CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

1175378 Bijlage 3 Marktkansen aquacultuur en zilte teelt bij Bruinisse

Commissie Ruimte en Economie 7 oktober 2024, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: CVS Richtinggevende keuzen nieuw bedrijventerreinenprogramma (1175378)13.848 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Toelichting Bedrijven die door een fysieke koppeling gebruik (kunnen) maken van elkaars (bij)producten, diensten, faciliteiten en voorzieningen. Delen van voorzieningen door verschillende bedrijven, zoals laboratoria, proefopstellingen, nutsvoorzieningen en -infra. Gezamenlijk optrekken door partijen in productontwikkeling door delen van onderzoekslasten en kennis(ontwikkeling).

Bron: Stec Groep, 2023.

Wanneer op een locatie verschillende bedrijven vestigen die over eigenschappen beschikken die elkaar versterken of complementeren, dan komen de beste synergie-effecten (efficiëntie, innovatie, specialisatie) naar boven.

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

22

5 Concurrentie / referentie analyse 5.1 Vergelijkbare en (mogelijk) concurrerende ontwikkelingen

In dit hoofdstuk kijken we naar vergelijkbare en (mogelijk) concurrerende ontwikkelingen. We gaan in op het onderscheidend vermogen. Daarnaast beschrijven we de algemene kenmerken, gebiedsinrichting, het bestemmingsplan, succesfactoren en leereffecten. We zoomen in op vijf referentie/concurrentie projecten: Dubbele Dijk (Bierum, Groningen), Kingfish (Kats), de Waterdunen (Breskens), stichting Zilte Zones (Texel) en Aqua Valley (Jacobahaven, Kamperland). Dubbel Dijk (Bierum, Groningen) De Dubbele Dijk is een project in provincie Groningen dat is bedacht om de regio te beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering, zoals overstromingen. De dijk wordt aangelegd bij Bierum, ten noorden van Delfzijl. Het is een samenwerking tussen verschillende partijen, waaronder de provincie Groningen, de gemeenten Eemsdelta en Het Hogeland en het waterschap Noorderzijlvest. Project De Dubbele Dijk bestaat uit twee dijken die parallel aan elkaar zijn aangelegd. Tussen de dijken is ruimte gecreëerd voor natuurlijke ontwikkeling, zilte landbouw, aquacultuur, recreatie en duurzame energieopwekking. Het gebied bestaat uit twee delen. In het zuidelijke deel kan nieuwe natuur ontstaan en slib bezinken. In het noordelijk deel is ruimte voor zilte teelt en aquacultuur. Tabel 5: Dubbele Dijk: gebiedsinrichting, succesfactoren en leereffecten Aspect Algemeen Gebiedsinrichting (bestemmingsplan)

Succesfactoren

Leereffecten

Toelichting • Totale bruto omvang: circa 37 hectare. • Type ruimtevraag: combinatie van nummer 1, 3 en 6 (zie hoofdstuk 4.3) • Het gebied rondom de Dubbele Dijk is voornamelijk agrarisch van karakter. In de omgeving zijn diverse landbouwbedrijven gevestigd. • Het bestemmingsplan kent verschillende bestemmingen. Het grootste gedeelte heeft een agrarische bestemming. Voor bedrijfsgebouwen is een bebouwingspercentage van 3% opgenomen; de plek van deze gebouwen is niet vastgelegd om enige flexibiliteit te bieden. Ook is de term ‘aquatische landbouw’ opgenomen; hiermee is deze vorm van landbouw in het hele tussengebied mogelijk. Daarnaast is er een vrijwaringszone voor de landelijke dijk en heeft de tweede dijk de dubbelbestemming water – waterkering. Dit is te zien op in figuur 6 (links). • Inzet op het combineren van waterveiligheid, aquacultuur samen met natuurontwikkeling en recreatie. Het versterken van de bestaande dijk, het aanleggen van een tweede dijk, vergroot zowel de veiligheid van het gebied als de ecologische waarde. Dit is uniek in Nederland en kan een oplossing bieden voor verschillende locaties langs de kust. • Het projectontwerp is klimaatadaptief en duurzaam. Zo moeten de dijken worden bekleed met zonnepanelen en is de ambitie om de restwarmte van het nabijgelegen datacenter in te zetten om het kweekseizoen te verlengen.

• Het project is ontworpen circulaire uitgangspunten: de betonnen basiselementen van de dijken zijn gemaakt van gerecycled beton en voor de opbouw van de omgeving worden natuurlijke materialen gebruikt. • Het oorspronkelijke budget bleek niet toereikend. De complexiteit van een project als dit zijn de kosten lastig in te schatten. De kosten voor de dijkversterking bleken veel hoger en de uitvoering liep vertraging op. De extra financiering leidde tot een hogere druk op het project. • De betrokkenheid en participatie met de lokale bevolking en verschillende belanghebbenden was onvoldoende. Dit leidde tot weerstand en onbegrip. Ook heeft dit geleid tot juridische beroepsprocedures tegen het project.

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

23

Figuur 7: Bestemmingsplan Dubbele Dijk (links) ontwerpschets projectlocatie (rechts)

Bron: Ruimtelijkeplannen.nlhttp://www.ruimtelijkeplannen.nl/; Provincie Groningen, 2020.

Kingfish & Delta Farms (Kats) Viskwekerij Kingfish en aaskweker Delta Farms zijn gevestigd direct naast de Zeelandburg tussen de plaatsen Kats en Colijnsplaat. De bedrijven maken gebruik van het Oosterscheldewater om vis en levend visaas te kweken. De vis van Kingfish (Dutch Yellowtail, alternatief voor tonijn) wordt op een duurzame manier gekweekt. Kingfish profileert zich als een bedrijf dat zich richt op maatschappelijk verantwoord ondernemen. De vis is het hele jaar door in Nederland beschikbaar als versproduct. Er worden dagelijks leveringen in heel Europa uitgevoerd. Delta Farms produceert levend visaas onder gecontroleerde omstandigheden. Tabel 6: Kingfish & Delta Farms: gebiedsinrichting, succesfactoren en leereffecten Aspect Algemeen Gebiedsinrichting, Bestemmingsplan

Succesfactoren

Leereffecten

Toelichting • Totale bruto omvang: circa 20 hectare • Type ruimtevraag: combinatie van nummer 1, 2 en 5 (zie hoofdstuk 4.3) • Kingfish en Delta Farms zijn gevestigd in het landelijk gebied. Het gebied wordt voornamelijk omgeven uit agrarische bedrijven. Het gebied bevindt zich op korte afstand van de Oosterschelde. Het terrein van Kingfish en Delta Farms zijn ruim opgezet. Kingfish telt diverse inpandige kweekvijvers. Daarnaast is op verschillende plekken op het perceel bebouwing te vinden voor o.a. productie, verwerking en opslag. Delta Farms betreft uitpandig aquacultuur. • Het perceel bestaat uit verschillende ruimtelijke plannen, waaronder bestemmingsplan ‘Landelijk gebied 2013’. Sinds 2015 is het wijzigingsplan ‘Viskwekerij Kingfish Oost-Zeedijk’ van toepassing voor de kavel van Kingfish. In 2020 is een omgevingsvergunning afgegeven voor een uitbreiding. In 2021 is wederom een omgevingsvergunning afgegeven voor ‘Uitbreiding Kingfish fase 2B’. • Delta Farms heeft in 2022 een omgevingsvergunning gekregen voor 140.000 m2 groot zonnedak/constructie boven kweekbassins (circa 57.500 zonnepanelen). • Enkele criteria uit het bestemmingsplan: maximaal 4 nieuwe bouwvlakken van elk 1,5 hectare; de afstand tot woongebieden bedraagt tenminste 100 meter; de bouwhoogte bedraagt maximaal 10 meter; het bouwvlak wordt direct aan de bestaande openbare weg geprojecteerd.

• Kingfish is een van weinige commerciële viskwekerijen op land en kan worden beschouwd als een succesvolle onderneming met een kwalitatief hoogwaardig product dat wereldwijd wordt afgezet. Het bedrijf heeft meer dan 100 werknemers in dienst. Delta Farms al jaren succesvol actief in de markt. • De viskweker Kingfish maakt gebruik van duurzame productiemethoden en geavanceerde technologieën. Dit stelt het bedrijf in staat om te blijven groeien en concurrerend te blijven, ondanks hoge productiekosten. Daarnaast maken ze geen gebruik van hormonen, antibiotica en vaccinaties. Delta Farms produceert ook zonder herbiciden, pesticiden, antibiotica of andere chemicaliën. • De gebouwen en infrastructuur van met name Kingfish kunnen als storend worden ervaren en doen in zekere mate afbreuk aan de landschappelijke waarde van het gebied. De industriële uitstraling is goed zichtbaar vanaf de Zeelandbrug (N256).

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

•

•

24

Bij het opstellen of wijzigen van het bestemmingsplan hadden meer eisen gesteld kunnen worden aan de landschappelijk inpassing. De visuele impact van de bedrijfsbebouwing kan verbeterd worden door het gebruik van meer natuurlijke materialen en/of kleuren en een passende (groene) inpassing van de bedrijfsbebouwing in het landschap. Meervoudig ruimtegebruik in de vorm van zonnepanelen op bedrijfsgebouwen of kweekbassins. Dit voorkomt extra ruimtebeslag en draagt bij aan optimaal ruimtegebruik.

Figuur 8: Bestemmingsplan Kingfish (links), uitstraling terrein (rechts)

Bron: Ruimtelijkeplannen.nlhttp://www.ruimtelijkeplannen.nl/; Ingenieursbureau Boorsma, 2022.

Natuur- en recreatiegebied Waterdunen (Breskens) Natuur- en recreatiepark de Waterdunen ligt tussen de kustplaatsen Breskens en Groede en biedt een combinatie van natuur, recreatie en zilte teelt. Het park is ontstaan door de herinrichting van voormalig landbouwgebied. Bezoekers kunnen gebruik maken van verschillende wandel- en fietspaden. Ook is er de mogelijkheid om te overnachten in het gebied. Het gebied is opgedeeld in verschillende zones waar verschillende activiteiten plaatsvinden. Het park staat bekend om vier pijlers: kustversterking, getijdennatuur, recreatieontwikkeling en binnendijkse zilte aquacultuur. Tabel 7: Waterdunen: gebiedsinrichting, succesfactoren en leereffecten Aspect Algemeen Gebiedsinrichting, Bestemmingsplan

Succesfactoren

Leereffecten

Toelichting • Totale bruto omvang: circa 350 hectare • Type ruimtevraag: combinatie van nummer 1, 3 en 6 (zie hoofdstuk 4.3) • Het park is gelegen in een duinlandschap. Het gebied bestaat uit natuurlandschap, vakantiehuizen, chalets en kampeerplaatsen. Voor de bezoekers zijn er wandelpaden en vogelkijkhutten. • Het park heeft een bestemmingsplan waarin diverse activiteiten zijn toegestaan. Het grootste deel heeft de bestemming ‘natuur’. Ook zien we de bestemmingen horeca, wonen, recreatie en zijn er specifieke zones voor zilte teelten. Het strand valt onder de bestemming ‘waterstaatswerken’. Volgens artikel 1 van de Waterwet is een waterstaatswerk: oppervlaktewaterlichaam, bergingsgebied, waterkering of ondersteunend kunstwerk. • De multifunctionele inrichting van het gebied. Het park biedt ruimte voor recreatie, heeft het een agrarische functie (zilte teelt) en draagt het bij aan het behoud van de natuurlijke omgeving. • Goede infrastructuur en faciliteiten. Het park is goed bereikbaar en beschikt over diverse faciliteiten en voorzieningen zoals horecagelegenheden, toiletten en parkeerplaatsen. Dit draagt bij aan een positieve beleving van het park. • Relatief lang verloop van de planvorming. Het duurde relatief lang voordat de plannen voor het park waren uitgewerkt en er duidelijkheid was over de invulling van het gebied.

Dit heeft geleid tot onzekerheid en vertraging in het project, waarvan de aanleg begon in 2012. • De kosten zijn hoger dan gedacht. Het gaat om een tekort van meerdere miljoenen dat gedekt is door het Rijk en provincie Zeeland. Daarnaast is de aantrekkingskracht van het gebied niet zo groot als vooraf gehoopt.

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

25

Figuur 9: Bestemmingsplan Waterdunen (links), luchtfoto park (rechts)

Bron: Ruimtelijkeplannen.nlhttp://www.ruimtelijkeplannen.nl/; cadzand-bad.eu

Stichting Zilte Zones – Polder Wassenaar (Texel) Proef- en onderzoekslocatie Polder Wassenaar is gelegen in het noordoostelijke deel van Texel. De locatie is in gebruik door Stichting Zilte Zones. De stichting houdt zich bezig met verschillende bedreigingen voor de Waddenregio, zoals bodemdaling en verzilting. Op de proeflocatie wordt onderzocht hoe de teelt van gewassen in zilte grond kan worden bevorderd waarbij tegelijkertijd de biodiversiteit wordt verhoogd. Het project in Polder Wassenaar is een samenwerking tussen verschillende partijen, waaronder gemeente Texel, provincie Noord-Holland, Universiteit Wageningen en diverse boeren uit de omgeving. Doel is een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van duurzame landbouwtechnieken die ook toepasbaar zijn in andere gebieden met zilte grond. Samen met eigenaar Staatsbosbeheer wordt de polder heringericht tot een natuurgebied dat in constante verbinding staat met de Waddenzee. Tabel 8: Polder Wassenaar: gebiedsinrichting, succesfactoren en leereffecten Aspect Algemeen Gebiedsinrichting, Bestemmingsplan

Succesfactoren

Leereffecten

Toelichting • Totale bruto omvang: circa 20 hectare. • Type ruimtevraag: combinatie van nummer 1, 3 en 4 (zie hoofdstuk 4.3) • De polder is opgedeeld in verschillende zones. Op dit moment wordt slechts een beperkt deel gebruikt als proeflocatie voor onderzoek naar de ontwikkeling van zilte landbouwmethoden. Er zijn raceways aangelegd: doorstroomsystemen waarin zeewier, zeegraas of zeedieren zoals kokkels en garnalen kunnen worden geteeld. Overige delen van het gebied zijn ingericht met verschillende bodemtypen om te testen welke gewassen hier het beste groeien. Er zijn bijvoorbeeld zand- en kleigronden, maar er is ook een gedeelte met grasland. De polder heeft een totale omvang van circa 17 hectare. • In het bestemmingsplan staat Polder Wassenaar aangewezen als waterkering. De polder wordt omsloten door twee dijken met gebiedsaanduiding ‘vrijwaringszone’. Het grootste gedeelte heeft de bestemming Natuur; deze gronden zijn voornamelijk bestemd voor doeleinden van landschaps- en natuurbescherming. • Aangezien het project van Stichting Zilte Zones in Polder Wassenaar nog in ontwikkeling is, is het nog te vroeg om te spreken van succes of falen. Een succesfactor van het project is dat het inspeelt op de groeiende behoefte aan duurzame landbouwpraktijken.

Het project in Polder Wassenaar levert praktijk kennis op (rendabele teelt op verziltend land) waarvan de gehele Nederlandse kustregio kan profiteren. Het gebruik van Zilte teelten kan bijdragen aan het verminderen van de druk op zoetwaterbronnen en bovendien zorgen voor een circulaire en lokale voedselproductie. • Het project heeft aangetoond dat het mogelijk is om binnendijks een nieuw economisch verdienmodel te ontwikkelen. Dit is positief voor het toekomstperspectief voor de landbouw en de visserij. • De realisatie van het project heeft langer geduurd dan gepland. In 2016 is een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een pilot voor kokkelteelt in polder Wassenaar. De daadwerkelijke ontwikkeling bleek langer te duren, onder meer door de complexiteit van de vele betrokken partijen. • De aanleg van de benodigde infrastructuur zorgde voor vertraging. • Stichting Zilte Zones heeft samen met betrokken partijen, Staatsbosbeheer, het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, NIOZ (Netherlands Institue for Sea Research) en belanghebbenden zoals Rijkswaterstaat en vogelaars een plan ontwikkeld voor een open doorgang naar de Waddenzee. Dit voor een natuurlijke waterbeweging van eb en vloed voor voldoende water. Indien het plan doorgang vindt zal de natuur van de polder veranderen in een kwelderbiotoop met een grote biodiversiteit.

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

26

Figuur 10: Bestemmingsplan Polder Wassenaar (links), projectlocatie (rechts)

Bron: Ruimtelijkeplannen.nlhttp://www.ruimtelijkeplannen.nl/; Waddenzee Werelderfgoed, 2020.

Aqua Valley (Jacobahaven, Kamperland) In 2017 zijn diverse Zeeuwse aquacultuur organisaties en aquacultuur-gerelateerde bedrijven het samenwerkingsverband Aqua Valley aangegaan. Ook Hogeschool Zeeland en de Universiteit Wageningen zijn hierbij aangesloten. Het doel van deze samenwerking is kennisdeling tussen de diverse bedrijven en instellingen in een open en intensieve samenwerking. Medio 2021 is het samenwerkingsverband verder uitgebreid met een machinebouwer en drie bedrijven in actief in zeewierkweek, onder de naam ‘Aqua Valley Reloaded’. Het accent ligt op kennisdeling, innovatie en productie. De projecten ‘Aqua Valley’ en ‘Aqua Valley Reloaded’ zijn mede mogelijk gemaakt door bijdragen van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en de provincie Zeeland. Programma’s OPZuid en REACT-EU. De projectlocatie van deze proeftuin is de Jacobahaven, gelegen aan de voet van de Oosterscheldekering. Op deze locatie is zowel ruimte voor extensieve als intensieve aquacultuur. Drie bedrijven zijn momenteel gevestigd op de locatie: Seafarm (intensieve inpandige aquacultuur en een horecafunctie), Fry Marine (inpandige hatchery voor vis) en de Stichting Zeeschelp (mariene onderzoeksfaciliteit). Op de locatie Jacobahaven staat het huidige bestemmingsplan twee type aquacultuur activiteiten toe:  extensieve aquacultuur: de teelt van zoutwatergebonden organismen in de open lucht.

 intensieve aquacultuur: een niet aan de grond gebonden bedrijf dat zich toelegt op de teelt en verwerking van zoutwatergebonden organismen in gebouwen. Het totale plangebied beslaat circa 3,5 hectare (bruto) terrein waar aquacultuur is toegestaan. Hiervan is nog circa 1,5 hectare niet in bedrijfsmatig gebruik. Dit uitgeefbare gebied is in eigendom van de gemeente Noord-Beveland. Ontwikkeling van nieuwe extensieve- of intensieve aquacultuurbedrijvigheid is op deze locatie nog mogelijk. Grootschalige vormen van aquacultuur is vanwege de verkaveling uitgesloten. Figuur 11: Bestemmingsplan Windpark Jacobahaven (links), impressie (rechts)

Bron: Ruimtelijkeplannen.nl; Seafarm, 2019

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

27

5.2 Conclusies concurrentie / referentie analyse Gebiedsinrichting aquacultuur-terrein complex en vereist een lange adem Op basis van een de referentieprojecten en de bijbehorende leereffecten, concluderen we dat een gebiedsontwikkeling van een binnendijks aquacultuur-terrein complex is en over het algemeen lang duurt. Dit komt door (1) de complexiteit van het proces en het aantal betrokken partijen, (2) het aanleggen en verzorgen van de specifieke infrastructuur en (3) de aanwezigheid van een anchor-tenant / aanjager (of investeerder), die zich bij voorkeur in de scale-up of full-production fase bevindt. Ook het vergunningstraject duurt vaak relatief lang en zijn er veel stakeholders om te betrekken in het proces en aan de voorkant van een gebiedsontwikkeling rekening mee te houden. Tot slot is een lange adem en politieke wil vereist. Het (succesvol) ontwikkelen van een thematerrein vereist doorgaans een langere doorlooptijd in vergelijking met een ‘regulier’ bedrijventerrein. Immers: de markt voor aquacultuur en zilte teelt is weerbarstig en het aantal bedrijven actief in deze sector is beperkt. Plangebied heeft goede relatieve ligging ten opzichte van de Randstad Vergeleken met de concurrentie/referentie projecten heeft het plangebied een goede ligging ten opzichte van de Randstad.

De afzetmarkt in Nederland (Randstad) is dichterbij voor Bruinisse, dan voor Groningen, Texel, Breskens of Noord-Beveland. Dit kan verschillende voordelen bieden: (1) de ligging ten opzichte van afzetmarkt en toeleveranciers is gunstig, (2) de reisafstand voor bezoekers/toeristen en (3) door de ligging is een groter arbeidspotentieel aan te spreken vanwege de hoge bevolkingsdichtheid (regio Rotterdam). Mogelijk nog concurrerend aanbod aquacultuurterrein in Oosterschelderegio Op de Jacobahaven (gemeente Noord-Beveland) ligt conform het geldende bestemmingsplan nog circa 1,5 hectare onontwikkeld bedrijventerrein specifiek bestemd voor de aquacultuur. Deze gronden zijn in bezit van de gemeente Noord-Beveland en kunnen nog worden uitgegeven aan geïnteresseerde aquacultuurgerelateerde bedrijvigheid. Hiermee is er binnen het Oosterscheldegebied feitelijk nog relevant en concurrerend aanbod van bedrijfsgrond aanwezig. Op deze locatie is echter geen grootschalige aquacultuur mogelijk, op basis van de verkaveling en omvang van de planvoorraad.

28

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

6 Ontwikkelscenario’s

In dit hoofdstuk beschrijven we verschillende ontwikkelscenario’s voor ontwikkelen van een binnendijks watergerelateerd bedrijventerrein. We stellen een matrix op waarin de kenmerken van deze scenario’s tot uiting komen. Vervolgens werken we ieder scenario individueel uit. Vier ontwikkelscenario’s voor het plangebied We onderscheiden grofweg vier verschillende ontwikkelscenario’s. Deze zijn weergegeven in figuur 11. We maken onderscheid tussen intensief versus extensief ruimtegebruik. Bij intensief ruimtegebruik wordt een gebied intensief bebouwd. Ook is relatief veel infrastructuur nodig, een relatief hoge banendichtheid en er vinden relatief veel bedrijfsactiviteiten plaats. Bij extensief ruimtegebruik is er sprake van een laag aandeel bebouwing met relatief weinig infrastructuur, een relatief lage banendichtheid en minder bedrijfsactiviteit. Daarnaast maken we onderscheid tussen een thematische ontwikkeling en een reguliere, publieksgerichte ontwikkeling. Met een thematisch bedrijventerrein bedoelen we dat het terrein is georganiseerd rond een specifieke sector, in dit geval aquacultuur. Bedrijven op een thematisch terrein zijn gelieerd aan dezelfde sector en delen vaak faciliteiten of diensten.

Een regulier terrein heeft geen specifieke afbakening van de doelgroep en een publieksgericht terrein heeft zijn focus op publiekstrekkende functies, zoals toerisme, consumenten, horeca en onderwijs. Figuur 12: Matrix ontwikkelscenario’s Thematisch A: Werklocatie voor inpandige aquacultuur • Het terrein richt zich op inpadige aquacultuur en bijbehorende verwerkende bedrijvigheid. Bebouwing passend bij dit scenario toont veel overeenkomsten met (industriële) bebouwing op reguliere bedrijventerreinen. Voorbeeld: Kingfish.

Intensief

B: Gebiedsontwikkeling extensieve aquacultuur (kweek en zilte teelt) • De gebiedsontwikkeling richt zich op aquacultuur met een relatief extensief ruimtegebruik. Er zijn veel kweekvijvers en we zien grondgebonden teelt. Dit scenario lijkt op agrarisch landgebruik. Voorbeeld: Topsy Baits.

Extensief C: Het plangebied ontwikkelt zich als reguliere werklocatie

D: Een inspiratie locatie voor recreatie, educatie en kleinschalige teelt.

• Na een aanloopperiode blijkt ondernemen in de aquacultuur sector te weerbarstig. Het terrein vult zich niet met bedrijven uit de sector en wordt voortgezet als regulier bedrijventerrein. Voorbeeld: bedrijventerrein Bruinisse

• Het gebied wordt een locatie om te leren en te recreëren. Het is gericht op toeristen, consumenten en horeca. Bezoekers kunnen de kweek van schelpdieren en de teelt van zeekraal bezichtigen tijdens een wandeling. Voorbeeld: Waterdunen.

Regulier | Publieksgericht Bron: Stec Groep, 2023.

Praktisch gezien zijn ook combinaties mogelijk tussen de ontwikkelscenario’s. Bijvoorbeeld door balans te zoeken tussen het type bedrijvigheid of om risico’s af te dichten. Dit heeft doorgaans wel grote impact op de branding en ‘eigenheid’ van de locatie. Ook bestaat de kans dat gevestigde bedrijven zich niet kunnen door ontwikkelen door ruimtegebrek of conflicterende belangen uit de omgeving.

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

29

6.1 Taxatie marktkansen en -risico’s We toetsen de ontwikkelscenario’s de hand van drie variabelen: 1. Maatschappelijke en economische meerwaarde voor Bruinisse en Zeeland; 2. Afzettempo; 3. Marktrisico’s. We werken deze variabelen één voor één uit en geven de resultaten weer in tabelvorm. Scenario A: Werklocatie voor inpandige aquacultuur  Het terrein is volledig gericht op inpandige aquacultuur en bijbehorende verwerkende bedrijvigheid. Daarmee is het terrein geheel thematisch. Bebouwing passend bij dit scenario toont overeenkomsten met gangbare (industriële) bebouwing op regulier bedrijventerreinen. Het terrein is relatief intensief bebouwd en er is de nodige ruimte voor infrastructuur. De impact op het landschap is aanzienlijk. Een passend voorbeeld is Kingfish Zeeland in Kats. Ook op Jacobahaven in Kamperland is inpandige aquacultuur gevestigd met bedrijven Seafarm en Cooperatie Fry Marine en stichting Zeeschelp 5 Figuur 13: Voorbeeld inpandige aquacultuur: Kingfish Zeeland – Kats

Tabel 9: Toetsing scenario A: Werklocatie voor inpandige aquacultuur Werklocatie voor inpandige aquacultuur Maatschappelijke ++ Een werklocatie voor inpandige aquacultuur komt qua uitstraling overeen met een regulier en economische bedrijventerrein. Een voorziening voor het verkrijgen van Oosterscheldewater is noodzakelijk. Het meerwaarde voor terrein zal een aanzienlijke bijdrage leveren aan de economie van de gemeente Schouwen-Duiveland Bruinisse en en provincie Zeeland. De banendichtheid is relatief hoog (circa 10 tot 15 banen per hectare) en kan Zeeland verder oplopen naarmate bijbehorende verwerkende bedrijvigheid (verwerking, verpakking, opslag en logistiek) zich vestigt. De toegevoegde waarde van de locatie wordt nog groter wanneer een goede koppeling wordt gemaakt met aanwezige (verwerkende en ondersteunende) bedrijvigheid op nabijgelegen bedrijventerrein Bruinisse. Deze bedrijven kunnen een rol vervullen in het verpakken en vervoeren van het product (gekweekte vissen). Het bedrijventerrein zorgt niet alleen voor een toename in werkgelegenheid, ook de aantrekkingskracht wordt verhoogd. Er ontwikkeld zich een economische sterk cluster aan bedrijven die zich positioneren als het centrum voor industriële aquacultuur in Nederland. Dit terrein heeft een aanzienlijke impact op het landschap.

De bouwhoogte (denk aan 10 meter goothoogte, zoals Kingfish Zeeland) en omvang van de panden heeft vanwege opzet en verschijningsvorm een beduidend ander aanzicht dan het huidige open agrarisch landschap. Het terrein heeft een industriële uitstraling.

5 Stichting Zeeschelp is een proefstation voor mariene aquacultuur en verhuurt mariene (onderzoeks- en lab)faciliteiten. Het gebouw heeft een oppervlakte van circa 1400 m² en beschikt over klimaatruimtes, een inpandige kas voor algenkweek, laboratoriumruimtes, opslagruimtes en units die als kantoor en vergaderruimte zijn ingericht. De aanvoer van zeewater loopt via een pompkelder in de dijk. De stichting doet onderzoek, pilots en richt zich samen met ondernemers en onderzoekers op innovaties in de marine-aquacultuur. Bron: website stichting Zeeschelp, 2023.

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

Afzettempo

Marktrisico’s

+/-

+

30

In de praktijk zien we dat het ontwikkelen van een thematerrein in de meeste gevallen langer duurt dan een reguliere bedrijventerreinontwikkeling. Een bedrijventerrein voor ‘traditionele’ bedrijventerreinsectoren heeft een bredere afzetmarkt (en een hoger afzettempo), maar de locatie is daardoor ook minder onderscheidend en gevoeliger voor concurrentie. Bij een specialisatie is het afzettempo doorgaans lager, maar hier tegenover staat een sterke profilering en minder concurrentie. Desalniettemin verwachten we dat het afzettempo voor scenario A redelijk hoog zal zijn. Er zijn geen andere beschikbare locaties voor grootschalige aquacultuur. Ook is de ruimtevraag per bedrijf in dit scenario relatief hoog. Vanaf 1 tot circa 5 hectare. De locatie van Kingfish Zeeland (inpandige visteelt, inclusief opslag, verwerking en verpakking) beslaat circa 6 hectare. Bruinisse is een van de weinig aangewezen kerngebieden voor aquacultuur. Gezien de groei van de viskweeksector wereldwijd verwachten we relatief beperkte marktrisico’s. Er is geen noemenswaardige concurrentie van andere ontwikkelingen. Belangrijkste concurrentielocaties zijn bestaande vestigingslocaties in de regio/provincie Zeeland. Groot risico’s verbonden aan de aquacultuursector in bedrijfsbebouwing, is het fluctueren van de prijs van (kweek)vis. Dit is vaak het gevolg van een veranderende marktvraag.

Daarnaast kan er een ziekte uitbreken als gevolge van de intensieve visteelt in kweekbakken, waardoor bedrijven omzet mislopen.

Scenario B: Gebiedsontwikkeling met extensieve aquacultuur (kweek en zilte teelt)  De gebiedsontwikkeling richt zich op aquacultuur met een relatief extensief ruimtegebruik. Er zijn veel kweekvijvers en op enkele hectares worden (grondgebonden) zeegroenten geteeld. Dit scenario lijkt op agrarisch landgebruik. Er is slechts een beperkte hoeveelheid ruimte nodig voor bedrijfsbebouwing. Hier worden de gekweekte producten verzameld en schoongemaakt. Een passend voorbeeld is de locatie van Topsy Baits in Wilhelminadorp. Figuur 14: Voorbeeld extensieve aquacultuur: Topsy Baits – Wilhelminadorp

Tabel 10: Toetsing scenario B: Gebiedsontwikkeling met extensieve aquacultuur (kweek en zilte teelt) Gebiedsontwikkeling extensieve aquacultuur (kweek en zilte teelt) Maatschappelijke +/- Deze werklocatie voor aquacultuur lijkt op agrarisch gebied. Het landschap behoud haar open en economische uitstraling, doordat er amper bedrijfsbebouwing nodig is. De banendichtheid van het terrein is relatief meerwaarde voor laag: circa 1 tot 2 banen per hectare. Het gebied zorgt dus niet direct voor een grote impuls van de Bruinisse en werkgelegenheid. Voor deze ontwikkeling is wel een voorziening voor Oosterscheldewater Zeeland noodzakelijk. De impact van deze gebiedsontwikkeling op het landschap is beperkt. Er wordt gebruik gemaakt van natuurlijke materialen waardoor het terrein opgaat in het landschap. Er is veel groen en blauw, wat een prettige uitstraling heeft. Er is weinig bebouwing en de openheid van het landschap blijft in stand.

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

Afzettempo

Marktrisico’s

+

+/-

31

Het ontwikkelen van een thematerrein duurt in de meeste gevallen langer dan een reguliere bedrijventerreinontwikkeling. Reguliere ‘traditionele’ bedrijventerreinsectoren richten zich op een bredere afzetmarkt (en kennen vaak een hoger afzettempo). Het afzettempo hangt af van verschillende factoren. Hoe strigenter de doelgroep, hoe lager het afzettempo zal zijn. Er moet voldoende bekendheid zijn zodat de markt weet waar het zich kan vestigen. Gelet op de verkregen leads die vallen onder bedrijvigheid behorend tot dit scenario, zijn we in de basis optimistisch over het afzettempo. Ook is de omvang van de (volwaardige) bedrijven in dit scenario hoog. We gaan uit van een ruimtebeslag van ongeveer 10 tot 20 hectare per bedrijf in uitpandige aquacultuur en zeewierteelt op land en een ruimtebeslag van circa 0,5 tot 3 ha per bedrijf in de teelt van zilte gewassen. Ter illustratie: de locatie van Topsy Baits beslaat circa 15 hectare. Door de selectieve doelgroep (extensieve aquacultuur en zilte teelt) is de ontwikkeling beperkt flexibel en relatief vatbaar voor tegenwind uit de markt. Deze markt blijkt in de praktijk weerbarstig. Ondernemers zijn gebaat bij gunstige financiële voorwaarden bij het verkrijgen van een vestiging in het plangebied.

Scenario C: Het plangebied ontwikkeld zich als een reguliere werklocatie  In de praktijk blijkt ondernemen in de aquacultuursector weerbarstig. Na een (aanloop)tijd vult het terrein zich (niet meer) met ondernemers uit de beoogde aquacultuursector. Gezien de behoefte aan extra ruimte voor bedrijventerreinen wordt het plangebied voortgezet als regulier bedrijventerrein. De gemaakte investering voor de zoutwaterleiding wordt niet (volledig) benut en terugverdiend. Een voorbeeld voor een regulier bedrijventerrein is het huidige bedrijventerrein Bruinisse. Figuur 15: Voorbeeld regulier bedrijventerrein: Bedrijventerrein Bruinisse

Tabel 11: Toetsing scenario C: Het plangebied ontwikkeld zich als een reguliere werklocatie Regulier bedrijventerrein Maatschappelijke en economische meerwaarde voor Bruinisse en Zeeland

Afzettempo

+

+/-

De maatschappelijke en economische toegevoegde waarde van dit scenario staat gelijk aan een regulier bedrijventerrein en zal in de meeste gevallen vergelijkbaar zijn met bestaand bedrijventerrein Bruinisse. De multimodaliteit van het bedrijventerrein verhoogt de aantrekkingskracht voor bedrijven. Ook economisch gezien is het terrein relevant; er ontstaat extra directe en indirecte werkgelegenheid. Doordat het huidige bedrijventerrein is ontwikkeld, is het relatief eenvoudig om in de toekomst uit te breiden, omdat toegangswegen en bestaande infrastructuur benut kan worden. De industriële uitstraling van de bedrijfsbebouwing heeft impact op het landschap. Er ligt een kans om het nieuw te ontwikkelen vastgoed goed in te passen in de landelijk omgeving. Desondanks verdwijnt de open uitstraling van het beoogde plangebied. Op basis van de bedrijventerreinenprognose en het nog definitief vast te stellen bedrijventerreinenprogramma, constateren we dat er een ruimtevraag voor reguliere

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

32

bedrijventerreinruimte in de gemeente Schouwen-Duiveland. Het plangebied heeft vanwege haar ligging enkel aantrekkingskracht voor bedrijven uit Bruinisse en direct omgeving en eventueel van bedrijven buiten de gemeente. We verwachten daarom een afzettempo passend bij de historische uitgifte van het bestaande bedrijventerrein Bruinisse. Afhankelijk van het type bedrijven is de ruimtevraag veelal tot 0,5 hectare en voor grotere productie en logistieke bedrijven veelal groter dan 1 hectare.

Marktrisico’s

+

De afzettempo is afhankelijk van de keuzes die gemaakt worden in het gemeentelijk bedrijventerreinprogramma 2030. De gemeente is voornemens om bedrijventerrein Zierikzee Zuid te ontwikkelen. Voor een gezonde en goed functionerende markt moet overaanbod van reguliere bedrijventerreinen in de gemeente voorkomen worden. De vraag van bedrijven naar vestigingslocaties fluctueert (uitgifte verloopt vaak grillig en is sterke afhankelijk van conjunctuurgolven) en de economie is sterk onderhevig aan trends en ontwikkelingen. Vanwege het bredere karakter van een regulier terrein met traditionele bedrijventerreinsectoren (zoals industrie, logistiek, bouw en handel) verwachten we beperkte marktrisico’s. Deze marktrisico’s nemen wel toe naarmate meer aanbod beschikbaar komt (Zierikzee) of door de uitbreiding van kleinschalige bedrijventerreinen in de gemeente.

Scenario D: Een inspiratie locatie voor recreatie, educatie en teelt  Het gebied wordt een locatie om te leren en recreëren. Het is onder andere gericht op toeristen, consumenten en horeca. Bezoekers kunnen de kweek van schelpdieren en de teelt van zeekraal bezichtigen tijdens een wandeling door het gebied. Een (beperkt) deel van het terrein is beschikbaar voor ondernemers uit de aquacultuursector. Daarnaast zijn de Hogeschool Zeeland, het Scalda en de Wageningen Universiteit bezig met het onderzoeken van het bijzondere ecosysteem. Een vergelijkbaar voorbeeld: Waterdunen in Breskens. Figuur 16: Voorbeeld inspiratielocatie: Waterdunen – Breskens

Tabel 12: Toetsing scenario D: Een inspiratie locatie voor recreatie, educatie en teelt Regulier bedrijventerrein Maatschappelijke en economische meerwaarde voor Bruinisse en Zeeland

+

In dit scenario wordt het plangebied alleen ingericht als een binnendijks bedrijventerrein voor aquacultuur. Er wordt ook ingezet op recreatie, toerisme, horeca en educatie. Er wordt onderscheid gemaakt tussen twee hoofddoelen: het kweken/produceren van vis en zeegroenten en bieden van recreatie en educatie aan bezoekers. De maatschappelijke en economische meerwaarde is moeilijk op voorhand te taxeren. Dit hangt namelijk sterk af van het succes van het concept. Er worden zilte landbouwgronden en kweekvijvers aangelegd op het terrein. Daarnaast krijgen bezoekers de mogelijkheid om op locatie kennis te maken met aquacultuur en zilte teelt. Dit door middel van educatieve rondleidingen, onderwijsprogramma’s, workshops en demonstraties. Het gebied biedt daarnaast diverse recreatiemogelijkheden, zoals wandelpaden, fietsroutes en horeca. Dit leidt tot

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

33

bestedingen, economische groei en werkgelegenheid. Bovendien versterkt het de aantrekkingskracht van het gebied en de gemeente in haar geheel. In dit scenario draagt het plangebied ook bij aan het bewustzijn en begrip van de belangrijke rol van aquacultuur in een duurzame voedselvoorziening.

Afzettempo

Marktrisico’s

+/-

-

Het geheel krijgt een aantrekkelijke uitstraling. Er worden duurzame, natuurlijke materialen gebruikt die de verbondenheid met de omgeving versterken. In het gebied zijn groenvoorzieningen, waterpartijen en andere natuurlijke elementen. De vormen van aquacultuur en zilte teelt zijn vooral een ontdekkende nichemarkt. Daardoor is het afzettempo naar verwachting laag en bedrijven en instellingen zijn bijvoorbeeld niet bereid om een hoge grondprijs te betalen. Het valt of staat bij een anchor-tenant / aanjager die fors wil investeren in het concept en daarin gesteund wil worden door gemeente en provincie. Het duurt naar verwachting langere tijd voordat een toestroom van ondernemers opgang komt. De toegevoegde waarde en de aantrekkingskracht zullen pas op langere termijn herkend worden. Het terrein wordt niet exclusief ontwikkeld voor aquacultuur. De locatie biedt ook ruimte aan recreatie, natuur en educatie. Het uitgeefbaar terrein voor aquacultuurgerelateerde bedrijven is relatief laag. Er zijn marktrisico’s verbonden aan extensieve aquacultuur en de teelt van zeegroenten. Het is daarom belangrijk hier rekening mee te houden bij de grondexploitatie. De winstgevendheid van bedrijven is erg afhankelijk van de grondprijs; deze dient dan ook niet te hoog te zijn en is vergelijkbaar met de prijs van reguliere landbouwgrond.

Een goed doordacht businessplan met daarin verschillende marktanalyses (op het gebied van horeca/toerisme en educatie) helpt bij het realiseren van dit scenario. Het is verstandig om een sterke koppeling te leggen tussen ondernemers uit de sector en het onderwijs. Beide werken al veelvuldig samen. Het is belangrijk dat alle partijen nut en noodzaak van een inspiratie locatie inziet.

Marktkansen aquacultuur en zilte teelt in Bruinisse 22.167

7 Vervolgstappen 7.1 Vervolgstappen

In dit hoofdstuk gaan we in op de belangrijkste vervolgstappen. Uit het verkennend onderzoek naar de marktkansen van aquacultuur en zilte teelten bij Bruinisse blijkt dat er kansen en risico’s zijn. Deze verschillen per ontwikkelscenario en type ruimtevrager. Stap één:  Werk toe naar een bestuurlijke go / no-go voor het uitvoeren van verdiepend vervolgonderzoek naar een ontwikkelscenario (voorkeursvariant of eventueel een second best variant) van een binnendijks bedrijventerrein gericht op aquacultuur/zilte teelt in Bruinisse. Bij go-besluit:  Ga aan de slag met verdiepend vervolgonderzoek: o Uitwerking wat moet leiden tot een voorkeursvariant (of eventueel second best variant) o Afstemming waterschap Scheldestromen over milieu- en omgevingseffecten (bodem/water) o Verkeersaspecten en bereikbaarheid (met name ontsluiting) o Financiële haalbaarheid (subsidies / Grex) o Quicksan MER-aspecten (al uitgevoerd)  Verkennend overleg met provincie en EU (Europese Commissie) over mogelijkheid tot een gezamenlijke bijdrage in het ontwikkelen van een binnendijks bedrijventerrein  Stel een communicatieplan op en betrek de omgeving.

Werk aan een breed gedragen ontwikkeling  Stel een marketing- en acquisitieplan op en formuleer helder vestigingsbeleid Succesfactoren:  Politieke wil en lange adem (een thematische locatieontwikkeling heeft een langere doorlooptijd)  Luister goed naar ondernemers in de sector. Wat hebben ze nodig? Ontwikkel het terrein samen  Zet in op samenwerking met onderwijsinstellingen (Hogeschool Zeeland, Universiteit Wageningen & Scalda); Bruinisse als broedplaats voor pas-afgestudeerden  Verken de mogelijkheden voor financiële ondersteuning en maak hier gebruik van  Investeer in de omgeving, gebruik regionale DNA en creëer een sterk brand: BRU Aquaculture!  Duidelijke afspraken over beeldkwaliteit en landschappelijk inpassing Risico’s  Ontwikkeling thematisch terrein brengt een hoge mate van onvoorspelbaarheid met zich mee  Aanleg van benodigde infrastructuur voor Oosterscheldewater forse investering (circa €1 miljoen)  Ondernemen in deze sector blijkt in de praktijk weerbarstig

34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14484491/1