CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

1179600 Bijlage 1 Erfgoedvisie Schouwen-Duiveland (2024)

Gemeenteraad 12 december 2024, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: RVS Actualisatie erfgoedbeleid vaststellen Erfgoedvisie Schouwen Duiveland (1179600)16.727 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

ERFGOEDVISIE SCHOUWEN-DUIVELAND ‘Ons eiland, ons erfgoed’

Colofon Gemeente Schouwen-Duiveland Titel : Erfgoedvisie Schouwen-Duiveland Subtitel : Ons eiland, ons erfgoed Datum : Juli 2024 Auteurs : Guus Besuijen, Huib Uil en Jan van de Voorde Met medewerking van : Jeanine Dekker, David Koren en Ilja Mostert Advies : Van de Voorde Monumentenadvies Vormgeving : Communicatie gemeente Schouwen-Duiveland Afbeeldingen : afkomstig van fotowedstrijd (zie 4.2), tenzij anders vermeld.

Inhoud Voorwoord Samenvatting Aanleiding en belang van erfgoedbeleid Nieuwe ontwikkelingen en wettelijke taken Basis voor visie Doelstellingen en acties Uitvoeringsprogramma 2024–2028

Deel 1 Ons eiland, ons erfgoed 1. Aanleiding: waarom een beleidsvisie erfgoed? Leeswijzer

2. Geschiedenis van Schouwen-Duiveland Schouwen en Schelde Bewoners, kerken en steden Oorlog, welvaart en neergang Nieuwe perspectieven

3. Het erfgoed van Schouwen-Duiveland 3.1 Wat is erfgoed? 3.2 Erfgoed nader uitgelicht

4. Visie op het erfgoed van Schouwen-Duiveland 4.1 Inleiding Coalitieakkoord Evaluatie van de Erfgoednota 2012–2018 Speelveld Wettelijke taken gemeente Omgevingswet 4.2 Betrokkenheid inwoners en organisaties 4.3 Visie: het behouden en beleven waard

5. Doelstellingen 5.1 Basis op orde voor de wettelijke taken 5.2 Erfgoed behouden, beleven en benutten 5.3 Leefbaarheid bevorderen 5.4 Erfgoed als inspiratiebron voor ruimtelijke ontwikkeling 5.5 Erfgoed samen beleven

5 6 6 6 6 6 6

7 8 9

10 10 10 11 13

14 14 15

16 16 16 16 18 19 20 20 21

22 22 22 23 24 24

6. Van doelstellingen naar uitvoering

25

6.1 Basis op orde voor de wettelijke taken 6.2 Erfgoed behouden, beleven en benutten 6.3 Leefbaarheid bevorderen

25 25 25

6.4 Erfgoed als inspiratiebron 6.5 Erfgoed samen beleven

7. Uitvoeringsprogramma 2024–2028 Deel 2 Het erfgoed nader belicht 1. Cultuurlandschap 2. Schouwen-Duiveland Algemeen De vroegste geschiedenis: woestenij en landuitbreiding Ontstaan van de oude polders, het oudland (1000–1200) Het ontstaan van nieuwland (1200–1600) Groei, welvaart en voorspoed Periode 1900–heden: rampspoed en nieuwe perspectieven

3. Archeologisch erfgoed

26 26

27 29 30 30 30 31 31 31 33 34

36

Het archeologisch erfgoed van Schouwen-Duiveland 36 Bewoning in de prehistorie 36 De 1e boeren: Brabers bij Haamstede 36 De metaaltijden: wonen in het duingebied 37 De Romeinse Tijd: Schouwen als onderdeel van een linie en handelsgebied 38 De Middeleeuwen: Vikingen, verdedigingswerken en de 1e stadsontwikkeling 39 De Nieuwe Tijd: rampspoed en nieuwe ontwikkelingen 40

4. Maritiem erfgoed 5. Gebouwd en groen erfgoed Rijksmonumenten Beschermde stads- en dorpsgezichten Gemeentelijke monumenten Religieus erfgoed Funerair erfgoed

6. Archieven en musea Archief Musea

7. Immaterieel erfgoed Festiviteiten, rituelen en sociale praktijken Spreken, vertellen en zingen Uitvoerende kunsten Traditioneel vakmanschap en ambachten Culinaire tradities

Bijlage 1: Brief Erfgoedplatform aanbevelingen erfgoedbeleid (14 maart 2022) Bijlage 2: Overzicht rijksmonumenten in gemeentelijk bezit

41 43 43 45 45 46 46

47 47 48

50 50 52 52 52 53

54 56

Voorwoord Voor u ligt de nieuwe Erfgoedvisie Schouwen-Duiveland, met als titel ‘Ons eiland, ons erfgoed’. Deze visie belicht het vele erfgoed dat ons eiland rijk is en onderstreept het belang van behoud, beleving en benutting van ons culturele erfgoed. Schouwen-Duiveland staat in de top 10 van Nederlandse monumentengemeenten. Onze inwoners en onze gasten koesteren dan ook de vele monumenten, de historische landschappen, verhalen en unieke tradities. Erfgoed speelt een cruciale rol in vele aspecten van onze gemeente. Het is van groot belang voor recreatie, toerisme, woningbouw, economie, ruimtelijke ordening, natuurbehoud en sociale samenhang. Het beleid van 2012-2018 legde al de basis door erfgoed als inspiratiebron voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen te benadrukken. Sindsdien hebben we te maken gehad met diverse ontwikkelingen op lokaal, regionaal, nationaal en internationaal niveau. De Omgevingswet van 1januari 2024 verplicht ons om erfgoed een prominente plaats te geven in onze Omgevingsvisie en ons Omgevingsplan. Bovendien legt het Europese Verdrag van Faro de nadruk op het betrekken van inwoners bij erfgoedbeheer en -ontwikkeling. De nieuwe erfgoedvisie bestaat uit 2 delen: het erfgoedbeleid en een beschrijving van het erfgoed op Schouwen-Duiveland. We hebben wettelijke taken, zoals vergunningverlening, toezicht en handhaving op basis van de Omgevingswet.

Daarnaast zijn we eigenaar van rijksmonumenten met een instandhoudingsplicht. Ook hebben we de Erfgoednota 2012–2018 geëvalueerd en nieuwe actiepunten toegevoegd. Met deze erfgoedvisie streven wij ernaar ons erfgoed op een duurzame manier te beheren en bij te dragen aan de leefbaarheid en identiteit van onze gemeenschap. Samen kunnen we ervoor zorgen dat ons prachtige erfgoed behouden blijft voor toekomstige generaties. Jacqueline van Burg wethouder Cultuur en Erfgoed

De Zuidhavenpoort in Zierikzee.

5

Samenvatting Aanleiding en belang van erfgoedbeleid Schouwen-Duiveland staat in de top 10 van Nederlandse gemeenten met de meeste rijksmonumenten. Het erfgoed, zoals monumenten, landschappen, verhalen en tradities, wordt zeer gewaardeerd door inwoners en bezoekers. Erfgoed is belangrijk voor recreatie, toerisme, woningbouw, economie, ruimtelijke ordening, natuurbehoud en sociale samenhang in de gemeente. Het beleid van 2012–2018 benadrukte erfgoed als inspiratiebron voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen.

Nieuwe ontwikkelingen en wettelijke taken Sinds de vorige erfgoednota zijn er veel veranderingen geweest. De Omgevingswet, die op 1januari 2024 is ingevoerd, verplicht gemeenten om erfgoed mee te nemen in de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan. Het Europese Verdrag van Faro benadrukt ook het belang van burgerbetrokkenheid bij erfgoedbeheer en -ontwikkeling.

Basis voor visie De erfgoedvisie bestaat uit 2 delen. Deel I gaat over het erfgoedbeleid, en Deel II beschrijft het erfgoed van Schouwen-Duiveland. De gemeente heeft wettelijke taken, zoals vergunningverlening en onderhoud van monumenten. Deze taken zijn vastgelegd in de Omgevingswet en de Erfgoedwet. Het beleid omvat ook de evaluatie van de Erfgoednota 2012–2018, waarbij 10 actiepunten zijn beoordeeld en nieuwe actiepunten zijn toegevoegd.

Doelstellingen en acties De erfgoedvisie heeft 5 hoofddoelstellingen: 1. Basis op orde: Proces voor vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) verbeteren, en voldoende personeel en expertise binnen de gemeente. 2. Erfgoed behouden, beleven en benutten: Voorlichting aan eigenaren, onderhoud van monumenten en bredere openstelling van monumenten. 3. Leefbaarheid bevorderen: Herbestemming van leegstaande monumenten, verduurzaming van monumenten en onderzoek naar nieuwe bestemmingen voor leegstaande kerkgebouwen. 4. Erfgoed als inspiratiebron: Integreren van erfgoed in ruimtelijke plannen en samenwerken tussen beleidsdomeinen. 5. Erfgoed samen beleven: Uitbreiding en verjonging van het Erfgoedplatform, voortzetten van de Open Monumentendag en promotie van minder bekend erfgoed.

Uitvoeringsprogramma 2024–2028 Het uitvoeringsprogramma beschrijft acties per jaar, met bijbehorende budgetten. Voorbeelden van acties zijn het inrichten van een fysiek en digitaal loket voor monumenteneigenaren, jaarlijkse informatiebijeenkomsten en het inventariseren van cultuurlandschappen voor opname in het omgevingsplan.

6

DEEL 1

Ons eiland, ons erfgoed

7

1

Aanleiding: waarom een beleidsvisie erfgoed? Schouwen-Duiveland staat op basis van het aantal rijksmonumenten in de top10 van Nederlandse gemeenten. Inwoners en bezoekers van het eiland vinden het erfgoed waardevol. De vele monumenten en de bijzondere landschappen, maar ook de verhalen en tradities, herinneren aan een rijk verleden. Er zijn veel organisaties en personen betrokken bij het erfgoed op Schouwen-Duiveland, wat zich uit in het grote aantal activiteiten rondom erfgoed. Het erfgoed is belangrijk voor alles wat de gemeente doet. Het verbindt ons heden met het verleden en het biedt kansen voor recreatie, toerisme, wonen, economie, ruimtelijke plannen, natuur en sociale samenhang. Beleid hierover vinden we daarom heel belangrijk. In dit beleid leggen we vast hoe we erfgoed meenemen in onze besluiten over allerlei onderwerpen. In 2012 maakten we voor het eerst erfgoedbeleid: de Erfgoednota 2012–2018. Dit kwam voort uit onze strategische visie ‘Tij van de toekomst’. Hierin is ons erfgoed een belangrijk onderdeel. Zo zien we ons erfgoed bijvoorbeeld als inspiratiebron voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in onze gemeente. In de strategische visie schrijven we dat we het belangrijk vinden om te investeren in ons erfgoed. Zo kunnen we het op een duurzame manier beheren en behouden. Hoe precies en met welk budget, dat staat in de erfgoednota.

De 10 actiepunten die in de Erfgoednota 2012–2018 staan, krijgen in deze nieuwe erfgoednota een vervolg. Sinds 2012 zijn er verschillende ontwikkelingen en initiatieven op erfgoedgebied geweest, zowel op lokaal, regionaal, nationaal als internationaal niveau. Daarom vinden we aanpassing van het erfgoedbeleid nodig. Actielijst erfgoed 10 punten plan 2012–2018: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10.

We richten het platform cultureel erfgoed Schouwen-Duiveland op. We versterken de erfgoedcoördinatie. We onderzoeken de beschermingswaardigheid van gemeentelijke monumenten. We ontwikkelen instrumentarium ter bescherming van ons erfgoed. We ondersteunen monumenteneigenaren bij het zoeken naar subsidiemogelijkheden. We ontwikkelen producten gericht op het beleven en benutten van ons erfgoed. We onderzoeken de oprichting van een Molenstichting. We ondersteunen musea. We stellen een monumentenverlichtingsplan op. We ontsluiten informatie via het gemeente archief.

De gemeente heeft wettelijke erfgoedtaken. Deze taken staan in de op 1 januari 2024 ingevoerde Omgevingswet en hebben betrekking op de vergunningverlening voor monumenten en op de instandhouding daarvan. Het opstellen van een Omgevingsvisie en een Omgevingsplan komt eveneens voort uit de Omgevingswet. Erfgoed is daarin een verplicht onderwerp.

8

In het Europese Verdrag van Faro is afgesproken om erfgoed te beschermen en om burgers te betrekken bij erfgoed en ontwikkelingen rondom erfgoed. In deze nieuwe beleidsvisie staat hoe de gemeente Schouwen-Duiveland de wettelijke taken wil uitvoeren en hoe de gemeente het erfgoed wil behouden, beschermen en gebruiken. Daarbij geven we aan welke ambities en doelstellingen we hebben en hoe we deze doelstellingen willen bereiken.

Leeswijzer Deze erfgoedvisie bestaat uit 2 delen. Deel I gaat over het erfgoedbeleid en Deel II beschrijft het erfgoed op Schouwen-Duiveland. In het volgende hoofdstuk (van Deel I) leest u het verhaal van Schouwen-Duiveland. Daarna volgt in hoofdstuk 3 de toelichting op de indeling van het erfgoed . Vervolgens leest u in hoofdstuk 4 de uitgangspunten, waarop we de visie op het erfgoed hebben gebaseerd. Ook de rol van de gemeente in het erfgoedveld, inclusief de wettelijke taken, komen aan de orde. In hoofdstuk 5 leest u over de doelstellingen, die we op basis van de visie hebben opgesteld. De doelstellingen koppelen we aan 5 thema’s. Daarna leest u in hoofdstuk 6 de acties die aan de doelstellingen zijn verbonden en die in hoofdstuk 7 in een uitvoeringsprogramma zijn opgenomen. We maken in dit uitvoeringsprogramma onderscheid tussen structurele acties en incidentele acties.

Het weeghuisje van de weegbrug van de voormalige getijdehaven van Viane.

9

2

Geschiedenis van Schouwen-Duiveland Schouwen-Duiveland heeft een rijke geschiedenis. Een geschiedenis van een eiland dat eeuwenlang in het teken heeft gestaan van de strijd tegen het water. Veel van het erfgoed op het eiland is zichtbaar en, als dat niet het geval is, terug te vinden in boeken, tijdschriften en archieven. In dit hoofdstuk vertellen we over de geschiedenis van Schouwen-Duiveland.

Schouwen en Schelde Schouwen ontleent zijn naam aan de rivier de Schelde. ‘Schelde’ is afgeleid van het Germaanse woord ‘scald’, dat ondiep betekent. De naam ‘Duiveland’ is jonger. Hier was een zekere vrouw, Duva, de naamgeefster. Rond het begin van de jaartelling behoorde het gebied tot het Romeinse keizerrijk. Door Zeeland liep de vaarroute van het Rijngebied in het huidige Duitsland naar Brittannia. Op het eind van de 3e eeuw verdwenen de Romeinen. De volgende 5 eeuwen was er geen of nauwelijks menselijke bedrijvigheid te bespeuren. Dat kwam hoofdzakelijk door de stormen die het gebied teisterden. Het gebied dat we nu Zeeland noemen werd tegen het eind van de zevende eeuw door de Frankische koning Pippijn II aan zijn rijk toegevoegd na een overwinning op de Friezen. In de daaropvolgende eeuwen kwamen er langzaamaan enkele nederzettingen. De grootste concentratie van menselijke bewoning werd gevonden achter de duinen omdat het daar droog bleef. In de 9e eeuw werd de delta bezocht door de plunderende Noormannen of Vikingen. Om zich te beschermen tegen deze invallen werden ringwalburgen aangelegd. Dit waren grote, cirkelvormige terreinen, omringd door een wal met daarop een muur van palen met daarvoor een gracht. Zo’n terrein is te vinden in Burgh.

Bewoners, kerken en steden In de 9e en 10e eeuw kwam de bewoning langzaam op gang. Eerst waren het schaapherders en vissers die zich vestigden. Ook deed men al snel aan zoutwinning. Vanaf de 10e eeuw groeide de bevolking hier en vanaf de 11e eeuw begon men met het ontginnen van land. De bewoners gingen langs de kreken wonen , die zich diep in het land hadden geboord. En ze bouwden hun huizen op de hoger gelegen kreekruggen, de overblijfsels van verzande kreken. Op sommige plekken in het gebied ontstonden dorpen. Men beschermde zichzelf tegen het water, eerst door langs de kreken kaden te leggen of die af te dammen. In het midden van de 12e eeuw beveiligde men op meer structurele wijze het land tegen het water door de aanleg van een enorme ringdijk rond Schouwen. Dat deed men ook in in Duiveland, Dreischor en Bommenede. Deze eilanden werden nog lang gescheiden door de Gouwe en het Dijkwater. We weten dat er in deze tijd een sterke bevolkingsgroei was, vanwege het aantal kerken dan men stichtte. Schouwen telde in het begin van de 12e eeuw hooguit 3 kerken: Zierikzee, Haamstede en Brijdorpe. Een eeuw later waren dat er op de eilanden ongeveer 20. Ook de afstand tussen sommige kerken (soms maar een paar kilometer) is een aanwijzing voor de bevolkingstoename. Aan de stichting van deze kerken was de indeling in heerlijkheden voorafgegaan.

Deze heerlijkheden waren grondgebieden waar een ‘heer’ het gezag over de bewoners uitoefende. Heerlijkheden worden ook wel gezien als voorlopers van de huidige gemeenten. Het eiland Duiveland groeide door inpolderingen aan de oostzijde. De bouw van kerken ging daarmee gelijk op. Net als op Schouwen hadden ook hier de ambachtsheren als lokale gezagsdragers een belangrijke invloed op de plattelandssamenleving.

10

Van de vele kastelen op de eilanden toen, zijn er nu nog 2: slot Haamstede en slot Moermond bij Renesse. Van vliedbergen, vaak restanten van een zogenaamde motte (een opgeworpen aarden heuvel met een torenvormige versterking), zijn er nog 2, 1 bij Zierikzee en 1 bij Elkerzee. Het lukte de graaf van Holland om de 4 eilanden bestuurlijk gezien binnen zijn invloedsfeer te brengen. Maar dat zorgde voor veel discussie. In 1304 vond de 1e grote zeeslag plaats op de Gouwe, waar een Frans-Hollandse vloot de Vlamingen versloeg. Daarmee werd de positie van Zeeland bezegeld: Zeeland bleef definitief verbonden met Holland. Op Schouwen groeide Zierikzee uit tot een plaats die in het begin van de 13e eeuw stadsrechten kreeg. Vooral in de 14e en 15e eeuw kreeg de stad een sterke positie door de economische mogelijkheden: koopvaardij, visserij, lakennijverheid en handel in zout en landbouwproducten. Die bedrijvigheid zorgde ervoor dat de stad zich ook op andere terreinen kon laten gelden. Zierikzee groeide uit tot het bestuurlijke centrum van Zeeland beoosten Schelde, globaal overeenkomend met het huidige Noord-Zeeland. Zierikzee werd de evenknie van Middelburg dat diezelfde positie had voor Zeeland bewesten Schelde, Walcheren en de Bevelanden. Zierikzee telde talrijke kloosters en geestelijke instellingen binnen haar stadsmuren.

Een aantal ervan horen we terug in de namen van straten: Minderbroederstraat, Korte Sint Janstraat, Zevengetijstraat. Bijzonder is dat het laatmiddeleeuwse stratenpatroon nauwelijks is veranderd. Het veel jongere Brouwershaven werd de 2e stad op Schouwen. In 1403 kreeg deze plaats aan de noordoostzijde van Schouwen stadsrechten. Het waren vooral de visserij en de marktpositie voor het aangrenzende gebied die voor de gestage groei zorgden. Bouwershaven is nooit echt een concurrent geweest voor Zierikzee. Zierikzee heeft altijd een belangrijke centrumpositie gehad en dat is nog steeds zo tot op de dag van vandaag.

Oorlog, welvaart en neergang In de 16e eeuw was er een belangrijk keerpunt: het beleg van Zierikzee in 1575/1576 door de Spaanse koningstroepen. Hoewel de stad maar kort in handen was van Spanje, had dit grote gevolgen, vooral door het onder water zetten van Schouwen. Sommige dorpen, zoals Looperskapelle en Brijdorpe, zijn kleiner geworden door de ontvolking die toen plaatsvond. Ook op religieus gebied waren er grote veranderingen. In Zierikzee verdwenen kloosters en sommige op Schouwen ook. Maar de meeste kerken, ook in de dorpen, bleven staan. Dorpen waar de kerk niet werd herbouwd, werden kleiner. Zierikzee kreeg nieuwe mogelijkheden door het havenkanaal dat naar de Oosterschelde werd gegraven (1597–1599). Even belangrijk was de dam die in 1610 werd gelegd tussen Schouwen en Duiveland. Vanaf dat moment waren de 2 eilanden onafscheidelijk. In de jaren die volgden, werden grote stukken van het land waar vroeger de Gouwe stroomde, omringd door dijken. Dat compenseerde voor een deel het verlies van het zuidelijk deel van Schouwen. De Plompe Toren van Koudekerke is het symbool van de strijd tegen het water die hier verloren werd. Men bouwde de nieuwe dijk dwars door het dorp, de kerk werd afgebroken en de bewoners verhuisden. Naast de landbouw was de visserij belangrijk voor Zierikzee en Brouwershaven. In Zierikzee was ook de koopvaardij heel belangrijk.

De Zierikzeese schepen voeren naar onder meer de Oostzee en ZuidEuropa. In de 18e eeuw ging de visserij grotendeels verloren terwijl ook de koopvaardij op zijn retour was. Initiatieven, zoals de poging om in Zierikzee een universiteit te stichten, liepen op niets uit. Het bevolkingsaantal van de stad daalde, net zoals in Brouwershaven. Steeds meer viel het eiland terug op de landbouw, die in de 19e eeuw het belangrijkste middel van bestaan werd.

11

Een opvallend product was de meekrap. Uit de wortels van deze plant werd een rode verfstof geproduceerd. Na het verdwijnen van deze teelt waren de veehouderij en de akkerbouw de belangrijkste bronnen van inkomsten. In de 2e helft van de 19e eeuw konden mensen met behulp van stoomkracht het overtollige water van hun grond wegpompen. Zo kon men de grond veel beter gebruiken. De economische omstandigheden verbeterden alleen nauwelijks. Dat zorgde ervoor dat veel historisch waardevolle gebouwen behouden bleven. Dat Zierikzee nog 3 middeleeuwse stadspoorten bezit, is te danken aan het feit dat ze hier niet in de weg stonden voor het oprukkende verkeer. Groei was er vrijwel alleen in Bruinisse dankzij de oester- en mosselvisserij. Zierikzee viel terug op zijn belangrijkste functie, die van centrumplaats. Hier kwamen de scholen voor middelbaar en beroepsonderwijs voor de jeugd van het eiland. Naast stoomgemalen bracht de 19e eeuw bijvoorbeeld ook de vuurtoren Westerlicht in de duinen bij Haamstede. Rondom het eiland werden haventjes aangelegd voor een snel transport van de landbouwproducten. In veel plaatsen zorgden kerkelijke ontwikkelingen voor nieuwe kerkgebouwen. Dat zorgt ervoor dat er, vanaf de middeleeuwen, uit elke eeuw kerkgebouwen aan te wijzen zijn. Datzelfde geldt voor de monumentale woonhuizen, vooral in Zierikzee.

Zo is huis De Haene aan de Meelstraat het oudste huis van Zeeland.

Het kerkje ‘onder d’n diek’ in Bruinisse is gebouwd in 1904 in de neoromaanse en neoclassicistische bouwstijl.

Ondanks alle die ontwikkelingen bleef de traditie van de straô. Aan het eind van de winter gingen en gaan de paarden met hun berijders naar het strand. Daar worden de paardenbenen gespoeld als een reinigend middel na de maanden op stal. Ieder dorp in de Schouwse Westhoek kent zijn eigen straô. Het is een traditie die in ieder geval uit het begin van de 17e eeuw stamt en mogelijk nog oudere wortels heeft.

12

De streekdracht daarentegen verdween aan het eind van de vorige eeuw, maar de herinnering eraan wordt gekoesterd. Het gebruik van het dialect vermindert, maar is nog altijd een geliefde vorm van communiceren tussen de eilandbewoners.

Nieuwe perspectieven De Tweede Wereldoorlog (1940–1945) was van beperkte betekenis voor Schouwen-Duiveland, afgezien van het laatste oorlogsjaar. In 1944 werd het eiland door de Duitse bezetter onder water gezet en een groot deel van de bevolking werd geëvacueerd. Zeeland werd eind 1944 bevrijd. Dat gold echter niet voor Schouwen-Duiveland, dat nog een moeilijke periode doormaakte. Een verzetsactie werd door de bezetter afgestraft door ophanging. De ‘Tien van Renesse’ zijn een litteken dat nooit verdwijnt. Oorlogsschade was er vooral in Bruinisse waarvan het centrum werd verwoest. Veel ingrijpender was de Watersnoodramp van 1953. Het grootste deel van Schouwen-Duiveland kwam onder water te staan. Veel eilanders verloren het leven en de schade was enorm. Nooit had een overstroming zulke gevolgen gehad. Het leed was groot, de pijn bleef en blijft voelbaar tot op de dag van vandaag. De wederopbouw werd met grote energie aangepakt. De houten geschenkwoningen, afkomstig uit het buitenland, geven aan dat het meeleven groot was. De caissons, waarmee het laatste gat in de dijk bij Ouwerkerk werd gesloten, werden later een museum en kenniscentrum. Het maakt duidelijk dat de ramp van 1953 een plaats heeft verworven in het collectieve geheugen. Ontwikkelingen, die voor een deel reeds na de oorlog in gang waren gezet, vonden versneld plaats.

Zoals de herverkaveling, die de landbouw betere mogelijkheden moest geven en ingrijpende gevolgen had voor het landschap. Nieuwe wegen, vaarten en sloten moesten zorgen voor meer mogelijkheden. Door de mechanisatie bood de landbouw steeds minder werkgelegenheid. Veel mensen vertrokken omdat het eiland te weinig te bieden had. In 1965 werd het isolement van het eiland opgeheven door de aanleg van de Grevelingendam en de bouw van de Zeelandbrug. Door de Deltawerken kreeg het eiland aan de westzijde 2 andere verbindingen met het vasteland in de vorm van de Brouwersdam (1972) en de kering in de Oosterschelde (1986). Mede daardoor werden de mogelijkheden voor de recreatie flink uitgebreid waardoor dit de meest in het oog springende economische pijler werd. De gemeentelijke herindeling van 1961 bracht het aantal gemeenten terug van 18 naar 6. 2 jaar eerder waren alle polders onder het gezamenlijk bestuur van het waterschap SchouwenDuiveland gebracht, inmiddels is dit 1 waterschap voor heel Zeeland (Waterschap Scheldestromen). In 1997 werden de 6 gemeenten tot 1samengevoegd. De bevolking groeide weer sterk in de jaren negentig van de 20e eeuw als gevolg van een vestigingsoverschot. Tegelijkertijd trad ook een sterke vergrijzing in. In economische zin is de dienstensector, waaronder toerisme en recreatie worden gerekend, het grootst.

Vanaf de jaren zestig van de 20e eeuw kreeg het erfgoed de belangstelling die het verdiende. Talrijke monumenten werden gerestaureerd door de zorgen van de gemeentelijke overheid maar vooral ook door de particuliere eigenaren en de financiële hulp van het Rijk. Met hulp van deze subsidies kon veel erfgoed worden hersteld en worden doorgegeven aan een nieuwe generatie.

13

3

Het erfgoed van Schouwen-Duiveland 3.1 Wat is erfgoed? Wat verstaan we onder ‘erfgoed’? In letterlijke zin gaat het om ‘goederen’ die we uit het verleden ‘erven’. In bredere zin gaat het over materiële sporen uit het verleden, zoals gebouwen, voorwerpen, archieven, landschappen en archeologische resten. En het gaat over niet-materiële zaken, zoals ambachten, verhalen en tradities. Vaak spreken we over ‘cultureel erfgoed’: oftewel: het erfgoed dat door mensen gemaakt is. De maatschappij bepaalt wat erfgoed is. Mensen hechten waarde aan voorwerpen, gebouwen of tradities en willen deze voor toekomstige generaties bewaren. Deze waarde verandert met de tijd en de omgeving waarin we leven. Daarom komt er nieuw erfgoed bij en valt er erfgoed af. Met het veranderen van de leefomgeving kan erfgoed een nieuwe functie krijgen, zoals het herbestemmen een monumentaal gebouw. Erfgoed kan verloren gaan door nieuwe ontwikkelingen, bijvoorbeeld bij de aanleg van een weg dwars door een cultuurlandschap, maar ook door natuurrampen. Gebouwen die nog niet zo lang geleden gebouwd zijn kunnen erfgoed worden als deze in de tegenwoordige tijd nieuwe waardering krijgen. De daarbij behorende verhalen spelen ook een rol. Als er meer oog is voor een periode uit onze geschiedenis, komt er ook meer aandacht voor de sporen en verhalen uit die periode. Wat we als erfgoed beschouwen beweegt dus mee met de tijd.

Dit woonhuis in Bruinisse is van cultuurhistorische waarde maar is geen monument.

14

3.2 Erfgoed nader uitgelicht Erfgoed delen we soms in in roerend en onroerend erfgoed. Bij roerend erfgoed gaat het om verplaatsbare objecten zoals kunstvoorwerpen, archiefstukken en historische schepen. Onroerend erfgoed is niet verplaatsbaar, bijvoorbeeld cultuurlandschappen, gebouwen en archeologische vindplaatsen. In deze erfgoedvisie hanteren we de indeling materieel en immaterieel erfgoed, omdat we daarmee de erfgoedthema’s van Schouwen-Duiveland het beste kunnen beschrijven. De indeling levert het volgende overzicht op. Materieel erfgoed

Immaterieel erfgoed

Cultuurlandschap

Festiviteiten, rituelen en sociale praktijken

Archeologisch erfgoed

Spreken, vertellen en zingen

Maritiem erfgoed

Uitvoerende kunsten

Gebouwde en groene monumenten

Traditioneel vakmanschap/ambachten

Archieven en musea

Culinaire tradities

In deel II van deze Erfgoedvisie leest u een uitgebreide beschrijving van het erfgoed dat in dit overzicht is opgenomen.

De haven van Zierikzee met zicht op de Stads- en Commerciewerf van de Museumhaven (foto: Carina Verlinde).

15

4

Visie op het erfgoed van Schouwen-Duiveland 4.1 Inleiding Om te komen tot een visie op het erfgoed van Schouwen-Duiveland formuleren we de uitgangspunten. Daarop baseren we de visie. Welke uitgangspunten gebruiken we? • Coalitieakkoord 2022–2026: dit akkoord geeft de kaders voor de visie. • Evaluatie van de Erfgoednota 2012–2018: hierin zijn 10 actiepunten beoordeeld en een aantal nieuwe actiepunten toegevoegd. • Het speelveld van de monumentenzorg: geeft inzicht in het netwerk van de gemeente en de mogelijkheden van dit netwerk voor de gemeente. Hieronder leest u meer over de verschillende uitgangspunten.

Coalitieakkoord In het coalitieakkoord 2022–2026 ‘Samen koers houden’ staat dat het immaterieel erfgoed een interessant onderdeel is van het toeristisch product, maar dat het behoud ervan prioriteit heeft. We maken het immaterieel erfgoed zichtbaar, zodat mensen er meer aandacht voor hebben en het beter kunnen behouden en benadrukken. Ook willen we goed zorgen voor het materiële erfgoed en daarover praten we met het Erfgoedplatform. We luisteren naar de adviezen van het Erfgoedplatform en we pakken ze daarna gefaseerd (in stappen) op (zie bijlage 1). De adviezen van het Erfgoedplatform gingen over de volgende onderwerpen: • Gemeentelijke monumentenlijst: een evenwichtige gemeentelijke monumentenlijst en aandacht voor het compenseren van de belemmeringen die aan eigenaren worden opgelegd. • Loketfunctie voor eigenaren van monumenten: het opbouwen van kennis, kunde en capaciteit ten behoeve van het informeren en stimuleren van eigenaren bij de instandhouding van monumenten. • Beleid vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH): verbeteren van de werking van de VTH-keten, specifiek afgestemd op monumentenbehoud. • Erfgoedbeleid: anticiperen op nieuwe wetgeving (Erfgoedwet, Omgevingswet) en het toezicht van provincies door een aangepaste visie op het erfgoed. • Erfgoed en erfgoedbeleid opnemen in het overdrachtsdossier voor het nieuwe college.

Met de vaststelling van het coalitieakkoord 2022–2026 is het laatste punt opgevolgd.

Evaluatie van de Erfgoednota 2012–2018 De Nota Integraal Erfgoedbeleid 2012–2018 met als titel ‘De Schatkamer van Schouwen-Duiveland, behouden, beleven en benutten’ is onderwerp van evaluatie geweest, waarbij ook het Erfgoedplatform betrokken is geweest. De in de nota opgenomen (10) actiepunten zijn op hun voortgang beoordeeld.

16

Actiepunten

Voortgang

Nog uit te voeren

1. Oprichten Erfgoedplatform

Gerealiseerd in 2015

• •

Meer partijen betrekken en samenwerking stimuleren. Bemensing verbreden en verjongen.

Beleidsmedewerker coördinator • sinds 2019

Structureel versterken samenhang beleidsterreinen.

3. Beschermenswaardigheid ge- Herijking gerealiseerd in 2021 meentelijke monumenten

•

Meer evenwicht aanbrengen tussen Zierikzee en overige kernen.

4. Ontwikkelen instrumentarium Stimuleren instandhouding beschermd erfgoed door voorlichting

•

Toezicht en handhaving organiseren. Vastleggen in omgevingsplan.

2. Versterken erfgoedcoördinatie

• •

Vormgeving fysiek en digitaal loket voor eigenaren.

5. Voorlichting eigenaren

Samen met Erfgoedplatform uitgevoerd

6. Ontwikkelen producten voor beleven en benutten erfgoed

Jaarlijks Open Monumentendag •

Samenhangend beleid erfgoed en toerisme.

7. Onderzoek Molenstichting

Onderzoek uitgevoerd: geen behoefte

•

Structureel overleg met moleneigenaren en (vrijwillig) molenaars.

8. Ondersteuning musea

Gerealiseerd via VMSD en educatief medewerker

•

Verder oppakken in Cultuurvisie.

9. Monumentenverlichtingsplan Plan gerealiseerd en 1e project (Renesse) uitgevoerd

•

Verdere uitrol vanaf 2024.

10. Ontsluiten gemeentelijk archief

Gerealiseerd in 2019

Tijdens de evaluatie zijn door de deelnemers nog 5 actiepunten toegevoegd. Actiepunten

Voortgang

11. Actualiseren archeologiebeleid

Is inmiddels in gang gezet, geen onderdeel van erfgoedvisie

12. Herbestemming leegstaande/ leegkomende monumenten

Krijgt, mede op basis van de kerkenvisie 2022, structureel aandacht. Gemeente heeft onderzoek laten uitvoeren naar toekomst stadspoorten

13. Invoering Omgevingswet

Nieuwe commissie is ingesteld en deskundige leden benoemd. Het vastleggen van het VTH-proces voor monumenten moet worden uitgevoerd en het erfgoed moet aandacht krijgen in Omgevingsvisie en Omgevingsplan

14. Financiële ondersteuning eigenaren gemeen- Vast te leggen in aangepast subsidiebeleid voor telijke monumenten eigenaren van gemeentelijke monumenten

17

Actiepunten

Voortgang

15. Verduurzaming monumenten

Eigenaren van monumenten hebben diverse mogelijkheden, aan voorlichting wordt volop gewerkt. Welstandsnota is inmiddels aangepast

Speelveld Het Erfgoedplatform Schouwen-Duiveland is in 2015 opgericht als platform van vrijwilligers die namens een gemeentelijke of provinciale erfgoedorganisatie zijn aangewezen. Het Erfgoedplatform is geen rechtspersoon, maar een adviesorgaan van de gemeente. Het Erfgoedplatform adviseert het gemeentebestuur gevraagd en ongevraagd en verbetert de samenwerking tussen erfgoedorganisaties. Ook verbetert het Erfgoedplatform de verspreiding van kennis van het erfgoed binnen de gemeente en onder inwoners, eigenaren van monumenten en toeristen. Het Erfgoedplatform heeft in de afgelopen jaren onder meer een belangrijke rol gespeeld bij de herijking van gemeentelijke monumenten, de gemeentelijke Erfgoedprijs en de organisatie van de jaarlijkse Open Monumentendag. De opening van de landelijke Open Monumentendag in 2019 in Zierikzee leverde de gemeente grote publiciteit op. In hetzelfde jaar werd ook een magazine uitgegeven dat huis-aan-huis werd bezorgd. Op basis van het coalitieakkoord en de evaluatie van de vorige erfgoednota kunnen we doelstellingen formuleren als we daarbij rekening houden met het speelveld (zie hieronder schematisch weergegeven) van de monumentenzorg en de rol van de gemeente daarin.

Binnen het speelveld van de monumentenzorg zijn de volgende partijen actief. De gemeente is hierin centraal afgebeeld, waarmee de centrale rol van de gemeente in het speelveld wordt aangegeven.

18

• •

•

•

Overheden: het Rijk (inclusief de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed), de provincies, de gemeenten en de waterschappen. Organisaties: Nederland kent veel organisaties op erfgoedgebied. Van belang voor de gemeente zijn op landelijk niveau het Nationaal Restauratiefonds (NRF, bankier Nederlandse monumentenzorg), de Stichting Erkende Restauratiekwaliteit Monumentenzorg (ERM, kwaliteitsborging), de Federatie Grote Monumentengemeenten (FGM, koepel voor grotere monumentengemeenten) en de Federatie Instandhouding Monumenten (FIM, koepel van particuliere monumentenorganisaties). Op provinciaal niveau kennen we Erfgoed Zeeland met daarbinnen de Monumentenwacht Zeeland en daarnaast diverse belangenorganisaties, die samenwerken in de Zeeuwse Erfgoed Coöperatie (ZEC). Op gemeentelijke niveau zijn de Stichting Monumenten Schouwen-Duiveland en de vereniging Stad en Lande van Schouwen-Duiveland belangrijke organisaties. Het Erfgoedplatform SchouwenDuiveland is weliswaar geen rechtspersoon, maar als adviesorgaan van de gemeente een belangrijke partner. Dit overzicht van organisaties is niet compleet, maar geeft een indruk van de organisaties in het erfgoedveld. Marktpartijen: hieronder vallen de restauratiearchitecten, restauratieaannemers, gespecialiseerde (onder)aannemers en monumentenadviesbureaus.

Deze marktpartijen kennen allemaal een landelijke koepelorganisatie, die veelal zijn aangesloten bij de Stichting Erkende Restauratiekwaliteit Monumentenzorg (ERM). Eigenaren: De grootste groep eigenaren van rijks- en gemeentelijke monumenten zijn particuliere eigenaren, die vooral woonhuizen in eigendom hebben. Overheden, en daarbij dus ook de gemeente Schouwen-Duiveland, hebben eveneens veel monumenten in eigendom. Een overzicht van de rijksmonumenten in gemeentelijk bezit is als bijlage opgenomen.

Binnen dit speelveld van de monumentenzorg heeft de gemeente wettelijke taken en kan de gemeente besluiten tot het uitvoeren van autonome taken (taken die de gemeente zelfstandig wil uitvoeren) Welke partijen daarbij betrokken zijn wordt per onderdeel duidelijk gemaakt.

Wettelijke taken gemeente De huidige taakverdeling tussen overheden op het gebied van gebouwd, groen en archeologisch erfgoed komt oorspronkelijk uit de Monumentenwet 1988, inmiddels opgevolgd door de op 1juli 2016 in werking getreden Erfgoedwet. In de Erfgoedwet staan regels voor de bescherming van het erfgoed. In de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) stonden regels over de omgang met monumenten. Deze wet is inmiddels opgevolgd door de Omgevingswet. Voor de bescherming van het erfgoed is het Rijk verantwoordelijk, terwijl voor de omgang met monumenten de gemeente verantwoordelijk is. Het veiligstellen van cultureel erfgoed is daarbij het uitgangspunt voor een centrale verantwoordelijkheid. Het aanwijzen van beschermde stads-en dorpsgezichten en het aanwijzen van gebouwde, groene en archeologische monumenten is de taak van het Rijk. De dagelijkse uitvoering van het monumentenbeleid is de verantwoordelijkheid van gemeenten, die daarmee in staat zijn het samenspel met lokale (particuliere) initiatieven vorm te geven. Gemeenten moeten hiervoor een verordening vaststellen, waarbij een gemeentelijke commissie adviseert in het proces van vergunningverlening. De rijksoverheid (voor alle rijksmonumenten) en de provincies (voor rijksmonumenten buiten de bebouwde kom) kunnen ook adviseren. Voor archeologische rijksmonumenten is het anders.

Alleen het Rijk kan hierover beslissen, maar gemeenten kunnen hierover adviseren.

19

Omgevingswet Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Tot dit moment was de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) van toepassing voor de vergunningverlening van beschermde gebouwde en groene monumenten. De Erfgoedwet kent een aantal overgangsbepalingen. Eén daarvan regelt de instandhoudingsplicht voor monumenten. Deze instandhoudingsplicht betekent voor de eigenaar van een rijksmonument dat zijn of haar rijksmonument zodanig onderhouden moet worden, dat het voortbestaan gewaarborgd is. Het is aan de gemeente om toezichthoudend en eventueel handhavend op te treden als onvoldoende onderhoud leidt tot verval en schade. Een periodieke controle door monitoring van de rijksmonumenten kan behulpzaam zijn bij het beoordelen of er sprake is van onvoldoende onderhoud. Beschermde stads- en dorpsgezichten worden door het Rijk aangewezen. Deze bevoegdheid staat in de Erfgoedwet, maar gaat over naar de Omgevingswet. Het gevolg van de aanwijzing van een beschermd stads- of dorpsgezicht is dat de gemeente hiermee rekening houdt bij het opstellen van een bestemmingsplan, zoals dit ook geldt voor alle aanwezige cultuurhistorische waarden. Met de invoering van de Omgevingswet zal hetzelfde gelden voor het Omgevingsplan. Binnen de gemeente Schouwen-Duiveland zijn er 4 beschermde stads- en dorpsgezichten: Brouwershaven, Dreischor, Noordgouwe en Zierikzee.

4.2 Betrokkenheid inwoners en organisaties De inwoners van Schouwen-Duiveland zijn op verschillende manieren het opstellen van deze Erfgoedvisie betrokken geweest: • In 2023 is een fotowedstrijd georganiseerd voor basisscholieren, die meer dan 30 reacties heeft opgeleverd. Op 7 februari 2024 reikte wethouder Jacqueline van Burg de prijzen uit aan de makers van de 3 mooiste foto’s. Tegelijkertijd was dit de start voor een tentoonstelling, waarin een selectie van de ingestuurde foto’s was opgenomen. In 2023 zijn concepten van de teksten van de erfgoedvisie verschillende keren besproken in de vergaderingen van het Erfgoedplatform Schouwen-Duiveland. Een belangrijk advies, namelijk het opsplitsen van de erfgoedvisie in 2 onderdelen, is overgenomen. Ook zijn individuele leden van het Erfgoedplatform betrokken geweest bij specifieke onderdelen van de erfgoednota. Op het online platform voor SchouwenDuiveland (Denk mee, doe mee) konden inwoners suggesties doen over erfgoed. Dit leverde verschillende ideeën op over onder andere: - de beleving van de binnenstad van Zierikzee; - de verlichting van monumenten; - lantaarnpalen; - het dialect; - het vervolg op de in 2022 uitgekomen kerkenvisie. • Een column in de Wereldregio leverde interessante informatie op over de bescherming van bijzonder erfgoed op Schouwen-Duiveland zoals getijdenhavens en een graansilo.

Het merendeel van de ingediende suggesties komt terug in de erfgoedvisie.

20

Dreischor vanuit de lucht (foto: Marieke Mandemaker©).

4.3 Visie: het behouden en beleven waard De gemeente Schouwen-Duiveland is een echte erfgoedgemeente. Naast 823 rijksmonumenten en 314 gemeentelijke monumenten heeft de gemeente 4 beschermde stads- en dorpsgezichten. Ook heeft Schouwen-Duiveland veel andere bijzondere plekken en elementen, die herinneren aan een rijk verleden. Het erfgoed is het waard om te behouden, maar ook om het te beleven door het te gebruiken. Samen met organisaties en eigenaren kan het erfgoed aan een volgende generatie worden overgedragen. Voor het opstellen van deze erfgoedvisie zijn diverse organisaties, maar ook eigenaren van monumenten en inwoners uitgenodigd om te reageren op de vraag welk erfgoed van belang is. Ook de adviezen van het Erfgoedplatform Schouwen-Duiveland zijn van grote waarde geweest. Erfgoed draagt bij aan een mooie en fijne leefomgeving en draagt bij aan de identiteit van stad en dorp. De gemeente Schouwen-Duiveland heeft niet alleen aandacht voor het verleden, maar ook voor de toekomst. Aan de mening van inwoners en organisaties hechten we grote waarde. Bij de uitvoering van het erfgoedbeleid houden we daarmee rekening. Ook brengen we het belang van erfgoed bij andere beleidsdomeinen structureel onder de aandacht om zo tot een samenhangend beleid te komen.

De gemeente voert de wettelijke en autonome taken op het gebied van erfgoed uit in het belang van dat erfgoed, maar ook in het belang van en met aandacht voor eigenaren, inwoners en bezoekers. Dit bereiken we door de volgende doelstellingen: 1. Basis op orde voor de wettelijke taken. 2. Erfgoed behouden, beleven en benutten. 3. Leefbaarheid bevorderen. 4. Erfgoed als inspiratiebron voor ruimtelijke ontwikkelingen. 5. Erfgoed samen beleven.

21

5

Doelstellingen 5.1 Basis op orde voor de wettelijke taken De instandhouding van door het Rijk beschermd erfgoed bewaken en bevorderen is een wettelijke taak. De gemeente heeft de verantwoordelijkheid om de keten van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) in te vullen. Het is daarom van belang om de taken en verantwoordelijkheden te verankeren in een beschrijving van de taken en de werkprocessen. Voor de uitvoering van deze taken is het nodig voldoende personele capaciteit en expertise binnen de gemeentelijke organisatie beschikbaar te hebben. Het beleid en de uitvoering van deze VTH-keten moet gemonitord en, wanneer nodig, bijgesteld worden.

5.2 Erfgoed behouden, beleven en benutten Goed erfgoedbeheer bestaat niet alleen uit het stellen van verplichtingen aan eigenaren en het toezicht daarop, maar ook uit het voorlichten van deze groep. Daardoor voorkomen we onherstelbare schade: Voorkomen is beter dan genezen. Door goede informatievoorziening over subsidiemogelijkheden en wet- en regelgeving pakken we de bescherming van erfgoed ‘aan de voorkant’ op. Dit betekent dat de gemeente moet voorzien in de loketfunctie voor monumenteneigenaren en beschikbaar en bereikbaar moet zijn voor vragen van deze eigenaren. De gemeente is ook zelf eigenaar van rijksmonumenten en heeft een voorbeeldfunctie voor wat betreft de instandhouding. Kerktorens, molens, poorten en musea vormen ‘het boegbeeld’ van het monumentenbestand op Schouwen-Duiveland. Daarbinnen vereist de instandhouding van molens specifieke kennis en kunde. Door gebruik te maken van de financiële mogelijkheden voor het behoud van rijksmonumenten en het inschakelen van deskundige partijen, kan de gemeente aan andere eigenaren van monumenten laten zien wat zorgvuldig monumentenbeheer betekent. Door bijzondere categorieën erfgoed op te nemen in toeristische plannen, worden deze monumenten meer zichtbaar. Voorbeelden hiervan zijn de stadspoorten en de overige verdedigingswerken van Zierikzee, de kerkgebouwen, kastelen, buitenplaatsen en molens in de overige plaatsen.

De monumenten worden beperkt opengesteld, bijvoorbeeld op Open Monumentendag, maar hebben meer potentie. h Een plan voor bredere openstelling is hiervoor gewenst.

Molen Den Haas in Zierikzee (foto: Johan Theuns).

22

De gemeente kent een aantal cultuurlandschappen, landschappelijke elementen en cultuurhistorische objecten, die via ruimtelijke plannen kunnen worden beschermd. h Een inventarisatie hiervan is een goede eerste stap. De gemeente Schouwen-Duiveland heeft een gemeentelijke monumentenlijst, die van oorsprong bestaat uit objecten uit de voormalige gemeente Zierikzee. Na de herijking van de gemeentelijke monumentenlijst in 2021 is het aantal beschermde objecten teruggebracht tot 314. Deze lijst is helaas nog geen goede afspiegeling van het te beschermen erfgoed zonder de status van rijksmonument. Het Erfgoedplatform Schouwen-Duiveland heeft in 2023 voorstellen gedaan om de lijst uit te breiden. h Het aanwijzen van gemeentelijke monumenten betekent dat de eigenaar hiervan te maken krijgt met een beperking van zijn eigendomsrechten. Net als bij rijksmonumenten is het wenselijk dat tegenover die beperkingen een (financiële) compensatie staat. Het immaterieel erfgoed is in Deel II beschreven. Dit is het startpunt voor het verzamelen van informatie hierover en het opstellen van een overzicht. h Dit overzicht kan gebruikt worden voor sociaal-maatschappelijke en toeristische publicaties en activiteiten.

5.3 Leefbaarheid bevorderen De levendigheid van een stad of dorp heeft een positief effect op de staat van het erfgoed. Andersom biedt in goede staat verkerend erfgoed kansen voor het verbeteren van de leefbaarheid van steden en dorpen. Voorbeelden als Amersfoort, Delft, Den Bosch, Haarlem, Leiden en Maastricht laten dit duidelijk zien. Erfgoed draagt bij aan de schoonheid en identiteit van de leefomgeving en laat inwoners en bezoekers zich thuis voelen. Dit geldt ook voor de buitengebieden met kenmerkend cultuurlandschap, die door een verantwoord beheer een aantrekkelijke toegang vormen voor het bebouwde landschap. Gebouwd erfgoed heeft baat bij een functionele invulling. Leegstand leidt immers sneller tot verval. Die bedreiging is het grootst bij kwetsbare categorieën monumenten zoals kerken, boerderijen, industrieel erfgoed, molens en objecten in het buitengebied. Om instandhouding te stimuleren kan de gemeente een rol spelen bij het vinden van nieuwe functies voor monumentale gebouwen, zoals bij de uitwerking van de Kerkenvisie. Dat kan door vergunningen te verlenen en bestemmingswijzigingen toe te staan. Er kunnen immers ingrepen nodig zijn om monumenten toekomstbestendig te maken. Partijen kunnen bij elkaar gebracht worden en haalbaarheidsonderzoeken voor neven- en herbestemming bieden kansen voor de toekomst. h Hiervoor is een subsidieregeling van het rijk beschikbaar.

Het gemeentelijk duurzaamheidsbeleid is gericht op het terugdringen van de CO2-uitstoot in de gebouwde omgeving. Ook monumenten zullen moeten verduurzamen. Niet alleen om bij te dragen in het reduceren van de CO2-uitstoot, maar ook om ze bewoonbaar, functioneel en betaalbaar te houden. De mogelijkheden voor verduurzaming zijn vaak beperkter dan bij andere gebouwen. Het nemen van energiebesparende maatregelen vraagt om maatwerk. Bij eigenaren is vaak onvoldoende bekend welke maatregelen zij wel en niet kunnen nemen en welke financiële mogelijkheden er voor verduurzaming zijn. De gemeente ondersteunt monumenteneigenaren bij het nemen van verduurzamingsmaatregelen. Het gaat hier om zowel advisering als financiële ondersteuning. Bij de verduurzaming van monumenten moet rekening gehouden worden met beschermde diersoorten zoals vleermuizen, gierzwaluwen en huismussen.

23

Voorlichting vanuit de gemeente over subsidies en regelingen is belangrijk en vindt plaats door middel van een brochure, de gemeentelijke website en de website van het Erfgoedplatform. h Voorlichting over verduurzaming van monumenten vanuit de gemeente is belangrijk. Op Schouwen-Duiveland is, net als in andere gemeenten, sprake van een grote behoefte aan woningen. In plaats van nieuwbouw kan wonen in her te bestemmen monumenten een oplossing bieden voor deze woonbehoefte. h Bij het maken van plannen voor woningen kunnen we bijvoorbeeld vrijkomende kerkgebouwen en agrarische gebouwen betrekken.

5.4 Erfgoed als inspiratiebron voor ruimtelijke ontwikkeling Erfgoed is belangrijk bij ontwikkelingen op het gebied van economie, toerisme en recreatie, cultuur, zorg, leefbaarheid en landschap. Daarmee draagt het bij aan een betere leefomgeving en een gunstiger vestigingsklimaat. Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden, waardoor gemeenten verplicht zijn om een Omgevingsvisie en een Omgevingsplan op te stellen. Gemeenten moeten in het Omgevingsplan rekening houden met het belang en behoud van cultureel erfgoed en daarvoor een beschermingsregime opnemen. Een integrale werkwijze moet uitgangspunt zijn. h De borging van de meerwaarde van erfgoed realiseren we door goede interne samenwerking tussen de beleidsdomeinen die betrokken zijn bij het opstellen van het omgevingsplan.

5.5 Erfgoed samen beleven In 2005 werd het Verdrag van Faro vastgesteld door de Raad van Europa. Dit verdrag draagt de titel ‘De Waarde van Cultureel Erfgoed voor de Samenleving’, waarmee vanuit een ander perspectief naar het erfgoed wordt gekeken. De mens en de samenleving en hun relatie met erfgoed staan centraal. Vanuit de rijksoverheid wordt deze nieuwe benaderingswijze van erfgoed verbeterd, zonder dat daarbij wordt aangeven op welke wijze gemeenten hierop kunnen aansluiten. In de Uitvoeringsagenda Faro (2022) wordt aangegeven dat erfgoed een ‘gedeelde zaak’ is van erfgoedgemeenschappen, erfgoedinstellingen, overheden, burgerinitiatieven, ondernemers en anderen. Ook is erfgoed een bron voor ruimtelijke, sociale, economische en democratische ontwikkelingen, waarbij alle belanghebbenden betrokken worden. Erfgoed beleef je samen en daar kan de gemeente aan bijdragen. De gemeente Schouwen-Duiveland is een rijke erfgoedgemeente. Aan inwoners en bezoekers is veel te bieden met behulp van een goede erfgoedcommunicatie. Zo is in 2019 een magazine over het erfgoed op Schouwen-Duiveland verschenen, dat in een grote oplage is verspreid. Regelmatige herhaling van een dergelijk magazine, bijvoorbeeld ter gelegenheid van een lustrum Open Monumentendag, kan een bijdrage leveren aan actieve erfgoedcommunicatie.

In 2020 zijn de ‘Verhaallijnen van Schouwen-Duiveland’ op verzoek van de gemeente samengesteld. h Deze verhaallijnen, gekoppeld aan het eerder beschreven immaterieel erfgoed, bieden kansen voor de promotie van minder bekend erfgoed. Een erfgoedcanon is hiervoor een uitstekend middel. Veel erfgoedorganisaties zijn betrokken bij het Erfgoedplatform Schouwen-Duiveland, dat een 1e en een 2e ring kent. In de 1e ring zitten vertegenwoordigers die direct aan de vergadering van het platform deelnemen en daarin een inbreng hebben, De 2e ring bestaat uit vertegenwoordigers van organisaties, die vaak een regionale of een provinciale achtergrond hebben en dienen als klankbord voor de 1e ring. h Het Erfgoedplatform kan, samen met de gemeente, erfgoed onder de aandacht brengen van de inwoners van de gemeente en zich ook richten op de jeugd. 24

6

Van doelstellingen naar uitvoering 6.1 Basis op orde voor de wettelijke taken Om de basis voor de wettelijke taken op orde te brengen zijn de volgende acties van belang: • Actie 1: Beschrijven van het proces van vergunningverlening voor de activiteit monumenten. • Actie 2: Beschrijven van de keten van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) voor monumenten en van toezicht op de instandhoudingsplicht van eigenaren van monumenten. • Actie 3: Inventariseren van de benodigde personele capaciteit voor vergunningen (omgevingsvergunning met de activiteit monumenten), inclusief toezicht en handhaving, en het vaststellen van de benodigde formatie en expertise (opleiding en ervaring).

6.2 Erfgoed behouden, beleven en benutten Voor het behouden, beleven en benutten zijn de volgende acties van belang: • Actie 4: Voorlichten van eigenaren van rijks- en gemeentelijke monumenten met jaarlijkse informatiebijeenkomsten in samenwerking met het Erfgoedplatform. • Actie 5: Inrichten van fysiek en digitaal loket als eerstelijnszorg voor monumenteneigenaren. • Actie 6: Het instandhouden van rijksmonumenten in gemeentelijk bezit door gebruik te maken van de rijkssubsidieregeling (Sim) en het inzetten van gekwalificeerde bedrijven. Tevens zullen instandhoudingsplannen van kerktorens worden afgestemd met de kerkeigenaren. De instandhouding van molens wordt gewaarborgd door een jaarlijkse inspectie en aansluitend onderhoud door deskundige bedrijven. De vrijwillig molenaars worden daarbij betrokken en ondersteund. Met de molenaars voert de gemeente jaarlijks overleg. • Actie 7: Het inventariseren van rijksmonumenten in gemeentelijk bezit die door achterstallig onderhoud een restauratiebehoefte hebben. Bij restauraties wordt gebruik gemaakt van de provinciale subsidieregeling voor de restauratie van rijksmonumenten. • Actie 8: Het onderzoeken van bredere openstellingsmogelijkheden van bijzondere categorieën monumenten resulterend in een (communicatie)plan.

• Actie 9: Inventariseren van cultuurlandschappen, landschappelijke elementen en cultuurhistorische objecten ten behoeve van opname in het omgevingsplan. • Actie 10: Het laten beoordelen van de voorgedragen objecten voor gemeentelijke bescherming. • Actie 11: Het financieel ondersteunen van eigenaren van gemeentelijke monumenten bij de instandhouding. • Actie 12: Het opstellen van een overzicht van immaterieel erfgoed en het bevorderen van de verspreiding van informatie over activiteiten op dit terrein.

6.3 Leefbaarheid bevorderen Voor de ontwikkeling van vitale steden en dorpen zijn de volgende acties van belang: • Actie 13: Het bevorderen van haalbaarheidsonderzoeken voor neven- of herbestemmingen van kwetsbare categorieën monumenten door voorlichting. • Actie 14: Het voortzetten van subsidies en regelingen voor verduurzamen van monumenten, zoals de monumentencoach, isolatiesubsidie en stimuleringsleningen, en het communiceren over subsidies en regelingen via informatieavonden, brochures en websites van gemeente en Erfgoedplatform. • Actie 15: Het bevorderen van onderzoek naar de mogelijkheden voor wonen in leegkomende kerkgebouwen.

25

6.4 Erfgoed als inspiratiebron Voor erfgoed als inspiratiebron is de volgende actie van belang: • Actie 16: Het betrekken van de erfgoedcoördinator en andere beleidsmedewerkers bij het opstellen van het omgevingsplan.

6.5 Erfgoed samen beleven Voor erfgoed samen beleven zijn de volgende acties van belang: • Actie 17. Uitbreiding en verjonging van het Erfgoedplatform ter bevordering van de continuïteit van het platform. • Actie 18. Open Monumentendag voortzetten op de ingeslagen weg door bestendiging van de samenwerking tussen Erfgoedplatform en de gemeente. • Actie 19. Het bevorderen van de samenwerking van bij het erfgoed betrokken organisaties en personen met als doel de kennis over het erfgoed te verspreiden door publicaties al dan niet digitaal. • Actie 20. Het geven van een vervolg aan de ‘Verhaallijnen van Schouwen-Duiveland’ door het starten van een pilot voor de uitwerking van de verhaallijn ‘langs burgen en kastelen’.

Opening Landelijke Open Monumentendag 2019 door prof. mr. Pieter van Vollenhoven in de Nieuwe Kerk in Zierikzee (foto: Carina Verlinde).

26

7

Uitvoeringsprogramma 2024–2028 Actie Activiteit (structureel)

Activiteit (incidenteel)

Jaar/ jaren van actie

Benodigd structureel budget

1

Beschrijven proces vergun- 2025 ningverlening activiteit monumenten.

€ 10.000

2

Beschrijven VTH-proces voor monumenten.

2025

€ 10.000

3

Inventariseren en invullen behoefte personele capaciteit VTH.

2025

2 fte

4

Jaarlijks voorlichten eigenaren monumenten (nieuwsbrief – monumentenschildje, QR-code).

2024–2028

€ 5.000

5

Inrichten fysiek en digitaal loket voor monumenteneigenaren.

2024–2028

0,1 fte

6

Instandhouden rijksmonumenten in gemeentelijk bezit.

2024–2028

PM

Benodigd incidenteel budget

€ 10.000

7

Inventariseren restauratie- 2025 behoefte rijksmonumenten in gemeentelijk bezit.

€ 5.000

8

Onderzoeken bredere openstellingsmogelijkheden.

2025

€ 2.500

9

Inventariseren cultuurland- 2027 schappen, cultuurhistorische objecten, enzovoort ten behoeve van omgevingsplan.

€ 15.000

10

Beoordelen voorgedragen 2024 objecten voor gemeentelijke bescherming.

€ 15.000

11

Ondersteunen eigenaren gemeentelijke monumenten.

2025–2028

€ 50.000 € 100.000

27

Actie Activiteit (structureel)

Activiteit (incidenteel)

Jaar/ jaren van actie

12

Opstellen overzicht immaterieel erfgoed en bevorderen beleving.

2026–2027

Benodigd structureel budget

Benodigd incidenteel budget € 10.000

13

Bevorderen haalbaarheidsonderzoeken neven- of herbestemmingen.

2024–2028

PM

14

Voortzetten subsidies en regelingen voor verduurzaming van monumenten en voortzetten voorlichten eigenaren van monumenten over verduurzaming.

2024–2028

PM

15

Bevorderen onderzoek wonen in leegkomende kerken.

2024–2028

PM

16

Betrekken erfgoed bij opstellen omgevingsplan.

2026 Naar verwachting, onderzoek volgt.

PM

17

Uitbreiden en verjongen erfgoedplatform.

2026

PM

18

Voortzetten Open Monumentendag via Erfgoedplatform.

2024–2028

PM

19

Bevorderen samenwerking erfgoedorganisaties.

2024–2028

PM

20

Vervolg geven aan Verhaallijnen Schouwen-Duiveland.

2026

€ 15.000

28

DEEL 2

Het erfgoed nader belicht

29

1

Cultuurlandschap Schouwen-Duiveland Algemeen Het huidige Schouwen-Duiveland kent verschillende landschapstypen: van duinen op de Kop van Schouwen tot oude en nieuwe polders (‘oudland’ en ‘nieuwland’) in het achterland. De geschiedenis is op veel plekken goed af te lezen aan het landschap. Een constante daarbij zijn de sporen van de strijd tegen - en het leven met - het water. Het dijkenpatroon refereert het meest aan de geschiedenis van het beschermen en bedijken of inpolderen. Met name in de voormalige stroomgeul van de Gouwe zijn de oorspronkelijke dijkstructuren en daarbij behorende verkavelingspatronen nog zichtbaar. Het landschapsbeeld aldaar wordt bepaald door karakteristieke slingerende dijken en relatief kleine landbouwpercelen. De diverse welen (kolkgaten), zoals de Kakkersweel tegen de Schouwse dijk, herinneren aan een dijkdoorbraak in het verleden. Karakteristiek voor Schouwen-Duiveland, met name langs de Oosterschelde en de Grevelingen, zijn ook de inlaagdijken, inlagen en karrevelden. Inlaagdijken zijn secundaire- of reservedijken, bedoeld om te verhinderen dat grote stukken land overstromen bij een dijkdoorbraak van een primaire dijk. De inlagen zijn de gebieden tussen de primaire en de secundaire (inlaag)dijk.

De aanleg van deze inlaagdijken leidde tot karrevelden, want de grond om de inlaagdijken mee te maken werd uit de inlaag zelf of uit de directe omgeving afgegraven en ‘uitgekard’. Deze karrevelden zijn te herkennen aan lange stroken grond – om met de karren overheen te rijden – afgewisseld met lange uitgegraven stroken.

Inlagen en karrevelden aan de zuidkust van Schouwen-Duiveland (Foto: David Koren).

30

Het duingebied van de Kop van Schouwen en het oudland van Duiveland zijn het meest oorspronkelijk gebleven. Het duingebied van de Kop richt zich vooral op de combinatie van natuur, strand en zee. De poldergebieden zijn hoofdzakelijk agrarisch en Zierikzee heeft een stedelijk karakter. De Kop van Schouwen en de stad Zierikzee zijn toeristische trekpleisters. Ten noorden van Zierikzee ligt te midden van het bosrijke Schuddebeurs een miniatuur buitenplaatsenlandschap wat verwijst naar de rijkdom van de stad in de 17e en 18e eeuw. De dorpen zijn ontstaan vanaf de middeleeuwen. Kenmerkende dorpsvormen zijn het kerkringdorp (onder andere Dreischor) en het iets jongere voorstraatdorp Bruinisse uit de 15e eeuw, dat overwegend een niet-agrarisch karakter heeft.

De vroegste geschiedenis: woestenij en landuitbreiding Voor het begin van de jaartelling was de huidige Zeeuwse Delta een woest en nauwelijks bewoond gebied. De oudste sporen van bewoning gaan terug tot de Nieuwe Steentijd (2000–4000 voor Christus) en concentreerden zich op een hogere zandrug achter een kust van smalle strandwallen. Achter deze kust strekte zich in deze periode tot aan de Vroege Middeleeuwen een vrijwel onbewoond waddengebied met platen, geulen en schorren uit. Het werd aan de zuidzijde begrensd door de loop van de rivier de Schelde, ter hoogte van de huidige Oosterschelde. Langzamerhand bouwde de smalle kust zich uit naar het westen en het noordwesten tot een brede strook met strandwallen en Oude Duinen in de Kop van Schouwen. Daarachter lag een uitgestrekt hoogveengebied met als zuidgrens de loop van de Schelde.

Ontstaan van de oude polders, het oudland (1000–1200) De aanleg van een ringdijk rond Schouwen in het midden van de 12e eeuw betekende het ontstaan van de Polder Schouwen. Het betreft hier een zogenaamd oudland, gekenmerkt door een afwisseling van hogere en zavelige kreekruggen en lage poelgebieden met klei-op-veen. Op de ruggen konden het akkerland, boerderijen en wegen worden aangetroffen, terwijl de open poelgebieden nauwelijks ontsloten en bebouwd waren. Die kenden hoofdzakelijk een extensief gebruik als gras- en hooiland. Door de zel- en moernering in de poelgebieden, waarbij men het veen opgroef voor de zout- en brandstofwinning, nam het hoogteverschil met de kreekruggen steeds verder toe, evenals de wateroverlast. Het oudlandgebied was oorspronkelijk aanzienlijk groter en vormde bovendien een aaneengesloten geheel dat waarschijnlijk in de 11e en 12e eeuw ten gevolge van stormvloeden versneden en opgedeeld was geraakt. Zo waren de eerdergenoemde ‘eilanden’ Bommenede, Dreischor en Duiveland ontstaan. Mede als reactie op eerdergenoemde stormvloeden werden zowel Schouwen als deze andere ‘eilanden’ van ringdijken voorzien. Bij latere stormvloeden in de 13e en 14e eeuw gingen grote delen van Bommenede, Dreischor en Duiveland weer verloren. Vooral na de bedijking konden in de 12e en 13e eeuw kerkdorpen ontstaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14769144/1