Toelichting
Tekst van het document
Tevens dient zowel tijdens de bouwfase als de gebruiksfase gebruik te worden gemaakt van (buiten) verlichting met gerichte lichtarmaturen , die geen lichtuitstraling richting de bomenrij langs de Dergmeerweg veroorzaken. Dit in verband met de mogelijke functie van deze opgaande groenstructuur als vliegroute voor vleermuizen (zie rapportage uit 2019 in Bijlage 6). Hiertoe is een voorwaardelijke verplichting opgenomen in het bestemmingsplan. Op basis van de stikstofberekening (zie paragraaf 4. 3. 2) is bepaald dat het niet nodig is een vergunning of een vergunning van de Wnb nodig is voor uitvoering van het plan. Een nadere analyse van het provinciaal ruimtelijk natuurbeleid is niet noodzakelijk. De ontwikkeling is op het punt van provinciaal ruimtelijk natuurbeleid niet in strijd met de provinciale ruimtelijke verordening. 4. 3. 2
Stikstofdepositie
Een AERIUS- berekening van de stikstofuitstoot van het planvoornemen moet uitwijzen of er negatieve effecten in het kader van de Wnb beschermde gebieden zullen optreden. Op basis daarvan kan worden bepaald of vervolgstappen nodig zijn , zoals het aanvragen van een vergunning van de Wnb. Op 14 maart 2025 is de berekening met AERIUS uitgevoerd en is als Bijlage 8 bijgevoegd. De berekeningen met AERIUS genereren een rekenresultaat en een pdf bestand waarin wordt geconstateerd dat het bestemmingsplan niet leidt tot een toename van effecten ten opzichte van de planologische referentiesituatie (de effecten die nu al kunnen worden veroorzaakt , voor zover planologisch legaal). Dit pdf-bestand maakt onderdeel uit van Bijlage 8.
32
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
Figuur 18. Rekenresultaat verschillende rekenjaren
Met betrekking tot de invoergegevens van de AERIUS-berekening is uitgegaan van een aantal elektrische mobiele werktuigen. Deze uitgangspunten dienen te worden geborgd in het bestemmingsplan. Met het toepassen van intern salderen treedt er door stikstofdepositie geen negatief effect op in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) beschermde Natura 2000-gebieden. Het aspect stikstof staat nadere besluitvorming niet in de weg. Conclusie Ten aanzien van het aspect ecologie is het planvoornemen uitvoerbaar.
4. 4
Externe veiligheid
Externe veiligheid gaat over het beheersen van de risico's voor de omgeving bij gebruik , opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen. Het aandachtsveld van externe veiligheid richt zich op zowel inrichtingen (bedrijven) waar gevaarlijke stoffen aanwezig zijn als het transport van gevaarlijke stoffen. Dit vervoer kan plaatsvinden over weg , water en spoor en door buisleidingen. De veiligheidsrisico's in het kader van externe veiligheid worden uitgedrukt in een plaatsgebonden risico en een groepsrisico. De normen voor het plaatsgebonden en het groepsrisico hebben tot doel een voldoende veiligheids-niveau te garanderen voor de burger als persoon , dan wel deel uitmakend van een groep. Het rijk heeft een risicokaart vervaardigd , waarop verschillende risicobronnen en risico-ontvangers zijn aangegeven. Om na te gaan of bij het planvoornemen ook aandachtspunten op het vlak van de externe veiligheid aanwezig zijn , is de risicokaart geraadpleegd.
33
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
Figuur 19. Fragment Risicokaart (Bron: www. risicokaart. nl)
In de nabijheid van het plangebied zijn geen risicovolle inrichtingen of transportroutes voor gevaarlijke stoffen aanwezig. De dichtstbijzijnde risicovolle inrichting ligt op een afstand van circa 805 meter en heeft geen invloed op het plangebied. Daarnaast maakt het planvoornemen zelf ook geen risicovolle inrichtingen mogelijk. Conclusie Ten aanzien van het aspect externe veiligheid is het planvoornemen uitvoerbaar.
4. 5
Geluidhinder
De Wet geluidhinder (Wgh) is er op gericht om de geluidhinder vanwege onder andere wegverkeerslawaai , spoorweglawaai en industrielawaai te voorkomen en te beperken. De Wgh bepaalt dat de ‘geluidbelasting’ op gevels van woningen en andere geluidgevoelige objecten niet hoger mag zijn dan een in de wet bepaalde norm. Industrielawaai en spoorweglawaai zijn niet aan de orde in en nabij het plangebied. Onderstaand is daarom enkel op wegverkeerslawaai ingegaan. Onderzoek Een akoestisch onderzoek is op grond van de Wet geluidhinder noodzakelijk wanneer een geluidsgevoelig gebouw gelegen is binnen een door deze wet aangewezen geluidszone. De woonuitbreiding bevindt zich binnen de geluidzone van de Harenkarspelweg , Dergmeerweg en Oostwal. Doel van het onderzoek is het bepalen van de geluidsbelasting op de gevel van de woningen en deze te toetsen aan de Wet geluidhinder. Toetsing van de karakteristieke geluidwering voor het vaststellen van de binnenwaarde van de woningen valt buiten het kader van dit onderzoek. In een zelfstandig rapport is het akoestisch onderzoek uitgewerkt met betrekking tot de geluidsbelasting vanwege wegverkeerslawaai afkomstig van de Dergmeerweg , Harenkarspelweg en Oostwal op de gevels van de te realiseren woningen in het
34
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
woongebied Dergmeerweg in Warmenhuizen in de gemeente Schagen (Bijlage 9). Uit het onderzoek blijkt dat er meerdere gebouwen/panden niet voldoen aan de wettelijke eisen wat betreft het wegverkeerslawaai vanwege de Dergmeerweg en Harenkarspelweg. De overschrijding van de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting bedraagt maximaal 3 dB vanwege deze wegen. Om de realisatie van woningen op deze locaties mogelijk te maken dient het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Schagen een hogere waarde te verlenen. Gemotiveerd is waarom maatregelen aan de bron of in het overdrachtsgebied niet mogelijk zijn. Daarbij is getoetst aan de landelijke wetgeving. Voorgaande heeft geleid tot het opnemen van een voorwaardelijke verplichting , gekoppeld aan de bouwregels van de bestemming 'Wonen - 1' en 'Woongebied'. Een omgevingsvergunning voor het bouwen binnen de gebiedsaanduiding 'geluidzone - hogere waarde' kan alleen dan worden verleend , indien door het bevoegd gezag een besluit hogere waarde is genomen. Er is gekozen voor het opnemen van een voorwaardelijke verplichting , omdat het bestemmingsplan een globaal karakter heeft en daarmee nog voldoende flexibiliteit biedt ten aanzien van de stedenbouwkundige invulling van het gebied.
Mogelijk zijn voor het verlenen van een hogere waarde wel aanvullende geluidsisolerende maatregelen aan de betreffende gevels van de geluidsgevoelige bebouwing nodig , teneinde te voldoen aan de maximale binnenwaarde van 33 dB. Voor de woningen waar de cumulatieve geluidbelasting meer dan 53 dB (exclusief aftrek) bedraagt , dient een aanvullend onderzoek naar de geluidwering van de gevels te worden uitgevoerd. Dit onderzoek dient bij de indiening van het bouwplan mede aangeleverd te worden. Bouwbesluit 2012 – Warmte- of koudeopwekking (Afdeling 3. 2) Indien de woningen worden voorzien van buiten opgestelde installaties voor warmte- of koude opwekking , dient voor de locatiebepaling van de installaties rekeningen te worden gehouden met de geluideisen zoals gesteld in afdeling 3. 2 van het Bouwbesluit 2012. Conclusie Met het opnemen van een voorwaardelijke verplichting als waarborg voor het doorlopen van een hogere waarde procedure op grond van de Wet geluidhinder voor de betreffende woningen is het planvoornemen uitvoerbaar.
4. 6
Water
Op grond van artikel 3. 1. 6 Bro is de watertoets verplicht voor bestemmingsplannen. In een hierover op te nemen paragraaf dient te worden aangegeven op welke wijze rekening is gehouden met de gevolgen van het plan voor de waterhuishoudkundige situatie. In die paragraaf dient uiteengezet te worden of en in welke mate het plan in kwestie gevolgen heeft voor de waterhuishouding , dat wil zeggen het grondwater en het oppervlaktewater. Het is de schriftelijke weerslag van de zogenaamde watertoets: ‘het hele proces van vroegtijdig informeren , adviseren (door de waterbeheerder) , afwegen en beoordelen van waterhuishoudkundige aspecten in ruimtelijke plannen en besluiten’. Voor elk plan wordt in het kader van de watertoets bepaald wat het effect is op de waterhuishouding. Als verantwoordelijke instantie voor het waterbeheer in , en in de directe omgeving van , het plangebied hanteert Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) als uitgangspunt dat het bebouwen van landelijk gebied geen verslechtering van de
35
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
waterhuishoudkundige situatie mag betekenen. adviseert het Daarom hoogheemraadschap bij uitbreiding van verhard oppervlak compenserende maatregelen daarbij aan vergroting te nemen. Het hoogheemraadschap denkt van de bergingscapaciteit door bestaande waterlopen te verbreden of door nieuw oppervlaktewater aan te leggen. Tijdelijke berging van water door uitbreiding van het wateroppervlak creëert een grotere buffer in het systeem en daardoor een geringere peilstijging bij hevige regenval. De initiatiefnemer van het bouwplan is verantwoordelijk voor deze compenserende waterberging. Dat geldt zowel voor de financiering als voor de daadwerkelijke aanleg. Watertoets Op 17 mei 2022 is de digitale watertoets doorlopen. Op basis van het planvoornemen heeft het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) bepaald dat bepaalde aspecten van het plan een zodanige invloed hebben op de belangen van het hoogheemraadschap dat de normale procedure moet worden gevolgd. In het resultaat van de watertoets staat aangegeven waar per onderdeel rekening mee moet worden gehouden. Hieronder worden de gegeven onderdelen uit de watertoets weergegeven en wordt ingegaan hoe hier rekening mee is gehouden in het plan. Het volledige advies is als Bijlage 10 aan de toelichting toegevoegd.
Advies verharding en compenserende maatregelen > 2000 De bebouwing- en/of verhardingstoename ten gevolge van het plan bedraagt meer dan 2000 m.2 Binnen het werkgebied van het HHNK is de afgelopen decennia door verstedelijking het areaal aan open water afgenomen. Om onder andere dit verschijnsel tegen te gaan is in 2003 de watertoets geïntroduceerd die ervoor moet zorgen dat de waterbelangen beter in ruimtelijke plannen worden meegenomen en dat ontwikkelingen 'waterneutraal' worden gerealiseerd. Een van de onderdelen van de watertoets is het beoordelen van de verhardingstoename. Een dusdanige toename van het verharde oppervlak heeft negatieve gevolgen voor het watersysteem. Het hemelwater stroomt versneld af en komt direct tot afvoer. Compensatie in de vorm van waterberging of infiltratie is noodzakelijk om deze negatieve effecten op te heffen. Bij een verhardingstoename van meer dan 2. 000 m 2 berekent het HHNK aan de hand van diverse plangebiedkenmerken een specifiek compensatiepercentage. Onderstaand is bij het wateradvies van 21 oktober 2022 nader ingegaan op de compensatievraag. Waterkwaliteit en riolering (onbekend) Samen met de gemeenten heeft het hoogheemraadschap de basisdoelstelling het hemelwater zoveel mogelijk te scheiden van het afvalwater.
Het HHNK adviseert de mogelijkheden te onderzoeken het hemelwater op eigen terrein te verwerken in de bodem of rechtstreeks te lozen op het aanwezige oppervlaktewater. Voorwaarde hierbij is wel dat het hemelwater als schoon kan worden beschouwd. Bij voorkeur wordt afstromend hemelwater van verharde oppervlakken eerst voorgezuiverd door een berm , wadi of bodempassage. Geen verontreininging Binnen het plan is geen sprake van activiteiten die als gevolg kunnen hebben dat vervuild hemelwater naar het oppervlaktewater afstroomt. Het hemelwater kan dus als schoon worden beschouwd. Het is daarom niet doelmatig om het af te voeren naar de rioolwaterzuiveringsinrichting (RWZ I). Dit betekent dat het HHNK voor de nieuwe ontwikkeling adviseert om een gescheiden stelsel aan te leggen.
36
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
Wateradvies 28 juni 2022 Uit de op 17 mei 2022 ingediende watertoets en het ontvangen digitale wateradvies blijkt dat de normale procedure moest worden gevolgd , Op 28 juni 2022 is het wateradvies van het HHNK ontvangen. Onderstaand is het advies van het HHNK weergegeven. Het wateradvies is ook als Bijlage 11 bijgevoegd. Waterkwantiteit Uit de ingediende gegevens bij de genoemde digitale watertoets blijkt dat de realisatie van het plan een substantiële toename van verharding en bebouwing tot gevolg heeft. Uitgaande van de daarin aangeleverde gegevens vindt binnen het plangebied een verhardingstoename plaats van circa 32. 509 m.2 Door deze toename aan verharding zal de neerslag versneld worden afgevoerd van het terrein. Zonder compenserende maatregelen zal de waterhuishoudkundige situatie hierdoor verslechteren. De initiatiefnemer van het ruimtelijk plan is verantwoordelijk voor de regeling , de financiering en de realisatie van compenserende maatregelen. Om de effecten van de verhardingstoename te compenseren dient het wateroppervlak in het peilgebied 03751-09 uitgebreid te worden met 1. 806 m 2 waterberging (6% van de verhardingstoename). Hierbij is uitgegaan van een peilstijging van 0. 86 meter die statistisch eens in de 25 jaar kan voorkomen , een bemalingscapaciteit van 14. 4 mm/dag , een drooglegging van 1. 4 meter en grondsoort klei.
De plannen voorzien in de aanleg van nieuwe waterlopen. In de beschrijving is 7. 551 m 2 aan oppervlakte voor waterloop opgenomen en 2. 370 m 2 aan talud/wadi. Van die tweede post is niet direct duidelijk dit als waterberging geldt en de eerste post is ruimschoots voldoende om aan de vereiste compensatie te voldoen , daarom is HHNK alleen van de eerste post uitgegaan. Er wordt dus voldaan aan de compensatie-eis in het huidige plan. Uit het wateradvies van 21 oktober 2022 (zie onderstaand) is gebleken dat het HHNK uitgegaan is van verkeerde uitgangspunten. In onderstaand aanvullend advies van het HHNK is een nieuwe berekening uitgevoerd. Onderhoud De nieuwe waterlopen zullen onderhouden moeten worden. De huidige waterlopen , aan de rand van het gebied , worden onderhouden door de wegeigenaar en eigenaren van de aangrenzende percelen. In de huidige situatie is dat in alle gevallen de gemeente Schagen. Het plan zal dus moeten voldoen aan de onderhoudseisen van de gemeente Schagen. Bij het aanvragen van de watervergunning bij HHNK is deze toestemming nodig. Er worden een aantal waterlopen doorkruist door wegen. Het staat niet ingetekend op de tekening , maar het HHNK vermoed dat hier duikers komen te liggen. Houd er rekening mee dat het onderhoud waarschijnlijk varend gedaan zal gaan worden vanwege de breedte van de waterlopen , de duikers zullen dan doorvaarbaar moeten zijn.
Verder moeten er voldoende afzetplaatsen voor maaisel aanwezig zijn , moet de boot het water in en uit geladen kunnen worden en moet de boot kunnen draaien in bochten en bij doodlopende einden. Op basis van de huidige tekeningen lijkt in al deze punten voldoende voorzien te zijn. In het plan zijn de duikers en bruggen doorvaarbaar. Waterkwaliteit Het hoogheemraadschap is verantwoordelijk voor de kwaliteit van het oppervlaktewater.
37
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
Het uitgangspunt is dat huishoudelijk afvalwater en hemelwater van schone oppervlakken gescheiden worden. Afvalwater kan worden gekoppeld aan het bestaand gemeentelijk riool nabij het plangebied. Het hemelwater kan direct afgekoppeld worden naar de bestaande en nieuw te graven watergangen binnen het plangebied. Voor een lozing op het oppervlaktewater moet op grond van de Waterwet een vergunning worden aangevraagd of moet een melding worden gedaan. De gemeente is verantwoordelijk voor de kwaliteit van het afstromende hemelwater. De benodigde watervergunning wordt aangevraagd. Met betrekking tot het afstromend hemelwaterwater raadt het HHNK aan om terughoudend om te gaan met uitlogende materialen zoals koper , lood en zink. Indien uit architectonische overwegingen gekozen wordt voor bijvoorbeeld een zinken dak , kan een zuiverende voorziening noodzakelijk zijn. Ruimtelijke adaptatie De verandering van het klimaat heeft gevolgen voor de veiligheid , de economie en de gezondheid van de inwoners. Hevige buien veroorzaken schade en overlast. Langdurige droge periodes veroorzaken hittestress , met name in stedelijke gebieden. Een slim ingerichte ruimtelijke inrichting helpt deze steeds vaker voorkomende weersextremen het hoofd te bieden. Het uitgangspunt hierbij is om water lokaal op te slaan tijdens (extreme) buien , zodat het vervolgens gebruikt kan worden in droge perioden.
Voorbeelden van maatregelen die hierbij helpen zijn wadi's , waterdoorlatende verharding op bijvoorbeeld parkeervakken , waterbergende wegen en opslag in infiltratiekratten. Dit aspect komt aan de orde bij de nadere civieltechnische uitwerking van de plannen. Op dat moment wordt bekeken in hoeverre klimaatadaptieve maatregelen toegepast kunnen worden in het plan. Vergunningen Voor werkzaamheden in , onder , langs , op , bij of aan oppervlaktewater , waterkeringen en wegen in het beheer van het hoogheemraadschap en het aanleggen van meer dan 800 m² verharding is een watervergunning of ontheffing van het hoogheemraadschap nodig. Afhankelijk van de complexiteit van aanvraag en/of werken is het belangrijk om hierover in een vroeg stadium overleg te starten , zodat onderzoeken tijdig kunnen worden gestart en wordt voorkomen dat onnodige onderzoeken worden gedaan. Het HHNK geeft aan dat rekening moet worden gehouden met de noodzakelijke proceduretijd die hiermee is gemoeid. De watervergunning zal worden aangevraagd en de gemeente zal hierover contact opnemen met het HHNK. Wateradvies 21 oktober 2022 In een eerder stadium heeft het HHNK een digitale watertoets van dit voornemen ontvangen waarop tevens een aanvullend advies is verzonden. Zie hiervoor.
Dit advies is verwerkt in het bestemmingsplan , echter , heeft het HHNK destijds een verkeerd compensatiepercentage aangegeven en verzuimd een reactie te geven op twee doodlopende delen van het watersysteem. Onderstaand de aanvullende reactie vanuit het HHNK met deze punten hierin aangegeven. Waterhuishouding Watercompensatie Door HHNK is in een eerdere fase een
compensatiepercentage aangegeven
38
voor
de
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
minimaal benodigde watercompensatie in relatie tot de toename aan verhard oppervlak. Hierbij is het HHNK van een verkeerde mogelijke peilstijging uitgegaan. Op basis van een toegestane peilstijging van 056 , meter komt dit compensatiepercentage uit op 8% in plaats van 6%. Naar aanleiding hiervan is een nieuwe compensatieberekening toegevoegd. Een goede aanvulling zou zijn , is om bij de 'overmaat' aan te geven dat gemeente hierin ruimte geeft voor klimaatadaptatie. De hoeveelheid gerelateerd aan de 8% is het minimaal noodzakelijke om geen achteruitgang van het watersysteem te creëren in de huidige situatie. Alles wat meer wordt gerealiseerd dan dit minimale kan worden gezien als adaptief bezig zijn. Uit het overzicht wateropgave (Bijlage 12) blijkt dat de realisatie van het plan een substantiële toename van verharding en bebouwing tot gevolg heeft. Uitgaande van de aangeleverde gegevens vindt binnen het plangebied een verhardingstoename plaats van 20. 986 m.2 Door deze toename aan verharding zal de neerslag versneld worden afgevoerd van het terrein. Zonder compenserende maatregelen zal de waterhuishoudkundige situatie hierdoor verslechteren. Om de effecten van de verhardingstoename te compenseren dient het wateroppervlak uitgebreid te worden met 1. 679 m 2 waterberging (8% van de verhardingstoename).
De initiatiefnemer van het ruimtelijk plan is verantwoordelijk voor de regeling , de financiering en de realisatie van compenserende maatregelen. Om de effecten van de verhardingstoename te compenseren dient het wateroppervlak in het peilgebied uitgebreid te worden. Naast de toename aan extra verhard oppervlak wordt in het plangebied ook 2 4. 616 maan nieuw oppervlaktewater gerealiseerd die ingezet kan worden voor de compensatie. Er wordt binnen het plangebied geen water gedempt. De geplande 4. 616 m² nieuw oppervlaktewater is daarom ruim voldoende. Er is een 'overmaat' van 2. 937 m² aan water die ingezet kan worden voor klimaatadaptatie. Er wordt dus ruim voldaan aan de compensatie-eis. Inrichting watersysteem Er wordt een nieuwe noord-zuid waterloop door het plan aangelegd. Deze sluit aan de noordzijde aan bij de bestaande en te vergroten wegsloot langs de Harenkarspelweg. Aan de zuidzijde grens deze op de bestaande wegsloot , echter , lijkt er geen verbinding met het bestaande oppervlaktewater onder de Dergmeerweg aan de zuidzijde van het plan te bestaan. Mogelijk dat dit er wel komt maar is dat niet uitgewerkt in deze fase. Voor het goed kunnen aan- en afvoeren van het water in dit gebied is het van belang dat er een robuuste verbinding is met de rest van het watersysteem.
Door deze verbinding te maken wordt het gebied robuuster voor het aspect van de waterbeheersing wat tevens ook ten goede komt aan de waterkwaliteit. Gezien de breedte van het nieuwe water zal dit varend onderhouden moeten gaan worden. Het onderhoud van het nieuwe stedelijke water zal in principe worden gedaan door het hoogheemraadschap. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen is het wenselijk om zoveel mogelijk aan te sluiten bij het bestaande onderhoudsregime. Ten zuiden van de Dergmeerweg is al deels een breed watersysteem aanwezig wat grotendeels varend onderhoud wordt. Ook zit hier nog wat water in wat nu nog niet voldoende afmeting heeft om varend te onderhouden , mogelijk verandert dit nog in de toekomst. In ieder geval een duiker verbinding , en bij voorkeur een doorvaarbare voorziening , onder de Dergmeerweg zou hierbij wenselijk en noodzakelijk zijn. Er
is
een
doodlopend
stuk
nieuw
wateroppervlak
39
in
oost-west ,
haaks
op
de
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
Harenkarspelweg , gepland. Voor de kwaliteit van het water en het grote risico op overlast situatie voor aangrenzende eigenaren is het zeer onwenselijk om doodlopende waterlopen te creëren. Dit is ook de reden waarom dit niet is toegestaan overeenkomstig ons beleid. In dit geval is het zeer aan te bevelen om dit doorlopende gedeelte te verbinden aan de nieuwe doorlopende noord-zuid waterloop. Eventueel met een versmalling van het geplande water waardoor de hoeveelheid kavels evengoed behouden kan worden en ook een goed klimaat voor het water ontstaat. Een andere optie is om dit stuk water niet te realiseren. Tevens wordt er een grote waterpartij gecreëerd aan de westzijde van het plan , tussen het plan en de bestaande woningen aan de Oostwal. Deze varieert in breedte van 15 tot 20 meter. Het is begrijpelijk dat een natuurlijk afscheiding tussen bestaande en nieuwe bebouwing wenselijk is. Echter , deze grote waterpartij wordt uitgevoerd als zijnde een dubbele kopsloot. Aan de noord- en de zuidzijde is deze niet verbonden met de rest van het watersysteem. Gezien de verbinding met de nieuwe oost-west waterloop is er sprake van een mogelijkheid voor aan- en afvoer. Echter , ook deze waterpartij zal mogelijk tot overlastsituaties gaan leiden in verband met het niet kunnen doorstromen en het daardoor onwenselijke situaties voor aanliggende eigenaren veroorzaken.
Het is voor de kwaliteit van het watersysteem en beperken van overlastsituaties voor aanliggende eigenaren wenselijk om het watersysteem hier aansluitend te kunnen krijgen zonder doodlopende delen of 'waaihoeken' (daar waar drijfvuil kan ophopen). Het verzoek om deze inrichting hierop aan te passen. Klimaatadaptatie In het concept beeldkwaliteitsplan wordt in hoofdstuk 3 aangegeven dat het gebied bestand is tegen wateroverlast , hittestress en langdurige droogte. Door te voorzien in stevige groene en blauwe elementen wordt hierin voorzien. Vervolgens wordt aangegeven dat het hemelwater via straten of bermen wordt afgevoerd naar de waterlopen en straten direct afwateren op waterlopen wanneer mogelijk. Hierbij zou het een duurzame inrichting zijn als het hemelwater niet versneld op het oppervlaktewater zou komen maar via een bermpassage of vergelijkbaars. Dit om het water zo lang mogelijk in het gebied te houden en een gedoseerde afvoer naar het gemaal te kunnen hebben. Tevens wordt onder het kopje 'parkeren' in hetzelfde hoofdstuk aangegeven dat hemelwater op de terreinen van de parkeervoorzieningen zoveel mogelijk zichtbaar afgevoerd wordt met greppels en goten naar waterlopen. Dat het uiteindelijk in deze waterlopen terecht komt is begrijpelijk , echter zijn dit soort locaties en functies mooie kansen om waterpaserende verharding toe te passen.
Dit kan in de vorm van grastegels waarbij het eerste water de bodem infiltreert. Voordeel hierbij is dat het ook de beleving van de inrichting minder 'hard' maakt doordat het een deels groen uiterlijk heeft. Zoute kwel Tevens wil het HHNK de gemeente nog wijzen op het volgende. Recentelijk is er contact geweest tussen gemeente en HHNK omtrent de woningbouwontwikkeling Remmerdel en de kans op verzilting bij graafwerkzaamheden. Dat gebied heeft waarschijnlijk brak grondwater wat heel ondiep aanwezig is. Daarnaast is er sprake van een heel dun deklaagje wat risico's kan opleveren bij het graven van waterpartijen. Aangezien dit huidige plangebied vlakbij het gebied van Remmerdel ligt , is het aannemelijk dat de bodemopbouw en dus ook mogelijke risico's bij ontgravingen en draineren hier gelijk is. Het verzoek om hier alert op te zijn en het te vergelijken met Remmerdel en hier
40
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
overeenkomstig ook mogelijke maatregelen te treffen. Vergunningen Voor werkzaamheden in , onder , langs , op , bij of aan oppervlaktewater , waterkeringen en wegen in het beheer van het hoogheemraadschap en het aanleggen van =800 m² verharding is een watervergunning of ontheffing van het hoogheemraadschap nodig. Afhankelijk van de complexiteit van aanvraag en/of werken is het belangrijk om hierover in een vroeg stadium overleg te starten , zodat onderzoeken tijdig kunnen worden gestart en wordt voorkomen dat onnodige onderzoeken worden gedaan. Houdt hierbij rekening met de noodzakelijke proceduretijd die hiermee is gemoeid. Conclusie Uit het oogpunt van het aspect water gelden geen belemmeringen voor de uitvoerbaarheid van het planvoornemen van dit bestemmingsplan , mits de adviezen uit de watertoets gevolgd worden.
4. 7
Hinder van bedrijven
Op grond van de Wet milieubeheer zijn bedrijven en instellingen verplicht te voldoen aan de eisen van een AMvB , dan wel een milieuvergunning te hebben voor de exploitatie van het bedrijf , waarbij rekening gehouden dient te worden met de omliggende woonbebouwing. Door middel van de milieuwet- en regelgeving wordt (milieu)hinder in woongebieden zoveel mogelijk voorkomen. Uit de geactualiseerde publicatie “Bedrijven en milieuzonering” (2009) van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) wordt de richtafstandenlijst voor milieubelastende activiteiten gehanteerd. Per bedrijfstype zijn voor elk van de aspecten geur , stof , geluid en gevaar de minimale afstanden aangegeven die in de meeste gevallen kunnen worden aangehouden tussen een bedrijf en hinder-gevoelige objecten , zoals woningen , om hinder en schade aan mensen binnen aanvaardbare normen te houden. De grootste afstand is bepalend. De genoemde maten zijn richtinggevend , maar met een goede motivering kan en mag hiervan worden afgeweken. Er dient te worden aangetoond dat het plan buiten de invloedssfeer van bedrijvigheid in de nabije omgeving valt. Tevens dient te worden aangetoond dat het plan geen belemmering vormt voor de nabijgelegen functies. Het plangebied grenst aan de west- en zuidzijde aan woonbestemmingen met twee bedrijfsbestemmingen (categorie 1 en 2) op respectievelijk 40 en 150 meter afstand.
Ten noorden van het plangebied ligt een atletiekbaan op minimaal 60 meter afstand. Op basis van de brochure van de VNG geldt voor deze functies een grootste richtafstand van 30 meter. Aan deze richtafstand wordt voldaan. Agrarische gronden en spuitzones In kader van een goede ruimtelijke ordening dient rekening te worden gehouden met de mogelijke gevolgen die het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de open lucht op het woon- en leefklimaat kunnen hebben. Een spuitzone is een zone (gebaseerd op jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State) , die moet worden aangehouden ten opzichte van de gronden waarop gewassen worden gehouden en waar gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt. De zone is bedoeld om , voor omliggende functies , een goed woon- en leefklimaat te kunnen garanderen en voor de
41
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
omliggende agrarische bedrijven dat zij hun bedrijfsvoering ongehinderd kunnen uitvoeren. Voor het spuitzoneringsvraagstuk moet op basis van jurisprudentie een 50 meter zonering worden aangehouden. Dat zou in dit geval betekenen dat het planvoornemen 50 meter uit de rand van de agrarische gronden moeten blijven of er moet worden vastgelegd dat op de eerste 50 meter van de agrarische gronden geen gewasbeschermingsmiddelen mogen worden toegepast. Het plangebied grenst aan de noord- en oostzijde aan gronden met een een agrarische bestemming waarop alle vormen van agrarisch gebruik (veeteelt en gewassen/bloemteelt etc) is toegestaan. Dus in beginsel ook het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Het feit dat de teelt van gewassen toegestaan is op de agrarische gronden betekent niet dat er per definitie onderzoek naar de spuitzone gedaan moet worden. Uit jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2017:3524) blijkt dat als gronden die gebruikt worden ten dienste van het houden van vee , en geen enkel concreet voornemen kenbaar is gemaakt om het huidige agrarische gebruik te wijzigen naar de teelt van gewassen , er in redelijkheid geen rekening gehouden hoeft te worden met een vorm van agrarisch gebruik waarbij spuitzones dienen te worden aangehouden. Bij dit plan is dat het geval. Het huidige gebruik van de gronden ten noorden van het plangebied is al vele jaren tuin ten behoeve van het wonen.
De gronden zijn ook in eigendom van de eigenaren van de woningen aan de Oostwal. De gronden maken geen onderdeel meer uit van een agrarisch bedrijf. De bestemming van deze gronden moet nog worden gewijzigd naar deze feitelijk al aanwezige functie. Feitelijk is er echter nog sprake van een agrarische bestemming. Gelet op het feit dat deze gronden al vele jaren worden gebruikt (en ook als zodanig zijn ingericht) als tuin bij de woningen is er geen aanleiding om deze gronden weer als agrarische gronden te gaan gebruiken. Er hoeft daarom geen rekening te worden gehouden met spuitzones. De gronden aan de oostzijde zijn , gelet op luchtfoto's en streetview , deels in gebruik als grasland met rundvee en deels in gebruik voor akkerbouw. Bij het houden van vee hoeft er in beginsel geen extra onderzoek verricht te worden. Het geldend bestemmingsplan staat echter beide gebruiken toe en moet rekening worden gehouden met 'spuitzones'. Voor deze gronden is in april 2023 een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van 120 tijdelijke woningen voor een periode van maximaal 20 jaar. Dit betekent dat de agrarische functie van deze gronden is komen te vervallen en het aspect spuitzones niet meer van toepassing is voor deze gronden. Conclusie Wat betref het aspect hinder van bedrijven is het planvoornemen uitvoerbaar en is er sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
4. 8
Verkeer en parkeren
Verkeer en parkeren In de omgeving van het plangebied is in de huidige situatie een hoge parkeerdruk. Uitgangspunt van het planvoornemen is dan ook dat per toegevoegde wooneenheid ook voldoende parkeergelegenheid wordt toegevoegd. Hiermee voorziet het plan als zodanig op zichzelf in de behoefte aan parkeerplaatsen die hiermee ontstaat.
42
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
Voor een ruimtelijk plan geldt dat de verkeerseffecten die optreden als gevolg van een planvoornemen in het kader van een goede ruimtelijke ordening moeten worden onderbouwd. De nadruk ligt daarbij op de effecten van de ontwikkeling op de verkeersafwikkeling en parkeren (bereikbaarheid) , de verkeersveiligheid en de verkeershinder (leefbaarheid). In publicatie nr. 381 'Toekomstbestendig parkeren , Van parkeerkencijfers naar parkeernormen' (2018) van het CROW (het nationale kennisplatform voor infrastructuur , verkeer , vervoer en openbare ruimte) zijn vuistregels en kengetallen aangereikt om verkeerseffecten bij ontwikkelingen te bepalen. De richtlijnen van het CROW gaan uit van een bandbreedte van minimale en maximale parkeerkencijfers. Daarnaast heeft de gemeente Schagen haar eigen parkeerbeleid 'Nota Parkeernormen Schagen 2016'. De parkeernormennota van de gemeente Schagen gaat uit van het gemiddelde van de minimale en maximale parkeerkencijfers (afgerond naar boven). Verkeer De realisatie van Dergmeerweg leidt tot een toename van de verkeersaantrekkende werking van en naar het plangebied. De verkeersgeneratie als gevolg van het plan , is bepaald op basis van de CROW-publicatie 381 'Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie'. In Warmenhuizen is sprake van de stedelijkheidsgraad•niet stedelijk. •Het plangebied valt onder de categorie rest bebouwde kom.
Uitgaande van een verkeersgeneratie van 78, ritten per woning (Crow-publicatie 381) moet rekening worden gehouden met een totale extra verkeersgeneratie van ongeveer 718 ritten per etmaal op de toevoerende Dergmeerweg (en de daar aan voorafgaande overige wegen) als gevolg van het planvoornemen worden verwacht. Alle omliggende wegen (Sportlaan , Harenkarspelweg , Dergmeerweg) hebben nog dusdanig veel ruimte in capaciteit , waardoor er geen gevolgen te benoemen zijn van de extra verkeersbewegingen. Vanwege de capaciteit van omliggende wegen is het aantal van 718 ritten per etmaal niet van een dusdanige orde van grootte dat hierdoor problemen voor de verkeersafwikkeling hoeven te worden verwacht. Hierbij is ook van belang dat er op de kruising Dergmeerweg-Warmenhuizerweg een rotonde wordt gerealiseerd en dat er langs de desbetreffende nieuwbouwwijk de doorfietsroute wordt gerealiseerd. Zodoende wordt ook de fietser goed bediend voor de toekomstige bewoners van deze wijk. Parkeren Gelet op het planvoornemen bestaat er ook parkeerbehoefte in het plangebied. Bij de vrijstaande woningen en twee-onder-één-kapwoningen wordt voorzien in twee parkeerplaatsen op eigen erf. Deze moeten te allen tijde gehandhaafd worden. De plaatsing van een garage en/of carport mag geen vermindering van dit aantal parkeerplaatsen betekenen.
Voor bezoekersparkeren en voor bewoners van rijenwoningen , wordt voorzien in (geclusterde) parkeerplaatsen in de openbare ruimte in de directe nabijheid van de woning. De geclusterde parkeervoorzieningen voor appartementen en bijzondere woontypologieën worden op het eigen erf ingepast met hagen en/of opgaande beplanting. Hemelwater wordt op deze terreinen zoveel mogelijk zichtbaar afgevoerd met greppels en goten naar waterlopen. Aan de hand van het te realiseren programma is de feitelijke parkeerbehoefte van het project berekend (Bijlage 13). Uit de parkeerbalans blijkt dat er voldoende parkeerplaatsen worden gerealiseerd. Conclusie Ondanks de toename van de verkeersaantrekkende werking van en naar het plangebied worden geen problemen voor de verkeersafwikkeling verwacht. Met het aanleggen van de benodigde parkeerplaatsen worden voldoende parkeerplaatsen gerealiseerd om te voldoen aan de parkeerbehoefte van het planvoornemen. Wat betreft verkeer en parkeren is het planvoornemen dan ook uitvoerbaar.
43
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
4. 9
Luchtkwaliteit
Het plan dient te voldoen aan regels voor luchtkwaliteit. Aangetoond moet worden dat er geen normen worden overschreden. Nederland heeft de Europese regels ten aanzien van luchtkwaliteit geïmplementeerd in de Wet milieubeheer. De kern van de Wet luchtkwaliteit is het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Het NSL is een bundeling maatregelen op regionaal , nationaal en internationaal niveau die de luchtkwaliteit verbeteren en waarin alle ruimtelijke ontwikkelingen/projecten zijn opgenomen die de luchtkwaliteit in belangrijke mate verslechteren. Het doel van de NSL is om overal in Nederland te voldoen aan de Europese normen voor de luchtverontreinigende stoffen. Naast de introductie van het NSL is het begrip ‘niet in betekenende mate bijdragen’ (NIBM) een belangrijk onderdeel van de Wet luchtkwaliteit. Op grond van de Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen) zijn (onder andere) de volgende projecten vrijgesteld van toetsing: woningbouwprojecten met minder dan 1. 500 woningen; projecten die minder dan 3% van de (toekomstige) grenswaarde voor NO 2 of PM 10 bijdragen , wat overeenkomt met 12, µg/m.3 Het planvoornemen voorziet in de realisatie van 88 woningen. De voorgaande vrijstellingsregeling voor woningbouwprojecten is van toepassing op het planvoornemen van dit bestemmingsplan.
Conclusie Luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het planvoornemen.
4. 10
Duurzaamheid
Duurzaamheid van een gebied of in relatie tot een ruimtelijke ontwikkeling kan tot uitdrukking komen in de thema's: kwaliteit van de leefomgeving , water , energie , mobiliteit , natuur/ecologie en milieu. Onder deze laatste kan onder meer het volgende worden verstaan: gezondheid , externe veiligheid , materiaalkeuze en hergebruik van materialen , duurzaam slopen , geluid , lucht en beheer/onderhoud van een gebied of gebouw. Er bestaat geen wettelijke verplichting om het thema duurzaamheid in bestemmingsplannen vast te leggen. Wel vormt het een belangrijk onderwerp in het sociaal-maatschappelijke debat en daarmee een belangrijk aandachtspunt in het overheids-beleid. Gemeenten streven in dat kader naar een duurzame (gebouwde) omgeving. Bestemmingsplannen kunnen echter beperkt worden gehanteerd om duurzame energieaspecten te regelen. Voor eventuele ambitieuze duurzame energiedoelstellingen dienen dan ook extra instrumenten , zoals privaatrechtelijke overeenkomsten , ingezet te worden. De Regionale Omgevingsdienst Noord-Holland Noord heeft samen met de gemeenten in deze regio een brochure ontwikkeld over duurzaam bouwen en wonen. In 2020 mogen alleen nog energie-neutrale of energieopwekkende woningen worden gebouwd. Middels deze brochure wordt inspiratie geboden hoe hiermee om kan worden gegaan.
Voor vragen op het gebied van duurzaam (ver)bouwen , energiebesparing of energie opwekken kunnen inwoners en ondernemers van Noord-Holland Noord tegenwoordig bij het Duurzaam Bouwloket terecht. De gemeente Schagen participeert hier in.
44
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
De gemeente Schagen geeft uitvoering aan de Energieagenda 2017. Schagen ondersteunt , faciliteert en initieert projecten , zodat het energieverbruik vermindert en er meer duurzame energie wordt opgewekt. Een van de speerpunten is meer energie neutrale nieuwbouw. Schagen wil de energietransitie ondersteunen en versnellen om uiteindelijk in 2040 energie-neutraal te zijn. Daarom is besloten om alle nieuwbouw aardgasvrij te realiseren. De gemeente begeleid particuliere bouwers in een vroeg stadium van de planontwikkeling , waardoor hogere ambities worden gehaald. Conclusie Voor de ontwikkeling van een nieuw woongebied zijn duurzaamheidsambities belangrijk en een kans. De woningen worden zoals verplicht aardgasvrij gerealiseerd.
4. 11
Vormvrije m. e. r. -beoordeling
De bij elk ruimtelijk plan uit te voeren m. e. r. -beoordeling houdt in dat nagegaan moet worden of er activiteiten plaatsvinden die negatieve effecten op het milieu kunnen hebben. De grondslag hiervoor is enerzijds het Besluit m. e. r. (Besluit milieueffectrapportage) en anderzijds de hiervoor beschreven onderzoeken. Op het planvoornemen is categorie D11 van het Besluit m. e. r. van toepassing. De hiervoor geldende drempelwaarden worden evenwel niet overschreden met de in het plangebied beoogde activiteiten. Voor dit bestemmingsplan is daarom de vormvrije m. e. r. -beoordeling van toepassing. Aan de hand hiervan wordt beoordeeld of een voorgenomen activiteit belangrijke nadelige milieugevolgen zal hebben. Er is een vormvrije m. e. r. -beoordeling opgesteld (Bijlage 14). Gezien de kenmerken van de potentiële effecten van het voornemen in combinatie met de kenmerken/gevoeligheid van de omgeving waarin deze optreden , is de impact van het plan op het milieu gering te noemen. Het is dus niet noodzakelijk om een mer op te starten. Conclusie Op 24 november 2023 heeft het bevoegd gezag een m. e. r. -beoordelingsbeslissing genomen en besloten dat er geen milieueffectrapport nodig is. Het besluit is als Bijlage 15 bijgevoegd.
45
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
Hoofdstuk 5 5. 1
Juridische toelichting
Algemeen
Wet ruimtelijke ordening en Besluit ruimtelijke ordening Op 1 juli 2008 zijn de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in werking getreden. Het voorliggende bestemmingsplan is opgesteld op grond van de Wro en het Bro. Op grond van artikel 3. 1. 3 van het Bro moet een bestemmingsplan worden uitgewerkt in: een beschrijving van de bestemmingen , waarbij per bestemming het doel of de doeleinden worden aangegeven; bestemmingen die bij of krachtens wet kunnen worden voorgeschreven; regels die bij of krachtens wet kunnen worden voorgeschreven; voor zover nodig uitwerkings- , wijzigings- en afwijkingsregels. Daarnaast dient een dergelijk plan vergezeld te gaan van een toelichting , waarin de aan het plan ten grondslag liggende gedachten , de uitkomsten van het onderzoek en de uitkomsten van het overleg zijn vermeld. De invoering van de nieuwe Wro en het nieuwe (Bro) heeft op 1 juli 2008 plaatsgevonden. Bij het opstellen van het bestemmingsplan is de geldende wet- en regelgeving toegepast. Op grond van artikel 1. 2. 1 van het Bro (in werking getreden op 1 januari 2010) moet het bestemmingsplan digitaal beschikbaar gesteld worden. Om dit mogelijk te maken moet het bestemmingsplan worden uitgewerkt in een zogenoemde GML. In de GML is er een koppeling tussen de kaart , regels en toelichting (het bestemmingsplan) gemaakt.
Deze koppeling van de kaart , regels en toelichting is de zogenoemde verbeelding van het bestemmingsplan. Hiervoor moet het bestemmingsplan worden opgesteld overeenkomstig de RO-standaarden: Standaard vergelijkbare bestemmingsplannen 2012 (SVBP2012); Standaard toegankelijkheid ruimtelijke instrumenten 2012 (STRI2012); Praktijkrichtlijn bestemmingsplannen 2012 (2012). Het voorliggende bestemmingsplan is zo opgesteld dat het bestemmingsplan digitaal beschikbaar gesteld kan worden. Dit betekent dat alle verschillende onderdelen van de kaart een zogenoemde IMRO2012-code hebben; de digitale kaart is opgesteld volgens de standaardtechniek voor uitwisseling GML; de regels overeenkomstig de SVBP2012 zijn opgesteld; de toelichting en regels digitaal aan de kaart zijn gekoppeld. Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Op 1 oktober 2010 is de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en het Besluit omgevingsrecht (Bor) in werking getreden. Met de inwerkingtreding van de Wabo is een deel van de Wro opgenomen in de Wabo. Op grond van de Wabo en het Bor is de omgevingsvergunning ingevoerd. In de omgevingsvergunning worden verschillende vergunningstrajecten (zoals bouwvergunning , milieuvergunning , etc. ) gebundeld. In artikel 2. 1 van de Wabo is een algemeen gebruiksverbod opgenomen. Op grond hiervan is voor een gebruik dat op grond van een
46
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
bestemmingsplan niet is toegestaan een omgevingsvergunning noodzakelijk.
5. 2
Bestemmingen
In deze paragraaf is een korte toelichting op de juridische regels behorende bij het plan gegeven. Er is voor een zo eenvoudig mogelijke planologische regeling gekozen die voorziet in een helder stelsel van regels en de nodige flexibiliteit biedt. Aan de hand van de bestemmingsregels kan het planvoornemen worden gerealiseerd. In de toekomst kan de gerealiseerde situatie vervolgens worden gehandhaafd. Hoofdstuk 1: Inleidende regels BEGRIPPEN In dit artikel worden waar nodig de in de regels gebruikte begrippen verklaard. Dit is alleen het geval wanneer begrippen niet op voorhand voor een eenduidige uitleg , conform normaal spraakgebruik , vatbaar zijn. Een deel van deze begrippen is voorgeschreven in de SVBP2012. WIJZE VAN METEN De wijze waarop maten , afstanden en dergelijke gemeten moeten worden , is voor een belangrijk deel voorgeschreven in de SVBP2012. Deze regels zijn overgenomen in artikel 2 van dit bestemmingsplan. Hoofdstuk 2: Bestemmingsregels In deze paragraaf zijn de in het plan voorkomende bestemmingen geregeld. In ieder artikel is per bestemming bepaald welke gebruik van de gronden is toegestaan en welke bebouwingsregels er gelden. De toekenning van bestemmingen tot een bepaald perceel is gebaseerd op het gewenste gebruik en een verantwoorde stedenbouwkundige inpassing.
Het bestemmingsplan kent de volgende bestemmingen: Groen , verkeer , Water , Wonen-1 en Woongebied. ARITKEL 3- GROEN Binnen de bestemming 'Groen' zijn de gronden aangewezen voor groenvoorzieningen , openbare nutsvoorzieningen , water en waterhuishoudkundige voorzieningen en voet- en fietspaden. Binnen deze bestemming is het enkel toegestaan om bouwwerken geen gebouwen op te richten met een maximale hoogte van 5 meter. ARTIKEL 4 - VERKEER - VERBLIJF De bestemming 'Verkeer' is toegekend aan een gedeelte van het plangebied. Naast woonstraten , pleinen en voet- en rijwielpaden mogen de gronden ook worden gebruikt voor parkeer- en picknickplaatsen. Binnen deze bestemming is het mogelijk om gebouwen op te richten tot een hoogte van 3 meter en een oppervlakte van 75 m.2 ARTIKEL 5 - WATER De bestemming 'Water' is toegekend aan een gedeelte van het plangebied en heeft betrekking op de waterlopen en waterpartijen , oevers , bermen en beplanting en het behoud , het herstel en de ontwikkeling van de landschappelijke en natuurwaarden in het plangebied. De bestemming komt ook tegemoet aan de in het plan te realiseren watercompensatie als gevolg van de toename van het verhard oppervlak. Binnen deze bestemming is het enkel toegestaan om bouwwerken geen gebouwen op te richten met een maximale hoogte van 5 meter. 47
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
ARTIKEL 6 - WONEN - 1 Een deel van het gebied heeft de bestemming 'Wonen - 1'. Binnen dit gebied zijn bouwvlakken opgenomen. Te realiseren woongebouwen zijn als zodanig aangeduid. Binnen deze bestemming is het mogelijk om beroeps- en bedrijfsactiviteiten te realiseren en een Bed & breakfast. Het aantal woningen , de beoogde goot- en bouwhoogte en de dakhelling is vastgelegd op de verbeelding. ARTIKEL 7 - WOONGEBIED Een overgrote deel van het plangebied heeft de bestemming 'Woongebied'. Omdat de toekomstige stedenbouwkundig opzet gefaseerd zal worden uitgevoerd , is een hoge mate van flexibiliteit beoogd. De beoogde goot- en bouwhoogte en de dakhelling is vastgelegd op de verbeelding. De mogelijkheid voor het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van een beroeps- of bedrijfsactiviteit aan huis en Bed & breakfast is overeenkomstig het gemeentelijk beleid opgenomen. Hoofdstuk 3: Algemene regels ANTI-DUBBELTELREGEL De anti-dubbeltelregel ziet er op toe dat grond die reeds eerder bij een verleende omgevingsvergunning voor het bouwen is meegenomen , niet nog eens bij de verlening van een nieuwe omgevingsvergunning voor het bouwen mag worden meegenomen. De anti-dubbeltelregel heeft uitsluitend betrekking op situaties die plaatsvinden ten tijde van het geldende bestemmingsplan.
ALGEMENE GEBRUIKSREGELS In de algemene gebruiksregels is vastgelegd welk gebruik in ieder geval strijdig is met de in de regels gegeven bestemmingsomschrijvingen. Hierin is onder andere geborgd dat van een aantal elektrische mobiele voertuigen gebruik moet worden gemaakt in het kader van de bescherming van stikstof gevoelige habitattypen in Natura-2000 gebieden. ALGEMENE AFWIJKINGSREGELS De algemene afwijkingsregels bieden enige flexibiliteit als het gaat om het afwijken van in het plan opgenomen maten en bieden ruimte om bepaalde voorzieningen te kunnen realiseren. OVERIGE REGELS In de overige regels is opgenomen dat op basis van de doelgroepenverordening woningbouw gemeente Schagen 2023 minimaal 40% van de te realiseren 88 woningen moet bestaan uit sociale huurwoningen en sociale koopwoningen. Hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregels OVERGANGSRECHT De in het Bro voorgeschreven formulering van het overgangsrecht is opgenomen in deze regels. In het plan zijn de al dan niet in directe relatie met een bestemming staande voorzieningen , zoals ondergrondse leidingen , wegen , paden , parkeervoorzieningen , bermen , geluidwerende voorzieningen , centrale installaties ten behoeve van de energievoorziening , voorzieningen ten behoeve van de waterbeheersing in de vorm van watergangen , duikers , waterkeringen en dergelijke in de bestemming begrepen , zonder dat dit uitdrukkelijk is
48
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
vermeld.
49
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
Hoofdstuk 6 6. 1
Uitvoerbaarheid
Economische uitvoerbaarheid
In artikel 6. 12 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is voorgeschreven dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt voor de gronden waarop een bouwplan is voorgenomen. Met het tweede lid van artikel 6. 12 Wro kan worden afgeweken van de plicht een exploitatieplan vast te stellen , mits het verhaal van kosten anderszins is verzekerd. De grond in het plangebied is grotendeels in eigendom van de gemeente Schagen. Het kostenverhaal van deze gronden is dan ook verzekerd middels gronduitgifte. Een aantal kavels zijn in particuliere eigendom. Met de particuliere eigenaren worden afspraken gemaakt over kosten , planschade het programma en andersoortige zaken. Hiervoor zal een overeenkomst tussen de particuliere eigenaren en de gemeente gesloten. De kosten voor de realisatie van het plan zijn voor de gemeente anderszins verzekerd in deze overeenkomst. Om deze reden is een exploitatieplan niet nodig. De financiële uitvoerbaarheid van het plan is voldoende gewaarborgd. De financiële uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan is aangetoond via gemeentelijke grondexploitatie vanuit Dergmeerweg. De grondopbrengsten gronduitgifte zijn voldoende om de kosten van grondexploitatie af te dekken.
6. 2
de de
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Het coalitieakkoord 2018 – 2022 is uitgangspunt geweest voor het doorlopen participatietraject voor de totstandkoming van het stedenbouwkundig plan. Het project is formeel afgetrapt met een 'blanco' vel tijdens een algemene inwonersbijeenkomst waarop inwoners van de wijk de belangrijkste uitgangspunten kwijt konden. Via verschillende bijeenkomsten en een nieuwsbrief zijn inwoners uitgenodigd om input te leveren en geïnformeerd over de planontwikkeling. Onder de inwoners van het dorp bestaat de grote wens dat gebouwd wordt voor de jeugd/starters zodat Warmenhuizen levendig blijft. Projectgroep In het dorp Warmenhuizen in de gemeente Schagen bestaat een grote wens voor woningbouw. De gemeente heeft daarom een projectgroep met inwoners uit Warmenhuizen in het leven geroepen en een intensief interactief proces ingericht om woningenbouwmogelijkheden en de woonwensen voor de uitbreiding van Warmenhuizen te verkennen. Diverse brainstormsessies , creatieve sessies en overleggen hebben plaats gevonden met de projectgroep met het doel om te komen tot een haalbaar , integraal , duurzaam en toekomstbestendig stedenbouwkundig plan , dat aansluit bij de wensen vanuit het dorp.
De projectgroep (bestaande uit drie leden van de dorpsraad en een aantal bewoners) heeft de volgende einddoelen geformuleerd: de nieuwe woonwijk wordt een buurt waar inwoners gelukkig kunnen leven en verblijven; de nieuwe woonwijk draagt bij aan een toekomstbestendig , duurzaam en leefbaar Warmenhuizen; de nieuwe woonwijk draagt bij aan versterking van de kwaliteit van de bestaande kern.
50
bestemmingsplan Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen
De projectgroep heeft meegelopen met het stedenbouwkundig ontwerp. Vooroverleg ex artikel 3. 1. 1 Bro Het voorontwerpbestemmingsplan 'Wijkuitbreiding Dergmeerweg te Warmenhuizen' is op 19 september 2022 toegestuurd aan de overlegpartners. Van diverse partijen is een reactie ontvangen. Een samenvatting van de overlegreacties en de gemeentelijke reactie daarop is opgenomen in bijlage 13 van deze toelichting. Tervisielegging ontwerp Na het stadium van vooroverleg wordt het plan als ontwerp ter visie gelegd. Binnen de termijn van tervisielegging kan door een ieder zienswijzen op het bestemmingsplan naar voren worden gebracht. Hiervan wordt vervolgens afzonderlijk van deze toelichting verslag gedaan. Voorliggende onderbouwing motiveert de passendheid van de beoogde ontwikkeling.
51
Contactgegevens Bezoekadres: Laan 19 1741 EA Schagen Postadres: Postbus 8 1740 AA Schagen Tel. : (0224) 210 400 Fax: (0224) 210 455 E-mail: postbus8 @schagen.nl Internet: www. schagen. nl