8. ZVH- De Markiezaten Jaarverslag-2023
Tekst van het document
Deze samenloop zorgt in de praktijk vaak voor grote uitdagingen in de zoektocht naar passende oplossingen. Cliënten voldoen vaak maar voor een deel aan wat organisaties kunnen aanbieden. Zo is de verslavingszorg niet uitgerust voor het behandelen van mensen met psychiatrische problematiek en andersom is de ggz niet uitgerust voor het behandelen van verslavingsproblematiek. Dit dilemma wordt zichtbaar in plaatsingsproblematiek: Voor personen met een combinatie van problematiek is de kans op aansluiting en plaatsing in het reguliere zorgveld simpelweg kleiner. Daarbij spelen ook de continue ontwikkelingen in de maatschappij een rol. Veranderingen in wetgeving, het ontbreken van voorzieningen en schaarste op de woningmarkt zijn factoren die van grote invloed zijn op de oplossingen die voorhanden zijn en de manier waarop de procesregisseurs casuïstiek kunnen aanpakken. 3.4.1. Verslavingsproblematiek Ook in de problematiek zelf zijn ontwikkelingen zichtbaar. Eén van deze ontwikkelingen is de opkomst van de designer drug flakka. De cijfers laten daarin het volgende zien: In 49 casussen is bekend welke soort drug gebruikt wordt. Bij de meeste personen is er sprake van polydrugsgebruik (61 procent), gevolgd door flakka (10 procent).
Soorten drugs 70 60 50 40 30 20 10 0
61
8
8
4
2
4
10
2
Aantal in % Figuur 4 Soorten drugs in procenten
Flakka is een stimulerende drug, waarvan gebruikers veel energie krijgen en zich blij en alert voelen. Bij gebruik van flakka ontstaat er snel een sterk verlangen om het middel opnieuw te nemen (craving). Dit betekent dat flakka erg verslavend is. Collega’s van de OGGZ zien dat het middel vooral wordt gebruikt door de zogeheten gemarginaliseerde gebruikers. Dit zijn de gebruikers die vaak met ernstige en meervoudige problematiek kampen
25
en veelal al bij de OGGZ op de radar staan. Voor hen is flakka aantrekkelijk omdat het gebruik goedkoper is dan bijvoorbeeld GHB, speed of basecoke. Daarnaast is het middel makkelijk verkrijgbaar. Dit zorgt ervoor dat steeds meer gemarginaliseerde gebruikers overstappen op flakka. De problematiek rondom deze drug neemt in district De Markiezaten en de omliggende districten Zeeland en Baronie Breda steeds grotere vormen aan. Met name in de laatste periode van 2023 is het flakkagebruik onder daklozen toegenomen Dit zorgt in de maatschappelijke opvang voor veel overlast en een onveilige situatie. De flakkagebruikers vertonen excessief acting out gedrag, wat zich uit in achterdocht, motorische onrust, oververhitting en agressie. Daarnaast geeft flakka een bepaalde geur af waardoor personeel en andere gasten klachten krijgen als misselijkheid, hoofdpijn en overgeven. 3.4.2. Dubbel- en triple problematiek Het geven van juiste begeleiding is bij personen als bovengenoemde flakkagebruikers lastig omdat er vaak sprake is van een samenloop van problematiek. Vooral een combinatie van verslavingsproblematiek en psychiatrische/psychische problematiek wordt veel gezien.
Bij deze combinatie spreken we van dubbelproblematiek.6 Daarnaast is er bovenop deze twee soorten problematiek vaak ook nog sprake van een (licht) verstandelijke beperking (LVB) of een vermoeden daarvan, waardoor we kunnen spreken van triple problematiek. In de cijfers is triple problematiek niet altijd even zichtbaar omdat een diagnose van LVB vaak ontbreekt. In het ZVH spreken we daarom vaak van een vermoeden van LVB, ook omdat deze problematiek niet altijd duidelijk zichtbaar is. Voor de behandeling van deze samenloop van problematiek is vaak niet één zorginstelling of instantie aan te wijzen. Dit betekent dat mensen in bepaalde situaties van instantie naar instantie trekken en na verloop van tijd soms zelfs op straat belanden, terwijl de problematiek op de achtergrond blijft bestaan en ruimte krijgt om te groeien. 3.5. Jeugdigen In 2023 zijn er 26 aanpakken gestart waarbij een jeugdige betrokken was. In de leeftijd van 0-18 jaar zijn er 8 aanpakken gestart. In de leeftijd van 18-23 jaar zijn dit 18 aanpakken. Dit is een toename ten opzichte van 2022, waar er respectievelijk 6 (0-18) en 10 (18-23) aanpakken op jeugdigen zijn gestart. Met name de stijging in de leeftijdscategorie 18-23 is opvallend. Een mogelijke verklaring voor deze stijging is de toegenomen aandacht voor jeugd in het afgelopen jaar; een ontwikkeling die ook in het jaarplan voor 2023 werd beschreven.
Aantal aanpakken jeugdigen 18
20 10
10
8
6
0 0-18
18-23 2022
2023
Figuur 5 Aantal aanpakken jeugdigen 2022 vs. 2023
6 Stutterheim, T. (2012). Een Dubbele Diagnose: Een inventarisatie van de prevalentie van As I en As II problematiek binnen
de verslavingszorg (Master's thesis, University of Twente).
26
4. Levensloopaanpak De Levensloopaanpak is voor mensen (18+) met gevaarlijk gedrag richting anderen, of hoog risico daarop, én langdurige, terugkerende moeilijk beheersbare problematiek. Daarnaast is er kans op herhaling van het gevaarlijke gedrag. Deze mensen hebben structurerende behandeling, begrenzing en begeleiding nodig. De doelgroep voor deze aanpak is voor het grootste deel al bekend bij het Zorg- en Veiligheidshuis, de ggz, gehandicaptenzorg en/of bij politie/justitie/reclassering. Zij ontvangen al ondersteuning of zorg, staan ergens op een wachtlijst of weigeren tot nu toe hulp. De begeleiding vanuit de Levensloopaanpak duurt zo lang als nodig is. Samen met de betrokken organisaties kan een persoon weer uit de Levensloopaanpak uitstromen. Hierbij wordt gelet op het risico op gevaar, de aanwezigheid van voldoende beschermende factoren en moet iemand minimaal 2 jaar veilig gedrag vertonen. Tabel 8 Aantal aanmeldingen Levensloopaanpak 2023
Gemeente Aanmeldingen Halderberge 1 Roosendaal 2 Geen gem.7 2 Ongetriageerd 1 Totaal 6
Aanpak 1 2 2 5
In 2023 zijn er in totaal 6 casussen aangemeld voor de Levensloopaanpak. Vijf van deze aanmeldingen zijn een aanpak geworden. Eén aanmelding moet nog getriageerd worden. Drie van de zes aanmeldingen zijn gedaan door de gemeente Roosendaal. Twee aanmeldingen zijn afkomstig van gemeente Bergen op Zoom. Eén aanmelding is afkomstig van gemeente Halderberge. In december 2023 waren er negen lopende casussen op de Levensloopaanpak. In 2022 zijn er 5 casussen aangemeld voor de Levensloopaanpak. Inhoudelijk zijn er nog geen cijfers beschikbaar over deze casuïstiek. In 2024 wordt gezocht naar een passende module in PGAx, waarbij heldere en concrete registratie een belangrijke rol inneemt. 5. Zorgcoördinatie mensenhandel In ZVH De Markiezaten is sinds mei 2022 een zorgcoördinator Mensenhandel werkzaam. Met het registreren van de cijfers op deze casuïstiek kunnen we een beter beeld krijgen van de aard en omvang van mensenhandel in de regio. Mensenhandel is onder andere het werven, vervoeren of opnemen en huisvesten van mensen met gebruik van dwang. Het doel van de mensenhandelaar is de uitbuiting van een persoon. In de cijfers wordt onderscheid gemaakt tussen drie soorten uitbuiting: arbeidsuitbuiting, criminele uitbuiting en seksuele uitbuiting. Figuur 7 laat zien dat seksuele uitbuiting het vaakst geregistreerd wordt. Dit zien we terug in 68 procent van de aanmeldingen.
Op de tweede plaats staan arbeidsuitbuiting en criminele uitbuiting met beide 13 procent.
7
‘Geen gemeente’: Dit zijn wel gemeenten uit onze regio, maar we weten niet welke omdat er geen verantwoordelijke gemeente toegekend kan worden als gevolg van ontbrekende informatie.
27
Soort uitbuiting in % 6
13
13
68
Arbeidsuitbuiting
Criminele uitbuiting
Seksuele uitbuiting
Overig
Figuur 5 Soort uitbuiting in procenten
Onderstaande tabel laat zien dat er in 2023 29 aanmeldingen zijn binnengekomen bij de zorgcoördinator. 28 van deze aanmeldingen hebben geresulteerd in een aanpak. Eén aanmelding moet nog getriageerd worden. Daarnaast zijn er 87 adviesgesprekken gevoerd. Net als bij de complexe veiligheidscasuïstiek kunnen de meeste aanmeldingen en adviesgesprekken toegewezen worden aan de gemeenten Bergen op Zoom en Roosendaal.
Tabel 9 Aantal aanmeldingen, aanpakken en adviesgesprekken Mensenhandel 2023
Bergen op Zoom Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Steenbergen Tholen Woensdrecht Geen gem.2 Totaal
Aanmeldingen 7 2 2 10 2 0 2 2 2 29
Aanpak 7 2 2 10 2 0 2 2 1 28
28
Adviesgesprekken 18 6 10 25 3 2 6 4 13 87
Algemene kenmerken in % 2022 vs. 2023 90
83
80 70
77
70
68
70
61
60 50 40
30 20
27
24
18
14
18
9
10
23
13 6
4
0
Herkomst EU Herkomst niet EU
Herkomst Nederland
Geslacht man 2022
Geslacht vrouw
Geslacht anders
Urgentie Ja Urgentie Nee
2023
Figuur 6 Percentages op de algemene kenmerken
In 2022 zijn er respectievelijk 33 aanmeldingen binnengekomen. Deze aanmeldingen zijn allemaal een aanpak geworden. Daarnaast zijn er 58 adviesgesprekken gevoerd. Hoewel het aantal aanmeldingen in 2023 dus licht is gedaald, zijn er wel meer adviesgesprekken gevoerd door de zorgcoördinator Mensenhandel. Wanneer een aanmelding bij de zorgcoördinator van het ZVH binnenkomt, worden er verschillende kenmerken geregistreerd. Deze informatie is niet bij alle aanmeldingen beschikbaar. Deze cijfers zijn dus gebaseerd op wat bij het ZVH bekend is. Bovenstaande grafiek laat zien dat het grootste gedeelte van de personen die aangemeld worden uit Nederland afkomstig zijn. Interessant is dat er ten opzichte van 2022 wel een toename zichtbaar is in het aantal personen dat niet uit de EU afkomstig is. 83 procent van de personen is vrouw, waarbij in de aanmelding geen sprake is van urgentie. 85 procent is meerderjarig. Een kwart is in de leeftijd van 18 tot 23. 15 procent is jonger dan 18.
Leeftijd in % 15
25
60
0-18
18-23
Meerderjarig
Figuur 7 Aantallen op leeftijdscategorie in procenten
29
6. BIJ-overleg en Re-integratie (ex-) gedetineerden
BIJ-overleg 7 6 5 4 3 2 1 0
6 5 4
5
4 3
3
2 1 0 Bergen op Zoom
2
1
1
0
Halderberge
1 0
Moerdijk
Roosendaal Steenbergen 2022
Tholen
Woensdecht Geen gem.
2023
Figuur 8 Aantal aanmeldingen BIJ-overleg
Via BIJ (Bestuurlijke Informatie Justitiabelen) krijgt de burgemeester informatie over de aanstaande terugkeer van gedetineerden die een ernstig geweldsdelict of zedendelict op hun naam hebben staan, met vermelding van het gepleegde delict. Het kan gaan om de definitieve terugkeer of om verlof. Vervolgens kan beoordeeld worden of er als gevolg van deze terugkeer verstoringen van de openbare orde kunnen ontstaan. In 2023 zijn er 16 aanmeldingen geweest voor het BIJ-overleg. Dit is aanzienlijk minder dan de 23 aanmeldingen in 2022. Een oorzaak voor deze daling is lastig te vinden omdat het ZVH voor de aanmeldingen volledig afhankelijk is van de uitstroom van gedetineerden, iets waar geen invloed op uitgeoefend kan worden. Wat wel geconcludeerd kan worden is dat er volgens deze cijfers in 2023 minder plegers van een ernstig geweldsdelict of zedendelict zijn uitgestroomd uit detentie.
In- en uitstroom detentie 600 500 400
382
418
397
377
300 200 100 0 Instroom
Uitstroom 2022
2023
Figuur 9 In- en uitstroom 2022 vs. 2023
Naast de BIJ-meldingen coördineert het ZVH ook de Re-integratie van (ex-) gedetineerden, vanuit de Bijdrageregeling. Het aantal re-integratie trajecten blijft redelijk stabiel over de jaren heen. In 2023 zijn in totaal 397 personen ingestroomd in detentie. 377 personen zijn weer uit detentie gegaan. In 2022 waren dit er respectievelijk 382 (instroom) en 418 (uitstroom).
30
Tabel 10 Cijfers Re-integratie (ex-) gedetineerden 2023
Bergen op Zoom Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Steenbergen Tholen Woensdrecht Geen gem.8 Totaal
In detentie 170 34 37 173 28 31 13 20 89 595
Instroom 114 28 29 130 20 20 8 8 40 397
Uitstroom 116 27 27 126 16 21 10 17 17 377
7. Conclusie Na het analyseren en duiden van alle cijfers kunnen we enkele conclusies trekken over de casuïstiek die in 2023 binnen Zorg- en Veiligheidshuis De Markiezaten is behandeld. Deze conclusies vormen daarmee een beeld van de problematiek in de specifieke context van het ZVH, 9 dat verschillende taken uitvoert: Re-integratie (ex-) gedetineerden, het BIJ-overleg, de zorgcoördinatie van mensenhandel, de Levensloopaanpak, en als kerntaak de complexe veiligheidscasuïstiek. In 2023 zijn in het kader van de complexe veiligheidscasuïstiek 133 casussen aangemeld bij het Zorg- en Veiligheidshuis. 79 aanmeldingen hebben geleid tot een aanpak. 33 aanmeldingen hebben geleid tot een advies. De meesten casussen zijn gemeld vanuit de gemeente Bergen op Zoom en Roosendaal, de twee grootste gemeenten in de regio. De problematiek die het vaakst geregistreerd wordt in de casuïstiek is psychiatrische en/of psychische problematiek, gevolgd door verslavingsproblematiek. (Woon)overlast, (dreigende) dakloosheid, verward gedrag, zorgmijding en geweld worden ook vaak geregistreerd. In de meeste casussen zien we ook een samenloop van deze problematiek. Daarbij is er vaak sprake van maatschappelijke onrust en teloorgang en wordt een gevaarsrisico ook veelvuldig geregistreerd. In de aanpak van deze complexe casuïstiek is samenwerking tussen de verschillende domeinen en ketens van groot belang.
Vooral nu de casuïstiek steeds complexer lijkt te worden. Het vinden van passende oplossingen is echter niet altijd even makkelijk. Dit wordt geïllustreerd door de actualiteiten op het gebied van verslavingsproblematiek en dubbel-/triple problematiek. Met name triple problematiek betekent complexe problematiek en vraagt om uitdagende oplossingen. De samenloop van problematiek betekent in de praktijk dat cliënten vaak maar voor een deel voldoen aan wat organisaties kunnen aanbieden. Zo is bijvoorbeeld de verslavingszorg niet uitgerust voor het behandelen van mensen met psychiatrische problematiek en andersom is de ggz niet uitgerust voor het behandelen van verslavingsproblematiek. Dit dilemma uit zich in plaatsingsproblematiek: Voor personen met een combinatie van problematiek is de kans op aansluiting en plaatsing in het reguliere zorgveld simpelweg kleiner.
8 ‘Geen gemeente’: Dit zijn wel gemeenten uit onze regio, maar we weten niet welke omdat er geen verantwoordelijke
gemeente toegekend kan worden als gevolg van ontbrekende informatie. 9 De cijfers in deze analyse zijn alleen een afspiegeling van de meldingen die bij het ZVH binnen komen. Veel problematiek wordt in het voorliggend veld door andere instanties afgevangen en komt niet bij het ZVH terecht. Deze cijfers zijn dus geen betrouwbare afspiegeling van de volledige problematiek in de regio.
31
Bovenstaande conclusies zijn gebaseerd op de duiding van de cijfers door de procesregisseurs. Deze duiding is belangrijk omdat de cijfers op zichzelf niet het hele verhaal kunnen vertellen. Om de cijfers zo goed mogelijk te kunnen duiden is het van belang dat ze zo volledig mogelijk geregistreerd worden. Ten opzichte van 2023 moet hier in 2024 een verbeterslag in gemaakt worden. Daarbij ligt de focus op het werkproces. In het huidige werkproces worden de kenmerken van de regionale registratielijst ingevuld door de procesondersteuners op basis van de aanmelding en de triage. De informatie die hierbij wordt aangeleverd is echter niet altijd volledig. Een volledig beeld van de problematiek wordt vaak tijdens het eerste ketenberaad gevormd. In 2024 zijn de volgende afspraken gemaakt voor het werkproces: 1. In 2024 zullen de procesregisseurs in samenwerking met de procesondersteuners de kenmerken nalopen naar aanleiding van de uitkomsten van het eerste ketenberaad. Bij deze check kunnen de kenmerken aangevuld en aangepast worden. 2. Wanneer een casus wordt afgesloten zal deze nog een laatste keer worden nagelopen door de procesondersteuners om te kijken of de kenmerken volledig zijn ingevuld. Door deze aanpassingen door te voeren in het werkproces kunnen we in 2025 met behulp van de cijfers een volledig beeld van de problematiek vormen.
Naast de complexe veiligheidscasuïstiek zijn er ook ontwikkelingen op het thema Re-integratie (ex-) gedetineerden. Op dit moment wordt in de cijfers alleen onderscheid gemaakt tussen de instroom en uitstroom in en uit detentie. Dit zegt weinig over de inzet van het ZVH, terwijl er veel werk verzet wordt om de re-integratie van ex-gedetineerden zo goed mogelijk te laten verlopen. Om meer inzicht te krijgen in deze specifieke inzet is het belangrijk om de cijfers dieper te onderzoeken. De vraag die daarbij centraal staat is: Welke casussen vragen om intensievere inzet van onze regisseurs en wat is de achtergrond van deze casussen? In dit kader is per 1 januari 2023 afgesproken dat het ZVH op elke re-integratie-casus waarop daadwerkelijk gelopen wordt, gaat registreren op welk van de vijf leefgebieden de inzet is gepleegd. Dit zijn de specifieke leefgebieden voor reintegratie ex-gedetineerden: werk en inkomen; huisvesting; financiën en schulden; identiteitsbewijs; zorg. Afgelopen jaar hebben de twee re-integratie-regisseurs deze informatie in het systeem vastgelegd. In 2024 zal deze informatie aan de achterkant uit het systeem gehaald kunnen worden. Dit betekent dat er nieuwe cijfers beschikbaar zullen zijn voor analyses, waarmee nog meer diepgang en duidelijkheid gecreëerd kan worden over wat er in Zorg- en Veiligheidshuis De Markiezaten speelt.
32
Bijlagen Bijlage 1 – Landelijke aanmeldcriteria Een casus voldoet aan de definitie ‘complexe problematiek’ wanneer het aan de volgende criteria voldoet: 1. 2.
3. 4.
Er is sprake van meerdere problemen (multiproblematiek) die op meer dan één leefgebied spelen en (naar verwachting) leiden tot crimineel en/of overlastgevend gedrag of verder afglijden; en: Samenwerking tussen meerdere ketens (minimaal dwang en drang) is nodig om tot een effectieve aanpak te komen; het is in de reguliere samenwerking tussen partners binnen één keten niet mogelijk om deze problematiek effectief aan te pakken; en: De problematiek wordt beïnvloed door en heeft impact op het (gezins)systeem en/of de directe sociale leefomgeving (of wordt verwacht dat te gaan hebben); of: Er is sprake van ernstige lokale of gebiedsgebonden veiligheidsproblematiek, die vraagt om een ketenoverstijgende aanpak.
33
Bijlage 2 – Overzicht melders 2022 Tabel 5 Aantal aanpakken per melder 2022
Almata Alwel Emergis Gem. Bergen op Zoom Gem. Halderberge
1 4 2 3 1
Gem. Roosendaal Gem. Ruchpen ZVH
1 1 8
Gem. Woensdrecht Gem. Steenbergen Gem. Tholen GGZ WNB Jeugdbescherming Brabant Mozaïk OGGZ
34
4 3 6 4 2
Politie Politie ZVH Reclassering Nederland SDW Stadlander
7 2 1 1 8
2 6
Stichting Twist ZepXL
1 1