CConstaterende datSchiedam
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen raadsvergadering 20 april 2021

Gemeenteraad 8 juni 2021, gemeente SchiedamBij agendapunt: Vaststelling notulen21.011 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Zij herinnert eraan in december te hebben gezegd dat zij de raad elk kwartaal informeert over de stappen die het college neemt. De eerste stap is een actieplan met implementatie van het koersdocument, inclusief de financiën. Nu breekt de fase van uitvoering aan en informeert het college de raad bij iedere stap, zo mogelijk met extra bijeenkomsten met het oog op zo goed mogelijke informatie. Hoewel het hierbij gaat om heel veel collegebevoegdheden wil het iedere stap met de raad nemen. Het college heeft de kaders voor dit besluit echter van de raad meegekregen en daar houdt het zich aan. Spreekster neemt er kennis van dat daarover verwarring bestaat maar het is goed dat dit wordt uitgesproken. De Voorzitter wil als portefeuillehouder verbonden partijen ter verheldering nog een toevoeging geven. Hij wijst erop dat sprake is van een inhoudelijk traject en dat onderzoeken hebben plaatsgevonden. Dat huiswerk is bijna klaar. Met de raad is een traject afgesproken voor het eventueel aangaan van nieuwe verbonden partijen. Daarbij worden allerlei criteria gehanteerd. Thans is de fase van het doen van keuzen aan de orde. Het college heeft nog geen besluiten genomen maar gaat wel een voorkeur uitspreken. Dat is nog niet onomkeerbaar en, zoals de wethouder aangaf, is er nog ruimte voor dialoog met de raad.

Omdat wellicht of waarschijnlijk voor het eerst iets nieuws wordt opgericht, wil het dat in harmonie met de raad doen. Mevrouw Zwang begrijpt wel waardoor de verwarring is ontstaan. In het debat in december heeft zij niet begrepen dat een verbonden partij zou worden gevormd. Zij heeft toen begrepen dat zou worden gekeken hoe dit zou worden gedaan. De Voorzitter zegt dat dit toen ook nog niet bekend was. Mevrouw Zwang zegt dat dit precies is wat zij bedoelt. De wethouder en de Voorzitter zeggen nu dat de hand wordt gehouden aan de nota Verbonden partijen maar het lijkt erop, dat het college al een afslag heeft genomen waarover de raad niet heeft kunnen meebeslissen. Het had bijvoorbeeld ook een centrumgemeente kunnen zijn. Als was afgesproken de route van de nota Verbonden partijen te volgen, was duidelijk geweest wat de verdere stappen zouden zijn. Nu dit niet is gebeurd, schuurt het. De Voorzitter zegt dat de raad op de informatieavond geen voorgenomen besluit krijgt maar een voorkeursoptie. De raad krijgt evenwel ook te zien welke andere opties zijn gepasseerd. Na de informatieavond wordt de wensen- en bedenkingenprocedure gestart en daarover staat in de voorschriften dat het voorgenomen besluit aan de raad wordt voorgelegd. Mevrouw Zwang verwoordt het goed maar in december was nog niet bekend welke kant het op zou gaan, aangezien de onderzoeken toen nog liepen.

Die zijn nu beschikbaar en dat

17

heeft geresulteerd in een voorkeursoptie die evenwel nog niet in beton is gegoten en op de informatieavond zal worden gepresenteerd. De heer Karens concludeert dat de Voorzitter zijn punt maakt met de opmerking dat de informatie er in december nog niet was en dat de onderzoeken vervolgens zijn gedaan. Wat hij mist in die procedure is dat op het moment dat die informatie volledig was een sessie met de gemeenteraad was belegd en wellicht een brief naar de commissie zou zijn gestuurd waarin werd aangegeven wat na het verzamelen van de informatie de opties waren en dat de voorkeur van het college uitging naar een gemeenschappelijke regeling, waarvoor de nota Verbonden partijen zou gelden. Mevrouw Zwang heeft dat correct geformuleerd. Spreker gaat ermee akkoord dat de nota Verbonden partijen wordt gevolgd en dat er een extra sessie komt. Volgens de Voorzitter is dit precies de zin die ontbrak in de mededeling van vanmiddag en hij biedt daarvoor zijn verontschuldiging aan. Het college wil de raad eerst op informele wijze in een aparte bijeenkomst en niet in de auditcommissie bijpraten omdat het niet zozeer om financiën gaat als wel om bestuurlijke afwegingen. Als men een aantal stappen verder is komt volgens het college wel de auditcommissie in beeld omdat het dan onder meer gaat om risico’s. Mevrouw Van Aaken beaamt dat dit precies het punt is.

In het koersdocument is ook aangegeven dat als een MVS Jeugdmodel wordt georganiseerd dit iets betekent voor de uitvoering. Vanaf dat moment geldt niet voor Maassluis en Vlaardingen maar wel voor Schiedam de nota Verbonden partijen als afgesproken kader. Wellicht is dat niet scherp genoeg in de richting van de raad gecommuniceerd. Volgens de heer Karens zegt de wethouder net iets anders dan de Voorzitter. Zij zegt dat in december is gezegd dat men iets moet de uitvoering en dat dan in Schiedam automatisch de nota Verbonden partijen geldt, terwijl de Voorzitter nu juist zei dat iets met de uitvoering moest worden gedaan en dat toen de onderzoeken klaar waren bleek dat het een gemeenschappelijke regeling werd. Naar zijn indruk stelde mevrouw Van Aaken uitvoering en gemeenschappelijke regeling ten onrechte aan elkaar gelijk. De Voorzitter is van oordeel dat het misverstand is gelegen in de omstandigheid dat voor de uitvoering meerdere vormen beschikbaar zijn, waarvan de gemeenschappelijke regeling er een is. Aanhaken bij een andere gemeenschappelijke regeling is ook een variant. Die vormen zijn geïnventariseerd maar er kan geen misverstand over bestaan dat er een eerste en een tweede trap zijn.

De eerste is een informele inhoudelijke bijpraatsessie met de raad waarin deze wordt geïnformeerd over de onderzoeken die hebben plaatsgevonden en de tweede het starten van de formele procedure waarin een check plaatsvindt met de nota Verbonden partijen. De heer Karens concludeert dat in het overzicht dat de raad vandaag kreeg net iets anders staat, namelijk dat op 20 april een voorgenomen besluit zou worden genomen. Het lijkt hem goed dat overzicht nog even te actualiseren. De Voorzitter heeft daarvan ook gezegd dat het niet helemaal goed in de stukken terecht is gekomen. Het zal dan ook worden aangepast. De besluitvorming zal worden aangepast overeenkomstig datgene wat daarover vanochtend in het college is besproken. Het voorstel wordt zonder stemming aangenomen. De vergadering wordt enige ogenblikken geschorst.

18

16.

Raadsvoorstel Begrotingswijzing 2021 ROGplus

Mevrouw Zwang stelt vast dat sprake is van een positief resultaat onder de streep als gevolg van de coronacrisis en zij vindt het mooi om dit aan de kwetsbare Schiedammers te besteden. Zij dient daarom een motie in om de versobering van de regeling van de tegemoetkoming meerkosten en de onder A genoemde voorziening Schoon Huis op te schorten tot 1 januari 2022. De Voorzitter zegt dat door mevrouw Zwang de motie Versoberen vertragen wordt voorgesteld: De raad van de gemeente Schiedam, in vergadering bijeen op dinsdag 20 april 2021, overwegende dat: de gemeente Schiedam in november 2020 een meerjarig niet-sluitende begroting heeft vastgesteld; de gemeente Schiedam zich genoodzaakt zag om een versobering van de ‘Regeling Tegemoetkoming Meerkosten’ en de ‘Aanvullende Algemene Voorziening Schoon Huis’ door te voeren in de begroting; na actualisatie, de ROGplus begroting van 2021 op dit moment een positief begrotingsverschil van €1.147.800 euro laat zien; het college voorstelt om dit positief resultaat onder te brengen in de algemene reserve en bij de zomernota een voorstel zal doen voor het structureel verwerken van deze gelden; is van mening dat: het positief resultaat ter hoogte van €1.147.800 euro op de geactualiseerde begroting ROGplus van 2021, niet aan de algemene reserve moet worden toegevoegd; deze middelen bestemd zijn voor Schiedammers die een beroep moeten doen op

ROGplus om hulp te ontvangen; dit positief resultaat de gemeente de kans biedt om deze eerder doorgevoerde pijnlijke versobering, tijdelijk weer terug te draaien; verzoekt het college: om de invoering van de in de begroting 2021 opgenomen versobering van de Regeling Tegemoetkoming Meerkosten en de Aanvullende Algemene Voorziening Schoon Huis met een jaar uit te stellen en vast te stellen op 1 januari 2022, en gaat over tot de orde van de dag. Deze motie krijgt het nummer M2. Mevrouw Van Aaken memoreert dat het besluit dat eind vorig jaar is genomen geen gemakkelijk besluit was en daarom snapt zij het verzoek van mevrouw Zwang ook wel. De maatregel geldt echter eigenlijk al sinds begin dit jaar. Op aangeven van de raad gebeurde het vooral omdat de maatregelen hard kunnen aankomen bij de doelgroep. Aan ROGplus is daarom opgedragen om hiermee zeer zorgvuldig om te gaan, ook in de informatie aan de clienten en de inwoners van Schiedam, opdat een oplossing kan worden gevonden indien cliënten in problemen komen. Daarin is heel wat tijd gestoken. Als dit halverwege het jaar wordt teruggedraaid kunnen bij cliënten vragen rijzen over de betrouwbaarheid van de overheid. Bovendien noopt het ertoe een nieuwe verordening te maken, wat de nodige inzet kost.

Spreekster vindt het dan ook onwenselijk dit signaal te geven aan de cliënten en de inwoners van Schiedam en hen in dit proces mee te nemen, reden waarom zij aanvaarding van de motie ontraadt. Bovendien betekent het financieel een uitdaging.

19

De heer Ruseler merkt op dat geen sprake is van een positief resultaat. Hij wijst erop dat de primaire begroting van de Wmo door begrotingswijzigingen in 2020 is toegenomen met 1,6 mln. Het resultaat dat voorligt, bedraagt echter minder dan dat, zodat sprake is van een minder grote tegenvaller in 2020 en niet van een meevaller. Bovendien attendeert hij erop dat het gaat om voorlopige cijfers. Bij de jaarstukken 2018 en 2019 van ROGplus bleek dat in de maanden in de richting van het opmaken van de jaarrekening sprake was van een veel minder positief resultaat. Ook bleek in het verleden geregeld een omslag van een positief resultaat in een negatief resultaat. Er is dus geen sprake van een meevaller maar van een kleinere tegenvaller, terwijl het maar de vraag is of dit resultaat stand houdt. Bij de zorgkosten treden namelijk altijd na-ijlende effecten op, in de vorm van bijvoorbeeld rekeningen die nog moeten worden voldaan. Voorlopig is sprake van een positief resultaat, dat normaal gesproken terechtkomt bij de algemene reserve. Wordt dit nu opgesoupeerd voor het continueren van een regeling, dan rijst de vraag wat moet worden gedaan als sprake is van een incidentele tegenvaller. Je kunt dan in ieder geval niet tegen de gemeenschappelijke regeling zeggen dat zij het zelf maar moet uitzoeken en oplossen. Volgens spreker werkt het ook de andere kant uit niet.

Mevrouw Zwang zegt dat haar zorg juist is gelegen in het feit dat een positief resultaat in de algemene reserve wordt gestort. Naar aanleiding van het feit dat in het raadsvoorstel staat dat er een plan voor wordt bedacht, vindt zij het van belang dat alvorens allerlei creatieve ideeën op tafel komen die vast ook heel mooi zijn voor de stad het geld ten goede komt aan mensen die het heel hard nodig hebben. Overigens vergiste de heer Ruseler zich haars inziens. Het gaat namelijk om een begrotingswijziging 2021. De heer Hamerslag vond de motie aanvankelijk heel mooi. Het argument van mevrouw Van Aaken dat er een nieuwe verordening zou moeten worden geschreven vond hij overkomelijk. Dat zou de gemeente over moeten hebben voor het terugdringen van bezuinigingen op mensen die het geld hard nodig hebben. Uit de beantwoording van de wethouder van financiën blijkt evenwel dat in het geheel geen sprake is van een meevaller maar van een kleinere tegenvaller. Daarmee voldoet de motie niet aan de eisen die eerder zijn gesteld aan het omgaan met deze bedragen. Met het oog daarop kan hij tot zijn spijt niet instemmen met de motie. De heer Karens, die mede spreekt namens de fractie-Van Dijk, merkt op dat zijn fractie eerder heeft gevraagd of de versobering zou kunnen worden uitgesteld. Hij heeft echter begrip voor de uitleg van de wethouder.

De voornaamste reden voor hem om tegen de motie te stemmen is dat het principe dat tegenvallers in het sociaal domein uit de algemene middelen worden gedekt, waar hij erg voor is, met zich brengt dat incidentele en voorlopige meevallers ook in de algemene middelen moeten worden gestort. Het staat ook vast dat er tegenvallers komen. Hij stemt dan ook met pijn in het hart tegen. De heer Ruseler beaamt dat het om een wijziging van de begroting 2021 gaat. Na de toename die er in de afgelopen jaren is geweest wordt nu weer teruggekeerd naar het niveau van voor de coronacrisis. Hij herhaalt dat geen sprake is van een meevaller maar van een kleinere tegenvaller. Hij zou het ook liefst anders zien maar dat kan tot zijn spijt niet. De Voorzitter brengt de motie in stemmen en stelt vast dat de leden van de fracties van DENK, de OPS en de PvdA ervoor hebben gestemd en de aangemelde leden van de overige fracties ertegen, zodat zij met 23 tegen 8 stemmen is verworpen. De leden Lepidis en Post waren niet in de gelegenheid hun stem uit te brengen. Spreker stelt de besluitvorming over het voorstel aan de orde Mevrouw Zwang zegt dat de PvdA instemt met het voorstel, met de kanttekening dat zij het spijtig vindt dat het geld naar de algemene reserve gaat. Het voorstel wordt zonder stemming aangenomen.

20

17 Verzoek van OPS om nadere inlichtingen n.a.v. de beantwoording van de schriftelijke vragen door het college van 17 maart 2021 over de instemming door huurders van Woonplus De Voorzitter merkt op dat het op grond van het Reglement van orde is toegestaan dat leden nadere vragen stellen en wijst erop dat de OPS dat materieel vorige week eigenlijk ook al in de commissie heeft gedaan, wat heeft geleid tot een uitgebreid debat. Het recht op het stellen van nadere vragen wordt door het RvO letterlijk verbonden aan de raadsvergadering, van welk recht nu ook gebruik wordt gemaakt. Spreker zal er echter wel iets strenger in zijn dan gebruikelijk. Zoals gebruikelijk krijgt eerst de vragensteller het woord, waarna het college antwoordt en vervolgens de leden van de raad de gelegenheid hebben daarop te reageren. Spreker dringt erop aan thans niet de behandeling in de commissie te herhalen en beknoptheid in acht te nemen. Aangezien wethouder Laan op dit terrein nog enigszins nieuw is, heeft het college afgesproken dat wethouder Ooijevaar zowel voor het energiedeel als voor het onderdeel wonen de beantwoording voor zijn rekening zal nemen. De heer Van Kraaij zegt dat ook de toezegging voorligt die wethouder Ooijevaar aan de gemeenteraad heeft gedaan bij de behandeling van het voorstel Nieuwe energie voor Groenoord.

De wethouder heeft hierbij aangegeven dat de overstap naar het warmtenet voor niemand verplicht en dus voor iedereen vrijwillig zal zijn dan wel afhankelijk van instemming van minimaal 70% van de huurders van Woonplus. Inmiddels heeft Woonplus echter aangegeven dat er ook juridische wegen naar Rome leiden. De OPS heeft de wethouder daarom in de commissievergadering gevraagd hoe dit kon gebeuren, waarom de wethouder de betreffende toezegging niet heeft vastgelegd met Woonplus en hoe de wethouder ervoor gaat zorgen dat de toezegging staat en zal blijven staan. Over de beantwoording van deze vraag is de Ouderenpartij Schiedam niet tevreden. Enerzijds gaf de wethouder aan dat de raadsleden zijn toezegging binnen de kaders van de wet moesten plaatsen en de volledige juridische consequenties hadden moeten overzien. Op een vraag van mevrouw Zwang moest hij echter toegeven dat hij zelf niet wist van de juridische consequenties. Het antwoord van de wethouder op de vraag van de OPS was dus al met al niet erg geloofwaardig. Anderzijds gaf de wethouder aan dat het maken van afspraken met Woonplus over dit onderwerp niet legaal zou zijn en vergeleek hij het maken van dergelijke afspraken met het in samenspraak stelen van een auto. Toen de heer Spek hierop doorvroeg gaf de heer Ooijevaar toe dat dit met het maken van afspraken met Woonplus wel kan maar zijns inziens onwenselijk zou zijn.

Volgens spreker is dat toch echt een ander antwoord. De vragen van de OPS blijven daarmee overeind: staat de toezegging van de wethouder en zal deze blijven staan en wat zijn de mogelijkheden om de afspraken hierover wel degelijk vast te leggen met Woonplus. De OPS benadrukt hierbij dat zij heel veel waarde hecht aan de toegezegde vrijwilligheid van het plan en dient daarom de motie Vrijwillige instemming huurders Woonplus in, waarin de wethouder wordt gevraagd bij de gemeenteraad goed en uitgebreid informatie aan te leveren over de ontstane situatie. De Voorzitter merkt op dat het gebruikelijk is dat de vragensteller de beantwoording afwacht en daarna beoordeelt of deze er tevreden is maar concludeert dat de heer Van Kraaij daarop heeft voorgesorteerd door een motie voor te bereiden. Door de leden Van Kraaij en Rotteveel wordt de motie Vrijwillige instemming huurders Woonplus voorgesteld: De gemeenteraad van Schiedam in vergadering bijeen op 20 april 2021, gehoord de beraadslaging; constaterende dat:

21

• het college tijdens de behandeling van het raadsvoorstel ‘Nieuwe energie voor Groenoord’ heeft toegezegd dat geen Groenoorder verplicht zal worden aangesloten op het warmtenet en de keuze hiertoe voor iedereen vrijwillig zal zijn, dan wel afhankelijk van instemming van minimaal 70% van de huurders van Woonplus; • Woonplus inmiddels heeft aangegeven juridisch de mogelijkheid te hebben naar de rechter te stappen wanneer de beoogde instemming van 70% van de huurders niet zou worden gehaald; overwegende dat: • de vrijwilligheid van de overstap naar het warmtenet en de betreffende toezegging een belangrijke rol hebben gespeeld bij de besluitvorming over dit onderwerp; • wanneer Woonplus benadrukt dat zij naar de rechter zouden kunnen stappen, dit het proces van vragen om vrijwillige instemming van bewoners schaadt of kan schaden; roept het college op: • richting de gemeenteraad schriftelijk en binnen een termijn van 6 weken duidelijkheid te verschaffen over de juridische mogelijkheden van Woonplus ten aanzien van het aansluiten van hun huurders op het warmtenet, de gevolgen die dit heeft voor de vrijwilligheid van de overstap op het warmtenet voor huurders en de status van de toezegging van het college; • richting de gemeenteraad schriftelijk en binnen een termijn van 6 weken duidelijkheid te verschaffen over de mogelijkheden om de uitgangspunten met betrekking tot de

vrijwilligheid van de overstap op het warmtenet, zoals toegezegd tijdens de behandeling van Nieuwe Energie voor Groenoord, alsnog vast te leggen met Woonplus, en gaat over tot de orde van de dag. De motie krijgt het nummer M3. De heer Ooijevaar dankt de heer Van Kraaij voor het stellen van de vragen. Hij is blij dat de heer Reuderink niet zelf het woord voert. Hij merkt namelijk toch wel enig verschil in de behoefte aan het achterhalen van informatie tussen beide fractiegenoten van de Ouderenpartij. In tegenstelling tot diens fractievoorzitter wil de heer Van Kraaij wel eerst weten hoe de vork in de steel zit alvorens er een oordeel over te vellen. Daarmee toont de heer Van Kraaij dat hij in zijn fractie wel waarde hecht aan een duidelijke afweging een goed debat binnen de ring waarin dit plaatsvindt, namelijk de virtuele raadszaal. Spreker betuigt hem zijn erkentelijkheid voor het feit dat hij er tegen de doctrine van zijn fractievoorzitter in prijs op stelt informatie in te winnen over het huurrecht in deze situatie. Spreker constateert dat de heer Van Kraaij er in de motie, die deze gelukkig van te voren heeft verspreid, allereerst om vraagt duidelijkheid te verschaffen over de juridische mogelijkheden van Woonplus ten aanzien van het aansluiten van huurders op het warmtenet. Voor zover hij dat vorige week al niet heeft gedaan kan hij die informatie meteen verschaffen.

Zoals in de commissie al is besproken, is het huurrecht een privaatrechtelijke overeenkomst tussen huurder en verhuurder. Daarbij draait het vooral om art. 220, lid 3, van Burgerlijk Wetboek 7, waarin staat: “Indien de renovatie tien of meer woningen of bedrijfsruimten die een bouwkundige eenheid vormen, betreft wordt het in lid 2 bedoelde voorstel vermoed redelijk te zijn, wanneer 70% of meer van de huurders daarmee heeft ingestemd.” Dit artikel is letterlijk, ook qua nummering, vastgelegd in de overeenkomst Nieuwe energie voor Groenoord die is vastgesteld door Eneco, Woonplus en de gemeente Schiedam. Naar spreker opmerkt zit in art. 220 ook een voorbehoud, dat overigens twee kanten opgaat. Als 70% van de huurders met het voorstel heeft ingestemd, wordt het voorstel geacht redelijk te zijn. Een huurder die het daarmee niet eens is, kan binnen acht weken na de mededeling dat die 70% is gehaald de redelijkheid rechterlijk laten toetsen. Andersom geldt het ook: is de 70% niet gehaald dan kan ook de verhuurder het voorstel op zijn redelijkheid door de rechter laten toetsen. De medewerking van de huurders kan dus pas worden verwacht indien het voorstel voor iedere individuele huurder redelijk is of door de rechter wordt geacht

22

redelijk te zijn. De rechter is in diens beoordeling daarvan uiteraard onpartijdig. Jurisprudentie laat ook zien dat de rechter vaak een uitspraak doet ten faveure van de huurders. Een stap naar de rechter zal dus absoluut niet lichtzinnig worden genomen. Zoals spreker in de commissie viermaal heeft aangegeven is Woonplus dan ook niet van plan om deze weg te bewandelen als de stemming aan het Albert van Raalteplein onverhoopt niet tot instemming van 70% van de huurders leidt. Aan het gestelde in het tweede dictum van de motie, waarin het college wordt gevraagd zich te bemoeien met een potentiële privaatrechtelijke kwestie tussen twee andere partijen en Woonplus te verzoeken om af te wijken van de zojuist door spreker geschetste regelgeving, kan het college simpelweg niet tegemoetkomen. Spreker merkt op dat in deze discussie een goede en open communicatie tussen verhuurder en huurder de eerste stap is. Het belang voor Woonplus om de huurders te overtuigen van de kwaliteit is erg groot en het zal zich er dan ook maximaal voor inzetten. Dat kan men al zien in de modelwoning aan de Jozef Oreliosingel en hij raadt iedereen aan daar eens een kijkje te gaan nemen. Dat kan iedere dinsdag van 17.00-18.00 uur en uiteraard ook op afspraak. Men zal dan zien dat de renovatie de huurders, los van de hele energietransitie, grote meerwaarde biedt.

Zo worden de borstweringen bij galerijen en balkons geïsoleerd, komen er nieuwe geïsoleerde deuren en veilige driepuntssloten, wordt enkelglas vervangen door geïsoleerd glas, wordt het gemakkelijker de temperatuur naar eigen comfortwensen in te stellen, wordt de keuken verbeterd en krijgen de huurders een strippenkaart waarmee zij zelf uit een menu kunnen kiezen wat zij willen afwerken en op welke wijze dat dient te gebeuren, zodat iedereen zijn afwerking naar eigen smaak kan realiseren. Ook zonder aansluiting op het warmtenet wordt het energielabel al een of twee stappen beter. Dit zijn allemaal directe voordelen voor het comfort van de huurders. Daarmee heeft Woonplus volgens spreker een heel erg sterk verhaal. Hij herhaalt dat de huurders zichzelf erg tekort zouden doen als zij niet zouden instemmen met dit voorstel van Woonplus. Het mag duidelijk zijn dat spreker afwijzend staat tegenover de motie maar hij hoopt dat hij de gevraagde informatie hiermee heeft gegeven. De Voorzitter deelt dat gevoel. Spreker wijst erop dat de fracties van LOS, AOV en PvdA nog maar twee minuten spreektijd hebben en de CU-SGP slechts één minuut. Mevrouw Rotteveel merkt op dat feit is en blijft dat de gemeenteraad niet volledig is geïnformeerd bij de behandeling van het raadsvoorstel, wat uiterst kwalijk is.

Juist de toezegging van de vrije keuze zonder verplichting voor iedereen en de 70% instemming hebben een doorslaggevende rol gespeeld bij de besluitvorming. Over deze toezegging bestaat tot op heden helaas nog steeds veel onduidelijkheid en onzekerheid, wat in de ogen van LOS nogmaals een zeer kwalijke zaak is, mede gelet op het feit dat de besluitvorming al heeft plaatsgevonden. Als de wethouder aanvaarding van de motie aanraadt en deze wordt aangenomen, zal dit veel onzekerheid wegnemen. De Voorzitter neemt aan dat mevrouw Rotteveel inmiddels heeft begrepen dat de wethouder aanvaarding ontraadt. De heer Karens sluit zich wat de inhoudelijke beantwoording betreft volledig aan bij het antwoord dat de wethouder zojuist heeft gegeven. Hij beaamt dat er vanuit de OPS twee werkelijkheden zijn, enerzijds een werkelijkheid op Facebook en in de media waarin de fractievoorzitter grote woorden gebruikt en grote kwalificaties inzake de wethouder ventileert en zich vervolgens verstopt achter zijn fractiegenoot in de raadsvergaderingen en anderzijds een werkelijkheid in de raadsvergadering waarin de fractiegenoot inhoudelijke vragen stelt. Spreker spreekt er zijn treurnis over uit dat de keutel van de heer Reuderink wordt ingetrokken. Mevrouw De Vries zal een stemverklaring over de motie afleggen.

23

De heer Spek zegt dat de VVD duidelijk is geweest in de raadscommissie en dat dit niet behoeft te worden ondersteund met een motie. De fractie houdt het college aan diens woord. Het halen van de 70% instemming bij de VvE’s van Woonplus vindt plaats op basis van verleiden en vrijwilligheid conform het raadsvoorstel, de businesscase en de toezeggingen die zijn gedaan. De bewoners mogen gewoon voor of tegen stemmen zonder dat zij gerechtelijke procedures aan hun broek krijgen. Spreker vraagt nogmaals een bevestiging aan de wethouder, zodat het voor iedereen duidelijk is, ook voor de bewoners van Groenoord. De heer Ergin zegt dat een aantal elementen van de motie DENK zeer aanspreken, wat niet wil zeggen dat de fractie de motie zal steunen. Zoals mevrouw Rotteveel zelf al heeft aangegeven, wordt de vraag die in de motie wordt gesteld netjes beantwoord. DENK hecht heel veel waarde aan de norm van 70% en zal Woonplus kritisch blijven volgen. Uit hetgeen de inspreker in de commissie heeft gezegd, concludeert spreker dat de gesprekken vorderen en hij hoopt op een goede uitkomst daarvan, zodat de bewoners erop vooruitgaan. De fractie zal tegen de motie stemmen, die alleen maar zal dienen als voeding voor een Facebookpost. De heer Van Sliedregt zegt dat ook zijn fractie vragen heeft gehad over de 70%, met name naar aanleiding van de brief van de jurist van Woonplus.

Naar aanleiding van die brief is een gesprek van fractievoorzitters en woordvoerders met de directeur van Woonplus georganiseerd. De Ouderenpartij Schiedam heeft helaas afgezien van deelname daaraan. Deelname had naar sprekers overtuiging heel veel geblaat op Facebook kunnen voorkomen. De OPS had de directeur vragen kunnen stellen en het antwoord kunnen krijgen dat de aanwezige raadsleden kregen. Naar sprekers oordeel is de wethouder bij herhaling heel duidelijk geweest en hij acht de motie volkomen overbodig. Indiening had zelfs kunnen worden voorkomen. D66 zal haar dan ook niet steunen. De heer Hamerslag zegt dat de 70%-norm PS over de drempel heeft getrokken om voor Nieuwe energie voor Groenoord te stemmen. Woonachtig in Groenoord ervaart hij geregeld de onrust die in die wijk is ontstaan. Hij stelt vast dat Woonplus erg zijn best doet om de bewoners van Groenoord mee te nemen in dit hele proces. Aanvankelijk gingen er dingen mis. Daar is de woningbouwvereniging erg van geschrokken en zij probeert nu beterschap te tonen. Zij wil namelijk evenals het college heel graag die 70% bereiken. Daarvoor is geen motie nodig, nog afgezien van het feit dat een deel van de motie privaatrechtelijk niet kan worden uitgevoerd. De fractie zal haar dus niet steunen.

Spreker vertrouwt erop dat zoals toegezegd het college met Woonplus in gesprek zal blijven om het proces tot een goed einde te brengen. De heer Berns memoreert dat de fractie van CU-SGP uiteindelijk voor het raadsvoorstel Nieuwe energie voor Groenoord heeft gestemd, ofschoon bij het draagvlak grote vraagtekens werden geplaatst, ook door het Rijk. Hij heeft er waardering voor dat de wethouder zich verbonden blijft weten met Woonplus en het contract dat in gezamenlijkheid is gesloten en zich blijft inzetten om samen met de woningbouwvereniging het draagvlak vorm te geven. Spreker sluit zich volledig aan bij de inbreng van de VVD. Uiteindelijk is de raad door het college op het verkeerde been gezet, iets wat men de komende jaren met elkaar onder de ogen moet zien. De heer Van Kraaij vraagt met het oog op de tweede termijn om een korte schorsing. De Voorzitter zegt dat er geen tweede termijn is bij de beantwoording van nadere vragen. Alleen de vragensteller kan in tweede termijn het woord voeren. Heeft de heer Van Kraaij er behoefte aan met zijn fractiegenoot te overleggen wie in de tweede ronde het woord voert, dan wil spreker deze er wel vijf minuten de gelegenheid toe bieden. Voor de heer Van Kraaij zijn die vijf minuten welkom.

24

De Voorzitter geeft de heer Van Kraaij met het oog op diens reactie na de schorsing graag iets mee. Als voorzitter van de raad betreurt hij het als raadsleden wel buiten commissie- en raadsvergaderingen maar niet daarbinnen hun opvattingen kenbaar maken. Hij is het inmiddels van de fractiegenoot van de heer Van Kraaij gewend dat deze zich op Facebook, in theorie een besloten site, stevig uit over allerlei onderwerpen, met name het onderhavige. Recentelijk heeft de heer Reuderink evenwel in een van de persorganen open bloot uitlatingen gedaan die nogal ver gingen en erop neerkwamen dat de wethouder loog en leugens verspreidde. Spreker kan zich dan ook de teleurstelling van vele leden van de raad voorstellen over het feit dat de fractievoorzitter van de OPS bij dit onderwerp, waar hij zozeer bij betrokken is en waarover hij zoveel standpunten buiten de raadszaal verkondigt, niet zelf het woord heeft gevoerd. De vergadering wordt enige ogenblikken geschorst. De heer Van Kraaij benadrukt dat de Ouderenpartij Schiedam heel veel waarde hecht aan informatie vooraf, opdat je de discussie kunt voeren op de inhoud. Dat betekent dat de informatie tijdig en volledig aan de gemeenteraad moet worden verstrekt. Woonplus heeft vrijdag voor de vergadering waarin het voorstel Nieuwe energie voor Groenoord werd besproken een brief gestuurd en enkele individuele raadsleden gebeld.

Spreker heeft Woonplus niet kritisch kunnen ondervragen over haar standpunt, terwijl sprake was van enkele grote uitdagingen met betrekking tot renovaties in de stad. Zijn fractie voelt niets voor discussie achteraf, ook niet op instigatie van de heer Van Sliedregt. De stelling dat discussie in de raadszaal plaatsvindt en niet daarbuiten impliceert ook dat de discussie buiten niet in de raadszaal plaatsvindt, dat ruzies maar op Facebook moeten worden uitgevochten en dat niet anderen bepalen wie de woordvoerder namens de OPS is. Spreker memoreert dat de wethouder een toezegging heeft gedaan en daarbij niet het voorbehoud heeft gemaakt, wat deze vanavond wel deed, dat Woonplus naar de rechter kan stappen om als huurders niet instemmen met het voorstel via de juridische weg voor elkaar te krijgen dat de woningen van huurders toch worden aangesloten op het warmtenet. Door dat niet te zeggen heeft de heer Ooijevaar naar het oordeel van de Ouderenpartij de raad onvoldoende geïnformeerd. Met het oog daarop dient hij een motie van afkeuring in over het in onvoldoende mate informeren van de raad over dit onderwerp. De Voorzitter concludeert dat de heer Van Kraaij afkeuring uitspreekt over de informatievoorziening bij de raadsbehandeling in december. Hij stelt vast dat de vragen zijn beantwoord, ook vanavond.

De heer Van Kraaij bevestigt dat het gaat om de informatievoorziening in december toen de raad het voorstel Nieuwe energie voor Groenoord besprak. De wethouder gaf de informatie niet op het moment dat de besluitvorming aan de orde was. De Voorzitter concludeert nogmaals dat de vragen nu wel zijn beantwoord maar dat de OPS dat te laat vindt. De heer Ooijevaar heeft alleen vragen gehoord die hij in eerste instantie al had beantwoord. De heer Spek heeft gevraagd om bevestiging van iets wat hij al heeft gezegd en ook in de commissie al viermaal heeft gesteld, namelijk hoe het zit met de gerechtelijke stappen. Zoals de heer Klep heeft gezegd in de raadsbijeenkomst en zoals spreker ook al eerder heeft aangegeven, zal Woonplus afzien van gerechtelijke stappen, zeker als het gaat om het Albert van Raalteplein. Dat neemt echter niet weg dat de juridische mogelijkheid er gewoon is. Voor de zevende keer in de afgelopen week is het niet de bedoeling om daarop in te zetten. Het is allemaal ingegeven door de brief die is gestuurd aan het Collectief Groenoord, waarbij een juridische brief zat. Spreker stelt nadrukkelijk dat deze brief niet was gericht aan de huurders van Woonplus maar specifiek aan de leden van het Collectief Groenoord.

Hen is erop gewezen dat deze mogelijkheid bestond, wat was ingegeven door het feit dat beweringen werden gedaan en eisen werden gesteld die buiten de redelijkheid vielen van datgene wat zou worden

25

voorgesteld. Hij erkent – naar hij aanneemt is Woonplus dat met hem eens - dat de timing van de brief niet erg handig was. Hoewel de inhoud van de brief correct is, was het sturen ervan niet de manier om draagvlak in de wijk te verwerven en hij begrijpt dat daardoor onrust is ontstaan, wat hij zelf betreurt. Woonplus heeft daarvan geleerd en is goed in gesprek gegaan met de wijk en met het Collectief Groenoord. De heer Akkari heeft in de commissie gesproken en spreker is ook druk bezig een afspraak met hem in te plannen. Dialoog is erg belangrijk. In het onbedoelde debatje dat vorige week ontstond, gaf de heer Akkari aan constructief mee te denken over de vraag hoe ervoor kan worden gezorgd dat op constructieve wijze voor de 70% kan worden gezorgd. Spreker gaat uiteraard niet in op de uitnodiging van de heer Van Kraaij om buiten deze virtuele raadszaal een discussie aan te gaan via een kanaal als Facebook. Hij betreurt de bewoordingen die in zijn richting worden gebruikt persoonlijk zeer; die zijn gewoon niet leuk. Hij hoopt daarover nog een keer in de raad met de heer Reuderink te kunnen spreken. Het zal duidelijk zijn dat spreker niet staat te juichen over de motie van afkeuring en aanvaarding afraadt. Hij is echter wel verbijsterd. Er is geen onjuiste informatie gegeven.

In de overeenkomst Nieuwe energie voor Groenoord die bij de stukken zat wordt artikel 220, lid 3, benoemd. Het is dus niet achter de hand gehouden. Van het college van B&W, houders van de wet, kan niet worden verwacht dat het een stukje van een wet schrapt. De Voorzitter zegt dat door de leden Van Kraaij, Rotteveel en Zwang een motie van afkeuring wordt voorgesteld: De gemeenteraad van Schiedam in vergadering bijeen op 20 april 2021, gehoord de beraadslaging; constaterende dat: • het college tijdens de behandeling van het raadsvoorstel ‘Nieuwe energie voor Groenoord’ heeft toegezegd dat geen Groenoorder verplicht zal worden aangesloten op het warmtenet en de keuze hiertoe voor iedereen vrijwillig zal zijn, dan wel afhankelijk van instemming van minimaal 70% van de huurders van WoonPlus; • WoonPlus inmiddels heeft aangegeven juridisch de mogelijkheid te hebben naar de rechter te stappen wanneer de beoogde instemming van 70% van de huurders niet zou worden gehaald; • het college de gemeenteraad tijdens de behandeling van het raadsvoorstel niet over deze mogelijkheid heeft geïnformeerd; overwegende dat: • de vrijwilligheid van de overstap naar het warmtenet en de betreffende toezegging een belangrijke rol hebben gespeeld bij de besluitvorming over dit onderwerp; • wanneer WoonPlus benadrukt dat zij naar de rechter zouden kunnen stappen, dit het proces van vragen om vrijwillige

instemming van bewoners schaadt of kan schaden; • de betreffende informatie gedeeld had moeten worden met de gemeenteraad en in de beraadslaging over dit onderwerp had moeten kunnen worden betrokken; spreekt de afkeuring uit over het onvoldoende informeren van de gemeenteraad, en gaat over tot de orde van de dag. Deze motie krijgt het nummer M4. Spreker vindt de opmerking van de heer Van Kraaij dat hij het aan de raad en college overlaat om te bepalen hoe zij met elkaar in discussie gaan teleurstellend en een raadslid onwaardig. Het is ook een raadslid onwaardig om buiten de raadszaal dingen te beweren die vervolgens niet in de raadszaal worden bestendigd. Een raadslid dat alleen buiten de raadszaal zijn woordje doet is half bezig. Dat is betreurenswaardig, omdat diverse raadsleden de leden van de OPS vriendelijk hebben uitgenodigd het debat wel in de raad of de commissie te

26

voeren. Spreker herhaalt dat Facebook een gesloten medium is. Als iemand hem daar de toegang toe ontzegt, komt hij er niet eens in. JW TV is wel een open medium en het interview dat daarin verscheen loog er niet om en was een raadslid onwaardig. De heer Van Kraaij is verbijsterd door de woorden van de burgemeester. Hij heeft vier keer gesproken over het onderwerp Nieuwe energie voor Groenoord. Men had al die keren met hem de discussie kunnen aangaan. Hij heeft zich stevig voorbereid over dit onderwerp en de discussie op de inhoud gevoerd. Hij vindt de opmerking van de Voorzitter dan ook niet gepast. De Voorzitter zegt dat zijn opmerkingen niet zozeer tot de heer Van Kraaij persoonlijk gericht waren als wel via hem tot diens fractiegenoot die buiten de raadszaal beweringen doet waaromtrent de heer Reuderink in de raad kennelijk geen verweer wil voeren of verantwoordelijkheid wil nemen, wat hij zeer betreurt. De Voorzitter vraagt of de heer Van Kraaij motie nr. 3 in stemming wil laten komen nu de vragen die daarin worden gesteld zijn beantwoord. De heer Van Kraaij wenst dat beide moties in stemming worden gebracht. ties.

De Voorzitter geeft gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen over de mo-

De heer Karens sluit zich aan bij de constatering en de beoordeling van het gedrag van een collega-raadslid zoals de Voorzitter die zo-even verwoordde. Op de vragen in de eerste motie heeft de wethouder antwoord gegeven, waarmee zij volkomen overbodig is. De tweede motie acht hij feitelijk onjuist. Zoals de heer Ooijevaar aangaf is de informatie wel behandeld in de stukken die in december werden besproken. Spreker acht de motie van afkeuring een typisch voorbeeld van OPS-politiek. Het maakt voor die fractie niet uit wat wordt gezegd in de beantwoording van haar vragen; zij laat het vooringenomen frame bestaan en baseert daarop een motie. Het zal duidelijk zijn dat GroenLinks tegen die motie stemt. Mevrouw De Vries zegt dat het AOV de moties van OPS niet zal steunen. Het AOV wist al hoe de Huurwet in elkaar zat en er was al een afspraak dat de raad geregeld zou worden geïnformeerd over de ontwikkeling van Nieuwe energie voor Groenoord. Daarnaast heeft Woonplus nog geen rechtszaak aangespannen tegen bewoners. Indien Woonplus wel een rechtszaak gaat aanspannen tegen bewoners zal het AOV terugkomen met vragen aan de wethouder met het oog op de beoogde vrijwilligheid. De heer Ergin zegt dat DENK de constatering van de Voorzitter volledig steunt. De OPS gaat telkens een stapje te ver en beticht collega’s van omkoping etc. Dat moet in Schiedam niet worden geaccepteerd.

Spreker zal motie nr. 3 niet steunen, puur omdat de gevraagde informatie beschikbaar is en de wethouder netjes antwoord heeft gegeven. Hij stemt ook tegen motie nr. 4, omdat de essentie van het debat de bewoners van Groenoord betreft en niet het gekissebis dat door bepaalde collega’s wordt gestimuleerd. DENK gaat daarin niet mee. Het is zaak dat de bewoners van Groenoord worden geholpen en hij constateert dat gesprekken worden gevoerd om het project in goede banen te leiden en hij wacht het resultaat daarvan af. Hij hoopt dat de kwartaalrapportage die in mei wordt gepubliceerd helderheid zal verschaffen. Mevrouw Zwang heeft motie nr. 4 ondertekend omdat de PvdA het informeren van de raad heel erg belangrijk vindt. Het verbaast haar dat de wethouder nu zegt dat zij de gevraagde informatie had kunnen vinden. Toen zij vorige week vroeg waarom hij dit niet had verteld als hij dat wist antwoordde hij dat het niet wist.

27

Zoals de heer Hamerslag zojuist al heeft aangegeven acht hij motie nr. 3 volstrekt overbodig. Wat betreft motie nr. 4 concludeert hij dat de OPS de stukken niet goed had gelezen, aangezien de informatie beschikbaar was. Hij vindt het gek dat zij daarop een motie van afkeuring baseert. Zo werkt het niet in de politiek. PS vraagt het college ook de raad goed op de hoogte te houden en dat heeft het college ook toegezegd. Spreker sluit zich aan bij de woorden die de Voorzitter in de richting van de fractievoorzitter van OPS heeft gesproken. In de commissie heeft hij de heer Lamers ook gevraagd om daar iets mee te doen. De OPS, in het bijzonder de fractievoorzitter, valt hem weer zwaar tegen. De Voorzitter brengt motie nr. 3 in stemming en constateert dat de leden van de fracties van de OPS, LOS en – Post ervoor hebben gestemd en de overige aangemelde leden ertegen, zodat zij met 28 tegen 5 stemmen is verworpen. Spreker brengt vervolgens motie nr. 4 in stemming en constateert dat de leden van de fracties van de OPS, de PvdA, LOS en –Post ervoor hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen zodat zij met 26 tegen 7 stemmen is verworpen. 17.

Terugkoppeling uit besturen van gemeenschappelijke regelingen

De Voorzitter zegt dat naar aanleiding van de commissiebehandeling antwoorden op vragen en de planning voor de besluitvorming inzake het MVS Jeugdmodel aan de raad zijn gezonden en dat vanmiddag de laatste informatie daarover is verstrekt. Hij zegt dat zich drie sprekers hebben aangemeld en dat hij het vermoeden heeft dat zij willen spreken over de GRJR en het onderdeel Veilig Thuis. Voor mevrouw Zwang, die ook spreekt namens de fractie van GroenLinks, kent dit agendapunt helaas een lange geschiedenis. Zij memoreert dat de raad in mei 2019 voor de eerste keer van wethouder Van Aaken de toezegging kreeg dat de raad in het vervolg de kwartaalrapportages van Veilig Thuis toegestuurd zou krijgen. In die raadsvergadering werd ook met een grote meerderheid een motie aangenomen waarin het college werd verzocht om maandelijkse inzage in de wachttijden van Veilig Thuis en de soorten meldingen die worden gedaan. Op 15 oktober 2019 sprak de raad wederom over dit punt, aangezien de kwartaalrapportages niet waren toegezonden en ook de motie niet was uitgevoerd. Spreekster merkt op dat de wethouder dit erkende en aangaf er als ambtelijke ondersteuning samen met Rotterdam bovenop te zitten. De informatie zou voor het einde van het jaar worden toegestuurd. Inmiddels werd het 22 januari 2020 en had de raad zowel de wachttijden als de kwartaalrapportages nog altijd niet ontvangen.

Daardoor had de raad ook nog steeds geen inzicht in de stand van zaken bij Veilig Thuis, terwijl de fracties al geruime tijd diverse signalen kregen over de lange wachttijden en het aantal meldingen die niet binnen de wettelijke termijn van vijf dagen werden beoordeeld. In de vergadering van januari 2020 vroeg spreekster de wethouder weer waarom zij zich niet aan haar toezeggingen hield. Daarop gaf mevrouw Van Aaken aan, dat zij de frustraties van spreekster deelde. De kwartaalrapportages waren er volgens de wethouder nog niet, aangezien zij niet op de agenda van de GR waren geplaatst. Spreekster erkent dat dit wel eens kan gebeuren maar wijst erop dat de wethouder ook niet de moeite had genomen om dit aan de raad mee te delen, wat een hoop ruis had kunnen wegnemen. Mevrouw Van Aaken beloofde dat zij nu echt zouden worden doorgestuurd en stelde voor de jaarrapportage te agenderen om, zoals zij opmerkte, met elkaar in de breedte in de raad de discussie te kunnen voeren. Zij achtte dit al een stap in de goede richting. Vol goede moed werd de vergadering afgesloten. Op 2 juni 2020 vroeg spreekster de wethouder waarom de raad niet zoals toegezegd de maandelijkse rapportage met wachtlijsten en wachttijden toegezonden had gekregen. Daarbij was tevens toegezegd dat de kwartaalrapportages direct naar de raad zouden worden gestuurd.

Ook was spreekster benieuwd waar de jaarrapportage bleef die met de hele raad zou worden besproken. De wethouder moest toegeven dat zij dat had toegezegd maar zei dat zij niet had opgelet en niet in haar postbus had gekeken, ondanks de toezegging van de directeur van Veilig Thuis. Zij had er zelf achteraan kunnen gaan maar had dat nagelaten. Vanaf dat moment zou er volgens mevrouw Van Aaken voor

28

worden gezorgd dat de raad de rapportages op tijd zou krijgen; zij zou er bovenop zitten. De wethouder vond het een goede wake up call. Het had niet mogen gebeuren maar zij was wakker en ging andere afspraken maken met Veilig Thuis. Dat klonk bemoedigend. De wethouder ging flink door het stof, bood excuses aan en beloofde beterschap. Het leek erop dat het niet meer kon misgaan. Op 23 september 2020 had de raad eenmaal een kwartaalrapportage gekregen die ruim een half jaar achterliep, zonder de maandelijkse wachtlijsten en wachttijden die meermaals waren toegezegd en in de motie waren opgenomen die ruim een jaar eerder was aangenomen. Daarmee had de gemeenteraad nog altijd geen inzicht in de stand van zaken bij Veilig Thuis en de afhandeling van de meldingen. Het was in het midden van de coronapandemie, waardoor al maanden signalen binnenkwamen dat de meldingen van geweld achter de voordeur steeds heftiger en zwaarder werden. Nog altijd had de gemeente hier geen inzicht in. Op 29 september 2020 nam de raad een motie aan waarin hij de aanpak van huiselijk geweld als prioriteit benoemde.

Op de vraag van spreekster waarom de raad nog altijd niet conform de motie van mei 2019 en zoals in vier vergaderingen reeds was toegezegd de lijsten met maandelijkse wachttijden en wachtlijsten had ontvangen, antwoordde de wethouder dat de rapportages een laag uitvoeringsniveau hadden, waardoor het niet gebruikelijk was deze met de raad te delen. Naar spreekster opmerkt was dat de allereerste keer dat de wethouder zei dat zij die maandelijkse rapportages dus gewoon kreeg. Sinds mei 2019 kreeg de gemeenteraad alle keren dat ernaar werd gevraagd het antwoord dat zij deze rapportage niet had en niet kreeg maar de wethouder deed wederom één toezegging. Zij had een en ander gecheckt en ging ervoor aan zet. Spreekster erkent dat het wellicht heel flauw klinkt om hetgeen in twee jaar is gebeurd achter elkaar op te sommen maar doet dat niet zonder reden. Niet iedereen is aanwezig geweest bij al deze vergaderingen en het zou over kunnen komen alsof het debat van vorige week uit het niets voortkwam. Zij kan zich voorstellen dat haar zakelijke en inhoudelijke toon bij sommigen wat fel overkomt maar betoogt dat dit moet worden gezien tegen de achtergrond van de lange geschiedenis.

Naar zij hoopt kan men zich haar irritatie en frustratie voorstellen als men bedenkt dat het de zesde vergadering was waarin de wethouder excuses aanbood en dat diezelfde toezegging nog altijd niet was nagekomen. Tot voor kort heeft spreekster de wethouder voorafgaande aan de vergaderingen een heads up gegeven dat er nog openstaande toezeggingen waren en dat de irritatie elke volgende vergadering groter werd. Zij heeft ook ruim een week voor de vergadering van vorige week de wethouder erop geattendeerd dat de raad nog steeds niet op de hoogte was van de huidige stand van zaken bij de meldingen van huiselijk geweld. Het kan dus ook niet als een verrassing komen dat spreeksters inbreng vorige week fel was. Het houdt ergens op. Er kunnen zich altijd onvoorziene zaken voordoen waardoor het nakomen van toezeggingen langer duurt dan hoort maar twee jaar is wel heel erg veel, zeker als niet af en toe wordt teruggekoppeld waarom de raad nog steeds niet de informatie had gekregen die hij zo graag wilde hebben om te kunnen nagaan of er een stijgende lijn was bij Veilig Thuis. Het getuigt naar spreeksters mening van gebrek aan respect om de gemeenteraad zolang aan het lijntje te houden met beloften die elk kwartaal weer vals bleken te zijn. Excuses verliezen naar zij betoogt aan kracht wanneer zij vaker over precies hetzelfde punt worden gemaakt.

Spreekster memoreert dat de wethouder vorige week flink door het stof is gegaan en beloofde dat zij er alles aan zou doen om ervoor te zorgen dat dit nooit meer zou gebeuren. Zij wil van mevrouw Van Aaken weten welke consequentie zij er voor zichzelf aan verbindt als zij zich niet aan haar woord houdt. Het moet duidelijk zijn dat het voor de fracties namens welke zij spreekt de allerlaatste kans is die de wethouder krijgt. Zij geven haar een gele kaart, zullen haar houden aan haar belofte van beterschap en de volgende keer geen sorry meer accepteren. Het lijkt beide fracties goed om op zeer korte termijn met de wethouder en de woordvoerders op dit dossier of met de werkgroep om de tafel te gaan zitten en af te spreken hoe de samenwerking de komende periode zal worden vorm gegeven en vooral wat daarbij de verwachtingen van beide kanten zijn en wat daarvoor nodig is. Spreekster vraagt of de wethouder daartoe bereid is. De Voorzitter wijst erop dat mevrouw Zwang door haar spreektijd heen is.

29

Mevrouw Zwang erkent dat het lang duurt maar dat geldt ook voor de kwestie die zij aansnijdt. Spreekster hoopt oprecht dat een dikke streep kan worden gezet onder het vervelende proces van de afgelopen tijd en dat vanaf nu samen wordt opgetrokken om het geweld achter de voordeur aan te pakken. Daarvoor strijden de fracties al jaren en zij roept ertoe op dat vanaf nu schouder aan schouder te gaan doen, ervan uitgaande dat over een half jaar misschien wel weer een flinke discussie zal worden gevoerd, die wellicht weer fel is en zal knetteren. Dan gaat het echter in ieder geval over de inhoud in plaats van het proces, zoals de afgelopen twee jaar. De Voorzitter wijst erop dat vorige week in de commissie een uitgebreide discussie heeft plaatsgevonden en dat het niet gebruikelijk is in de raad commissiediscussies te herhalen. Hij dringt er daarom op aan te focussen op datgene wat de raad in dezen expliciet wil uitspreken en aan het college meegeven. Mevrouw Biekman hoorde gedurende haar kinderjaren vaak dat afspraak afspraak is en dat je je moet houden aan de afspraak die je met iemand maakt. Dat principe is echter van alle tijden en is een van de kernwaarden in verschillende managementfilosofieën. Het is niet haar bedoeling managementfilosofieën tegen het licht te houden maar zij wil toch even duidelijk zijn, aangezien de wethouder haar vraagstelling soms als onduidelijk ervaart.

Met “afspraak is afspraak” wordt bedoeld dat gemaakte afspraken worden nagekomen en dat er tijdig een seintje wordt gegeven als dit niet lukt, opdat nieuwe afspraken kunnen worden gemaakt. Helaas moet spreekster constateren dat genoemd principe niet geldt inzake de kwartaalrapportages van Veilig Thuis en dat de wethouder de afgelopen twee jaar meerdere malen heeft toegezegd de kwartaalrapportage toe te zenden aan de raad. Naar zij betoogt heeft mevrouw Van Dijk een prima beeld geschetst van de manier waarop het de afgelopen twee jaar is gegaan en heeft de wethouder in de commissievergadering van 13 april gezegd aangegeven enorm grote spijt te hebben, niet scherp genoeg te zijn geweest en zelfs er nu voor te moeten zorgen dat zij het vertrouwen van de raad daarin terugwon. D66 vraagt de wethouder daarom nogmaals wat deze zal doen om het vanaf nu dan wel goed te regelen en voorkomt dat zij de scherpte en de urgentie op dit dossier uit het oog verliest. Er mag geen onduidelijkheid over bestaan dat de frustratie bij D66 hoog zit en dat het de laatste keer is dat de fractie de wethouder erop aanspreekt dat afspraken en toezeggingen niet zijn nagekomen. Daarom lijkt het ook spreekster een goed idee om op zeer korte termijn met de wethouder en de woordvoerders op dit dossier of met de werkgroep bij elkaar te komen en de nodige afspraken te maken.

Schiedammers en kinderen die te maken hebben met geweld verdienen het, dat zowel de wethouder als de raad dit onderwerp goed aanpakt en zich houdt aan de afspraken. De heer Hamerslag betoogt dat een goede gemeenteraad vele grote en even belangrijke opgaven kent en dat een van de dossiers die behalve importantie de grootste zorg van de gemeenteraad kennen toch wel dat van Veilig Thuis en geweld achter de voordeur is. College en raad doen hun best om grip te krijgen op de inzet van Veilig Thuis, met name om dit inhoudelijk goed neer te zetten opdat geen kind buiten de boot valt. Het gaat om de veiligheid van de kinderen en de inwoners. Spreker herinnert eraan dat met de wethouder een afspraak is gemaakt over het aanleveren van gegevens maar moet helaas constateren dat het nakomen daarvan, voorzichtig uitgedrukt, moeizaam verloopt. De afgesproken gegevens worden herhaaldelijk niet of niet op tijd aangeleverd. Eén keer is een incident, twee keer is toeval, drie keer een patroon en de vraag is welke kwalificatie hij moet geven aan zes keer. Hij vraagt wat de wethouder gaat doen om te voorkomen dat hij de bij hem opkomende benaming voor de zesde keer moet gaan benoemen. Die zal niet mals zijn.

Spreker memoreert dat de wethouder voorzichtig heeft aangegeven dat de gemeenteraad met de maandelijkse numerieke gegevens niets kan en dat de gemeenteraad bij de driemaandelijkse rapportages diens controlerende en betrokken taak naar behoren zou kunnen uitvoeren, waarbij het naar hij opmerkt aan de raad zelf is om dat te bepalen. Als de wethouder maandelijks niet op tijd kan aanleveren en als zij ervan overtuigd is dat de raad niets met

30

de gevraagde cijfers kan, vraagt hij zich af waarom zij niet de regie neemt en de raad te beweegt genoegen te nemen met de driemaandelijkse rapportage waar de raad volgens haar wel iets mee kan. Hoe denkt de wethouder, als zij er ook zo over denkt, dat dan te gaan doen? De raad pleasen door ja te zeggen maar vervolgens nee te doen, helpt in ieder geval niet en wekt bij de raad onvrede en irritatie. De gemeenteraad heeft recht op informatie die deze vraagt maar college en raad moeten elkaar niet in een wurggreep houden van zinloze informatie of een onmogelijke werkverschaffing als dat in de optiek van de wethouder zo is. Spreker heeft dan nog liever een wethouder die stelling neemt en beargumenteerd nee zegt - hij wil zich er best van laten overtuigen dat driemaandelijkse rapportage beter is – maar hij wil daarvoor wel goede argumenten horen, zodat over de argumenten kan worden gesproken. Met ja zeggen en nee doen, met na iedere keer nee weer een excuus, komt een wethouder niet ver, wat in de woorden van mevrouw Van Dijk een gele kaart heet. Zolang de afspraak staat dat de raad de informatie op tijd krijgt, dient deze die ook te krijgen en zolang de raad zegt, wat PS zeker doet, dat deze informatie wel belangrijk is, is dat ook zo. Spreker is erg benieuwd wat de wethouder nu gaat doen.

Mevrouw Zwang brengt in herinnering dat de Nationale ombudsman in april 2018 aan de bel trok en stelde dat kinderen en jongeren in deze regio te lang moeten wachten op adequate zorg, met alle gevolgen van dien en dat mevrouw Van Dijk en de PvdA hierover vervolgens schriftelijke vragen hebben gesteld. Er kwam evenwel geen verbetering en de wachttijden bleven, ook bij Veilig Thuis. De KPI van 80% voor intake wordt niet bereikt, zelfs niet bijna. Ook moet lang worden gewacht op hulp. Spreekster zegt dat de PvdA samen met andere fracties hiervoor de afgelopen twee jaar herhaaldelijk aandacht heeft gevraagd. Het tijdig bespreken van de kwartaalrapportages zagen zij om als middel om zicht te krijgen en houden op de omvang van het probleem. Helaas kwamen de rapportages niet of pas maanden later, ondanks excuses van de wethouder en beloften van beterschap. Naar spreekster betoogt maakt niet alleen de raad zich zorgen: de inspectie heeft voor de tweede jaar op rij haar zorgen en ongenoegen geuit. Het gaat haar er niet om te steggelen over het tijdig leveren van cijfers en het je houden aan beloften, ook al is afspraak inderdaad afspraak, of het aan het lijntje houden van de gemeenteraad. Het gaat haar om tijdige en adequate hulp voor kwetsbare kinderen, jongeren en hun ouders en om hun veiligheid.

De heer Ergin stelt vast dat de voorgaande sprekers in niet mis te verstane woorden de gevoelens van DENK voortreffelijk hebben weergegeven. De afgelopen weken heeft hij heel veel mails gekregen over dit onderwerp, veel meer dan in de afgelopen twee jaar. De gang van zaken doet hem denken aan wat in de Tweede Kamer gebeurt, waarbij ministers voortdurend toezeggingen doen en die niet nakomen en informatie die wordt beloofd niet komt of onvolledig is. Helaas lag de informatie lang bij de wethouder maar belandde deze niet bij de raad. In ieder geval is er nu wel wat informatie waarover de raad zich een oordeel kan vormen maar er mag geen onduidelijkheid over bestaan dat het voor DENK de allerlaatste keer is dat deze wethouder een toezegging niet nakomt. Bij herhaling zal de fractie zich beraden op vervolgstappen en het eventueel steunen van stappen van collega’s in de richting van de wethouder. Uiteindelijk gaat het de raad om het helpen van Schiedammers en niet om processen en procedures. Mevrouw Van Aaken acht het duidelijk dat de bewoordingen die afgelopen week in de commissie zijn gebruikt haar als wethouder wel iets doen. De vraag van de heer Reuderink waar zij het allemaal eigenlijk voor deed hebben haar aan het nadenken gezet. Het is duidelijk dat college en raad daarin zij aan zij staan..

Zij is trots op de mooie stap die al is gezet met het MVS Jeugdhulpmodel, waarmee wordt beoogd meer grip en sturing te krijgen op deze vraagstukken, zij het dat Schiedam nog voor een deel in de GRJR blijft, waarin Veilig Thuis ook zit. Zij ziet daarin een kans voor de komende periode. De inhoud is erg belangrijk en daarvoor is zij nooit weggelopen, heeft zij zich zelfs keihard voor ingezet. Dit biedt een kans om de afspraken die in het MVS Jeugdhulpmodel zullen worden opgezet uit te voeren en gesprekken te voeren met Veilig Thuis, iets wat binnen de GRJR nauwelijks lukt. Spreekster streeft ernaar in het kader van het jeugdhulpmodel met Veilig Thuis aan tafel te gaan zitten,

31

meer sturing en grip te bewerkstelligen en stappen te zetten, opdat echt een verschil wordt gemaakt en men samen aan het stuur zit en niet op afstand, via een GRJR stuurt. Spreekster wil de commissie niet overdoen, waar zij het nodige heeft gezegd en de nodige verontschuldigingen heeft aangeboden. Het is duidelijk dat zij wat moet doen met het signaal. Voor haar zit dat vooral in het vooruitkijken. Belangrijk is dat verder wordt gegaan en dat goed wordt besproken op welke manier dat gebeurt. Afgezien van de informatievoorziening is duidelijk hoe belangrijk het onderwerp is en dat een manier moet worden gevonden om dit op de beste manier te bespreken. Daarbij denkt spreekster aan het aangaan van het gesprek in de klankbordgroep sociaal domein op een manier die het onderwerp recht doet, waarbij de informatievoorziening op orde moet zijn. Wellicht moeten het onderwerp en de informatievoorziening ook breder worden getrokken. De Voorzitter verwijst naar de verontschuldigingen die de wethouder al in de commissievergadering van vorige week heeft geuit maar nu indirect herhaalt. Het college heeft er behoefte aan in de klankbordgroep sociaal domein, waarin alle fracties zitten, ook het gesprek over rollen aan te gaan.

Als iemand die aan de zijlijn staat geeft hij aan dat de rolopvatting van de raad in de loop van de jaren is gewijzigd, evenals het verwachtingspatroon van de raad aangaande de informatievoorziening. Het college moet daarop inspelen en het is goed daarover een gesprek te voeren. Tussen de controlerende en de initiërende rol van de raad enerzijds en de informatieverstrekkende en de uitvoerende rol van het college anderzijds schuurt het af en toe en er moet voor worden gezorgd dat men op dezelfde golflengte zit. In de klankbordgroep zou daarvoor een goede basis kunnen worden gevonden. De heer Karens vindt het van belang dat in de klankbordgroep een gesprek wordt gevoerd maar verbaast zich als relatieve buitenstaander inzake dit onderwerp een beetje over de nuancering die de Voorzitter aanbrengt. Hij wijst erop dat een raadsvergadering wordt genotuleerd maar een commissievergadering niet. Verwijzen naar wat in een commissievergadering is gezegd vindt hij dan ook niet zo netjes, omdat het juist belangrijk is dat dingen in een raadsvergadering worden gezegd, waar zij worden genotuleerd. Volgens hem is wat betreft de informatievoorziening in de positie van de raad of de rolvermenging daarin geen sprake van verschuiving, omdat de vraag over de informatie al twee jaar dezelfde is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10225121/1