CConstaterende datSchagen
Koppel je AI →
Document · PDF

Gewaarmerkte jaarstukken gemeente Schagen 2025

Gemeenteraad 23 juni 2026, gemeente SchagenBij agendapunt: Jaarstukken 202534.685 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

-1.208

Saldo rentelasten en rentebaten

-151

c. De rente die aan de grondexploitatie moet

96

worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het desbetreffende taakveld moet worden toegerekend 96 Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

-54

d1. Rente over eigen vermogen

0

d2. Rente over voorzieningen

0

Totaal werkelijk aan taakvelden toe te rekenen rente

-54

e. De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

-1.352

f. Renteresultaat op het taakveld Treasury

1.298

Schatkistbankieren Eind 2013 is het schatkistbankieren ingevoerd. Dit houdt in dat overtollige middelen, met uitzondering van middelen nodig voor uitoefening van de publieke taak, voortaan uitsluitend bij het Rijk, oftewel de schatkist, of bij andere lagere overheden mogen w orden uitgezet. Dit beperkt eventuele kredietrisico’s. Een bepaald bedrag, het zogenaamde drempelbedrag, mag buiten de schatkist worden gehouden. De hoogte van het drempelbedrag hangt af van de omvang van de begroting. Maatgevend voor de omvang van de begr oting is het begrotingstotaal zoals dat ook gebruikt wordt voor bijvoorbeeld het berekenen van de kasgeldlimiet. De drempel is gelijk aan 2,0% van het begrotingstotaal indien het begrotingstotaal lager is dan € 500 miljoen, waarbij het drempelbedrag minima al € 1 miljoen bedraagt. Voor onze gemeente was dit bedrag in 2025 € 3,24 miljoen. De verantwoording over het schatkistbankieren is conform de wettelijke richtlijnen opgenomen in de toelichting op de balans onder de vlottende activa. Per 31 december 2025 is het saldo van het schatkistbankieren € 23.515.779,-.

75

Paragraaf lokale heffingen Algemeen Deze paragraaf geeft een overzicht van de diverse lokale heffingen en belastingen op hoofdlijnen. Hiermee ontstaat inzicht in de lokale lastendruk. Dit is van belang voor de integrale afweging tussen enerzijds het beleid en anderzijds de inkomsten. Ook wordt weergegeven welk beleid wij in 2025 hebben gevoerd ten aanzien van de kwijtschelding. Tenslotte is een vergelijking opgenomen uit de Coelo -atlas met betrekking tot de gemiddelde woonlasten. De belangrijkste belastingen, rechten en leges, die in onze gemeente worden geheven zijn: a. Onroerendezaakbelastingen De belangrijkste inkomstenbron van de gemeente waarover het gemeentebestuur zelf zeggenschap heeft zijn de Onroerendezaakbelastingen (OZB). Bij de berekening van de tarieven is rekening gehouden met de geraamde opbrengst in de begroting 2025. De geraamde opbrengst is inclusief de afdracht voor het Ondernemersfonds Schagen (OFS), het compensatiebudget voor sport en cultuur en de verandering van de WOZ-waarden. De opbrengst is geraamd op € 13.741.254. De werkelijke opbrengst bedraagt € 13.593.581. Ten opzichte van de geraamde opbrengst is de werkelijke opbrengst € 147.673 lager, dit is 1,07% minder dan geraamd.

De lagere baten hangen samen met het feit dat de uiteindelijke opbrengst afhankelijk is van verschillende dynamische factoren, zoals het toegepaste stijgingspercentage per woningtype, de uitkomsten van bezwaarschriften en de realisati e van nieuwbouw. Daarnaast is in de raming een ingeschatte toekomstige baat opgenomen, die in de praktijk lager is uitgevallen. Door het samenspel van deze factor en blijft de gerealiseerde opbrengst achter bij de begroting b. Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing wordt geheven over alle huishoudens als dekking in de kosten van het ophalen en afvoeren van het huishoudelijk afval. De hoogte van de afvalstoffenheffing is mede afhankelijk van het aantal personen binnen een huishouden. Daarnaast b etalen huishoudens met een extra container een extra bedrag. In onderstaande tabel is een overzicht van de tarieven opgenomen. Afvalstoffenheffing

Tarief 2025

1 persoonshuishouden

341,-

2 en 3 persoonshuishouden

402,-

≥ 4 persoonshuishouden

435,-

extra container

218,-

De opbrengst is geraamd op € 8.156.472. De werkelijke opbrengst bedraagt € 8.169.785

76

KOSTENDEKKENDHEID AFVALSTOFFENHEFFING Kosten

Begroot 2025 Realisatie 2025

2.1 Verkeer en vervoer

€0

€ 270.476

€ 189.000

€ 208.875

€ 6.371.981

€ 6.115.094

€ 92.000

€ 79.500

BTW

€ 1.513.317

€ 1.497.416

Totaal Kosten

€ 8.166.298

€ 8.171.361

6.3 Inkomensregelingen (kwijtschelding) 7.3 Afval Overhead

Opbrengsten

Begroot 2025 Realisatie 2025

1.1 Afvalstoffenheffing

€ 8.156.873

€ 8.169.785

Totale opbrengsten

€ 8.156.873

€ 8.169.785

100%

100%

Dekking

De berekening van de afvalstoffenheffing sluit vrijwel aan bij de begroting. De realisatie over 2025 laat een zeer klein verschil zien tussen kosten en opbrengsten, resulterend in een tekort van € 1.576. Dat verschil wordt gedekt uit de egalisatievoorziening afval. Zowel lasten als baten liggen iets boven de begroting. De hogere kosten worden echter gedekt door hogere opbrengsten, voornamelijk veroorzaakt door een grotere toename van het aantal huisaansluitingen dan voorzien. Omdat in de begroting kosten van Verkeer en Vervoer onder Afval zijn opgenomen, ontstaat in de realisatie een verschil op deze onderdelen. c. Rioolheffing De rioolheffing wordt geheven voor het afvoeren of het lozen van afvalwater op de gemeentelijke riolering. Direct of indirect. De hoogte van de rioolheffing is afhankelijk van het aantal kubieke meters water dat wordt afgevoerd. De ontwikkeling van de tari even hangt nauw samen met de uitvoering van het Programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR). In onderstaande tabel is een overzicht van de tarieven opgenomen. Rioolheffing

Tarief 2025

basistarief (tot 350 m³ afvalwater)

228,-

meerverbruik: > 350 m³ t/m 99.750 m³

per eenheid van 350 m³

228,-

vanaf 99.751 m³

per eenheid van 750 m³

228,-

De opbrengst is geraamd op € 5.910.216. De werkelijke opbrengst bedraagt 5.967.465 KOSTENDEKKENDHEID RIOOLHEFFING Kosten

Begroot 2025

6.3

Inkomensregelingen (kwijtschelding)

7.2

Realisatie 2025

€ 114.000

€ 129.543

Riolering

€ 3.081.746

€ 3.488.473

Storting spaarvoorziening

€ 1.199.844

€ 977.490

77

Overhead

€ 848.000

€ 605.550

BTW

€ 647.167

€ 752.291

Totaal Kosten

€ 5.890.757

€ 5.953.347

Opbrengsten 1.1

Begroot 2025

Belasting per perceel:

Totaal Opbrengsten

Dekking

Realisatie 2025

€ 5.910.216

€ 5.967.465

€ 5.910.216

€ 5.967.465

100%

100%

De realisatie binnen het taakveld Riolering laat hogere lasten zien dan in de begroting was voorzien. Deze hogere kosten hangen echter direct samen met extra opbrengsten. Die extra opbrengsten ontstaan doordat het aantal huisaansluitingen sterker is gesteg en dan bij het opstellen van de begroting werd verwacht. De realisatie over 2025 laat een klein verschil zien tussen kosten en opbrengsten, resulterend in een tekort van € 14.118. Dat verschil wordt gedekt uit de egalisatievoorziening riool. De afwijking tussen begroting en realisatie op onderdelen wordt deels verklaard doordat in de begroting de btw bij de storting in de spaarvoorziening was opgeteld. In de realisatie is dit correct verwerkt. Dit jaar is er meer dan € 5 miljoen geïnvesteerd in riolering. Dat komt doordat een aanzienlijk deel van het rioleringsstelsel aan vervanging toe is. Deze vervangingsopgave zorgt voor een piek in de investeringen. De spaarvoorziening riolering is bedoeld o m de kosten van vervangingsinvesteringen gelijkmatig over de jaren te verdelen, zodat het tarief stabiel blijft. In jaren met weinig investeringen wordt er gespaard; in jaren met hoge investeringen wordt er onttrokken. Omdat er dit jaar meer dan € 5 miljoen is geïnvesteerd in vervanging van riolering, is de voorziening tijdelijk leeg. d. Toeristenbelasting De aanslagen toeristenbelasting worden na afloop van het jaar opgelegd.

Dit is omdat dan pas het aantal overnachtingen bekend is. Dit betekent dat de aanslagen van 2025 voor het overgrote deel in mei 2026 worden opgelegd. In de jaarrekening 2025 is nu een bedrag van € 3.937.210 als opbrengst verantwoord. In onderstaande tabel is een overzicht van de tarieven per persoon per nacht opgenomen. Toeristenbelasting

Tarief 2025

Mobiele kampeeronderkomens op een kampeerterrein

2,06

Alle andere vormen van verblijf

2,25

De opbrengst is geraamd op € 2.974.700. De werkelijke opbrengst bedraagt € 3.937.210 Ten opzichte van de geraamde opbrengst is de werkelijke opbrengst € 962.510 hoger. Door de overgang naar een nieuw systeem is in 2025 een volledigheidscontrole uitgevoerd op de toeristenbelasting. Daarbij is geconstateerd dat één grote opbrengstcomponent niet

78

was meegenomen in de eerdere verwerking. Dit heeft geleid tot een lagere raming in 2024, en omdat de raming voor 2025 daarop is gebaseerd, is deze eveneens te laag ingeschat. Daarnaast wordt het resterende verschil verklaard door een verdere groei van het aantal overnachtingen. Deze groei hangt samen met de inzet van de in 2024 ingestelde raadswerkgroep, die het uitgangspunt dat voor alle overnachtingen toeristenbelasting moet worden afgedragen actiever onder de aandacht heeft gebracht en waarvan de intensivering van communicatie en controles vermoedelijk heeft geleid tot een hogere registratie. De exacte omvang van dit effect is vooraf niet vast te stellen en blijkt uit de realisatie in de komende jaren. e. Forensenbelasting De forensenbelasting wordt achteraf gelijktijdig met de toeristenbelasting in mei 2026 opgelegd. In de jaarrekening 2025 is een bedrag van € 2.323.790 als opbrengst verantwoord. Tussentijds worden aanslagen opgelegd aan belastingplichtigen, die in de loop van 2025 hun recreatiewoning of caravan verkopen. Op deze wijze wordt voorkomen dat voormalige eigenaren een jaar na de verkoop van hun eigendom nog geconfronteerd worden met een belastingaanslag. De opbrengst is geraamd op € 2.340.902. De werkelijke opbrengst bedraagt € 2.323.790 f.

Grafrechten Grafrechten worden opgelegd voor het gebruik van een gedenkpark en door de gemeente geleverde diensten in verband met een gedenkpark. De opbrengst is geraamd op € 143.184. De werkelijke opbrengst bedraagt € 170.954. KOSTENDEKKENDHEID GRAFRECHTEN Kosten

Begroot 2025

6.3

Inkomensregelingen (kwijtschelding)

7.5

Realisatie 2025

€0

€0

Grafrechten

€ 266.906

€ 343.376

Overhead

€ 22.620

€ 127.200

BTW Totaal Kosten

€0 € 289.526

Opbrengsten 1.1

Belasting per perceel:

Totaal Opbrengsten

€ 470.576

Bedrag € 143.184

€ 170.955

€ 143.184

€ 170.955

49%

36%

Dekking

De kostendekkendheid van de grafrechten valt lager uit dan begroot. Dit komt vooral doordat er meer personeelskosten aan dit taakveld zijn toegerekend dan vooraf was ingeschat. Deze hogere toerekening werkt door in zowel het onderdeel grafrechten als in de overhead.

79

Daar staat tegen over dat er meer baten zijn ontvangen. De hogere opbrengst aan grafrechten komt doordat het aantal uitgiften en verlengingen dit jaar hoger lag dan verwacht. De ontwikkeling van grafrechten is moeilijk nauwkeurig te ramen, omdat zowel nieuwe aanvragen als verlengingen jaarlijks kunnen fluctueren. G. Precariobelasting Precariobelasting wordt geheven voor het hebben van voorwerpen op, onder of boven de voor de publieke dienst bestemde gemeentegrond. De opbrengst is geraamd op € 97.660. De werkelijke opbrengst bedraagt € 99.735. H. Leges Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening

Kosten

Opbrengsten

Kostendekking

Paragraaf

1

Burgerlijke stand

€ 102.698

€ 56.203

54,73%

Paragraaf

2

Reisdocumenten

€ 816.915

€ 706.571

86,49%

Paragraaf

3

Rijbewijzen

€ 245.421

€ 204.922

83,50%

Paragraaf

4

Verstrekkingen uit de basisregistratie personen

€ 37.909

€ 21.927

57,84%

Paragraaf

5

Verstrekkingen uit het Kiezersregister n.v.t.

€0

€0

0,00%

Paragraaf

6

Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens n.v.t.

€0

€0

0,00%

Paragraaf

7

Bestuursstukken n.v.t.

€0

€0

0,00%

Paragraaf

8

Vastgoedinformatie

€0

€0

0,00%

Paragraaf

9

Overige publiekszaken

€ 9.612

€ 8.260

85,93%

Paragraaf

10

Gemeentearchi ef

€0

€0

0,00%

Paragraaf

11

Huisvestingswet n.v.t.

€0

€0

0,00%

Paragraaf

12

Leegstandswet

€ 683

€ 297

43,48%

Paragraaf

13

Gemeentegaranti e n.v.t.

€0

€0

0,00%

Paragraaf

14

Marktstandplaatsen (voor weekmarkten e.d.), verplaatst

€0

€0

0,00%

Paragraaf

15

Winkeltijdenwet, verplaatst

€0

€0

0,00%

Paragraaf

16

Kansspelen

€ 248

€ 454

183,06%

Paragraaf

17

Telecommunicatie

€ 80.267

€ 70.975

88,42%

Paragraaf

18

Verkeer en vervoer

€ 20.437

€ 13.585

66,47%

Paragraaf

19

Diversen

€ 794

€ 375

47,23%

Paragraaf

20

Algemene plaatselijke verordening (diverse)

€ 4.517

€ 6.816

150,90%

Paragraaf

21

Urgentie

€0

€0

0,00%

Kostendekking Hoofdstuk 1

€ 1.319.501

€ 1.090.385

82,64%

Hoofdstuk 2 Omgevingswet

Kosten

Opbrengsten

Kostendekking

Paragraaf

€0

€0

0,00%

1

Algemene bepalingen

80

Paragraaf

2

Voorfase

€ 27.556

€ 96.569

350,45%

Paragraaf

3

Activiteiten met betrekking tot bouwwerken

€ 1.794.542

€ 1.718.194

95,75%

Paragraaf

4

Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed

€ 4.271

€ 3.457

80,94%

Paragraaf

5

Milieubelastende activiteiten

€0

€ 760

0,00%

Paragraaf

6

Lozingsactiviteiten

€0

€0

0,00%

Paragraaf

7

Aanlegactiviteiten

€ 44.191

€ 19.949

45,14%

Paragraaf

8

Overige activiteiten

€ 8.664

€ 2.440

28,16%

Paragraaf

9

Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten

€0

€0

0,00%

Paragraaf

10

Gelijkwaardigheid

€0

€0

0,00%

Paragraaf

11

Overige tarieven

€ 1.835

€ 2.432

132,53%

Paragraaf

12

Modaliteiten

€ 8.523

€ 65.349

766,74%

Paragraaf

13

Vermindering

€0

€ -19.153

0,00%

Paragraaf

14

Teruggaaf

€0

€ -16.507

0,00%

€ 1.889.582

€ 1.873.490

99,15%

Kostendekking Hoofdstuk 2

Hoofdstuk 3 Europese dienstenrichtlijn

Kosten

Opbrengsten

Kostendekking

Paragraaf

1

Horeca

€ 27.481

€ 22.940

83,48%

Paragraaf

2

Prostitutiebedrijven

€0

€0

0,00%

Paragraaf

3

Winkeltijdenwet

€0

€0

0,00%

Paragraaf

4

Organiseren evenement of markt

€ 7.834

€ 15.963

203,77%

Paragraaf

5

Standplaatsen

€ 3.897

€ 1.838

47,16%

Paragraaf

6

Huisvestingswet

€0

€0

0,00%

7

In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

€ 1.291

€ 508

39,35%

€ 40.503

€ 41.249

101,84%

Paragraaf

Kostendekking Hoofdstuk 3

Overhead

Totale Kosten

Totale Opbrengst en

Kostend ekking

€ 979.400

€ 340.101

€ 1.319.501

€ 1.090.385

82,64%

Kostendekking Hoofdstuk 2

€ 1.197.719

€ 691.863

€ 1.889.582

€ 1.873.490

99,15%

Kostendekking Hoofdstuk 3

€ 21.441

€ 19.062

€ 40.503

€ 41.249

101,84%

Kostendekking totale tarieventabel

€ 2.198.560

€ 1.051.026

€ 3.249.586

€ 3.005.124

92,48%

Recapitulatie Hoofdstuk 1, 2 en 3

Taakveld

Kostendekking Hoofdstuk 1

81

Totaal opbrengsten Financiële verantwoording opgelegde belastingen 2025. Belastingjaren lopen over ten minste vijf begrotingsjaren. Conform de Algemene wet inzake rijksbelastingen kunnen belastingen nog 3 jaar nadat de belastingschuld is ontstaan worden opgelegd. De invordering kan nog plaatsvinden 5 jaar nadat de belasting is opgelegd. Overzicht opgelegde aanslagen 2025 in relatie tot begroting (bedragen x € 1.000,-) Omschrijving

Begroot

Werkelijk

Verschil

OZB woning

€ 9.634

€ 9.488

€ 146 N

OZB niet-woning

€ 4.107

€ 4.106

€1N

Forensenbelasting

€ 2.341

€ 2.324

€ 17 N

Toeristenbelasting

€ 2.975

€ 3.937

€ 962 V

Grafrechten

€ 143

€ 171

€ 28 V

Precariobelasting

€ 98

€ 100

€2V

Totaal

€ 19.298

€ 20.126

€ 828 V

Omschrijving

Begroot

Werkelijk

Verschil

Afvalstoffenheffing

8.156

8.170

€ 13 V

Rioolheffing

5.910

5.967

€ 57 V

Heffingen (bedragen x € 1.000,-)

De meer of minder opbrengsten uit de afvalstoffenheffing en rioolheffing komen ten laste of gunste van de voorziening afvalstoffenheffing en rioolheffing, tenzij hier onvoldoende in zit. Leges Op basis van de legesverordening worden verschillende rechten geheven. Voor zover mogelijk zijn de tarieven kostendekkend. (bedragen x € 1.000,-) Omschrijving

Begroot

Werkelijk

Verschil

Leges

2.824

3.005

179V

Kwijtschelding Voor de inwoners van onze gemeente met de laagste inkomens bestaat de mogelijkheid van kwijtschelding. Dit is mogelijk voor de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Een verzoek om kwijtschelding wordt getoetst aan de regelgeving, zoals opgenomen in de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990. De norm voor het verlenen van kwijtschelding is gesteld op 100% van de normbedragen voor de kosten van bestaan. Dit op basis van de Participatiewet, oftewel bijstandsnormen. We toetsen geautomatiseerd via het Inlichtingenbureau of mensen in aanmerking komen voor kwijtschelding. Door deze werkwijze hoeven de kwijtscheldingsgerechtigden niet ieder jaar kwijtschelding aan te vragen. Wanneer de toetsing positief is, krijgen deze mensen automatisch kwijtschelding. Gemiddeld 70% van de kwijtschelding wordt op deze manier verleend.

82

Overzicht verleende kwijtschelding 2025 in relatie tot begroting (bedragen x € 1.000,-) Omschrijving

Primaire Aangepaste Werkelijk Verschil begroting begroting

Afvalstoffenheffing € 189

€ 214

€ 209

€5V

Rioolheffing

€ 134

€ 129

€5V

€ 114

Lastendruk Ons beleid is gericht op het hanteren van kostendekkende tarieven. In de Coelo -atlas wordt ieder jaar een vergelijking gemaakt van de woonlasten per gemeente. De gemeente Schagen zit landelijk gezien boven het gemiddelde, met een plaats 235 op de ranglijst. Op de ranglijst wordt de gemeente met de laagste woonlasten aangegeven met n ummer 1 en de hoogste met nummer 346. Bij de berekening van het gemiddelde bedrag dat een huishouden aan gemeentelijke woonlasten betaalt, worden de OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing betrokken. De gemeente Ameland is de gemeente met de laagste woonlasten van € 680. De gemeente Bloemendaal heeft de hoogste woonlasten van € 2.117. De gemiddelde woonlasten bedragen € 1.053. De gemiddelde woonlasten voor meerpersoonshuishouden in onze regiogemeenten bedragen volgens de Coelo-atlas voor 2025: Gemeente

Bedrag

Ranglijst

Schagen

€ 1.096

235

Opmeer

€ 1.343

328

Bergen

€ 1.236

311

Medemblik

€ 1.136

262

Den Helder

€ 1.002

135

Dijk en Waard

€ 968

94

Hollands Kroon

€ 955

82

Texel

€ 846

16

* De door COELO gepresenteerde woonlastenvergelijking geeft een indicatie van de relatieve positie van gemeenten. Deze vergelijking houdt echter geen rekening met lokale omstandigheden zoals de omvang van het rioolstelsel, de wijze van afvalinzameling, beleidskeuzes en kwaliteitsniveaus. Hierdoor kunnen verschillen in lasten deels worden verklaard door verschillen in taken, kostenstructuur en serviceniveau.

83

Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding risicobeheersing en weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen betreft de mogelijkheid van de gemeente om financiële risico’s op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van het bestaande beleid. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in een ratio. In deze paragraaf staat beschreven met welke risico’s wij te maken hebben gehad, de berekening en de analyse van het weerstandsvermogen en de weerstandscapaciteit en de verplichte kengetallen. Het weerstandsvermogen is onder te verdelen in een incidenteel weerstandsvermogen voor het opvangen meer eenmalige risico’s en een structureel weerstandsvermogen voor het opvangen van meerjarige risico’s. In deze paragraaf is zowel een berekening gemaakt v an de incidentele weerstandsratio als van de structurele weerstandsratio. Ontwikkeling risico’s In de begroting 2025 voorzagen we een aantal trends en ontwikkelingen: • Vergrijzing; • Klimaatverandering; • Migratie; • Toenemende zorgkosten; • Informatiebeveiliging; • Arbeidsmarktontwikkeling; • Onzekerheid over de bijdragen van het Rijk in de algemene uitkering. In 2025 hebben we een eerste aanzet gemaakt om grote ontwikkelingen die op ons afkomen in kaart te brengen.

Hieruit volgt dat thema's als arbeidsmarktontwikkeling en regionalisering, leefbaarheid op zowel economisch als sociaal vlak, klimaatverandering, energietransitie en duurzaamheid en maatschappelijke onrust en geopolitieke ontwikkeling en belangrijke aandachtsgebieden zijn. Ook uit het Global Risk Report 2026 (januari 2026) blijkt dat voor Nederland de grootste risico's liggen op het gebied van mis- en desinformatie, geo-economische confrontaties, tekort aan arbeidskrachten, maatschappelijke polarisatie, onzekerheid op het gebied van cyberbeveiliging. Te zien is dat de risico's die gerelateerd zijn aan de geopolitieke ontwikkelingen (geo economische confrontaties, maatschappelijke polarisatie) en ontwikkelingen op het gebied van AI (mis- en desinformatie en cyberbeveiliging) groter zijn geworden. Thema' s als klimaatverandering worden hierdoor naar de achtergrond gedrukt. Als gemeente spelen we op deze risico's in door ons voor te bereiden op grote ontwrichtingen van de maatschappij. Zo stellen we een Business Continuity Plan op en heeft informatiebeveiliging grote aandacht.

84

Inleiding weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen kan worden uitgedrukt als de verhouding tussen de weerstandscapaciteit en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Het weerstandsvermogen is onder te verdelen in een incidenteel weerstandsvermogen voor het opvangen meer eenmalige risico’s en een structureel weerstandsvermogen voor het opvangen van meerjarige risico’s. In de nota Vermogensbeleid 2024, vastgesteld in februari 2025, is opgenomen dat voor het incidenteel weerstandsvermogen gestreefd wordt naar een ratio van 1,5, met een minimum van 1,0. Incidenteel weerstandscapaciteit De incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit die reserves waar nog geen verplichting op rust of waarvan de besteding nog kan worden gewijzigd. In eerdere jaren rekenden we de stille reserve ook tot de incidentele weerstandscapaciteit. De stille reserve ziet toe op het verschil tussen de werkelijke waarden van de gemeentelijke gebouwen en gronden en de boekwaarde zoals die in de administratie van de gemeente staan. Deze stille reserve kan niet direct worden ingezet; dan moet een pand of een stuk grond eerst verkocht worden. In de begroting 2026 hebben we om deze reden de stille reserve niet meer tot de incidentele weerstandscapaciteit gerekend. Deze lijn zetten we door in de jaarrekening 2025.

De incidentele weerstandscapaciteit bestaat per 31 december 2025 dan ook alleen uit de stand van de algemene reserve. De incidentele weerstandscapaciteit bedraagt per 31 december 2025: Stand algemene reserve per 31-12-2025: € 22.911.000 vóór jaarrekeningresultaat Incidentele risico's

Risico Calamiteiten / rampen

Cyberrisico's

Maximaal financieel Kans gevolg 25% € 250.000

Omschrijving Maatregelen Dit risico ziet toe op de Er is een Business situatie dat er sprake is Continuïteitenplan van calamiteiten of een opgesteld waarin is grotere ramp. Te denken opgenomen welke valt aan betalen van bedrijfsprocessen kosten bij natuurrampen essentieel zijn en zo snel mogelijk doorgang moeten krijgen in geval van calamiteiten. Op basis van het Global Als gemeente hebben we 25% € 500.000 Risk Report 2026 blijkt dat de nodige maatregelen onzekerheden op het genomen om de kans op gebied van een aanval te cyberbeveiliging nog verminderen, zoals steeds een van de bijvoorbeeld het continue grootste risico’s voor monitoren van mogelijk Nederland is. verdachte activiteiten en is de toegang tot systemen beperkt. De kans op een cyberaanval hebben we ingeschat op laag.

85

Kostenontwikkeling Sociaal DomeinDe jaarlijkse kosten Tot nu toe compenseert 75%€ 1.500.000 nemen toe. Deze het Rijk jaarlijks incidenteel toename komt enerzijds de hogere doordat meer mensen jeugdzorgkosten. Het risico een beroep doen op de bestaat echter dat de zorg en dat daarnaast wijzigingen die volgen uit de complexiteit van met de hervormingsagenda name de jeugdzorg jeugd niet voldoende toeneemt. zullen zijn om op langere termijn te compenseren. Mede gezien er sprake is van een openeinde regelingen zullen we als Schagen toch de gemaakte kosten moeten vergoeden. Juridische risico's Dit betreft de mogelijk Voor complexe zaken 75% € 105.000 financiële gevolgen die worden we bijgestaan voortvloeien uit door externe juristen. In de schikking. meeste gevallen proberen we eerst met de tegenpartij in gesprek te gaan, zetten we mediation in, of stellen we een schikking voor. De meeste juridische zaken van de gemeente gaan over aansprakelijkheidsstelling. Daar zijn we in de meeste gevallen voor verzekerd. Fiscale risico's Dit betreft de mogelijk We verrichten we op PM financiële gevolgen voor eigen initiatief extra Schagen die onderzoek naar de juiste voortvloeien uit een afdracht btw/bcf over boekenonderzoek door 2022, 2024 en 2025.

de belastingdienst naar Daarnaast zijn binnen de de juistheid van de organisatie diverse aangiften BTW/BCF en cursussen gegeven om de de afdracht loonheffing alertheid op fiscaliteiten te over het boekjaar 2023. vergroten. Dit onderzoek is in 2025 gestart. Overige risico's Dit betreft verschillende risico's met kleinere financiële impact. € 145.000 € 2.500.000

Ratio incidenteel weerstandsvermogen Op basis van de beschikbare en benodigde incidentele weerstandscapaciteit kan het weerstandsvermogen worden bepaald.

86

Totale incidentele weerstandscapaciteit: Totale incidentele risico’s: Ratio:

€ 22.911.000 € 2.500.000 9,2

De incidentele risico’s, afgezet tegen de beschikbare incidentele capaciteit, geven een ratio van 9,2. De streefwaarde op basis van de nota Vermogensbeleid bedraagt 1,5. De ratio ligt ruim boven de streefwaarde. Structureel weerstandscapaciteit De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit de onbenutte belastingcapaciteit. Voor de onbenutte belastingcapaciteit gaan wij uit van het verschil tussen het artikel -12-norm-tarief en het laatst vastgestelde tarief. Wanneer in 2025 het artikel-12-norm-tarief in Schagen was geheven, had dit een extra opbrengst opgeleverd van € 3,2 miljoen (2024: € 2,4 miljoen). De structurele weerstandscapaciteit bedraagt per 31 december 2025: Onbenutte belastingcapaciteit: € 3.200.000 Structurele risico’s: Risico

Omschrijving Maatregelen Kans Maximaal financieel gevolg Leningen aan derden Risico op oninbaarheid van leningen die aan derden zijn verstrekt 10% € 1.025.600 Garantstellingen Risico op opeisbaarheid Schagen is een van € 1.702.090 van de afgegeven de vele garanties (HVC). aandeelhouders van HVC. 1% Open einde regelingenFinanciële verplichtingenKostenontwikkeling die voortvloeien uit de monitoren, open einde regelingen in monitoren op het sociaal domein contractafspraken. 25% € 200.000 € 2.927.690

Ratio structureel weerstandsvermogen Totale structurele weerstandscapaciteit: Totale structurele risico’s: Ratio:

€ 3.200.000 € 2.927.690 1,1

De structurele risico’s, afgezet tegen de beschikbare structurele capaciteit, geven een ratio van 1.1. Dit betekent dat de gemeente de structurele risico's voldoende kon opvangen met structurele middelen. Kengetallen Vanuit het rapport van de Adviescommissie Vernieuwing van de begroting en verantwoording van gemeenten zijn gemeenten verplicht financiële kengetallen in deze paragraaf in de begroting op te nemen. De aanleiding van het rapport was de wens om de kader stellende en controlerende rol van de raad te versterken. Het gebruik van kengetallen is om de financiële positie van gemeenten weer te geven en te kunnen vergelijken.

87

Kengetallen

Begroting2025 Rekening2025 Rekening2024

Netto schuldquote

36,40%

-3,44%

2,04%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

37,83%

1,82%

6,60%

Solvabiliteitsratio

46,31%

65,37%

59,25%

Structurele exploitatieruimte

5,11%

14,08%

14,36%

Kengetal grondexploitatie

6,18%

-0,62%

-2,56%

Belastingcapaciteit

106%

110%

112%

Netto schuld per inwoner o.b.v. alle schulden

€ 2.499

€ 1.395

€ 1.464

Netto schuld per inwoner o.b.v. langlopende schulden

€ 1.463

€ 855

€ 933

Saldo van baten en lasten voor toevoegingen en onttrekkingen van reserves als percentage van de inkomsten (inkomsten excl. bijdrage reserves)

3,57%

14,45%

12,81%

Onbenutte belastingcapaciteit ozb als percentage van de inkomsten

1,52%

1,69%

1,36%

Hieronder wordt een toelichting gegeven op de gegevens van bovenstaande tabel. Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Een percentage tot 100% is als voldoende aan te merken. Het percentage voor 2025 ligt beduidend lager en is hiermee ruim voldoende. De solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Een percentage van rond de 50% is voldoende. Het percentage waar wij op uitkomen is gestegen ten opzichte van de begroting en de jaarrekening 2024. Dit komt door de toename van de reserves, zowel de bestemmingsreserves als de algemene reserve. Structurele exploitatieruimte Het financiële kengetal structurele exploitatieruimte geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de vastgestelde begroting is. Daarnaast geeft dit kengetal ook aan of de gemeente in staat is om de structurele tegenvallers op te vangen, dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid. Een structureel ratio rond de 0% van Algemene uitkering en belastingcapaciteit geeft een acceptabel risico. De structurele exploitatieruimte ligt op nagenoeg hetzelfde niveau als in 2024.

Kengetal grondexploitatie Het financiële kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie, oftewel de boekwaarde, is ten opzichte van de jaarlijkse baten. Een norm bepalen voor dit kengetal is lastig. De boekwaarde van de gronden in bezit zegt namelijk nog niets over d e relatie tussen de vraag en aanbod van woningbouw dan wel m2-bedrijventerrein. Maatwerk is hiervoor van toepassing. Dat wil onder andere zeggen; hoeveel woningen of m2-bedrijventerrein zijn gepland, het type en op welke plek. Daarnaast is het van wezenlij k belang wat de te

88

verwachte vraag zal zijn. Dit vergt meer onderzoek dan naar voren komt uit het genoemde kengetal. De boekwaarde van de gronden geeft wel weer of een gemeente veel middelen heeft gestopt in haar grondexploitatie. Dit geld dient namelijk ook nog terugverdien d te worden. Om vorengenoemde redenen is geen norm verbonden aan het kengetal grondexploitatie. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeenten zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Een percentage van 100% wil zeggen dat we op het landelijk gemiddelde zitten. De belastingdruk binnen de gemeente Schagen is dus hoger dan het landelijk gemiddelde. Onderlinge samenhang kengetallen Bovenstaande kengetallen zijn in lijn met elkaar en de meeste bevinden zich in de minst risicovolle signalering gedurende het jaar 2025, wat wijst op een sterke financiële positie. Te zien is dat de schulden zijn afgenomen ten opzichte van de eigen middelen en dat de algemene reserve is aangevuld.

89

Paragraaf kapitaalgoederen Inleiding Deze paragraaf gaat over het onderhoud van kapitaalgoederen in gemeentelijk bezit. Kapitaalgoederen zijn onderdelen van de openbare ruimte en accommodaties waarvoor langlopende investeringen nodig zijn. Denk hierbij aan wegen, wandel - en fietspaden, openbaar groen, bomen, speelplekken, riolering, oppervlaktewater, straatmeubilair en verlichting. Ook voorzieningen op het gebied van onderwijshuisvesting, sport en gemeentelijk vastgoed vallen hieronder. Het beheer en onderhoud van deze kapitaalgoederen is geri cht op de duurzame instandhouding van de voorzieningen. In deze paragraaf wordt een toelichting gegeven op het beleidskader, het gewenste kwaliteitsniveau, de beheer - en onderhoudsplannen en de financiële consequenties per beleidsterrein. Beleidskader en Doelen De gemeente Schagen streeft in haar ruimtelijke inrichting naar een evenwichtige ontwikkeling van economie, wonen, natuur en recreatie, met oog voor kwaliteit. Het beheer van kapitaalgoederen – zoals wegen, riolering, groen, water en gebouwen – is hierbij een belangrijk instrument. Dit beheer is gericht op vijf kernpunten: duurzame instandhouding, sober en doelmatig onderhoud, participatie en tevredenheid, duurzaamheid en klimaatadaptatie, en financieel evenwicht. Onderhoudsdoelen gaan daarmee verder dan een technische opgave.

Ze dragen bewust bij aan grotere maatschappelijke doelen, zoals veiligheid, leefbaarheid, duurzaamheid en inclusiviteit. We beheren kapitaalgoederen functioneel en samenhangend voor een lange levensduur, op basis van landelijke wetgeving, gemeentelijke plannen en actuele trends. Het Integraal Beleidsplan Openbaar Gebied (2016) vormt de basis voor het beheer van wegen, riolering, groen en water (met uitzondering van gebouwen). Per kapitaalgoed gelden daarnaast specifieke beleidskaders: • • • • •

Wegen: volgens het Integraal Beleidsplan en landelijke regelgeving, zoals de Wegenwet. Riool: volgens het Programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR) 2023–2027. Groen: volgens het Integraal Beleidsplan Openbare Ruimte, Beleidsplan Ecologie en Biodiversiteit en het Bomenbeleidsplan. Water: Programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR) 2023–2027 Gebouwen: volgens NEN 2767 (minimaal conditie 3) en landelijke richtlijnen voor onderhoud en duurzaamheid.

• Kerncijfers Kapitaalgoed in beheer

aantal* (31-122025)

aantal * (31-122024)

aantal * (31-12-2023)

eenheid

Afvalinzameling

268

268

268

stuks

Bebording en dragers

13.768

13.399

11.719

stuks

Bomen

35.703

35.656

35.616

stuks

Groenvoorzieningen

4,67

4,66

4,57

mlj. m2

90

Civiele kunstwerken Beschoeiing/kademuren

467 34.68

476 33,25

475 33

stuks kilometer

Openbare verlichting en elektrische installaties

13.140

13.006

12.940

stuks

Riolering Gemengd Vuilwater Hemelwater Drukriolering Overig Gemalen Kolken

674,7 86,6 132,7 154,8 127,6 173 674 46773

643,46 90,1 125,2 146,1 127,06 155 674 46773

614,38 91 123,5 144,7 127,98 127,2 682 46504

kilometer kilometer kilometer kilometer kilometer kilometer stuks stuks

Speelplekken Speeltoestellen

141.448 902

138.326 873

135.010 854

m2 stuks

Sportvelden

329,4

330,7

331,1

m2

Straatmeubilair

11624

11.799

12.400

stuks

Oppervlaktewater

987.714

970.829

985.351

m2

Wegen (alle types verharding)

3.93

3,66

3.9

mlj. m2

Gebouwen (totaal) Verdeeld in: Begraafplaats/berging Brandweer Cultuur Eigen huisvesting Kinderopvang Overig Reddingsbrigade Sport Torens Woning

63

63

63

aantallen

7 5 12 3 2 10 7 7 6 4

7 5 12 3 2 10 7 7 6 4

7 5 12 3 2 10 8 7 6 5

* aantallen zoals verwerkt in het beheersysteem Beheerplannen De diverse beleidskaders zijn vertaald in de beheerplannen voor de kapitaalgoederen. Het in stand houden van de kapitaalgoederen verdelen wij onder in: •

Onderhoud: Dit betekent het op niveau houden voor dagelijks gebruik

•

Beheer: Dit betekent het op niveau houden zodat de te verwachten levensduur wordt gehaald

•

Vervanging: Dit doen we wanneer de huidige kwaliteit of situatie niet meer voldoet

Beheerplannen per kapitaalgoed: Afvalinzameling

Beheer en onderhoud van afvalinzamelingsystemen en voorzieningen

Bebording

Verkeers- en informatieborden plus dragers in de openbare ruimte

Bomen

Onderhoud en beheer van bomen in de openbare ruimte

91

Groen

Onderhoud van groenvoorzieningen, zoals parken en plantsoenen

Civiele Kunstwerken

Beheer van bruggen, beschoeiing, duikers en andere infrastructurele werken

Openbare verlichting en elektrische

Onderhoud en beheer van straatverlichting en elektrische installaties

installaties Riolering

Beheer en onderhoud van rioleringsstelsels

Sportvelden

Beheer en onderhoud van sportvelden en bijbehorende faciliteiten

Straatmeubilair

Onderhoud van bankjes, prullenbakken en ander straatmeubilair

Oppervlaktewater

Beheer van vijvers, sloten en andere waterpartijen

Wegen

Onderhoud en beheer van wegen, fiets- en wandelpaden

Gebouwen

Beheer van gebouwen volgens NEN 2767 en MJOP-gebouwen

Niveau van onderhoud De Kwaliteitscatalogus van CROW (kennisinstituut voor de openbare ruimte) deelt de technische kwaliteit van de openbare ruimte op in vijf categorieën (A+, A, B, C en D). Kwaliteitsniveau A staat voor een hoog kwaliteitsniveau en kwaliteitsniveau D staat gelij k aan het hebben van een slecht onderhoudsniveau/onderhoudsachterstanden. De ambitie die Schagen heeft voor het beheer in de openbare ruimte is ‘sober en doelmatig’ (Integraal beleidsplan). Daarom wordt een lage beeldkwaliteit (minimaal C kwaliteit) gehanteerd. Dit vraagt een minimale inspanning en beperkte financiële middelen o m de minimale ondergrens van functie en veiligheid van de kapitaalgoederen in stand te houden. Voor begraafplaatsen en de toeristische centra van Schagen, Callantsoog, Petten, Sint Maartensvlotbrug, Sint Maartenszee en Groote Keeten doen wij dit op niveau B. Alle kwaliteitsniveaus zijn vastgelegd in de beheerplannen. Voor gebouwen geldt in het algemeen dat wij onderhoud uitvoeren op het niveau van conditie 3 volgens de NEN 2767-norm. Dit betekent: redelijke conditie, plaatselijk lichte veroudering, functievervulling van bouwdelen en installatie delen niet in gevaar. Voor gebouwen is de Meerjarenonderhoudsplanning (MJOP) leidend. Deze is in 2017 opgesteld op basis van een nulmeting in de software O-prognose.

De MJOP wordt jaarlijks geactualiseerd naar een DMJOP (Duurzaam Meerjarenonderhoudsplanning) . Staat van onderhoud Wegen De staat van het wegenareaal vraagt blijvende aandacht. Een deel van het areaal verkeert in matige conditie. Met het meerjarenplan asfalt en de aanpak voor stoepen en elementenverharding wordt structureel gewerkt aan kwaliteitsverbetering en het voorkomen van verdere achteruitgang.

92

Riool Door de uitgevoerde inhaalslag in rioolinspecties is er een actueel en redelijk volledig beeld van de technische staat. Op basis van de beschikbare gegevens verkeert het rioolstelsel, gelet op leeftijd en gebruik, overwegend in goede conditie. Groen Het groenonderhoud is uitgevoerd conform de vastgestelde beeldkwaliteitsniveaus. Uit de maandelijkse schouwen blijkt dat het merendeel van de werkzaamheden aan de norm voldeed. Het verwijderen van zwerfafval, het snoeien van overhangend groen en het onderhoud van bodembedekkers scoorden circa 98%. De onkruidbestrijding in beplanting bleef met 85% achter bij de norm, en heeft onze aandacht. Water De kwaliteit van de watergangen is over het algemeen goed. De baggeropgave 2025 is uitgevoerd en het regulier onderhoud aan watergangen en natuurgebieden is gerealiseerd. Speerpunten 2025 Openbare ruimte In 2025 is ingezet op het verbeteren van de kwaliteit kapitaalgoederen. Binnen het wegenareaal is gestart met een gerichte inhaalslag. In groot onderhoud zijn 25 locaties opnieuw geasfalteerd of herstraat. Er zijn reconstructies uitgevoerd in onder meer Stroet en Schagerbrug en de Sportlaan in Warmenhuizen is ingericht als fietsstraat. Voor riolering is uitvoering gegeven aan het Programma Stedelijk Water en Riolering, waarbij vervanging is gecombineerd met de aanleg van gescheiden stelsels.

In de openbare ruimte is 3.716 m² verharding omgevormd naar groen. Daarnaast zijn vaste planten, heesters, haagplantsoen, bosplantsoen en biologische bloembollen aangebracht. Voor 2046 are ruw gras en 354 are water is ecologisch beheer ingevoerd conform het ecologisch beleidsplan. Ook is verder gewerkt aan de professionalisering van assetmanagement en de onderbouwing van onderhouds- en vervangingsopgaven. Gebouwen Van de 63 in eigendom en door de gemeente beheerde gebouwen is de MJOP geactualiseerd. Er zijn inmiddels ruim 2.200 zonnepanelen geplaatst, veel panden zijn voorzien van ledverlichting en gevels en installaties krijgen extra isolatie. Ook wordt oude beglazing vervangen door HR++-glas. Onderhoud en verduurzaming worden zoveel mogelijk gecombineerd op natuurlijke onderhoudsmomenten. Alle kantoorhoudende panden voldoen sinds 2023 aan de verplichting voor minimaal energielabel C; enkele panden hebben al label A of A++. De ambitie is om in 2030 gemiddeld energielabel A te behalen voor het hele gemeentelijke vastgoed. Bij de recreatiehaven zijn afspraken vernieuwd en groot onderhoud geïnventariseerd. In 2025 ontving de gemeente de haveninkomsten over de afgelopen 6 jaar, waarmee het groot onderhoud gefaseerd uitgevoerd kan worden. Financiën Om het juiste moment voor vervanging te bepalen vraagt dit inzicht in de levensduur van een kapitaalgoed.

Dit betekent dat we de slijtage, prestaties en onderhoudskosten gedurende de hele levensduur goed in de gaten houden. Het financiële uitgangspunt is d at

93

wanneer een kapitaalgoed aan het einde van zijn technische levensduur is, zoals bij ouderdom, het wordt vervangen door een vergelijkbaar ontwerp. Verbeteren is hier niet in meegenomen. Bedragen x 1000

Kapitaalgoed Originele begroting 2025 Wegen

Riool

Water

Groen

Bomen

Gebouwen

Aangepaste begroting Rekening 2025 2025

Verschil

Onderhoudsbudget € 6.781.022

€ 1.670.672

1.514.824

€ 155.848

Kapitaallasten

€ 752.533

€ 752.534

€

Onderhoudsbudget € 3.652.280

€ 1.848.932

€ 1.995.995

€ -147.063

Kapitaallasten

€ 1.731.594

€ 1.731.594

€0

Onderhoudsbudget € 350.395

€ 843.500

€ 848.380

€ -4880

Kapitaallasten

€ 16.668

€ 16.668

€

Onderhoudsbudget € 5.177.179

€ 2.908.397

€ 2.964.504

€ -56.107

Kapitaallasten

€ 528.177

€ 875.489

€ 430.507

€ 444.982

Onderhoudsbudget € 446.362

€ 596.362

€ 643.922

€ -47.560

Kapitaallasten

€0

€ 0

€0

Onderhoudsbudget € 494.846

€ 348.814

€ 307.327

41.487

Kapitaallasten

€ 813.359

€ 813.360

€0

€ 1.486.078

€ 841.888

€ 19.735

€0

€ 906.530

-1

0

* Het verschil tussen de oorspronkelijke begroting en de aangepaste begroting wordt veroorzaakt door wijzigingen die voortkomen uit de twee bestuursrapportages. Toelichting verschillen Wegen Op onderhoud van wegen is minder uitgegeven omdat veel capaciteit is ingezet op investeringsprojecten en minder op onderhoud (156V). Riool De overschrijding op het rioleringsbudget komt door meerdere onverwachte en urgente werkzaamheden aan het einde van het jaar. Het ging om calamiteiten met schade aan riolering, waardoor delen moesten worden vervangen en er een nieuw gemaal nodig was. Daarnaast trad schade aan gemeentelijke riolering door verzakkingen, wat direct herstel vereiste. Vanuit het onderhoudscontract zijn bovendien extra renovaties aan straten uitgevoerd, en er waren meerdere herstelklussen naar aanleiding van inspecties en meldingen. Samen zorgden deze onvoorziene werkzaamheden voor hogere kosten dan begroot (147N).

94

Groen In de afgelopen jaren is gebleken dat een deel van het groenonderhoud als investering was verantwoord. Dit is in 2024 en 2025 gecorrigeerd, waardoor onderhoud als onderhoudsbudget wordt geboekt. In 2025 blijkt echter dat omvangrijke groenrenovaties noodzakelijk zijn, wat opnieuw investeringsuitgaven betreft. Omdat de eerdere investeringsbudgetten inmiddels zijn afgesloten, worden deze renovaties nu in de exploitatie verantwoord wat tot een overschrijding leidt (56N). Bomen Door stormen aan het einde van het jaar zijn extra kosten gemaakt voor het beheer van de gemeentelijke bomen. Zware windstoten veroorzaken takbreuk, omgewaaide bomen en onveilige situaties in de openbare ruimte, waardoor direct ingrijpen noodzakelijk is om risico’s voor inwoners en verkeer te voorkomen. Deze onverwachte herstel - en veiligheidsmaatregelen leiden tot hogere uitgaven dan in een regulier onderhoudsjaar (48N). Aard van financiering Kapitaalgoed(eren)

Kapitaalgoed(eren)

Beheerexploitatie Ruimtelijk Beheer

OVL en elektrische installaties Spelen Bomen Groenvoorziening Straatmeubilair Kunstwerken Verharding Bebording Oppervlaktewater

Beheerexploitatie Samenleving

Sportvelden

Afvalstoffenheffing

Afvalinzameling

Rioleringsheffing

Riolering

Beleidsintensivering

Ntb

Reguliere gemeentelijke exploitatie

Gebouwen

95

Paragraaf bedrijfsvoering Organisatie In de afgelopen jaren is een toekomstbeeld voor de organisatie ontwikkeld, uitgewerkt in zes koersrichtingen: de wendbare organisatie, de politieke organisatie, de co -creërende organisatie, de organisatie waar we ons thuis voelen, de dienstverlenende organisatie en de organisatie met een stevig fundament. In 2025 zijn deze koersrichtingen verder geconcretiseerd in speerpunten en actiepunten. Hierdoor ontwikkelt de organisatie zich stap voor stap en zorgen we ervoor dat we blijven aansluiten bij de maatschappij. Omdat de toekomst vraagt dat we nóg wendbaarder en slagvaardiger worden, hebben we daarnaast de structuur van het management en de strategen aangepast. Het managementteam is kleiner met drie domeinmanagers in plaats van twee directeuren met daaronder teamleiders. Voor de strategen is een kleine groep strategen bij de Directiestaf gekomen, die niet meer vanuit één vakgebied werken, maar generiek en organisatie breed. De voorbereidingen hiervoor waren in 2025; per 1 januari 2026 is deze wijziging ingevoerd. De ‘wendbare organisatie’ krijgt onder meer vorm door een nieuwe aanpak van strategische personeelsplanning (SPP). In 2025 is gestart met de ontwikkeling van een vernieuwde SPP, die in het komende jaar verder wordt uitgewerkt.

Daarnaast dragen de pilots competentiegericht werven en talentgericht werken bij aan een flexibelere inzet van medewerkers. Deze ontwikkelingen versterken ook de koersrichting ‘thuis in Schagen’. Zittende medewerkers ervaren meer betrokkenheid en ontwikkelmogelijkheden, mede door het nieuwe onboardingsproces en de aandacht voor talentontwikkeling. Op het gebied van de co-creërende organisatie is ingezet op samenwerking met regionale partners. Zo is huisvesting geboden aan collega’s uit de regio, zijn kennisdagen georganiseerd met andere gemeenten en zijn gesprekken gevoerd over samenwerking met scholen. Hiermee bouwen we aan een sterk regionaal netwerk en vergroten we onze gezamenlijke slagkracht. Deze samenwerking raakt ook aan de koersrichting politieke organisatie. Concreet is gewerkt aan een betere verbinding tussen organisatie, bestuur en samenleving. Zo is een Lange Termijn Planning ontwikkeld, inclusief bijbehorende app, en zijn factsheets op gesteld. Deze instrumenten dragen bij aan een betere informatievoorziening richting bestuur en samenleving en versterken daarmee ook de dienstverlenende organisatie. De ingezette interventies worden voortdurend geëvalueerd en waar nodig bijgesteld.

In het komende jaar zal daarnaast nadrukkelijker aandacht worden besteed aan de laatste koersrichting: de organisatie met een stevig fundament, zodat processen, systemen en randvoorwaarden de andere koersrichtingen duurzaam blijven ondersteunen.

HR Het HR-team heeft het afgelopen jaar o.a. ingezet in het versterken van de wendbaarheid van de organisatie en het versterken van het ‘thuisgevoel’. Diverse instrumenten zijn onderzocht of al actief ingezet om de organisatie stap voor stap verder door te kunnen ontwikkelen. In-, door- en uitstroom. De positieve uitwerking van deze aanpak zien we terug in de cijfers. De organisatie weet in deze krappe arbeidsmarkt nog steeds alle vacatures te vullen. Vorig jaar zijn er 43 nieuwe

96

medewerkers gestart, hiervan is ruim 20% ingevuld door een interne medewerker. Het stimuleren van interne doorstroom maakt het mogelijk om kennis en ervaring binnen de organisatie te behouden, medewerkers perspectief te bieden en het interne potentieel duurzaam te benutten. De uitstroom bedroeg 7%, wat ook het gemiddelde is in de overheidssector. Medewerkers verlaten om diverse redenen de organisatie. Een groot deel van de vertrekkende medewerkers ging met pensioen maar de meeste medewerkers verlieten de organisatie op zoek naar een ‘nieuwe uitdaging’. Binnen de gemeentelijke sector zien wij vaak dat medewerkers overstappen naar buurgemeenten. Gezien het belang van regionale samenwerking en behoud van talent, is dit een positieve ontwikkeling. Inhuur Het afgelopen jaar is er meer grip gekregen op de inzet van inhuurkrachten. Er is voornamelijk intern gefocust op het monitoren en beter regisseren van de externe inhuur. Duidelijke kaders en procesafspraken hebben ervoor gezorgd dat er een daling van inhu urpercentage zichtbaar is. Het A&O fonds heeft berekend dat gemeenten gemiddeld 17,5% van hun loonsom besteden aan inhuur (2024). In Schagen was dat in 2024 22% en liet in 2025 een verdere daling zien tot 11%. Een definitieve berekening wordt in februari 2026 gemaakt.

Werving en selectie De arbeidsmarkt bleef krap, met name voor specialistische functies blijft het lastig om personeel te vinden. In 2025 heeft de organisatie gericht ingezet op het vergroten van de zichtbaarheid en herkenbaarheid van de gemeente Schagen als werkgever. Daarnaast is er specifiek aandacht gegeven aan ‘inclusieve wervingstechnieken’. Hiermee voorkom je o.a. uitsluiting, bijvoorbeeld op basis van leeftijd of geslacht. Het gebruik van inclusieve wervingstechnieken is onderzocht in de pilot ‘competentiegericht werven’. Dat is een manier van selecteren waarbij je niet alleen kijkt naar iemands ‘klik met het team’, zijn/haar diploma’s of werkervaring, maar vooral naar de va ardigheden, het gedrag en de eigenschappen die iemand nodig heeft om een functie goed uit te voeren. Het afgelopen jaar zijn 18 kandidaten via de competentiegerichte methode geworven. Uit de evaluatie is gebleken dat de methode sterke punten heeft: het zorgt voor een objectieve vergelijking van kandidaten, biedt diepgang waardoor kandidaten hun aanpak, creativiteit en potentie kunnen laten zien, en is efficiënt doordat vaak één gestructureerd gesprek volstaat. Tegelijkertijd waren er aandachtspunten: vragen moesten beter aansluiten bij functie en achtergrond, er was weinig ruimte voor dialoog, en team- en organisatiefit of intuïtieve indrukken waren moeilijk meetbaar.

Op basis van deze ervaringen is de methode verbeterd en werken we nu met een nieuwe wervingsstrategie. Naast de wervingstechnieken, is ook het beeldmateriaal verbeterd. Begin 2025 zijn video’s ontwikkeld voor de drie gemeentelijke domeinen. Op deze manier wordt de zichtbaarheid van de gemeente Schagen vergroot en de positionering versterkt. De domeinvideo’s laten zien wat werken bij de gemeente inhoudt, welke maatschappelijke impact medewerkers maken en hoe divers het werk is. Voor het team Toezicht en Handhaving zijn daarnaast specifieke video’s ontwikkeld omdat het werven van Handhavers erg lastig is gebleken. Om de zichtbaarheid nog meer te vergroten, is er op 21 maart 2025 een “Kom Binnen bij Bedrijven”-dag georganiseerd. Daarnaast was de gemeente Schagen aanwezig op

97

“OpKop”, een regionale banenmarkt in Den Helder, gericht op scholieren van het voortgezet onderwijs. Alle activiteiten en de pilots laten zien dat de organisatie verder kijkt dan het invullen van openstaande vacatures. Door te investeren in wervingstechnieken, het werkgeversmerk, inwoners actief te betrekken en jongeren vroegtijdig te informeren, is gewerkt aan een sterke en duurzame positionering van de gemeente Schagen op de regionale arbeidsmarkt. Vitaliteit & Arbo Net als voorgaande jaren neemt het verzuimcijfer ook in 2025 af. Van gemiddeld 6,9% in 2024 naar 6,5% in 2025. Dit is mede bereikt omdat het werken aan een vitale, gezonde en veilige organisatie één van onze speerpunten voor 2025 is geweest. Er is een organisatie brede visie op vitaliteit, gezondheid en veiligheid vastgesteld. Deze visie vormt de basis van alle stappen die wij vanaf 2025 willen gaan zetten op het gebied van veilig en gezond werken. Deze visie is gericht op het versterken van z owel de fysieke als mentale weerbaarheid van medewerkers. Ook is er in 2025 veel aandacht besteed aan werk-privébalans, preventie van werkdruk en het bevorderen van gezond gedrag. Medewerkers zijn actief gestimuleerd om gebruik te maken van beschikbare voo rzieningen, zoals vitaliteitsactiviteiten (onder andere tijdens de Landelijke Vitaliteitsweek), coaching en ondersteuning bij persoonlijke ontwikkeling.

Er is een Risico Inventarisatie en Evaluatie uitgevoerd RI+E), waarbij met name aandacht is geweest voor veilige en gezonde arbeidsomstandigheden, zowel op kantoorlocaties als bij de thuiswerkplekken en de buitendienst. Een groot aantal aandachtspunten uit het plan van aanpak wat hieruit voortkwam, zijn al uitgezet en/of opgepakt. Er is actief aandacht gegeven aan ergonomie, veilig werken en het voorkomen van fysieke belasting. In samenwerking met de arbodienst is ingezet op persoonlijke begeleiding, maatwerkoplossingen en het beperken van langdurig verzuim. De komende jaren blijft aandacht voor vitaliteit, werkdruk en arbeidsomstandigheden essentieel, mede gezien de maatschappelijke ontwikkelingen en de veranderende eisen aan het werk als ambtenaar.

Juridische zaken In 2025 is het taakveld Juridische Zaken uitgebreid met een adviseur juridische zaken met specialisatie privaatrecht en een adviseur juridische zaken met specialisatie publiekrecht. Deze specialisaties hebben het verzekeringspakket en aansprakelijkstelling en en de Wet open overheid onder hun hoede genomen. Daarmee is de expertise binnen Juridische zaken vergroot en dat schept mogelijkheden. Er is een start gemaakt met de optimalisatie van processen om de interne samenwerking binnen de organisatie te verbeteren en hernieuwde aandacht gevraagd voor de zichtbaarheid en werkwijze van het taakveld. Control In gezamenlijkheid met concern control is een begin gemaakt met het inzichtelijk krijgen van (juridische) risicodossiers. De risico’s kunnen dan meer worden voorkomen of verkleind en er kan over worden gerapporteerd. Bezwaarschriften De Commissie voor bezwaarschriften heeft op volle toeren gedraaid vanwege een toename van het aantal bezwaarschriften in de afgelopen periode. De advisering van de commissie geeft inzicht in de kwaliteit van de besluitvorming. Daaruit kan lering worden getrokken ter 98

verbetering. Daarnaast is een begin gemaakt met het opzetten van een werkproces in het zaaksysteem. Daarmee kunnen de bezwaarschriften gemonitord worden ten behoeve van de zorgvuldigheid en kwaliteit. Verzekeringen De aanwezigheid van extra privaatrechtelijke expertise binnen het taakveld heeft ertoe geleid dat het verzekeringspakket meer inzichtelijk is. Zo is de brandverzekering Europees aanbesteed en is inzichtelijk welke verzekeringen kunnen worden aangepast/geoptimaliseerd. Daarbij kan gedacht worden aan de reikwijdte van de dekking (gedekte risico’s) en de hoogte van de premie. De samenwerking met de verzekeringsmakelaar is geïntensiveerd en ter uitbreiding van ons netwerk heeft Juridische Zaken zich aangesloten bij verzekeringssymposia. Aansprakelijkheid Op het gebied van aansprakelijkheid is de samenwerking met diverse teams goed op dreef. Juridische Zaken weet daardoor in een vroeg stadium wat er speelt en pakt een monitorende en coördinerende rol.

Inkoop In 2025 zijn er 28 aanbestedingen gegund (waarvan 13 Europees, 3 Nationaal en 12 meervoudig onderhands). Om het inkoopproces verder te professionaliseren hebben wij een nieuw e-formulier ontwikkeld om alle inkopen boven de €10.000 te melden. Hiermee wordt automatisch een zaak in Djuma aangemaakt, waardoor het proces sneller, duidelijker en beter te volgen is. Dit zorgt voor meer grip en transparantie in het inkoopproces. Verder z ijn er in 2025 drie van de vier rechtmatigheidsfouten uit 2024 opgelost.

AO/IB Met het Three Lines Model zet de organisatie zichtbaar stappen vooruit en levert een bijdrage aan een stevig fundament van de organisatie. Dit komt ten goede aan een adequaat functionerend systeem van interne beheersing en controle.

Rechtmatigheidsverantwoording Inleiding In de jaarrekening legt het college verantwoording af over de rechtmatigheid van de verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties aan de raad. Dit houdt in dat deze in overeenstemming zijn met de bepalingen vermeld in het normenkader 2025 (raad december 2025) waarin de relevante wet- en regelgeving zijn opgenomen. In de financiële verordening 2025 (raad mei 2025) zijn de uitgangspunten voor het financieel beleid opgenomen. Door het vaststellen van deze verordening heeft de raad de verantwoordingsgrens voor de rechtmatigheidsverantwoording vastgesteld op 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves. De rapporteringstolerantie voor het toelichten van geconstateerde onrechtmatigheid is door de raad vastgesteld op € 100.000. Binnen de gemeente worden interne controles uitgevoerd op de belangrijkste financiële processen om tot een adequate rechtmatigheidsverantwoording te komen. De diepgang van deze controles is afgestemd met de externe accountant. Begrotingscriterium Het begrotingscriterium heeft betrekking op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting. Het gaat hierbij om de exploitatie, investeringskredieten

99

en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand komen. Onderstaand lichten wij de afwijkingen groter dan € 100.000 toe.

De overschrijding op het programma Wonen en Ruimtelijke Ordening ad € 333.449 wordt veroorzaakt door de actualisatie van alle grondexploitaties. Onderdeel hiervan is een herziening van de verliesvoorziening en overige kosten ad € 691k nadelig. De overschrijding op het programma blijft beperkt tot € 333.449 omdat er tegenover deze overschrijding ook onderschrijdingen staan, zie de paragraaf programma Wonen en Ruimtelijke Or dening. De overschrijding op het programma Participatie en Dienstverlening ad € 1,46 miljoen wordt veroorzaakt door een dotatie van € 2,7 miljoen aan de voorziening i.v.m. toekomstige verplichtingen voor de pensioenen van de wethouders en de overdracht naar het ABP. De pensioenen van wethouders vallen momenteel onder de Algemene pensioen - en uitkeringswet politieke ambtsdragers (Appa). Vanaf 1 januari 2028 gaan deze pensioenen over naar het nieuwe pensioenstelsel, waarbij de opgebouwde pensioenafspraken worden overgedragen naar het pensioenfonds ABP. Dit betekent dat de pensioenen op dezelfde manier worden beheerd als die van de reguliere ambtenaren, en dat overheidsorganisaties premie gaan betalen aan ABP voor pensioenopbouw. Deze overgang zorgt voor een meer uniforme en transparante pensioenregeling binnen de overheid. Om deze overgang soepel te laten verlopen is de pensioenopbouw van de bestaande wethouders en voormalig wethouders in beeld gebracht.

Vanuit deze berekeningen is naar voren gekomen dat de gevormde voorziening aangevuld moest worden om alle toekomstige verplichtingen te borgen. Conform de BBV is het verplicht om de bestaande voorzieningen op niveau te brengen en hiervoor is het noodzakelijk geweest om een extra storting te laten plaatsvinden zodat de voorziening weer aansluit op de toekomstige verplichtingen (1.958 N). Dit komt mede doordat wij pensioenen jaarlijks vanuit de exploitatie hebben betaald. Door de nieuwe methodiek dienen wij deze pensioenen te kapitaliseren. Hierdoor hebben wij echter wel structurele vrijval in de exploitatie, dit zullen we verwerken in de komende kad ernota. Omdat de dekkingsgraad van het ABP 123,5% is hebben we een aanvullende dotatie moeten doen van € 796k. De totale dotatie aan de voorziening komt hiermee uit op € 2.7 miljoen.

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16973665/1