Zomernota 2025
Tekst van het document
Zomernota 2025
Zomernota 2025
6 juni 2024
1
Zomernota 2025
Versiebeheer 27 juni 2024 1.1 C&B, F&C
2
Zomernota 2025
1
Voorwoord
De zomernota is een vast onderdeel van de Schiedamse planning- en controlcyclus. De Zomernota 2025 heeft als doel de (financiële) kaders voor de Begroting 2025 - 2028 vast te stellen. Deze financiële kaders kleuren het beeld van deze zomernota allerminst rooskleurig. De zomernota is voor de gemeenteraad ook het politieke moment voor het houden van de algemene beschouwingen. Na vaststelling van de zomernota door de gemeenteraad worden de kaders uitgewerkt in de begroting. Deze Zomernota 2025 is een heel andere zomernota dan gebruikelijk. Dit komt door de verslechterende financiële situatie vanaf 2025. In de Begroting 2024 hebben we al aangegeven dat de gemeenten vanaf 2026 te maken krijgen met een aanzienlijke vermindering van de rijksbijdragen aan het gemeentefonds. Dit probleem is nog nijpender geworden, omdat er ook in 2025 al sprake is van een forse vermindering van de rijksbijdrage aan het gemeentefonds. De vele gesprekken tussen VNG en het Rijk hebben niet tot het voor de gemeenten gewenste resultaat geleid. Zowel in de Voorjaarsnota als in het Hoofdlijnenakkoord van de partijen PVV, VVD, NSC en BBB wordt vastgehouden aan een miljardenvermindering van het gemeentefonds. Stijgende lasten (inflatie, loonstijgingen) worden slechts beperkt gecompenseerd. Dit komt bij de gemeenten dubbel hard aan.
Voor Schiedam betekent dit dat er financieel zware jaren aankomen en we voor enorm lastige keuzes staan. De stad verdient een veel bredere inzet dan we financieel nu kunnen dragen. We staan voor een grote meerjarige financiële opgave. In deze Zomernota 2025 brengen we de financiële opgave in beeld en presenteren we de strategie en de route hoe we op een zorgvuldige wijze de financiën meerjarig in balans kunnen brengen. Leidraad blijft daarbij het Ambitiedocument en de Staat van de Stad. We kiezen voor een zorgvuldig afwegingsproces, waarbij we noodgedwongen ingrijpende keuzes moeten maken. De maatregelen richten zich op het verminderen van de uitgaven en het verhogen van de inkomsten. We gaan hierover in gesprek met de gemeenteraad, omdat het juist nu belangrijk is er samen voor Schiedam te staan. De beoogde uitkomst is een evenwichtig pakket aan maatregelen, waarbij de dienstverlening en het voorzieningenniveau in balans zijn met de financiële draagkracht van de gemeente. De Zomernota 2025 vormt hiervoor het startpunt.
Burgemeester en wethouders van Schiedam
3
Zomernota 2025
Inhoudsopgave 1 Voorwoord
3
2 Meerjarig financieel perspectief
5
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5
Meerjarig financieel beeld Bepaling financiële stand zomernota Wettelijke en onvermijdelijke ontwikkelingen Vrijval van reserves Winstwaarschuwingen
3 Bezuinigingsopgave en strategie 3.1 3.2 3.3 3.4
Bezuinigen met het Ambitiedocument als kader Bezuinigen vanuit het perspectief van Staat van de Stad Strategie invulling meerjarige bezuinigingsopgave Route naar de begroting
Bijlage 1 Financiële ruimte 1 2 3 4 5 6 7 8
5 6 7 9 10
12 12 13 14 16
17
Algemeen Bepaling van de beginstand De loon- en prijsontwikkelingen Meicirculaire 2024 Ontwikkelingen Sociaal Domein Interne en externe autonome ontwikkelingen Renteontwikkeling Recapitulatie Financiële ruimte
4 Bijlage 2 Staat van de Stad
17 19 20 21 21 22 27 28
29
4
Zomernota 2025
2
Meerjarig financieel perspectief Deze zomernota bevat zoals gebruikelijk de verkennende bepaling van de financiële ruimte (begrotingssaldo) als start van het begrotingsproces. Bijlage 1 bevat de gedetailleerde technische uitwerking van de verschillende stappen om dit te bepalen. Ons belangrijkste algemene uitgangspunt blijft het voeren van een solide en verantwoord meerjarig financieel beleid. Waar dit jarenlang een vanzelfsprekend uitgangspunt was, is deze vanzelfsprekendheid er helaas niet meer. De voorwaarden om een structureel financieel beleid te kunnen voeren voor gemeenten worden niet nagekomen door het kabinet. Dat betekent niet alleen grote onzekerheden over de toekomst, maar ook ingrijpende bezuinigingsmaatregelen.
2.1 Meerjarig financieel beeld Het financiële beeld van Schiedam geeft, net als bij zoveel andere gemeenten, een somber beeld voor de langere termijn. In de Begroting 2024 waren de ravijnjaren vanaf 2026 al duidelijk aanwezig. Het Rijk heeft besloten om ruim € 3 miljard te bezuinigen op het Gemeentefonds. Recente berekeningen van COELO laten zien dat de tekorten in 2026 voor gemeenten uitkomen op € 3,9 miljard. Dit tekort loopt op tot € 6,2 miljard in 2028 op basis van de huidige kabinetsplannen. Schiedam krijgt vanaf 2026 tussen de € 12 en € 15 miljoen minder van het Rijk. Een financieel gat dat we net als alle andere gemeenten in Nederland zelf moeten dichten. Waar in de begroting van 2024 op de korte termijn (tot en met 2025) nog voldoende financiële middelen aanwezig waren, heeft een nieuwe ingreep van het Rijk via de Voorjaarsnota dit beeld verslechterd. Er is een extra korting op 2025 toegepast, om iets van de tekorten voor 2026 en verder te dempen. Deze extra korting kwam als een volslagen verrassing. Het betekent dat we eerder dan gepland moeten starten met bezuinigen. De VNG heeft de afgelopen jaren voortdurend aandacht gevraagd voor de lastige financiële situatie waarin gemeenten zich bevinden. Dit heeft helaas nog niet geleid tot fundamentele aanpassingen. Het demissionaire kabinet heeft hieraan in de Voorjaarsnota nauwelijks iets veranderd.
Ook het hoofdlijnenakkoord van PVV, VVD, NSC en BBB houdt de miljardenkorting vanaf 2026 in stand. Dit betekent dat we vanaf 2026 te weinig geld hebben om de bestaande taken goed uit te voeren. De VNG stelt dan ook dat, om taken en middelen in balans te krijgen, er geld bij moet of taken eraf. Onze inspanningen richten zich, noodgedwongen, op bezuinigingsmaatregelen vanaf 2026. Hierbij willen we niet blind snoeien in al het goede wat de afgelopen jaren is opgebouwd, maar bewust en gericht (moeilijke) keuzes maken. Hier komen we op terug in hoofdstuk 3. Het financieel meerjarenperspectief van deze zomernota ziet er als volgt uit: Stand financieel meerjarenperspectief (bedragen x € 1.000) Begrotingssaldo
5
2025
2026
2027
2028
-14.471
-26.342
-26.611
-26.596
Zomernota 2025
Ten opzichte van de vastgestelde meerjarenbegroting is sprake van een verslechtering van de financiële situatie. De belangrijkste oorzaak daarvan is dus het rijksbeleid op de financiering van decentrale overheden. Het negatieve effect wordt vooral veroorzaakt door onvoldoende compensatie voor prijsstijgingen. Daarnaast is te weinig rekening gehouden met de volumegroei van de wettelijke gemeentelijke zorgtaken. De omvang van het tekort omvat tevens de omvang van de bezuinigingsdoelstelling voor de komende jaren.
2.2 Bepaling financiële stand zomernota De financiële stand in de zomernota bepalen we ieder jaar op dezelfde, consistente wijze. Deze systematiek is bepaald op basis van de begrotingsregels die gelden voor gemeenten. De Provincie Zuid-Holland voert op basis hiervan haar wettelijke toezichthoudende taak uit. Ook in tijden van financiële tekorten verwacht de provincie van ons dat we een realistische, meerjarig sluitende begroting neerleggen. Gezien de financiële vooruitzichten hebben wij ervoor gekozen om alleen de wettelijke en onvermijdelijke ontwikkelingen in beeld te brengen om zo een realistische begroting op te stellen. Van aanvullende beleidskeuzes en ambities hebben wij, gezien de financiële situatie, bewust afgezien. Onze focus ligt nu op wat moet gebeuren. De processtappen om de financiële stand voor deze zomernota te bepalen zijn in detail uitgewerkt in bijlage 1. De financiële ruimteberekening wordt opgebouwd vanuit de beginstand van de begroting (oftewel de eindstand van de Begroting 2024-2027), rekening houdend met loon- en prijsontwikkelingen. Vervolgens worden de wettelijk verplichte en onvermijdelijke ontwikkelingen in beeld gebracht, de prognose van de renteontwikkeling en de eventueel overige ontwikkelingen. Een vast onderdeel in deze methodiek is het beoordelen van de mogelijke vrijval van reserves.
Deze beoordeling is ook dit jaar weer uitgevoerd en is terug te vinden in paragraaf 2.4. Samenvattend geeft de zomernota het volgende beeld: Stand financiële ruimte (bedragen x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
A. Totaal beginstand
3.846
-11.289
-9.201
-6.452
B. Totaal loon- en prijsontwikkelingen
-6.906
-6.816
-6.764
-6.735
C. Totaal algemene uitkering
-3.264
3.335
3.267
3.269
D. Totaal ontwikkelingen sociaal domein
-7.269
-9.569
-11.707
-13.939
E. Totaal wettelijk, onvermijdelijk
-3.749
-2.930
-2.930
-2.930
F. Renteontwikkeling
866
388
170
263
G. Overige ontwikkelingen
527
539
554
-72
-15.950
-26.342
-26.611
-26.596
Totaal financiële ruimte ongewijzigd beleid
1.479
Vrijval reserves
-14.471
Totaal prognose begrotingssaldo
6
Zomernota 2025
2.3 Wettelijke en onvermijdelijke ontwikkelingen Voor het bepalen van de wettelijke en onvermijdelijke ontwikkelingen is het volgende kader gehanteerd: Wettelijk: Het onderwerp is terug te vinden in wet- of regelgeving van hogere overheden. Aan de invoering is niet te ontkomen, er is een duidelijke wettelijke taak of opdracht voor de gemeente. Veelal causaal verband met algemene uitkering of andere inkomende stromen vanuit het Rijk richting gemeenten. Onvermijdelijk: Gaat zeker gebeuren, uitvoering is vastgelegd via overeenkomsten of meerjarige methodiek. Onafwendbaar (geen politieke keuze, MOET-criterium op basis van overeenkomst, kader of ontwikkeling). Voorwaardelijk om gemeentelijke taak uit te voeren of opgaven uit het Ambitiedocument te kunnen realiseren. De volgende ontwikkelingen voldoen aan bovenstaand kader. Hierbij zijn ook ontwikkelingen geïdentificeerd die op verzoek van de raad in deze zomernota zijn geland. Een nadere (technische) toelichting op deze wettelijke en onvermijdelijke claims is te vinden in bijlage 1. In deze paragraaf staan we stil bij een aantal overwegingen die bij de opname van deze ontwikkelingen in de zomernota door ons zijn gemaakt. (bedragen x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
Wettelijk onvermijdbaar -106
-106
-106
-106
0
-5
-5
-5
-198
-198
-198
-198
Areaalmutaties
-34
-34
-34
-34
Structurele lasten kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023 - 2027
-220
-220
-220
-220
Cao – SW
-364
0
0
0
Cao – WOT
-398
0
0
0
Ophoging inkoopopdracht jongerenwerk
-51
0
0
0
Stelpost Uitvoeringsprogramma I-visie Erfpacht Vastgoed
-1.800
-1.800
-1.800
-1.800
-148
-148
-148
-148
Vervanging kunstgrasvelden Thurlede
0
-114
-114
-114
Uitvoering geven aan Vitaliteit & Arbo
-64
0
0
0
Schiedam Werkt; aan instroom van jong talent!
-64
0
0
0
CJG - wettelijke taken JGZ Eerste inrichting leer- en hulpmiddelen en meubilair Het College Vos (ISK) Organisatorisch borgen aankomende wettelijke taken opvang Beleidsmatig onvermijdbaar
7
Zomernota 2025
Wensen van de gemeenteraad Motie Geef BOA’s hun verdiende loon! (M12)
-152
-152
-152
-152
Motie onderzoek versterking griffie (M15)
-153
-153
-153
-153
-3.749
-2.930
-2.930
-2.930
Totaal wettelijke en onvermijdelijke claims
Wettelijk onvermijdbaar Organisatorisch borgen aankomende en wettelijke taken opvang Deze ontwikkeling is vooralsnog structureel opgenomen, omdat de lopende taken rondom de opvang van vluchtelingen op dit moment nog doorlopen. Het Akkoord op hoofdlijnen geeft aan dat het nieuw te vormen kabinet van plan is de Spreidingswet terug te draaien. Op dit moment zijn geen budgetten in de algemene uitkering voor de uitvoering van deze (nu nog) wettelijke taak opgenomen. In de route naar de begroting blijven wij de ontwikkelingen op dit beleidsveld volgen. Indien noodzakelijk wordt het budget op de ontwikkelingen aangepast.
Beleidsmatig onvermijdbaar Cao-SW/Cao-WOT Deze ontwikkelingen zijn (voorlopig) alleen in 2025 opgenomen om in 2025 een beoogde ombuiging te maken en naar andere oplossingen te zoeken. Wij zijn van mening dat wij als gemeente, gezien de tekorten, niet de aangewezen instantie zijn om cao-ontwikkelingen in diverse sectoren een-op-een te financieren. Te meer omdat daarvoor geen enkele compensatie vanuit het Gemeentefonds beschikbaar is. Ophoging inkoopopdracht jongerenwerk Deze ontwikkeling is alleen 2025 opgenomen met als taakstelling voor de overige jaren dekking te vinden via nieuw-voor-oud. Stelpost Uitvoeringsprogramma I-visie Op het moment van samenstellen van de zomernota is het uitvoeringsprogramma voor de I-visie nog niet gereed. Wij hebben een eerste schatting gemaakt van de structurele effecten om aan een wettelijk en noodzakelijk niveau te voldoen. Deze eerste schatting is als stelpost in deze zomernota opgenomen. In de route naar de begroting verwachten wij dat het uitvoeringsprogramma wordt opgeleverd en zal het budget mogelijk nog worden aangepast. Uitvoering geven aan Vitaliteit & Arbo Wij kiezen er op dit moment niet voor de formatie structureel uit te breiden, maar in 2025 te onderzoeken op welke wijze Vitaliteit & Arbo op doelmatige wijze in de organisatie kan worden geborgd om zo aan de verplichtingen vanuit de cao te voldoen.
Schiedam Werkt, aan instroom van jong talent! Wij kiezen er op dit moment niet voor de formatie voor drie jaar uit te breiden, maar in 2025 in kaart te brengen hoe dit op doelmatige wijze in de organisatie kan worden geborgd.
Wensen van de gemeenteraad Bij het vaststellen van de Begroting 2024 heeft de gemeenteraad een aantal moties ingediend met specifieke wensen. Op een tweetal van deze moties komen we in deze zomernota terug.
8
Zomernota 2025
Motie Geef BOA’s hun verdiende loon! (M12) Via deze motie heeft de raad geconstateerd dat er 12 vacatures voor boa’s openstaan en dat de salariëring van de Schiedamse boa’s een schaal lager ligt dan die van boa’s in de regio. De raad heeft het college verzocht om te onderzoeken hoe het structurele tekort aan boa’s zo snel mogelijk kan worden opgelost. Daarbij heeft de raad als mogelijke oplossing het verhogen van de inloopschalen benoemd. Wij hebben u via onze brief van 18 april 2024 (24UIT01702) op de hoogte gebracht van de resultaten van het gevraagde onderzoek en hebben aangegeven dat wij in deze zomernota de integrale afweging maken hoe hiermee om te gaan. Wij geven uitvoering aan de wens van de raad. Boa’s verrichten belangrijk werk voor onze stad. De boa’s krijgen meer en meer een eigenstandige rol in de aanpak van lokale leefbaarheid- en veiligheidsvraagstukken. Zij weten wat er in de wijken speelt en zijn vaak het eerste aanspreekpunt van inwoners voor deze onderwerpen. Boa’s handhaven op veelvoorkomende overlastfeiten als hinderlijk gedrag van hangjongeren, afval op straat en zijn onmisbaar in de bestuurlijke aanpak van ondermijning. Zo dragen ze bij aan de leefbaarheid van de openbare ruimte en zijn ze in veel situaties een onmisbare samenwerkingspartner van de politie.
Een goede bezetting van het team Toezicht & Handhaving is essentieel voor de uitvoering van de speerpunten uit het Uitvoeringsprogramma Openbare Orde en Veiligheid, Ondermijning en Woonoverlast. Deze bezetting staat onder druk door de positie op de arbeidsmarkt van onze gemeente. In vergelijking met gemeenten om ons heen is de beloning in Schiedam lager. Voor het team Handhaving Openbare Ruimte (THOR) en het interventieteam Ondermijning (ITO) wordt aan de motie van de raad invulling gegeven. Het totale financiële effect bedraagt € 304.000. Gezien onze huidige financiële situatie stellen wij voor om 50% van dit bedrag te dekken via het afschalen van de bestaande capaciteit door beperktere invulling van bestaande vacatures (2,5 fte structureel minder boa’s). Motie onderzoek versterking griffie (M18) Via deze motie heeft de gemeenteraad de griffier verzocht om gezamenlijk met de werkgeverscommissie te onderzoeken hoe de griffie op ondersteunend en communicatief gebied versterkt kan worden en de uitkomst hiervan te verwerken in een voorstel voor de Zomernota 2025. De griffier en de werkgeverscommissie stellen voor de griffie uit te breiden met een raadsadviseur met het taakveld communicatie (32-36 uur per week) die in samenspraak met de raad en de griffier de externe communicatie vormgeeft en ook kan meedraaien in ‘het vergaderbedrijf’. Dit betreft 1 FTE, € 110.000.
Daarbij wordt ook voorgesteld om het communicatiebudget te verhogen met € 10.000. Daarnaast wordt voorgesteld om de ambtelijke ondersteuning van de Rekenkamer structureel te borgen met een uitbreiding van 0,3 fte, zijnde € 33.000. In totaliteit bedraagt het financiële effect van de motie onderzoek versterking griffie € 153.000.
2.4 Vrijval van reserves Jaarlijks worden alle bestemmingsreserves doorgelicht om na te gaan of de stand van de reserve nog overeenkomt met het vastgestelde bestedingsdoel. Daar waar het saldo dat toelaat, is de omvang van de vrijval bepaald. De beoordeling vindt plaats op de stand van de reserves per 1 januari 2024. Schiedam heeft op die datum 41 verschillende bestemmingsreserves. In totaal vertegenwoordigen die een waarde van (afgerond) € 94 miljoen. Deze bestemmingsreserves zijn geanalyseerd en beoordeeld aan de hand van het volgende afwegingskader: Zijn er bestedingen geraamd in de meerjarenbegroting?
9
Zomernota 2025
Ligt aan de besteding een vastgesteld bestedingsplan ten grondslag of vindt dat op korte termijn (toetsbaar) plaats? Is de reserve de afgelopen jaren aangewend of is sprake van ‘slapende’ tegoeden?
Op basis hiervan komen de volgende reserves in aanmerking voor vrijval: Reserve (bedragen x € 1.000)
Vrijval
Reserve MBOP S&R
10
Reserve vermindering OZB voorgaande jaren
186
Reserve Fiscaliteit (restant)
31
Reserve Wijk
130
Reserve organisatie (restant)
22
Reserve compensatie corona (restant)
187
Reserve compensatie Rijk (restant)
48
Reserve ISV-3
307
Reserve meeropbrengsten OZB 2013
558
Totaal vrijval
1.479
De overwegingen bij de vrijval van een aantal reserves lichten we wat nader toe: De reserve ‘vermindering OZB voorgaande jaren’ is gevormd tijdens het instappen bij de RBG (2015) als veiligheidsventiel. De afgelopen jaren is niet tot nauwelijks gebruikgemaakt van deze reserve. Daarom wordt voorgesteld deze reserve vrij te laten vallen. De reserve ‘meeropbrengsten OZB 2013’ is naar aanleiding van een motie over het teruggeven van meeropbrengsten OZB aan de Schiedammers gevormd. Via de reserve werden de gerealiseerde meeropbrengsten in enig jaar gereserveerd om als correctie op de verwachte OZB-opbrengst in het volgende begrotingsjaar symbolisch terug te geven aan de Schiedammers. De uitkomsten van deze systematiek verschillen ieder jaar en zijn afhankelijk van de omvang van de meeropbrengsten van twee boekjaren. Daarnaast maakt het de tariefsopbouw weinig transparant en vergelijkbaar met andere gemeenten. Wij stellen daarom voor om vanaf 2025 de OZB-berekening aan te passen. Het tegoed in de reserve valt daarmee vrij.
2.5 Winstwaarschuwingen Deze paragraaf geeft inzicht in ontwikkelingen die het financieel beeld de komende periode positief, dan wel negatief zullen beïnvloeden. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de ontwikkelingen die de komende tijd de financiële ruimte zullen beïnvloeden. Externe ontwikkelingen bestaan uit ontwikkelingen die buiten Schiedam
10
Zomernota 2025
ontstaan en waarop wij vrijwel geen invloed hebben. Interne ontwikkelingen bestaan uit ontwikkelingen binnen Schiedam waarop beïnvloeding via beleidskeuzes mogelijk is.
Externe ontwikkelingen
Interne ontwikkelingen
Ontwikkelingen algemene uitkering Prijs- en marktinvloeden (cao, ontwikkeling inflatie, situatie arbeidsmarkt) Renteontwikkeling Omgevingswet Financiële situatie verbonden partijen en partners in de stad (subsidierelaties) Opvang vluchtelingen (Oekraïners) Spreidingswet Financieel perspectief kabinetsformatie
Uitvoering Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid Nieuwland en Oost Huisvesting Stroomopwaarts Huisvesting ambtelijke organisatie Meerjarige effecten ambitiedocument Gebiedsontwikkeling Nieuw-Mathenesse Jeugdzorg/MVS Jeugdmodel Woonwagenbeleid Vervolg MIRT-verkenning Meerjarenperspectief Vastgoed: routekaart verduurzaming Vastgoed Cofinanciering gebiedsontwikkelingen Binnensportaccommodaties Visie op dienstverlening IHP (Spieringshoek) I-visie Nieuw functiegebouw HR21
11
Zomernota 2025
3
Bezuinigingsopgave en strategie Het financieel beeld uit hoofdstuk 2 laat aanzienlijke meerjarige begrotingstekorten zien. Dit is een direct gevolg van de forse vermindering van het Gemeentefonds. In dit hoofdstuk werken we uit hoe we het Ambitiedocument als kader voor de bezuinigingsopgave hanteren, hoe we de Staat van de Stad hierin betrekken en hoe we aan de slag gaan om te doen wat nodig is.
3.1 Bezuinigen met het Ambitiedocument als kader Wij hebben met het oog op de steeds wisselende - en vaak onvoorspelbare - landelijke en internationale ontwikkeling gekozen voor een ambitiedocument in plaats van een collegeprogramma. Op onderwerpen die niet specifiek als ambitie zijn benoemd, is het bestaande beleid voortgezet. Ons motto is en blijft ‘we koesteren wat goed gaat en maken af waaraan we zijn begonnen’, ook tijdens deze omvangrijke bezuinigingsoperatie. Ons uitgangspunt blijft om op basis van het Ambitiedocument voldoende flexibel en tijdig te kunnen inspelen op veranderende omstandigheden. De beperkte financiële middelen betekenen niet dat we geen open oog en oor meer hebben voor het welzijn van de Schiedammers. We zijn ons ervan bewust dat we voor lastige keuzes staan. Bezuinigen gaat altijd ten koste van wat de afgelopen jaren is opgebouwd. Bij de uitwerking van deze bezuinigingsopgaven blijven we zo veel mogelijk uitgaan van de speerpunten en uitgangspunten, zoals we die voor een solide meerjarig financieel beleid in het ambitiedocument hebben opgenomen. Onze speerpunten zijn en blijven:
Beheersing van de lastenontwikkeling voor burgers en bedrijven: de komende vier jaar verhogen we de OZB niet, met uitzondering van de gebruikelijke indexatie. Faciliteren van een investeringsruimte, die past bij de ontwikkeling van de stad. Genereren van voldoende financiële dekkingsmiddelen om de programma’s binnen de door de raad vastgestelde kaders van de begroting uit te voeren: de structurele lasten zijn niet groter dan de structurele baten. Grip houden op de financiële positie met behulp van balanssturing: het weerstandsvermogen bedraagt minimaal 1 (voor iedere € aan risico’s, is er een € dekking), de solvabiliteit (gecorrigeerd voor erfpacht) blijft minimaal op de VNG-adviesratio van 20% en de netto schuldquote (gecorrigeerd voor erfpacht) bedraagt maximaal 130%.
Wij ontkomen er niet aan om op deze speerpunten onze ambities bij te stellen. Wij blijven het belangrijk vinden om de lastenontwikkeling voor inwoners en bedrijven te blijven beheersen, omdat Schiedammers niet moeten opdraaien voor falend rijksbeleid. Toch ontkomen we er niet aan om bijvoorbeeld naar maximale kostendekkendheid van onze tarieven te streven. Noodgedwongen. Wij zijn ons ervan bewust dat het faciliteren van een investeringsruimte, die past bij de ontwikkeling van de stad, de komende jaren steeds lastiger wordt. De ontwikkeling van de stad verdient zoveel meer dan dat wij op dit moment (financieel) kunnen bieden.
12
Zomernota 2025
Het genereren van financiële dekkingsmiddelen om de programma’s binnen de door de raad vastgestelde kaders van de begroting uit te voeren kunnen wij in deze context alleen realiseren door een bezuinigingsoperatie. In deze bezuinigingsoperatie houden wij grip op de financiële positie. Dat betekent dat wij vooral de solvabiliteit van de gemeente op een verantwoord niveau willen houden (minimaal VNG-adviesnorm van 20%). In het Ambitiedocument hebben we ook vastgelegd dat we bij de afwegingen (keuzes) de volgende uitgangspunten hanteren:
Middelen worden doelmatig en efficiënt ingezet met oog voor onze rol als gemeente. Rijkstaken worden uitgevoerd met rijksmiddelen. Bij het wegvallen van rijksmiddelen vallen in principe ook de taken weg. Wij compenseren alleen met eigen gemeentelijke middelen als de gemeenteraad daar vanuit het budgetrecht expliciet toe heeft besloten. Tegenvallers worden zo veel als mogelijk binnen de eigen portefeuille opgelost. Meevallers komen altijd ten gunste van de algemene middelen. Bezuinigen en ombuigen doen we doelbewust via het stoppen of verminderen van beleidsinzet, met inachtneming van het budgetrecht van de gemeenteraad.
Bovenstaande speer- en uitgangspunten vormen het toetsingskader voor de verdere uitwerking van de bezuinigingsvoorstellen richting de Begroting 2025.
3.2 Bezuinigen vanuit het perspectief van Staat van de Stad Een uitgebreide analyse van de Staat van de Stad is te vinden in bijlage 2 van deze zomernota. Naast het Ambitiedocument vormt de Staat van de Stad ook een toetsingskader voor de bezuinigingsmaatregelen. Het geeft richting aan de maatregelen: waar moeten we mee doorgaan en wat kunnen we afschalen of stoppen. Samengevat zijn de conclusies van de Staat van de Stad 2024: De bevolking van Schiedam wordt steeds multicultureler van samenstelling. Binnen afzienbare tijd zal de meerderheid van de Schiedammers een migratieachtergrond hebben. Dat zorgt er mede voor dat diversiteit en inclusiviteit in toenemende mate belangrijke gemeentelijke (beleids)thema’s zijn. Uit de landelijke Politiemonitor 2023 (CBS) blijkt dat Schiedam bijzonder matig scoort op onderwerpen als fysieke verloedering van het openbaar gebied (rommel op straat, hondenpoep, vernield straatmeubilair etc.), buurtoverlast en het veiligheidsgevoel. Op deze thema’s bungelt de stad onderaan de ranglijst van Nederlandse gemeenten. Ook de eigen lokale monitor Leefbaarheid & Veiligheid geeft vergelijkbare uitkomsten te zien. Bovendien is er - met uitzondering van het veiligheidsgevoel - over een lange periode bezien geen vooruitgang zichtbaar. Dat vraagt om een nader onderzoek naar de oorzaak hiervan.
De opbouw van de woningvoorraad naar type en prijsklasse heeft grote invloed op de bevolking qua demografische, economische en sociale samenstelling van de stad. Het volkshuisvestingsbeleid speelt daarbij een belangrijke rol. De keuzes die hierin worden gemaakt, hebben doorgaans een langdurig effect op de samenstelling van de bevolking. Zo heeft het niet of nauwelijks toevoegen van nieuwe woningen in Schiedam gedurende een lange periode in de jaren ’70, tot een enorme vergrijzing van de bevolking geleid en daarnaast ook gezorgd voor ongunstige sociaaleconomische ontwikkelingen.
13
Zomernota 2025
Door de bouw van de wijken Spaland en Sveaparken in de jaren ’90 en ’00, alsmede de herstructurering van de woningvoorraad, kwam er weer een geheel andere – meer positieve – dynamiek op gang. Maar ook de ontwikkelingen van de afgelopen jaren laten zien dat veranderingen in de woningvoorraad qua aanbod en prijs, invloed hebben op de verhuisstromen en het type huishoudens dat de stad aantrekt. Nieuwbouwlocaties als Park Harga, Nieuwland-Midden, Over het Water en de Wetenschappersbuurt hebben hier mede aan bijgedragen. Zo komen er vaker dan voorheen huishoudens naar Schiedam die meer te besteden hebben en minder vaak werkloos zijn. Dit heeft mede tot gevolg dat vergeleken met voorgaande jaren het aandeel Schiedammers zonder baan of met een bijstandsuitkering lang niet meer zo erg afwijkend is van andere steden. Ook als het gaat om huishoudens met een laag inkomen is er sprake van een gunstige ontwikkeling. Het zijn er in Schiedam naar verhouding nog altijd wel meer dan landelijk, maar het verschil wordt langzaamaan steeds kleiner. Dat neemt overigens niet weg dat het aantal huishoudens dat in armoede leeft vergeleken met andere gemeenten nog altijd relatief groot is. Bestaanszekerheid is een onderwerp dat om blijvende aandacht vraagt.
Daarnaast zijn er op sociaal gebied ook nog andere verbeterpunten, want als het gaat om het sociaal welbevinden (gezondheid, eenzaamheid, overgewicht, voldoende bewegen) zijn de verschillen met vergelijkbare gemeenten - in negatief opzicht - soms groot. Om de (voorzichtig) positieve ontwikkeling van Schiedam vast te houden, is het uitvoeren van de ingezette beleidsmaatregelen een kwestie van lange tijd volhouden. Het volkshuisvestingsbeleid speelt hierin een belangrijke rol.
3.3 Strategie invulling meerjarige bezuinigingsopgave De invulling van de meerjarige bezuinigingsopgave dient op een zorgvuldige wijze te worden gedaan. Basis hiervoor vormt het op een goede en tijdige wijze uitwerken van bezuinigingsopgaven en het op zorgvuldige wijze informeren en communiceren van de hierbij betrokken partners (Schiedammers, instellingen, bedrijven en gemeenteraad). Wij kiezen er daarom bewust voor het jaar 2025 te gebruiken als ‘ombuigingsjaar’. Het tekort van 2025 dekken wij uit het resultaat van de Jaarrekening 2023. Dit geeft tijd en ruimte om tot zorgvuldige afwegingen en besluitvorming te komen. Daarnaast is de problematiek in 2025 nieuw. Eerder was 2025 ook geen ravijnjaar en is door een ingreep in het Gemeentefonds 2025 als financieel niet sluitend jaar erbij gekomen. We willen daarmee bewust voorkomen dat wat de afgelopen jaren is opgebouwd onder tijdsdruk wordt afgebroken. Toch ontkomen we er niet aan moeilijke keuzes te maken, die iedereen in de stad gaan raken. Concreet bestaat de bezuinigingsaanpak uit een top 3, waarbij we in 2025 al beginnen bij onszelf. De top 3 van Schiedam bestaat uit de volgende onderdelen: 1. 2. 3.
Nullijn Schiedamse organisatie; Nullijn gemeenschappelijke regelingen; Ingrepen op uitvoering van gemeentelijke (wettelijke) taken, voorzieningen (stoppen en afschalen) en inkomsten.
Nullijn Schiedamse organisatie De komende periode brengen we alle bezuinigingsmogelijkheden (met de consequenties) voor de gemeentelijke organisatie in beeld. Vertrekpunt is het hanteren van een ‘nullijn’ op de
14
Zomernota 2025
organisatiebudgetten. Een nullijn betekent dat de indexatie op deze budgetten moet worden ‘goedgemaakt’ met gerichte bezuinigingen op diezelfde budgetten door bewuste keuzes te maken over de besteding. Het betekent het stoppen en afschalen van taken, het (beredeneerd) open breken van bestaande afspraken en contracten en het (beredeneerd) niet invullen van vacatures. De financiële doelstelling van dit onderdeel bedraagt: (bedragen x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
Nullijn Schiedamse organisatie
2.500
5.000
5.000
5.000
Nullijn voor alle gemeenschappelijke regelingen vanaf 2026 Samen met de andere betrokken gemeenten zetten wij ons in voor het hanteren van een “nullijn” bij de gemeenschappelijke regelingen waarin wij deelnemen vanaf 2026. Met de betrokken gemeenschappelijke regelingen gaan we de komende periode in gesprek om deze bezuinigingsdoelstelling en de consequenties in beeld te krijgen. De financiële doelstelling van dit onderdeel bedraagt: (bedragen x € 1.000)
2025
Nullijn gemeenschappelijke regelingen
2026
2027
2028
4.000
4.000
4.000
Ingrepen op de uitvoering van gemeentelijke (wettelijke) taken, voorzieningen (stoppen en afschalen) en inkomsten In de periode tussen de vaststelling van de Zomernota 2025 en de aanbieding van de Begroting 2025 worden de bezuinigingsmaatregelen met de consequenties in beeld gebracht van de ingrepen op de uitvoering van de gemeentelijke (wettelijke) taken en het gemeentelijke voorzieningenniveau. Waar in het verleden bij bezuinigingen een focus lag op het afschalen van autonome taken, leggen wij ons deze beperking nu niet op. Wij gaan nadrukkelijk de uitvoering van de wettelijke taken, gezien de ingrepen van het Rijk, ook meenemen in de bezuinigingsmaatregelen. Dit zal ieder begrotingsprogramma raken. Daarnaast kijken we nadrukkelijk naar de inkomsten van de gemeente. Wij streven naar zoveel mogelijk kostendekkendheid van de tarieven en sluiten verhogingen van belastingen en heffingen niet uit. De ambities in het Ambitiedocument maken deel uit van de verkenning van de bezuinigingsmaatregelen.
Zolang dit nog financieel verantwoord en mogelijk is (uiterste terugvalpositie) houdt het college vast aan de uitvoering van de reeds in 2023 in uitvoering genomen 4 speerpunten (wonen, aanpak armoede inclusief energiecoaches, inclusie en schonere stad) alsmede de grote stedelijke opgaven zoals het Schiedistrict, het Nationaal Programma Nieuwland en Oost en de ontwikkeling van Nieuw-Mathenesse. De uitvoering van de 4 speerpunten en de stedelijke opgaven zijn belangrijk voor het welzijn van de Schiedammers en de ontwikkeling van en de leefbaarheid in de stad. Het vasthouden aan de vier speerpunten in samenhang met de stedelijke opgaven (met name de woonopgave) wordt ondersteund door de conclusies van de Staat van de Stad van 2024. Van belang is om over de langere termijn vast te houden aan de reeds eerder ingezette koers, ondanks de moeilijke financiële situatie.
15
Zomernota 2025
De financiële doelstelling van dit onderdeel bedraagt: (bedragen x € 1.000) Ingrepen op (wettelijke) taken, voorzieningen en inkomsten
2025
2026 0
2027
2028
17.500
17.750
17.750
Samengevat geeft de bezuinigingsstrategie het volgende financiële beeld: Stand financiële ruimte (bedragen x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
Totaal prognose begrotingssaldo
-14.471
-26.342
-26.611
-26.596
2.500
5.000
5.000
5.000
0
4.000
4.000
4.000
0
17.500
17.750
17.750
158
139
154
Bezuinigingsmaatregelen: Nullijn Schiedamse organisatie Nullijn gemeenschappelijke regelingen Ingrepen op wettelijke taken en voorzieningen Dekken uit jaarresultaat 2023 (algemene reserve) Prognose begrotingssaldo na uitvoering maatregelen
11.971
0
3.4 Route naar de begroting De huidige prognose van het begrotingssaldo wijzigt de komende periode nog door de meicirculaire. Onze verwachting is dat sprake blijft van aanzienlijke financiële tekorten. Na de analyse van de meicirculaire wordt bepaald of beoogde financiële opbrengst van de bezuinigingsmaatregelen moet worden herijkt. Gezien het feit dat dit door het Rijk opgelegde bezuinigingen zijn, stellen wij voor de financiële ‘oogst’ van de bezuinigingsmaatregelen mee te laten bewegen met de omvang van de financiële tekorten. Dat betekent: op het moment dat het tekort minder groot wordt, maken we een keuze om beoogde bezuinigingen te schrappen. Op het moment dat het tekort groter wordt, dan zullen we op zoek moeten naar aanvullende bezuinigingsvoorstellen. De komende periode gaat een regiegroep onder leiding van de gemeentesecretaris aan de slag met de bezuinigingsoperatie. Deze regiegroep brengt mogelijke besparingen inclusief keuzemogelijkheden en effecten in beeld en legt deze ter besluitvorming voor aan het college. Wij willen nadrukkelijk de raad betrekken bij deze hele bezuinigingsopgave. Wij beseffen dat het van eenieder van ons moeilijke keuzes vraagt. Wij stellen daarom voor om in de route naar de begroting, na het zomerreces, de auditcommissie op verschillende momenten mee te nemen in de actuele financiële situatie.
16
Zomernota 2025
Bijlage 1 Financiële ruimte De bepaling van de financiële ruimte bestaat uit de volgende onderdelen: de bepaling van de beginstand; de loon- en prijsontwikkelingen; de meicirculaire; de ontwikkelingen in het sociaal domein; externe en interne autonome ontwikkelingen; financiële ruimte ongewijzigd beleid - tussenstand;
1
Algemeen
Voor het bepalen van de financiële ruimte is het van belang om de algemene uitgangspunten voor het opstellen van de begroting vast te stellen. Het belangrijkste algemene uitgangspunt is het voeren van een solide en verantwoord meerjarig financieel beleid, waarbij de reële (meerjaren)begroting structureel en reëel in evenwicht is. Structureel evenwicht betekent dat structurele lasten worden gedekt door structurele baten. Met reëel evenwicht wordt bedoeld dat de geraamde baten en lasten in de begroting en meerjarenraming volledig en realistisch zijn. Structureel evenwicht is het belangrijkste element in het financieel toezichtkader van de Provincie Zuid-Holland. Onderdelen van dit uitgangspunt zijn de volgende (meerjarige) speerpunten van beleid:
beheersing van de lastenontwikkeling voor burgers en bedrijven; faciliteren van een investeringsruimte, die past bij de ontwikkeling van de stad; genereren van voldoende financiële dekkingsmiddelen om de programma’s binnen de door de raad vastgestelde kaders van de begroting uit te voeren; grip houden op de financiële positie met behulp van balanssturing.
Daarnaast gelden voor het opstellen van de begroting onderstaande uitgangspunten:
De Begroting 2025 wordt opgesteld volgens de voorschriften van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Voor het opstellen van de Begroting 2025 en de meerjarenramingen geldt als uitgangspunt het beleid dat tot en met de het opstellen van de financiële ruimteberekening is vastgesteld. Bezuinigingen en ombuigingen moeten concreet en tenminste op programmaniveau zijn ingevuld. Het proces dat bij het concretiseren gevolgd gaat worden moet ook vastliggen. De ramingen van de algemene uitkering voor 2025 en verder worden in de begroting gebaseerd op de meicirculaire 2024 en via de Berap 2024 in de meerjarenbegroting verwerkt. Het weerstandsvermogen dient een voldoende niveau te hebben volgens de normen uit de Kadernota Financieel Beleid. De ramingen voor 2025 – 2028 worden meerjarig berekend met constante prijzen. De berekening van de afschrijvingslasten wordt gebaseerd op de in oktober 2023 vastgestelde beleidsnota Investeren, waarderen en afschrijven; de afschrijving begint in het jaar volgend op de realisatie van de investering.
17
Zomernota 2025
Het te hanteren renteomslagpercentage wordt 2,5%. Conform de in 2016 vastgestelde Kadernota Financieel Beleid wordt een prijscompensatie toegepast op de budgetten voor goederen en diensten en de subsidies met het prijsindexcijfer van de laatst bekende raming van het CPB (Centraal Economisch Plan 2024, prijs bruto nationaal product); voor 2025 is dat 2,8%, de loonvoet bedraagt 3,8%.
18
Zomernota 2025
2
Bepaling van de beginstand
Beginstand (bedragen x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
3.915
-11.099
-12.189
-12.831
2. Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid art. 2a 3. Verwerking resultaat TA2 2023 e.v.
-50
-50
-50
-50
86
-37
3.139
6.529
4. Vaststellen meerjarenperspectief Vastgoed
1. Saldi begrotingen 2025-2028
4
4
4
4
5. Reeds besloten wijzigingen (ten laste ruimte zomernota 2025) - Verhuizing team toezicht handhaving naar Stadserfcomplex
-82
-80
-79
-77
- Vergroten van revolverend fonds voor de starterslening
-27
-27
-27
-27
3.846
-11.289
-9.201
-6.452
Totaal beginstand
1. Saldi begrotingen 2024-2027 Het uitgangspunt is de laatst door de gemeenteraad vastgestelde begroting inclusief de saldi van de jaren erna. Dit is de Begroting 2024 met daarin de jaarschijven 2025 tot en met 2027. De stand van het boekjaar 2028 is het nieuwe jaar dat met deze meerjarenbegroting wordt geopend.
2. Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid art. 21 Dit betreft de verwerking van raadsbesluit 23VR078 besloten op 6 februari 2024.
3. Verwerking resultaat TA2 2023 e.v. Structurele effecten uit de tussentijdse besluitvorming (vooral in de Technische Aanpassingen van de begroting) zijn ook van invloed op het begrotingssaldo. De laatste TA van het begrotingsjaar 2023 bevatte door het verwerken van de septembercirculaire 2023 meerjarige financiële effecten, die zijn verwerkt in de beginstand.
4. Vaststellen meerjarenperspectief Vastgoed Dit betreft de verwerking van raadsbesluit 23VR058 besloten op 3 oktober 2023.
5. Reeds besloten wijzigen Verhuizing team Toezicht & Handhaving naar Stadserfcomplex Dit betreft de verwerking van raadsbesluit 24VR011 besloten op 12 maart 2024. Vergroten van revolverend fonds voor de starterslening Dit betreft de verwerking van raadsbesluit 24VR007 besloten op 12 maart 2024.
19
Zomernota 2025
3
De loon- en prijsontwikkelingen
De kosten van het bestaande beleid wijzigen ten opzichte van het vorige begrotingsjaar: met name loon- en prijsstijgingen maken dat het bestaande beleid niet meer kan worden uitgevoerd voor hetzelfde bedrag als het jaar daarvoor. Voor de loon- en prijsontwikkelingen wordt uitgegaan van de ontwikkelingen volgens de schattingen van het CPB van maart 2024 (Centraal Economisch Plan 2024, prijs bruto nationaal product). Voor 2025 bedraagt dat 2,8%, de loonvoet bedraagt 3,8%. Wij hanteren deze cijfers als uitgangspunt omdat dit ook het uitgangspunt vormt voor de berekening van de algemene uitkering. Deze indices gelden voor alle budgetten in de gemeente Schiedam voor goederen en diensten, subsidies en bijdragen aan schoolbesturen.
Loon- en prijsontwikkelingen (bedragen x € 1.000) Loon- en prijsontwikkelingen
2025
2026
2027
2028
1. Salarissen, incl. sociale lasten 3,8%
-2.000
-1.993
-1.989
-1.987
2. Prijscompensatie 2,8%:
-3.107
-3.024
-2.976
-2.949
- goederen en diensten (m.u.v. budgetten Irado) - subsidies en nadelige exploitatiesaldi bedrijven - bijdragen decentrale overheden/schoolbesturen 3. Prijscompensatie contract Irado 5,5%
-1.434
-1.434
-1.434
-1.434
4. Belastingopbrengsten/leges 5. Prijscompensatie Gemeenschappelijke regelingen 6,8%
503
503
503
503
- DCMR Milieudienst Rijnmond - GGD Rotterdam-Rijnmond
-121 -57
-121 -57
-121 -57
-121 -57
- Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond
-496
-496
-496
-496
- Jeugdhulp Rijnmond
-194
-194
-194
-194
-6.906
-6.816
-6.764
-6.735
Totaal loon- en prijsontwikkelingen
1. Salarissen, incl. sociale lasten. Toepassing loonvoet Recent is een nieuwe cao vastgesteld, met een beperkte duur tot 31 maart 2025. De consistente gedragslijn is dat we uitgaan van de loonvoet sector overheid voor de calculatie van de loonkosten. De loonvoet overheid zoals opgenomen in de Macro-economische verkenning (CEP) 2024 van het is bepaald voor 2025 op 3,8%.
2. Prijscompensatie Het prijsindexcijfer van 2,8% wordt toegepast op de uitgaven voor goederen en diensten subsidies en nadelige exploitatiesaldi bedrijven en bijdragen schoolbesturen en decentrale overheden.
3. Prijscompensatie contract Irado Ook voor 2025 wijkt het indexeringspercentage voor het budget van Irado af van dat van de gemeente Schiedam. Hiervoor gelden contractuele voorwaarden, op basis waarvan de indexatie 5,5% bedraagt.
4. Belastingopbrengsten/leges De belastingopbrengsten worden eveneens verhoogd met het prijsindexcijfer. Dit geldt voor de onroerendezaakbelastingen, hondenbelasting, precariobelasting, leges, jachthavengeld, woonschepenrechten en marktgelden. De tarieven worden later in het jaar zodanig vastgesteld, dat de geraamde opbrengst met 2,8% wordt verhoogd. Dit is op basis van het huidige beleid. Voor
20
Zomernota 2025
sommige leges geldt dat de hoogte ervan wordt bepaald door het Rijk (bijv. paspoorten en rijbewijzen). Inflatiecorrectie leidt dan niet tot extra opbrengsten. Voor de volgende leges is aanpassing aan de inflatie wel mogelijk: Basisregistratie Personen (BRP) en Burgerzaken.
5. Bijdragen aan samenwerkingsverbanden Voor de gemeenschappelijke regelingen wordt uitgegaan van een indexeringspercentage van 6,8%. Tot dit percentage is in onderling overleg met de omliggende gemeenten besloten. Dit geldt voor de gemeenschappelijke regelingen Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond, DCMR, GGD en Jeugdhulp Rijnmond.
4
Meicirculaire 2024
De eerstvolgende circulaire is de meicirculaire 2024, die eind mei is ontvangen. Dit is te laat voor verwerking in deze zomernota. De financiële gevolgen ervan worden geanalyseerd en zo spoedig mogelijk gecommuniceerd via een raadsinformatiebrief. De meerjarige verwerking vindt conform de bestendige gedragslijn in Schiedam plaats in de Bestuursrapportage 2024. Deze zomernota bevat een eerste prognose op basis van de Voorjaarsnota 2024 van het demissionaire kabinet. Het geeft een heel voorlopige indicatie voor de uitkomsten van de meicirculaire, waarbij het voorbehoud wordt gemaakt dat hierin nog wijzigingen plaatsvinden. In de Voorjaarsnota 2024 is de afschaffing van de opschalingskorting gecommuniceerd, dit heeft het volgende effect. (bedragen x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
Effecten uitname € 675 miljoen in 2025
-3.264
3.335
3.267
3.269
Totaal
-3.264
3.335
3.267
3.269
Door de afschaffing van de opschalingskorting vanaf 2026 komt er een extra van € 675 miljoen beschikbaar in de algemene uitkering. Dit wordt in het jaar 2025 in mindering gebracht. Voor Schiedam betekent dit een nadeel in 2025 en een structureel voordeel vanaf 2026. De overige effecten uit de Voorjaarsnota zijn dermate onzeker, dat deze nog niet op een rationale wijze kunnen worden doorberekend. Conform het VNG-advies bereiden wij ons op basis van bovenstaande calculatie voor op het ergste.
5
Ontwikkelingen Sociaal Domein
De concept-begrotingen van de gemeenschappelijke regelingen hebben nog niet allemaal het volledige bestuurlijke proces doorlopen. Daarnaast is door Schiedam op de voorgestelde indexering een voorbehoud gemaakt via een gerichte brief aan alle gemeenschappelijke regelingen. De conceptbegrotingen geven op dit moment het volgende financiële beeld.
21
Zomernota 2025
Ontwikkelingen Sociaal Domein (bedragen x € 1.000) Jeugdzorg regionaal (GR Jeugd)
2025
2026
2027
2028
-18
-18
-18
-18
Rogplus (Mevis + WMO)
-2.707
-5.007
-7.145
-9.377
Stroomopwaarts (conceptbegroting)
-6.644
-6.644
-6.644
-6.644
BUIG (o.g.v. macrobudget)
2.100
2.100
2.100
2.100
Totaal
-7.269
-9.569
-11.707
-13.939
6
Interne en externe autonome ontwikkelingen
Interne en externe autonome ontwikkelingen leiden tot claims met een onvermijdelijk of wettelijk verplicht karakter. In beide gevallen gaat het in principe om ongewijzigd beleid, maar deze ontwikkelingen hebben wel invloed op de omvang van de financiële ruimte. (bedragen x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
Wettelijk onvermijdbaar CJG - wettelijke taken JGZ Eerste inrichting leer- en hulpmiddelen en meubilair Het College Vos (ISK) Organisatorisch borgen aankomende wettelijke taken opvang
-106
-106
-106
-106
-5
-5
-5
-198
-198
-198
-198
Beleidsmatig onvermijdbaar Areaalmutaties Structurele lasten kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023 - 2027
-34
-34
-34
-34
-220
-220
-220
-220
Cao – SW
-364
0
0
0
Cao - WOT
-398
0
0
0
Ophoging inkoopopdracht jongerenwerk
-51
0
0
0
-1.800
-1.800
-1.800
-1.800
-148
-148
-148
-148
-114
-114
-114
-152
-152
-152
UP I-visie Erfpacht Vastgoed Vervanging kunstgrasvelden Thurlede Uitvoering geven aan Vitaliteit & Arbo
-64
Schiedam Werkt; aan instroom van jong talent!
-64
Wensen van de raad Motie Geef BOA’s hun verdiende loon! (M12)
-152
Motie onderzoek versterking griffie (M15)
-153
-153
-153
-153
-3.749
-2.930
-2.930
-2.930
Totaal wettelijke en onvermijdelijke claims
22
Zomernota 2025
CJG – Wettelijke taken JGZ Het CJG voert wettelijke taken uit door het leveren van het basispakket Jeugdgezondheidzorg aan de kinderen en jongeren tot 18 jaar en hun ouders/verzorgers in Schiedam. Met de adviesnota BPR2400030 / 24INT00031 besloot B&W d.d. 12 maart 2024 om de financiële gevolgen van de aanpassing van de indexering (7,1%) en de stijging van het aantal jeugdigen (171 kinderen per 1-12023) in de jaren 2025 en verder, te verwerkten en af te wegen in de Zomernota 2025.
Eerste inrichting leer- en hulpmiddelen en meubilair Het College Vos (ISK) Voor het huisvestingsprogramma 2025 ontving de gemeente Schiedam diverse aanvragen. De aanvragen die voldoen aan de gestelde kaders worden in behandeling genomen. Voor Het College Vos (Internationale Schakelklas) is een budget nodig voor de eerste inrichting leer- en hulpmiddelen en meubilair. Het is een wettelijke taak om scholen te voorzien van hulpmiddelen en meubilair voor de inrichting van de klaslokalen.
Organisatorisch borgen aankomende wettelijke taken opvang Dit betreft de meerjarige verwerking van raadsbesluit 24VR010.
Areaalmutaties In 2024 is het areaal openbare ruimte op enkele onderdelen uitgebreid en gewijzigd. Dit leidt tot hogere onderhoudskosten. De raamovereenkomst met Irado wordt jaarlijks geïndexeerd. Voor 2025 zal de indexering naar verwachting 5,5% bedragen. De werkzaamheden die leiden tot de areaalmutaties en -uitbreidingen zijn op dit moment in uitvoering. Hierin bijsturen is niet meer mogelijk. De raamovereenkomst met Irado is een langjarig contract. De plicht tot indexatie is daarin opgenomen. De areaalmutatie betreft € 17.000 voor groen + € 16.500 voor spelen.
Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023 – 2027 De gemeenteraad heeft 12 december 2023 de Kadernota Beheer Openbare Ruimte 2023-2027 vastgesteld. Om aan de wettelijke- en raadskaders te kunnen blijven voldoen, is structureel € 220.000 per jaar nodig. Deze middelen zijn nodig om te blijven voldoen aan de minimale technische ondergrens van het onderhoud aan de buitenruimte. Het risico bestaat bij een tekort aan financiën, dat delen van de openbare ruimte uit gebruik genomen worden.
Cao - SW Subsidiepartners zorgen voor voorzieningen in de stad die bijdragen aan zelfredzaamheid van Schiedammers en gebruik van duurdere gecontracteerde en individuele voorzieningen (maatwerkvoorzieningen) voorkomen. Door verschillende cao-stijgingen zijn personeelskosten van subsidiepartners gestegen. Sommige subsidies bestaan overwegend uit personeelskosten. Subsidiepartners zien geen mogelijkheden om stijgende kosten binnen hun begroting op te vangen, zonder dat dit gevolgen heeft voor hun prestatie. Die zal afnemen, waardoor dienstverlening aan en voorzieningen voor inwoners worden beperkt. Dit kan negatieve gevolgen hebben voor inwoners en waarschijnlijk leiden tot meer gebruik van Wmo-voorzieningen via Rogplus. Een vermindering van activiteiten bij Subsidies Welzijn leidt mogelijk tot een toename van het gebruik van individuele voorzieningen. Deze voorzieningen zijn relatief duurder dan de algemene voorzieningen van subsidies welzijn. Wanneer inwoners van beide voorzieningen geen gebruik maken, ontstaat het risico dat inwoners niet de ondersteuning krijgen die zij nodig hebben. Daardoor ontstaan mogelijk onwenselijke, schrijnende, situaties. Besloten is om deze ontwikkeling (voorlopig) alleen in 2025 op te nemen om in 2025 een beoogde ombuiging te maken en naar andere oplossingen te zoeken. Wij zijn mening dat wij als gemeente,
23
Zomernota 2025
gezien de tekorten, niet de aangewezen instantie zijn om cao-ontwikkelingen in diverse sectoren eenop-een te financieren. Te meer omdat daarvoor geen enkele compensatie vanuit het Gemeentefonds beschikbaar is.
Cao - WOT Door verschillende cao-stijgingen zijn personeelskosten van subsidiepartners gestegen. Subsidies voor de inzet in de wijkondersteunigsteams bestaan overwegend uit personeelskosten. Met deze inzet geeft Schiedam invulling aan de wettelijke taak om inwoners met hulpvragen te ondersteunen. Door hun hulpvraag te onderzoeken en hen door te verwijzen naar passende ondersteuning en/of deze ondersteuning zelf (kortstondig) te bieden. De gemeente is verplicht om reële tarieven te betalen voor dienstverlening in het kader van de Wmo en Jeugdwet. Wanneer honorering achterwege blijft zijn reële tarieven voor bestaande inzet niet mogelijk. Dat betekent dat de dienstverlening verminderd moet worden. Hierdoor wordt de directe dienstverlening aan inwoners beperkt. Dit heeft negatieve gevolgen voor inwoners. Zij zullen langer moeten wachten op ondersteuning. Het risico op schrijnende situaties neemt toe. Besloten is om deze ontwikkeling (voorlopig) alleen in 2025 op te nemen om in 2025 een beoogde ombuiging te maken en naar andere oplossingen te zoeken. Wij zijn mening dat wij als gemeente, gezien de tekorten, niet de aangewezen instantie zijn om cao-ontwikkelingen in diverse sectoren eenop-een te financieren. Te meer omdat daarvoor geen enkele compensatie vanuit het Gemeentefonds beschikbaar is.
Stelpost Uitvoeringsprogramma I-visie Op het moment van samenstellen van de zomernota is het uitvoeringsprogramma voor de I-visie nog niet gereed. Wij hebben een eerste schatting gemaakt van de structurele effecten om aan een wettelijk en noodzakelijk niveau te voldoen. Deze eerste schatting is als stelpost in deze zomernota opgenomen. In de route naar de begroting verwachten wij dat het uitvoeringsprogramma wordt opgeleverd en zal het budget mogelijk nog worden aangepast.
Ophoging inkoopopdracht jongerenwerk Ingaande 7 juli 2023 hebben de cao-partners Social Work een akkoord bereikt om in 3 termijnen een substantiële en structurele loonsverhoging van 15% door te voeren. Het gaat om 7% ingaande 1 juli 2023 (terugwerkende kracht), 4% ingaande januari 2024 en nog 4% ophoging ingaande 1 juli 2024. De cao-afspraken kennen een looptijd van 1 juli 2023 tot 1 augustus 2025. Het Schiedamse jongerenwerk valt volledig onder deze cao. Voor tegemoetkoming cao-stijgingen bij inkoopopdrachten gelden de in overeenkomst opgenomen indexeringsafspraken. De indexering geldt alleen voor uitvoeringskosten in de vorm van loonkosten. Buurtwerk heeft tijdig schriftelijk verzocht om indexering van de loonkosten. De gemeente Schiedam heeft het Convenant Verantwoord Marktbedrag ondertekend, waarin is opgenomen dat er op basis van redelijkheid en billijkheid, meebewogen dient te worden bij inflatiecorrecties en cao-stijgingen. De inkooppartij/opdrachtnemer mag niet onderpresteren op de opdracht, maar vanuit het convenant laten we niet toe dat personeel onderbetaald wordt. Dat betekent dat het huidige budget niet de volledige opdracht dekt en dat er een structurele verhoging moet komen. Wanneer de gemeente niet hoger dan het gemeentelijk acres van 3% bijdraagt aan de gevraagde ophoging, komt de kwaliteit van het jongerenwerk in het geding.
24
Zomernota 2025
Deze ontwikkeling is alleen in 2025 opgenomen met als taakstelling voor de overige jaren dekking te vinden via nieuw-voor-oud.
Erfpacht vastgoed Dit budget betreft een noodzakelijke uitbreiding van de formatie om dit in lijn te brengen met de structurele taken die bij het team liggen op de volgende onderdelen: 1. Medewerker erfpachtherziening; de achterstanden bij de herzieningen zijn al jaren een terugkerend probleem. De komende periode komt er groot aantal herzieningen aan. Met de uitbreiding van een medeweker erfpacht kan de achterstand grotendeels worden ingelopen en kan ervoor worden gezorgd dat er geen achterstanden ontstaan door capaciteitsgebrek. 2. Medewerker Vastgoed. Deze medewerker gaat diverse, wettelijk verplichte taken invullen rondom gegevensbeheer. Denk hierbij aan het (op tekening en via digitaal archief ) vastleggen en aanpassen van zowel bouwkundige als installatietechnische gegevens.
Vervanging kunstgrasvelden Thurlede De toplagen van 2 kunstgrasvelden op Sportpark Thurlede zijn toe aan vervanging. Beide velden zijn in 2014 aangelegd. Op basis van een keuring is geconstateerd dat de velden nog wel voldoen aan de normen, maar de grenswaarden zijn wel bereikt. Een kunstgrasveld dient tussen de 10 en 12 jaar vervangen te worden, afhankelijk van de mate van bespeling. Beide velden worden intensief gebruikt. De investering die hiermee gemoeid is bedraagt € 1.000.000. De gemeente is als eigenaar van de velden op Sportpark Thurlede verantwoordelijk voor aanleg, vervanging en onderhoud. De gemeente dient ervoor zorg te dragen dat de velden veilig en verantwoord te bespelen zijn voor de gebruikers van de velden, de amateursportverenigingen. Indien de velden niet zouden worden vervangen, voldoet de gemeente niet aan de normering van de KNVB en worden de velden niet vrijgegeven voor bespeling. Dit betekent dat de vereniging die velden niet kan gebruiken voor trainingen en wedstrijden. In de tweede plaats lopen de gebruikers risico's op blessures als de velden niet worden vervangen. Dit kan betekenen dat de gemeente als eigenaar aansprakelijk gesteld kan worden indien een speler geblesseerd raakt.
Uitvoering geven aan Vitaliteit & Arbo Vanuit de cao wordt een beleidsplan Vitaliteit verplicht gesteld vanaf 2024. Het beleidsplan Vitaliteit dient aan de in de cao aangegeven voorwaarden te voldoen. Daarnaast zal ons arbobeleid herzien moeten worden naar aanleiding van de uitgevoerde Risico Inventarisatie en Evaluatie (RI&E). Zowel vitaliteit als arbo zijn onderwerpen die structureel aandacht vragen waar binnen P&O geen formatie en capaciteit voor is. Voorgesteld is om de formatie met 0,67 fte te verhogen voor het schrijven, uitwerken, onderhouden en het uitvoeren van het beleid en het organiseren van activiteiten op deze onderwerpen. Als we als werkgever de verplichte afspraken uit de cao niet nakomen plegen we ‘wanprestatie’. De medewerkers en/of Ondernemingsraad kunnen naar de rechter stappen om ervoor te zorgen dat we als werkgever alsnog onze verplichtingen nakomen. Verder hebben we dan geen beleid waarmee we duurzame inzetbaarheid en veilig werken, van onze medewerkers, bevorderen. Dit strookt niet met onze ambitie om te werken aan goed werkgeverschap, zoals opgenomen in het Ambitiedocument 2023-2026.
25
Zomernota 2025
Wij kiezen er op dit moment niet voor om de formatie structureel uit te breiden, maar in 2025 te onderzoeken op welke wijze vitaliteit & arbo op doelmatige wijze in de organisatie kan worden geborgd.
Schiedam werkt aan instroom van jong talent De gemeente Schiedam vindt het belangrijk dat de Schiedammer zich herkent in onze gemeentelijke organisatie en dat we ons profileren als inclusieve werkgever. Van hieruit stimuleren we een brede populatie van nieuwe medewerkers met verschillende achtergronden, perspectieven, werk- en opleidingsachtergronden, met weinig en of juist veel werkervaring. Het college vindt het daarnaast ook heel erg belangrijk om in het bijzonder instroom van jong talent te bevorderen vanuit de gedachte om zo de denkbeelden, perspectieven en invalshoeken van ons gemeentelijk beleid te verbreden. Daarom is dit aandachtsgebied ook nadrukkelijk opgenomen in het Ambitiedocument. Voorgesteld wordt daarom om gerichte activiteiten in te zetten op het binnenhalen van stagiaires en jonge starters en dit te bestendigen in een langdurige aanpak. We doen dit ook omdat we zien dat onze organisatie vergrijst (gemiddelde leeftijd 48,3 jaar) en we het van groot belang vinden om toe te werken naar een meer evenwichtige leeftijdsopbouw. Om ook voor de toekomstige generatie een passende werkgever te kunnen zijn, is een reflectie- en begeleidingsprogramma nodig dat aansluit op deze doelgroep. Daarnaast willen we het Stagepunt Schiedam bestendigen.
Om dit te realiseren wordt voorgesteld om voor de duur van 3 jaar 0,67 fte toe te voegen aan de formatie van P&O voor de aansturing, coördinatie en begeleiding van het project. Wij kiezen er op dit moment niet voor om de formatie voor drie jaar uit te breiden, maar in 2025 in kaart te brengen hoe op doelmatige wijze dit in de organisatie kan worden geborgd.
Motie Geef BOA’s hun verdiende loon! (M12) Via deze motie heeft de raad geconstateerd dat er 12 vacatures voor boa’s openstaan en dat de salariëring van de Schiedamse boa’s een schaal lager ligt dan die van boa’s in de regio. De raad heeft het college verzocht om te onderzoeken hoe het structurele tekort aan boa’s zo snel mogelijk kan worden opgelost. Daarbij heeft de raad als mogelijke oplossing het verhogen van de inloopschalen benoemd. Wij hebben u via onze brief van 18 april 2024 (24UIT01702) op de hoogte gebracht van de resultaten van het gevraagde onderzoek en hebben aangegeven dat wij in deze zomernota de integrale afweging maken hoe hiermee om te gaan. Wij geven uitvoering aan de wens van de raad. Boa’s verrichten belangrijk werk voor onze stad. De boa’s krijgen meer en meer een eigenstandige rol in de aanpak van lokale leefbaarheid- en veiligheidsvraagstukken, zij weten wat er in de wijken speelt en zijn vaak het eerste aanspreekpunt van inwoners voor deze onderwerpen. Boa’s handhaven op veelvoorkomende overlastfeiten als hinderlijk gedrag van hangjongeren, afval op straat en zijn onmisbaar in de bestuurlijke aanpak van ondermijning. Zo dragen ze bij aan de leefbaarheid van de openbare ruimte en zijn ze in veel situaties een onmisbare samenwerkingspartner van de politie.
Een goede bezetting van het team Toezicht & Handhaving is essentieel voor de uitvoering van de speerpunten uit het Uitvoeringsprogramma Openbare Orde en Veiligheid, Ondermijning en Woonoverlast. Voor het team Handhaving Openbare Ruimte (THOR) en het interventieteam Ondermijning (ITO) wordt aan de motie van de raad invulling gegeven. Het totale financiële effect bedraagt € 304.000. Gezien onze huidige financiële situatie stellen wij voor om 50% van dit bedrag te dekken via het
26
Zomernota 2025
afschalen van de bestaande capaciteit door beperktere invulling van bestaande vacatures (2,5 fte structureel minder boa’s).
Motie onderzoek versterking griffie (M18) Via deze motie heeft de raad de griffier verzocht om gezamenlijk met de werkgeverscommissie te onderzoeken hoe de griffie ondersteunend en op communicatief kan worden versterkt en de uitkomst hiervan te verwerken in een voorstel voor de Zomernota 2025. De griffier en de werkgeverscommissie stellen voor de griffie uit te breiden met een raadsadviseur met het taakveld communicatie (32-36 uur per week) die in samenspraak met de raad ende griffier de externe communicatie vormgeeft en ook kan meedraaien in ‘het vergaderbedrijf’. Dit betreft 1 fte, € 110.000. Daarbij wordt ook voorgesteld om het communicatiebudget te verhogen met € 10.000. Daarnaast wordt voorgesteld om de ambtelijke ondersteuning van de Rekenkamer structureel te borgen met een uitbreiding van 0,3 fte, zijnde € 33.000. In totaal bedraagt het financiële effect van de motie onderzoek versterking griffie € 153.000.