CConstaterende datSchiermonnikoog
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2025 Schiermonnikoog v2

Raadsvergadering 5 november 2024, gemeente SchiermonnikoogBij agendapunt: Begroting 202526.044 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

primaire begroting 2025

5.10 Mutaties reserves algemene dekkingsmiddelen Wat mag het kosten? Exploitatie

primaire begroting 2025

Onttrekkingen PRG5

5 Financierien en belastingen

PRD592

5.10 /1 Mutaties reserves algemene dekkingsmiddelen

6980152

6980152 Mutaties reserves programmas alg dekkmidd

6.915

Stortingen PRG5

5 Financierien en belastingen

PRD592

5.10 /1 Mutaties reserves algemene dekkingsmiddelen

6980152

6980152 Mutaties reserves programmas alg dekkmidd

-134.000

Mutaties reserves

-127.085

Gerealiseerd resultaat

-127.085

5.11 Saldo van baten en lasten na bestemming Wat mag het kosten? Exploitatie

primaire begroting 2025

Baten PRG5

5 Financierien en belastingen

PRD593

5.11 /1 Saldo van baten en lasten na bestemming

6999999

6999999 Begroting en rekeningresultaat

0

Lasten PRG5

5 Financierien en belastingen

PRD593

5.11 /1 Saldo van baten en lasten na bestemming

6999999

6999999 Begroting en rekeningresultaat

Resultaat

0 0

72

Recapitulatie programma 5 Financiering en belastingen Recapitulatie Exploitatie

Realisatie 2023

Begroting 2024 na wijziging

primaire begroting 2025

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

PRD511 5.01 /1 Lokale heffingen

2.448.278

2.960.630

3.533.470

3.607.222

3.654.638

3.703.136

PRD521 5.02 /1 Algemene uitkering

4.144.938

4.387.000

4.465.000

4.481.638

4.370.263

4.370.263

Baten

PRG5

5 Financierien en belastingen

PRD531 5.03 /1 Dividend

25.093

42.677

42.677

42.677

42.677

42.677

PRD541 5.04 /1 Financieringsfunctie

125.649

266.975

30.583

29.978

29.732

29.732

PRD551 5.05 /1 Overige algemene dekkingsmiddelen

12.164

0

0

0

0

0

PRD561 5.06 /1 Overhead

12.129

0

0

0

0

0

0

70.841

0

0

0

0

6.768.251

7.728.123

8.071.730

8.161.515

8.097.310

8.145.808

PRD511 5.01 /1 Lokale heffingen

-115.077

-148.725

-259.011

-264.249

-269.409

-272.345

PRD521 5.02 /1 Algemene uitkering

-63.166

-34.586

49.767

76.762

69.350

69.350

PRD593 5.11 /1 Saldo van baten en lasten na bestemming Totaal 5 Financierien en belastingen Lasten

PRG5

5 Financierien en belastingen

PRD531 5.03 /1 Dividend PRD541 5.04 /1 Financieringsfunctie PRD551 5.05 /1 Overige algemene dekkingsmiddelen PRD561 5.06 /1 Overhead

0

-3.730

-2.183

-2.157

-2.079

-2.144

-60.021

-261.341

-61.460

-78.062

-90.546

-74.441

0

-25.000

-25.000

-25.000

-25.000

-25.000

-1.928.455

-1.745.686

-1.693.120

-1.698.087

-1.788.921

-1.726.965

PRD571 5.07 /1 Heffing VPB

0

-750

-750

-750

-750

-750

PRD581 5.08 /1 Onvoorzien

0

-12.500

-12.500

-12.500

-12.500

-12.500

PRD593 5.11 /1 Saldo van baten en lasten na bestemming

-20.598

-215.089

0

0

0

0

Totaal 5 Financierien en belastingen

-2.187.317

-2.447.407

-2.004.257

-2.004.043

-2.119.855

-2.044.795

Gerealiseerd saldo van baten en lasten

4.580.934

5.280.716

6.067.473

6.157.472

5.977.455

6.101.013

39.915

449.052

6.915

6.915

79.769

6.915

Onttrekkingen

PRG5

5 Financierien en belastingen

PRD592 5.10 /1 Mutaties reserves algemene dekkingsmiddelen Stortingen PRG5

5 Financierien en belastingen

73

Exploitatie

Realisatie 2023

Begroting 2024 na wijziging

primaire begroting 2025

PRD592 5.10 /1 Mutaties reserves algemene dekkingsmiddelen

-123.000

-134.000

-134.000

-134.000

-90.000

-90.000

Mutaties reserves

-83.085

315.052

-127.085

-127.085

-10.231

-83.085

4.497.849

5.595.768

5.940.388

6.030.387

5.967.224

6.017.928

Gerealiseerd resultaat

Raming 2026

Raming 2027

Raming 2028

74

Geprognotiseerde balans per 31 december

ACTIVA Bedragen x € 1.000

Jaarrekening

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

2023

2024

2025

2026

2027

Vaste activa Immateriële activa Materiële activa Financiële activa

9

-

-

-

-

8.151

17.463

17.782

17.475

17.168

433

413

286

238

190

8.593

17.876

18.068

17.713

17.358

580

-491

-338

-

-

Uitzettingen met een looptijd < 1 jaar

1.467

1.504

1.201

1.150

1.195

Liquide middelen

3.423

569

923

875

981

-

215

185

125

241

Totaal vlottende activa

5.470

1.797

1.971

2.150

2.417

Totaal Activa

14.063

19.673

20.039

19.863

19.775

Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden

Overlopende activa

PASSIVA Bedragen x € 1.000

Jaarrekening

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

2023

2024

2025

2026

2027

Vaste passiva Eigen vermogen Resultaat begrotingsjaar

4.185

3.490

3.374

3.499

3.182

-

52

151

-377

-379

1.739

1.426

1.589

1.439

1.299

Vaste schulden met looptijd > 1 jaar

4.797

12.642

11.739

12.211

11.683

Totaal vaste passiva

10.721

17.610

16.853

16.772

15.785

Voorzieningen

Vlottende passiva Netto vlottende schulden met looptijd < 1 jaar

379

333

325

368

359

Overlopende passiva

2.963

1.730

2.861

2.723

2.631

Totaal vlottende passiva

3.342

2.063

3.186

3.091

2.990

Totaal Passiva

14.063

19.673

20.039

19.863

18.775

75

Paragrafen Lokale heffingen Beleid Publiekrechtelijke heffingen Hieronder treft u een beknopte uiteenzetting aan over de omvang van het huidige pakket aan belastingen en het beleid met betrekking tot de jaarlijks vast te stellen tarieven en kwijtschelding van belastingen. Tot slot zijn de effecten van dat beleid vertaald in een overzichtje van de woonlastenontwikkeling 2025 ten opzichte van 2024. Overzicht belastingen en heffingen Onroerendezaakbelastingen De onroerendezaakbelastingen zijn de belangrijkste gemeentelijke belastingen waarvan de opbrengst tot de algemene middelen behoort en dus naar eigen inzicht kan worden besteed. De mogelijkheid om onroerendezaakbelasting te heffen is vastgelegd in de Gemeentewet. De hoogte van de aanslagen is zowel afhankelijk van de waarde van een pand, zoals die elk jaar wordt bepaald op basis van de Wet waardering onroerende zaken (hierna: Wet WOZ), als van de door de raad vastgestelde tarieven. Er wordt onderscheid gemaakt tussen tarieven voor eigenaren van woningen, eigenaren van niet-woningen en gebruikers van niet-woningen. Toeristenbelasting De toeristenbelasting is een algemene verblijfsbelasting en daarmee een algemeen dekkingsmiddel. De mogelijkheid om toeristenbelasting te heffen is vastgelegd in de Gemeentewet.

De belasting is gebaseerd op de gedachte, dat binnen de gemeente personen verblijven, die daar niet woonachtig zijn, maar wel gebruik maken van de (algemene) gemeentelijke voorzieningen. De belasting kan dan ook worden gezien als een tegemoetkoming in de kosten van de gemeente voor de instandhouding van die voorzieningen. De belasting kent een tarief voor het houden van dagverblijf en een tarief voor het houden van nachtverblijf tegen vergoeding. Degene die verblijf biedt, is belastingplichtig en gerechtigd de belasting te verhalen op de persoon of personen die verblijf houden. Forensenbelasting De forensenbelasting wordt geheven van een natuurlijke persoon die voor hemzelf of zijn gezin op meer dan negentig dagen per kalenderjaar een gemeubileerde woning binnen de gemeente beschikbaar houdt (tweede woning). De mogelijkheid om forensenbelasting te heffen is vastgelegd in de Gemeentewet. Bijkomende eis is, dat diegene geen hoofdverblijf houdt binnen de gemeente waar de woning is gelegen. De belasting is gekoppeld aan de hoogte van de WOZ-waarde van de woning. Dat is dezelfde waarde die wordt gebruikt voor de onroerendezaakbelastingen. Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing is een bestemmingsheffing. De opbrengst vloeit niet naar de algemene middelen, maar dient ter dekking van de kosten van afvalinzameling en –verwerking van huishoudelijke afvalstoffen.

Het uitgangspunt is dat deze kosten inclusief de kosten van kwijtschelding volledig worden gedekt uit de opbrengst van de afvalstoffenheffing (100% kostendekking). In de tariefstelling wordt onderscheid gemaakt tussen een- en meerpersoonshuishoudens. Hiermee wordt invulling gegeven aan het principe “de vervuiler betaalt.” De mogelijkheid om afvalstoffenheffing in te stellen is vastgelegd in de Wet Milieubeheer. Rioolheffing De kosten voor het beheren en in stand houden van het rioolstelsel worden door middel van de rioolheffing verhaald op de gebruikers van woningen en niet-woningen die op dat stelsel (in)direct zijn aangesloten. De gemeente heeft naast de zorgplicht voor gemeentelijk afval- en hemelwater ook de zorgplicht voor grondwater. Ook voor de rioolheffing geldt dat dit een zogenaamde bestemmingsheffing is. De opbrengst van de rioolheffing, met als uitgangspunt 100% kostendekking wordt gebruikt om de voorzieningen, die dienen voor de uitvoering van genoemde zorgplicht, te bekostigen. De mogelijkheid om een rioolheffing in te voeren is vastgelegd in de Gemeentewet. Lijkbezorgingsrechten Op basis van deze belastingverordening worden rechten geheven voor het gebruik van de gemeentelijke

76

begraafplaatsen en de daarmee samenhangende diensten. Zowel het gebruik als de aard van de af te nemen diensten kennen veel verschijningsvormen, die in de bij de verordening behorende tarieventabel met naam en toenaam limitatief zijn opgesomd. Een recht is geen algemene belasting. Om een recht te mogen heffen dient er een individualiseerbare prestatie van de gemeente jegens de burger te staan. Daarnaast geldt dat de begrote bate van de rechten de begrote lasten niet mogen overstijgen (opbrengstlimiet). Leges Op 1 januari 2024 is de nieuwe Omgevingswet ingegaan. De Omgevingswet regelt alles voor de ruimte waarin we wonen en werken. Deze nieuwe wet bundelt en maakt regels eenvoudiger. Met behulp van 1 digitaal loket wordt het makkelijker om ruimtelijke projecten te starten. De diensten waarvoor leges worden geheven, zijn in de Legesverordening op samenhang geclusterd. • Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening; • Hoofdstuk 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning; • Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de Europese Dienstenrichtlijn. Onder Hoofdstuk 1 vallen met name de legestarieven voor diensten van Burgerzaken (paspoorten, rijbewijzen en huwelijksvoltrekkingen). Onder Hoofdstuk 2 vallen de legestarieven voor diensten die verleend worden onder de noemer ‘omgevingsvergunning’ (voorheen bouwvergunning).

Onder Hoofdstuk 3 vallen de legestarieven voor diensten die uitsluitend verleend worden aan ondernemers zoals de drank- en horecavergunning, de evenementenvergunning en de vergunning voor seksbedrijven. Tarieven en kwijtscheldingsbeleid In de Notitie Financieel Kader 2025-2028 is in algemeenheid bepaald, dat de tarieven van de belastingen, heffingen en rechten jaarlijks worden verhoogd met 2%. Er gelden echter uitzonderingen: - Voor de onroerendezaakbelastingen bedraagt die verhoging 2%. - Voor de rioolheffing, afvalstoffenheffing, lijkbezorgingsrechten en leges geldt dat een kostendekking van 100% wordt aangehouden. 1. Kwijtscheldingsbeleid Met het hanteren van een kwijtscheldingsregeling geeft de gemeente een deel van zijn burgers de mogelijkheid om voor een lagere belastingaanslag in aanmerking te komen. De ruimte om een eigen gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid te voeren is beperkt. De criteria waaraan kwijtscheldingsverzoeken getoetst worden, zijn op rijksniveau vastgesteld. Wel mogen gemeenten zelf bepalen van welke belastingen zij kwijtschelding verlenen en welk deel van de belastingaanslag wordt kwijtgescholden. De aanslagen onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing komen in principe voor kwijtschelding in aanmerking.

De gemeente Schiermonnikoog maakt gebruik van de ruimst mogelijke normen voor kwijtschelding, namelijk de 100% bijstandsnorm en de 100% AOW-norm. Ook bij de vermogenstoets wordt de ruimst mogelijke extra vermogensvrijstelling gebruikt. Het bedrag aan te verlenen kwijtscheldingen is geraamd op € 4.000.

77

2. Tarieven In de begroting staat jaarlijks een overzicht van de opbrengsten van de lokale heffingen, te weten de belangrijkste belastingen, rechten en heffingen (leges). Het tarief van iedere lokale heffing wordt in het najaar door middel van een apart raadsvoorstel vastgesteld. Met inachtneming van hetgeen hiervoor onder hoofdstuk 1 is gezegd over de beleidskaders waarbinnen in algemeenheid beslissingen worden genomen over tariefontwikkelingen, zijn hierna de precieze effecten daarvan voor het jaar 2025 ten opzichte van 2024 opgenomen.

Belasting soort

Tarief 2024

Tarief 2025

Mutatie 2025

OZB eigenaar woningen*

0,0983%

0,0942%

- 4,15%

OZB eigenaar niet-woning

0,2227%

0,2260%

1,50%

OZB gebruiker

0,1792%

0,1819%

1,50%

Forensenbelasting

0,2849%

0,2906%

2,00%

Toeristenbelasting Dagverblijf Nachtverblijf

€ 2,19 € 1,93

€ 2,23 € 1,97

2,00% 2,00%

Afvalstoffenheffing Eenpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden

€ 258,41 € 336,80

€ 263,50 € 343,50

1,97% 1,99%

Lijkbezorgingsrechten

Div.

Div.

2%

a. Vast bedrag: - 0 tot en met 50m3 -51 tot en met 250m3 -250m3 en meer

€ 28,94 € 58,00 € 146,24

€ 29,48 € 59,16 € 149,16

2,00% 2,00% 2,00%

b. Variabel bedrag: - per m3

€ 1,06

€ 1,08

2,00%

Rioolheffing

*De opbrengst onroerendezaakbelastingen wordt enerzijds beïnvloed door de WOZ-waardeontwikkeling en anderzijds door de tariefstelling. De verwachting op dit moment is, dat de waarde van de niet woningen nagenoeg ongewijzigd zal blijven ten opzichte van 2024. Voor woningen wordt een waardestijging verwacht van 5,90%. Besloten is om de WOZ-stijging voor woningen en voor bedrijven niet langer te compenseren door het verlagen van de tarieven. De tariefstijging volgt dus het algemene beleid van 1,5%.

78

3. Belastingopbrengsten 2025 Onderstaande tabel geeft een samenvatting van de voor het jaar 2025 begrote opbrengsten voor de belastingen, rechten en heffingen van de Gemeente Schiermonnikoog. Belasting soort

Begroting 2025 (opbrengst in €)

OZB eigenaar woningen

523.738

OZB eigenaar niet-woning

127.638

OZB gebruiker

91.515

Toeristenbelasting

2.363.547

Forensenbelasting

391.352

Afvalstoffenheffing

383.156

Rioolheffing

224.308

Lijkbezorgingsrechten

42.449

Leges

249.542

Stelpost minder leges omgevingswet

-15.000

Totaal

4.382.245

79

4. Kostendekking afvalstoffenheffing, rioolheffing, lijkbezorgingsrechten en leges De geraamde lasten en opbrengsten voor het jaar 2025 bedragen: Afvalstoffenheffing €

Rioolheffing €

Lijkbezorgingsrechten €

*Leges €

Toe te rekenen kosten:

298.146

165.846

25.735

156.861

Overhead

30.567

26.100

16.714

92.681

BTW

54.443

31.671

-

-

Totale kosten

383.156

224.308

42.449

249.542

Opbrengst heffingen

383.156

224.308

42.449

217.629

Onttrekking voorziening**

-

22.000

-

-

Stelpost minder leges omgevingswet Dekkingspercentage

-15.000 100%

100%

100%

79%

*Leges: We streven naar 100% kostendekking. Zoals in de beschrijving van de heffingen weergegeven, bestaat er nog veel onduidelijkheid over de leges. In de berekening is uitgegaan van de huidige situatie. Wel wordt er reeds rekening mee gehouden dat deze opbrengsten niet geheel haalbaar zijn. Daartoe is een stelpost opgenomen van € 15.000. Bij de indienen van de voorstellen in de raad zullen de nieuwe ontwikkelingen meegenomen worden hetgeen kan resulteren in een aangepaste begroting op dit terrein. ** Onttrekking voorziening rioolheffing: Net als voorgaande jaren onttrekken we in 2025 een bedrag aan de voorziening riolering om zo 100% kostendekking te bereiken. De verwachting is dat in 2026 deze onttrekking niet meer nodig is, vanwege dalende afschrijvingslasten.

80

5. Woonlastenontwikkeling een- en meerpersoonshuishoudens 2024-2025 Voor een beeld over de ontwikkeling van de woonlasten wordt in de regel onderscheid gemaakt tussen eigenaarbewoners en huurders en daarbinnen weer tussen één- en meerpersoonshuishoudens. Voor beide groepen geldt dat de woonlasten in ieder geval een resultante zijn van tariefontwikkelingen van de afvalstoffenheffing en rioolheffing. Voor de eigenaar-bewoner wordt dat aangevuld met de effecten van de tariefontwikkeling voor de onroerendezaakbelastingen. Het algemene beeld is dat over de hele linie de gemiddelde woonlasten stijgen, ten gevolge van de stijging van de tarieven rioolheffing en met name de tarieven afvalstoffenheffing. Woonlasten eigenaar-bewoner: Gemiddelde woonlasten eigenaar-bewoner

Eenpersoonshuishoudens

Meerpersoonshuishoudens

2025 €

2025 €

Schiermonnikoog

Onroerendezaakbelastingen eigenaar*

468

468

Afvalstoffenheffing

263

343

Rioolheffing*

79

205

Totaal

810

1.016

Gemiddelde woonlasten

2024

2024

Schiermonnikoog €

804

1.005

Ontwikkeling lokale belastingdruk 2024-2025

0,74%

1,09%

*Voor het jaar 2025 is uitgegaan van een gemiddelde WOZ-waarde van de woning van € 496.000. *Rioolheffing voor meerpersoonshuishoudens gebaseerd op een waterverbruik van 135 m3 per jaar en voor éénpersoonshuishoudens op 46 m3 per jaar. Woonlasten huurder: Gemiddelde woonlasten eigenaar-bewoner Schiermonnikoog

Eenpersoonshuishoudens 2025 €

Meerpersoonshuishoudens 2025 €

Afvalstoffenheffing

263

343

Rioolheffing*

79

205

Totaal

342

548

Gemiddelde woonlasten

2024

2024

Schiermonnikoog €

336

537

Ontwikkeling lokale belastingdruk 2024-2025

1,8%

2%

*Rioolheffing voor meerpersoonshuishoudens gebaseerd op een waterverbruik van 135 m3 per jaar en voor éénpersoonshuishoudens op 46 m3 per jaar. 81

6. Vergelijking woonlasten op basis van Atlas van de lokale belastingen Elk jaar publiceert het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (Coelo), een onafhankelijk onderzoeksinstituut verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen, de zogenoemde Atlas van de lokale belastingen. Dat Atlas geeft jaarlijks een overzicht van de heffingen van gemeenten, provincies en waterschappen, waaraan wij voor het jaar 2024 de onderstaande tabellen hebben ontleend. In die tabellen worden de gemiddelde woonlasten voor de eigenaar-bewoner en de huurder weergegeven, alsmede de provinciale en landelijke rangorde voor wat betreft de meerpersoonshuishoudens. In het verlengde daarvan hebben wij, zowel in relatieve als absolute zin, de afwijkingen ten opzichte van het Friese en landelijke gemiddelde weergegeven. Let wel: het gaat hierbij om de cijfers 2024. De cijfers 2025 zijn uiteraard pas in de loop van volgend jaar beschikbaar.

Woonlasten 2024 eigenaar – bewoner

Gemeente

Eenpersoons €

Meer persoons €

Rangorde provinciaal meer persoons-

Rangorde landelijk meer persoons-

Schiermonnikoog

842

979

16

171

Gemiddelde in Friesland

782

893

Gemiddelde Nederland

911

994

Verhouding t.o.v. Fries gemiddelde

Eenpersoons

Meer persoons

In procenten

7,6%

9,6%

In euro's

60

86

Verhouding t.o.v. landelijk gemiddelde

Eenpersoons

Meer persoons

In procenten

-/- 8,2%

-/- 1,53%

In euro's

-/- 69

-/- 15

De provinciale rangorde is in 2024 in vergelijking met 2023 iets gewijzigd. Van de 18 gemeenten binnen de provincie staat Schiermonnikoog op plek 16 (was 14). Nummer 1 heeft de laagste woonlasten (Ameland) en nummer 18 de hoogste (Achtkarspelen). Ook landelijk gezien is de rangorde in vergelijk met 2023 iets gewijzigd. De gemeente is gezakt van plek 126 naar 171. De ontwikkeling van de verhouding voor de éénpersoons-huishoudens ten opzichte van het Friese gemiddelde geeft een negatief beeld. Schiermonnikoog zit boven het Friese gemiddelde.

82

Woonlasten huurder 2024

Gemeente

Eenpersoons €

Meer persoons €

Rangorde provinciaal meer persoons-

Rangorde landelijk meer persoons-

Schiermonnikoog

388

525

11*

250**

Gemiddelde in Friesland

339

453

Gemiddelde Nederland

362

457

Verhouding t.o.v. Fries gemiddelde

Eenpersoons

Meer persoons

In procenten

14,45 %

15,9%

In euro's

49

72

Verhouding t.o.v. landelijk gemiddelde

Eenpersoons

Meer persoons

In procenten

7,18%

14,9%

In euro's

26

68

Ook voor de huurder met een meerpersoonshuishouden geldt dat de provinciale positie in 2024 iets gewijzigd is. Die daalt van 11 naar 14. Nummer 1 heeft de laagste woonlasten (Weststellingwerf) en nummer 18 de hoogste (Waadhoeke). De landelijke positie is wel verbeterd. Daar is de gemeente in de rangorde van “goedkoopste” gemeenten geklommen van plek 250 naar plek 230. *nummer 1 heeft de laagste woonlasten, nummer 18 de hoogste **nummer 1 heeft de laagste woonlasten en nummer 372 de hoogste Bron COELO Atlas van de lokale lasten 2024

83

Onderhoud kapitaalgoederen Wegen (zie ook thema 2.2) In 2025 herstraten we de volgende straat volgens het beheerplan wegen en paden 2023 – 2032: • Badweg tussen Noorderstreek en nr. 17 (plaatselijke en verharde bermen). We stellen de herinrichting van het van der Molenpad uit tot de ontwikkelingen gerealiseerd is. We richten het centrum van het dorp in als woonerf. Financiën, o.b.v. huidige MOP wegen: Jaarlijks wordt er € 105.421 gestort in de voorziening onderhoud wegen. Uw raad heeft op 18 april 2023 een wegenonderhoud plan 2023-2032 vastgesteld. Deze financiën zijn in de begroting 2024 verwerkt. Lichtmasten (zie ook thema 2.2) Beheer en onderhoud van de lichtmasten is onder regie van de OVEF uitbesteed aan CityTec. In beheerprogramma MOON is het onderhoudsprogramma voor de komende jaren inzichtelijk. In 2025 voeren we dagelijks onderhoud aan de lichtmasten uit en verledden we alle lichtmasten. We ronden een nieuw beheerplan openbare verlichting en elektrische installaties af. Financiën: Jaarlijks wordt een bedrag van € 7.500 gestort in de reserve openbare verlichting en wordt er € 952 aan rente toegevoegd. Onttrekkingen aan de reserve vinden plaats op basis van de planning van het huidige lichtmastenplan. De stand van de reserve openbare verlichting bedraagt per 1-1-2024 ongeveer € 114.000.

Openbaar groen (zie ook thema 2.4) De buitendienst werkt al jaren volgens het groenuitvoeringsplan. Jaarlijks besteden de medewerkers van de buitendienst meer dan 5.000 uren aan openbaar groen, zoals dat omschreven staat in het plan. Onder openbaar groen vallen ook posten die elders in de gemeentelijke begroting zijn ondergebracht, namelijk: • groene sportvelden; • onderhoud begraafplaats en begraven; • legen van de afvalbakken; • onderhoud straatmeubilair (banken/tafels); • bladruimen en vegen van de straten en bermen; • controle en onderhoud speeltoestellen; • controle watergangen; • ecologisch maaien; • aandacht voor biodiversiteit. In 2025 planten we nieuwe bomen om de waardevolle bomenstructuur te herstellen, nadat bomen waren weggevallen door storm of ziekte. We voeren de maatregelen uit die in het Bijenpact gemeente Schiermonnikoog zijn afgesproken. Ook gaan we verder met de bestrijding van invasieve exoten. We planten nieuwe hagen aan rond de vernieuwde ondergrondse afvalcontainers. Ten slotte zetten we het groenareaal in beheerprogramma BrutIS. Financiën: Voor het openbaar groen is er geen reserve of voorziening ingesteld, omdat dit reguliere, jaarlijkse kosten betreft. Jachthaven (zie ook thema 3.2) We houden de Waddenhaven op diepte door om de vier jaar te cutteren en in de tussenliggende jaren te ploegen. In 2025 wordt de Waddenhaven geploegd.

Begin 2025 voeren we fase 3 van groot onderhoud uit. We conserveren de meerpalen en plaatsen kathodische bescherming op de drijvende steigers en en de damwanden . Tenslotte ronden we een nieuw beheerplan voor Waddenhaven Schiermonnikoog af. Financiën: Reserve baggeren jachthaven Voor het baggeren van de jachthaven is er een reserve baggeren. Er wordt jaarlijks € 28.000 aan deze reserve wordt toegevoegd om zo te kunnen sparen voor toekomstige grote baggerwerkzaamheden. Voorziening jachthaven

84

- jaarlijks wordt € 21.000 gestort in de voorziening onderhoud jachthaven - in 2024 staat er voor € 8.385 aan onderhoud op het programma ten laste van deze voorziening. Riolering (zie ook thema 2.4) In 2025 voeren we een rioolinspectie uit in het hoofdriool. We koppelen waar mogelijk de afvoer van regenwater af van het hoofdriool, veelal in combinatie met wegonderhoud. Ook benutten we mogelijkheden om regenwater te bergen in de openbare ruimte om overlast bij hevige regenbuien te beperken. Daartoe plaatsen we ca. 40 infiltratiekolken om regenwater in de bodem te laten infiltreren in plaats van het af te voeren naar de rioolwaterzuivering. We laten een rioolinspectie uitvoeren en laten een nieuw rioleringsprogramma opstellen. Financiën: Toevoegingen en onttrekkingen worden per jaar bepaald aan de hand van baten en lasten riolering. Gebouwen (door de hele begroting) In de raadsvergadering van 17 mei 2022 is het DMJOP-gebouwen 2022-2031 besluitvormend behandeld in de raad. Dit onderhoudsplan is verwerkt in de begroting 2025. Financiën: Jaarlijks wordt voor onderhoud een bedrag van € 218.686 gestort in de voorziening onderhoud gebouwen.

Dit bedrag bestaat uit € 169.381 benodigde storting vanuit het DMJOP, € 36.000 voor storting scholen, € 8.305 voor Kittiwake en € 5.000 reservering voor interieur gemeentelijke gebouwen Het onderhoud voor 2025 wordt onttrokken aan de voorziening onderhoud gebouwen.

Meer-jaren onderhoudsplannen In de begroting 2025 en verder zijn de cijfers uit de volgende door het college of de raad vastgestelde beheer- en onderhoudsplannen verwerkt: Kapitaalgoederen

Jaren

MOP gemeentelijke gebouwen

2022-2031

MOP jachthaven

2017-2026

Onderhoudsplan veerdam

2017-2026

MOP riolering

2019-2027

MOP openbare verlichting (MOON)

2006-2010

Beheerplan wegen en paden

2023-2032

Groenbeheerplan

2008

Provincie Fryslân houdt toezicht op het duurzaam in stand houden van kapitaalgoederen, met name het voorkomen van achterstallig onderhoud. Een onderhoudsplan mag maximaal 5 jaar oud zijn. We werken daarom waar nodig aan de vernieuwing van de onderhoudsplannen.

85

Bedrijfsvoering Inleiding De organisatie van de gemeente Schiermonnikoog heeft als motto ´Wij zijn er voor u´; onze diensten leveren wij aan alle inwoners en gasten van ons eiland. - Wij zijn servicegericht en doen waar dat mogelijk is een extra stap voor onze inwoners en gasten. - Wij zijn gericht op het vinden van een oplossing; als iets niet kan, zoeken we met elkaar naar een mogelijk alternatief - Wij handelen zonder vooringenomenheid en onafhankelijk; gewoon integer. - Wij communiceren pro-actief, helder en duidelijk Onze uitgangspunten voor de gemeentelijke dienstverlening 1.

We voldoen aan de minimale wettelijke verplichtingen, niet minder én niet meer.

2.

We maken gebruik van handige en stevige samenwerkingsarrangementen in gezamenlijkheid met onze partners de Waddeneilanden (collectief en individueel) dan wel Noardeast-Fryslân en de gemeente Leeuwarden om de uitvoeringskosten zo beperkt mogelijk te houden, de continuïteit te waarborgen en de kwetsbaarheid te verminderen. We investeren pas in een nieuwe ontwikkeling op het moment dat landelijke en provinciale kaders helder zijn. Zo voorkomen we dat we energie verspillen aan plannen die mogelijk tot niets leiden.

3.

We stemmen onze dienstverlening af op de nieuwe ontwikkelingen die zich in de praktijk hebben bewezen, gaan geen ingrijpende reorganisaties uitvoeren en groeien organisch naar de nieuwe gewenste situatie.

4.

Bij ons personeelsbeleid houden we proactief rekening met leeftijdsopbouw binnen de organisatie en benutten we de kansen op de lokale (eilander) arbeidsmarkt zo goed mogelijk.

5.

We willen een organisatiecultuur waarbij we inwoners, gasten en anderen professioneel benaderen, servicegericht, integer en zakelijk.

6.

Wij streven ernaar alleen regels te stellen die wij ook kunnen en willen handhaven.

Uit te voeren activiteiten: 1.

Uitvoering geven aan de samenwerkingsafspraken met de Waddeneilanden, Noardeast-Fryslân, gemeente Leeuwarden en andere partners; gezamenlijk en individueel nieuwe ontwikkelingen bespreken

2.

De uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving toekomstbestendig maken. De introductie van de Omgevingswet vraagt daarbij om extra aandacht.

3.

De communicatie naar onze inwoners en gasten verder ontwikkelen. Wij gaan in samenspraak met anderen een nieuw participatiebeleid opstellen.

4.

De ontwikkeling van onze gemeentelijke organisatie als continu aandachtspunt te hebben vanuit continuïteit waarborgen en kwetsbaarheid zo klein mogelijk te houden; geheel en individueel

86

Samenwerkingsafspraken Waddeneilanden Op samenwerkingsniveau van de Waddeneilanden is een Gemeenschappelijke Regeling afgesloten en zijn de volgende speerpunten geformuleerd waarop wij gezamenlijk als Waddeneilanden optrekken: •

Leefbaarheid

•

Duurzaamheid

•

Openbare Orde (Kust)Veiligheid en Water

Brede welvaart (Goed Wonen en Leven, Toekomstbestendig Ondernemen en Ontwikkelen en Optimaal bereikbaar en Verbonden) en Duurzaamheid (Duurzame energie en Circulaire economie) hebben een vooraanstaande plek gekregen in het uitvoeringsprogramma van de GR Waddeneilanden en de hierop gebaseerde en toegekende Regiodeal. Voor het samenwerkingsverband de Wadden is een programma 2050 opgesteld. Binnen de Directieraad (het maandelijks overleg van de vijf wadden-gemeentesecretarissen) is bedrijfsvoering een belangrijk thema omdat deze onderwerpen zich bij uitstek lenen voor samenwerking en uitwisseling tussen eilanden. Het gaat daarbij o.a. om: •

ICT en zaakgericht werken

•

Inkoop en aanbesteding

•

Juridische expertise

•

Personeel en organisatie

•

Burgerzaken

•

Financiën

Samenwerking met Ameland: Op de volgende terreinen werken we samen met de gemeente Ameland: •

Onderwijs

•

Secretariaat bezwarencommissie

Samenwerking Noardeast-Fryslân De gemeente Schiermonnikoog heeft een dienstverleningsovereenkomst (DVO) met de gemeente NoardeastFryslân. Deze DVO’s hebben betrekking op het sociaal domein (WMO en sociale zaken) en (beleids-) ondersteuning op het gebied van financiën, belastingen en salarisadministratie. De dienstverleningsovereenkomst wordt zeer binnenkort geactualiseerd; over de diensten en de daarvoor te berekenen kosten zijn al afspraken gemaakt. Vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) Op basis van de nota handhaving ‘gelijke monniken, gelijke kappen’ wordt er sinds 2020 actief en gestructureerd gehandhaafd. Op grond van de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging zal de wijze waarop de VTH-taken worden uitgevoerd binnenkort worden aangepast. Dienstverlening aan onze inwoners, bedrijven en gasten In een continu proces met elkaar in de gemeentelijke organisatie werken aan een nog betere dienstverlening aan onze inwoners, bedrijven en gasten is ons uitgangspunt

87

Communicatie Bij elk voorstel nemen we de communicatie-afweging expliciet mee. Hiermee creëren we nog meer bewustwording binnen de organisatie ten aanzien van de actieve communicatie naar onze inwoners. Op deze manier zijn onze inwoners eerder hierover geïnformeerd en dat draagt bij aan nog meer transparantie. Ontwikkeling van de organisatie als geheel en individueel Werken aan de kwaliteit en continuïteit van onze kleine organisatie is een continu aandachtspunt. We zijn kwetsbaar in onze continuïteit, mocht iemand ziek zijn of anderszins afwezig, dan kunnen sommige werkzaamheden niet worden overgenomen door collega’s. Op ongeveer elk inhoudelijk terrein hebben we namelijk maar één of een parttime medewerker. Dankzij samenwerking met de eerder genoemde partners, proberen we dat zoveel mogelijk op te vangen. En als op deze manier iedereen operationeel is, kunnen we onze taken goed uitvoeren. Voor de inzet van tijdelijke capaciteit voor een project of tijdelijke klus, de zogenaamde flexibele schil rondom onze vaste formatie, hebben we vanaf 2023 een specifiek budget. Voor de toekomst zien we echter nog steeds een toename van wettelijk opgedragen taken die meer uitvoering gaan vragen. Het betreft hier taken die voortkomen uit nieuwe wetgeving, bijvoorbeeld de Omgevingswet, de privacywetgeving en de Wet Open Overheid.

Daarnaast wordt er op steeds meer terreinen gevraagd om verantwoordingsdocumenten en het voldoen aan steeds strengere eisen. Dat legt een groter beslag op onze bedrijfsvoeringscapaciteit. Samenwerken en zoeken naar slimme oplossingen blijft voor onze organisatie dus cruciaal. De werkdruk is hoog en begint zijn tol te eisen op de mentale en fysieke gezondheid van het personeel. Er zijn diverse verbeteringen mogelijk om de werkdruk te verlichten, efficiënter en effectiever te werken en meer ontspanning te brengen in de organisatie. Hiermee voorkomen we onnodige uitbreiding. Dit laat onverlet dat in een aantal hoeken de formatie niet op orde is. Hier zal enige uitbreiding nodig zijn. Om formatie-uitbreiding zoveel mogelijk te beperken gaan we volop inzetten op verbeteringen, zoals procesoptimalisatie, prioritering, herschikking taken, persoonlijke coaching, etc. Daar zal volop worden ingezet. Hiertoe wordt op dit moment gewerkt aan een koersdocument Organisatie- en Ontwikkelplan (2025-2027). Om onze dienstverlening op peil te houden en te blijven voldoen aan wettelijke verplichtingen ontkomen we er niet aan om onze formatie uit te breiden. Meerdere oorzaken dragen bij aan dit benodigde formatieherstel.

Onder andere extra wettelijke verplichtingen, toenemende complexiteit, decentralisatie rijkstaken Wij laten voorafgaand aan definitieve keuzes in formatieherstel een gedegen organisatie-onderzoek uitvoeren, gefinancierd met het hiervoor beschikbaar gesteld projectbudget. Bedrijfsvoeringskosten Hieronder wordt inzicht gegeven in de volgende bedrijfsvoeringsonderdelen: a.

Omvang, opbouw en ontwikkeling van het personeelsbestand en de loonkosten;

b.

Kosten van inhuur derden;

c.

Huisvestingskosten;

d.

Automatiseringskosten;

e.

Kosten voor de raad, de griffie, de rekenkamer en de accountant.

88

a. Omvang, opbouw en ontwikkeling van het personeelsbestand en de loonkosten Onderstaande tabel geeft de personeelslasten weer alsmede de ontwikkeling van de formatie Afdeling

Kosten in € 2025

Formatie 2025

Formatie 2024

5.500.10.0 Kostenplaats publiekszaken

898.873

11,77

11,53

5.600.10.1 Kostenplaats personeel beleidsteam

1.151.137

12,84

11,73

5.600.10.3 Kostenplaats personeel buitendienst

456.841

7,49

7,49

6.001.15.0 Burgemeester en wethouders

325.714

2,60

2,60

6.003.10.8 Burgerlijke stand

5.500

0

0

6.420.500 Exploitatie Samenwerkingsschool Yn de Mande

331.753

5,85

5.85

9.000.220 SPUK Tijdelijke regeling capaciteit dec. overheden voor klimaat- en energiebeleid

21.021

0,30

0,30

9.000.100 PAW project

40.000

0,60

0

Totaal

3.230.839

41,45

40,1

b. Kosten van inhuur derden: Soort inhuur

2025 €

2024 €

5.500.10.0 Kostenplaats publiekszaken

13.206

38.830

6.140.101 Openbare orde

29.000

29.000

6.140.151 Strandbewaking

20.720

20.000

6.420.500 Exploitatie samenwerkingsschool Yn de mande

106.346

134.768

6.922.152 Stelposten Flexibele schil

100.000

100.000

6.940.102 Heffingen belastingen

160.000

63.721

Totale inhuurkosten

429.272

386.319

Inhuur derden wordt gedefinieerd als: “het uitvoeren van werkzaamheden in opdracht van een bij de organisatie in dienst zijnde opdrachtgever, door een private organisatie met winstoogmerk, door middel van het tegen betaling inzetten van personele capaciteit en deskundigheid, zonder dat daar een arbeidsovereenkomst of aanstelling tussen de organisatie en de daarbij ingezette personen aan ten grondslag ligt. De inhuur van derden stijgt met name door de inhuur derden van Yn de Mande.

89

c. Huisvestingskosten: Product

2025

2024

5.200.15.3 Werkplaats

75.898

75.018

6.000.20.0 Overhead gemeentehuis

183.013

179.826

Totale huisvestingskosten

258.911

254.844

Product

2025

2024

6.001.10.6 Gemeenteraad (raadsapparatuur incl. rente en afschrijving)

16.103

25.641

6.000.10.0 Overhead ICT

416.262

402.443

Totale automatiseringskosten

432.365

427.904

Product

2025

2024

6.001.10.6 Gemeenteraad

194.722

183.608

6.006.10.6 Raadsgriffier

79.233

79.193

6.006.15.6 Raadsondersteuning (rekenkamer/commissies/accountant)

40.162

39.662

Totale kosten raad, griffie, rekenkamer en accountant

314.117

302.463

d. Automatiseringskosten:

e. Kosten raad, de griffie, de rekenkamer en de accountant

Collegeverklaring financiële rechtmatigheid De invoering van de collegeverklaring voor de financiële rechtmatigheid vindt plaats vanaf het jaar 2023. Het college van BenW heeft over 2023 voor het eerst zelf een verklaring voor de financiële rechtmatigheid afgegeven. De accountant geeft een verklaring af voor de getrouwheid en onderzoekt daarbij ook de getrouwheid van de collegeverklaring. De collegeverklaring heeft niet alleen betrekking op de financieel rechtmatige toepassing van de regels uit de verordeningen maar ook op de begrotingsrechtmatigheid en mogelijk misbruik door derden van gemeentelijke voorzieningen. Fraude, Misbruik en oneigenlijk gebruik In de kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV is het volgende opgenomen ten aanzien van het onderwerp fraude. “De accountant heeft een verantwoordelijkheid met betrekking tot fraude in het kader van de controle van de jaarrekening. Dit type fraudes omvat opzettelijke handelingen door één of meerdere personen binnen de gemeente, waarbij gebruik wordt gemaakt van misleiding teneinde een onrechtmatig of onwettig voordeel te behalen. Een voorbeeld is het betalen van valse facturen waarbij één of meerdere personen binnen de gemeente betrokken zijn. Dit type fraudes is een onderdeel van de getrouwheidsverklaring van de accountant en wordt daarom niet

90

opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. Als de gemeente deze fraude op een juiste manier heeft verwerkt in de jaarrekening, dan kan deze toegelicht worden in de paragraaf bedrijfsvoering, maar er is geen verplichting”. Naast fraude kan er sprake zijn van misbruik en oneigenlijk gebruik. In het dagelijks taalgebruik is het gebruikelijk misbruik en oneigenlijk gebruik ook als fraude te bestempelen, denk hierbij aan een term als ‘bijstandsfraude’ of aan ‘fraude’ met vergunningen. Dit type fraudes valt nadrukkelijk onder het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium. Het gaat hier om derden die misbruik maken van (gemeentelijke) regelingen.

91

Grondbeleid De ontwikkeling van de grondexploitaties is net als in 2024 voor 2025 nog onzeker. Daarom wordt hieronder aangegeven wat de verwachte ontwikkeling van de grondexploitaties zal zijn. De rentekosten, de bouwkosten en de kosten voor grond, weg en waterbouw stijgen verder in 2024 en waarschijnlijk vervolgens ook in 2025/. Er is nog steeds een tekort aan betaalbare woningen voor de beoogde doelgroepen, met name starters met 1 en 2 persoons- huishoudens en jonge gezinnen, in de gemeente Schiermonnikoog. Grondbeleid Onder gemeentelijk grondbeleid wordt verstaan “De door het bevoegd gezag te maken keuzen met betrekking tot de toepassing van het instrumentarium ten aanzien van grondverwerving, kostenverhaal en gronduitgifte”. In feite gaat het hierbij om aankoop, bouwrijp maken en verkopen van grond. In het verleden heeft de gemeente deze taken altijd zelf uitgevoerd. Dat lag ook wel voor de hand omdat de gemeente zelf een woningbedrijf exploiteerde. De taken waren doorgaans beperkt tot gronduitgifte voor woningbouw en bedrijventerrein. Dit zal in de toekomst ook zo blijven. In het verleden zijn gronden aangekocht rondom het dorp. Dit zijn potentiële locaties voor woningbouw. Voor het overige voert de gemeente geen actief beleid.

In specifieke gevallen kan het voorkomen dat particulieren de medewerking van de gemeente vragen om infrastructuur aan te passen als gevolg van hun projecten. In die gevallen zal tussen de initiatiefnemer en de gemeente worden vastgelegd onder welke voorwaarden de kosten zullen worden verrekend. Totaaloverzicht complexen Begin 2024 waren er 2 complexen in exploitatie. Dit is woningbouwlocatie Oost in Schiermonnikoog. Hier worden in totaal tussen de 25-30 woningen gerealiseerd. Het terrein is bouwrijp gemaakt en de 16 sociale huurwoningen zijn gerealiseerd. Ook Melle Grietjespad in Schiermonnikoog is in exploitatie. De bestaande manege is gesloopt, de vrijkomende grond zal weer als bedrijfsgrond worden uitgegeven. Bouwgronden in exploitatie (BIE)

BW 1/1/24

Afsluiting

Woningbouwlocatie Oost, Schiermonnikoog

448.239

31-12-2027

-62.395

31-12-2024

Melle Grietjespad Totaal

385.844

Het totale verwachte resultaat van het complexen Woningbouwlocatie Oost en het Melle Grietjespad bedraagt € 359.003 op basis van de eindwaarde. Echter de huidige ontwikkeling van woningbouwlocatie Oost voldoet niet meer aan de behoefte van de reeds eerder gememoreerde doelgroepen en zal worden heroverwogen. Heroverweging invulling woningbouwlocatie Oost; Op dit moment is een verkennend onderzoek opgestart naar een invulling die meer voldoet en meer recht doet aan de behoefte en het scheppen van mogelijkheden van het huisvesten voor de doelgroepen, starters met 1 en 2 persoonshuishoudens en jonge gezinnen. De eerdere ontwikkeling voorzag in een aanvulling op de reeds 16 gerealiseerde huurwoningen verder uit 8 stuks twee-kap woningen en 4 vrijstaande woningen, samen 12 woningen. In de heroverweging denken we meer passende woningen die aansluiten bij de doelgroepen. Dit kunnen kleinere of smallere rijwoningen zijn, BEBO woningen, zgn. beneden-bovenwoningen of kleinere tweekappers. Wij kijken veel meer naar de betaalbaarheid van de woningen en berekenen van hieruit de residuele grondwaarde. Hiervoor is een aanvullende marktverkenning nodig, wat kan de doelgroep werkelijk betalen en hoe groot moeten deze woningen dan in m2 gebruiksoppervlak zijn ? Voor deze opgaven zijn de eerste voorzichtige financiele verkenningen in beeld gebracht.

Het is nu de uitdaging en zoektocht een balans te vinden tussen de betaalbaarheid in relatie tot de grondexploitatie. We streven hier naar een neutraal resultaat, echter voor nu houden we een bandbreedte aan wat kan bewegen van een negatief resultaat van € 150.000,- tot een mogelijk positief resultaat van € 150.000,- op de eindwaarde van de grondexploitatie van het project.

92

Vooralsnog moeten nu eerst consensus worden bereikt over de stedenbouwkundig uitgangspunten en het beeldkwaliteitsplan. Vervolgens kan er een procedure voor een aanbesteding worden opgestart worden voor een bieding door meerdere ontwikkelende bouwers op deze grond. De gekoppelde voorwaarden hiervoor omvatten dan spelregels waarin de onder andere voorwaarden op gebeid van betaalbaarheid en woninggroottes. Onderbouwing verliesvoorzieningen Er zijn geen verliesvoorzieningen in 2024 opgevoerd. Voor 2025 in beginsel uitgaan van een neutraal resultaat profiel. Onderbouwing winstnemingen Met ingang van 2017 moeten gemeenten volgens het BBV tussentijds winst nemen bij grondexploitatiecomplexen volgens de Poc-methode, de Percentage of completion. Maatgevend is de realisatie tot en met het lopende jaar ten opzichte van het totaal van de kosten en opbrengsten van de grondexploitatie. In formule: % kostenrealisatie maal % opbrengstrealisatie is % poc.

Bouwgronden in exploitatie (BIE)

% POC

Totale winstneming

Reeds genomen

Geprognosticeerde winstneming 2025

Woningbouwlocatie Oost

16,5%

55.636

52.640

2.996

Melle Grietjespad

69%

14.689

0

14.689

70.325

52.640

17.685

Totaal

Begin 2023 is de grondexploitatie Woningbouw Oost, Schiermonnikoog geactualiseerd. Bij deze actualisatie is uitgegaan van een vertraging van de verkoop van de 8 2^1 kapwoningen en 4 vrije kavels. Alhoewel deze gronden al geruime tijd bouwrijp liggen, zijn er nog geen verkoopactiviteiten opgestart. Op basis van deze uitgangspunten is een poc percentage van 16,5% berekend, wat in 2025 leidt tot een geprognotiseerde winst van € 2.996. Bij de actualisatie van het complex Melle Grietjespad, Schiermonnikoog is als uitgangspunt genomen dat de betreffende bedrijfskavel zal worden verkocht. Het is echter nog de vraag of dit daadwerkelijk gerealiseerd kan worden. Wordt de kavel later verkocht, dan is het poc-percentage in 2025 0%. De geprognotiseerde winstneming van 2025 zal dan doorschuiven naar het jaar van daadwerkelijke verkoop. Risicoberekening en vorming reserves Er is geen vaste bestemmingsreserve gevormd voor eventuele risico’s binnen het grondbedrijf. Risico’s worden jaarlijks bepaald. Er kan bijvoorbeeld worden weergegeven wat het risico is van kostenstijging, rentestijging en uitblijven van de verkopen. Ook kan het zijn dat er in een bepaald complex een specifiek risico toe wordt gevoegd. Indien er risico’s in de grondexploitatie van toepassing zijn, worden deze beschreven in de paragraaf Weerstandsvermogen.

Overige gronden Overige gronden zijn veelal agrarische gronden die de gemeente in eigendom heeft. De boekwaarde van deze gronden is lager dan de marktwaarde. De gronden worden veelal verhuurd of verpacht. Opstart grondexploitatie De Oude Centrale Er zijn verkennende studies gemaakt met betrekking tot de herontwikkellocatie van De Oude Centrale, gelegen direct achter het Dorpshuis. Op dit moment worden studies gemaakt van de mogelijkheden hier woningbouw te realiseren in de huur. Een stedenbouwkundige visie moet hierover uitsluitsel geven. Tevens wordt gekeken naar de omgevingsmogelijkheden waarbij het beeldvormend karakter de straat, de mogelijkheden rondom het dorpshuis en het KNMR gebouw worden meegewogen.. In het laatste kwartaal van 2024 en doorlopend ion 2025 zal hierover meer duidelijkheid geboden kunnen worden. Voor de contigenten voor woningbouw kan hiervoor een beroep worden gedan op een speciale regeling die voor de gezamenlijke Waddeneilanden is toegekend door de Rijksoverheid.

93

Weerstandsvermogen en risicobeheersing In deze paragraaf zijn een inventarisatie van de weerstandscapaciteit, een inventarisatie van de risico’s, het beleid hierop en financiële kengetallen opgenomen. Tevens is een beoordeling van de verhouding tussen de kengetallen en de financiële positie opgenomen. Inzicht in de risico’s en de aanwezige weerstandscapaciteit is noodzakelijk om het weerstandsvermogen te beoordelen. Het doel is om zichtbaar te hebben dat we in staat zijn om optredende risico’s op te vangen zonder dat de publieke taken en voorzieningen in de knel komen. Het afdekken van de risico’s gebeurt deels via afgesloten verzekeringen en deels via het treffen van voorzieningen. De resterende risico’s inventariseren we in deze paragraaf. Per risico benoemen we de kans van optreden, de impact en duur. Hiermee ontstaat een gefundeerd beeld op de benodigde weerstandscapaciteit. De weerstandscapaciteit is het geheel van middelen waaruit tegenvallers bekostigd worden, zonder dat de begroting en het beleid (direct) aangepast moeten worden. Het weerstandsvermogen drukt de relatie uit tussen de aanwezige weerstandscapaciteit en de risico’s. Een exact sluitende begroting - waarbij het weerstandsvermogen nihil is - leidt tot een situatie waarbij iedere financiële tegenvaller een probleem vormt.

Om die reden is het wenselijk dat een gemeente beschikt over een adequaat weerstandsvermogen, waarbij een gezonde verhouding is tussen risico’s en weerstandscapaciteit. Het is een optelsom van alle elementen uit de gemeentefinanciën die daadwerkelijk kunnen worden ingezet om nietbegrote kosten te kunnen dekken. De beschikbare weerstandscapaciteit kan volgens het BBV bestaan uit: - de reserves (voor zover vrij besteedbaar); - de stille reserves (voor zover binnen één jaar verkoopbaar en voor zover verkoop de continuïteit van de uitvoering niet aantast); - de onbenutte belastingcapaciteit (tenzij wettelijk beperkingen zijn opgelegd of in het collegeprogramma anders is afgesproken); - nog niet ingevulde begrotingsruimte / nieuwe beleidsgelden; - de post onvoorzien. Het uitgangspunt voor het weerstandsvermogen is dat de incidentele weerstandscapaciteit voldoende moet zijn om de incidentele financiële risico’s te bekostigen en dat de structurele weerstandscapaciteit op een zodanig niveau moet zijn dat daarmee structurele financiële tegenvallers kunnen worden gedekt. Bij het bepalen van de beschikbare weerstandscapaciteit rekent de gemeente Schiermonnikoog alleen met de vrij besteedbare reserves. Redenen zijn dat de overige mogelijke onderdelen niet goed objectief zijn te meten of niet worden onderscheiden. Stille reserves worden per definitie niet gemeten.

Wat de onbenutte belastingcapaciteit is hangt mede af van wat politiek haalbaar is. En de begroting bevat geen posten voor niet ingevulde begrotingsruimte of nieuwe beleidsgelden. De structurele weerstandscapaciteit bedraagt € 12.500. Dit bedrag betreft de post onvoorzien. De beschikbare incidentele weerstandscapaciteit bedraagt € 1.482.960. Dit is het gecorrigeerde bedrag van de algemene reserve waar geen verplichtingen op rusten + overige vrij besteedbare reserves. Zie ook het onderdeel “Weerstandsvermogen” verderop in deze paragraaf. Uitgangspunt voor het weerstandsvermogen is dat: - de incidentele weerstandscapaciteit voldoende moet zijn om de incidentele financiële risico’s te bekostigen en - de structurele weerstandscapaciteit op een zodanig niveau moet zijn dat daarmee structurele financiële tegenvallers worden gedekt. Beleidsuitgangspunten weerstandscapaciteit en risico’s De begroting en de Algemene reserve De Programmabegroting is het kader voor onze jaarlijkse activiteiten. In deze begroting bepaalt de raad het budget voor de uitvoering van de programma’s. Als een risico zich voordoet, dan vangen we de effecten eerst in de lopende begroting op, alvorens een beroep te doen op de Algemene reserve. Is er sprake van structurele effecten, dan stellen we in de volgende Notitie Financieel Kader maatregelen voor om deze effecten op te vangen.

94

Verzekeringen Er zijn diverse verzekeringen afgesloten voor risico’s door claims van derden en schadegevallen. We werken schadepreventief, onder andere door voldoende onderhoud te plegen, het correct naleven van bestaande procedures en het goed gemotiveerd afhandelen van bezwaarschriften. Risico’s van achterstallig onderhoud zijn ondervangen door het opstellen van beheerplannen. Er zijn beheerplannen met daarbij horende budgetten voor wegen, groen, openbare verlichting, riolering en gebouwen. Alleen voor de veerdam ontbreekt nog een onderhoudsplan. Voorzieningen Er zijn voorzieningen getroffen voor risico’s en verplichtingen waarvan bekend is dat die zich voordoen en die we kunnen kwantificeren. Er zijn voorzieningen getroffen voor verplichtingen pensioen, onderhoud van gebouwen, riolering, onderhoud wegen, onderhoud jachthaven en dubieuze debiteuren. Risico-inventarisatie Voor de bepaling van het benodigde weerstandsvermogen is de risico-inventarisatie geactualiseerd.

De risicoinventarisatie heeft een aantal geïdentificeerde risico’s opgeleverd, die voldoen aan de volgende criteria: - risico’s met grote financiële gevolgen, - waarvoor de kans redelijk groot is dat deze zich ook daadwerkelijk manifesteren en - waarvan de oorzaken niet door de gemeente kunnen worden beïnvloed of waarvoor de gemeente nog niet in staat is geweest om passende beheersingsmaatregelen te treffen om de kans of het gevolg van het risico terug te dringen. Risico’s die al zijn afgedekt door verzekeringen en voorzieningen blijven buiten beschouwing. Uit de risico-inventarisatie zijn de hierna volgende risico’s in kaart gebracht. Daarbij is per risico aangegeven wat de maximale impact is als het risico zich voordoet en de daarbij behorende kans. De bandbreedte geeft het bedrag aan dat we per jaar aan risico lopen. De factor het aantal jaren dat dit risico zich voordoet. Onderwerpen (bedragen in €)

Bandbreedte

Factor

Impact

Kans

Kans x Impact

1

Sociaal Domein > jeugdzorg

100.000

4

400.000

10%

40.000

2

Langdurige ziekte

70.000

2

140.000

50%

70.000

3

LOC

500.000

1

500.000

50%

250.000

4

ICT de Wadden

120.000

1

120.000

50%

60.000

5

Omgevingswet

6

Project Aardgasvrije wijken

7

Meerjaren onderhoudsplannen

8

Beperkte arbeidsmarkt

9

Overig (waaronder leningen, garantstelling)

10

VVV Totaal risico

p.m. 3.700.000

1

3.700.000

5%

185.000 p.m.

200.000

50.000

1

1

200.000

50.000

50%

100.000

10%

29.276

10%

5.000 739.276

95

1. Sociaal Domein jeugdzorg We hebben een risico hiervoor opgenomen vanwege drie redenen: - De onzekerheid in de ontwikkelingen in het sociaal domein. Welke taken blijven bij de gemeente, welke gaan naar de provincie, wat voor gevolgen heeft dit voor de financien. - Wanneer een gezin op het eiland komt wonen, dat specifieke zorg nodig heeft, is het huidige budget jeugdzorg niet voldoende. - Dure woonaanpassingen zijn niet te voorzien. De ontwikkelingen en de vraag naar zorg met bijbehorende consequenties worden periodiek gemonitord. Overschrijdingen en onderschrijdingen worden verrekend met de reserve Sociaal Domein. De reserve sociaal domein bedraagt € 432.428 per 31-12-2025. Er is echter een risico dat de overschrijdingen niet kunnen worden gedekt uit die reserve, We achten die kans echter niet groot (10%).

2. Vervanging bij ziekte of langdurige afwezigheid In geval van ziekte van gemeentepersoneel geldt een doorbetalingsverplichting van het salaris. De kosten van vervanging als gevolg van ziekte komen voor rekening van de gemeente boven de reguliere loonkosten. Uiteraard wordt in geval van ziekte een adequate begeleiding geboden en de wetgeving conform de Wet verbetering Poortwachter uitgevoerd. Langdurige ziekte leidt in de meeste gevallen tot externe inhuur. Als die inhuur bijvoorbeeld een jaar nodig is, dan kunnen de kosten tot gemiddeld € 70.000 per ziektegeval oplopen. Dit risico wordt geschat op 20% gedurende 2 jaar. Dat betekent dat er een kans van 20% is, dat er zich een ziektegeval voor doet van 2 jaar lang.

3. LOC Voor het LOC is in 2023 door de raad akkoord gegeven voor de bouw. Bij het bepalen van de bouwkosten is rekening gehouden met een post onvoorzien van € 248.000. We hebben we aanvullend een risico opgenomen vanwege mogelijke onverwachte prijsstijging bouwkosten.

4. ICT de Wadden De ICT kosten nemen elk jaar toe. Door maatschappelijke ontwikkelingen nemen bijvoorbeeld de kosten van ICT beveiliging toe. We hebben geen keuze om de gevraagde extra bijdrage niet te betalen, anders lopen we namelijk het risico op veel hogere herstelkosten. We hebben echter geen inzicht in de ontwikkeling van deze kosten.

5. Omgevingswet De omgevingswet gaat per 1-1-2024 in. Deze wet heeft gevolgen voor de inkomsten leges, hiervoor is in de begroting 2025 een stelpost van € 15.000 minder inkomsten opgenomen. De wet heeft echter ook gevolgen voor werkprocessen, ICT etc. Er is nog niet verder uitgewerkt wat de financiële effecten van de invoering van deze wet zal zijn, daarom is een p.m. post opgenomen.

6. Project Aardgasvrije wijken (PAW) In 2022 is subsidie door het rijk verstrekt voor het Project Aardgasvrije wijken (PAW) van € 2,3 miljoen. Daarnaast wordt verwacht nog extra subsidie binnen te halen, dit resulteert in een project begroting van € 3,7 miljoen. Dit project is een groot project voor de gemeente. Daarom nemen we voor dit project als risico een gedeelte van onvoorziene kosten op van 5% van de projectbegroting.

96

7. Meerjaren onderhoudsplannen In de begroting 2024 en verder zijn de cijfers uit de volgende door de raad vastgestelde onderhoudsplannen verwerkt Plan

Looptijd

MOP gemeentelijke gebouwen

2022-2031

MOP jachthaven

2017-2026

MOP riolering

2019-2027

MOP openbare verlichting

2006-2010

MOP wegen

2023-032

Groenbeheersplan

2008

Wat nog ontbreekt, is het MOP veerdam Provincie Fryslân houdt toezicht op de ouderdom van de onderhoudsplannen. Een onderhoudsplan mag maximaal 5 jaar oud zijn. We werken daarom aan de vernieuwing van de onderhoudsplannen, het MOP wegen is in 2023 opgeleverd en een voorbeeld hiervan. De verwachting is dat de financiële uitwerking van oude plannen een minimaal effect zal hebben op de begroting 2024 en verder. Maar aangezien dit niet zeker, hebben we dit als risico met een pm post opgenomen. 8. Beperkte arbeidsmarkt Er is momenteel een tekort aan vakkundig personeel. Bij het ontstaan van een vacature kan dit ervoor zorgen dat de vacature niet of laat wordt ingevuld. In de tussentijd moet externe inhuur worden betaald. De kosten van externe inhuur zijn hoger dan van vast personeel. In de begroting is een budget opgenomen voor een flexibele schil van € 100.000. Het hier genoemde risico betreft kosten die niet gedekt kunnen worden uit dit budget.

97

9. Overig (waaronder leningen, garantstelling) Naast de hiervoor genoemde risico’s zijn er nog minder concrete risico’s te benoemen. We noemen hieronder alleen de garanties en leningen, maar ook bijv. schades vallen hieronder. Verstrekte leningen en garanties

Verstrekte leningen

Jaar verstrekt

Stand 3112-2024 (€)

Aflossing (€)

Stand 3112-2025 (€)

1

Stichting Veldsporten

2005

12.927

12.213

714

2

Dorpshuis Ons Centrum

2016

1215

1.208

1.215

3

Energiecoöperatie De Sintrale

2018

30.193

4.992

30.193

4

Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederland (SVN)

2018

155.737

7.502

155.737

5

Dorpshuis Ons Centrum

2020

23.704

2.514

23.704

6

Energiecoöperatie De Sintrale

2021

23.982

2.042

23.982

7

VVV

2024

25.000

5.000

20.000

35.471

237.287

Totaal verstrekte leningen

27.758

Verstrekt (€)

0

Garanties 1

Verstrekte garantie Yn'e Mande

45.000

Totaal verstrekte leningen en garanties

282.287

Risico 10%

28.228

Verstrekte leningen en garanties: De gemeenteraad heeft op 15 mei 2018 besloten garant te staan voor het financiële effect van een leerlingendaling tot een bedrag van € 45.000. Er zijn geen actuele signalen van de stichtingen/verenigingen, dat zij niet aan hun aflossingsverplichtingen zouden kunnen voldoen, of dat de gemeente zal worden aangesproken op haar garantstellingen. Voor de post overige, waar de leningen en garantstellingen ook onder vallen, wordt het risicobedrag vooralsnog ingeschat op 10% van het restantbedrag van de leningen en garanties per 31-12-2025, t.w. € 28.228.

98

Weerstandsvermogen De incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit de volgende reserves: Soort Reserve

Bedrag in €

Algemene Reserve

269.915

Reserve Eneco

808.601

Reserve sociaal domein

432.428

Reserve Toerisme

75.000

Totaal incidentele weerstandscapaciteit

1.585.944

Het saldo van de algemene reserve bedraagt eind 2025 € 269.915. Daarnaast zijn van de bestemmingsreserves vrij besteedbaar € 1.316.029. Dit telt ook mee voor de incidentele weerstandscapaciteit. De incidentele weerstandscapaciteit komt daarmee eind 2025 uit op € 1.585.944. Het voldoet aan ons financieel risico van € 739.276, zoals berekend in de risicoparagraaf. De bestemmingsreserves waaronder verplichtingen liggen (reserves lichtmasten, reserve resultaat riolering, baggeren jachthaven, duurzame energie, dekking afschrijving, wet open overheid en reserve projecten) mogen we niet mee nemen bij de bestemmingsreserves die vrij besteedbaar zijn. Hoe beoordelen we ons weerstandsvermogen? Het weerstandsvermogen geeft weer in hoeverre de beschikbare weerstandscapaciteit voldoende is om de geïnventariseerde risico’s (= benodigde weerstandscapaciteit) te kunnen afdekken, oftewel de mate waarin de gemeente Schiermonnikoog in staat is om de nadelige gevolgen van risico’s op te vangen. Weerstandsvermogen =

Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit

Er bestaan geen wettelijke normen voor de hoogte van het benodigde weerstandsvermogen. Gemeente Schiermonnikoog hanteert onderstaande waarderingstabel. Ratiowaarde

Waardering

> 2,0

Uitstekend

1,4 - 2,0

Ruim voldoende

1,0 - 1,4

Voldoende

0,8 - 1,0

Matig

< 0,8

Onvoldoende

Uitgaande van deze waarderingstabel betekent dit voor de gemeente Schiermonnikoog bij de stand van een incidentele weerstandscapaciteit van € 1.680.520 een ratiowaarde van 2,0. Hiermee is het weerstandsvermogen nog net “uitstekend”, maar wel lager dan bijvoorbeeld vermeld in de jaarrekening 2022 (4,8).

99

Financiële kengetallen Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van gemeenten. Deze kengetallen maken inzichtelijk over hoeveel (financiële) ruimte de gemeente beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of opvangen. Ze geven zodoende inzicht in de financiële weerbaar- en wendbaarheid van de gemeente. De kengetallen zijn gebaseerd op de primaire begroting. Het gaat om de volgende kengetallen: -

Netto schuldquote; Solvabiliteitsratio; Grondexploitatie; Structurele exploitatieruimte; Belastingcapaciteit;

1A: Netto schuldquote De netto schuldquote en Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen brengen in beeld in hoeverre de netto schulden zich verhouden tot de totale baten (inkomsten) van de gemeente. Hoe hoger het percentage, hoe meer externe financiering de gemeente heeft aangetrokken om de activiteiten (investeringen) te financieren.. Hoe lager het getal, hoe beter.

Netto schuldquote

Rekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

28%

110%

95%

119%

110%

De netto schuldquote stijgt in het jaar 2024. Dit betekent een verslechtering van de netto schuld quote. In 2024 wordt gestart met de bouw van de LOC. In de begroting is uitgegaan van een investeringskrediet van ruim € 9.000.000. De verwachting is dat in 2024 en 2025 hiervoor leningen voor moeten worden aangetrokken. In de begroting is een bijdrage vanuit de Regiodeal nog niet verwerkt, omdat nog onduidelijk is hoe hoog deze bijdrage zal zijn.. Een bijdrage verlaagt het benodigde investeringskrediet en de benodigde leningen. Hierdoor kan de netto schuld quote dalen. 1B: Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Om inzicht te krijgen in hoeverre sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven. Op die manier wordt duidelijk in beeld gebracht wat het aandeel van de verstrekte leningen is, en wat dit betekent voor de schuldenlast. De wijze waarop de netto schuldenquote gecorrigeerd voor de doorgeleende gelden wordt berekend is gelijk aan de netto schuldquote, met dien verstande dat bij de financiële activa ook alle verstrekte leningen worden opgenomen. Hoe lager het getal, hoe beter.

Netto schuldquote gecorrigeerd voor leningen

Rekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

52%

120%

93%

115%

109%

2: De solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio (= Eigen Vermogen / Totaal Vermogen) geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe weerbaarder de gemeente is. Harde normen voor de waarde die de solvabiliteit zou moeten hebben, zijn er niet. Zeker niet voor gemeenten. Veel van de activa van de gemeente zijn immers niet verhandelbaar.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Schiermonnikoog&id=f1bf2324-e2e1-4193-bb5f-fcd60cabbc1f