CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

1175378 Bijlage 5 Position Paper Schouwen-Duiveland

Commissie Ruimte en Economie 7 oktober 2024, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: CVS Richtinggevende keuzen nieuw bedrijventerreinenprogramma (1175378)13.184 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

mmmmmmmmmmmm

Werken aan waardevolle werklocaties Positionpaper bedrijventerreinen

Stec Groep aan gemeente Schouwen-Duiveland

David van Doesburg, Rick Meijerink & Mick Peters 3 maart 2023

2

Position Paper 22.122

Inhoudsopgave 1

Regiofoto en trends en ontwikkelingen 1.1 1.2 1.3 1.4

2

3

Economisch profiel bedrijventerreinen Schouwen-Duiveland ............ 3 Economische sterke bedrijventerreinen, maar niet altijd toekomstbestendig .................................................................................. 6 Trends en ontwikkelingen: bedrijven groeien, veranderen, innoveren en verduurzamen ................................................................. 12 Krapte op de arbeidsmarkt grote bedreiging voor bedrijven............. 15

MEER-analyse: belang voor de brede welvaart 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

3.2 3.3

17

De brede waarde van bedrijventerreinen in beeld .............................. 17 Economie ................................................................................................ 18 Ruimte ..................................................................................................... 19 Klimaat en energie ................................................................................. 22 Sociaal en maatschappelijk ................................................................... 24

Ruimtebehoefte bedrijventerreinen 3.1

3

25

Totale ruimtevraag in de gemeente tussen de 8 en 18 hectare t/m 2030 ......................................................................................................... 25 Beperkt aanbod waarvan slechts 0,8 hectare nog beschikbaar ......... 26 Confrontatie: nieuwe ontwikkeling noodzakelijk om in vraag te kunnen voorzien ..................................................................................... 27

Bijlage A: Uitwerking MEER-analyse

28

Position Paper 22.122

3

1 Regiofoto en trends en ontwikkelingen 1.1 Economisch profiel bedrijventerreinen Schouwen-Duiveland Bedrijventerreinen goed voor circa 20% van de totale werkgelegenheid In totaal huisvesten de bedrijventerreinen binnen de gemeente Schouwen-Duiveland circa 3.300 banen (bron: RIBIS, 2021). Dat is circa 20% van de totale werkgelegenheid binnen de gemeente. Deze cijfers bevinden zich iets onder het landelijk gemiddelde. Landelijk is circa 30% van de totale werkgelegenheid gevestigd op een bedrijventerrein. Inclusief de indirecte werkgelegenheid (dit zijn banen die zich niet op bedrijventerreinen zelf bevinden, maar er wel mee samenhangen) schatten we dat circa 4.600 van alle banen binnen de gemeente samenhangt met activiteiten op de bedrijventerreinen in de regio. Denk hierbij aan dienstverleners, zoals een externe cateraar, beveiligers, schoonmakers, accountants, etc. De creatie van indirecte werkgelegenheid wordt ook wel de multiplier genoemd. Gemiddeld genomen is de multiplier op Schouwen-Duiveland 1,4. Dit betekent dat voor iedere baan op een bedrijventerrein, 0,4 baan extra gecreëerd wordt elders (voornamelijk in de directe regio). Naast de belangrijke rol in de werkgelegenheid leveren bedrijventerreinen ook een belangrijke bijdrage aan het Bruto Gemeentelijk Product (BGP). In totaal is de jaarlijkse toegevoegde waarde op de terreinen circa €270 miljoen.

Hiermee dragen de bedrijventerreinen in Schouwen-Duiveland bij aan circa 22% van de totale toegevoegde waarde binnen de gemeente. Figuur 1: ligging bedrijventerreinen op Schouwen-Duiveland

Bron: IBIS (2022), Bewerking Stec Groep (2023)

4

Position Paper 22.122

SELECTIE VAN BEDRIJVENTERREINEN ONDERZOCHT Voor het bedrijventerreinenprogramma is in samenspraak met de gemeente Schouwen-Duiveland een voorselectie gemaakt in de terreinen die zijn onderzocht. Kleinere (< 5 hectare) of solitaire terreinen met slechts één eindgebruiker zijn buiten beschouwing gelaten. Ook kleinschalige bedrijventerreinen met een beperkt aantal eindgebruikers worden niet meegenomen in de analyse, aangezien de cijfers een (sterk) vertekend beeld kunnen geven. Alle bedrijventerreinen maken wel onderdeel uit van het op te stellen bedrijventerreinenprogramma. Voor de MEER-analyse (zie hoofdstuk 2) zijn 10 relevante bedrijventerreinen geselecteerd. Deze tien bedrijventerreinen zijn samen goed voor bijna 75% van het totale (bestaande) netto voorraad aan bedrijventerreinareaal op Schouwen-Duiveland. Dat geeft een gedegen beeld van de kwaliteit en toekomstbestendigheid van de (belangrijkste) bestaande bedrijventerreinen in de gemeente. Tabel 1: Economische waarde bedrijventerreinen Schouwen-Duiveland (selectie 10 bedrijventerreinen) Economische waarde bedrijventerreinen Areaal

Vestigingen

Banen

Toegevoegde waarde

Totaalbeeld 10 bedrijventerreinen

105 hectare (netto uitgegeven)

280 vestigingen op bedrijventerreinen

2.900 banen op bedrijventerreinen

€ 231 miljoen op bedrijventerreinen

Boerenweg (Zierikzee)

(4% binnen totaal)

4.4 hectare

22 vestigingen (8% binnen totaal)

(<5% binnen totaal)

Bruinisse (Bruinisse)

(11% binnen totaal)

Business Park (Zierikzee)

(4% binnen totaal)

(2% binnen totaal)

(15% binnen totaal)

Duinzoom (Renesse)

(8% binnen totaal)

8 hectare

6 vestigingen (2% binnen totaal)

(2% binnen totaal)

Groeneweegje (Zierikzee)

(8% binnen totaal)

8.5 hectare

18 vestigingen (6% binnen totaal)

(6% binnen totaal)

Kom Oosterland (Oosterland)

(6% binnen totaal)

6 hectare

20 vestigingen (7% binnen totaal)

(6% binnen totaal)

De Lelie (Scharendijke)

(4% binnen totaal)

4.2 hectare

10 vestigingen (4% binnen totaal)

(4% binnen totaal)

De Roterij (Haamstede)

(6% binnen totaal)

5.9 hectare

41 vestigingen (15% binnen totaal)

(9% binnen totaal)

Straalweg (Zierikzee)

(44% binnen totaal)

De Weel (Nieuwerkerk)

(6% binnen totaal)

11.3 hectare 4.2 hectare

45.7 hectare 6.5 hectare

52 vestigingen

(19% binnen totaal)

6 vestigingen

92 vestigingen

(33% binnen totaal)

152 banen 183 banen

(<6% binnen totaal)

447 banen 64 banen

177 banen 177 banen 109 banen 269 banen

1.060 banen

(37% binnen totaal)

14 vestigingen

(5% binnen totaal)

275 banen

(9% binnen totaal)

€ 10 miljoen

(4% binnen totaal)

€ 15 miljoen

(6% binnen totaal)

€ 29 miljoen

13% binnen totaal)

€ 2 miljoen

(2% binnen totaal)

€ 16 miljoen

(7% binnen totaal)

€ 25 miljoen

(11% binnen totaal)

€ 3 miljoen

(1% binnen totaal)

€ 24 miljoen

(10% binnen totaal)

€ 83 miljoen

(36% binnen totaal)

€ 24 miljoen

(10% binnen totaal)

Bron: IBIS (2022), RIBIS (2021), BAG (2022) & CBS (2021). Bewerking Stec Groep (2023).

Bedrijfsleven divers; van beeldbepalende bedrijven tot lokaal mkb Op de bedrijventerreinen op Schouwen-Duiveland is een breed palet van bedrijven actief. Aan de ene kant zijn er veel lokale bedrijven gevestigd, die primair actief zijn op het eiland zelf. Denk hierbij bijvoorbeeld aan schildersbedrijven, autogarages of een installatiebedrijf. Tegelijkertijd zijn er meerdere grote bedrijven gevestigd, die hun goederen of diensten leveren binnen heel Nederland tot internationaal. Deze bedrijven geven de regio bekendheid en kleur. Daarnaast dienen ze als uithangbord voor de regio, wat een positieve uitwerking heeft op de aantrekkelijkheid.

5

Position Paper 22.122

Industrie en dienstverlening belangrijke sectoren op de bedrijventerreinen We brengen het karakter van de bedrijvigheid op Schouwen-Duiveland in beeld. Dit doen we door te kijken naar de werkgelegenheid per sector op de bedrijventerreinen. Circa 30% van totale werkgelegenheid op de bedrijventerreinen van Schouwen-Duiveland is te herleiden naar de sector industrie. Hiermee is het qua totaal aantal werknemers de grootste sector in de gemeente. Bedrijventerrein Straalweg in Zierikzee huisvest de meeste industrie-gelieerde werkgelegenheid, gevolgd door bedrijventerrein De Weel in Nieuwerkerk. De industrie wordt gevolgd door de sector dienstverlening (ICT, zakelijke en overige dienstverlening). Dit is 24% de tweede sector in omvang werkgelegenheid. Aanvullend valt circa 15% van de banen op de bedrijventerreinen onder de sector consumentendiensten: dit is een relatief hoog percentage. Het gaat hierbij immers niet om een traditionele bedrijventerreinsector zoals industrie, bouw, handel en logistiek. Dit goed is te verklaren doordat YourSurprise en Omoda, twee van de grootste werkgevers in gemeente, gevestigd zijn op bedrijventerrein Business Park in Zierikzee en vallen onder SBI-codes (Standaardbedrijfsindeling) die behoren tot consumentendiensten 1. Figuur 2: Sectorale verdeling werkgelegenheid op bedrijventerreinen Schouwen-Duiveland

Industrie

11% 1%

ICT, zakelijke en overige dienstverlening

30% 15%

Bouw, handel en reparatie Consumentendiensten

19%

Logistiek & groothandel

24%

Overig

Bron: RIBIS (2021), bewerking: Stec Groep, 2022.

Bouw, handel en reparatie veelvuldig aanwezig op de bedrijventerreinen Na industrie, is de sector bouw, handel en reparatie dominant aanwezig op Schouwen-Duiveland. Deze sector heeft de meeste vestigingen binnen de gemeente. In termen van werkgelegenheid is de sector minder groot. Dit komt doordat er in de sector relatief veel ZZP’ers en kleinschalige bedrijven voorkomen, die meetellen in het aantal vestigingen. Denk aan bouw- of installatiebedrijven met 1 of 2 werknemers. In termen van werkgelegenheid is het de derde sector op de bedrijventerreinen. Het verschil tussen de sectorale verdeling van de werkgelegenheid en het aantal vestigingen is goed te zien in het figuur. Figuur 3: Aantal vestigingen per hoofdsector 0

10

20

30

40

50

60

70

80

Bouw, handel en reparatie ICT, zakelijke en overige dienstverlening Industrie Logistiek & groothandel Consumentendiensten Overig Bron: RIBIS (2021), bewerking: Stec Groep, 2022.

1 De onderverdeling van bedrijven op basis van SBI-codes heeft als beperking dat de afbakening soms te algemeen is. In een SBIcodes kunnen niet alle aspecten van een bedrijf worden meegenomen. Zowel YourSurpirise als Omoda hebben een logistieke / handelscomponent die niet terug te zien is in deze sectorale verdeling.

6

Position Paper 22.122

1.2 Economische sterke bedrijventerreinen, maar niet altijd toekomstbestendig Online enquête: 58 respondenten, responspercentage 18% De bedrijventerreinen op Schouwen-Duiveland zijn onmisbaar voor de brede welvaart van de gemeente (en regio). De bedrijventerreinen huisvesten een mix van lokaal midden- en kleinbedrijf (MKB) tot grote, bovenregionale en (inter)nationale bedrijven. Het is belangrijk om een beeld te krijgen hoe ondernemers op de bedrijventerreinen in Schouwen-Duiveland hun vestigingslocatie waarderen. In de periode van 1 december 2022 tot 15 januari 2023 online enquête opgesteld om hier inzicht in te krijgen. In totaal 58 respondenten hebben de enquête ingevuld. Dit is een responspercentage van circa 18%. Ondernemers over het algemeen behoorlijk tevreden met hun huidige locatie: gemiddeld een 7,5 Ondernemers op de bedrijventerreinen van Schouwen-Duiveland geven – gemiddeld genomen – hun vestigingslocatie een 7,5. Over het algemeen zijn de ondernemers behoorlijk tevreden met hun huidige pand. Ruim 60% aan (zeer) tevreden te zijn met de representativiteit (uitstraling, zowel voor personeel als klanten) en de functionaliteit van het pand (zoals indeling of laad- en losmogelijkheden). Over de fysieke ligging van hun bedrijf (ten opzichte van toeleveranciers, werknemers en afzetmarkt) zijn de ondernemers (zeer) tevreden.

Ook zijn de ondernemers positief gestemd over de auto- en fietsbereikbaarheid.

Tabel 2: Hoe tevreden bent u met de volgende aspecten met betrekking tot uw huidige locatie? Groen/blauwe infrastructuur (kwaliteit groen en water) Energie infrastructuur (elektriciteitsnet) Digitale infrastructuur (internet, glasvezel) Organisatiegraad (Ondernemersverenigingen, BIZ,… Mogelijkheden bestemmingsplan Ligging t.o.v. toeleveranciers Ligging t.o.v. afzetmarkt Ligging t.o.v. werknemers Beschikbaarheid gekwalificeerd personeel Mate van veiligheid Overlast door andere bedrijven Beheer en kwaliteit openbare ruimte Uitstraling omgeving (kavels en bedrjfspanden) Verkeersveiligheid Parkeersituatie Bereikbaarheid fiets Bereikbaarheid openbaar vervoer Bereikbaarheid auto Zeer ontevreden

Ontevreden

Neutraal

Bron: Enquête ondernemers Schouwen-Duiveland, Stec Groep (2023).

Treveden

Zeer tevreden

Niet relevant

7

Position Paper 22.122

Ondernemers zijn daarentegen ontevreden over de energie infrastructuur, digitale infrastructuur, (verkeers)veiligheid en mogelijkheden in het bestemmingsplan. Slechts 29% (exclusief ‘niet relevant’) van de ondernemers geeft aan tevreden te zijn met de bestemmingsplanruimte. Ondernemers gegeven aan dat de bouwhoogte op hun kavel niet toereikend is, maar bijvoorbeeld ook dat de mogelijkheden ontbreken om uit te kunnen breiden op hun (solitaire) locatie in het buitengebied. Verbeterpunten bestaande bedrijventerreinen: parkeerdruk, digitale- en energie infrastructuur in top 3 In lijn met de (on)tevredenheid van bepaalde aspecten, geven de ondernemers aan voornamelijk de planologische mogelijkheden verruimd zien worden, het aanpakken van parkeerdruk (en verkeersveiligheid) en het verbeteren van de digitale- en energie-infrastructuur. Figuur 4: Welke punten zou u graag zien verbeteren? Parkeerdruk Digitale infrastructuur Energie infrastructuur Uitstraling private kavels/panden Planologische mogelijkheden (Verkeers)veiligheid Overlast en oneigenlijk gebruik Uitstraling openbare ruimte Aansluiting arbeidsmarkt Ontsluiting/bereikbaarheid per auto Geen OV-bereikbaarheid Ontsluiting/bereikbaarheid per fiets Organisatie bedrijfsleven Groen/blauwe infrastructuur Bron: Enquête ondernemers Schouwen-Duiveland, Stec Groep (2023).

Aanpakken parkeerdruk en verkeersveiligheid De enquête wijst uit dat ondernemers beperkt tevreden zijn over de verkeersveiligheid op bedrijventerreinen. De parkeerdruk wordt aangewezen als grootste verbeterpunt. Dit heeft een negatieve invloed op het vestigingsklimaat. Verbeteren verkeersveiligheid/ontsluiting Op meerdere bedrijventerreinen wordt de verkeersveiligheid door de ondernemers genoemd als verbeterpunt. Dit omvat zowel de interne verkeersveiligheid (het ontbreken van een stoep of fietspad, maar ook een te hoge verkeersintensiteit, parkeerdruk, hardrijders of ongewenste menging met toerisme), als de externe verkeersveiligheid (ontsluiting van het bedrijventerrein). De kleinschalige bedrijventerreinen liggen niet direct aan een A- of N-weg. De ontsluiting loopt via een dorpskern of dijkweg, met onveilige situaties als gevolg. Parkeren moet in beginsel op eigen terrein of op een private (collectieve) parkeervoorziening De hoge parkeerdruk ook landelijk veelvuldig genoemd als verbeterpunt op bedrijventerreinen. Op het moment dat er een tekort is aan parkeerplaatsen vindt oneigenlijk parkeren plaats in de openbare ruimte. Dit geeft een rommelige uitstraling en kan de verkeersveiligheid negatief beïnvloeden. Vanwege een hoge parkeerdruk is de interne ontsluiting onoverzichtelijk. Dit kan leiden tot verkeersonveilige situaties.

Uit de MEER-analyse blijkt ook dat er bijna geen fiets- en voetpaden aanwezig zijn op de bedrijventerreinen.

Position Paper 22.122

8

Parkeren moet in beginsel op eigen terrein of eventueel op een beschikbare private parkeervoorziening in de omgeving. Dit is gelet op het aantal bezoekers momenteel niet voor ieder bedrijf/organisatie realistisch. Handhaving bij oneigenlijk parkeren kan nodig zijn, zodat het probleem niet groter wordt. Enerzijds komt de parkeeroverlast door bedrijven met grote verkeer-aantrekkende activiteiten (zoals dienstverlening of PDV) zonder voldoende private parkeerplaatsen. Dit is bijvoorbeeld zichtbaar in onderstaand figuur. Daarnaast zijn er ook autogarages of industriële bedrijven met veel vrachtwagenbewegingen die (tijdelijk) zorgen voor parkeeroverlast. Figuur 5: Parkeren op de weg (bij afwezigheid parkeerplaats) rondom een kringloopwinkel

Bron: Google Maps (2022), Bewerking: Stec Groep.

Op de meeste terreinen ontbreekt in de huidige situatie een vrachtwagenparkeerplaats (op bedrijventerrein De Weel na). Op kavels van industriële bedrijven is (op piekmomenten) regelmatig te weinig ruimte om alle vrachtwagens kwijt te kunnen. Het is belangrijk om met ondernemers in gesprek te gaan om private kavels en/of het openbaar gebied te herinrichten. In het geval van publieke investeringen moet – waar mogelijk – altijd een verbinding worden gelegd met investeringen van ondernemers in de private ruimte. Indien er sprake is van het aanleggen van publieke parkeerplaatsen langs de openbare weg, kan in het kader van verduurzaming gedacht worden aan half open verharding (bijvoorbeeld in de vorm van grastegels). GEEN KANT EN KLARE PARKEEROPLOSSING, MOGELIJKHEDEN VERSCHILLEN PER LOCATIE Voor het oplossen van de parkeerdruk is er geen kant-en-klare oplossing, maar zijn wel verschillende mogelijkheden. Verhoging van de minimum parkeernorm is in principe een optie: meer parkeerplaatsen op eigen kavel schept ruimte in openbaar gebied. Hierbij zijn opties zoals parkeren op het dak (te bereiken via een hellingbaan – veel gebruikt in onder andere de autobranche) denkbaar, zodat dit niet ten koste gaat van het ruimtegebruik op eigen kavel.

Maar ook andere oplossingen zijn mogelijk, zoals collectief parkeren (centrale parkeervoorziening), zodat op de kavels ruimte ontstaat voor bedrijfsactiviteiten. Naast het creëren van (extra) parkeermogelijkheden, is het terugdringen van autogebruik natuurlijk een oplossing om de problematiek aan te pakken bij de bron. Het verbeteren van de verbinding met het openbaar vervoer, aanmoedigen gebruik deelauto’s/carpoolen of bijvoorbeeld het stimuleren van het gebruik van de (elektrische) fiets bij werknemers zorgt voor een afname van het autogebruik. Bijkomend voordeel: het aanbieden van een elektrische fiets ‘van de zaak’ is fiscaal voordelig.

Position Paper 22.122

9

Digitale infrastructuur groot pijnpunt ondernemers Circa 40% van de ondernemers geeft aan ontevreden te zijn met de (beschikbaarheid van) de digitale infrastructuur. Dit heeft een directe relatie met de glasvezelverbinding op hun huidige vestigingslocatie. Alleen op bedrijventerreinen Boerenweg en Haringvlietplein is er een mogelijkheid voor ondernemers om aan te sluiten op het glasvezelnetwerk. Een glasvezelverbinding is voor steeds meer ondernemers een belangrijke randvoorwaarde. Niet alleen meer – zoals eerder – voor meer ICT-gerelateerde bedrijvigheid. Ook industrie, logistiek en reguliere bedrijvigheid hebben baat bij een snelle internetverbinding. De trend van thuiswerken en online overleggen heeft dit belang extra doen toenemen. Figuur 6: Dekking glasvezelnetwerk landelijk en op Schouwen-Duiveland

Bron: Glasvezelkaart Nederland, telecommonitor (2023). Bewerking Stec Groep (2023)

Uitrol glasvezel gepland vanaf medio 2023, Zierikzee snel aangesloten De onmogelijkheid om zich aan te sluiten op een glasvezelnetwerk wordt door veel ondernemers als pijnpunt ervaren. Deze problematiek is echter (voor enkele terreinen) van korte duur. Verwacht wordt dat op bedrijventerreinen Groeneweegje en Straalweg (beide Zierikzee) vanaf medio 2023 wordt gestart met de aanleg van een glasvezelnetwerk. Vanaf medio 2026 is de verwachting dat ook de overige kernen op Schouwen-Duiveland aangesloten gaan worden, waarna in 2028 het buitengebied volgt. Onderzocht wordt of kan worden afgedwongen of zowel het buitengebied als de overige kernen beide in 2026 kunnen worden aangesloten. Netcapaciteit onder druk: terugleveren van energie zeer beperkt mogelijk Een ander verbeterpunt dat de ondernemers aangeven is de (on)beschikbaarheid van voldoende netcapaciteit. Zeker omtrent het terugleveren van duurzaam opgewekte energie is er op Schouwen-Duiveland geen capaciteit meer beschikbaar.

10

Position Paper 22.122

Nieuwe grootschalige projecten voor opwek in Schouwen-Duiveland en Tholen kunnen pas nadat het nieuwe verdeelstation gereed is (volgens planning medio 2027) hun energie kwijt op het elektriciteitsnet van Stedin. Ook Aanvragen die vanaf 6 september 2020 worden gedaan voor transportcapaciteit voor nieuwe of een zwaardere grootverbruikaansluiting (>3x80A) zijn in principe niet meer mogelijk, en worden op de wachtlijst van Stedin geplaatst. Aanvragen worden op volgorde van aanvraagdatum vanaf 2027 (of bij eerder vrijkomende capaciteit eerder) gehonoreerd of aangesloten. UITBREIDING NETCAPACITEIT NAAR VERWACHTING 2027 GEREED Op Tholen en Schouwen-Duiveland zijn de laatste jaren in hoog tempo zon-op-dak projecten gerealiseerd. Hierdoor heeft de zogeheten 50kV Noordring zijn fysieke capaciteitsgrenzen bereikt. Samen met TenneT werkt netbeheerder Stedin aan oplossingen om het elektriciteitsnet op Schouwen-Duiveland en Tholen te versterken. Op zowel Tholen als Schouwen-Duiveland worden hiervoor 150/21kV transformatoren geplaatst, verbonden met een nieuw aan te leggen 150kV verbinding naar Bergen op Zoom die de bestaande 50kV Noordring vervangt. Dit is naar verwachting uiterlijk medio 2027 operationeel. Tabel 3: Transportschaarste elektriciteit op Schouwen-Duiveland en omstreken Terugleveren van elektriciteit

Afname van elektriciteit

Bron: Stedin, 17 november 2022. Bewerking Stec Groep (2023)

Algemene beeld: terreinen kunnen grote stappen zetten op vergroenen en verduurzamen Maatschappelijk verantwoord ondernemen, de energietransitie en het (werk)klimaat krijgen steeds meer urgentie bij bedrijven en zijn uiterst relevant voor een bedrijventerrein. Op de bedrijventerreinen zijn in de afgelopen jaren stappen gezet in de energietransitie. Maar de bedrijventerreinen zijn over de gehele linie behoorlijk versteend. Dit brengt klimaatrisico’s met zich mee. Er is betrekkelijk weinig groen op de terreinen, waardoor er weinig adaptatiemogelijkheden zijn. Indien er groen aanwezig is, is dit vaak op gemeentegrond (openbaar terrein). Vergroening van private panden/kavels en openbaar gebied dragen bij aan een gezonde, prettige en aantrekkelijke werkomgeving en kunnen hittestress voorkomen, waterinfiltratie en de biodiversiteit verhogen. Relatief weinig ondernemers zijn actief bezig met de aanwezigheid en kwaliteit van de groenvoorziening op hun eigen kavel. Dit terwijl een groene inpassing ook de uitstraling van private panden en kavels kan verbeteren. Door de relatief kleine omvang van de meeste terreinen en de ligging (voornamelijk aan de rand van stedelijk gebied, aansluitend aan omringende landbouwgronden) valt ondanks de ‘verstening’ van de terreinen het hitte-eilandeffect relatief mee.

Op enkele bedrijventerreinen (met name De Roterij en Bruinisse) zien we een beperkte mate van hittestress optreden. In vergelijking met het landelijk beeld, valt ook op deze locaties de impact relatief mee.

Position Paper 22.122

11

Figuur 7: Hitte-eilandeffect De Roterij (links) en Bruinisse (rechts)

Bron: Nationale Hittestress Kaart, RIVM, 2020

Hittestress beïnvloedt de locatiewaarde van een gebied in negatieve zin. Het heeft een negatieve impact op de gezondheid van mensen, leefbaarheid van de omgeving, comfort in gebouwen en ook de arbeidsproductiviteit. Door de klimaatverandering komt extreem weer steeds vaker voor. Perioden met extreme hitte en langdurige zware neerslag komen periodiek voor, wat een zware impact kan hebben op ‘grijze’ bedrijventerreinen. Denk hierbij aan (flink) hogere energierekeningen tijdens warme periodes om bedrijfspanden te koelen, tot op het punt waar bedrijven tijdelijk moeten sluiten of werken met aangepaste werkschema’s vanwege de overlast. Ook het volstromen van kelders of lager gelegen bedrijfspanden ligt op de loer tijdens perioden van langdurige neerslag of stevige piekbuien. Figuur 8: Voorbeeld overstroming laaddocks door piekbui, bedrijventerrein Hogeweide (Geldermalsen)

Bron: Streekomroep Buren, Culemborg en West Betuwe SRC, 2022

Vergroenen en verblauwen bedrijventerreinen draagt bij aan aantrekkelijke werklocatie Het ‘vergroenen’ van de bedrijventerreinen draagt niet alleen bij aan een betere klimaatadaptatie en biodiversiteit, ook de aantrekkelijkheid van de terreinen als werklocatie wordt verhoogd. Werknemers voelen zich daarnaast ook prettiger in een aantrekkelijke, groene omgeving, en daarmee kan vergroening bijdragen aan een aantrekkelijk werk- en verblijfklimaat. Tevreden personeel is belangrijk voor een

Position Paper 22.122

12

werkgever, maar ook om als bedrijf talentvolle werknemers aan je te kunnen binden. Zeker gezien de krappe arbeidsmarkt waar Schouwen-Duiveland zich in bevindt, is dit een extra belangrijke opgave. Gebouwen en gebieden die hier op inspelen, zijn aantrekkelijk en toekomstgericht. SPANNINGSVELD TUSSEN VERGROENEN EN PARKEERDRUK Op bedrijfskavels bestaat een spanningsveld tussen de opgaven rondom het vergroenen van de kavels en het oplossen van parkeerproblematiek op de bestaande kavel. Een focus op vergroenen hoeft echter niet ten koste te gaan van ruimte voor intensivering. Denk bijvoorbeeld aan de ‘loze’ onbebouwbare ruimte tussen de erfgrens en het bedrijfspand. Deze specifieke ruimte mag sowieso niet bebouwd worden door beperkingen vanuit het bestemmingsplan (minimale bebouwingsoppervlakte en minimale afstand tussen gevel en kavelgrens). Deze ruimte is tevens vaak ongeschikt voor het realiseren van parkeerplaatsen. Door het vergroenen van deze ‘loze’ ruimte kan een kavel worden vergroend, zonder dat dit spanning creëert met andere aspecten (zoals extra parkeerdruk). Basisvoorwaarde: versterken van de ‘organisatie(kracht)’ Een belangrijke basisvoorwaarde om bedrijventerreinen op Schouwen-Duiveland toekomstbestendig te maken is het versterken van de ‘organisatie(kracht)’ en het leggen van verbindingen. Op veel terreinen is de economische uitgangspositie sterk.

Ondernemers zijn ook redelijk tevreden over de organisatiegraad op de bedrijventerreinen. Desondanks is meer samenwerking (overleg en periodieke afstemming) met de gemeente en tussen de ondernemers onderling wenselijk, zodat iedereen betrokken wordt bij de acties die het bedrijventerrein nodig heeft en kennis/ervaring wordt uitgewisseld. De organisatie(kracht) en daarmee slagkracht van het bedrijventerrein kan eenvoudig versterkt worden door professioneel parkmanagement, ofwel een BedrijvenInvesteringsZone (BIZ) op te richten. VEHROGEN ORGANISATIEGRAAD ALS BELANGRIJK STARTPUNT VOOR TOEKOMSTIG INVESTEREN Een punt van aandacht is de huidige organisatiegraad van de ondernemers op bedrijventerreinen. In Zierikzee is de Vereniging Bedrijvenpark Zuid actief. Sinds 1 januari 2023 is de Bedrijven InvesterinsZone (BIZ) actief in Burgh-Haamstede. Sinds 2019 is er een BIZ Groot-Renesse. In beide gevallen omvat deze BIZ echter niet alleen de bedrijventerreinen, maar de gehele kern. Dit maakt het lastiger om gericht te investeren op de bedrijventerreinen. Op de overige terreinen is geen eigen vorm van organisatie aanwezig. Schouwen-Duiveland kent nog wel de Ondernemerskring Schouwen-Duiveland (OSD), Ondernemersvereniging Burgh-Haamstede (OVBH) en Ondernemersvereniging Bruinisse (OVB).

Uit een analyse van bedrijventerreinen in andere regio’s in Nederland blijkt dat terreinen die over een eigen ondernemerscollectief ofwel parkmanagement beschikken, veelal toekomstbestendiger zijn. Het zorgt voor het verhogen van de innovatiekracht op bedrijventerreinen, draagvlak onder gezamenlijke opgaven en investeringen om de (ruimtelijke en economische) kwaliteit te waarborgen en verstevigen. Bovendien kunnen gemeenten zo eenvoudiger maatregelen afstemmen met vastgoedeigenaren / ondernemers. Dit is een belangrijke randvoorwaarde voor een publiek-private investeringsgerichte aanpak van bedrijventerreinen.

1.3 Trends en ontwikkelingen: bedrijven groeien, veranderen, innoveren en verduurzamen De bedrijven(terreinen) op Schouwen-Duiveland hebben of krijgen te maken met diverse trends en ontwikkelingen. De ontwikkelingen volgen elkaar in de huidige tijd razendsnel op. Door technologische ontwikkelingen (digitalisering, nieuwe productietechnieken) en maatschappelijke verduurzamingsopgaven (klimaat, energie, circulair) herstructureren bedrijven hun (productie)processen en kiezen zij voor andere businessmodellen en andere vormen van samenwerking. Daarnaast leidt het gebruik van robots, digitale innovaties en de ‘internet of things’ tot verhoogde productie, efficiëntie en flexibiliteit. Het figuur hieronder toont drie sterk samenhangende trends waarvan we de komende jaren de grootste ruimtelijke effecten verwachten op bedrijventerreinen.

13

Position Paper 22.122

Figuur 9: Drie next economy-megatrends met sterke samenhang en impact op bedrijventerreinen

Bron: Stec Groep, 2022. Zie ook ons whitepaper.

Het is van belang om scherp in beeld te hebben wat de gevolgen zijn van actuele trends en ontwikkelingen op het bestaande portefeuille aan bedrijventerreinen. Sluit het aanbod nog aan op next economy trends, en zijn de terreinen daarmee voldoende toekomstbestendig? Uiteraard zijn uiteraard niet alle trends op alle bedrijventerreinen even relevant. Zeker voor kleinschalig lokaal bedrijventerreinen spelen de trends – en de hieraan gekoppelde ruimtelijke impact – minder dan op een groter bedrijventerreinen. Voor de kleinere (lokale) bedrijventerreinen ligt de primaire focus op de economische waarde van het terrein: het kunnen ondernemer en werken op aantrekkelijke werklocaties waar het ‘schoon, heel en veilig’ is. We werken deze drie trends en de verkleuring en opkomst van informele (woon)werkmilieus één voor één uit in onderstaande tabel. Tabel 4: Impact trends op bedrijventerreinen Trend

Circulaire economie

Impact kwantitatief • Overgang naar 100% circulaire economie vraagt extra ruimte. Bestaande bedrijven zetten nieuwe activiteiten en productielijnen op en hebben meer ruimte nodig voor het verzamelen, tussentijds opslaan en hoogwaardig scheiden van secundaire materiaalstromen. Daarnaast groeit de revisiemarkt fors. Bovenal is schuifruimte nodig om juist op bestaande terreinen herontwikkeling en transformatie naar de nieuwe, circulaire economie mogelijk te maken. • Aandeel circulaire activiteiten en uitbreidingen groeit naar 40 tot 50% van de totale ruimtevraag op bedrijventerreinen in 2030. Tot 2030 is er vooral nog vraag naar plekken om te experimenteren en opschalen, daarna gaat het steeds meer om ruimte voor volledige circulaire productie en logistiek. De échte serieuze ruimtelijke impact vindt dus pas tegen 2030 en daarna plaats.

Impact kwalitatief • Steeds meer concentratie circulaire ruimtevraag op plekken met een kwalitatief onderscheidend profiel. Denk aan plekken waar stromen (grondstoffen, reststromen, warmte, water) maar ook kennis en innovatie makkelijk kunnen worden uitgewisseld. Circulaire bedrijven werken steeds meer cross-sectoraal samen rond een specifiek thema, product of plek met een unieke locatiekwaliteit. • Levensfase, aard en omvang materiaalstromen en productiewijze bepalen locatiekeuze. Enerzijds verdere concentratie van ruimtevraag op grote multimodale industrieel-logistieke locaties. Anderzijds groeiende focus op plekken in of aan rand van de stad, waar kennis, talent, innovatie en productie samenkomen.

14

Position Paper 22.122

Energie en klimaat

Digitalisering (o.a. Smart industry & logistics)

Verkleuring en opkomst informele (woon)werklocaties

• Tennet en de regionale netbeheerders hebben richting 2030 en 2050 forse investeringsplannen in energie-infra, waarbij regelmatig ook bedrijventerreinen in beeld zijn. Dit vraagt ruimte. Afhankelijk van het type elektriciteitsstation kan het gaan om een halve tot wel tien hectare of meer. Soms gaat het om tijdelijke prefab oplossingen. • Groei van (groene) waterstofproductie vraagt ruimte. De omvang van een waterstoffabriek hangt onder meer af van het vermogen dat de fabriek produceert en het type elektrolyse. Gemiddeld gaat het om één hectare per 100 megawatt. Op steeds meer bedrijventerreinen zullen komende jaren initiatieven opkomen en dus ruimte vragen. De echt grootschalige productie concentreert zich daarbij in de Nederlandse zeehavens, en is dus voor Breda minder relevant. • Sterke doorgroei robotisering en automatisering in de industrie, logistiek en bouw. De robotdichtheid in Nederland is nu nog laag in sector als bouw en logistiek. Tegelijkertijd is in deze sectoren een enorm potentieel. De krappe arbeidsmarkt is daarnaast een belangrijke versneller. Door te investeren in robots en machines kunnen bedrijven de arbeidsproductiviteit en productie toch verhogen. • Ruimtevraag op bedrijventerreinen blijft hierdoor toenemen met op langere termijn afzwakking.

De toenemende robotisering leidt tot verdere schaalvergroting en productiegroei en leidt zeker de komende vijf tot tien jaar nog tot toenemende ruimtevraag. Op langere termijn verwachten we dat minder uitbreidingsruimte nodig is. Bedrijven kunnen na robotisering immers efficiënter de ruimte benutten, bijvoorbeeld door de hoogte in te gaan. • We zien een toenemende verkleuring op bedrijventerreinen. Denk aan activiteiten binnen de detailhandels- en vrijetijdssector die steeds vaker op zoek zijn naar een (grootschalige) ruimte op relatief goed bereikbare locaties (goedkoper dan de van oudsher populaire binnensteden). Denk hierbij aan kringloopwinkels, kartcentra, indoor speeltuinen, maar ook vormen van persoonlijke dienstverlening zoals kappers, fysiotherapie en schoonheidssalons. • Bedrijventerreinen zijn aantrekkelijke locaties voor dit soort functies, zeker als het wat grootschaliger is, vanwege de aanwezige ruimte en de relatief lage huisvestigingslasten. • Voor sommige terreinen is dit een prima ontwikkeling, en geeft dit een nieuwe impuls. Maar het wordt problematisch als hierdoor onvoldoende ruimte blijft voor de ‘oorspronkelijke’ bedrijfsruimtegebruiker en deze bedrijven in hun functioneren belemmerd worden (verkeers- en parkeeroverlast, klagende

• Ruimtelijke concentratie van duurzame energieproductie om zo het net slimmer te benutten. Door bijv. wind en zon op één locatie te combineren wordt optimaal gebruik gemaakt van de beschikbare infrastructuur en transportcapaciteit. • Grootschalige verduurzaming van vervoer. Onzeker is wat de overhand krijgt: elektriciteit, waterstof of wat anders. Zeker is dat dit nieuwe ruimtevraag met zich meebrengt voor waterstoftankstations, laadpleinen, vulpunten met biobrandstoffen, etc. • Locatiefactor ‘energie en klimaat’ steeds belangrijker bij investeringsbeslissingen. Groeiende groep bedrijven, ontwikkelaars, beleggers en financiers ziet meerwaarde en noodzaak van groene, klimaatadaptieve bedrijventerreinen voor hun voortbestaan en laat dit steeds zwaarder wegen in investeringsbeslissingen en locatiekeuzes. • Groeiende concentratie en vestigingsvoorkeur van industrie en logistiek nabij de stad. Door robotisering veranderen fabrieken en logistieke hallen steeds meer in ICT-omgevingen. Behoefte aan vestigingslocaties met voldoende aanbod aan én trekkracht op hoogwaardige en technische vakmensen neemt toe. Stedelijke regio’s zijn hierbij in het concurrentievoordeel, ook omdat hier de grootste bouw- en verduurzamingsopgave ligt. Door schonere en stillere bedrijfsvoering is bovendien eerder functiemenging mogelijk.

• Lokale gebondenheid blijft een belangrijke rol spelen voor met name industriële bedrijven. Deze bedrijven willen het liefst vernieuwen en doorgroeien op of direct nabij de huidige plek vanwege de herkomst van werknemers, hun netwerk van klanten en toeleveranciers en eerder gedane investeringen. • Belangrijk op Schouwen-Duiveland is om duidelijke keuzes te maken over welke terreinen daadwerkelijk bedoeld zijn voor de meer oorspronkelijke bedrijventerreinfuncties (denk aan functies met relatief veel hinder (geluid, overlast) en een hoge milieucategorie. Bij een tekort aan ruimte op (formele) bedrijventerreinen, neemt het belang van informele werklocaties toe. Dit heeft effect op ruimtevraag en dient daarom in de gaten te worden gehouden. • De opkomst van informele werklocaties betekent dat ook dat steeds meer mensen de keuze hebben om buiten het kantoor te werken. Dit kan leiden tot een afname van de vraag naar traditionele kantoorruimte op bedrijventerreinen. Anderzijds kan het leiden tot een toename in de vraag naar flexibele werkplekken en kleine kantoorruimtes. Hiermee zou de sfeer op een bedrijventerrein kunnen veranderen; het vraagt om een andere aanbod aan voorziening voor mensen die er werken en

15

Position Paper 22.122

buren of beperkingen in de milieugebruiksruimte).

om een verbeterde uitstraling van de openbare ruimte.

1.4 Krapte op de arbeidsmarkt grote bedreiging voor bedrijven Veel vraag naar praktisch en middelbaar opgeleid personeel De analyse blijkt dat circa 3.300 banen op de bedrijventerrein van Schouwen-Duiveland voor een groot deel (circa 80%) bestaan uit praktisch tot middelbaar opgeleid personeel 2. Dit is voornamelijk te verklaren door het grote aandeel vestigingen in de bouw, logistiek en industrie. Dit type bedrijven heeft voornamelijk behoefte aan laag tot middelbaar (technisch/praktisch) opgeleid personeel. Kijken we breder dan sec de bedrijventerreinen, dan zien we dat het gevraagde opleidingsniveau van de totale werkgelegenheid op Schouwen-Duiveland vergelijkbaar is met dat op de bedrijventerreinen. Het grote aandeel werkgelegenheid in bijvoorbeeld de horeca en detailhandel op het eiland ligt hieraan ten grondslag. Het gevraagde opleidingsniveau van de werkgelegenheid op de bedrijventerreinen sluit op hoofdlijnen aan bij het gevraagde opleidingsniveau van de beroepsbevolking in de gehele gemeente 3. Figuur 10: Gevraagd- en aangeboden opleidingsniveau van de werkgelegenheid Opleidingsniveau beroepsbevolking Nederland

26%

Opleidingsniveau beroepsbevolking Schouwen-Duiveland

30%

37%

37%

Gevraagd opleidingsniveau Schouwen-Duiveland totaal

37%

Gevraagd opleidingsniveau BT Schouwen-Duiveland

39%

Praktisch

Middelbaar

24%

46% 41% 42%

22% 19%

Hoog

Bron: ISCO (2018), CBS (2020), LISA (2022), Bewerking: Stec Groep.

Krappe arbeidsmarkt mogelijk bedreiging voor invullen toekomstige werkgelegenheid Op basis van het gevraagde – en aangeboden opleidingsniveau van arbeid op Schouwen-Duiveland lijkt de arbeidsmarkt relatief in balans. Tegelijkertijd is Schouwen-Duiveland geen spreekwoordelijk eiland. De ligging op korte afstand van het Rotterdamse havengebied zorgt voor een grote vraag naar technisch geschoold personeel bij bedrijven in omliggende gemeenten. Zo reizen dagelijks circa 1.000 inwoners van Schouwen voor hun werk richting zowel Rotterdam en Goeree-Overflakkee. Dit geldt ook voor pendel naar Goes. De strijd om (nieuw) technisch geschoold personeel in de arbeidsmarktregio Zeeland is groot. De grote vraag naar technisch geschoold personeel zien we terug in het aantal openstaande vacatures. In december 2022 stonden er circa 5.000 vacatures open in de arbeidsmarktregio Zeeland. Ter indicatie, in vergelijking met eind 2021 is het aantal opstaande vacatures in de regio met ruim 50% toegenomen, de arbeidsmarkt is krapper dan ooit.

Op basis van de Beroepenclassificatie (ISCO en SBC), gebruikt door het CBS. Hierin wordt onderscheid gemaakt in (1) praktisch opleidingsniveau (ISCO-1 & 2): basisonderwijs, vmbo, eerste 3 leerjaren van havo/vwo en entreeopleiding, voormalige assistentenopleiding (2) Middelbaar opleidingsniveau, basisberoepsopleiding (mbo2) (ISCO-3): bovenbouw van havo/vwo, vakopleiding (mbo3), middenkader- en specialistenopleidingen (mbo4) en (3) hoog opleidingsniveau (ISCO-4): hbo, wo. 3 Hierbij merken we op dat het gevraagde opleidingsniveau op basis van kengetallen is gebaseerd is. Mensen kunnen uiteraard onderof overgekwalificeerd werk uitvoeren. Ook interne opleiding en training zijn niet meegenomen in de ISCO-cijfers (alleen op basis van laatst genoten opleiding). 2

Position Paper 22.122

Figuur 11: Openstaande vacatures naar beroep Bij ruim 35% van de huidige vacatures ging het (arbeidsmarktregio Zeeland) om een technisch beroep (bron: UWV, 2022). Hiermee moet het bedrijfsleven op SchouwenDuiveland concurreren met vele andere bedrijven in de regio (onder andere Vlissingen, Goes en Middelburg) om technische geschoold personeel aan te trekken. Dit zorgt bij de technische bedrijven in de regio voor een groot aantal vacatures en (mogelijk) personeelstekort. De vraag naar technisch geschoold personeel is een trend die we terug zien door het hele land. Door de groeiende technologische innovatie en digitalisering in veel industrieën verwachten we dat de vraag naar technische opgeleid personeel blijft aanhouden.

16

Position Paper 22.122

17

2 MEER-analyse: belang voor de brede welvaart 2.1 De brede waarde van bedrijventerreinen in beeld Voor 10 bedrijventerreinen 4 op Schouwen-Duiveland is een MEER-analyse uitgevoerd. We beschrijven de belangrijkste algemene bevindingen uit de analyse. Voor een gedetailleerde uitwerking van de resultaten per individueel bedrijventerrein verwijzen we naar Bijlaga A: Uitwerking MEER-analyse.

TOELICHTING MEERWAARDE MODEL BEDRIJVENTERREINEN Het MEERwaarde model bestaat uit vier hoofdonderdelen: Economie, Ruimte, Sociaal en maatschappelijk en Klimaat en energie. Elk onderdeel bestaat uit vier indicatoren waaronder weer verschillende subindicatoren hangen. In totaal omvat het model zo’n vijftig indicatoren. De indicatoren uit de vier verschillende onderdelen kennen een sterke onderlinge samenhang. Kwaliteit en beschikbaarheid van vastgoed (onderdeel ruimte) heeft bijvoorbeeld impact op de marktdynamiek (verhuisbewegingen van bedrijven), onderdeel economie. Klimaatadaptieve maatregelen op een terrein kunnen van invloed zijn op de gezondheid van werknemers. Tegelijkertijd kunnen onderdelen negatieve effecten hebben op elkaar. Economische groei kan ook negatieve effecten op het klimaat hebben. Met de MEER proberen we juist deze afruil tussen indicatoren in beeld te brengen, zodat u uw afwegingen scherp in beeld krijgt en de juiste toekomstbestendige keuzes kunt maken.

In samenspraak met de gemeente Schouwen-Duiveland is er een voorselectie gemaakt. Het gaat om bedrijventerreinen: Staalweg (Zierikzee), Boerenweg (Zierikzee), Groeneweegje (Zierikzee), Bruinisse (Bruinisse), Duimzoom (Renesse), De Weel (Nieuwerkerk), De Roterij (Burgh-Haamstede), De Lelie (Scharendijke) en Kom Oosterland (Oosterland). 4

18

Position Paper 22.122

2.2 Economie Bedrijventerreinen zijn een belangrijke pijler onder de lokale economie, zo ook die van Schouwen-Duiveland. De bedrijven dragen een belangrijk deel bij aan de toegevoegde waarde (of het gemeentelijk product) van de gemeente. Maar ook op het gebied van innovatie spelen bedrijventerreinen een onmisbare rol. Veel innovatie is te herleiden naar ‘doodgewone’ bedrijven gevestigd op een bedrijventerreinen. Aan de voorkant is het niet altijd zichtbaar, maar juist industriële en ook logistieke bedrijven innoveren in hoge mate (NB. de industrie is goed voor 50% van alle R&D investeringen van bedrijven in Nederland en 80% van de top 30 R&D bedrijven is gevestigd op een bedrijventerrein!). Terreinen over het algemeen economisch waardevast; wel onderlinge verschillen Over het algemeen scoren de bedrijventerreinen op Schouwen-Duiveland voldoende tot goed op de indicator economie. De terreinen sluiten aan op de gewenste kwaliteit van de gevestigde doelgroepen en eindgebruikers. Daarnaast is de ontwikkeling van banen op vrijwel alle terreinen stabiel of positief, behalve op bedrijventerrein Groeneweegje. Hier zien we een sterke afname van werkgelegenheid, met name als gevolg van doorzettende transformatie van het terrein naar andere functies, zoals de ontwikkeling van de parkeerplaats Havenpoort. De banendichtheid verschilt sterk per terrein.

Terreinen als Business Park, De Weel en Straalweg scoren goed / hoog op deze indicator. Daar staat tegenover dat terreinen de terreinen Duinzoom, De Lelie en Boerenweg laag scoren. BANENDICHTHEID VERSCHILT STERK PER TERREIN, VEEL KAVELS IN GEBRUIK ALS OPSLAG De bedrijventerreinen op Schouwen-Duiveland huisvesten relatief veel arbeidsextensieve bedrijvigheid. Enerzijds kan dit gaan om ‘traditionele’ bedrijventerreinactiviteiten zoals een betonmortelcentrale of milieustraat. We zien echter ook veel kavels in gebruik met een opslagfunctie, met weinig toegevoegde waarde en werkgelegenheid. Denk hierbij aan de opslag van auto’s, boten en caravans (ABC-activiteiten). Ook zijn op de terreinen diverse selfstorage en opslagbedrijven aanwezig met zeer weinig toegevoegde waarde voor de economie van Schouwen-Duiveland. Indien deze functies zijn toegestaan vanuit het bestemmingsplan, is sturing lastig. Zeker voor nieuw uit te geven bedrijventerreinen kan hier wel op gestuurd worden. Bijvoorbeeld door dit type bedrijfsactiviteiten te beperken of uit te sluiten. De arbeidsintensiteit maakt het gemiddelde ruimtegebruik per werknemer inzichtelijk. Hoe hoger het aantal vierkante meters per werknemer, hoe extensiever een terrein wordt benut en hoe minder werknemers per hectare werkzaam zijn. Landelijk ligt deze op regulier-gemengde bedrijventerreinen zo rond 200 tot 300 m² per werknemer.

Voor ruimte-extensieve bedrijvigheid (zoals logistiek, industrie met veel buitenopslag etc.) ligt dit hoger (tussen 350 en 450 m²). Voor meer kantoorachtige bedrijvigheid ligt dit rond 100 tot 200 m² per werknemer. Figuur 12: Arbeidsintensiteit in ruimtegebruik op de bedrijventerreinen op Schouwen-Duiveland Boerenweg Bruinisse Business Park De Lelie De Roterij De Weel Duinzoom Groeneweegje Kom Oosterland Straalweg Landelijk gemiddelde

Vierkante meter (netto uitgegeven terrein) per baan

-

200

400

Bron: IBIS, RIBIS en BAG, Bewerking Stec Groep (2023).

600

800

1.000

1.200

1.400

19

Position Paper 22.122

Daarnaast leveren de bedrijventerreinen een grote bijdrage aan de (brede) welvaart binnen de gemeente. In directe banen, maar ook door middel van indirecte werkgelegenheid. Cruciaal is dat de terreinen ook in de toekomst een geliefde locatie blijven, voor zowel ondernemer als werknemer. Werknemers voelen zich prettiger in een aantrekkelijke, groene omgeving. Inzetten op een aantrekkelijk werk- en verblijfklimaat is dan ook raadzaam. Zoals eerder aangehaald is de vraag naar nieuw (technisch) personeel groot. Het bedrijfsleven op Schouwen-Duiveland concurreert niet alleen met bedrijvigheid binnen de eigen gemeente, maar ook met bedrijven elders in de regio/provincie en zelfs buiten de provincie (regio Goeree-Overflakkee en Rotterdam). Het bieden van een prettige werkomgeving maakt bedrijven aantrekkelijker bij het aantrekken van nieuw personeel. Nauwelijks leegstand op de bedrijventerreinen, ondernemers zitten klem Verspreid over de gemeente wordt nog geen 1% van de totale voorraad bedrijfsvastgoed op de bedrijventerreinen te huur of te koop aangeboden 5. De totale leegtand in de gemeente is ver onder frictieniveau. Een frictieniveau van circa 5% duidt op een gezonde leegstand: bedrijven met een acute ruimtevraag of bedrijven die een andere pand zoeken hebben op deze manier enige schuifruimte.

Te veel leegstand op een bedrijventerrein heeft negatieve gevolgen; de vastgoedwaarde keldert, het gevoel van veiligheid neemt af en het terrein wordt minder aantrekkelijk. In de huidige situatie zitten de bedrijven op Schouwen-Duiveland echter ‘klem’: er is nauwelijks mogelijkheid om uit te breiden of elders op het eiland een pand aan te schaffen. De (door)groei van bestaande ondernemers op de bedrijventerreinen, maar bijvoorbeeld ook de verhuizing van ondernemers aan huis of vanuit het buitengebied richting een bedrijventerrein wordt hiermee bemoeilijkt.

2.3 Ruimte Het beter benutten van bestaande bedrijventerreinen is een actuele opgave voor veel regio’s en gemeenten. De ruimtedruk is groot, de leegstand van bestaand bedrijfsvastgoed op de bedrijventerreinen is historisch laag en het vinden van nieuwe ontwikkellocaties wordt steeds lastiger. Intensiever gebruik maken van bestaande kavels kan een oplossing zijn om de ruimtedruk op de bedrijventerreinen te verminderen. Tegelijkertijd speelt in deze pijler ook de algemene uitstraling van kavels en panden een belangrijke rol. Kavels en panden met een verzorgde uitstraling maakt een bedrijventerrein tot een fijnere werkomgeving en voorkomt verloedering. Ook zorgt een betere uitstraling van het vastgoed in zijn algemeenheid voor hogere waarde van het vastgoed. Veel ondernemers zijn eigenaar-gebruiker en is het vastgoed een onderdeel van hun pensioenvoorziening. Aandacht voor ruimte ‘achter het bedrijfshek’ Op verschillende terreinen is de staat van de openbare ruimte prima op orde. Dit geldt voor zowel groen/blauw-voorzieningen als algemeen onderhoud. Tegelijkertijd zien we dat de ondernemer weinig investeert in de ruimte ‘achter het bedrijfshek’. Hoewel er weinig sprake is van verpaupering, zijn kavels veelal functioneel ingericht met weinig aandacht voor een groenvoorziening, of andere factoren die bijdragen aan een prettige werkomgeving.

De erfafscheidingen van kavels bestaan vaak uit een gaashek. Investering in een groene afscheiding zoals een heg zorgt er bijvoorbeeld voor dat de private kavels met buitenopslag niet meer zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. We zien ook veel buitenopslag van goederen. Hierdoor ziet een kavel er al snel rommelig uit.

5

Op basis van Funda in Business

20

Position Paper 22.122

Figuur 13: Hoogwaardige groenvoorziening gemeente, maar weinig aandacht ‘achter het hek’

Bron: Google Streetview (2022).

Op veel plaatsen is intensivering mogelijk, beter benutten van bestaande terreinen haalbaar Op basis van de FSI en de arbeidsintensiteit op de bedrijventerreinen constateren we dat er ruimtewinst is te behalen op de bestaande kavels. Tijdens de locatieschouw (30 november 2022) werd dit beeld bevestigd. Bij investeringen in herontwikkeling van (verouderd) bedrijfsvastgoed kan intensivering een belangrijke rol spelen. De theoretische ruimtewinst zal met name behaald moeten worden door de planologische ruimte te benutten en meer gebruik te maken van de mogelijkheden om in de hoogte te bouwen. Intensivering is moeilijk door de overheid te sturen waar het om private kavels gaat. Het moet in beginsel zelf opgepakt worden door gebruikers en eigenaren van bedrijfsvastgoed. De gemeente kan intensivering wel aanjagen door bedrijven te helpen bij het in kaart brengen en meedenken over de mogelijkheden en/of door het verhogen/verruimen van de planologische mogelijkheden (bouwhoogte, bebouwingspercentage). Figuur 14: FSI per bedrijventerreinen Straalweg Kom Oosterland Groeneweegje Duinzoom

Gemiddelde FSI

De Weel

(landelijk beeld)

De Roterij De Lelie Business Park Bruinisse Boerenweg 0

0,1

0,2

0,3

0,4

0,5

0,6

0,7

0,8

Bron: IBIS, RIBIS en BAG, Bewerking Stec Groep (2023).

FLOOR SPACE INDEX: INZICHT IN BEBOUWINGSDICHTHEID De floor Space Index (FSI) geeft inzicht in de bebouwingsdichtheid (inclusief verdiepingen). De FSI is de verhouding tussen bebouwde vloeroppervlak en de netto uitgegeven oppervlakte. Een FSI lager dan 1 geeft aan dat het bruto vloeroppervlak op een kavel (inclusief verdiepingen) lager is dan het netto oppervlak van het kavel. Hoe meer verdiepingen een pand telt, hoe hoger de FSI. Een lage FSI houdt in dat bedrijfskavels relatief extensief bebouwd zijn. Landelijk zien we een FSI van 0,5 tot 0,7 op regulier gemengde bedrijventerreinen. Voor meer industriële en logistieke locaties ligt dit vaak (fors) lager, gezien de extra buitenruimte voor bijvoorbeeld vrachtwagenbewegingen of buitenopslag. Voor meer kantoorachtige en hoogwaardige bedrijventerreinen is een FSI tussen 1 en tot 2 realistisch. In welke mate intensiveren daadwerkelijk mogelijk is hangt af van het type bedrijvigheid. Zo is voor bijvoorbeeld logistieke en industriële bedrijvigheid een ruim opgezette kavel met voldoende opslag-,

21

Position Paper 22.122

parkeer- en manoeuvreerruimte en hierbij automatisch een lagere FSI passend bij de bedrijfsvoering. Dit geldt bijvoorbeeld voor het betonbedrijf (links in figuur). Voor bedrijven waarbij parkeren een aanzienlijk deel van het maaiveld in gebruik neemt, is wel een ruimtewinst haalbaar. Denk bijvoorbeeld aan parkeeroplossingen op het dak of in een centrale voorziening op het bedrijventerrein. Figuur 15: Lage FSI door bedrijfsactiviteit (links) en mogelijk intensiveringsmogelijkheden (rechts)

Bron: PDOK viewer. Bewerking: Stec Groep (2023)

Maar intensiveren ook mogelijk in de hoogte Het beter benutten van de bestaande bedrijventerreinen kan niet alleen worden gerealiseerd door het verhogen van de FSI door kavels intensiever te bebouwen, ook kan worden gekeken naar het beter benutten van de bouwhoogte. Op de meeste bedrijventerreinen op Schouwen-Duiveland ligt de maximaal toegestane bouwhoogte op 10 meter. Hier is bedrijfsvastgoed met 2 bouwlagen goed haalbaar, maar dit is niet altijd eenvoudig, omdat de maximale goothoogte op veel plekken maximaal 6 meter bedraagt. Een extra laag toevoegen op bestaand vastgoed kan ook lastig zijn in verband met de bouwconstructie. Daarnaast komt het in de praktijk vaak voor dat de huidige eindgebruiker geen behoefte heeft aan extra bedrijfs- of kantoorruimte. Bij herontwikkeling van bestaande kavels of vastgoed kan hier wel op worden gestuurd: denk bijvoorbeeld aan het instellen van een minimale bouwhoogte. Hiervoor moet het bestemmingsplan / Omgevingsplan vooraf worden herzien. Figuur 16: Voorbeeld onderbenutte bouwhoogte op Schouwen-Duiveland Bruinisse Maximale bouwhoogte: 10m Maximale goothoogte: 6m Benutte bouwhoogte: 4,5m

Straalweg Maximale bouwhoogte: 10m Maximale goothoogte: 6m Benutte bouwhoogte: 5,2m

Bron: Ruimtelijkeplannen.nl, 3D BAG. Bewerking: Stec Groep.

22

Position Paper 22.122

Intensivering biedt kansen voor andere opgaven Intensiveren van bestaande kavels omvat niet alleen het beter benutten van de bestaande ruimte, er zijn veel koppelingen te leggen met andere opgaven die spelen in de regio. Bij een toekomstige verruiming van uitbreidingsmogelijkheden kan gedacht worden aan aanvullende randvoorwaarden, zoals groene daken (of dakconstructies geschikt maken voor zonnepanelen), vergroening van de kavel, waterberging, etc. Dit om te voorkomen dat uitbreiding/extra bebouwing leidt tot meer verstening, zonder dat er sprake is van meervoudig/duurzaam ruimtegebruik. Maar ook revitaliseren van bestaand vastgoed – en dus het verbeteren van de algemene uitstraling van het bedrijventerrein – en intensiveren gaan hand in hand. Tabel 5: Voorbeeld intensiveren ruimtegebruik (gekoppeld met andere opgaven) ViaVac (Lopik)

Arbon en Zenith (Rhenen)

• Volledige sloop bestaand vastgoed • Drie verdiepingen werkruimte, zowel kantoren als magazijn • Gasloos pand. Installatie warmtepomp, zonnepanelen en eigen opwek energie voor elektrisch wagenpark • Nette uitstraling en hoge vastgoedwaarde

• Volledige sloop bestaand vastgoed • Intensiever ruimtegebruik, hogere FSI op kavel • Dakoppervlak volledig bedekt met zonnepanelen. Leveren 75% van de opgewekte stroom terug aan omliggende bedrijven.

2.4

Klimaat en energie

Bedrijven en bedrijventerreinen zijn de sleutels naar verduurzaming en energietransitie: in zijn algemeenheid zijn 10% van alle bedrijven en zo’n 20% van het energieverbruik er geconcentreerd. In 2050 moeten bedrijventerreinen energieneutraal en fossielvrij zijn. Dat betekent een overstap van fossiele brandstoffen naar volledig duurzame energiebronnen zoals zonne- en windenergie. Ook zijn bedrijventerrein (doorgaans) versteende gebieden. Logisch ook. Bedrijven hebben nou eenmaal ruimte voor opslag en parkeren nodig. Toch kan en moet het anders. Zeker omdat een grote hoeveelheid steen de temperatuur op het terrein aanzienlijk verhoogt en de impact van een piekbui groot is en veel schade kan toebrengen. Om een bijdrage te leveren aan de klimaatdoelstellingen, is het verduurzamen van bedrijventerreinen cruciaal. Er is meer aandacht nodig voor het leren omgaan met piekbuien, hitte en langdurige droogte, maar ook voor behoud van biodiversiteit, opwek en behoud van energie, en duurzaamheid van het vastgoed. Tot slot wil Nederland in 2050 een volledig circulaire economie hebben. Tussendoel is om in 2030 circa 50% minder primaire grondstoffen te gebruiken. Dat betekent dat steeds meer bedrijven slimmer moeten omgaan met energie, water en grondstoffen. Op het gemiddelde bedrijventerrein gebeurt nog weinig echt bewust op dit vlak.

En als het gebeurt, blijft het vaak beperkt tot de eigen bedrijfsvoering. Kortom: werk aan de winkel. Bedrijventerreinen zijn onmisbaar in de transitie naar een circulaire economie. Bedrijventerreinen over het algemeen weinig klimaatadaptief Uit de analyse blijkt dat de meeste bedrijventerreinen op Schouwen-Duiveland weinig toekomstpotentie hebben op het gebied van klimaatadaptiviteit. Er is, op het gemeentelijk eigendom na, erg weinig aandacht voor groen of blauw. Relatief weinig ondernemers zijn actief bezig met de aanwezigheid en kwaliteit van de groenvoorziening op hun eigenlijk kavel en het bedrijventerrein in zijn geheel. Een aantal terreinen is dan ook sterk versteend (zie figuur). We adviseren om vergroening te stimuleren. Het integreren van bomen, vegetatie, groene daken en gevels verbetert de wateropname en vermindert het hitte-eilandeffect.

Position Paper 22.122

23

Figuur 17: Verstening op bedrijventerrein Oosterland (Wilgenstraat)

Bron: Locatieschouw bedrijventerreinen (30-11-2022), Stec Groep.

Een volgend aandachtspunt is het onbenut laten van geschikt dakoppervlak voor zonnepanelen. Niet overal is de dakconstructie geschikt, maar we zien in de gemeente nog veel onbenut potentieel. Collectiviteit kan hier een belangrijke rol spelen. Denk aan het gezamenlijk organiseren van energie op het bedrijventerrein, waaronder het gezamenlijk inkopen van zonnepanelen en uitwisselen van energie, of het aan de slag gaan met het klimaatadaptief inrichten van een bedrijventerrein. Dit kan veel (financiële )voordelen opleveren. Daarnaast heeft het een positief effect op de marktwaarde van het vastgoed en geldt het als stok achter de deur om ondernemers daadwerkelijk in actie te krijgen. Hierbij geldt echter wel dat het terugleveren van energie momenteel bemoeilijkt wordt. Extra noodzaak dus om samen na te denken over collectieve oplossingen zoals een local energy hub. Pas in 2027 is het nieuwe 150kV-station in Zierikzee naar verwachting gereed. Vergroenen bedrijventerreinen goed haalbaar zonder verlies van ‘ruimte om te werken’ Het vergroenen en verblauwen van bestaande bedrijventerreinen is goed haalbaar zonder dat er kostbare ruimte om te ondernemen verloren gaat. Denk aan halfverharde parkeerplaatsen (groentegels), groene overkapping boven parkeerplaatsen of kwalitatief hoogwaardige groene erfafscheiding of groeninrichting.

Tabel 6: Inspiratiebeelden vergroenen bedrijventerreinen Pijnacker-Nootdorp

Bron: BasArkes & Stec Groep, 2022

24

Position Paper 22.122

2.5

Sociaal en maatschappelijk

Met oog op de doorzettende vergrijzing en de krapte op de arbeidsmarkt, is voor toekomstbestendige bedrijventerreinen het thema ‘sociaal’ steeds belangrijker. Op het gebied van een prettige werkomgeving staat het ‘welzijn’ van de werknemer centraal. Ondernemers op Schouwen-Duiveland moeten op een prettige manier kunnen ondernemen, nu en in de toekomst. Voldoende aandacht om ook in de toekomst als bedrijf ‘gevonden’ te worden door nieuw personeel is een centraal thema. Een tekort aan voldoende personeel heeft onder andere invloed op de werkdruk, kwaliteit van producten en diensten en de leveringszekerheid. Het werven en behouden van goed personeel draagt dus bij aan het concurrentievermogen van het bedrijfsleven. Hiervoor is een goede koppeling tussen arbeidsmarkt en onderwijs een belangrijke pijler. Beschikbaarheid van werkgelegenheid helpt bijvoorbeeld, samen met onderwijs en woningen, bij het behoud van jonge mensen en dat draagt vervolgens weer bij aan het draagvlak voor lokale voorzieningen. Daarnaast dragen bedrijven door bijvoorbeeld sponsoring van het lokale verenigingsleven bij aan de sociale cohesie. Het behouden van een gezonde woon-werkbalans in de gemeente draagt kortom bij aan de leefbaarheid op langere termijn. Versteende bedrijventerreinen doen afbreuk aan leefbaarheid Een prettig werkomgeving is belangrijk voor bedrijventerreinen.

Het zorgt onder andere voor verhoogd werkplezier doordat werknemers zich comfortabel voelen en tevreden zijn met de omgeving waarin ze werken. Daarnaast kan een prettige werkomgeving gezondheidsproblemen voorkomen en de algemene gezondheid van de werknemers bevorderen. Verstening doet afbreuk aan de leefbaarheid. Zoals eerder genoemd heeft het vergroenen van de omgeving een positief effect heeft op een aantal ruimtelijktechnische aspecten. Ook draagt het bij aan verbeterde opvatting van de werkomgeving.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14484492/1