CConstaterende datSchiermonnikoog
Koppel je AI →
Document · PDF

07- bijlage 1Bestemmingsplan verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp -concept.pdf

Raadsvergadering 17 augustus 2021, gemeente SchiermonnikoogBij agendapunt: Voorontwerp bestemmingsplan Dorp24.402 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Ingebrachte punten die aandacht verdienen buiten het instrument bestemmingsplan 1.

De te behouden en te versterken bomenstructuur wordt op visieniveau vastgelegd.

2.

Onderzocht wordt hoe bomen langs de Streken zo goed mogelijk kunnen worden beschermd en of en hoe boomstructuren kunnen worden versterkt/teruggebracht.

Nota van uitgangspunten bestemmingsplan Schiermonnikoog Dorp - 31 januari 2020

16

Afbeelding 4. Bestemming ‘Groen’ volgens geldend bestemmingsplan

Nota van uitgangspunten bestemmingsplan Schiermonnikoog Dorp - 31 januari 2020

17

3.4

Thema maat en schaal en detaillering van bebouwing in het beschermde dorpsgezicht

De grote lijn voor maat en schaal en detaillering van bebouwing in het beschermde dorpsgezicht -

De vormgeving is belangrijker dan de toegestane hoogten.

-

Met een handreiking en hulp bij planvorming wordt het meest bereikt.

-

Leg tevens uit als iets niet goed is en handhaaf.

-

Gebruik de kennis die aanwezig is op het eiland.

De grote lijn voor luifels en overkappingen aan gevels -

Luifels en overkappingen aan gevels moeten kunnen als het maar goed gebeurt.

Tevens opgemerkt: -

De bouwmogelijkheden zouden als het gaat om het verduurzamen van woningen moeten worden geliberaliseerd.

NB: Onder een luifel of overkapping verstaan we een dak aan de buitenzijde van een gebouw dat met een horizontale kant aan de buitenzijde van een gebouw is bevestigd, of een dak/overkapping of zonnescherm dat wordt ondersteund door palen/kolommen. Uitgangspunten 1.

De manier waarop je in het beschermde dorpsgezicht kan bouwen en verbouwen (hoofgebouwen, aan- en uitbouwen, luifels/overkappingen, en verbouwen ten behoeve van het verduurzamen) wordt samen met de samenleving in beeld gebracht. Hiertoe wordt een meedenkgroep samengesteld uit bewoners onder begeleiding van een of twee experts. Een inspiratiegids wordt opgesteld en gecommuniceerd waarbij de principes worden toegelicht en goede voorbeelden worden gegeven. De gids is voor het beschermde dorpsgezicht aanvullend voor de welstandnota en wordt als uitgangspunt gebruikt bij aanvragen. Hiertoe zal deze gids ook worden vastgesteld door de gemeenteraad. Het is belangrijk daarbij ook te kijken naar passende inrichting en materialisatie van in het zicht gelegen ruimtes en gevels en goede voorbeelden te geven van wat passend is.

2.

De maatvoeringsvereisten voor goot- en bouwhoogten en voor de hellingshoek van de kap in het beschermde dorpsgezicht van het geldende bestemmingsplan (goothoogte maximaal 3,5 m, bouwhoogte maximaal 8 meter) blijven in principe (zie voorgaande) gehandhaafd. Ook buiten het beschermde dorpsgezicht is er geen aanleiding de maximale maten te wijzigen.

3.

Een uitzondering wordt gevormd voor het eilanderhuis. Eilanderhuizen zijn dermate kenmerkend voor Schiermonnikoog en het beschermde dorpsgezicht dat behoud uit cultuurhistorisch opzicht gewenst is. De oorspronkelijke eilanderhuizen krijgen in het bestemmingsplan de aanduiding “karakteristiek”. Bij deze woningen is het bestemmingsplan gericht op behoud van de bestaande goot- en bouwhoogte en kapvorm.

Nota van uitgangspunten bestemmingsplan Schiermonnikoog Dorp - 31 januari 2020

18

4.

Er wordt een regeling in het bestemmingsplan opgenomen waarmee huizen in het beschermde dorpsgezicht kunnen worden verruimd voor zover dat in overeenstemming is met het onderzoek naar Lytjhúzen7.

5.

Er wordt een afwijkingsbevoegdheid opgenomen voor het realiseren van luifels/overkappingen aan gevels van bijzondere publieksgerichte functies (detailhandel, horeca of maatschappelijke functie) in het beschermde dorpsgezicht. Bij deze afwijkingsmogelijkheden worden voorwaarden opgenomen ten behoeve van een zorgvuldige inpassing in het beschermde dorpsgezicht op basis van de op te stellen inspiratiegids.

6.

Er wordt een regeling in het bestemmingsplan opgenomen waarmee woningen bij afwijking aan de buitenzijde kunnen worden geïsoleerd met het oog op verduurzaming (overschrijding van het bouwvlak).

7.

Er wordt een regeling in het bestemmingsplan opgenomen waarmee woningen in het beschermde dorpsgezicht (daarbuiten zijn deze al vergunningvrij) bij afwijking kunnen worden afgedekt met zonnepanelen of dakpannen met zonnecellen zolang deze uit het zicht zijn gelegen of niet zichtbaar zijn door kleur en materiaalgebruik (bij zichtbare dakdelen dus alleen dakpannen waarbij de kleur is afgestemd op de kleur van de bestaande dakbedekking).

Ingebrachte punten die aandacht verdienen buiten het instrument bestemmingsplan 1.

De op te stellen inspiratiegids is aanvullend op de welstandnota en kan aanvullend zijn op het terrassen- en reclamebeleid.

2.

Onderzocht wordt hoe de terugkoppeling van welstandadviezen naar initiatiefnemers kan worden verbeterd.

3.

Er wordt gekeken naar de gewenste regelgeving voor warmtepompen qua geluid en ruimtelijke inpassing. Doel is een regeling waarbij warmtepompen in bouwwerken buiten de woning mogen als de geluidproductie binnen bepaalde normen blijft en als het ruimtelijk goed wordt ingepast.

7

Februari 2019, Sandra van Assen en Annelies Hartman.

Nota van uitgangspunten bestemmingsplan Schiermonnikoog Dorp - 31 januari 2020

19

4

Overige uitgangspunten voor het bestemmingsplan Een bestemmingsplan regelt het gebruik van gronden. Daarnaast regelt het bestemmingsplan of je ergens mag bouwen en of je het op een bepaalde manier mag inrichtingen. In de navolgende indeling wordt eerst ingegaan op het gebruik en daarna op de rechten om te bouwen of in te richten.

4.1

Gebruik

Het gebruik wordt in het bestemmingsplan in hoofdlijnen geregeld door het toekennen van bestemmingen die de hoofdfunctie van gebieden regelen. Voor het nieuwe bestemmingsplan gelden in functioneel opzicht de volgende uitgangspunten: 1.

De bestemmingen zoals toegekend in het geldende bestemmingsplan blijven in grote lijnen in tact.

2.

De naamgeving van de bestemmingen worden aangepast aan de nu wettelijk geldende regels (regels met het oog op standaardisering).

3.

Inhoudelijke aanpassingen zijn aan de orde vanwege: -

inmiddels verleende vergunning voor afwijkingen van het bestemmingsplan via een binnenplanse of buitenplanse vrijstelling of afwijkingsbevoegdheid. Deze afwijkingen worden verwerkt in het nieuwe bestemmingsplan;

-

voor potentiële invul- en transformatieplekken geldt in grote lijnen dat deze plannen via een separate bestemmingsplanherziening worden opgepakt (zie onder 4.1.1);

-

de wens tot vereenvoudiging/flexibilisering van regelgeving leidt in een enkel geval tot aanpassing van het bestemmingsplan. Ook moeten de regels in een enkel geval op basis van actuele inzichten voortkomend uit jurisprudentie worden aangevuld. Dit is uitgewerkt onder 4.1.2

-

tot slot zijn er aanpassingen ten gevolge van standaardisering op rijksniveau (zie onder 4.1.3).

4.1.1 Potentiële invul- en transformatieplekken Oude brandweerkazerne: De locatie van de oude brandweerkazerne wordt onderzocht voor een vestiging van een nautisch museum. Mocht het Nautisch museum niet van de grond komen dan zal gekeken worden of de tekorten op de woningmarkt mede op deze locatie kunnen worden verholpen. Oude Bezoekerscentrum: Op het moment dat de nieuwbouw van een Bezoekerscentrum aan de Reeweg 9 rond komt, kan het bezoekerscentrum verplaatst worden. Op de vrijkomende locatie kan in dat geval woningbouw plaatsvinden. Busremise: Voor de busremise wordt een verplaatsing voorzien naar de Knuppeldam. De vrijkomende locatie kan herontwikkeld worden voor permanente bewoning. De gemeente zal met de grondeigenaar in overleg gaan over een intentieovereenkomst daartoe waarna een verdere uitwerking zal volgen.

Nota van uitgangspunten bestemmingsplan Schiermonnikoog Dorp - 31 januari 2020

20

Hotel Rijsbergen: De monniken zijn met de eigenaren van Hotel Rijsbergen overeengekomen dat zij zich kunnen huisvesten in dit gebouw. Inmiddels is vergunning verleend voor het gebruik als klooster via de zogenaamde kruimelregeling. In het toekomstige bestemmingsplan krijgt het hotel een op het maatschappelijk-religieuze gebruik toegesneden bestemming. Locatie Oost: In verband met de urgentie van sociale woningbouw/de realisering van goedkope woningen wordt ingezet op een kleinschalige uitbreiding van 10 á 15 woningen aan de oostrand van het dorp. Dit is de locatie in aansluiting op de nieuwbouw aan de Dominee Hasperstraat en Martha Karststraat. De invul/transformatieplekken binnen de bestaande contouren van de bebouwde kom zullen namelijk niet op korte termijn (binnen anderhalf jaar) beschikbaar zijn. Ten behoeve van de woningen wordt vooreerst een zelfstandige bestemmingsplanprocedure gevolgd. Nieuwe busremise Ten noorden van de nieuwbouw wordt de komst van de nieuwe busremise voorzien. Ook de planvorming van deze busremise wordt voorbereid. Hiervoor wordt een zelfstandige procedure gevolgd. 4.1.2 Vereenvoudiging/ flexibilisering/actualisering -

De gemeente wil het onderscheid tussen de bestemmingen Verkeer - verblijf en Verkeer parkeren laten vervallen. In het geldende bestemmingsplan valt de onderverdeling tussen deze bestemmingen niet samen met de feitelijke aanwezigheid van parkeerlocaties. Beide bestemmingen betreffen verharde openbare ruimte. De inrichting van de openbare ruimte met wegen, paden en parkeerplaatsen blijft in principe behouden en als deze wordt heringericht gebeurt dit in overleg met omwonenden.

-

In het geldende bestemmingsplan zijn bestaande horecabedrijven, detailhandelsvestigingen en bedrijven bestemd. Daarnaast zijn kleinschalige functies bij het wonen toegestaan. Dit geldt voor aan-huis-verbonden- beroepen of kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten voor zover de oppervlakte niet meer bedraagt dan 25% van de totale oppervlakte aan gebouwen op een bouwperceel. Ook detailhandel kan worden toegestaan bij het wonen. Hiervoor bestaat een afwijkingsmogelijkheid. Ook in het nieuwe bestemmingsplan zal deze bevoegdheid opgenomen met als voorwaarde dat de vestiging niet leidt tot onevenredige verstoring van distributieve voorzieningen op Schiermonnikoog en geen onevenredige verstoring optreedt van de gewenste detailhandelsstructuur. Recente jurisprudentie wijst uit dat een dergelijke regeling goed moet worden onderbouwd. Vanwege de bijzondere eilandsituatie van Schiermonnikoog verwachten wij dat dit ook mogelijk is.

-

Op basis van jurisprudentie is gebleken dat het noodzakelijk is om in het bestemmingsplan aan te geven welke locaties gebruikt mogen worden voor (terugkerende) evenementen. Bij de locaties nabij het Wantij (kermis) en de Willemshof (strúnmarkt) zal daarom worden aangegeven dat het gebruik voor evenementen op de betrokken locaties is inbegrepen.

4.1.3 Aanpassingen aan de thans geldende standaarden In principe zijn de huidige hoofdbestemmingen uitgangspunt voor het nieuw op te stellen bestemmingsplan. Daar waar inmiddels functiewijzingen zijn vergund worden deze verwerkt.

Nota van uitgangspunten bestemmingsplan Schiermonnikoog Dorp - 31 januari 2020

21

Een enkele bestemming moet vanwege de inmiddels geldende wettelijke vereisten een andere naam krijgen. In het hierna opgenomen schema is dit aangegeven. Schiermonnikoog - Dorp Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen

Begrippen

Artikel 2 Wijze van meten

Wijze van meten

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 Agrarisch – Cultuurgrond

Agrarisch - Cultuurgrond

Artikel 4 Bedrijf

Bedrijf

Artikel 5 Bedrijf - Nutsvoorzieningen

Bedrijf - Nutsvoorzieningen

Artikel 6 Bedrijventerrein

Bedrijventerrein

Artikel 7 Detailhandel

Detailhandel

Artikel 8 Groen

Groen

Artikel 9 Horeca

Horeca

Artikel 10 Maatschappelijk

Maatschappelijk

Artikel 11 Maatschappelijk - Vuurtoren

Maatschappelijk - Vuurtoren

Artikel 12 Natuur

Natuur

Artikel 13 Recreatie - Kampeerboerderij

Recreatie - Kampeerboerderij

Artikel 14 Recreatie - Kampeerterrein

Recreatie - Kampeerterrein

Artikel 15 Recreatie - Kinderboerderij

Cultuur en ontspanning - Kinderboerderij

Artikel 16 Recreatie - Manege

Sport - Manege

Artikel 17 Recreatie - Recreatiewoningen 1

Recreatie - Recreatiewoningen 1

Artikel 18 Recreatie - Recreatiewoningen 2

Recreatie - Recreatiewoningen 2

Artikel 19 Recreatie - Recreatiewoningen 3

Recreatie - Recreatiewoningen 3

Artikel 20 Recreatie - Recreatiewoningen 4

Recreatie - Recreatiewoningen 4

Artikel 21 Recreatie - Recreatiewoningen 5

Recreatie - Recreatiewoningen 5

Artikel 22 Recreatie - Recreatiewoningen 6

Recreatie - Recreatiewoningen 6

Artikel 23 Sport

Sport

Artikel 24 Tuin

Tuin

Artikel 25 Tuin - Overtuin

Tuin - Overtuin

Artikel 26 Verkeer - Parkeren

Vervalt en wordt ondergebracht onder Verkeer - Verblijf

Artikel 27 Verkeer - Verblijf

Verkeer - Verblijf

Artikel 28 Wonen

Wonen

Artikel 29 Wonen - Wooncentrum

Wonen - Wooncentrum

Artikel 30 Waarde - Beschermd Dorpsgezicht

Waarde - Beschermd Dorpsgezicht

Artikel 31 Waterstaat - Waterkering

Waterstaat- Waterkering

Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 32 Anti-dubbeltelregel

Anti-dubbeltelregel

Artikel 33 Algemene bouwregels

Algemene bouwregels

Artikel 34 Algemene gebruiksregels

Algemene gebruiksregels

Artikel 35 Algemene ontheffingsregels

Algemene afwijkingsregels

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 36 Overgangsrecht

Overgangsrecht

Artikel 37 Slotregel

Slotregel

Nota van uitgangspunten bestemmingsplan Schiermonnikoog Dorp - 31 januari 2020

22

4.2

Regels voor het bouwen

Samenvattend de uitgangspunten zoals bij de thema’s in hoofdstuk 3 aan bod gekomen zijn Ten aanzien van de maatvoeringen van hoofdgebouwen blijven de bestaande maatvoeringen zoals opgenomen in het bestemmingsplan behouden. Ten behoeve van het behoud van eilanderhuizen wordt de aanduiding ‘’karakteristiek” opgenomen die is gericht op het behoud van de huidige bouwvorm (goothoogte, bouwhoogte en dakvorm). De regeling voor bijbehorende bouwwerken en overkappingen worden onder een noemer gebracht omdat deze bouwwerken een zelfde ruimtelijke impact hebben. Naast de regeling voor bijbehorende bouwwerken en overkappingen (in de volksmond bijgebouwenregeling genoemd) is er een regeling voor overige bouwwerken geen gebouwen en geen overkappingen zijnde (dit voor bouwwerken zoals een speeltoestel en konijnenhok e.d.). Ten aanzien van de bouwmogelijkheden in de overtuinen is al aangegeven dat de rechtensregeling met verschillende afwijkingsmogelijkheden vervangen wordt door een regeling bij recht tot maximaal 50 m2 (bijbehorende bouwwerken en overkappingen). Daarbij wordt vastgehouden aan een maximum van 20% van de (totale) overtuin. Voor bouwpercelen waarop woningen staan geldt op dit moment een bouwrecht van 35 m2 bij afwijking te verruimen tot 50 m2.

Ook hier wordt de rechtensregeling van 50 m2 opgenomen met behoud van de voorwaarde dat maximaal 20% van een bouwperceel mag worden bebouwd. Recreatiewoningen in de bestemmingen die hierop gericht zijn behouden hun bestaande maximale omvang en bijgebouwenrechten tot maximaal 10 m2. Aanvullend uitgangspunt onderkeldering Onderkeldering is mogelijk mits dit zeer zorgvuldig kan worden ingepast op de betrokken locatie en in beginsel plaatsvindt binnen het bouwvlak. De zorgvuldige inpassing betreft de ruimtelijke en verkeerskundige inpassing, de waterhuishoudkundige inpassing en de inpassing ten opzichte van belangen van belendende functies. Tevens mag geen onevenredige aantasting plaatsvinden van eventuele natuurwaarden. Het thema onderkeldering zal in de toelichting van het bestemmingsplan worden opgenomen. Indien er aanvragen komen voor onderkeldering zullen deze via een aparte buitenplanse procedure worden afgewogen (en voor zover aan de orde) worden vergund. Dit heeft als voordeel dat het onderzoek in het kader van de aanvraag omgevingsvergunning kan worden uitgevoerd en niet voor alle potentieel daarover in aanmerking komende locaties in het bestemmingsplangebied behoeft te worden uitgevoerd.

Nota van uitgangspunten bestemmingsplan Schiermonnikoog Dorp - 31 januari 2020

23

Bijlage Verslag van de bijeenkomsten

Bewonersmiddag en avond 8 februari 2018 WAT VOOR EILAND WILLEN WE ZIJN Wat zeiden bewoners over de stellingen, M = reacties op de middag, A = reacties op de avond

Stelling 1 (Op de middag en avond overwegend groene smileys, beperkt aantal blauw en rood)    

Dit ligt genuanceerd A,M; Meerdere doelgroepen is goed, maar geen motorclubs, geen Appelhof, jetskiën of andere luidruchtige vormen van recreatie A,M; Als je consequent zou kiezen voor rust en natuur en dit ver doorvoert komen er geen jongeren meer M; De doelgroepen dagrecreanten en rustzoekers staan tegen over elkaar. De eerste groep gaat met de bus naar het strand, verkeert in de drukte en zorgt voor drukte, de tweede zoekt juist rust en natuur A. Het eiland zoals ‘t is, is mooi en krijgt het publiek wat daarbij hoort A.

Stelling 2 (Op de middag en avond overwegend groene smileys, beperkt aantal blauw en rood)  

In het hoogseizoen is er veel nachttoerisme, geeft wel overlast M; Bezoekers (veelal jongeren) die teveel drank gebruiken en in de nachtelijke uren voor overlast zorgen in het hart van dorp. Dat zou wel minder mogen. Daar wordt tegen ingebracht dat er geen grenzen kunnen worden gesteld aan de hoeveelheid alcohol die mensen consumeren A. Grenzen worden gevormd door hoe het hier is, iedereen is welkom maar het publiek selecteert zichzelf A.

Stelling 1 (De meeste smilyes waren rood, toch ook wel groene smileys, minderheid blauw)  

Je moet dit niet opleggen A, M; Het jaagt mensen op kosten. Sommigen kunnen het niet betalen en als zij hun woning dan willen verkopen is de waarde van hun woning beperkter dan woningen die wel zijn verduurzaamd M. Het helpt niet, werkt niet. Beter is het om te faciliteren en te stimuleren A.

Stelling 2 (Overwegend groene smilyes, minderheid blauw en rood)     

Als duurzame energieopwekking van onszelf is, is het makkelijker te accepteren M. Sommigen vinden een windturbine of zonneopstelling prima. Anderen zijn bang dat het door geld gestuurde ontwikkelingen worden; als er één is komen er meer M. Als je in 2020 zelfvoorzienend wil zijn, ga er dan ook voor. Logisch dat we er dan ook wat van gaan zien M, A. Als we een windturbine neerzetten kan het ook een voorziening zijn voor 15 jaar en kunnen we daarna zien of deze nog nodig is/of er alternatieven zijn A. Via innovatie zoveel mogelijk alternatieven zoeken die niet of minder zichtbaar zijn M, A. Voorbeeld waterstofgas A.

Stelling 1 (in de middag: meerderheid groene smileys , avond: voornamelijk rode en blauwe smileys)    

Ja, natuurlijk is het in de eerste plaats nodig dat er voldoende aanbod is voor de inwoners M, A; We moeten ons wel realiseren dat de voornaamste geldstromen van de toeristen komen. Dankzij de toeristen zijn winkels economisch rendabel M, A; Voorwaarde is in ieder geval dat de winkels ook in de winter open zijn; Als er ook kleinere winkels bij mogen komen is dat positief. Concurrentie is gezond!

Stelling 2 (Overwegend groene smileys, beduidend minder blauwe en het minste rode smileys)     

Je komt voor Schiermonnikoog, dus geen Ikea ballenbak M; Bij aanhoudend slechtweer vliegen de kinderen bij de muren op, dus ja slechtweervoorzieningen M; Er is geen slecht weer, er is alleen slechte kleding A,M; Lytje Willem is waardevol, moet blijven M; Bezoekerscentrum wordt kleiner, zal daarom minder als slechtweervoorziening voor kinderen kunnen functioneren. Er moet toch iets zijn. Een overdekt zwembad, dat zou geweldig zijn M. Als een slechtweervoorziening commercieel uit had gekund, dan was deze er al geweest A.

Stelling 1 (Overwegend groene smileys)      

Verkeer is voor het gevoel toegenomen M, A; Mensen vermoeden dat dit komt omdat er te gemakkelijk ontheffingen worden verleend. Handhaving is nodig M. Het overlastgevoel zit volgens een aanwezige tussen de oren, dat voertuigen groter worden is wel een probleem A. Een van de aanwezigen geeft op basis van eigen ervaringen aan dat het helemaal niet zo makkelijk is om een ontheffing aan te vragen M. Het meeste verkeer komt door zakelijke verkeersbewegingen. Dit hangt samen met de economie, bijvoorbeeld met bouwactiviteiten. Dit hebben we nu eenmaal nodig M; Bepaalde verkeersbewegingen zouden echt gekeerd moeten worden, als voorbeeld de bezorging van verse maaltijden vanaf de wal of de persoon die eigenlijk alleen een laptop bij zich heeft en toch met een auto naar het eiland komt. Er worden suggesties gedaan om mensen bewust te maken. Waarom fietsen bezorgen als de fietsenverhuur om de hoek is. Waarom de bedrijfsauto nemen om naar een café/restaurant te gaan als je ook een thermoskan mee kan nemen. Plan je bezorgroute bewust. Zorg voor een afhaalpunt en maak daar ook gebruik van, als het om internetbezorgingen gaat M, A.

Stelling 2 (middag: overwegend groene smileys, avond rood en blauwe smileys in de meerderheid)      

30 km/uur is al erg langzaam. Rijd je met 30 km/uur door het dorp dan ben je minder lang in het dorp, dus minder hinderlijk dan met 15 km/uur. M In de zomer kan je sowieso niet harder dan 15 km/uur A 15 km/uur is niet handhaafbaar A Om overlast te beperken zijn andere maatregelen nodig zoals het verkeer helemaal uit het dorp halen/om het dorp heen leiden. M De elektrische bussen zouden wel langzamer moeten rijden. De bussen geven volgens sommigen trillingoverlast. M Het zijn andere zaken die voor onveiligheid zorgen zoals het gedrag en het parkeren van fietsers A.

BESTEMMINGSPLANKWESTIES

De grote lijn  Wegvloeien van het permanente wonen in de dorpskern is een probleem  Aanwezigheid en betrokkenheid van mensen is het belangrijkste  Daarnaast is er i.v.m. de leefbaarheid specifiek de wens om gezinnen te kunnen huisvesten  Goedkope huur- en koopwoningen zijn dringend gewenst  Voorkeur voor inbreidings- en transformatieplekken boven uitbreiding Aanvullingen en nuances uit de verschillende groepen: 

 

  

Het probleem is de zwarte gaten (onverlichte/slechts beperkt bewoonde huizen) in de dorpskern. Aanwezigheid en betrokkenheid (verenigingsleven, vrijwilligerswerk) zijn de waarden waarom het gaat. Wat verstaan we onder permanent wonen. Sociaal, cultuur en economisch gebonden aan de woonlocatie Schiermonnikoog. Soms is er een iemand ingeschreven van een stel, maar wordt er in de praktijk niet permanent gewoond. Het overtreden van de regels/bedoeling van de bestemming is storend, handhaving is in de praktijk moeilijk, en wordt gemist. Je kan mensen hier ook op aanspreken; het is erg belangrijk dat een volgende huiseigenaar ook echt binding heeft/krijgt met het eiland en er is. In het beschermd dorpsgezicht het permanent wonen behouden. Door de mogelijkheid van recreatieve verhuur daar wel te behouden kan het betaalbaar zijn om daar te kopen Er is een schreeuwende behoefte aan echt goedkope, sociale huurwoningen. Dat begint bij €275,- per maand. Maar ook woningen in de categorie €300,- tot €450,- per maand zijn hard nodig. Daarbij is het een probleem dat de landelijke toewijzingsregels voor corporaties ook gelden op het eiland. Als je inkomen te hoog is om in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning dan is er geen betaalbaar alternatief. Geen marktpartij kan zo goedkoop woningen realiseren.

Kan de overheid hierin iets betekenen? Of moet deze doelgroep bediend worden met Tiny Houses of ruwbouw woningen die door zelfwerkzaamheden worden afgebouwd door de toekomstige bewoners zelf. Of andere creatieve opties.

  

        

  

Naast huur is goedkope koop ook nodig. De regeling waarbij eilanders voorrang krijgen bij verkoop van woningen onder de drie ton is waardevol en moet in stand blijven. Als er meer mogelijkheden zijn om te stimuleren dat er meer goedkope huur en koopwoningen komen, dan is dat zeer gewenst. Koopwoningen kunnen wel met een betaalbare prijs in de markt gezet worden, maar dan zou je prijsstijgingen bij doorverkoop moeten reguleren bijvoorbeeld door tussenkomst van de gemeente. Nieuwbouw wordt zeker niet als enige oplossing gezien. Als er nieuw gebouwd wordt gaat de voorkeur uit naar mogelijkheden binnen de bestaande woningvoorraad en in invul- en transformatieplekken. Uitbreiding is dan waarschijnlijk niet nodig. Met name jongeren hebben behoefte aan woonruimte. Dat zijn in ieder geval de starters van het eiland zelf en ook de mensen die werken in bijvoorbeeld de horeca en de fietsverhuur. Zij wonen soms lange tijd in kamers in een pand van de werkgever. Dat is geen wenselijke situatie. Met nieuwbouw kan perspectief geboden worden aan gezinnen op het eiland Er zou de mogelijkheid moeten zijn om te sturen in de toewijzing zodat gezinswoningen ook bij gezinnen terecht komen. Nu is dat vrij. De gemeente zou de mogelijkheid moeten bieden voor zelfbouw, dan kun je goedkopere woningen realiseren. Vervolgens wel zorgen dat ze ook goedkoop blijven.

Ook is het wenselijk dat er mantelzorgunits geplaatst kunnen worden bij bestaande woningen zodat tijdelijk zorg geleverd kan worden. Maatwerk is hier het sleutelwoord. Splitsing van bestaande grotere woningen kan ook kleinere betaalbare woningen opleveren De brandweerkazerne kan omgebouwd worden tot kleinere woonunits. Er staan op dit moment woningen leeg. Dat is een slechte zaak. Bij verkrotting moet de gemeente ingrijpen en de krotten bijvoorbeeld gaan opruimen De huisvestingsverordening heeft een opdrijvend effect op de huizenprijzen. Mensen gaan hun huizen boven de €300.000,- prijzen om de regels te omzeilen. Op andere eilanden wordt wel gewerkt met een omkering; toon maar aan dat je voldoet aan de eisen voor permanent wonen (Red. dit zou ook kunnen betekenen toon maar aan dat je voldoet aan de eisen voor aanwezigheid en betrokkenheid). In het geval van uitbreiding ook zoveel mogelijk bouwen in de strekenstructuur. Kleinschalige projecten die aansluit bij het dorp worden genoemd. Het bouwen van woon-werk woningen kan een aantrekkelijk segment zijn waarmee je ook de werkgelegenheid stimuleert. De gemeente zou starters op weg kunnen helpen door bijvoorbeeld startersleningen beschikbaar te stellen

De grote lijn  Permanente bewoning is van belang voor de leefbaarheid en recreatief wonen ondersteunt de economie  Behoud van beide (de kern van het dorp permanent en daarom heen recreatief) is daarom goed  De daling van de bezettingsgraad van recreatiewoningen is een negatieve trend, probeer dit tegen te gaan  Handhaving ten aanzien van oneigenlijk gebruik moet beter Aanvullingen en nuances uit de verschillende groepen: 

 

 

Voor deze problematiek gelden twee belangen; behoud van de leefbaarheid (school, betrokkenheid in het sociale leven, verenigingsleven, vrijwilligerswerk) en de door recreatie ondersteunde economie. Dit pleit voor enerzijds behoud van permanente woningen en anderzijds behoud van recreatiewoningen. De verdeling in het hart van het dorp permanent en recreatie daarbuiten is goed. Aanwezigen ergeren zich aan oneigenlijk gebruik van voorheen permanente woningen. Er moet gehandhaafd worden anders verliezen mensen het vertrouwen in de overheid en ontstaat ongelijkheid. Het hebben van beide mogelijkheden (zoals in de bestemming Recreatie 3) geeft veel flexibiliteit Recreatiewoningen worden opgekocht als tweede woning en niet verhuurd. Dit is niet wenselijk. Recreatieve woningen zouden verhuurd moeten worden. Wellicht valt daar nog wat aan te doen via het belastingsysteem. Door een van de aanwezigen wordt het plan bij de Oosterreeweg als positief benoemd, dit zijn allemaal huurwoningen. Sommigen denken dat het onderscheid permanent /recreatief helpt om betaalbare woningen te behouden, een van de aanwezigen denkt juist dat een liberale aanpak beter is omdat de prijzen dan gaan nivelleren. Zijn de zwarte plekken een probleem, een inwoner aan de rand van het dorp ervaart dat in zijn omgeving niet zo.

Daar zijn recreatiehuizen die vrijwel permanent worden gebruikt, het licht mag daar best een keer uit. Recreatie betekent niet altijd beperkt gebruik. En

  

 

recreanten besteden in het algemeen meer dan permanente bewoners dus voor de economie is het goed Vroeger waren en stimuleringsmaatregelen voor het behoud van permanente woningen, bijvoorbeeld door een renteloos voorschot als een woning wel geschikt is maar een te hoge investering vraagt. Zijn stimulerende regelingen mogelijk? De recreatieve verhuur van een deel van woningen (nu 45%) is echt nodig om de woningen betaalbaar te houden. Om woningen voor de eigen inwoners geschikt te houden zou uitbreiding van woningen mogelijk moeten zijn. Je houdt dan voldoende oppervlak over om zelf te bewonen. Als een permanente woning tijdelijk verhuurd wordt met de bedoeling om er later zelf te gaan wonen, bijvoorbeeld in het geval van erven, is het moeilijk om de huurder uit de woning te krijgen i.v.m. huurbescherming. Hier zou voor het eiland van afgeweken moeten kunnen worden. De woningen in de dorpskern zijn bedoeld voor de permanente bewoning. Recreatieve verhuur van woningen buiten de kern. Voorbeeld van een dorp in Zeeland: laat het vrij of woningen permanent bewoond worden of als tweede woning. Pas bij commerciële verhuur is een vergunning nodig.

Bijvangst: 

De overheid moet beter en transparanter communiceren. Bijvoorbeeld bij de publicatie van de zendmast was niet duidelijk wat de impact van het planvoornemen was. Publiceer een plaatje bijvoorbeeld. Naast behoud van de leefbaarheid en de door recreatie ondersteunde economie is ook duurzaamheid een doel. Er wordt gevraagd om specifiek in te gaan op mogelijkheden voor verduurzamen van woningen in het beschermde dorpsgezicht. Voorbeeld; een warmtepomp aan de achterzijde van een eilanderhuis (1.20 m bij 1 m). Is deze gezien het belang duurzaamheid inpasbaar (ruimtelijk en qua geluid (airco)).

De grote lijn voor de overtuinen  De overtuinen zijn waardevol  Teveel bebouwing of onjuist geplaatste bebouwing is schadelijk voor de waarden  Bouwmogelijkheden in de overtuinen zijn echter wel van belang omdat de huizen aan de streken klein zijn  Als bouwen mooi/goed gebeurt is het eerder acceptabel  Handhaving moet beter, regels moeten redelijk zijn Aanvullingen en nuances uit de verschillende groepen: 

   

De waarden van de overtuinen; meer groen dan rood, lengterichting, hagen, doorzichten in noordzuidrichting en het afwisselende karakter van de verspreiding van de bijgebouwen (geen batterij van bijgebouwen op een rij) werden onderschreven Een deel van de aanwezigen vond dat er geen bijgebouwen bij moeten komen een ander deel vond dat er wel voldoende bouwmogelijkheden moesten komen per erf met het oog op berging fietsen een werkbank etc. Bij de plaatsing moet rekening worden gehouden met de doorzichten Vanwege de verschillen aan meningen is het handhaven van de huidige regelingen wellicht het beste. Handhaven werd als zeer belangrijk gezien De avondgroep was hier bijzonder op gericht, als er niet beter gehandhaafd zou worden, zagen zij het nut van verder praten niet in. Er is in een van de groepen voorgesteld om voor de overtuinen aan de Voorstreek een zwaarder regime op te stellen dan voor de overtuinen aan de Langestreek. Deze werden als minder waardevol beschouwd. Formuleer een toetsingskader. Nieuwbouw in de overtuin zou, naast het bestemmingsplan, ook getoetst moeten worden aan: o de werkelijke doorzichten ter plaatse; o de actuele situatie in de omliggende tuinen; o de beoogde maatvoering in relatie tot de directe omgeving; o de mogelijkheid om met iets nieuws, iets ouds (en verstorends) op te ruimen.

 

 

Het zou leuk zijn om in de overtuinen ruimte te vinden voor een ambachtelijke/creatieve invulling van de bebouwing (een werkplaatsje/atelier – ook vanuit toeristisch oogpunt) Kijk per perceel wat er kan, en minder naar de maatvoeringen op papier. Een beoordeling ter plaatse en niet alleen vanuit het gemeentehuis (door mensen die de situatie niet lijken te kennen) kan verstandig zijn. Vanwege het gebrek aan kennis over de achtergronden van de overtuinen bij sommigen, is er minder begrip was voor het behoudende regime. Een uitleg over de historie en de waarde kan hier helpen. De huidige regeling voor de gesplitste percelen is onvoldoende duidelijk, er lijkt veel sprake van willekeur en ‘pech of geluk’. Laat de afweging niet alleen af hangen van Hûs en Hiem (mensen van de wal), maar zet hier ook- mensen uit de lokale bevolking voor in. Het gevoel dat meer samen kan worden beslist leefde in een van de groepen sterk.

De grote lijn voor de groene zone Langestreek   

De groene zone langs de Langestreek is waardevol Een meerderheid vindt dat terrassen schade kunnen opleveren Een meerderheid is van mening dat terrassen niet moeten worden toegestaan of onder strenge voorwaarden

Aanvullingen en nuances uit de verschillende groepen: 

Er is bezorgdheid over de terrassen, maar over het wel of niet was men het niet zo eens. Er was ook bezorgdheid over de veiligheid (oversteken weg) en de wijze waarop eventuele regels zouden worden toegepast en gehandhaafd. Terrassen zijn niet gewenst. Als ze er toch zouden moeten komen geeft een van de aanwezigen aan, is het gewenst dat er een groene zone om het terras heen is (terras ligt in het groen). En dat het terras niet direct aan de Langestreek grenst. Terrassen zijn mogelijk mits: o ze tijdelijk van aard zijn o niet verhard zijn (bv met vlonders) o ze iedere avond opgeruimd worden

Bijvangst: Een van de aanwezigen vond dat er in het algemeen veel groen verdwijnt. Daar moet wel op gelet worden, bijvoorbeeld het groen voor de school maar ook mensen die zowel binnen als buiten het beschermde gezicht hun tuinen steeds meer gaan verharden. Voor het beeld maar ook voor de infiltratie van regenwater en biodiversiteit is groen van belang.

De grote lijn voor maat en schaal en detaillering van bebouwing in het beschermde dorpsgezicht:    

de vormgeving is belangrijker dan de toegestane hoogten met een handreiking en hulp bij planvorming wordt het meest bereikt leg tevens uit als iets niet goed is en handhaaf gebruik de kennis die aanwezig is op het eiland

Aanvullingen en nuances uit de verschillende groepen:      

 

Beide groepen vonden dat met een handreiking ter inspiratie en de hulp bij planvorming het meeste winst behaald kon worden. Ook werd er in beide groepen benadrukt dat strengere handhaving gewenst is. De toegestane goot- en bouwhoogte, die wat hoger ligt dan het eilander huisje, werd door beide groepen niet als een probleem beschouwd. Belangrijker was de detaillering van nieuwbouw, die moet passen in het straatbeeld. Genoemd werd de kleur baksteen, de gevelindeling en het type kozijn. Kijk beter naar de specifieke plek. Plannen kunnen niet op een bureau worden beoordeeld. Ook werd voorgesteld dat beter beargumenteerd werd waarom bepaalde plannen niet goedgekeurd werden, en werd er voorgesteld om ook actief mee te kijken naar de alternatieven die wél mogelijk zijn. Het beschermd dorpsgezicht wordt doorgaans goed in acht genomen, en daarmee goed beschermd. De bouw die als problematisch ervaren wordt staat vooral buiten het beschermd dorpsgezicht. Laat de lokale bevolking weer deelnemen aan Hûs en Hiem. Het was onduidelijk waarom dit indertijd gestopt is. Er werd genoemd dat er veel kennis is op het eiland, die ingezet kan worden. Naast het eilanderhuisje is ook het kapiteinshuis zeer kenmerkend. Hier mag ook aandacht voor zijn. De middaggroep was duidelijk wat behoudender dan de groep ‘s avonds.

’s Middags wenste de hele groep een traditionele bouw, vanuit de historische kenmerken en met oog op het straatbeeld. Er moest vooral geen ‘architectenshow’ van gemaakt worden. De groep ‘s avonds zag wel meer in de kansen om ook modern en vernieuwend te bouwen. De avondgroep stelde tevens voor:

o o o o

De mogelijkheid voor de eigen bevolking om aan te geven wat zij als waardevol en karakteristiek beschouwen voor het dorp. Ter inspiratie ook eens te kijken bij andere eilanden en hoe zij dit aanpakken. Om een inspiratieboek op te stellen waarmee mensen met (ver)bouwplannen aan de slag kunnen. Om meer praktische hulp uit de gemeente te bieden als men iets wil in het beschermd dorpsgezicht. Er werd ook beaamd dat deze hulp goed uit de eigen bevolking kon komen.

De grote lijn voor luifels 

Luifels moeten kunnen als het maar goed gebeurt

Aanvullingen en nuances uit de verschillende groepen:   

De middaggroep kon zich (al was er weinig tijd) het beste vinden in de het idee dat luifels toegestaan kunnen worden, mits dit met zorg en aandacht gebeurt. Bij de avondgroep werd vooral het huidige afwegingskader niet goed begrepen waarbinnen een luifel al dan niet werd toegestaan. Bij de avondgroep (waar de bouwers van alle luifels die getoond werden ook aan tafel zaten) werd benadrukt dat de luifels de mogelijkheid boden om het seizoen wat te verlengen, een wens van alle ondernemers, dus ook van de horeca. Een coulante houding was wenselijk. In deze groep was tevens overeenstemming dat de luifels, mits mooi ingepast en goed uitgevoerd, beter zijn dan bijvoorbeeld grote reclames voor bier.

Colofon Rapport BügelHajema Adviseurs b.v. Projectnummer 555.00.02.01.00.10

BügelHajema Adviseurs bv Bureau voor Ruimtelijke Ordening en Milieu BNSP Balthasar Bekkerwei 76 8914 BE Leeuwarden T 058 215 25 15 E info@bugelhajema.nl W www.bugelhajema.nl Vestigingen te Assen, Leeuwarden en Amersfoort

bestemmingsplan Bestemmingsplan verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Bijlage 2 Overzicht nieuwe initiatieven

93

Door diverse personen zijn concrete verzoeken ingediend om het bestemmingsplan Dorp aan te passen.

A. Verzoeken welke passen binnen de Nota van Uitgangspunten De volgende verzoeken zijn verwerkt op basis van de Nota van Uitgangspunten, welke door de raad is vastgesteld: 1. Bestaande verharding van openbaar groen bij winkel (Badweg 4-6): NvU 3.3. Uitgangspunt 6 – afwijkingsbevoegdheid 2. Bestaand Horecaterras in bestemmen (Langestreek 46 / Ware Jacob)) NvU 3.3. Uitgangspunt 2 3. Horecaterras in overtuin (restaurant Noorderlicht) NvU 3.2. uitgangspunten 4 en 5 4. Dubbelbestemming wonen/recreatief (Vierhuizen 8) NvU 3.1. uitgangspunt 6

B. Verzoeken die genoemd worden in de Nota van Uitgangspunten Daarnaast zijn er nog concrete verzoeken tot wijziging van het bestemmingsplan Dorp welke niet beantwoord kunnen worden op basis van het gestelde in de Nota van Uitgangspunten. Met betrekking tot deze verzoeken is per geval een afweging gemaakt. -

Gehonoreerde verzoeken:

Op grond van de gemaakte afwegingen zijn de volgende verzoeken gehonoreerd en verwerkt in het voorontwerp van het bestemmingsplan: 1. Rooilijn opnemen aan Kerkelaantje (Langestreek 5) De woning aan de Langestreek 5 heeft een tweetal voorgevel rooilijnen. Dit komt omdat de woning grenst aan twee openbare wegen: de Langestreek en het Kerkelaantje. Feitelijk is het daardoor niet mogelijk om een berging in de tuin te bouwen bij de woning. De berging dient namelijk achter de voorgevel geplaatst te worden. Door het opnemen van een rooilijn aan de zijde van het Kerkelaantje kan dit probleem eenvoudig opgelost worden. 2. 45 % onttrekking in BP verwerken Langestreek 102) Betrokkene heeft van tevoren gevraagd om tot 45% onttrekking mogen over te gaan. Vervolgens is in overleg met de gemeente de woning intern verbouwd, waarbij 45 % van de woning is onttrokken. Betrokkene mocht er op vertrouwen dat voldaan werd aan alle eisen van de gemeente. Betrokkene heeft gehandeld conform de toen geldende regels. 3. Aanduiding Recreatiewoning (Langestreek o.d. Noord 2) Bij het intekenen van de recreatiewoning is de aanduiding op kaart niet aangebracht. Door betrokkene is hier melding van gemaakt, waarna de gemeente heeft erkend dat dit een tekenfout is. Hierbij is aangegeven dat de aanduiding bij de volgende wijziging zou worden hersteld. 4.

Omzetten van gebruik van wonen naar recreatie (Tjebbeglob 4) In 2015 heeft de raad besloten om de woonbestemming om te zetten naar een recreatieve bestemming. Er wordt uitvoering aan het besluit van de raad gegeven door de gewijzigde bestemming op te nemen in het voorontwerp bestemmingsplan. Omzetten wonen naar recreatie verwerken in BP uitvoeren raadsbesluit van 2015

5. Verschuiven bouwplek (Tjebbeglob 6) Aan de Tjebbeglob 6 is er in het huidige bestemmingsplan ruimte voor de bouw van een woning (permanente bewoning). Bij de uitwerking van de bouwplannen is het vanuit ruimtelijke overwegingen gewenst om het bouwvlak te verschuiven richting de Noorderstreek.. 6. In bestemmen bedrijfsactiviteiten (Langestreek om de Noord 34) Het pand aan de Langestreek om de Noord 34 wordt sinds langere tijd bedrijfsmatig gebruikt. Het pand ligt ingeklemd tussen de naastgelegen bedrijfsbestemming en het Langhuispad. Het terrein heeft geen relatie met de bebouwing aan de streek. Gelet op de solitaire ligging van het pand naast een andere bedrijfsbestemming ligt een bedrijfsbestemming in de rede. 7. Uitbreiding Kolonyhus (Badweg 67A) Binnen de bestaande mogelijkheden loopt het Kolonyhus tegen zijn grenzen om mee te kunnen gaan in de wensen van hun bezoekers. Op de kavel geldt een maximaal bebouwingspercentage van 35 %. Geconstateerd is dat het terrein voldoende groot is om extra bebouwing op te kunnen vangen zonder dat dit direct effecten heeft op de omgeving. Bij de uitwerking van eventuele bouwplannen op het terrein kan dit verder uitgewerkt worden. Het bebouwingspercentage kan worden gewijzigd van 35 naar 40. 8. Manege ombouwen naar recreatie appartementen (Rijspolder 1) Het gebruik van het gebouw i.c. manege is komen te vervallen.

De eigenaar van het pand heeft verzocht om de gebouwen om te mogen bouwen naar appartementen voor recreatief gebruik. Gezien het feit dat het pand direct gelegen is naast een recreatiepark (i.c. De Monnik), de woningbouw op enige afstand is en er verder geen ruimtelijk relevante activiteiten zijn welke van invloed zijn op het gebruik van het gebouw, past het wijzigen van de recreatieve bestemming op deze plek. Het verzoek past verder ook nog in de toeristische visie van de gemeente.

-

Afgewezen verzoeken

Op grond van de gemaakte afwegingen zijn de volgende verzoeken afgewezen en dus niet verwerkt in het voorontwerp van het bestemmingsplan: 1. Bouwmogelijkheid van zomerwoning (Badweg 73) Door betrokkene wordt aangegeven dat in 2009 bij het opstellen van het Bestemmingsplan Dorp ten onrechte de bestemming zomerwoning op het perceel is geschrapt. Nader onderzoek heeft geen onderbouwing voor deze stelling opgeleverd. Daarnaast is onderzocht in hoeverre de bouw van een zomerwoning op het betreffende perceel ruimtelijk gewenst is. Dit wordt niet wenselijk geacht. 2. Berging omzetten in recreatief verblijf (Buterblom 9) Als beleidslijn geldt dat er geen nieuwe recreatiemogelijkheden in (over)tuinen mogelijk zijn. In het specifieke geval is nog onderzoek gedaan in hoeverre er bijzondere redenen zijn om eventueel af te wijken het beleid. Het nadere onderzoek heeft geen nieuwe inzichten opgeleverd. 3. Omzetten van woonbestemming naar recreatief (Jacobspad 2) De eigenaar van de woning heeft gevraagd om de bestemming van de woning (i.c. wonen) om te zetten in recreatief gebruik. Als beleidslijn wordt gehanteerd dat de omvang van de bestaande woonvoorraad in stand dient te blijven, Het onttrekken van de woning aan de woonvoorraad is derhalve niet gewenst. Er zijn geen dringende redenen om hiervan af te wijken. 4. Verzoek tot wijzigen maatvoering (Klein Zwitserland)

Door het bestuur van de VVE is verzocht om een aantal maten (zoals goten, nok) naar beneden toe bij de stellen. Hierbij hebben wij overwogen dat wij niet willen tornen aan de bestaande rechten van de betrokken eigenaren. 5. Toestemming voor nieuwe recreatieverblijf in overtuin (Langestreek 16) Als beleidslijn geldt dat er geen nieuwe recreatiemogelijkheden in (over)tuinen mogelijk zijn. In het specifieke geval is nog onderzoek gedaan in hoeverre er bijzondere redenen zijn om eventueel af te wijken het beleid. Het nadere onderzoek heeft geen nieuwe inzichten opgeleverd. Daarnaast geldt beleidsmatig dat de druk op de overtuinen qua bebouwing en recreatief gebruik niet verder mag toenemen en bij voorkeur terug gebracht wordt om het oorspronkelijke karakter van de overtuinen te behouden. 6. Uitbreiding Ware Jacob (Langestreek o.d. Noord 5) Met betrekking tot een mogelijke uitbreiding van de Ware Jacob in combinatie met personeelshuisvesting bestaan geen overwegende bezwaren. De plannen zullen echter verder uitgewerkt moeten worden om deze in het bestemmingsplan te kunnen verwerken. 7. Verzoek om woonbestemming om te zetten in recreatieve bestemming (Langestreek 62) De ouders (inmiddels overleden) hadden een persoonlijke ontheffing voor recreatief gebruik van de woning Langestreek 62.

Door de kinderen wordt verzocht om de ontheffing van de ouders om te zetten in een definitieve recreatieve bestemming van de woning. Als beleidslijn wordt gehanteerd dat de omvang van de bestaande woonvoorraad in stand dient te blijven, Het onttrekken van de woning aan de woonvoorraad is derhalve niet gewenst. Er zijn geen dringende redenen om hiervan af te wijken. 8. Horecabestemming t.b.v. terras (Middenstreek 48) Betrokkene vraagt om de bestemming omzetten van winkel naar horeca. Het doel hiervan is om de zitgelegenheid voor de winkel om te bouwen naar terras. In de huidige situatie is er sprake van een winkelstemming te weten een uitgiftepunt van ijs e.d.. Dat betekent dat er niet bedient mag worden bij de zitgelegenheid. Indien Horeca wordt toegestaan dienen er extra voorzieningen in het pand te komen. Dit betekent dat er een groter gedeelte aan de woning onttrokken moet worden voor de horecabestemming. Binnen de bestaande mogelijkheden is reeds gebruik gemaakt van alle mogelijkheden om delen van de woning te onttrekken aan de woonbestemming. Een verdere onttrekking aan de woonbestemming is ongewenst om de woonvoorraad op peil te kunnen houden. Een onderbouwing van de vraag ontbreekt. 9. Afwijken van de onttrekkingsregeling (Noorderstreek 44-46) Op grond van de NvU 3.1. Uitgangspunt 6 is geen afwijking van maximum 45 % meer mogelijk.

Betrokkene valt niet onder de in de NvU genoemde overgangsregeling. Gezien de omstandigheden is het college bereid om een persoonlijke ontheffing aan de huidige gebruiker/eigenaar te verstrekken.. 10. Bebouwing Overtuinen (Middenstreek) Betrokkene vraagt dat het toegestaan wordt dat los van de relatie met de streekbebouwing dat er toch bouwrechten verleend kunnen worden aan anderen. Dit zou betekenen dat afgeweken moet worden van NvU 3.2. Uitgangspunt 4. Er zijn geen dringende redenen om hiervan af te wijken. 11. Woonbestemming omzetten in dubbelbestemming wonen/recreatief (Reddingweg 13) Als beleidslijn wordt gehanteerd dat de omvang van de bestaande woonvoorraad in stand dient te blijven, Het onttrekken van de woning aan de woonvoorraad is derhalve niet gewenst. Er zijn geen dringende redenen om hiervan af te wijken.

12. Recreatiemogelijkheid in overtuin (Voorstreek 36) Als beleidslijn geldt dat er geen nieuwe recreatiemogelijkheden in (over)tuinen mogelijk zijn. In het specifieke geval is nog onderzoek gedaan in hoeverre er bijzondere redenen zijn om eventueel af te wijken het beleid. Het nadere onderzoek heeft geen nieuwe inzichten opgeleverd. Daarnaast geldt beleidsmatig dat de druk op de overtuinen qua bebouwing en recreatief gebruik niet verder mag toenemen en bij voorkeur terug gebracht wordt om het oorspronkelijke karakter van de overtuinen te behouden.

bestemmingsplan Bestemmingsplan verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp

Bijlage 3 Aanwijzing beschermd dorpsgezicht

99

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Schiermonnikoog&id=6322adc4-6bd4-4d32-9ede-e2ad41732a1b