CConstaterende datSchiedam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Monitor Leefbaarheid & Veiligheid 2024

Gemeenteraad 15 april 2025, gemeente SchiedamBij agendapunt: Brieven van het college van burgemeester en wethouders, dan wel de burgemeester, dan wel collegeleden:18.440 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Rapportcijfer verloedering: 5,8 (2021: 6,0)

27

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Schiedam behaalt in de huidige meting slechts een 5,8. Kijkend naar de periode vanaf het jaar 2002 kan gesteld worden dat de mate van verloedering zich gunstig heeft ontwikkeld. Echter vanaf 2019 is de situatie verslechterd. Ook uit landelijk onderzoek, Veiligheidsmonitor (CBS, 2023), is bekend dat Schiedam als slechtste van de 40 grootste gemeenten van Nederland scoort op het gebied van verloedering. Figuur 3.11 Ontwikkeling rapportcijfer verloedering 6,6 6,4 6,2 6,0 5,8 5,6 5,4 5,2 5,0 4,8

2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

2012

2011

2010

2009

2008

2007

2006

2005

2004

2003

2002

4,6

De aspecten rommel op straat en hondenpoep zijn al jaren een doorn in het oog van menig Schiedammer. De rapportcijfers voor deze hinderlijke aspecten (respectievelijk 3,9 en 4,8) beïnvloeden de mate van verloedering zeer ongunstig. Bovendien neemt zowel hondenpoep als rommel op straat naar de mening van de inwoners de laatste jaren toe. Vernieling van straatmeubilair en bekladding van muren en/of gebouwen komen veel minder vaak voor (rapportcijfers respectievelijk 6,9 en 7,6). Figuur 3.12 Rapportcijfer verloedering naar wijk

Wijk Centrum Oost West Zuid Nieuwland Groenoord Kethel Woudhoek Spaland/Sveaparken Schiedam

2019 6,1 5,6 6,2 5,5 5,7 5,8 7,2 6,8 6,8 6,1

2021 5,7 5,7 6,0 5,5 5,8 5,8 7,3 6,6 6,8 6,0

2024 5,0 5,2 6,0 5,0 5,8 5,2 7,1 6,6 6,8 5,8

Centrum, Oost, Zuid en Groenoord vallen het meest in negatieve zin op. De daling in het rapportcijfer wordt veroorzaakt door dat alle vier de onderliggende buurtproblemen volgens de inwoners van deze wijken vaker zijn voorgekomen dan in 2021. Deze wijken scoren daarmee op het gebied van verloedering een onvoldoende. De aspecten rommel op straat en hondenpoep zorgen met rapportcijfers varierend in deze wijken van 2,4 tot en met 4,5 voor deze zeer lage scores.

28

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Meer gegevens over de kwaliteit van de buitenruimte Naar aanleiding van de motie ‘BuitenBeter app data beter gebruiken’ van 12 december 2023 heeft het Kenniscentrum een analyse gemaakt van de meldingen buitenruimte (waaronder BuitenBeter-meldingen) in samenhang met de resultaten van de periodieke schouwrondes en de buurtproblemen uit de vorige Monitor Leefbaarheid en Veiligheid. De meeste van de in totaal 51.263 meldingen uit 2023 gingen over afvalinzameling, gevolgd door reiniging, straatmeubilair, bestrating en overig. Verder vertoonde het aantal meldingen de afgelopen jaren een stijgende trend. Wel verschilt het aantal sterk per wijk. Ten eerste verschillen de wijken in omvang en inwoneraantal. In een grotere wijk zijn er logischerwijs meer meldingen (al het overige gelijkblijvend). Ten tweede verschilt het voorzieningenniveau van wijk tot wijk. Zo trekken de winkels en horecagelegenheden in Centrum en winkelcentrum Spaland, sportpark Harga en het wellness-cluster in Kethel veel bezoekers. Door dit relatief intensieve gebruik van de buitenruimte zijn er in Centrum en Kethel in verhouding meer meldingen dan in andere wijken. Daarnaast is het denkbaar dat de meldingsbereidheid van wijk tot wijk verschilt. De schouwrondes en de meldingen leveren redelijk vergelijkbare uitkomsten op.

De gerapporteerde buurtproblemen uit de L&V-monitor geven echter een enigszins afwijkend beeld van de kwaliteit van de openbare ruimte. Hiervoor bestaan verschillende verklaringen. Ten eerste meten de drie bronnen de kwaliteit van de buitenruimte op verschillende manieren. De meldingen en schouwrondes meten realtime concrete tekenen van problemen in de buitenruimte, terwijl de L&V-monitor de impressie meet over hoe vaak iets voorkomt over een langere periode. Hoewel er in de enquête wordt gevraagd naar het optreden van buurtproblemen in de afgelopen 12 maanden, is het goed denkbaar dat de inwoners zich bij het invullen mede laten leiden door problemen die langer dan een jaar geleden speelden. Het effect van overlast of incidenten in de eigen woonbuurt kan lang na-ijlen. Verder worden de schouwrondes uitgevoerd door ambtenaren (al dan niet bijgestaan door buurtbewoners), terwijl de meldingen en de antwoorden uit de L&V-monitor van inwoners komen. Dit alles doet echter geen afbreuk aan het feit dat een groot deel van de inwoners vindt dat ze tekenen van verloedering (te) vaak tegenkomen.

29

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Woonoverlast Om de effecten van de bestrijding van woonoverlast in Schiedam te kunnen monitoren, zijn bij de meting in 2021 enkele buurtproblemen aan de vragenlijst toegevoegd. Er is toentertijd besloten woonoverlast te monitoren aan de hand van de volgende buurtproblemen:  geluidsoverlast door omwonenden (bijvoorbeeld muziek, leefgeluiden, et cetera);  andere vormen van geluidsoverlast;  overlast door vervuiling en/of stank in een woning/tuin;  overlast door overbewoning of kamerverhuur;  overige overlast door omwonenden (bijvoorbeeld burenruzie, intimidatie, bedreiging, et cetera);  overlast door verwarde personen. In onderstaande figuur is te zien dat Schiedammers relatief vaak geluidsoverlast door omwonenden ervaren. Maar liefst 52% van de inwoners geeft aan hiervan soms tot vaak last te hebben. Andere vormen van geluidsoverlast en overlast door vervuiling of stank in een woning/tuin worden door respectievelijk 37% en 29% van de respondenten ervaren. Figuur 3.13 Aandeel Schiedammers dat soms tot vaak last heeft van woonoverlast naar deelaspecten

geluidsoverlast door omwonenden andere vormen van geluidsoverlast overlast door vervuiling of stank in een woning/tuin overlast door overbewoning of kamerverhuur overige overlast door omwonenden overlast door verwarde personen

2021 57% 39% 32% 22% 27% 16%

2024 52% 37% 29% 21% 25% 20%

Het is duidelijk te zien dat de meeste buurtproblemen op het gebied van woonoverlast zijn verminderd. Dit is vooral in de wijken waar de percentages al op een hoger niveau lagen. Centrum, Oost, Zuid en Nieuwland laten de grootste verbetering zien. Overlast door verwarde personen wordt door 1 op de 5 Schiedammers ervaren. Met name in Centrum en Oost is deze vorm van overlast het hoogst en de afgelopen jaren toegenomen. Figuur 3.14 Aandeel wijkbewoners dat soms tot vaak last heeft van woonoverlast naar deelaspecten

opvallende wijkscores geluidsoverlast door omwonenden

Groenoord (61%), Oost (59%) en Zuid (58%) Centrum (45%), Nieuwland (44%) en Oost (43%)

andere vormen van geluidsoverlast overlast door vervuiling of stank in een woning/tuin

Zuid (38%), Nieuwland Groenoord en Oost (36%)

overlast door overbewoning of kamerverhuur overige overlast door omwonenden

West (34%), Oost (32%) en Zuid (29%) Groenoord (34%), Zuid (33%) en Oost (29%)

overlast door verwarde personen

Centrum (34%) en Oost (27%)

Opvallend is dat wijk Oost bij alle deelaspecten ongunstiger scoort dan gemiddeld in Schiedam. Het verschil met het gemiddelde is vooral groot als het gaat om overlast door overbewoning of kamerverhuur.

30

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Verkeersoverlast Het rapportcijfer voor verkeersoverlast is op basis van een aantal vragen samengesteld en geeft aan in welke mate inwoners hinder van verkeer ervaren. Hoe lager het rapportcijfer, hoe meer overlast men ervaart. Het rapportcijfer voor verkeersoverlast is gebaseerd op de vragen naar:  agressief verkeersgedrag;  geluidsoverlast door autoverkeer;  te hard rijden;  parkeeroverlast.

Rapportcijfer verkeersoverlast: 5,7 (2021: 5,8)

Figuur 3.15 Ontwikkeling rapportcijfer verkeersoverlast 6,6 6,4 6,2 6,0 5,8 5,6 5,4 5,2 5,0

2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

2012

2011

2010

2009

2008

2007

2006

4,8

Het rapportcijfer voor verkeersoverlast komt in de gemeente Schiedam uit op een 5,7. Dat is net iets minder dan tijdens de meting in 2021. De landelijke Veiligheidsmonitor (CBS, 2023), laat zien dat Schiedammers van de 40 grootste gemeenten van Nederland het meeste verkeersoverlast ervaren. Naar deelaspecten is de situatie als volgt: Figuur 3.16 Rapportcijfer verkeersoverlast naar deelaspecten

Wijk agressief verkeersgedrag geluidsoverlast door autoverkeer te hard rijden parkeeroverlast

2019 6,0 6,7 4,6 5,5

2021 6,6 6,8 5,0 4,8

2024 6,3 6,9 4,8 4,9

Agressief verkeersgedrag en te hard rijden laten lagere scores zien en zorgen voor een lager gemiddeld rapportcijfer voor verkeersoverlast in Schiedam. Op wijkniveau is de situatie voor verkeersoverlast als volgt:

31

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

3.17 Rapportcijfer verkeersoverlast naar wijk

Wijk Centrum Oost West Zuid Kethel Nieuwland Groenoord Woudhoek Spaland/Sveaparken Schiedam

2021 5,2 5,6 5,5 4,9 6,5 5,9 6,0 6,3 6,5 5,8

2024 4,8 5,2 5,4 5,0 6,2 6,0 6,0 6,6 6,4 5,7

In de wijken van Schiedam-Noord zijn de rapportcijfers voor verkeersoverlast over het algemeen wat gunstiger. Echter ook hier scoren te hard rijden en parkeeroverlast matig. Vooral in West en Zuid ervaren inwoners veel parkeeroverlast (rapportcijfer respectievelijk 4,2 en 2,8). Te hard rijden varieert van een 3,9 in Centrum tot een 5,3 in Woudhoek. Als laatste onderwerp in dit hoofdstuk is de respondenten gevraagd een rapportcijfer te geven voor de leefbaarheid in de eigen buurt. Deze vraag was in 2017 en 2021 eveneens opgenomen in dit onderzoek. Een vergelijking met die metingen is in figuur 3.18 opgenomen. Figuur 3.18 Gemiddeld rapportcijfer leefbaarheid in de eigen woonbuurt, naar wijk

Wijk Centrum Oost West Zuid Kethel Nieuwland Groenoord Woudhoek Spaland/Sveaparken Schiedam

2017 6,4 6,1 6,7 6,9 7,5 6,4 6,8 7,3 7,7 6,7

2021 6,5 6,0 6,6 6,7 7,5 6,3 6,3 7,4 7,6 6,6

2024 6,7 6,1 6,5 6,6 7,3 6,3 6,5 7,5 7,6 6,7

De rapportcijfers zijn over het algemeen redelijk stabiel te noemen. De wijken Kethel, Woudhoek en Spaland/Sveaparken in Schiedam-Noord scoren allemaal bovengemiddeld. In Oost wordt de leefbaarheid in de eigen woonbuurt het laagst beoordeeld. Vanaf 2017 is het opvallend dat de rapportcijfers in West en Zuid langzaam aan het dalen zijn. Meerdere overlastsituaties, zoals parkeeroverlast, rommel op straat en vuilnis naast de container/verkeerd aanbieden van huisvuil lijken de oorzaak van de daling van het rapportcijfer voor leefbaarheid in deze wijken.

32

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

4

Welzijn en samenleven Het algehele welzijn van de mensen wordt in grote mate bepaald door hun fysieke en mentale gezondheid. Vele factoren hebben hier invloed op, zowel interne als externe. Voorbeelden van interne factoren zijn voeding en leefstijl. Bij externe factoren kan worden gedacht aan de leefomgeving, voorzieningen in de buurt, et cetera. Ook de mate waarin Schiedammers deelnemen aan de maatschappij is relevant. Daarover gaat dit hoofdstuk.

4.1 Gezondheid Voor de coronaperiode beoordeelde doorgaans zo’n drie kwart van de Schiedammers de eigen gezondheid als goed tot heel goed. Tijdens de coronaperiode zakte deze waarde ver terug tot 59%. In de huidige meting ervaren Schiedammers hun gezondheid weer duidelijk beter dan in 2021. De score is nog niet terug op het niveau van voor de coronacrisis, maar de weg terug omhoog lijkt erin te zitten. Iets meer dan een kwart beoordeelt de gezondheid als redelijk en 4% als slecht (zie figuur 4.1). Figuur 4.1 Ervaren gezondheid 4%

3%

4%

19%

27 %

37%

2019

(zeer) goed

69%

59%

77%

2021 (corona)

gaat wel, soms goed/slecht

2024

slecht

Bij de beoordeling van de eigen gezondheid spelen ook zaken als leeftijd en sociaaleconomische positie van mensen een rol. Zo beoordeelt slechts 42% van de personen die aangeven een laag inkomen te hebben, de eigen gezondheid als positief, tegenover 82% van degenen met een hoog inkomen. Bij respondenten met een gemiddeld inkomen is dit 73%. Schiedammers met een migratieachtergrond hebben relatief vaak een laag inkomen. Dit heeft tot gevolg dat hun gezondheid gemiddeld minder goed uit de bus komt (67% goed) dan bij Schiedammers met een Nederlandse achtergrond (73% goed).

33

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Figuur 4.2 Aandeel dat gezondheid ervaart als (heel) goed, naar leeftijd (%)

84

81

75 58

75

77

60

60

67

64

2019

57

59

2021 2024

<35 jr.

35-49 jr.

50-64 jr.

65+

Figuur 4.2 laat in grote lijnen weer het beeld zien zoals dat was voor de coronacrisis: met het stijgen van de leeftijd neemt de ervaren gezondheid af. Dat was tijdens de coronacrisis heel anders: toen bleek dat het vooral jongeren waren die (met name mentaal) het meest te lijden hadden van de ‘coronaeffecten’ en beoordeelden zij hun gezondheid net zo laag als ouderen. Wat dat betreft is er in de huidige meting sprake van deels herstel. Het aandeel jongeren dat hun gezondheid nu als (zeer) goed beoordeelt, is met 75% een stuk hoger dan in 2021 toen dit op 58% uitkwam. Overigens is dat nog wel lager dan in 2019 toen dit aandeel op 81% lag. Indien verder wordt ingezoomd op de combinatie van leeftijd en inkomen, dan worden de verschillen in ervaren gezondheid nog aanzienlijk groter: van de Schiedammers in de leeftijdsgroep 35-49 jaar met een hoog inkomen voelt 89% zich (zeer) goed gezond, tegen slechts 37% van de groep 65+ met een laag inkomen.

4.2 Belemmeringen in het dagelijks leven Onderstaande figuur geeft weer in welke mate specifieke problemen de inwoners van de stad belemmeren in hun dagelijkse leven. Ook hier is aan te zien dat het ‘corona-effect’ – namelijk het veel meer ervaren van allerlei belemmeringen tijdens het dagelijks leven – aan het wegebben is. Desondanks zijn de uitkomsten nog niet op het niveau van voor corona. Zo ervaren meer Schiedammers dan in 2019 licht tot ernstig te worden belemmerd door een slechte lichamelijke conditie (33%), geldproblemen (25%) en/of door een gevoel ‘er niet bij te horen’ (24%). Het aandeel Schiedammers dat zich belemmerd voelt als gevolg van psychische problemen (18%) is ten opzichte van 2019 het meest gedaald. Daarnaast geeft een kwart van de inwoners aan te worden belemmerd door het gevoel ‘er niet bij te horen’. In 2019 was dit nog 19%. Het aandeel Schiedammers dat licht tot ernstig wordt belemmerd door een beperkte kennis van de Nederlandse taal en cultuur is als enige ten opzichte van beide voorgaande metingen nog iets toegenomen. Figuur 4.3 Ervaren belemmeringen in het dagelijks leven (% licht tot ernstig belemmerd)

slechte lichamelijke conditie geldproblemen psychische problemen gevoel 'er niet bij te horen'/ niet thuis te voelen

2019 25% 19% 15% 19%

2021 42% 29% 28% 25%

2024 33% 25% 18% 24%

beperkte kennis van de Nederlandse taal/cultuur

11%

12%

13%

34

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Figuur 4.4 Ervaren belemmeringen in het dagelijks leven, naar leeftijdscategorie en herkomst, % licht + matig (licht gearceerd) tot ernstig (donker gearceerd) <35 jr. 35-49 jr. Eenzaamheid 50-64 jr. 65+ jr. Nederlands Migratieachtergrond Eenzaamheid <35 jr. 35-49 jr. Slechte lichamelijke 50-64 jr. conditie 65+ jr. Nederlands Migratieachtergrond Slechte conditie <35 jr. 35-49 jr. 50-64 jr. Psychische problemen 65+ jr. Nederlands Migratieachtergrond Psychische problemen <35 jr. 35-49 jr. Beperkte kennis 50-64 jr. Nederlandse taal en cultuur 65+ jr. Nederlands Migratieachtergrond Beperkte kennis Nederlandse taal <35 jr. 35-49 jr. 50-64 jr. Geldproblemen 65+ jr. Nederlands Migratieachtergrond Geldproblemen <35 jr. 35-49 jr. Gevoel ‘er niet bij 50-64 jr. te horen / zich niet 65+ jr. thuis te voelen’ Nederlands Migratieachtergrond 0%

10%

35

20%

30%

40%

50%

60%

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Onder de diverse leeftijdscategorieën en het al dan niet hebben van een migratieachtergrond zijn duidelijke verschillen zichtbaar. Zo valt op dat ten aanzien van de ervaren belemmeringen deze met het vorderen van de leeftijd afnemen (uitgezonderd ‘slechte lichamelijke conditie’, dit neemt – niet verrassenderwijs – toe met het ouder worden). Het zijn met name jongeren (35 jaar) die het meeste last hebben van eenzaamheid. Maar ook geldproblemen komen relatief vaak onder jongeren voor. Verder valt op dat Schiedammers met een migratieachtergrond op alle onderzochte punten (aanzienlijk) meer belemmeringen ervaren dan Schiedammers met een Nederlandse achtergrond. Daarnaast is gevraagd in hoeverre men goed kan rondkomen van zijn of haar geld. Van de ondervraagden geeft 65% aan daar geen problemen mee te hebben. Maar zoals te verwachten was, is het verschil tussen personen met een laag inkomen en personen met een hoog inkomen erg groot. Van de personen met een laag inkomen geeft slechts 24% aan (zeer) goed te kunnen rondkomen. Dat is dezelfde waarde als in 2021. Onder personen met midden- en hoge inkomens ligt dit percentage op respectievelijk 68% (2020: 63%) en 90% (2021: 95%). Figuur 4.5 In welke mate lukt het om rond te komen van uw geld?

6%

(zeer) goed

29% niet goed, niet slecht

65% (zeer) slecht

4.3 Sociale contacten en eenzaamheid Sociale contacten Schiedammers hebben nu iets vaker sociale contacten dan bij het vorige onderzoek. In vergelijking met 2021 zeggen meer inwoners minimaal één keer per maand contact te hebben met familie of vrienden. Ook hier zal COVID-19 zeer waarschijnlijk een rol in gespeeld hebben. Voor contacten met familieleden steeg dit percentage van 92% naar 93%, voor contacten met vrienden en kennissen van 90% naar 94%.

93% heeft minimaal één keer per maand contact met familieleden (2019: 94%, 2021: 92%)

94% heeft minimaal één keer per maand contact met vrienden/kennissen (2019: 92%, 2021: 90%)

Regelmatig sociaal contact komt het minst voor in Nieuwland en Groenoord. Anderzijds hebben de bewoners van Woudhoek, Kethel en Spaland/Sveaparken het vaakst sociale contacten. Wel zijn er verschillen tussen groepen Schiedammers. Hoe hoger het inkomen, hoe vaker men contact heeft met vrienden of familie. Bezoek ontvangen of samen iets ondernemen kost bijna altijd geld en dat maakt

36

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

het voor mensen met lage inkomens lastiger om veel sociale contacten te onderhouden. Tot slot hebben Schiedammers met een migratieachtergrond minder vaak contact met familie en vrienden dan Schiedammers van Nederlandse herkomst.

Eenzaamheid Zo’n 1 op de 9 Schiedammers (11,2%) is eenzaam. Dit percentage is het gemiddelde van de scores op de vijf stellingen uit figuur 4.6. Dat is gunstiger dan in 2021, toen dit aandeel op 13,6% lag. Wat dat betreft ligt de huidige meting dichterbij de waardes die voor de coronaperiode werden gemeten. In 2017 en 2019 bedroeg dit aandeel namelijk 10,6%. Vier van de vijf stellingen in figuur 4.6 komen in deze meting gunstiger uit de bus dan in 2021. Zo wordt met name de stelling ‘er zijn maar weinig mensen waarmee ik kan praten’ veel minder vaak genoemd dan tijdens de coronaperiode. Figuur 4.6 Stellingen over eenzaamheid (% ‘(helemaal) eens’)

Er zijn maar weinig mensen waarmee ik kan praten

18

24

16 17

Ik heb behoefte aan meer contact met mensen

20

17

Er is niemand die speciaal belangstelling voor me heeft

7 6

Ik voel me vaak in de steek gelaten

7

Ik voel mij niet gesteund door familie en/of vrienden

9 9

2024 9

2021 2019

6 6 6

0

5

10

15

20

25

Ook wat betreft eenzaamheid zijn er enkele duidelijke verschillen tussen groepen Schiedammers. Zo zijn jongeren veel vaker eenzaam dan ouderen, zoals blijkt uit figuur 4.7. Enerzijds hebben jongeren relatief vaak geen levenspartner, anderzijds zou het kunnen dat de sociale druk juist onder deze groep, die het meest gebruik maakt van sociale media, het grootst is. Schiedammers met een laag inkomen voelen zich aanzienlijk vaker eenzaam dan Schiedammers met een midden- of hoog inkomen (zie figuur 4.8). Figuur 4.7 Eenzaamheid naar leeftijd (%)

Figuur 4.8 Eenzaamheid naar inkomen (%) 25

25 2019

2021

2024 20

20 15

2021

2024

21

15

17 15

10

2019

23 21

15 13 11

12

11 8

5

12

10 10 8

9

9

8

10

10 8

5 5 0

0 < 35 jr.

35-49 jr.

50-64 jr.

laag

65+

37

gemiddeld

hoog

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Voor alle leeftijds- en inkomenscategorieën geldt dat tijdens corona de gevoelens van eenzaamheid een duidelijke piek vertoonden en dat in de huidige meting de scores weer gunstiger zijn. Desondanks liggen deze nog niet op het nog lagere niveau van vóór corona. Tot slot zijn Schiedammers met een migratieachtergrond bijna twee keer zo vaak eenzaam als Schiedammers met een Nederlandse achtergrond. Als we deze achtergrondkenmerken combineren, zien we onder sommige groepen een zeer hoge eenzaamheid. Figuur 4.9 Ervaren eenzaamheid naar leeftijd en herkomst

leeftijd < 35 jr. 35-49 jr. 50-64 jr. 65+

Nederlands 7% 9% 7% 7%

Migratieachtergrond 18% 14% 16% 13%

totaal

7%

16%

Zo is van de jongeren tot 35 jaar met een migratieachtergrond 18% eenzaam, tegenover 7% van de jongeren met een Nederlandse achtergrond. Van de 65-plussers met een migratieachtergrond is 13% eenzaam, tegenover 7% van de 65-plussers met een Nederlandse achtergrond. In vergelijking met het onderzoek uit 2021 is het beeld van de groepen met veel/weinig eenzaamheid nog precies hetzelfde, met dit verschil dat de gevonden percentages in het huidige onderzoek bij alle groepen lager zijn. De eenzaamheid is het grootst in Nieuwland, Oost en Groenoord. In Spaland/Sveaparken, Woudhoek en Kethel komt eenzaamheid het minst voor.

4.4 Participatiesamenleving Van een verzorgingsstaat verandert Nederland steeds meer in een samenleving waarin participatie centraal staat. Het voorzien in elkaars welzijn is hierin een belangrijke factor. Met het oog op deze verschuiving is Schiedammers gevraagd of zij actief zijn als vrijwilliger of dat zij een familielid/vriend/kennis helpen die langdurig ziek is, hulpbehoevend of gehandicapt. Figuur 4.10 Aandeel vrijwilligers en mantelzorgers

24% is Mantelzorger

23% is Vrijwilliger

Het aandeel vrijwilligers was door de jaren heen redelijk stabiel. Doorgaans lag dit aandeel om en nabij de 27%. Tijdens corona was er duidelijk sprake van een terugval. Een aandeel van 22% vrijwilligers was bij de vorige meting het laagste dat in de loop der jaren is gemeten. Veel culturele instellingen, wijk- en buurtcentra en (sport)verenigingen waren tijdens corona gedurende lange tijd gesloten, hetgeen de mogelijkheden om vrijwilligerswerk te kunnen doen heeft beperkt. In de huidige meting

38

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

ligt het aandeel vrijwilligers met 23% slechts een fractie hoger dan tijdens corona. Wat dat betreft is er nauwelijks sprake van herstel. Er is een duidelijk verband zichtbaar tussen leeftijd en het doen van vrijwilligerswerk. Naarmate de leeftijd vordert, neemt het aandeel dat vrijwilligerswerk doet toe. Figuur 4.11 Aandeel vrijwilligers per leeftijdsgroep (%) < 35 jr.

17

35-49 jr.

19

50-64 jr.

25

65+

35

Zo is 35% van de 65-plussers actief als vrijwilliger, tegenover 17% van de groep jonger dan 35 jaar. Ook kenmerken als inkomen en herkomst spelen hierbij een rol. Zo zegt 30% van de Schiedammers met een hoog inkomen vrijwilligerswerk te doen tegen 19% van de mensen met een laag inkomen. Bij Schiedammers met een migratieachtergrond liggen deze percentages bij alle inkomensgroepen telkens 5% onder het stedelijk gemiddelde. Het aandeel mantelzorgers is stabiel gebleven. Bijna een kwart van de Schiedammers geeft aan mantelzorg te verlenen aan een familielid, vriend of kennis die langdurig ziek is. Met name personen van 50 tot en met 64 jaar geven betrekkelijk vaak aan mantelzorger te zijn (33%). Deze leeftijdsgroep heeft vaak te maken met ouders van een hoge leeftijd, die zorgbehoevend kunnen zijn. En in tegenstelling tot bij vrijwilligerswerk, zijn het bij mantelzorg juist wat vaker mensen met een laag inkomen die een hulpbehoevend familielid of vriend helpen. Mogelijk speelt hierbij een rol dat er geen of slechts in beperkte mate financiële middelen voorhanden zijn om zorg in te kopen en dat men daardoor de zorg zelf ter hand moet nemen. Herkomst speelt nauwelijks een rol: Schiedammers met een migratieachtergrond verlenen bijna net zo vaak mantelzorg als Schiedammers met een Nederlandse achtergrond.

4.5 Discriminatie 24% heeft het afgelopen jaar discriminatie ervaren Zo’n 24% van de Schiedammers heeft zich het afgelopen jaar weleens gediscrimineerd gevoeld. Dat is een fractie hoger dan bij de metingen van 2017 en 2021 toen dit aandeel op 23% uitkwam. De mate waarin men zich gediscrimineerd voelt hangt onder meer samen met de leeftijd.

39

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Figuur 4.12 Ervaren discriminatie naar leeftijd (%) <35 jr.

29

35-49 jr.

32

50-64 jr.

20

65+

10

Het zijn vooral Schiedammers tussen de 35 en 50 jaar die zich het meest gediscrimineerd voelen. Boven de 50 jaar zijn de gevoelens van discriminatie een stuk lager. De verschillen worden nog (veel) groter indien naast leeftijd ook het geslacht en de herkomst erbij worden betrokken. Figuur 4.13 Ervaren discriminatie naar leeftijd, geslacht en herkomst

leeftijd < 35 jr. 35-49 jr. 50-64 jr. 65+ totaal

Nederlands vrouw man 14% 16% 20% 22% 16% 19% 9% 8% 14%

Migratieachtergrond vrouw man 41% 34% 40% 38% 23% 23% 22% 12%

15%

36%

31%

Schiedammers met een migratieachtergrond ervaren veel vaker discriminatie dan Schiedammers van Nederlandse herkomst. Het zijn met name jonge vrouwen (< 35 jaar) met een migratieachtergrond die het meest discriminatie ervaren. Onder hen ligt dit aandeel op 41%. Dat is een zeer aanzienlijk verschil met jonge vrouwen met een Nederlandse achtergrond bij wie dit aandeel op 14% ligt. Maar ook bij de groep 35-49 jaar met een migratieachtergrond ligt het aandeel dat zich het afgelopen jaar gediscrimineerd heeft gevoeld – ongeacht het geslacht – op een verontrustend hoog niveau. Aan de ondervraagden die zich gediscrimineerd voelden, is gevraagd wat volgens hen de reden van de discriminatie was: Figuur 4.14 Reden van discriminatie (%) ras/afkomst

59

huidskleur

25

godsdienst/levensovertuiging

19

leeftijd/geslacht handicap/chronische ziekte

18 5

omdat ik Nederlander ben 4 geaardheid 3 wil ik niet zeggen

5

overig

5

De meeste genoemde reden betreft afkomst, gevolgd door huidskleur. Godsdienst/levensovertuiging en leeftijd/geslacht worden iets minder vaak genoemd als bij voorgaande metingen. Wel iets vaker dan voorheen wordt bij de open antwoorden de reden ‘omdat ik Nederlander ben’ genoemd. Als onderdeel van de categorie ‘overig’ is nieuw dat verschillende Schiedammers ‘discriminatie door de overheid’ als reden noemen.

40

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

5

Over de gemeente Schiedam De Monitor Leefbaarheid en Veiligheid besluit met een reeks stellingen over de gemeente Schiedam. Dit hoofdstuk beschrijft de meningen van de respondenten over die stellingen en schetst daarmee een beeld van hoe Schiedammers de participatie en samenwerking met hun gemeente ervaren. Daarnaast wordt ingegaan op het grotere achterliggende thema, namelijk het vertrouwen in de (lokale) overheid.

5.1 Ervaren samenwerking en participatie Figuur 5.1 laat zien in welke mate de respondenten het eens zijn met de zes stellingen over de gemeente. Allereerst valt op dat een aanzienlijk deel van de respondenten antwoordt met ‘weet niet / geen mening’. Dit is een aanwijzing dat veel Schiedammers geen duidelijke mening hebben over de wijze waarop de gemeente en inwoners zich tot elkaar verhouden. Figuur 5.1 Uitkomsten van de stellingen over de gemeente

ik wil meer betrokken worden bij wat er in Schiedam gebeurt ik zie dat de gemeente helpt om mijn buurt beter te maken de gemeente betrekt bewoners voldoende bij de aanpak van problemen in deze buurt

39%

28%

33%

de gemeente doet wat zij zegt de gemeente luistert naar de mening van de bewoners de gemeente biedt voldoende ruimte aan eigen initiatieven vanuit de stad

25%

15%

18%

27%

15%

22%

25%

27%

26%

21%

29%

19%

31%

20%

28%

25%

28%

20%

27%

0%

20%

40%

16% 60%

(helemaal) mee eens

niet eens, niet oneens

(helemaal) mee oneens

weet niet/ geen mening

37% 80%

100%

De stellingen met het grootste aandeel ‘(helemaal) mee eens’ zijn: ‘ik wil meer betrokken worden bij wat er in Schiedam gebeurt’ en ‘ik zie dat de gemeente helpt om mijn buurt beter te maken’. Het hoge aandeel dat de eerste stelling onderschrijft, is een aanwijzing dat veel Schiedammers (nog) niet tevreden zijn over de mate waarin zij worden betrokken bij ontwikkelingen in de stad. Uit de uitkomsten op de tweede stelling blijkt dat de inspanningen van de gemeente voor een groot deel van de Schiedammers wel zichtbaar zijn. De stellingen met het grootste aandeel ‘(helemaal) mee oneens’ zijn: ‘de gemeente betrekt bewoners voldoende bij de aanpak van problemen in deze buurt’, ‘de gemeente luistert naar de mening van de bewoners’ en – opnieuw – ‘ik zie dat de gemeente helpt om mijn buurt beter te maken’. Over deze laatste stelling zijn de meningen het meest verdeeld: een relatief groot deel is het (helemaal) eens met de stelling, terwijl een groot deel het (helemaal) oneens is. De uitkomsten op deze stellingen suggeren erop dat een niet te verwaarlozen minderheid van de Schiedammers vindt dat de gemeente hen

41

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

onvoldoende betrekt, naar hen luistert en iets doet met hun input, zelfs als de meeste inwoners hier neutraal of positief tegenover staan. Enkele van deze stellingen zijn ook opgenomen in de Burgerpeiling van VNG Realisatie. Een vergelijking suggereert dat de inwoners van Schiedam minder positief oordelen over de samenwerking met de gemeente dan de gemiddelde deelnemer aan deze peiling. Hoewel veel gemeenten niet of niet jaarlijks deelnemen aan de Burgerpeiling, is het aannemelijk dat Schiedam op deze stellingen in ieder geval niet beter scoort dan andere gemeenten. Figuur 5.2 Vergelijking uitkomsten van de stellingen over de gemeente met landelijke uitkomsten (% ‘(helemaal) mee eens’) Schiedam (2024)

Nederland (2023)7

De gemeente doet wat zij zegt

21%

24%

De gemeente luistert naar de inwoners

20%

28%

De gemeente biedt ruimte voor initiatieven

20%

26%

De gemeente betrekt inwoners voldoende

22%

37%

Figuur 5.3 toont de uitkomsten van de stelling ‘de gemeente luistert naar de mening van de bewoners’ per woonwijk. Hoewel de onderlinge verschillen niet heel groot zijn, is het aandeel inwoners dat het (helemaal) eens is met deze stelling het grootst in Groenoord en Nieuwland. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat de gemeente veel aanwezig is in deze wijken, vanwege het relatief veel voorkomen van buurtproblemen. Denk aan de medewerkers van de wijkondersteuningsteams, team Wijkontwikkeling en de wijkbeheerders van team Beheer Openbare Ruimte. Hierdoor kunnen de inwoners relatief gemakkelijk in contact komen met de gemeente en een luisterend oor vinden. In Spaland/Sveaparken en Woudhoek, waar de meeste buurtproblemen in mindere mate spelen, is juist een wat kleiner deel van de inwoners het eens met deze stelling. Figuur 5.3 Uitkomsten van ‘de gemeente luistert naar de mening van de bewoners’ naar wijk Groenoord

25%

Nieuwland

22%

West

21%

Centrum

21%

Kethel

21%

31%

SCHIEDAM

20%

28%

Zuid

19%

27%

Oost

19%

Spaland/Sveaparken

18%

Woudhoek

(helemaal) mee eens

10%

23%

26%

27%

24%

24%

25%

28%

33%

20%

29%

34% 33%

niet eens, niet oneens

25%

28%

19%

30%

28%

21%

24%

20%

23%

23%

33%

13% 0%

7

29%

33% 20%

28%

20% 40%

50%

60%

34% 70%

(helemaal) mee oneens

80%

90% 100%

weet niet/ geen mening

De genoemde percentages zijn het gemiddelde van de 31 gemeenten die de Burgerpeiling in dat jaar hebben uitgevoerd. Dit varieert van relatief grote gemeenten, zoals Enschede en Emmen, tot kleinere gemeenten als Opmeer en Beek. Samen vertegenwoordigen de resultaten van deze gemeenten de ervaringen van ruim 1,2 miljoen Nederlanders, waarmee die resultaten voldoende representatief zijn om statistisch betrouwbare uitspraken te doen en als referentie kunnen dienen voor de resultaten van deze monitor.

42

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Verschillen tussen groepen Schiedammers Wanneer de achtergrondkenmerken van de respondenten (zoals leeftijd, herkomst en inkomen) worden bekeken, komen enkele opvallende verschillen naar voren. Ten eerste blijkt dat vooral jongeren, Schiedammers met een migratieachtegrond en Schiedammers die moeite hebben om rond te komen vaak aangeven dat zij meer betrokken willen worden bij wat er in Schiedam gebeurt. Mogelijk worden deze groepen minder goed bereikt door de gemeentelijke communicatie. Daarnaast is het denkbaar dat zij in hun woonbuurt relatief vaak mogelijkheden zien voor verbetering van de leefbaarheid en veiligheid; de leden van deze groepen hebben vaak minder te besteden en wonen daardoor relatief vaak in minder aantrekkelijke buurten. Verder valt op dat hoe meer moeite de respondenten hebben om rond te komen, des te minder vaak zij het eens zijn met de stelling ‘ik zie dat de gemeente helpt om mijn buurt beter te maken’. Ook hier speelt waarschijnlijk mee dat Schiedammers met wie het financieel minder goed gaat vaak in minder aantrekkelijke buurten wonen. Bovendien hebben zij minder vertrouwen in de gemeente. Dit negatieve verband tussen beperkte financiële middelen en vertrouwen in de overheid blijkt ook uit eerder onderzoek van het Kenniscentrum en uit onderzoek van derden.

Tot slot hebben Schiedammers met een migratieachtergrond meer vertrouwen in de gemeente dan Schiedammers van Nederlandse herkomst: zij zijn het vaker eens met de stellingen ‘de gemeente doet wat zij zegt’, ‘de gemeente luistert naar de mening van de bewoners’ en ‘ik zie dat de gemeente helpt om mijn buurt beter te maken’.

5.2 Ontwikkelingen in samenwerking en participatie Vier van de zes stellingen uit de vorige paragraaf worden al jarenlang periodiek voorgelegd aan een steekproef onder de Schiedammers, al zijn er soms kleine verschillen in formulering. Meestal gebeurt dit met de Monitor Leefbaarheid en Veiligheid en soms in het kader van andere onderzoeken. Zo werd de stelling ‘de gemeente biedt voldoende ruimte aan eigen initiatieven vanuit de stad’ in 2015 en 2017 aan de inwoners voorgelegd in het kader van het toenmalige Imago-onderzoek. Figuur 5.4 Ontwikkelingen in stellingen over de gemeente (aandeel ‘(helemaal) mee eens’) 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% 2015

2017

2019

2021

2024

De gemeente luistert naar de mening van de bewoners De gemeente doet wat zij zegt De gemeente biedt voldoende ruimte aan eigen initiatieven vanuit de stad De gemeente betrekt de buurt voldoende bij de aanpak van problemen in deze buurt Figuur 5.4 laat zien hoe het aandeel ‘(helemaal) eens’ op de vier stellingen in het afgelopen decennium varieerde. De genoemde jaartallen zijn de jaren waarin het veldwerk voor het onderzoek heeft plaatsgevonden. Omdat dit vaak in het najaar was, verscheen het rapport in veel gevallen in het daarop volgende kalenderjaar.

43

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

De grootste verandering vond plaats van 2017 op 2019, toen drie van de vier stellingen op minder bijval konden rekenen, vooral de stelling ‘de gemeente biedt voldoende ruimte aan eigen initiatieven vanuit de stad’. Alleen de stelling ‘de gemeente luistert naar de mening van de bewoners’ scoorde in 2019 iets beter dan in 2017. Van 2019 op 2021 zakte de score op twee stellingen licht. Van 2021 op 2024 is op alle stellingen een (lichte) verbetering zichtbaar, in het bijzonder wat betreft ‘de gemeente luistert naar de mening van de bewoners’ en ‘de gemeente doet wat zij zegt’. De scores voor ‘de gemeente biedt voldoende ruimte aan eigen initiatieven vanuit de stad’ en ‘de gemeente betrekt bewoners voldoende bij de aanpak van problemen in deze buurt’ zijn echter niet hersteld tot het niveau van 2017. De ontwikkeling van deze uitkomsten loopt in Schiedam gelijk aan die van Nederland in zijn geheel: ook landelijk is er sinds de eerste meting in 2014 een achteruit te zien. De minst goede resultaten werden op nationaal niveau in 2022 behaald. Zo bedroeg het percentage Nederlanders dat het in dat jaar (helemaal) eens was met de stelling ‘de gemeente doet wat zij zegt’ 16%, wat een vergelijkbare uitkomst is als in Schiedam.

44

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

6

Conclusies De resultaten van de Monitor Leefbaarheid en Veiligheid van 2024 schetsen op de meeste punten een iets beter beeld dan dat van het vorige onderzoek, dat tijdens de coronapandemie is gehouden. Zo is het veiligheidsgevoel van Schiedammers ten opzichte van 2021 licht verbeterd. Tijdens corona beoordeelden veel Schiedammers hun fysieke en mentale gezondheid als heel problematisch. Ook qua eenzaamheid waren de uitkomsten aanzienlijk slechter dan ooit gemeten. Wat dat betreft is er in de huidige meting sprake van herstel, alhoewel de uitkomsten nog niet op het niveau van vóór corona liggen. Anderzijds zijn de resultaten voor wat betreft overlastproblematiek en de beoordeling van de openbare ruimte minder goed dan voorheen. In dit hoofdstuk trekken we op basis van deze resultaten een beperkt aantal conclusies. Zo plaatsen we de resultaten in context.

De huidige meting laat zien dat de coronapandemie grote impact heeft gehad op het welzijn van de bevolking. Met name de mentale gezondheid van inwoners, gevolgd door hun relatie met vrienden of kennissen en hun lichamelijke gezondheid werden drie jaar geleden als zeer matig beoordeeld. Ook gaven veel inwoners toen aan dat de balans tussen inspanning en ontspanning was verslechterd. Nu corona geen rol meer speelt, blijkt dat het negatieve effect (deels) tijdelijk is geweest. De onderstaande conclusies moeten in dit licht worden bezien.

1. Voorzieningen staan onder druk De tevredenheid met veel voorzieningen was tijdens de coronapandemie flink afgenomen. Zo waren er meer klachten over een gebrek aan parkeerplaatsen dan bij voorgaande metingen. De lockdown en de introductie van thuiswerken waren hier voor een groot deel debet aan. In de huidige meting is de tevredenheid over parkeren weliswaar een fractie verbeterd, maar nog ver verwijderd van het niveau van vóór corona. Gezien de toenemende woningvoorraad, het groeiende inwonertal en het daardoor toenemende aantal auto’s, is het ook niet te verwachten dat de cijfers op dit punt nog veel kunnen verbeteren. Als het gaat om het onderhoud van het openbaar groen en dat van wegen, paden en pleinen, is de trend al langere tijd negatief, in de vorm van een afnemende tevredenheid. Wel verschilt de tevredenheid hierover per wijk. In wijken als Woudhoek, Kethel en Spaland/Sveaparken zijn de inwoners hier wat positiever over dan in Centrum, Oost en Zuid.

2. Sociale cohesie neemt voor het eerst in lange tijd toe Vele jaren achtereen was er sprake van een afnemende sociale cohesie – overigens een trend die zich ook landelijk voordoet. In de huidige meting is er sprake van een trendbreuk: voor het eerst in tien jaar tijd is het gemiddelde rapportcijfer voor sociale cohesie toegenomen. Waar dit cijfer in 2021 nog op 5,8 uitkwam, is dat nu een 6,0. Overigens blijft Schiedam hiermee nog wel duidelijk achter bij het landelijke gemiddelde voor sociale cohesie, dat in 2023 op 6,8 uitkwam.

3. Veiligheidsgevoel is verbeterd, maar buurtoverlast neemt toe Schiedammers voelen zich nog altijd relatief vaak onveilig, zowel in het algemeen als in de eigen woonbuurt. Vergeleken met andere gemeenten doet de stad het niet goed. Zo is Schiedam volgens de landelijke Veiligheidsmonitor (CBS, 2023) één van de meest als onveilig ervaren steden in Nederland. Lichtpunt is wel dat het veiligheidsgevoel voor het eerst in lange tijd is verbeterd. Dit geldt zowel voor het gevoel van veiligheid in de eigen woonbuurt als die in het algemeen. Wat hierbij opvalt is dat

45

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

tegenwoordig de inwoners van Kethel, Woudhoek en Spaland/Sveaparken zich in het algemeen net zo (on)veilig voelen als die in andere wijken. Als het gaat om de veiligheid in de eigen woonbuurt is dat verschil er nog wel: inwoners van deze wijken in Noord voelen zich in de eigen woonbuurt aanzienlijk veiliger dan die in Centrum, Oost, Nieuwland en Groenoord. Hoewel de situatie in West gemiddeld genomen iets gunstiger is, spant qua onveiligheidsgevoel op buurtniveau de Fabribuurt, die in West is gelegen, de kroon: twee derde deel van de ondervraagden in deze buurt voelt zich met enige regelmaat onveilig. Dat gevoelens van onveiligheid zich met name concentreren in bepaalde wijken, blijkt ook uit de spreiding van plekken die door inwoners als onveilig worden ervaren. In 2024 gaf 31% van alle ondervraagde inwoners aan dat zij één of meer plekken als onveilig ervaren. Bijna 60% van de 1.391 genoemde locaties bevindt zich in de wijken Nieuwland en Oost. De diverse metrostations, station Schiedam Centrum, het Beatrixpark en de Parkweg zijn specifieke locaties waarvan Schiedammers al langere tijd aangeven dat zij zich er niet altijd veilig voelen. Naast de ervaren onveiligheid, is ook de ervaren overlast toegenomen. De vijf meest genoemde vormen van overlast zijn rommel op straat, vuilnisproblematiek, parkeeroverlast, hondenpoep op straat en te hard rijden.

Bovendien zijn, op parkeeroverlast na, al deze problemen volgens de ondervraagde inwoners vaker voorgekomen dan in 2019 en 2021. In de wijken Centrum, Oost, Zuid, Nieuwland en Groenoord komen rommel op straat, vuilnis naast de container en verkeerd aanbieden van huisvuil het meest voor. Stadsbreed moet volgens de inwoners – evenals in 2021 – prioriteit worden gegeven aan parkeeroverlast, huisvuilproblematiek en rommel op straat.

4a. Fysieke en mentale gezondheid weer beter dan tijdens corona Het deel van de inwoners dat hun eigen gezondheid als (zeer) goed omschrijft, is na een forse daling tijdens corona weer redelijk verbeterd. Maar een aandeel van 69% dat de eigen gezondheid als goed ervaart is nog altijd lager dan het niveau van vóór corona, toen dit aandeel op 77% lag. De mate waarin men zich gezond voelt, hangt nauw samen met leeftijd en inkomen. Zo ervaart 37% van de Schiedammers in de leeftijd 65+ met een laag inkomen de eigen gezondheid als (zeer) goed, tegenover 89% van de Schiedammers in de leeftijd 35-49 jaar met een hoog inkomen. Tijdens corona viel op dat Schiedammers aanzienlijk meer dan voor die tijd te kampen hadden met mentale problemen. Vooral jongeren hadden hier veel last van. In 2024 is dat voor de oudere leeftijdsgroepen een heel stuk verbeterd. Onder jonge Schiedammers is dat (nog) veel minder het geval. Dat geldt tevens voor eenzaamheid: ook dit is het hoogst onder jongeren. Datzelfde geldt ook voor zaken als geldproblemen en het gevoel ‘er niet bij te horen’. Inwoners met een migratieachtergrond ervaren meer van genoemde belemmeringen dan andere Schiedammers. Jongeren met een migratieachtergrond hebben het meest het gevoel ‘er niet bij te horen’.

4b. Inwoners hebben iets meer sociale contacten en zijn iets minder eenzaam Vergeleken met voorgaande metingen liggen de contacten met familie en vrienden in 2024 op een iets hoger niveau dan in 2021. De mate van eenzaamheid is na een toename tijdens corona weer wat afgenomen. Met een waarde van 11% ligt het op vrijwel hetzelfde niveau als in 2019. Ook deze keer zijn er duidelijke verschillen tussen deelgroepen. Zo is de eenzaamheid het hoogst onder jongeren met een migratieachtergrond (21%). Zoals bij alle voorgaande metingen maakt ook het inkomen veel verschil. Het hebben van voldoende financiële middelen maakt het gemakkelijker om allerlei activiteiten te ondernemen (uitgaan, reizen, lidmaatschap van een vereniging, et cetera) en daardoor minder last te hebben van eenzaamheid. Zo ligt de eenzaamheid onder de laagste inkomensgroep gemiddeld op 21%, tegen 8% bij de hoge inkomens.

46

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Tot corona lag het aandeel Schiedammers dat actief was als vrijwilliger rond de 27%. Tijdens corona, toen veel culturele instellingen, wijk- en buurtcentra en (sport)verenigingen gesloten waren, daalde het aandeel vrijwilligers naar 22%. In 2024 is er nauwelijks sprake van herstel: het aandeel komt in deze meting uit op 23%. Het aandeel mantelzorgers is tegelijkertijd vrijwel stabiel gebleven: net als in eerdere edities van deze monitor, geeft ongeveer een kwart van alle Schiedammers aan dat zij mantelzorg verlenen. Ook de mate van ervaren discriminatie is nagenoeg hetzelfde. In 2024 voelde 24% van alle inwoners zich wel eens gediscrimineerd. Schiedammers met een migratieachtergrond voelden zich wel beduidend vaker gediscrimineerd (33%) dan andere Schiedammers (15%). De ervaren discriminatie is met 41% het sterkst onder jonge vrouwen (tot 35 jaar) met een migratieachtergrond.

5. De samenwerking tussen gemeente en inwoners vraagt om aandacht Net als bij voorgaande metingen, lijkt een aanzienlijke minderheid van de Schiedammers (nog) niet tevreden over de wijze waarop de gemeente met hen samenwerkt. Zo vindt 25% dat de gemeente te weinig naar hen luistert en 27% dat de gemeente buurten onvoldoende bij de aanpak van leefbaarheid en veiligheid betrekt. Samen met het feit dat bijna 40% van de Schiedammers aangeeft dat zij meer betrokken willen worden bij wat er in Schiedam gebeurt, is dit een duidelijke indicatie dat er kansen liggen om inwoners meer en vaker te betrekken bij ontwikkelingen in de stad. Jonge Schiedammers en Schiedammers met een migratieachtergrond verdienen daarbij bijzondere aandacht; zij geven vaker dan andere Schiedammers aan dat ze meer betrokken willen worden bij wat er in de gemeente speelt.

47

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Bijlage 1: wijk- en buurtindeling Schiedam Wijk 0: Centrum 0001 Binnenstad 0002 Brandersbuurt 0003 Walvisbuurt 0004 De Plantage

0505 Harga 0506 Beatrixpark 0507 Sportpark Harga Wijk 6: Nieuwland 0601 Troelstrabuurt 0602 Spieringshoek 0603 Staatsliedenbuurt 0604 Vakbondsliedenbuurt 0605 Hollandiabuurt 0606 Schiehart 0607 Nolensbuurt 0608 De Meesterbuurt 0609 Cartonnagebuurt 0610 Wibautbuurt

Wijk 1: Oost 0101 Stadserf 0102 Natuurkundigenbuurt 0103 Singelkwartier 0104 Stationsbuurt 0105 Wetenschappersbuurt 0106 Newtonbuurt 0107 Boylebuurt 0108 Glasbuurt 0109 Marconibuurt 0110 Parallelbuurt 0111 Schieveste

Wijk 7: Groenoord 0701 Van Beethovenbuurt 0702 Groenoord-Zuid 0703 Van Zantenbuurt 0704 Mozartbuurt 0705 Groenoord-Noord 0706 Bachplein

Wijk 2: Schiedamse Havens 0201 Vijfsluizen 0202 Wilhelminahaven 0203 Nieuw-Mathenesse Wijk 3: West 0301 Schildersbuurt 0302 Schrijversbuurt 0303 Fabribuurt 0304 Frankenland 0305 Liduinabuurt 0306 Nassaukwartier 0307 Oranjekwartier 0308 Haverschmidtkwartier 0309 Distillateursbuurt 0310 Park Vijfsluizen

Wijk 8: Industriegebied 0801 Spaanse Polder 0802 ‘s-Graveland Wijk 9: Woudhoek 0901 Toneelspelersbuurt 0902 Ambachtenbuurt 0903 Kastelenbuurt 0904 Botenbuurt Wijk 10: Spaland/Sveaparken 1001 De Gaarden en Windas 1002 De Vlinderhoven 1003 De Akkers 1004 De Velden 1005 Sveaborg en Sveadal 1006 Sveaholm 1007 Sveafors

Wijk 4: Zuid 0401 Noletbuurt 0402 Eilandenbuurt 0403 Piet Sandersbuurt 0404 Maasboulevard Wijk 5: Kethel 0501 Kethel-Dorp 0502 Zwaluwbuurt 0503 Tuindorp 0504 Bijdorp

Wijk 11: Polderbuitengebied 1101 Noordkethelpolder 1102 Polderwetering

48

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

49

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Bijlage 2: rapportcijfers op buurtniveau8 Buurt

8

Woning

Woonomgeving

Leefbaarheid

Veiligheid

Binnenstad

7,0

6,2

6,3

5,9

Brandersbuurt

7,6

6,9

6,6

6,1

Walvisbuurt

7,6

7,4

7,2

6,8

De Plantage

8,2

8,1

7,8

7,5

Stadserf

7,6

6,8

6,4

5,5

Natuurkundigenbuurt

8,1

6,6

6,7

6,5

Singelkwartier

7,1

6,1

6,0

5,8

Stationsbuurt

6,6

5,7

5,5

4,8

Wetenschappersbuurt

8,1

6,6

6,0

4,6

Newtonbuurt

6,7

5,6

6,2

6,3

Boylebuurt

7,0

4,7

4,6

4,8

Glasbuurt

7,9

6,7

7,0

7,1

Marconibuurt

7,6

6,8

6,7

6,3

Schildersbuurt

7,3

5,6

5,8

5,4

Schrijversbuurt

7,0

6,1

6,4

6,0

Fabribuurt

6,6

5,5

5,6

5,4

Frankenland

6,8

6,1

5,8

5,8

Liduinabuurt

7,4

7,3

6,6

7,0

Nassaukwartier

8,5

8,1

8,0

7,8

Oranjekwartier

8,4

8,0

7,5

7,1

Haverschmidtkwartier

7,4

7,3

7,3

6,8

Distillateursbuurt

7,4

6,7

6,3

5,8

Noletbuurt

7,4

6,4

6,3

6,5

Eilandenbuurt

6,9

6,3

6,5

6,6

Sandersbuurt

7,3

6,8

6,6

6,5

Maasboulevard

8,2

7,4

7,2

7,0

Kethel-dorp

8,1

7,7

7,4

6,9

Zwaluwbuurt

8,3

7,8

7,8

7,3

Tuindorp

7,9

7,5

7,1

6,8

Bijdorp

7,2

6,9

7,0

6,0

Harga

8,8

6,9

7,2

6,9

Troelstrabuurt

6,5

6,5

5,9

6,1

Spieringshoek

7,3

6,6

7,0

5,9

Staatsliedenbuurt

5,8

5,3

5,5

4,6

Vakbondsliedenbuurt

7,9

7,0

7,0

5,2

Hollandiabuurt

7,9

7,5

7,3

6,6

Schiehart

8,0

6,9

6,9

6,7

Nolensbuurt

6,3

5,9

6,0

5,5

De Meesterbuurt

6,9

5,4

5,5

5,9

Cartonnagebuurt

6,3

6,0

5,4

5,2

Wibautbuurt

7,2

6,5

6,3

5,8

Van Beethovenbuurt

7,1

7,0

6,9

6,2

Groenoord-Zuid

6,9

7,0

7,3

6,7

Van Zantenbuurt

7,2

6,0

6,1

5,6

Mozartbuurt

8,0

6,8

6,5

6,6

Groenoord-Noord

7,2

6,5

6,4

5,9

De CBS-buurten Parallelbuurt, Schieveste, Vijfsluizen, Wilhelminahaven, Nieuw-Mathenesse, Park Vijfsluizen, Beatrixpark, Sportpark Harga, Spaanse Polder, ’s-Graveland en Noordkethelpolder zijn vanwege het lage aantal bewoners en/of respondenten niet opgenomen in de tabel.

50

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Buurt

Woning

Woonomgeving

Leefbaarheid

Veiligheid

Bachplein

8,3

7,1

6,8

6,6

Toneelspelersbuurt

7,9

7,9

7,7

7,4

Ambachtenbuurt

7,6

7,8

7,5

7,1

Kastelenbuurt

7,8

7,4

7,2

7,0

Botenbuurt

8,0

7,5

7,2

7,0

De Gaarden en Windas

8,0

7,7

7,7

7,5

De Vlinderhoven

8,2

7,8

7,6

7,6

De Akkers

8,2

7,9

7,8

7,8

De Velden

8,0

7,7

7,5

7,3

Sveaborg en -Dal

8,4

7,7

7,7

7,6

Sveaholm

8,2

7,6

7,1

7,4

Sveafors

8,6

8,0

8,0

8,2

Polderwetering

8,0

7,3

7,0

6,9

Schiedam

7,5

6,8

6,7

6,4

51

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam Buurt9

9

Sociale cohesie

Verloedering

Verkeersoverlast

Binnenstad

6,0

4,7

4,4

Brandersbuurt

5,5

4,4

4,4

Walvisbuurt

6,2

6,2

6,5

De Plantage

7,2

6,3

5,4

Stadserf

5,5

5,4

4,5

Natuurkundigenbuurt

6,0

4,9

7,4

Singelkwartier

5,7

4,9

4,8

Stationsbuurt

5,2

5,3

4,9

Wetenschappersbuurt

5,5

4,8

4,9

Newtonbuurt

5,5

5,7

5,4

Boylebuurt

4,0

4,8

4,5

Glasbuurt

4,8

5,8

4,7

Marconibuurt

5,9

5,5

6,1

Schildersbuurt

5,1

5,1

4,2

Schrijversbuurt

5,9

5,4

4,9

Fabribuurt

5,1

6,0

5,2

Frankenland

6,0

5,4

5,2

Liduinabuurt

6,7

6,9

5,1

Nassaukwartier

6,9

6,9

6,8

Oranjekwartier

6,6

7,0

7,1

Haverschmidtkwartier

7,2

6,9

5,8

Distillateursbuurt

5,4

6,2

4,8

Noletbuurt

6,3

5,0

4,8

Eilandenbuurt

6,4

5,1

5,2

Sandersbuurt

6,2

4,5

4,7

Maasboulevard

6,6

6,3

5,5

Kethel-dorp

7,0

7,0

6,5

Zwaluwbuurt

7,5

7,9

6,9

Tuindorp

6,2

7,2

6,6

Bijdorp

7,5

6,2

4,9

Harga

6,3

7,1

5,8

Troelstrabuurt

5,8

6,1

5,4

Spieringshoek

6,1

5,3

6,4

Staatsliedenbuurt

5,4

5,2

5,9

Vakbondsliedenbuurt

5,7

6,7

5,7

Hollandiabuurt

5,8

6,9

7,8

Schiehart

6,0

6,2

6,0

Nolensbuurt

6,1

5,9

5,5

De Meesterbuurt

4,9

5,4

5,0

Cartonnagebuurt

5,6

5,1

5,2

Wibautbuurt

5,3

5,4

6,1

Van Beethovenbuurt

5,6

6,1

5,6

Groenoord-Zuid

5,8

5,5

6,8

Van Zantenbuurt

5,2

5,6

5,6

Mozartbuurt

6,1

4,8

6,8

Groenoord-Noord

5,4

4,6

6,6

Bachplein

6,1

4,8

5,5

De CBS-buurten Parallelbuurt, Schieveste, Vijfsluizen, Wilhelminahaven, Nieuw-Mathenesse, Park Vijfsluizen, Beatrixpark, Sportpark Harga, Spaanse Polder, ’s-Graveland en Noordkethelpolder zijn vanwege het lage aantal bewoners en/of respondenten niet opgenomen in de tabel.

52

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Buurt

Sociale cohesie

Verloedering

Verkeersoverlast

Toneelspelersbuurt

6,8

6,9

7,2

Ambachtenbuurt

6,3

6,3

5,8

Kastelenbuurt

6,6

6,6

6,6

Botenbuurt

6,4

6,5

6,2

De Gaarden en Windas

7,4

7,2

6,3

De Vlinderhoven

7,3

6,6

6,2

De Akkers

7,2

7,0

7,0

De Velden

6,4

6,4

6,1

Sveaborg en -Dal

6,7

6,5

6,1

Sveaholm

6,8

6,8

7,0

Sveafors

7,4

7,1

7,6

Polderwetering

6,6

7,7

6,2

Schiedam

6,1

5,8

5,7

53

Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2024 – Gemeente Schiedam

Colofon Stadskantoor, Stadserf 1 Postbus 1501, 3100 AE Schiedam 14 010 schiedam.nl

54

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15404368/1