CConstaterende datSchiedam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 bestemmingsplan Geluidzone Havens NOF ter vaststelling

Gemeenteraad 6 februari 2024, gemeente SchiedamBij agendapunt: Raadsbesluit Vaststelling bestemmingsplan Geluidzone Havens Noordwest / Oost-Frankeland23.239 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

2.3.3

Plansituatie

In de toekomstsituatie is het industrielawaai te onderscheiden in het geluidgezoneerde deel en het gedezoneerde deel. Het geluidgezoneerde deel betreft het voorgenomen verkleinde industrieterrein HNOF en het industrieterrein WEH. Het gedezoneerde deel bestaat uit het Galileipark en een aantal bestaande bedrijven. Als basis voor het verkleinde industrieterrein HNOF is hetzelfde rekenmodel als in de referentiesituatie (zie §2.3.2) gebruikt. De bedrijven en geluidruimtereserveringen buiten de nieuwe industrieterreingrens zijn verwijderd om tot de toekomstige situatie te komen. Voor de te dezoneren woningen wordt in verband met het vaststellen van nieuwe hogere waarden Wet geluidhinder de geluidbelasting vanwege HNOF na

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

5

Projectgerelateerd

gedeeltelijke dezonering berekend en gerapporteerd in tabelvorm. Voor de bestaande woningen worden de op grond van de Wet geluidhinder geldende grenswaarden gehandhaafd.

2.4

Gedezoneerd industrielawaai

Voor het gedezoneerde deel van HNOF is voor de transformatiegebieden (dus niet voor het Galileipark) uitgegaan van de bedrijven uit het A-model voor zover deze nog actueel aanwezig zijn en tevens niet tijdelijk aanwezig zijn. Voor het Galileipark is een alternatieve benadering toegepast. Nieuwe bedrijven in de transformatiegebieden zullen (behoudens verkeer, zie hoofdstuk 5) akoestisch niet relevant (kunnen) zijn, immers de bedrijven worden gemengd met wonen en zullen op zeer korte afstand aan de normen moeten voldoen. Deze bedrijven worden daarom in de berekeningen buiten beschouwing gelaten.

2.4.1

Bestaande bedrijven

Voor de bestaande bedrijven is uitgegaan van de bedrijven uit het A-model, zoals in de huidige situatie (zie §2.3.1) is beschreven. Bedrijven die actueel niet aanwezig zijn of tijdelijk aanwezig zijn, zijn niet meegenomen. De bedrijven die binnen de nieuwe industrieterreingrens zijn gelegen, zijn niet meegenomen in de berekeningen voor het gedezoneerde industrielawaai. Eventuele nieuwe bedrijven die zich vestigen in dit gebied zullen niet akoestisch relevant zijn. Deze bedrijven moeten op zeer korte afstand aan de normen voldoen als gevolg van het gemengde woon- en werkgebied.

2.4.2

Galileipark

Voor het Galileipark is op basis van de volgende kengetallen in dB(A)/m2 de geluidsproductie geprognosticeerd voor de zones voor geluid 1 tot en met 4 als bedoeld in de VNG-uitgave Milieuzonering nieuwe stijl. Figuur 2.3 geeft de milieuzonering in het Galileipark weer. Tabel 2.2: Geluidsproductie milieuzonering kengetallen Zones voor geluid

Dag in dB(A)/m2

Avond in dB(A)/m2

Nacht in dB(A)/m2

Etmaalwaarde in dB(A)/m2

Zone 1

45

40

30

45

Zone 2

50

45

35

50

Zone 3

55

50

45

55

Zone 4

60

55

50

60

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

6

Projectgerelateerd

Figuur 2.3: Milieuzonering Galileipark. Dit is een conceptuele weergave waarin de Milieuzonering Nieuwe Stijl is toegepast. De definitieve indeling van de milieucategorieën is in het bestemmingsplan opgenomen.

2.5

Nestgeluid

2.5.1

Inleiding

Om een geluidmodel op te kunnen bouwen ter bepaling van het jaargemiddelde nestgeluid is informatie nodig over: 1. het aantal ligplaatsen in een gebied en de geografische positie per ligplaats (per ligplaats wordt één geluidbron voor een afgemeerd schip gemodelleerd) 2. welk type schip gebruik maakt van een ligplaats. 3. het jaargemiddelde bezettingspercentage van een ligplaats (afgemeerde uren per jaar/(365*24)) 4. het geluid wat een afgemeerd schip produceert, per type (geluidbronvermogen, bronhoogte, spectrum) Voor de huidige situatie zijn de onderdelen 1, 2 en 3 gebaseerd op big-data uit de periode 2016-2019. Omdat elk schip beschikt over AIS (automatic identification system) is die big-data te genereren. Het AISsignaal wordt namelijk elke drie seconden verzonden. Via AIS wordt geregistreerd wanneer en hoelang een schip in een vooraf gedefinieerd ligplaatsvak verblijft. Kortdurende verblijven worden er uit gefilterd, dat zijn in de praktijk schepen die door het ligplaatsvak heen varen. Ook wordt de AIS data verrijkt met o.a. het type schip. Omdat een ligplaatsvak 1 of meerdere ligplaatsen kan omvatten wordt via een bewerking van de big-data tevens het aantal ligplaatsen in een ligplaatsvak bepaald.

De bewerkingen leiden ertoe dat voor de huidige situatie het aantal ligplaatsen en per ligplaats het aantal bezoeken en gemiddelde ligduur per bezoek kan worden bepaald (en daarmee het totaal aantal afgemeerde uren op een ligplaats per jaar). Voor de toekomstige scenario’s is gekeken naar de economische ontwikkeling. Per goederentype (gekoppeld aan deelsegmenten) wordt een groeifactor bepaald. Het aantal scheepsbezoeken voor lading

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

7

Projectgerelateerd

gebonden scheepvaart wordt daarmee vermenigvuldigd. Omdat de aanname is dat de gemiddelde ligduur per scheepsbezoek (per type schip) niet verandert werkt die groeifactor 1 op 1 door naar het jaargemiddelde bezettingspercentage op een ligplaats voor de betreffende scheepstypen. Indien er geen informatie beschikbaar is wordt een groei van 1% per jaar aangehouden. Dit percentage is ook aangehouden voor ligplaatsen met niet ladinggebonden scheepvaart zoals slepers en werkvaartuigen. In bijlage A4 is een toelichting opgenomen over de totstandkoming van de gebruikte aantallen en ligplaatsbezettingen.

2.5.2

Huidige & autonome situatie

De nestgeluidbronnen van HNOF zijn gemodelleerd op basis van de uitgangspunten in de inleiding en het scheepvaartmonitor datamodel van het Havenbedrijf. In bijlage A4 is de toelichting van het scheepvaartmonitor datamodel en hoe dit vertaald is naar de rekenmodellen opgenomen. Voor de geluidmodellering van afgemeerde schepen in HNOF is aangesloten bij de uitgangspunten en aannamen van deelproject A3 “geluid afgemeerde schepen” binnen het Programma Actualisatie Geluidmanagement HIC (PAS), aangevuld met geluidsmetingen die in 2021 specifiek door DGMR zijn uitgevoerd aan de nautische dienstverleners (verder zeeslepers genoemd) in o.a. de Lekhaven. Het geluidvermogen van zeeschepen bedraagt 112 dB(A), binnenvaartschepen hebben een geluidvermogen van 102 dB(A) en binnenvaarttankers een geluidvermogen van 105 dB(A). Aan de zeeslepers die in de haven aanwezig zijn (Merwehaven en Lekhaven) zijn door DGMR geluidsmetingen verricht om het geluidvermogen daarvan vast te stellen. Uit de meetresultaten blijkt dat het geluidvermogen van de zeeslepers in de Merwehaven maximaal 93 dB(A) bedraagt en in de Lekhaven maximaal 103 dB(A). Hoewel de zeeslepers in de Merwehaven lange ligtijden hebben, is vastgesteld dat de boordgenerator maar beperkt in bedrijf is. Dit beperkt zich tot ten hoogste 1 uur in elke etmaalperiode.

Om hiervoor te corrigeren is het geluidvermogen in het rekenmodel gereduceerd met 9 dB, uitgaande dat de generatoren 3 uur per etmaal in bedrijf zijn. De daadwerkelijke jaargemiddelde ligplaatsbezetting is door het Havenbedrijf Rotterdam vastgesteld aan de hand van de data uit de historische AIS-scheepvaartmonitor van het Havenbedrijf Rotterdam over de periode van 2016 t/m 2019. Hieruit is een gemiddelde ligplaatsbezetting over alle ligplaatsvakken in HNOF bepaald. Een aantal ligplaatsvakken wijken in bezetting dusdanig van het gemiddelde af dat hiervoor een eigen gemiddelde is vastgesteld. Dit betreft de in Figuur 2.4 omcirkelde ligplaatsvakken. Per ligplaatsvak is bepaald hoeveel ligplaatsen voor zeeschepen en binnenvaartschepen binnen elk vak passen, zie hiervoor ook Figuur 2.4.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

8

Projectgerelateerd

Figuur 2.4: Ligplaatsen HNOF in de huidige situatie en de referentiesituatie

In de vergunde bedrijfssituatie van Access World zijn 2 nestgeluidbronnen opgenomen. In de bepaling van de ligplaatsbezetting is geen rekening gehouden met deze nestgeluidbronnen. Het nestgeluidmodel is daarvoor gecorrigeerd in zowel de huidige, referentie- en plansituatie. Een toelichting over deze correctie is opgenomen in bijlage A5. Voor WEH heeft het Havenbedrijf het rekenmodel aangeleverd. Dit rekenmodel is, vergelijkbaar met het rekenmodel voor industrielawaai, gebruikt voor de huidige, autonome en plansituatie. Het nestgeluid van HNOF en WEH is bij elkaar opgeteld.

2.5.3

Plansituatie

Het nestgeluid in de toekomstsituatie is op vergelijkbare wijze gemodelleerd als hiervoor is toegelicht. Het aantal ligplaatsen per ligplaatsvak is in de toekomstsituatie echter anders dan in de huidige situatie en de referentiesituatie. In de haven tussen de twee pieren in de Merwehaven en de Keilehaven komen de ligplaatsvakken te vervallen. In een aantal ligplaatsvakken komen ook geen zeeschepen meer te liggen. Figuur 2.5 geeft het aantal ligplaatsen per ligplaatsvak in de toekomstsituatie weer.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

9

Projectgerelateerd

Figuur 2.5: Ligplaatsen HNOF in de toekomstsituatie1

Het verschil ten opzichte van de referentiesituatie is een reductie in het aantal ligplaatsvakken in het gros van het plangebied. Aan de oostzijde van de lange Merwepier worden aanvullende ligplaatsen voor binnenvaartschepen voorzien, waarmee het aantal van 8 naar 14 gaat. Voor de zeeschepen wijzigt het aantal ligplaatsen niet.2 Vanwege deze toename in ligplaatsen is een analyse verricht naar het effect op het scheepvaartlawaai aspect. In bijlage A6 is deze analyse opgenomen. De toename in het aantal ligplaatsen voor binnenvaartschepen resulteert niet in een significante toename van het aantal vaarbewegingen. Er vindt zelfs een afname plaats. Deze afname is te verklaren doordat in het scheepvaartmodel de latere mutaties en inzichten ten aanzien van het ligplaatsgebruik niet zijn verwerkt. De toename in het aantal ligplaatsen past daardoor binnen het gehanteerde aantal in het scheepvaartmodel voor toekomstsituatie. Het aan- en afmeren van schepen is niet afzonderlijk beschouwd of beoordeeld. In het scheepvaartmodel zijn de geluidvermogens van de varende schepen over de hele route gelijk. In werkelijkheid zal hier variatie in zitten. We gaan er van uit dat de geluidvermogens een gemiddeld vermogen van een varend schip is, inclusief het aan- en afmeren. Daarnaast zijn de geluidbronnen doorgetrokken tot het einde van de insteekhavens.

In het rekenmodel wordt daardoor uitgegaan dat elk schip tot het einde van de haven vaart. In werkelijkheid is dit niet het geval, de schepen zullen vaker eerder op de route aan- en afmeren. Met bovenstaande in gedachte is verondersteld dat de geluidsbelasting vanwege de scheepvaart is overschat, en dat daarmee de geluidsemissie vanwege het aan- en afmeren van schepen als onderdeel van het scheepvaartmodel kan worden gezien.

2.6

Wegverkeerslawaai

2.6.1

Huidige & autonome situatie

Voor de berekening van het wegverkeerslawaai is gebruik gemaakt van de wegindelingen en verkeersgegevens uit de rapportage “Aanvullende modelberekeningen Merwe Vierhavens Rotterdam, 1

Dit is de situatie vóór het toepassen van maatregelen en het vertrek van Van Uden. De aantallen ligplaatsen aan de oostzijde van de lange Merwepier wijken af van wat in Bijlage A4 is opgenomen. De aantallen uit de hoofdtekst zijn leidend. 2

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

10

Projectgerelateerd

technische rapportage” d.d. 25 juli 2022 van Goudappel. De omgeving van het rekenmodel is overgenomen uit het geactualiseerde A-model. Hiervoor is gekozen om de rekenresultaten te kunnen gebruiken voor het bepalen van de cumulatieve geluidsbelasting. Er is een aantal kleine aanpassingen aan de geactualiseerde omgeving van het A-model doorgevoerd: - Het dijklichaam (naam 340 met omschrijving dijk tussen woonbebouwing) is uit het rekenmodel verwijderd; - De hoogtelijnen conform het Algemeen Hoogtebestand Nederland 3 (AHN3) zijn toegevoegd; - De standaard bodemfactor is op 1 (zachte bodem) gezet. De verharde oppervlaktes zijn conform de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) toegevoegd met een bodemfactor van 0. Figuren 2.6 en 2.7 geeft de huidige wegen en trambanen en de bijbehorende maximumsnelheid weer. Daarbij is in figuur 2.6 aangegeven op welke rekenpunten de geluidsbelasting in de huidige situatie inzichtelijk is gemaakt.

Figuur 2.6: Verschillende type wegen en ligging rekenpunten

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

11

Projectgerelateerd

Figuur 2.7: Maximumsnelheid van de wegen in het plangebied

2.6.2

Plansituatie & voorkeursalternatief

Voor het MER (bestaande woningen) worden alleen wegen beschouwd met een toename van verkeer ten opzichte van de autonome ontwikkeling van 30% of meer of een afname van meer dan 20%, op basis van de variant met de grootste verschillen. Er zijn twee voor het MER relevante scenario’s: Scenario 4: programma hoog, ambitie hoog; Voorkeursalternatief (VKA) Ambitie (AMB): Een overzicht van de intensiteitsverschillen ten opzichte van de referentiesituatie is in Figuur 2.8 weergegeven.

Figuur 2.8: Overzicht intensiteitsverschillen MER-varianten wegverkeer

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

12

Projectgerelateerd

Aanvullend aan de 2 bovengenoemde scenario’s zijn ook scenario’s 3 en 5 doorgerekend. De resultaten vanwege deze scenario’s zijn in bijlage A10 opgenomen, maar verder niet beschouwd in het rapport. Scenario 4 is vanuit het aspect geluid gezien ‘worst-case’ en brengt de hoogste geluidsbelastingen met zich mee. De te onderzoeken wegen en de beschouwde rekenpunten zijn in Figuur 2.9 weergegeven. Figuur 2.10 geeft de maximumsnelheid van de wegen in het plangebied weer.

Figuur 2.9: Verschillende type wegen en ligging rekenpunten

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

13

Projectgerelateerd

Figuur 2.10: Maximumsnelheid van de wegen in het plangebied

Aanvullend is onderzocht waar mogelijk een reconstructie effect in de zin van de Wet geluidhinder kan optreden. Dit betreft een toename van de geluidbelasting (ten opzichte van de huidige situatie) binnen een in de Wet geluidhinder vastgelegde afstand, door een fysieke wijziging aan een weg. Bij de bestaande woningen waar de geluidsbelasting meer dan de voorkeursgrenswaarde (48 dB) bedraagt en in de toekomstsituatie (variant 4) de geluidsbelasting 2 dB of meer toeneemt ten opzichte van de huidige situatie kan er sprake zijn van een reconstructie effect in de zin van de Wet geluidhinder. Uit nader onderzoek zal moeten blijken of dit ook echt zo is en of daaraan maatregelen getroffen kunnen worden.

2.7

Scheepvaartlawaai

Het Havenbedrijf heeft de rekenmodellen voor het scheepvaartlawaai in de huidige, referentie en plansituatie aangeleverd. Hierin zijn de jaargemiddelde aantallen opgenomen. In een aantal havens vaart een zeer beperkt aantal schepen (<1 stuk/dag). In het rekenprogramma is het niet mogelijk om geen hele aantallen in te voeren, waardoor de jaargemiddelde aantallen zijn vermenigvuldigd met een factor 100. Om te corrigeren voor het deze toename, is op de rekenresultaten een groepsreductie van 20 dB toegepast.

2.8

Cumulatie

De cumulatieve geluidsbelasting (Lcum) is berekend volgens de methode zoals beschreven in de Aanvullingsregeling geluid uit de Omgevingswet. De methode berekent de gecumuleerde geluidsbelasting, rekening houdend met de verschillende dosis-effectrelaties van de soorten geluidbronnen. De geluidsbelasting als gevolg van de soorten geluidsbronnen zijn hiervoor omgerekend met de hinderequivalentie formules en vervolgens energetisch bij elkaar opgeteld. Voor scheepvaartlawaai is zowel in de Wet geluidhinder als de Aanvullingsregeling geluid geen apart beoordelingskader opgenomen en er is ook geen specifieke omrekenformule beschikbaar. Wegens de overeenkomst met railverkeerslawaai in hoe het geluid passeert, is voor scheepvaart de formule voor railverkeer gebruikt.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

14

Projectgerelateerd

Hoewel de Omgevingswet momenteel niet van kracht is, zijn in de rekenregels de meest recente inzichten in de dosis-effectrelaties verwerkt. Ook is het toepassen van de toekomstige systematiek praktisch met het oog op monitoring. Door de Omgevingswet systematiek toe te passen wordt vanwege de hoge geluidsbelasting vanwege industrielawaai een aanzienlijk hogere correctie berekend (meerdere dB’s) dan de toeslag van 1 dB op de etmaalwaarde onder de Wet geluidhinder. Industrielawaai vanwege een industrieterrein wordt onder de Omgevingswet na vaststelling van de geluidproductieplafonds (GPP-IL) als tijdgewogen jaargemiddelde geluidsniveau (Lden en Lnight) berekend in plaats van als etmaalwaarde (Letmaal). De standaardregel is dat de geluidproductieplafonds worden bepaald op basis van de maximale benutting van de grenswaarden uit de Wet geluidhinder. Hiervan uitgaande komt 50 dB(A) Letmaal overeen met 50 dB Lden en 40 dB Lnight. Voor dit onderzoek is Letmaal daarom gelijkgesteld aan Lden (inclusief benutting van de gereserveerde geluidruimte). Door deze benadering wordt in de huidige situatie de bijdrage van het industrielawaai in het cumulatieve geluidsniveau iets overschat.

De standaard benadering gaat er dus van uit dat de latente geluidruimte die aanwezig is (het verschil tussen uitgegeven of gereserveerde geluidruimte in de dag-, avond- en nachtperiode op toetspunten Wet geluidhinder en de grenswaarden Wet geluidhinder op die toetspunten) bij de eerste vaststelling van de geluidproductieplafonds wordt toegekend aan het industrieterrein. Waarbij deze nog wordt vermeerderd met het nestgeluid van schepen op het industrieterrein. Na de eerste vaststelling van de geluidproductieplafonds kunnen deze bij besluit gemotiveerd gewijzigd worden, bijvoorbeeld om te verlagen met (een deel van) de latente geluidruimte. Het is mogelijk om de eerste vaststelling en de wijziging in één besluit te combineren. De in dit geluidrapport toegepaste benadering kan daardoor als worst-case worden gezien van de toekomstige jaargemiddelde geluidsbelastingen vanwege het industrieterrein. Onder de Omgevingswetsystematiek is nestgeluid onderdeel van het industrielawaai. Het industrielawaai en nestgeluid is energetisch opgeteld en vervolgens is de berekende waarde in de omrekenformule gebruikt. De onderstaande formules zijn van toepassing: - Wegverkeer: L*VL = 1,00 * LVL + 0,00 - Industrie: L*IL = 0,0146 * LIL2 – 0,5802 * LIL + 45,024 - Scheepvaart: L*SL = 0,0192 * LSL2 – 1,3715*L*SL + 65,05

2.9

Laagfrequent geluid

Laagfrequent geluid is geluid met lagere frequenties (tot circa 100 Hz). Hiervoor zijn geen wettelijke normen, de Wet geluidhinder beoordeeld dit geluid alleen als onderdeel van het totale geluid. Omdat bekend is dat laagfrequent geluid hinder kan veroorzaken (ook bij lagere niveaus), is in bijlage A7 een analyse verricht naar het laagfrequente geluid van scheepvaart, nestgeluid en het transformatorstation in het Galileipark op de ontwikkellocaties. Deze analyse kan ook worden gebruikt voor het bepalen van laagfrequent geluid in de huidige situatie. De berekeningen zijn in octaafbanden verricht en niet in tertsbanden, dit is wegens het ontbreken van gegevens over het geluidsspectrum van de bronnen in de tertsbanden. De Vercammen curve werkt normaliter met tertsbanden, echter om deze te vertalen naar octaafbanden zijn de waarden van de curve uit de 31,5, 63 en 125 Hz tertsbanden gebruikt en is daar 4,8 dB (10log(1/3)) bij opgeteld. Hiermee wordt gecorrigeerd voor een hoge bijdrage in de naastgelegen tertsbanden. Omdat gerekend is met octaafbanden en niet tertsbanden, moeten de resultaten als indicatief worden beschouwd. Voor de analyses is uitgegaan van het hoogst berekende geluidsniveau in één etmaalperiode. Uit de analyses blijkt dat het geluid van de scheepvaart, nestgeluid en het transformatorstation een laagfrequent

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

15

Projectgerelateerd

karakter heeft. Voor de beoordeling van laagfrequent geluid wordt vaak aangesloten bij de Vercammen curve. Omdat in octaafbanden is getoetst, is in bijlage A7 een gevoeligheidsanalyse verricht tussen het verschil in een octaafbandanalyse en tertsbandanalyse. Uit deze analyse blijkt dat het verschil tussen de analyses zowel groot als klein kunnen zijn, afhankelijk van het schip waarvan uitgegaan is. Dit toont aan dat ook als in octaafbanden wordt voldaan aan de Vercammen curve, de kans op laagfrequent geluid hinder aanwezig blijft. Het effect door LFG is aan de hand van berekende waarden kwalitatief beschouwd De hierboven beschreven methodiek gaat uit van jaargemiddeld geluid. Bij de jaarmiddeling is er niet één tertsband dominant aanwezig, maar wordt het geluid verdeeld over de verschillende tertsbanden en is de verhoogde norm voor de octaafbanden (+4,8 dB) adequaat. Bij het jaargemiddeld voldoen aan de Vercammen curve wordt de kans op laagfrequent geluidhinder verlaagt. Echter, juist door de jaarmiddeling, voorkomt dit niet de eventuele hinder vanwege een enkel schip met een hoog geluidvermogen, die meerdere weken op een ligplaats op relatief korte afstand van woningen de boordgenerator in bedrijf heeft. Dit soort situaties heeft zich eerder in de Rotterdamse Haven voorgedaan en is dus niet uit te sluiten, ook niet in HNOF.

Indien deze situaties zich voordoen in HNOF is de jaargemiddelde benadering onvoldoende om ernstige hinder te voorkomen en zal een aanvullende regeling. Bijvoorbeeld een regeling waarbij bepaalde schepen niet op specifieke ligplaatsen op korte afstand tot woningen mogen liggen. Variabelen die hierbij spelen zijn: De afstand van de ligplaats tot de dichtstbijzijnde woonlocaties; De hoogte van het geluidvermogen in de laagfrequent geluid tertsbanden; Hoe lang het schip zich op de ligplaats bevindt. Dit is verder niet in dit geluidrapport uitgewerkt. Het is ook onzeker of een dergelijke regeling voor HNOF nodig zal zijn. Wellicht doen in de praktijk zich deze situaties niet of nauwelijks voor in HNOF. Via monitoring van klachten over laagfrequent geluid kan hier meer duidelijkheid over verkregen worden.

2.10

Piekgeluiden

Naast de langtijdgemiddelde geluidniveaus zijn ook de maximale geluidniveaus (piekgeluiden) relevant. De piekgeluiden zijn in dit rapport onderzocht op basis van de brongegevens in het zonebeheermodel en expert judgement. In de toekomstsituatie (voornemen) komt woningbouw vlak bij het verkleinde gezoneerde industrieterrein te liggen. Piekgeluiden als gevolg van de activiteiten van de bedrijven op het gezoneerde industrieterrein kunnen hierdoor overlast veroorzaken op de nieuwbouwwoningen en zijn inzichtelijk gemaakt en beoordeeld. De niet gezoneerde bedrijven zijn buiten beschouwing gelaten, deze bedrijven moeten immers op relatief korte afstand aan de normen voldoen. Voor nieuwe bedrijven geldt hetzelfde. De aanname is dat bestaande bedrijven die niet aan de normwaarden voldoen bij de transformatie worden geamoveerd of met een maatwerkvoorschrift worden ingepast, als het gaat om overschrijdingen in bestaande situaties bij gedezoneerde bestaande woningen. Er is rekening gehouden met piekbronnen die reeds in het B-model opgenomen zijn. De volgende aanpassingen en aanvullingen zijn verricht om tot representatieve resultaten te komen: - Bij het bedrijf ‘Access World’ is een piekbron voor het neerzetten van containers/metaal opgenomen aan de oostzijde, vlak bij rekenpunt OL111 (ontwikkellocatie Keilekwartier);

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

16

Projectgerelateerd

-

Bij Agro Merchants zijn piekbronnen toegevoegd voor het ontluchten van de remmen van de vrachtwagens die zich bij de laaddocks opstellen; Bij HIWA zijn aan de noordzijde aan de Keilestraat piekbronnen opgenomen voor het ontluchten van de remmen van vrachtwagens en het klepperen van de lepels van heftrucks; Bij Continental Juice zijn piekbronnen opgenomen voor het ontluchten van de remmen van vrachtwagens en het klepperen van de lepels van heftrucks.

Voor de beoordeling van de piekgeluiden is het voornemen om in het bestemmingsplan verbrede reikwijdte aan te sluiten bij de standaardwaarden uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl, art. 5.65), voor de toepassing van artikel 2.19 Activiteitenbesluit (Barim). Concreet betekent dit, dat bij de toepassing van het Activiteitenbesluit de normwaarden in Tabel 2.3 worden toegepast, in plaats van de normen in het Activiteitenbesluit. Het Bkl maakt onderscheid tussen piekgeluiden als gevolg van de aandrijving van transportmiddelen en andere piekgeluiden. Tabel 2.3: Standaardwaarden piekgeluiden op de gevels van geluidgevoelige gebouwen conform het Bkl, art. 5.65.1 Dagperiode (07:00-19:00)

Avondperiode (19:00-23:00)

Nachtperiode (23:00-07:00)

Maximaal geluidsniveau (LAmax) veroorzaakt door aandrijfgeluid van transportmiddelen

--

70

70

Maximaal geluidsniveau (LAmax) veroorzaakt door andere piekgeluiden

--

65

65

Het Bkl voorziet niet in een standaard beschermingsniveau in de dagperiode. Desalniettemin is in de dagperiode een toetswaarde van 70 dB(A) voor piekgeluiden (niet veroorzaakt door laden en lossen) opgenomen. Indien dat niet haalbaar is, kan de grenswaarde met 5 dB(A) worden verhoogd naar 75 dB(A) met maatwerk. Per bedrijf zijn de piekgeluiden van beide categorieën (aandrijfgeluid en andere piekgeluiden) inzichtelijk gemaakt op de dichtstbijzijnde rekenpunten.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

17

Projectgerelateerd

3

Rekenresultaten huidige situatie

3.1

Geluidgezoneerd industrielawaai

3.1.1

HNOF

In Figuur 3.1 is de geluidsbelasting als gevolg van het huidige HNOF-industrieterrein weergegeven. De geluidsbelasting bedraagt ten hoogste 57 en 67 dB(A) op respectievelijk de bestaande woningen (Speedwellstraat) en de te dezoneren woningen (Keileweg).

Figuur 3.1: Geluidsbelasting in Letmaal als gevolg van het huidig gezoneerde industrielawaai HNOF

3.1.2

WEH

De geluidsbelasting als gevolg van het gezoneerde industrieterrein WEH is in Figuur 3.2 weergegeven. De hoogst berekende geluidsbelasting bedraagt 56 dB(A) op zowel de bestaande woningen (Hudsonstraat) als de te dezoneren woningen (Keileweg).

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

18

Projectgerelateerd

Figuur 3.2: Geluidsbelasting in Letmaal als gevolg van het gezoneerde industrielawaai WEH

3.1.3

HNOF & WEH

Als gevolg van ál het gezoneerde industrielawaai (HNOF en WEH) bedraagt de geluidsbelasting ten hoogste 59 en 68 dB(A) op respectievelijk de bestaande (Speedwellstraat) en de te dezoneren woningen (Keileweg). Figuur 3.3 geeft de berekende geluidsbelastingen weer.

Figuur 3.3: Geluidsbelasting in Letmaal als gevolg van het huidig gezoneerde industrielawaai HNOF en WEH

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

19

Projectgerelateerd

3.2

Nestgeluid

Figuur 3.4 geeft de berekende geluidsbelasting weer, welke ten hoogste 67 dB bedraagt op de bestaande woningen aan de Speedwellstraat. Op de te dezoneren woningen bedraagt de geluidsbelasting ten hoogste 67 dB(A) aan de Gustoweg 31.

Figuur 3.4: Geluidsbelasting in Lden als gevolg van het nestgeluid

3.3

Wegverkeerlawaai

De rekenresultaten op de bestaande woningen zijn weergegeven in Figuur 3.5. De geluidsbelasting bedraagt ten hoogste 58 en 63 dB bij respectievelijk de bestaande woningen (Hudsonstraat 99 & Rotterdamsedijk 144-160) en de te dezoneren Europoint II toren (exclusief aftrek artikel 110g Wgh).

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

20

Projectgerelateerd

Figuur 3.5: Geluidsbelasting in Lden als gevolg van het huidige wegverkeerslawaai excl. aftrek art. 110g Wgh

3.4

Scheepvaartlawaai

Op basis van het rekenmodel van de huidige situatie zijn de onderstaande jaargemiddelde geluidsbelastingen op de bestaande woningen berekend. De rekenresultaten op de bestaande woningen zijn weergegeven in Figuur 3.6. De geluidsbelasting bedraagt ten hoogste 57 en 52 dB bij respectievelijk de bestaande flat aan de Speedwellstraat en de te dezoneren Europoint III & IV torens.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

21

Projectgerelateerd

Figuur 3.6: Geluidsbelasting in Lden als gevolg van het huidige scheepvaartlawaai

3.5

Cumulatieve geluidsbelasting

Figuur 3.7 geeft de gecumuleerde geluidsbelasting op de bestaande woningen weer in de huidige situatie. De Lcum bedraagt ten hoogste 72 en 85 dB bij respectievelijk de bestaande woningen aan de Speedwellstraat en de te dezoneren woning aan de Keileweg 10A.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

22

Projectgerelateerd

Figuur 3.7: Cumulatieve geluidsbelasting in Lcum in de huidige situatie

Bij Europoint IV is op de bovenste bouwlaag een cumulatieve geluidsbelasting van 72 dB berekend. Deze geluidsbelasting wordt grotendeels bepaald door geluidbronnen van Europoint IV zelf. Op het dak staan koelinstallaties die o.a. via roosters in de gevels geluid emitteren.

3.6

Laagfrequent geluid

Uit de indicatieve toetsing blijkt dat vanwege scheepvaartgeluid en nestgeluid de Vercammen curve uitgedrukt in octaafbanden wordt overschreden. Dit komt zowel door het laagfrequente karakter als de hoge geluidsbelasting op de gevels als gevolg van deze geluidbronnen. Er wordt (indicatief en uitgaande van standaard glas in de gevels) aan de Vercammen curve voldaan bij een geluidsniveau op de gevel van 51 en 53 dB voor respectievelijk scheepvaartgeluid en nestgeluid (uitgaande van de maximale invallende geluidniveaus op de gevel, zonder correctie voor de periode van het etmaal). Bij de bestaande woningen wordt in de huidige situatie voor scheepvaartlawaai (indicatief) hieraan voldaan. De waarde voor nestgeluid wordt (indicatief) in de huidige situatie met maximaal 7 dB overschreden.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

23

Projectgerelateerd

4

Rekenresultaten referentiesituatie

4.1

Geluidgezoneerd industrielawaai

4.1.1

HNOF

Op de verschillende type rekenpunten bedraagt de geluidsbelasting als gevolg van het gezoneerde industrieterrein HNOF ten hoogste: - Bestaande woning: 58 dB(A) bij de Speedwellstraat; - Gedezoneerde woning: 69 dB(A) bij de Keileweg 10A; - Ontwikkellocatie: 75 dB(A) bij het Keilekwartier, ten oosten van Access World. In Figuur 4.1 is de geluidsbelasting op de rekenpunten weergegeven.

Figuur 4.1: Geluidsbelasting in Letmaal als gevolg van het gezoneerde industrielawaai HNOF in de referentiesituatie

4.1.2

WEH

De geluidsbelasting als gevolg van het gezoneerde industrieterrein WEH is gelijk aan wat in §3.1.2 is gepresenteerd. Op de verschillende type rekenpunten bedraagt de geluidsbelasting ten hoogste: - Bestaande woning: 56 dB(A) bij de Hudsonstraat 99; - Gedezoneerde woning: 56 dB(A) bij de Keileweg 10A; - Ontwikkellocatie: 58 dB(A) aan de zuidzijde van het Keilekwartier. De geluidsbelasting per rekenpunt is in Figuur 4.2 weergegeven.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

24

Projectgerelateerd

Figuur 4.2: Geluidsbelasting in Letmaal als gevolg van het gezoneerde industrielawaai WEH in de referentiesituatie

4.1.3

HNOF & WEH

Als gevolg van beide gezoneerde industrieterreinen bedraagt de geluidsbelasting op de verschillende type rekenpunten ten hoogste: - Bestaande woning: 60 dB(A) bij de Speedwellstraat; - Gedezoneerde woning: 69 dB(A) bij Keileweg 10A; - Ontwikkellocatie: 75 dB(A) bij het Keilekwartier, ten oosten van Access World. Figuur 4.3 geeft de berekende geluidsbelasting op de rekenpunten weer.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

25

Projectgerelateerd

Figuur 4.3: Geluidsbelasting in Letmaal als gevolg van het gezoneerde industrielawaai HNOF en WEH in de referentiesituatie

4.2

Nestgeluid

Het nestgeluid van de aangemeerde schepen resulteert in een geluidsbelasting op de verschillende type rekenpunten van ten hoogste: - Bestaande woning: 67 dB bij de Speedwellstraat; - Gedezoneerde woning: 68 dB bij de Gustoweg 31; - Ontwikkellocatie: 74 dB bij de oostzijde van de tweede pier van de Merwehaven. In Figuur 4.4 is de geluidsbelasting per rekenpunt weergegeven.

Figuur 4.4: Geluidsbelasting in Lden als gevolg van het nestgeluid in de referentiesituatie

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

26

Projectgerelateerd

4.3

Wegverkeerslawaai

In de referentiesituatie is rekening gehouden met de autonome groei tot 2031 van de verkeersintensiteit. De geluidsbelastingen (excl. aftrek art. 110 Wgh) op de verschillende type rekenpunten bedraagt ten hoogste: - Bestaande woning: 60 dB bij de Hudsonstraat 99, Deventerflat en Rotterdamsedijk 144-160; - Gedezoneerde woning: 66 dB bij de Europoint II toren; - Ontwikkellocatie: 65 dB bij de rekenpunten langs de Vierhavenstraat in het Marconikwartier. De geluidsbelasting per rekenpunt is in Figuur 4.5 weergegeven.

Figuur 4.5: Geluidsbelasting in Lden als gevolg van het wegverkeerslawaai in de referentiesituatie excl aftrek art. 110g Wgh

4.4

Scheepvaartlawaai

Ook voor de referentiesituatie heeft het Havenbedrijf het rekenmodel voor scheepvaartlawaai aangeleverd, welke is gebruikt voor de geluidsberekeningen. De geluidsbelasting op de verschillende type rekenpunten als gevolg van de scheepvaart in de referentiesituatie bedraagt ten hoogste: - Bestaande woning: 58 dB bij de Speedwellstraat; - Gedezoneerde woning: 53 dB bij de Europoint torens en Keileweg 10A; - Ontwikkellocatie: 62 dB aan de zuidzijde van het Keilekwartier. De geluidsbelasting op de rekenpunten is Figuur 4.6 in weergegeven. 3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

27

Projectgerelateerd

Figuur 4.6: Geluidsbelasting in Lden als gevolg van het scheepvaartlawaai in de referentiesituatie

4.5

Cumulatieve geluidsbelasting

De gecumuleerde geluidsbelasting op de verschillende type rekenpunten in de referentiesituatie bedraagt ten hoogste: - Bestaande woning: 72 dB bij de Speedwellstraat; - Gedezoneerde woning: 74 dB bij de Gustoweg 31; - Ontwikkellocatie: 83 dB direct ten oosten van Access World bij het Keilekwartier. Figuur 4.7 geeft de gecumuleerde geluidsbelasting op de rekenpunten weer.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

28

Projectgerelateerd

Figuur 4.7: Cumulatieve geluidsbelasting in Lcum in de referentiesituatie

Bij Europoint IV is op de bovenste bouwlaag een cumulatieve geluidsbelasting van 72 dB berekend. Vergelijkbaar met de huidige situatie is deze geluidsbelasting grotendeels het gevolg van de geluidbronnen voor de koelinstallaties van Europoint IV zelf.

4.6

Laagfrequent geluid

Het scheepvaartlawaai bij de bestaande en de te dezoneren woningen neemt in de referentiesituatie maximaal 1 dB toe ten opzichte van de huidige situatie. Voor het nestgeluid neemt de geluidsbelasting ten opzichte van de huidige situatie ten hoogste 2 dB toe in de referentiesituatie. Als gevolg van de toename kan worden gesteld dat in de referentiesituatie de kans op laagfrequent geluid hinder beperkt toe zal nemen bij de bestaande en de te dezoneren woningen.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

29

Projectgerelateerd

5

Rekenresultaten toekomstsituatie (effecten planvoornemen)

In de toekomstsituatie zijn nog geen maatregelen verwerkt. Het is belangrijk om te begrijpen wat het effect is van de beoogde maatregelen, waardoor eerst de toekomstsituatie zonder maatregelen inzichtelijk is gemaakt. In §6 is de toekomstsituatie inclusief maatregelen beschouwd, waaruit ook het effect van de maatregelen blijkt.

5.1

Industrielawaai

Om een zinvolle vergelijking te kunnen maken met de referentiesituatie, is het totale industrielawaai (gezoneerd en niet gezoneerd) inzichtelijk gemaakt.

5.1.1

Geluidgezoneerde deel

5.1.1.1 HNOF De geluidsbelasting in deze situatie is op de verschillende type rekenpunten berekend en bedraagt ten hoogste: - Bestaande woning: 58 dB(A) bij de Speedwellstraat; - Gedezoneerde woning: 58 dB(A) bij de Gustoweg 31; - Ontwikkellocatie: 64 dB(A) bij het Keilekwartier, ten oosten van Access World.

Figuur 5.1: Geluidsbelasting in Letmaal als gevolg van het gezoneerde industrielawaai HNOF in de toekomstsituatie

5.1.1.2 HNOF & WEH De geluidsbelasting als gevolg van de WEH is ongewijzigd ten opzichte van de referentiesituatie, zie hiervoor §4.1.2. De gezamenlijke geluidsbelasting als gevolg van het gezoneerde industrielawaai is weergegeven in Figuur 5.2. De geluidsbelasting op de verschillende type rekenpunten bedraagt ten hoogste: - Bestaande woning: 60 dB(A) bij de Speedwellstraat; - Gedezoneerde woning: 59 dB(A) bij de Gustoweg 31; - Ontwikkellocatie: 65 dB(A) bij het Keilekwartier, ten oosten van Access World. 3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

30

Projectgerelateerd

Figuur 5.2: Geluidsbelasting in Letmaal als gevolg van het gezoneerde industrielawaai HNOF en WEH in de toekomstsituatie

5.1.1.3 Nieuwe geluidszone HNOF Omdat het HNOF-industrieterrein gedeeltelijk gedezoneerd wordt, moet voor het resterende gezoneerde industrieterrein een nieuwe geluidszone worden vastgesteld. Voor het berekenen van de nieuwe geluidszone zijn de geluidbronnen en gebouwen binnen de industrieterreingrens gehandhaafd. Alle objecten daarbuiten (gebouwen, bodemgebieden, schermen, etc.) zijn uit het rekenmodel verwijderd om tot een zogenoemde ‘polderomgeving’ te komen. Voor de bodem is gerekend met een bodemfactor van 0, of te wel volledig hard. Met dit model zijn de 50 dB(A) etmaalwaarde contouren berekend op zowel 5 als 30 meter hoogte + NAP. Om beide contouren is in een vloeiende lijn de voorgestelde zonegrens geprojecteerd, zie Figuur 5.3. Deze zonegrens wordt op 5 meter hoogte geprojecteerd in het bestemmingsplan.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

31

Projectgerelateerd

Figuur 5.3: Voorgestelde zonegrens HNOF op 5 meter hoogte na gedeeltelijke dezonering

Binnen de voorgestelde zonegrens liggen 4 woningen die door de dezonering binnen de nieuwe geluidzone komen te liggen. Op deze woningen is de geluidsbelasting berekend met de ‘polderomgeving’. Uit de rekenresultaten blijkt dat op enkel 2 woningen de geluidsbelasting vanwege industrieterrein HNOF meer dan 50 dB(A) etmaalwaarde bedraagt. Voor deze woningen moeten Hogere Waarden (HW) worden vastgesteld. Wij adviseren om daarbij de berekende geluidsbelasting naar boven af te ronden. Bijvoorbeeld bij een geluidsbelasting van 53,3 dB(A) wordt een HW van 54 dB(A) vastgesteld, ook al is de geluidbelasting afgerond 53 dB(A). Dit is om te voorkomen dat er door kleine wijzigingen (bijv. van 53,3 naar 53,5 dB(A)) een andere afronding optreedt (in dit geval van 53 tot 54 dB(A), waardoor een grenswaarde overschrijding optreedt als de HW op 53 dB(A) zou zijn vastgesteld. Een geluidsbelasting van 52,8 dB(A) wordt wel gewoon afgerond tot een HW van 53 dB(A). Tabel 5.1 geeft de berekende geluidsbelasting en de voorgestelde vast te stellen Hogere Waarden (HW) op deze woningen. Tabel 5.1: Gedezoneerde woningen waarvoor een Hogere Waarden voor vastgesteld moet worden Naam

Omschrijving

Berekende geluidsbelasting (Letmaal)

Vast te stellen Hogere Waarden [dB(A)]

BW101

Keileweg 10A

50,7

51

BW108

Gustoweg 31

58,4

59

Voor deze bestaande woningen zijn burgemeester en wethouders op grond van artikel 111b lid 1 onder b. Wet geluidhinder gehouden om met betrekking tot de geluidwering van die gevels maatregelen te treffen, om te bevorderen dat de geluidsbelasting binnen de woning bij gesloten ramen ten hoogste 35 dB(A) bedraagt.

5.1.2

Gedezoneerde deel

De geluidsbelasting als gevolg van de gedezoneerde delen is niet in figuren gepresenteerd. De deelbijdragen van het gedezoneerde industrielawaai is in bijlage A9 terug te vinden.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

32

Projectgerelateerd

5.1.3

Totaal

Het totale industrielawaai bestaat uit de volgende delen: - Verkleind gezoneerd industrieterrein HNOF; - Gezoneerd industrieterrein WEH; - Gedezoneerde Galileipark; - Gedezoneerde bestaande bedrijven. In Figuur 5.4 is de berekende geluidsbelasting als gevolg van al het industrielawaai weergegeven. Bij de bestaande en gedezoneerde woningen is tussen haakjes het verschil met de referentiesituatie aangegeven. De geluidsbelasting op de verschillende type rekenpunten bedraagt ten hoogste: - Bestaande woning: 60 dB(A) bij de Speedwellstraat; - Gedezoneerde woning: 60 dB(A) bij de Marconistraat 38 en de Europoint IV toren; - Ontwikkellocatie: 67 dB(A) bij het Keilekwartier, ten oosten van Access World.

Figuur 5.4: Totale geluidsbelasting in Letmaal als gevolg van al het industrielawaai in de toekomstsituatie

Bij de bestaande woningen buiten HNOF neemt de geluidsbelasting hier en daar af, ten hoogste met 2 dB(A). De geluidsbelasting bij de te dezoneren woningen neemt tot maximaal 13 dB af bij de Van Helmontstraat 7C.

5.2

Nestgeluid

Het nestgeluid van de aangemeerde schepen resulteert in een geluidsbelasting op de verschillende type rekenpunten van ten hoogste: - Bestaande woning: 67 dB bij de Speedwellstraat; - Gedezoneerde woning: 68 dB bij de Gustoweg 31; - Ontwikkellocatie: 75 dB bij de oostzijde van de tweede pier van de Merwehaven. Figuur 5.5 geeft de geluidsbelasting op de rekenpunten weer.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

33

Projectgerelateerd

Figuur 5.5: Geluidsbelasting in Lden als gevolg van het nestgeluid in de toekomstsituatie

De geluidbelasting neemt bij het gros van de bestaande woningen 1 dB af. De afname is bij enkele woningen tot maximaal 3 dB. Bij de te dezoneren woningen neemt de geluidsbelasting ten hoogste 4 dB toe, bij de Marconiweg 38.

5.3

Wegverkeerslawaai

5.3.1

Varianten

Tussen de wegverkeersvarianten voor de plansituatie (variant 4 & VKA ambitie) is een met name op de ontwikkellocaties een groot verschil in geluidsbelasting te zien. Op de bestaande woningen is verschil tussen de varianten beperkt. Tabel 5.2 geeft een kort overzicht van de rekenresultaten van de drie varianten. Een aantal maatgevende rekenpunten zijn weergegeven. In bijlage A10 zijn de volledige rekenresultaten opgenomen. Tabel 5.2: Rekenresultaten wegverkeerslawaai varianten Variant 4 (hoog) Naam

Omschrijving

VKA Ambitie

Hoogte [m]

Referentie situatie Lden

Lden

Verschil t.o.v. ref

Lden

Verschil t.o.v. ref

BW101b

Keileweg 10A

5

60

65

5

62

2

BW103b

Eurpoint III (n-gevel)

50

61

62

1

61

0

BW104b

Europoint II (n-gevel)

5

66

68

2

67

1

BW105b

Europoint IV (n-gevel)

30

60

62

2

61

1

M164889

Merwedestraat 34-42

16,5

45

45

0

45

0

M164889D

Hoofdstraat 121-131

7,5

63

63

0

63

0

M164890

Hoofdstraat 147

10,5

59

59

0

59

0

M164894

Rotterdamsedijk 445 A

10,5

56

56

0

56

0

M164896

Rotterdamsedijk 255 B

10,5

44

44

0

44

0

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

34

Projectgerelateerd

M164902

Schiedamse ben.weg 501

16,5

59

60

1

59

0

M164905

Rhijnvis Feithstraat 27

7,5

59

60

1

60

1

M164908

Hudsonstraat 205

10,5

56

56

0

56

0

M164910

Hudsonstraat 31

13,5

58

58

0

58

0

M164914

Speedwellstr 136

43,5

52

52

0

52

0

M164918

Speedwellstr 260

37,5

50

50

0

49

-1

M164922

Speedwellstr 356

31,5

45

46

1

45

0

M218888H

Hooikade 2-4

5

48

48

0

48

0

OL100*

Merwehaven 1

5

64

59

-5

58

-6

OL101*

Merwehaven 6

5

62

64

2

63

1

OL105*

Merwehaven 11

5

59

56

-3

56

-3

OL106*

Marconikwartier 2

5

60

57

-3

55

-5

OL107*

Marconikwartier 3

5

63

57

-6

54

-9

OL108*

Marconikwartier 3

5

63

61

-2

58

-5

OL109*

Keilekwartier 1

5

58

58

0

53

-5

OL110*

Keilekwartier 2

5

53

57

4

56

3

OL112*

Keilekwartier 3

5

57

57

0

52

-5

OL118*

Marconistrip 1

5

62

63

1

63

1

OL119*

Marconistrip 2

5

65

61

-4

60

-5

OL120*

Marconikwartier 2

5

65

67

2

66

1

OL121* Marconikwartier 2 5 64 65 1 65 *In de referentiesituatie zijn de ontwikkellocaties niet geluid relevant. De geluidsniveaus zijn opgenomen ter informatie.

1

Uit de tabel blijkt dat in variant 4 de hoogste geluidsbelastingen zijn berekend. Figuur 5.6 geeft de berekende geluidsbelasting als gevolg van het wegverkeerslawaai in variant 4. De geluidsbelasting bedraagt ten hoogste: - Bestaande woning: 63 dB bij de Hoofdstraat 121-131 - Gedezoneerde woning: 68 dB bij de Europoint II toren; - Ontwikkellocatie: 67 dB aan de oostzijde van het Marconikwartier, vlak bij de Vierhavenstraat

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

35

Projectgerelateerd

Figuur 5.6: Geluidsbelasting in Lden als gevolg van het wegverkeerslawaai variant 4, excl. aftrek art. 110g Wgh.

5.3.2

Mogelijk reconstructie effect

Figuur 5.7 geeft weer op welke rekenpunten een mogelijk reconstructie effect kan optreden. De rekenpunten waar wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde (48 dB) zijn groen gekleurd en niet gelabeld. De rekenpunten met een hogere geluidsbelasting in de toekomstsituatie zijn geel of oranje gekleurd, afhankelijk van hoe groot de toename is. Op de Europoint torens is enkel de hoogst berekende geluidsbelasting weergegeven. In bijlage A10 is een volledig overzicht van de rekenresultaten opgenomen.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

36

Projectgerelateerd

Figuur 5.7: Rekenpunten met mogelijk reconstructie effect

5.4

Scheepvaartlawaai

De geluidsbelasting op de verschillende type rekenpunten als gevolg van de scheepvaart in de referentiesituatie bedraagt ten hoogste: - Bestaande woning: 58 dB bij de Speedwellstraat; - Gedezoneerde woning: 53 dB bij de Europoint IV toren; - Ontwikkellocatie: 61 dB aan de zuidzijde van het Keilekwartier. In Figuur 5.8 is de geluidsbelasting per rekenpunt weergegeven.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

37

Projectgerelateerd

Figuur 5.8: Geluidsbelasting in Lden als gevolg van het scheepvaartlawaai in de toekomstsituatie

De geluidsbelasting blijft bij de bestaande woningen grotendeels gelijk. Op een enkel toetspunt is een afname van 1 dB te zien.

5.5

Cumulatieve geluidsbelasting

Voor de berekening van de cumulatieve geluidsbelasting in de toekomstsituatie is het totale industrielawaai meegenomen. De gecumuleerde geluidsbelasting op de verschillende type rekenpunten in de referentiesituatie bedraagt ten hoogste: - Bestaande woning: 72 dB bij de Speedwellstraat; - Gedezoneerde woning: 74 dB bij de Gustoweg 31; - Ontwikkellocatie: 85 dB bij de oostzijde van de tweede pier van de Merwehaven. In Figuur 5.9 is de gecumuleerde geluidsbelasting op de rekenpunten gepresenteerd.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

38

Projectgerelateerd

Figuur 5.9: Cumulatieve geluidsbelasting in Lcum in de toekomstsituatie

Bij de bestaande woningen buiten HNOF neem de gecumuleerde geluidsbelasting maximaal 3 dB af en bij de te dezoneren woningen ten hoogste 11 dB. De geluidsbelasting wijzigt bij het gros van de woningen niet of zeer beperkt (1 dB). Bij Europoint IV is op de bovenste bouwlaag een cumulatieve geluidsbelasting van 72 dB berekend. Vergelijkbaar met de huidige en referentie situatie is deze geluidsbelasting grotendeels het gevolg van de geluidbronnen voor de koelinstallaties van Europoint IV zelf.

5.6

Piekgeluiden

Tabel 5.3 geeft de rekenresultaten van de piekgeluiden van zowel de aandrijving van transportmiddelen als de andere piekgeluiden. Tussen haakjes zijn voor de avond- en nachtperiode de standaardwaarden opgenomen voor respectievelijk de aandrijving van transportmiddelen en andere piekgeluiden. Overdag geldt een toetswaarde van 70 dB(A), met uitzondering van piekgeluiden door laden en lossen. In de dagperiode zijn maximale geluidsniveaus vanwege andere piekgeluiden tot en met 75 dB(A) toe te laten middels maatwerk.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

39

Projectgerelateerd

Tabel 5.3: Rekenresultaten maximale geluidsniveaus per bedrijf Maximaal geluidsniveau in dB(A) Bedrijf

Rekenpunt

Aandrijving transportmiddel/anders (grenswaarde aandrijving transportmiddel/grenswaarde anders) Dag

Avond

Nacht

OL100

64 (--/70)

50/64 (70/65)

50/62 (70/65)

OL102

76 (--/70)

57/76 (70/65)

57/70 (70/65)

OL103

74 (--/70)

57/74 (70/65)

57/74 (70/65)

BW108*

64 (--/70)

67/64 (70/65)

67/61 (70/65)

OL103

66 (--/70)

43/66 (70/65)

--/-- (70/65)

OL104

62 (--/70)

44/62 (70/65)

--/-- (70/65)

OL110

63 (--/70)

50/63 (70/65)

--/-- (70/65)

OL111*

83 (--/70)

66/83 (70/65)

--/-- (70/65)

OL112

59 (--/70)

59/-- (70/65)

59/-- (70/65)

OL113*

73 (--/70)

73/-- (70/65)

73/-- (70/65)

OL114*

-- (--/70)

77/-- (70/65)

77/-- (70/65)

OL109*

71 (--/70)

69/71 (70/65)

69/71 (70/65)

OL112

59 (--/70)

59/59 (70/65)

59/59 (70/65)

OL121

57 (--/70)

43/57 (70/65)

43/57 (70/65)

BW101a

36 (--/70)

38/36 (70/65)

38/36 (70/65)

OL109

51 (--/70)

44/51 (70/65)

44/51 (70/65)

OL112

51 (--/70)

44/51 (70/65)

44/51 (70/65)

Van Uden

Access World

Agro merchants (Opticool)

HIWA (incl Wild Juice)

Continental Juice *Deze rekenpunten liggen op zeer korte afstand van de piekbronnen waarmee de berekende piekniveaus erg gevoelig zijn voor de gebruikte bronlocatie. Voor de berekeningen is tussen de piekbronnen en rekenpunten een zo kort mogelijke afstand gehanteerd, waarmee de berekende piekniveaus als worst-case kunnen worden beschouwd.

Uit de rekenresultaten blijkt het volgende: - Van Uden voldoet aan de standaardwaarden voor het aandrijfgeluid van transportmiddelen, echter treedt in de avond- en nachtperiode een overschrijding van ten hoogste 11 dB(A) op van de standaardwaarden voor de andere piekgeluiden. Overdag is die overschrijding 6 dB. De overschrijding wordt veroorzaakt door het stoten van de kraangrijper tegen de scheepswanden gedurende het laden en lossen van de schepen. - Access World voldoet aan de standaardwaarden voor het aandrijfgeluid van transportmiddelen. Als gevolg van de andere piekgeluiden worden de standaardwaarden in de avondperiode ten hoogste 18 dB overschreden als gevolg van het neerzetten van containers of metaal bij OL111 (Keilekwartier). Dit punt valt buiten het VKA zoals in hoofdstuk 6 is beschreven. Op OL103 (Merwepieren) is de overschrijding 1 dB(A) in de avondperiode. Het maximale geluidsniveau op de Merwepieren is te beperken tot 65 dB(A). In het rekenmodel zijn piekbronnen met een geluidvermogen van 121 dB(A) opgenomen voor de containerhandelingen. In de RHDHV-bronnendatabase zijn in het verleden uitgevoerde geluidsmetingen verzameld. Voor piekgeluiden vanwege containerhandelingen zijn door RHDHV in het verleden piekgeluidvermogens tussen de 117 en 120 dB(A) (gemiddeld 119 dB(A)) gemeten.

Aanvullend wordt in het artikel ‘Piekbronhoogte bij het neerzetten van containers’ van Peutz d.d. 29 november 2011 een piekgeluidvermogen van 117 dB(A) gehanteerd voor lege containers, waarbij

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

40

Projectgerelateerd

-

-

-

rekening dient gehouden te worden met een spreiding van ± 3 dB(A). Hieruit valt te concluderen dat met een worst-case piekgeluidvermogen is gerekend en dat te verwachten is dat in de RBS voldaan kan worden aan de grenswaarde van 65 dB(A) in de avond. Als gevolg van Agro Merchants treedt in de avond- en nachtperiode een overschrijding van ten hoogste 7 dB(A) op als gevolg van de piekgeluiden van aandrijfgeluid van transportmiddelen. De betreffende ontwikkellocaties vallen niet binnen het VKA zoals beschreven in hoofdstuk 8. De piekgeluiden als gevolg van het aandrijfgeluid van transportmiddelen van HIWA voldoen aan de standaardwaarden. In de avond- en nachtperiode wordt de standaardwaarde voor de andere piekgeluiden ten hoogste 6 dB(A) overschreden bij de ontwikkellocatie Keilekwartier, welke geen onderdeel uitmaakt van het in hoofdstuk 6 beschreven VKA. Continental Juice voldoet aan de standaardwaarden voor zowel het aandrijfgeluid van transportmiddelen als de andere piekgeluiden.

5.7

Laagfrequent geluid

Het scheepvaartlawaai bij de bestaande en de te dezoneren woningen neemt in de toekomstsituatie beperkt toe ten opzichte van de referentiesituatie. Voor het nestgeluid neemt de geluidsbelasting ten opzichte van de referentiesituatie beperkt af in de toekomstsituatie. Per saldo kan worden gesteld dat ten opzichte van de referentiesituatie de kans op laagfrequent gelijk blijft bij de bestaande en de te dezoneren woningen. Ontwikkellocaties LFG door scheepvaart Voor de toetsing is het hoogst voorkomende (gemiddelde) geluidsniveau in één van de etmaalperiode gebruikt. Binnen het plangebied bedraagt het geluidsniveau ten hoogste 55 dB bij OL114. Uitgaande van een standaardgevel kan binnen een woning een overschrijding optreden van de richtwaarde van de Vercammen curve met (afgerond) 1 en 4 dB in respectievelijk de 63 en 125 Hz band. Deze overschrijding wordt niet alleen veroorzaakt door het laagfrequente karakter van het geluid, maar ook door het feit dat de geluidsbelasting vanwege scheepvaartverkeer hier hoog is: Een geluidsniveau op de gevel van 55 dB(A) in alle periodes van het etmaal, dat is 61 dB Lden. Voor woningen met een lagere geluidsbelasting zal de overschrijding geringer zijn: Bij een geluidsniveau op de gevel van 51 dB(A) op de gevel wordt (indicatief) overal voldaan aan de Vercammen curve.

Een kanttekening hierbij is dat voor de varende schepen in de haven een gelijk toerental (zelfde geluidvermogen) is gebruikt als van de doorgaande scheepvaart. Dit is een worst-case aanname. Daarnaast zijn de berekende geluidsniveaus afhankelijk van de aannames over de verblijftijd en vaarsnelheid of dat de geluidemissie van varende schepen in de haven overschat kan zijn. Nestgeluid Voor de toetsing is het hoogst voorkomende (gemiddelde) geluidsniveau in één van de etmaalperiode gebruikt. Binnen het plangebied bedraagt het geluidsniveau per situatie ten hoogste 69 dB bij OL104. Uitgaande van een standaardgevel kan binnen een woning een overschrijding optreden van de richtwaarde van de Vercammen curve met (afgerond) 8, 13 en 16 dB in respectievelijke de 31,5, 63 en 125 Hz band. Deze overschrijding wordt niet alleen veroorzaakt door het laagfrequente karakter van het geluid, maar ook door het feit dat de geluidsbelasting vanwege nestgeluid hier erg hoog is: Een geluidsniveau op de gevel van 69 dB(A) in alle periodes van het etmaal, oftewel een geluidsniveau van 75 dB Lden. Voor woningen met een lagere geluidsbelasting zal de overschrijding geringer zijn: Bij een geluidsniveau op de gevel van 55 dB(A) voldoen de 31,5 en 63 Hz banden (indicatief) aan de Vercammen curve. In de 125 Hz band treedt een overschrijding van de Vercammen curve met 2 dB op.

Pas bij een geluidsniveau van 53 dB(A) op de gevel wordt (indicatief) overal voldaan aan de Vercammen curve. 3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

41

Projectgerelateerd

Een kanttekening is dat over een jaar gezien het laagfrequent geluid niet voortdurend aanwezig zal zijn. Er is immers rekening gehouden met jaargemiddelde aantallen in de berekeningen voor het nestgeluid en scheepvaartlawaai. Gerekend is met het hoogst voorkomende geluidsniveau op de rekenpunten in het etmaal. Het laagfrequent geluid zal plaatselijk zeker optreden, echter is het onwaarschijnlijk dat dit gelijktijdig over het gehele onderzoeksgebied optreedt. Zie verder paragraaf 2.9 over de uitgangspunten voor laagfrequent geluid.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

42

Projectgerelateerd

6

Maatregelen

6.1

Inventarisatie maatregelen

Op de ontwikkellocaties zijn hoge geluidsbelastingen berekend. Met name het nestgeluid van de HNOF draagt in belangrijke mate bij. Om de geluidsbelasting te reduceren zijn er maatregelen nodig. De meest effectieve aanpak voor het behalen van een reductie is het toepassen van bronmaatregelen. Voor het nestgeluid is het toepassen van walstroom een oplossing. Door de liggende schepen aan te sluiten op de walstroom is het voor hen niet meer noodzakelijk om de boordgenerator in bedrijf te hebben voor de hotelfunctie van het schip, waarmee het nestgeluid komt te vervallen. Voor het toepassen van walstroom zijn de ligplaatsvakken te onderscheiden in verschillende categorieën: 1a. Vertrek van zeevaart & binnenvaart (dit maakt al onderdeel uit van het planvoornemen); 1b. Vertrek zeevaart & binnenvaart, echter blijven de ligplaatsen tijdelijk langer in gebruik voor binnenvaart vanwege een capaciteitsgebrek aan ligplaatsen voor binnenvaart. De ligplaatsen vervallen zodra deze qua geluid een negatief effect hebben op de opgeleverde woningen in de Merwehaven3; 2a/2b. Vertrek zeeslepers Merwehaven en binnenvaart, waarbij de zeeslepers tijdelijk verhuizen naar het 2e gat van de Merwehaven op het einde van de Radiostraat. De tijdelijke ligplaats in Merwehaven 2e gat vervalt zodra de zeeslepers qua geluid een negatief effect hebben op de opgeleverde woningen in de Merwehaven; 3.

Binnenvaart op walstroom; 4. Zeevaart De Werkplaats op walstroom en vertrek binnenvaart; 5. Zeevaart Continental Juice op walstroom en het aantal ligplaatsen van Continental Juice wordt van 2 naar 1 teruggebracht. 6. Na 2032 komen de ligplaatsen van Van Uden ook te vervallen in verband met het einde van de erfpacht. In Figuur 6.1 is weergegeven op welke ligplaatsen de maatregelen van toepassing zijn. Deze maatregelen gezamenlijk (m.u.v. nummer 6, vertrek van Van Uden) vormen het maatregelpakket tot 2032. Na 2032 komt de erfpacht van Van Uden tot zijn eind. De industrielawaai- én nestgeluidbronnen komen volledig te vervallen. Het effect hiervan is afzonderlijk is beschouwd. Aanvullend aan de nestgeluidmaatregelen, wordt ook het industrielawaai vanwege de HNOF teruggebracht door de geluidruimte van de BAK-locatie 2 dB(A)/m2 te reduceren. Een nadere toelichting hierover is in §6.3.1 opgenomen.

3

Een toename kwalificeert als een verslechtering als de onafgeronde toename meer dan 1,0 dB is voor een tijdelijke situatie. Voor permanente wijzigingen is een toename van meer dan 0,2 dB een verslechtering. 3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

43

Projectgerelateerd

Figuur 6.1: Maatregelen per ligplaatsvak

Aanvullend op de eerdergenoemde maatregelen zijn ook de volgende maatregelen aan het nestgeluid geïdentificeerd: 7. Noordelijke kade Lekhaven; binnenvaart en zeevaart op walstroom; 8. Zuidelijke kade Lekhaven; binnenvaart, zeevaart en zeeslepers op walstroom; 9. Noordelijke kade IJsselhaven: binnenvaart en zeevaart op walstroom; 10. Zuidelijke kade IJsselhaven: binnenvaart op walstroom (de zeevaart van Continental Juice is al op walstroom); 11. Kade bij Fruit Terminal Rotterdam (BAK-locatie): zeevaart en binnenvaart op walstroom; 12. Toepassen van walstroom in héél HNOF (maatregelen 7 t/m 11 bij elkaar). Aanvullend op de nestgeluidmaatregelen is het mogelijk om ook maatregelen aan het industrieterrein te nemen. De onderstaande maatregelen zijn geïdentificeerd: 13. Vervallen van de geluidruimte van de kavel van AgroMerchants; 14. Vervallen van de geluidruimte van de kavel van HIWA; 15. Vervallen van de geluidruimte van de kavelreserveringen van kavels 10.02, 10.03, 10.05 en 10.08 uit het zonebeheermodel. 16. Vervallen van de geluidruimte van héél het sappencluster, behoudens Continental Juice (maatregelen 13 t/m 16 bij elkaar). Deze maatregelen zijn in het kader van het toekomstperspectief voor de woningbouwontwikkeling binnen het Marconikwartier en het Keilekwartier beschouwd in dit onderzoek.

Tussen het Havenbedrijf Rotterdam, gemeente Rotterdam en de betreffende bedrijven zijn nog geen afspraken gemaakt over deze maatregelen. Er is daarom ook geen termijn waarop deze maatregelen uitgevoerd zouden moeten worden en de resultaten met betrekking tot het toekomstperspectief zijn enkel bedoeld om de ontwikkelmogelijkheden inzichtelijk te maken. Voor de maatregelpakketten is de reductie in cumulatieve geluidsbelasting beschouwd ten opzichte van het voorgaande maatregelpakket. Maatregelpakket 2032 is vergeleken met de toekomstsituatie (§5.5). Om de figuur overzichtelijk te houden, is voor de rekenpunten met meerdere hoogtes (ontwikkellocaties en de Europoint torens) de hoogst berekende geluidsbelasting en bijbehorende reductie weergegeven.

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

44

Projectgerelateerd

6.2

Maatregelen 2032

Figuur 6.2 geeft de reductie ten opzichte van de toekomstsituatie (§5.5) als gevolg van het maatregelpakket 2032 op de maatgevende rekenpunten weer. In bijlage A9 zijn de reducties op alle rekenhoogtes opgenomen, waarbij tevens de reductie op de cumulatieve geluidsbelasting per individuele maatregel inzichtelijk is gemaakt.

Figuur 6.2: Cumulatieve geluidsbelasting Lcum in de toekomstsituatie na toepassen maatregelpakket 2032

Uit de resultaten blijkt dat op de ontwikkellocaties de cumulatieve geluidsbelasting tot wel 10 dB afneemt bij de 2de pier in de Merwehaven, echter dat is niet de hoogst geluidbelaste ontwikkellocatie. Op de verschillende type rekenpunten bedraagt de gecumuleerde geluidsbelasting ten hoogste: - Bestaande woning: 68 dB bij de Speedwellstraat (4 dB afname t.o.v. de toekomstsituatie); - Gedezoneerde woning: 73 dB bij de Gustoweg (0 tot 2 dB afname t.o.v. de toekomstsituatie); - Ontwikkellocatie: 75 dB aan de zuidzijde van het Keilekwartier (1 dB afname t.o.v. de toekomstsituatie).

3 maart 2023

AKOESTISCH ONDERZOEK

BG9314-MI-RP-221110-1552

45

Projectgerelateerd

6.3

Maatregelen 2032 & vertrek Van Uden

Figuur 6.3 geeft de reducties als gevolg van het maatregelpakket 2032 & vertrek Van Uden op de rekenpunten weer. Tussen haakjes is de reductie t.o.v. de situatie na maatregelen 2032 (Figuur 6.2) opgenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13681775/1