CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

39 BrabantAdvies Publicatie Brabant-sterker-uit-de-crisis

commissie Economie Ruimtelijke Ordening en Milieu 15 september 2021, gemeente RucphenBij agendapunt: Ingekomen stukken16.348 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

HEEL GEWOON?

Met bijna zeven miljoen actieve kunstbeoefenaars, mensen die dus op wekelijkse basis iets doen, is kunst en cultuur in economisch en sociaal opzicht van enorm belang voor de hele Nederlandse samenleving. We waren de coronacrisis niet doorgekomen als er geen cultuur was geweest: geen boek om te lezen, geen muziek om te beluisteren en geen film of livestream om te kijken. De sector draagt voor 3,7% bij aan het BNP, meer dan de landbouw. Er zingen meer mensen actief in koren dan er op voetbal zitten. We moeten dat nog veel en vaak uitleggen, omdat voor lief genomen wordt wat al die mensen doen – ook door henzelf. Erfgoedclubs vinden meestal niet dat ze met kunst en cultuur bezig zijn; de vrijwilligers ‘werken bij een erfgoedmuseum’. Als je aan iemand die in een koor zingt vraagt: doe jij aan kunst en cultuur, zegt hij nee, want ik zing. Iemand die voetbalt, zal er nooit aan twijfelen dat hij ‘sport beoefent’. Kunst en cultuur is van en voor iedereen, dat is de basis voor goed beleid. Het zou goed zijn als we bewust en trots al die mooie dingen kunnen blijven doen. WAARDEVOL

Veel van de zeven miljoen Nederlandse beoefenaars van amateurkunst wonen in Noord-Brabant. Vaak wordt het niet onder kunst en cultuur geschaard, maar de festivals, het culturele erfgoed en de Dutch Design Week horen daarbij en bepalen mede de toeristische aantrekkingskracht van de provincie. In het sociaal domein worden prachtige projecten ontwikkeld en we zijn actief in het onderwijs. Maar kunst en 60

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

cultuur heeft ook een waarde in zichzelf: mensen genieten van concerten, schilderijen, dans, theater. Het bedrijfsleven en zijn belangenbehartigers herkennen in toenemende mate de waarde van kunst en cultuur en het belang van educatie. Daarin investeren is investeren in de medewerkers van de toekomst en hun 21e-eeuwse skills: creativiteit, verbeelding en zelfvertrouwen. Een gemeenschap waar kunst en cultuur floreert, is interessant en fijn om te leven, te wonen en te werken. Dat trekt ook nieuwe mensen aan. Wanneer het bedrijfsleven inzet op kunst en cultuur, is het voor de gemeente extra interessant om er aandacht aan te geven. Het daarvoor benodigde netwerk en die betrokkenheid moet je op lokaal niveau ontwikkelen. TOEKOMST

De Circle of Talent in gemeente Meierijstad past in die lijn. Een aantal grote bedrijven heeft – samen met CHV Academy, een initiatief van Phoenix Cultuur, de gemeente en het onderwijs – een behoorlijke investering gedaan, waardoor alle kinderen in het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs structureel professionele kunst- en cultuureducatie krijgen. Goed beschouwd is een investering in cultuureducatie daarnaast ook een investering in zorg voor de jeugd. Als je een kunstprofessional voor een klas of een groep zet, kan elk kind dankzij de kunsten zichzelf zijn en zich ontwikkelen. Dat is altijd gelijkwaardig en inclusief. Het uitgangspunt van gelijkwaardigheid en eigen ontwikkeling via kunst en cultuur in de klas zou de komende maanden ook kunnen bijdragen aan 61

Cultuur | Brabant sterker uit de crisis

het wegwerken van de achterstanden die scholieren hebben opgelopen door de coronamaatregelen. Op deze manier investeren we in de toekomst van onze kinderen en jongeren én in werkgelegenheid voor onze kunstprofessionals. CULTUUR OVERSTIJGT VERSCHILLENDE DOMEINEN

Achter de schermen is de afgelopen periode heel veel bereikt voor de sector. Door corona hebben we een sterke lobby kunnen inrichten. Vanuit de cultuur, de sport en de recreatie trokken we gezamenlijk op om de belangen te behartigen. De crisis heeft ons ook duidelijk gemaakt waar versterking nodig is. Het logische verband tussen kunst en cultuur en dat wat mensen in hun vrije tijd en in hun werk doen, is een punt waar we als sector sterk op moeten inzetten. Alle overheidslagen hanteren schotten tussen alle domeinen. Kunst en cultuur hebben echter voor al die domeinen betekenis en inwoners bewegen zich ook in al die domeinen. Dat vraagt om ontschotting en een integrale benadering. Verder is het belangrijk dat provincie én gemeenten een klimaat creëren waarin kunst en cultuur kan floreren: de amateurkunst, het onderwijs, de vrije tijd en de professionele kunsten. Dat betekent investeren in arbeidsplaatsen, in werkgelegenheid voor onze sector. Dat heeft een grote economische en sociale waarde. En het gaat daarbij dus niet alleen om subsidie, het gaat ook om aandacht, waardering en het letterlijk en figuurlijk creëren van ruimte.

62

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

BELEID

Noord-Brabant is superrijk aan kunst en cultuur. Het is essentieel dat de provincie het goede voorbeeld geeft, trots is op wat er aan bijzonders gebeurt en op de kaart zet wat cultuur allemaal kan betekenen voor een gemeente en voor de provincie als geheel in relatie tot het vestigingsklimaat en het welzijn van iedereen in de samenleving. Het zou goed zijn als er duurzaam geïnvesteerd wordt in bestaande structuren, makers, organisaties en ontwikkelingen die succesvol zijn. De subsidieregelingen, impulsregelingen, stimuleringsregelingen vereisen voortdurend projectmatig werken en nieuwe ontwikkelingen. Dit is vooral gericht op de korte termijn, terwijl het juist ook zo belangrijk is om te investeren in de toekomstbestendigheid en het uitbouwen en doorontwikkelen van bestaande kwalitatief goede initiatieven, en dus in de lange termijn. Ook is er grote behoefte aan een landelijk referentiekader of een wet waarin vastligt wat de taak is van elke overheidslaag met betrekking tot kunst en cultuur. Een dergelijke wet is er wel voor het bibliotheekwerk en zou ook in onze sector duidelijkheid brengen. Het is aan de sector en aan de overheid om met elkaar in gesprek te gaan over de issues. Op het moment dat je in gesprek bent, komen er oplossingen en conclusies waar de sector én de samenleving profijt van hebben.

Cultuurconnectie is de nationale brancheorganisatie voor cultuureducatie, amateurkunst en volksuniversiteitswerk. Phoenix Cultuur is het centrum voor kunstonderwijs in Meierijstad en initiatiefnemer van de CHV Academy, Circle of Talent.

63

Ruimte | Brabant sterker uit de crisis

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

PIETER VAN GEEL voorzitter Provinciale Raad voor de Leefomgeving/BrabantAdvies

KWALITEITSDENKEN IS LEIDEND BIJ RUIMTELIJKE INRICHTING In Brabant leven we met 2,7 miljoen mensen op 4.000 km2. Dat zijn 675 mensen per km2 – ongeveer 250 mensen minder dan in de provincie NoordHolland. De druk op de ruimte in onze provincie is dus behoorlijk groot. Toch zijn we er in het verleden in geslaagd de verschillende functies zodanig te ordenen, dat Brabant nog opvallend veel waardevolle groene gebieden en een mooi landschap heeft. Het zal de opgave voor de komende jaren zijn, om de ruimtelijke kwaliteit te behouden en te versterken nu de druk van verschillende functies toeneemt. Bovendien zullen er functieveranderingen optreden. Zonnepanelen, windmolens en nieuwe woningen zullen plaats gaan innemen. Het heeft geen zin om dit soort ontwikkelingen in een dynamische provincie als de onze zonder meer te verbieden. We zullen met elkaar moeten blijven zorgen voor een goede ordening. Het probleem is niet de vele ruimteclaims, de vele functies als zodanig. Die claims zijn van alle tijden. Brabant is ook niet vol. Al in de jaren 80 schreef de toenmalige directeur van het PON, de heer Kuijpers, een artikel met als kop daarboven: ‘De Volte van Brabant’. Daarin gaf hij aan dat Brabant niet vol is, maar ongestructureerd ingericht. De uitdaging is om een kwalitatief goede inrichting tot stand te brengen met een heldere ruimtelijke hoofdstructuur en toe te passen principes daarbij.

Het is als met 64

een chaotisch ingerichte woonkamer: die lijkt ook veel voller als er geen structuur bij de inrichting ervan is aangebracht. STRUCTUUR

In onze provincie zijn structurerende elementen bij de inrichting goed aan te geven. Naast de bestaande steden en dorpen zijn dat: onze natuurgebieden, onze beekdalen, de kleinschalige cultuurhistorische belangrijke landschappen, maar ook de schaarse open ruimte op de kleigebieden. Wellicht verrassend, maar in mijn ogen ook de waardevolle landbouwgebieden. De verder structurerende principes zijn ook boeiend en van belang: bijvoorbeeld eerst herstructureren van bestaande bebouwing en daarna pas nieuwe verstedelijksruimte aanmaken. Maar ook het ondersteunen van kringlooplandbouw, klimaatadaptie, vergroting van de biodiversiteit kan vertaald worden in structuurbepalende elementen. Van de vastgelegde hoofdstructuur blijven wij in principe af. Met uitzondering van beheer en onderhoud, precies zoals we dat met een schilderij van Van Gogh doen. Dat gaan we ook niet ontwikkelen, maar bewaren en beheren we met liefde. De minder aantrekkelijk ingerichte gebieden kunnen we met elkaar ontwikkelen, zodat de kwaliteit versterkt wordt. Dat geldt bijvoorbeeld voor traditionele bedrijventerreinen en zelfs voor ‘verrommelde’ landbouwgebieden. Daar kun je nieuwe functies zodanig inbrengen dat de landschappelijke kwaliteit van het gebied toeneemt. Want nieuwe (economische) activiteiten van mensen stellen nieuwe eisen aan de inrichting van de ruimte. Bijvoorbeeld de opkomst van de logistiek. 65

Ruimte | Brabant sterker uit de crisis

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

VERDOZING

We kunnen natuurlijk zeggen dat wij geen groei van logistieke parken in onze provincie willen. Daar betaal je dan een prijs voor. Die groei is een gevolg van de mondiale ontwikkeling van de economie waaraan je je moeilijk kunt onttrekken; de assemblage van goederen en de distributie zijn uitermate belangrijk geworden. Mondiaal maar ook binnen Europa. De Brabantse arbeidsmarkt is een aandachtspunt, maar ook de ruimtelijke kwaliteit van de distributiecentra roept veel reacties op. Over dat laatste aspect zouden we ons vooral druk moeten én kunnen maken. De logistieke ontwikkeling gaat namelijk gewoon door. Door echter niet onachtzaam om te gaan met de ruimte en hoge kwaliteitseisen te stellen aan locaties en uitstraling, kunnen we ook dit soort functies inpassen. APPELS EN PEREN

Het is een kerntaak van politici en bestuurders om de belangen van allerlei partijen op een verantwoorde wijze te managen. Dat betekent dat je af en toe leed moet toebrengen, omdat je het ene belang moet laten prevaleren boven het andere. Ruimte en financiële middelen zijn nu eenmaal schaars. De politiek heeft dus te maken met een verdelingsvraagstuk, waarin zij afwegingen behoort te maken. Daarbij kun je als bestuurder vrijwel nooit iedereen tevredenstellen. In het huidige tijdsgewricht is dat geen eenvoudige opgave, omdat de acceptatie van overheidsbesluiten geen vanzelfsprekendheid is. In dienst van de besluitvorming verdient de communicatie met en de participatie van burgers veel aandacht en de

Bos & natuur

Bebouwd

Binnenwater

Recreatie

Semi-bebouwd

Bodemgebruik Noord-Brabant (in hectare), 2015

Landbouw

Verkeer Bron: CBS

uiteindelijke besluiten moeten heel goed onderbouwd worden. Een praatcircus en mistige informatie zijn absoluut niet helpend. En bij dat alles moet bedacht worden dat het ongelijksoortige zaken zijn die vergeleken moeten worden: economische en financiële belangen versus stilte, een aangename en gezonde leefomgeving. In het begrip brede welvaart proberen we gelukkig in toenemende mate deze elementen te vangen in een gestructureerd besluitvormingsproces. Maar het blijven appels en peren die vergeleken moeten worden. En laat er nou een beroepsgroep zijn die dat mag en moet doen: onze politici en bestuurders. Die mogen ons geen knollen voor citroenen verkopen, maar moeten wel appels met peren vergelijken. GRIESMEEL

Ten slotte nog twee opmerkingen. Als het gaat om de inrichting van de ruimte in Brabant, is een vergelijking met griesmeelpap op zijn plaats: je kunt steeds griesmeel blijven toevoegen, maar 66

67

Ruimte | Brabant sterker uit de crisis

op een gegeven moment stolt plotseling de pap. Je kunt heel lang onachtzaam functies toevoegen en nog steeds blijft het Brabantse landschap Brabants. Tot het op enig moment zo vol en ongestructureerd is, dat het te laat is. Je moet dus ontzettend opletten, want als functies op verkeerde plekken liggen, wordt de identiteit van onze provincie aangetast. We zijn er tot nu toe in geslaagd om natuurgebieden en open ruimtes te creëren dan wel te behouden, waardoor je niet het gevoel hebt dat er hier zoveel mensen en bedrijven zijn. Maar het wordt allemaal wel moeilijker en duurder om gestold griesmeel te vermijden. En dat is mijn laatste opmerking: kwaliteit kost geld, dat weet iedereen. Een mooie leidraad zou kunnen zijn om de inrichting en invulling van de ruimte op zo’n kwaliteitsniveau te brengen dat onze kleinkinderen dat nog als kwaliteit zien. Moeilijk? Valt wel mee! Wat wij nu als kwaliteit aanvaarden, werd in de meeste gevallen ook door onze voorouders al zo beschouwd: bepaalde woonwijken, landgoederen, natuurontwikkeling. Mensen hebben intuïtief een gevoel voor wat kwaliteit is. Dus ook bestuurders en politici.

68

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

Wat wij nu als kwaliteit aanvaarden, werd in de meeste gevallen ook door onze voorouders al zo beschouwd. PIETER VAN GEEL voorzitter Provinciale Raad voor de Leefomgeving/BrabantAdvies

69

Ruimte | Brabant sterker uit de crisis

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

MARTINE SLUIJS Stadmaker/Parkmaker, directeur-eigenaar PIP&Partners

STAD EN PLATTELAND: SAMEN MAKEN WE ÉÉN GROOT PARK Ik houd me bezig met de publieke en openbare ruimte in stedelijke gebieden om die leefbaarder, gezonder, socialer, klimaatbestendiger en biodiverser te maken. Ik zie het landschap van de stad en het ommeland eigenlijk als één geheel. En als we groeien, dan moeten we samen groeien. Als de stad groeit, dan groeit het groen dus mee. Ik noem dat parkinclusief ontwikkelen. Ik wil op dat gebied een beweging in gang zetten. Met groen landschap bedoel ik niet alleen natuur maar ook cultuurhistorische waarden, recreatie en stedelijke landschappen waar mensen gezond kunnen leven. In Brabant is er nog groene ruimte buiten de steden en is de druk minder groot dan in Midden-Nederland, waar veel wordt gebouwd en er een harde grens ontstaat tussen stad en natuur. Het is nu nog mogelijk om in Brabant te werken aan een zachte overgang en natuurlijke verbindingen tussen de steden, de dorpen en het omringende landschap. Die kans moeten we ons niet laten ontglippen. Eén van de effecten van corona was dat mensen zich zo opgesloten voelden in hun binnenruimte, dat ze ook de ruimte buiten zijn gaan beschouwen als ‘thuis’. Ze gingen veel lopen, wandelen, plekjes ontdekken. Juist dat lopen biedt kansen: langs de looproutes kun je groene verbindingen aanleggen en je kunt 70

de looproutes uitbreiden zodat mensen makkelijker de stad inen uitlopen. Zo worden de looproutes groene scheggen. Verder zijn veel mensen op de e-bike gestapt. Voor hen is het landschap opeens veel dichterbij gekomen. Door de routes voor de fietsers te verbeteren, kun je voorkomen dat mensen met de auto de natuurgebieden in trekken. Hier ligt een rol voor de overheid om gebruik te maken van wat mensen gingen doen. ONTDEKKING

Het buitengebied werd in coronatijd als het ware ‘ontdekt’ door een nieuwe groep mensen. Zij gingen met een andere drijfveer het bos in dan de vrijwilligers en donateurs van de natuurorganisaties, de vogelaars, enzovoort. Die ‘nieuwe’ groep mensen zag het buitengebied als iets vanzelfsprekends wat ze konden gebruiken, niet als iets om te koesteren en te verzorgen.

In Brabant is er nog groene ruimte buiten de steden. De uitdaging is om deze mensen te laten ervaren wat de grotere betekenis van natuur is en hen ermee te verbinden en op die manier te enthousiasmeren om bij te dragen aan het beheer en onderhoud. Door in de stad met hen in gesprek te zijn over de natuur in de stad en hoe je daarvoor kunt zorgen, kun je dat ook verplaatsen naar de buitengebieden. Het werkt hetzelfde. DICHTERBIJ

Wat ik namelijk zag gebeuren was dat mensen zich bewuster 71

Ruimte | Brabant sterker uit de crisis

Als de stad groeit, dan groeit het groen dus mee. Ik noem dat parkinclusief ontwikkelen.

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

werden van de waarde van hun woonomgeving. Ze gingen massaal voor het groen in hun omgeving zorgen en groene plekken in wijken en buurten zelf beheren. Die beweging moeten we koesteren en uitbouwen. Door de stad en de omgeving als één groot park te beschouwen en daarover met elkaar in gesprek te gaan, kun je het groen van de ene buurt verbinden met het groen van een andere wijk, zodat ook de mensen verbinding gaan maken. Dat zijn andersoortige verbindingen dan de verbindingen vanuit landschapsperspectief of stedenbouwkundig perspectief. Mensen kiezen andere logische looproutes en andere logische contacten tussen wijken en die kun je combineren met de landschappelijke invalshoek. De aanpak is geen format, maar iets wat ontstaat als je in gesprek gaat. Daarbij is de belangrijkste vraag hoe mensen het groen in hun buurt met elkaar groter kunnen maken. Ook bespreek ik wat logische routes zijn om in verbinding te komen met het buitengebied en ook die routes gaan we vergroenen.

MARTINE SLUIJS Stadmaker/Parkmaker, directeur-eigenaar PIP&Partners

GRASSROOTS

Op stadsniveau gaat het nu echt om de mensen zelf: zij nemen de initiatieven en die beweging kunnen we ondersteunen en laten groeien. Essentieel is daarbij: geen regels en sturing, maar de groepen opzoeken en hun ideeën verbinden. Hou het dichtbij, licht en luchtig. Het is dus zeker niet goed om met het vingertje te wijzen en mensen op te voeden. Dan raak je hen kwijt. Al die mensen hebben immers een eigen behoefte en motivatie om te vergroenen: klimaat, biodiversiteit, lekker 72

73

Ruimte | Brabant sterker uit de crisis

wandelen. In wijken waar mensen niet zo met groen bezig zijn, bijvoorbeeld vanwege andere problemen, kun je aan de slag vanuit de eigen beleving en behoeften van mensen: in de schaduw zitten of een moestuin aanleggen. Bij elkaar opgeteld maken de initiatieven de stad klimaatbestendig en natuurlijk. Door de groepen op te zoeken, naar hen te luisteren, de initiatieven aan te jagen, hoef je als overheid niet zelf alle elementen uit het Deltaprogramma op te pakken. Je gaat sneller en mogelijk gaan mensen zelf een deel van het beheer en onderhoud op zich nemen. Want dat zal op den duur een forse kostenpost worden op de gemeentelijke begroting.

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

MENS - LEEFOMGEVING - RUIMTE - MOBILITEIT - ECONOMIE

Alle initiatieven gaan over mensen, hun gezondheid en hun leefomgeving. Grow with the flow! Het gaat om een beweging die experimenteel op gang geholpen wordt. De provinciale overheid zou daarvoor budget vrij moeten maken en moeten ondersteunen bij de communicatie door een podium te bieden. Uiteraard heeft de provincie grote invloed op het ruimtelijk beleid: als er gebouwd wordt, dan is dat natuurinclusief en moet er ook ruimte zijn voor natuur.

Grow with the flow! Daarbij moet ook vooraf geregeld zijn dat die nieuwe natuur onderhouden wordt, waarvoor een businesscase opgesteld kan worden in nauwe samenwerking tussen provincie en projectontwikkelaars. Tot slot heeft de overheid ook invloed op de mobiliteitsaspecten die samenhangen met de nieuwe ontwikkelingen. Voorkomen moet worden dat de groenstructuren doorkliefd worden door de snelst mogelijke verbindingen tussen A en B. Dat tast de landschappelijke verbindingen aan. Het gaat erom kwaliteit toe te voegen!

Nederland

Noord-Brabant

West-Brabant

Midden-Brabant

Noordoost-Brabant

Zuidoost-Brabant

0%

5%

Bos

10%

15%

Open droog natuurlijk terrein

Aandeel bos en open natuurlijke omgeving in totaal bodemgebruik (% in hectare), 2015

20%

25%

30%

Open nat natuurlijk terrein

Bron: CBS

74

75

Ruimte | Brabant sterker uit de crisis

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

CEES-JAN PEN lector De Ondernemende Regio Fontys Hogeschool Economie en Communicatie, raadslid SER Brabant/BrabantAdvies

HET VERGROOTGLAS OP DE RETAIL

3.000

De retail en de horeca verkeren in zwaar weer en de voortekenen zijn somber. Dat heeft zijn weerslag op steden en grotere kernen: er wordt een grote toename van de leegstand voorspeld. Dankzij de steunpakketten van het kabinet is dat nog niet echt zichtbaar, maar het is de stilte voor de storm, vrees ik. Daarom is nu het moment om échte keuzes voor transformatie te maken.

2.500

2.000

Winkelleegstand nam al vóór de crisis toe. Er zijn analyses, onder andere vanuit de landelijke Retailagenda, het Retail Innovation Platform en kennisinstellingen als Platform31 en PBL en met name de grotere steden hebben een detailhandel- en binnenstadvisie. Om echter van woorden naar daden te komen, zijn keuzes nodig en in het verlengde daarvan budget, doorzettingsmacht en plannen om de ondersteuning van Rijk en provincie te benutten.

76

Aantal leegstaande (winkel)panden in Noord-Brabant

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

2012

2011

2010

2009

2008

2007

2006

2005

De coronacrisis legt het vergrootglas op een ontwikkeling die in de detailhandel al gaande was. Er is een krimp te verwachten van 10 tot wel 30% met in het verlengde daarvan leegstand in de winkelstraten. Voor de horeca lijkt het probleem minder groot; er zullen zeker bedrijven zijn die de crisis niet overleven, maar er lijkt in deze sector minder overaanbod. De meeste gemeentes erkennen de problematiek en zijn aan het voorsorteren.

2004

1.500

Bron: locatus

OPLOSSINGEN

Het is duidelijk dat de stadscentra de komende jaren compacter en vitaler moeten worden. Dat kan bijvoorbeeld door aanloopstraten die vaak al beginnen te verpauperen, te saneren en er woningbouw terug te brengen. Dat biedt ook enig soelaas voor de huidige woningnood. Een dergelijke transformatie is niet overal interessant, maar op basis van analyses worden mogelijkheden zichtbaar. Verder is verplaatsing van goed lopende zaken naar het kernwinkelgebied een optie. Ook kan een gemeente een bepaald type winkels dat verrijkend is voor het centrum, niet langer toestaan in de wijkwinkelcentra of de retailcentra aan de stadsranden. Dit soort maatregelen vragen echter een duidelijk kader, samenwerking met vastgoedeigenaren en, wat heel belangrijk is: regionale 77

Ruimte | Brabant sterker uit de crisis

samenwerking en solidariteit. In Brabant bestaat een goede kennisuitwisseling binnen de regio’s maar het is iets heel anders om gezamenlijk zware keuzes te maken, waarvoor veel geld nodig zal zijn.

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

de openbare ruimte op de schop te nemen. Voor steden als Eindhoven en Den Bosch, die nog in een opwaartse lijn zaten, betekende de coronacrisis een enorme shock: van drukste winkelstraten naar stilte. Het was blijkbaar nauwelijks voorzien dat dit zou gebeuren…

In Brabant bestaat een goede kennisuitwisseling binnen de regio’s, maar het is iets heel anders om gezamenlijk zware keuzes te maken.

Uiteraard zal het realiseren van de transformatie behoorlijk wat tijd gaan kosten. Toch maken verschillende gemeentes al bewegingen in de goede richting. In Oosterhout heeft de gemeente bijvoorbeeld een zieltogend winkelcentrum opgekocht en er na een verbouwing gemeentelijke afdelingen in gehuisvest. Ook de gemeente Oss maakte keuzes: ze kochten en sloopten het voormalige pand van V&D om publieke voorzieningen in het Wal Kwartier te huisvesten. Ook in Waalwijk, Veghel en Deurne worden stappen gezet. VOLOP Den Bosch brengt levendigheid terug in de stad door leegstaande panden een culturele invulling te geven en Tilburg is al langere tijd bezig om de binnenstad te verbouwen en 78

8% Totaal

4% Verspreide winkels

2

BRABANTSE OPLOSSINGEN

Wijkcentrum

4

Dorp-stadcentrum

6

8%

9%

8

Verdergaande professionalisering van de regionale samenwerking is daarom essentieel. Als gemeentes elkaar beconcurreren en zichzelf rijk blijven rekenen met bezoekersaantallen, gaat het niet lukken.

Woonboulevard

10

12%

12

0

Leegstandspercentage per type winkelgebied, Noord-Brabant, 2019

Bron: locatus

SHOCK-EFFECT

Webwinkelen had natuurlijk al een aantal jaren effect op de retail, maar de Covid-crisis betekende ook een trendbreuk in steden waar de effecten beperkt leken. Dit leidt tot ingrijpende vragen over de toekomst. Moeten we blijven denken in termen van groei? Of kunnen we door kwaliteit te bieden zorgen dat mensen blijven komen? De binnensteden veranderen van winkelcentra naar plaatsen waar wonen, beleving en winkelen 79

Ruimte | Brabant sterker uit de crisis

samenkomen. Van place to buy naar place to be and live. Dat vraagt ook om ruimte voor retailsectoren die in de lift zitten, zoals food, vakmanschap en het ambachtelijke segment.

De binnensteden veranderen van winkelcentra naar plaatsen waar wonen, beleving en winkelen samenkomen. Ondernemers die goed inspelen op de nieuwe consument, service en verduurzaming hebben de toekomst. Winkelbezoek blijft zo een belangrijke bron voor aankopen in centra. Winkels blijven, maar ze zijn niet altijd meer primair. Er komen ook culturele en werkgerelateerde functies, wonen, evenementen en horeca. Er is een bredere kijk nodig om te zien waarom mensen nog naar deze plek willen komen, iets waar individuele winkeliers en winkelketens tot nog toe weinig in investeerden. Het is zaak krimp en sanering gelijk op te laten lopen met ruimte voor nieuw ondernemerschap. ANDERE CATEGORIE

Bij een dergelijke transformatie gaat het om ingewikkelde processen, die van een gemeentelijke organisatie veel vragen: kennis, sterke analyses en voldoende capaciteit in de voorbereiding en in de uitvoering. Er is bij gemeentes een groot besef dat de kwaliteit van de openbare ruimte en de leefomgeving belangrijk zijn voor een vitale stadskern. Ik signaleer dat er door de huidige crisis veel meer wordt geïnvesteerd in het vergroenen en het autoluw maken van

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

stadscentra. Wie nu echter besluit om de openbare ruimte op te knappen, kan er over een tijdje achter komen dat er meer nodig is. Naast het inkrimpen en aantrekkelijker maken van het winkelhart, zullen zaken als verduurzaming van gebouwen en de behoefte aan woningen aandacht vragen. Het is in mijn ogen beter om nu op gebiedsniveau te kijken en een integraal plan te formuleren. MEER DIMENSIES

Op het eerste oog lijken de noodzakelijke ingrepen vrij eendimensionaal en kan de woningmarkt zeker een deel van het vraagstuk oplossen. Maar het probleem ligt dieper: er moet ook een nieuwe balans gezocht worden tussen de fysieke en de sociaaleconomische aspecten van de transformatie.

Naast het inkrimpen en aantrekkelijker maken van het winkelhart, zullen zaken als verduurzaming van gebouwen en de behoefte aan woningen aandacht vragen. Zo is er het vraagstuk van de verborgen armoede onder kleine winkeliers die één of enkele panden in bezit hebben op ongunstige locaties. Zeker buiten de grote steden zien deze mensen hun pensioen verdampen als hun pand niet meer te verhuren blijkt voor de retail. Daarvoor is een sociaal vangnet nodig. Daarnaast is er het aspect van de werkloosheid. De retail biedt immers zo’n 10% van het totale aantal banen. Voor medewerkers die hun baan dreigen te verliezen, zijn

80

81

Ruimte | Brabant sterker uit de crisis

Voor medewerkers die hun baan dreigen te verliezen, zijn opleidings- en scholingstrajecten wenselijk.

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

opleidings- en scholingstrajecten wenselijk. Te denken valt aan het inzetten van de opbrengsten van de woningbouw voor de vraagstukken die samenhangen met de transitie naar een heel ander soort stadshart. Op tal van terreinen zijn daarvoor samenwerkingen nodig, niet alleen met retaileigenaren, maar ook met organisaties als woningcorporaties, culturele instellingen en UWV. Corona heeft het vergrootglas gelegd op de ontwikkelingen die al aan de gang waren. De eerste stappen richting de toekomst zijn gezet, het is aan de gemeentes én de regio’s om nu door te pakken!

CEES-JAN PEN lector De Ondernemende Regio - Fontys Hogeschool Economie en Communicatie, raadslid SER Brabant/BrabantAdvies

82

83

Mobiliteit | Brabant sterker uit de crisis

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

LUC BOOT coördinerend adviseur, Raad voor de leefomgeving en infrastructuur

BELEID VOOR MOBILITEIT EN BEREIKBAARHEID: TIJD VOOR EEN BREDERE BLIK We zitten in een ingewikkelde, indringende maar ook interessante periode van grote veranderingen. Ook op het gebied van mobiliteit en bereikbaarheid. De manier waarop we gewend waren de dingen te organiseren en te laten werken, is steeds minder vanzelfsprekend. Dat biedt kansen om bestaande patronen en gewoontes in te ruilen voor een andere blik op mobiliteit en bereikbaarheid. De Tweede Kamer vroeg de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) om hierover te adviseren. In het advies ‘Naar een integraal bereikbaarheidsbeleid’ pleit de Rli voor een integrale benadering van de bereikbaarheidsvraagstukken van de toekomst.

DIFFERENTIATIE

Mobiliteit is zelden een doel op zich. Het is een middel om naar je werk te gaan, boodschappen te doen of op visite te gaan bij vrienden of familie. Mobiliteit maakt activiteiten mogelijk. Maar hoe en hoe ver je je daarvoor moet verplaatsen, hangt sterk af van waar die activiteiten zich bevinden.

We vinden inkomen en werkgelegenheid belangrijk, evenals onze sociale contacten, maar we willen ook een schone leefomgeving en een stabiel klimaat. Hoe passen bereikbaarheid en mobiliteit daarbinnen? Bereikbaarheid gaat daarmee ook over nabijheid: hoe richten we de ruimte in, waar bouwen we nieuwe woningen of voorzieningen? Een bredere blik op bereikbaarheid betekent ook verschillende doelen tegen elkaar afwegen. Denken in termen van brede welvaart helpt daarbij. We vinden inkomen en werkgelegenheid belangrijk, evenals onze sociale contacten, maar we willen ook een schone leefomgeving en een stabiel klimaat. Hoe passen bereikbaarheid en mobiliteit daarbinnen?

Mobiel zijn, je verplaatsen, reizen maken: het zijn natuurlijke menselijke behoeften. Het mobiliteitsbeleid in Nederland is erop gericht om die menselijke behoefte te faciliteren. Hoe kan iedereen zo snel en efficiënt mogelijk van A naar B? Al die verplaatsingen beginnen op allerlei manieren behoorlijk te knellen. Niet alleen in de vorm van langere files en drukkere treinen, maar ook vanwege de gevolgen voor klimaat en leefomgeving. Toch is het weghalen van verkeerskundige knelpunten met een infrastructurele ingreep nog steeds een veel voorkomende reflex. De Rli pleit voor een bredere blik op mobiliteit en bereikbaarheid.

KEUZES

Door bij brede welvaart te beginnen en daarbinnen prioriteiten te stellen, kom je tot andere beleidskeuzes dan wanneer het faciliteren van verplaatsingen het uitgangspunt is. Politieke keuzes zijn dan onvermijdelijk, ook provinciaal en gemeentelijk. Klassieke tegenstellingen tussen politieke 84

85

Mobiliteit | Brabant sterker uit de crisis

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

partijen staan een bredere blik op bereikbaarheid nog weleens in de weg: ov is ‘links’ en de auto ‘rechts’. Dit soort overtuigingen zijn politiek vaak sterk verankerd, maar ze zijn niet langer van kracht. De modaliteitskeuze hangt vooral af van de persoon in kwestie, diens levensfase, leefomgeving, mogelijkheden, wensen, reisdoel, enzovoort. Dat vraagt om zoeken naar oplossingen die passen bij de verschillende doelgroepen.

Diensten, persoonlijke verzorging Onderwijs volgen, cursus, kinderopvang Zakelijk, beroepsmatig Toeren, wandelen Overige reismotieven Winkelen, boodschappen doen Uitgaan, sport, hobby Visite, logeren Van en naar het werk 0

8.000

500 2019

7.000

1.000

1.500

2.000

2.500

3.500

4.000

2020

Afgelegde afstand naar reismotief, Noord-Brabant Gemiddeld per persoon (6 jaar of ouder) per jaar

6.000

3.000

Bron: CBS

5.000 4.000

Als gevolg daarvan doen we in hoog tempo ervaringen op met digitale alternatieven voor fysieke verplaatsingen. Bijvoorbeeld op de werkplek. Lang niet alles gaat goed (“Luc, je microfoon staat uit”) en we missen spontane ontmoetingen en onverwachte gesprekken. Maar heel veel blijkt wel mogelijk, en sommige zaken gaan zelfs makkelijker. Met één druk op de knop naar een gesprek of webinar, in plaats van een paar uur op pad om iemand te spreken of een bijeenkomst bij te wonen. Het is zaak de lessen die we door de coronacrisis hebben geleerd, vast te houden en maatregelen te nemen die ervoor zorgen dat mensen een bewuste afweging maken over hun verplaatsingen. Dat gaat verder dan alleen gedragsmaatregelen of vrijwillige afspraken met werkgevers of

3.000 2.000 1.000 0

Personenauto Personenauto (bestuurder) (passagier) 2019

Fiets

Overig

Trein

Lopen

Bus/tram/metro

2020

Afgelegde afstand naar vervoerswijze, Noord-Brabant

Bron: CBS

LESSEN VASTHOUDEN

Tijdens de coronacrisis bevinden we ons plotseling in een wereld waarin verplaatsen helemaal niet meer de norm is. 86

87

Mobiliteit | Brabant sterker uit de crisis

onderwijsinstellingen. Kansrijke concepten als hybride werken en Mobility as a Service (MaaS) gaan daarbij helpen. Dit soort ontwikkelingen zitten in de lift, omdat ze aansluiten bij een behoefte. Ook voor gemeenten en provincies is het zaak om het momentum dat er nu is, te benutten. Dat betekent: aan de slag gaan met het faciliteren van digitale alternatieven voor bereikbaarheid, denken vanuit de kansen en mogelijkheden die er zijn, leren van wat er goed, maar ook van wat er niet goed gaat. Zo kom je tot nieuwe manieren om bij te dragen aan een betere bereikbaarheid.

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

Bij het zoeken naar nieuwe oplossingen is het verder zaak om de ervaringsdeskundigheid en kennis die bewoners hebben van hun gebied, stad of regio te benutten. Dat is ook innovatie. LUC BOOT coördinerend adviseur, Raad voor de leefomgeving en infrastructuur

MEER DAN TECHNIEK

Een deel van de oplossingen die er zijn voor een integrale bereikbaarheid, vragen om technische innovaties. Die technische invalshoek sluit goed aan bij de wereld van infrastructuur en verkeer & vervoer; van oudsher toch het domein van ingenieurs en van grote technische ingrepen en kunstwerken. Maar technische innovaties zijn maar een deel van het verhaal. Het gaat ook om sociale innovatie en de bijbehorende veranderende samenwerkingsvormen tussen ketenpartijen, maar zeker ook met eindgebruikers. Dat vraagt om op zoek te gaan naar nieuwe partijen die kunnen helpen om de noodzakelijke innovaties op gang te brengen en naar nieuwe manieren om hun inbreng aan tafel te krijgen. Het huidige mobiliteitssysteem is vanuit een bepaalde context ingericht en vervolgens verder geoptimaliseerd. Nu de context en daarmee de opgaves wijzigen, is het belangrijk om andere concepten en werkwijzen te integreren in het beleid, door ook 88

89

Mobiliteit | Brabant sterker uit de crisis

partijen te betrekken die in het speelveld nog niet zo’n vaste plek hebben. Kleinere bedrijven bijvoorbeeld die actief zijn in de platformeconomie. Daarin ligt een belangrijke rol voor de overheid als opdrachtgever. Bij het zoeken naar nieuwe oplossingen is het verder zaak om de ervaringsdeskundigheid en kennis die bewoners hebben van hun gebied, stad of regio te benutten. Dat is ook innovatie: in gesprek gaan met burgers om oplossingen te vinden die aansluiten bij de wensen en mogelijkheden van verschillende doelgroepen. GEBIEDSGERICHT SAMENWERKEN

Besluitvorming over grote infrastructuurprojecten waar Rijksmiddelen voor nodig zijn, vindt in Nederland plaats binnen de kaders van het MIRT, het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport. De middelen komen voor een groot deel uit het Infrastructuurfonds. Dit fonds is recent omgedoopt tot Mobiliteitsfonds.

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

programmatisch werken’. Het idee hierachter is dat de reflex om oplossingen vooral te zoeken in grote infrastructurele projecten verder afneemt door te werken met een programma waarin grote en kleine maatregelen samenkomen. In ZuidNederland is dit SmartwayZ.NL: een programma dat zich richt op 8 opgaven en waaraan meer dan 150 partijen samen werken. Zo’n bereikbaarheidsprogramma maakt een meer integrale afweging mogelijk. Bestaande oplossingen voor mobiliteit en bereikbaarheid, maar ook digitale varianten, ruimtelijke afstemming van wonen, werken en vrije tijd en de bijbehorende kostenplaatjes krijgen zo hun plek. De komende jaren is het wat de Rli betreft zaak om deze aanpak door te zetten en, mede aan de hand van de ervaringen die worden opgedaan met SmartWayZ.NL, ook in andere delen van het land op te pakken.

Nu de context en daarmee de opgaves wijzigen, is het belangrijk om andere concepten en werkwijzen te integreren in het beleid. Met deze naamswijziging staat niet langer de modaliteit (weg, spoor of water) centraal en het geld hoeft ook niet uitsluitend naar infrastructuur te gaan. Een goede stap naar een integraal bereikbaarheidsbeleid. In het kielzog daarvan worden in verschillende regio’s ervaringen opgedaan met ‘gebiedsgericht 90

91

De toekomst aan het woord | Brabant sterker uit de crisis

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

DE TOEKOMST AAN HET WOORD BETREK ONS, HET GAAT OVER ONZE TOEKOMST! Last but not least: een reflectie op de lessen uit corona vanuit een jongerenperspectief. De te maken keuzes en veranderingen hebben immers impact op de toekomst. De stem van de jongere is hierin niet alleen relevant, de jongeren vragen ook om ruimte om deze veranderingen te helpen versnellen. De start van onze loopbaan viel kort voor de coronacrisis. We hadden allebei een traineeship. Dan hoop je op evenementen met mede-trainees en on-site trainingen, samen in een groep ergens naartoe te werken, zodat je je toegevoegde waarde en je kwaliteiten kunt verkennen en ontwikkelen. Dat is moeilijk als je geen feedback krijgt of als je opdracht vanwege de crisis geen prioriteit heeft. Trainingen gingen in een aangepaste vorm online door, maar je mist het belangrijke informele contact over wat ieder ervaart. Je bent op jezelf aangewezen. De overgang van studie naar werk is ook buiten coronatijd groot. In het najaar van 2020 was daarbij de arbeidsmarkt erg onzeker. Het was maar de vraag of er passende vacatures zouden zijn. Achteraf viel dat mee, al is online solliciteren geen pretje. En je loopbaan starten in een situatie van thuiswerken is ingewikkeld. Wij hebben allebei werk nu, maar missen het contact met collega’s dat nodig is om de relevantie van je werk te checken.

Doordat je weinig zicht hebt op de netwerken in een organisatie, is een project uitvoeren of leiden extra moeilijk. Het is ook best wel een klus om je collega’s te leren 92

kennen, meerwaarde te bieden en te werken zonder de kleine aanwijzingen van je leidinggevende. Informeel contact moet je zelf organiseren. Je bent op jezelf aangewezen en dan is het aan jou om je te positioneren in een bedrijf. Dat is niet voor iedereen even gemakkelijk. We denken dat er door het isolement veel potentie is gemist: jongeren die vastlopen in hun studie en hun werk en niet weten of ze bij de juiste organisatie, het juiste team of de juiste collega’s zitten. Digitaal is het lastig vast te stellen of je ergens tot je recht komt.

Studenten hebben het op vele fronten heel zwaar gehad. Het stramien ‘van negen tot vijf’ is inmiddels wel verwaterd. Dat is voor ons jongeren prima. Veel jongeren hebben behoefte aan die flexibiliteit: de een functioneert nu eenmaal beter in de avonduren, de ander verdeelt de werkzaamheden over de hele dag. Nu is het moment om dit structureel te veranderen. Het duurt namelijk nog lang voordat we zelf aan het roer staan om dit soort veranderingen door te voeren in het bedrijfsleven. Wat we niet willen, is dat we weer helemaal teruggaan naar hoe het was. Voor je het weet, zit je weer in de oude patronen op kantoor. We hebben de afgelopen periode laten zien dat we allemaal, jong en oud, ook op afstand kunnen werken. Thuiswerken biedt soms ook voordelen. Dat vertrouwen in elkaar is belangrijk om te behouden. Het is voor sommige mensen heel prettig om niet altijd te werken te midden van de afleiding van een kantoortuin. Maar voor de transitie naar 93

De toekomst aan het Nawoord woord | Brabant sterker uit de crisis

Het is belangrijk om bij alle plannen voor de toekomst de stem van jongeren te horen.

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

integraal werken, zowel bij de overheid als in het bedrijfsleven, is ontmoeting cruciaal. Hybride werken en het faciliteren van ontmoeting, is het antwoord. Studenten hebben het ook op vele fronten heel zwaar gehad. Bijna de helft had minder of geen inkomsten doordat hun baantjes in de horeca of de supermarkt wegvielen. De mate waarin je ouders je konden ondersteunen qua netwerk en financiën is hierdoor nóg belangrijker geworden. Daardoor zal de kansenongelijkheid onder studenten verder toenemen, vrezen we. Mbo’ers en hbo’ers konden hun studie vaak niet afronden doordat hun stages en praktijklessen niet doorgingen. En dat terwijl deze mensen zo belangrijk zijn voor de arbeidsmarkt!

GITTA CAMFFERMAN adviseur Veiligheid PuMa (Publiek Maatwerk), lid Young Professionals Brabant/BrabantAdvies MARIUS ZUURBIER lead PMO ABN AMRO, management trainee ORMIT, voorzitter Young Professionals Brabant/BrabantAdvies

Vanuit onze perceptie, die zeker niet representatief is voor alle jongeren, willen we nog een aantal punten belichten. Allereerst: wij vinden Brabant supertof! Het is gaaf hoe de openbare ruimte hier is ingedeeld: je kunt hier in de rust van een dorp of de natuur wonen en hebt altijd een stad dichtbij. Dat is een heel andere manier van samenleven met de natuur en je sociale omgeving dan in de Randstad, waar elk stukje groen wordt volgebouwd. De coronacrisis heeft ons laten inzien dat er nu echt kansen liggen om onze Brabantse stadscentra als ontmoetingsplek in te richten met mooie, innovatieve dingen om ook jonge mensen te trekken.

94

95

De toekomst aan het woord | Brabant sterker uit de crisis

Het is belangrijk om bij alle plannen voor de toekomst de stem van jongeren te horen. Beleidskeuzes op het ene vlak kunnen namelijk op andere terreinen ongewenste effecten hebben voor jongeren. Jongeren hebben het bijvoorbeeld door de flexibilisering van de arbeidsmarkt en het woningtekort niet gemakkelijk. Een bepaalde mate van zekerheid is essentieel om je leven, je gezin te kunnen starten. Het CBS constateerde al dat jongeren steeds later die start maken en corona zou dat nog verder kunnen opdrijven. Het is de optelsom van bepaalde maatregelen waarvan de consequenties voor de verschillende generaties gemakkelijk over het hoofd worden gezien. Om die reden willen we als Young Professionals gebruikmaken van de generatiecheck die afgelopen jaar door het SER jongerenplatform is uitgewerkt en aangeboden aan het kabinet.

Experts over de noodzakelijke keuzes voor morgen

aan tafel is gegaan met de jongerenorganisaties, maar het zou geen uitzondering moeten zijn. Jongeren moeten meedenken over de problemen van nu, het gekozen beleid gaat over onze toekomst!

GITTA CAMFFERMAN adviseur Veiligheid PuMa (Publiek Maatwerk), lid Young Professionals Brabant/BrabantAdvies MARIUS ZUURBIER lead PMO ABN AMRO, management trainee ORMIT, voorzitter Young Professionals Brabant/BrabantAdvies

Het is voor sommige mensen heel prettig om niet te werken te midden van de afleiding van een kantoortuin. Tot slot. In de Corona Denktank is het geluid van jongeren goed naar voren gekomen. Maar er zijn ook kansen blijven liggen. Zo had de vaccinatiestrategie vanuit het jongerenperspectief bijvoorbeeld slimmer opgelost kunnen worden. En als het gaat om de keuzes die gemaakt worden voor het Brabant van morgen, is het haast gek dat we zo weinig betrokken worden. Die keuzes raken elke generatie jongeren. Er zijn ontzettend veel jonge mensen die graag willen meedenken als ze de kans krijgen. Het is heel goed dat informateur Mariëtte Hamer 96

97

COLOFON

© 2021 BRABANT STERKER UIT DE CRISIS is een uitgave in het kader van BrabantAdvies en ArbeidsmarktInZicht.nl, platform van Etil research group (www.etil.nl) BrabantAdvies inspireert, signaleert en geeft raad. Wij signaleren de grote vraagstukken en uitdagingen die op Brabant afkomen en brengen die onder de aandacht. Dit doen wij met de inzet van vier adviesraden: de SociaalEconomische Raad (SER) Brabant, de Provinciale Raad voor de Leefomgeving, de Provinciale Raad Gezondheid en de raad Young Professionals Brabant. In deze uitgave komen leden van de vier raden aan het woord. ArbeidsmarktInZicht is een online platform dat overheden, onderwijs, ondernemingen en werkenden voorziet van transparante informatie over de arbeidsmarkt. Aangesloten zijn de provincies Drenthe, Friesland, Groningen, Limburg, Noord-Brabant, Overijssel, Utrecht, Zuid-Holland, Noord-Holland en tien arbeidsmarktregio’s. Interviews, redactie Karin Dormans, De Heldermakerij Vormgeving Philippe Daamen, Kaspar Ontwerpt

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10492046/1