1229492 Bijlage 3. Staatscourant NIP 2024
Tekst van het document
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
Publicaties > Officiële publicaties
Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden Datum publicatie 27-06-2024 09:00 Organisatie Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Jaargang en nummer Staatscourant 2024, 20127 Rubriek algemeen verbindend voorschrift (ministeriële regeling)
Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 25 juni 2024, nr. 2024-0000076771 tot wijziging van de Regeling van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 1 februari 2023, nr. 2022-0000430533 houdende regels met betrekking tot de verstrekking van een specifieke uitkering aan gemeenten ten behoeve van de verduurzaming van slecht geïsoleerde woningen van eigenaar-bewoners, verenigingen van eigenaars, woonverenigingen en wooncoöperaties in het kader van het Nationaal Isolatieprogramma (Stcrt. 2023, 3877) in verband met het verbeteren van een aantal onderdelen en het regelen van de tweede tranche De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Gelet op artikel 2, eerste lid, onderdeel m, en derde lid, en artikel 3 van het Besluit van 29 oktober 2022, houdende het stellen van regels over het verstrekken van specifieke uitkeringen aan gemeenten of provincies voor activiteiten die passen in het rijksbeleid met betrekking tot het bouwen, het wonen en de woonomgeving (Stb. 2022, 452); https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
1/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
Besluit:
ARTIKEL I De Regeling houdende regels met betrekking tot de verstrekking van een specifieke uitkering aan gemeenten ten behoeve van de verduurzaming van slecht geïsoleerde woningen van eigenaar-bewoners en woningen van verenigingen van eigenaars, woonverenigingen en wooncoöperaties in het kader van het Nationaal Isolatieprogramma (Stcrt. 2023, 3877) wordt als volgt gewijzigd: A Artikel 1, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd: 1. De volgende begripsbepalingen worden in de alfabetische volgorde ingevoegd: bouwbedrijf: bedrijf dat in een handelsregister van een lidstaat van de Europese Unie of een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, is ingeschreven in de sectie bouwnijverheid of een vergelijkbare sectie; doe-het-zelfmaatregel: maatregel als bedoeld in artikel 2, tweede lid, die door een ander wordt uitgevoerd dan door een bouwbedrijf; 2. In de begripsomschrijving van het begrip energielabel wordt ‘artikel 1.1, eerste lid, van het Besluit energieprestatie gebouwen’ vervangen door ‘bijlage I bij artikel 1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving’; 3. De begripsomschrijving van het begrip minister komt te luiden: minister: Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; 4. De begripsomschrijving van het begrip slecht geïsoleerde woning komt te luiden: slecht geïsoleerde woning: een woning: a.
van een eigenaar-bewoner met een energielabelklasse D, E, F, G of een met die labelklassen vergelijkbare energetische staat, waaronder wordt verstaan een woning waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn: 1°. de vloer en de bodem; 2°. de gevel, waaronder de spouwmuur; 3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer; 4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren; b. in een gebouw waarvoor een gemengde vereniging bestaat en waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen van het gebouw niet of slecht geïsoleerd zijn: 1°. de vloer en de bodem; 2°. de gevel, waaronder de spouwmuur; 3°. het dak en de zoldervloer en vlieringvloer; https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
2/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
4°. de ramen, panelen in kozijnen en deuren, en waarbij de woning fysiek grenst aan het bouwdeel van het gebouw waaraan ten minste één van de voorgenomen energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, worden getroffen; of c. waaraan eerder energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, zijn getroffen op basis van deze regeling en die op enig daaraan voorafgaand moment kwalificeerde als slecht geïsoleerde woning als bedoeld onder a of b;
B Artikel 2, tweede lid, wordt als volgt gewijzigd: 1. Aan onderdeel a wordt, onder vervanging van ‘; of’ aan het slot door een punt, toegevoegd ‘In afwijking van dat artikellid worden hier tevens doe-het-zelf maatregelen onder verstaan. Op doe-hetzelf maatregelen zijn de in artikel 4.5.2, derde lid, van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies gestelde eisen ten aanzien van de minimaal te isoleren vierkante meters niet van toepassing en op doe-het-zelf maatregelen waarvoor op grond van artikel 3, derde lid, een aanvraag voor een specifieke uitkering is gedaan zijn daarnaast ook de in artikel 4.5.2, derde lid, van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies gestelde eisen ten aanzien van minimaal te behalen isolatiewaardes niet van toepassing; of’. 2. Aan onderdeel b wordt toegevoegd ‘In afwijking van dat artikellid worden hier tevens doe-het-zelf maatregelen onder verstaan.
Op doe-het-zelf maatregelen zijn de in artikel 7, tweede lid, van de Subsidieregeling Verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars gestelde eisen ten aanzien van de minimaal te isoleren vierkante meters niet van toepassing en op doe-het-zelf maatregelen waarvoor op grond van artikel 3, derde lid, een aanvraag voor een specifieke uitkering is gedaan zijn daarnaast ook de in artikel 7, tweede lid, van de Subsidieregeling Verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars gestelde eisen ten aanzien van minimaal te behalen isolatiewaardes niet van toepassing.’ C Artikel 3 komt te luiden: Artikel 3. Hoogte van de specifieke uitkering 1. Een college kan gedurende het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel a, een aanvraag doen voor een specifieke uitkering van ten hoogste het voor die gemeente in de voorlaatste kolom in bijlage I opgenomen totaalbedrag dat aangevraagd kan worden. 2. Een college kan gedurende het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b, een aanvraag doen voor een specifieke uitkering van ten hoogste het voor die gemeente in de derde kolom in bijlage III opgenomen bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen. Het bedrag wordt aangevuld met het volledige bedrag dat in de vierde kolom is opgenomen, hetgeen middelen betreft die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022. 3.
Een college kan gedurende het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b, een aanvraag doen voor een specifieke uitkering ter hoogte van het voor die gemeente in de vijfde kolom in bijlage III opgenomen bedrag, hetgeen middelen betreft die specifiek bedoeld zijn voor doe-het-zelf maatregelen.
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
3/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
4. Als er gemeenten zijn waarvan het college geen aanvraag als bedoeld in het derde lid doet worden de voor die gemeenten gereserveerde bedragen in de vijfde kolom in bijlage III herverdeeld over de gemeenten waarvoor wel een aanvraag als bedoeld in het derde lid is gedaan. De herverdeling vindt plaats naar rato van de hoogte van de bedragen die de colleges hebben aangevraagd op grond van het derde lid.
D Artikel 4 komt te luiden: Artikel 4. De aanvraag 1. Een aanvraag voor een specifieke uitkering kan worden ingediend met ingang van: a. 1 maart 2023 vanaf 9:00 uur tot en met 31 oktober 2023 tot 17:00 uur; en b. 1 juli 2024 vanaf 9:00 uur tot en met 31 oktober 2024 tot 17:00 uur. 2. Een aanvraag bevat een omschrijving van het isolatieprogramma, waaronder in ieder geval wordt verstaan: a. een omschrijving van de activiteiten, als bedoeld in artikel 2, tweede en derde lid; b. een opgave van het aantal slecht geïsoleerde woningen waarvoor de gemeente het bedrag van de specifieke uitkering aanvraagt en ten aanzien waarvan zij energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, wil bewerkstelligen. Een woning waaraan reeds energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 2 zijn getroffen op basis van deze regeling wordt niet nogmaals opgegeven; c. de hoogte van het bedrag van de gevraagde specifieke uitkering dat op grond van de op grond van artikel 3 bij het betreffende aanvraagtijdvak behorende bijlage bij deze regeling samenhangt met het aantal slecht geïsoleerde woningen als bedoeld in onderdeel b; d. een omschrijving van de wijze waarop de gemeente voornemens is om voldoende woningen met een WOZ-waarde als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b, in het isolatieprogramma te betrekken; en e.
een opgave van het bedrag dat de gemeente op grond van een eigen inschatting aan BTW verschuldigd is over de kosten voor de uitvoering van het isolatieprogramma. 3. Op een aanvraag als bedoeld in artikel 3, derde lid, zijn in afwijking van het tweede lid onderdelen b en c niet van toepassing. 4. De minister beslist binnen acht weken na het indienen van de aanvraag over de toekenning van een specifieke uitkering. Indien de beschikking niet binnen deze termijn kan worden genomen, deelt de minister dit aan de aanvrager mede en noemt daarbij een zo kort mogelijke termijn van ten hoogste acht aanvullende weken waarbinnen de beschikking wordt genomen. 5. Een aanvraag wordt ingediend via een formulier dat beschikbaar wordt gesteld op de website van https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
4/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. E In artikel 4a wordt ‘artikel 3’ telkens vervangen door ‘artikel 3, eerste lid’. F Artikel 5 komt te luiden: Artikel 5. Wijze van betaling en uitkeringsbeschikking 1. De in artikel 3, tweede en derde lid, bedoelde specifieke uitkeringen worden in één keer uitbetaald. 2. De uitkeringsbeschikking vermeldt in elk geval: a. de hoogte van het bedrag van de uitkering; b. het moment van uitbetaling van de uitkering; c. de wijze van verantwoording over de besteding van de uitkering; en d. de periode waarbinnen de uitkering moet zijn besteed en de activiteiten moeten zijn afgerond.
G Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het eerste lid wordt als volgt gewijzigd: a. onderdeel a komt te luiden: a. energiebesparende isolatiemaatregelen, eventueel in samenhang met energiezuinige ventilatiemaatregelen, als bedoeld in artikel 2, tweede lid, te bewerkstelligen in het aantal slecht geïsoleerde woningen dat de gemeente in de aanvraag heeft opgegeven op grond van artikel 4, tweede lid, onderdeel b, met dien verstande dat: 1°. bij dit criterium enkel energiebesparende isolatiemaatregelen meetellen die voldoen aan de in artikel 4.5.2, derde lid, van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies of artikel 7, tweede lid, van de Subsidieregeling Verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars gestelde eisen ten aanzien van de minimaal te isoleren vierkante meters en minimaal te behalen isolatiewaardes; en 2°. voor 10% van het aantal slecht geïsoleerde woningen dat het college in de aanvraag heeft opgegeven de eisen ten aanzien van de minimaal te isoleren vierkante meters niet gelden;
b. Aan het slot van onderdeel b wordt na de puntkomma ‘en’ toegevoegd. c. Onderdeel c vervalt, onder verlettering van onderdeel d tot onderdeel c.
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
5/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
e. Onderdeel c (nieuw) komt te luiden: c. met betrekking tot activiteiten waarvoor: 1°. op grond van artikel 3, eerste lid, een specifieke uitkering is aangevraagd en toegekend uiterlijk op 31 december 2026 af te ronden en de specifieke uitkering uiterlijk op 31 december 2026 volledig te besteden aan de activiteiten waarvoor deze is verstrekt; 2°. op grond van artikel 3, tweede of derde lid, een specifieke uitkering voor is aangevraagd en toegekend uiterlijk op 31 december 2027 af te ronden en de specifieke uitkering uiterlijk op 31 december 2027 volledig te besteden aan de activiteiten waarvoor deze is verstrekt; en
d. Er wordt een onderdeel toegevoegd, luidende: d. indien het een specifieke uitkering betreft die is aangevraagd op grond van artikel 3, derde lid, deze volledig te besteden aan doe-het-zelf maatregelen en de activiteiten, bedoeld in artikel 2, derde lid voor zover die activiteiten gericht zijn op het tot stand brengen van doe-het-zelf maatregelen;
2. Het tweede lid komt te luiden: 2. De minister kan op gemotiveerd verzoek van het college: a. de in het eerste lid, onderdeel d, onder 1°, genoemde termijn, driemaal met ten hoogste één jaar verlengen; of b. de in het eerste lid, onderdeel d, onder 2°, genoemde termijn, tweemaal met ten hoogste één jaar verlengen, indien sprake is van onvoorziene omstandigheden op grond waarvan het aannemelijk is dat de uitvoering van de activiteiten waar de specifieke uitkering voor is verstrekt niet binnen die termijn kan worden afgerond. H In het opschrift van bijlage I wordt ‘artikel 3’ vervangen door ‘artikel 3, eerste lid’. I Bijlage III wordt vervangen door bijlage III, opgenomen in bijlage A bij deze regeling. ARTIKEL II Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt ten aanzien van de onderdelen A, B en G terug tot en met 1 maart 2023. Lasten en bevelen dat deze regeling met de daarbij behorende toelichting in de Staatscourant zal worden geplaatst. De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, H.M. de Jonge
BIJLAGE A BEHOREND BIJ ARTIKEL I, ONDERDEEL I https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
6/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
Bijlage III bij artikel 3, tweede en derde lid, van de regeling van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 1 februari 2023, nr. 2022-0000430533 houdende regels met betrekking tot de verstrekking van een specifieke uitkering aan gemeenten ten behoeve van de verduurzaming van slecht geïsoleerde woningen van eigenaar-bewoners, verenigingen van eigenaars, woonverenigingen en wooncoöperaties in het kader van het Nationaal Isolatieprogramma
1. Naam gemeente
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Aa en Hunze
851
€ 1.943.859
€ 41.545
€ 76.937
Aalsmeer
346
€ 673.821
€ 7.970
€ 31.308
Aalten
895
€ 2.051.412
€ 43.703
€ 80.933
Achtkarspelen
1042
€ 2.380.707
€ 50.897
€ 94.256
Alblasserdam
354
€ 695.754
€ 8.139
€ 31.974
Albrandswaard
188
€ 367.062
€ 4.324
€ 16.986
Alkmaar
1889
€ 3.866.955
€ 43.495
€ 170.859
Almelo
1716
€ 4.012.929
€ 83.808
€ 155.206
Almere
1175
€ 2.452.994
€ 27.046
€ 106.246
Alphen aan den Rijn
1385
€ 3.000.028
€ 31.879
€ 125.230
Alphen-Chaam
217
€ 415.141
€ 5.002
€ 19.650
Altena
1050
€ 2.011.138
€ 24.164
€ 94.922
Ameland
144
€ 330.187
€ 7.014
€ 12.989
Amersfoort
1245
€ 2.776.195
€ 28.657
€ 112.574
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
7/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Amstelveen
523
€ 1.492.710
€ 12.039
€ 47.294
Amsterdam
3302
€ 10.075.164
€ 130.751
€ 294.424
Apeldoorn
2887
€ 5.809.975
€ 66.471
€ 261.118
Arnhem
1580
€ 4.030.225
€ 55.181
€ 142.882
Assen
1138
€ 2.269.701
€ 26.198
€ 102.915
Asten
331
€ 637.335
€ 7.631
€ 29.975
Baarle-Nassau
155
€ 354.560
€ 7.554
€ 13.988
Baarn
427
€ 892.492
€ 9.835
€ 38.635
Barendrecht
408
€ 791.108
€ 7.546
€ 29.642
Barneveld
901
€ 1.709.804
€ 16.703
€ 65.613
Beek
438
€ 1.024.922
€ 21.402
€ 39.634
Beekdaelen
1156
€ 2.648.434
€ 56.472
€ 104.581
Beesel
368
€ 840.526
€ 17.985
€ 33.306
Berg en Dal
737
€ 1.707.806
€ 35.969
€ 66.612
Bergeijk
475
€ 1.085.148
€ 23.200
€ 42.965
Bergen (L.)
424
€ 968.277
€ 20.682
€ 38.302
Bergen (NH.)
689
€ 1.390.635
€ 15.855
€ 62.282
Bergen op Zoom
1193
€ 2.347.740
€ 27.470
€ 107.911
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
8/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Berkelland
1515
€ 3.425.981
€ 59.529
€ 110.243
Bernheze
582
€ 1.114.430
€ 13.396
€ 52.623
Best
486
€ 943.488
€ 11.192
€ 43.964
Beuningen
468
€ 895.962
€ 10.768
€ 42.298
Beverwijk
615
€ 1.294.955
€ 14.159
€ 55.621
Bladel
479
€ 921.482
€ 11.022
€ 43.298
Blaricum
125
€ 246.596
€ 2.883
€ 11.324
Bloemendaal
221
€ 487.593
€ 5.087
€ 19.984
Bodegraven-Reeuwijk
556
€ 1.090.060
€ 12.802
€ 50.292
Boekel
250
€ 570.786
€ 12.230
€ 22.648
Borger-Odoorn
1818
€ 4.093.144
€ 50.897
€ 94.256
Borne
457
€ 1.046.613
€ 22.301
€ 41.299
Borsele
637
€ 1.454.243
€ 31.113
€ 57.619
Boxtel
538
€ 1.052.595
€ 12.379
€ 48.627
Breda
2361
€ 5.358.774
€ 82.331
€ 213.491
Bronckhorst
965
€ 2.206.370
€ 47.120
€ 87.261
Brummen
471
€ 1.079.036
€ 23.020
€ 42.632
Brunssum
983
€ 2.294.093
€ 48.019
€ 88.927
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
9/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Bunnik
210
€ 405.060
€ 4.833
€ 18.984
Bunschoten
495
€ 936.808
€ 9.157
€ 35.970
Buren
574
€ 1.099.204
€ 13.226
€ 51.957
Capelle aan den IJssel
486
€ 1.313.888
€ 11.192
€ 43.964
Castricum
733
€ 1.454.706
€ 16.872
€ 66.279
Coevorden
1208
€ 2.770.819
€ 58.990
€ 109.243
Cranendonck
567
€ 1.299.285
€ 27.696
€ 51.291
Culemborg
368
€ 736.040
€ 8.478
€ 33.306
Dalfsen
633
€ 1.212.431
€ 14.583
€ 57.286
Dantumadiel
718
€ 1.639.536
€ 35.070
€ 64.947
De Bilt
527
€ 1.116.135
€ 12.124
€ 47.627
De Fryske Marren
1602
€ 3.658.004
€ 78.233
€ 144.881
De Ronde Venen
493
€ 953.197
€ 11.361
€ 44.630
De Wolden
670
€ 1.529.970
€ 32.732
€ 60.617
Delft
652
€ 2.055.496
€ 27.875
€ 58.951
Den Helder
1241
€ 2.911.757
€ 60.608
€ 112.241
Deurne
797
€ 1.514.722
€ 14.753
€ 57.952
Deventer
1657
€ 3.363.158
€ 38.153
€ 149.877
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
10/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Diemen
184
€ 498.070
€ 4.239
€ 16.653
Dijk en Waard
1399
€ 2.683.702
€ 32.218
€ 126.562
Dinkelland
751
€ 1.716.008
€ 36.689
€ 67.944
Doesburg
199
€ 386.620
€ 4.578
€ 17.985
Doetinchem
1086
€ 2.553.098
€ 53.055
€ 98.252
Dongen
541
€ 1.055.064
€ 12.463
€ 48.960
Dordrecht
2040
€ 4.811.122
€ 74.026
€ 184.515
Drechterland
471
€ 1.076.055
€ 23.020
€ 42.632
Drimmelen
670
€ 1.529.970
€ 32.732
€ 60.617
Dronten
530
€ 1.020.228
€ 12.209
€ 47.961
Druten
389
€ 746.344
€ 7.207
€ 28.310
Duiven
365
€ 698.171
€ 8.394
€ 32.973
Echt-Susteren
1020
€ 2.347.984
€ 49.817
€ 92.257
Edam-Volendam
755
€ 1.446.496
€ 17.381
€ 68.277
Ede
1698
€ 3.461.650
€ 39.086
€ 153.540
Eemnes
129
€ 250.109
€ 2.967
€ 11.657
Eemsdelta
1657
€ 3.826.449
€ 80.931
€ 149.877
Eersel
368
€ 705.484
€ 8.478
€ 33.306
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
11/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
1. Naam gemeente
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Eijsden-Margraten
622
€ 1.421.150
€ 30.394
€ 56.287
Eindhoven
2188
€ 5.144.951
€ 69.152
€ 197.837
Elburg
464
€ 1.062.266
€ 22.661
€ 41.965
Emmen
3587
€ 8.279.061
€ 175.170
€ 324.400
Enkhuizen
394
€ 902.836
€ 19.244
€ 35.637
Enschede
3325
€ 7.838.994
€ 162.401
€ 300.752
Epe
722
€ 1.667.260
€ 35.250
€ 65.280
Ermelo
475
€ 926.912
€ 10.937
€ 42.965
Etten-Leur
663
€ 1.273.479
€ 15.261
€ 59.951
Geertruidenberg
398
€ 770.259
€ 9.157
€ 35.970
Geldrop-Mierlo
707
€ 1.375.186
€ 16.279
€ 63.947
Gemert-Bakel
652
€ 1.503.732
€ 31.833
€ 58.951
Gennep
390
€ 894.489
€ 19.064
€ 35.304
Gilze en Rijen
475
€ 910.516
€ 10.937
€ 42.965
Goeree-Overflakkee
939
€ 1.806.318
€ 21.620
€ 84.930
Goes
773
€ 1.489.551
€ 17.805
€ 69.942
Goirle
420
€ 804.530
€ 9.665
€ 37.969
Gooise Meren
825
€ 1.769.324
€ 18.992
€ 74.605
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
12/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Gorinchem
346
€ 753.938
€ 7.970
€ 31.308
Gouda
1013
€ 2.174.768
€ 23.316
€ 91.591
Groningen
2372
€ 6.042.318
€ 72.471
€ 214.490
Gulpen-Wittem
394
€ 901.718
€ 19.244
€ 35.637
Haaksbergen
600
€ 1.370.914
€ 29.315
€ 54.289
Haarlem
2176
€ 5.052.087
€ 50.108
€ 196.838
Haarlemmermeer
1620
€ 3.262.217
€ 37.305
€ 146.546
Halderberge
663
€ 1.515.063
€ 32.372
€ 59.951
Hardenberg
1617
€ 3.711.220
€ 78.953
€ 146.213
Harderwijk
571
€ 1.132.136
€ 13.142
€ 51.624
HardinxveldGiessendam
328
€ 631.512
€ 7.546
€ 29.642
Harlingen
401
€ 919.607
€ 19.603
€ 36.303
Hattem
280
€ 645.915
€ 13.668
€ 25.312
Heemskerk
541
€ 1.142.261
€ 12.463
€ 48.960
Heemstede
280
€ 630.630
€ 6.444
€ 25.312
Heerde
446
€ 1.019.631
€ 21.761
€ 40.300
Heerenveen
1352
€ 3.133.425
€ 66.004
€ 122.233
Heerlen
1937
€ 5.151.799
€ 130.121
€ 175.189
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
13/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Heeze-Leende
287
€ 549.416
€ 6.613
€ 25.979
Heiloo
442
€ 864.512
€ 10.174
€ 39.967
Hellendoorn
1002
€ 2.295.662
€ 48.918
€ 90.592
Helmond
1529
€ 2.934.703
€ 28.318
€ 111.242
Hendrik-Ido-Ambacht
398
€ 787.772
€ 9.157
€ 35.970
Hengelo
1709
€ 3.983.116
€ 83.449
€ 154.539
Het Hogeland
1915
€ 4.374.803
€ 93.520
€ 173.191
Heumen
287
€ 549.043
€ 6.613
€ 25.979
Heusden
777
€ 1.488.965
€ 17.890
€ 70.275
Hillegom
387
€ 774.550
€ 8.902
€ 34.971
Hilvarenbeek
298
€ 570.464
€ 6.868
€ 26.978
Hilversum
1333
€ 2.933.029
€ 30.692
€ 120.567
Hoeksche Waard
1672
€ 3.225.251
€ 38.492
€ 151.209
Hof van Twente
843
€ 1.935.362
€ 41.185
€ 76.271
Hollands Kroon
1252
€ 2.861.976
€ 61.148
€ 113.240
Hoogeveen
1355
€ 3.162.344
€ 66.183
€ 122.566
Hoorn
873
€ 1.737.415
€ 20.094
€ 78.935
Horst aan de Maas
1075
€ 2.466.495
€ 52.515
€ 97.253
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
14/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Houten
217
€ 421.476
€ 5.002
€ 19.650
Huizen
453
€ 938.848
€ 10.429
€ 40.966
Hulst
899
€ 2.053.798
€ 43.883
€ 81.266
IJsselstein
309
€ 613.125
€ 7.122
€ 27.977
Kaag en Braassem
354
€ 691.655
€ 8.139
€ 31.974
Kampen
1064
€ 2.463.735
€ 51.976
€ 96.254
Kapelle
313
€ 714.562
€ 15.287
€ 28.310
Katwijk
703
€ 1.500.231
€ 16.194
€ 63.614
Kerkrade
1083
€ 2.525.298
€ 52.875
€ 97.919
Koggenland
523
€ 1.002.694
€ 12.039
€ 47.294
Krimpen aan den IJssel
387
€ 772.686
€ 8.902
€ 34.971
Krimpenerwaard
972
€ 1.879.524
€ 22.383
€ 87.928
Laarbeek
549
€ 1.254.415
€ 26.797
€ 49.626
Land van Cuijk
2007
€ 4.599.746
€ 98.016
€ 181.517
Landgraaf
1116
€ 2.569.724
€ 54.493
€ 100.917
Landsmeer
162
€ 311.018
€ 3.731
€ 14.655
Lansingerland
677
€ 1.282.934
€ 12.548
€ 49.293
Laren
184
€ 363.176
€ 4.239
€ 16.653
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
15/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Leeuwarden
3813
€ 8.559.714
€ 168.838
€ 277.438
Leiden
1061
€ 2.669.393
€ 24.418
€ 95.921
Leiderdorp
276
€ 662.144
€ 6.359
€ 24.979
LeidschendamVoorburg
858
€ 2.488.680
€ 19.755
€ 77.603
Lelystad
957
€ 2.227.613
€ 46.573
€ 86.595
Leudal
1197
€ 2.745.701
€ 58.450
€ 108.244
Leusden
342
€ 677.015
€ 7.885
€ 30.974
Lingewaard
924
€ 1.789.954
€ 21.281
€ 83.598
Lisse
324
€ 634.706
€ 7.461
€ 29.309
Lochem
784
€ 1.799.188
€ 38.307
€ 70.942
Loon op Zand
390
€ 749.816
€ 8.987
€ 35.304
Lopik
265
€ 509.183
€ 6.105
€ 23.980
Losser
652
€ 1.491.808
€ 31.833
€ 58.951
Maasdriel
527
€ 1.008.816
€ 12.124
€ 47.627
Maasgouw
770
€ 1.758.567
€ 37.588
€ 69.609
Maashorst
976
€ 1.886.392
€ 22.468
€ 88.261
Maassluis
306
€ 728.409
€ 7.037
€ 27.644
Maastricht
1223
€ 3.235.051
€ 59.709
€ 110.576
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
16/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Medemblik
1061
€ 2.425.128
€ 51.796
€ 95.921
Meerssen
563
€ 1.291.683
€ 27.517
€ 50.958
Meierijstad
1422
€ 2.745.847
€ 32.727
€ 128.561
Meppel
685
€ 1.589.893
€ 33.451
€ 61.949
Middelburg
1105
€ 2.603.109
€ 53.954
€ 99.918
Midden-Delfland
184
€ 354.605
€ 4.239
€ 16.653
Midden-Drenthe
969
€ 2.215.835
€ 47.300
€ 87.595
Midden-Groningen
2154
€ 4.967.795
€ 105.210
€ 194.840
Moerdijk
781
€ 1.501.422
€ 17.974
€ 70.609
Molenlanden
759
€ 1.459.326
€ 17.466
€ 68.610
Montferland
1172
€ 2.650.401
€ 46.041
€ 85.263
Montfoort
247
€ 476.190
€ 5.681
€ 22.315
Mook en Middelaar
144
€ 328.697
€ 7.014
€ 12.989
Neder-Betuwe
416
€ 797.662
€ 9.581
€ 37.636
Nederweert
357
€ 816.153
€ 17.445
€ 32.307
Nieuwegein
589
€ 1.497.491
€ 28.128
€ 53.289
Nieuwkoop
438
€ 840.876
€ 10.089
€ 39.634
Nijkerk
622
€ 1.204.797
€ 14.329
€ 56.287
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
17/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Nijmegen
1661
€ 3.767.255
€ 38.238
€ 150.210
Nissewaard
1105
€ 2.247.174
€ 25.435
€ 99.918
Noardeast-Fryslân
1878
€ 4.292.591
€ 91.722
€ 169.860
Noord-Beveland
317
€ 725.146
€ 15.467
€ 28.643
Noordenveld
939
€ 2.145.550
€ 45.861
€ 84.930
Noordoostpolder
906
€ 1.751.744
€ 20.857
€ 81.933
Noordwijk
611
€ 1.307.464
€ 14.074
€ 55.288
Nuenen, Gerwen en Nederwetten
354
€ 679.358
€ 8.139
€ 31.974
Nunspeet
523
€ 1.009.774
€ 12.039
€ 47.294
Oegstgeest
214
€ 500.987
€ 4.918
€ 19.317
Oirschot
435
€ 833.936
€ 10.005
€ 39.301
Oisterwijk
560
€ 1.094.319
€ 12.887
€ 50.625
Oldambt
1672
€ 3.844.264
€ 81.650
€ 151.209
Oldebroek
379
€ 726.159
€ 8.733
€ 34.305
Oldenzaal
648
€ 1.489.050
€ 31.653
€ 58.618
Olst-Wijhe
390
€ 747.580
€ 8.987
€ 35.304
Ommen
427
€ 991.978
€ 20.862
€ 38.635
Oost Gelre
836
€ 1.919.337
€ 40.825
€ 75.604
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
18/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Oosterhout
840
€ 1.673.152
€ 19.331
€ 75.937
Ooststellingwerf
961
€ 2.202.122
€ 46.940
€ 86.928
Oostzaan
155
€ 298.328
€ 3.561
€ 13.988
Opmeer
276
€ 632.351
€ 13.488
€ 24.979
Opsterland
961
€ 2.197.650
€ 46.940
€ 86.928
Oss
1561
€ 3.084.525
€ 35.949
€ 141.217
Oude IJsselstreek
1186
€ 2.711.267
€ 57.911
€ 107.245
Ouder-Amstel
88
€ 213.847
€ 2.035
€ 7.993
Oudewater
158
€ 304.896
€ 3.646
€ 14.322
Overbetuwe
799
€ 1.531.062
€ 18.398
€ 72.274
Papendrecht
482
€ 1.016.365
€ 11.107
€ 43.631
Peel en Maas
1002
€ 2.300.878
€ 48.918
€ 90.592
Pekela
604
€ 1.381.869
€ 29.495
€ 54.622
Pijnacker-Nootdorp
394
€ 790.966
€ 9.072
€ 35.637
Purmerend
1083
€ 2.231.907
€ 24.927
€ 97.919
Putten
446
€ 856.102
€ 10.259
€ 40.300
Raalte
751
€ 1.444.846
€ 17.296
€ 67.944
Reimerswaal
644
€ 1.470.641
€ 31.473
€ 58.285
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
19/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Renkum
313
€ 712.406
€ 7.207
€ 28.310
Renswoude
70
€ 133.902
€ 1.611
€ 6.328
Reusel-De Mierden
313
€ 599.870
€ 7.207
€ 28.310
Rheden
980
€ 2.346.409
€ 47.839
€ 88.594
Rhenen
335
€ 652.400
€ 7.715
€ 30.308
Ridderkerk
856
€ 1.825.577
€ 15.855
€ 62.282
Rijssen-Holten
770
€ 1.769.000
€ 37.588
€ 69.609
Rijswijk
431
€ 1.466.138
€ 9.920
€ 38.968
Roerdalen
751
€ 1.715.636
€ 36.689
€ 67.944
Roermond
1086
€ 2.551.235
€ 53.055
€ 98.252
Roosendaal
1532
€ 3.529.998
€ 72.901
€ 138.553
Rotterdam
4802
€ 13.299.241
€ 188.232
€ 434.309
Rozendaal
18
€ 34.484
€ 424
€ 1.665
Rucphen
608
€ 1.390.590
€ 29.675
€ 54.955
Schagen
1057
€ 2.426.097
€ 51.616
€ 95.588
Scherpenzeel
250
€ 573.022
€ 12.230
€ 22.648
Schiedam
858
€ 2.520.542
€ 31.909
€ 77.603
Schiermonnikoog
33
€ 75.355
€ 1.619
€ 2.998
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
20/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
1. Naam gemeente
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Schouwen-Duiveland
987
€ 2.258.842
€ 48.199
€ 89.260
’s-Gravenhage
4924
€ 12.685.161
€ 131.907
€ 445.300
’s-Hertogenbosch
1591
€ 3.432.130
€ 36.627
€ 143.882
Simpelveld
306
€ 700.400
€ 14.927
€ 27.644
Sint-Michielsgestel
630
€ 1.208.844
€ 14.498
€ 56.953
Sittard-Geleen
2456
€ 5.737.729
€ 119.958
€ 222.150
Sliedrecht
401
€ 788.378
€ 9.242
€ 36.303
Sluis
788
€ 1.814.243
€ 38.487
€ 71.275
Smallingerland
1311
€ 3.055.536
€ 64.025
€ 118.569
Soest
615
€ 1.316.568
€ 14.159
€ 55.621
Someren
379
€ 732.122
€ 8.733
€ 34.305
Son en Breugel
239
€ 458.728
€ 5.511
€ 21.649
Stadskanaal
1259
€ 2.888.808
€ 61.507
€ 113.906
Staphorst
291
€ 557.774
€ 6.698
€ 26.312
Stede Broec
512
€ 1.170.341
€ 24.999
€ 46.295
Steenbergen
574
€ 1.315.311
€ 28.056
€ 51.957
Steenwijkerland
1248
€ 2.853.628
€ 60.968
€ 112.907
Stein
899
€ 2.056.033
€ 43.883
€ 81.266
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
21/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Stichtse Vecht
799
€ 1.631.673
€ 18.398
€ 72.274
Súdwest-Fryslân
2718
€ 6.241.143
€ 132.727
€ 245.798
Terneuzen
1694
€ 3.961.202
€ 82.729
€ 153.207
Terschelling
225
€ 507.543
€ 6.295
€ 11.657
Texel
442
€ 1.015.010
€ 21.582
€ 39.967
Teylingen
449
€ 891.363
€ 10.344
€ 40.633
Tholen
733
€ 1.674.492
€ 35.789
€ 66.279
Tiel
622
€ 1.211.878
€ 14.329
€ 56.287
Tilburg
2920
€ 6.303.744
€ 95.253
€ 264.116
Tubbergen
453
€ 1.035.657
€ 22.121
€ 40.966
Twenterand
880
€ 2.009.749
€ 42.983
€ 79.601
Tynaarlo
913
€ 2.097.773
€ 44.602
€ 82.599
Tytsjerksteradiel
1241
€ 2.833.131
€ 60.608
€ 112.241
Uitgeest
210
€ 405.805
€ 4.833
€ 18.984
Uithoorn
284
€ 581.229
€ 6.528
€ 25.646
Urk
335
€ 644.575
€ 7.715
€ 30.308
Utrecht
2154
€ 5.712.654
€ 57.391
€ 194.840
Utrechtse Heuvelrug
718
€ 1.450.639
€ 16.533
€ 64.947
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
22/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Vaals
214
€ 510.857
€ 10.431
€ 19.317
Valkenburg aan de Geul
398
€ 926.462
€ 19.423
€ 35.970
Valkenswaard
545
€ 1.064.167
€ 12.548
€ 49.293
Veendam
1086
€ 2.495.340
€ 53.055
€ 98.252
Veenendaal
692
€ 1.465.023
€ 15.940
€ 62.615
Veere
711
€ 1.627.982
€ 34.710
€ 64.280
Veldhoven
692
€ 1.358.076
€ 15.940
€ 62.615
Velsen
961
€ 1.970.639
€ 22.129
€ 86.928
Venlo
2199
€ 5.232.524
€ 107.368
€ 198.836
Venray
829
€ 1.914.863
€ 40.465
€ 74.938
Vijfheerenlanden
854
€ 1.646.364
€ 19.670
€ 77.270
Vlaardingen
895
€ 2.310.796
€ 27.121
€ 80.933
Vlieland
27
€ 50.388
€ 339
€ 1.332
Vlissingen
1024
€ 2.513.211
€ 49.997
€ 92.590
Voerendaal
339
€ 775.009
€ 16.546
€ 30.641
Voorne aan Zee
1039
€ 2.023.999
€ 23.909
€ 93.923
Voorschoten
265
€ 567.314
€ 6.105
€ 23.980
Voorst
534
€ 1.219.832
€ 26.078
€ 48.294
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
23/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Vught
394
€ 775.688
€ 9.072
€ 35.637
Waadhoeke
1768
€ 4.043.272
€ 86.326
€ 159.868
Waalre
313
€ 609.931
€ 7.207
€ 28.310
Waalwijk
998
€ 2.299.984
€ 48.738
€ 90.259
Waddinxveen
390
€ 810.928
€ 8.987
€ 35.304
Wageningen
265
€ 625.445
€ 6.105
€ 23.980
Wassenaar
221
€ 490.201
€ 5.087
€ 19.984
Waterland
324
€ 625.390
€ 7.461
€ 29.309
Weert
1223
€ 2.856.826
€ 59.709
€ 110.576
West Betuwe
983
€ 1.888.648
€ 22.638
€ 88.927
West Maas en Waal
457
€ 1.045.495
€ 22.301
€ 41.299
Westerkwartier
1996
€ 4.568.666
€ 97.477
€ 180.518
Westerveld
611
€ 1.395.286
€ 29.855
€ 55.288
Westervoort
206
€ 398.937
€ 4.748
€ 18.651
Westerwolde
1248
€ 2.851.765
€ 60.968
€ 112.907
Westland
1410
€ 2.770.706
€ 32.473
€ 127.562
Weststellingwerf
880
€ 2.010.121
€ 42.983
€ 79.601
Wierden
586
€ 1.338.863
€ 28.596
€ 52.956
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
24/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Wijchen
892
€ 1.687.572
€ 16.533
€ 64.947
Wijdemeren
438
€ 842.367
€ 10.089
€ 39.634
Wijk bij Duurstede
273
€ 529.998
€ 6.274
€ 24.646
Winterswijk
895
€ 2.081.968
€ 43.703
€ 80.933
Woensdrecht
619
€ 1.414.217
€ 30.214
€ 55.954
Woerden
633
€ 1.229.199
€ 14.583
€ 57.286
Wormerland
367
€ 703.955
€ 6.783
€ 26.645
Woudenberg
210
€ 403.942
€ 4.833
€ 18.984
Zaanstad
2375
€ 5.354.219
€ 90.600
€ 214.823
Zaltbommel
866
€ 1.613.101
€ 11.361
€ 44.630
Zandvoort
265
€ 641.841
€ 6.105
€ 23.980
Zeewolde
214
€ 398.245
€ 2.798
€ 10.991
Zeist
593
€ 1.361.668
€ 13.650
€ 53.623
Zevenaar
1190
€ 2.721.105
€ 58.090
€ 107.578
Zoetermeer
843
€ 2.136.199
€ 19.416
€ 76.271
Zoeterwoude
136
€ 266.899
€ 3.137
€ 12.323
Zuidplas
497
€ 971.989
€ 11.446
€ 44.963
Zundert
541
€ 1.237.720
€ 26.437
€ 48.960
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
25/50
26-10-2024, 10:19
1. Naam gemeente
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
2. Totaal aantal woningen dat aangevraagd kan worden
3. Bedrag dat uitgekeerd wordt naar rato van het aantal aangevraagde woningen
4. Middelen die worden uitgekeerd in aanvulling op middelen uit 2022
5. Middelen specifiek bedoeld voor DHZ
Zutphen
862
€ 1.725.683
€ 19.840
€ 77.936
Zwartewaterland
457
€ 876.777
€ 10.513
€ 41.299
Zwijndrecht
714
€ 1.519.044
€ 16.448
€ 64.613
Zwolle
1366
€ 2.804.639
€ 31.455
€ 123.565
TOELICHTING I. Algemeen 1. Inleiding Deze wijzigingsregeling heeft hoofdzakelijk betrekking op het beschikbaar stellen van de middelen voor de tweede tranche van de lokale aanpak isolatie. Met deze wijzigingsregeling kunnen colleges van gemeenten de middelen aanvragen van de tweede tranche vanaf 1 juli 2024. Dit betreft in totaal 674.104.000 euro, waaronder 25,5 miljoen euro specifiek voor doe-het-zelfmaatregelen. Daarnaast wordt een aantal verbeteringen in de regeling aangebracht. Er zat een aantal onvoorziene knelpunten in de regeling, die het doel van de regeling onnodig bemoeilijkten. Zo was het bijvoorbeeld voor zeer kleine woningen niet goed haalbaar om aan de minimumoppervlakte- eis van toe te passen isolatiemateriaal te voldoen, waardoor gemeenten deze woningen onder de geldende voorwaarden niet konden meenemen in de aanpak. Met deze wijzigingsregeling wordt dat hersteld. Er wordt nu ruimte geboden om het budget ook aan woningen te kunnen besteden waar niet aan de minimumoppervlakte-eisen kan worden voldaan. Er is gekozen voor het wijzigen van de bestaande regeling, om dergelijke knelpunten met terugwerkende kracht ook voor de eerste tranche te kunnen wegnemen, en tegelijkertijd hetzelfde voor de tweede tranche te regelen.
Het is de bedoeling dat de uitgangspunten en voorwaarden van de uitkeringsregeling bij elke tranche van de lokale aanpak isolatie zoveel mogelijk dezelfde zijn. Op die manier wordt zoveel mogelijk een meerjarige programmatische aanpak binnen gemeenten mogelijk gemaakt. Met de verbeteringen worden onduidelijkheden weggenomen en wordt de regeling beter uitvoerbaar gemaakt. De verbeteringen zorgen veelal voor ruimere mogelijkheden om de regeling in te zetten, maar gemeenten kunnen er ook voor kiezen om een eventueel reeds ingezette aanpak binnen een gemeente niet te veranderen. De aanpassingen hebben terugwerkende kracht en daardoor ook betrekking op de voorwaarden voor de eerste tranche van de lokale aanpak. 2. Beschikbare middelen tweede tranche Voor de tweede tranche is er ruim 674 miljoen euro beschikbaar. Voor de verdeling van de middelen zijn verschillende verdeelsleutels gehanteerd, waarbij is aangesloten bij de eerste tranche. Alleen voor de middelen https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
26/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
die beschikbaar gesteld worden voor een aanpak voor verenigingen van eigenaars (VvE’s) is een nieuwe sleutel gehanteerd, die rekening houdt met het aandeel VvE’s in een gemeente. Onderstaand is dit schematisch weergegeven.
Bedrag 2e tranche
Toelichting
Verdeling
Kolom bijlage III
Generieke aanpak
Verdeling op basis aantal slecht geïsoleerde koopwoningen in combinatie met inkomens met een risico op energiearmoede per gemeente.
Verwerkt in 3e kolom
(mln.) € 446,3 mln. (1)
http://www.cbs.nl/nlnl/maatwerk/2022/39/verdeelsleutelnationaal-isolatieprogramma-2020 € 160,00 mln. (2)
Extra inzet kwetsbare dorpen en wijken
– Woningen in de lokale aanpak in de stedelijke focusgebieden krijgen 1.050 euro extra per woning, waarbij het aandeel woningen in de stedelijke focusgebieden is berekend door het CBS t.b.v. de eerste tranche.
Verwerkt in 3e en 4e kolom1
– Gemeenten in de grensregio’s en gemeenten met 20% of meer woningen in de lokale aanpak afgezet tegen het totaal aan koopwoningen in de gemeente (berekend op basis van cijfers van het CBS t.b.v. eerste tranche) krijgen 700 euro extra per woning in de lokale aanpak. – Alle andere gemeenten krijgen 330 euro extra per woning in de lokale aanpak. Zie Staatscourant: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ stcrt-2023-31936.html € 34,66 mln. (3)
Extra ondersteuning VvE’s
Verdeling op basis van het aantal woningen in VvE’s in de lokale aanpak, tot een maximum van 3 mln. euro per gemeente
Verwerkt in 3e kolom
https://www.cbs.nl/nlnl/maatwerk/2024/18/woningen-binnenvve-s-die-in-aanmerking-komen-voorde-nip-2022 € 25,5 mln. (4)
Doe het zelf aanpak
Verdeling op basis aantal slecht geïsoleerde koopwoningen in combinatie met inkomens met een risico op energiearmoede per gemeente
Betreft volledig de 5e kolom
http://www.cbs.nl/nlnl/maatwerk/2022/39/verdeelsleutelhttps://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
27/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
Bedrag 2e tranche
Toelichting
Verdeling
Kolom bijlage III
(mln.) nationaal-isolatieprogramma-2020 7,56 mln. (5)
0,087 mln. (6)
Niet aangevraagd in 2023
Gereserveerd voor gemeenten die niet hebben aangevraagd
Verwerkt in 3e kolom voor de betreffende gemeente
Correctie op middelen Weesp uit 2023
In de eerste tranche heeft Amsterdam ten onrechte een deel van het budget dat voor Weesp was bedoeld niet kunnen aanvragen
Verwerkt in 3e en 4e kolom voor Amsterdam
totaal 674,1 mln.
1
In de 4e kolom is 10.436.134 euro verwerkt, de rest in de 3e kolom Toelichting bij tabel (1) Het bedrag van 446,3 miljoen euro is opgebouwd uit 411,66 miljoen euro uit het Klimaatfonds en aangevuld met 34,66 miljoen euro.1 Deze 34,66 miljoen kan bijdragen aan de kosten voor natuurvriendelijk isoleren. De verdeelsleutel voor de 446,3 miljoen euro is gebaseerd op de verdeling die het CBS voor de eerste tranche heeft gehanteerd,2 op basis waarvan gemiddeld 1.583 euro per woning beschikbaar is.3 (2) Het bedrag van 160 miljoen euro is beschikbaar gekomen met de voorjaarsbesluitvorming Klimaat 2023 en is voor de collectieve aanpak van kwetsbare dorpen en wijken. Voor de verdeelsleutel van deze middelen is dezelfde verdeelsleutel gehanteerd als bij de eerste tranche voor de middelen voor de aanpak van kwetsbare dorpen en wijken.4 Dit leidt ertoe dat voor alle gemeenten het beschikbare budget van gemiddeld 1.583 euro per woning hoger wordt. Namelijk per woning variërend van 330, tot 700 en 1.050 euro, waarbij het uitgangspunt is dat gemeenten met een relatief hoog aandeel kwetsbare huishoudens en complexe problematiek, meer extra middelen per woning krijgen. Een deel van deze extra middelen zal uitgekeerd worden mits een gemeente een aanvraag doet voor de tweede tranche, ongeacht het aantal woningen dat wordt aangevraagd.
Dit betreft het bedrag dat is opgenomen in vierde kolom van bijlage III. Deze middelen zijn bedoeld voor de woningen waarvoor al een deel van het beschikbare budget voor de lokale isolatieaanpak in 2022 beschikbaar is gesteld.5 Ook voor deze woningen kan dan extra ondersteuning worden geboden. Inschatting is dat met deze al in 2022 beschikbaar gestelde middelen uit het Nationaal Isolatieprogramma ruim 40.000 woningen worden aangepakt. In combinatie met de drie tranches van de lokale isolatieaanpak (waarvan onderhavige regeling ziet op de tweede tranche) kunnen zo 750.000 woningen worden geïsoleerd, hetgeen de https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
28/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
doelstelling van de lokale aanpak is. Gemeenten worden opgeroepen voor de woningen waarvoor middelen uit de lokale aanpak al in 2022 zijn verstrekt ook meer ondersteuning te bieden. (3) 34,66 miljoen euro is vrijgemaakt voor de ondersteuning van de aanpak van VvE’s (zie ook voetnoot 3). Daarvoor is een verdeelsleutel gehanteerd die rekening houdt met het aantal eenheden in VvE’s dat onder de lokale aanpak valt. Daartoe heeft het CBS aanvullend onderzoek gedaan ( https://www.cbs.nl/nl-nl/maatwerk/2024/18/woningen-binnen-vve-s-die-in-aanmerking-komen-voor-denip-2022 ). Een maximum per gemeente van 3 miljoen euro is gehanteerd, omdat er met veel VvE’s in een gemeente ook verwacht wordt dat er schaalvoordelen te behalen zijn in de aanpak en er zo ook extra aandacht is voor spreiding van de middelen over alle gemeenten. Ook voor deze middelen geldt, dat hiermee het beschikbare budget gemiddeld per woning dat wordt aangevraagd wordt opgehoogd. Het totaal aantal woningen dat de gemeente moet isoleren met het budget wijzigt niet. (4) Specifiek voor de ondersteuning van doe-het-zelfmaatregelen is met de voorjaarsbesluitvorming 2023 25,5 miljoen euro beschikbaar gekomen. Dit bedrag wordt verdeeld op basis van dezelfde verdeelsleutel van het CBS als de 446,3 miljoen euro (zie (1)).
Het totaal aantal woningen dat de gemeente moet isoleren met het budget wijzigt niet, dus het gemiddelde bedrag dat de gemeente per woning kan besteden wordt hoger. (5) 7,56 miljoen euro is in de eerste tranche niet aangevraagd door gemeenten. Deze middelen zijn toegevoegd aan het beschikbare budget voor de betreffende gemeenten. Zij krijgen dus opnieuw de mogelijkheid deze middelen aan te vragen. Dit leidt ertoe dat de middelen voor 18 gemeenten zijn toegevoegd aan de middelen die voor die gemeenten voor de tweede tranche beschikbaar zijn. Voor 13 gemeenten geldt dat zij een deel van de middelen niet hebben aangevraagd (het deel dat vanaf 5 juli 2023 beschikbaar kwam). Voor 5 gemeenten geldt dat zij het volledige bedrag niet hebben aangevraagd. Voor deze middelen zijn extra woningen meegenomen in het totaal aan woningen waarvoor door de betreffende gemeenten een specifieke uitkering aangevraagd kan worden, dat betreft het aantal woningen waarvoor geen specifieke uitkering is aangevraagd in de eerste tranche. Het is de bedoeling dat bij de tweede tranche indien aan de orde ook te doen, maar voorwaardelijk is dat de middelen inderdaad weer beschikbaar komen in het volgende jaar en er niet over de inzet van de middelen anders besloten wordt.
(6) In de eerste tranche is per abuis voor een deel van de middelen die de gemeente Amsterdam kon aanvragen het aandeel dat zij voor Weesp kon aanvragen niet meegenomen. Deze middelen zijn meegenomen in de middelen die aan te vragen zijn voor de tweede tranche voor Amsterdam.
3. Inhoud 3.1 Extra middelen voor doe-het-zelf Het stimuleren van doe-het-zelfisolatie heeft een positief effect op de druk op de arbeidscapaciteit in de sector waardoor versnelling bij het verduurzamen van woningen kan worden bereikt. Bij de eerste tranche in de lokale aanpak was het al mogelijk doe-het-zelf te ondersteunen. Of en hoe een gemeente dit doet is aan gemeenten zelf. Zo ondersteunen een aantal gemeenten doe-het-zelfmaatregelen al via bijvoorbeeld subsidies of een voucheraanpak. Om dit beter mogelijk te maken, is er 25,5 miljoen euro specifiek voor doe-het-zelf beschikbaar gesteld. Colleges moeten bij de aanvraag aangeven of ze hun deel van de 25,5 miljoen euro voor doe-het-zelf willen ontvangen. Deze middelen dienen uitsluitend ingezet te worden https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
29/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
voor doe-het-zelf. Voor de extra 25,5 miljoen euro die voor doe-het-zelf beschikbaar is gesteld, hoeven geen extra woningen verbeterd te worden. Zie hierover ook onder ‘doe-het-zelf’. Voor de isolatie van deze woningen gelden ook geen eisen te aanzien van de minimaal toe te passen isolatiewaarden (Rd-waarde) van het isolatiemateriaal. Het is aan de gemeente daar al dan niet eisen aan te stellen. Door geen eisen te stellen aan de minimale isolatiewaarde wordt tegemoet gekomen aan verschillende reacties in het kader van de internetconsultatie. Verschillende partijen pleitten ervoor ook minder vergaande isolatie mee te nemen, bijvoorbeeld omdat er al eerder isolatie is aangebracht. Wil de gemeente echter deze doe-het-zelf woningen mee laten tellen voor de verantwoording dan gelden wel een minimale isolatiewaarden (Rd-waarde) én de minimale oppervlakte-eisen zoals deze in ISDE en SVVE – regeling wordt aangehouden. Daarmee wordt geborgd dat met de lokale isolatieaanpak substantiële stappen bij woningisolatie worden gezet. Zo wordt voorkomen dat bouwdelen suboptimaal worden geïsoleerd en eventueel later opnieuw moeten worden aangepakt om uiteindelijk over te kunnen stappen op een duurzame alternatieve warmtevoorziening.
Voor 10% van het aantal woningen is er echter een uitzondering opgenomen ten aanzien van het behalen van de minimale oppervlakte-eisen, zie hiervoor ‘paragraaf 3.4.1, uitzondering oppervlakteeisen’. Deze woningen kunnen wel mee tellen voor de verantwoording. Overigens gelden de voorwaarden t.a.v. de WOZ-waarden en de slecht geïsoleerde woningen die in aanmerking kunnen komen voor de middelen uit de regeling ook voor alle woningen die met doe-het-zelf worden geholpen. Schematisch leidt dit tot het volgende overzicht.
Eisen t.a.v. Doe het Zelf
Eisen
Telt mee bij verantwoording aantal verbeterde woningen
Indien onderdeel lokale aanpak (hoofdbudget, kolom 3 en 4)
# geen minimale m2 eis
# voldoet woning aan minimale oppervlakte dan telt die mee voor de 90%
Indien onderdeel van lokale aanpak DHZ budget (kolom 5)
# wel eisen aan isolatiewaarde waarde (Rd)
# geen minimale m2 eis # geen eisen aan isolatie waarde (Rd)
# voldoet de woning niet aan minimale oppervlakte dan kan die meetellen voor de 10% (mits 10% nog niet is bereikt) # een woning die niet aan de isolatiewaarde (Rdwaarde) voldoet kan niet meegeteld worden # lokale DHZ-budget moet verantwoord worden dat het besteed wordt aan doe het zelf
Het is aan de gemeente om te bepalen hoeveel woningen met deze middelen worden geïsoleerd en hoeveel middelen er gemiddeld per woning beschikbaar worden gesteld. Voor doe-het-zelf is nu een definitie in de regeling opgenomen, zodat duidelijk is dat het gaat om maatregelen die niet door een bouwbedrijf worden uitgevoerd. In beginsel gaat het om maatregelen die door de eigenaarbewoner worden uitgevoerd, maar het is ook mogelijk dat er ondersteuning van vrienden, familie, buurtinitiatieven en ook energiecoaches plaatsvindt. https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
30/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
De voorwaarden voor de inzet van de middelen voor doe-het-zelf zijn gelijk aan de voorwaarden voor de maatregelen voor niet doe-het-zelf waar het gaat om de inzet in woningen met lage energielabels of vergelijkbare energetische staat en lage WOZ-waarden. Met de inzet van de middelen voor de doelgroep in deze woningen, wordt beoogd ondersteuning te bieden bij het zelf uitvoeren van de maatregelen en zoveel mogelijk extra energiebesparing te realiseren. Om beter aan te sluiten bij mogelijke praktijksituaties bij doe-het-zelf, worden wel de oppervlakte-eisen versoepeld voor deze doelgroep. Zie hiervoor ‘paragraaf 3.4.1, uitzondering oppervlakte-eisen’. Het is natuurlijk nog steeds wenselijk om ook in het geval van doe-het-zelfmaatregelen een zo groot mogelijke oppervlakte te isoleren. Waar het gaat om de inzet van middelen uit het extra doe het zelf budget gelden geen eisen ten aanzien van isolatiewaarden en oppervlakte-eisen zoals eerder aangegeven. Wil de gemeente de woningen echter meetellen voor de verantwoording over de lokale aanpak dan moet echter wel aan de isolatiewaarden én aan de oppervlakte-eisen worden voldaan die ook in de ISDE en SVVE worden gesteld waarbij dus ten aanzien van de oppervlakte-eisen ruimte is om gebruik te maken van de 10% uitzondering.
Door het Ministerie van BZK is in samenwerking met Milieu Centraal de ‘Toolkit Doe-het-zelfisolatie’ ontwikkeld waar gemeenten gebruik van kunnen maken bij het vormgeven van een doe-het-zelfaanpak. 3.2 Extra middelen voor ondersteuning VvE’s Om het isoleren van woningen van gemengde VvE’s en andere gemengde verenigingen zoals bedoeld in de regeling beter te ondersteunen wordt het in de regeling mogelijk gemaakt alle woningen in de VvE beter te betrekken bij de lokale aanpak. Er wordt geregeld dat niet alleen woningen met energielabel D of lager, of een vergelijkbare energetische staat, in aanmerking komen voor de middelen. Ook de eventuele andere woningen in het betreffende gebouw van de VvE met betere labels kunnen in aanmerking komen. Veel maatregelen moeten namelijk in het hele gebouw doorgevoerd worden en over veel maatregelen moet ook op VvE-niveau worden besloten. De wijziging is vormgegeven door niet meer op woningniveau de energetische kwaliteit verplicht vast te stellen, maar door ook op gebouwniveau vast te kunnen stellen of er sprake is van minimaal twee slecht geïsoleerde bouwdelen. Alle woningen in een slecht geïsoleerd gebouw kunnen op deze manier meedoen in de lokale aanpak.
Voorwaarde voor het meetellen voor het halen van het aantal verbeterde woningen waar een college een aanvraag voor heeft gedaan, is wel dat de woningen moeten grenzen aan het slecht geïsoleerde bouwdeel dat met de maatregelen verbeterd wordt en daardoor een lagere energierekening kunnen verwachten. Wanneer niet alle woningen bijvoorbeeld grenzen aan het dak of de vloer, en als alleen een van deze bouwdelen wordt verbeterd, tellen alleen de aangrenzende woningen mee voor het halen van het aantal woningen waar de gemeente een aanvraag voor heeft gedaan. Wanneer (ook) de gevel of het glas wordt vervangen en deze maatregel raakt aan alle woningen in het gebouw, dan kunnen alle woningen meetellen. 3.3 Overige wijzigingen 3.3.1 Uitzonderingen oppervlakte-eisen
In de regeling volgen de minimale oppervlakte-eisen voor de energiebesparende maatregelen voor eigenaarbewoners uit de voorwaarden uit de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (hierna: ISDE6) en voor de VvE’s uit de Subsidieregeling verduurzaming voor verenigingen van eigenaars (hierna: SVVE). Dit volgt uit artikel 2, tweede lid, van de regeling. Met deze wijzigingsregeling worden er twee uitzonderingen voor deze oppervlakte-eisen gemaakt: – voor 10% van het aantal woningen waar een college een aanvraag voor doet en dat geïsoleerd moet worden, gelden de oppervlakte-eisen niet; en https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
31/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
– voor doe-het-zelf worden de oppervlakte-eisen in zijn geheel losgelaten. Dit heeft twee doelen; – het mogelijk maken van het ondersteunen van maatregelen aan kleine woningen; en – het beter ondersteunen van maatregelen die door eigenaar-bewoners zelf worden uitgevoerd (doehet-zelf).
3.3.2 Kleine woningen
Vanuit een aantal gemeenten is aangegeven dat het isoleren van een kleine woning soms bemoeilijkt wordt, doordat in de regeling oppervlakte-eisen zijn gesteld ten aanzien van het te isoleren bouwdeel. Naar aanleiding hiervan heeft het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties onderzoek laten doen door TNO naar de oppervlaktes van woningen in relatie tot de oppervlakte-eisen om inzichtelijk te maken in hoeveel gevallen het aan de orde is dat bouwonderdelen niet aan de eisen kunnen voldoen. Het aantal woningen dat met betrekking tot een of meerdere specifieke bouwdelen niet aan de oppervlakte-eisen kan voldoen, blijkt beperkt te zijn. Dit aantal woningen zal ruimschoots binnen de uitzondering van 10% vallen dat niet aan de oppervlakte-eisen hoeft te voldoen.7 3.3.3 Doe-het-zelf
Met deze wijzigingsregeling wordt ruimte geboden voor gemeenten om voor alle doe-het-zelvers geen oppervlakte-eisen te stellen aan de maatregelen die zij uitvoeren. Voor de extra 25,5 miljoen euro die voor doehet-zelf beschikbaar is gesteld, staat tevens geen aantal woningen tegenover die verbeterd moeten worden. Deze middelen kunnen dus in principe volledig besteed worden aan maatregelen die niet voldoen aan de oppervlakte-eisen (en isolatiewaardes, zie hiervoor onder 3.1). Dit voorkomt dat vooraf een inschatting moet worden gemaakt, of een maximum gesteld moet worden, aan het aantal doe-het-zelvers dat bijvoorbeeld zijn of haar woning alleen stap voor stap wil of kan verduurzamen. Bijvoorbeeld wanneer per (zolder)kamer wordt geïsoleerd omdat het aanpakken van alle (zolder)kamers tegelijk in één keer een te grote klus is. Of wanneer de volgende kamer toch niet meer wordt opgepakt vanwege levensgebeurtenissen. Het ‘reguliere’ budget waar colleges een aanvraag voor hebben gedaan op grond van artikel 3, eerste lid of tweede lid, is echter wel gekoppeld aan een aantal woningen dat verbeterd dient te worden. Ook vanuit dit budget kunnen doe-het-zelfmaatregelen worden ondersteund. Echter is het alsnog het geval dat er maar in maximaal 10% van de te behalen woningen afgeweken mag worden van de oppervlakte-eisen. Ook wanneer deze door middel van doe-het-zelf zijn verbeterd.
De woningen die vanuit de extra 25,5 miljoen euro zijn verbeterd door middel van doe-het-zelf-maatregelen mogen meegeteld worden richting het aantal verbeterde woningen van het ‘reguliere’ budget mits ook aan de minimale isolatiewaarden van de ISDE en SVVE wordt voldaan. Hierbij geldt wel alsnog de voorwaarde dat er in maximaal 10% van de te verbeterde woningen mag worden afgeweken van de minimale oppervlakte-eisen. Onderstaand wordt dit nader toegelicht. 3.4 Toelichting en samenloop 10% uitzondering en algehele uitzondering doe-het-zelf De 10% uitzondering betekent dat bij de verantwoording minimaal 90% van het aantal woningen waarvoor een college de aanvraag voor de SPUK lokale aanpak isolatie heeft gedaan voldoet aan de oppervlakte-eisen die volgen uit de ISDE en de SVVE voor de verschillende energiebesparende maatregelen die zijn getroffen aan de woning. Als een college bijvoorbeeld voor 100 woningen een aanvraag heeft gedaan en middelen heeft ontvangen, dan zullen bij 90 woningen maatregelen moeten zijn getroffen die voldoen aan de oppervlakte-eisen (en isolatiewaarden) uit de ISDE of de SVVE. Bij 10 woningen mogen de verbeterde oppervlaktes kleiner zijn
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
32/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
dan wat in de ISDE of de SVVE is voorgeschreven om het aantal van 100 in de verantwoording te kunnen halen te kunnen halen. Deze 10 woningen moeten wel aan de gestelde isolatiewaarden voldoen. Voor doe-het-zelf wordt een algehele uitzondering gemaakt. Voor deze maatregelen gelden er geen oppervlakte- én isolatie-eisen. Dit laat echter onverlet dat maximaal 10% van het totaal aantal woningen waar energiebesparende maatregelen door doe-het-zelf worden toegepast mee kan tellen voor het te halen aantal woningen waar een aanvraag voor is gedaan op grond van artikel 3, eerste lid of tweede lid. De samenloop van de 10% van het aantal aangevraagde en te isoleren woningen dat niet aan de oppervlakteeisen hoeft te voldoen en de algehele uitzondering op de oppervlakte-eisen voor doe-het-zelf kan er als volgt uitzien, telkens uitgelegd in het voorbeeld van de 100 woningen die door een college worden aangevraagd: Voorbeeld 1 – In het geval dat er voor 100 woningen wordt aangevraagd door een college; – er worden 80 woningen met doe-het-zelf verbeterd met maatregelen die niet aan de oppervlakte-eisen voldoen; – 90 andere woningen (=90% van 100) moeten dan verbeterd worden met maatregelen die wél aan de oppervlakte-én isolatie-eisen voldoen; – Totaal aantal verbeterde woningen = 170 woningen, waarvan er 100 meetellen voor de verantwoording van het te halen aantal woningen op basis van de
aanvraag.
Voorbeeld 2 – In het geval dat er 100 woningen worden aangevraagd door een college; – er worden 80 woningen met doe-het-zelf verbeterd met maatregelen die niet aan de oppervlakte-eisen voldoen; – daarnaast worden er 20 woningen met doe-het-zelf verbeterd met maatregelen die wél aan de oppervlakte-én isolatie-eisen voldoen; – 70 andere woningen (20+70=90% van 100) moeten dan verbeterd worden met maatregelen die wél aan de oppervlakte-én isolatie-eisen voldoen; – Totaal aantal verbeterde woningen = 170 woningen, waarvan er 100 meetellen voor de verantwoording van het te halen aantal woningen op basis van de aanvraag.
Voorbeeld 3 – In het geval dat er 100 woningen worden aangevraagd door een college; – er worden 80 woningen met doe-het-zelf verbeterd met maatregelen die niet aan de oppervlakte-eisen voldoen; – daarnaast worden er 10 kleine woningen door een bouwbedrijf (geen doe-het-zelf) verbeterd met maatregelen die niet aan de oppervlakte-eisen voldoen maar wel aan de isolatie-eisen; https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-20127.html
33/50
26-10-2024, 10:19
Staatscourant 2024, 20127 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
– 90 andere woningen moeten dan verbeterd worden met maatregelen die wél aan de minimale oppervlakte-én isolatie-eisen voldoen. – Totaal aantal verbeterde woningen = 180 woningen, waarvan er 100 meetellen voor de verantwoording van het te halen aantal woningen op basis van de aanvraag. Wanneer het aantal woningen niet is gerealiseerd kan een bedrag worden teruggevorderd, volgens de methodiek beschreven in de toelichting van de eerste tranche (Staatscourant 2023, 3877). 3.5 Maximumbedrag van € 4.000 per woning vervalt In de regeling was een maximumbedrag opgenomen dat ten hoogste aan isolatiemaatregelen besteed mocht worden per woning, met uitzondering van woningen van een aantal in de regeling gedefinieerde groepen personen. Dat maximum was bepaald met oog op doelmatigheid van besteding van de middelen en het totaal beschikbare budget. Sindsdien is het bedrag dat gemiddeld per woning beschikbaar is omhoog gegaan (zie hoofdstuk 2 van het algemeen deel van deze toelichting). Ook wordt er nog steeds voldoende gestuurd op doelmatigheid door het aantal woningen dat gemeenten moeten isoleren op grond van de aanvraag. Ten slotte is vanuit sommige gemeenten de wens geuit om het maximum los te laten, vanwege de mogelijkheid met de koppeling van andere lokale regelingen.