Bijlagen bij toelichting deel 2
Tekst van het document
Gemeente Schagen Plangebied zorglocatie Midgard te Tuitjenhorn Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek (verkennende fase) BAAC Rapport V-18.0409
maart 2019
Auteur: W.A. Bergman
Status: definitief
Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek
2
Colofon ISSN: Auteur(s): Vondstdeterminatie: Cartografie: Copyright:
1873-9350 W.A. Bergman T. Hoogendijk J. van Gestel BAAC bv te ‘s-Hertogenbosch
Redactie senior archeoloog :
J.F. van der Weerden M.J. van Putten
Accordering senior prospector:
07-02-2019 26-03-2019
© BAAC, ’s-Hertogenbosch (2019) BAAC aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek.
BAAC bv Onderzoeks- en adviesbureau voor Bouwhistorie, Archeologie, Architectuur- en Cultuurhistorie Graaf van Solmsweg 103 5222 BS ‘s-Hertogenbosch Tel.: (073) 61 36 219 E-mail: denbosch@baac.nl
3
Postbus 2015 7420 AA Deventer Tel.: (0570) 67 00 55 E-mail: deventer@baac.nl
V-18.0409 Tuitjenhorn, zorglocatie Midgard
Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek
4
Inhoud
Samenvatting
7
1
Inleiding 1.1 Onderzoekskader 1.2 Ligging van het gebied 1.3 Administratieve gegevens
9 9 10 11
2
Bureauonderzoek 2.1 Werkwijze 2.2 Landschappelijke ontwikkeling 2.3 Bewoningsgeschiedenis 2.3.1 Inleiding 2.3.2 Historie 2.3.3 Archeologie 2.4 Archeologische verwachting
13 13 13 22 22 22 24 27
3
Inventariserend veldonderzoek 3.1 Werkwijze 3.2 Veldwaarnemingen 3.3 Verkennend booronderzoek 3.3.1 Lithologie en bodemopbouw 3.3.2 Archeologische indicatoren 3.4 Archeologische interpretatie
31 31 32 33 33 35 35
4
Conclusie en aanbevelingen
37
5
Geraadpleegde bronnen
39
Bijlagen
Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3
5
41
Overzicht van geologische en archeologische tijdvakken Boorstaten Vondstenlijst
V-18.0409 Tuitjenhorn, zorglocatie Midgard
Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek
6
Samenvatting BAAC heeft voorafgaand aan de bouw van zes zorgcomplexen een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek met behulp van boringen (verkennende fase) uitgevoerd in het plangebied Zorglocatie Midgard te Tuitjenhorn. Het plangebied ligt in het zeekleigebied. Door sedimentatieprocessen is in dit gebied een sterk gelaagd landschap ontstaan, waarin archeologische waarden uit verschillende perioden op verschillende dieptes aanwezig kunnen zijn. Vanaf circa 7500 tot 3050 jaar voor heden maakte het plangebied deel uit van een waddengebied met uitgestrekte wadplaten en getijdegeulen (Wormer Laagpakket). De mens zal dit gebied destijds gebruikt hebben voor de jacht, visserij en/of (tijdelijke) kampen, waardoor op de kreekruggen archeologische resten aanwezig zouden kunnen zijn. Later gevormd veen is ter plaatse van het plangebied geheel verdwenen. De latere kleiige afzettingen (Walcheren Laagpakket) waren te nat en moeilijk te bewerking en derhalve niet geschikt voor bewoning. Na de ruilverkaveling in de jaren ’60 en ’70 van de vorige eeuw en vervolgens de inrichting van het plangebied vanaf de jaren ’80 is het historisch gegroeide landschap sterk gewijzigd.
Vrijwel het hele plangebied is als gevolg van grondwerkzaamheden als egalisatie, het graven en dempen van sloten en greppels, afgraving en ophoging en de aanleg van infrastructuur en bebouwing vermoedelijk tot grote diepte verstoord. Uit historische kaartanalyse blijkt dat geen bewoning in het plangebied gesitueerd is geweest. De verwachting op het aantreffen van archeologische resten uit het neolithicum/midden-bronstijd in de top van het Wormer Laagpakket (complextypen: takkenpad/lokale infrastructuur/houten fundering/nederzetting) is middelhoog. Uit andere perioden worden geen resten verwacht. Uit het veldonderzoek blijkt dat in delen van het plangebied de bovengrond is verwijderd en elders weer opgebracht. Een intacte (begraven) bouwvoor in het Walcheren Laagpakket is niet aangetroffen. Doorgaans gaan de kleiige afzettingen die geïnterpreteerd zijn als het Walcheren Laagpakket direct over in de oudere zandige afzettingen die zijn geïnterpreteerd als het Wormer Laagpakket. De top van het Wormer Laagpakket ligt in het westelijke deel van het plangebied tussen 1,2 en 2 m –NAP en in het oostelijke deel op meer dan 2 m –NAP. In één boring (10) is mogelijk een kreekrug aangeboord die gedurende het neolithicum/midden-bronstijd een goede basis bood voor (tijdelijke) vestiging.
Juist boven de kreekafzetting is een fragment verbrande leem gevonden dat mogelijk door middel van bioturbatie omhoog is gebracht. Er zijn echter onvoldoende indicaties om een vervolgonderzoek uit te laten voeren.
7
V-18.0409 Tuitjenhorn, zorglocatie Midgard
Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek
8
1
Inleiding
1.1 Onderzoekskader In opdracht van Vollmer & Partners heeft het onderzoeks- en adviesbureau BAAC een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek met behulp van boringen (verkennende fase) uitgevoerd in het plangebied Zorglocatie Midgard te Tuitjenhorn. Aanleiding voor het onderzoek is een vergunningsaanvraag voor de nieuwbouw van zes zorggebouwen (hoofdstuk 3, figuur 3.1). De minimale bodemverstoring bij de realisatie van de nieuwbouw is nog onbekend, maar te verwachten tot in eerder ongeroerde bodem, waarbij een gerede kans bestaat dat eventueel aanwezige archeologische waarden verstoord of vernietigd worden. Het doel van een bureauonderzoek is het verwerven van informatie over bekende of verwachte archeologische waarden binnen een omschreven gebied aan de hand van bestaande bronnen. Met behulp van de verworven informatie wordt een specifiek archeologisch verwachtingsmodel opgesteld. Het inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek heeft tot doel inzicht te krijgen in de vormeenheden van het landschap, voor zover deze van invloed zijn op de locatiekeuze in het verleden en om de intactheid van het bodemprofiel te bepalen. Tijdens het onderzoek dienen de volgende onderzoeksvragen uit het Plan van 1 Aanpak te worden beantwoord: ▪
▪
▪ ▪ ▪
Zijn binnen het plangebied bekende archeologische waarden aanwezig? Zo ja, zijn er gegevens bekend over de omvang, ligging, aard en datering hiervan? Wat is de verwachte bodemopbouw in het gebied en zijn er gegevens bekend over bodemverstorende ingrepen in het verleden binnen het plangebied? Wat is de specifieke archeologische verwachting voor het gebied? Hoe is de geologische opbouw en zijn begraven bodems met potentiële archeologische niveaus (cultuurlagen) aanwezig? En zo ja, op welke diepte? In hoeverre worden archeologische resten bedreigd en is vervolgonderzoek nodig en zo ja, in welke vorm?
Het onderzoek is uitgevoerd conform de Kwaliteitsnorm Nederlandse 2 Archeologie versie 4.1 en het onderzoeksspecifieke Plan van Aanpak.
1 2
9
Bergman 2019. CCvD 2018. V-18.0409 Tuitjenhorn, zorglocatie Midgard
1.2 Ligging van het gebied Het plangebied ligt direct ten zuiden van de bebouwde kom van Tuitjenhorn, gemeente Schagen, in het park van Midgard van de Raphaelstichting aan De Regenboog. In het zuiden wordt het plangebied begrenst door bouwland, in het westen door sportvelden en in het oosten door een woonwijk. De oppervlakte bedraagt circa 8 ha, waarvan circa 1,17 ha verspreid over 6 blokken bebouwd gaat worden. In onderstaande figuur 1.1 is de ligging van het plangebied weergegeven. In hoofdstuk 3, figuur 3.1 is de ligging van de bouwblokken weergegeven.
Figuur 1.1 Ligging van het plangebied.
Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek
10
1.3 Administratieve gegevens Provincie: Gemeente: Plaats: Toponiem: Planprocedure: Datum opdracht: Datum veldwerk: Datum conceptrapportage: Datum definitief rapport: BAAC-projectnummer: Coördinaten:
Kaartblad: Oppervlakte: Complextype:
Datering: Onderzoeksmeldingsnummer: Type onderzoek: Opdrachtgever: Bevoegde overheid: Beheer documentatie: Beheer vondstmateriaal:
Uitvoerder:
Projectleider:
11
Noord-Holland Schagen Tuitjenhorn Zorglocatie Midgard Aanvraag omgevingsvergunning 4 december 2018 29 januari 2019 7 februari 2019 26 maart 2019 V-18.0409 111.904 / 527.555 112.240 / 527.492 112.190 / 527.252 111.884 / 527.301 14D 8 ha, waarvan 1,17 ha nieuwbouw takkenpad/lokale infrastructuur/houten fundering/nederzetting Neolithicum/midden-bronstijd 4659659100 Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek (verkennende fase) Vollmer & Partners L. van Hall Gemeente Schagen, geadviseerd door Archeologie West-Friesland Bibliotheek Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en archief BAAC bv. Provinciaal depot voor bodemvondsten Noord-Holland Westerplein 6 1901 NA Castricum tel. 023-5144514 BAAC bv, vestiging 's-Hertogenbosch Graaf van Solmsweg 103 5222 BS 's-Hertogenbosch tel. 073-6136219 W.A. Bergman w.bergman@baac.nl
V-18.0409 Tuitjenhorn, zorglocatie Midgard
Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek
12
2
Bureauonderzoek
2.1 Werkwijze Tijdens het bureauonderzoek is aan de hand van bestaande bronnen een archeologische verwachting voor het plangebied opgesteld. Bij de inventarisatie van de archeologische waarden is gebruik gemaakt van gegevens uit van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (via ARCHIS 3). Voor aanvullende informatie is contact gezocht met de Historische Vereniging Harenkarspel. Met name voor de recentere archeologische periodes zijn diverse historische bronnen geraadpleegd. Er is gebruik gemaakt van het Actueel Hoogtebestand Nederland, oude kadastrale en topografische kaarten. Literatuur over de geologie, geomorfologie en de bodemopbouw van het onderzoeksgebied is eveneens bestudeerd om op basis van locatiekeuze-theorieën een uitspraak te doen over de kans op aanwezigheid van archeologische resten. In navolgende paragrafen worden de resultaten van het bureauonderzoek beschreven. Het hoofdstuk wordt afgesloten met een synthese in de vorm van een specifieke archeologische verwachting. Een opsomming van de geraadpleegde literatuur en gebruikte kaarten is terug te vinden in de literatuurlijst. Voor een tabel met een overzicht van geologische en archeologische tijdvakken wordt verwezen naar bijlage 1.
2.2 Landschappelijke ontwikkeling Het plangebied ligt in het West-Friese zeekleigebied. De basis van dit landschap is gevormd in het Pleistoceen. In deze periode lag de zeespiegel veel lager dan tegenwoordig, waardoor het gebied droog lag. Tijdens de aanvang van het Holoceen werd het klimaat een stuk milder ten opzichte van het Pleistoceen. Door het wereldwijde smelten van landijs steeg de zeespiegel en daarmee de grondwaterspiegel. Hierdoor kon een grootschalig veenmoeras ontstaan en raakte het dekzand gedurende het Boreaal en het Vroeg-Atlanticum (tussen circa 10.250 en 8000 jaar BP) bedekt met veen. Dit veen wordt ook wel de Basisveen 3 Laag genoemd en behoort tot de Formatie van Nieuwkoop. Als gevolg van de verdergaande zeespiegelstijging veranderde West Friesland in het Atlanticum (vanaf circa 7500 jaar BP) in een uitgestrekt waddengebied, dat bestond uit een afwisseling van zandplaten en getijdengeulen. Het plangebied ligt volgens paleogeografische kaarten in de periode vanaf 7500 BP en 5850 BP in 4 een open verbinding met de zee (figuur 2.1).
3 4
13
De Mulder et al. 2003. Vos en De Vries 2013. V-18.0409 Tuitjenhorn, zorglocatie Midgard