CConstaterende datSchiermonnikoog
Koppel je AI →
Document · PDF

B&W 03-02 - Bijlage 1 - Bestuursverslag en jaarrekening 2024 - Yn de Mande

Raadsvergadering 8 juli 2025, gemeente SchiermonnikoogBij agendapunt: Lijst van Ingekomen Stukken18.534 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

In 2024 heeft per einde schooljaar een wijziging in het personeelsbestand plaats gevonden waarbij een leerkracht uit dienst is gegaan. Per 1 augustus 2024 is een leerkracht met lagere inschaling en lager fte in dienst is gekomen. Dit leidt ertoe dat de bruto lonen en salarissen lager liggen ten opzichte van zowel de begroting als boekjaar 2023. Per 1 oktober 2024 hebben de cao-partijen een akkoord voor de cao primair onderwijs 2024-2025. Per 1 oktober 2024 worden de salarisbedragen verhoogd met 4,9%. Deze salarisverhoging werkt door in de pensioenopbouw en bovenwettelijke uitkeringen. De lasten personeel niet in loondienst zijn hoger dan de begroting, echter zijn deze lager dan in boekjaar 2023. Vanaf schooljaar 2024-2025 wordt geen gebruik meer gemaakt van interne begeleiding. Bij het opstellen van de begroting is geen rekening gehouden met de inhuur van de buurtsportcoach. De overige lasten zijn lager dan begroot en lager dan boekjaar 2023. De lagere lasten zijn voornamelijk te verklaren door lager dan begrote uitgaven aan administratie en beheer. In 2023 lagen de uitgaven aan administratie en beheer hoger als gevolg van eenmalige uitgaven aan administratie en beheer ten behoeve van de overgang van de stichting naar de gemeente.

2.2.

Continuïteitsparagraaf

Garantstelling gemeente Schiermonnikoog Omdat een (eventueel) dalend aantal leerlingen niet of nauwelijks te beïnvloeden is en een basisformatie van 3 leerkrachten nodig is gezien de leerling populatie op het eiland, heeft de inspectie erop aangedrongen om afspraken met de gemeente Schiermonnikoog te maken voor een garantstelling voor het financiële nadeel op de lumpsum wat deze daling van het leerlingaantal teweeg brengt. De ondergrens voor het aantal leerlingen heeft de gemeente vooreerst vastgesteld op 40 leerlingen, wat tevens inhoudt dat de garantstelling op jaarbasis € 45.000 bedraagt ten opzichte van het leerlingaantal van 44 leerlingen per begin van het huidige schooljaar.

19

Kengetallen formatie en leerlingenaantallen Aantal leerlingen Personeel - Interim-directeur - Directie - Leraren - Ondersteunend - Overig

1-10-20 57

1-10-21 53

1-10-22 49

1-10-23 53

1-10-24 53

1-10-25 53

0,83 3,85 0,88 -

0,83 3,85 -

0,83 4,41 0,79 -

0,83 5,74 0,10 -

0,83

0,83

5,61 0,10 -

5,61 0,10 -

Bovenstaand het verwachte verloop van leerlingen en daarmee samenhangend het onderwijzend en onderwijsondersteunend personeel. De weergegeven leerlingenstijging is gebaseerd op de meest recente prognoses die zijn aangeleverd door de directeur van de school. Balans Hieronder wordt de totale meerjarenbalans aangegeven.

Materiële vaste activa Financiële vaste activa Vlottende activa Liquide middelen Totaal Activa

2024

2025

2026

2027

2028

37.260 2.850 126.376 139.514 306.000

148.808 4.950 20.000 61.674 235.432

135.231 4.950 20.000 124.380 284.561

122.404 4.950 20.000 160.137 307.491

110.327 4.950 20.000 220.406 355.683

Algemene reserve 179.949 144.932 194.061 216.991 265.183 Voorzieningen 441 500 500 500 500 Langlopende schulden Kortlopende schulden 125.610 90.000 90.000 90.000 90.000 Totaal Passiva 306.000 235.432 284.561 307.491 355.683 In 2025, na de zomer, neemt de school haar intrek in het nieuwe pand. Met de intrek in het nieuwe pand gaan uitgaven voor de inrichting gepaard. Het effect van deze investering is zichtbaar in de materiële vaste activa, in 2025 zal deze fors toenemen, om in de jaren daarna geleidelijk af te nemen. Het tweede effect van deze investering is de daling van de liquide middelen in 2025. Voor de jaren 2026 t/m 2028 worden positieve resultaten verwacht. Dit betekent dat de baten de lasten overschrijden en dat de liquide middelen toenemen.

Kengetallen

Kapitalisatiefactor Rentabiliteit Solvabiliteit 2 Weerstandsvermogen %Personeelskosten

Jaarrekening 2024 39% 3% 0,59 21% 83%

Begroting 2025 32% -5% 0,62 -1% 82%

Begroting 2026 36% 6% 0,68 9% 82%

Begroting 2027 39% 3% 0,71 14% 83%

Begroting 2028 44% 6% 0,75 22% 83%

De kapitalisatiefactor werd eind 2009 geïntroduceerd naar aanleiding van een onderzoek (door de commissie Don) naar de vermogensposities van onderwijsinstellingen. Het kengetal zou moeten signaleren of misschien een deel van de middelen niet efficiënt benut wordt voor de vervulling van de taken. De commissie adviseerde een bovengrens van 35% voor grote instellingen en 60% voor kleine instellingen. Vanaf 2026 komt basisschool Yn de Mande boven de bovengrens uit. In 2025 wordt een negatief resultaat verwacht, voor de jaren daarna worden positieve resultaten verwacht. Als gevolg van de positief begrote resultaten de komende jaren zal de rentabiliteit als gevolg hiervan ook positief zijn.

20

De solvabiliteit geeft de mate aan waarin het bestuur in staat is op langere termijn aan haar verplichtingen te voldoen. Het bestuur zit ruim boven de ondergrens van 0,3. Basisschool Yn de Mande is voldoende in staat om op de lange termijn aan haar verplichtingen te kunnen voldoen. In 2025 overschrijdt de materiële vaste activa het eigen vermogen. Dit heeft leidt tot een negatief weerstandsvermogen. Dit is het gevolg van de investering in de inrichting voor de nieuwe school. De materiële vaste activa zal door afschrijvingen afnemen de komende jaren en de positieve resultaten zorgen voor een toename van het eigen vermogen. Dit leidt tot een stijging van het weerstandsvermogen. Bovenmatig eigen vermogen

Bovenmatig eigen vermogen Feitelijk eigen vermogen Normatief Eigen vermogen Mogelijk Bovenmatig eigenvermogen Ratio eigen vermogen

2023

2024

2025

2026

2027

2028

173.187 350.223

179.259 337.260

144.242 448.808

193.371 435.231

216.301 422.404

264.493 410.327

0,49

0,53

0,32

0,45

0,51

0,65

De Inspectie van het Onderwijs ontwikkelde een rekenmethode om te bepalen wat een redelijk (publiek) eigen vermogen is om aan te houden. Daarmee ontstaat voor elke onderwijsinstelling een eigen ‘signaleringswaarde voor mogelijk bovenmatig eigen vermogen’. Bij de berekening van het bovenmatig eigenvermogen wordt het totaal eigen vermogen verminderd met het privaat eigen vermogen en het normatief eigen vermogen. De signaleringswaarde bovenmatig eigen vermogen laat zien of onze basisschool een bovenmatig eigen vermogen heeft gevormd uit publieke middelen. Indien de ratio hoger is dan 1, is er sprake van bovenmatig eigen vermogen. Volgens de rekenmethode is het eigen vermogen van Yn de Mande beduidend lager dan het normatieve eigen vermogen. Uitgaande van de begroting, zal dit tot eind 2028 zo blijven. Exploitatie Jaarrekening 2024

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Baten Rijksbijdragen OCW Bijdrage gemeente S'oog Ov. Overheidsbijdragen Overige baten Totaal baten

664.890 83.491 20.948 5.718 775.047

631.447 113.000 23.220 24.500 792.167

630.730 65.000 23.787 6.000 725.517

673.072 90.000 23.787 3.000 789.859

664.046 90.000 23.787 3.000 780.833

697.326 90.000 23.787 3.000 814.113

Lasten Personele lasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige lasten Totale lasten

639.400 14.161 39.711 74.445 767.716

631.301 16.766 39.603 84.850 772.520

622.766 21.016 39.602 76.650 760.034

610.212 21.016 39.602 69.400 740.230

630.445 21.016 35.454 70.488 757.403

637.343 21.016 35.454 71.608 765.421

7.331

19.647

-34.517

49.629

23.430

48.692

-569

-98

-500

-500

-500

-500

6.762

19.549

-35.017

49.129

22.930

48.192

Saldo baten en lasten Fin.baten en lasten Resultaat

Bij het opstellen van de begroting is rekening gehouden met het leerlingenaantal in 2024, voor de komende jaren wordt een stijging in het leerlingenaantal verwacht. Voor 2025 wordt een eenmalige

21

daling in de bijdrage van Schiermonnikoog verwacht, voor de jaren daarna is de verwachting dat de bijdrage ongeveer gelijk zal zijn aan de voorgaande jaren. Bij het opstellen van de begroting is rekening gehouden met een gelijkblijvende formatie. Interne risicobeheersing Er is een procedure vastgesteld waarbij het betalingsverkeer is geregeld en waarbij risico’s van fraude tot een minimum zijn bereikt. Eens in de twee jaar vindt een interne kwaliteitsanalyse plaats van het onderwijs aan de scholen; de inspectie als externe partner doet dit ongeveer eens per 4 jaar. Elk jaar wordt met de schooldirecteur een rapportage opgesteld waarbij de risico’s van het onderwijzend personeel in beeld worden gebracht. Er vinden eens per twee jaar tevredenheidspeilingen plaats. Per kalenderjaar zijn er 5 momenten waarbij de financiële ontwikkelingen door het bestuur worden opgesteld. Deze rapportages zijn (in volgorde van tijd):  Jaarrekening;  Liquiditeitsbegroting;  Formatieplan;  Najaarsnota (waarbij op basis van het nieuwe schooljaar en de daarmee samenhangende formatie de begroting wel of niet wordt aangepast);  Begroting. Risico’s en onzekerheden In dit jaarverslag benoemen we 4 risico’s:  Risico 1: Leerlingenprognose Het leerlingenaantal zal in 2020 iets stijgen ten opzichte van het leerlingaantal in 2019. De Rijksbijdragen zullen hierdoor hoger worden.

Voor de jaren daarna is een lichte daling van het aantal leerlingen voorzien. Veiligheidshalve zal dit niet leiden tot een inkrimping van de personele bezetting. Daarmee blijft het klassieke dilemma bestaan tussen financiële (on)mogelijkheden en onderwijskundige noodzaak.  Risico 2: Wet Werk en Zekerheid De Wet Werk en Zekerheid is voor een éénpitter als Schiermonnikoog een bovengemiddeld risico. Toezichthoudend Orgaan De school zit in een proces tot omzetting naar een openbare basisschool. In deze tussenliggende periode wordt alvast geanticipeerd op de nieuwe situatie en is de gemeente het bevoegd gezag van de stichting. Bij het integraal bestuur van de openbare school is er krachtens de Gemeentewet sprake van een algemene scheiding van bestuur en toezicht. Het college van burgemeester en wethouders (B&W) vormen het bestuur van de school, de gemeenteraad controleert. In de huidige gedualiseerde gemeentelijke verhoudingen zijn dan vervolgens het college van B&W het dagelijks bestuur van de openbare school en de gemeenteraad het algemeen bestuur en de commissie intern toezicht openbaar basisonderwijs gemeente Schiermonnikoogonderwijs (intern toezichthouder). Lokale overheid Schiermonnikoog De gemeenteraad heeft een taak ten aanzien van het openbaar onderwijs. De bestuurlijke gemeentelijke organisatie kent het dualisme.

De gemeenteraad heeft daarin vooral kaderstellende en controlerende taken en het college van B&W heeft bestuurlijke en uitvoerende taken. Binnen de door de gemeenteraad gestelde kaders bestuurt het college van B&W de gemeente, de gemeenteraad controleert de wijze waarop het college zijn taken uitvoert. Binnen de organisatie van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog is de inhoudelijke rol van de gemeenteraad beperkt. De rol van de gemeenteraad ten opzichte van het openbaar onderwijs komt vooral tot uiting in de relatie met het college van B&W en als de formele toezichthouder. Organisatie openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog Het college van B&W is wettelijk het bevoegd gezag van het openbaar onderwijs. De directeur wordt op grond van het managementstatuut via mandatering belast met een aantal bestuurlijke taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden. De directeur is binnen zijn bestuurlijke rol verantwoordelijk voor besluiten over doelen en middelen en het afleggen van verantwoording en het college is binnen zijn rol (eind)verantwoordelijk voor toezicht op doelrealisatie, goed bestuur en het eigen functioneren. De portefeuillehouder onderwijs zal namens het college regelmatig overleg voeren met de directeur.

22

Bij belangrijke beleidsbeslissingen en beleidsdocumenten, zoals ook omschreven in paragraaf 3.4, zal het college een actieve rol in de besluitvorming hebben. Het is derhalve van belang dat er over de rol- en taakverdeling tussen het college en de directeur duidelijke afspraken worden gemaakt. Deze afspraken worden vastgelegd in het managementstatuut. Een duidelijke definiëring van de rollen alleen is niet voldoende, de directeur en de portefeuillehouder moeten hiernaar ook rolbewust handelen. Zowel structuur als rolgedrag zijn belangrijk voor het goed functioneren van de scheiding tussen bestuur en toezicht. In de taken van het college wordt onderscheid gemaakt tussen toezicht vooraf en toezicht achteraf. Het college heeft goedkeuringsbevoegdheid om complexe afwegingen (‘majeure’ beslissingen) en beleidsplannen van de directeur goed of af te keuren. Deze goedkeuringsbevoegdheid geldt voor bijvoorbeeld het meerjarenbeleid, begroting- en jaarrekening, voor het opheffen van organisatieonderdelen, voor fusie en langdurige samenwerking met anderen. Het is verder de taak van de portefeuillehouder om op regelmatige basis te overleggen met de directeur en hem namens het college te stimuleren tot innovatie en het nemen van aanvaardbare risico’s. Dit is van belang voor het behoud en versterking van het basisonderwijs Schiermonnikoog.

Het college let er hierbij op dat de directeur op een correcte wijze risicomanagement toepast waarin de juiste balans wordt gevonden tussen het beheersen van risico’s die gepaard gaan met activiteiten en de ruimte voor innovatie en vernieuwing. Het college heeft de verantwoordelijkheid erop toe te zien dat de doelstelling van het openbaar onderwijs Schiermonnikoog gerealiseerd wordt. Ook bewaakt het college dat de materiële en immateriële middelen integer en optimaal worden ingezet voor de doelstelling. Tot slot bewaakt het college dat de directeur handelt in het belang van het openbaar onderwijs Schiermonnikoog, alsmede in het belang van de samenleving. Het college handelt in belangrijke mate op basis van verkregen informatie. De taak van het verzamelen van informatie vooraf en achteraf is daarom zeer belangrijk. De informatie vooraf dient als basis ter onderbouwing van plannen en het kunnen volgen van ontwikkelingen. De informatie achteraf dient als basis voor het bewaken van de te realiseren doelstellingen. Het college ziet erop toe dat de verkregen informatie adequaat, op tijd en betrouwbaar is. Taken, bevoegdheden en bevoegdheden van de directeur De directeur is namens het college belast met het besturen van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog.

Met besturen wordt in de kern bedoeld het waarborgen van de kernwaarden en de instandhouding van de Basisschool Yn de mande. Onder besturen is verder te verstaan:  Leidinggeven aan de (school)organisatie;  Het voorbereiden van- en het binnen de mandatering nemen van besluiten over de vaststelling en uitvoering van beleid;  Het vervullen van een klankbordfunctie voor en leidinggeven aan de leraren;  Het afleggen van verantwoording aan de portefeuillehouder Schiermonnikoog. De directeur houdt zich ook bezig met het ontwikkelen, vaststellen en evalueren van het strategisch en operationeel beleid en met het beleid voor de waarden en normen en identiteit van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog. De directeur bereidt de beleidsdoelstellingen voor en de wijze waarop deze bereikt worden en de middelen die daarvoor beschikbaar zijn en zorgt -na vaststelling- toe op de uitvoering van het beleid. De directeur heeft daarbij tevens tot taak om nieuwe onderwijskundige ontwikkelingen, projecten en activiteiten met de medezeggenschapsraad te initiëren. Onderdeel van deze uitvoering is het zorgdragen en borgen van de uitvoering van de identiteit en identiteitscommissie. De directeur legt verantwoording af aan het college, de ouders, de inspectie en de samenleving, over de mate waarin de vastgestelde doelstellingen zijn gehaald en over de besteding van de middelen.

In dit alles is het de taak van de directeur om het college en overige belanghebbenden goed, volledig en tijdig te informeren. Taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van het college Het college van B&W is het bevoegd gezag van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog. Binnen het college is de portefeuillehouder Onderwijs het eerste aanspreekpunt van de directeur en met name ter zake de aansturing en uitvoering van beleid. Daaronder is begrepen de realisatie van de doelen van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog, mét oog voor de daarbij aan de orde zijnde belangen, processen, effecten en risico’s.

23

In deze algemene taak van het college is een aantal rollen te onderscheiden:  Een toezichtsrol: informatie verzamelen, oordeelsvorming en zo nodig interveniëren;  Een adviesrol/klankbordfunctie: adviseren van, meedenken met de directeur op basis van in het college aanwezige kennis, expertise en externe informatie;  Verbinding leggen met de stakeholders: de portefeuillehouder koppelt de ontwikkelingen in de omgeving aan de ontwikkelingen binnen de organisatie.  Een bestuurlijke rol: goedkeuring verlenen aan besluiten, vaststellen van beleidsdocumenten (begroting, jaarverslag etc.) en de regeling van eigen werkzaamheden. Vanuit deze rollen heeft het college (portefeuillehouder) de volgende taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden:  Vooraf goedkeuring verlenen aan majeure besluiten van de directeur;  Achteraf toezicht houden op het functioneren van de directeur;  Vertegenwoordiging van de school bij afwezigheid van de directeur;  Gevraagd en ongevraagd adviseren van de directeur. Regeling van het toezicht vooraf door het college Het college heeft de taak en bevoegdheid om ‘majeure’ besluiten van de directeur goed te keuren. Dit betekent dat de directeur pas uitvoering aan deze besluiten kan geven, nadat het college deze goedgekeurd heeft.

Deze bevoegdheid van het college betreft tenminste de wettelijk verankerde besluiten, aangevuld met minimaal de onderstaande besluiten: a. De benoeming van de accountant; b. De vaststelling van de begroting van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog; c. De vaststelling van de jaarrekening van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog; d. De vaststelling van het strategisch beleid van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog; e. De vaststelling van een treasurystatuut voor het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog; f. Opheffing, fusie of overdracht van de school; g. Het vaststellen of wijzigen van het (meerjaren) schoolplan; h. Het aangaan van duurzame samenwerking of fusie met andere organisaties; i. Een aanvraag tot faillissement of van surséance van betaling; j. Het aangaan van financiële verplichtingen die naar aard en/of omvang de reguliere bedrijfsvoering te buiten gaan; k. Het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registerzaken, alsmede het sluiten van overeenkomsten waarbij het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog zich als borg of hoofdelijk medeschuldenares verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van derde verbindt; l. Het verrichten van handelingen waarbij een direct of indirect tegenstrijdig belang bestaat tussen de directeur en de school.

Hieronder valt bijvoorbeeld het lenen van geld aan de directeur. Voor het begrip "tegenstrijdig belang" wordt aansluiting gezocht bij artikel 2:239 lid 6 Burgerlijk Wetboek; m. De wijziging van het managementstatuut en het identiteit statuut; n. Het ontslaan van één of meer personeelsleden anders dan op eigen verzoek of leeftijdsontslag; o. Het benoemen van personeel anders dan opgenomen in de begroting, het formatieplan of in het geval van vervanging. Regeling van het toezicht achteraf (toezichtkader) Het college houdt achteraf toezicht op de directeur vanuit een toezichtkader dat gebaseerd kan worden op de volgende uitgangspunten: a. Het college richt zich bij de uitoefening van het toezicht in het bijzonder op de doelstelling en de maatschappelijke legitimatie van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog en op de uitoefening van de bestuurlijke taken door de directeur; b.

Bij de uitoefening van het toezicht staan de volgende criteria centraal:  Het waarborgen van de identiteit van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog;  De realisatie van de missie en visie van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog;  De realisatie van het strategisch beleid van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog;  De kwaliteit van het onderwijs, de processen en de onderwijsresultaten;  De continuïteit van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog, uitgedrukt in aantallen leerlingen, medewerkers en financiën, allen in meerjarig perspectief;

24

 

Het afleggen van verantwoording aan de personen en organisaties die belang hebben bij de activiteiten van het openbaar basisonderwijs Schiermonnikoog; De principes van goed bestuur als vastgelegd in de ‘code goed bestuur’.

Een goede en afgewogen informatievoorziening is medebepalend voor de kwaliteit van het toezicht achteraf. De kwaliteit van de informatievoorziening wordt bepaald door:  De afstemming van de informatie op het toezichtkader van het college en de gemeentelijke cyclus;  De volledigheid, tijdigheid en juistheid van de informatie, In de door de directeur aan het college te leveren informatie zijn te onderscheiden:  Incidentele informatie over van belang zijnde kwesties (zoals voortgangsberichten in het kader van juridische procedures, ingrijpende nieuwe regelgeving e.d.);  Geregelde, periodieke managementrapportages. Het toezichtkader en de informatievoorziening krijgen vorm in samenspraak tussen de directeur en de portefeuillehouder.

2.3.

Begroting (samenvattend) Begroting 2024

Baten Rijksbijdragen OCW Ov. Overheidsbijdragen Overige baten Totaal baten

631.447 136.220 24.500 792.167

Lasten Personele lasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige lasten Totale lasten

631.301 16.766 39.603 84.850 772.520

Saldo baten en lasten

19.647

Fin.baten en lasten Resultaat

2.4.

-98 19.549

Treasury

Treasurybeleid Basisschool Yn de mande heeft een eigen bankrekening. Over de tegoeden wordt rente ontvangen. Voor wat betreft het treasurybeleid is aansluiting gezocht bij de gemeente Schiermonnikoog. Voor het aantrekken en uitzetten van geldmiddelen volgt men het door de gemeenteraad vastgestelde beleid. Er is in 2024 geen geld geleend en er is geen geld belegd.

25

3. Verslag toezichthoudend orgaan 1.1 Verantwoording wettelijke taken Goedkeuring begroting, jaarrekening, bestuursverslag en strategisch meerjarenplan Tijdens het verslagjaar 2024 heeft het toezichthoudend deel van het bestuur de begroting 2024, de meerjarenbegroting, de jaarrekening en het jaarverslag goedgekeurd. Naleving wettelijke voorschriften Het toezichthoudend deel van het bestuur heeft vastgesteld dat het financieel beleid van bestuur en Directie, de verwerving en de bestemming van middelen en de naleving door het bestuur van haar wettelijke taken en voorschriften voldoet aan de daaraan te stellen criteria van rechtmatigheid en doelmatigheid en voorts dat de kwaliteit van de school en haar maatschappelijk functioneren op het eiland de goedkeuring kan wegdragen. Voor de beoordeling van de rechtmatigheid heeft het toezichthoudend deel van het bestuur zich gebaseerd op het oordeel van de accountant bij de controle van de jaarstukken. Voor de beoordeling van de doelmatigheid baseert het toezichthoudend deel van het bestuur zich enerzijds op het oordeel van de accountant en anderzijds op het eigen oordeel over de activiteiten van de school. Dat eigen oordeel is gebaseerd op de presentatie van de begroting en veelvuldige tussentijdse financiële rapportages met uitputting van de begroting. Beiden bevatten een substantiële mate van gedetailleerdheid.

Omgang met code goed bestuur en afwijkingen daarvan Zie paragraaf 1.4. Rechtmatige verwerving en rechtmatige en doelmatige besteding van middelen Zie het kopje ‘naleving wettelijke voorschriften’. Benoeming externe accountant Het toezichthoudend deel van het bestuur heeft, met inachtneming van de statuten en op grond van het bepaalde in de Wet op het Primair Onderwijs, de accountant benoemd voor het controleren van de jaarrekening van de school. Optreden als werkgever van het uitvoerend bestuur (benoeming, ontslag, schorsing, vaststelling beloning)  Bij het toezicht houden speelt een belangrijke rol de benoeming, het wel en wee en de ontwikkeling van het totale personeel, omdat het personeel in de dagelijkse uitvoering de missie, visie en waarden concreet vorm moet geven.  Het basisuitgangspunt daarbij binnen het totaal van de school en dus ook bij het toezicht houden is dat uitvoerenden een ruim mandaat en veel vertrouwen krijgen om hun taak uit te voeren en tevens dat uitvoerenden op alle niveaus worden betrokken bij beleidsontwikkelingen waar ze in de uitvoering mee te maken hebben. Daarbij is sprake van tweerichtingsverkeer: o uitvoerenden wordt gevraagd mee te denken over ideeën en voorstellen van de directie; o uitvoerenden worden uitgenodigd om ook zelf met ideeën en voorstellen te komen; meedenken wordt altijd gewaardeerd.

 Daaraan gekoppeld hebben uitvoerenden op alle niveaus ook een ruime plicht van informatievoorziening en verantwoording. Het bespreken van de verantwoording vindt plaats op basis van de zelfreflectie van degene die verantwoording aflegt. Gesprekken zijn in beginsel positief kritisch

26

 

en gericht op opbouw en vooruitgang. Als de zelfreflectie structureel en/of duidelijk tekort schiet en/of noodzakelijke verbeteringen ondanks afspraken uitblijven, wordt ingegrepen. Voorts worden bij de beleidsontwikkeling de omgeving van de school en de belangen van bij de school betrokkenen meegewogen en wordt constructief samengewerkt met partners in de samenleving. Het toezichthoudend bestuur treedt op als eenheid en spreekt bij het toezicht houden met één mond.

Evaluatie van het uitvoerend bestuur Het uitvoerend bestuur heeft gedurende het verslagjaar 2024 de toegewezen taken naar behoren uitgevoerd. Daarbij is altijd sprake geweest van een goede samenwerking tussen de uitvoerend bestuurder en het toezichthoudend deel van het bestuur. De informatievoorziening was gedurende het verslagjaar tijdig en goed verzorgd. Waar nodig heeft het toezichthoudend deel van het bestuur aanvullende informatie gevraagd en ook verkregen. Het toezichthoudend deel van het bestuur heeft op deze wijze naar behoren kunnen functioneren. Het toezichthoudend deel van het bestuur is tevreden over de samenwerking met de uitvoerend bestuurder en vertrouwt erop dat deze samenwerking ook in de toekomst in goede verhouding voortgezet zal worden.

1.2 Verantwoording op grond van de code goed bestuur Inrichting toezichthoudend orgaan Zie paragraaf 1.3. Organisatiestructuur. Werkwijze Het gehele bestuur vergadert 8 maal per jaar aan de hand van de vooraf opgestelde jaarplanning. Deze jaarplanning is ook feitelijk gehanteerd. De directie vergadert 10 maal per jaar met de medezeggenschapsraad en het bestuur overlegt om de zes week. Vergoedingsregeling Het bestuur ontvangt geen vergoeding. Situaties met (potentieel) tegenstrijdig belang en de manier waarop hiermee is omgegaan. In 2024 hebben zich geen situaties voorgedaan van een (potentieel) tegenstrijdig belang. Betaalde en onbetaalde (neven)functies van de bestuurders en toezichthouders Niet van toepassing. Jaarlijkse evaluatie van het eigen functioneren, los van het functioneren in samenwerking met het bestuur. Eens in de drie jaar dient zelfevaluatie plaats te vinden onder leiding van een externe voorzitter. Op 16 december 2019 heeft een bestuursscan plaatsgevonden door Anna Schipper namens de PO Raad. Mede op basis van dit rapport heeft het bestuur het proces in gang gezet om het bevoegd gezag van de school onder te brengen bij de gemeente Schiermonnikoog. In december 2020 heeft de gemeenteraad van Schiermonnikoog ingestemd met deze stap. Het blijkt echter dat de gemeente een basisschool niet zomaar kan overnemen.

Vanuit het Ministerie van OCW is als oplossing aangedragen om het bevoegd gezag van de stichting BASISSCHOOL Yn de mande tijdelijk over te dragen aan de gemeente Schiermonnikoog. Parallel hieraan is een proces worden gestart voor bestuursoverdracht aan de gemeente Schiermonnikoog. Dit is per 1 augustus 2024 afgerond. Vormgeving van de horizontale verantwoording van het toezichthoudend en uitvoerend bestuur Zie paragraaf 1.8 Verantwoording.

27

SWS Yn de Mande Jaarrekening 2024

F.H. Gasaustraat 22 9166 RB Schiermonnikoog

12 juni 2025

Jaarrekening SWS Yn de Mande

Balans per 31 december 2024 na resultaatbestemming Activa

31 dec 2024

31 dec 2023

Vaste activa Materiele vaste activa

37.260

50.223

Financiele vaste activa

2.850

2.850

40.110

53.073

Vorderingen

126.376

29.567

Liquide middelen

139.514

243.207

265.890

272.774

306.000

325.847

Vlottende activa

Totaal activa

Passiva

31 dec 2024

31 dec 2023

Eigen vermogen Algemene reserve

54.949

19.980

Bestemmingsreserve Publiek

125.000

153.207

179.949

173.187

440

794

Kortlopende schulden

125.610

151.866

Totaal passiva

306.000

325.847

Voorzieningen

Pagina 29

Jaarrekening SWS Yn de Mande

Staat van baten en lasten over 2024 2024

Begroting 2024

2023

Baten Rijksbijdragen OCW

664.890

631.447

618.562

Overige Overheidsbijdragen en -subsidies

104.439

136.220

114.296

Overige baten

5.718

24.500

22.385

Totaal Baten

775.047

792.167

755.243

Personeelslasten

639.400

631.149

643.773

Afschrijvingen

14.161

16.766

15.922

Huisvestingslasten

39.711

39.603

39.742

Overige instellingslasten Totaal Lasten

74.445 767.717

84.850 772.519

85.494 784.931

569

98

419

6.762

19.549

-30.107

Lasten

Financiele baten en lasten Totaal resultaat

Pagina 30

Jaarrekening SWS Yn de Mande Schiermonnikoog

Kasstroomoverzicht over 2024 2024 Bedrijfsresultaat

2023

7.330

-29.688

14.161 -354 13.807

15.922 215 16.137

-96.809 -26.256 -123.065

-15.238 1.486 -13.752

-101.928

-27.303

Betaalde interest Kasstroom uit operationele activiteiten

-569 -569

-419 -419

(Des)investeringen in vaste activa Kasstroom uit investeringsactiviteiten

-1.198 -1.198

-15.062 -15.062

Netto kasstroom

-103.695

-42.784

Liquide middelen Liquide middelen einde boekjaar Liquide middelen begin boekjaar Toename/afname liquide middelen

139.514 243.207 -103.695

243.207 285.991 -42.784

Aanpassingen voor: Afschrijvingen (en overige waardeveranderingen) Mutatie voorzieningen Veranderingen in werkkapitaal: Mutatie operationele vorderingen Mutatie operationele schulden Kasstroom uit bedrijfsoperaties

Pagina 31

Jaarrekening SWS Yn de Mande

Grondslagen voor de jaarrekening De onderstaande samenvatting van de grondslagen van waardering en resultaatbepaling is bedoeld als een leidraad voor een juiste interpretatie van de in deze jaarrekening gepresenteerde financiële gegevens.

1. Algemeen Activiteiten van het bevoegd gezag In deze jaarrekening zijn de activiteiten van SWS Yn de Mande, gevestigd te Schiermonnikoog verantwoord. Toegepaste standaarden De jaarrekening is opgesteld volgens de Regeling jaarverslaggeving onderwijs. In deze regeling is bepaald dat de bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving (in het bijzonder RJ 660 onderwijsinstellingen) van toepassing zijn en met inachtneming van de daarin aangeduide uitzonderingen. In de jaarrekening zijn de bedragen op hele euro's afgerond. Continuïteit Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling. Grondslagen Balans en Staat van baten en lasten Activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarde, tenzij anders staat vermeld. Taxonomie Voor de nummering en de omschrijving hanteren we de onderwijstaxonomie zoals deze jaarlijks wordt vastgesteld door het Ministerie van OCW. Gebruik van schattingen Bij toepassing van de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening vormt het bestuur van SWS Yn de Mande zich verschillende oordelen en schattingen die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen.

Indien het voor het geven van het in artikel 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de desbetreffende jaarrekeningposten. Schattingswijzigingen Per 2024 is overgaan naar een nieuwe berekeningsmethode voor de jubileumvoorziening. Per 2024 wordt gebruik gemaakt van de rekenmethode van de PO-raad. Deze nieuwe berekeningsmethode heeft invloed op de inschatting van de hoogte van de voorziening. Financiële instrumenten Onder financiële instrumenten worden zowel primaire financiële instrumenten, zoals vorderingen en schulden, als financiële derivaten verstaan. SWS Yn de Mande maakt uitsluitend gebruik van primaire financiële instrumenten.

Pagina 32

Jaarrekening SWS Yn de Mande

2. Balans Vaste activa Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de verkrijgingsprijs rekening houdend met een eventuele restwaarde. Als ondergrens van de te activeren activa wordt € 500 gehanteerd. Indien van toepassing zijn de materiële vaste activa verminderd met afboekingen door duurzame waardevermindering, verkoop, tenietgaan of buitengebruikstelling. Ook ontvangen investeringssubsidies worden in mindering gebracht op de kostprijs van materiële vaste activa. Op terreinen, materiële vaste bedrijfsactiva in uitvoering en vooruitbetalingen op materiële vaste activa wordt niet afgeschreven. De gebouwen en terreinen worden opgenomen indien er sprake is van economisch eigendom. Hiervan is bijvoorbeeld sprake in het geval van eigen investeringen of van doordecentralisa e van de huisves ng. De indeling in activagroepen en afschrijvingstermijnen is als volgt: Meubilair Inventaris en apparatuur ICT Leermiddelen Overige MVA

10-15 jaar 20 jaar 4 jaar 8 jaar 5 jaar

Een materieel vast actief wordt niet langer in de balans opgenomen na vervreemding of wanneer geen toekomstige prestatieeenheden van het gebruik of de vervreemding worden verwacht . De bate of last die voortvloeit uit de desinvestering van een materieel vast actief, ook als deze nog niet volledig is afgeschreven, wordt in de staat van baten en lasten verwerkt. Financiële vaste activa De borgsommen voor gebruik tablets zijn gewaardeerd tegen nominale waarde onder aftrek van noodzakelijk geachte voorzieningen. Vlottende activa Vorderingen Vorderingen en overlopende activa worden gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs onder aftrek van een (eventueel) noodzakelijk geachte voorziening voor het risico van oninbaarheid. De voorziening voor oninbaarheid wordt gevormd door op basis van kennis en ervaring een schatting te maken van de omvang van de oninbaarheid van de vorderingen. De vorderingen en overlopende activa hebben een looptijd korter dan een jaar, tenzij dit bij de toelichting op de balans anders is aangegeven. Liquide middelen De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Liquide middelen die niet ter directe beschikking staan, worden verwerkt onder de vorderingen. Liquide middelen die gedurende langer dan 12 maanden niet ter directe beschikking staan, worden verwerkt onder de financiële vaste ac va.

Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de algemene reserve en de bestemmingsreserves. Conform de jaarverslaggevingsvoorschriften van OCW, is het exploitatieresultaat over 2024 in de reserves per 31 december 2024 verwerkt. De in de jaarrekening gepresenteerde balans is derhalve ná resultaatbestemming. Een nadere uiteenzetting van de reserves is opgenomen in de toelichting op de balans. De algemene reserve bestaat uit de reserves die ter vrije beschikking staan van SWS Yn de Mande en vormt een buffer ter waarborging van de continuïteit. Opgenomen publieke reserves zijn bedoeld voor specifieke toekomstige uitgaven die uit de huidig beschikbare middelen gedekt moeten worden, per bestemmingsreserve is aangegeven of deze is opgebouwd uit privaatrechtelijke dan wel publiekrechtelijke middelen. Aan de bestemmingsreserves ligt een plan ten grondslag waarin is opgenomen welke uitgaven ten laste van de reserve komen, een inschatting van het totaal van de uitgaven en een inschatting in welk jaar de uitgaven zullen worden gedaan. Reserves worden gevormd en onttrekkingen aan de reserves geschieden conform de door het bestuur daartoe genomen besluiten. Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd voor: - Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang onzeker doch redelijk in te schatten is; -

Bestaande risico’s ter zake van te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs te schatten is, maar het tijdstip niet; Verplichting tot het maken van bepaalde kosten die in een volgend boekjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong (mede) vindt in het boekjaar of in een daaraan voorafgaand boekjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal verslagjaren.

Onder de voorzieningen worden de personele voorziening en de overige voorzieningen gepresenteerd. Zij zijn opgenomen tegen nominale waarde. Toevoegingen aan voorzieningen vinden plaats ten laste van de staat van baten en lasten. Uitgaven vinden rechtstreeks plaats ten laste van de voorzieningen.

Pagina 33

Jaarrekening SWS Yn de Mande Personele voorzieningen Voorziening voor jubileumuitkeringen De voorziening voor jubileumuitkeringen betreft een voorziening voor toekomstige uitkeringen bij ambtsjubilea van personeelsleden. Kortlopende schulden De kortlopende schulden zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. De verplichtingen betreffen de binnen één jaar vervallende schulden. Overlopende passiva Overlopende passiva betreffen vooruitontvangen bedragen (waaronder geoormerkte bijdragen) en nog te betalen bedragen terzake van lasten die aan een verstreken periode zijn toegekend. Voor aanvullende subsidies die voor meerdere jaren beschikbaar zijn gesteld, wordt het nog niet bestede deel op de balans als overlopende passiefpost aangehouden. Vrijval ten gunste van de staat van baten en lasten geschiedt dan jaarlijks naar rato van de besteding. In het laatste jaar van de looptijd van de subsidie valt het gehele restant vrij en wordt het eventuele resultaat genomen. Door deze boekingswijze geschiedt de toekenning van vooruitontvangen bedragen aan opvolgende perioden stelselmatig en tijdevenredig. Tevens verantwoorden wij (meerjarige) subsidies met een toegekend subsidiebedrag waarvoor een prestatieverklaring wordt verlangd en geoormerkte subsidies met verrekening van eventuele overschotten in het voorgeschreven Model G. 3.

Grondslagen voor de bepaling van het resultaat Algemeen Voor de bepaling van het exploitatiesaldo is het baten en lastenstelsel gehanteerd. De lasten en de baten worden tegen de nominale waarde toegerekend aan de perioden waarop ze betrekking hebben. Verliezen worden genomen zodra ze bekend zijn. Winsten worden genomen zodra ze gerealiseerd zijn. Rijksbijdragen, overige overheidsbijdragen en -subsidies De ontvangen (normatieve) rijksbijdrage wordt in het jaar waarop de toekenningen betrekking hebben, volledig verwerkt als bate in de staat van baten en lasten. Tevens worden hier de door het samenwerkingsverband ontvangen doorbetalingen van de Rijksbijdrage verantwoord. Geoormerkte OCW-subsidies worden ten gunste van de staat van de baten en lasten verantwoord naar rato van de voortgang van de gesubsidieerde activiteiten. Bij subsidies met een vrij besteed overschot (doelsubsidies waarbij het overschot geen verrekeningsclausule heeft) wordt het deel van de subsidies waarvoor nog geen activiteiten zijn verricht per balansdatum verantwoord onder de overlopende passiva. Bij geoormerkte OCW-subsidies met verrekeningsclausule worden de niet bestede middelen worden verantwoord onder de overlopende passiva zolang de bestedingstermijn niet is verlopen. Zodra de bestedingstermijn is verlopen op de balansdatum worden de niet bestede middelen verantwoord onder de kortlopende schulden.

Overheidsbijdragen en -subsidies Onder de overige overheidsbijdragen worden de vergoedingen opgenomen verstrekt door de Gemeente, Provincie of andere overheidsinstellingen. De overige overheidsbijdragen worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben. Overige baten Onder de overige baten worden de vergoedingen opgenomen die niet verstrekt zijn door het Ministerie van OCW, Gemeenten, Provincies of andere overheidsinstellingen. De overige baten worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben. Lasten De lasten worden toegerekend aan het boekjaar waarop zij betrekking hebben.

Pagina 34

Jaarrekening SWS Yn de Mande Personele lasten De beloningen van het personeel worden als last in de staat van baten en lasten verantwoord in de periode waarin de arbeidsprestatie wordt verricht en voor zover nog niet uitbetaald, als verplichting op de balans opgenomen. Ook worden de overige personele lasten verantwoord die betrekking hebben op onder andere het inhuren van extra personeel, scholingskosten en bedrijfsgezondheidszorg. Indien een beloning wordt betaald, waarbij geen rechten worden opgebouwd (bijvoorbeeld doorbetaling in geval van ziekte of arbeidsongeschiktheid) worden de verwachte lasten verantwoord in de periode waarover deze beloning is verschuldigd. Voor op balansdatum bestaande verplichtingen tot het in de toekomst doorbetalen van beloningen (inclusief ontslagvergoedingen) aan personeelsleden die op balansdatum naar verwachting blijvend geheel of gedeeltelijk niet in staat zijn om werkzaamheden te verrichten door ziekte of arbeidsongeschiktheid wordt een voorziening opgenomen. De verantwoorde verplichting betreft de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de desbetreffende verplichting op balansdatum af te wikkelen. De beste schatting is gebaseerd op contractuele afspraken met personeelsleden (cao en individuele arbeidsovereenkomsten).

Toevoegingen aan en vrijval van verplichtingen worden ten laste respectievelijk ten gunste van het resultaat gebracht. Personeelsbeloningen/pensioenen SWS Yn de Mande heeft voor haar werknemers een toegezegde pensioenregeling. Hiervoor komen in aanmerking de werknemers die op de pensioengerechtigde leeftijd recht hebben op een pensioen dat is gebaseerd op het gemiddeld verdiende loon berekend over de jaren dat de werknemer pensioen heeft opgebouwd. De verplichtingen, welke voortvloeien uit deze rechten van haar personeel, zijn ondergebracht bij het bedrijfstakpensioenfonds ABP. Aan het ABP worden premies betaald waarvan een deel door de werkgever en een deel door de werknemer wordt betaald. Per december 2024 heeft het pensioenfonds een dekkingsgraad van 111,9% (2023: 110,5%). De pensioenverplichting wordt gewaardeerd volgens de "verplichting aan de pensioenuitvoerder benadering". In deze benadering wordt de aan de pensioenuitvoerder te betalen premie als last in de staat van baten en lasten verantwoord. Er bestaat geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bedragen in het geval van een tekort bij het ABP. Afschrijvingslasten Materiële vaste activa worden vanaf het moment van gereedheid voor ingebruikneming afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief.

De bepaalde afschrijvingstermijnen staan vermeld in het onderdeel Materiële vaste activa onder 2. Balans. Over terreinen en vastgoedbeleggingen wordt niet afgeschreven. Boekwinsten en -verliezen bij verkoop van materiële vaste activa zijn begrepen onder de afschrijvingen. Huisvestingslasten Onder de huisvestingslasten worden de uitgaven voor huisvesting opgenomen. De lasten worden toegerekend op het Overige lasten De overige lasten hebben betrekking op uitgaven die voortvloeien uit aangegane afspraken dan wel noodzakelijk zijn voor het geven van onderwijs en worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben. Financiële baten en lasten Renteopbrengsten worden tijdsevenredig in de staat van baten en lasten verwerkt. Hierbij wordt rekening gehouden met de effectieve rentevoet, indien hun bedrag bepaalbaar is en hun ontvangst waarschijnlijk. Periodieke rentelasten en soortgelijke lasten komen ten laste van het jaar waarover zijn verschuldigd zijn. 4. Grondslagen voor het kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode.

Bij deze methode wordt het saldo van baten en lasten aangepast voor posten van de winst- en verliesrekening die geen invloed hebben op ontvangsten en uitgaven in het verslagjaar, mutaties in de balansposten en posten van de winst- en verliesrekening waarvan de ontvangsten en uitgaven niet worden beschouwd als behorende tot de operationele activiteiten. De liquiditeitspositie in het kasstroomoverzicht bestaat uit liquide middelen onder aftrek van gerealiseerde bankkredieten. In het kasstroomoverzicht wordt onderscheid gemaakt tussen operationele, investerings- en financieringsactiviteiten. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit liquide middelen en vlottende effecten. Effecten worden als liquide gezien indien deze als vlottend actief worden verantwoord. Transacties waarbij geen ruil van geldmiddelen plaatsvindt, waaronder financial leasing, worden niet in het kasstroomoverzicht opgenomen. De betaling van leasetermijnen is opgenomen onder de operationele activiteiten. De subsidie voor eerste inrichting wordt als financieringskasstroom verantwoord. 5. Grondslagen voor verbonden partijen Als verbonden partij worden aangemerkt alle rechtspersonen waarover overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Ook rechtspersonen die overwegende zeggenschap kunnen uitoefenen worden aangemerkt als verbonden partij.

Ook de statutaire directieleden en nauwe verwante zijn verbonden partijen. Van betekenis zijnde transacties met verbonden partijen worden toegelicht, voorzover deze niet onder normale marktvoorwaarden hebben plaatsgevonden. Hiervan wordt toegelicht de aard en de omvang van de transactie en de andere informatie dien nodig is voor het verschaffen van het inzicht.

Pagina 35

Jaarrekening SWS Yn de Mande Schiermonnikoog

Toelichting op de balans per 31 december 2024 Activa Vaste activa Materiele vaste activa

Het verloop van de materiele vaste activa is als volgt weer te geven: Gebouwen en terreinen

Overige Vaste Niet aan Inventaris en materiele vaste bedrijfsmiddel bedrijfsvoering apparatuur activa en in dienstbare

Totaal

Stand per 1 januari 2024 Aanschafprijs Cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde

-

164.728 123.343 41.385

89.427 80.589 8.839

-

-

254.155 203.932 50.224

Muataties Investeringen Desinvesteringen op aanschafwaarde Desinvesteringen op afschrijvingswaarde Afschrijvingen Saldo

-

1.198 11.663 -10.465

2.498 -2.498

-

-

1.198 14.161 -12.964

Stand per 31 december 2024 Aanschafprijs Cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde

-

165.926 135.006 30.920

89.427 83.087 6.341

-

-

255.353 218.093 37.260

Hieronder volgt een specificatie van de rubriek Inventaris en apparatuur: Meubilair

ICT

Apparatuur

Totaal

Stand per 1 januari 2024 Aanschafprijs Cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde

35.243 25.519 9.724

101.490 73.061 28.429

27.995 24.763 3.232

164.728 123.343 41.385

Muataties Investeringen Desinvesteringen op aanschafwaarde Desinvesteringen op afschrijvingswaarde Afschrijvingen Saldo

1.698 -1.698

1.198 9.020 -7.822

945 -945

1.198 11.663 -10.465

Stand per 31 december 2024 Aanschafprijs Cumulatieve afschrijvingen Boekwaarde

35.243 27.217 8.026

102.688 82.081 20.607

27.995 25.708 2.287

165.926 135.006 30.920

Financiele vaste activa Het verloop van de financiele vaste activa is als volgt weer te geven: Overboeking Investeringen Desinvestering negatieve en verstrekste en en afgeloste Resultaat deelnemingsw Stand per 31 Stand per 1 jan leningen leningen deelnemingen aarde dec

Overige vorderingen

2.850 2.850

-

-

-

-

2.850 2.850

Toelichting financiele vaste activa Dit betreft de betaling van borg voor gebruik tabblets aan Stichting Snappet

Vorderingen Vorderingen op OCW Vorderingen op gemeenten Vordering op Stichting Kinderopvang en Onderwijs Schiermonnikoog Overige vorderingen Vooruitbetaalde kosten Verstrekte voorschotten Overige overlopende activa

2024 9.095 64.593 17.441 30.309 4.937 126.376

2023 14.240 13.441 1.447 439 29.567

Toelichting vorderingen De vordering op OCW betreft de groeibekostiging over de maanden november en december 2024. De vordering op de gemeente betreft de doorbetaling van de bekostiging over de maand december 2024 ter hoogte van € 51.605. In 2025 wordt de resterende termijn ter hoogte van € 12.988 inzake de subsidie zorg arrangement deel 2024 van Gemeente De overige vorderingen wordt voornamelijk gevormd door de inzet van eigen personeel bij derden. Vooruitbetaalde kosten Licenties software Overige huisvestingslasten Scholingskosten

Liquide middelen Tegoeden op bankrekeningen

2024 1.833 21.185 7.291 30.309

2023 1.447 1.447

2024 139.514 139.514

2023 243.207 243.207

Pagina 36

Jaarrekening SWS Yn de Mande Schiermonnikoog

Passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Publiek - Reserve inrichting LOC

Totaal eigen vermogen

Stand 1 jan

Resultaat

19.980

34.969

Mutaties Stand 31 dec -

54.949

153.207 153.207

-28.207 -28.207

-

125.000 125.000

173.187

6.762

-

179.949

Algemene reserve De algemene reserve is een reserve die is opgebouwd uit in het verleden behaalde exploitatieresultaten en heeft als belangrijkste doel een noodzakelijke buffer te creëren voor mindere tijden. De algemene reserve kent, zoals de naam al aangeeft, geen specifieke bestemming. Bestemmingsreserve Publiek Bestemmingsreserves zijn bedoeld voor toekomstige uitgaven die uit de huidige middelen moeten worden gedekt omdat de toekomstige middelen daartoe mogelijk tekort schieten.

Voorzieningen Het verloop van de voorzieningen is als volgt weer te geven:

Personele voorzieningen 4. Jubileumvoorziening Jubileumvoorziening

Stand 1 jan

Dotaties

794 794

-

Mutaties 2024 Ontrekking

Vrijval

Stand 31 dec

354 354

-

440 440

Onderverdeling saldo per 31 dec 2024 <1 jaar 1 - 5 jaar > 5 jaar Personeelsvoorzieningen - Jubilea

0 0

0 0

440 440

Kortlopende schulden 2024

2023

Crediteuren

12.287

7.122

Belastingen en premies sociale verzekeringen

23.437

33.095

Pensioenen

5.429

5.934

Overige kortlopende schulden - Te betalen salarissen - Overige kortlopende schulden

-59 8.889

7.733

16.183 53.790 5.409 245 125.610

16.485 73.621 6.534 1.342 151.866

Overige overlopende passiva - Vakantiegeld - Vooruitontvangen bedragen - Nog te betalen accountantskosten - Bindingstoelage - Schuld aan Stichting Kinderopvang en Onderwijs Schiermonnikoog

Crediteuren Dit betreft het openstaande crediteurensaldi per einde kalenderjaar, welke in het volgende kalenderjaar zijn/worden Belastingen en premies sociale verzekeringen Deze schuld wordt met name gevormd door de nog te betalen loonheffing over de maand december van het kalenderjaar. Schulden terzake pensioenen Deze schuld wordt met name gevormd door de nog te betalen pensioenspremies (premie ABP, FPU, etc.). Vakantiegeld Dit betreft het opgebouwde recht over de periode juni tot en met december van het betreffende kalenderjaar. Reservering Bindingstoelage In het CAO akkoord van 1 oktober 2024 is de oktober toelage afgesproken. De bindingstoelage komt hiermee te vervallen. De opgebouwde bindingstoelage is in december 2024 uitgekeerd.

Pagina 37

Jaarrekening SWS Yn de Mande

Model G Verantwoording subsidies G1 Subsidies zonder verrekeningsclausule (bedragen in euro's)

(Regeling OCW-subsidies art.13,lid 2 sub a)

Omschrijving

Toewijzing

Toewijzing

Bedrag

Ontvangen

activiteiten ultimo verslagjaar

kenmerk

datum

Toewijzing

t/m

cf. subsidiebeschikking

Verslagjaar

geheel uitgevoerd en afgerond

NVT

G2A Subsidies met verrekeningsclausule, aflopend (bedragen in euro's) Regeling OCW-subsidies art.13,lid2 sub b

Aflopend per ultimo verslagjaar Omschrijving

Toewijzing

Toewijzing

bedrag van

ontvangen t/m

Lasten t/m

Stand

Ontvangst

Lasten

Stand

kenmerk

datum

de toewijzing

vorig verslagjaar

vorig

begin

in

in

Ultimo

Te verrekenen ultimo

verslagjaar

verslagjaar

verslagjaar

verslagjaar

verslagjaar

verslagjaar

NVT

0

0

0

0

0

0

0

0

G2B Subsidies met verrekeningsclausule, doorlopend (bedragen in euro's) Omschrijving

Toewijzing

Toewijzing

bedrag van

ontvangen t/m

Lasten t/m

Stand

Ontvangst

Lasten

Stand

Saldo nog te

kenmerk

datum

de toewijzing

vorig verslagjaar

vorig verslagjaar

begin verslagjaar

in verslagjaar

in verslagjaar

Ultimo verslagjaar

besteden ultimo verslagjaar

NVT

0

0

0

Niet geoormerkte subsidies (bedragen in euro's) Ontvangen

Omschrijving

de activiteiten zijn ultimo verslagjaar

Toewijzing

Toewijzing

Bedrag

t/m

conform de subsidiebeschikking

kenmerk

datum

Toewijzing

Verslagjaar

geheel uitgevoerd en afgerond

NVT

Pagina 38

0

0

0

0

0

Jaarrekening SWS Yn de Mande

Niet uit de balans blijkende verplichtingen Het bestuur heeft geen "niet uit de balans blijkende verplichtingen".

Gebeurtenissen na balansdatum Er is geen sprake van gebeurtenissen na balansdatum.

Pagina 39

Jaarrekening SWS Yn de Mande

Verbonden partijen Statutaire naam

Entiteit

Statutaire zetel

Code Deelname activiteiten percentage 4

Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Friesland PO Samenwerkingsverband Waddenscholen Primair Onderwijs (SWAP)

Leeuwarden Ameland

4

Gemeente Schiermonnikoog Stichting Kinderopvang en Onderwijs Schiermonnikoog

Schiermonnikoog

4

Schiermonnikoog

4

Code activiteiten: 1. Contractonderwijs, 2. Contractonderzoek, 3 Onroerende zaken, 4 Overige

Pagina 40

Jaarrekening SWS Yn de Mande Schiermonnikoog

Toelichting op de staat van baten en lasten over 2024 3. Baten Rijksbijdragen OCW Rijksbijdragen OCW Niet-geoormerkte OCW-subsidies Ontvangen doorbetalingen rijksbijdrage SWV

Rijksbijdragen OCW De specificatie van de Rijksbijdragen betreft:

Vereenvoudigde bekostiging Vereenvoudigde bekostiging Groeibekostiging Nationaal ProgrammaNationaal OnderwijsProgramma (NPO) Onderwijs (NPO) Onderwijsachterstandenbestrijding Onderwijsachterstandenbestrijding

2024 629.175 4.532 31.183 664.890

Begroting 2024 593.680 2.042 35.725 631.447

2023 574.591 4.901 39.070 618.562

2024 556.949 72.226 629.175

Begroting 2024 593.680 593.680

2023 558.549 14.000 2.042 574.591

De Rijksbijdragen OCW is in 2024 € 54.584 hoger dan in 2023. De vereenvoudigde bekostiging is gestegen. Dit is voornamelijk het gevolg van de stijging in prijs per leerling en de stijging in extra bekostiging kleine scholen. Het aantal leerlingen was in 2024 lager dan in 2023. Alles samen leidt in 2024 tot een hogere vereenvoudigde bekostiging ter hoogte van € 3.781. In 2023 had de overgangsbekostiging een positieve invloed op de baten, in 2024 heeft de overgangsbekostiging een negative invloed, waardoor het verschil - € 5.381 betreft. In 2024 heeft Yn de Mande groeibekostiging ontvangen ter hoogte van € 67.946, hier was in 2023 geen sprake van. In 2023 zijn de laatste NPO gelden ter hoogte van € 14.000 toegekend en ontvangen. Ten opzichte van de begroting zijn de Rijksvergoedingen in 2024 € 35.495 hoger hoger. Bij het opstellen van de begroting is rekening gehouden met een hoger aantal leerlingen. Ook is bij het opstellen van de begroting geen rekening gehouden met de groeibekostiging. Niet-geoormerkte OCW-subsidies De specificatie van de niet-geoormerkte OCW-subsidies wordt hieronder weergegeven.

.2 Strategisch personeelsbeleid Strategisch personeelsbeleid Onderwijsachterstandenbestrijding

2024 4.532 4.532

Begroting 2024 2.042 2.042

2023 4.901 4.901

De niet-geoormerkte OCW-subsidies zijn in 2024 € 369 lager dan in 2023. Ten opzichte van de begroting zijn de overige subsidies in 2024 € 2490 hoger. Bij het opstellen van debegroting is geen rekening gehouden met bekostiging vanuit Strategisch Personeelsbeleid, wel met bekostiging vanuit de Onderwijsachterstandenbestrijding. Ontvangen doorbetalingen rijksbijdrage SWV Dit betreft een doorbetaling vanuit het samenwerkingsverband van ontvangen Rijksmiddelen voor basisondersteuning en lichte en zware ondersteuning.

Overige Overheidsbijdragen en -subsidies Overige gemeentelijke bijdragen Overige overheden

2024 83.491 20.948 104.439

Begroting 2024 113.000 23.220 136.220

2023 94.559 19.737 114.296

Van de gemeente Schiermonnikoog werd de subsidie "onderwijs-zorg-arrangement" ontvangen om extra ondersteuning aan leerlingen te bieden. Deze pgb-gelden werden ingezet voor het aantrekken van een extra leerkracht. Daarnaast zijn gelden ontvangen om onderwijsachterstanden tegen te gaan. Daarnaast wordt een vergoeding ontvangen inzake bijzondere bekostiging Waddenscholen.

Overige baten 2024 Verhuurbaten Detachering personeel Overig Ontvangsten Vervangingsfonds

-500 6.218 5.718

Begroting 2024 3.000 18.500 3.000 24.500

De overige baten zijn in 2024 € 16.667 lager dan in 2023. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door lagere inzet van het personeel bij derden. Ten opzicht van de begroting zijn de overige baten in 2024 € 18.782 lager. Bij het opstellen van de begroting is uitgegaan van een hogere inzet van personeel bij derden.

Pagina 41

2023 2.030 14.663 5.692 22.385

Jaarrekening SWS Yn de Mande Schiermonnikoog

Lasten Personeelslasten 2024 Lonen en salarissen Bruto lonen en salarissen Sociale lasten Pensioenlasten Overige personele lasten Dotaties personele voorzieningen Vrijval personele voorzieningen Lasten personeel niet in loondienst Overige personele kosten Ontvangen vergoedingen Vervangingsfonds

Totaal personele lasten

Begroting 2024

2023

396.838 55.564 48.510 500.912

384.378 70.500 59.953 514.831

366.892 48.198 57.807 472.897

-354 139.647 9.707 148.999 -10.512 -10.512

130 113.688 2.652 116.470 -

215 160.866 10.518 171.599 -725 -725

639.400

631.301

643.771

Lonen en salarissen In 2024 is het gemiddelde aantal fte's 5,7. Ten opzichte van 2023 (5,8 fte) is dit 0,1 fte lager.

Directie Onderwijzend personeel Onderwijs Ondersteunend personeel

2024

2023

0,00 5,61 0,10

0,00 5,74 0,10

5,71

5,84

Ten opzichte van de begroting zijn de Lonen en salarissen in 2024 € 13.919 lager. Bij het opstellen van de begroting is uitgegaan van een gelijkblijvende formatie. In 2024 heeft per einde schooljaar een wijzinging in het personeelsbestand plaats gevonden waarbij een leerkracht uit dienst is gegaan. Per 1 augstus is een leerkracht met lagere inschaling en lager fte in dienst is gekomen. In 2024 zijn de Lonen en salarissen € 28.015 hoger dan in 2023. Per 1 oktober 2024 hebben de cao-partijen een akkoord voor de cao primair onderwijs 2024-2025. Per 1 oktober 2024 worden de salarisbedragen verhoogd met 4,9%. Deze salarisverhoging werkt door in de pensioenopbouw en bovenwettelijke uitkeringen. Lasten personeel niet in loondienst De lasten personeel niet in loondienst zijn in 2024 € 21.220 lager dan in 2023 en € 25.959 hoger dan de begroting. Dit betreft kosten voor de vakleerkracht bewegingsonderwijs, interne begeleiding en de inhuur directeur. Vanaf schooljaar 2024-2025 wordt geen gebruik meer gemaakt van interne begeleiding.

- Scholingskosten - Overige personele lasten

2024 5.208 4.499 9.707

Begroting 2024 0 2.652 2.652

2023

2024 14.161 14.161

Begroting 2024 16.766 16.766

2023 15.922 15.922

0 10.518 10.518

Afschrijvingen Afschrijvingen materiele vaste activa

De afschrijvingslasten zijn in 2024 € 1.761 lager dan in 2023 en € 2.605 lager dan de begroting.

Pagina 42

Jaarrekening SWS Yn de Mande Schiermonnikoog

Huisvestingslasten 2024 Onderhoudslasten Schoonmaakkosten Overige huisvestingslasten

115 39.596 39.711

Begroting 2024 39.603 39.603

2023 140 39.602 39.742

Overige huisvestingslasten De huisvestingslasten worden grotendeels (huur, energie, schoonmaak, etc.) betaald door de gemeente. Yn de Mande betaalt de gemeente de ontvangen rijksbekosting inzake de groepsafhankelijke programma's van eisen voor 2024.

Overige instellingslasten 2024 36.348 30.838 7.259 74.445

Begroting 2024 50.150 24.400 10.300 84.850

2023 44.729 28.605 12.160 85.494

Administratie en beheerslasten De kosten voor Administratie en beheerslasten zijn als volgt te specificeren: 2024 Administratie en beheerslasten 13.326 Reis- en verblijfkosten 8.814 Accountantskosten 9.015 Telefoon, portokosten en drukwerk 1.110 Kantoorartikelen 182 Deskundigenadvies 3.901 Overige lasten 36.348

Begroting 2024 25.000 6.000 10.000 950 200 7.500 500 50.150

2023 17.610 11.062 6.534 1.482 650 7.301 90 44.729

Administratie en beheerslasten Inventaris, apparatuur en leermiddelen Overige instellingslasten

Onder administratie en beheer zijn de kosten verantwoord die betrekking hebben op het uitbesteden van de financiële administratie en de personeels- en salarisadministratie en de kosten voor financiële advisering. Accountantskosten De specificatie van de accountantskosten is als volgt: Accountant Controle van de jaarrekening en bekostiging

Overig

9.015 9.015

Totaal 9.015 9.015

-

Inventaris, apparatuur en leermiddelen De kosten voor inventaris, apparatuur en leermiddelen zijn als volgt te specificeren: Onderwijsleerpakket Bibliotheek en documentatie Kopieerkosten Culturele vorming ICT-kosten Overige onderwijskosten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Schiermonnikoog&id=3de657f3-df99-4fe9-b71e-b305c6031271