CConstaterende datSchiermonnikoog
Koppel je AI →
Document · PDF

B&W 04-02 - Bijl.1 - Water en rioleringsprogramma Schiermonnikoog 2026 - 2035

Raadsvergadering 20 januari 2026, gemeente SchiermonnikoogBij agendapunt: Ingekomen Stukken33.375 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

RAPPORT Water en rioleringsprogramma Schiermonnikoog 2026-2035 Klant:

Gemeente Schiermonnikoog

Referentie:

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

Status:

Definitief/01

Datum:

4 december 2025 Vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 16 december 2025

Open

HASKONING NEDERLAND B.V.

Koggelaan 21 8017 JN Zwolle Netherlands Water & Maritime Trade register number: 56515154 Telefoon: +31 88 348 65 00 E-mail: info@rhdhv.com Website: haskoning.com

Titel document: Ondertitel: Referentie: Uw kenmerk Status: Datum: Projectnaam: Projectnummer: Auteur(s):

Water en rioleringsprogramma Schiermonnikoog 2026-2035 BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001 446743 Definitief/01 4 december 2025 Water en rioleringsprogramma Schiermonnikoog BK2468 Marco de Kraker

Opgesteld door:

Marco de Kraker

Gecontroleerd door:

Gerard Buining (Schiermonnikoog)

Datum:

25 augustus 2025

Goedgekeurd door:

Gerard Buining (Schiermonnikoog)

Datum:

19 september 2025

Classificatie:

Open

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

ii

Open

Inhoud Samenvatting

1

1

Kader

6

1.1

Planvorm

6

1.2

Stedelijk waterbeheer

6

1.3

Gemeentelijke watertaken

7

2

Wat willen we bereiken?

9

2.1

Visie water- en rioleringsprogramma Schiermonnikoog

9

2.1.1 2.1.2 2.1.3 2.1.4 2.1.5

Omgevingsvisie op hoofdlijnen (wordt nog opgesteld) Aansluiten bij Global Goals Aansluiting bij Fries Bestuursakkoord Water en Klimaat Fryslân Klimaatbestendig 2050+ Integraal waterplan Schiermonnikoog

9 11 12 13 14

2.2

Procedure en planning

15

3

Beleid gemeentelijke watertaken

16

3.1

Afvalwatertaak

16

3.2

Hemelwatertaak

18

3.3

Grondwatertaak

22

3.3.1 3.3.2

Invulling grondwatertaak Verdroging

22 27

3.4

Oppervlaktewater en drinkwater

27

3.4.1 3.4.2

Oppervlaktewater Drinkwater

27 28

4

Van ambitie naar doelen: programma water en riolering

31

4.1

Ambitie

31

4.2

Doel: Doelmatig beheer van de waterketen

32

4.2.1 4.2.2 4.2.3

Beschermen van de volksgezondheid Kwaliteit waarborgen - effectief beheer Voorkomen van vuiluitworp naar bodem, grond- en oppervlaktewater

32 32 35

4.3

Doel: Klimaatadaptatief Schiermonnikoog in 2050

36

4.3.1 4.3.2 4.3.3

Wateroverlast Droogte Hittestress

36 38 38

4.4

Doel: Waterrobuust en duurzaam systeem

39

4.5

Doel: Betrokken en actieve mensen

39

4.5.1 4.5.2

Informeren en betrekken van inwoners en bedrijven bij werkzaamheden Minimale overlast voor de omgeving

40 40

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

iii

Open

4.6

Maatregelenprogramma water en riolering

41

4.6.1 4.6.2

Exploitatielasten Investeringen

41 41

5

Wat is daarvoor nodig?

42

5.1

Personele middelen

42

5.2

Financiële middelen

43

5.2.1 5.2.2 5.2.3

Algemeen Lasten Baten

43 43 44

Bijlagen Begrippenlijst Toelichting op het waterbeleid Rioolstelsel en externe overstorten Wat hebben we gedaan DoFeMaMe Grondwatermeetnet Landelijke Maatlat Mogelijke waterregels in het omgevingsplan Maatregelen en investeringsplan Kostendekkingsplan

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

iv

Open

Samenvatting Schiermonnikoog wil een gezonde en klimaatbestendige gemeente zijn We willen samen met onze inwoners en andere belanghebbenden werken aan een veilige, gezonde en klimaatbestendige leefomgeving en een toekomstbestendige waterketen. We doen dit doelmatig: tegen de laagst mogelijke maatschappelijke kosten en daar waar het effect het grootst is. Meerjarige doorkijk Dit Water- en rioleringsprogramma (Wrp) beschrijft hoe we de aankomende jaren (2026-2030) invulling geven aan onze gemeentelijke watertaken, de bekostiging daarvan en hoe het plan bijdraagt aan onze ambities. We vervullen onze wettelijke taken voor afvalwater, hemelwater en grondwater. Tevens leveren wij een bijdrage om binnen onze gemeente gelegen waterwinning (van Vitens) op een duurzame manier te beheren, zodat er voldoende schoon water beschikbaar blijft voor menselijk gebruik, landbouw en natuur, zonder dat deze overbelast (uitgeput) raken of vervuild worden. Dat kunnen we allemaal niet alleen; we doen het samen. Samen met onze inwoners en bedrijven en in afstemming met onze partners (Wetterskip Fryslân, Provincie Fryslân, Vitens en belangengroepen). Daarnaast willen we een stapje extra doen. De inwoners van onze gemeente moeten fijn kunnen (blijven) wonen, werken en leven. We anticiperen op klimaatverandering. Vanuit de gemeentelijke watertaken kunnen we een bijdrage leveren aan deze ambitie.

Hiertoe streven wij voor de komende periode de volgende doelen na: Doelmatig beheer van de waterketen Klimaatadaptatief in 2050 Waterrobuust en duurzaam systeem Betrokken en actieve mensen De opzet van het Wrp is gewijzigd ten opzichte van het voorgaande plan, te weten het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2018-2027. De reden is dat hiermee een betere aansluiting gevonden wordt bij de planvormen vallend onder de Omgevingswet. Met ingang van 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht, waarmee de planverplichting voor een GRP uit de Wet Milieubeheer vervallen is en plaatsgemaakt heeft voor een vormvrij programma. Gezien het abstractieniveau van de Omgevingsvisie, die parallel aan dit plan opgesteld wordt, is gekozen voor een tussenvorm: het Water- en rioleringsprogramma (Wrp). Dit Wrp is breder dan een regulier programma; het bevat beleidskeuzes op het gebied van water. Daarnaast worden de in het Omgevingsplan te verankeren regels behandeld (verplichtingen voor burgers en bedrijven worden in het Omgevingsplan opgenomen). Tot slot wordt in het Wrp ingegaan op wat daarvoor nodig is: de middelen, de ontwikkeling van de rioolheffing en de personele capaciteit. Dit plan heeft raakvlakken met de aansluitvoorwaarden die gelden voor de riolering.

Om deze reden vindt het bestuurlijk traject van voorliggend Water- en rioleringsprogramma gelijktijdig plaats met de Verordening eenmalig aansluitrecht riolering.

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

1

Open

Figuur 1 Westerplas - voormalige kwelder, nu zoetwaterplas

Een goede basis Uit de evaluatie van het huidige plan blijkt dat we de basis in beeld en op orde hebben; de kwaliteit van verschillende onderdelen van ons rioleringsstelsel is in orde. We houden daarom vast aan ons beheer en onderhoudsregime, zoals het periodiek reinigen van de riolering en kolken en het inspecteren van onze voorzieningen (pompen en riolen). Jaarlijks wordt voor de vervanging van vrijvervalriolering (al dan niet door een gescheiden stelsel) de komende tien jaar gemiddeld € 160.000 geraamd (inclusief relining). Doordat uit de inspectieronde van 2025 blijkt dat de kwaliteit van de vrijvervalriolering goed is, kunnen wij ons de komende periode meer concentreren op een middellange en lange termijn vervangingsprogramma. Daardoor is integraal werken mogelijk. Een groot deel van de geplande maatregelen hebben we de afgelopen jaren uitgevoerd of zijn momenteel in voorbereiding of uitvoering. De komende jaren zetten we in op de realisatie van maatregelen uit het afkoppelplan om de bebouwde kom klimaatbestendiger te maken en het vervangen van slechte riolen, te weten rioolvervanging van het gemengde stelsel in Torenstreek en Voorstreek en vervanging van riolen door een gescheiden stelsel in Paaslandweg en Nieuw Dokkum Noordoost. Grootschalige vervanging van gemalen is niet voorzien de komende jaren (uitgevoerd in 2024).

Planperiode 2026-2030: Doorgaan en stap voor stap naar een klimaatbestendige openbare ruimte Onze ambitie is een klimaatbestendige inrichting van de openbare ruimte in 2050. We zijn op de goede weg. De basis is op orde en we werken aan een klimaatbestendige openbare ruimte. We moeten en willen meer maatregelen nemen. In de bestaande omgeving doen we dit in stappen. En we liften waar het kan direct mee met kansen die zich voordoen, zoals rioolvervanging, wegreconstructies, herinrichtingen en andere ontwikkelingen. Bij ieder inrichtingsproject houden we rekening met klimaatadaptatie en werken we volgens de hemelwater-trits met de voorkeursvolgorde: (benutten en besparen) vasthouden en infiltreren, bergen en pas dan afvoeren van regenwater. We hebben een afkoppelplan op laten stellen waaraan we met subsidie uit de impulsregeling klimaatadaptatie uitvoering geven. Bij ruimtelijke ontwikkelingen staat het beleidsprincipe "Water en bodem sturend" centraal. Het betekent dat water en bodem de leidende factoren moeten zijn bij het plannen en ontwikkelen van gebieden, in plaats van deze factoren achteraf aan te passen aan menselijke activiteiten. Nieuwe aspecten zijn met name een nog duidelijkere afbakening van de (eigen) verantwoordelijkheden en de rol die perceeleigenaren zelf hebben ten aanzien van hemelwater (berging) en grondwater. Met het oog

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

2

Open

op klimaatverandering en de beschikbaarheid van voldoende en schoon drinkwater verhogen wij bij nieuwbouw en/of vervangende bouw de bergingseis naar 55 mm (55 liter per vierkante meter verharding).1 Daarnaast willen we de ingeslagen weg ten aanzien van het stimuleren en enthousiasmeren van onze inwoners continueren en uitbreiden. Dit geven we vorm door de bestaande regentonnenactie te verlengen (loopt nu tot eind 2026) en door bijvoorbeeld onze jaarlijkse Global Goals markt. Onderstaande tabel bevat een overzicht van de onderzoeken en maatregelen voor de periode 2026 tot en met 2035:

Investeringen riolering Het rioolstelsel moet onderhouden worden. We willen het systeem nu én in de toekomst op orde hebben en houden, zodat problemen in de openbare ruimte en voor de volksgezondheid tot een minimum beperkt worden. Daarnaast richten wij ons op een leefomgeving die in 2050 zo is ontworpen en ingericht dat ze bestand is tegen de effecten van klimaatverandering, zoals extreme regenval, hittegolven en droogte met als doel is om de leefbaarheid, veiligheid, en veerkracht van Schiermonnikoog te waarborgen, ook bij toenemende klimaatverandering (Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie). Het is dan ook belangrijk dat er voldoende inzet en middelen beschikbaar zijn voor de waterketen. Dit vraagt om investeringen. In totaal investeren we in de periode 2026 tot en met 2035 € 1,94 miljoen in de vervanging van onze riolering, pompen en gemalen, aanschaf van telemetrie en materieel (drukrioolreiniger), afkoppeling en klimaatadaptieve maatregelen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de benodigde investeringen. In het Wrp zijn deze investeringen nader onderbouwd. Vervanging en afkoppeling (krediet) Vervangen dwa Vervangen door gescheiden stelsel * Aanleg infiltratiekolken 40x Afkoppelen particulier verhard oppervlak * Investeringen overig Drukrioolreiniger (Rior) Vervangingen pompen en gemalen (mech/elec) Vervangingen pompen randvoorzieningen (mech/elec) Subtotaal

2026

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2033

2034

2035

134.000 67.000 40.000

536.000

402.000

20.000 50.000

20.000 45.000

20.000 45.000

20.000 45.000

20.000 45.000

20.000 45.000

20.000 45.000

10.000

10.000

10.000

10.000

10.000

10.000

10.000

50.000

45.000 17.000

8.000 112.000

241.000

586.000

402.000

80.000

75.000

92.000

187.000

120.000

75.000

1

83.000

Indien de Leidraad wegen van het Waterbelang van toepassing is op de ontwikkeling kan de compensatie eis hoger uitvallen. Meer informatie hierover bij Wetterskip Fryslân. 4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

3

Open

Met de riool- en waterzorgheffing financieren we de investeringskosten in afvalwater, hemelwater en grondwater. De gemeente streeft naar zo laag mogelijke maatschappelijke kosten. In 2025 bedraagt de riool- en waterzorgheffing voor een meerpersoons huishouden gemiddeld € 191,57, bestaande uit het vaste plus het variabele deel van de heffing2. Onderstaande figuur toont de gemiddelde ontwikkeling van de riool- en waterzorgheffing in de periode 2017 tot en met 2025 voor een meerpersoons huishouden (bron: Coelo.nl).

Om onze taken goed te kunnen (blijven) vervullen, de riolering tijdig te kunnen vervangen en om onze ambitie voor een klimaatbestendige openbare ruimte te kunnen realiseren, zal de rioolheffing jaarlijks moeten stijgen. De heffing van 2025 kan bevroren worden voor het jaar 2026. Vanaf 2026 is een constante jaarlijkse stijging van de rioolheffing benodigd van 2,5% plus jaarlijkse indexatie. Onderstaande tabel toont de ontwikkeling van de rioolheffing in de periode 2025 tot en met 2035.

Figuur 2 Gemiddelde rioolheffing 2025-2035 meerpersoons huishouden, exclusief jaarlijkse indexatie

2

Bron COELO.nl rioolheffing meerpersoons huishouden 2024 plus 2% tariefstijging voor 2025

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

4

Open

Gemeentelijke taken: uitbreiding van de personele bezetting en investeren in kennis Het aantal en de omvang van de gemeentelijke watertaken is de afgelopen jaren toegenomen. Ook worden ze steeds complexer. Rollen en taken veranderen. Er wordt daarom het nodige gevraagd van ons als organisatie, qua kennisniveau en ook qua competenties. De ideale personele bezetting op verschillende taakvelden beperkt risico’s en zorgt ervoor dat we taken tijdig en goed uitvoeren. De personele bezetting binnen het taakveld is beperkt. We anticiperen hierop door samen te werken en, daar waar nodig, externe capaciteit in te schakelen door inhuur of op projectbasis. De benodigde (additionele) kosten hiervoor zijn meegenomen in de berekening van de benodigde kostendekkende rioolheffing. Het is onvermijdelijk om in het Wrp gebruik te maken van vakjargon en begrippen. Deze woorden zijn direct in de tekst uitgelegd, dan wel weergegeven in de begrippenlijst die direct na de laatste pagina’s van deze rapportage te vinden is.

Figuur 3 Walter de Waterman - Walterswaterkaart

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

5

Open

1

Kader

1.1

Planvorm

Met ingang van 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht. Hiermee is de planverplichting uit de Wet Milieubeheer voor een Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) vervallen en heeft het plaatsgemaakt voor een facultatief programma3. Aangeraden wordt om de belangrijkste aspecten van de gemeentelijke watertaken en de bekostiging ervan planmatig vast te leggen. Het facultatieve programma is vormvrij (geen wettelijke voorschriften) en ook de naam is voor de gemeente vrij om te kiezen. Gezien het abstractieniveau van de Omgevingsvisie (hier ligt de basis voor de noodzaak van een plan of programma) is gekozen voor een tussenvorm: het Water- en rioleringsprogramma (Wrp). Dit Wrp is breder dan een regulier programma; er vinden beleidskeuzen voor water plaats vanuit de Omgevingsvisie. Daarnaast worden de in het Omgevingsplan te verankeren regels behandeld (verplichtingen voor burgers en bedrijven worden in het Omgevingsplan opgenomen). Tot slot wordt in het Wrp ingegaan op wat daarvoor nodig is: de middelen, de ontwikkeling van de rioolheffing en de personele capaciteit.

Figuur 4 Ontvlechting van het GRP (links) in de gemeentelijke omgevingsvisie, programma (water en riolering) en het omgevingsplan.

Momenteel beschikt Schiermonnikoog van rechtswege over een tijdelijk omgevingsplan. De gemeente heeft tot 2032 de tijd om de bruidsschatregels om te zetten in het dan definitieve omgevingsplan. Voor meer informatie hierover wordt verwezen naar bijlage 1-1. Het tijdelijke omgevingsplan is te benaderen via deze link: Omgevingsplan gemeente Schiermonnikoog | Lokale wet- en regelgeving. Ten tijde van het opstellen van voorliggend Wrp werkt de gemeente Schiermonnikoog aan de omgevingsvisie. Getracht is het Wrp zoveel mogelijk aan te laten sluiten bij de concept visie.

1.2

Stedelijk waterbeheer

Het stedelijk waterbeheer kent doelen op het gebied van volksgezondheid, waterkwaliteit en de (grond)waterhuishouding in de bebouwde omgeving. De gemeentelijke watertaken spelen hierbij een belangrijke rol. In voorliggend plan geven we invulling aan de gemeentelijke watertaken en werken we deze uit. Ook de nieuwe instrumenten van de Omgevingswet, zoals de omgevingsvisie en het omgevingsplan, spelen hierbij een belangrijke rol.

3 Omgevingsplan link: Wat merkt(e) u van de invoering van de Omgevingswet? - RIONED (riool.net)

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

6

Open

Stedelijk waterbeheer is meer dan afvalwater en riolering alleen. De gemeentelijke watertaken hebben betrekking op: vuilwater; hemelwater; en grondwater. 4 Deze taken hebben bovendien een relatie met andere gemeentelijke taken en maatschappelijke vraagstukken, zoals het beheer en de inrichting van de openbare ruimte, de woningbouwopgave, het bewaken en versterken van ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid, het anticiperen op en omgaan met de toenemende kans op weersextremen, bodemdaling, de energietransitie, het verbeteren van de waterkwaliteit, een toekomstbestendige drinkwaterproductie (leveringszekerheid) en het versterken van de biodiversiteit. Het hoofddoel van de riolering is om afvalwater uit gebouwen en de gebouwde omgeving te verwijderen en om hemelwater te verwerken. Daarmee wordt contact met vuilwater voorkomen en worden gezondheidsen overlastrisico’s voor bewoners en gebruikers beperkt. De riolering vormt een omvangrijk systeem en het in stand houden ervan kost geld. Met het inzamelen en transporteren van vuilwater en (overtollig) hemelwater en grondwater dragen riolering, het (grond)watersysteem en de inrichting van de buitenruimte bij aan de leefbaarheid in de dorpen en steden. Wateroverlast, stank, milieuvervuiling en droogte worden hiermee zoveel mogelijk beperkt.

Als bijlage 5-1 is het Maatregelen en investeringsplan van de mechanische en vrijverval riolering toegevoegd (resultaat van de inspectieronde). Hiermee wordt zowel vanuit kwantitatief als vanuit kwalitatief oogpunt inzicht verkregen in de aanwezige voorzieningen. De benodigde middelen voor de uitvoering van de gemeentelijke watertaken worden bijeengebracht door het (op grond van de Gemeentewet) opleggen van een riool- en waterzorgheffing door de gemeente aan inwoners en bedrijven. In hoofdstuk 5 wordt de ontwikkeling van de riool- en waterzorgheffing bepaald om nu en in de toekomst kostendekkend te blijven.

1.3

Gemeentelijke watertaken

De gemeentelijke watertaken spelen een belangrijke rol binnen het stedelijk waterbeheer. Deze taken richten zich op huishoudelijk en bedrijfsmatig afvalwater, hemelwater en grondwater. De gemeentelijke watertaken raken aan verschillende andere gemeentelijke taken in het fysieke domein en aan de taken van het waterschap (Wetterskip Fryslân). De gemeentelijke watertaken blijven ook onder de Omgevingswet onverkort van kracht. De gemeentelijke watertaken hebben inhoudelijk een sterke samenhang met de taken van het waterschap voor het zuiveren van stedelijk afvalwater en die van de waterbeheerder voor het regionale watersysteem (het waterschap of Rijkswaterstaat). De gemeentelijke watertaken zijn: ▪ de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater; ▪ de inzameling en de verwerking van afvloeiend hemelwater; ▪ het treffen van maatregelen in de openbare ruimte bij structurele problemen van de grondwaterstanden. Naast de klassieke gemeentelijke watertaken noemt de Omgevingswet nog twee taken die in bijzondere gevallen toegedeeld zijn aan gemeenten, te weten: het beheer van watersystemen, in het geval dat de provincie dit specifiek aan de gemeente heeft toegedeeld. En de zuivering van stedelijk afvalwater, in het geval dat het waterschap en de gemeente dit om doelmatigheidsredenen zijn overeengekomen.

Een belangrijk principe van de Omgevingswet is dat elk bestuursorgaan bij de uitoefening van zijn taken en bevoegdheden rekening houdt met de taken en bevoegdheden van andere bestuursorganen en zijn taken en bevoegdheden zo nodig met deze andere bestuursorganen afstemt. Dit betekent concreet dat we het waterschap vroegtijdig betrekken in plannen en projecten en vice versa. 4

Naast de drie formele watertaken heeft de gemeente een rol ten aanzien van (de kwaliteit van) oppervlaktewater en drinkwater, zie hoofdstuk 3.4.

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

7

Open

Er is een grote beleidsvrijheid voor met name de omgang met huishoudelijk afvalwater in het buitengebied en voor de omgang met overtollig hemelwater en grondwater. Om die reden leggen we in voorliggend plan vast op welke wijze we hier invulling aan geven, zodat het voor inwoners en bedrijven duidelijk is wat zij van de gemeente kunnen verwachten en waar hun eigen verantwoordelijkheden liggen. In bijlage 1-1 zijn de gemeentelijke watertaken, inclusief oppervlaktewater en drinkwater nader toegelicht. Wetterskip Fryslân is betrokken geweest bij het opstellen van dit Water- en rioleringsprogramma en de totstandkoming van de overkoepelende Omgevingsvisie in 2025. Wetterskip Fryslân heeft een reactie opgesteld naar aanleiding van het concept plan. Op basis van deze reactie is het Ontwerp Water en rioleringsprogramma opgesteld.

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

8

Open

2

Wat willen we bereiken?

2.1

Visie water- en rioleringsprogramma Schiermonnikoog

“Schiermonnikoog wil samen met haar inwoners en andere belanghebbenden werken aan een veilige, gezonde en klimaatbestendige leefomgeving en een toekomstbestendige waterketen.” De gemeente Schiermonnikoog is een samenwerkende organisatie die in haar handelen bijdraagt aan een duurzame en klimaatbestendige toekomst. Zij staat voor een toekomstbestendige waterketen, waarbij nu reeds geanticipeerd wordt op (toekomstige) veranderingen. Dit kan de gemeente niet alleen; om dit te realiseren wordt samengewerkt met de (water)ketenpartners in Fries Bestuursakkoord Waterketen (Friese gemeenten, provincie Fryslân, Wetterskip Fryslân en Vitens), binnen Samenwerkingsverband De Waddeneilanden en met bedrijven, inwoners en gasten van de gemeente. De visie in het Wrp sluit aan bij c.q. is een nadere uitwerking van de richting van de concept Omgevingsvisie, die op zijn beurt opgesteld is op basis van de doelstelling om een duurzaam, zelfstandig en economisch gezond eiland te zijn met als aspecten: duurzaam wonen, duurzaam ondernemen en duurzame leefomgeving (link: Visie, ambitie en projecten | Gemeente Schiermonnikoog).

2.1.1

Omgevingsvisie op hoofdlijnen (wordt nog opgesteld)

De omgevingsvisie is een document waarin de gemeente haar lange termijn doelen en ambities voor de leefomgeving beschrijft. Hierin staat bijvoorbeeld waar we in de toekomst huizen willen bouwen, welke plannen we hebben voor de economie, hoe we met recreatie om willen gaan, en hoe het landschap er in de (nabije) toekomst uit moet zien. De omgevingsvisie is geen gedetailleerd plan, maar een document dat de grote lijnen van het beleid aangeeft. Het helpt de gemeente om alle plannen op elkaar af te stemmen en samenhang te creëren.

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

9

Open

Het Water- en rioleringsprogramma is, als één van de Programma’s, parallel aan en in samenhang met de Omgevingsvisie Schiermonnikoog opgesteld. Het betreffen ‘groeidocumenten’ die, net als de samenleving, steeds mee veranderen. Daarom zullen we de Omgevingsvisie (en het programma) waar nodig steeds een beetje bijstellen. Bindende (water)regels worden verankerd in het Omgevingsplan. Gemeenten krijgen tot 1 januari 2032 de tijd om het tijdelijke deel van het omgevingsplan (huidige omgevingsplan van rechtswege) en andere regels over de fysieke leefomgeving om te zetten naar een nieuw Omgevingsplan. Voor meer informatie en concept regels wordt verwezen naar bijlage 4-1.

Belangrijke richtinggevende aspecten in de Omgevingsvisie op hoofdlijnen die relevant zijn voor het Wrp zullen zijn: Gezondheid. streven naar een woonomgeving die prettig is om in te leven en die groen en klimaatbestendig is. Duurzaam en circulair. (ook) op termijn geen zware belasting leggen op onze leefomgeving en geen problemen doorschuiven naar volgende generaties. Daarom zullen we in onze visie inzetten op een duurzame ontwikkeling. Schiermonnikoog heeft een ambitieuze doelstelling: we willen een duurzaam en zelfvoorzienend eiland zijn. Dit doen we samen met eilanders, gasten, bedrijven, overheden en maatschappelijke organisaties. Met elkaar maken we werk van een Dursum Eilaun. In onze visie zijn we een ‘gezonde’ en veilige gemeente, waar iedereen kan wonen, werken en verblijven (recreëren) in een prettige omgeving en zich daar veilig voelt. Ook hebben we aandacht voor minder verharding (extra groen) en ruimte voor waterafvoer en -berging om klimaatbestendig te zijn in de toekomst. Groen draagt niet alleen bij aan klimaatadaptatie, maar ook aan de biodiversiteit, beleving, spelen, ontmoeten en bewegen. We maken daartoe ruimtelijke keuzes die het beste passen bij ons bodem- en watersysteem, de kwaliteit van de natuur en de bereikbaarheid. De bodem en het watersysteem vormen daarbij een belangrijk uitgangspunt.

Waar mogelijk kiezen we bij nieuwe ontwikkelingen voor locaties die vanuit water en bodem het meest geschikt zijn. Tegelijk kiezen we voor het realiseren van ruimte voor groen en water, zodat we op termijn bestand zijn tegen de gevolgen van klimaatverandering. Ook de bestaande woonomgeving willen we transformeren met meer groen, water en ruimte voor recreëren (afkoppelplan). Water en bodem sturend als uitgangspunt voor ruimtelijke ontwikkelingen Als gemeente kiezen we ervoor om het provinciale doel van water en bodem sturend nog sterker te maken. We bouwen alleen nog op plekken waar het watersysteem op termijn geen knelpunten geeft of waar we een goed en duurzaam watersysteem en groen kunnen realiseren. Klimaatbestendige en waterrobuuste kernen, bedrijventerreinen en landelijk gebied We willen een klimaatbestendige en waterrobuuste gemeente zijn, waarbij groen zo veel mogelijk bijdraagt aan het opvangen van hittestress en het voorkomen van wateroverlast en droogte. Dit gaan we doen door de maatlat gebouwde omgeving toe te passen. Voor het water kiezen we voor acties in de volgende stappen: eerst benutten en besparen, dan vasthouden, bergen en infiltreren en pas daarna het afvoeren van water. Onze gebouwen zijn klimaatbewust, met zonnepanelen of wateropvang op de daken en groene openbare ruimte.

Op dit moment wordt al gewerkt aan het vergroenen van de kern en het duurzaam maken van bebouwing. We vangen regenwater op en gebruiken dit of laten het infiltreren in de bodem. Buiten de bebouwde omgeving versterken we het watersysteem voor vasthouden, bergen en besparen. Zo zorgen we dat we in 2050 weerbaar zijn voor zoetwatertekorten. 4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

10

Open

We sluiten hiermee aan bij de visie ‘Fryslân Klimaatbestendig 2050+’ van Wetterskip Fryslân en Provincie Fryslân: water en bodem sturend maken in de ruimtelijke inrichting. De ruimtelijke ordening moet weer de logica van het landschap volgen in plaats van technische maatregelen te gebruiken om alles mogelijk te maken.

Figuur 5 Deltaplan ruimtelijke adaptatie: wateroverlast en overstromingen, hitte, droogte (verzilting, gewasschade, verontreiniging en afname biodiversiteit), bron: https://www.fryslan.frl/fryslan-klimaatbestendig-2050

2.1.2

Aansluiten bij Global Goals

Door de Verenigde Naties zijn de 17 Global Goals (duurzame ontwikkelingsdoelen) vastgesteld voor de periode tot 2030. De 17 mondiale doelen raken direct aan maatschappelijke opgaven van de gemeenten zoals het terugdringen van ongelijkheid, maatschappelijke integratie, kwaliteit van de leefomgeving, energie en klimaat en transparant, effectief en participatief bestuur. De Global Goals bieden een uitstekend kader om de samenhang tussen bestaande uitdagingen zichtbaar te maken en de inzet voor verduurzaming te versterken. Gemeenten kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan het behalen van de Global Goals vanuit hun rol als beleidsmaker, investeerder, verbinder, facilitator en katalysator voor duurzaam gedrag bij burgers, bedrijven en instellingen. De gemeente Schiermonnikoog heeft de Global Goals omarmd en ook binnen de gemeentelijke watertaken is dit een belangrijk thema. Afgesproken is dat duurzaamheid een rode draad vormt bij alles wat we doen.

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

11

Open

De Global Goals die betrekking hebben op een gezonde, klimaatbestendige, waterrobuuste en uitnodigende woonomgeving zijn: Goal 3 Goede gezondheid en welzijn, Goal 6 Schoon water (en sanitaire voorzieningen), Goal 11 Duurzame steden en gemeenschappen, Goal 13 Klimaatactie (adaptieve maatregelen in stedelijk gebied) Goal 14 Leven onder water Goal 15 Leven op het land

Figuur 6 De 17 Global Goals (Sustainable Development Goals)

2.1.3

Aansluiting bij Fries Bestuursakkoord Water en Klimaat

De Friese waterpartners werken samen binnen het Fries Bestuursakkoord Waterketen. In het Fries Bestuursakkoord Water en klimaat 2021-2025 (FBWK/3) zijn de gezamenlijke kaders en plannen geformuleerd om een water- en klimaatbewust Fryslân te realiseren. Hierin speelt het DPRA een grote rol. De Friese Klimaatatlas is binnen het FBWK ontwikkeld en zal de komende jaren worden doorontwikkeld. Tevens is het doel om met een gezamenlijke aanpak het water‐ en klimaatbewustzijn onder de inwoners en overige stakeholders te vergroten. Hiervoor is er een communicatieprogramma opgesteld met de volgende thema's: 1. Wateroverlast 2. Droogte/hittestress 3. Voldoende en schoon zoet water 4. Het vergroten van de biodiversiteit Het FBWK-3 streeft er tevens naar om de samenwerking te vergroten tussen alle partijen die zich inzetten voor klimaatadaptatie.

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

12

Open

2.1.4

Fryslân Klimaatbestendig 2050+

(Water en bodem sturend in de ruimtelijke inrichting van Fryslân) Leidende principes voor de blauwe omgevingsvisie Om deze uitdagingen voor de lange termijn het hoofd te bieden zijn acht leidende principes geformuleerd. Deze principes vormen de denkrichtingen waarlangs de toekomstvisie per deelgebied is opgesteld: 1. Een veerkrachtig bodem en watersysteem, dat een goede basis vormt voor een duurzame zoetwaterbalans in heel Fryslân, dat een omslag mogelijk maakt van water afvoeren naar water vasthouden, en beter kan omgaan met extreme omstandigheden. Daarbij hoort ook dat we leren omgaan met de risico’s van wateroverlast en droogte; 2. Meer gebiedseigen zoet water beschikbaar (grond- én oppervlaktewater); Het automatisme dat we jaarrond voor waterinlaat kunnen rekenen op het IJsselmeer als onze nationale regenton, kan veranderen. Het is belangrijk hier nu al op te anticiperen, en dat we toewerken naar een provincie waarin we lange periodes met droogte kunnen opvangen; 3. Niet afwentelen op toekomstige generaties, op andere gebieden, of van privaat naar publiek en vice versa. Het betekent dat we bij investeringen tijdig en voldoende rekening houden met klimaatverandering; 4. De bodemvitaliteit verbetert; we zetten in op herstel, behoud en verbetering van de chemische en biologische bodemkwaliteit; zo bevorderen we het watervasthoudend vermogen en de biodiversiteit; 5.

De waterkwaliteit verbetert; dit is essentieel voor herstel van natuurwaarden en biodiversiteit, voor de landbouw en voor de recreatie; 6. We waarborgen waterveiligheid via het meerlaagsveiligheid-principe (robuuste primaire keringen, toekomstbestendige ruimtelijke inrichting, adequate crisis- en risicomanagement); 7. Circulair (CO2 vastleggen, energietransitie, grondstoffen en materialen); 8. Partnerschap, omdat we de uitdagingen alleen samen met alle betrokkenen aan kunnen gaan.

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

13

Open

2.1.5

Integraal waterplan Schiermonnikoog

Wetterskip Fryslân, Vitens en de gemeente hebben gezamenlijk een integraal waterplan opgesteld. De ambitie is om Schiermonnikoog toekomstbestendig te maken: een duurzaam, veerkrachtig en zelfvoorzienend eiland, ook op het gebied van drinkwater en zoetwaterbeschikbaarheid. Uit het rapport Toekomstbestendig Schiermonnikoog (Sweco, juli 2024) blijkt dat de beschikbaarheid van zoet water de grootste bedreiging vormt. De stijgende zeespiegel als gevolg van klimaatverandering speelt hierin een belangrijke rol, ondanks dat het nog niet duidelijk is in welke mate zeespiegelrijzing zich ontwikkelt. Ook andere klimaateffecten, zoals hitte, droogte en wateroverlast, beïnvloeden het eiland. Het watersysteem van Schiermonnikoog moet daarom tijdig worden aangepast aan deze veranderende omstandigheden. Schiermonnikoog blijft alleen leefbaar als er voldoende zoet water beschikbaar is. Het Integraal Waterplan laat zien hoe het watersysteem van Schiermonnikoog zo robuust gemaakt kan worden dat alle functies ook in de toekomst in hun waterbehoefte kunnen blijven voorzien. Het Integraal Waterplan Schiermonnikoog heeft als belangrijkste doel inzicht te geven in de maatregelen die nodig zijn om de zoetwaterbel op het eiland te behouden en duurzaam te benutten. Het plan richt zich op het waarborgen van voldoende (zoet) water voor drinkwater, landbouw, natuur, bewoning, recreatie en toerisme.

De maatregelen uit het integraal waterplan zijn overgenomen in voorliggend water- en rioleringsprogramma, voor zover deze direct betrekking hebben op het taakveld water- en riolering (watertaken) en deze bekostigd kunnen worden uit de riool- en waterzorgheffing.

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

14

Open

2.2

Procedure en planning

Voor een korte beschrijving wat we de afgelopen jaren gedaan hebben en waar we nu staan, wordt verwezen naar bijlage 2-2. De huidige situatie vormde het startpunt voor het opstellen van voorliggend Water- en rioleringsprogramma. We hebben onze waterpartners en inwoners betrokken. We hebben er voor gekozen om het participatietraject onder te brengen bij de totstandkoming van de Omgevingsvisie. Een omgevingsvisie gaat in op de samenhang tussen ruimte, water, milieu, natuur, landschap, verkeer en vervoer, infrastructuur en cultureel erfgoed. De omgevingsvisie is de paraplu van dit programma. Voorliggende Water- en rioleringsprogramma is een nadere invulling van de visie. Om die reden bestaat de participatie van dit plan enkel uit de ter inzage legging. Het Ontwerp Water- en rioleringsprogramma heeft van 23 oktober tot en met 3 december 2025 ter inzage gelegen in het gemeentehuis. Het Ontwerp programma was tevens te raadplegen op de website van de gemeente en via het digitale publicatieblad op officielebekendmakingen.nl. Er zijn geen zienswijzen binnengekomen. Wetterskip Fryslân is betrokken bij het proces door hen mee te laten praten en lezen bij het opstellen van dit groeidocument. De input van de waterpartners is gebruikt om het ontwerpplan op te stellen. Het formele bestuurlijke proces van het Wrp is voorzien in de laatste maanden van 2025.

Daarbij worden de concrete plannen (uitvoeringsprogramma) ten aanzien van de gemeentelijke watertaken en de verwachte ontwikkeling van de kostendekkende rioolheffing nader toegelicht en bestuurlijk besproken met als doel een formele vaststelling eind 2025. Een exemplaar van het definitieve (vastgestelde) plan wordt naar de provincie, waterschap en Vitens verzonden.

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

15

Open

3

Beleid gemeentelijke watertaken

In dit hoofdstuk wordt het beleid van de gemeente Schiermonnikoog ten aanzien van de afvalwater-, hemelwater- en grondwaterzorgplicht beschreven. Daarbij is rekening gehouden met ‘Water en bodem sturend’; het nieuwe motto voor alles wat met ruimtelijke inrichting te maken heeft. Schiermonnikoog werkt ten aanzien van het Taakveld water en riolering volgens de landelijke gebruikelijke methodiek, waarbij de volgende kernwaarden worden gehanteerd: 1: doelmatige inzameling van het binnen het gemeentelijk gebied geproduceerde afvalwater 2: doelmatig omgaan met de inzameling van hemelwater 3: doelmatig transport van het ingezamelde afvalwater naar een geschikt lozingspunt 4: voorkomen van vuiluitworp naar bodem, grond- en oppervlaktewater 5: minimale overlast voor de omgeving 6: effectief rioleringsbeheer 7: invulling geven aan de grondwaterzorgplicht 8: informeren en betrekken van inwoners en bedrijven Voor een nadere toelichting en specificatie wordt verwezen naar bijlage 1-1. In bijlage 3-1 zijn de kernwaarden van de watertaken voor Schiermonnikoog uitgewerkt in functionele eisen, concrete maatstaven en meetmethoden. We borduren voort op de huidige werkwijze en uitgangspunten. In hoofdstuk 3.4 wordt aangegeven hoe Schiermonnikoog invulling geeft aan haar informele drinkwaterzorgtaak en hoe zij in positieve zin bijdraagt aan de (oppervlakte)waterkwaliteit.

Herziene Europese Richtlijn Stedelijk Afvalwater De herziene Europese Richtlijn Stedelijk Afvalwater (2024 vastgesteld) omvat een pakket aan maatregelen dat moet leiden tot een betere bescherming van de waterkwaliteit en de volksgezondheid in Nederland en Europa. Elke lidstaat moet binnen drie jaar een nationaal uitvoeringsprogramma voor de richtlijn hebben opgesteld. De richtlijn vraagt in ieder geval aandacht voor het ontwerp, de constructie en het onderhoud van afvalwatersystemen. Die moeten worden uitgevoerd in overeenstemming met de beste technische kennis zonder dat deze buitensporige kosten met zich meebrengt. De richtlijn noemt expliciet aandacht voor het volume en de kenmerken van stedelijk afvalwater, voor preventie van lekkage, infiltratie en foutaansluitingen en voor beperking van vervuiling van ontvangende oppervlaktewater door overstorten en hemelwateruitlaten. Daarnaast gaat de richtlijn in op de aanwezigheid van voldoende sanitaire voorzieningen, in het bijzonder voor kwetsbare groepen (in relatie tot de sustainable development goals). De herziene richtlijn heeft gevolgen voor de gemeentelijke watertaken, wat en hoe precies is nog onduidelijk.

Stichting RIONED gaat daarom in een concretiseringsslag op zoek naar antwoorden op de vragen zoals wat staat er al in de Nederlandse wet, wat is er nieuw met de invoering van de herziene richtlijn, wat doen we al, wat is er extra nodig, en op welk schaalniveau?

3.1

Afvalwatertaak

Schiermonnikoog staat voor een toekomstbestendige waterketen. Voor de afvalwatertaak betreft het een doelmatige inzameling en transport van het stedelijke afvalwater (huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater, eventueel gemengd met hemelwater en/of grondwater), dat vrijkomt bij de binnen het grondgebied van de gemeente gelegen percelen (Omgevingswet, artikel 2.16 lid 2). Alle percelen, inclusief vakantiehuizen, openbare toiletten, etc. zijn aangesloten op de riolering. Incidentele nieuwbouw wordt aangesloten op de bestaande riolering of drukriolering. In de gemeente Schiermonnikoog zijn gemengde, deels gescheiden rioolstelsels en drukriolering aanwezig.

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

16

Open

Bij nieuwe uitbreidingsplannen wordt een rioolstelsel ontworpen om te zorgen voor een doelmatige inzameling en transport van afvalwater. Uitbreidingsplannen zullen overeenkomstig het beleid van Wetterskip Fryslân worden voorzien van een gescheiden rioolstelsel, waarbij schone oppervlakken zoveel mogelijk rechtstreeks zullen lozen. Bij een gescheiden afvoer zal de afvoer van regenwater, dat op verhard oppervlak valt, rechtstreeks plaatsvinden op oppervlaktewater of waar mogelijk worden geïnfiltreerd in de bodem. Zodoende wordt geen relatief schoon water naar de RWZI verpompt. Alle kosten die gelieerd zijn aan de nieuwe aansluiting en/ of alternatieve voorziening zijn voor de initiatiefnemer en/ of worden gefinancierd vanuit de grondexploitatie. Een alternatieve voorziening dient eenzelfde graad van milieubescherming te hebben als een zuivering technisch werk (aan te tonen door initiatiefnemer). 5 Schiermonnikoog wil ruimte bieden voor initiatieven met nieuwe sanitatie indien dit bijdraagt aan de Global Goals én niet conflicteert met de ligging van een deel van de gemeente in drinkwaterwingebieden van Vitens. In de Aansluitverordening Schiermonnikoog is vermeld dat elk perceel waar afvalwater vrijkomt moet worden aangesloten op het openbaar riool. Als er geen openbaar riool beschikbaar is, wordt in overleg met de gemeente een alternatieve oplossing gezocht.

Indien een alternatieve voorziening wordt toegepast én het een oppervlaktewater lozende voorzieningen betreft, is het waterschap bevoegd gezag. Het waterschap heeft haar regels vastgelegd in Waterschapverordening Wetterskip Fryslân, artikel 2.29 (zuiveringsvoorziening huishoudelijk afvalwater, link). Voor bodemlozende voorzieningen is de gemeente bevoegd gezag. Oppervlaktewater en bodemlozende en oppervoorzieningen komen in de huidige situatie niet voor op Schiermonnikoog. De vigerende regels zijn opgenomen in het (tijdelijke) Omgevingsplan gemeente Schiermonnikoog, subparagraaf 22.3.8.3. In bijlage 4-1 zijn mogelijke waterregels (denkrichtingen) opgenomen die te zijner tijd in het omgevingsplan verankerd kunnen worden. Op het moment dat de bestaande infrastructuur in het buitengebied aan het einde van de technische levensduur is, zal de gemeente in overleg met het waterschap een nieuwe afweging maken over het invullen van de zorgplicht voor afvalwater in het buitengebied. Voor bedrijfsafvalwater geldt dat de gemeente afvalwater dat qua biologische afbreekbaarheid vergelijkbaar is met huishoudelijk afvalwater inzamelt. Ook ander bedrijfsafvalwater dat niet lokaal kan worden teruggebracht in het milieu wordt ingezameld, tenzij dit ten koste gaat van het doelmatig functioneren van de vuilwaterriolering of de rioolwaterzuivering.

In dat geval weigert de gemeente nieuwe aansluitingen van bedrijven en/ of beëindigt zij bestaande aansluitingen. Ten aanzien van de afvalwatertaak komen de denkrichtingen uit de Omgevingsvisie samen in de zes kernwaarden (zie bijlage 3-1): ▪ Doelmatige inzameling van het binnen het gemeentelijk gebied geproduceerde afvalwater (1) ▪ Doelmatig transport van het ingezamelde afvalwater naar een geschikt lozingspunt (3) ▪ Voorkomen van vuiluitworp naar bodem-, grond- en oppervlaktewater (4) ▪ Minimale overlast voor de omgeving (5) ▪ Effectief rioleringsbeheer (6) ▪ Informeren en betrekken van inwoners en bedrijven (8)

5

Voor meer informatie hierover wordt verwezen naar bijlage 1-1: Inzameling en transport stedelijk afvalwater

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

17

Open

3.2

Hemelwatertaak

De gemeente is verantwoordelijk voor inzameling van afstromend hemelwater van percelen waarvan de eigenaren (redelijkerwijs) niet zelf kunnen voorzien in het vasthouden, bergen (op of in de bodem) en/ of de afvoer daarvan naar oppervlaktewater (Omgevingswet, artikel 2.16 lid 1a-1). Voor de hemelwaterzorgplicht hanteert de gemeente de volgende uitgangspunten: - Afstromend hemelwater is in principe schoon genoeg om zonder behandeling in het milieu terug te brengen; - Perceeleigenaar is primair verantwoordelijk voor de verwerking van hemelwater op eigen terrein; - Gemeente bepaalt tot wanneer redelijkerwijs van de perceeleigenaren gevraagd kan worden om zelf hemelwater te verwerken (infiltreren, tijdelijk bergen); - Vervolgens bepaalt de gemeente via welke voorziening het hemelwater doelmatig kan worden ingezameld. Schiermonnikoog streeft naar een klimaatbestendige en waterrobuuste leefomgeving in 2050, conform het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA). DPRA is een Nederlands programma dat zich richt op het uiterlijk in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust maken van steden en dorpen. Uitgangspunt is samenwerking tussen overheden, bedrijven en inwoners. Het plan omvat maatregelen om de gevolgen van klimaatverandering te beperken op het gebied van overstromingen, wateroverlast, hitte en droogte.

In het buitengebied (waar alle percelen aangesloten zijn op drukriolering) moeten perceeleigenaren hemelwater doelmatig verwerken, dat geldt zowel voor de bestaande situatie als bij nieuwbouw: hemelwater afkomstig van daken en/ of perceelverharding mag niet aangesloten zijn op het drukrioolstelsel. In de kern (bebouwde kom) is bij vergunningplichtige nieuwbouw en inbreidingen het uitgangspunt hemelwater binnen de perceelgrens te benutten, bergen en/ of te infiltreren, gescheiden aan te leveren, naar oppervlaktewater af te voeren en/of binnen het plangebied te bergen: de gemeente accepteert geen afwenteling van hemelwater bij bouwinitiatieven. We hanteren hiervoor in landelijk en stedelijk gebied de Landelijke Maatlat ten aanzien van wateroverlast (zie link6 en bijlage 3-3). Hemelwater wordt gescheiden van afvalwater en zoveel mogelijk op eigen terrein benut en/of geïnfiltreerd. Indien dit niet mogelijk is, wordt het afgevoerd naar infiltratievoorzieningen of oppervlaktewater (conform de trits ‘(benutten en besparen) vasthouden en infiltreren, bergen, afvoeren). In volgorde van voorkeur, combinaties zijn mogelijk: 1. Buizenstelsel voor droogweerafvoer, hemelwater benutten en/ of infiltreren op eigen grond en/of afvoeren en opvangen via openbaar terrein (goten, greppels, wadi’s). Bij afkoppelen bij voorkeur het hemelwater zichtbaar afvoeren. 2.

Gescheiden systeem met centrale infiltratie; 3. Verbeterd gescheiden systeem met afvoer van 1 mm (= 0,1 poc) neerslag via droogweerafvoer; 4. Gemengd stelsel (in incidentele gevallen bij kleine inbreidingen).

6

Maatlat groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving - Klimaatadaptatie: https://klimaatadaptatienederland.nl/hulpmiddelen/overzicht/maatlat-groene-klimaatadaptieve-gebouwde-omgeving/ 4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

18

Open

Hemelwaterberging bij nieuwbouw Bij nieuwbouw (ook vervangende bouw) wordt altijd gescheiden gerioleerd. De perceeleigenaar/ ontwikkelaar is verantwoordelijk voor de infiltratie of berging van hemelwater op eigen perceel (en/ of binnen de ontwikkellocatie). Bij ruimtelijke ontwikkeling dient rekening gehouden te worden met de gevolgen voor het beheer van watersystemen. Bij deze zogeheten ‘weging van het waterbelang’ (voorheen Watertoets) moet de waterbeheerder betrokken worden bij het inschatten van de gevolgen voor het watersysteem. Met het oog op klimaatverandering bedraagt de minimale bergingseis 55 mm bij nieuwbouw en/ of vervangende bouw. Indien dit in de praktijk niet mogelijk blijkt te zijn, kan de gemeente (gedeeltelijk) ontheffing verlenen. De waterberging wordt in zo’n geval elders geregeld en de kosten hiervan komen ten laste van de initiatiefnemer/ ontwikkelaar. Het is belangrijk om de gemeente en het waterschap vroegtijdig in de planvorming te betrekken.

Wateroverlast Wat is acceptabel? Onder normale omstandigheden kunnen gemengde riolen en regenwaterriolen het hemelwater inzamelen, bergen en afvoeren. Bij hevige neerslag is de capaciteit onvoldoende om al het water te verwerken, dan kan er water op straat blijven staan. Afhankelijk van de omvang, de diepte van plassen/ waterschijf en de duur van ‘water-op-straat’, is er sprake van hinder of overlast. Hinder moet soms geaccepteerd worden, zeker met het oog op klimaatverandering zal het vaker voor kunnen komen dat water-op-straat optreedt. De gemeente wil niet-acceptabele situaties zoveel mogelijk voorkomen; gezien de klimaatverandering is het nu zaak om hierop te anticiperen middels het treffen van klimaatadaptieve maatregelen. Aangezien de rioolvervangingscyclus lang is, dient deze benadering bij iedere ingreep in de openbare ruimte meegenomen te worden. Hiervoor treft zij maatregelen waar deze tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten mogelijk zijn. Er kunnen altijd extreme buien vallen waarbij sprake is van overmacht.

Schiermonnikoog spreekt van (regen- en/of afval) wateroverlast indien: ▪ afvalwater (als gevolg van een storing of calamiteit huizen of gebouwen instroomt; ▪ afvalwater afkomstig uit een gemengd rioolstelsel langer dan 4 uur op straat staat dit stinkt en/ of er toiletpapier en andere visueel waar te nemen verontreinigingen in aanwezig zijn (risico voor de volksgezondheid); ▪ water via de straat huizen en/ of gebouwen instroomt; ▪ afvalwater overloopt uit toiletten op begane grond niveau (retourstroom); ▪ water langer dan 4 uur hinder oplevert voor het verkeer (gemotoriseerd, fietsers en voetgangers), dan wel doorgaande (ontsluitings)wegen gedurende meer dan 2 uur blokkeert; Wanneer water-op-straat niet tot wateroverlast leidt, is het binnen grenzen acceptabel. Incidenteel mag er water-op-straat staan bij verkeersknooppunten en het mag vaker voorkomen dat er water-op-straat staat bij woningen, maar niet ín een woning. Op Schiermonnikoog komt incidenteel waterhinder voor. Dit leidt over het algemeen niet tot noemenswaardige problemen en overlast (geen schade): ‘water op straat, maar niet op het laminaat’ Bewoners accepteren water-op-straat wanneer het extreem regent of geregend heeft en dit incidenteel optreedt, maar acceptatie is aan grenzen gebonden.

Waar deze grens ligt en in welke gevallen er sprake is van hinder of overlast hangt enerzijds af van de frequentie en locatie van water op straat en anderzijds van de gevolgen.

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

19

Open

Inwoners moeten (leren) accepteren dat er als gevolg van klimaatverandering vaker sprake kan zijn van hevige neerslag en dat dit gepaard kan gaan met waterhinder. Voorbeelden van hinder zijn: water op straat, onder drempelniveau (dat niet of slechts in beperkte mate stinkt en/of geen of in beperkte mate verontreinigingen achterlaat), ondergelopen achterpaden of tuinen. Dit kan overlast worden wanneer de hinder meerdere uren aanhoudt. Schiermonnikoog heeft de meest urgente knelpunten ten aanzien van wateroverlast aangepakt. Met het oog op klimaatverandering is het niet uit te sluiten dat er nog zwaardere buien voorkomen. De ambitie is dan ook om zoveel mogelijk verhard oppervlak (indien doelmatig) af te koppelen. Daartoe heeft de gemeente een afkoppelplan opgesteld. Een deel van de maatregelen is reeds uitgevoerd. De gemeente zet zich de komende jaren in om ook de resterende maatregelen uit dat plan te realiseren, waarvoor zij gebruik kan maken van de beschikbaar gestelde subsidiegelden uit de impulsregeling klimaatadaptatie.

Door autonoom af te koppelen (niet door de aanleg van gescheiden riolering, maar door het afgekoppelde water bovengronds te leiden naar voorzieningen/locaties waar het kan infiltreren) wordt het gemengde riool minder belast en wordt na afkoppeling van circa 30% verhard oppervlak niet alleen aan bui 08, maar ook aan bui 09 (beperkte mate water op straat) voldaan.

Dit sluit aan bij het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie met het doel om in 2050 gezamenlijk een robuuste en klimaatadaptieve inrichting gerealiseerd te hebben. Daarnaast wordt hiermee bij nieuwbouw invulling gegeven aan ‘Water en bodem sturend’ en de Landelijke Maatlat, onderdeel Wateroverlast (link7). Ten aanzien van de hemelwatertaak komen de Omgevingsvisie en het Fries bestuursakkoord water en klimaat samen in de vijf kernwaarden (zie bijlage 3-1): ▪ Doelmatig omgaan met de inzameling van hemelwater (2) ▪ Voorkomen van vuiluitworp naar bodem, grond- en oppervlaktewater (4) ▪ Minimale overlast voor de omgeving (5) ▪ Effectief rioleringsbeheer (6) ▪ Informeren en betrekken van inwoners en bedrijven (8) De volgende figuur toont de maximale waterdiepte in bebouwd gebied bij een bui van 60 mm in een uur. Met uitzondering van aan de randen van het bebouwd gebied en enkele laagtes, is de waterdiepte relatief beperkt gezien de omvang van de bui.

7

Maatlat groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving - Klimaatadaptatie: https://klimaatadaptatienederland.nl/hulpmiddelen/overzicht/maatlat-groene-klimaatadaptieve-gebouwde-omgeving/ 4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

20

Open

Figuur 7 Waterdiepte (maximaal) bij een bui van 60 mm in 1 uur (bron: Friese Klimaatatlas: https://storymaps.arcgis.com/stories/232e40a7366a4f5d8d8639e52be4fbc2)

Toename extreme neerslag in Nederland Het aantal dagen met extreme neerslag in Nederland is de afgelopen zeventig jaar met 85 procent gestegen. Ook valt er steeds meer neerslag. De jaarlijkse hoeveelheid is sinds 1910 toegenomen met 26%. Dat staat in twee nieuwe overzichten in het Compendium voor de leefomgeving (CLO) (1). Het meest opvallend is de toename van de dagen waarop ergens in Nederland meer dan 50 millimeter regen valt. Dat aantal dagen is sinds 1951 toegenomen met 85%. Maar ook het aantal dagen met meer dan 20 millimeter neerslag is sterk toegenomen, met 80%. Het KNMI maakt klimaatscenario's voor een mogelijk toekomstig klimaat voor Nederland. Op 9 oktober 2023 zijn de KNMI'23-klimaatscenario's gepubliceerd, deze vervangen de KNMI'14-klimaatscenario's.

(1)

= Het Compendium voor de Leefomgeving is een website met feiten en cijfers over milieu, natuur en ruimte in Nederland. Het is een uitgave van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), het Rijktsinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en Wageningen University & Research (WUR).

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

21

Open

3.3

Grondwatertaak

De grondwatertaak houdt in dat de gemeente maatregelen moet treffen in openbaar gebied om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand zo veel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is. De gemeentelijke grondwatertaak geldt alleen voor maatregelen die niet tot de verantwoordelijkheid van een particulier, het waterschap of de provincie behoren (Omgevingswet, artikel 2.16 lid 1a-2). De grondwatertaak betekent overigens niet dat de gemeente voor een bepaalde grondwaterstand zorgt. Grondwaterstanden fluctueren immers van nature. In een natte winter staat de grondwaterstand hoger dan in een droge zomer. Een belangrijk aspect om de grondwatertaak te concretiseren is door invulling te geven aan ‘structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand’. In paragraaf 3.3.1 is invulling gegeven aan de grondwatertaak rond hoge grondwaterstanden (grondwateroverlast). Te lage grondwaterstanden kunnen leiden tot verdroging. In paragraaf 3.3.2 wordt hierop ingegaan.

3.3.1

Invulling grondwatertaak

De aanpak van grondwaterproblemen is maatwerk. Grondwaterproblemen kennen vaak meerdere oorzaken en oplossingen die sterk gevals- en gebiedsafhankelijk zijn. Bovendien hebben particulieren, gemeenten, waterschappen en provincies ieder hun eigen verantwoordelijkheden bij het voorkomen en oplossen van problemen met grondwater. Het is daarom niet eenvoudig om te spreken over algemene maatregelen om grondwaterproblemen tegen te gaan. De gemeentelijke grondwatertaak betreft: het in openbaar gemeentelijk gebied treffen van doelmatige maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming te voorkomen of te beperken. Allereerst de vraag: wat wordt verstaan onder grondwater. Grondwater is dat water dat zich bevindt in de verzadigde zone; regenwater dat infiltreert wordt grondwater zodra het de verzadigde zone (grondwaterstand) bereikt heeft. Afbakening Om de noodzaak te bepalen voor het treffen van maatregelen moet een aantal kaders worden vastgesteld.

Hiervoor is antwoord gegeven op de volgende vragen: ▪ Wat zijn nadelige gevolgen? ▪ Wat wordt verstaan onder structureel nadelige gevolgen? ▪ Wanneer zijn maatregelen doelmatig? ▪ Wie is waarvoor verantwoordelijk? Nadelige gevolgen Er wordt uitgegaan van nadelige gevolgen voor de bestemming als de grondwaterstand leidt tot één of meerdere van onderstaande situaties: ▪ Schade aan gebouwen, infrastructuur of groen; ▪ Beperking van het woongenot; ▪ En/ of het niet meer mogelijk zijn van de primaire functie (bijvoorbeeld: als een speelterrein zo drassig is dat er niet meer gespeeld kan worden).

4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

22

Open

Voorbeelden van structurele nadelige gevolgen bij woningen: optrekkend vocht door de muren in woonkamers met als gevolg schimmels op de muren, te hoge luchtvochtigheid in de woonkamer door grondwater et cetera. Daarnaast is ook aantasting van de houten begane grondvloer als gevolg van een natte kruipruimte een structureel nadelig gevolg. Enkel een natte kruipruimte wordt niet als een nadelig gevolg gezien. Structureel nadelige gevolgen De nadelige gevolgen van de grondwaterstand zijn structureel als de nadelige gevolgen: ▪ Wederkerend zijn (tenminste jaarlijks); ▪ Niet tijdelijk zijn (tenminste 3 jaar); ▪ Waarschijnlijk zullen aanhouden; ▪ En veroorzaakt zijn door structureel te hoge grondwaterstanden Er is sprake van een structureel te hoge grondwaterstand als de grondwaterstand in de straten: ▪ ten minste 3 jaar, voor meer dan 10% van de tijd (ofwel 36 dagen per jaar), hoger is dan de streefwaarde van 0,7 m beneden maaiveld. Om te bepalen of een grondwaterstand in 10% van de tijd hoger is dan 0,7 m beneden maaiveld wordt gebruik gemaakt van de Representatieve Hoge Grondwaterstand (RHG). De RHG is de 90 percentielwaarde van een reeks aan gemeten grondwaterstanden. Dat wil zeggen dat 10% van de metingen een hogere waarde heeft dan de RHG.

Daarnaast heeft deze definitie betrekking op het stedelijk gebied, te weten het gebied binnen de bebouwde kom (aangezien de gemeente geen invloed heeft op het grondwaterregime in het buitengebied). Doelmatigheid Maatregelen worden als doelmatig gedefinieerd als: ▪ Deze effectief zijn (met de maatregelen worden de problemen voorkomen of aanzienlijk beperkt), ▪ én deze efficiënt zijn (geen alternatieven op de probleemlocatie die goedkoper of effectiever zijn), ▪ én de kosten van de maatregelen in verhouding staan tot de nadelige gevolgen. Er dient dus een structureel grondwaterprobleem te zijn, dat tegen acceptabele kosten kan worden bestreden met maatregelen in de openbare ruimte. De gemeente neemt in beginsel alleen maatregelen als deze in combinatie met andere projecten kunnen worden uitgevoerd (effectgericht werken). Verantwoordelijkheden In de Omgevingswet zijn de taken en de daarmee samenhangende verantwoordelijkheden als volgt verdeeld: ▪ De perceel eigenaar is verantwoordelijk voor de ontwatering van zijn terrein en de bouwkundige staat van de gebouwen, inclusief kelders. Het uitvoeren van bouwtechnische en/of waterhuishoudkundige maatregelen om overlast door grondwater tegen te gaan is een taak van de perceel eigenaar. ▪ De gemeente is verantwoordelijk voor de ontwatering van openbaar terrein.

▪ De gemeente draagt zorg voor de eventuele aanleg en onderhoud van de benodigde verzamel- en transportleidingen in de openbare ruimte en de aansluitpunten voor de aan- of afvoer van het particulier terrein. ▪ Het waterschap is verantwoordelijk voor de aan- en afvoer van water via leggerwatergangen. Zij heeft een afgeleide rol in het beheer van het ondiepe grondwater omdat zij via de streefpeilen in de watergangen de grondwaterstand in de nabije omgeving beïnvloedt. ▪ De provincie is verantwoordelijk voor vergunningen voor grondwateronttrekking en infiltratie met het doel dit weer te onttrekken. Dit betreft alleen de onttrekkingen voor de drinkwatervoorziening, de industriële grondwateronttrekkingen groter dan 150.000 m3 per jaar en koude- en warmteopslag. Overige grondwateronttrekkingen vallen onder verantwoordelijkheid van de waterschappen. 4 december 2025

WRP 2026-2035

BK2468-HAS-XX-ZZ-RP-Z-0001

23

Open

Gemeente heeft de regie in bebouwd gebied Geen enkele instantie is alleen verantwoordelijk en dus aansprakelijk voor de grondwaterstand. Bij structurele/wederkerende klachten in een wijk over de grondwaterstand maakt de gemeente een analyse van oorzaken, gevolgen en mogelijke maatregelen. De maatregelen bepaalt zij zo veel mogelijk in samenspraak met alle betrokken partijen. Maatregelen voor transport van overtollig grondwater in openbaar gebied komen voor rekening van de gemeente en kan zij bekostigen uit de rioolheffing. Bron: Stichting RIONED

Toelichting grondwater in kelders en kruipruimtes Water in kelders ontstaat door een niet waterdichte constructie. De eigenaar van de kelder is verantwoordelijk voor de bouwtechnische staat van de kelder. Dit betekent dat de gemeente geen maatregelen neemt specifiek om water in kelders te voorkomen. De volgende vier aspecten staan centraal bij de invulling van de grondwatertaak (zie ook bijlage 3-1): 1. Voorkomen van grondwateroverlast; 2. Beperken van grondwateroverlast; 3. Informeren van inwoners en bedrijven; 4. Kennisontwikkeling. Onderstaand zijn deze aspecten nader uitgewerkt. 1. Voorkomen van grondwateroverlast Ter voorkoming van grondwateroverlast streeft de gemeente naar het volgende: bij nieuwe ontwikkelingen, nieuwe aan de grond gegeven functies of herontwikkeling en verandering van de aan de grond gegeven functies wordt (los van het Bouwbesluit) voldaan aan de streefwaarden voor de ontwateringsdiepten uit onderstaande tabel. Bij een structureel geringere ontwateringsdiepte dan deze streefwaarden kan overlast/schade ontstaan De ontwateringsdiepte is het verschil in hoogte tussen het maaiveld en de maximaal optredende grondwaterstand. Tabel 1 Streefwaarden ontwateringsdiepten (Representatieve Hoge Grondwaterstanden) in relatie tot gebruik Type

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Schiermonnikoog&id=bad6d3fe-2675-4b97-b4f6-06c1bf617dd4