CConstaterende datSchagen
Koppel je AI →
Document · PDF

Was wordt tabel APV 2023

Oordeelsvormende vergadering 19 april 2023, gemeente SchagenBij agendapunt: Vaststellen van de Algemene plaatselijke verordening Schagen30.426 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Artikel 2:55 Verbod op recreatief gebruik van lachgas 1.Het is verboden op een openbare plaats, die deel uit maakt van een door het college aangewezen gebied, lachgas voor recreatief gebruik toe te passen of aanwezig te hebben. 2.Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, is het voor recreatief gebruik toepassen of aanwezig hebben van lachgas in ieder geval verboden: a.in openbare inrichtingen als bedoeld in artikel 2:27 lid 1 onder a; b.op evenementen als bedoeld in artikel 2:24; c.binnen een straal van 250 meter van de onder a en b genoemde openbare inrichtingen en evenementen. d. onder “lachgas” wordt in dit artikel begrepen: een gas of gasmengsel dat in hoofdzaak bestaat uit distikstofmonoxide (N2O). e. onder “recreatief gebruik van lachgas” wordt in dit artikel begrepen: het, al dan niet met behulp van een ballon, inhaleren van lachgas, waarbij dat inhaleren geen deel uitmaakt van een medische behandeling.

(Vervallen)

Met ingang van 1 januari 2023 is lachgas toegevoegd aan lijst II van de Opiumwet. Hiermee is lachgas sindsdien een softdrug en is het verboden om lachgas binnen of buiten het grondgebied van Nederland te brengen, te bereiden, te bewerken, te verwerken, te verkopen, af te leveren, te verstrekken, te vervoeren, aanwezig te hebben of te vervaardigen. Nu lachgas onder de Opiumwet valt voorziet artikel 2:74 en 2:74a van de ModelAPV in het verbod op het op straat treffen van voorbereidingen voor de handel in hard- en softdrugs en het gebruik van harden softdrugs (waaronder nu in beide gevallen ook voor lachgas). De verkoop van lachgas is nu geregeld in de Opiumwet, waardoor dit soort dergelijke bepalingen wel uit een APV dienen te worden gehaald. Deze bepalingen zijn van rechtswege (artikel 122 Gemeentewet) vervallen. Immers geldt dat lagere wet-

Artikel

Onderwerp

Was

Wordt

Reden en regelgeving niet kan voorzien in iets waar hogere wet- en regelgeving in voorziet.

artikel 2:57

Loslopende honden

1.Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen: a. op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide of op een andere door het college aangewezen plaats; b. binnen de bebouwde kom op de weg indien de hond niet is aangelijnd; c. buiten de bebouwde kom op een door het college aangewezen plaats indien de hond niet is aangelijnd; d. van 1 april tot 1 oktober tussen 09.00 en 19.00 uur op het strand of de toegangspaden als bedoeld in artikel 2:79a, anders dan vastgezet of vastgehouden aan een lijn met een lengte van maximaal 1,50 meter, of e. op de weg indien die hond niet is voorzien van een halsband of een ander identificatiemerk dat de eigenaar of houder duidelijk doet kennen. 2.Het eerste lid, aanhef en onder b, c en d is niet van toepassing op door het college aangewezen plaatsen. 3.Het eerste lid aanhef en onder a tot en met d is niet van toepassing op de eigenaar of houder van een hond: a. die zich vanwege zijn handicap door een geleidehond of sociale hulphond laat begeleiden; of b. die deze hond aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot geleidehond of sociale hulphond.

1. Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen: a. op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide of op een andere door het college aangewezen plaats; b. binnen de bebouwde kom op een openbare plaats als de hond niet is aangelijnd; c. buiten de bebouwde kom op een door het college aangewezen plaats als de hond niet is aangelijnd; d. van 1 april tot 1 oktober tussen 09:00 en 19:00 uur op het strand of de toegangspaden als bedoeld in artikel 2:79a, anders dan vastgezet of vastgehouden aan een lijn met een lengte van maximaal 1,50 meter; of e. op de weg als die hond niet is voorzien van een halsband of een ander identificatiemerk dat de eigenaar of houder duidelijk doet kennen. 2. Het eerste lid, aanhef en onder b en d, is niet van toepassing op door het college aangewezen plaatsen. 3. Het eerste lid, aanhef en onder a tot en met d, is niet van toepassing op de eigenaar of houder van een hond die zich vanwege zijn handicap door een geleidehond of sociale hulphond laat begeleiden of die deze hond aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot geleidehond of sociale hulphond.

• Tekstuele aanpassing, weg wordt openbare plaats. Volgens het huidige onderdeel b geldt een verbod voor honden op de weg indien ze niet zijn aangelijnd. Dus op andere openbare plaatsen dan de weg mag een hond niet aangelijnd lopen, behalve op een krachtens onderdeel a genoemde plaats/aangewezen plaats. De wijziging breidt het verbod voor niet- aangelijnde honden uit tot andere plaatsen binnen de bebouwde kom dan de weg, zoals parken en plantsoenen of andere voor publiek openstaande plaatsen. Dat past ook beter bij de uitzondering in het tweede lid, waar wordt gesproken over ‘aangewezen plaatsen’. • Art. 2:57, lid 3 samenvoeging a en b.

Artikel artikel 2:59a

Onderwerp Gevaarlijke honden op eigen terrein

artikel 2:60

Houden of voeren van 1. Het is verboden op door het college ter voorkoming of opheffing van overlast hinderlijke of of schade aan de openbare gezondheid aangewezen plaatsen, buiten een schadelijke dieren inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, bij dat aanwijzingsbesluit aangeduide dieren: a. aanwezig te hebben; b. aanwezig te hebben anders dan met inachtneming van de door het college in het aanwijzingsbesluit gestelde regels; c. aanwezig te hebben in een groter aantal dan in het aanwijzingsbesluit is aangegeven; of d. te voeren. 2. Het college kan de rechthebbende op een onroerende zaak gelegen binnen een krachtens het eerste lid aangewezen plaats ontheffing verlenen van een of meer verboden als bedoeld in het eerste lid. 3. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. bijen 1.Het is verboden bijen te houden binnen een afstand van 30 meter van woningen of andere gebouwen waar overdag mensen verblijven; 2.Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing voor de bijenhouder die rechthebbende is op de woningen of gebouwen bedoeld in dat lid. 3.Het college kan van het verbod in het eerste lid ontheffing verlenen. 4.Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

artikel 2:64

Was

Wordt Reden 1. Het is de eigenaar of houder van een hond verboden deze hond op zijn Art. 2:59a was niet terrein zonder muilkorf te laten loslopen als de burgemeester een aanlijngebod aanwezig, opnemen of een aanlijn- en muilkorfgebod heeft opgelegd als bedoeld in artikel 2:59, volgens model APV. eerste lid, dan wel als de hond is opgeleid voor bewakings-, opsporings- en verdedigingswerk. 2. Het in het eerste lid genoemde verbod geldt niet als: a. op een vanaf de weg zichtbare plaats een naar het oordeel van de burgemeester duidelijk leesbaar waarschuwingsbord is aangebracht; b. het mogelijk is een brievenbus te bereiken en aan te bellen zonder het terrein te betreden; en c. het terrein voorzien is van een zodanig hoge en deugdelijke afrastering dat de hond niet zelfstandig buiten het terrein kan komen.

1. Het is verboden op door het college ter voorkoming of beëindiging van overlast of schade aan de openbare gezondheid aangewezen plaatsen, buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, bij dat aanwijzingsbesluit aangeduide dieren: a. aanwezig te hebben; b. aanwezig te hebben anders dan met inachtneming van de door het college in het aanwijzingsbesluit gestelde regels; c. aanwezig te hebben in een groter aantal dan in het aanwijzingsbesluit is aangegeven; of d. te voeren. 2. Het college kan de rechthebbende op een onroerende zaak gelegen binnen een krachtens het eerste lid aangewezen plaats ontheffing verlenen van een of meer verboden als bedoeld in het eerste lid.

Volgens model APV zomer 2022. lid 3 (lex silencio positivo) is vervallen in Model APV.

1. Het is verboden bijen te houden: Conform Model APV a. binnen een afstand van 30 meter van woningen of andere gebouwen waarin overdag mensen verblijven; b. binnen een afstand van 30 meter van de weg. 2. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder a, is niet van toepassing voor de bijenhouder die rechthebbende is op de woningen of gebouwen bedoeld in dat lid. 3. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder b, is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door het provinciaal wegenreglement. 4. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod. 5. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Artikel artikel 2:65

Onderwerp bedelarij

Was Het is verboden in door het college aangewezen gebieden op een openbare plaats te bedelen om geld of andere zaken.

Wordt Het is verboden op een openbare plaats te bedelen om geld of andere zaken in door het college ter voorkoming of beëindiging van overlast aangewezen gebieden.

Reden Volgens model APV. Op grond van artikel 2:65 van de ModelAPV is het verboden te bedelen op openbare plaatsen in een door het college aangewezen gebied. Hier is het motief ‘voorkoming of beëindiging van overlast’ aan toegevoegd. Aanleiding is een uitspraak van het Europese Hof van de Rechten van de Mens, waarin hij oordeelt dat de menselijke waardigheid wordt aangetast als iemand niet beschikt over voldoende bestaansmiddelen en dat deze beschermd wordt door artikel 8 EVRM (het recht op de eerbiediging van het privéleven). Dit recht kan op grond van artikel 8, tweede lid, EVRM beperkt worden, mits deze beperking een legitiem doel dient, een wettelijke basis heeft en noodzakelijk is voor de democratische samenleving. De laatste voorwaarde vereist een afweging van de belangen van het individu en die van de maatschappij. Veiligheidshalve nemen wij daarom het motief ‘voorkomen of beëindiging van overlast’ op in artikel 2:65. De bepaling is

Artikel

Onderwerp

Was

Wordt

Reden ook redactioneel aangepast.

Afdeling 9 Bestrijding heling heling van goederen

Afdeling 12. Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen

Afdeling 9. Bestrijding heling van goederen

indeling is gewijzigd in de Model APV

artikel 2:66

begripsbepaling

Definitie

In deze afdeling wordt verstaan onder handelaar: een handelaar als bedoeld in artikel 1 van de algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 437, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.

In deze afdeling wordt onder handelaar verstaan de handelaar aangewezen bij algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 437, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.

Tekstuele aanpassing volgens de Model APV

definitie handelaar

artikel 2:66

artikel 2:67

verplichtingen met betrekking tot het verkoopregister

1.De handelaar is verplicht aantekening te houden van alle gebruikte of 1. De handelaar is verplicht aantekening te houden van alle gebruikte of ongeregelde goederen die hij verkoopt of op andere wijze overdraagt, in een ongeregelde goederen die hij verkoopt of op andere wijze overdraagt, in een doorlopend en een door of namens de burgemeester gewaarmerkt register, en doorlopend en door de burgemeester gewaarmerkt register, en daarin daarin onverwijld op te nemen: onverwijld op te nemen: a. het volgnummer van de aantekening met betrekking tot het goed; a. het volgnummer van de aantekening met betrekking tot het goed; b. de datum van verkoop of overdracht van het goed; b. de datum van verkoop of overdracht van het goed; c. een omschrijving van het goed, daaronder begrepen - voor zover dat mogelijk c. een omschrijving van het goed, voor zover van toepassing daaronder is - soort, merk en nummer van het goed; begrepen soort, merk en nummer van het goed; d. de verkoopprijs of andere voorwaarden voor overdracht van het goed; en d. de verkoopprijs of andere voorwaarden voor overdracht van het goed; en e. de naam en het adres van degene die het goed heeft verkregen. e. de naam en het adres van degene die het goed heeft verkregen. 2.De burgemeester kan vrijstelling verlenen van deze verplichtingen. 2. De burgemeester kan vrijstelling verlenen van deze verplichtingen.

3.Op de vrijstelling is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht 3. Op de aanvraag om een vrijstelling is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing. bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Conform Model APV. art 2:67 lid 1 sub c "voor zover dat mogelijk is" is weggehaald.

artikel 2:68

voorschriften handelaar

Voorschriften als bedoeld in artikel 437 van het Wetboek van Strafrecht (was vervallen)

Conform Model APV. Opname is gewenst volgens OOV.

De handelaar of een voor hem handelend persoon is verplicht: a. de burgemeester binnen drie dagen schriftelijk in kennis te stellen: 1. dat hij het beroep van handelaar uitoefent met vermelding van zijn woonadres en het adres van de bij zijn onderneming behorende vestiging; 2. van een verandering van de onder 1o bedoelde adressen; 3. dat hij het beroep van handelaar niet langer uitoefent; 4. dat hij enig goed kan verkrijgen dat redelijkerwijs van een misdrijf afkomstig is of voor de rechthebbende verloren is gegaan. b. de burgemeester op eerste aanvraag zijn administratie of register ter inzage te geven; c. aan de hoofdingang van elke vestiging een kenteken te hebben waarop zijn naam en de aard van de onderneming duidelijk zichtbaar zijn; d. een door opkoop verkregen goed gedurende de eerste drie dagen in bewaring te houden in de staat waarin het goed verkregen is.

Artikel Afdeling 10. Consumentenvuurwerk

Onderwerp

Was Afdeling 13

Wordt Afdeling 10

Reden Wijziging indeling.

artikel 2:71

Definitie consumentenvuurwerk

begripsbepaling

Definitie

Tekstuele aanpassing

artikel 2:71

Definitie consumentenvuurwerk

In deze afdeling wordt verstaan onder consumentenvuurwerk: hetgeen daaronder wordt verstaan in het Besluit van 22 januari 2002, houdende nieuwe regels met betrekking tot consumenten- en professioneel vuurwerk (Vuurwerkbesluit).

In deze afdeling wordt onder consumentenvuurwerk verstaan vuurwerk van Conform model APV categorie F1, F2 of F3 dat op grond van artikel 2.1.1 van het Vuurwerkbesluit is aangewezen als vuurwerk dat ter beschikking mag worden gesteld voor particulier gebruik.

artikel 2:72

vergunningsplicht consumentenvuurwerk

afdeling 11

Drugsoverlast

artikel 2:74a

openlijk drugsgebruik

1. Het is verboden in de uitoefening van een bedrijf of nevenbedrijf consumentenvuurwerk ter beschikking te stellen dan wel voor het ter beschikking stellen aanwezig te houden, zonder vergunning van het college. 2. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Opname i.o.m. OOV. Zo weten wij op welke plaatsen vuurwerk wordt verkocht. Art. was sinds 2016 vervallen i.v.m. deregulering.

afdeling 14. Drugsoverlast

afdeling 11. Drugsoverlast

Wijziging indeling.

hinderlijk openlijk drugsgebruik

openlijk drugsgebruik

Tekstuele aanpassing.

artikel 2:74a

Het is verboden op hinderlijke wijze of aan de weg, op een andere openbare plaats of in een voor publiek toegankelijk gebouw middelen als bedoeld in de artikelen 2 of 3 van de Opiumwet of daarop gelijkende waar te gebruiken, toe te dienen, dan wel voorbereidingen daartoe te verrichten of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen of stoffen voorhanden te hebben.

Het is verboden op of aan de weg, op een andere openbare plaats of in een voor publiek toegankelijk gebouw middelen als bedoeld in de artikelen 2 of 3 van de Opiumwet of daarop gelijkende waar te gebruiken, toe te dienen, dan wel voorbereidingen daartoe te verrichten of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen of stoffen voorhanden te hebben.

Conform model APV, tekstuele aanpassing.

afdeling 12

Bijzondere afdeling 15. Bestuurlijke ophouding, veiligheidsrisicogebieden, cameratoezicht bevoegdheden van de op openbare plaatsen en gebiedsontzegging burgemeester

afdeling 12. Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester

Wijziging indeling

Artikel artikel 2:75

Onderwerp Bestuurlijke ophouding

artikel 2:78

Gebiedsontzeggingen

Was Wordt Reden De burgemeester is bevoegd overeenkomstig artikel 154a van de Gemeentewet De burgemeester kan overeenkomstig artikel 154a van de Gemeentewet Tekstuele aanpassing, te besluiten tot het tijdelijk doen ophouden van door hem aangewezen besluiten tot het tijdelijk doen ophouden van door hem aangewezen groepen toevoeging van art. groepen van personen op een door hem aangewezen plaats indien deze van personen op een door hem aangewezen plaats als deze personen het 2:19. personen het bepaalde in de volgende artikelen van deze verordening bepaalde in de volgende artikelen van deze verordening groepsgewijs niet groepsgewijs niet naleven: naleven: 2:1- samenscholing en ongeregeldheden 2:1 samenscholing en ongeregeldheden 2:6- beperking aanbieden e.d. van geschreven en gedrukte stukken of 2:6 verspreiden geschreven of gedrukte stukken of afbeeldingen afbeeldingen 2:10 het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg 2:10- het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg in strijd met de publieke 2:11 (omgevings)vergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen functie hiervan van een weg.

2:11- (omgevingsvergunning voor het) aanleggen, beschadigen en veranderen 2:19 gevaarlijk voorwerp van een weg 2:42 plakken en kladden 2:42 -plakken en kladden 2:47 hinderlijk gedrag op openbare plaatsen 2:47- hinderlijk gedrag op openbare plaatsen 2:48 verboden drankgebruik 2:48- verboden drankgebruik 2:49 verboden gedragingen bij of in gebouwen 2:49- verboden gedrag bij of in gebouwen 2:50 hinderlijk gedrag in voor het publiek toegankelijke ruimten 2:50- hinderlijk gedrag in voor het publiek toegankelijke ruimten 2:73 gebruik van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling 2:73- gebruik van consumenten vuurwerk tijdens de jaarwisseling 5:33 beperking verkeer in natuurgebieden 5:33- beperking verkeer in natuurgebieden 5:34 verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur 5:34- verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken te stoken 1. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, het voorkomen of 1.

De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, het voorkomen of Tekstuele aanpassing: beperken van overlast, het voorkomen of beperken van aantastingen van het beperken van overlast, het voorkomen of beperken van aantastingen van het 2:78 lid 3 "een bevel woon- of leefklimaat, de veiligheid van personen of goederen, de gezondheid of woon- of leefklimaat, de veiligheid van personen of goederen, de gezondheid krachtens", wordt de zedelijkheid aan een persoon die strafbare feiten of openbare orde of de zedelijkheid aan een persoon die strafbare feiten of openbare orde "een bevel als bedoeld verstorende handelingen verrichten een bevel geven zich gedurende ten verstorende handelingen verricht een bevel geven zich gedurende ten hoogste in". hoogste 24 uur niet in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een 24 uur niet in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een openbare openbare plaats op te houden. plaats op te houden. 2.Met het oog op de in het eerste lid genoemde belangen kan de burgemeester 2.

Met het oog op de in het eerste lid genoemde belangen kan de aan een persoon aan wie tenminste eenmaal een bevel als bedoeld in dat lid is burgemeester aan een persoon aan wie ten minste eenmaal een bevel als gegeven en die opnieuw strafbare feiten of openbare orde verstorende bedoeld in dat lid is gegeven en die opnieuw strafbare feiten of openbare orde handelingen verricht, een bevel geven zich gedurende ten hoogste acht weken verstorende handelingen verricht, een bevel geven zich gedurende ten hoogste niet in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een openbare plaats acht weken niet in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een op te houden. openbare plaats op te houden. 3.Een bevel krachtens het tweede lid kan slechts worden gegeven als het 3. Een bevel als bedoeld in het tweede lid kan slechts worden gegeven als het strafbare feit of de openbare orde verstorende handeling binnen zes maanden strafbare feit of de openbare orde verstorende handeling binnen zes maanden na het geven van een eerder bevel, gegeven op grond van het eerste of tweede na het geven van een eerder bevel, gegeven op grond van het eerste of tweede lid, plaatsvindt. lid, plaatsvindt. 4.De burgemeester beperkt de in het eerste of tweede lid gestelde bevelen, als 4.

De burgemeester beperkt de krachtens het eerste of tweede lid gegeven hij dat in verband met de persoonlijke omstandigheden van betrokkene bevelen, als hij dat in verband met de persoonlijke omstandigheden van noodzakelijk oordeelt. De burgemeester kan op aanvraag tijdelijk ontheffing betrokkene noodzakelijk oordeelt. De burgemeester kan op aanvraag tijdelijk verlenen van een bevel. ontheffing verlenen van een bevel.

Artikel artikel 2:78 a

Onderwerp Woonoverlast

artikel 2:79

Sluiting voor publiek toegankelijk gebouw en/of erven

Was 1.Degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt, of tegen betaling in gebruik geeft aan een persoon die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen is ingeschreven, draagt er zorg voor dat door gedragingen in of vanuit die woning of dat erf of in de onmiddellijke nabijheid van die woning of dat erf geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden wordt veroorzaakt. 2.Als de burgemeester een last onder dwangsom of onder bestuursdwang oplegt naar aanleiding van een schending van deze zorgplicht kan hij daarbij aanwijzingen geven over wat de overtreder dient te doen of na te laten om verdere schending te voorkomen. 3.De last kan in ieder geval worden opgelegd bij ernstige en herhaaldelijke: a. geluid- of geurhinder; b. hinder van dieren; c. hinder van bezoekers of personen die tijdelijk in een woning of op een erf aanwezig zijn; d. overlast door vervuiling of verwaarlozing van een woning of een erf.

Wordt Reden 1. Degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt of tegen Aanpassing vanuit betaling in gebruik geeft aan een persoon die niet als ingezetene met een Model APV (lid 2 is adres in de gemeente in de basisregistratie personen is ingeschreven, draagt er vervallen en lid 3 is lid zorg voor dat door gedragingen in of vanuit die woning of dat erf of in de 2 geworden + onmiddellijke nabijheid van die woning of dat erf geen ernstige en toevoeging sub e). herhaaldelijke hinder voor omwonenden wordt veroorzaakt. 2. De burgemeester kan een last onder bestuursdwang wegens overtreding van het eerste lid in ieder geval opleggen bij ernstige en herhaaldelijke: a. geluid- of geurhinder; b. hinder van dieren; c. hinder van bezoekers of personen die tijdelijk in een woning of op een erf aanwezig zijn; d. overlast door vervuiling of verwaarlozing van een woning of een erf; e. intimidatie van derden vanuit een woning of een erf.

afdeling 13

Afdeling 16. Strand

1.De burgemeester kan een voor het publiek openstaand gebouw of een bij dat Nieuw artikel op gebouw behorend erf als bedoeld in artikel 174a van de Gemeentewet voor verzoek OOV een bepaalde duur geheel of gedeeltelijk sluiten, als daar: a. wapens als bedoeld in artikel 2 van de Wet wapens en munitie aanwezig zijn waarvoor geen ontheffing, vergunning of verlof is verleend; of b.is gehandeld in strijd met artikel 1 van de Wet op de kansspelen; of c. door misdrijf verkregen zaken voorhanden, bewaard of verborgen zijn dan wel zijn verworven of overgedragen; of d. zich andere feiten of omstandigheden hebben voorgedaan die naar het oordeel van de burgemeester de vrees wettigen dat het geopend blijven van het voor publiek toegankelijk gebouw of het bij dat gebouw behorende erf als bedoeld in artikel 174a van de Gemeentewet ernstig gevaar oplevert voor de openbare orde, veiligheid, gezondheid of zedelijkheid. 2.Onverminderd hetgeen in artikel 5:24 van de Algemene wet bestuursrecht is bepaald omtrent de bekendmaking, wordt het bevel tot sluiting tevens bekend gemaakt door een schrijven waaruit van dat bevel tot sluiting blijkt, aan te brengen op of nabij de toegang tot het gebouw of het erf; 3.De rechthebbende laat toe dat een afschrift van het sluitingsbevel wordt aangebracht.

4.Het is de rechthebbende op het gebouw en/of erf verboden om, nadat het bevel tot sluiting bekend is gemaakt op de in het tweede lid aangegeven wijze, daarin bezoekers toe te laten of te verblijven. 5.Het is eenieder verboden om, nadat het bevel tot sluiting openbaar bekend is gemaakt op de in het tweede lid aangegeven wijze, in een bij dit bevel gesloten gebouw en/of erf als bezoeker te verblijven; 6.De burgemeester trekt het sluitingsbevel in als naar zijn oordeel de in het eerste lid genoemde belangen voortzetting van de sluiting niet langer vereisen. 7.Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor zover in het onderwerp van de regeling van het eerste lid elders wordt voorzien in deze verordening of in artikel 13b van de Opiumwet. afdeling 13. Strand Wijziging indeling.

artikel 2:79A

Begripsbepaling

Definities

Tekstueel.

Artikel artikel 2:79a

Onderwerp badseizoen

artikel 2:80

Voertuigen

afdeling 14

openluchtrecreatie

Hoofdstuk 3. Regulering prostitutie,

Was Wordt In deze afdeling wordt verstaan onder: In deze afdeling wordt verstaan onder: 1.Badseizoen: de periode van 1 april tot 1 oktober daaraanvolgend van enig 1.Badseizoen: de periode van 1 april tot 1 november daaraanvolgend van enig jaar; jaar; 2.Badstrand: (vervallen); 2.Badstrand: (vervallen); 3.Kamperen: (vervallen); 3.Kamperen: (vervallen); 4.Reddingmaatschappij: de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij 4.Reddingmaatschappij: de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij (KNRM) (KNRM) 5.Reddingsbrigades : de onder de Koninklijke Nederlandse Bond tot het Redden 5.Reddingsbrigades : de onder de Koninklijke Nederlandse Bond tot het van Drenkelingen (KNBRD) vallende reddingsbrigades; Redden van Drenkelingen (KNBRD) vallende reddingsbrigades; 6.Snelle motorboot: een klein schip dat bij gebruik van zijn mechanische 6.Snelle motorboot: een klein schip dat bij gebruik van zijn mechanische middelen tot voortbeweging sneller kan varen dan 20 km/uur; middelen tot voortbeweging sneller kan varen dan 20 km/uur; 7.Strand: het zeestrand met haar aangrenzende helling of beloop van de duinen 7.Strand: het zeestrand met haar aangrenzende helling of beloop van de aan de zeezijde, evenals de droogliggende banken; duinen aan de zeezijde, evenals de droogliggende banken; 8.Strandvonder: de strandvonder en hulpstrandvonders als bedoeld in de Wet 8.Strandvonder: de strandvonder en

hulpstrandvonders als bedoeld in de Wet op de strandvonderij; op de strandvonderij; 9.Toegangspaden: de afritten van wegen en paden welke vanaf de openbare 9.Toegangspaden: de afritten van wegen en paden welke vanaf de openbare weg toegang geven tot het strand; weg toegang geven tot het strand; 10.Vaartuigen: vaartuigen met motor, waaronder in ieder geval ook begrepen 10.Vaartuigen: vaartuigen met motor, waaronder in ieder geval ook begrepen een motorboot, een waterscooter, een jetski en vaartuigen zonder motor met een motorboot, een waterscooter, een jetski en vaartuigen zonder motor met geringe afmetingen en lichte constructie, waaronder in ieder geval begrepen geringe afmetingen en lichte constructie, waaronder in ieder geval begrepen een kano, zeilboot, (kite)surfplank, een rubberboot; een kano, zeilboot, (kite)surfplank, een rubberboot; 11.Vaste vistuigen: vaste tuigen of instrumenten om vis mee te vangen, 11.Vaste vistuigen: vaste tuigen of instrumenten om vis mee te vangen, waaronder in ieder geval begrepen visnetten, fuiken, warnetten, staande waaronder in ieder geval begrepen visnetten, fuiken, warnetten, staande netten; netten; 12.Waterrecreatie: het tegen betaling verrichten van handelingen in of op het 12.Waterrecreatie: het tegen betaling verrichten van handelingen in of op het water ten behoeve van vermaak van personen; water ten behoeve van vermaak van personen;

13.Waterscooter: een snelle motorboot, gebouwd of ingericht om door één of 13.Waterscooter: een snelle motorboot, gebouwd of ingericht om door één of meer personen skiënd door of over het water te worden voortbewogen; meer personen skiënd door of over het water te worden voortbewogen; 14.Watersport: het verrichten van handelingen door personen in of op het 14.Watersport: het verrichten van handelingen door personen in of op het water ter bevordering van vaardigheden en/of kracht. water ter bevordering van vaardigheden en/of kracht. 1.Het is zonder ontheffing van het college verboden met voertuigen, alsmede 1.Het is zonder ontheffing van het college verboden met voertuigen, sulky’s, zeilwagens, vliegerbuggy’s, windrijders en andere dergelijke zeilvoertuigen op alsmede zeilwagens, vliegerbuggy’s, windrijders en andere dergelijke het strand te rijden, deze aldaar te brengen of te hebben. zeilvoertuigen op het strand te rijden, deze aldaar te brengen of te hebben. 2.Het in eerste lid gestelde verbod geldt niet voor fietsen, zeilwagens, 2.Het in eerste lid gestelde verbod geldt niet voor fietsen, zeilwagens, windrijders, vliegerbuggy’s en andere dergelijke voertuigen: windrijders, vliegerbuggy’s, sulky's en andere dergelijke voertuigen: a. buiten het badseizoen; a. buiten het badseizoen; b. gedurende het badseizoen vóór 09.00 uur en na 19.00 uur; b.

gedurende het badseizoen vóór 09.00 uur en na 19.00 uur; 3.Het in het eerste lid vervatte verbod geldt niet voor voertuigen ten behoeve 3.Het in het eerste lid vervatte verbod geldt niet voor voertuigen ten behoeve van het uitvoeren van taken door de kustbeheerder, de reddingmaatschappij, van het uitvoeren van taken door de kustbeheerder, de reddingmaatschappij, de reddingsbrigades, de strandvonder, de brandweer, de politie en ambtenaren de reddingsbrigades, de strandvonder, de brandweer, de politie en van de gemeente Schagen; ambtenaren van de gemeente Schagen; 4.Het college kan strandgedeelten aanwijzen waar het verbod in het eerste lid 4.Het college kan strandgedeelten aanwijzen waar het verbod in het eerste lid niet geldt voor nader te definiëren voertuigen en onder nader te stellen niet geldt voor nader te definiëren voertuigen en onder nader te stellen voorwaarden. voorwaarden.

Reden Lid 1: De definitie van het badseizoen is verlengd tot 1 november. Reden is dat het strand ook in het naseizoen druk bezocht wordt.

afdeling 17. Overige vormen van openluchtrecreatie

Wijziging indeling.

afdeling 14. Overige vormen van openluchtrecreatie

Toevoeging van sulky's in lid 1 en 2.

Artikel seksbranche en aanverwante onderwerpen afdeling 1

Onderwerp

Was

Wordt

Reden

artikel 3:1

Afbakening

(gereserveerd)

Afbakening. De artikelen 1:2 en 1:5 tot en met 1:8 zijn niet van toepassing op het bij of krachtens dit hoofdstuk bepaalde.

Toegevoegd (het artikel was gereserveerd).

artikel 3:2

Definities

art. 3:2 begripsbepalingen

Definities

artikel 3:2

Definities

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: • Definitie -advertentie: elke commerciële uiting in een medium, die een seksbedrijf of een - advertentie: elke commerciële uiting in een medium, die een seksbedrijf of escortbedrijf is prostituee onder de aandacht van het publiek brengt; een prostituee onder de aandacht van het publiek brengt; aangepast, definitie -beheerder: de natuurlijke persoon die door de exploitant is aangesteld voor de - beheerder: de natuurlijke persoon die door de exploitant is aangesteld voor klant is iets aangepast; feitelijke leiding van een seksbedrijf; de feitelijke leiding van een seksbedrijf; • Definitie prostitutie -escortbedrijf: de natuurlijke persoon, groep van personen of rechtspersoon of - bevoegd bestuursorgaan: het college of, voor zover het betreft voor het en prostituee is iets rechtspersonen die bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig is publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven als bedoeld in aangepast, • prostitutie aanbiedt die op een andere plaats dan in de bedrijfsruimte wordt artikel 174 van de Gemeentewet, de burgemeester; Vergoeding wordt uitgeoefend; - escortbedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven aangepast naar -exploitant: de natuurlijke persoon of de bestuurder van een rechtspersoon of, tot prostitutie in de vorm van bemiddeling

tussen klant en prostituee; betaling, • Definitie indien van toepassing, de tot vertegenwoordiging van die rechtspersoon - exploitant: de natuurlijke persoon of de bestuurder van een rechtspersoon of, sekswinkel bevoegde natuurlijke persoon, voor wiens rekening en risico een seksbedrijf of voor zover van toepassing, de tot vertegenwoordiging van die rechtspersoon toegevoegd uit APV escortbedrijf wordt uitgeoefend; bevoegde natuurlijk persoon, voor wiens rekening en risico een seksbedrijf 2016. -klant: degene die gebruik maakt van de door een exploitant van een wordt uitgeoefend; (raam)prostitutiebedrijf, escortbedrijf of een prostituee aangeboden seksuele - klant: degene die gebruik maakt van de door een exploitant van een diensten; prostitutiebedrijf of een prostituee aangeboden seksuele diensten; -prostituee: degene die zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele - prostituee: degene die zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding; handelingen met een ander tegen betaling; -prostitutie: het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele - prostitutie: het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding; handelingen met een ander tegen betaling; -prostitutiebedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid - prostitutiebedrijf: de

activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie; geven tot prostitutie; -raamprostitutiebedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig - raamprostitutiebedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie, waarbij het werven van klanten gebeurt door gelegenheid geven tot prostitutie, waarbij het werven van klanten gebeurt een prostituee die zichtbaar is vanuit een voor het publiek toegankelijke plaats; door een prostituee die zichtbaar is vanuit een voor publiek toegankelijke -seksbedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven plaats;] tot prostitutie of tot het verrichten van seksuele handelingen voor een ander - seksbedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tegen vergoeding of uit het bedrijfsmatig aanbieden van vertoningen van tot prostitutie of tot het verrichten van seksuele handelingen voor een ander erotisch-pornografische aard in een seksinrichting tegen vergoeding; tegen betaling of uit het bedrijfsmatig aanbieden van vertoningen van erotisch-seksinrichting: voor het publiek toegankelijke besloten ruimte, onderdeel van pornografische aard in een seksinrichting tegen betaling; een seksbedrijf; - seksinrichting: voor het publiek toegankelijke besloten ruimte, onderdeel van -sekswinkel: de voor het publiek toegankelijke besloten ruimte

waarin een seksbedrijf; hoofdzakelijk goederen van erotisch-pornografische aard aan particulieren -sekswinkeldefinitie toevoegen plegen te worden verkocht of verhuurd; - sekswinkel: de voor publiek toegankelijke besloten ruimte waarin -werkruimte: als zelfstandig aan te merken onderdeel van een seksinrichting hoofdzakelijk goederen van erotisch-pornografische aard aan particulieren waarin de seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding worden plegen te worden verkocht of verhuurd; verricht. -werkruimte: als zelfstandig aan te merken onderdeel van een seksinrichting

Algemene bepalingen

Artikel

Onderwerp

Was

Wordt waarin de seksuele handelingen met een ander tegen betaling worden verricht.]

Reden

artikel 3:2 a

Bevoegd bestuursorgaan

In dit hoofdstuk wordt onder bevoegd bestuursorgaan verstaan: het college of, voor zover het betreft voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven als bedoeld in artikel 174 van de Gemeentewet, de burgemeester.

Vervallen

Artikel 3:2a is (definitie bevoegd bestuursorgaan) ondergebracht bij definities in artikel 3:2.

artikel 3:2 b

Nadere regels

Vervallen

artikel 3:3

Vergunning

artikel 3:5

Beperking aantal vergunningen

Met het oog op de openbare orde en de belangen genoemd in artikel 3:7, vijfde lid en het bepaalde in artikel 3:15, kan het bevoegd bestuursorgaan nadere regels stellen met betrekking tot de uitoefening van de bevoegdheden bedoeld in dit hoofdstuk. 1.Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd bestuursorgaan een seksbedrijf uit te oefenen of te wijzigen 2.Het bevoegd bestuursorgaan beslist, in afwijking van artikel 1:2 van deze verordening, binnen twaalf weken op de aanvraag om een vergunning. 3.De in het tweede lid gestelde termijn kan door het bevoegd bestuursorgaan met ten hoogste twaalf weken worden verlengd. 4.Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing. 5.Het college kan het aantal te verlenen vergunningen voor seksbedrijven en het aantal werkruimten aan een maximum binden. 6.Als ten minste twaalf weken voorafgaand aan de vervaltermijn van de vergunning verlenging van de vergunning is aangevraagd, blijft de vergunning van kracht totdat op de aanvraag om verlenging is besloten. 7.De vergunning voor een seksbedrijf wordt verleend voor de duur van drie jaar tenzij in de vergunning anders staat vermeld. De vergunning wordt op naam van de exploitant gesteld en is niet overdraagbaar. was gereserveerd

1. Het is verboden een seksbedrijf uit te oefenen zonder vergunning van het bevoegde bestuursorgaan. 2. Het bevoegde bestuursorgaan draagt zorg voor een onpartijdige en transparante verlening van beschikbare vergunningen. 3. Op een aanvraag om een vergunning wordt binnen twaalf weken beslist. Deze termijn kan met ten hoogste twaalf weken worden verlengd. 4. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing. 5. Een vergunning kan mede voor een seksinrichting worden verleend. 6. De vergunning wordt verleend aan de exploitant en op diens naam gesteld en is niet overdraagbaar. 7. De vergunning voor een seksbedrijf wordt verleend voor de duur van drie jaar tenzij in de vergunning anders staat vermeld.

Tekstuele aanpassingen conform model APV. Lid 5 is toegevoegd.

1. Voor het uitoefenen van een raamprostitutiebedrijf wordt geen vergunning Toegevoegd conform verleend. model APV. Op dit 2. Het bevoegde bestuursorgaan kan een maximum stellen aan het totaal moment hebben wij aantal seksinrichtingen van seksbedrijven, niet zijnde raamprostitutiebedrijven, geen raamprostitutie waarvoor vergunning kan worden verleend. Dit maximum aantal geldt slechts in Schagen. Het past geldt voor seksinrichtingen van seksbedrijven van een daarbij aangewezen ook niet bij het aard in daarbij aangewezen delen van de gemeente. karakter van de stad of de dorpen. Dit onderdeel van de prostitutiesector heeft namelijk een bijzondere uiterlijke verschijningsvorm en invloed op de omgeving. Ook kan het exploiteren van raamprostitutie zorgen voor grote gevoelens van onveiligheid. Door voor deze variant te kiezen kan voorkomen worden dat in een straat

Artikel

Onderwerp

Was

Wordt

artikel 3:6

Aanvraag

was gereserveerd

artikel 3:7

Weigeringsgronden

1.Een vergunning wordt geweigerd als: a.de exploitant of de beheerder onder curatele staat; b.de exploitant of de beheerder is ontzet uit het ouderlijk gezag of de voogdij; c.de exploitant of de beheerder onherroepelijk is veroordeeld voor een gewelds- of zedendelict of voor mensenhandel, of in enig ander opzicht van slecht levensgedrag is; d.de exploitant of de beheerder de leeftijd van 21 jaar nog niet heeft bereikt; e.redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn; f.redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de aanvrager in strijd zal handelen met de aan de vergunning verbonden beperkingen of voorschriften; g.er aanwijzingen zijn dat voor of bij het seksbedrijf personen tewerkgesteld zijn of zullen zijn die, als het prostituees betreft, nog niet de leeftijd van 21 jaar hebben bereikt, als het overige personen betreft, nog niet de leeftijd van 18

1. Een aanvraag om vergunning wordt ingediend middels een door het bevoegde bestuursorgaan vastgesteld formulier. 2. Bij de aanvraag wordt vermeld voor welke activiteit vergunning wordt gevraagd, en worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden overgelegd: a. de persoonsgegevens van de exploitant; b. het nummer van inschrijving in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel; c. of in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag de exploitant een vergunning voor een seksbedrijf is geweigerd of een aan de exploitant verleende vergunning voor een seksbedrijf is ingetrokken; d. het adres waar het seksbedrijf wordt uitgeoefend; e. het adres van een onder het seksbedrijf vallende seksinrichting; f. het vaste telefoonnummer dat in advertenties voor het seksbedrijf zal worden gebruikt; g. een geldig identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht van de exploitant; h. voor zover van toepassing, de verblijfstitel van de exploitant; i. een actuele verklaring betalingsgedrag nakoming fiscale verplichtingen, verstrekt door de Belastingdienst; j. bewijs waaruit blijkt dat de exploitant gerechtigd is tot het gebruik van de ruimtes bestemd voor de uitoefening van het seksbedrijf; k.

voor zover van toepassing, de plaatselijke ligging van de seksinrichting waarvoor vergunning wordt aangevraagd, door middel van een situatieschets met een noordpijl en schaalaanduiding; l. voor zover van toepassing, de plattegrond van de seksinrichting waarvoor vergunning wordt aangevraagd, door middel van een tekening met een schaalaanduiding. 3. Als er een beheerder is aangesteld is het tweede lid, onder a tot en met c, g en h, van overeenkomstige toepassing op de beheerder. 4. Het bevoegde bestuursorgaan kan aanvullende gegevens of bescheiden verlangen. 1. Een vergunning wordt geweigerd als: a. de exploitant of de beheerder onder curatele staat; b. de exploitant of de beheerder onherroepelijk is veroordeeld voor een gewelds- of zedendelict of voor mensenhandel, of in enig ander opzicht van slecht levensgedrag is; c. de exploitant of de beheerder de leeftijd van 21 jaar nog niet heeft bereikt; d. redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn; e. redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de aanvrager in strijd zal handelen met aan de vergunning verbonden beperkingen of voorschriften; f.

er aanwijzingen zijn dat voor of bij het seksbedrijf personen tewerkgesteld zijn of zullen zijn die, als het prostituees betreft, nog niet de leeftijd van 21 jaar hebben bereikt, als het overige personen betreft, nog niet de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt, slachtoffer zijn van mensenhandel of verblijven of werken

Reden (woonwijk) meerdere seksinrichtingen vlak bij elkaar kunnen bestaan. Toegevoegd (het artikel was gereserveerd).

Volgens model Apv: • Drank- en Horecawet is aangepast naar de Alcoholwet (art. 3:7, h onder 1). • Art. 3:7, 5 a t.m. f ondergebracht in 3:9,5 d. • Art. 3:7, 6 ondergebracht in art. 3:9 5e. •Art. 3:7, 7 ondergebracht in art. 3:9, 5 g.

Artikel

Onderwerp

Was Wordt Reden jaar hebben bereikt, slachtoffer zijn van mensenhandel of verblijven of werken in strijd met het bepaalde bij of krachtens de Vreemdelingenwet 2000; in strijd met het bepaalde bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of de g. de exploitant of de beheerder minder dan vijf jaar voorafgaand aan de dag Vreemdelingenwet 2000; dat de vergunning wordt aangevraagd, wegens een misdrijf onherroepelijk is h.de exploitant of de beheerder minder dan vijf jaar geleden voor de dag dat de veroordeeld tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van meer dan zes vergunning wordt aangevraagd, wegens een misdrijf onherroepelijk is maanden; veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van meer dan zes h.

de exploitant of de beheerder minder dan vijf jaar voorafgaand aan de dag maanden; dat de vergunning wordt aangevraagd, bij meer dan één rechterlijke uitspraak i.de exploitant of de beheerder minder dan vijf jaar geleden voor de dag dat de of strafbeschikking onherroepelijk veroordeeld is tot een onvoorwaardelijke vergunning wordt aangevraagd, bij meer dan één rechterlijke uitspraak of geldboete van € 500 of meer of tot een andere hoofdstraf als bedoeld in artikel strafbeschikking onherroepelijk veroordeeld is tot een onvoorwaardelijke 9, eerste lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht, wegens dan wel mede geldboete van € 500 of meer of tot een andere hoofdstraf als bedoeld in artikel wegens overtreding van: 9, eerste lid en onder a, van het Wetboek van Strafrecht, wegens dan wel mede 1°. bepalingen, gesteld bij of krachtens de Alcoholwet, de Opiumwet, de wegens overtreding van: Vreemdelingenwet 2000, de Wet arbeid vreemdelingen en hoofdstuk 3 van 1.bepalingen, gesteld bij of krachtens de Drank- en Horecawet, de Opiumwet, deze verordening; de Vreemdelingenwet 2000, de Wet arbeid vreemdelingen en hoofdstuk 3 van 2°. de artikelen 137c tot en met 137g, 140, 416, 417, 417bis, 420bis tot en met deze verordening; 420quinquies, 426 en 429quater van het Wetboek van Strafrecht; 2.de artikelen 137c tot en met 137g, 140, 240b, 242 tot en met 249, 252, 273a, 3°.

artikel 69 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen; 300 tot en met 303, 416, 417, 417bis, 420bis tot en met 420quinquies, 426, 4°. de artikelen 8 en 162, derde lid, alsmede de artikelen 6 juncto 8 en 163 van 429quater en 453 van het Wetboek van Strafrecht; de Wegenverkeerswet 1994; 3.artikel 69 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen; 5°. de artikelen 2 en 3 van de Wet op de weerkorpsen; of 4.de artikelen 8 en 162, derde lid, alsmede artikel 6 in samenhang gelezen met 6°. de artikelen 54 en 55 van de Wet wapens en munitie. artikel 8 of in samenhang gelezen met artikel 163 van de Wegenverkeerswet i. een maximum als bedoeld in artikel 3:5 is vastgesteld en dit maximum al is 1994; bereikt ; 5.de artikelen 2 en 3 van de Wet op de weerkorpsen; j. de voorgenomen uitoefening van het seksbedrijf strijd zal opleveren met een 6.de artikelen 54 en 55 van de Wet wapens en munitie; geldend bestemmingsplan, een bestemmingsplan in ontwerp dat ter inzage is 7.de artikelen 1, onder a, b en d, 13, 14, 27 en 30b van de Wet op de gelegd, een beheersverordening of een aanwijzing als bedoeld in artikel 3:4. Kansspelen. 2. Met een veroordeling als bedoeld in het eerste lid, onder g en h, wordt j.het maximum aantal vergunningen en/of maximum aantal werkruimten, zoals gelijkgesteld: door het bevoegd bestuursorgaan is vastgesteld in de nadere regels op grond a.

een bevel tot tenuitvoerlegging van een zodanige voorwaardelijke straf; van deze verordening, is bereikt. b. betaling van een geldsom als bedoeld in artikel 74, tweede lid, onder a, van k.de vestiging of de exploitatie van de seksinrichting of het escortbedrijf in strijd het Wetboek van Strafrecht of artikel 76, tweede lid, van de Algemene wet is met een geldend bestemmingsplan, een bestemmingsplan dat ter inzage is inzake rijksbelastingen, tenzij de geldsom minder dan € 375 bedraagt. gelegd, een beheersverordening, een exploitatieplan of een 3. De periode van vijf jaar, bedoeld in het eerste lid, onder g en h, wordt bij de voorbereidingsbesluit. intrekking van een vergunning teruggerekend vanaf de datum van de 2.Met een veroordeling als bedoeld in het eerste lid en onder h, wordt gelijk intrekking van deze vergunning. gesteld: 4. Voor de berekening van de periode van vijf jaar, bedoeld in het eerste lid, a.een bevel tot tenuitvoerlegging van een zodanige voorwaardelijke straf; onder g en h, telt de periode waarin een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf is b.vrijwillige betaling van een geldsom als bedoeld in artikel 74, tweede lid en ondergaan, niet mee. onder a, van het Wetboek van Strafrecht of artikel 76, derde lid en onder a, van 5. Een vergunning kan in ieder geval worden geweigerd: de Algemene wet inzake rijksbelastingen, tenzij de geldsom minder dan € 375 a.

voor een seksbedrijf waarvoor de vergunning op grond van artikel 3:9, eerste bedraagt. lid, aanhef en onder a tot en met f, of tweede lid, aanhef onder a tot en met g, 3.De periode van vijf jaar, bedoeld in het eerste lid en onder h en i, wordt: of in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet a.bij de intrekking van een vergunning teruggerekend vanaf de datum van de bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur is intrekking van deze vergunning; ingetrokken, gedurende een periode van vijf jaar na de intrekking; b.bij de weigering van een vergunning teruggerekend vanaf de datum van b. als niet is voldaan aan een bij of krachtens artikel 3:6 gestelde eis met beslissing op de aanvraag van de vergunning. betrekking tot de aanvraag, mits de aanvrager de gelegenheid heeft gehad de 4.Voor de berekening van de periode van vijf jaar, bedoeld in het eerste lid en aanvraag binnen een door het bevoegde bestuursorgaan gestelde termijn aan onder h en i, telt de periode waarin een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf is te vullen; ondergaan, niet mee. c. als de vergunning geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op het uitoefenen 5.Een vergunning kan, onverminderd het bepaalde in artikel 1.8 worden van een prostitutiebedrijf in een seksinrichting waarvoor eerder een

Artikel

Onderwerp

artikel 3:8

Eisen met betrekking tot de vergunning

artikel 3:9

artikel 3:9

Was geweigerd in het belang van: a.het voorkomen of beperken van overlast; b.het voorkomen of beperken van aantasting van het woon- en leefklimaat; c.de veiligheid van personen of goederen; d.de verkeersvrijheid of -veiligheid; e.de gezondheid of zedelijkheid; f.de arbeidsomstandigheden van de prostituee; 6.Een vergunning kan, onverminderd het bepaalde in artikel 1:8, worden geweigerd indien het bedrijfsplan niet voldoet aan het bepaalde in de nadere regels op grond van deze verordening. 7.Een vergunning voor een escortbedrijf kan voorts worden geweigerd als het escortbedrijf wordt gevestigd in een woonruimte waarvoor geen vergunning als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder a, van de Huisvestingswet 2014 is verleend. gereserveerd

Wordt vergunning is ingetrokken, of in die seksinrichting eerder zonder vergunning een prostitutiebedrijf is uitgeoefend; d. als de openbare orde, de woon- en leefomgeving of de veiligheid en de gezondheid van prostituees of klanten nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van de seksinrichting waarvoor de vergunning is aangevraagd; e. als het bedrijfsplan niet voldoet aan artikel 3:15, eerste en tweede lid; f. als onvoldoende aannemelijk is dat de exploitant de bij artikel 3:17 gestelde verplichtingen zal naleven; g. als het escortbedrijf wordt gevestigd in een woonruimte waarvoor geen vergunning als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder a, van de Huisvestingswet 2014 is verleend.

Reden

1. De vergunning vermeldt in ieder geval: Volgens model APV. a. de naam van de exploitant; b. voor zover van toepassing, die van de beheerder; c. voor welke activiteit de vergunning is verleend; d. het adres waar het seksbedrijf wordt uitgeoefend; e. het vaste telefoonnummer dat in advertenties voor het seksbedrijf zal worden gebruikt; f. voor zover van toepassing, het adres van de onder dat seksbedrijf vallende seksinrichting waarvoor de vergunning mede is verleend; g. de voorschriften en beperkingen die aan de vergunning zijn verbonden; h. voor zover van toepassing, de geldigheidsduur van de vergunning; i. het nummer van de vergunning. 2. De exploitant draagt er zorg voor dat de vergunning of een afschrift daarvan zichtbaar aanwezig is in de seksinrichting waarvoor de vergunning mede is verleend, en tevens dat aan de buitenzijde van de seksinrichting zichtbaar is dat hij over een vergunning voor die seksinrichting beschikt. intrekken of schorsen intrekken of schorsen van de vergunning Intrekkingsgronden Aanpassen van de vergunning naamgeving volgens model APV. intrekkingsgronden 1.De vergunning als bedoeld in artikel 3:3 wordt ingetrokken als: 1. De vergunning wordt ingetrokken als: Aanpassing conform a.de verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig blijken te zijn dat op de a.

de verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig blijken te zijn dat op de model APV aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen als bij de beoordeling daarvan aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen als bij de beoordeling • lid 2 sub i is de juiste gegevens bekend waren geweest; daarvan de juiste gegevens bekend waren geweest; toegevoegd. b.de vergunning in strijd met een wettelijk voorschrift is gegeven; b. de vergunning in strijd met een wettelijk voorschrift is gegeven; • Art. 3:9, 2 c is c.zich binnen het seksbedrijf feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen, c. is gehandeld in strijd met de artikelen 3:10, 3:13, aanhef en onder a, 3:14, toegevoegd: "een niet dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar oplevert voor de openbare eerste lid, 3:15 en 3:17, eerste lid, en tweede lid, aanhef en onderdeel b, in de vergunning orde of veiligheid; aanhef en onder 1°; vermelde persoon d.zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in artikel 3:7, eerste lid onder a d. zich binnen het seksbedrijf feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen, exploitant of tot en met k; dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar oplevert voor de openbare beheerder is e.de houder dit verzoekt. orde of veiligheid; geworden;" 2.De vergunning als bedoeld in artikel 3:3 kan worden geschorst of ingetrokken e.

zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in artikel 3:7, eerste lid, onder als: a tot en met h; a.in verband met gewijzigde wettelijke voorschriften, gewijzigde f. de vergunninghouder dat verzoekt; omstandigheden of gewijzigde inzichten de bescherming van de belangen met g. de uitoefening van het seksbedrijf strijd het oog waarop het vergunningvereiste is gesteld, zwaarder wegen dan het oplevert met een geldend bestemmingsplan, belang van de vergunninghouder bij behoud van de vergunning; een beheersverordening of een aanwijzing

Artikel

Onderwerp

artikel 3:10

Melding gewijzigde omstandigheden

artikel 3:11

Verlenging vergunning

Afdeling 3

Uitoefenen seksbedrijf

Paragraaf 3.1

Regels voor alle seksbedrijven

artikel 3:13

Adverteren

Was Wordt b.is gehandeld in strijd met een of meer van de bij of krachtens dit hoofdstuk als bedoeld in artikel 3:4. gestelde bepalingen, onverminderd het bepaalde in het eerste lid en onder c; 2. De vergunning kan worden geschorst of ingetrokken als: c.zich binnen het seksbedrijf feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen a. is gehandeld in strijd met aan de vergunning verbonden voorschriften of dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar oplevert voor de woon- of beperkingen; leefomgeving of de gezondheid van prostituees of klanten; b. in verband met gewijzigde wettelijke voorschriften, gewijzigde d.de exploitant of de beheerder het toezicht op de naleving het in dit hoofdstuk omstandigheden of gewijzigde inzichten de bescherming van de belangen met bepaalde belemmert of bemoeilijkt; het oog waarop het vergunningsvereiste is gesteld, zwaarder wegen dan het e.er bij het seksbedrijf of escortbedrijf personen zijn tewerkgesteld die belang van de vergunninghouder bij behoud van de vergunning; onherroepelijk zijn veroordeeld voor een gewelds- of zedendelict of voor c. een niet in de vergunning vermelde persoon exploitant of beheerder is mensenhandel; geworden; f.gedurende tenminste zes maanden geen gebruik is gemaakt van de d.

is gehandeld in strijd met een of meer van de bij of krachtens dit hoofdstuk vergunning; gestelde bepalingen, onverminderd het eerste lid, aanhef en onder c; g.is gehandeld in strijd met de in het bedrijfsplan opgenomen maatregelen; e. is gehandeld in strijd met de in het bedrijfsplan beschreven maatregelen; h.er is gehandeld in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften of f. zich binnen het seksbedrijf feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen beperkingen. dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar oplevert voor de woon- en leefomgeving of de gezondheid van prostituees of klanten; g. de exploitant of de beheerder het toezicht op de naleving van het in dit hoofdstuk bepaalde belemmert of bemoeilijkt; h. er bij het seksbedrijf personen tewerkgesteld zijn die onherroepelijk zijn veroordeeld voor een gewelds- of zedendelict of voor mensenhandel; i. gedurende ten minste zes maanden geen gebruik is gemaakt van de vergunning. (gereserveerd) De vergunninghouder meldt elke verandering waardoor zijn seksbedrijf niet langer in overeenstemming is met de op grond van artikel 3:8, eerste lid, in de vergunning opgenomen gegevens, zo spoedig mogelijk aan het bevoegde bestuursorgaan. Deze verleent een gewijzigde vergunning, als het seksbedrijf aan de vereisten voldoet. (gereserveerd) 1.

Op een aanvraag om verlenging van een vergunning zijn de artikelen 3:3, [3:5,] 3:6 tot en met 3:8 en 3:15, derde lid, van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat actuele gegevens en bescheiden waarover het bevoegde bestuursorgaan al beschikking heeft niet nogmaals overgelegd dienen te worden. 2. Als ten minste twaalf weken voorafgaand aan de vervaltermijn van de vergunning verlenging van de vergunning is aangevraagd, blijft de vergunning van kracht totdat op de aanvraag om verlenging is besloten.

Reden

Het is verboden in advertenties voor een seksbedrijf: a. geen vermelding op te nemen van het vaste telefoonnummer dat in advertenties voor het seksbedrijf zal worden gebruikt, het nummer van de vergunning en van de bedrijfsnaam; b. vermelding op te nemen van een ander nummer dan bedoeld onder a, en c. onveilige seks aan te bieden of te garanderen dat prostituees die voor of bij het betreffende bedrijf werken vrij zijn van seksueel overdraagbare aandoeningen.

tekstuele aanpassingen (“adverteren voor een seksbedrijf” is aangepast naar “adverteren”).

Het is verboden in advertenties voor een seksbedrijf: a. geen vermelding op te nemen van het telefoonnummer, bedoeld in artikel 3:8, eerste lid, onder e, van het nummer, bedoeld in artikel 3:8, eerste lid, onder i, en van de bedrijfsnaam; b. vermelding op te nemen van een ander telefoonnummer dan bedoeld onder a; en c. als het een prostitutiebedrijf betreft, onveilige seks aan te bieden of te garanderen dat prostituees die voor of bij het betreffende bedrijf werken vrij zijn van seksueel overdraagbare aandoeningen.

opname volgens model APV

opname volgens model APV

Artikel Paragraaf 3,2 Regels voor alle prostitutiebedrijven en prostituees artikel 3:15

Onderwerp

Was

Wordt

Reden

Bedrijfsplan

Een escortbedrijf, prostitutiebedrijf of seksbedrijf beschikt over een bedrijfsplan.

1. Een prostitutiebedrijf beschikt over een bedrijfsplan, waarin in ieder geval wordt beschreven welke maatregelen de exploitant treft: a. op het gebied van hygiëne; b. ter bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het zelfbeschikkingsrecht van de prostituees; c. ter bescherming van de gezondheid van de klanten; d. ter voorkoming van strafbare feiten. 2. De door de exploitant te treffen maatregelen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, waarborgen dat: a. de hygiëne in een seksinrichting voldoet aan de algemene eisen die hiervoor in de branche gelden en dat dit controleerbaar is; b. inzichtelijk en controleerbaar is welke maatregelen een exploitant in zijn bedrijfsvoering en inrichting van de werkruimten treft voor gezonde en veilige werkomstandigheden voor prostituees; c. in de werkruimten te allen tijde voldoende condooms met een CE-markering voor gebruik beschikbaar zijn; d. in de werkruimten voor de prostituees een goed functionerende alarmvoorziening aanwezig is; e. de prostituee zich regelmatig kan laten onderzoeken op seksueel overdraagbare aandoeningen en door de exploitant voldoende geïnformeerd is over de mogelijkheden van een dergelijk onderzoek; f. de prostituee niet gedwongen wordt zich geneeskundig te laten onderzoeken; g. de prostituee vrij is in de keuze van de arts(en) die zij wil bezoeken; h.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14684322/1