21.402884 Definitief Rkc-rapport Wonen
Tekst van het document
Rapportage
Rekenkameronderzoek naar de woningbouw in Schagen Wat is de effectiviteit van het woningbouwprogramma voor de periode van 1 januari 2013-1 januari 2020?
Onderzoek woningbouw Schagen
Colofon Dit is een onderzoek van de Rekenkamercommissie Schagen. Deze rekenkamercommissie is door de gemeenteraad van Schagen ingesteld om de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van het gevoerde bestuur te onderzoeken. Leden Dhr. mr. dr. drs. P. J.J. van der Kruit (voorzitter) Mevr. drs. M. van der Meer (vicevoorzitter) Mevr. dr. ir. P. Domburg Ambtelijk secretaris Mw. M. Teijema Dhr. L. Hooghiemstra Het onderzoek is in opdracht van de Rekenkamercommissie Schagen uitgevoerd door:
te Amersfoort
Schagen, 9 november 2020 © 2020 Rekenkamercommissie Schagen
2 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
Inhoudsopgave
1. Inleiding 1.1. Aanleiding en vraagstelling 1.2. De aanpak 1.3. Leeswijzer
2. Conclusies/aanbevelingen, reactie college en het nawoord Rkc 2.1 Hoofdconclusie 2.2 Deelconclusies 2.2.1 Ambities en doelen 2.2.2 Doeltreffendheid 2.2.3 Rol van de raad 2.3 Aanbevelingen onder elkaar 2.3.1 Aanbevelingen voor de raad 2.3.2 Aanbevelingen voor het college 2.4. Bestuurlijke reactie 2.5. Nawoord Rekenkamercommissie Schagen
3. Woonbeleid Schagen: ambities en doelen 3.1 Beleidscontext 3.1.1 Tijdlijn woonbeleid 3.1.2 Context provinciaal en regionaal woonbeleid 3.2 Analyse ambities en doelstellingen gemeentelijk woonbeleid 3.3 Tussenbalans
5 5 6 7
8 8 9 9 10 12 13 13 13 14 15
16 16 16 17 18 23
4. Uitvoering beleid en doelrealisatie
25
4.1 Uitvoering beleid: regionaal 4.2 Uitvoering beleid: lokaal 4.2.1 Samenwerking met markpartijen 4.2.2 Samenwerking met woningcorporaties 4.3 Doelrealisatie 4.3.1 Doelrealisatie: kwantitatieve doelen 4.3.2 Doelrealisatie: kwalitatieve doelen 4.4 Tussenbalans
25 25 26 28 31 31 35 39
5. Rol van de raad 5.1 Betrokkenheid raad bij voorbereiding en vaststelling woningbouwbeleid 5.1.1 Betrokkenheid raad bij opstellen van vigerend lokaal beleid uit 2014 en 2015 5.1.2 Betrokkenheid raad bij het opstellen van overig lokaal beleid middels collegebevoegdheden 5.1.3 Perspectief raad op de betrokkenheid bij het opstellen van het woningbouwbeleid 5.2 Betrokkenheid raad bij uitvoering van het woningbouwbeleid 5.2.1 Informatievoorziening naar de raad bij uitvoering van het beleid 5.2.2 Pro-activiteit raad ten aanzien van kaderstellende en controlerende rol 5.3 Tussenbalans
41 41 41 42 42 43 43 44 45
3 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
6. Bijlagen 6/.1 Achtergrond context provinciaal en regionaal beleid 6.2 Achtergrond context lokaal beleid 6.3 Overzicht respondenten 6.4 Geraadpleegde bronnen 6.5 Samenhang kwalitatieve doelen Lokale Woonvisie en andere documenten
47 47 49 51 51 52
In Hoofdstuk 1 kunt u de aanleiding lezen van dit onderzoek. Hoofdstuk 2 geeft de Conclusies en Aanbevelingen van dit onderzoek weer. Ook vindt u hier de reactie van het College van Burgemeester en Wethouders op dit onderzoek. Het nawoord van de Rekenkamercommissie sluit Hoofdstuk 2 af. Vanaf Hoofdstuk 3 en verder begint de rapportage van het onderzoek naar de woningbouw in Schagen.
4 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
1. Inleiding 1.1. Aanleiding en vraagstelling Sinds 2013 is het thema woningbouw een continu aandachtspunt binnen de gemeenteraad Schagen. Dit blijkt uit de grote hoeveelheid memo’s, moties en nota’s over dit onderwerp. Bovendien speelt het thema op verschillende niveaus; -
Het vindt plaats binnen de kaders zoals geformuleerd vanuit het Rijk en de provincie Noord-Holland Het veroorzaakt politieke discussies op gemeentelijk bestuurlijk niveau Het vraagt veel van het gemeentelijk apparaat en haar samenwerkingspartners Het heeft directe impact op de leefomgeving van inwoners
Bij een dergelijk complex thema zijn lessen te leren uit reeds uitgevoerd beleid, die handvatten bieden bij de invoering van een nieuw woningbouwprogramma. De RKC Schagen hecht eraan onderwerpen te (laten) onderzoeken, waarbij de inwoners van Schagen een direct belang hebben. Het beschikbaar hebben van voldoende en op de kwalitatieve en kwantitatieve vraag afgestemde huur- en koopwoningen is zo een onderwerp. Het onderwerp is ook van belang omdat het uiteenlopende activiteiten vraagt van het gemeentelijk apparaat. Bijvoorbeeld processen rond ruimtelijke ordening, aan- en verkopen van grond en ontwikkeling van kernen. In het licht van bovenstaande wil de RKC Schagen het woningbouwbeleid en de woningbouw binnen de gemeente Schagen met al zijn woonkernen onderzocht hebben over de afgelopen periode. Daartoe heeft de RKC de volgende centrale onderzoeksvraag geformuleerd: Wat is de effectiviteit van het woningbouwprogramma voor de periode van 1 januari 2013-1 januari 2020?
In navolging hiervan zijn de volgende deelvragen geformuleerd: 1. 2. 3. 4.
Voldoen de doelen van het woningbouwprogramma aan de normen voor ‘goed beleid’? In hoeverre zijn de kwantitatieve en de kwalitatieve doelen van het woningbouwprogramma behaald? Wat zijn de voornaamste redenen waarom doelen niet gehaald of bijgesteld zijn? Is er op effectieve wijze samengewerkt met andere belanghebbenden, zoals woningbouwcorporaties en woningstichtingen, om de doelen te realiseren? 5. Is de raad actief, tijdig, juist en volledig geïnformeerd over de voortgang in de realisatie van de doelen? 6. Wat betekenen de uitkomsten van voorgaande vragen voor de invulling van een nieuw woningbouwprogramma en informatievoorziening aan de raad?
Bovenstaande deelvragen kunnen worden onderverdeeld in vier clusters (zie Figuur 1 op de volgende pagina). Dit helpt om focus in het onderzoek aan te brengen.
5 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
I. Ambities en doelen IV. Lessen (nieuw woningbouwprogramma en
II. Doeltreffendheid
betrokkenheid raad)
III. Betrokkenheid raad
01-01-2013
01-01-2020
Figuur 1 | Onderzoeksvragen onderverdeeld in vier clusters
De vier vastgestelde clusters, ook wel de te onderzoeken aspecten, zijn op hun beurt gevat in normen. De normen maken het mogelijk om een concrete toetsing op de onderzoeksaspecten uit te voeren. In Figuur 2 is het door de RKC vastgestelde normenkader weergegeven.
Cluster I.
Normen a.
De ambities met betrekking tot het woningbouwprogramma zijn vanaf 1 januari 2013 concreet geformuleerd en vertaald in SMART-doelen die door de raad zijn vastgesteld. De ambities en doelen sluiten logisch aan op de provinciale en regionale afspraken.
II.
a.
De doelen zijn vertaald in inspanningen. De verantwoordelijkheden m.b.t. de uitvoering van de inspanningen zijn duidelijk belegd, zowel intern als bij samenwerkingspartners, op basis van concrete afspraken.
b.
De inspanningen zijn uitgevoerd en de vastgestelde doelen zijn bereikt. Inzichtelijk is wat de mate van doeltreffendheid heeft bepaald.
III.
a.
De raad is betrokken geweest bij het voorbereiden en het vaststellen van het woningbouwbeleid.
b.
De raad heeft gevraagd om en kreeg de informatie die hij nodig heeft voor het uitvoeren van zijn kaderstellende en controlerende rol.
c.
De raad heeft (proactief) gebruikgemaakt van zijn bevoegdheden in het licht van zijn kaderstellende en controlerende rol.
Figuur 2 | Normenkader onderzoek
1.2. De aanpak Het onderzoek is gestart met een documentstudie. Hierbij is met name gekeken naar documenten die informatie bevatten over de beleidsvorming op het dossier wonen en de uitvoering en realisatie hiervan (Zie bijlage 6.4 voor een overzicht van de geraadpleegde bronnen). De bevindingen uit de documentenanalyse hebben een eerste feitenbeeld opgeleverd. Dat beeld is tijdens interviews en groepsgesprekken geverifieerd en aangevuld. De onderzoeksvragen en het normenkader vormden de structuur voor de interviews. Er zijn verschillende betrokkenen, zoals wethouders en ambtenaren maar ook externe partners namens de provincie, marktpartijen en woningcorporaties, geïnterviewd (Zie bijlage 6.3). Raadsleden zijn door middel van een groepsgesprek betrokken bij het onderzoek.
6 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
Van alle interviews zijn verslagen gemaakt; deze zijn voorgelegd aan de geïnterviewde personen met de mogelijkheid om feitelijke onjuistheden te corrigeren. Daarna zijn de verslagen vastgesteld. Het geverifieerde en aangevulde feitenbeeld is vastgelegd in dit definitieve rapport waarin ook de opmerkingen vanuit het ambtelijk wederhoor zijn verwerkt.
1.3. Leeswijzer In hoofdstuk 2 zijn de belangrijkste conclusies en aanbevelingen opgenomen. In hoofdstuk 3 staan we stil bij de doelstellingen van de gemeente Schagen in het kader van wonen en hoe deze in beleid zijn verankerd. Vervolgens kijken we in hoofdstuk 4 naar de wijze waarop er regionaal en lokaal uitvoering wordt gegeven aan het woningbouwbeleid. In dit hoofdstuk kijken we ook naar de realisatie van de kwantitatieve en kwalitatieve doelen. Daarna staan we in hoofdstuk 5 specifiek stil bij de rol van de raad ten aanzien van het woningbouwbeleid. Aan het eind van alle hoofdstukken wordt een tussenbalans opgemaakt aan de hand van het normenkader. Deze toets is inzichtelijk gemaakt door gebruik te maken van drie kleuren. Groen staat daarbij voor voldoende/goed. Oranje wil zeggen dat Schagen middelmatig scoort. Rood betekent dat Schagen op dit onderdeel (op dit moment) niet voldoende presteert.
7 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
2. Conclusies/aanbevelingen, reactie college en het nawoord Rkc In dit hoofdstuk staan niet alleen de conclusies en aanbevelingen, maar ook de reactie van het College van Burgemeester en Wethouders en het nawoord van de Rekenkamercommissie Schagen.
2.1 Hoofdconclusie In dit hoofdstuk formuleren wij de hoofdconclusie van het onderzoek met de beantwoording van de centrale onderzoeksvraag. Dit doen wij aan de hand van een beantwoording van de eerste vijf deelvragen met deelconclusies waaraan concrete aanbevelingen zijn gekoppeld. In dit onderzoek staat de volgende hoofdvraag centraal: Wat is de effectiviteit van het woningbouwprogramma voor de periode van 1 januari 2013-1 januari 2020?
De opzet van het woningbouwprogramma in de periode 1 januari 2013 tot 1 januari 2020 is toereikend, met name ten aanzien van de kwantitatieve doelen voor nieuwbouw (doelstelling: 950 nieuwbouwwoningen tot aan 2020 en voor de periode 2019-2022 per jaar 300 nieuwbouwwoningen). Deze zijn in het beleid concreet uitgewerkt en sluiten logisch aan op de regionale en provinciale beleidsontwikkelingen. Ook de percentages voor sociale woningbouw zijn scherp geformuleerd in het woningbouwprogramma. Ten aanzien van de kwalitatieve doelen concluderen we dat deze wel zijn opgenomen in het beleid, maar dat deze niet scherp genoeg zijn uitgewerkt om als raad op en mee te kunnen sturen. Een voorbeeld hiervan is ‘het realiseren van voldoende starterswoningen in alle kernen’. Dergelijke doelen zijn niet uitgewerkt waardoor niet duidelijk is wat dit betekent voor de woningbouwopgave in de verschillende kernen. Hierdoor kan de raad ook niet goed volgen of deze doelen worden gehaald. Wat betreft de effectiviteit van het woningbouwprogramma is niet eenduidig vast te stellen of de kwantitatieve doelen voor nieuwbouw zijn gerealiseerd. Er zijn verschillende cijfers in omloop over de gerealiseerde nieuwbouw. Ook wordt er niet gerapporteerd over de realisatie van andere doelen, bijvoorbeeld over de realisatie van het aandeel sociale woningen bij nieuwbouw.
Voor zover een beeld te vormen is over de realisatie van kwantitatieve doelen, lijken deze niet geheel te worden behaald. Zo wordt het aantal van 300 nieuw te bouwen woningen in 2019, niet gerealiseerd. Ook voor de kwalitatieve doelen geldt dat er beperkt kan worden gevolgd in hoeverre deze zijn gerealiseerd, omdat hier niet expliciet over wordt gerapporteerd. Het beeld dat we uit de documenten en gesprekken hebben opgemaakt, is dat de kwalitatieve doelen niet volledig zijn gerealiseerd. Met name het matchen van vraag en aanbod is in de afgelopen jaren onvoldoende uit de verf gekomen en vergt aandacht. De informatievoorziening voor de raad is op dit moment niet toereikend om de uitvoering van het totale woningbouwbeleid adequaat te kunnen controleren en zo nodig tot bijsturing (kaderstelling) te komen.
Deze hoofdconclusie wordt nader onderbouwd met de beantwoording van de eerste vijf deelvragen. Daaraan gekoppeld formuleren we aanbevelingen en beantwoorden we daarmee deelvraag 6 (Wat betekenen de uitkomsten van voorgaande vragen (conclusies) voor de invulling van een nieuw woningbouwprogramma en informatievoorziening aan de raad?).
8 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
2.2 Deelconclusies 2.2.1 Ambities en doelen 1. Voldoen de doelen van het woningbouwprogramma aan de normen voor ‘goed beleid’? Onder ‘goed beleid’ verstaan wij dat er 1) concrete ambities zijn geformuleerd; 2) dat deze ambities zijn doorvertaald naar SMART-doelen; 3) dat er een logische samenhang is tussen lokaal beleid en provinciale en regionale kaders en 4) dat het lokale beleid is vastgesteld door de gemeenteraad. Het lokale woonbeleid en de lokale woningbouwprogrammering van de gemeente Schagen zijn een logisch uitvloeisel van provinciale en regionale kaders en afspraken. Er is een heldere beleidsontwikkelingslijn zichtbaar van provinciaal via regionaal naar lokaal beleid. De verschillende beleidsdocumenten bouwen aantoonbaar op elkaar voort en in lokale beleidsstukken wordt ook systematisch verwezen naar eerder vastgesteld beleid (zie ook tijdlijn 3.1.1.). Met het huidige coalitieprogramma zet de gemeente Schagen ook in op het ontwikkelen van plannen die vooruitlopen op provinciale woningbouwprogrammering. Daarbij is er een risico, dat ontwikkelde plannen (ook op termijn) niet door de provincie worden goedgekeurd. In het lokale woonbeleid en het woningbouwprogramma zijn de ambities van de gemeente Schagen helder uiteengezet.
De ambities zijn als gevolg van diverse ontwikkelingen, doorlopend bijgesteld maar deze beleidsaanpassingen zijn altijd goed beargumenteerd en gedocumenteerd richting de raad. De raad heeft de belangrijkste lokale beleidsdocumenten ook zelf vastgesteld. Beleidsdocumenten die formeel als collegebevoegdheid gelden zijn altijd ter informatie aan de raad aangeboden (zie ook hoofdstuk 5). Voor wat betreft de lokale beleidsdoelen zien we dat Schagen zowel kwantitatieve als kwalitatieve doelen heeft geformuleerd. In de Lokale Woonvisie uit 2014 en de bijbehorende beleidsaanpak 2015 zijn concrete en exacte aantallen benoemd. In het geval van de kwalitatieve doelstellingen geldt dat deze niet allemaal even concreet en meetbaar zijn. Dit betekent echter niet dat dergelijke doelen geen waarde hebben. We stellen vast dat deze doelen wel degelijk kunnen bijdragen aan de lokale ambities op het gebied van wonen en dat er een sterke verwevenheid zit tussen de kwantitatieve en kwalitatieve doelen. De kwalitatieve doelen moeten daarom concreter worden uitgewerkt en worden gemonitord om de waarde van deze doelen beter inzichtelijk te maken. Het bovenstaande in ogenschouw nemend stellen we vast dat het woningbouwprogramma van de gemeente Schagen overwegend voldoet aan de normen van ‘goed beleid’, maar dat de formulering en uitwerking van kwalitatieve doelen aandacht behoeft.
Aanbeveling 1 Geef als raad de opdracht aan het college de kwalitatieve doelen verder uit te werken en stel deze daarna vast. Deze uitwerking vraagt om een concretiseringsslag zodat de voortgang hierop beter kan worden gemonitord. Zorg er als raad voor dat deze aanscherping van de kwalitatieve doelen een plek krijgt in de nieuwe woonvisie. Ter illustratie: voor een kwalitatieve doelstelling als ‘het realiseren van voldoende starterswoningen in alle kernen’ moet inzichtelijk worden wat er per kern aan woningbouw nodig is om te zorgen voor voldoende starterswoningen.
9 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
2.2.2 Doeltreffendheid 2. In hoeverre zijn de kwantitatieve en de kwalitatieve doelen van het woningbouwprogramma behaald? Voor wat betreft de kwantitatieve doelen geldt dat er voor een deel geen eenduidig beeld bestaat over de doelrealisatie en dat een deel niet is behaald. Voor wat betreft de kwalitatieve doelen komt in dit onderzoek naar voren dat het voor Schagen een uitdaging is om aanbod en vraag van woningbouw te matchen. Over het doel om 950 nieuwbouwwoningen te realiseren tot aan 2020 zijn in de afgelopen jaren verschillende cijfers met de raad gedeeld. Het is hierbij niet duidelijk welke cijfers de juiste en/of leidend zijn. Ook wordt in het ambtelijk wederhoor aangegeven dat er met het sluiten van het Regionaal convenant Woningbouw in 2015 is uitgegaan van 30% overprogrammering in de Kop van Noord-Holland. Als duidelijk in de besluitvorming van de raad was opgenomen dat uitgegaan zou zijn van 30% overprogrammering, zouden de doelen en de doelrealisatie er anders uitzien. Dit laat onverlet dat er op basis van de verschillende cijfers die nu in omloop zijn niet goed kan worden vastgesteld of het doel kwantitatieve doel om een bepaald aantal nieuwbouwwoningen te realiseren is behaald. Voor wat betreft het minimaal gelijk houden van de sociale woningvoorraad in de periode 2016-2020 constateren we dat hier niet expliciet over wordt gerapporteerd.
Zelf geraadpleegde cijfers van het CBS laten zien dat de sociale woningvoorraad vanaf 2016 in aantal minimaal is gelijk gebleven maar relatief ten opzichte van het totaal (in percentage) is afgenomen. Ook constateren we dat de afspraken om 30-40% sociale woningbouw toe te voegen, wordt herkend door corporaties en marktpartijen maar dat niet kan worden vastgesteld of deze afspraken zijn nageleefd omdat er over de resultaten van deze doelstelling geen verantwoording plaatsvindt. Tenslotte stellen we vast dat het kwantitatieve doel om in de periode 2019-2022 per jaar 300 nieuwbouwwoningen te realiseren in 2019 niet is behaald. De kwalitatieve doelen, zoals deze in hoofdstuk 3 zijn geanalyseerd, zijn niet altijd concreet en meetbaar geformuleerd. Ook wordt over de realisatie van de kwalitatieve doelen niet expliciet gerapporteerd. Vanuit de documenten en gesprekken hebben we ons echter wel degelijk een beeld gevormd van de doelrealisatie van de kwalitatieve doelen. Voor wat betreft de kwalitatieve doelen komt in dit onderzoek naar voren dat het voor Schagen een uitdaging is om aanbod en vraag van woningbouw te matchen. Dit is met name het geval op het gebied van sociale woningbouw. In de afgelopen jaren is het de gemeente wel gelukt om de woningbouwprogrammering terug te brengen en de woningvoorraad gefaseerd en gedoseerd uit te breiden.
Dit is gelukt in goede samenwerking met marktpartijen en corporaties. Aan deze samenwerking liggen overeenkomsten en (prestatie-)afspraken ten grondslag. Een goede monitoring van de marktvraag en adequaat prognosticeren zijn echter een blijvend aandachtspunt voor de gemeente Schagen. De in de afgelopen jaren ingezette lijn van adaptief programmeren moet echter bijdragen aan een continu proces van evaluatie en bijsturing. Bij adaptief programmeren gaat de gemeente Schagen aan de slag met het woningbouwprogramma, zowel lokaal als regionaal als met de provincie. Hieraan moet een continue monitoring worden gekoppeld, hetgeen Schagen in staat stelt zicht te houden op een gezonde woningmarkt. Aanbeveling 2 Zorg als college voor een monitoringssytematiek die een helder overzicht biedt van de realisatie van zowel de kwantitatieve als de kwalitatieve doelen. De monitoring van de uitvoering van het woningbouwbeleid en de verantwoording hierover moet sterk worden verbeterd. Om tot een helder overzicht van de doelrealisatie te komen is het van belang dat de kwalitatieve doelen zijn geconcretiseerd (aanbeveling 1) en dat hier de monitoring op wordt aangepast.
10 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
Aanbeveling 3 Betrek als college de raad meer bij deze ingezette koers en de kaders voor adaptief programmeren zodat de raad zijn kaderstellende en controlerende rol goed kan vervullen. Het voldoende flexibel kunnen reageren op veranderingen in de woningmarkt is een worsteling voor de gemeente Schagen. Schagen staat hierin niet alleen. De ingeslagen weg naar adaptief programmeren moet bijdragen aan meer flexibiliteit. 3. Wat zijn de voornaamste redenen waarom doelen niet gehaald of bijgesteld zijn? De belangrijkste bijstelling in de periode 2013-2020 die evident is in het lokale beleid, is het realiseren van 950 nieuwbouwwoningen tot aan 2020 in plaats van circa 2400 nieuwbouwwoningen. Deze bijstelling komt voort uit een verandering van de prognoses van de vraag naar woningen. Hoewel deze krimpprognose cijfermatig is onderbouwd, heeft de gemeente Schagen de afgelopen periode ervaren dat deze cijfers niet aansluiten bij wat zij in de praktijk merken. Volgens Schagen is er door behoudende prognoses in de periode 2013-2020 te weinig bijgebouwd voor de juiste doelgroepen. Met name voor sociale huur zijn de problemen hiervan evident. De gemeente Schagen geeft tevens aan dat men in kleine projecten steviger had kunnen sturen op het realiseren van woningen in het goedkope segment.
Buiten het bovenstaande constateren we dat er niet over elke vastgestelde doelstelling expliciet verantwoording plaatsvindt. Hierdoor kunnen we ook niet voor alle doelstellingen aangeven waarom deze wel of niet zijn behaald. Ter illustratie: alleen in het jaarverslag van 2019 wordt het niet kunnen realiseren van 300 nieuwbouwwoningen geweten aan vertraging in projecten vanwege flora en fauna wetgeving. Voor de andere jaren geldt dat de cijfers met name worden medegedeeld voor dat jaar en er geen duiding van de voortgang van de totale woningbouwprogrammering plaatsvindt. 4. Is er op effectieve wijze samengewerkt met andere belanghebbenden, zoals woningbouwcorporaties en woningstichtingen, om de doelen te realiseren? Zowel de regionale samenwerking met regiogemeenten als de lokale samenwerking met marktpartijen en de grootste woningcorporatie verloopt voorspoedig. De samenwerking tussen Schagen en de provincie behoeft wel aandacht. Dit is met name ingegeven vanuit de discussie over prognoses die volgens de gemeente niet goed aansluiten op de Schagense praktijk. Lokale beleidsdoelstellingen zijn regionaal verankerd in het Regionaal Kwalitatief woningbouw-programma Kop van Noord-Holland (KWK). Met dit document als ruggensteun moet er snel en adequaat kunnen worden gestuurd op de programmering.
Zowel vanuit gemeentelijk perspectief als vanuit het perspectief van marktpartijen en woningcorporaties wordt de samenwerking op het dossier wonen als effectief bestempeld. Voor wat betreft de samenwerking met de marktpartijen geldt dat het Beleidsplan Aanpak Realiseren Woningbouwopgave (2015) een belangrijke impuls heeft gegeven aan de benodigde bijstelling van de programmering. Door uitvoering te geven aan dit plan zijn er goede afspraken gemaakt met de partijen over nieuwe plannen, het schrappen van plannen en herprogrammering. Marktpartijen bestempelen de gemeente Schagen als een prettige en betrouwbare samenwerkingspartner die bestuurlijk en ambtelijk op één lijn zit en deze lijn ook naar buiten toe gezamenlijk uitdraagt. Punt van aandacht hierbij is wel dat er een relatief hoog verloop in de ambtelijke organisatie wordt waargenomen, hetgeen een risico vormt voor de continuïteit van de samenwerking.
11 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
Met de woningcorporaties zijn prestatieafspraken gemaakt en jaarschijven opgesteld waarmee rollen en verantwoordelijkheden tussen de gemeenten en de corporaties helder zijn vastgesteld. Op het maken van deze prestatieafspraken vanaf 2016 is met de Lokale Woonvisie van 2014 reeds voorgesorteerd. We concluderen op basis van de inbreng van de corporaties echter wel dat de gemeente zich in de samenwerking primair focust op de grootste speler: Wooncompagnie. Met deze corporatie weet de gemeente goede afspraken te maken over de realisatie van nieuwe (sociale huur-) woningen. De afstemming van de jaarschijven met de twee kleinere woningcorporaties en de continuïteit van deze samenwerking met de gemeente vergt volgens deze partijen wel aandacht. Ook liggen er volgens de corporaties als collectief kansen om meer in gezamenlijkheid af te stemmen. Aanbeveling 4 Zorg er als college voor dat dat er voldoende ambtelijke capaciteit wordt vrijgemaakt die ook kan zorgen voor continuïteit in de samenwerking met de partners. Om het woningbouwbeleid effectief te laten zijn, moet blijvend worden geïnvesteerd in de samenwerking met de samenwerkingspartners Aanbeveling 5 A. Richt je als college niet alleen op de grootste woningcorporatie in de gemeente, maar blijf investeren in de relatie met alle woningcorporaties. B.
Zorg als college voor periodieke vaststelling en evaluatie van samenwerkingsafspraken met alle woningcorporaties alsook de uitvoering van het Beleidsplan Aanpak Realiseren Woningbouwopgave. Betrek daarbij, in lijn met de Woningwet 2015, ook de huurdersorganisaties. Het organiseren van gezamenlijke afstemmings- en voortgangsmomenten met woningcorporaties en huurdersorganisaties draagt bij aan de effectiviteit van de samenwerking. Je stimuleert hiermee zowel samenwerking tussen alle dienstdoende partijen in de gemeente en je borgt hiermee een efficiënte inzet van eigen capaciteit en middelen.
2.2.3 Rol van de raad 5. Is de raad actief, tijdig, juist en volledig geïnformeerd over de voortgang in de realisatie van de doelen? De raad krijgt niet de informatie op basis waarvan raadsleden kunnen vaststellen of de doelen worden gerealiseerd. De raad wordt wel regelmatig geïnformeerd over de voortgang op het dossier wonen, zowel via financiële (tussen-) rapportages als op projectniveau bij oordeelsvormende vergaderingen in de commissie ruimte. De frequentie van de informatievoorziening wordt door de raadsleden gewaardeerd. De wijze waarop informatievoorziening plaatsvindt is daarmee echter veelal gericht op projectniveau (bij vergaderingen) en op het niveau van één begrotingsjaar (via jaarrekening). Hierdoor ontbreekt het voor raadsleden in de praktijk aan informatie over het totaal van het woningbouwprogramma over een langere periode waardoor zij ervaren niet goed en tijdig (bij) te kunnen sturen. Wanneer raadsleden om dergelijke informatie vragen via moties en technische vragen ontvangt de raad deze informatie ook. De raad toont zich hiermee pro-actief en ook het college stelt zich bij technische vragen welwillend op. Raadsleden hebben echter behoefte aan een meer systematische informatievoorziening op het totaal van de doelrealisatie, waarbij aandacht is voor verklarende factoren, kwalitatieve resultaten en informatie die verschillen tussen kernen inzichtelijk maakt.
12 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
Aanbeveling 6 Zorg als college, op basis van de verbeterde monitoring (aanbeveling 2), dat de raad periodiek duidelijk wordt geïnformeerd over de realisatie van de kwalitatieve en kwantitatieve doelen. Doe dit als college zodanig dat de raad in positie wordt gebracht om tijdig (bij) te kunnen sturen op het woningbouwprogramma als geheel.
2.3 Aanbevelingen onder elkaar 2.3.1 Aanbevelingen voor de raad Aanbeveling 1 Geef als raad de opdracht aan het college de kwalitatieve doelen verder uit te werken en stel deze daarna vast. Deze uitwerking vraagt om een concretiseringsslag zodat de voortgang hierop beter kan worden gemonitord. Zorg er als raad voor dat deze aanscherping van de kwalitatieve doelen een plek krijgt in de nieuwe woonvisie.
2.3.2 Aanbevelingen voor het college Aanbeveling 2 Zorg als college voor een monitoringssytematiek die een helder overzicht biedt van de realisatie van zowel de kwantitatieve als de kwalitatieve doelen. Aanbeveling 3 Betrek als college de raad meer bij deze ingezette koers en de kaders voor adaptief programmeren zodat de raad zijn kaderstellende en controlerende rol goed kan vervullen. Aanbeveling 4 Zorg er als college voor dat dat er voldoende ambtelijke capaciteit wordt vrijgemaakt die ook kan zorgen voor continuïteit in de samenwerking met de partners. Aanbeveling 5 A. Richt je als college niet alleen op de grootste woningcorporatie in de gemeente, maar blijf investeren in de relatie met alle woningcorporaties. B. Zorg als college voor periodieke vaststelling en evaluatie van samenwerkingsafspraken met alle woningcorporaties alsook de uitvoering van het Beleidsplan Aanpak Realiseren Woningbouwopgave. Betrek daarbij, in lijn met de Woningwet 2015, ook de huurdersorganisaties. Aanbeveling 6 Zorg als college, op basis van de verbeterde monitoring (aanbeveling 2), dat de raad periodiek duidelijk wordt geïnformeerd over de realisatie van de kwalitatieve en kwantitatieve doelen.
13 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
2.4.
Bestuurlijke reactie
Hieronder vindt u de reactie van het college van B&W. De tekst van deze reactie is in zijn geheel overgenomen.
Schagen, 29 oktober 2020 Geachte Rekenkamercommissie, Namens het College bedanken wij u voor het aanbieden van het rapport “Evaluatie woningbouwprogramma” en de mogelijkheid om een reactie te geven op het onderzoek. Wij hebben met genoegen meegewerkt en zijn blij dat de RKC ons versnellingsbeleid erkent. We begrijpen dat de kwalitatieve kant de woningbouwopgave nog nadere toelichting vraagt en we gaan graag over het rapport en de aanbevelingen het gesprek met de raad voeren. In de meerjarenbegroting is de ambitieuze doelstelling opgenomen om jaarlijks 300 woningen te bouwen. Wij zijn ons als college zeer bewust van het belang om adequaat en direct te kunnen bijsturen in een continu veranderende omgeving, waarbij een gezonde woningvoorraad het uitgangspunt is. Dus ondanks dat het onderzoek specifiek over een bepaalde periode gaat is de hedendaagse dynamiek en het gegeven dat de effecten van de uitvoering van de kaders juist buiten deze periode zichtbaar zijn, voor ons zeer relevant. De tijd tussen planvorming en een daadwerkelijk opgeleverde nieuwbouwwoning kan, afhankelijk van de situatie, wel zeven jaar duren. In 2020 is er tot op heden sprake van 255 woningen in aanbouw. Hiervoor zijn de acties gedurende de onderzoekperiode de basis.
Wij vinden het relevant om juist ook over start bouw te communiceren omdat dit directer beïnvloedbaar is door de gemeente en niet afhankelijk is van bouwtijden en een specifieker beeld geeft van de ontwikkeling van nieuwbouwplannen. Hierdoor kunnen we ook tijdig inspelen op de kwantitatieve kant en planvoorbereiding tijdig starten. Bij enkel rapporteren op gerealiseerde woningen kan minder adequaat gestuurd worden op de planvoorraad en, belangrijker, aanvullen van deze planvoorraad. Wij monitoren sinds 2019 start bouw naar aanleiding van de 300 woningen afspraak in het coalitieakkoord. Afrondend is het goed om terug te zien in het rapport dat de raad bevestigt dat het college bij monde van de verantwoordelijk portefeuillehouder zijn informatieplicht naar de raad serieus neemt. Dit achten wij van grote waarde. Ook herkennen wij ons in het geconstateerde dat in het lokale woonbeleid en het woningbouwprogramma de ambities van de gemeente Schagen helder uiteengezet zijn. Waarbij de ambities, als gevolg van diverse ontwikkelingen, doorlopend bijgesteld zijn, maar altijd goed beargumenteerd en gedocumenteerd richting de raad gecommuniceerd zijn. Resumerend beschouwen wij dit als een waardevol onderzoek en bedanken we voor de inzichten die dit ons geeft.
Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders
14 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
2.5.
Nawoord Rekenkamercommissie Schagen
De Rekenkamercommissie Schagen is verheugd om dit onderzoek over woningbouw in Schagen te mogen presenteren. Hierbij worden alle bestuurders, ambtenaren en anderen bedankt voor hun goede medewerking, ondanks de soms moeilijke omstandigheden veroorzaakt door het coronavirus. Woningbouw en de programmering daarvan worden serieus genomen in Schagen, maar het blijkt dat er ruimte is voor verbetering. Kwalitatieve doelen kunnen beter uitgewerkt worden en de sturing daarop kan ook beter. Niet alle doelen zijn voldoende uitgewerkt, waardoor niet altijd duidelijk is wat dit betekent voor de woningbouwopgave in de verschillende kernen. Het is niet altijd mogelijk om vast te stellen of doelen worden gerealiseerd. Ook blijkt dat de raad niet alle informatie krijgt op basis waarvan raadsleden kunnen vaststellen of de doelen worden gerealiseerd. Een ander belangrijk aandachtspunt voor het college is ook om oog te hebben voor de relaties met alle woningcorporaties en huurdersorganisaties in de gemeente in plaats van als college je alleen te richten op de grootste woningcorporatie. Het college noemt het een waardevol rapport, maar spreekt zich niet uit over onderschrijving en opvolging van de conclusies en aanbevelingen. Het college wil wel het gesprek daarover aangaan met de raad.
Het college stelt verder dat zij, sinds 2019, de start van de huizenbouw monitort, omdat dit directer beïnvloedbaar is. Dit kan zeker een goede gang van zaken zijn, maar laat onverlet dat de aantallen gerealiseerde woningen pas laten zien of de doelstellingen op dat terrein zijn gehaald. De raad moet kunnen controleren of het toegezegde aantal woningen daadwerkelijk is gerealiseerd. De Rekenkamercommissie Schagen adviseert de raad om de conclusies en aanbevelingen van dit onderzoeksrapport over te nemen en daar waar nodig deze te implementeren in haar taakstellende en controlerende taken. De conclusies en aanbevelingen rusten op een hiertoe uitgevoerd onderzoek. Maak met het college afspraken over de opvolging van de aanbevelingen. De Rekenkamercommissie Schagen heeft gedurende het onderzoek een aantal aanvullende vragen vanuit de raad en een raadsfractie ontvangen. Voor zover deze binnen de scope van het onderzoek lagen en beantwoord konden worden zijn deze vragen verwerkt in de rapportage en de bijlagen. Enkele vragen konden niet beantwoord worden omdat die informatie niet voorhanden is en/of niet wordt bijgehouden. De Rekenkamercommissie hoopt dat haar onderzoek mag bijdragen aan het woongenot van alle mensen die behoefte hebben aan een huis in Schagen. w.g.
Peter van der Kruit Voorzitter Rekenkamercommissie Schagen
15 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
3. Woonbeleid Schagen: ambities en doelen In dit hoofdstuk staan de ambities en doelen van het gemeentelijke woningbouwbeleid in Schagen centraal. Het hoofdstuk start met een chronologische beschrijving van de beleidscontext. Vervolgens wordt een analyse gemaakt van de ambities en doelstellingen uit het gemeentelijke woningbouwbeleid. Op basis van deze analyse vindt in de laatste paragraaf de toetsing aan de eerste norm (1a) plaats.
3.1 Beleidscontext 3.1.1 Tijdlijn woonbeleid Deze paragraaf start met een chronologische weergave van relevante beleidsontwikkelingen die in de loop der jaren van invloed zijn geweest op het woningbouwbeleid in Schagen. In Figuur 3 hieronder is dit door middel van een tijdlijn chronologisch weergegeven. 2010
Legenda
Provinciale Woonvisie (september 2010)
2011
RAP 1.0 Kop van Noord-Holland 11-15 (november 2011)
Provinciaal beleid/ provinciale kaders
2012
Onderzoek vraaggestuurd bouwen (september 2012)
Regionaal beleid/ regionale kaders
Meerjarenvisie Schagen 2014-2018 (december 2012)
Gemeentelijk beleid/ gemeentelijke kaders
2013 2014
Lokale Woonvisie Schagen (oktober 2014) Memo Woningbouwprogramma 2014-2020 (november 2014)
2015
Beleidsplan aanpak realiseren Woningbouwopgave (juni 2015) Regionaal convenant woningbouw Kop van Noord-Holland – KWK (oktober 2015) Prestatieafspraken met Wooncompagnie (december 2015)
2016 2017
Prestatieafspraken met Woonzorg NL (februari 2017) en Woonstichting Den Helder (april 2017) RAP 2.0 Kop van Noord-Holland 2017-2020 (juni 2017)
2018 2019
Coalitieprogramma 2018-2022 en Meerjarenuitvoeringsprogramma 2019-2022 (mei en juli 2018) Memo prognoses woningbouw Schagen periode 2019- 2022 (januari 2019) Voorbereiding opstellen nieuwe woonvisie (oktober/november 2019 en verder)
2020 Figuur 3 | Tijdlijn beleidsontwikkelingen op provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau
16 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
Hoewel deze evaluatie zich richt op de periode tussen 2013 en 2020, start de tijdlijn in 2010. Dit is het jaar waarin de laatste provinciale woonvisie is vastgesteld. De provinciale woonvisie dient als belangrijke basis voor de verdere regionale en lokale afstemming van woningbouwambities en beleidsdoelstellingen in de jaren die volgden op de vaststelling van de visie. De tijdlijn eindigt op 1 januari 2020, de einddatum van de evaluatieperiode.
3.1.2 Context provinciaal en regionaal woonbeleid Veel van de ambities en doelstellingen uit het gemeentelijke woonbeleid hangen nauw samen met beleidskeuzes die op provinciaal en regionaal niveau zijn gemaakt. Om het gemeentelijke woonbeleid in de juiste context te kunnen plaatsen is in onderstaand schema een beknopte beschrijving van relevant provinciaal en regionaal beleid uit de tijdlijn opgenomen. Een meer uitgebreide beschrijving van de provinciale en regionale beleidsontwikkeling is opgenomen in Bijlage 6.1: Achtergrond context provinciaal en regionaal woonbeleid. 2010
Provinciale Woonvisie: ‘Goed Wonen in Noord-Holland 2010 – 2020’ (september 2010) Met de vaststelling van de provinciale woonvisie in 2010 wordt woningbouw meer benaderd vanuit een kwalitatief perspectief (type woningen, doelgroepen), i.p.v. alleen een kwantitatief perspectief (aantallen). Hiertoe moet er volgens de provincie regionale afstemming plaatsvinden. Dit document legt hiermee de basis voor de regionale afstemming voor de woningbouwprogrammering in de Kop van Noord-Holland waar Schagen toe behoort.
2011
RAP 1.0: Regionaal Actieprogramma Regio Kop van Noord-Holland (november 2011) De colleges in de regio Kop van Noord-Holland bekrachtigen hun regionale samenwerking met het RAP 1.0 in 2011. In het RAP maken de gemeenten afspraken over de gewenste woningbouwproductie, passend bij de kwantitatieve en kwalitatieve woningvraag. Volgens prognoses is de woningbehoefte in de regio 4000. Om in te spelen op risico van planuitval wordt met een overplanning van 30% gezamenlijk overeengekomen dat er 5.200 woningen tot 2020 in plancapaciteit voor de Kop mochten vastliggen om in de woningbehoefte te kunnen voorzien. De gemeenten Harenkarspel, Schagen en Zijpe zijn in het eerste RAP akkoord gegaan met een totale opgave van 2.390 woningen tot 2020. Onderzoek vraaggestuurd bouwen, Provincie Noord-Holland (september 2012) Het onderzoek vraaggestuurd bouwen introduceert een ‘vraaggestuurde prognose’. Deze prognose gaat er bij de verdeling van de woningbehoefte over de provincie van uit dat de woningbehoefte zich concentreert in de regio’s waar de vraag het grootst is, met name in de Metropoolregio Amsterdam. Voor de Kop van Noord-Holland betekende deze vraaggestuurde benadering een verder afname van de woningbehoefte ten opzichte van de eerdere uitgangspunten in het RAP. Een ontwikkeling die vroeg om het nog verder terugbrengen van de plancapaciteit in de regio
2012
2015
2017
Regionaal convenant woningbouw regio Kop van Noord-Holland en het Regionaal Kwalitatief Woningbouwprogramma Kop van Noord-Holland (2015) In oktober 2015 is een convenant gesloten tussen de regiogemeenten in de Kop van Noord-Holland en de provincie. Hierin zijn afspraken gemaakt over woningbouw in de Kop en de onderlinge afstemming. In het convenant conformeren de regiogemeenten zich aan het Regionaal Kwalitatief woningbouwprogramma Kop van Noord-Holland (KWK). Dit is een belangrijk sturingsinstrument voor nieuwbouw in de regio. De gemeente Schagen heeft zich in het convenant geconformeerd aan een nieuwbouw-productie van 900 tot 950 woningen in de periode 2014-2020. Een aantal dat beduidend lager ligt dan de uitgangspunten van de eerste RAP. RAP 2.0: Regionaal Actieprogramma Wonen 2017-2020 (juni 2017) Het RAP voor de tweede beleidsperiode is vastgesteld in 2017. Met dit RAP 2.0 worden de gemaakte afspraken (kwalitatief en kwantitatief) uit RAP 1.0 bestendigd voor de periode 2017-2020.
17 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
3.2 Analyse ambities en doelstellingen gemeentelijk woonbeleid Met de regionale context in het achterhoofd, wordt in deze paragraaf een analyse gemaakt van de ambities en doelstellingen van het gemeentelijke woningbouwbeleid in Schagen, op basis van de beleidsdocumenten uit de tijdlijn. Per beleidsdocument wordt een korte beschrijving gegeven. Deze beschrijving wordt aangevuld met een analyse1 van: de ambities van het gemeentelijke beleid rond woningbouw in de gemeente Schagen vertaling van de ambities naar kwantitatieve en kwalitatieve beleidsdoelstellingen voor woningbouw in de gemeente Schagen samenhang van het beleidsstuk met overig lokaal, regionaal en/of provinciaal woonbeleid vaststelling van het beleid door de gemeenteraad. Op basis van de analyse wordt in de volgende paragraaf getoetst in hoeverre met het gemeentelijke woonbeleid in de periode 2013 tot 2020 is voldaan aan deze norm. Extra context bij het lokale woonbeleid is opgenomen in Bijlage 6.2: Achtergrond context provinciaal en regionaal woonbeleid. Meerjarenvisie Schagen 2014-2018 Het eerste relevante gemeentelijke beleidsdocument voor deze evaluatie is de Meerjarenvisie Schagen 20142018. In de meerjarenvisie beschrijft de gemeente haar ambities op diverse beleidsdomeinen. In de meerjarenvisie is het thema woningbouw ondergebracht binnen het economisch domein.
Dit domein richt zich op het creeren van een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor bedrijvigheid in de gemeente. Een passend woonaanbod werd hierbij door de gemeente gezien als randvoorwaarde om deze doelstelling te kunnen bereiken. De gemeente beschrijft in de meerjarenvisie dat zij zorg wil dragen voor een regionaal kwalitatief goed woningaanbod dat is afgestemd op de (toekomstige) vraag van werknemers, zodat zij zich willen vestigen in de regio en daar willen blijven. Figuur 5 | Ambities en beleidsdoelstellingen voor woningbouw in de gemeente Schagen o.b.v. Meerjarenvisie 2014-2018
Meerjarenvisie Schagen 2014-2018 Ambitie(s)
Het realiseren van een regionaal kwalitatief goed woningaanbod dat is afgestemd op de (toekomstige) vraag van werknemers, zodat zij zich willen vestigen in de regio en daar willen blijven.
Doel(en)
Kwantitatieve doelen - Geen kwantitatieve doelen voor woningbouw opgenomen Kwalitatieve doelen - Een aantrekkelijk woonklimaat voor (toekomstige) werknemers - Betere afstemming tussen vraag en aanbod voor woonconsumenten door middel van een integraal vraaggestuurd regionaal woningbouwprogramma, een lokale woonvisie en een lokaal woningbouwprogramma.
Samenhang met overig woonbeleid
De meerjarenvisie bouwt voort op: Coalitieakkoord CDA, VVD en PVDA Schagen, 2013-2018
Vastgesteld door
Ja (datum vaststelling: 2 juli 2013)
de gemeenteraad?
Lokale woonvisie Schagen ‘Een nieuwe gemeente, een nieuwe koers’ (oktober 2014) In vervolg op de meerjarenvisie heeft de gemeenteraad van Schagen op 28 oktober 2014 de woonvisie ‘Een nieuwe gemeente, een nieuwe koers’ vastgesteld. Het was de eerste woonvisie van de fusiegemeente Schagen. Centraal in de visie staan 4 thema’s, namelijk: (1) Eigen kracht, verantwoordelijke inwoners, (2) Kwaliteit van de kernen, krachtige gemeenschap, (3) Bestaande woningvoorraad en (4) Gezonde woningmarkt, beweging van meer naar beter. Het is vooral het laatstgenoemde thema, waarin de beleidsambities rond woningbouw zijn vastgelegd.
1
De bovengenoemde vier onderdelen komen voort uit norm 1a.
18 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
Voor wat betreft de woningbouwprogrammering is vraaggestuurd bouwen in de kernen van de gemeente Schagen het uitgangspunt in de woonvisie. Minder gericht op groei, meer op kwaliteit. Met de woonvisie wenste de gemeente een omslag te maken van een op groei gerichte benadering naar een meer gedoseerde benadering, waarbij woningen worden toegevoegd op basis van de marktvraag. In kwantitatieve zin gaat de woonvisie uit van een toename van 900 tot 1.300 woningen in de periode 2013-20202. De omslag naar gedoseerd ontwikkelen heeft tot consequentie dat er keuzes gemaakt moesten worden in de plancapaciteit. In de woonvisie worden het doorschuiven, schrappen of aanpassen van plannen hiervoor als mogelijkheden benoemd. Figuur 6 | Ambities en beleidsdoelstellingen voor woningbouw in de gemeente Schagen o.b.v. Woonvisie 2014-2018
Woonvisie Schagen 2014-2018 Ambitie(s)
-
Doel(en)
Geschikte woningen en een gezonde woningmarkt in combinatie met goede vitaliteit van de gemeenschappen in 26 kernen. Realistisch woningbouwprogramma dat op kenniveau aansluit bij de lokale marktvraag, het gewenste woonmilieu en de behoefte op lange termijn. Beweging van meer naar beter als het gaat om woningbouw.
Kwantitatieve doelen - Bouwen van 900 – 1.300 nieuwe woningen tot 2020. Kwalitatieve doelen - Vraaggestuurde toevoeging van woningbouw (bouwen naar behoefte). - Vergroten van betaalbaar woningaanbod (koop en huur). - Gefaseerde en gedoseerde uitbreiding van de woningvoorraad. - Doorschuiven, schrappen van plannen en/of minder woningen programmeren. - Meer faciliterende rol voor de gemeente bij gebiedsontwikkelingen (minder regisseren). - Samenwerking en afspraken maken met corporaties en marktpartijen over toevoeging van woningaanbod. - Kleinschalig en vraaggestuurd bouwen in de kernen. - Jaarlijks monitoren van de marktvraag en daar met het beleid op inspelen. - De uitvoering van de woonvisie jaarlijks evalueren en bijsturen waar nodig.
Samenhang met overig woonbeleid
Vastgesteld door
De woonvisie bouwt voort op: Onderzoek vraaggestuurd bouwen van de provincie Noord-Holland (2012) Regionaal Actieprogramma Wonen 2011-2015 De woonvisie sorteert voor op de vaststelling van het KWK (in 2015) Ja (datum vaststelling: 28 oktober 2014)
de gemeenteraad?
Memo Woningbouwprogramma gemeente Schagen 2014-2020 In de memo ‘Woningbouwprogramma gemeente Schagen 2014-2020’ wordt het woningbouwprogramma voor de gemeente Schagen nader uitgewerkt volgens de uitgangspunten van de woonvisie. De memo geeft een beschrijving van de beleidsontwikkelingen in de regionale context, waarin wordt toegewerkt naar het regionale KWK. In de memo wordt het dilemma rond nieuwbouw geagendeerd. Na regionale afstemming is ruimte voor toevoeging van 950 nieuwe woningen, terwijl in de gemeentelijke plancapaciteit voor 2.400 woningen aan plannen zijn opgenomen. Dit stelt de gemeente voor de opgave om de plancapaciteit terug te dringen. In de memo wordt de hiervoor gehanteerde werkwijze toegelicht. Omdat het uitvoering van de woonvisie betreft, dat valt onder de bevoegdheid van het college, is het stuk als raadsinformatiememo gedeeld met de gemeenteraad. Beleidsplan ‘Aanpak realiseren woningbouw’, gemeente Schagen (juni 2015) Ten behoeve van de uitvoering van de woonvisie is in 2015 het beleidsplan ‘Aanpak realiseren woningbouw’ opgesteld. Het beleidsplan heeft tot doel: het daadwerkelijk realiseren van de toegekende 950 woningen tot 2020, uitsluitend op locaties waar vraag is en die passend zijn in het regionaal KWK en de Lokale Woonvisie.
Het kwantitatieve doel van 950 te bouwen woningen is hiermee sterk verweven met het kwalitatieve doel om vraaggestuurd te bouwen. 2
Dit is in het latere regionale convenant uit 2015 vastgesteld op 950 woningen in de periode 2014-2020.
19 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
Het beleidsplan legt de basis voor het (her)overwegen van plannen en het creëren van duidelijkheid over hoeveel en wat er precies gebouwd gaat worden. Met de vaststelling van de 950 woningen in het KWK, wenst de gemeente dat vastgestelde vergunningen en bouwrechten daadwerkelijk tot ontwikkeling worden gebracht. Daarvoor streeft zij ernaar om locaties die stilliggen op gang te brengen. Dat doet de gemeente in eerste instantie door betreffende partijen aan te schrijven en te activeren en stimuleren. Wanneer de initiatiefnemer niet binnen de gestelde termijnen tot resultaat is overgegaan, wordt de onbenutte bouwvergunning ingetrokken. Hiermee wordt voorzienbaarheid gecreëerd. Ondanks dat het beleidsplan formeel gezien uitvoering van de woonvisie betreft, is door de Commissie Ruimte besloten het als bespreekstuk aan de raad aan te bieden. Figuur 7 | Ambities en beleidsdoelstellingen voor woningbouw in de gemeente Schagen o.b.v. Beleidsplan Aanpak realiseren woningbouwopgave
Beleidsplan ‘Aanpak realiseren woningbouwopgave’ Vraaggestuurd bouwen in de kernen staat centraal. Hiertoe is het noodzakelijk om locaties die (te) lang stilliggen of niet ontwikkeld worden en de niet benutte bouwtitels uit bestemmingsplannen terug te dringen.
Ambitie(s)
-
Doel(en)
Kwantitatieve doelen - Het daadwerkelijk realiseren van de toegekende 950 woningen tot 2020, uitsluitend op locaties waar vraag is en die passend zijn in het KWK en de Lokale Woonvisie. Kwalitatieve doelen - Initiatiefnemers stimuleren om met concrete plannen te komen en deze binnen een vooraf vast te stellen periode tot ontwikkeling te (laten) brengen. - Initiatieven die niet van de grond komen schrappen uit van het woningbouwprogramma.
Samenhang met overig woonbeleid
Het beleidsplan bouwt voort op: Provinciale woonvisie Goed Wonen in Noord-Holland 2010 – 2020 Onderzoek vraaggestuurd bouwen van de provincie Noord-Holland (2012) Regionaal Actieprogramma Wonen 2011-2015 Regionaal Kwalitatief Woningbouwprogramma Kop van Noord-Holland (KWK) Lokale Woonvisie Schagen 2014-2018
Vastgesteld
Ja (datum vaststelling: 30 juni 2015).
door de raad?
Toelichting: In de commissie Ruimte is besloten het beleidsdocument als bespreekstuk aan de raad aan te bieden. Aanleiding om het als bespreekstuk op te voeren is de vraag of het houden van inspraak op het beleidsplan noodzakelijk is. Het betreft volgens de commissie om motiverende redenen geen essentiële beleidswijziging, maar uitvoering van de woonvisie. De raad heeft hiermee ingestemd en het beleidsplan vastgesteld.
Prestatieafspraken woningcorporaties (2015/2017) Op basis van de nieuwe woningwet zijn prestatieafspraken gesloten tussen de gemeente, woningcorporaties en huurdersorganisaties. De gemeentelijke woonvisie is hiervoor vanuit de Woningwet een belangrijke onderlegger. De afspraken tussen de gemeente Schagen, Wooncompagnie en de Huurderskoepel Schagen e.o. voor de periode 2016-2020 zijn ondertekend eind 2015. De prestatieafspraken met Woningstichting Den Helder (WSDH) en Stichting Huurdersbelang Den Helder en de prestatieafspraken met Woonzorg Nederland (WZNL)en H.B.V Acaciaplein zijn een jaar later gesloten en hebben betrekking op de periode 2017-2020 (WSDH) en 2017 (WZNL). Het is destijds een bewuste keuze geweest van de Commissie Ruimte om prioriteit te geven aan de prestatieafspraken met Wooncompagnie3, omdat dit veruit de grootste corporatie is in de gemeente en het bezit van de overige corporaties relatief beperkt is4. In alle gevallen hebben partijen gekozen voor een raamcontract met afspraken voor de langere termijn, met een uitwerking in jaarschijven. Uit de documentstudie en de gespreksronde blijkt dat alleen met Wooncompagnie elk jaar de jaarschijven zijn uitgewerkt in prestatieafspraken. Voor de andere corporaties is dit niet met jaarlijkse frequentie gedaan.
Wat betreft het huurwoningaanbod in Schagen is met alle corporaties overeengekomen om de sociale voorraad gedurende de looptijd van de prestatieafspraken minimaal gelijk te houden. 3
Zie ook bespreeknotitie ‘Onderwerpen voor prestatieafspraken met Wooncompagnie’, Commissie Ruimte, d.d. 23 maart 2015.
4
Wooncompagnie bezit ca. 3.900 huurwoningen in de gemeente, Wst. Den Helder ca. 130 huurwoningen, Woonzorg Nederland ca. 500 huurwonin-
gen
20 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
Figuur 8 | Ambities en beleidsdoelstellingen voor woningbouw in de gemeente Schagen o.b.v. Prestatieafspraken
Prestatieafspraken sociale huursector Corporatie
Wooncompagnie
Ambitie(s)
-
-
Doel(en)
Dat in de kernen waar huuraanbod voor lagere inkomens beschikbaar is, dit aanbod behouden blijft. Dat het aanbod sociale huurwoningen aansluit bij de marktvraag.
Kwantitatieve doelen - Het minimaal gelijk houden van de omvang van de sociale huurvoorraad gedurende de looptijd van de afspraken. - Nieuwbouw in exacte aantallen is opgenomen in de jaarschijven. Kwalitatieve doelen - Betaalbare huurwoningen realiseren in de gemeente Schagen. - Aangepaste (sociale) grondprijzen voor nieuwbouw van sociale huur. - Verkoop van sociale huurwoningen gebeurt alleen als er in gelijke mate nieuwbouw tegenover staat. - Bij aantoonbare oplopende vraag in een kern overgaan tot nieuwbouw in de kern.
Samenhang met overig
Wst. Den Helder -
-
Voldoende huuraanbod voor lagere inkomens in Callantsoog. Dat het aanbod huurwoningen in de sociale sector aansluit bij de vraag.
Kwantitatieve doelen - Het minimaal gelijk houden van de omvang van de sociale huurvoorraad in Callantsoog gedurende de looptijd van de afspraken.
Woonzorg NL -
Voldoende huuraanbod voor ouderen met een lager inkomen.
Kwantitatieve doelen - Geen nieuwbouwambities in de gemeente Schagen. Kwalitatieve doelen - Geen voorgenomen verkoop van huurwoningen van Woonzorg Nederland in Schagen.
Kwalitatieve doelen - Geen voorgenomen verkoop van huurwoningen van Wst. Den Helder.
De prestatieafspraken bouwen voort op: Woonvisie Schagen 2014-2018
woonbeleid Vastgesteld
Nee
door de
Toelichting: de ondertekening en vaststelling van prestatieafspraken is een collegebevoegdheid. De prestatieaf-
raad?
spraken zijn gedeeld met de raad via een raadsinformatiememo.
Coalitieprogramma gemeente Schagen 2018-2022 en Meerjarenuitvoeringsprogramma 2019-2022 Na de gemeenteraadsverkiezingen in 2018 is een coalitie gevormd tussen CDA, JESS en PvdA. De coalitie spreekt in het coalitieprogramma voor de jaren 2018 tot 2022 de ambitie uit om de woningvoorraad in Schagen uit te breiden. Hierbij zet zij in op nieuwbouw in alle kernen van de gemeente. De gemeente streeft naar een productie van 300 nieuwe woningen per jaar en de bouw van koop- en huurwoningen voor alle inkomensgroepen, verspreid over de gehele gemeente. Daarbij stelt zij de eis van minimaal 40% sociale nieuwbouwwoningen (koop en huur5) bij grootschalige projecten. Bij kleinschalige projecten gaat de gemeente gemiddeld uit van minimaal 30% sociale woningbouw.
5
Voor sociale koop wordt uitgegaan van een koopprijs van € 185.000 VON, voor huur geldt een huurprijs tot de eerste aftoppingsgrens (€ 620 in
2020)
21 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
Figuur 9 | Ambities en beleidsdoelstellingen voor woningbouw in de gemeente Schagen o.b.v. Coalitieprogramma 2018-2022
Coalitieakkoord 2018-2022 en Meerjarenuitvoeringsprogramma 2019-2022 In alle dorpen en in de stad moet meer gebouwd worden om aan de eigen vraag te voldoen.
Ambitie(s)
-
Doel(en)
Kwantitatieve doelen - Realiseren van een nieuwbouwproductie van 300 woningen per jaar, huur en koop. - 40% sociale woningbouw bij grootschalige projecten, huur en koop - 30% sociale woningbouw bij kleinschalige projecten, huur en koop Kwalitatieve doelen - Meer koop- en huurwoningen bouwen voor alle inkomensgroepen, verspreid over de gemeente. - Voldoende starterswoningen in alle kernen. - Bouwen zoveel mogelijk voor de lokale vraag. - Nieuwe woningbouwplannen zo snel mogelijk realiseren, bijvoorbeeld door bestemmingsplannen al klaar te hebben liggen nog voordat de provincie daarvoor ruimte biedt. - Streng beleid rond voorzienbaarheid om projecten te verplichten snel van start te gaan. - Meer mogelijkheden voor woningbouw bovenop de provinciale woningbouwprogrammering blijven gezocht worden, ook in het buitengebied (buiten de rode contouren). - Experimenteren met bouw voor specifieke doelgroepen, zoals ‘Tiny Houses’ en Kangoeroewoningen. - CPO-projecten krijgen voorrang bij aankopen van grond van de gemeente. - Onderzoeken met bestaande capaciteit of het mogelijk is om een Knarrenhof te faciliteren, dat is een woonvorm in een hofje waar ouderen samen wonen en eventuele zorg regelen. - Meer sociale woningbouw.
Samenhang met overig woonbeleid
Vastgesteld
Het beleidsplan bouwt voort op: Provinciale woonvisie Goed Wonen in Noord-Holland 2010 – 2020 Onderzoek vraaggestuurd bouwen van de provincie Noord-Holland (2012) Regionaal Actieprogramma Wonen 2011-2015 Lokale Woonvisie Schagen 2014-2018 Regionaal KWK (2015) Het Meerjarenuitvoeringsprogramma 2019-2022 is vastgesteld tijdens de raadsvergadering van 3 juli 2018.
door de raad?
Prognoses woningbouw Schagen 2019-2022 (januari 2019) Op 16 januari 2019 ontvangt de raad een raadsinformatiememo6 met daarin het meest recente overzicht van woningbouwprojecten binnen de gemeente Schagen voor de komende vier jaar. Met deze memo verkrijgt de raad inzicht in de geprognotiseerde woningbouwaantallen. De genoemde aantallen sluiten aan bij (en overstijgen) de gewenste ambitie uit het coalitieprogramma Schagen 2018-2022 om 300 woningen per jaar te realiseren. Omdat het een informatieve memo betreft en geen beleid, is hiervan geen nadere analyse opgenomen. Opstart opstellen nieuw woonbeleid gemeente Schagen (oktober/ november 2019) Als opmaat naar nieuw woonbeleid zijn eind 2019 bijeenkomsten met belanghebbenden georganiseerd. Hierin wordt gesproken over de woonbehoeften in Schagen. Voor wat betreft woningbouw wordt in het verslag van de bijeenkomsten nadruk gelegd op zaken als nieuwbouw in alle (en vooral kleine) kernen, woonaanbod voor starters en senioren en betaalbaarheid van het woningaanbod. Het nieuwe woonbeleid van de gemeente Schagen zal naar verwachting onderdeel gaan uitmaken van de nieuwe omgevingsvisie. Omdat het enkel een verslag van twee bijeenkomsten betreft, is hiervan geen nadere analyse opgenomen.
6
Raadsinformatiememo woningbouw 2019-2022, d.d. 16 januari 2019
22 / 53
Onderzoek woningbouw Schagen
3.3 Tussenbalans Op basis van de analyse van ambities en doelen in het gemeentelijke woningbouwbeleid in paragraaf 3.2., wordt in deze paragraaf getoetst in hoeverre het beleid voldoet aan de eerste norm. De betreffende norm is als volgt geformuleerd: Cluster I.
Normen a.
De ambities met betrekking tot het woningbouwprogramma zijn vanaf 1 januari 2013 concreet geformuleerd en vertaald in SMART-doelen die door de raad zijn vastgesteld. De ambities en doelen sluiten logisch aan op de provinciale en regionale afspraken.
De norm kan grofweg worden onderverdeeld in 4 aspecten, namelijk: (1) formuleren van concrete ambities, (2) vertaling van ambities naar SMART-doelen, (3) vaststelling van beleid door de gemeenteraad en (4) samenhang met provinciale en regionale afspraken. Onderstaand zijn de bevindingen getoetst aan deze 4 onderdelen.
23 / 53
Norm I a Formuleren van concrete ambities
Vertaling ambities naar SMART-doelen
Beknopte toelichting - Uit de analyse van de gemeentelijk beleidsstukken blijkt duidelijk welke ambities de gemeente heeft als het gaat om woningbouw in de gemeente Schagen. Op hoofdlijnen gaat het vooral om vraaggestuurd bouwen in aantallen die passen bij de lokale marktvraag. - Als gevolg van diverse ontwikkelingen zijn de gemeentelijke ambities in de loop der jaren doorlopend bijgesteld. Het meest prominent komt dit naar voren in de fluctuatie in het nieuwbouwprogramma en de plancapaciteit, als gevolg van de continue bijstelling van de prognoses op provinciaal en regionaal niveau. - In kwantitatieve zin zijn de beleidsdoelen voor het woningbouwprogramma concreet en meetbaar geformuleerd. In de woonvisie, het beleidsplan en het coalitieakkoord worden de aantallen nieuw te bouwen woningen telkens in concrete en exacte aantallen benoemd. - In de prestatieafspraken met de corporaties is afgesproken dat de sociale voorraad minimaal behouden blijft. Dit is eveneens een afspraak die exact meetbaar is. Verder worden concrete nieuwbouwaantallen met Wooncompagnie overeengekomen in de jaarschijven van de prestatieafspraken. De andere corporaties hadden in de jaren tot 2020 geen voornemens voor woningbouw in de gemeente. - In kwalitatieve zin zijn de beleidsdoelen niet altijd concreet en meetbaar. Dat past ook bij dit type doelstellingen.
Kwalitatieve doelstellingen zijn vaak zachte doelen die lastiger SMART te maken zijn. In dit geval gaat het om doelen zoals: experimenteren met innovatieve woonvormen, stimuleren van initiatiefnemers om plannen tot ontwikkeling te brengen of het vraaggestuurd toevoegen van woningbouw. -
Vaststelling van beleid door de gemeenteraad
-
Samenhang met provinciale en regionale afspraken
-
-
-
Hoewel kwalitatieve doelen niet altijd SMART zijn, betekent het niet dat deze geen functie hebben. Ze zijn wel degelijk dienend aan de ambities uit het woningbouwbeleid. Er zit een zekere verwevenheid tussen de kwantitatieve en de kwalitatieve doelen. Zo kan het bouwen van 950 nieuwe woningen in de periode 2014-2020 (kwantitatief doel) alleen effect sorteren als deze naar behoefte worden gebouwd (kwalitatief doel: vraaggestuurd). Het gemeentelijke woningbouwbeleid in de periode 2013-2020 is vastgesteld door de gemeenteraad. Dit betreft de lokale woonvisie en het beleidsplan aanpak woningbouwopgave. Documenten die betrekking hebben op de uitvoering van het woonbeleid zijn formeel een collegebevoegdheid. Dit gaat bijvoorbeeld om de prestatieafspraken. Dit soort documenten worden wel ter informatie gedeeld met de gemeenteraad en ook besproken tijdens de raadsvergadering. De opbouw van het woningbouwbeleid in Schagen kent een logische en consistente opbouw in de lijn van provinciaal, regionaal en gemeentelijk beleid. Dit blijkt bijvoorbeeld uit de beleidslijn van provinciale woonvisie naar een Regionaal Actieprogramma Wonen (RAP) naar de gemeentelijke woonvisie. Verschillende beleidsdocumenten bouwen aantoonbaar op elkaar voort.