CConstaterende datSchiedam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Jaarstukken 2024 SOW

Gemeenteraad 3 juni 2025, gemeente SchiedamBij agendapunt: Raadsbesluit Begroting 2026 en jaarrapportage 2024 GR Stroomopwaarts26.771 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Jaarstukken 2024 SAMEN STERK VOOR WERK

WERKPLEIN

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Jaarstukken 2024 Voorwoord en leeswijzer

Beleidsverantwoording

Stroomopwaarts in beeld

Financieel resultaat

Voorstel resultaatbestemming

Jaarverslag Programmaverantwoording

Inkomen

Werk >

Werkleerbedrijf

Inburgering >

Overhead,

Algemene

vennootschapsbelasting

dekkingsmiddelen >

en onvoorzien Navigatie informatie

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

2

Voorwoord en leeswijzer Stroomopwaarts heeft ‘de weg naar werk’ centraal staan, waarbij iedereen meedoet naar vermogen. De afgelopen jaren is steeds duidelijker geworden dat de doelgroep van Stroomopwaarts is veranderd. Cliënten, die instromen in de uitkering, hebben een veel grotere afstand tot de arbeidsmarkt, veelal vanwege multiproblematiek. Om zoveel mogelijk cliënten een kans te kunnen bieden op de arbeidsmarkt en daarmee een zelfstandig inkomen te verdienen, is dit jaar de interne werkwijze geheel aangepast. Vertrouwen en mogelijkheden staan hierbij centraal. De vereisten om naar werk te kunnen ontwikkelen zijn aangepast aan de huidige doelgroep. Zo zijn de doorlooptijden van trajecten langer geworden om cliënten meer tijd te geven om zich te kunnen ontwikkelen. Cliënten kunnen in hun eigen tempo hun uren in een traject uitbreiden naar het maximaal haalbare aantal uren. We gaan uit van ‘taken’ en niet van ’vacatures’, waardoor we mensen makkelijker kunnen plaatsen bij een werkgever. De interne samenwerking tussen de teams is verbeterd. Als cliënten zover zijn dat ze kunnen doorstromen van ontwikkeling naar werk, dan worden cliënten al in een eerder stadium in contact gebracht met de matchmakers. Hierdoor is de (vertrouwens)band tussen de cliënt en de matchmaker groter en leren beiden elkaar beter kennen. De samenwerking met team Inburgering levert resultaten.

Inburgering is een duaal traject, waarin werk een goede manier is om te participeren in de Nederlandse samenleving. Eind 2024 heeft 20% van de inburgeraars een parttime of fulltime baan naast het inburgeren. Via de beschikbare leerlijnen kunnen inburgeraars zich ontwikkelen en kennismaken met de Nederlandse arbeidsmarkt om vervolgens uit de uitkering uit- of doorstromen naar een betaalde baan.

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

In het verlengde hiervan ligt de sectorale aanpak, waarin we samenwerken met ondernemers en onderwijs. De leerlijnen binnen Stroomopwaarts zijn gerelateerd aan sectoren. Sectoren met de een grote vraag naar medewerkers staan hierbij centraal, zoals de leerlijnen Zorg, Techniek, Transport & Logistiek en zakelijke dienstverlening. Aan elke leerlijn zijn werkgevers gekoppeld en, indien relevant, ook onderwijs, zoals bij de leerlijn Zorg. De benadering van werkgevers vanuit het team Werkgeversdienstverlening is in 2024 aangepast naar de sectorale aanpak. De accountmanager wordt nu dé sectorspecialist op het gebied van participatie en re-integratie, weet precies wat er in de sector speelt en waar wij met onze doelgroep een bijdrage kunnen leveren aan invulling op schaarste profielen. Daarmee heeft de accountmanager een compleet beeld van alle rollen, taken, baanopeningen binnen een sector en weet deze te delen en vermenigvuldigen. De nieuwe Regionale Nota Armoede en Schulden 2025 – 2028 is in 2024 vastgesteld. Uitgangspunt is dat alle inwoners mee kunnen doen in de samenleving. Het verzachten en verminderen van de gevolgen van een laag inkomen en/of schulden, zorgt ervoor dat deze geen belemmering vormen om te participeren in de samenleving. Vinden en hebben van betaald werk is één van de manieren om te participeren en een hoger inkomen te realiseren.

Het is echter van belang om oog te blijven houden voor inwoners, die met betaald werk, net het hoofd boven water kunnen houden. Kinderen die opgroeien in armoede en/of schulden bieden wij zoveel mogelijk kansen, zodat zij volwaardig kunnen deelnemen aan de samenleving. Wij werken mee aan het bieden van een kansrijke start en proberen daarmee dat de overerving van armoede wordt beperkt.

3

In 2024 is besloten het Schuldenlab MVS om te zetten naar een netwerkorganisatie. Stroomopwaarts is in de lead om dit verder op te pakken. Het doel van de netwerkorganisatie is: informeren over actuele ontwikkelingen en projecten rondom armoede en schulden, inspireren van elkaar door uitwisseling, verbinden en versterken van projecten en partners en het initiëren van verbindingen en bewegingen, waaruit projecten kunnen ontstaan die ‘eigendom’ blijven van de partners. Vanaf 1 januari 2024 kunnen ouders zich niet meer melden als mogelijk gedupeerde ouder van de Kinderopvangtoeslagaffaire. Dit betekent niet dat de werkzaamheden van het Meldpunt Slachtoffers Toeslagen afnemen. Het streven van het Kabinet is om in 2025 alle integrale beoordelingen afgerond te hebben. Uiterlijk 2027 moeten ook echt de laatste ouders, die recht hebben op vergoeding van aanvullende schade, zijn gecompenseerd. Ondertussen blijven de medewerkers van het Meldpunt zich nog steeds inzetten om de ouders, hun kinderen en ex-partners te ondersteunen bij het maken van een nieuwe start na de toeslagaffaire.

Stroomopwaarts is trots op de betrokkenheid en inzet van de haar medewerkers om de kwetsbare doelgroep waar zij dagelijks mee werken, zo goed mogelijk te ondersteunen en begeleiden naar het meest haalbare. Elk jaar heeft zijn eigen uitdagingen en ook dit jaar zijn we in staat geweest om met elkaar de kwaliteit van dienstverlening op een hoog niveau te houden! De secretaris, de voorzitter,

Mevrouw N.C. van der Wekken

de heer S.B. Kuiper

Helaas is de oorlog in Oekraïne nog gaande en hebben ook in 2024 leefgeld verstrekt aan Oekraïners.

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Leeswijzer

Stroomopwaarts is verantwoordelijk voor het

De bedragen in de begroting zijn

uitvoeren van een aantal taken en bevoegdheden

weergegeven in € 1.000, tenzij anders

van de gemeenten Maassluis, Vlaardingen

aangegeven. Baten worden positief

en Schiedam binnen het sociaal domein.

weergegeven en lasten worden

Het gaat om de taken op het gebied van de

voorafgegaan door een minteken (-).

Participatiewet, de wetten inkomensvoorziening,

Door afrondingen kunnen kleine

de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, de

verschillen ontstaan.

Wet Inburgering en de Wet kinderopvang.

4

Leeswijzer Voor u liggen de jaarstukken 2024 van de Gemeenschappelijke Regeling Stroomopwaarts, waarin Stroomopwaarts verantwoording aflegt over de uitvoering in de periode januari tot en met december 2024. De jaarstukken rapporteren over het boekjaar 2024. De jaarstukken 2024 zijn opgebouwd conform de begroting van 2024 en bestaan uit de volgende onderdelen: • Beleidsverantwoording • Jaarverslag met daarin: o Programma’s o Paragrafen • Jaarrekening met daarin: o Overzicht van baten en lasten met toelichting o Balans en toelichting o SiSa-bijlage o Baten en lasten per taakveld • Bijlagen

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

De beleidsverantwoording vormt een samenvatting van de belangrijkste keuzes, die Stroomopwaarts in 2024 heeft gemaakt en van uitgevoerde maatregelen die bepalend waren voor het resultaat. Samen met Stroomopwaarts in beeld en Financieel resultaat geeft dit op hoofdlijnen een goed beeld van Stroomopwaarts in 2024. In de programma’s, paragrafen en jaarrekening worden de inspanningen en resultaten gedetailleerder toegelicht en wordt meer verdieping aan de financiën gegeven. De bedragen in tabellen van de Jaarstukken zijn weergegeven in € 1.000, tenzij anders aangegeven. Wanneer een liggend streepje ‘-‘ wordt gebruikt bij bedragen in een tabel, wijst dit op een nadeel. In dat geval is er bij een vergelijking tussen realisatie en begroting sprake van een hogere last of een lagere baat. Tenzij anders aangegeven, hebben alle cijfers betrekking op de periode januari 2024 tot en met december 2024. Door afrondingen kunnen kleine verschillen ontstaan tussen de bedragen in verschillende tabellen.

5

Beleidsverantwoording Realisatie hoofdambities 2024 Vanuit de Strategische Visie Werk en Inkomen 2022-2025 heeft Stroomopwaarts voor 2024 de volgende hoofdambities geformuleerd: a. we presteren beter dan de landelijke trend op het gebied van de uitkeringsontwikkeling; b. er is inzicht voor iedere cliënt en ín iedere cliënt; c. er is sprake van een integrale aanpak en vernieuwende aanpak armoede en schulden; d. er is sprake van een sluitende aanpak met ondernemers, onderwijs en overheid in kansrijke sectoren; e. participeren in de brede wijkaanpak; f. de maatschappelijke effecten van participatie worden inzichtelijk g. gemaakt en participatie wordt vergroot; h. de voorwaarden worden gecreëerd voor een toekomstbestendig Werkleerbedrijf en duurzame huisvesting voor de ambtelijke organisatie; i. er wordt regie gevoerd op een succesvolle inburgering van statushouders en gezinsmigranten; j. het evalueren en waar nodig vernieuwen van het dienstverleningsconcept; we professionaliseren verder, ontwikkelen kwaliteit en brengen rust en focus in de organisatie. a. We presteren beter dan de landelijke trend op het gebied van de uitkeringsontwikkeling In 2024 scoort Stroomopwaarts qua instroom nog steeds beter dan de landelijke trend. De instroom per maand ligt lager met 1,9% onder het gemiddelde van 2,4%.

Bij het afhandelen van de aanvragen wordt gecontroleerd op voorliggende voorzieningen, zoals werk of het recht op een ander type uitkering. De samenwerking met Randstad is ook nog steeds succesvol, waardoor een groot gedeelte van

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

het aantal aanvragen direct bemiddeld worden naar werk en de aanvraag niet leidt tot een uitkering. De uitstroom per maand ligt helaas onder de landelijke trend, namelijk 1,5% t.o.v. landelijk 2,3%. De afgelopen jaren is steeds duidelijker geworden dat inwoners, die onze dienstverlening zoeken voor inkomensvoorziening, meer begeleiding en tijd nodig hebben om (weer) aan het werk te kunnen. Van de nieuwe instroom wordt meer dan de helft overgedragen aan Participatie en Zorg voor een stabilisatieperiode. Het gaat dan om cliënten met (multi) problematiek. Deze groep cliënten hebben een langere weg af te leggen, voordat zij verder ontwikkeld kunnen worden naar werk. b. Er is inzicht voor iedere cliënt en ín iedere cliënt Net als voorgaande jaren blijven we werken met een brede uitvraag op alle levensgebieden om zo een goed beeld van cliënten te krijgen. Bij een groot deel van de inwoners die nu in de bijstand instromen, blijkt er sprake te zijn van (multi)problematiek. Zo mogelijk schakelen wij hierbij onze ketenpartners in voor een goede doorverwijzing voor hulpverlening of begeleiding. Maar ook de cliënten in ons huidig bestand, waarvan de afstand tot de arbeidsmarkt ver(der) weg is, worden uitgenodigd voor gesprekken om ook hun leefgebieden goed in beeld te brengen en na te gaan hoe we onze dienstverlening op deze groep cliënten kunnen aanpassen.

Op deze manier blijven we goed zicht houden op onze cliënten. c. Er is sprake van een integrale aanpak armoede en schulden In samenwerking met de gemeenten, netwerkpartners, participatieraden en inwoners is in 2024 de Regionale Nota Armoede en Schulden 2025 – 2028 opgesteld. In deze nota is de visie binnen de regio de komende 4 jaar inwoners worden ondersteund bij het verzachten van armoede en het voorkomen en/of oplossen van schulden. Het bestrijden van armoede en schulden vraagt om een integrale aanpak van de landelijke en lokale overheid

6

in samenwerking met maatschappelijke organisaties. Kinderarmoede, preventie en vroegsignalering en inwoners met schulden ondersteunen bij het financieel zelfredzaam maken zijn belangrijke onderwerpen in de Nota. d. Er is sprake van een sluitende aanpak met ondernemers, onderwijs en overheid in kansrijke sectoren; De sectorale aanpak is een regionale samenwerking tussen ondernemers, onderwijs en overheid. In 2024 zijn, in overleg met werkgevers en scholen, binnen Stroomopwaarts leerlijnen opgestart, die aansluiten bij de vraag op de arbeidsmarkt, zoals de zorg & dienstverlening, energietransitie-markt, facilitaire dienstverlening en techniek. De scholen ondersteunen hierbij met het bieden van onderwijs. In 2024 is gestart om het Werkgeversservicepunt werkgevers ook via de sectorale aanpak te benaderen om zo een sluitende aanpak te creëren.

toch te kunnen participeren in de maatschappij naar hun vermogen. Afhankelijk van de behoefte en omstandigheden worden diverse trajecten of trainingen ingezet en het contact geïntensiveerd of juist niet. Ook warm doorverwijzen naar sociale partners in de keten wordt actief ingezet. De aansluiting op de wijkaanpak en integrale samenwerking met partners binnen en buiten het Sociale Domein is hiervoor belangrijk. g. We investeren in een toekomstbestendig Werkleerbedrijf In het Werkleerbedrijf zijn niet alleen WSW-medewerkers en medewerkers Nieuw-Beschut aan het werk. Ook cliënten met een grote(re) afstand tot de arbeidsmarkt zetten hier vaak de eerste stappen in de ontwikkeling naar werk door middel ban tijdelijke dienstbetrekkingen aan cliënten uit de banenafspraak. Het Werkleerbedrijf is daarmee het centrum van Stroomopwaarts waar dagelijks veel medewerkers en cliënten aan het werk zijn. We blijven dan ook continue investeren in het vergroten en verbeteren van de productielijnen in het Werkleerbedrijf.

e. Participeren in de brede wijkaanpak Schiedam en Vlaardingen maken onderdeel uit van het Nationaal Programma Leefbaarheid & Veiligheid. Stroomopwaarts is aangesloten bij alle drie de Programma’s in Vlaardingen Westwijk, Schiedam Oost en Schiedam Nieuwland. Ook in Maassluis werkt Stroomopwaarts samen met partijen in het kader van de wijkaanpak. In Vlaardingen heeft Stroomopwaarts geparticipeerd in het Werkfestival. In Schiedam worden vanuit het Nationaal Programma Leefbaarheid & Veiligheid aan activiteiten om volgend jaar uit te voeren, Stroomopwaarts zal ook bij activiteiten in Schiedam participeren.

h. Er wordt regie gevoerd op een succesvolle inburgering van statushouders en gezinsmigranten; Een duaal traject is een verplichting voor inburgering. Participatie is een belangrijk onderdeel van een succesvol inburgeringstraject. Om dit effectief en efficiënt in te zetten binnen het traject van Inburgering, werkt team Inburgering nauw samen met team Ontwikkeling en team Werkgeversdienstverlening. Hierdoor is een goed lopend proces van overdracht opgebouwd. De trajecten zijn laagdrempelig met activiteiten in de wijk of vrijwilligerswerk.

f. De maatschappelijke effecten van participatie worden inzichtelijk gemaakt en participatie wordt vergroot De afgelopen jaren is sterk ingezet op het in beeld brengen van de onze cliënten. Ook in 2024 zijn heel veel cliënten gesproken uit het zittend bestand (ruim 2000), waardoor het inzicht in wat zij nodig hebben om te participeren beter is geworden. Hierdoor zijn steeds meer handvatten beschikbaar om nog meer mogelijkheden te creëren voor mensen met een grote afstand van de arbeidsmarkt om

i. We professionaliseren verder, ontwikkelen kwaliteit en brengen rust en focus brengen in de organisatie Dit jaar is Stroomopwaarts overgegaan op een nieuw financieel systeem. Dit heeft grote inzet gevraagd van bij collega’s bij ICT en Financiën. De implementatie van het systeem is afgerond en werkt naar wens. De informatie voor het opstellen van deze bestuursrapportage is dan ook vanuit dit nieuwe systeem opgeleverd. In het tweede kwartaal is de ontvlechting van het ICT landschap met Vlaardingen uitgerold. Vanaf 1 juli zijn de meeste

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

7

systemen en servers volledig overgezet naar Stroomopwaarts. Een paar restpunten zijn in kwartaal 3 afgerond. Nu is Stroomopwaarts zelfstandig in staat om ICT besluiten te nemen en investeringen te doen om zo de dienstverlening naar de medewerkers van Stroomopwaarts en haar klanten verder te gaan optimaliseren. Het verder professionaliseren van medewerkers door te investeren in onder andere opleidingen en de ontwikkeling van medewerkers is een terugkerend onderwerp en daar is ook dit jaar op geïnvesteerd.

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

8

Stroomopwaarts in beeld CLIENTÈLE UIT PARTICIPATIEWET EN SOCIALE WERKVOORZIENING

19%

Begroting

Realiteit -118.460 -117.471

Inkomen Werk

-10.738 -10.745 -22.589 -21.550

Werkleerbedrijf

Beg ro g tin

Inburgering

31%

22%

Armoede lokaal

19% 11%

Bedragen x € 1.000,-

Aantal aanvragen armoedevoorziening 6.241

18%

24%

INKOMENSONDERSTEUNING

17%

27%

Begroting Realiteit LKS-baan 351 193 Beschut 200 202 SW detachering/BW 129 132 SW productie 247 287 SW diensten 223 254

12%

ziekteverzuim SW 13%

< 14% begroting

-3.491 -1.330 -19.374 -19.760

Overige onderwerpen Subtotaal

-174.653 -170.856

Dekkingsmiddelen

174.653 172.907 0 2.051

Totaal baten en lasten Aantal aanvragen kindregelingen 19.087 Aanvragen armoedevoorziening 6.636 begroting Aanvragen kindregelingen 15.160 begroting

AANTAL UITKERINGSGERECHTIGDEN <5.300 Begroting < 5.204

7% 7% 4%

aantal FTE 404 ziekteverzuim 7,9%

83 .1

.7

10

72

.55 0

Aantal FTE 353 begroting Ziekteverzuim < 7,5% begroting

-2 1

langdurig thuis

Programma 3, Werkleerbedrijf Programma 4, Inburgering Overig Reservemutaties

-5

-7

Tijdelijk Geen

3

leeftijd

Volledig

-20.075

Reali- Begroteit ting

Participatie Ontwikkeling Werkgeverdienstverlening

97

Armoedevoorziening Inkomensvoorziening

- 1 .3 3 0 - 31 5

8

-9 6 . 364

- 17 2 .90 7

Schuldhulpverlening

89% 6

Dekkingsmiddelen Aanvraag

3%

-2 .

90%

ting gro

- 4 .3 8 -2.8289

begeleiding naar werk

Be

92

AMBTELIJKE ORGANISATIE

- 8 .0

ARBEIDSONTHEFFING

94

9

Stroomopwaarts in beeld per 31 december 2024 MAASSLUIS

VLAARDINGEN

SCHIEDAM

Begroting Realiteit Begroting Realiteit Begroting Realiteit Gemiddeld aantal uitkeringen

720

790

2.276

2.318

2.094

2.192

Aantal lopende schuldregelingen

58

48

273

234

240

178

Instroom

142

166

446

468

412

459

Uitstroom

142

-138

446

-419

412

-354

LKS-baan

41

48

107

79

203

85

Beschut werk

31

28

79

82

90

95

STROOMOPWAARTS GEMEENTEN OVERIG

7,5

N.v.t.

8

N.v.t.

<7,5%

7,9%

Absoluut aantal bezwaarschriften

970

401

Het percentage bezwaarschriften dat (ambtelijk of anderszins) gegrond wordt verklaard

<25%

25,8%

Bij het KCC wordt een telefoongesprek direct afgehandeld

60%

Klanttevredenheid commerciële klanten Het ziekteverzuim van het ambtelijk personeel ligt onder het landelijk gemiddelde voor vergelijkbare organisaties

KWALITEIT DIENSTVERLENING

SAMEN STERK VOOR WERK

7%

DEELTIJDARBEID

WERKLEERBEDRIJF

WERKSOORTEN

32%

DEKKINGSGRAAD UIT OMZET WERKLEERBEDRIJF 12% deeltijdarbeid begroting

Cliënttevredenheid (KTO) onder cliënten van de Participatiewet (tweejaarlijks gemeten door BMC)

Realiteit

33% werkleerbedrijf begroting

Catering

Bedrijvenregister

Verpakken

Metaal/montage

Post

Personenvervoer

Grijs/groenvoorziening

Digitalisering

Schoonmaak

Werken op locatie

JAARSTUKKEN 2024

Begroting

Procesbeschrijving

VOOR WIE?

WAT DOEN WE?

HOE DOEN WE HET?

ARBEIDSPARTICIPATIE

Ontwikkelen naar werk, Directe bemiddeling

Assessment, trainingen, competentieontwikkeling, opleidingshuis

Begeleid & Beschut werken

Assemblage, verpakken, Groen & grijs schoonmaak

Activering & vrijwilligerswerk

Toeleiding naar zorg Begeleiding naar PGB

Inburgering

Brede intake, financiële ontzorging Toeleiding inburgeringsexamen

Financieel vangnet

Aanvraag en inkomensbeheer Armoedevoorzieningen Terugvordering en invordering Bijzondere controle

SCHULDEN

Preventie, signaleren & saneren

Preventiebijeenkomsten Vroegsignalering, crisisinterventie Schuldregelingen, nazorg

WERKGEVERS/ WERKLEERBEDRIJF

Sociaal ondernemen, werk uitbesteden & vacaturevervulling

Social return, detachering Accountmanagement

MAATSCHAPPELIJKE PARTICIPATIE

INKOMENSONDERSTEUNING Bijzondere control

Financieel Resultaat Het financieel resultaat over 2024 heeft geleid tot een positief saldo van € 2,1 miljoen. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door incidentele voordelen.

Resultaat 2024 (bedragen x €1.000)

De uitvoeringskosten zijn lager dan voorzien in de 2e begrotingswijziging door drie eenmalige effecten: 0,8 miljoen lagere payrollkosten 2023, 0,3 miljoen lagere uitvoeringskosten steunpunt Kinderopvangtoeslag affaire en 0,9 miljoen hogere loonkostensubsidie. Rekening

Originele

Begroting na Realisatie

Afwijking t.o.v.

(bedragen x €1.000)

2023

Begroting

2e wijziging 2024

begroting na

2024

wijziging

Baten

198.089

182.331

190.389

190.999

610

Lasten

-199.621

-183.152

-191.209

-189.264

1.945

-1.532

-820

-820

1.736

2.556

Onttrekking aan reserves

1.642

820

820

315

-505

Resultaat:

110

-

-

2.051

2.051

Saldo van baten en lasten:

Toevoeging aan reserves

Het financieel resultaat hangt samen met het saldo op de uitvoeringskosten van de dienstverlening. De uitvoeringkosten worden doorbelast op basis van de laatste begrotingswijziging. De netto lasten van de individuele verstrekkingen zoals uitkeringen en loonkostensubsidie worden op basis van de gerealiseerde kosten per gemeente met het Rijk afgerekend en leiden daarom voor Stroomopwaarts niet tot een positief saldo op dit deel van de dekkingsmiddelen. (Zie volgende tabel).

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Lasten

Saldo

Rekening 2024

190.999

-189.264

1.736

Minus: Individuele verstrekkingen

106.200

-106.200

-

Realisatie algemene dienstverlening

84.799

-83.064

1.736

Begroting algemene dienstverlening

83.132

-83.132

-

68

2.051

Ontrekking aan Reserves

Baten en Lasten

Baten

315 Resultaat:

1.982

315

De baten en lasten zijn in deze tabel zijn inclusief de mutaties in de reserves.

Toelichting op de belangrijkste afwijkingen Lasten 2024 lager dan in 2023 De gerealiseerde lasten in 2024 zijn € 8,1 miljoen lager dan 2023. Dit wordt grotendeels verklaard door het wegvallen van de energietoeslag (impact in 2023 was € 15,3 miljoen) en hogere lasten voor uitkeringen € 8,6 miljoen). Lagere uitvoeringskosten dan begroot De uitvoeringskosten zijn € 1,7 miljoen incidenteel lager door incidentele verrekening payroll kosten 2023 (€ 835.000) en door hogere compensatie loonkosten vanuit verstrekkingen loonkostensubsidie (€ 880.000). De administratieve achterstand is weggewerkt. Deze loonkostensubsidie wordt direct met gemeenten verrekend, die daarvoor op basis van realisatie door het Rijk worden gecompenseerd. Minder onttrekking uit reserves door lagere uitvoeringkosten TOZO en KOTA Doordat de uitvoeringskosten voor Kinderopvangtoeslagaffaire € 286.000 lager zijn dan de normbedragen vanuit het Rijk is er geen onttrekking vanuit de reserve kinderopvangtoeslag (begroot was € 337.000). Ook de onttrekking vanuit de reserve uitvoeringskosten TOZO is € 152.000 lager door lagere uitvoeringskosten.

12

De hoofdlijnen per programma zijn weergegeven in onderstaande tabel. In de programmaverantwoording worden de financiële resultaten van de exploitatie per programma verder toegelicht.

Gerealiseerd saldo baten en lasten, reservemutaties en resultaat per programma Totaal programma's

Originele Begroting 2024

Begroting na 2e wijziging

(bedragen x 1.000)

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

P1. Inkomen

2.551

-112.459

-109.908

6.749

-125.210

-118.460

7.898

-125.369

-117.471

1.148

-159

989

P2. Werk

3.461

-15.916

-12.455

2.336

-13.074

-10.738

2.606

-13.351

-10.745

270

-276

-7

P3. Werkleerbedrijf

9.124

-28.908

-19.783

6.651

-29.240

-22.589

7.212

-28.761

-21.550

561

479

1.039

P4. Inburgering

Realisatie 2024

Verschil met BW2

0

-4.955

-4.955

0

-3.491

-3.491

0

-1.330

-1.330

0

2.161

2.161

167.175

0

167.175

174.653

0

174.653

172.907

0

172.907

-1.746

0

-1.746

Overhead

20

-20.714

-20.694

0

-20.039

-20.039

378

-20.453

-20.075

378

-414

-36

Vennootschapsbelasting

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Onvoorzien

0

-200

-200

0

-155

-155

0

0

0

0

155

155

182.331

-183.152

-820

190.389

-191.209

-820

190.999

-189.264

1.736

610

1.945

2.556

820

0

820

820

0

820

315

0

315

-505

0

-505

183.152

-183.152

0

191.209

-191.209

0

191.314

-189.264

2.051

105

1.945

2.051

Algemene dekkingsmiddelen

Totaal baten en lasten: Reservemutaties Geraamd resultaat:

Het saldo van baten en lasten per programma geeft een positief beeld van € 2.556.000 voor reservemutaties. Deze reservemutaties zijn lager dan begroot door lagere uitvoeringskosten voor het meldpunt Kinderopvangtoeslagaffaire en TOZO. Het positieve saldo van Inkomen (€ 989.000), Werkleerbedrijf (€ 1.039.000) en Inburgering (€ 2.161.000) leidt door de doorbelasting op basis van de gerealiseerde individuele verstrekkingen per gemeente direct tot lagere gemeentelijke bijdrage (-€ 1.746.000). In de programmaverantwoording worden de grote afwijkingen met 2e begrotingswijziging (nov 2024) toegelicht.

Verhouding incidentele en structurele baten en lasten Baten en Lasten

Begroting na 2e wijziging

(bedragen x €1.000)

Incidentieel

Realisatie 2024

Structureel

Incidentieel

Structureel

Baten

1.938

188.451

2.196

189.728

Lasten

-2.788

-188.421

-508

-189.681

Saldo van baten en lasten:

-850

30

1.688

48

Toevoeging aan reserves

820

-

315

-

-30

30

2.003

48

Resultaat:

De tabel toont de verhouding tussen incidentele en structurele baten en lasten. Hieruit blijkt dat het resultaat in 2024 het gevolg is van een positief saldo van incidentele baten en lasten. De structurele baten en lasten zijn in evenwicht.

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

13

Verkorte balans 2024 Financiële positie Ten opzichte van 31 december 2023 nam de totale balansomvang af met € 11,3 miljoen. De belangrijkste oorzaken hiervoor waren een afname van € 8,5 miljoen van de uitzettingen korter dan 1 jaar en een daling van de overlopende passiva van € 10 miljoen. Een deel van deze mutatie is te verklaren € 16 miljoen voor de uitbetaling van energietoeslag 2023 die voor een deel in 2024 is betaald en het resterende bedrag met de gemeenten is verrekend.

Verkorte balans Gemeenschappelijke regeling Stroomopwaarts MVS

Het eigen vermogen is toegenomen met € 2,1 miljoen, in afwachting van de resultaat bestemming.

VLOTTENDE ACTIVA

ACTIVA

31-12-

31-12-

PASSIVA

31-12-

31-12-

(bedragen x 1.000)

2024

2023

(bedragen x 1.000)

2024

2023

VASTE ACTIVA - Materiële vaste activa

Totaal vaste activa

- Voorraden

§ Paragrafen € Jaarrekening

1.736

2.070

46

46

- Eigen vermogen

4.280

4.485

- Resultaat boekjaar

2.051

110

966

531

7.296

5.126

9.169

12.609

15.955

24.441

- Overlopende passiva

3.197

13.559

Totaal vaste passiva VLOTTENDE PASSIVA

rentetypische looptijd

- Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd

korter dan 1 jaar - Liquide middelen (kas,

Investeringen Het investeringsbudget van 1 miljoen is in 2024 bijna niet gebruikt. Er is slechts voor € 79.000 geïnvesteerd: een groot deel van de vervangingsinvesteringen zijn uitgesteld tot 2025 (€ 540.000). Hierdoor zijn de vaste activa met € 334.000 afgenomen.

2.070

- Voorzieningen

- Uitzettingen met een

De voorziening spaarverlof voor ambtenaren zoals die door de accountant wordt voorgeschreven is vanaf dit jaar opgenomen voor € 0,4 miljoen

VASTE PASSIVA 1.736

korter dan 1 jaar 456

3.034

- Overlopende activa

1.469

1.703

Totaal vlottende activa

17.926

29.224

Totaal vlottende passiva

12.366

26.168

Totaal activa

19.662

31.294

Totaal passiva

19.662

31.294

banksaldi)

Bijlagen

14

Voorstel resultaatbestemming In 2024 is Stroomopwaarts binnen de begrote dekkingsmiddelen voor uitvoeringskosten gebleven, waardoor een incidenteel positief resultaat ontstaat van € 2,051 miljoen. Voorgesteld wordt het resultaat als volgt te verwerken in de jaarrekening 2025: Terugbetaling van het resultaat aan de MVS-gemeenten op basis van de definitieve verdeelsleutel. Dit bedrag wordt in mindering gebracht op de voorschotbedragen voor de dekkingsmiddelen van 2025 in de 1e begrotingswijziging 2025. Verdeelsleutel Saldo uitvoeringskosten

2024

Resultaat-

Definitief

bestemming

Naast het financieel resultaat van Stroomopwaarts is het resultaat dat gemeenten hebben gerealiseerd op de BUIG-middelen in 2024 uitzonderlijk positief. Dit resultaat is het verschil tussen de rijksmiddelen die gemeenten ontvangen voor het financieren van de uitkeringen (en loonkostensubsidie) en de lasten aan uitkeringen en loonkostensubsidie. Het BUIG-budget is gestegen door een verwachte toename van het uitkeringenbestand. De realisatie van de aantallen laat echter een minder snelle stijging zien, hierdoor hebben de gemeenten ook in 2024 een positief resultaat op de BUIG Middelen. Prognose BUIG

Maassluis

Vlaardingen

Schiedam

Totaal MVS

Maassluis

16 ,5%

€

338.349

(bedragen x 1.000)

Vlaardingen

41,0%

€

840.746

Definitieve BUIG Middelen 2024

14.952

46.441

44.571

105.964

Schiedam

42,5%

€

871.505

Realisatie uitkeringen 2024

14.830

43.275

40.926

99.030

100,0%

€

2.050.600

122

3.167

3.645

6.933

1%

7%

8%

7%

Totaal

Resultaat BUIG 2024 Resultaat%

In 2024 is er wederom een voordelig financieel resultaat op door lagere uitvoeringskosten voor de kinderopvangtoeslagaffaire is € 286.000. Gezien de stand van de bestemmingsreserve is er geen aanleiding om deze bestemmingsreserve te verhogen. Het negatieve resultaat op de uitvoeringskosten Energietoeslag is in het resultaat verwerkt.

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

* De realisatie is gebaseerd op de SiSa-verantwoording (Single information Single audit). Daarin wordt de realisatie van rijksbijdragen verantwoord. Het verschil met de tabel bijdrage voor Inkomens- en Armoedevoorziening houdt verband met de verantwoordingsregels BBZ voor SiSa. Daardoor wordt slechts een deel van de lasten in de verantwoording opgenomen.

15

Jaarverslag Programmaverantwoording De begroting en het jaarverslag zijn ingedeeld in vier programma’s: ‘Inkomen’, ‘Werk’, ‘Werkleerbedrijf’ en ‘Inburgering’. Ieder programma gaat in op wat er bereikt is, welke activiteiten daaraan bijdroegen en hoeveel het programma kostte, inclusief een analyse van de realisatie ten opzichte van de begroting 2024. Per programma is een indeling naar producten gemaakt. Per product is de stand van zaken per 31 december 2024 weergegeven.

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

16

Programma Inkomen

Baten €

7.898

Lasten -€ 125.369

Wat is er bereikt?

Saldo -€ 117.471

Ambitie 2024 We streven naar financiële zelfredzaamheid van inwoners en het voorkomen van (problematische) schulden. Daartoe blijven wij continu innoveren. Inkomen uit werk is de beste inkomensvoorziening. We zetten in op beperking van de uitkeringsduur en inzet van parttime werk. Bij de brede intake wordt gelijk een inventarisatie gedaan voor andere benodigde ondersteuning als minimaregelingen en schuldhulpverlening en waar nodig wordt contact gelegd met partners als zorgaanbieders en woningcorporaties. Wanneer werk niet gelijk mogelijk is, wordt een traject richting maatschappelijke participatie ingezet. Stroomopwaarts wil dat zoveel mogelijk kinderen gebruikmaken van de regelingen voor sport en cultuur en van de leermiddelen. Door inzet van vroegsignalering bereiken we meer inwoners met een kwetsbare financiële positie en dit zorgt voor een toename van inzet op preventieve instrumenten, zoals budgetcoaching en budgettraining. Ook bereiken we meer mensen om deel te nemen aan een schuldhulpverleningstraject door vereenvoudiging van de toegang tot de schuldhulpverlening en een versnelling van de aflossingstermijn.

Programma Inkomen

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

17

In onderstaande tabel zijn de beoogde prestatiedoelstellingen van het programma opgenomen en de mate waarin de doelstellingen zijn bereikt. Effect/indicator

< 5.204

5.300

Inkomensvoorziening

De stijging van het aantal uitkeringen is hoger dan de verwachting. De landelijke benchmarkcijfers geven aan dat het aantal uitkeringen landelijk is gestegen ten opzichte van 2023. Ook Stroomopwaarts is in dit beeld mee gegaan. Alhoewel we landelijk gezien goed scoren op de (lage) instroom, scoren we minder goed op de uitstroom. Om de uitstroom te bevorderen, is de dienstverlening voor uitstroom aangepast (zie verder Programma Werk).

< 69%

71%

Activeren

De ontwikkeling van de uitkeringen heeft geleid tot een toename van 3,5%.

Indicator

Stand van

Product

Voortgang

zaken Gemiddeld aantal uitkeringen Participatiewet Aandeel cliënten langer

Wat is hiervoor gedaan?

dan twee jaar in uitkering

Ontwikkeling uitkeringen

(zonder onderbreking) Vroegsignalering schulden:

≥ 6%

27%

Schuldhulpverlening

vervolgtraject na eerste contact

Prestatie /indicator

Indicator

Stand van

Product

Voortgang

zaken Resultaat iedere cliënt

1.000

2 .027

Participatie

80%

83%

Aanvraag

300

215

Schuldhulpverlening

in beeld Doorlooptijd aanvraag uitkering binnen vier weken, exclusief hersteltermijn Schuldhulpverlening geslaagd: schone lei en/of uitbetaalde saneringskredieten

1

Realisatie 2024

Maassluis

Vlaardingen

Schiedam

SOW

Stand 1-1 2024

763

2.285

2.123

5.171

Instroom 2024

166

468

459

1.093

Uitstroom 2024

-138

-419

-354

-911

Stand 31-12-2024

791

2.334

2.228

5.353

Realisatie uitkeringen 2024

790

2.318

2.192

5.300

Nieuwe instroom In 2024 hebben 2.343 inwoners zich gemeld voor een inkomensvoorziening (Maassluis 316, Vlaardingen 874, Schiedam 1.073 en woonplaats niet bekend 40). Daarvan zijn 1.093 uitkeringen toegekend (Maassluis 166, Vlaardingen 468 en Schiedam 459). Met onder andere onze inzet op de poortwachtersrol1, en de samenwerking daarin met Randstad, voorkomen we nog steeds een grotere stijging van het aantal uitkeringen. Ongeveer 47% van het aantal aanmeldingen leidde daadwerkelijk tot een uitkering. Door positieve ontwikkelingen in het laatste kwartaal van 2024 is de doorlooptijd om uitkeringen af te handelen gemiddeld weer 83% binnen vier weken (exclusief hersteltermijn).

Controleren op voorliggende voorzieningen zoals werk of het recht op een ander type uitkering.

Programma Inkomen

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

18

Van de nieuwe instroom worden 635 cliënten overgedragen aan Participatie en Zorg voor een stabilisatieperiode. Het gaat dan om cliënten met zware (multi)problematiek. Van deze groep hebben 204 cliënten (19%) een langdurige zorgbehoefte. De andere 431 cliënten (39%) zijn gestart of gaan starten met een participatietraject gericht op het ontwikkelen van vaardigheden, taal en/of sport en bewegen. Deze groep kan aansluitend worden ingezet op een ontwikkeltraject naar werk. Oriëntatie (team Ontwikkeling) heeft rechtstreeks vanuit de aanvraag 312 (29%) cliënten aangemeld gekregen voor een ontwikkeltraject naar werk. 147 cliënten (13%) volgen een inburgeringstraject. Handhaving Het voorkomen van misbruik en daarmee onrechtmatig gebruik van de Participatiewet blijft onder de aandacht van Stroomopwaarts. Ondanks dat het uitgangspunt meer vertrouwen in de cliënt is, betekent dit niet dat er geen controle op misbruik is. In 2024 zijn dan ook 343 onderzoeken naar mogelijk onrechtmatig gebruik van de Participatiewet gestart. In 218 gevallen ging dat om een nieuwe aanvraag voor een uitkering. In 18 gevallen om een heronderzoek na toekenning van de uitkering. In de overige gevallen ging het om onderzoeken bij lopende uitkeringen. In 185 dossiers zijn geen bijzonderheden geconstateerd. In dit geval is de aanvraag voor een uitkering toegekend of een lopende uitkering ongewijzigd voortgezet.

Bij 95 dossiers (28%) heeft het onderzoek uitgewezen dat er sprake was van onrechtmatig gebruik, waardoor de aanvraag voor een uitkering is afgewezen of een lopende uitkering is beëindigd of gewijzigd. Bij 13 aanvragen heeft de aanvrager gedurende het onderzoek zelf zijn aanvraag ingetrokken. Er zijn op dit moment nog 63 lopende onderzoeken. Participatie Ook dit jaar is sterk ingezet op het goed in beeld krijgen en houden van cliënten, die langdurig in de uitkering zitten. Het aantal gesproken cliënten is een aanzienlijke stijging ten opzichte van 2023. Een goed inzicht in onze cliënten is de basis om hen verder te ontwikkelen naar werk. Naast de persoonlijke gesprekken zetten wij hiervoor ook de NOA test in,

wat de ontwikkelcompetentie van verschillende leefgebieden in kaart brengt. Hierdoor kunnen we, indien mogelijk, gerichter een ontwikkeltraject inzetten gericht op participatie en re-integratie en op welk manier eventuele belemmeringen wegnomen of gestabiliseerd kunnen worden. Zo mogelijk schakelen wij onze ketenpartners in voor een goede doorverwijzing voor hulpverlening of begeleiding. In 2024 hebben 368 cliënten een NOA test gedaan. Dit zijn er minder dan 2023, maar dit jaar zijn meer medische keuringen aangevraagd. Dit bevestigt het beeld dat de afstand tot de arbeidsmarkt groter is voor de doelgroep en dat voor een grote groep andere begeleiding nodig is om hen richting werk te kunnen bewegen als dat überhaupt haalbaar is hen. In 2024 zijn vanuit de teams Participatie 408 cliënten overgedragen naar team O&O om zich verder te ontwikkelen naar werk. Er zijn 202 cliënten uitgestroomd naar werk, scholing of andere inkomsten, zoals een PGB. Daarnaast zijn 531 cliënten geactiveerd door middel van vrijwilligerswerk en participatietrajecten om de eerste stappen richting werk te zetten. Het uitgangspunt is en blijft dat iedereen mee doet naar vermogen en dat betekent dat voor een deel van onze cliënten vrijwilligerswerk het hoogst haalbare is, maar daarmee participeren ze wel in de maatschappij.

In combinatie met de aangescherpte werkwijze binnen de Unit Werk, waarbij de voorwaarden om aan een ontwikkeltraject te kunnen deelnemen zijn bijgesteld, geeft de lichte daling van ‘het aantal cliënten langer dan twee jaar in de uitkering zonder onderbreking’ van 73% begin 2024 naar 71% eind 2024 aan dat dit vruchten afwerpt. Echter het tekort aan kinderopvangplekken en buitenschoolse opvang zorgt ervoor dat het nog steeds langer duurt voor er gestart kan worden met een traject gericht op de verdere ontwikkeling naar werk. Schuldhulpverlening De aflosperiode is in 2023 verlaagd naar 18 maanden voor de minnelijke schuldsanering (Msnp). De verkorting maakt het nog belangrijker om cliënten goed in beeld te houden om recidive te voorkomen. Het nazorgtraject is dan ook belangrijker geworden. Omdat geen hulpvraag hetzelfde is, wordt de

Programma Inkomen

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

19

begeleiding in de nazorgperiode afgestemd op de behoefte van de cliënt. Alleen zo kunnen we borgen dat hun toekomst financieel stabiel blijft. Een nazorgtraject duurt maximaal 3 jaar duren. We zien dit jaar, net als vorig jaar, een stijging in het aantal aanmeldingen voor schuldhulpverlening, maar zien deze stijging nog niet toenemen als reactie op de kortere aflossingstermijn. Het aantal aanmeldingen is in 2024 met 23% gestegen ten opzichte van 2023 (1168 meldingen t.o.v. 905). Het aantal inwoners dat daadwerkelijk start met een minnelijke dan wel wettelijke schuldregeling is in 2024 met 23 inwoners echter gedaald naar 272. De verschuiving naar meer lichte trajecten zoals de cursus omgaan met geld, budgetcoaching en adviesgesprekken blijft, net als in 2023, duidelijk zichtbaar. In 2024 zijn er 324 lichte trajecten gestart t.o.v. 242 in 2023. Verder is ook weer sterk ingezet op Vroegsignalering. Op meerdere manieren wordt contact opgenomen met de inwoners van de MVS-gemeenten, waaronder 977 afgelegde huisbezoeken en 1468 telefoongesprekken. Daarnaast is met 638 bewoners persoonlijk contact geweest, omdat zij naar aanleiding van onze contactpogingen, contact met ons hebben gezocht. Ook als een inwoner (nog) geen ondersteuning wil bij het oplossen van financiële problemen, is hierdoor bij hen bekend waar ze terecht kunnen wanneer ze wel aan ondersteuning toe zijn.

Het aantal organisaties, die melding (willen) doen van betaalachterstanden, wordt nog steeds jaarlijks uitgebreid. Hierdoor wordt het steeds eerder duidelijk wanneer er bij een inwoner mogelijke schulden kunnen ontstaan en kan er actief ondersteuning en begeleiding worden geboden, zoals lichte trajecten (zie hierboven).

Kindregelingen Stichting Leergeld Het bereik van het kindpakket ten behoeve van schoolactiviteiten via Stichting Leergeld in de gemeenten Vlaardingen en Schiedam is in 2024 weer toegenomen. Dit is deels het resultaat van de herhaalde huis-aan-huis aanschrijving door Stroomopwaarts en de gemeenten. En deels het resultaat dat Stichting Leergeld sinds 2024 jaar scholen direct informeert over het kindpakket. In

de gemeente Maassluis zijn weliswaar twee kinderen minder bediend dan in 2023, maar het bereik ligt nog steeds op 106,5% van de totale doelgroep. In principe zou het bereik niet hoger kunnen liggen dan 100% van de doelgroep met een inkomensgrens van 120% van de bijstandsnorm voor toegang tot de regeling. Stichting Leergeld mag echter ook verstrekken bij een hoger inkomen als er sprake is van aantoonbare schulden. Stichting Leergeld verstrekt ook tickets voor een dagje Blijdorp en een dagje Efteling aan inwonende kinderen boven de 18 jaar. De vergoeding van deze verstrekking komt uit externe subsidies. Aanvragen

Aantal

Aantal

Verschil

Bereik

stichting leergeld

kinderen 2024

gezinnen

kinderen 2024

kinderen 2024

2024

t.o.v. 2023

in percentage2

Maassluis

852

396

-2

107%

Vlaardingen

2.035

1.016

+77

113%

Schiedam

1.790

888

+63

90%

Jeugdfonds Sport & Cultuur (JFS&C) De effecten van corona op het verenigingsleven zijn in de cijfers van het kindpakket gericht op buitenschoolse activiteiten niet meer zichtbaar. In de afgelopen twee jaar is het bereik aanzienlijk gegroeid en nemen ook steeds meer kinderen die leven in een gezin met een inkomen tot 120% van de bijstandsnorm of waar er sprake is van aantoonbare schulden deel aan het verenigingsleven. Tot en met 2024 was de meetbare doelstelling om het bereik op minimaal 42% uit te laten komen. Dat is ruimschoots in alle drie de MVS-gemeenten behaald. Stroomopwaarts sluit hiervoor aan bij de landelijke campagnes. Ook zit dit kindpakket in de jaarlijkse huis-aan-huis aanschrijving door Stroomopwaarts en de gemeenten.

Het bereik is bepaald op basis van voorlopige inkomensgegevens

2

over 2023 van het CBS. Recentere cijfers zijn niet beschikbaar.

Programma Inkomen

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

20

Regeling

Sport

Waarvan

Cultuur

zwemles

Totaal

Verschil 2024

Bereik 2024

Projecten

2024

t.o.v. 2023

in percentage

Ook dit jaar zijn er extra projecten uitgevoerd binnen de unit Inkomen.

Maassluis

373

77

29

412

+22

51.5

Meldpunt Kinderopvangtoeslagaffaire

Vlaardingen

873

209

132

1.005

+175

55.8

Schiedam

965

218

89

1.054

+89

52.7

Tot 1 januari 2024 was het voor inwoners mogelijk om zich aan te melden als mogelijk gedupeerde ouder bij de Belastingdienst. Dit betekent dat er nu geen nieuwe ouders meer bijkomen. In 2024 hebben uiteindelijk 1.853 ouders zich gemeld bij het de Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (UHT). Hiermee staan de MVS-gemeenten landelijk gezien op de 4e plaats als zwaarst getroffen gemeenten, boven Utrecht en onder Amsterdam, Rotterdam en Almere.

Team Dienstverlening Team Dienstverlening maakt onderdeel uit van de Unit Inkomen en bestaat uit de Formulierenbrigade en het Klant Contact Center. Klant Contact Centrum (KCC) Het KCC heeft in 2024 53.199 telefoontjes gehad met zeer diverse vragen, voornamelijk op het gebied van inkomen en Energietoeslag. Dit zijn er minder dan voorgaand jaar, omdat inwoners inmiddels zelf digitaal een afspraak kunnen inplannen. Dit betekent een ontlasting van het KCC. Formulierenbrigade De Formulierenbrigade heeft in alle gemeenten een vaste locaties. Daarnaast zit het team in wijkteams in Schiedam en Vlaardingen. In 2023 is overgegaan naar een zaaksysteem, waardoor inwoners zelf online een afspraak kunnen inplannen in de digitale agenda. Hier is goed gebruik van gemaakt. Er zijn dit jaar ongeveer 3.000 afspraken door inwoners zelf ingepland. De Formulierenbrigade heeft dit jaar 21.234 contactmomenten gehad. Het aantal contactmomenten geeft aan dat de Formulierenbrigade heel veel inwoners ondersteunt bij het aanvragen van regelingen. De meeste contacten hadden, net als voorgaande jaren, te maken met het Jeugdfonds Sport & Cultuur, Stichting Leergeld, Energietoeslag en minimaregelingen.

Nog steeds blijven ouders, die in eerste instantie hadden aangegeven geen ondersteuning te willen, contact opnemen om alsnog ondersteuning te vragen. Door de langere doorlooptijden bij de Belastingdienst verschuiven ook onze termijnen. Ouders hebben langer behoefte aan ondersteuning omdat zij nog altijd in onzekerheid leven. Daarnaast zijn er nieuwe doelgroepen bijgekomen, zijnde de kinderen van erkend gedupeerde ouders en krijgen de ex-toeslag partners en nabestaanden van gedupeerde ouders met de nieuwe wetswijziging ook recht op brede ondersteuning. Door de langere doorlooptijd en de uitbreiding met op dit moment kinderen van erkend gedupeerde ouders is er een wachtlijst ontstaan. Deze lijst blijft helaas groeien. Op dit moment wordt dan ook gekeken naar uitbreiding van het team3. Om beter aan de sluiten bij de wensen van de gedupeerden heeft Stroomopwaarts in het eerste kwartaal in samenwerking met gedupeerden een training ontwikkeld. Doel van deze training is, dat gedupeerden weer in hun kracht komen te staan en plannen kunnen maken voor hun toekomst. In mei 2024 zijn twee groepen gestart. Eén gericht op ouders en één specifiek voor kinderen van erkend gedupeerden. Gezien het succes van deze training wordt daar een vervolg gegeven.

De kosten van het meldpunt kinderopvangtoeslag worden volledig

3 

vergoed door een SPUK.

Programma Inkomen

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

21

Aantal gedupeerde ouders en kinderen MVS Aantal gemelde

Aantal erkende

Aantal erkende

Aantal ouders met

Aantal ouders met

Aantal kinderen

Aantal kinderen met

ouders bij UHT

kinderen bij 0-15

kinderen bij UHT

ondersteuning vanuit

actieve ondersteuning

gemeld SOW tot

actieve ondersteuning

>16 jaar

Meldpunt tot heden

vanuit Meldpunt

heden

vanuit Meldpunt

31 december 2024

4

Maassluis

266

243

222

115

76

40

31

Vlaardingen

712

601

576

350

219

120

95

Schiedam

875

623

663

382

253

113

92

1.853

1.467

1.461

8475

548

273

218

Totaal

Energietoeslag

Leefgeld Oekraïne

De Energietoeslag 2023 afgerond. Om zoveel mogelijk inwoners te bereiken, werd er zowel vanuit Stroomopwaarts als vanuit de MVS-gemeenten acties ingezet. Het landelijke bereik ligt op 86%. Binnen de MVS gemeenten ligt het bereik van Schiedam (87%) dicht bij het landelijk gemiddelde en liggen Maassluis (98%) en Vlaardingen (91%) boven het gemiddelde. Waarom Schiedam ten opzichte van Maassluis en Vlaardingen lager scoort, is niet duidelijk te achterhalen. Schiedam heeft zelfs extra campagne gevoerd om de energietoeslag onder de aandacht te brengen onder de doelgroep Het financieel voordeel per gemeente als volgt: Vlaardingen (€ 863.000) en Schiedam (€ 755.000). Voor Maassluis leidt dit tot beperkte extra lasten (€ 24.000) door een hoog bereik en met extra inzet voor groep 120-150% van de bijstandsnorm. In een raadsinformatiebrief is meer informatie over de resultaten van de uitvoering van de energietoeslag verstrekt.

Ook in 2024 keerden we het leefgeld aan de Oekraïne vluchtelingen uit. De regeling opvang ontheemden Oekraïne (RooO) is verlengd tot 4 maart 2026. Het eerste kwartaal van 2024 is een lichte stijging waar te nemen in het aantal personen dat leefgeld ontvangt. Dit wordt veroorzaakt door een groeiend aantal gezinsherenigingen en een verloop in arbeidscontacten. Met ingang van 1 juli 2024 geldt de inlichtingenplicht binnen de RooO. Er mag nu ook gebruikgemaakt worden van SUWI (een inkijkmogelijkheid) om het recht op leefgeld te beoordelen en om heronderzoeken naar rechtmatigheid uit te voeren. Leefgeld Oekraïne

Aantal adressen

Totaal aantal personen

Maassluis

19

24

Vlaardingen

217

237

Schiedam

57

78

293

339

Totaal MVS

4

Kinderen vanaf 16 jaar krijgen ene eigen plan van aanpak. De overige

vanuit de belastingdienst en hier is contact mee geweest (kaartje,

kinderen ontvangen ondersteuning via het PvA van de ouders.

telefonisch of op afspraak) maar deze mensen hebben afgezien van

5

Nog eens 844 dossiers hebben wij wel aangemeld gekregen

verdere ondersteuning waarna de dossiers zijn geanonimiseerd.

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma Inkomen Programma

22

Jongeren Perspectieffonds (JPF) gemeente Vlaardingen

VoorzieningenWijzer

Na de start in januari 2024 zijn er in totaal 41 aanmeldingen geweest voor het JPF. De eerste aanmeldingen zijn gekomen uit het bestand van schuldhulpverlening, nadat er informatie op de website van Stroomopwaarts is geplaatst over het traject. Ketenpartners zijn actief benaderd om te informeren over dit traject en zijn ook jongeren aangemeld vanuit o.a. Stichting Timon, team Aanvraag, Dock, Albeda College/Leerrecht en Minters. Het netwerk wordt de komende tijd zoveel mogelijk verder uitgebreid om meer jongeren te kunnen bereiken. In 2024 is met 20 jongeren een traject gestart. Hiervan zijn 2 jongeren gestopt, waardoor er met 18 jongeren nog een traject loopt. Het traject zet in op maatwerk, dit houdt in een schuldregeling en/of een tegenprestatie6. Voor drie jongeren is een succesvolle schuldregeling getroffen en wordt een saneringskrediet aangevraagd. De maatschappelijke tegenprestaties verschillen per maatwerktraject dat wordt ingezet. Voor de een is dit het behalen van een schooldiploma, waar de ander met psychische en lichamelijk hulp van start gaat. Dit komt doordat de deelnemers vaak te maken hebben met zware problematiek.

Dit jaar heeft de pilot Voorzieningenwijzer gedraaid. De VoorzieningenWijzer is een door Zorgweb ontwikkeld instrument (www.datgeldtvoormij.nl) dat mensen met inkomens tot modaal helpt bij het kiezen en aanvragen van allerlei voorzieningen, die in belangrijke mate de koopkracht kunnen verbeteren. Daarmee verminderen de risico’s van armoede en problematische schulden.

6

De resultaten van de VoorzieningenWijzer zijn positief. Er zijn ruim 800 checks volledig uitgevoerd. Niet alleen Stroomopwaarts ondersteunt de VoorzieningenWijzer, ook inwoners en samenwerkingspartners zijn positief. De voortzetting van de VoorzieningenWijzer is dan ook opgenomen in het nieuwe Regionale Activiteitenplan Armoede en Schulden MVS 2025 – 2028.

Berekening tegenprestatie: het saneringskrediet / minimum jeugdloon = aantal uren dat er een maatschappelijke tegenpresentatie gedaan moet worden.

§ Paragrafen € Jaarrekening

Programma Inkomen Bijlagen

Programma

23

Wat heeft het programma Inkomen gekost? Programma 1,

Originele Begroting 2024

Begroting na 2e wijziging

Inkomen

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Aanvraag

0

-4.065

-4.065

0

-4.455

-4.455

0

-4.389

-4.389

0

66

66

Schuldhulpverlening

90

-3.414

-3.324

245

-2.968

-2.723

129

-2.956

-2.828

-116

12

-105

Schuldhulpverlening

0

0

0

0

-36

-36

0

-25

-25

0

11

11

Realisatie 2024

Verschil met BW2

Preventie & vroegsignalering

0

-603

-603

0

-317

-317

0

-372

-372

0

-55

-55

Schuldhulpverlening trajecten

90

-2.810

-2.720

90

-2.460

-2.370

22

-2.453

-2.431

-68

7

-61

Jongerenperspectieffonds

0

0

0

155

-155

0

106

-106

0

-49

49

0

Armoedevoorziening

345

-8.807

-8.462

2.453

-11.115

-8.662

3.704

-11.787

-8.083

1.251

-672

579

Armoedevoorziening verstrekkingen *

300

-3.953

-3.653

730

-4.107

-3.377

743

-4.228

-3.485

13

-121

-108

Maatschappelijke participatie kinderen *

0

-1.735

-1.735

0

-1.890

-1.890

0

-1.719

-1.719

0

171

171

Armoedevoorziening uitvoeringskosten

45

-524

-479

45

-816

-771

45

-814

-768

0

2

3

Meldpunt Kinderopvangtoeslag

0

-337

-337

3.273

-3.610

-337

4.510

-4.227

283

1.237

-617

620

Bewindvoering *

0

-2.258

-2.258

0

-2.062

-2.062

0

-2.169

-2.169

0

-107

-107

Energietoeslag *

0

0

0

-1.595

1.370

-225

-1.595

1.369

-226

0

-1

-1

Inkomensvoorziening

2.116

-90.067

-87.951

4.051

-101.026

-96.974

3.985

-100.348

-96.364

-67

677

610

Inkomensvoorziening

1.970

-88.115

-86.145

2.026

-96.799

-94.773

2.122

-96.570

-94.448

95

229

324

146

-1.663

-1.517

300

-2.213

-1.913

147

-1.926

-1.779

-153

288

134

**

Inkomensvoorziening uitvoeringskosten TOZO

0

0

0

0

0

0

5

-5

0

5

-5

0

TOZO uitvoeringskosten

0

-288

-288

0

-288

-288

0

-136

-136

0

152

152

Formulierenbrigade

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Opvang Oekraïne leefgeld *

0

0

0

1.550

-1.550

0

1.539

-1.539

0

-11

11

0

Opvang Oekraïne uitvoeringskosten

0

0

0

175

-175

0

172

-172

0

-3

3

0

Participatie

0

-5.296

-5.296

0

-4.995

-4.995

80

-5.190

-5.110

80

-195

-115

Dienstverlening

0

-811

-811

0

-651

-651

0

-697

-697

0

-46

-46

Totaal Baten & Lasten

2.551

-112.459

-109.908

6.749

-125.210

-118.460

7.898

-125.369

-117.471

1.148

-159

989

Reservemutaties

780

0

780

780

0

780

291

0

291

-489

0

-489

Resultaat

3.331

-112.459

-109.128

7.529

-125.210

-117.680

8.189

-125.369

-117.180

660

-159

500

****

Programma Inkomen

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

24

Analyse afwijkingen begroting na wijziging en realisatie Aanvraag Sinds halverwege 2024 is geen gebruik meer gemaakt van het instrument Payrolling. In plaats daarvan is uit efficiency overwegingen meer gebruik gemaakt van RWO’s (werkovereenkomsten) via Randstad. Dit heeft per saldo geleid tot een onderschrijding van € 66.000. Preventie en vroegsignalering De kosten voor NSR en Moneyways waren € 38.000 hoger dan begroot. Schuldhulpverlening trajecten De baten voor sociale kredieten zijn € 68.000 lager dan begroot, de lasten daling die hierbij hoort, was wel juist opgenomen in de 2e begrotingswijziging. Armoedevoorzieningen (verstrekkingen) Er is voor € 89.000 minder aan individuele verstrekkingen toegekend. De kosten van de collectieve aanvullende verzekering (CAV) bij verzekeraar DSW waren € 183.000 hoger dan begroot. Dit heeft deels te maken met hogere premies en deels met een hoger dan verwacht aantal deelnemers. Maatschappelijke participatie kinderen Aan maatschappelijke participatie kinderen is € 171.000 minder besteed dan begroot. Hiervan heeft € 56.000 betrekking op de afrekening van 2023. Leergeld 2024 was € 964.000 t.o.v. € 1.100.000 dus € 135.000 minder. Leergeld had extra middelen uit andere bronnen waardoor de afrekening lager uitviel. JSFSC 2024 bedroeg € 811.000 t.o.v. begroot € 789.000.

Deze stijging van € 22.000 is het gevolg van het nog steeds toenemende bereik binnen de doelgroep. Meldpunt KOT De verstrekkingen waren € 394.000 hoger dan begroot. Er zijn nog veel verstrekkingen los gekomen uit lopende bezwaar- en beroepsprocedures. Ook is de doelgroep zich meer

bewust geworden van de declaratiemogelijkheden. Als gevolg hiervan was ook meer personeelscapaciteit nodig voor de uitvoering van de regeling. Tevens is het aantal complexe dossiers harder toegenomen dan verwacht. De uitvoeringskosten waren hierdoor € 228.000 hoger. In totaal waren de lasten van verstrekkingen en uitvoeringskosten € 617.000 hoger dan begroot. De verstrekkingen worden volledig vergoed door het Rijk. Voor de uitvoeringskosten hebben we gekozen voor declaratie op basis van normbedragen. Dit leidt in 2024 tot een overschot van € 286.000 dat we aan de bestemmingsreserve toevoegen. In de begroting was ook nog € 337.000 lasten geraamd die aanvankelijk ten laste van de reserve gebracht zouden worden. Deze post hoefde niet aangesproken te worden waardoor het totale overschot ten opzichte van de begroting per saldo € 620.000 bedraagt. Bewindvoering De kosten van bewindvoering waren € 107.000 hoger dan begroot. Het stijging van het aantal lopende trajecten schuldhulpverlening heeft in 2024 doorgezet. Ook als gevolg van de extra inzet op vroegsignalering. Ook is meer ingezet op nazorgtrajecten nu de termijn voor de minnelijke schuldsanering is verlaagd naar 18 maanden. De toename van bewindvoering hangt hiermee samen. Inkomensvoorzieningen De baten van terugvordering waren € 70.000 lager en er kon een bedrag van € 165.000 vrijvallen uit de voorziening dubieuze debiteuren.

Hierdoor waren per saldo de baten € 95.000 hoger dan begroot. Bij de aanpassing van de begroting in het najaar is de gemiddelde stijging in de maanden januari tot en met augustus doorgetrokken richting einde van het jaar. In september en oktober nam de stijging echter wat af en in november en december was zelfs sprake van een lichte daling. Hierdoor zijn de lasten op dit onderdeel € 229.000 lager dan begroot. Ook de bijstelling van de baten uit terugvordering zijn gebaseerd op de gemiddelde realisatie in de eerste acht maanden. Deze schommelen echter in de praktijk. Per ultimo boekjaar was de realisatie van deze baten € 70.000

Programma Inkomen

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

25

lager dan de bijgestelde begroting. De gemiddelde kosten per uitkering per jaar bedraagt € 17.820. Uitvoeringskosten inkomensvoorzieningen De uitvoeringskosten waren € 100.000 lager dan begroot. Dit is ontstaan doordat hier € 145.000 kosten voor vertrouwensexperimenten was begroot. Deze kosten zijn echter in de praktijk gerealiseerd bij Participatie op uitstroompremies, intensieve begeleiding, garantieknop, bijstand in 1 dag. Uitvoeringskosten TOZO De uitvoeringskosten van TOZO bedroegen € 136.000 en zijn gedekt door een onttrekking uit de bestemmingsreserve. Dit valt € 152.000 lager uit dan begroot. De onttrekking uit de reserve is hiervoor aangepast. Participatie De uitvoeringskosten waren € 65.000 hoger dan begroot en de inzet van voorzieningen was € 43.000. Dit werd vooral veroorzaakt door hogere lasten van plaatsingsfees en uitstroompremies. Het hierbij behorende budget was begroot bij inkomensvoorzieningen (Vertrouwensexperimenten). € 80.000 hogere lasten zijn gedekt door de Rijkssubsidie Jeugdwerkgelegenheid. Die lasten en baten waren nog niet begroot.

Programma Inkomen

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

26

Programma Werk

Baten €

2.606

Lasten -€ 13.351

Wat is er bereikt?

Saldo -€ 10.745

Ambitie 2024 Stroomopwaarts bouwt continu aan een sterk netwerk van tevreden ondernemers en ketenpartners om duurzame uitstroom én participatie van de doelgroepen te bewerkstellingen. Langdurige strategische samenwerkingen zijn daarbij het streven. Het Opleidingshuis met diverse leerlijnen waar onze cliënten een MBO-praktijkcertificaat kunnen halen, is een goed voorbeeld van onze sectorale aanpak. Hierbij is sprake van een samenwerking tussen ondernemers, overheid en onderwijsinstellingen die wordt aangewend om de kloof naar de arbeidsmarkt te overbruggen. Langdurige afhankelijkheid van een uitkering kan de afstand tot de arbeidsmarkt te groot maken. Daarom zetten we binnen het doorontwikkelde werkproces in op een hogere uitstroom binnen 12 maanden. Enerzijds door gelijk bij de uitkeringsaanvraag al te kijken of een (parttime) dienstverband niet toch mogelijk is (via onze eigen matchmakers of een uitzendorganisatie), anderzijds door in te zetten op een snel re-integratie traject waarin methodisch wordt gewerkt aan de competenties of vaardigheden die aangeleerd zouden moeten worden.

Programma Werk

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

27

In onderstaande tabel zijn de beoogde prestatiedoelstellingen van het programma opgenomen en de mate waarin de doelstellingen zijn bereikt. Effect/indicator

Indicator

Relatief aandeel uitkeringsgerechtigden met

Realisatie Voortgang

12%

7%

85%

100%

25%

20%

inkomsten uit deeltijdarbeid Aandeel duurzame uitstroom (langer dan 6 maanden aaneengesloten) in geval van uitstroom naar werk of zelfstandig ondernemerschap. Nieuwe instroom bijstand is binnen 12 maanden aan het werk

Prestatie-indicator

Indicator

Realisatie Voortgang

Gemiddeld aantal banen met loonkostensubsidie

479

393

Aandeel succesvol afgeronde competentie

420

144

275

496

ontwikkeltrajecten (Cliënt is “job ready”,

 

direct bemiddelbaar) Aantal matching banen vanuit Werkgevers

Servicepunt (WSP) Stroomopwaarts (Uitstroom door actieve bemiddeling WSP)

Wat is hiervoor gedaan? Binnen de unit Werk heeft in 2024 de focus gelegen op de aangepaste methodische werkwijze bij de ontwikkeling van cliënten. Het handelingsperspectief om cliënten aan het werk te helpen is aangescherpt. De veranderde doelgroep past niet meer binnen de tot dan toe gehanteerde werkwijze. Zo zijn onder meer de vereisten om naar werk te kunnen ontwikkelen meer losgelaten. De mogelijkheid van het opbouwen van uren, van 1 uur per week naar het maximaal haalbare, is geïntroduceerd en niet alle leefgebieden hoeven op orde te zijn om te starten met een traject. Het verbeteren/beheersbaar maken van deze leefgebieden gaat samen met het ontwikkelen naar werk. Dit wordt gedaan in nauwe samenwerking met de teams van inkomen, schuldhulpverlening en participatie. Werkervaringsplaatsen worden meer ingezet om werkgevers en cliënten aan elkaar te laten wennen. Hiermee is de doorlooptijd om trajecten af te ronden niet meer haalbaar in 3 tot 6 maanden, maar duren trajecten minimaal 6 maanden om een positief resultaat te kunnen behalen. De doorstroom van ontwikkeling naar werk is intensiever geworden door cliënten al in een eerder stadium in contact te brengen met de matchmakers. Hierdoor is de (vertrouwens)band tussen de cliënt en de matchmaker groter en leren beiden elkaar beter kennen.

Maar niet alleen de werkwijze is aangescherpt, maar ook de fysieke inrichting van het Werkplein en het werkleerbedrijf in Vlaardingen zijn verder aangepast. Zo is de aankleding op het Werkplein veranderd en zijn er werkplekken gecreëerd voor matchmakers en consulenten, zodat zij makkelijk benaderbaar zijn voor cliënten. Binnen het Werkleerbedrijf is het assessmentcenter aangepast naar een werkfitafdeling Ritme met werkplekken, waar ook matchmakers en consulenten kunnen werken. Op deze afdeling ligt de focus onder meer op het verbeteren van het werkritme, zodat deze meer overeen komt met reguliere arbeidsmarkt. Daarnaast is de werkfitafdeling Vaardigheden gecreëerd, waar zowel productiewerkzaamheden als simulatiewerkzaamheden kunnen uitgevoerd worden en de focus ligt op het ontwikkelen van (werknemers)vaardigheden.

Programma Werk

§ Paragrafen € Jaarrekening

Bijlagen

Programma

28

Werkgeversdienstverlening is eind 2024 gestart met het aanscherpen van de werkwijze om goed aan te sluiten op deze nieuwe werkwijze. De werkgeverspropositie is aangepast naar een eerlijker en minder commercieel verhaal, waarin kansen en bedreigingen met het werken met onze cliënten in beeld wordt gebracht. Zo wordt er wordt meer focus gelegd op de mogelijkheid van het inzetten van loonkostensubsidie (LKS), maar ook wordt aan werkgevers vertelt dat onze cliënten ‘taakready’ zijn en niet ‘jobready’. Het verschil zit er in dat onze cliënten niet volledig voldoen aan alle voorwaarden van vacatures van werkgevers, maar wel heel goed bepaalde taken van die vacatures kunnen uitvoeren. Dit geldt ook voor onze cliënten met een arbeidsbeperking. Ook deze doelgroep wordt meegenomen in de proposities naar werkgevers toe. In 2025 wordt deze werkwijze verder geïmplementeerd. De sectorale aanpak is de basis voor de leerlijnen. De leerlijnen binnen Stroomopwaarts zijn opgezet in samenwerking met werkgevers en onderwijs. Zo is de beroepentuin als pilot opgestart voor de leerlijn techniek. In de beroepentuin worden cliënten onder meer opgeleid als zonnepaneelinstallateur, installatietechneut of elektromonteur. In aansluiting op de sectorale aanpak, gaan ook de accountmanagers en jobcoaches sectoraal werken, zodat er gespecialiseerde kennis van de sectoren ontstaat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15438774/2