Bijlage: Rapportage Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 Schiedam
Tekst van het document
5. te hard rijden
59
5. vuilnis naast de container/ verkeerd aanbieden huisvuil
56
Nieuwland
Groenoord
1. rommel op straat
71
1. rommel op straat
66
2. vuilnis naast de container/ verkeerd aanbieden huisvuil
60
2. vuilnis naast de container/ verkeerd aanbieden huisvuil
66
3. te hard rijden
56
3. te hard rijden
63
4. hondenpoep op straat
51
4. geluidsoverlast door vliegtuigverkeer
58
5. lawaai op straat
46
5. hondenpoep op straat
54
31
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Vervolg figuur 5.8 Top 5 hoogste buurtprobleemscores per wijk (0=nooit, 100=vaak) Kethel Woudhoek 1. geluidsoverlast door vliegtuigverkeer
72
1. gaten of verzakkingen in de bestrating
58
2. te hard rijden
58
2. parkeeroverlast
54
3. rommel op straat
48
3. geluidsoverlast door vliegtuigverkeer
53
4. parkeeroverlast
46
4. te hard rijden
52
5. gaten of verzakkingen in de bestrating
46
5. hondenpoep op straat
48
Spaland/Sveaparken 1. geluidsoverlast door vliegtuigverkeer
66
2. te hard rijden
60
3. gaten of verzakkingen in de bestrating
53
4. parkeeroverlast
48
5. hondenpoep op straat
46
In Schiedam-Noord valt op dat geluidsoverlast door vliegtuigverkeer (in 2019 voor het eerst gemeten) voorkomt in deze top 5. Het toegenomen aantal vluchten sinds deze zomer van en naar Rotterdam The Hague Airport is voor vele inwoners te merken. In Kethel en Spaland/Sveaparken staat geluidsoverlast door vliegtuigverkeer zelfs op plek nummer 1 met de hoogste buurtprobleemscore. In deze noordelijk gelegen wijken van Schiedam komen gaten en verzakkingen in de bestrating volgens de inwoners ook vaker voor dan gemiddeld. In het zuidelijk stadsdeel is er vaker sprake van rommel op straat en vuilnisproblematiek. Inwoners is tevens gevraagd wat volgens hen het belangrijkste probleem in de buurt is, waarvan men vindt dat het met voorrang moet worden aangepakt. Het volgende overzicht (figuur 5.9) toont de prioriteiten per wijk die op basis van deze vraag zijn opgesteld. Net als bij de meting in 2017 is parkeeroverlast prioriteit nummer één in Schiedam. Dit is tevens terug te zien in wijken als West en Zuid. Huisvuilproblematiek in de vorm van verkeerd aanbieden van huisvuil en vuilnis naast de container plaatsen is gestegen op de lijst. Te hard rijden staat net als bij de meting in 2017 hoog in de prioriteitenlijst. Hondenpoep en rommel op straat zijn uit de top 3 van Schiedam verdreven, maar dat betekent niet dat dit probleem is verholpen.
Schiedammers geven aan andere buurtproblemen gewoonweg meer prioriteit. In de noordelijk gelegen wijken van Schiedam geven de inwoners aan dat het probleem van gaten en verzakkingen in de bestrating met voorrang moet worden aangepakt. Ook parkeeroverlast, te hard rijden en geluidsoverlast door vliegtuigverkeer zijn in deze wijken heikele punten.
32
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Figuur 5.9 Aan welk buurtprobleem moet de meeste prioriteit worden gegeven? e
2
e
3
e
Wijk
1
Centrum
te hard rijden (22%)
parkeeroverlast (15%)
huisvuilproblematiek (12%)
Oost
huisvuilproblematiek (23%)
te hard rijden (11%)
rommel op straat (10%)
West
parkeeroverlast (36%)
huisvuilproblematiek (14%)
rommel op straat + te hard rijden (8%)
Zuid
parkeeroverlast (24%)
hondenpoep op straat (16%)
te hard rijden (13%)
Nieuwland
huisvuilproblematiek (16%)
rommel op straat (13%)
jongerenoverlast (10%)
Groenoord
te hard rijden (18%)
huisvuilproblematiek (18%)
rommel op straat (11%)
Kethel
geluidsoverlast door vliegtuigverkeer (22%)
te hard rijden (17%)
bestrating/verzakkingen (14%)
Woudhoek
bestrating/verzakkingen (24%)
parkeeroverlast (19%)
te hard rijden (15%)
Spaland/Sveaparken
bestrating/verzakkingen (21%)
te hard rijden (18%)
geluidsoverlast door vliegtuigverkeer (18%)
Schiedam
parkeeroverlast (16%)
huisvuilproblematiek (13%)
te hard rijden (12%)
Verloedering De frequentie waarmee volgens inwoners bepaalde voorvallen of vervelende situaties in de buurt voorkomen, bepaalt mede de beleving van de fysieke kwaliteit van een buurt. Om dit te meten is een rapportcijfer berekend voor de mate van verloedering in een buurt. Het rapportcijfer voor verloedering is opgebouwd uit de frequenties waarmee de volgende voorvallen of situaties voorkomen: bekladding van muren en/of gebouwen; rommel op straat; hondenpoep op straat; vernieling van straatmeubilair.
Rapportcijfer verloedering: 6,1 Schiedam behaalt in 2019 met een 6,1 een krappe voldoende. Kijkend naar de periode vanaf het jaar 2002 kan gesteld worden dat de mate van verloedering nog nooit zo laag is geweest. Toch doet Schiedam het in dit opzicht niet heel goed. Uit landelijk onderzoek is bekend dat Schiedam onder het landelijk gemiddelde scoort.
33
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Figuur 5.10 Ontwikkeling rapportcijfer verloedering 6,6 6,4 6,2 6,0 5,8 5,6 5,4 5,2 5,0 4,8 2019
2018
2017
2016
2015
2014
2013
2012
2011
2010
2009
2008
2007
2006
2005
2004
2003
2002
4,6
De aspecten rommel op straat en hondenpoep zijn al jaren een doorn in het oog van menig Schiedammer. De rapportcijfers voor deze hinderlijke aspecten (respectievelijk 4,3 en 5,0) beïnvloeden de mate van verloedering zeer ongunstig. Bovendien neemt de rommel op straat naar de mening van inwoners de laatste jaren toe. Hondenpoep op straat is volgens hen afgenomen. Vernieling van straatmeubilair en bekladding van muren en/of gebouwen komen veel minder vaak voor (rapportcijfers respectievelijk 6,9 en 8,1).
Figuur 5.11 Rapportcijfer verloedering naar wijk
Wijk Centrum Oost West Zuid Nieuwland Groenoord Kethel Woudhoek Spaland/Sveaparken Schiedam
2017 5,9 5,2 5,8 5,4 5,8 5,8 6,7 6,2 6,7 5,9
2019 6,1 5,6 6,2 5,5 5,7 5,8 7,2 6,8 6,8 6,1
In bijna alle wijken, op Nieuwland en Groenoord na, is het rapportcijfer voor verloedering verbeterd. Waar in de meeste wijken de onderliggende buurtproblemen minder vaak zijn voorgekomen, is dat voor Nieuwland en Groenoord niet altijd het geval. Rommel op straat is in Groenoord zelfs fors toegenomen en in Nieuwland geldt dat voor vernieling van straatmeubilair. In Kethel en Woudhoek zijn de opvallend betere cijfers volgens de inwoners het gevolg van minder bekladding, vernieling en hondenpoep op straat.
34
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Overlast Een ander aspect dat mede bepalend is voor het woongenot en de leefbaarheid in een wijk of buurt, is de mate van overlast die inwoners ervaren. Hiervoor is eveneens een rapportcijfer berekend op basis van de vraag hoe vaak bepaalde vormen van overlast voorkomen in de buurt. Het gaat om de volgende overlastsituaties: overlast van groepen jongeren; geluidsoverlast door omwonenden; overige overlast door omwonenden.
Rapportcijfer overlast: 6,8
Het rapportcijfer overlast geeft aan in welke mate inwoners overlast ervaren. De score ontwikkelde zich vanaf 2009 tot en met 2017 zeer ongunstig. De licht verbeterde score in de huidige meting wordt veroorzaakt door een positievere score op overlast van groepen jongeren. Over het algemeen ervaren Schiedammers hier minder overlast van dan in 2017. De andere twee aspecten van overlast zijn ongeveer gelijk gebleven. Dit betekent voor het eerst in jaren dat er sprake is van een gunstige ontwikkeling. In diverse wijken van Schiedam is deze positieve ontwikkeling terug te zien (figuur 5.13). Figuur 5.12 Ontwikkeling rapportcijfer overlast 7,8 7,6 7,4 7,2 7,0 6,8 6,6
35
2019
2018
2017
2016
2015
2014
2013
2012
2011
2010
2009
2008
2007
2006
6,4
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Figuur 5.13 Rapportcijfer overlast naar wijk
Wijk Centrum Oost West Zuid Nieuwland Groenoord Kethel Woudhoek Spaland/Sveaparken Schiedam
2017 6,4 5,8 7,1 6,8 6,1 6,7 7,6 7,5 7,6 6,7
2019 6,6 6,0 7,1 6,7 6,3 6,6 7,3 8,0 7,9 6,8
Toch vallen enkele zaken op. In Centrum en West ervaart men iets vaker geluidsoverlast door omwonenden en overige overlast komt vaker voor in Zuid. In Nieuwland is minder vaak sprake van jongerenoverlast. Toch had het rapportcijfer voor deze wijk nog hoger kunnen uitvallen als de overige overlast door omwonenden zich eveneens gunstig had ontwikkeld. De scores voor Kethel, Woudhoek en Spaland/Sveaparken waren al goed te noemen en zijn bij de laatste twee genoemde wijken sinds de vorige meting zelfs nog verder gestegen. In Kethel geven inwoners aan iets vaker (geluids)overlast door omwonenden te ervaren.
Woonoverlast Om de effecten van de bestrijding van woonoverlast in Schiedam te kunnen monitoren, is een rapportcijfer berekend gebaseerd op de volgende buurtproblemen: overlast van groepen jongeren; geluidsoverlast door omwonenden; overige overlast door omwonenden; lawaai op straat; andere vormen van geluidsoverlast; overlast van zwervers/daklozen. Dit rapportcijfer is eveneens berekend voor de twee voorgaande metingen in 2015 en 2017. Op die manier kan de ontwikkeling van woonoverlast gemonitord worden. Figuur 5.14 Ontwikkeling rapportcijfer ‘woonoverlast’ 8,0 7,8 7,6 7,4 7,2 7,0 6,8 6,6 6,4 6,2 6,0 2015
2016
2017
36
2018
2019
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
De meting in 2017 geeft op vele gebieden de minst positieve resultaten te zien. Dat blijkt voor woonoverlast niet anders te zijn. Figuur 5.15 geeft bij de huidige meting een lichte verbetering weer. Vooral jongerenoverlast en andere vormen van geluidsoverlast komen volgens de respondenten minder vaak voor. Van zwervers/daklozen ondervinden Schiedammers weinig overlast, maar wel iets vaker dan in 2015 en 2017. Figuur 5.15 Rapportcijfer woonoverlast naar deelaspecten
Wijk overlast van groepen jongeren geluidsoverlast door omwonenden overige overlast door omwonenden lawaai op straat andere vormen van geluidsoverlast overlast van zwervers / daklozen Schiedam
2015 6,0 6,2 7,1 6,3 7,2 9,2 7,0
2017 5,7 5,7 6,6 5,8 6,6 9,1 6,6
2019 6,3 5,7 6,6 5,9 7,0 8,8 6,7
Op wijkniveau is het rapportcijfer in diverse wijken gestegen. Dit is vooral het gevolg van de afgenomen jongerenoverlast. In Zuid is dit echter niet afgenomen, evenals meerdere aspecten van woonoverlast, waardoor het ‘overall’ rapportcijfer woonoverlast in Zuid is gedaald. Figuur 5.16 Rapportcijfer woonoverlast naar wijk
Wijk Centrum Oost West Zuid Nieuwland Groenoord Kethel Woudhoek Spaland/Sveaparken Schiedam
2017 6,1 5,6 6,9 6,7 6,2 6,8 7,1 7,5 7,4 6,6
2019 6,1 5,8 7,0 6,5 6,0 6,8 7,5 8,0 7,9 6,7
Ondanks dat het rapportcijfer voor woonoverlast in Oost is gestegen, betreft het het laagste cijfer van Schiedam. Inwoners hebben vooral te maken met lawaai op straat, geluidsoverlast en overige overlast door omwonenden, waardoor deze wijk negatief scoort.
Verkeersoverlast Het rapportcijfer voor verkeersoverlast is op dezelfde wijze op basis van een aantal vragen samengesteld en geeft aan in welke mate inwoners hinder van verkeer ervaren. Hoe lager het rapportcijfer, hoe meer overlast men ervaart. Het rapportcijfer voor verkeersoverlast is gebaseerd op de vragen naar: agressief verkeersgedrag; geluidsoverlast door autoverkeer; te hard rijden; parkeeroverlast.
Rapportcijfer verkeersoverlast: 5,7
37
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Het rapportcijfer voor verkeersoverlast komt in de gemeente Schiedam uit op een 5,7. Dat is gelijk aan de meting van 2017. Toch is het rapportcijfer in het verleden weleens hoger geweest. In paragraaf 5.3 van dit rapport is te lezen dat de prioriteit in de ogen van inwoners onder andere op de aanpak van parkeeroverlast en te hard rijden zou moeten liggen. Ook bij de berekening van het rapportcijfer voor verkeersoverlast blijkt dat inwoners de grootste hinder hebben van te hard rijden (rapportcijfer: 4,6) en parkeeroverlast (rapportcijfer: 5,5). Figuur 5.17 Ontwikkeling rapportcijfer verkeersoverlast 6,6 6,4 6,2 6,0 5,8 5,6 5,4 5,2 5,0 2019
2018
2017
2016
2015
2014
2013
2012
2011
2010
2009
2008
2007
2006
4,8
Op wijkniveau is de situatie als volgt: Figuur 5.18 Rapportcijfer verkeersoverlast naar wijk
Wijk Centrum Oost West Zuid Nieuwland Groenoord Kethel Woudhoek Spaland/Sveaparken Schiedam
2017 5,3 5,1 5,4 5,0 5,9 5,8 6,0 6,1 6,2 5,7
2019 5,2 5,5 5,4 4,9 5,9 6,0 6,0 6,3 6,3 5,7
Wijk Oost laat een sterke verbetering van het rapportcijfer zien. Alle vier onderliggende aspecten van verkeersoverlast worden minder vaak ervaren in vergelijking met de meting van 2017. Desondanks is een rapportcijfer 5,5 laag te noemen. Centrum, West en Zuid laten wat betreft verkeersoverlast nog slechtere cijfers zien. Met name in Zuid ervaren inwoners veel parkeeroverlast (rapportcijfer: 3,9) en overlast van automobilisten die te hard rijden (rapportcijfer: 3,8). Ook ondervindt men in West veel parkeeroverlast (rapportcijfer: 3,7). In de wijken van Schiedam-Noord zijn de rapportcijfers voor verkeersoverlast wat gunstiger. Echter ook hier scoren te hard rijden en parkeeroverlast zeer matig.
38
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
6
Welzijn en samen leven Het algehele welzijn van de mensen wordt in grote mate bepaald door hun fysieke en mentale gezondheid. Vele factoren hebben hier invloed op, zowel interne als externe. Voorbeelden van interne factoren zijn voeding en leefstijl. Bij externe factoren kan worden gedacht aan de leefomgeving en voorzieningen in de buurt. Ook de mate waarin Schiedammers deelnemen aan de maatschappij is relevant. Daarover gaat dit hoofdstuk.
6.1 Algemene gezondheid Ruim driekwart van de Schiedammers (77%) beoordeelt de eigen gezondheid als goed tot heel goed. Eén op de vijf (19%) zegt ‘niet goed, maar ook niet slecht’ en 3% geeft aan over een slechte gezondheid te beschikken. Deze score is iets beter dan bij de vorige meting in 2017, toen 75% aangaf de eigen gezondheid als (heel) goed te ervaren. De huidige score ligt nog iets onder het landelijk gemiddelde (79%). Figuur 6.1 Ervaren gezondheid
3% 19% (heel) goed Hoe is over het algemeen uw gezondheid?
gaat wel / soms goed en soms slecht slecht
77%
De beoordeling van de eigen gezondheid heeft een sterke relatie met de sociaal-economische positie van mensen. Bijna de helft van de personen die aangeven een laag inkomen te hebben, beoordeelt de eigen gezondheid niet positief, tegenover 8% van degenen met een hoog inkomen. Bij respondenten met een gemiddeld inkomen is dit 18%. Vrouwen en mannen zijn over het algemeen even positief over hun gezondheid. Bij vrouwen met een laag inkomen is dit echter anders: zij zijn minder positief over de eigen gezondheid dan mannen. Figuur 6.2 Percentage dat een (heel) goede gezondheid ervaart, naar geslacht
94%
92%
82%
81% 57%
laag inkomen
49%
gemiddeld inkomen hoog inkomen
man
vrouw
39
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Zoals verwacht hangt de ervaren gezondheid ook sterk samen met leeftijd. Tot de leeftijd van 65 jaar zijn er echter geen grote verschillen te zien. Het is wel zo dat jongere mensen vaker aangeven over een ‘zeer goede’ gezondheid te beschikken dan oudere mensen; zij antwoorden vaker met ‘goed’. Onder personen jonger dan 35 jaar geeft 81% aan een (zeer) goede gezondheid te hebben. Onder de bevolking tussen de 50 en de 65 jaar ligt dit percentage op 77%. Bij 65-plussers ligt het aandeel dat de eigen gezondheid als positief ervaart met 64% duidelijk lager en dit percentage daalt gestaag naarmate de leeftijd toeneemt.
6.2 Belemmeringen in het dagelijks leven Onderstaande figuur geeft weer in welke mate specifieke problemen de inwoners van de stad belemmeren in hun dagelijkse leven. Een kwart van de Schiedammers geeft aan licht tot ernstig te worden belemmerd door een slechte lichamelijke conditie en 15% door psychische problemen. Landelijk ligt het percentage dat een lichamelijk slechte conditie als belemmering ervaart iets hoger, maar Schiedam heeft dan ook een iets jongere bevolking dan gemiddeld. Het aandeel dat (licht) belemmerd wordt door psychische problemen ligt in lijn met het landelijk gemiddelde. Ruim één op de tien Schiedammers (11%) geeft aan licht tot ernstig te worden belemmerd door een beperkte kennis van de Nederlandse taal en cultuur. Daarnaast geeft ook bijna één op de vijf inwoners (19%) aan te worden belemmerd door een gevoel ‘er niet bij te horen’. Ook geeft bijna één op de vijf Schiedammers (19%) aan te worden belemmerd door geldproblemen. Figuur 6.3 Ervaren belemmeringen in het dagelijks leven
slechte lichamelijke conditie
76
20
5
psychische problemen
86
11 4
beperkte kennnis van de Nederlandse taal/cultuur
89
8 3
geldproblemen
81
16
gevoel 'er niet bij te horen'/'niet thuis te voelen'
81
15 4
0% nauwelijks tot geen belemmering
20%
40%
lichte belemmering
60%
80%
3
100%
ernstige belemmering
Onder verschillende leeftijdscategorieën en het al dan niet hebben van een migratieachtergrond worden interessante verschillen zichtbaar.
40
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Figuur 6.4 Ervaren belemmeringen in het dagelijks leven, naar leeftijdscategorie en herkomst
<35 jr. 35-49 jr. Slechte lichamelijke 50-64 jr. conditie 65+ jr. Nederlands Migratieachtergrond <35 jr. 35-49 jr. Psychische problemen 50-64 jr. 65+ jr. Nederlands Migratieachtergrond <35 jr. 35-49 jr. Beperkte kennis van 50-64 jr. de Nederlandse 65+ jr. taal/cultuur Nederlands Migratieachtergrond <35 jr. 35-49 jr. 50-64 jr. Geldproblemen 65+ jr. Nederlands Migratieachtergrond <35 jr. 35-49 jr. Gevoel ‘er niet bij te 50-64 jr. horen’ / ‘niet thuis te 65+ jr. voelen’ Nederlands Migratieachtergrond 0% licht belemmerd
10%
20%
30%
40%
ernstig belemmerd belemmerd
De mate waarin men wordt belemmerd door een slechte lichamelijke conditie neemt met de jaren toe. Dit geldt echter niet voor de jongste categorie tot 35 jaar; zij worden juist vaker belemmerd door een slechte lichamelijke conditie dan de groep 35 tot en met 49 jaar. Van de 65-plussers geeft bijna één op de drie (32%) aan licht belemmerd te worden en 8% ervaart ernstige belemmeringen. Met name jongeren tot 35 jaar geven aan licht tot ernstig te worden belemmerd door psychische problemen, in totaal bijna een kwart (24%). Naarmate de leeftijd stijgt, neemt het aandeel inwoners met psychische problemen af. Schiedammers met een migratieachtergrond geven vaker aan
41
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
belemmerd te worden door psychische problemen dan Schiedammers met een Nederlandse achtergrond. Dit komt met name door het aandeel jongeren dat aangeeft ernstig belemmerd te worden door psychische problemen; dat ligt met 10,6% aanzienlijk hoger dan het aandeel onder jongeren met een Nederlandse achtergrond (2,3%). Ook de mate waarin Schiedammers worden belemmerd door een beperkte kennis van de Nederlandse taal en cultuur hangt sterk samen met leeftijd. Een nog sterkere samenhang is te zien met het al dan niet hebben van een migratieachtergrond. Ook onder deze groep zijn de twee jongste leeftijdscategorieën oververtegenwoordigd en de oudste twee groepen ondervertegenwoordigd. Onder jongeren tot 35 jaar geeft 19% aan zich licht tot ernstig beperkt te voelen en onder personen met een migratieachtergrond ligt dit totaal op 25%. Wanneer deze twee achtergrondvariabelen worden gecombineerd, dan blijkt dat ruim een derde van de jongeren met een migratieachtergrond zich in meer of mindere mate belemmerd voelt in het dagelijks leven door een beperkte kennis van de Nederlandse taal en cultuur. Het zijn ook vooral jongeren tot 35 jaar en Schiedammers met een migratieachtergrond die aangeven te worden belemmerd door het gevoel ‘er niet bij te horen’: in totaal 29%, respectievelijk 28%.
Jongeren met een migratieachtergrond ervaren dit het vaakst; van hen geeft zelfs een kwart aan zich door dit gevoel licht belemmerd te voelen en ruim 12% geeft aan zich ernstig belemmerd te voelen. Tot slot is gevraagd in hoeverre men in het dagelijks leven wordt belemmerd door geldproblemen. Hoe jonger de leeftijdscategorie, hoe hoger het aandeel dat aangeeft in meer of mindere mate te worden belemmerd door geldproblemen. Dit is geen verassende uitkomst, aangezien de meeste mensen met de jaren kapitaalkrachtiger worden. Toch geven jongeren niet vaker dan de oudere leeftijdsgroepen aan een laag inkomen te hebben. Bovendien zijn jongeren gemiddeld hoger opgeleid, al hoeft zich dit aan het begin van de carrière niet direct te vertalen in een hoger inkomen. Mogelijk streven zij een luxere leefstijl na dan ouderen en ervaren zij daarom meer financiële belemmeringen. Ook voor inwoners met een migratieachtergrond geldt dat ze relatief veel worden belemmerd door geldproblemen, zelfs nog meer dan jongeren tot 35 jaar. Doordat Schiedammers met een migratieachtergrond relatief jong zijn, zijn ze gemiddeld ook hoger opgeleid. Toch geeft een kwart van de personen met een migratieachtergrond aan een laag inkomen te hebben, tegenover 14% van de personen met een Nederlandse achtergrond. Daarnaast is gevraagd in hoeverre men goed kan rondkomen van zijn of haar geld.
Zoals te verwachten was, is het verschil tussen personen met een laag inkomen en personen met een hoog inkomen erg groot. Van de personen met een laag inkomen geeft slechts 30% aan (zeer) goed te kunnen rondkomen. Onder personen met midden- en hoog inkomens ligt dit percentage respectievelijk op 79% en 95%. Figuur 6.5 Ervaren belemmeringen in het dagelijks leven Kan (zeer) goed rondkomen van
5%
(zeer) goed
zijn of haar geld:
95%
23%
79% niet goed, niet slecht 72%
30% (zeer) slecht
42
hoog midden laag inkomen inkomen inkomen
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
6.3 Sociale contacten en eenzaamheid Sociale contacten Schiedammers hebben nu iets vaker sociale contacten dan bij het vorige onderzoek. In vergelijking met 2017 zeggen meer inwoners minimaal één keer per maand contact te hebben met familie of vrienden. Voor contacten met familieleden steeg dit percentage van 90,7% naar 93,6%, voor contacten met vrienden en kennissen van 90,9% naar 92,2%.
93,6% heeft minimaal één keer per maand contact met familieleden (2017: 90,7%)
92,2% heeft minimaal één keer per maand contact met vrienden/kennissen (2017: 90,9%) Regelmatig sociaal contact komt het minst voor in Nieuwland (vooral in de Wibautbuurt en de Staatsliedenbuurt), Groenoord (vooral in Groenoord-Midden en Groenoord-Zuid) en Oost (vooral in de buurten Rotterdamsedijk en Newtonbuurt). In Woudhoek (vooral in de Toneelspelersbuurt en de Botenbuurt) en Spaland/Sveaparken (vooral in De Gaarden/Sveafors) hebben de inwoners het vaakst sociale contacten. Wel zijn er verschillen tussen groepen Schiedammers. Zo hebben vrouwen vaker contact met familieleden dan mannen. Ook hebben zij iets vaker contact met vrienden en goede kennissen, maar op dit punt zijn de verschillen met mannen kleiner. Zowel ouderen als inwoners van 35 tot en met 49 jaar hebben iets minder vaak contact met familie en vrienden dan andere leeftijdsgroepen. Veel ouderen hebben enerzijds te maken met een afnemende mobiliteit, waardoor het bezoeken van vrienden en familie lastiger wordt. Anderzijds zien zij steeds meer leeftijdsgenoten overlijden, waardoor hun sociale kring kleiner wordt. Veel dertigers en veertigers maken juist de drukste fase van hun leven door – vaak zowel thuis als op het werk – en hebben daardoor mogelijk minder tijd voor sociale contacten.
Hoe hoger het inkomen en/of het opleidingsniveau (dat immers grote invloed heeft op het inkomen), hoe vaker men contact heeft met vrienden of familie. Bezoek ontvangen of samen iets ondernemen kost bijna altijd geld en dat maakt het voor mensen met lage inkomens lastiger om veel sociale contacten te onderhouden. Tot slot hebben Schiedammers met een migratieachtergrond minder vaak contact met familie en vrienden dan Schiedammers met een Nederlandse achtergrond.
Eenzaamheid Bijna één op de negen Schiedammers (10,6%) is eenzaam, net als bij de vorige meting in 2017. Dit percentage is het gemiddelde van de scores op de vijf stellingen uit figuur 6.6. Gunstiger dan in 2017 zijn de scores voor de stellingen ‘ik heb behoefte aan meer contact met mensen’ (was 17,4%) en ‘er zijn maar weinig mensen waarmee ik kan praten’ (was 16,9%). Tegelijkertijd is de score voor ‘ik voel mij gesteund door familie en/of vrienden’ minder gunstig dan in 2017 (aandeel ‘(zeer) oneens’ is gestegen van 5,1% naar 6,0%), evenals de score voor ‘ik voel me vaak in de steek gelaten’ (was 6,4%). De score voor de stelling ‘er is niemand die speciaal belangstelling voor me heeft’ vrijwel gelijk gebleven (was 7,2%).
43
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
De eenzaamheid is het grootst in Nieuwland (vooral in de Wibautbuurt en Spieringshoek) en Oost (vooral in het Singelkwartier). In Spaland/Sveapaken (vooral in De Gaarden/Sveafors en in Sveaborg en -Dal) en Woudhoek (vooral in de Botenbuurt en de Ambachtenbuurt) komt eenzaamheid het minst voor. Figuur 6.6 Stellingen over eenzaamheid
Ik heb behoefte aan meer contact met mensen Er zijn maar weinig mensen waarmee ik kan praten Er is niemand die speciaal belangstelling voor me heeft
16,8% 15,8% 7,3%
Ik voel me vaak in de steek gelaten
7,0%
Ik voel mij gesteund door familie en/of vrienden (% (zeer) oneens)
6,0% 0%
10%
20%
Ook wat betreft eenzaamheid zijn er verschillen tussen groepen Schiedammers. Zo zijn mannen vaker eenzaam dan vrouwen: 12,5% van de mannen tegenover 9,1% van de vrouwen. Jongeren zijn bijna twee keer zo vaak eenzaam als ouderen, zoals blijkt uit figuur 6.7. Enerzijds hebben jongeren relatief vaak geen levenspartner. Anderzijds zou het kunnen dat de sociale druk juist onder deze groep, die het meest gebruik maakt van sociale media, het grootst is. Schiedammers met een laag inkomen zijn ruim twee keer zo vaak eenzaam als Schiedammers met een middeninkomen, zoals blijkt uit figuur 6.8, en bijna vier keer zo vaak als Schiedammers met een hoog inkomen. Wat betreft opleidingsniveau zien we een vergelijkbaar patroon, al zijn de verschillen minder extreem: van de ‘laagopgeleiden’ is 13,0% eenzaam, van de middelbaar opgeleiden 10,6% en van de hoogopgeleiden 9,0%. Tot slot zijn Schiedammers met een migratieachtergrond twee keer zo vaak eenzaam als Schiedammers met een Nederlandse achtergrond. Figuur 6.7 Eenzaamheid naar leeftijd
Figuur 6.8 Eenzaamheid naar inkomen
17,8% 14,6% 10,6% 8,3%
8,0%
7,9%
4,9%
< 35 jaar
35-49 jaar
50-64 jaar
65+
laag inkomen
44
gemiddeld inkomen
hoog inkomen
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Als we deze achtergrondkenmerken combineren, zien we onder sommige groepen een zeer hoge eenzaamheid. Zo is van de jongeren tot 35 jaar met een migratieachtergrond 19,6% eenzaam, tegenover 8,0% van de jongeren met een Nederlandse achtergrond. Van de 65-plussers met een migratieachtergrond is 14,5% eenzaam, tegenover 6,4% van de 65-plussers met een Nederlandse achtergrond. Onder Schiedammers met een migratieachtergrond is de minst eenzame leeftijdscategorie die van 50 tot en met 64 jaar (10,6%); onder de Schiedammers met een Nederlandse achtergrond zijn dat de 65-plussers (6,4%).
6.4 Participatiesamenleving Van een verzorgingsstaat verandert Nederland steeds meer in een samenleving waarin participatie centraal staat. Het voorzien in elkaars welzijn is hierin een belangrijke factor. Met het oog op deze verschuiving is Schiedammers gevraagd of zij actief zijn als vrijwilliger of mantelzorger en in hoeverre zij culturele activiteiten ondernemen in hun dagelijks leven. Figuur 6.9 Aandeel vrijwilligers en mantelzorgers
25% is Mantelzorger
27% is Vrijwilliger
Het aandeel vrijwilligers is door de jaren heen redelijk stabiel. Net als bij de vorige meting in 2017 ligt het percentage op 27%. Naarmate de leeftijd vordert, neemt het aandeel dat vrijwilligerswerk doet toe. Onder de 65-plussers is ruim een derde actief als vrijwilliger, tegenover 17% onder de groep jonger dan 35 jaar. Het aandeel mantelzorgers blijft ook redelijk stabiel. Een kwart van de Schiedammers geeft aan mantelzorg te verlenen aan een familielid, vriend of kennis die langdurig ziek is. Met name personen van 50 tot en met 64 jaar geven betrekkelijk vaak aan mantelzorger te zijn (35%). Deze leeftijdsgroep heeft vaak te maken met ouders van een hoge leeftijd, die over het algemeen zorgbehoevend zijn. Figuur 6.10 Aandeel dat deelneemt aan culturele en/of creatieve activiteiten (museum, concert, theater, etc.) Gaat zelden/nooit:
27%
33%
minstens 1 keer per maand
40% 25%
paar keer per jaar 14% 41%
zelden/nooit
45
hoog midden laag inkomen inkomen inkomen
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Op de vraag in hoeverre men deelneemt aan culturele en/of creatieve activiteiten, zoals bezoek aan het theater of de bioscoop, geeft bijna driekwart van de Schiedammers (74%) aan dit minimaal een aantal keer per jaar te doen. Dit is iets meer dan in 2017; toen was dit 69%. Ruim een kwart (27%) zegt zelden tot nooit dergelijke activiteiten te ondernemen (dit was 31%). Met name de hoogte van het inkomen is van invloed op deelname aan culturele activiteiten. Onder personen met een hoog inkomen zegt 14% (bijna) nooit culturele activiteiten te ondernemen terwijl dit aandeel bij mensen met een laag inkomen op 40% ligt.
46
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Bijlage: wijk- en buurtindeling Schiedam Wijk 1: Centrum 00 Binnenstad 21 Brandersbuurt 22 Walvisbuurt 23 De Plantage
Wijk 5: Nieuwland 62 Spieringshoek 63 Staatsliedenbuurt 64 Vakbondsliedenbuurt 65 Hollandiabuurt 66 Schiehart 67 Nolensbuurt 68 Wibautbuurt
Wijk 2: Oost 11 Stadserf 12 Natuurkundigenbuurt 13 Singelkwartier 14 Stationsbuurt 15 Wetenschappersbuurt 16 Newtonbuurt 17 Rotterdamsedijk 50 Nieuw-Mathenesse
Wijk 6: Groenoord 72 Groenoord-Zuid 73 Groenoord-Midden 74 Groenoord-Noord Wijk 7: Kethel 71 Parkenbuurt/Bijdorp 75 Kethel-dorp 76 Vogelbuurt 77 Tuindorp 81 Spaanse Polder 82 ‘s-Gravelandsepolder 83 Polderwetering
Wijk 3: West 31 Schildersbuurt 32 Schrijversbuurt 33 Fabribuurt 34 Frankenland 35 Liduinabuurt 36 Nassaukwartier 37 Oranjekwartier 38 Haverschmidtkwartier 39 Distillateursbuurt
Wijk 8: Woudhoek 91 Toneelspelersbuurt 92 Ambachtenbuurt 93 Kastelenbuurt 94 Botenbuurt 99 Noordkethelpolder
Wijk 4: Zuid 41 Noletbuurt 42 Eilandenbuurt 43 Piet Sandersbuurt 44 Maasboulevard 45 Havenbuurt
Wijk 9: Spaland/Sveaparken 95 De Gaarden/Sveafors 96 De Vlinderhoven/Sveaholm 97 De Akkers en De Velden 98 Sveaborg en –Dal
47
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
48
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Bijlage: Rapportcijfers op buurtniveau4 Buurt
Woning
Woonomgeving
Voorzieningen
Veiligheid
Binnenstad
7,4
6,6
7,4
6,2
Natuurkundigenbuurt
7,5
6,4
7,2
5,8
Singelkwartier
7,5
6,4
6,9
6,1
Stations- en Wetenschappersbuurt
6,7
6,2
6,4
6,3
Newtonbuurt
7,3
5,8
6,6
5,4
Rotterdamsedijk
7,6
5,9
6,5
5,7
Brandersbuurt
7,7
6,9
7,6
6,5
Walvisbuurt
7,8
7,6
7,5
7,0
De Plantage
8,3
8,0
8,0
6,9
Schildersbuurt
7,8
6,3
6,2
6,1
Schrijversbuurt
7,3
6,5
6,3
6,4
Fabribuurt
7,9
5,9
6,3
5,5
Frankenland
6,9
6,3
5,8
5,9
Liduinabuurt
8,0
7,4
7,1
7,2
Nassaukwartier
8,3
7,7
7,5
7,1
Oranjekwartier
8,5
8,1
7,5
7,0
Haverschmidtkwartier
8,3
7,8
7,4
7,3
Distillateursbuurt
8,4
7,5
6,4
7,2
Noletbuurt
7,8
6,7
6,8
6,6
Eilandenbuurt
7,5
6,5
6,4
6,7
Piet Sandersbuurt
7,9
6,9
6,8
6,3
Maasboulevard
8,6
7,6
7,1
6,7
Spieringshoek
7,5
7,3
6,5
7,6
Staatsliedenbuurt
7,0
6,2
6,7
6,0
Vakbondsliedenbuurt
7,9
6,8
6,9
6,3
Hollandiabuurt
7,2
7,5
7,0
6,6
Schiehart
7,4
6,7
6,8
6,0
Nolensbuurt
6,8
5,9
7,1
5,7
Wibautbuurt
6,0
4,9
5,8
5,5
Groenoord-Zuid
5,9
5,7
7,1
5,6
Groenoord-Midden
7,7
6,9
7,4
6,4
Groenoord-Noord
7,8
7,1
7,8
6,7
Kethel-dorp
7,7
7,6
7,4
6,9
Vogelbuurt
8,2
8,1
7,8
7,4
Tuindorp
7,2
7,2
7,3
7,0
Toneelspelersbuurt
8,1
7,7
7,5
7,3
Ambachtenbuurt
8,4
7,5
7,2
7,4
Kastelenbuurt
7,9
7,9
7,4
7,3
Botenbuurt
8,2
7,5
7,8
7,4
De Gaarden/Sveafors
8,3
7,8
7,5
7,4
De Vlinderhoven/Sveaholm
8,4
7,8
7,4
7,3
De Akkers en De Velden
8,2
7,6
7,5
7,4
Sveaborg en -Dal
8,5
8,1
7,3
7,3
Schiedam
7,6
6,8
7,0
6,5
4
De CBS-buurten Stadserf, Havenbuurt, Nieuw-Mathenesse, Parkenbuurt/Bijdorp, Spaanse Polder, ’s-Gravelandsepolder, Polderwetering en Noordkethelpolder zijn vanwege het lage aantal respondenten niet opgenomen in de tabel. Stationsbuurt en Wetenschappersbuurt zijn om diezelfde reden samengevoegd.
49
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Buurt5
Sociale cohesie
Verloedering
Overlast
Verkeersoverlast
Binnenstad
5,5
5,7
6,2
5,0
Natuurkundigenbuurt
5,3
6,0
5,1
5,7
Singelkwartier
5,9
5,2
6,4
5,6
Stations- en Wetenschappersbuurt
4,8
5,5
6,8
6,0
Newtonbuurt
4,8
6,1
6,0
5,6
Rotterdamsedijk
4,6
5,3
5,8
5,3
Brandersbuurt
5,5
6,1
6,1
4,8
Walvisbuurt
6,1
6,9
8,2
6,6
De Plantage
7,2
6,8
7,1
4,8
Schildersbuurt
5,6
6,0
6,7
4,8
Schrijversbuurt
6,0
5,6
6,8
5,2
Fabribuurt
4,9
5,1
6,0
5,0
Frankenland
5,7
5,5
5,9
4,4
Liduinabuurt
6,5
7,1
7,8
5,9
Nassaukwartier
6,9
6,9
8,6
6,5
Oranjekwartier
7,4
6,3
8,1
6,7
Haverschmidtkwartier
6,3
6,5
8,2
6,5
Distillateursbuurt
6,3
7,6
7,6
4,8
Noletbuurt
6,5
5,7
7,1
5,3
Eilandenbuurt
6,5
5,2
6,3
5,2
Piet Sandersbuurt
6,7
5,3
6,2
4,8
Maasboulevard
6,7
5,8
6,9
3,4
Spieringshoek
6,3
7,4
9,2
7,3
Staatsliedenbuurt
5,8
6,0
6,9
6,6
Vakbondsliedenbuurt
5,8
7,3
7,8
5,9
Hollandiabuurt
6,3
6,6
7,6
6,3
Schiehart
5,4
5,6
6,6
5,6
Nolensbuurt
5,4
5,1
5,8
5,5
Wibautbuurt
4,8
5,4
5,2
5,7
Groenoord-Zuid
5,5
5,9
5,8
7,6
Groenoord-Midden
5,4
5,7
6,6
5,4
Groenoord-Noord
5,8
5,8
6,9
6,2
Kethel-dorp
6,9
6,8
6,6
5,9
Vogelbuurt
7,5
7,6
8,2
6,2
Tuindorp
6,3
6,6
5,8
5,3
Toneelspelersbuurt
6,8
6,8
8,4
6,4
Ambachtenbuurt
6,4
6,4
8,3
6,4
Kastelenbuurt
6,3
6,8
7,6
6,3
Botenbuurt
6,2
6,9
7,7
6,3
De Gaarden/Sveafors
7,0
7,2
8,2
6,4
De Vlinderhoven/Sveaholm
6,6
6,6
7,2
6,4
De Akkers en De Velden
6,2
6,6
8,0
6,2
Sveaborg en -Dal
7,0
7,0
8,2
6,1
Schiedam
5,9
6,1
6,8
5,7
5
De CBS-buurten Stadserf, Havenbuurt, Nieuw-Mathenesse, Parkenbuurt/Bijdorp, Spaanse Polder, ’s-Gravelandsepolder, Polderwetering en Noordkethelpolder zijn vanwege het lage aantal respondenten niet opgenomen in de tabel. Stationsbuurt en Wetenschappersbuurt zijn om diezelfde reden samengevoegd.
50
Monitor leefbaarheid en veiligheid 2019 – Gemeente Schiedam
Colofon Stadskantoor, Stadserf 1 Postbus 1501, 3100 AE Schiedam 14 010 schiedam.nl
51