29b.1 Toelichting
Tekst van het document
4.8.2 Cultuurhistorie 4.8.2.1 Inleiding Onder de noemer Modernisering Monumentenzorg (MoMo) heeft het Rijk in 2009 een aanzet gegeven voor een goede afweging van het belang van de cultuurhistorie in de ruimtelijke ordening. Gepleit wordt voor een verantwoorde verankering van de integrale cultuurhistorie in structuurvisies, bestemmingsplannen en milieueffectrapportages. Het voornaamste doel hiervan is om het cultuurhistorische karakter van Nederland op gebiedsniveau te behouden en te versterken. Op 5 juli 2011 is een wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gepubliceerd. Vanaf 1 januari 2012 moet ieder nieuw bestemmingplan een analyse van cultuurhistorische waarden bevatten. In aansluiting op de vaststelling van de Wet tot wijziging van de Monumentenwet 1988 en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in mei 2011 zijn op 17 juni 2011 het Bro, het Besluit omgevingsrecht (Bor) en het Besluit archeologische monumentenzorg (Bamz) aangepast. Door een wijziging van het Bro moeten cultuurhistorische waarden voortaan vooraf in het proces van ruimtelijke ordening worden meegenomen, met name bij de voorbereiding en vaststelling van bestemmingsplannen. Het Bro bevat eisen waaraan de voorbereiding van een bestemmingsplan moet voldoen.
Zo wordt er onder meer een beschrijving verlangd van de manier waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten wordt omgegaan. De wetgever wil hiermee bereiken dat aandacht voor cultuurhistorische waarden voortaan in het planproces naar voren wordt gehaald. In de toelichting van het bestemmingsplan dient een beschrijving te worden opgenomen hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden. De opsteller en vaststeller van het bestemmingsplan is daarmee dus verplicht om breder te kijken dan alleen naar het facet archeologie. Ook de facetten historische (steden)bouwkunde en historische geografie dienen te worden meegenomen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren. De Erfgoedwet, van kracht sinds 1 juli 2016, bundelt wet- en regelgeving op het gebied van behoud en beheer van het cultureel erfgoed in Nederland in één nieuwe wet. Een groot deel van de bestaande weten regelgeving (Monumentenwet, Wet ruimtelijke ordening) is overgenomen in de Erfgoedwet, bijvoorbeeld de aanwijzing van rijksmonumenten, wie welke verantwoordelijkheden heeft en hoe het toezicht daarop wordt uitgeoefend.
Voor het eerst is er nu één integrale wet die betrekking heeft op onze museale objecten, musea, monumenten en archeologie op het land en onder water. Voorheen was het behoud en beheer van ons erfgoed geregeld in zes verschillende wetten met elk hun eigen procedures en beschermingsmaatregelen. Het uitgangspunt is dat de beschermingsniveaus zoals die in de eerdere wetten en regelingen golden, worden gehandhaafd. Daarnaast worden aan de Erfgoedwet een aantal nieuwe bepalingen toegevoegd. Samen met de Omgevingswet die naar verwachting in 2022 wordt ingevoerd, wordt een integrale bescherming van ons cultureel erfgoed mogelijk.
48 chthuis Schijf
bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja
4.8.2.2 C ultuurhistorisch onderzoek Het gehele landgoed is als cultuurhistorische waardevol gebied en als complex cultuurhistorisch belang is aangeduid op de C ultuurhistorische Waardenkaart van de provincie Noord-Brabant. Voor onderhavig plan is een cultuurhistorisch onderzoek uitgevoerd door NM onderzoek & advies. Dit onderzoek is opgenomen als Bijlage 10. Navolgend worden de uitkomsten besproken. Op de C ultuurhistorische Waardenkaart van de provincie Noord-Brabant is het landgoed aangewezen als C omplex van cultuurhistorisch belang. De beschrijving hierbij is als volgt: "Landgoed in de bossen van Rucphen dat in de volksmond Jachthuis Carlier wordt genoemd. L-vormig jachthuis met centrale knoptoren en inrijpoort uit 1927 is ontworpen door de Belgische architect Max Winders. De knoptoren van het jachthuis roept een Oost-Europese bouwstijl op. De oorspronkelijke Belgische eigenaar, Hector Carlier (1884-1946) had oliebronnen in Roemenië en zal vermoedelijk de bouwstijl van daar hebben meegebracht. Het landgoed bestaat verder uit een oude oprijlaan, een kapel uit 1930, heideveldjes, de kampontginning De Sneijder, markante laan met douglassen en Amerikaanse eiken en duintjes. Door zijn ligging aan de Belgische grens staan er vlak bij elkaar 2 grenstenen. Op deze plek zou de beroemde smokkelaar 'Het Klaveren Vrouwke' zijn doodgeschoten.
Bij het landgoed hoorde ook het cafe 'Jagersrust' enkele dienstwoningen en boerderijen, maar die zijn bij de erfenis verkocht. De bossen bestaan hoofdzakelijk uit naald- en loofhout met rhododendron." C onclusie vanuit cultuurhistorische waardenkaart De cultuurhistorische waardenkaarten van rijk, provincie en gemeente tonen overeenkomsten in het aangeven van waardevolle structuren en objecten, maar er zijn ook veel verschillen. De meest gedetailleerde weergave wordt gegeven door de gemeentelijke erfgoedkaart. De gemeentelijke kaart is gebaseerd op de voormalige provinciale kaart (deze is tegenwoordig vereenvoudigd opgenomen door de provincie uit beleidsafwegingen). De getoonde waarden op de gemeentelijke kaart zijn allen van lokaal belang, met uitzondering van het Jachthuis en de Jorissenhoeve (nationaal belang), de ontginningsstructuur van de Oude Zoek is van regionale waarde. Het jachthuis is tevens identiteitsdrager. Verder valt op dat de aanduiding productiebos op de gemeentelijke kaart niet is aangegeven binnen de landgoedbegrenzing, terwijl het overgrote deel van de bossen wel productiebos betreft. Het jachthuis kan niet los worden gezien van de aangrenzende bossen, maar op alle kaarten is deze relatie niet vastgelegd of benoemd. Wellicht dat de toekomstige Omgevingswet hiervoor handvaten biedt.
Opvallend is dat De Sneider, De Holle Laagte en de bezandingsgreppels - die als historische relicten uit deze quickscan voortkomen - op geen enkele kaart zijn aangegeven. Ook is er veel verschil tussen de kaarten welke dreven zijn opgenomen als cultuurhistorisch waardevol. Het is mogelijk om wijzigingen of aanvullingen te laten doen op de waardenkaarten. Een eerste aanbeveling is daarom om meer uniformiteit aan te laten brengen in de kaarten. Ten tweede meer aandacht voor het totale ensemble van jachthuis, de bossen, de hoofdstructuren van de dreven/ percelering, elementen als De Sneider, Holle Laagte en een selectie van bezandingsgreppels. C onclusie en advies erkennen cultuurhistorische waarde 1. Status groen rijksmonument op dit moment niet haalbaar In de huidige methodiek voor het toekennen van groene rijksmonumenten is het van belang dat er een cultuurhistorisch waardevolle groenaanleg aanwezig is. Traditioneel binnen de monumentenzorg/ erfgoedzorg wordt dit vooral benaderd vanuit de architectuur, waarbij tuinaanleg naar opzet, inrichtingen uitstraling voortvloeit uit de architectuur van het gebouw(encomplex). Kort door de bocht: dus in de eerste plaats aandacht voor tuinen en parken bij buitenplaatsen, kloostertuinen en dergelijke. Bij landgoed Schijf is een dergelijke groenaanleg niet aanwezig.
Landgoederen, met een economiedeel waaronder bossen, staan wat verder van dat onderwerp af. De landgoederenbossen worden meer gezien als utilitair groen dan als onderdeel van een architectonische compositie (en vielen daardoor enigszins buiten het aandachtsveld van de gemiddelde kunsthistoricus). Door die (traditionele) ‘kunsthistorische aandacht’ zijn productiebossen (en vaak ook jachtbossen) tot op heden buiten de aandacht gebleven. Dit wil niet zeggen dat dit in de toekomst niet mogelijk wordt. 2. Meer aandacht voor 20e-eeuwse productiebossen en toegepaste ontginningstechnieken Vanuit de historische geografie is er wel aandacht voor verschillende bostypen. Zo pleit prof. dr. Hans J. Renes (o.a. in ‘’Bossen en buitenplaatsen’’ in de bundel Jonge landschappen 1800- 1940) voor meer aandacht. Ook gegeven vanuit een reactie dat productiebossen snel verdwijnen, omdat ze ‘saai’ worden gevonden en ecologisch gezien niet interessant zijn (in relatie tot huidige bos- en natuurbeheer) en
bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 49
vervolgens door terreinbeheerders worden omgevormd. 3. Aandachtspunt: monument en omgeving (Omgevingswet vanaf 2019) Het jachthuis is rijksmonument en valt momenteel onder de Erfgoedwet (voorheen Monumentenwet 1988). Onderdelen van de Monumentenwet die de fysieke leefomgeving betreffen, zoals vergunningen, gaan naar de Omgevingswet die in 2022 van kracht wordt. De nieuwe Omgevingswet verenigt veel bestaande wetten op het gebied van de fysieke leefomgeving, zoals o.a. ruimtelijke ordening, natuur en milieu. Ook de bescherming van cultureel erfgoed gebeurt straks met de Omgevingswet. Nu al moeten gemeenten bij de vaststelling van een bestemmingsplan rekening houden met het aanwezige erfgoed. De nieuwe Omgevingswet biedt een zwaardere bescherming. Voor het eerst krijgt een monument directe invloed op zijn omgeving. Met de huidige regels in de Erfgoedwet is namelijk alleen het monument zelf beschermd. De nieuwe regel zal vooral worden toegepast bij monumenten die niet in een beschermd stads- of dorpsgezicht staan, want hun omgeving is al beschermd met soortgelijke regels. Om het monument heen komt straks een klein gebied, een soort ‘monumentengezicht’ of ‘monumentenbiotoop’ dat aantasting van het aanzicht en de waardering van het monument moet voorkomen. Hoe dit precies zal uitpakken moet de toekomst leren.
Hoe ver reikt de ‘omgeving’? Wanneer wordt de ‘waardering’ aangetast? Hoe streng kunnen regels zijn? Aannemelijk is dat de regels alleen gaan gelden voor nieuwbouw in de omgeving van het monument. Het verdient aanbeveling om tijdig in overleg te gaan met gemeente Rucphen om de begrenzing van de toekomstige ‘monumentenbiotoop’ af te stemmen. 4.8.2.3 Bescherming cultuurhistorische waarden Landgoed Jachthuis Schijf is in feite een groot complex van cultuurhistorische waarden. Echter, niet alle cultuurhistorische waarden zijn bijzonder en/of behoudenswaardig. Voor dit bestemmingsplan is dan ook een afweging gemaakt van welke waarden behoudenswaardig zijn. Oftewel: welke bijzondere cultuurhistorische waarden zijn bepalend voor de instandhouding en ontwikkeling van het landgoed? Vervolgens is afgewogen of het bestemmingsplan het aangewezen instrument is om die waarden te beschermen. Oftewel: is een beschermende regeling in het bestemmingsplan noodzakelijk? Op basis van deze analyse zijn er op het landgoed vier objecten en structuren te onderscheiden die bepalend zijn voor de cultuurhistorische waarden: 1. 2. 3. 4.
Jachthuis De Sneider Drevenstructuur Toegangslaan met veldkapel.
Voor de bescherming van deze elementen is het volgende overwogen. Jachthuis Het jachthuis behoeft geen bescherming via onderhavig plan. Het jachthuis is namelijk een Rijksmonument, waardoor de bescherming al geregeld is. De Sneider De Sneider is een oude landbouwenclave. Ruimtelijk uit zich dat door aaneengesloten, agrarische gronden die te midden van bossen liggen. De agrarische gronden kenmerken zich daarbij door een zekere mate van landschappelijke openheid. Die structuur wordt in dit bestemmingsplan beschermd met de aanduiding 'overige zone - landbouwenclave'. De bescherming is binnen deze aanduiding geregeld middels een omgevingsvergunningvereiste voor het aanplanten en verwijderen van beplantingen. Op die wijze kan, bij het aanplanten of verwijderen van bomen en struiken, worden afgewogen of dat aanvaardbaar is, gelet op de in stand te houden, cultuurhistorisch waardevolle landschapsstructuur. Drevenstructuur Het behoud van de aanwezige drevenstructuur zal beschermd worden via de regels van onderhavig plan. Onder de gebiedsaanduiding 'overige zone - landgoed' is geregeld dat deze gronden tevens bestemd zijn voor het behoud en de bescherming van onder andere de drevenstructuren. Hieraan is een omgevingsvergunningvereiste gekoppeld voor het verharden en verleggen van wegen en paden die tot de drevenstructuur behoren.
Veldkapel & toegangslaan De veldkapel met toegangslaan zal de aanduiding 'overige zone - toegangslaan met veldkapel' krijgen, waarmee geregeld wordt dat deze gronden mede bestemd zijn voor het behoud en de bescherming van deze toegangslaan. Onderdeel van deze aanduiding is een omgevingsvergunningvereiste voor het verwijderen van laanbeplanting. Als het verwijderen van laanbomen toch noodzakelijk blijkt,
50 chthuis Schijf
bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja
bijvoorbeeld door uitval of de leeftijd van de bomen, kan aan de omgevingsvergunning de voorwaarde worden verbonden dat de bomen worden gecompenseerd om de laanstructuur in ere te houden.
4.9 Ecologie Voor onderhavig plan is door Florauna Natuuradvies een quickscan naar beschermde soorten en gebieden uitgevoerd. Dit onderzoek is opgenomen als Bijlage 11 bij deze toelichting. Navolgend worden de conclusies uit dit onderzoek besproken. Soortenbescherming Binnen de Soortenbescherming zijn alle bewoonde vogelnesten beschermd. In het plangebied bevinden zich mogelijke nestplaatsen. Het is aan te raden om te werken buiten het broedseizoen van de meeste vogels (grofweg 15 maart -15 juli), of te werken op een manier waarbij vogels in de directe omgeving niet aan broeden beginnen. Op deze manier kan zonder nader onderzoek, mitigatie of compensatie worden voorkomen dat verbodsbepalingen van de Soortenbescherming worden overtreden voor wat betreft algemene vogelsoorten. Werkzaamheden binnen het broedseizoen zijn mogelijk indien is vastgesteld dat er, met het werken volgens een werkprotocol, geen nesten van broedvogels worden verstoord. Zo’n werkprotocol dient te worden opgesteld door een ter zake deskundige, en te worden goedgekeurd door het bevoegd gezag. Ook zijn werkzaamheden binnen het broedseizoen mogelijk zonder werkprotocol, indien ter plaatse door een deskundige wordt vastgesteld dat er geen bewoonde vogelnesten aanwezig zijn. Een ontheffing is dan niet noodzakelijk. Nader onderzoek of een ontheffing Soortenbescherming is niet noodzakelijk gebleken.
De in het plangebied te verwachten soorten hebben geen verblijfplaats binnen of direct nabij de geplande bouwvlakken, of genieten lichte bescherming onder de Soortenbescherming; een algehele vrijstelling voor ruimtelijke ontwikkelingen is hierop van toepassing. De algemene zorgplicht is onverminderd van toepassing. Gebiedsbescherming Het meest nabij gelegen Natura 2000-gebied ‘Brabantse Wal’ is gelegen op circa 9.000 meter ten zuidwesten van het plangebied. Daarnaast maakt het landgoed onderdeel uit van het provinciale deel van het Natuurnetwerk Brabant. Deze beschermde Natura 2000- gebieden zijn op dusdanige afstand gelegen dat negatieve effecten van het plan kunnen worden uitgesloten. Binnen het plangebied worden bomen geveld. De planlocatie is gelegen buiten de vastgestelde bebouwde kom van gemeente Rucphen. Daaruit volgt dat het onderdeel houtopstanden van de Wet natuurbescherming aan de orde is voor de voorgenomen plannen en dat bij de kap van de bomen een kapmelding ingediend moet worden. Daarnaast moet in overleg met de provincie bepaald worden of een ontheffing van de herplantlocatie of een vrijstelling van de herplantplicht in verband met natuurverbetering aan de orde is. Dit staat de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan niet in de weg. Stikstofdepositieonderzoek Naast de quickscan is voor onderhavig plan ook een stikstofdepositieonderzoek uitgevoerd.
Dit onderzoek, uitgevoerd door De Roever Omgevingsadvies, is opgenomen als Bijlage 12. In dit stikstofdepositieonderzoek is voor de aanleg- en gebruiksfase de te verwachten stikstofdepositie ter plaatse van de Natura 2000-gebieden berekend. Bij dit onderzoek is rekening gehouden met de realisatie van een tennisveld bij het jachthuis. Echter, naderhand is toch besloten om geen tennisveld op het landgoed te realiseren. Uit de berekening blijkt dat de stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden niet hoger is dan 0,00 mol/ha/jaar. Er is geen sprake van vergunningplicht op grond van de Wet natuurbescherming.
4.10
Waterparagraaf
Voor onderhavig plan is door MILON bv een watertoets uitgevoerd. Dit onderzoek is opgenomen als Bijlage 13. Navolgend worden de uitkomsten van de watertoets besproken. De voorgenomen ontwikkelingen hebben tot gevolg dat het verhard oppervlak in totaal toeneemt met 1365 m 2. Gezien er nieuwbouw gerealiseerd gaat worden stelt het bevoegd gezag dat dit op hydrologisch neutrale manier ontwikkeld dient te worden en er eveneens compenserende voorzieningen dienen te worden gerealiseerd. Voor het toekomstige verhard oppervlak wordt de vereiste compensatie berekend door het toekomstige verhard oppervlak (m 2) te vermenigvuldigen met een waterschijf van 60 mm (0,06 m) en met de plaatselijke gevoeligheidsfactor (1). Daaruit volgt de omvang van de vereiste compensatie in kubieke meters (m 3). De benodigde compensatie bedraagt 82 m 3 (1.365 m 2 x 0,06 x 1).
bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 51
De eenvoudigste manier om te voldoen aan bergingsopgave is door bij verdere uitwerking van het ontwerp bij beide locatie ruimte te reserveren voor een waterbergingsvoorziening. Voorgesteld wordt hemelwaterberging en –infiltratie te laten plaatsvinden door op beide locaties een wadi te graven. De toename in het verhard oppervlak op De Sneider is het grootst. Derhalve dient de waterbergingsvoorziening op deze locatie groter te zijn dan op de locatie van de poortwoningen. - Bergingsopgave De Sneider = 985 x 0,06 = 59 m 3. - Bergingsopgave poortwoningen = 380 x 0,06 = 23 m 3. Het waterschap stelt echter dat bij een verharding boven 500 m 2 een advies van het waterschap nodig is met betrekking tot de afvoer en opvang van het water. Gezien de omvang van het landgoed is er praktisch gezien sprake van 2 plangebieden waar het verhard oppervlak toeneemt. De ontwikkeling van de poortwoningen zorgt voor een toename van het verhard oppervlak van circa 380 m 2. Daarnaast vindt de ontwikkeling plaats in het buitengebied. Voor de poortwoningen is derhalve geen waterberging nodig. Het hemelwater kan en zal de bodem blijven infiltreren. Het hemelwater dat op de nieuwe bebouwing valt, zal via een hemelwaterafvoer afgevoerd worden naar de omliggende gronden, waar het de bodem kan infiltreren. Tevens wordt gebruik gemaakt van halfverharding.
De ontwikkeling aan De Sneider zorgt echter wel voor een toename groter dan 500 m 2. Hier is wel waterberging nodig. De waterberging zal hier gerealiseerd worden door de aanleg van een wadi. Voor de nieuwe gebouwen wordt een nieuwe vuilwaterinstallatie aangelegd, zodat deze ook aangesloten kunnen worden op het ter plaatse aanwezige vuilwatersysteem.
4.11
Duurzaamheid
Onderhavig bestemmingsplan voorziet in de realisatie van totaal vier nieuwe woningen en een bedrijfslocatie voor een landgoedbedrijf. Ten eerste worden de nieuwe erven voorzien van een halfverharding, waardoor hemelwater makkelijk in de bodem kan infiltreren. Daarnaast krijgen de nieuwe gebouwen energielabel A, onder andere door goede isolatie. Daarnaast wordt gedacht aan het gebruik van een warmtepomp en zonnepanelen. De woningen worden niet aangesloten op aardgas.
4.12
Brandveiligheid
Een goede bereikbaarheid en bluswatervoorziening zijn een randvoorwaarde voor de kwaliteit van de brandweerzorg. In de Beleidsregels Bereikbaarheid en Bluswatervoorziening zijn richtlijnen beschreven voor de verschillende soorten van bluswater. Deze soorten zijn: Water uit de tank: direct na aankomst van de brandweer beschikbaar. A-water: is binnen 3 minuten beschikbaar en levert minimaal 60 m 3/uur. Een voorbeeld is een ondergrondse brandkraan op maximaal 40 m van de brandweertoegang. B-water: is binnen 15 minuten beschikbaar en levert tussen de 60 en 120 m 3/uur, afhankelijk van de gebruiksfunctie. Een voorbeeld is een ondergrondse brandkraan op maximaal 200 m. C -water: is binnen 60 minuten beschikbaar met een capaciteit van 120 tot 240 m 3/uur, afhankelijk van de gebruiksfunctie. Een voorbeeld is open water binnen 2500 m. Maatwerk: maatwerkoplossingen kunnen onder andere noodzakelijk zijn bij bijzondere objecten zoals BRZO-bedrijven en natuurgebieden.
52 chthuis Schijf
bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja
Uitsnede Bluswatermatrix Brabant In het plangebied is open water aanwezig. Rondom het jachthuis zijn twee poelen aangelegd met een totale capaciteit van circa 10.000 m 3. Hier is dus sprake van C -water. Uit bovenstaande bluswatermatrix blijkt C -water in het natuur- en buitengebied een capaciteit moet hebben van 120 m 3/uur en het water binnen 60 minuten beschikbaar moet zijn voor de woonfuncties. Voor het jachthuis geldt een woonfunctie en een bijeenkomstfunctie. Het jachthuis wordt gebruikt als vakantiehuis door de eigenaar en periodiek is er een expositie. In onderstaande afbeelding zijn indicatieve routes te zien vanaf de poelen naar De Sneider en de poortwoningen. Het jachthuis is gelegen tussen de poelen.
Indicatieve routes vanaf het bluswater naar de woningen De afstand vanaf De Sneider naar de dichtstbijzijnde waterpoel op het landgoed bedraagt circa 1200 m. De afstand vanaf de poortwoningen naar de dichtstbijzijnde waterpoel bedraagt circa 1050 meter. Daarnaast is het jachthuis gelegen op circa 70 meter vanaf de dichtstbijzijnde waterpoel.
bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 53
Zoals genoemd is de richtlijn/eis dat het bluswater een capaciteit van 120 m 3/uur moet hebben en binnen 60 minuten beschikbaar moet zijn. Aan deze richtlijn/eis wordt ruimschoots voldaan. De waterpoelen hebben namelijk een totale capaciteit van circa 10.000 m 3 en met een maximale afstand van circa 1200 m kan dit water in minder dan 30 minuten beschikbaar zijn. Voor het jachthuis geldt dat dit water in slechtst enkele minuten beschikbaar kan zijn. Daarnaast zal de brandweer bij aankomst eerst blussen met het aanwezige water in de tank van de brandweerwagen. De wegen tot aan de nieuwe woningen en het jachthuis zijn goed toegankelijk voor de hulpdiensten.
54 chthuis Schijf
bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja
Hoofdstuk 5
Juridische planopzet
In hoofdstuk 2 is de voorgestane invulling van het plangebied beschreven. Hoofdstuk 4 toont aan dat deze invulling uitvoerbaar is. De volgende stap is het treffen van een juridische regeling die de invulling mogelijk maakt. Dit hoofdstuk beschrijft deze regeling. Voor de regels van dit plan zijn de regels uit het geldende bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020 als basis gebruikt. Die regels zijn vervolgens ontdaan van overbodige elementen, geactualiseerd op gewijzigde wetgeving en op onderdelen aangepast in verband met de beoogde situatie in het plangebied. De voor onderhavig bestemmingsplan relevante bestemmingen worden hierna kort besproken.
5.1 Agrarisch met waarden - Natuur Onderhavig plan voorziet in de functiewijziging van enkele gronden met de bestemming 'Bos'. Aangezien deze gronden niet past binnen de gegeven bestemming, krijgen deze gronden met onderhavig plan de bestemming 'Agrarisch met waarden - Natuur'. Hiermee worden deze gronden passend bestemd. De regels uit het bestemmingsplan 'Buitengebied Rucphen 2020' blijven onverkort gelden voor deze bestemming.
5.2 Bedrijf - Landgoedbedrijf Aan de rand van De Sneider wordt voorzien in een bedrijfswoning en bedrijfsgebouwen voor het landgoedbedrijf. In de huidige situatie hebben die gronden de bestemming 'Bos'. Om te kunnen voorzien in het landgoedbedrijf krijgen die gronden met onderhavig plan de bestemming 'Bedrijf Landgoedbedrijf'. Binnen deze bestemming mogen bedrijfsgebouwen worden opgericht waarvoor een maximum bebouwd oppervlak geldt van 670 m 2. Op de verbeelding is dit aangeduid met de aanduiding 'maximum bebouwd oppervlak (m). Verder mag er een bedrijfswoning gebouwd worden met een maximale inhoud van 750 m 3. Daarnaast geldt een maximale goot- en bouwhoogte van respectievelijk 5,5 en 9 meter voor de bedrijfswoning.
5.3 Wonen Naast de bedrijfslocatie voorziet onderhavig plan in drie reguliere woningen. Aangezien ook deze woningen geprojecteerd staan in de bestemming 'Bos', is een nieuwe bestemming nodig voor deze gronden. Met de bestemming 'Wonen' wordt dan ook voorzien in de beoogde drie reguliere woningen. Per woonbestemming is in principe één woning toegestaan. Echter, bij de woonbestemming voor de poortwoningen is voorzien in twee wooneenheden middels de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' op de verbeelding. Voor alle woningen geldt een maximale inhoud van 750 m 3 en een maximale goot- en bouwhoogte van respectievelijk 5,5 en 9 meter.
5.4 Waarde - Ecologie - Natuur Netwerk Brabant Met de nieuwbouw op het landgoed wordt afbreuk gedaan aan het Natuur Netwerk Brabant. Derhalve is compensatie verplicht. Dit bestemmingsplan voorziet in de benodigde compensatie door de gronden gelegen ten zuidoosten van de landbouwenclave bij De Sneider de dubbelbestemming 'Waarde Ecologie - Natuur Netwerk Brabant te geven.
5.5 Overige bestemmingen en aanduidingen Bij de bestemming 'Bedrijf - Landgoedbedrijf' is de aanduiding 'specifieke vorm van Bedrijf voorwaardelijke verplichting' toegevoegd. Bij de twee nieuwe woonbestemmingen is de aanduiding 'specifieke vorm van Wonen - voorwaardelijke verplichting' toegevoegd. Bij de dubbelbestemming 'Waarde - Ecologie - Natuur Netwerk Brabant' is de aanduiding 'specifieke vorm van bos - NNB' toegevoegd. Met deze aanduidingen wordt de voorwaardelijke verplichting geregeld. Deze verplichting houdt in dat de gronden binnen de bestemmingen 'Bedrijf - Landgoedbedrijf' en 'Wonen' slechts gebruikt mogen worden indien en zolang een jaar na inwerkingtreding van onderhavig plan voldaan is aan de compensatieplicht van het Natuur Netwerk Brabant. Op de bovengenoemde bestemmingen en aanduidingen na voorziet onderhavig plan niet in andere
bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 55
wijzigingen. Derhalve zijn de overige, relevante bestemmingen, dubbelbestemmingen en aanduidingen die gelden voor het landgoed overgenomen uit het bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020. Het gaat om de bestemmingen 'Bedrijf - Nutsvoorziening', 'Bos', 'Natuur', 'Leiding - Gas' en 'Waarde Archeologie'.
56 chthuis Schijf
bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja
Hoofdstuk 6
Economische uitvoerbaarheid
Op grond van artikel 6.12, eerste lid van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) stelt de gemeenteraad een exploitatieplan vast voor gronden waarop een bouwplan is voorgenomen dat in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is aangewezen. Onderhavig bestemmingsplan voorziet neen bouwplan in de zin van de Bro. Met de initiatiefnemer is een overeenkomst gesloten. Hierin is geregeld dat alle kosten die samenhangen met het onderhavige bestemmingsplan voor rekening komen van initiatiefnemer. Deze herziening heeft derhalve voor de gemeente geen financiële gevolgen. Derhalve is het vaststellen van een exploitatieplan niet noodzakelijk.
bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 57
Hoofdstuk 7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 7.1 Vooroverleg Het concept van dit bestemmingsplan zal worden toegezonden aan de Rijksdienst C ultureel Erfgoed, provincie Noord-Brabant, de veiligheidsregio en het waterschap in het kader van het overleg ex artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening.
7.2 Participatie Voor onderhavig plan is een omgevingsdialoog uitgevoerd met de direct omwonenden en betrokkenen. Het betreft de eigenaren van het aangrenzende landgoed Jorrisenhoeve en de pachter van De Sneider. Daarnaast is ook de Netwerkgroep Rucphen geïnformeerd over de plannen. De initiatiefnemer heeft de het bestemmingsplan en de voornemens aan de genoemde partijen laten zien en toegelicht. De partijen hebben aangegeven positief in de voornemens te staan en geen bezwaren te hebben. Wel hebben de betrokkenen aangegeven graag op de hoogte gehouden te willen worden.
7.3 Voorontwerp Het voorontwerp van dit bestemmingsplan heeft van 21 april 2022 tot en met 1 juli 2022 als voorontwerp ter inzage gelegen. De inspraakmogelijkheid heeft tot drie schriftelijke reacties geleid. Deze inspraakreacties zijn binnen de daarvoor gestelde termijn ontvangen en gelet daarop ontvankelijk. Aan de hand van de inspraakreacties is dit bestemmingsplan op een aantal punten aangepast. Voor de inspraakreacties, beantwoording en aanpassingen wordt verwezen naar Bijlage 14 Nota van Beantwoording.
7.4 Ontwerp Het ontwerp van dit bestemmingsplan heeft van [P.M.] tot en met [P.M.] ter inzage gelegen. Toen zijn [P.M.] zienswijzen ingediend.
58 chthuis Schijf
bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja