimte.
•
De slaapvertrekken zijn niet direct door derden te betreden
•
•
Er moet een mogelijkheid zijn voor het opbergen van grote
Vanuit deze ruimte is er 180 graden zicht over het strand mogelijk. Om die reden worden de ramen aan de zeezijde
Voorzieningen buiten •
Vlaggemast voor het voeren van de noodzakelijk vlaggen (minimaal 2 masten)
•
Informatiebord aan de gevel bij de ingang van de post als aanvulling op waarschuwingen vanuit de digitale strandapp. Indien mogelijk vanuit binnen toegankelijk.
•
Digitale informatie over weersomstandigheden en getij af te lezen vanaf buiten.
•
Veranda van minimaal 14 vierkante meter met zicht op het water.
•
Beschutting van de veranda voor de weersomstandigheden (transparante schermen).
•
De buitenruimtes zijn voorzien van een valbescherming/ ballustradehek met leuning. Indien toepassing van spijlen, conform het bouwbesluit.
•
Trappen bij voorkeur hergebruiken van de huidige posten. Anders in verzinktstaal en kunststof, ook te betreden met blote voeten (geen open metalen roosters).
•
Wenteltrap opnemen naar de tweede verdieping (observatieruimte) ook als noodtrap te gebruiken.
•
Als dat vanwege de geringere hoogte van de constructie mogelijk is dan de trap vervangen voor een hellingbaan.
•
In de nabijheid van de ingang van de post of de droogruimte wordt een buitenkraan met douche gerealiseerd.
•
Uitgaan van een open ruimte onder de post, dus geen afsluiting door middel van hekken. Dit betekent wel dat de onderzijde van het gebouw strak en veilig moet worden afgewerkt zonder vrijliggende kabels en overige technische installaties.
OPTIES VOOR DE HOOFDVORM VAN DE POST
1. een professionele uittstraling van de reddingsbrigade
Het programma van eisen wordt nu vertaald naar een globale plattegrond en een volumestudie. Op die manier ontstaat er grip op de ruimtelijke consequenties van de wensen en eisen.
2. passend in de natuurlijke omgeving
De locatie van de nieuwe posten staat al vast, er moet immers gebruik gemaakt worden van de bestaande betonnen funderingspalen. Het gewenste programma zal echter wel een vergroting van de reddinsgposten tot gevolg hebben tot ongeveer 150 vierkante meter vloeroppervlakte. De vraag is hoe die uitbreiding het best stedenbouwkundig kan worden ingepast op de locatie, rekening houdend met:
3. herkenbaar en vindbaar voor de strandbezoekers 4. bij voorkeur passend binnen het geldende beleid of anders passend te maken. Er zijn drie scenario’s denkbaar als het gaat om het hoofdvolume. De eerste optie is het creëren van een verdubbeling van het bestaande volume door het toevoegen van een volledige tweede bouwlaag op het bestaande volume. De footprint van
VOORBEELD VAN BELANGRIJK OPEN ZICHT VANUIT DE OBSERVATIERUIMTE 26
PROGRAMMA VAN EISEN dit gebouw is dan circa 95 vierkante meter (exclusief veranda’s en stijgpunten). Dit betekent overigens wel dat de gehele post vernieuwd moet worden om tot een optimale plattegrond te komen en een gebouw te hebben die voldoet aan de huidige technische eisen. Deze optie past niet binnen de regels van het vigerende omgevingsplan omdat de goothoogte van 3,5 meter wordt overschreden. De plattegrond van de beganegrond is identiek aan de tweede optie maar het verschil zit vooral in de bruikbare ruimte op de tweede verdieping.
Twee volledige bouwlagen (voorkeur) voordelen: •
optimale benutting van bestaande palen
•
geen extra palen nodig
•
footprint gebouw past binnen omgevingsplan
•
beide verdiepingen voldoende hoogte
•
optimaal zicht over het strand
OPTIE 1
nadelen:
De tweede optie is om alles in één bouwlaag te realiseren. Groot voordeel hiervan is de toegankelijkheid van het gebouw door het ontbreken van een intern stijgpunt. De ruimtes zijn daardoor ook makkelijker met elkaar te verbinden. De herkenbaarheid van een gebouw in één laag zal wellicht iets minder sterk zijn en nog belangrijker, de observatie over het strand is niet goed mogelijk vanuit het gebouw vanwege de beperkte hoogte. Enige optie zou dan zijn om observatie vanaf het dak mogelijk te maken. Bovendien kunnen de bestaande betonnen funderingspalen niet de oppervlakte van 150 vierkante meter dragen. Er zullen minimaal 4 extra palen aan de zeezijde bijgeplaatst moeten worden. Dit heeft mogelijk ook negatieve gevolgen voor de natuur en de dynamiek van het strand en de zandverplaatsing. Ook deze optie past niet binnen het omgevingsplan omdat daarin de oppervlakte van de post gelimiteerd is tot 100 vierkante meter. De laatste optie is om het volume af te stemmen op de regels in het omgevingssplan. Dit betekent dat er ontworpen wordt in één laag met een kap. Om de gebruiksruimte onder de kap te optimaliseren wordt er aan weerzijden van de kap gewerkt met een dakkapel over 60% van de totale breedte van het dak. Deze oplossing geeft wel wat extra ‘overige ruimte’ onder de kap die te benutten is als extra bergruimte.
Hiernaast zijn de keuzes schematisch weergegeven met de voor- en nadelen opgesomd. Op de volgende pagina’s werken we opties één en drie verder uit in concept-plattegronden.
•
bouwhoogte en goothoogte passen niet binnen bestemmingsplan
•
daarom Bopa-procedure nodig (met deelonderzoeken) voor vergunning
Eén bouwlaag (valt af - zie nadelen) voordelen: •
optimale benutting van bestaande palen
•
overzichtelijke plattegrond waarbij alles ruimtes aan elkaar gekoppeld zijn
•
Bouw- en goothoogtes passen binnen omgevingsplan
OPTIE 2
nadelen: •
te laag voor goede observatie over strand
•
oppervlakte past niet binnen omgevingsplan (50 m2 te groot)
•
extra palen aan zeezijde nodig voor de fundering
•
Bopa-procedure nodig (met deelonderzoeken) voor vergunning
•
Onvoldoende strand voor groter gebouw door de afkalving o.a. bij reddingspost Westenschouwen.
Eén bouwlaag met een kap (alternatief) voordelen: •
optimale benutting van bestaande palen
•
Bouw- en hooghoogtes passen binnen omgevingsplan
•
oppervlakte past binnen omgevingsplan
•
optimaal zicht over het strand
•
vergunning kan verleend worden op basis van de bestaande planologische regeling
OPTIE 3
nadelen: •
onder de kap beperkte stahoogte en minder zicht tbv observatie.
•
vanuit de welstandsnota mag een dakkapel maar 50% van de breedte van een dak beslaan.
27
28
doorsnede twee wenselijke varianten voor het hoofdvolume
voorkeursmodel
materialen en architectuur
materialen en architectuur MATERIALEN Voor de posten van de reddingsbrigade moet worden uitgegaan van het gebruik van natuurlijke materialen: hout, staal en glas. Daarbij ligt de nadruk op het hout als voornaamste gevelbekleding. Het hout behoudt een natuurlijke kleur (eventueel met een transparante lak ter bescherming). Vanuit de gedachte van duurzaamheid is hergebruik van hout van de bestaande posten (Western Red Cedar) of uit de directe omgeving ook een optie (oude strandpalen). Western Red Cedar is een geschikte houtsoort gebleken in de toch wel extreme klimatologische omstandigeheden op het strand. Deze houtsoort geniet daarom de voorkeur. Bij aantoonbare gelijke geschiktheid is een andere houtsoort ook mogelijk. Gebruik van staal is toegestaan, mits goed behandeld tegen roest. Het staal bij voorkeur wordt ook blank toegepast of in een gedempt kleurgebruik passend bij de architectuur. Felle kleuren zijn uitgesloten. Glas is een belangrijk onderdeel van de toe te passen materialen, vanwege het vereiste ruimte zicht over het strand vanuit de reddingspost. Het glas moet door toepassen van een daarvoor geschikte coating, bestand zijn tegen wind en zand (zandstralen). Gebruik van kunststof/trespa is niet toegestaan (uitgezonderd boeidelen en naamsaanduiding) ARCHITECTUUR De nieuwe reddingsposten hebben een eigentijdse en moderne uitstraling.
Dit vertaalt zich naar een architectuur die het accent legt op één samenhangende hoofdvorm die krachtig en stoer staat op de grote open ruimte van het omliggende strand. De technische installaties worden in de architectuur van het gebouw opgenomen en zoveel mogelijk aan het zicht onttrokken. Ook het vrijstaande botenhuis wordt mee ontworpen in de vormentaal en materialen van het hoofdvolume. Vanwege de kwetsbaarheid van de natuurlijke omgeving en de waardevolle duisternis op de stranden, moet het gebouw in slimme oplossingen voor verlichting voorzien; de verlichting wordt geïntegreerd
in de architectuur en mag niet voor teveel verstrooiing van licht zorgen. Gericht verlichten dus en verlichting reactief of interactief maken op bijvoorbeeld beweging. Anders dan in de bestaande situatie gaan we uit van een open ruimte onder de post. Dus geen hekken die de ruimte onder de post afsluiten. Dit maakt dat het gebouw echt ‘zweeft’ en de wereld van het strand onder het gebouw doorloopt.
05 conclusie
CONCLUSIE Het is noodzakelijk dat de bestaande reddingsposten op de stranden van Schouwen-Duiveland vervangen en vernieuwd worden. De posten voldoen niet meer en staan een goed functioneren van de SRB zelfs in de weg. De gemeente heeft in haar nieuwe strandbeleid en eerdere besluitvorming al uitgesproken dat zij bereid is om te onderzoeken op welke wijze de posten vervangen kunnen worden. De gemeente doet dit in nauwe samenspraak met de reddingsbrigade. Op basis van de voorliggende rapportage kan het volgende geconcludeerd worden: NOODZAAK Zoals in het hoofdstuk Ambitie is aangegeven staat de reddingsbrigade in de toekomst voor een bijzondere uitdaging. De organisatie is verantwoordelijk voor veel belangrijke taken op de stranden van het eiland welke zijn vastgelegd in het strandveiligheidsprotocol. Om in de toekomst een gezonde organisatie te houden met voldoende vrijwilligers, is het belangrijk dat de reddingsposten plaats bieden aan alle taken van de SRB. Dit betekent dat ook instructie, opleiding en overnachten op de posten puur voor uitbreiden van de strandbewaking mogelijk gemaakt moet worden. Dit is uitgangspunt voor de nieuwe posten. Daarnaast is geconstateerd dat de posten ook op het gebied van comfort, uitstraling en technische installaties niet meer voldoen.