09 - Biodiversiteit bijlage 2 Agenda herstel biodiversiteit.pdf
Tekst van het document
Agenda herstel biodiversiteit Fryslân Verbinden, versterken, verbeteren
1
Colofon Deze agenda is tot stand gekomen op initiatief van de provincie Fryslân in samenwerking met de Friese natuur- en landschapsorganisaties (Groen Overleg), gemeenten en Wetterskip Fryslân. Begeleidingsgroep: provincie Fryslân, gemeente Leeuwarden, gemeente Ooststellingwerf, Staatsbosbeheer, Kening, Wetterskip Fryslân, Friese Milieu Federatie. Procesbegeleider: Jaap Jepma (Noordtij) Fotografie: provincie Fryslân, Wetterskip Fryslân, Adobe Stock Kaartmateriaal: Altenburg & Wymenga ecologisch onderzoek en advies Redactie en vormgeving: Terwisscha&Wagenaar Februari 2021
2
Voorwoord Fryslân is de mooiste provincies van ons land wat de variatie aan en kwaliteit van landschappen en landschapselementen betreft. Beide ongelooflijk belangrijk voor de biodiversiteit. Toch is ook bij ons veel verloren gegaan in de afgelopen decennia. Denk aan de weidevogels. Soortenrijkdom vinden we allemaal iets om te koesteren en beschermen. Waar we kunnen, helpen we de natuur een handje. Maar daar mag een flinke schep bovenop. Gelukkig is hiervoor breed draagvlak. Dit blijkt onder meer uit gesprekken tussen Friese overheden en een breed scala aan betrokkenen in aanloop naar de omgevingsvisies. Herstel van biodiversiteit wordt gezien als een gezamenlijke verantwoordelijkheid en een urgente opgave. Deze Agenda herstel biodiversiteit Fryslân is vooral bedoeld om samen focus aan te brengen en prioriteiten te bepalen. Op basis hiervan kunnen overheden, natuur- en landschapsorganisaties en agrariërs activiteiten met elkaar afstemmen en programmeren. Particulieren kunnen aanhaken bij een groter netwerk om de effectiviteit van hun bijdrage te verhogen. Zo werken we samen aan een effectief herstel van biodiversiteit. De agenda is geen blauwdruk. Het is een dynamisch document dat meegroeit met de kennis die we nog steeds ontwikkelen over biodiversiteitsherstel. Door te experimenteren en te onderzoeken, door slimmer te werken en vooral door te doen.
De Agenda herstel Biodiversiteit Fryslân kan worden gezien als het startsein voor een gezamenlijk proces. Natuurlijk, er gebeurt al veel. Dat blijkt onder meer uit de enquête die dit voorjaar is uitgezet om initiatieven in beeld te krijgen. Ook staat biodiversiteit al langer op de agenda’s van overheden, ngo’s en kennisinstellingen. En zijn er steeds meer (agrarische) ondernemers die een serieuze bijdrage leveren. Allemaal zien we in dat ecologisch herstel de basis is voor een gezonde economie.
Wat we met deze agenda willen realiseren, is dat we effectiever en doelgerichter gaan samenwerken om weer een opgaande lijn in de biodiversiteit te realiseren. Dat lukt als we de verbinding zoeken en beleid, financiën en uitvoering beter op elkaar afstemmen. Als we goed aansluiten op en gebruik maken van wat er landelijk en door Europa wordt gedaan en dat koppelen aan een sterke Friese aanpak. Activiteiten en kennis moeten samenkomen en we kunnen meer met elkaar optrekken en integraler samenwerken. Herstel van biodiversiteit is geen aparte opgave. De urgentie om de biodiversiteit te behouden, moet een grondhouding worden bij alle mensen en ontwikkelingen in Fryslân. Een rijke biodiversiteit is tenslotte voor alles en iedereen een noodzakelijke voorwaarde. Bij de totstandkoming van de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân zijn veel stakeholders betrokken. De provincie is initiator, maar we doen het met zijn allen. Zoals we dat in Fryslân gewend zijn te doen. Samen met de andere overheden en natuur- en landschapsorganisaties is een aanzet gegeven. Vervolgens is tijdens zes brede bijeenkomsten in kaart gebracht wat bovenaan de agenda moet staan en wat ervoor nodig is om het juiste te doen of misschien wel te laten.
Belangrijke vragen hierbij zijn: Wanneer zijn we tevreden? Wie is waarvoor verantwoordelijk? Hoe zorgen we voor continuïteit? En hoe kunnen we deze activiteiten gezamenlijk organiseren en financieren? Lukt het als natuurorganisaties, boeren, burgers, wetenschappers, banken, overheden en bedrijven ons hiervoor samen in te zetten, dan is herstel van biodiversiteit in Fryslân geen agenda meer, maar realiteit. Douwe Hoogland, Gedeputeerde van de provinsje Fryslân Leeuwarden, februari 2021
3
Leeswijzer De Agenda herstel biodiversiteit Fryslân begint met een beschrijving van het doel en de afbakening van de agenda. Het vervolg bestaat uit drie onderdelen. In deel 1 Analyse wordt de opgave voor de biodiversiteit in de provincie Fryslân geanalyseerd. Hoe staat het hier met de biodiversiteit, wat moet en kan er worden gedaan om de biodiversiteit te versterken en wat is de gezamenlijke ambitie? (hfdst 2). Wat gebeurt er al in beleid en in de praktijk (hfdst. 3). En wat kan er beter (hfdst. 4). In deel 2 Afspraken beschrijven we hoe we samen tot uitvoering van de agenda komen. Wie doet wat? En hoe organiseren we de uitvoering? Deel 3 Acties vormt de eigenlijke agenda. Hierin beschrijven we welke stappen en activiteiten we de komende vier jaar gaan uitvoeren om het gezamenlijke doel te bereiken en welke resultaten die activiteiten moeten opleveren.
4
Inhoudsopgave 1. Wat is de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân
6
2. Hoe soorten uit Fryslân verdwenen
9
2.1 De omvang en urgentie van de opgave
9
2.2 Wat veroorzaakt het verlies aan biodiversiteit?
10
2.3 Welke maatregelen versterken de biodiversiteit?
12
2.4 Wat is het gezamenlijke doel?
13
3. Wat er al gebeurt
15
3.1 Biodiversiteit in beleid
15
3.2 Biodiversiteitsbeleid in de praktijk
17
3.3 Agrarische sector
20
3.4 Natuur- en landschapsorganisaties
20
3.5 Initiatieven
23
3.6 Bewustwording en educatie
23
3.7 Activiteiten voor de agenda
24
4. Wat willen we doen?
26
4.1 Gedeeld beeld
26
4.2 Focus op verbetering
26
4.3 Van Analyse naar Agenda
31
5. Hoe verder?
33
5.1 Proces tot vaststelling
33
5.2 Betrokken partijen
34
6. Activiteiten
37
6.1 Stappen voor creëren voorwaarden
37
6.2 Activiteiten per thema
38
6.3 Activiteitenschema’s
5
1. Wat is de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân Een gezonde biodiversiteit is de basis voor welvaart en welzijn in Fryslân. We hebben soorten nodig de productie van ons voedsel, om woningen te kunnen bouwen, tal van gebruiksvoorwerpen te kunnen maken, maar ook voor schoon water, schone lucht en voor een leefomgeving waarin we kunnen ontspannen en genieten. Soorten staan wereldwijd onder druk, ook in Fryslân. Er is groot draagvlak om het tij te keren. Ons gezamenlijk doel is de komende vier jaar de neergaande lijn in de soortenrijkdom om te buigen naar een opgaande lijn. Dit geldt voor alle soorten - ook de meer algemene soorten-, maar in het bijzonder voor de 250 soorten die zijn aangewezen als soorten van Fries belang. Die lijst moet korter. Het doel is dat hij elke tien jaar met 20% afneemt omdat het leefgebied voor deze soorten is verbeterd en hun voortbestaan in Fryslân niet langer is bedreigd. Verbinden – versterken - verbeteren De Agenda herstel biodiversiteit Fryslân levert hier een aanzienlijke bijdrage aan door te verbinden, versterken en verbeteren. Biodiversiteit is een voorwaarde voor veel ontwikkelingen en tegelijkertijd is herstel van die biodiversiteit van veel ontwikkelingen afhankelijk. Herstel van biodiversiteit dient breed te worden meegenomen in beleid en in de uitvoering van dat beleid.
Denk aan de inrichting van (nieuwe) woonwijken en bedrijventerreinen, het groenbeheer in de bebouwde omgeving en in het buitengebied, de maatregelen die nodig zijn voor de energietransitie, klimaatadaptatie en beperking van de stikstof. Maar ook aan de noodzakelijke transitie van de landbouw. Daaraan werken we met deze agenda. We zorgen dat biodiversiteit op al deze beleidsterreinen hoog op de agenda komt en dat biodiversiteit in de belangafwegingen die in de verschillende opgaven moeten worden gemaakt het gewicht krijgt dat nodig is om het gezamenlijke doel te
6
realiseren. De agenda kan en wil echter niet de uitkomst van deze processen volledig te bepalen. Daarnaast is het doel van deze agenda dat we wat er al gebeurt aan herstel van biodiversiteit efficiënter en beter gaan doen. Het is belangrijk dat we onverminderd uitvoering blijven geven aan alles we doen om de basis op orde te krijgen; de water-, bodem- en luchtkwaliteit, het natuurnetwerk, de kwaliteit van de Natura 2000 gebieden vragen blijvend onze inspanningen en soms nog een extra impuls. Dit doen we door meer en beter samen te werken. Door gezamenlijk focus aan te brengen, kennis te delen en te werken aan verbindingen. Verbindingen voor soorten en verbindingen tussen mensen. Zo willen we met deze agenda een vliegwiel in werking zetten dat ervoor zorgt dat leefgebieden robuuster worden en aan de eisen voldoen die soorten hieraan stellen. Plus voor biodiversiteit Met de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân werken we eraan dat iedereen die iets kan doen aan herstel van de biodiversiteit dit zo kan doen dat het optimaal bijdraagt aan het gezamenlijke doel. We vullen dit niet voor andere partijen in, maar we reiken de kennis, mensen en mogelijkheden voor samenwerking aan. Dit is een dynamisch proces, waarvoor deze agenda het startpunt is. Hoe meer partijen zich bij deze agenda aansluiten hoe groter de plus voor de biodiversiteit.
7
Analyse
8
2. Hoe soorten uit Fryslân verdwenen 2.1 De omvang en urgentie van de opgave Biodiversiteit. Slechts twee op de vijf Nederlanders weten precies wat ermee wordt bedoeld en toch vinden drie op de vijf mensen het goed en logisch dat ze zelf (heel) veel moeten doen voor een grotere soortenrijkdom1. Dat is een mooi uitgangspunt voor een agenda voor herstel van biodiversiteit. Zeker wanneer je bedenkt dat mensen het onderwerp belangrijker gaan vinden naarmate ze beter weten wat het inhoudt. 2.1.1 Wat is biodiversiteit? Voordat we ingaan op wat overheden, organisaties, ondernemers, agrariërs en burgers kunnen doen om verandering tot stand te brengen, is het belangrijk vast te stellen wat biodiversiteit precies is. De meest gebruikte definitie is die van de Verenigde Naties:
2.1.2 Waarom is herstel van biodiversiteit belangrijk? De biodiversiteit vraagt aandacht. Zij staat overal onder druk. Of je nu wereldwijd kijkt, naar Nederland of naar Fryslân. En Nederland is op dit punt zeker niet het beste jongetje van de klas. Sinds begin vorige eeuw zijn honderden soorten verdwenen. Vermoedelijk is er van de soortenrijkdom van rond 1900 nu nog zo’n 15% over2. Wereldwijd wordt een miljoen soorten bedreigd3. En een eenmaal uitgestorven, komt een soort niet meer terug. Wanneer meer en meer soorten verdwijnen, worden ecosystemen steeds zwakker. Uiteindelijk kunnen ze zelfs instorten.
Wanneer je die definitie uit elkaar trekt, ontstaat een duidelijker beeld. Biodiversiteit gaat over:
Een ecosysteem is het geheel van soorten dat elkaar nodig heeft; het natuurlijke evenwicht in een gebied. Hoe meer soorten in een ecosystemen, hoe beter dit bestand is tegen verstoringen van buiten. Ook de mens is een van deze soorten. En ook wij zijn afhankelijk van ecosystemen. Bijvoorbeeld voor ons voedsel, voor schoon drinkwater en voor zuurstof. Wij hebben gezonde ecosystemen nodig om te leven. Wanneer we de biodiversiteit herstellen, herstellen we niet alleen de natuur, maar creëren we ook kansen voor een gezonde economie, gezond voedsel en een gezonde leefomgeving.
de verscheidenheid aan soorten - planten en dieren - in de wereld, van de blauwe vinvis tot het kleinste, met het blote oog niet waar te nemen, micro-organisme; de (genetische) verschillen binnen die soorten; de variatie in leefgebieden waarbinnen de verschillende soorten samenleven, interacteren en elkaar nodig hebben.
Dat geldt ook voor Fryslân. Ondanks de inzet voor natuur, neemt de rijkdom aan planten- en diersoorten af. Sommige leefgebieden, zoals moerasgebieden, laten een herstel zien, maar niet over de hele breedte. Vooral kwetsbare en beschermde soorten vragen aandacht. Voor Fryslân is hiervoor een lijst opgesteld met 250 soorten (soorten van Fries belang). Dit zijn de soorten die wettelijke bescherming vragen, die al op de
‘Biodiversiteit is de variabiliteit in organismen uit de gehele wereld, waaronder terrestrische, mariene en andere aquatische ecosystemen en de ecologische verbanden waar ze deel van uitmaken; de diversiteit betreft de variatie binnen soorten (genen), tussen soorten en tussen ecosystemen’
→
→ →
1. 2. 3.
Beelden van biodiversiteit, Onderzoek naar cognitieve, normatieve en expressieve dimensie van biodiversiteit en naar biodivers gedrag, Motivaction, oktober 2020 compendium voor de leefomgeving Cijfers van IPBES (International Science-Policy for Biodiversity and Ecosystem Services), de onderzoeksorganisatie van de Verenigde Naties voor biodiversiteit (vergelijkbaar met het IPSS voor klimaat).
9
“Hoe de mensheid nu met de natuur omgaat moet veranderen. Anders zal de mens de eerste soort zijn die zijn eigen uitsterven in gang zet” Christina Pasca Palmer, chef biodiversiteit van de Verenigde Naties tijdens de biodiversiteitstop in Sharm-el-Sheikh (Egypte), november 2018
rode lijst staan, maar waarmee het niet beter gaat en waarvoor Fryslân een belangrijk leefgebied is. Voorbeelden van soorten op deze lijst die ook buiten de natuurgebieden voorkomen zijn en die daarmee veel kunnen hebben aan verbindingen met initiatieven vanuit de samenleving: → → →
→ → → → →
Zoogdieren: otter en noordse woelmuis Vleermuizen: meervleermuis en laatvlieger Broedvogels: watersnip, blauwe kiekendief, lepelaar, velduil, grutto, kerkuil en de veldleeuwerik Amfibieën: heikikker Reptielen: ringslang Dagvlinders: argusvlinder Libellen: groene glazenmaker Wormachtigen: regenworm
Het economisch belang van biodiversiteit Verlies van biodiversiteit gaat over de natuur. De gevolgen werken echter door in alle sectoren van de samenleving. We hebben ecosystemen nodig voor bouwmateriaal, voor voedselproductie, brandstof, als grondstof voor kleding en medicijnen. Maar ook voor rust, ontspanning en gezondheid. Voor deze zogenaamde ecosysteemdiensten hebben we dus biodiversiteit nodig. Bovendien leidt wetenschappelijk onderzoek naar biodiversiteit regelmatig tot innovaties en meer welzijn. Niet voor niets waarschuwen niet alleen biologen, ecologen en natuurliefhebbers voor de teruggang in de soortenrijkdom, maar ook economen. Zo riep Frank Elderson, toen nog als directeur Toezicht van de Nederlandse bank, eind 2020 banken, verzekeraars en pensioenfondsen op mee te helpen om de het uitsterven van soorten tegen te gaan. Hij berekende dat alle financiële instellingen samen in Nederland voor 510 miljard euro aan leningen en investeringen hebben uitstaan die een hoog of zeer hoog risico lopen als bepaalde ecosystemen verdwijnen.
10
Veel partijen in Fryslân, waaronder de overheden, zijn zich bewust van de dwingende noodzaak van herstel van de biodiversiteit. In de brede dialoog die met de Friese samenleving is gevoerd voor de Omgevingsvisie, kwam biodiversiteit als een van de urgente opgaven naar voren. Hierbij werd ook vastgesteld dat herstel alleen in samenwerking kan worden gerealiseerd. 2.2 Wat veroorzaakt het verlies aan biodiversiteit? Er zijn verschillende oorzaken voor het verlies aan biodiversiteit. Die zijn allemaal een gevolg van menselijke activiteiten. Het gaat om: →
→
→
→ →
verandering van landgebruik; denk aan ontbossing, verstedelijking (wonen en bedrijventerreinen) en aanleg van spoor- weg- en waterwegen klimaatverandering als gevolg van CO2-uitstoot (met name hogere temperatuur en toenemende droogte in de zomer), binnen de voedselketen loopt de synchronisatie gevaar (denk aan rupsenpiek versus zangvogelkuikens) en het (natuur)beheer komt steeds meer onder druk (bijv. door clusterbuien) intensief gebruik van landbouwgrond: grotere percelen, laag waterpeil, vroeg en vaker maaien en bewerken, bodemverdichting door zware machines, nachtwerk met schijnwerpers, bestrijdingsmiddelen, kunstmest, uitputting van micronutriënten en buffercapaciteit, monocultuur en verdwijnen van gradiënten vervuiling (denk aan (micro)plastics, chemicaliën en medicijnresten) invasieve exoten die (zonder natuurlijke vijand) inheemse soorten verdringen
Ook in Fryslân spelen deze oorzaken een rol in het verdwijnen van soorten. Zo zijn natuur(rijke) ge-
bieden hier door intensief landgebruik en aanleg van nieuwe infrastructuur en bebouwing te klein om populaties in stand te houden. Daarnaast ontbreken voldoende veilige verbindingen tussen de natuurrijke gebieden die uitwisseling tussen kleinere populaties mogelijk maken. Hierdoor ontstaat inteelt en dat verzwakt soorten.
Insecten belangrijk voor herstel biodiversiteit In 2017 verscheen er een Duits-Nederlands onderzoek naar de achteruitgang van insecten. Dit rapport deed veel stof opwaaien. De onderzoekers kwamen tot de conclusie dat de hoeveelheid insecten in 27 jaar met 75 procent was afgenomen. Als een vervolg op dit onderzoek hebben wetenschappers van de Radboud Universiteit in Nijmegen gekeken of ook het aantal soorten afnam. Daarvoor namen zij de zweefvlieg als voorbeeld voor insecten in het algemeen. Zweefvliegen zijn belangrijke bestuivers en biologische plaagbestrijders. Ook het aantal soorten nam volgens het nieuwe onderzoek sterk af. Opvallend was dat dit niet alleen ging om zeldzame soorten. Positief is
dat soorten onder druk volgens de onderzoekers ‘snel terugveren’ met de juiste maatregelen. In verschillende living labs in Nederland wordt gekeken welke maatregelen het meest effectief zijn. Verder is er sprake van vervuiling van bodem en water, bijvoorbeeld door plastics, medicijnresten en chemische middelen, en kennen we in Fryslân uitheemse soorten die de biodiversiteit bedreigen. Sommige nieuwe soorten, komen op vanuit het zuiden door de klimaatverandering, andere zijn al dan niet bewust door de mens geïmporteerd. Klimaatverandering bedreigt ook op andere manieren de biodiversiteit in Fryslân. Denk alleen maar aan de gevolgen van de zeespiegelstijging voor de Waddenzee, het enige natuurlijke UNESCO Werelderfgoed in Nederland en een gebied waarvan tientallen soorten afhankelijk zijn. Of neem de zomers van de laatste jaren, die laten zien welke schade droogte kan toebrengen aan de natuur.
Bron: Stockholm Resilience Center 11
“Hoe de mensheid nu met de natuur omgaat moet veranderen. Anders zal de mens de eerste soort zijn die zijn eigen uitsterven in gang zet” Christina Pasca Palmer, chef biodiversiteit van de Verenigde Naties tijdens de biodiversiteitstop in Sharm-el-Sheikh (Egypte), november 2018
2.3 Welke maatregelen versterken de biodiversiteit? Dat het verlies aan biodiversiteit voor het grootste deel wordt veroorzaakt door menselijke activiteit, betekent ook dat we als mensen de oplossingen in eigen hand hebben. Om een gebied aantrekkelijk te maken voor verschillende soorten - en vooral voor gezonde populaties als belangrijkste voorwaarde voor hun voortbestaan - moet aan een aantal voorwaarden zijn voldaan. Om biodiversiteit te versterken, is het belangrijk om die voorwaarden goed te kennen en ze vervolgens te creëren en te versterken. Ecologisch onderzoeksbureau Altenburg & Wymenga doet hiervoor een aantal aanbevelingen in zijn rapport Versterking van biodiversiteit in Fryslân, Overzicht en analyse van initiatieven. In dit rapport is in kaart gebracht wat er door verschillende initiatieven al gebeurt en om te bepalen wat er beter kan. →
→
12
Aansluiten bij het landschap: verhogen van de biodiversiteit is het meest kansrijk en vaak ook het meest effectief als maatregelen aansluiten op het landschap en de (systeem) kenmerken die daar van nature of historisch bij horen. Omvang en schaal: om de biodiversiteit te kunnen versterken moeten leefgebieden groot genoeg zijn voor (deel) populaties. Ook moeten alle biotopen waarvan zij gebruik maken aanwezig zijn. Daarnaast is een goede en grote variatie aan habitats van belang om de soortenrijkdom te herstellen. Essentieel zijn goede verbindingen, ze vergroten leefgebieden en zorgen ervoor dat biotopen voor verschillende soorten beschikbaar zijn, afgestemd op hun mobiliteit en met waar nodig
→
→
→
onderweg schuil- en rustplekken (stepping stones) waardoor soorten van de verbindingen gebruik kunnen maken. Netwerken realiseren: maatregelen en activiteiten kunnen meer effect hebben wanneer ze in samenhang met bestaande structuren en biodiverse gebieden worden ontwikkeld (aanhaken en/of gaten tussen natuurgebieden verkleinen). Daarbij is het belangrijk dat goed wordt gekeken naar wat elke soort nodig heeft. Herstel landschapselementen: het verhogen van biodiversiteit gaat niet alleen om behouden en versterken van wat het landschap biedt, maar ook om terugbrengen van wat verloren is gegaan. Zo wordt voorkomen dat soorten het weliswaar goed doen, maar dat de soortenrijkdom niet toeneemt. Ontwerpen met een plus voor natuur: activiteiten als wonen, werken en ondernemen vragen ruimte. Bijna altijd ging ontwikkelingen om die ruimte te creëren ten koste van de natuur. Maar je kunt ook ontwerpen op een manier die de natuurwaarden versterkt of besluiten om ergens helemaal af te blijven.
Daarnaast kunnen nog twee belangrijke factoren worden genoemd, namelijk: → Tijd: naast voldoende ruimte, hebben soorten ook voldoende tijd nodig om hun levenscyclus te volbrengen. Dat geldt niet alleen voor (weide)vogels, maar zeker ook voor (grasland)insecten en andere soortgroepen. → Gradiënten oftewel geleidelijke overgangen: we moeten af van de harde grenzen en uitersten in het landschap. De bovenstaande punten maken zowel het belang van samenwerken als van kennis delen en
ontwikkelen duidelijk. Om de noodzakelijke verbindingen en netwerken te realiseren, is kennis nodig van wat er al gebeurt en wat er nog nodig is. Daarnaast zijn er afspraken nodig over wie waar de meest effectieve bijdrage kan leveren.
Biotopen en habitats Wat is het verschil tussen een biotoop en een habitat? → Een biotoop is een geografisch afgebakend landschap of deel van een landschap, waarin verschillende soorten voorkomen → Een habitat gaat uit van de soort, het is de woon- of standplaats van een soort waar alle biotische (soorten) en abiotische factoren (licht, temperatuur, samenstelling van bodem en water) voor die soort de juiste combinatie vormen. 2.4 Wat is het gezamenlijke doel? Het gezamenlijke doel voor de biodiversiteit in Fryslân is dat we de komende vier jaar de neergaande lijn ombuigen in een opgaande lijn. Hier draagt de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân aan bij door ervoor te zorgen dat iedereen in de provincie op de meeste effectieve wijze bijdraagt aan het vergroten van de soortenrijkdom: overheden, NGO’s, kennisinstellingen, bedrijven, agrariërs en burgers. Er gebeurt al veel (zie hoofdstuk 3). Toch blijft de biodiversiteit achteruitgaan. Door kennis te delen en initiatieven te verbinden, willen we met de agenda realiseren dat we samen doen wat nodig is om de achteruitgang te keren. We zorgen voor een vliegwiel voor herstel van biodiversiteit dat nodig is om de opgaande lijn in de soortenrijkdom in de provincie te realiseren. Dit geldt voor de biodiversiteit in de breedte: de algemene soorten en de bijzondere en kwetsbare soorten.
We willen toe naar levensvatbare populaties die tegen een stootje kunnen en die voldoende geschikte leefgebieden hebben die aan hun eisen voldoen. We letten extra op de beschermde, kwetsbare soorten waar het niet goed mee gaat. We hebben
250 soorten van Fries belang gedefinieerd die onder druk staan. Deze lijst moet elke tien jaar een vijfde korter worden. Het bovenbeschreven doel kent twee onderdelen: het ombuigen van de neergaande lijn van biodiversiteit van de algemene biodiversiteit en daarnaast het inkorten van de lijst met de beschermde en kwetsbare soorten. Dit vraagt ook twee sets van monitoringsgegevens om te bepalen of deze doelen worden gerealiseerd. 2.4.1 Wat kan er beter? Wat ervoor nodig is dat gezamenlijke doel te realiseren, is in grote lijnen bekend. Zoals bij de oorzaken van verlies van biodiversiteit beschreven, moet de basis op orde zijn: lucht, bodem en water. Daarnaast zijn variatie in biotopen en habitats en goede verbinden voor soorten van levensbelang. Om de landschappen te realiseren die aan deze voorwaarden voldoen, is kennis van de verschillende landschapstypen nodig, maar ook van effecten van menselijk handelen, van maatregelen, van biotopen en habitats en van soorten. Elke soort vraagt immers zijn eigen verbindingen. In welke mate activiteiten en initiatieven bijdragen aan het herstel van de basis, bepaalt in hoge mate hun effectiviteit voor herstel van de biodiversiteit. Op al deze punten kan nog veel worden verbeterd.
Netwerken, verbinden en monitoren Naast het realiseren van verbindingen, onder meer door het goed op elkaar aan laten sluiten van ecologisch beheer van lijnvormige elementen, zijn kennisdeling en kennisuitwisseling belangrijke aandachtspunten in de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân. Evenals het goed op elkaar afstemmen van activiteiten en initiatieven. Ook de gebieden waar mogelijk nog niets gebeurt vragen aandacht. Hoe kunnen deze witte vlekken in kaart brengen en vervolgens inkleuren en wat is daar nodig? En om te bepalen wat werkt en wat niet, is een goede monitoring, liefst vanaf de start (0-meting), cruciaal.
13
Voorwaarden Om de extra stappen te kunnen zetten die ervoor zorgen dat de biodiversiteit toe- in plaats van afneemt, zijn niet alleen activiteiten nodig die direct ten goede komen aan landschappen en soorten. Van belang is bijvoorbeeld ook dat de bewustwording over de urgentie van biodiversiteitsherstel toeneemt en dat er nieuwe verdienmodellen worden ontwikkeld die boeren, bedrijven en overheden in staat stellen natuurinclusieve keuzes te maken. Bewustwording gaat ook over de effecten van het eigen handelen: consumentengedrag, inrichting van eigen grond en tuin, watergebruik, etc. Op deze manier kunnen ook kinderen en jongvolwassenen worden meegenomen in het verhaal zodat er een volgende generatie komt die de resultaten kan vasthouden en verbeteren. 2.5 Naar een gezamenlijke agenda In hoofdstuk 2 beschrijven we wat er allemaal al wordt gedaan aan biodiversiteitsherstel in Fryslân. Aan de hand hiervan kunnen we ook bepalen wat er nog beter kan. De agenda
is vooral bedoeld om gerichter en effectiever te werken aan herstel: activiteiten beter op elkaar afstemmen, beter verbinden en met meer focus samen aan dezelfde doelen werken. Op die manier willen we er samen voor zorgen dat de soortenrijkdom toeneemt. Een aantal verbeteringen is relatief snel en eenvoudig te realiseren. Andere activiteiten vragen een iets langere aanlooptijd, bijvoorbeeld omdat ze op verschillende manieren kunnen worden uitgevoerd en het belangrijk is hierin eerst samen de juiste keuzes te maken. Daarnaast is het goed om meer inzicht te krijgen in waar en hoe herstel van biodiversiteit kan worden verbonden met andere opgaven, zoals klimaatadaptatie, energietransitie en de transitie naar een natuurinclusieve landbouw. In sommige delen van Fryslân zal het ook kunnen worden ingebed in bestaande of te ontwikkelen gebiedsprocessen, omdat biodiversiteit daarin toch al een belangrijke rol speelt of omdat het proces mooie kansen biedt om herstel van de soortenrijkdom mee te nemen. In de volgende hoofdstukken gaan we in op hoe de agenda vorm krijgt en wordt uitgevoerd. In hoofdstuk 2 inventariseren we wat er al gebeurt. Dit beeld is nog niet compleet, maar kan gaandeweg worden aangevuld.
Hoofdstuk 3 beschrijft welke verbeterpunten naar voren komen uit de inventarisatie en welke activiteiten zijn benoemd in de bijeenkomsten die met stakeholders zijn gehouden om tot de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân te komen. Hoofdstuk 4 gaat over de wijze waarop we de agenda gaan uitvoeren en in hoofdstuk 5 delen we de activiteiten in naar urgentie en uitvoerbaarheid: wat kan snel worden gerealiseerd en wat vraagt eerst nog voorwerk? De agenda sluit af met een overzicht van alle activiteiten en stappen die de komende vier jaar gezet kunnen en moeten worden. Over de wijze van samenwerken in de uitvoering en het jaarlijks bijstellen van de agenda maken we de komende periode afspraken.
14
3. Wat er al gebeurt Herstel van biodiversiteit behoort voor een deel tot de reguliere taken van overheden. Dit is vastgelegd in beleid. Om te weten wat er binnen dit kader al gebeurt in Fryslân, Nederland en Europa en waarop kan worden aangesloten, geven we hiervan eerst een beknopte samenvatting. Daarna gaan we in op hoe dit in de praktijk wordt ingevuld door overheden en wat andere stakeholders en particulieren al aan herstel van biodiversiteit in Fryslân doen. Tot slot kijken we welke aanknopingspunten dit biedt voor het formuleren en realiseren van activiteiten voor de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân. 3.1 Biodiversiteit in beleid 3.1.1 Europa Het biodiversiteitsbeleid wordt voor een belangrijk deel bepaald door Europese richtlijnen, zoals de vogel- en habitatrichtlijn en Natura 2000. Deze maakten deel uit van de Biodiversiteitsstrategie voor 2020. In de nieuwe Europese Biodiversiteit Strategie 2030 zijn de doelen minder exclusief op soorten gericht: → 30% van het land en 30% van de Europese zeeën is beschermd natuurgebied → 25% van de boeren werkt biologisch → de neergaande lijn in het aantal bestuivers is omgebogen in een opgaande lijn → tenminste 25.000 kilometer rivier heeft een vrije doorstroom → de risico’s en het gebruik van pesticiden is met 50% teruggebracht → er zijn 3 miljard bomen geplant.
Daarnaast biedt de Green Deal van de Europese Unie kansen, bijvoorbeeld via de strategie ‘van boer tot bord’ in het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Europese subsidieregelingen als Interreg kunnen activiteiten helpen mogelijk maken. Denk aan Biogov.
3.1.2 Rijk Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) besteedt aandacht aan biodiversiteit in haar visie op kinglooplandbouw. De nationale ambitie voor biodiversiteit heeft zij, samen met de provincies, vastgelegd in ‘Nederland Natuurpositief, een ambitiedocument voor een gezamenlijke aanpak in natuurbeleid’. Deze aanpak is weergegeven in vier v’s: versterken, verbeteren, verbreden en verbinden. 3.1.3 Provincie Fryslân Bestuursakkoord In het bestuursakkoord van de provincie Fryslân komen vergelijkbare bouwstenen terug. Hierin is opgenomen dat er een Herstelprogramma Biodiversiteit moet komen. Omgevingsvisie In de provinciale omgevingsgvisie is herstel van biodiversiteit aangemerkt als een urgente opgave. De provincie wil het herstel van biodiversiteit bereiken door het verbeteren van de kwaliteit van de leefgebieden en via het versterken van de verbinding tussen biodiversiteit en de samenleving. Via vier hoofdsporen wordt dit verder uitgewerkt: 1.
Herstel basiskwaliteit en samenhang leefgebieden (de basis op orde: Natuurnetwerk Nederland (NNN), Natura 2000, Agrarisch Natuurbeheer, weidevogelkerngebieden, voldoende water, schoon water, lucht en een gezonde bodem), zodanig dat kwetsbare en beschermde soorten en soortenrijkdom in de volle breedte optimale omstandigheden hebben om zich te herstellen en ontwikkelen. 2. Versterken van de verbinding tussen landbouw en economie en natuur (natuurinclusieve landbouw, circulaire economie, recreatie, beheer infrastructuur), zodanig dat biodiversiteit een
15
vanzelfsprekende plek heeft in economische activiteiten en beheer van infrastructuur. 3. Versterken bewustwording samenleving (bijvoorbeeld via culturele uitingen), zodanig dat de betrokkenheid bij de leefomgeving groeit, er een actieve inzet ontstaat bijvoorbeeld bij beheer en onderhoud en monitoring, en samenwerking tussen initiatieven is versterkt. 4. Natuurinclusief ontwerpen bij nieuwe projecten, het koppelen van opgaven en gebiedsgerichte aanpak, zodat projecten en opgaven bijdragen aan herstel van biodiversiteit wanneer zich kansen voordoen. Omgevingsvisie In het hoofdstuk ‘de basis op orde’ in de provinciale Omgevingsvisie is een aantal voor de biodiversiteit relevante doelen vastgelegd: →
→
→ →
→
→ →
16
Versterken: realisatie en bescherming van het Friese deel van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) in 2027 en instandhouding van de soorten waarvoor de gebieden zijn aangewezen. Natuurwaarden in het agrarisch gebied behouden en herstellen, waaronder een vitale weidevogelpopulatie en waar mogelijk andere kwetsbare soorten van Fries belang. Behoud van stilte en duisternis in gebieden waar die aanwezig zijn. Geluidhinder en (water)bodemverontreiniging worden aangepakt, waar mogelijk volgens normen die boven het wettelijk minimum liggen. De luchtkwaliteit blijft minimaal op het huidige niveau, dat boven de wettelijke normen ligt. Sanering en voorkomen van verontreiniging en uitputting van bodem en ondergrond. Voldoende schoon water: kwaliteit en kwantiteit van grond- en oppervlaktewater is in balans met de behoefte in het gebied (natuur, landbouw, industrie, recreatie en drinkwater).
Naast de doelen voor de basiskwaliteit is in de Omgevingsvisie een aantal urgente opgaven opgenomen, die waar mogelijk in samenhang moeten worden aangepakt, onder meer om de beperkte ruimte in de provincie goed te benutten. Zoals gezegd is het versterken van de biodiversiteit is een van deze opgaven, samen met klimaatadaptatie, leefomgeving (vitaal, leefbaar en bereikbaar) en de energietransitie. Voor de opgave biodiversiteit is de doelstelling dat overal in de provincie - natuurgebieden en daarbuiten - de neergaande lijn in 2025 is omgebogen naar een opgaande lijn, die ook voor langere periode wordt vastgehouden. Daarbij wordt de lijst van 250 soorten van Fries belang gebruikt als de graadmeter. Iedere tien jaar moet deze lijst met 20% krimpen. 3.1.4 Waterschap en gemeenten Wetterskip Fryslân heeft biodiversiteit al in zijn beleid opgenomen. Leeuwarden en Súdwest-Fryslân hebben ecologisch beheer vastgesteld in hun beleidsplannen voor openbaar groen. Súdwest-Fryslân heeft hierin bijvoorbeeld vastgelegd dat zij geen chemische bestrijdingsmiddelen inzet en dat zij met onderhoud de biodiversiteit wil vergroten. Leeuwarden, Smallingerland, Ooststellingwerf en Noardeast Fryslân werken aan een agenda of plan voor het versterken van de biodiversiteit. Ooststellingwerf wil dit samen met bewoners en ondernemers oppakken.
Noardeast-Fryslân wil zowel een gemeentelijk biodiversiteitsherstelplan en een insectenherstelplan opstellen als een biodiversiteitsagenda. Die laatste ziet zij als een ‘to-do-list’ voor de gemeentelijke organisatie om aan te geven wat verschillende afdelingen van de gemeente aan biodiversiteit kunnen doen. De gemeente Smallingerland heeft meer biodiversiteit en natuurvriendelijke inrichting opgenomen in haar strategische koers voor de Omgevingsvisie en in Tytsjerksteradiel ligt een voorstel voor een Duurzaamheidsagenda, waar-
“Landbouw en natuur zijn van nature met elkaar verbonden, maar pas als we in het veld goed gaan samenwerken dan wordt 1 + 1 echt 3!” Alex Datema van BoerenNatuur
mee college en gemeenteraad nog moeten instemmen.
van het Natuurnetwerk Nederland (voorheen de EHS) en agrarisch natuurbeheer centraal.
De gemeente Heerenveen heeft een Uitvoeringsagenda Klimaatadaptatie en Biodiversiteit, waarmee zij aan tien projecten werkt. Zij heeft ook een subsidieregeling voor initiatieven. Gemeente Waadhoeke heeft in 2020 een Biodiversiteitsactieplan vastgesteld, waarin zowel publieksacties zijn opgenomen als vergroenen van schoolpleinen en onderzoek naar opties voor monitoring (nectarindex). Weststellingwerf heeft een bomenbeleidsplan om het kenmerkende groene karakter van de gemeente te behouden en versterken. Daarnaast heeft zij in de Landschapsvisie Zuidoost Friesland biodiversiteit in samenhang met klimaatadaptatie uitgewerkt. Per landschapstype heeft zij hierin de belangrijkste ontwikkelingen voor de biodiversiteit en de mate van impact op de landschapskarakteristiek omschreven, evenals de belangrijkste opgaven die hieruit voortvloeien. De landschapsvisie is als onderlegger voor de omgevingsvisie van de gemeente gebruikt. Weststellingwerf streeft ernaar de gemeente eind 2021 een ambitiedocument Biodiveriteit voor te leggen.
De provincie Fryslân werkt hieraan onder de noemer ‘de basis op orde’. Hieronder vallen het Natuurnetwerk Nederland (NNN), Natura 2000, Agrarisch Natuurbeleid, weidevogelkerngebieden, voldoende water en schoon water, schone lucht en een gezonde bodem. Alles wat op dit gebied gebeurt, draagt eraan bij dat kwetsbare en beschermde soorten en soortenrijkdom in de volle breedte optimale omstandigheden hebben om zich te herstellen en ontwikkelen. Aan het Natuurnetwerk, voorheen de Ecologische Hoofdstructuur (EHS), wordt al vanaf jaren ‘90 van de vorige eeuw gewerkt. Het merendeel van de oorspronkelijke EHS is gerealiseerd, een deel zal op langere termijn worden gerealiseerd. Voor een deel van de resterende opgave is afgesproken om dit een andere wijze te realiseren. Dat gebeurt in Fryslân sinds 2018 middels de Natuer mei de Mienskip-aanpak. Dat is een pilot die zich de komende jaren in de praktijk zal moeten bewijzen.
3.2 Biodiversiteitsbeleid in de praktijk Hoe vertalen overheden het beleid voor herstel van biodiversiteit in de praktijk en wat wordt er daarnaast via andere beleidsterreinen, opgaven of projecten al gedaan? 3.2.1 Provincie fryslân De provincie is wettelijk verantwoordelijk voor het beschermen, behouden en verbeteren van de biodiversiteit in Fryslân (met uitzondering van de grote wateren, die onder het Rijk vallen). In het Natuurpact dat de provincies hierover in 2014 sloten met het Rijk, staan het verder realiseren
17
Met de agrarische collectieven zijn beheerpakket afgesloten (zie ook hieronder). De huidige pakketten lopen tot 2023. Daarnaast stelt de provincie jaarlijks een natuurbeheerplan op voor het NNN en wordt uitvoering gegeven aan de beheerplannen voor de Natura 2000 gebieden. Een aanvullend Programma Natuur zal hieraan een extra impuls geven.
van dijken, oevers, kaden en watergangen een belangrijke rol in het verbinden van leefgebieden. Daarnaast bepalen ook de waterkwaliteit en het peilbeheer of gebieden geschikt zijn voor soorten. Dit zijn niet alleen de zichtbare soorten als vogels, vissen, zoogdieren en planten, maar het gaat ook om bacteriën, schimmels en kleine dieren die in de bodem leven.
Ook voor de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân is een gezonde bodem een belangrijk speerpunt voor de provincie. Niet alleen als voorwaarde voor biodiversiteit, maar ook voor de waterkwaliteit (Kaderrichtlijn Water), natuurinclusieve en toekomstbestendige landbouw en veenbehoud. Voorbeelden van projecten die hieraan al werken, richten zich onder meer op het terugdringen van fosfaat en stikstof en van gewasbeschermingsmiddelen en op het verhogen van de hoeveelheid organische stof in de bodem. Denk aan de Regiodeal Natuurinclusieve Landbouw en het project Kaindorf, waarin boeren het organische stofgehalte in de bodem verhogen zodat deze CO2 opslaat en meer water kan absorberen. Hier ligt een mooie kans om een stevige koppeling te leggen met het stikstofbeleid.
Op eigen terreinen worden soortenrijke mengsels ingezaaid, is het onderhoud aangepast en wordt maaisel zoveel mogelijk afgevoerd. Onkruid wordt bestreden zonder gebruik te maken van bestrijdingsmiddelen en in het schouwbeleid is ruimte gemaakt voor het deels laten staan van waterplanten in de sloten. Via zogenaamde ‘blauwe diensten’ worden boeren gestimuleerd natuurinclusief oeverbeheer toe te passen. Verder gaat Wetterskip Fryslân in 2021 een eigen biodiversiteitsplan uitwerken.
Programma’s en projecten voor verbeteren bodemkwaliteit → Regiodeal Natuurinclusieve Landbouw → Project Kaindorf
3.2.2 Wetterskip fryslân Wetterskip Fryslân heeft, mede voor de Kaderrichtlijn Water, de afgelopen jaren veel geïnvesteerd om de kwaliteit van het water en de oevers te verbeteren. Op veel plekken in Fryslân is gewerkt aan onder meer natuurvriendelijke oevers, zuiveringsmoerassen en vispassages. Dit heeft een positief effect gehad op de biodiversiteit. Er worden in natuurvriendelijke oevers meer soorten insecten aangetroffen dan in een traditionele oever. Ook buiten het water heeft het waterschap invloed op de biodiversiteit. Zo speelt het beheer
18
3.2.3 Gemeenten Wat gemeenten al doen aan behoud en herstel van biodiversiteit is nog niet voor de hele provincie bekend. Het verder in beeld brengen van deze activiteiten is een van de actiepunten voor deze agenda. Wat al wel duidelijk is, is dat een flink aantal gemeenten aan ecologisch beheer doet. Leeuwarden, Súdwest-Fryslân, Achtkarspelen, Tytsjerksteradiel, Ooststellingwerf, Waadhoeke, Noardeast Fryslân en Dantumadiel beheren alle groen of een aanzienlijk deel hiervan op ecologische wijze. Waar het nog niet overal gebeurt, is de ambitie vaak het aandeel ecologisch beheer uit te breiden. Súdwest Fryslân werkt voor het ecologisch beheer met een maaimachine met GPS, waarin kwetsbare en beschermde plantensoorten staan, die bij het maaien worden ontzien. Ooststellingwerf houdt in het maaibeheer onder meer rekening met de ringslang. Een aantal gemeenten werkt ook aan ecologische linten en/ of verbindingen, met name gericht op insecten. In Waadhoeke werkt de gemeente aan plateaus voor visdieven en Ooststellingwerf beheert ook oevers van vijvers en watergangen ecologisch. En
Weststellingwerf heeft de bermen op industrieterrein Wolvega en meer dan 150 km bermen in het buitengebied ingezaaid met een gebiedseigen bloemrijk mengsel na de aanleg van het glasvezelnetwerk en bermverhardingen. Ook in de inrichting van de openbare ruimte, neemt een aantal gemeenten biodiversiteit mee. Zo legt Smallingerland onder andere minibosjes aan en stimuleert de gemeente de aanleg van voedselbossen. Weststellingwerf werkt in verschillende samenwerkingsprojecten aan versterking van groen, onder meer op Industrieterrein Wolvega. Achtkarspelen, Súdwest-Fryslân en Waadhoeke stimuleren biodiversiteit en vergroening van de openbare ruimte. Súdwest-Fryslân maakt hiervoor gebruik van het Kwaliteitshandboek Inrichting Openbaar Groen. Veel gemeenten nemen burgers bewust mee in hun activiteiten voor herstel van biodiversiteit. Dit doen zij bijvoorbeeld met bewustwordingscampagnes (Noardeast Fryslân, Dantumadiel, Waadhoeke, Achtkarspelen, Vlieland, Heerenveen en Smallingerland), maar ook door burgerinitiatieven te stimuleren en ondersteunen (Achtkarspelen, Schiermonnikoog, Ooststellingwerf, Súdwest-Fryslân, Noardeast Fryslân, Dantumadiel en Heerenveen). Schiermonnikoog ondersteunt bijvoorbeeld biodiversiteitsprogramma van de boeren op het eiland.
Heerenveen heeft een subsidieregeling voor initiatieven en Noardeast Fryslân en Dantumadiel stimuleren bewoners met het project Natuerlik Ferskaat mei de Mienskip zich sterk te maken voor biodiversiteit in en rond een aantal dorpen. Weststellingwerf doet al sinds 2005 mee aan het project ‘Dorpen in het groen’, waarin sinds 2012 extra aandacht wordt gegeven aan biodiversiteit. Ook gaat de gemeente in de projecten Dorp Landschap en Biodiversiteit actief met bewoners bezig om de biodiversiteit te versterken. De belangstelling hiervoor is groot. Een aantal gemeenten werkt via gebiedsprocessen aan het versterken van de biodiversiteit.
Leeuwarden zoekt binnen de Regiodeal Natuurinclusief platteland met inwoners en boeren naar mogelijkheden om de soortenrijkdom te vergroten en via de Veenweidevisie werkt zij aan het tegengaan van verdroging van de Alde Feanen. Ook Smallingerland zet de Regiodeal in om zijn biodiversiteitsambities te realiseren. 3.2.4 Rijkswaterstaat Rijkswaterstaat is een van de ondertekenaars van de zogenaamde Green Deal 196. Hierin hebben overheden met organisaties als Tennet, Gasunie, Vitens en ProRail en infrabedrijven afgesproken bij aanleg, beheer en onderhoud van (water) wegen, spoorrails, (hoogspannings)kabels en dijken voor meer natuurvariatie te zorgen. Binnen de Green Deal, waaraan geen Friese overheden deelnemen, zijn handreikingen gemaakt om biodiversiteit vast te leggen in aanbestedingen, omgevingsmanagement en businessmodellen. Dit geeft bijvoorbeeld gemeenten en bedrijven mogelijkheden om zelf ook voor meer natuurvariatie in hun omgeving te zorgen. Rijkswaterstaat bracht een boek uit met voorbeeldprojecten. En de Vlinderstichting heeft een keurmerk voor goed (maai)beheer ontwikkeld, het zogenoemde ‘Kleurkeur’, voor aannemers en groenbedrijven die bij het beheer van bermen en andere groenstroken rekening houden met vlinders en bijen. De Green Deal is op 7 maart 2019 afgerond. In 2020 is er hard gewerkt aan een landelijk biodiversiteitskader voor Rijkswaterstaat.
Financiën daarbij is het centrale probleem. Rijkswaterstaat Nederland hoopt dat (medio) 2021 het Plan van aanpak Biodiversiteit meer duidelijkheid gaat verschaffen hierin. Rijkswaterstaat Noord-Nederland probeert met het nieuwe groenbeheerplan in te zetten op het twee keer per jaar maaien van de bermen van het Hoofdwegennet en het afvoeren van het vrijkomend maaisel (met een dubbele frequentie kan er namelijk op biodiversiteit gestuurd worden). Dit zou in 2022 gerealiseerd kunnen worden maar hangt af van een gunstige aanbesteding van het onderhoudscontract.
19
Een nieuw groenbeheerplan voor de Hoofdvaarweg Lemmer-Delfzijl (HLD) is in de maak: Naast water bestaan grote delen van de HLD ook uit (gras)bermen. Met het nieuwe onderhoudscontract van de HLD zou dit (met gunstige aanbesteding) idem hoofdwegennet, geëffectueerd kunnen worden in 2023. Tenslotte grijpt Rijkswaterstaat de kansen die zich ad hoc voordoen: bij aanleg van nieuwe projecten of daar waar mogelijk is bij groot onderhoud. Ook doet Rijkswaterstaat veel op het wad en de kwelders op het gebied van natuurbeheer. 3.3 Agrarische sector Bureau Altenburg en Wymenga heeft in zijn rapport ook de initiatieven en activiteiten van de agrarische collectieven in kaart gebracht. Zij hebben samen meer dan 27.000 beheerpakketten afgesloten, die op een uitzondering na, kunnen worden gezien als initiatieven voor het versterken van de biodiversiteit. Samen beheren ze zo zo’n 25.500 ha. Verreweg de meeste pakketten zijn gericht op weidevogels. Daarnaast werken de collectieven aan natte elementen (denk aan duurzaam slootbeheer, natuurvriendelijke oevers en poelen, beheer van singels en bosjes en op akkers aan onder andere meerjarige en wintervoedselakkers en kruidenrijke akkerranden. Ook buiten de beheerplannen werken veel agrariërs al aan meer natuurinclusieve manieren van werken. Deze zijn in de inventarisatie nog niet meegenomen.
Ook dit is iets wat in een verdere uitwerking in kaart gebracht zou kunnen worden. 3.4 Natuur- en landschapsorganisaties Voor de natuurgebieden in het natuurnetwerk stelt de provincie doelen vast. Dit NNN is de ruggengraat van de natuur in Fryslân. Hier werken de terreinbeherende organisaties aan de afgesproken natuurdoelen. Waar dat nog niet is bereikt, worden herstelmaatregelen uitgevoerd. Vaak als onderdeel van de beheerplannen voor de Natura 2000 gebieden. Het is van wezenlijk
20
belang voor de biodiversiteit in zowel de gebieden zelf als daarbuiten. Het is ook het startpunt voor het realiseren van de noodzakelijke grotere leefgebieden voor populaties door het inrichten van goede verbindingen en een goede aansluiting tussen natuurgebieden en agrarisch gebied. Sinds 2019 werken de natuurorganisaties samen met de Feriening Biologyske Boeren Fryslân, het Kollektievenberied Frysân, LTO, Wetterskip Fryslân en Het Friesch Grondbezit via het programma Natuer mei de Mienskip aan het completeren van het NNN in samenhang met andere opgaven in het buitengebied. Ook de provincie is bij Natuer mei de Mienskip betrokken. Daarnaast werken de natuur- en landschapsorganisaties ook via andere projecten aan het versterken van de biodiversiteit. Zo is Landschapsbeheer Friesland hier op 200 locaties verspreid over de provincie mee bezig. Dit doet de organisatie zowel heel specifiek op één punt voor één soort (bijv. broeihopen voor de ringslang) als grootschalig (elzensingels in de Noardlike Fryske Wâlden) of in de hele provincie. De Natuurwerkdag is van dit laatste een voorbeeld, net als de ondersteuning van de agrarische collectieven. Ook It Fryske Gea en de Friese Milieu Federatie zetten zich in diverse projecten, vaak samen met bewoners, in voor het verhogen van de biodiversiteit.
Tot slot wordt er actief ingezet op het behoud en de uitbreiding van de nog resterende bronpopulaties. Dat is met de huidige externe randvoorwaarden geen sinecure, vinden de natuur- en landschapsorganisaties, want ondanks dat ze hun best doen, verdwijnen er nog ieder jaar kwetsbare soorten.
21
22
3.5 Initiatieven Naast de activiteiten van de grotere spelers in het herstel van biodiversiteit, zijn er tal van grote en kleinere (burger)initiatieven. Deze zijn in de zomer van 2020 geïnventariseerd door de Friese Milieu Federatie en Kening. Zij hebben hiervoor een enquête uitgezet. Hieruit kwamen 152 initiatieven naar voren. Ecologisch onderzoeksbureau Altenburg & Wymenga heeft de resultaten van de enquête geordend en geanalyseerd en, samen met de activiteiten van de natuur- en landschapsorganisaties en de agrarische collectieven, samengebracht in het rapport Versterking van biodiversiteit in Fryslân, Overzicht en analyse van initiatieven. Het rapport biedt ook een kader voor een focus op de opgave biodiversiteitsherstel, op basis waarvan activiteiten kunnen worden geprogrammeerd. Veel van de initiatieven die via de enquête zijn aangemeld, zijn nog in ontwikkeling of gepland (35%). Bijna de helft is in uitvoering. Bij de overige initiatieven zijn deze fasen doorlopen en gaat het vooral om beheren van wat is gerealiseerd. Er zijn dus veel ‘jonge’ initiatieven. Dit zou erop kunnen wijzen dat de belangstelling om met herstel van de biodiversiteit aan de slag te gaan groeit. 2020 laat als startjaar een duidelijke piek zien (bijna de helft van alle initiatieven).
Bovendien gaan achter de initiatieven niet alleen veel deelinitiatieven schuil, maar ook veel mensen; als initiatiefnemers (400) en als betrokkenen (2.300). Zover bekend, zijn er in Fryslân zo’n 2.700 mensen bezig met het behoud van soorten en daarmee met herstel van biodiversiteit. Dat is mooi, maar de potentie is volgens onderzoeksbureau Motivaction vele malen groter. Want als drie op de vijf mensen vinden dat ze zelf veel meer moeten doen voor de biodiversiteit, dan kun je de nu al actieve 0,5 procent van de Friese bevolking als een kopgroep zien en is er een groot peloton dat nog kan volgen.
De meeste initiatieven zijn praktisch en gericht op realisatie en beheer en worden uitgevoerd particulieren (40%) en door stichtingen of verenigingen (64%) en door overheden (30%). Ze werken op specifieke locaties, veelal openbaar terrein (78%) in en rondom steden en dorpen, verspreid over de provincie aan herstel over een oppervlakte van meer dan enkele vierkante meters (de meeste bestrijken gebieden van enkele hectaren). Planten zijn favoriet bij de initiatiefnemers (kruidenrijke grazige vegetaties, fruitbomen en struiken, kruidenrijke akkers en oevervegetaties), waarbij vaak expliciet wordt aangegeven dat het om inheemse en gebiedseigen soorten gaat. Vaak hebben de planten een doel voor dieren, vooral insecten en vogels. Ook verbetering van de bodemkwaliteit (ca. 50%) en water (ca. 25%) en verbetering van het bodemleven worden veel genoemd. 3.6 Bewustwording en educatie Met de campagne ‘Watzullenwenoubeleven’ heeft FMF in 2020 burgers bewust gemaakt van het belang van een gezonde biodiversiteit. In de eerste fase van deze campagne zijn burgers via social media en huis-aan-huisbladen vooral geïnformeerd over de betekenis van biodiversiteit voor het dagelijks leven. In een vervolg zijn zij er ook op gewezen wat ze zelf kunnen doen om de biodiversiteit te versterken. Inwoners en bestuurders van de provincie is gevraagd sneeuwklokjes te planten.
Door samen te werken met plekken waar veel Friezen met een tuin komen, is een zo breed mogelijke groep bereikt. Ook de tel- en monitoringsdagen van soorten- en natuur- en landschapsorganisaties dragen bij aan de bewustwording. IVN is de trekker van educatie voor het basis- en voortgezet onderwijs in Fryslân. Verder coördineert zij onder meer de voorlichting en educatie in de Nationale Parken en leidt ondernemers op tot groene Gastheren van het Landschap. Dit doet IVN in opdracht van derden, zoals het Ministerie van LNV (Nationale Parken), het Ministerie van VWS (Jong Leren Eten), de provincie, gemeenten,
23
Wetterskip Fryslân, onderwijsinstellingen en andere organisaties. Zo versterkt IVN in opdracht van de gemeente Harlingen de biodiversiteit in het (agrarische) buitengebied en coördineert ze in opdracht van de provincie de weidevogeleducatie in Fryslân en realiseert zij voor diverse gemeenten Groene schoolpleinen en Tiny Forests. Natuur- en milieueducatie doet IVN niet alleen. Zij werkt hierin samen met onder meer de NME-centra, onderwijsinstellingen (BO-VOMBO-HBO-WO), groene organisaties, overheden en bedrijven. Vanuit de visie dat je iets moet leren kennen om ervan te gaan houden en er respectvol mee om te gaan brengen zij mens en natuur dichterbij elkaar via voorlichting en educatie. Zo wordt bewustwording, draagvlak en participatie gecreëerd, bij jong en oud. Zelf leren en doen met hoofd, hart en handen staan altijd centraal. Sinds 2012 werkt Kening met haar activiteiten aan het herstel van biodiversiteit, ontstaan vanuit een grote zorg over de toekomst van diversiteit in ons landschap. Dit doet zij door middel van een combinatie van kennis, cultuur en actie. Het genre-overstijgende netwerk van burgers in de breedste zin van het woord (zowel professionals, organisaties als betrokken burgers en creatieven) heeft al een grote lijst projecten gerealiseerd die gekenmerkt werden door deze multidisciplinaire aanpak, waaronder het hoofdprogramma tijdens LF2018.
Het wetenschappelijke fundament wordt verrijkt met een culturele plus. Waar wetenschap de ratio aanspreekt, spreekt cultuur de emotie aan. En juist het geraakt worden is een extra stimulans om in beweging te komen. De focus van Kening ligt op biodiversiteitskwesties in het landelijk gebied, met als belangrijkste doelgroepen beleidsmakers en actiebereide burgers. Kening zorgt voor advies, inspiratie via cultuur en de mogelijkheid om actief bij te dragen aan biodiversiteitsherstel, zowel letterlijk (handen in de aarde) als figuurlijk (burgerinspraak, handreikingen).
24
3.7 Activiteiten voor de agenda Het beeld van wat er al gebeurt is nog niet compleet. Om activiteiten en maatregelen goed op elkaar aan te kunnen laten sluiten, is het goed dit te weten. Ook om de witte vlekken in kaart te krijgen, is het van belang om dit in beeld te krijgen. Dit is dan ook een van de activiteiten die moeten terugkomen in de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân. Dit wil echter niet zeggen dat er op basis van de huidige inventarisatie niet al andere activiteiten kunnen worden benoemd. Altenburg & Wymenga heeft de analyse van initiatieven naast een aantal belangrijke uitgangspunten voor herstel van biodiversiteit gelegd. Hieruit komt een overzicht van wat er beter kan. Daarvoor doet het bureau in zijn rapport een aantal aanbevelingen. Het gaat dan zowel om praktische aanbevelingen over wat de grootste bijdrage levert aan herstel van biodiversiteit, zoals aansluiten op het landschap en het realiseren van netwerken, als om mogelijke vervolgstappen die gezet kunnen worden om initiatieven goed te ondersteunen zodat zij effectiever kunnen bijdragen aan herstel van biodiversiteit. Deze aanbevelingen vormden de basis voor zes bijeenkomsten waarin met een breed palet aan stakeholders is geïnventariseerd wat er beter moet en kan om effectiever en doelgerichter aan de slag te gaan met herstel van biodiversiteit in Fryslân.
Niet alle activiteiten die zijn benoemd, richten zich primair op herstel van biodiversiteit en veel ideeën hebben een overlap met andere opgaven, zoals klimaat en de energietransitie. Waar deze activiteiten beter tot hun recht komen in andere programma’s, brengen we ze daar onder de aandacht. Dit geldt ook voor de transitie in de landbouw die een grote bijdrage kan leveren aan herstel van biodiversiteit, maar waar effectiever aan kan worden gewerkt vanuit de Landbouwagenda.
25
4. Wat willen we doen? Net als in het rapport van Altenburg & Wymenga, kunnen de activiteiten die uit de sessies met stakeholders naar voren zijn gekomen, grofweg worden verdeeld in activiteiten die vooral gericht zijn op het verbeteren van de omgeving zodat deze beter voorziet in de voorwaarden voor herstel van biodiversiteit (zie ook 1.3 Wat versterkt de biodiversiteit) en in activiteiten die met name voorzien in wat mensen nodig hebben om de goede dingen voor biodiversiteitsherstel te kunnen doen. Bij het eerste gaat het bijvoorbeeld om het realiseren van verbindingen om het leefgebied van populaties vergroten, bij het tweede bijvoorbeeld om tools, bewustwording, voldoende vrijwilligers en middelen. Om de neergaande lijn in soortenrijkdom om te buiten in een opgaande lijn, zijn beide in samenhang nodig. Daarbij zijn kennis delen en initiatieven verbinden de rode draad. Een van de doelen van de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân is focus aan te brengen in activiteiten om de energie gerichter in te kunnen zetten. We hebben de aanbevelingen van Altenburg & Wymenga en de resultaten van de sessies hiervoor samengebracht en geordend in zes thema’s: → → → → → →
Basis op orde Kennis delen Bewustwording en educatie Netwerken bouwen Natuurinclusieve landbouw Natuurinclusief werken aan opgaven
Voor alle thema’s is het opstellen van een gedeeld beeld van wat we per landschap willen bereiken een voorwaarde. 4.1 Gedeeld beeld Gezamenlijk herstel van biodiversiteit vraagt een gedeeld beeld van waar de beste kansen liggen voor herstel, wat we willen bereiken en waar
26
willen we uiteindelijk uitkomen. Onderbouwd met kennis van ecosystemen en de effecten van menselijk handelen. Op basis hiervan kunnen keuzes worden gemaakt en prioriteiten worden gesteld. Een gedeeld beeld van waaraan we gezamenlijk werken is een voorwaarde voor alle andere activiteiten. Om hiermee ook praktisch aan de slag te kunnen gaan, zijn goed onderbouwde streefbeelden en kansenkaarten nodig voor de verschillende Friese landschapstypen en daarbinnen voor biotopen, habitats, verbindingen en stepping stones. Afgestemd op de soorten van Fries belang, maar niet uitsluitend voor deze soorten. Ook het behoud van bronpopulaties die nu nog algemeen zijn, maar die wel onder druk staan, is belangrijk om verdere achteruitgang te voorkomen. Het is belangrijk dat de gedeelde beelden aansluiten op de nationale en internationale doelen en ambities. Denk aan het Deltaplan Biodiversiteit. Enerzijds omdat er dan goed gebruik gemaakt kan worden van alle kennis en expertise die er landelijk en in Europa (en daarbuiten) al is en wordt opgebouwd en anderzijds omdat de Friese agenda hier dan goed naar voren kan worden gebracht en gebruik kan maken van financiering vanuit het Rijk en Europa. 4.2 Focus op verbetering 4.2.1 Basis op orde Provincie, waterschap en de terreinbeherende organisaties werken samen aan het op orde brengen van de basis.
Het is belangrijk dat we onverminderd uitvoering blijven geven; de water-, bodem- en luchtkwaliteit, het natuurnetwerk, de kwaliteit van de Natura 2000 gebieden vragen blijvend onze inspanningen en soms nog een extra impuls. Dit betreft dus het gangbaar agrarische gebied dat 65% van de oppervlakte van Fryslân beslaat en het openbaar groen (ook in het stedelijk gebied) dat
qua oppervlakte veel kansen en mogelijkheden biedt. Daarvoor hebben ze de samenwerking met burgers, maar vooral ook met boeren nodig. Voor een belangrijk deel worden kansen om bijvoorbeeld bodem te verbeteren opgenomen in de Landbouwagenda van de provincie. In de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân leggen we het accent op activiteiten die daarbovenop nog een plus voor de biodiversiteit realiseren. Denk aan het beter benutten en versterken van de groenblauwe dooradering voor het realiseren van verbindingen en herstel van landschapselementen. De agenda onderstreept het belang van uitvoering van de taken die door provincie, waterschap, terreinbeheerders, collectieven, etc. worden uit gevoerd om de basis op orde te krijgen. Deze worden daarom als de onderlegger van de opgave herstel biodiversiteit beschouwd. Daarnaast zorgen we er vanuit de Agenda herstel biodiversiteit Fryslân voor dat voor de biodiversiteit belangrijke doelen en activiteiten goed op de agenda’s van andere beleidsterreinen terugkomen. Dit geldt bijvoorbeeld voor de Landbouwagenda, waarin we onder meer het optimaliseren van (eenzijdig) slootbeheer en het informeren en meenemen van erfbetreders in de doelen voor biodiversiteit op de agenda zetten.