CConstaterende datSchiedam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Ontwerpbegroting 2025 SOW

Raadscommissie 28 mei 2024, gemeente SchiedamBij agendapunt: Raadsvoorstel Zienswijzeprocedure op de ontwerpbegroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 Stroomopwaarts MVS22.241 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Dit project wordt volledig gefinancierd uit middelen van de arbeidsmarktregio. In dit project streven wij ernaar om 100 jongeren te activeren en, waar mogelijk, terug naar school of naar werk te begeleiden. Het afgelopen jaar zijn wij erin geslaagd om ruim 100 jongeren te begeleiden en zijn de eerste uitstroomresultaten geboekt. In samenspraak met de andere gemeenten in de arbeidsmarktregio wordt gekeken naar financieringsmogelijkheden zodat dit project ook naar de toekomst toe voortgezet kan worden. Wat gaat het programma Werk kosten?

Pagina | 29

Jaarstukken 2023

Programma 2, Werk

Baten

Lasten

Primaire begroting 2024 Saldo

Baten

Lasten

Ontwerpbegroting 2025

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Ontwikkeling

-

-2.569

-2.569

-

-2.642

-2.642

-

-2.817

-2.817

- Ontwikkeling en assesment

-

-2.014

-2.014

-

-2.051

-2.051

-

-2.186

-2.186

- Open LeerWerkcentrum

-

-158

-158

-

-166

-166

-

-177

-177

- Test & Trainingcentrum

-

-398

-398

-

-425

-425

-

-453

-453

Werkgeverdienstverlening

2.309

-9.584

-7.275

3.461

-13.274

-9.813

2.567

-14.591

-12.024

- Accountmanagement

-

-1.123

-1.123

-

-1.154

-1.154

-

-1.230

-1.230

- M obiliteitsnetwerken

-

-117

-117

-

-87

-87

-

-93

-93

- Externe arbeidsparticipatie

2.309

-8.344

-6.035

3.461

-12.033

-8.572

2.567

-13.268

-10.701

Totaal baten en lasten:

2.309

-12.153

-9.844

3.461

-15.916

-12.455

2.567

-17.408

-14.841

-

-

-

-

-

-

-

-

-

2.309

-12.153

-9.844

3.461

-15.916

-12.455

2.567

-17.408

-14.841

Reservemutaties Geraamd resultaat:

Pagina | 30

2.3

Programma Werkleerbedrijf

Baten Lasten Saldo

9.685 -30.774 -21.089

De arbeidsontwikkeling van alle doelgroepen kan alleen optimaal worden vormgegeven dankzij de intensieve samenwerking met ondernemers en andere ketenpartners. Deze samenwerking moet enerzijds leiden tot concrete productie opdrachten voor het Werkleerbedrijf en anderzijds tot arbeidsplaatsen/ vacatures voor onze cliënten bij deze partners. Hierbij wordt altijd uitgegaan van iemands kansen en mogelijkheden in plaats van zijn beperkingen. Stroomopwaarts is daarin een betrouwbare partner, heeft een uitgebreid instrumentarium op dit gebied en vervult zo de rol van de spil tussen publiek en privaat. Stroomopwaarts fungeert als werkgever voor mensen met een kwetsbare arbeidsmarktpositie. De omvang van het aantal werknemers bij de Sociale Werkvoorziening (WSW-ers) neemt in de komende jaren door rijksbeleid af. De infrastructuur van het werkleerbedrijf (zoals de productiehallen) wordt echter ook in de komende jaren intensief gebruikt voor andere en deels nieuwe doelgroepen. Mensen die werken in het werkleerbedrijf zijn kwetsbaar, vaak langdurig aan Stroomopwaarts verbonden en hebben vaak geen keuze om elders te werken. Dit geldt in het bijzonder voor mensen met een beperking en een indicatie, maar ook voor de mensen met een uitkering. De omgeving waarin zij werken moet voldoen aan de eisen van gezond, veilig en goed werkgeverschap.

Wegens behoefte aan (achterstallig) onderhoud van de panden komen deze eisen in het geding. Het is belangrijk dat er de komende periode, in samenspraak met de MVS-gemeenten, aandacht is voor (het onderhoud van) de huisvesting van de Werkleerbedrijven. Ambitie 2025 Stroomopwaarts biedt een veilige werk- en arbeidsontwikkelomgeving voor mensen met een arbeidsbeperking. Niet alleen in het kader van de Wet Sociale Werkvoorziening en Beschut Werk, maar voor iedereen. Door aandacht te besteden aan cliënten die al langer in een uitkeringssituatie zitten, verwachten wij extra instroom in Beschut Werk te kunnen realiseren. Met name mensen met een zeer grote afstand tot de arbeidsmarkt en grote begeleidingsbehoefte komen hiervoor in aanmerking. Onze samenwerking met dagbestedingsorganisaties in het kader van het Simpel Switchen project zal naar verwachting ook zorgen voor nieuwe instroom van deze kwetsbare medewerkers. Stroomopwaarts streeft naar duurzame doorstroom naar reguliere werkgevers. In de eerste plaats door het realiseren van meer detacheringen van WSWmedewerkers. Het mes snijdt daarbij aan twee kanten. Enerzijds is detachering economisch gezien aantrekkelijker voor Stroomopwaarts, anderzijds is het de hoogst haalbare vorm van maatschappelijke participatie voor een medewerker.

Omzet is hierbij niet leidend; een gezonde mix tussen omzet en arbeidsontwikkeling van werknemers en cliënten met een arbeidsbeperking wel.

Pagina | 31

Wat wil Stroomopwaarts bereiken? Effect-indicator Ziekteverzuim WSW en Beschut

Jaarrekening 2023 15,2%

Begroting 2024 < 14%

Begroting 2025 < 16%

Nadere toelichting: • De cijfers van het ziekteverzuim van de Beschut medewerkers worden vanaf 2023 meegenomen (WSW en Beschut gecombineerd). Bij WSWmedewerkers wordt een hoger verzuim gezien door chronische klachten en ouderdomsklachten. Het realiseren van de ambitie in de begroting (<16%) blijft dan ook een grote uitdaging. Dit is een beeld dat landelijk ook wordt waargenomen. Het ziekteverzuim binnen Stroomopwaarts is vergelijkbaar met het landelijk gemiddelde (benchmark 2022 SBCM – verzuimkengetallen SW: 14,8). Prestatie-indicator Arbeidsontwikkeling WSW en Beschut: gemiddelde dekking loonkosten door opbrengsten

Jaarrekening 2023 31%

Begroting 2024 33%

Begroting 2025 33%

Wat gaat Stroomopwaarts daarvoor doen? Er wordt geïnvesteerd in productielijnen bij het Werkleerbedrijf en de begeleiding van werkgevers en cliënten. Optimale ontwikkeling en sociale activering van cliënten staat daarbij voorop. Het Werkleerbedrijf blijft een stabiele vangnetfunctie voor de meest kwetsbaren vervullen. We bieden tijdelijke dienstbetrekkingen aan de doelgroepen uit de banenafspraak aan. Duurzame dienstbetrekkingen zijn beschikbaar voor de doelgroepen WSW (Wet sociale werkvoorziening) en Beschut werk met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en een hoge begeleidingsbehoefte. Inwoners met een beperkte loonwaarde, die meer begeleiding en faciliteiten nodig hebben dan van een reguliere werkgever mag worden verwacht, kunnen een indicatie Beschut Werk aanvragen. Na toekenning door het UWV komen zij in aanmerking voor Beschut Werk binnen Stroomopwaarts. Voor de komende jaren wil Stroomopwaarts een jaarlijkse groei van het aantal aanstellingen realiseren. Stroomopwaarts gaat inzetten op meer (groeps)detachering. Detachering is zowel in economische zin, als in mate van arbeidsparticipatie het meest opportuun. Financieel gezien levert detachering meer toegevoegde waarde op, daarnaast is het werken bij een reguliere werkgever (buiten de omgeving van het Werkleerbedrijf) de hoogste vorm van maatschappelijke participatie.

Helaas heeft er de afgelopen jaren juist een verschuiving plaatsgevonden; van externe inzet (reguliere werkgevers) naar interne inzet (binnen het Werkleerbedrijf). Dat is een na-ijlend effect van de covid-crisis. De opbrengsten van het Werkleerbedrijf komen hierdoor onder druk. Stroomopwaarts gaat de komende jaren inzetten op een stijging van de relatieve omvang van de (groep)detacheringen. In absolute aantallen houden wij rekening met een stabilisatie op 134. De totale omvang van de WSW neemt in de komende jaren af door pensioneringen en doordat er geen nieuwe instroom plaatsvindt (wetgeving). De beschikbare (huisvestings-)capaciteit binnen het Werkleerbedrijf is nodig om de groei van de andere doelgroepen te kunnen opvangen (zie onderstaande tabel). De eerdergenoemde 10.000 extra banen (landelijk, MVS-regio circa 150) die worden gerealiseerd zijn in de tabel nog niet verwerkt. Hierover wordt op regionaal niveau in 2024 beleid ontwikkeld. Pagina | 32

Sociale werkvoorziening (WSW) en Beschut werk 2023 2024 2025

2026

2027

2028

B1. Beschut (intern, met loonkostensubsidie) B2. WSW detachering (extern)

175

200

225

250

275

300

124

129

134

134

134

134

B3. WSW begeleid werken (extern, met loonkostensubsidie) B4. WSW Productie (intern)

28

28

28

28

28

28

265

247

229

216

203

190

B5. WSW Diensten (intern)

236

223

210

197

184

171

Om de doelgroep optimaal te ontwikkelen en het rendement te optimaliseren, bouwt Stroomopwaarts werksoorten zonder toekomstperspectief zoveel mogelijk af waardoor er ruimte komt voor nieuwe, kansrijke werksoorten. De accountmanagers van Stroomopwaarts informeren (potentiële) opdrachtgevers actief over haar producten (zoals samenwerkingsmogelijkheden, subsidies, SROI etc.), vernieuwingen en klanttevredenheid. Zij zijn actief binnen de gehele regio en onderhouden intensief contact met de ondernemers(verenigingen). Zo investeert Stroomopwaarts in samenwerking met de gemeenten in duurzame relaties met actieve, maatschappelijk betrokken ondernemers. De inzet van de gemeenten en Stroomopwaarts in het Sociaal Economisch Netwerk en de andere lokale en regionale netwerken wordt bestendigd. Verder stimuleert Stroomopwaarts ondernemers om na te denken over vormen van strategische samenwerking. Zo bekijken wij met ondernemers of de infrastructuur en mogelijkheden van het Werkleerbedrijf benut kunnen worden om hun eigen productie(proces) in onder te brengen. Of bespreken we of het mogelijk is om werk uit te besteden bij het Werkleerbedrijf.

Pagina | 33

Wat gaat het programma Werkleerbedrijf kosten? Jaarstukken 2023

Programma 3, Werkleerbedrijf

Baten

- Bedrijfsbureau

Lasten

Primaire begroting 2024 Saldo

Baten

Lasten

Ontwerpbegroting 2025

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

0

-582

-582

39

-748

-709

-

-756

-756

- Productie/Diensten M aassluis

1.039

-3.691

-2.652

1.153

-3.241

-2.088

1.229

-3.455

-2.226

- Productie/Diensten M aassluis

1.233

-5.764

-4.531

1.542

-5.277

-3.734

1.644

-5.625

-3.981

- Productie/Diensten M aassluis

2.165

-11.781

-9.615

3.374

-9.747

-6.372

3.597

-10.390

-6.793

- Groen en Grijs

2.328

-6.383

-4.056

1.793

-5.786

-3.993

1.912

-6.168

-4.256

- Schoonmaak en catering

1.289

-4.577

-3.288

1.223

-4.109

-2.886

1.304

-4.380

-3.077

Totaal baten en lasten:

8.054

-32.778

-24.724

9.124

-28.908

-19.783

9.685

-30.774

-21.089

-

-

-

-

-

-

-

-

-

8.054

-32.778

-24.724

9.124

-28.908

-19.783

9.685

-30.774

-21.089

Reservemutaties Geraamd resultaat:

Pagina | 34

2.4

Programma Inburgering

Baten Lasten Saldo

-5.472 -5.472

Ambitie 2025 Wij verwachten in 2025 een aantal van 852 statushouders en 565 Gezinsmigranten in begeleiding te hebben. Dit vraagt om een toenemende ambtelijke inzet en inkoop van trajecten. Gezien onzekerheid over de feitelijke ontwikkeling van de aantallen, vullen wij dat zo veel mogelijk op een flexibele manier in. In eerste instantie is uitgegaan van de bekende gegevens ten tijde van de opstelling van de dienstverleningsovereenkomst (DVO) tussen Stroomopwaarts en de MVS-gemeenten. Op basis van nieuwe taakstelling over het eerste half jaar 2024 zijn de aantallen aangepast. De verwachting is dat deze aantallen verder omhoog gaan gezien de landelijke vluchtelingen problematiek. Stroomopwaarts startte in 2022 met deze taak. Stroomopwaarts neemt ten aanzien van dit programma alleen de uitvoering voor haar rekening. De beleidsinvulling en -coördinatie berust bij de MVS gemeenten. Wat wil Stroomopwaarts bereiken? Effect-indicator

Begroting 2024

Begroting 2025

Het percentage inburgeraars dat voldoet aan de inburgeringsverplichtingen binnen de inburgeringstermijn die hiervoor is afgesproken

80%

80%

De gemiddelde trede zelfredzaamheid van de inburgeraar bij einde inburgering

95% zelfredzaam op financieel gebied (trede 5) 90% zelfredzaam zonder aanvullende maatschappelijke begeleiding

95% zelfredzaam op financieel gebied (trede 5) 90% zelfredzaam zonder aanvullende maatschappelijke begeleiding

Het taalniveau bij het einde van de inburgeringsplicht

60% op B1 niveau

60% op B1 niveau

Pagina | 35

Jaarrekening 2023

Prestatie-indicator

Jaarrekening 2022

Het percentage statushouders dat een opleiding volgt of werk heeft, 3 jaren na de start van de uitkering

Begroting 2023

Begroting 2024

80%

80%

Percentage Plan Inburgering en Participatie (PIP) dat binnen tien weken na huisvesting gereed is

100%

95%

95%

Percentage inburgeraars op B1 route, Z route of onderwijsroute

74%

80%

80%

Bovenstaande indicatoren hebben veelal betrekking op een periode van maximaal drie jaar (inburgeringstraject). In 2025 zal daarom in de loop van het jaar voor het eerst een volledige (eind)rapportage kunnen plaatsvinden in de bestuursrapportages en de jaarstukken. De instroom van statushouders kwam in 2022 langzaam op gang. Daarom zijn er nog geen representatieve prestatie resultaten beschikbaar. Wat gaat Stroomopwaarts daarvoor doen? Vanaf 2022 voert Stroomopwaarts de nieuwe Wet inburgering 2021 uit. Binnen deze wet worden 3 mogelijke routes beschreven die een inburgeraar kan doorlopen, namelijk de onderwijsroute (voorbereiden op het volgen van onderwijs), de B1 route (een route voor taal en (vrijwilligers)werk) en de Z route (zelfredzaamheidsroute). De inburgeringswet is van toepassing op inburgeringsplichtigen van 18 jaar en ouder die zich vanaf 1 januari 2022 in de MVS gemeenten vestigen. De inburgeringswet maakt daarbij onderscheid tussen: - Asielmigranten (dit zijn asielzoekers die als vluchtelingen worden erkend en een asielstatus krijgen) en; - Gezinsmigranten (personen van buiten de EU die zich in Nederland vestigen voor gezinshereniging of gezinsvorming bij een Nederlandse partner).

Stroomopwaarts heeft samen met diverse ketenpartners én de gemeenten in de MVS-regio een sluitende aanpak ontwikkeld die erin voorziet dat er veel aandacht wordt besteed aan taalonderwijs in combinatie met het opdoen van werkervaring. Deze duale aanpak moet ertoe leiden dat de inburgeraar zich snel – maar in ieder geval binnen 3 jaar – thuis voelt in de regio, een sociaal netwerk ontwikkelt en wordt voorbereid op de Nederlandse arbeidsmarkt. Dit geldt voor de inburgeraars in de B1 route en de Z route. De jongeren in de onderwijsroute volgen 5 dagen in de week onderwijs. Als een asielmigrant gekoppeld is aan de gemeente, vindt er een eerste contact plaats. Is de verhuisdatum bekend, dan volgt er een warme overdracht met een begeleider van het asielzoekerscentrum (AZC). Twee weken na huisvesting wordt gestart met de brede intake. Bij gezinsmigranten zoekt de casemanager zo snel mogelijk na vestiging contact met de gezinsmigrant, heet hem of haar welkom en geeft een globale toelichting op wat er de komende periode verwacht wordt. De brede intake vindt plaats nadat de inburgeraar is gehuisvest in zijn of haar nieuwe woonplaats. De brede intake brengt de startpositie en de ontwikkelmogelijkheden van de inburgeraar in kaart.

Hierbij wordt, net als bij de andere cliënten die zich bij Stroomopwaarts melden, gekeken naar alle leefgebieden, waaronder dus ook de fysieke en mentale gezondheid. Naar aanleiding van de brede intake worden in het Plan Inburgering en participatie (PIP) alle afspraken omtrent het inburgeringstraject vastgelegd in de vorm van een beschikking. Daarnaast is er een dynamisch persoonlijk ontwikkelplan waar op verschillende gebieden doelen, die in het PIP zijn afgesproken met de inburgeraar, worden gemonitord. Pagina | 36

De maatschappelijke begeleiding is belegd bij St. Inclusia. Het Praktijkverklaringstraject wordt vormgegeven door Stichting Voorlichters Gezondheid. Voor de onderwijsroute is in de arbeidsmarktregio Rijnmond een regio-brede samenwerking met MBO, HBO en WO, waaraan Stroomopwaarts deelneemt. Dit wordt uitgevoerd door respectievelijk het Albeda college (MBO) en de Erasmus Universiteit (HBO en WO). Het taalonderwijs in de B1-route en de Z-route worden door onszelf uitgevoerd in samenwerking de taalaanbieder Echt Nederlands. De eerste successen zijn inmiddels in het taalonderwijs behaald. Een jaar na de start van hun inburgeringstraject hebben een aantal inburgeraars hun taalexamen gehaald. Zij geven daarmee blijk van een grote leerbaarheid en motivatie! De toeleiding naar vormen van participatie verzorgt Stroomopwaarts zelf. Stroomopwaarts vindt het belangrijk dat er een divers aanbod is, voor zowel hoog- als laagopgeleiden en in verschillende branches. Het aanbod wordt zo veel mogelijk extern gecreëerd. Voor invulling van de B1- en Z-route trekken we nauw samen op met werkgevers en vrijwilligersorganisaties. De trajecten inburgering (circa € 3,5 mln) hebben betrekking op: De onderwijsroute € 0,5 mln De B1 route € 1,40 mln De Z route € 0,80 mln Maatschappelijke begeleiding € 0,75 mln Overige € 0,05 mln Wat gaat het programma Inburgering kosten? Jaarstukken 2023

Programma 4, Inburgering

Baten

- Inburgering

-

-11

- Trajecten wet inburgering ***

-

- Inburgering uitvoeringskosten

Lasten

Primaire begroting 2024 Saldo

Ontwerpbegroting 2025

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

-11

-

-

-

-

-

-

-1.365

-1.365

-

-3.218

-3.218

-

-3.510

-3.510

-

-898

-898

-

-1.737

-1.737

-

-1.962

-1.962

- Ondertussengroep

-

-0

-0

-

-

-

-

-

-

Totaal baten en lasten:

-

-2.274

-2.274

-

-4.955

-4.955

-

-5.472

-5.472

Reservemutaties

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Geraamd resultaat:

-

-2.274

-2.274

-

-4.955

-4.955

-

-5.472

-5.472

Pagina | 37

2.5

Algemene dekkingsmiddelen Jaarstukken 2023

Programma Dekkingsmiddelen

Baten

Lasten

Primaire begroting 2024 Saldo

Baten

Lasten

Ontwerpbegroting 2025

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Bijdrage algemene dienstverlening

23.815

-

23.815

26.330

-

26.330

29.519

-

29.519

Bijdrage werkleerbedrijf

17.821

-

17.821

18.350

-

18.350

17.844

-

17.844

Bijdrage inkomensvoorziening **

86.306

-

86.306

86.145

-

86.145

92.075

-

92.075

Bijdrage loonkostensubsidie **

3.510

-

3.510

4.591

-

4.591

6.853

-

6.853

Bijdrage armoedevoorziening *

22.368

-

22.368

7.646

-

7.646

8.157

-

8.157

Bijdrage inburgering ***

3.546

-

3.546

3.218

-

3.218

3.509

-

3.509

Bijdrage Tozo ****

-517

-

-517

-

-

-

-

-

-

Bijdrage overhead

21.152

-

21.152

20.594

-

20.594

21.960

-

21.960

-

-

-

300

-

300

300

-

300

167.175

-

167.175

180.217

-

180.217

Overige dekkingsmiddelen Totaal baten en lasten: Reservemutaties Geraamd resultaat:

177.999

-

-812

812

177.187

812

177.999 177.999

167.175

-

Naast de deelnemersbijdragen zijn in de overige dekkingsmiddelen verwachte subsidiebaten opgenomen.

Pagina | 38

167.175

180.217

-

180.217

2.6

Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien

Als gevolg van de BBV-voorschriften dienen de overhead, vennootschapsbelasting en de post onvoorzien apart te worden opgenomen. Bij Stroomopwaarts is bij de opstelling van deze begroting nog geen vennootschapsbelasting aan de orde. Gezien het verplichtende karakter is deze post wel opgenomen. Jaarstukken 2023 Overige onderwerpen - Overhead

Baten

Lasten

Primaire begroting 2024 Saldo

Baten

Lasten

2.494

-19.008

-16.515

20

- Vennootschapsbelasting

-

-

-

- Onvoorzien

-

-

2.494

-19.008

228

-

2.722

-19.008

Totaal baten en lasten: Reservemutaties Geraamd resultaat:

Pagina | 39

Ontwerpbegroting 2025

Saldo

Baten

-20.714

-20.694

-

-0

-

-

-16.515

Lasten

Saldo

21

-22.081

-22.060

-0

-

-

-

-200

-200

-

-200

-200

20

-20.914

-20.894

21

-22.281

-22.260

228

40

-

40

40

-

-16.286

60

-20.914

-20.854

61

-22.281

40 -22.220

3 Bijdrage gemeenten In de voorliggende ontwerpbegroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028 van Stroomopwaarts MVS zijn de cijfers uit de begroting 2023 geactualiseerd. Er is uitgegaan van de volgende uitgangspunten en ontwikkelingen: • De ramingen voor 2026–2028 zijn meerjarig berekend in constante prijzen. • Op uitvoeringskosten wordt in 2025 een prijs- en looncompensatie toegepast van 4,4%. • De voor 2024 oorspronkelijk gehanteerde indexering van 3,6% is in overleg met de gemeenten opgehoogd naar 5,8%, dat werkt in veel opzichten ook door naar 2025 en verder. Voor 2024 wordt dit vastgelegd in een begrotingswijziging. • De individuele verstrekkingen en dienstbetrekkingen uit de Participatiewet zijn ingaande 2025 geïndexeerd met 4,4 procent. • Voor 2025 en verder geldt de volgende voorlopige algemene verdeelsleutel: Verdeelsleutel Voorlopig Maassluis Vlaardingen Schiedam

2025 16,9% 40,2% 42,9%

In volgende tabellen is de bijdrage van de gemeenten in de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028 weergegeven.

Pagina | 40

Bijdrage gemeente begroting

2024

2025

2026

2027

2028

MAASSLUIS Verdeelsleutel

10.496

11.717

11.662

11.633

11.578

algemene dienstverlening

4.234

4.989

4.989

5.015

5.015

werkleerbedrijf

2.951

3.016

2.961

2.906

2.851

overhead Specifiek

3.311

3.712

3.712

3.712

3.712

14.815

16.421

16.578

16.709

16.840

uitkeringen

12.267

13.574

13.574

13.574

13.574

loonkostensubsidie

819

930

1.086

1.243

1.400

armoedevoorziening

1.212

1.346

1.346

1.320

1.295

inburgering MAASSLUIS totaal:

517

572

572

572

572

25.311

28.138

28.239

28.342

28.418

VLAARDINGEN Verdeelsleutel

26.305

27.869

27.738

27.670

27.539

algemene dienstverlening

10.610

11.867

11.867

11.929

11.929

werkleerbedrijf

7.395

7.173

7.043

6.912

6.781

overhead

8.299

8.829

8.829

8.829

8.829

44.914

47.963

48.338

48.646

48.955

Specifiek uitkeringen

38.919

40.686

40.686

40.686

40.686

loonkostensubsidie

1.614

2.388

2.763

3.137

3.512

armoedevoorziening

3.084

3.475

3.475

3.409

3.343

inburgering

1.297

1.414

1.414

1.414

1.414

71.219

75.832

76.076

76.316

76.494

VLAARDINGEN totaal: SCHIEDAM Verdeelsleutel

28.472

29.740

29.601

29.528

29.389

algemene dienstverlening

11.485

12.664

12.664

12.730

12.730

werkleerbedrijf

8.004

7.656

7.517

7.377

7.238

overhead

8.983

9.421

9.421

9.421

9.421

41.872

46.207

46.800

47.331

47.861

Specifiek uitkeringen

34.960

37.816

37.816

37.816

37.816

loonkostensubsidie

2.158

3.535

4.129

4.723

5.316

armoedevoorziening

3.351

3.336

3.336

3.273

3.210

inburgering

1.404

1.520

1.520

1.520

1.520

70.344

75.947

76.401

76.859

77.250

166.873

179.917

180.717

181.517

182.162

SCHIEDAM totaal: Totaal dekkingsmiddelen:

Pagina | 41

Overzicht van de bijdrage maatwerk, gespecificeerd per gemeente Maatwerk

2028

2027

2026

2025

2025

2024

MAASSLUIS Soci a l e kredi eten

80 10

85 11

85 11

85 11

85 11

85 11

MAASSLUIS totaal:

90

96

96

96

96

96

Ga ra ntievoorwa a rden

330

352

352

352

352

352

Soci a l e kredi eten

53

56

56

56

56

56

Cons ul ent ma a ts .ontw. Bri efa dres s en

82 64

-

-

-

-

-

VLAARDINGEN totaal:

529

408

408

408

408

408

Ga ra ntievoorwa a rden

43

45

45

45

45

45

Soci a l e kredi eten

27

29

29

29

29

29

ID-ba nen

272

290

290

290

290

290

Peuters peel za a l

13

Extra i nzet a rmoedebel ei d

32

14 34

14 34

14 34

14 34

14 34

SCHIEDAM totaal:

387

413

413

413

413

413

Totaa l ma a twerk

1.006

917

917

917

917

917

Ga ra ntievoorwa a rden

VLAARDINGEN

SCHIEDAM

Pagina | 42

Overzicht van de totale bijdrage per gemeente per jaar, inclusief maatwerk Bijdrage gemeenten inclusief 2024 2025 2026 maatwerk

2027

2028

Maassluis

25.401

28.234

28.335

28.438

28.514

Vlaardingen

71.748

76.240

76.484

76.724

76.902

Schiedam

70.731

76.360

76.814

77.272

77.662

Totaal

167.879

180.834

181.634

182.434

183.079

Pagina | 43

4 Paragrafen In de Financiële Regeling Stroomopwaarts MVS 2022 is aangegeven dat de volgende paragrafen moeten worden opgenomen: 5.1 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing; 5.2 Paragraaf Financiering; 5.3 Paragraaf Bedrijfsvoering; 5.4 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen.

4.1

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Deze paragraaf geeft een overzicht van de belangrijkste risico’s voor het primaire proces van Stroomopwaarts. Per risico worden de beheersmaatregelen benoemd en toegepast. Daardoor moet de impactscore van risico’s lager worden. Vervolgens wordt het weerstandsvermogen van Stroomopwaarts behandeld in relatie tot de genoemde risico’s. Tenslotte volgt een korte samenvatting van de financiële positie. Risico’s van materieel belang In het tweede deel van deze paragraaf zijn de risico’s geïnventariseerd en benoemd. De risico’s zijn beoordeeld aan de hand van een risicotabel. Daarbij is een score 1 tot en met maximaal 10 toegekend voor de kans dat een risico zich voordoet en voor de impact van het risico. Het totaal aan risico’s wordt gecalculeerd op € 1,4 miljoen voor de algemene dienstverlening en € 0,5 miljoen voor de individuele dienstverlening. Onderaan de tabel zijn de totaalbedragen gesplitst naar de gemeenten. Op basis van de gehanteerde normen is een vrije Algemene Reserve van tussen circa € 2,05 mln en € 2,87 mln noodzakelijk. Dat kwalificeert als “voldoende” (1,0 tot 1,4x het geïnventariseerde risicoprofiel). Risicomanagement Een belangrijk punt is het risicobewustzijn in de organisatie van Stroomopwaarts. Het managen van risico’s is een integrale verantwoordelijkheid van het management.

Om goed vinger aan de pols te houden, maken de benoemde risico’s onderdeel uit van de interne en externe rapportages van Stroomopwaarts. Zo wordt verzekerd dat er continu aandacht voor is. Ook is het hierdoor mogelijk (dreigende) risico’s tijdig te melden en bij te sturen. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is het vermogen om niet-structurele financiële risico’s en tegenvallers op te vangen, zonder dat het uitvoeren van taken en de continuïteit van Stroomopwaarts in gevaar komen. Het weerstandsvermogen wordt bepaald door de relatie te berekenen tussen de weerstandscapaciteit (algemene reserve) en de bekende risico’s waarvoor geen afdoende stuur- en beheersmaatregelen kunnen worden getroffen of waarvoor geen voorzieningen bestaan. Bestemmingsreserves worden in deze berekening buiten beschouwing gelaten. Deze hebben een specifieke bestemming en worden in principe niet ingezet om risico’s op te vangen. In 2020 is de Nota reserves, voorzieningen en weerstandsvermogen vastgesteld. Daarin worden het beleid en de uitgangspunten geformuleerd voor de vorming, omvang en het gebruik van reserves en voorzieningen. Ook het onderwerp ‘weerstandsvermogen’ wordt hierin meegenomen. Pagina | 44

Naast het weerstandsvermogen is in de begroting 2024 en volgende jaren per jaar een post onvoorzien opgenomen van € 200. De stand en het verloop van de algemene reserve is als volgt begroot: Algemene reserve bedragen x € 1.000 Stand per 1 januari

2023 2.482

Resultaat voorgaand boekjaar

475

Afrekening resultaat voorgaand

-

2024

2025

2026

2027

2028

2.145

2.145

2.145

2.145

2.145

boekjaar met gemeenten Vorming bestemmingsreserves

-812

-

-

-

-

-

Begrote storting

-

-

-

-

-

-

2.145

2.145

2.145

2.145

2.145

2.145

Begrote onttrekking Stand per 31 december

De omvang van de Algemene Reserve is conform de vastgestelde nota Reserves en Voorzieningen ongeveer gelijk aan 1,4x het risicoprofiel voor Stroomopwaarts. Voor het debiteurenrisico op dubieuze handelsdebiteuren en inkomensdebiteuren is een voorziening opgenomen. In de voorziening voor inkomensdebiteuren zijn een storting en een realisatie geraamd. Voor de voorziening handelsdebiteuren bepalen de uitkomsten van het incassobeleid de hoogte van de voorziening. Door actief debiteurenbeheer blijft betalingsachterstand door debiteuren beperkt. Wanneer betaling uitblijft, wordt uiterlijk dertig dagen na het verstrijken van de betalingstermijn een incassobureau ingeschakeld. Financiële positie Het BBV (Besluit begroting en verantwoording) schrijft voor dat in de begroting bepaalde kengetallen dienen te worden gepresenteerd. Deze kengetallen geven, samen met de duiding die eraan gegeven wordt, inzicht in de financiële positie. Het kengetal ‘netto schuldquote’, de netto schuld als percentage van de inkomsten, geeft een indicatie van de financiële vermogenspositie van Stroomopwaarts. Met deze indicator wordt namelijk de netto schuld, zoals zichtbaar op de balans, uitgedrukt als een percentage van de inkomsten (exploitatie). Als de netto schuldquote boven de 130 procent uitkomt, is er sprake van een hoge schuld.

Daardoor komen mogelijk de uitgaven aan noodzakelijke publieke voorzieningen in gevaar. Als de begrotingsomvang daalt, loopt deze indicator ook bij een gelijkblijvende schuld op. Hiervan is bij Stroomopwaarts echter geen sprake.

Pagina | 45

De ‘solvabiliteitsratio’ geeft inzicht in de mate waarin Stroomopwaarts in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Deze ratio is een pure balansindicator. Het eigen vermogen wordt namelijk uitgedrukt in het balanstotaal. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid. De VNG adviseert een minimale ratio van 20 procent. Stroomopwaarts voldoet in 2024 en verder aan deze norm. De ‘structurele exploitatieruimte’ is een indicator die gebaseerd is op de exploitatie (baten en lasten). Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte Stroomopwaarts heeft om de eigen lasten te dragen. Voor de beoordeling van het materieel evenwicht van de begroting, wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten, is flexibeler dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. Financiële kengetallen begroting Kengetal Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit

2025 -0,76% -0,76% 25,30% NVT 0,00% NVT

2026 -0,71% -0,71% 23,10% NVT 0,00% NVT

2027 -0,69% -0,69% 21,22% NVT 0,00% NVT

2028 -0,84% -0,84% 21,33% NVT 0,00% NVT

Op basis van bovenstaande kengetallen kan geconstateerd worden dat de schuldpositie onverminderd laag blijft en dat de solvabiliteit de komende jaren ongeveer gelijk blijft.

Pagina | 46

Risico's bij paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing (bedrag x €1.000) Risico Kans Impact Score Toelichting Beheersingsmaatregelen A. Algemene dienstverlening Realiseren van de 4 3 12 In de begroting wordt uitgegaan van een gemiddelde • Intensieve werkgeversbenadering en acquisitie toegevoegde waarde loonwaarde (WSW, Beschut, loonkostensubsidies). • Tijdige loonwaardemeting die gebaseerd is op Daadwerkelijke realisatie hangt mede af van niveau • Begeleiding de loonwaarde van de instroom, afspraken met klanten en • Ontwikkelen PMC's die aansluiten op ontwikkeling doelgroep en beschikbaarheid van werk en diensten. Genoemd arbeidsmarkt bedrag is gebaseerd op achterblijven verwachte • Juiste, volledige en tijdige inrichting en registratie in drie systemen: opbrengsten PMC's participatie, beschut en WSW Civision, Navision en HR met 10%. Beroep op Schuldhulpverlening

Pagina | 47

3

2

6

De stijging van de energielasten heeft in de afgelopen periode geleid tot een toename van problematische schulden en het aantal aanmeldingen voor schuldhulpverlening. Door Stroomopwaarts is invulling gegeven aan vroegsignalering. De wijziging geeft gemeenten de mogelijkheid om gegevens van burgers met betalingsachterstanden in een vroeg stadium uit te wisselen met woningcorporaties, energie- en drinkwaterbedrijven en zorgverzekeraars. Hierdoor krijgen gemeenten mensen met schulden tijdig in beeld en kunnen zij schuldhulpverlening aanbieden. De beschikbare formatie is ingaande 2023 aangepast op basis van extra rijksmiddelen, daarom wordt dit risico nu minder hoog ingeschat dan in de jaarstukken over 2022.

• Beschikbaar stellen extra middelen uitvoering, continueren vroegsignalering en schuldenlab • Procesoptimalisatie • Samenwerking met maatschappelijke partners

Bedrag € 502

€ 29

Beschikbare capaciteit voor kwalitatieve dienstverlening (ziekteverzuim, werkdruk)

3

3

9

Het ambtelijke ziekteverzuim over 2023 was gemiddeld circa 9%. De landelijk trend is, dat het ziekteverzuim toeneemt, die trend is dus ook zichtbaar bij Stroomopwaarts. De doelstelling voor het ziekteverzuim in 2024 is gemiddeld 7,5%. Om de kwaliteit van de dienstverlening te kunnen verbeteren (doorontwikkeling) en te voorkomen, dat er een te hoge werkdruk ontstaat, is er voldoende capaciteit nodig. Zo nodig moet er worden ingehuurd. Hier is uitgegaan van 1,5% extra inhuur.

• Professionaliseren managementinformatie verzuim, verlof en analyse • Aanpak ziekteverzuim • Samenwerking met arbodienst • Procesmanagement • Flexibele schil

€ 143

Harmonisatie beleid en uitvoering,

3

2

6

Stroomopwaarts heeft de opgave om efficiënt en effectief te werken. Hierbij is harmonisatie van beleid en uitvoering voor de drie gemeenten essentieel. Vertragingen en intensiviteit van overleg om te komen tot harmonisatie van beleid, geven extra druk op de organisatie. Daardoor is er minder ruimte voor innovaties en ontwikkelingen en de noodzaak tot een hogere inzet van beleidscapaciteit.

Gezamenlijke verantwoording van Stroomopwaarts en gemeenten: • Opvolging aanbevelingen Berenschotrapport • Regie op beleidsontwikkeling • Kwaliteit personeel verhogen • Professionele samenwerking

€ 23

Pagina | 48

Ontwikkeling gemiddelde salarissen en sociale premies

4

3

10

In februari en december 2023 zijn cao afspraken gemaakt tussen VNG en bonden over de salarissen van het ambtelijk personeel. De gemiddelde stijging voor 2023 en 2024 bedraagt in totaal circa 14%. De indexering van de gemeentelijke bijdragen aan Stroomopwaarts in deze jaren (voorlopig in totaal 8,5%) blijft daarbij achter en is ook benodigd voor overige sterke kosten stijgingen (denk met name aan energielasten). Ook wordt na lang overleggen en actievoeren de cao Aan de Slag verlengd en verbetered en de cao WSW opengebroken en verbeterd. De gemeentelijke indexatie is daardoor ontoereikend en zal ingaande 2024 verder moeten worden aangepast (daarvoor ontvangen de gemeenten overigens middelen via het gemeentefonds). We gaan voorshands uit van 1,3%, op basis van een reguliere nacalculatie. Risico is berekend op onderdekking van 2,5% en zal lager uitvallen als nacalculatie is verwerkt in de bijdrage, maar daarover is nu nog geen zekerheid.

• Tijdige actualisatie begroting, aanpassing indexatie door de gemeenten voor 2024

€ 496

Subsidieregeling Lage Inkomens Voordeel LIV

1

1

1

Het lage-inkomensvoordeel (LIV) is een regeling die is ingegaan op 1 januari 2017. Deze regeling is onderdeel van de Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl). Het LIV is een jaarlijkse tegemoetkoming voor werkgevers die werknemers in dienst hebben met een laag loon. Hierdoor dalen de loonkosten voor de werkgever. De kans op werk voor deze werknemers neemt dan toe. Het risico bestaat, dat deze regeling wordt afgeschaft of afgebouwd.

• Tijdige actualisatie begroting.

€ 10

Pagina | 49

Doorlooptijd Kinderopvang Toeslag Affaire

4

2

8

De doorlooptijd van de plannen van aanpak voor de erkende gedupeerden van de Kinderopvang Toeslag (KOT) affaire is langer dan de ingecalculeerde 40 uur, omdat de belastingdienst de besluitvorming over de integrale beoordeling voor de aanvullende compensatie door heeft geschoven naar 2026 en verder. Op dat zijn er van de gestarte plannen van aanpak er ongeveer 140 nog niet afgesloten die wel begeleiding nodig hebben van ongeveer (20 uur per dossier)

Rijk aanspreken voor extra middelen vanwege achterblijvende voortgang, inzet organisatie

€ 84

Overdracht bedrijfsvoering, inclusief ICT, aan Stroomopwaarts

3

4

10

Per 2022 is de bedrijfsvoering overgebracht naar Stroomopwaarts. Een echt inzicht in de feitelijke kosten van deze bedrijfsvoeringstaken ontbrak, deze werden bij de gemeenten vaak niet geregistreerd en er heeft in de afgelopen jaren geen nacalculatie plaatsgevonden. Het externe advies van BMC gaf aan, dat de overgedragen budgetten naar verwachting circa € 0,8 mln te laag zijn om de taken op een voldoende niveau te kunnen uitvoeren. Daarnaast is de overdracht gebeurd op basis van de bestaande middelen van de gemeenten. Het is zeer onzeker of dit voldoende ruimte biedt om de systemen te optimaliseren. Zoals afgesproken wordt dat na 2 jaar, begin 2024, geëvalueerd.

* Evaluatie overdracht bedrijfsvoering na twee jaar • Opstellen ontwikkelagenda ICT • Optimale inrichting Procesmanagement • Optimale inrichting Informatiemanagement • Tijdelijke middelen beschikbaar stellen (gemeente) voor de uitvoering, doordat de ICT-maatregelen vertragen • Regeling aanpassen, waardoor Stroomopwaarts meer mogelijkheden heeft om koppelingen (DKD) te realiseren • Voldoende middelen (tijd en geld) voor de ontwikkelopgave

€ 320

Cyber aanval

1

5

5

Steeds vaker worden organisatie geconfronteerd met cyber aanvallen (ransomware, DDoS-aanvallen). Dat leidt tot uitval van de systemen en het stilvallen van de dienstverlening. Er zijn dan maatregelen nodig om deze weer te herstellen.

• Voldoen aan door overheid gestelde normen ICT-veiligheid (Baseline Informatiebeveiliging Overheid). • Uitvoeren jaarlijkse IT-audits en testen • Up-to-date houden software

€ 50

Pagina | 50

Externe Inkomsten

2

2

4

Stroomopwaarts spant zich in om de reguliere * Op orde brengen en houden van administratieve organisatie ten activiteiten mede te dekken door het verwerven van aanzien van subsidieaanvraag en -verantwoording externe inkomsten, daarmee kan de bijdrage van de gemeenten worden gematigd. Voorbeeld is de ESF (Europese subsidie). Om aan de subsidievoorwaarden te voldoen worden scherpe eisen gesteld, ten aanzien van verantwoording en cofinanciering, waardoor het niet altijd zeker is dat de inkomsten daadwerkelijk kunnen worden gerealiseerd.

€ 45

Achterstalling onderhoud panden Werkleerbedrijf

3

3

9

Bij het Werkleerbedrijf zijn in alle drie de gemeenten panden in gebruik ten behoeve van productiewerkzaamheden en het opzetten van leerlijnen voor werkzoekenden. Het onderhoud van de betreffende panden is een punt van zorg. Het risico bestaat, dat door de onvoldoende staat van onderhoud productieverlies plaatsvindt of leerlijnen en re-integratie activiteiten (tijdelijk) dienen te worden stilgelegd.

€ 350

TOTAAL Algemene dienstverlening

Pagina | 51

• Inventarisatie onderhoudstoestand panden • Beschikbaar stellen voldoende middelen voor planmatig en groot onderhoud • Op sterkte brengen capaciteit gebouwenbeheer

€ 2.051

Risico

Kans Impact Score Toelichting

Beheersingsmaatregelen B. Individuele dienstverlening In de begroting 2024 wordt uitgegaan van een • Actieve werkgeversbenadering voor het creëren en/of faciliteren gemiddeld aantal bijstandsuitkeringen van 5.081. Het van nieuwe plaatsingen feitelijke standcijfer eind 2023 ligt daar licht boven • Vernieuwende/innovatieve training voor ontwikkeling doelgroep (circa 5.170), er zou dus een daling moeten worden • Handhaving/maatregelen gerealiseerd in 2024 om het begrote gemiddelde te • Experimenten vanuit middelen gemeentefonds 2020 realiseren. Het Centraal Plan Bureau voorziet echter • Sluitende aanpak, in samenwerking met onderwijs voor 2024 enigszins ongunstige economische • Aanpak statushouders gericht op werk omstandigheden en daarmee een landelijke stijging • Inzet voorliggende voorzieningen van het aantal bijstandsuitkeringen met ruim 2% . Het • Flexibiliteit in bemiddeling naar werk (parttime inkomsten die risico bestaat dat deze trend zich vertraalt naar de verrekend worden met de uitkering) MVS regio en het aantal uitkeringen stijgt naar circa • Werkleertrajecten (ook in samenwerking met het UWV) 5.275. De gemeenten ontvangen overigens een ruimschoots toereikende BUIG uitkering ter dekking hiervan (blijkens de voorlopige beschikkingen in september 2023).

Inkomensvoorziening (uitkeringen)

3

3

9

Inkomensvoorziening (dubieuze uitkeringsdebiteuren)

1

3

3

De voorziening dubieuze uitkeringsdebiteuren was niet voldoende op peil om in de debiteurenvordering te voorzien. De incassoquote lag lager dan de vordering onder aftrek van de voorziening. In de afgelopen jaren zijn er maatregelen genomen om de incassoquote te verbeteren.

SPUK inburgering

2

2

4

Ingaande 2022 voert Stroomopwaarts de • Monitoren gebruik voorzieningen, tijdig bijsturen. inburgeringstaken uit voor de MVS-gemeenten. Het is nog onzeker of de middelen die het Rijk hiervoor ter beschikking stelt voldoende zijn (met name aanbieden B1 route, Z-route, maatschappelijke begeleiding). Berekening gaat uit van een tekort van 5% op de specifieke uitkering (SPUK)

Pagina | 52

• Inrichten sturingsproces op het incassoproces, mijlpaal inbouwen om de methodiek te herzien • Beoordelen impact van de gewijzigde BBZ-regelgeving op de voorziening • Verminderen terugvorderingen door tijdige signalering • Inzet op handhaving

Bedrag € 1.154

€ 60

€ 37

Armoedevoorzieningen

2

2

TOTAAL Individuele dienstverlening

Pagina | 53

4

Begin 2020 hebben de gemeenten nieuw beleid • Monitoren gebruik voorzieningen vastgesteld. Hierin is geen volledige harmonisatie • Aanpassen proces op verschillende regelgeving per gemeente bereikt. De beperkte harmonisatie levert een risico op voor de kwaliteit. Het karakter van een openeinderegeling levert een financieel risico op. Met name op de onderdelen bewindvoering. De herziening van het armoedebeleid vindt plaats in 2024

€ 45

€ 1.296

4.2

Paragraaf Financiering

Het doel van de treasuryfunctie van Stroomopwaarts kan worden geformuleerd als het: ▪ sturen op, ▪ beheersen van, ▪ verantwoorden over en ▪ toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, geldstromen en financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Stroomopwaarts doet dit op zodanige wijze dat risico’s geminimaliseerd en opbrengsten geoptimaliseerd worden. In het Treasurystatuut Stroomopwaarts MVS is bovenstaand doel in concretere doelstellingen vertaald. De doelstellingen komen in het kort neer op betrouwbare toegang tot financiële markten, minimalisering van de kosten, optimalisering van het renteresultaat en het waarborgen van taken en verantwoordelijkheden. Liquiditeitenoverzicht De treasuryfunctie waarborgt dat Stroomopwaarts te allen tijde aan haar betalingsverplichtingen kan voldoen. Dit betekent dat er voorafgaand aan de begrotingsperiode een liquiditeitsprognose wordt opgesteld en dat deze prognose regelmatig getoetst zal worden aan de daadwerkelijke geldstromen. De prognose is gebaseerd op de begroting waaruit de kasstromen worden geconstrueerd. De prognose bevat dus aannames, waardoor regelmatige toetsing belangrijk is. Elk jaar wordt bij de begroting een actuele prognose gepresenteerd. Het verbeteren van de incassoquote bij inkomensdebiteuren en het aanscherpen van het beheer van de handelsdebiteuren, moeten bijdragen aan een meer positieve cashflow.

Financieringsbehoefte

2024

2025

2026

2027

Per 1 januari Verwachte cashflow o.b.v. begroting 2023-2026 Investeringen

-0,8

-0,5

-0,2

-0,0

0,3

0,3

0,2

0,0

-

-

-

-

Aflossingen

-

-

-

-

Per 31 december

-0,5

-0,2

-0,0

-0,0

In bovenstaande tabel betekent een positief bedrag een behoefte (= aflossen/sparen), een negatief bedrag betekent een tekort (= lenen). Omdat de uitgaven en inkomsten in tijd niet synchroon lopen, is er doorlopend sprake van een tijdelijk tekort of overschot aan financiële middelen. Uit de verwachte cashflow blijkt dat Stroomopwaarts binnen de kasgeldnorm blijft. Dit betekent dat met kortlopende financiering kan worden volstaan. Zolang de kortlopende lening rentebaten oplevert, is het niet kosteneffectief om een langlopende lening af te sluiten. Als onverhoopt toch een hogere

Pagina | 54

financieringsbehoefte ontstaat, waardoor het aantrekken van langlopende financiering (looptijd >1 jaar) noodzakelijk wordt, dan wordt dit gemeld via de bestuursrapportage en/of in de jaarstukken. Optimalisering renteresultaat Voor de te betalen of te ontvangen rente in 2025 wordt uitgegaan van het volgende percentage: Te lenen geld <1 jaar: 0,00 procent (begroot is € 0) Uitgezet geld <1 jaar: 0,00 procent (begroot is € 0 - schatkistbankieren). Door bij het aantrekken van leningen gelijktijdig bij zoveel mogelijk partijen offertes op te vragen, bevordert Stroomopwaarts de concurrentie tussen die partijen. Op basis van de notitie Rente 2017 van de BBV-commissie is de rentetoerekening gewijzigd. Stroomopwaarts hanteert geen rente-omslagpercentage, omdat sprake is van project-, of taak specifieke financiering en heel beperkt van investeringen. Begrote rentelasten worden dan ook volgens de nieuwe voorschriften toegerekend aan het taakveld waar de financiering betrekking op heeft. De liquiditeitsbehoefte ontstaat door het (voor-)financieren van werkkapitaal (vooral door het ontstaan van debiteuren). De kosten voor financiering beslaan dus in overgrote mate het taakveld inkomensregelingen. Dit is dan ook de reden dat Stroomopwaarts vooralsnog uitgaat van projectfinanciering voor dat taakveld. Het verwachte renteresultaat voor 2025 is daarom nul.

a. b.

c1

Renteschema 2024 (bedragen x € 1.000) De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten Saldo rentelasten en rentebaten: De rente die aan grondexploitatie moet worden doorberekend

c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

Bedrag

-/-

0 0

-/-

-

-/-

0

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente: d1 d2

Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen (in én externe rente) De aan taakvelden toegerekende rente via rente-omslag Resultaat op het taakveld treasury voor de rente

In de latere jaren wordt een lichte stijging van het rentepercentage verwacht. Pagina | 55

+/+ +/+

-

Wettelijke kaders Uiteraard zullen de wettelijke kaders bewaakt worden. De meest relevante hiervan zijn de kasgeldnorm - die stelt dat Stroomopwaarts maximaal 8,2 procent van haar begroting aan kortlopende financiering heeft - en het voorschrift dat een eventueel overschot aan liquide middelen in ’s Rijks Schatkist wordt aangehouden. Stroomopwaarts heeft op dit moment geen langlopende leningen die afgelost dienen te worden. Daardoor wordt aan de renterisiconorm van 20 procent voldaan. Limiet

Doellimiet

Bijzonderheden

Kasgeld

M aximalisering financiering met

Overschrijding is toegestaan

limiet

kortlopende leningen (tot één

(maximaal twee

jaar)

achtereenvolgende kwartalen)

Renterisic Beheersing renterisico bij o norm

Geen

Norm in % van

Bedrag in

begrotingstotaal

€ miljoen

8,2%

16,0

20,0%

39,0

(her)financieringen (vanaf één jaar) door spreiding van de financieringsmomenten

Waarborgen taken en verantwoordelijkheden In het Treasurystatuut is de doelstelling opgenomen, dat gewaarborgd wordt dat taken en verantwoordelijkheden binnen de treasury duidelijk worden geregeld. De eerste belangrijke stappen zijn al gezet met de Financiële Verordening Stroomopwaarts en het Treasurystatuut Stroomopwaarts. Meer op het uitvoerende niveau wordt het treasuryproces beschreven en worden taken en verantwoordelijkheden vastgelegd om toetsing op deze doelstelling mogelijk te maken.

Pagina | 56

4.3

Paragraaf Bedrijfsvoering

Stroomopwaarts is sinds januari 2022 zelf verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering en heeft, met de beëindiging van het hostingsmodel, een aantal zeer grote stappen gezet op dit gebied. Stroomopwaarts kan nu zelf haar bedrijfsvoeringsfunctie vorm geven. Deze wordt sober en doelmatig ingericht. De ambitie voor bedrijfsvoering blijft echter onverminderd van kracht. Deze is gericht op een optimale dienstverlening en efficiënte ondersteuning van de werkprocessen, die nodig is om de primaire (uitvoerende) afdelingen hun ambities te laten waarmaken. De unit Bedrijfsvoering is dus een volwaardige businesspartner van de lijnorganisatie. Cliënt- en ondernemersperspectief staan daarbij voorop. Snelheid en kwaliteit zijn uitgangspunten bij (telefonische) dienstverlening, het betalen van de uitkering en het aanbieden van een passende re-integratievoorziening. Hierbij wordt gewerkt met servicenormen, zodat het voor cliënten duidelijk is wat zij kunnen verwachten. Betrouwbare en duidelijke communicatie is hierbij essentieel. Wij communiceren om die reden dan ook met onze cliënten op A2 niveau (Nederlandse taal toereikend voor eenvoudige, alledaagse situaties). Wat wil Stroomopwaarts bereiken? Om de kwaliteit van de dienstverlening te kunnen meten, wordt gekeken naar de volgende prestatie-indicatoren: Effect-indicator

Jaarrekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Cliënttevredenheid (KTO) onder cliënten van de Participatiewet (tweejaarlijks gemeten door BMC).

7,4

7,3

7,5

Klanttevredenheid commerciële klanten

8,2

8

8

Het ziekteverzuim van het ambtelijk personeel ligt onder het landelijk gemiddelde voor vergelijkbare organisaties

9%

< 5,4%

< 7,5%

Bij ambtenaren wordt landelijk een hoog verzuim door psychosociale arbeidsbelasting (PSA) gezien, het benchmarkcijfer 2021 (SBCM) ligt op 7,5%. Stroomopwaarts sluit hierbij aan op de landelijke trend. Dit blijkt mede uit de analyse van de diagnoses gebonden aan de verzuimmeldingen bij de Arbodienst. Het aandeel van verzuim door psychosociale arbeidsbelasting is op dit moment 10% hoger dan voor de Covid 19-crisis (2019). Mogelijk hangt dit samen met de werkdruk en veranderingen in de maatschappij. Mensen hebben meer zorgen (na de pandemie, financieel, oorlog in Oekraïne, mantelzorg) en de maatschappij verlangt steeds meer van de medewerkers. Het realiseren van een ziekteverzuim onder de landelijke benchmark (SBCM, 2021) is momenteel maximaal haalbaar. Het realiseren hiervan is zeer wenselijk, met name ook vanuit de noodzakelijke zorg voor onze medewerkers.

Pagina | 57

Prestatie-indicator

Jaarrekening 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Absoluut aantal bezwaarschriften

477

970

970

Het percentage bezwaarschriften dat (ambtelijk of anderszins) gegrond wordt verklaard

5,3%

< 25%

< 25%

Bij het KCC wordt een telefoongesprek direct afgehandeld

74%

60%

60%

Wat gaat Stroomopwaarts daarvoor doen? In de strategische visie Werk en Inkomen is aangegeven dat Stroomopwaarts het dienstverleningsconcept evalueert en waar nodig vernieuwt. In 2024 wordt deze evaluatie uitgevoerd. De uitkomst van deze evaluatie wordt meegenomen in een nieuwe strategische visie werk en inkomen, welke in 2025 wordt opgesteld. Tevens wordt in 2024 een formele evaluatie gedaan ten aanzien van de vraag of Stroomopwaarts over voldoende middelen beschikt om de bedrijfsvoeringsfunctie goed en doelmatig in te richten. Stroomopwaarts heeft twee jaar de tijd gehad om de overname van de hosting een plek te geven in de staande Stroomopwaarts organisatie. Uit regelmatige evaluatie en bijsturing moet blijken of Stroomopwaarts de bedrijfsvoering ontvangen heeft, die nodig is om alle ambities van de organisatie waar te maken. We zijn nog volop in beweging om de systemen en methodieken aan te passen en door te ontwikkelen, zodat deze aansluiten bij op de werkprocessen en beleidskeuzes binnen Stroomopwaarts.

De evaluatie van de hosting vindt plaats op basis van vijf aandachtpunten: Efficiency (werken tegen reële kosten, kwalitatieve capaciteit en uniforme, korte en slimme (LEAN) werkprocessen); Effectiviteit (werken met SMART (beleids)doelstellingen en conform de plan/do/check/act-cyclus); Rechtmatigheid (voldoen aan de relevante wet- en regelgeving rekening houdend met de menselijke maat, mandateringsafspraken en vastgestelde beleidsregels, hierop controleren en bijsturen); Checks and balances (data in de vorm van managementinformatie, onafhankelijke kritische toetsing van beleid en processen); Kernwaarden Verbinden, Innovatief en Toonaangevend (communicatiemix, houding en gedrag, inzetten op het uitdragen van onze kernwaarden en hierin herkend en erkend worden door onze stakeholders). De uitkomst van deze evaluatie wordt, indien nodig, via een begrotingswijziging in 2025 verwerkt. De bedrijfsvoering van Stroomopwaarts streeft naar zichtbare resultaten. De cliënt staat centraal en wordt met respect behandeld. Stroomopwaarts blijft samen met de gemeenten continu kritisch en alert op (het voorkomen van) misstanden. Cliënten wachten ook niet langer dan strikt noodzakelijk. Wie een uitkering nodig heeft, moet deze makkelijk aan kunnen vragen. Het aanvragen van een uitkering is laagdrempelig en gebruiksvriendelijk ingericht. Digitaal waar mogelijk, maar tegelijkertijd ook fysiek.

Immers, er zal altijd een groep blijven waarvoor digitale dienstverlening niet haalbaar is. Daarom kan een inwoner altijd persoonlijk geholpen worden door de Formulierenbrigade met het invullen van een papieren of een digitale aanvraag. Pagina | 58

Door digitalisering worden processen verkort en kunnen cliënten beter ondersteund worden in hun ambities voor werk en inkomen. Vanaf 2024 wordt gewerkt met AFAS, een nieuw ERP systeem. Lopende 2024 wordt dit systeem verder uitgebouwd met extra functionaliteiten, zodat in 2025 de bedrijfsvoering van, met name, het werkleerbedrijf efficiënter verloopt. Maar ook wordt hiermee de monitoring en rechtmatige afwikkeling van financiële processen vergroot. Door de digitale frontoffice (onder andere een burgerportaal) zet Stroomopwaarts een volgende stap in de standaardisatie van de processen en gaat met behulp van procesautomatisering de afhandeling meer standaardiseren dan nu het geval is. Ook wordt in 2025 robot programmering verder ontwikkelt om administratieve processen verder te automatiseren en tot een snellere verwerking van eenvoudige aanvragen te komen. De kwaliteit van de dienstverlening is hoog. De manier van werken wordt getoetst bij inwoners, opdrachtgevers, partners en het bedrijfsleven. Van de medewerkers van Stroomopwaarts wordt verwacht dat zij gemotiveerd en deskundig zijn. Zij worden in hun ambities ondersteund door de Strategische Personeelsplanning, die in speelt op de in de toekomst gevraagde kwantitatieve en kwalitatieve bezetting van de organisatie en krijgen ontwikkelingsmogelijkheden aangeboden.

De verantwoordelijkheid wordt steeds zo laag mogelijk in de organisatie gelegd. De (organisatie) verbetering wordt continue voortgezet door het inzetten van projectmanagement en beleidsadvisering, met oog voor ontwikkelingen van buitenaf. Daarnaast wordt de samenwerking op communicatievlak en bestuurlijke aangelegenheden verstrekt. Stroomopwaarts richt in 2025 zijn organisatie verder in op de uitvoering van de WOO (Wet Open Overheid). Hiervoor wordt een apart voorstel opgesteld, inclusief mogelijke financiële consequenties. Verder wordt er effort gestoken in een sociale manier van inkopen om daarmee het imago alsook de betrokkenheid van leveranciers bij onze sociale doelstellingen te vergroten. De rechtmatigheidsverantwoording noodzaakt Stroomopwaarts tot een meer integrale beheersing van haar risico’s. Het zoveel als mogelijk beheersen van de bedrijfsrisico’s in de primaire processen waarin deze risico’s van toepassing zijn, heeft een hoge prioriteit. Ook ondersteunende en besturende processen zullen met behulp van LEAN uitgangspunten beschreven en verbeterd worden. Het bezwaarproces is aangepast naar een oplossingsgerichte en informele werkwijze waarbij dienstbaarheid en evenredigheid meer centraal komen te staan. Begin 2025 zijn voor de beschreven processen een continu verbetercyclus gerealiseerd.

De kwaliteit van de organisatie blijft onder permanente aandacht staan om het dienstverleningsconcept verder te verbeteren en actueel te houden voor wat betreft de wensen van de cliënt, commerciële klanten en overige contacten/belanghebbenden. Stroomopwaarts investeert, met het oog op een optimale dienstverlening, in opleidingen en ontwikkeling. Medewerkers krijgen kansen om zich te ontwikkelen en breed inzetbaar te zijn voor de organisatie. Goed werkgeverschap staat voorop bij Stroomopwaarts, zowel voor ambtelijke medewerkers als voor kwetsbare groepen. Medewerkers voelen zich thuis en worden uitgedaagd in hun werk. Ook de medewerkerstevredenheid wordt gemeten en de ambitie is om hoger dan een 7 te scoren. Ten aanzien van ziekteverzuim wil Stroomopwaarts het beter doen dan de landelijke benchmark. Vanuit het strategisch HR-plan (2022-2025) worden de volgende onderwerpen uitgewerkt en geoptimaliseerd: Werving & Selectie, Opleiding en Ontwikkeling, Strategische personeelsplanning, Leiderschapsontwikkeling, Gezondheid en Welzijn, Hybride werken. Met deze onderwerpen willen we in 2025: • Samen Stroomopwaarts vormen waar iedereen zijn of haar rol inneemt en daar naar handelt. Pagina | 59

• Voorbereid zijn op de toekomst met ons huidige personeelsbestand; • HR beleid en -uitvoering hebben, dat onze medewerkers nog beter in staat stelt onze opgaven te halen. Dit betekent dat leiderschap (verder) is ontwikkeld; medewerkers zijn gekwalificeerd en vakbekwaam, medewerkers en cliënten werken en voelen zich veilig (in de breedste zin) en de organisatie kent een verzuim onder de benchmarkgemiddelde. Medewerkers, die werken in het werkleerbedrijf zijn kwetsbaar, vaak langdurig aan Stroomopwaarts verbonden en hebben vaak geen keuze om elders te werken. Dit geldt in het bijzonder voor medewerkers met een beperking en een indicatie, maar ook voor de cliënten met een uitkering. De omgeving waarin zij werken moet voldoen aan de eisen van gezond, heel, veilig en goed werkgeverschap. De huidige werkleerbedrijven hebben (achterstallig) onderhoud, waarin wordt geïnvesteerd, zodat in 2025 de werkomstandigheden voor de meest kwetsbare doelgroepen verbeterd. De gelden hiervoor zijn opgenomen in de gemeentelijke begrotingen en komen niet in deze begroting terug. Stroomopwaarts heeft verspreid over de MVS-gemeenten zeven locaties. Doordat er steeds meer thuis wordt gewerkt en medewerkers verspreid zitten als ze naar kantoor komen, heeft Stroomopwaarts ook de wens om de officefuncties te bundelen op één locatie.

In 2023 is besluitvorming aangaande de noodzakelijke toekomstige huisvesting in gang gezet via de bestuurlijke stuurgroep huisvesting, de colleges van de MVS gemeenten en daarna de gemeenteraden. Het uitgangspunt is te komen tot een huisvesting van SOW die sober en doelmatig is, maar wel passend voor de doelgroep. In 2024 wordt de besluitvorming verder vorm gegeven, waarna hopelijk in 2025 de procedure voor toekomstige huisvesting opgestart kan worden.

Pagina | 60

4.4

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen

Inleiding Deze paragraaf geeft inzicht in het beheer en onderhoud van de verschillende kapitaalgoederen van Stroomopwaarts. Grote bezittingen heeft Stroomopwaarts niet. Gebouwen en vaste installaties zijn eigendom en in beheer van de gemeenten. Stroomopwaarts bezit voornamelijk voertuigen, mobiele machines en ICT-apparatuur. De omvang van deze kapitaalgoederen is beperkt. Er vinden op kleine schaal vervangingsinvesteringen plaats. Stroomopwaarts stelt daarom geen aparte beleidsnota onderhoud kapitaalgoederen op. De richtlijnen van de commissie BBV zijn leidend. Huisvesting De discussie over en de uitwerking van een passende en doelmatige huisvesting staat op de agenda. De stuurgroep huisvesting, ondersteund door meerdere werkgroepen, is bezig om de visie vast te leggen en daarna uitvoering te geven aan de ontwikkeling hiervan. Dat is naar verwachting een traject van meerdere jaren. Stroomopwaarts is nu niet zelf verantwoordelijk voor haar huisvesting. Bij de evaluatie van SOW is geadviseerd deze situatie te veranderen. Besluitvorming over de toekomstige huisvesting loopt via de bestuurlijke stuurgroep huisvesting, de colleges van de MVS gemeenten en daarna de gemeenteraden. Het uitgangspunt is te komen tot een huisvesting van SOW die sober en doelmatig is, maar wel passend voor de doelgroep.

Het wordt in de huidige omstandigheden een opgave om in de komende jaren te voldoen aan wet- en regelgeving op het gebied van arbeidsomstandigheden, duurzaamheid en veiligheid. Er is sprake van achterstallig onderhoud bij de werkleerbedrijven. Dit zal worden geobjectiveerd door het opstellen van meerjaren onderhoudsplannen (MOP’s). Het is aan de gemeenten om de middelen hiervoor in hun begrotingen op te nemen, zolang de huisvesting nog niet aan SOW is overgedragen. De huisvestingssituatie gaat vragen om het vrijmaken van extra middelen door de gemeenten, welke toekomstvariant er ook gekozen wordt. De komende jaren staat verduurzaming en energie neutraal maken van huisvesting op de landelijke agenda van de overheid. De werkleerbedrijven voldoen daar nu niet aan. Investeringen in duurzaamheid en energieneutrale gebouwen worden in de komende jaren aan het budget toegevoegd. Uiteindelijk worden die investeringen op de langere termijn terug verdiend. Beheer en onderhoud Het Werkleerbedrijf beheert het wagenpark van Stroomopwaarts. Dit wagenpark bestaat uit circa 90 objecten. Het administratief beheer van de middelen en voertuigen vindt plaats in het ERP-systeem. Hierin zijn de stamgegevens vastgelegd. Ook wordt hierin bijgehouden of en wanneer keuring, onderhoud, en dergelijke, dienen plaats te vinden en wanneer dit is gebeurd.

Verder worden de verzekeringspolissen, tankpassen en de gegevens van de Track-& Trace-module vastgelegd. Het Bedrijfsbureau van het Werkleerbedrijf voert het administratief beheer uit. Het geeft tijdig door aan de operationele managers en/of technische dienst wanneer keuringen en dergelijke dienen te worden uitgevoerd. Ook legt het Bedrijfsbureau onderhoudscontracten vast. Voor het onderhoud van middelen heeft het Werkleerbedrijf te maken met wettelijke eisen volgens de Arbowetgeving. Ieder jaar voeren de eigen Arbo- en ISO-coördinator en preventiemedewerkers reguliere controles en audits uit. Zij hebben oog voor de staat van het onderhoud. Voor het uitvoeren van

Pagina | 61

onderhoud zijn in de begroting van Stroomopwaarts de benodigde financiële middelen voorzien. De ramingen zijn gebaseerd op regulier (jaarlijks terugkerend) onderhoud. Voor de hoogstnoodzakelijke aanpassingen en kleinschalige vervanging zijn middelen voorzien in de begroting. Investeringen Het kan om verschillende redenen nodig zijn machines, vervoermiddelen of andere productiemiddelen te vervangen. Bijvoorbeeld door slijtage, het streven naar een efficiënter productieproces en door veranderingen van geldende normen. Na het beschikbaar komen van een krediet worden bij elke investering drie offertes opgevraagd (meervoudig onderhands), of worden ervaringscijfers gebruikt. Wanneer investering de beste optie blijkt, wordt met in achtneming van de geldende aanbestedingsregels zorgvuldig overwogen bij welke leverancier het productiemiddel wordt aangeschaft. Voor 2025worden in 2023 vervangingsplannen opgesteld. Investeringen leggen meerjarig beslag op de financiële middelen van een organisatie. Binnen Stroomopwaarts wordt op kleine schaal geïnvesteerd, waardoor het effect beperkt is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14081870/1