CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

28 OMWB Vastgestelde jaarrekening en begroting

commissie Economie Ruimtelijke Ordening en Milieu 15 september 2021, gemeente RucphenBij agendapunt: Ingekomen stukken38.020 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Het werven van nieuw personeel is noodzakelijk voor de continuïteit van de

het personeel. Hierbij past een modern personeelsbeleid.

dienstverlening, maar ook voor de diversiteit en toekomst­-

OMWB Jaarstukken 2020

28

>

bestendigheid is een continue in­en doorstroom van groot belang. Ondanks de

• We zijn in december 2020 gestart met het werken in de nieuwe VTH-­appli­

belemmeringen van de COVID-19­-maatregelen heeft de dienst in 2020 toch 32

catie Squit 20/20. Deze applicatie biedt verregaande mogelijkheden om het

nieuwe medewerkers geworven. Deze medewerkers waren de eersten om het

werk van de OMWB effectiever en efficiënter in te richten. Meer onderdelen

nieuwe onboardingsprogramma van de OMWB te volgen (zo nodig in aangepas­

van het werkproces zijn met Squit 20/20 gedigitaliseerd, samenwerken met

te vorm).

onze partners is makkelijker geworden en we kunnen meer gegevens regis­ treren over locaties. Met een reeds gerealiseerde aansluiting op het DSO, is

Tevens is een meerjarig strategisch HRM-beleid opgesteld. Hierin zijn de uit­ gangspunten en speerpunten vastgesteld voor het HRM-­beleid voor 2021 tot

de OMWB met Squit 20/20 voorbereid op de toekomst. • De OMWB wil meer doen met de grote hoeveelheden data die zij tot haar

en met 2024. Dit moet de organisatie in staat stellen om wendbaarheid en

beschikking heeft. Zodat meer en betere sturings­, verantwoordings­, en VTH­

innovativiteit te verwerven, waarmee de strategische visie van de dienst kan

informatie wordt gegenereerd ter ondersteuning van haar werkzaamhe­den.

worden gerealiseerd.

Om dit mogelijk te maken heeft de OMWB geïnvesteerd in een compleet nieuw dataplatform in Azure. De eerste rapportages zijn ontwikkeld op dit

Informatievoorziening

platform en eind 2020 is een pilot om actuele informatie continu met haar deelnemers te delen succesvol afgerond. Het is de eerste stap naar een

In 2021 moet op basis van het nieuwe ICT-­landschap de voorbereiding op de im­

online rapportageportaal waarmee deelnemers continu inzicht krijgen in de

plementatie van de Omgevingswet en met name het Digitaal Stelsel Omgevings­

werkzaamheden van de OMWB.

wet (DSO) vorm krijgen. Ook risicogericht werken maakt hier deel van uit. Deze

• Het dataplatform maakt het mogelijk om eenvoudig data te delen en om ge-

ontwikkeling zal een belangrijke impact hebben op de informatievoorziening voor

avanceerdere informatieproducten te realiseren. In het Brabants Omge­vings

samenwerking met de deelnemers en de ketenpartners. Ook worden daarmee

Datalab (BOD) worden dergelijke informatieproducten gerealiseerd.

extra eisen gesteld aan de onderliggende ICT-­systemen. Gebaseerd op de huidi­ge

De in 2020 in het BOD ontwikkelde informatieproducten worden dagelijks

inzichten zal daarbij vanaf 2020/2021 de focus moeten liggen op:

door alle drie de Brabantse omgevingsdiensten gebruikt bij de uitvoering van

• doorontwikkeling tot een integrale objecten­en activiteitenregistratie;

hun taken. Vanwege het succes is besloten de samenwerking in het BOD met

• digitale beschikbaarheid en toegankelijkheid van VTH-­informatie op tactisch en strategisch (beleids)niveau; • nieuwe, digitale opbouw van documenten en dossiers, mede gebaseerd op thema’s binnen de Omgevingswet en verdere specificering daarvan;

minimaal één jaar te verlengen. • In 2021 maakt de OMWB de overstap naar een nieuwe ICT­-leverancier, waarbij zij zoekt naar een partner die goed aansluit op de ontwikkelingen binnen de dienst. De aanbesteding hiervoor is in het afgelopen jaar voorbe­reid, on-

• (gestandaardiseerde) gegevensuitwisseling met ketenpartners;

der andere door eerst een uitgebreide marktconsultatie te organi­seren. Door

• aansluiting op landelijke voorzieningen c.q. het Digitaal Stelsel Omgevingswet.

deze aanbesteding in twee fasen op te splitsen is een efficiënt aanbestedingsproces ingericht. De eerste fase, de selectiefase, is in 2020 afgerond. Begin

Resultaten 2020

januari 2021 volgt de tweede fase.

De OMWB ziet een goede informatievoorziening als belangrijke randvoorwaarde voor het bereiken van haar strategische doelen. In 2020 is hier daarom veel in geïnvesteerd. De belangrijkste ontwikkelingen zijn als volgt:

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

29

>

Communicatie Wij hechten aan goede communicatie met onze stakeholders. De afgelopen jaren is hierin veel geïnvesteerd. Denk aan het digitale relatiemagazine OMWB [in beeld] voor bestuurlijke en ambtelijke relaties en de website. De bekendheid is vergroot en dankzij onze arbeidsmarktcampagne weten werkzoekenden ons beter te vinden. Intern weten we elkaar door kennisdeling beter te vinden. Resultaten 2020 Binnen de OMWB vinden we het belangrijk om communicatieve competenties van medewerkers te vergroten. Dit draagt immers bij aan kwalitatief betere

Financiën en Control

projecten, soepelere processen en daarmee de kwaliteit van onze producten en diensten. We zijn in 2020 actief bezig geweest met het stimuleren van duidelijke

De rode draad voor het team Financiën en Control is de organisatie en externe

taal bij collega’s voor hun communicatie met deelnemers, bedrijven en andere

partners te ondersteunen met een goede financiële informatievoorziening en

stakeholders. Zo helpt een schrijfwijzer met concrete handvatten medewerkers

risicomanagement. Belangrijke pijler hierin is het nieuwe ICT-­systeem AFAS

bij hun externe communicatie.

dat op 1 januari 2019 operationeel is geworden. Met dit systeem zal de admi­ nistratie op een efficiëntere en effectievere manier worden gevoerd.

Voortdurend investeren we in het verbeteren en versterken van ons merk; met producties en verhalen die duidelijk maken welke resultante ons werk heeft voor

Financieel beleid

de leefomgeving. In 2020 hebben we – kijkend naar het bereik op onder meer

In instrumentele zin zijn alle onderdelen van het financiële beleid actueel en

onze corporate online kanalen – gemerkt dat OMWB-­content aanslaat bij zowel

waar nodig door het Algemeen Bestuur vastgesteld. Een actueel beleid is een

bestuurlijke en ambtelijke contacten als ook het grote publiek. Het aantal LinkedIn­

randvoorwaarde voor een goede bedrijfsvoering, advisering en P&C-­producten.

volgers steeg in 2020 van 2042 naar 2626, de website omwb.nl (homepage)

We houden dit beleid actueel, en waar het Algemeen Bestuur de regels moet

had ruim 23.000 bezoekers en maandelijks ontvangen 684 externe contacten

vaststellen, zullen we dit vroegtijdig aan het Algemeen Bestuur ter besluitvor­

(december 2020) de nieuwsbrief van OMWB [in beeld]. Deze investering zal zich

ming voorleggen.

uitbetalen in meer naamsbekendheid en een positief imago op de arbeidsmarkt. Resultaten 2020

<<

<

In onze middelen hebben we in 2020 een flinke stap gezet in het digitoegan-

Met de ingebruikname en doorontwikkeling van AFAS vindt telkens afstemming

kelijk maken van onlineproducten voor mensen met onder meer een visuele

tussen bestaand beleid en technische (on)mogelijkheden plaats. Op onderdelen

beperking. De OMWB is wettelijk verplicht om omwb.nl te laten voldoen aan het

hebben de mogelijkheden van de techniek het beleid achterhaald gemaakt. Met

Besluit digi­tale toegankelijkheid overheid. De status van de website is: C e ­ erste

de verdere uitrol van AFAS in 2021 zal een hernieuwde alignement bewerkstel­

maatrege­len genomen. In 2021 zet de OMWB vervolgstappen in de digitoegan-

ligd worden. Gedacht kan worden aan mandaat­, budgethouderregeling, maar

kelijkheid.

ook aan het inkoopbeleid.

OMWB Jaarstukken 2020

30

>

Budgetbeheersing en informatievoorziening (reviews)

is het afgelopen jaar ook aandacht geweest voor de huisstijl van de P&C­

Sturing en beheersing van de financiën zijn relevant en hebben prioriteit voor

producten en de relatie met andere publicaties van de OMWB. De intermedië­

de OMWB. Het nieuwe financiële systeem zal hieraan verder bijdragen. Hier­

rende rol past F&C steeds meer. In 2021 zal hier verder op ingestoken worden.

door ondergaan de op te leveren interne en bestuurlijke rapportages wederom een verbeterslag. Resultaten 2020 Het jaar 2020 is het tweede financiële boekjaar dat in AFAS is gevoerd. Het gedachtengoed en gebruik van het systeem is verder ‘geïnternaliseerd’ en waar mogelijk al geoptimaliseerd. Processen zijn eenvoudiger, eenduidiger en gebruiksvriendelijker. De samenwerking met de organisatieonderdelen Infor­ matievoorziening en PPR heeft vorm gekregen, waarbij het cluster Financiën en Control meer en meer zijn ‘luis in de pels’­-rol aanneemt. Dit geheel heeft tot een kwaliteitsimpuls van administratievoering en verantwoordingen geleid. Financiële rapportages worden (weer) conform planning opgeleverd en meer op ‘sturing’ ingestoken. Mede daardoor heeft het voorbije jaar op de daartoe geijk­ te momenten het ‘goede gesprek’ kunnen plaatsvinden met het management. Planning- en controlcyclus In de planning­- en­controlcyclus zijn producten als de kadernota, jaarrekening, begroting en bestuursrapportages opgenomen. In het spoorboekje planning en control staan deze producten inclusief datum van oplevering. Door volgens deze structuur te werken, krijgt het Bestuur deze producten op tijd en met een goede kwaliteit ter besluitvorming voorgelegd. Resultaten 2020 Het cluster Financiën en Control heeft zich het voorbije jaar op dit gebied als eigenaar en intermediair opgesteld.

Eigenaar vanuit inhoudelijk en proces­ oogpunt. Een voorname stap is gezet in de samenwerking met andere organi­ satieonderdelen, zoals eerdergenoemde Informatievoorziening en PPR, maar ook met het primaire proces. Steeds meer wordt gekozen voor een decentrale, bottom­up totstandkoming van P&C-producten, waardoor het integrale karakter van de producten aan meerwaarde wint. Samen met het cluster Communicatie

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

31

>

Interne controle

punt dat de OMWB voor BRZO­-taken altijd moet voldoen aan de kwaliteitscri­

Binnen de OMWB is een Intern Controleplan vastgesteld. Hierin zijn de be­

teria en voor de andere taken eventueel gemotiveerd kan worden afgeweken

langrijkste financiële processen uitgewerkt op basis van een risicoanalyse.

(comply or explain).

Inmiddels is de interne controle een vast onderdeel van het team Financiën en

Momenteel wordt uitgegaan van de set Kwaliteitscriteria 2.2 zoals per 1 juli

Control. Vanuit de interne controle zijn de meest risicovolle processen gecon­

2019 vastgesteld. Deze set geeft aan wat de minimale meetlat van kwaliteit

troleerd. Met de hieruit voortkomende bevindingen kunnen we tijdig bijsturen.

(proces én deskundigheid) is waaraan een organisatie moet voldoen.

Resultaten 2020

Door externe partij Libereaux is bij de OMWB in 2020 een nieuwe nulmeting

In 2020 is een verdere professionaliseringsslag gerealiseerd met het op orde

uitgevoerd die inzichten biedt over de mate van aanwezige deskundigheid en

brengen van de AO/IC. Mede door de IC-­functie meer in het cluster te beleggen

ontwikkelbehoeften ten opzichte van de Kwaliteitscriteria 2.2.

konden diverse aandachtspunten uit eerdere interne en externe audits vervolgd worden. Door verdere automatisering en digitalisering kregen IC­-werkzaamhe­den

Opbrengst

meer vorm en werden risico’s ingeperkt. In 2021 zal hier verdere aandacht voor

Uit de nulmeting valt onder meer te concluderen dat:

zijn. Dit geldt ook voor de implementatie van de rechtmatigheidsverklaring. Zo-

• de OMWB erg robuust is als het gaat om expertise binnen de kwaliteitscrite­

als het zich thans laat aanzien, treedt deze over het boekjaar 2021 in werking.

ria. De organisatie toont aan op twintig van de 27 deskundigheidsgebieden

Eind 2020 is een projectplan hiervoor opgesteld. Lopende 2021 zal de afstem­

genoeg kennis en kunde te hebben;

ming van DB en AB hierover worden gezocht. Grondslag ervan vindt plaats in het

• zes deskundigheidsgebieden worden uitbesteed;

herijkte Interne Controleplan dat in 2021 aan het Bestuur wordt voorgelegd.

• het deskundigheidsgebied dat wél binnen de organisatie belegd is, maar waarvan nog niet aantoonbaar gemaakt is dat er twee of meer medewerkers

Kwaliteitscriteria 2.2

op actief zijn, Groen & ecologie (Wabo) betreft; • het opvalt dat er binnen de categorieën in leeftijd 41-­50 en 51-­60 jaar erg

Aanleiding De OMWB richt zich op een hoge kwaliteit van haar diensten. Een belangrijk doel van de oprichting van omgevingsdiensten is de kwaliteit van de uitvoering van de taken en de efficiency structureel te verhogen. Daarnaast met behulp van kennisdeling betere diensten te kunnen verlenen.

veel expertise in huis is; • de OMWB heeft laten zien aan het nieuw toegevoegde deskundigheidsgebied Energiebesparing & duurzaamheid te voldoen. Dit is afwijkend ten opzichte van het landelijke beeld omdat het gaat om een betrekkelijk nieuw domein; • het percentage medewerkers dat aantoont voldoende ‘deskundig’ (groen) te zijn, 95% bedraagt. Uit de meetgegevens blijkt dat van de medewerkers die

<<

<

De OMWB wil aan haar opdrachtgevers laten zien dat (blijvend) aan de kwali­

nog niet voldoen aan de KC 2.2, en dus op oranje staan, er relatief veel ‘dicht

teitseisen wordt voldaan. Kwaliteit is wettelijk verankerd in de op 14 april 2016

tegen groen aanzitten’ of hun functie niet geheel raakvlak heeft met het

in werking getreden Wet Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH).

deskundigheidsgebied. De conclusie die hieruit getrokken kan worden is dat

Uit de wet vloeit voort dat elke gemeente en provincie in Nederland ook een

er veel specialisme in huis is (één van de pijlers van de Kwaliteitscriteria) en

zogenaamde kwaliteitsverordening vaststelt. Ook alle opdrachtgevers van de

dat bij het aannemen van nieuwe personeel rekening wordt gehouden met de

OMWB hebben een dergelijke verordening vastgesteld. Hierbij is het uitgangs­

vereiste criteria.

OMWB Jaarstukken 2020

32

>

Vervolg De nulmeting (stand november 2020) laat zien dat de OMWB er ten opzichte van de Kwaliteitscriteria 2.2 goed voor staat. De organisatie is binnen 20 des­ kundigheidsgebieden erg robuust als het gaat om kennis en kunde ten opzichte van de Kwaliteitscriteria. Voor één deskundigheidsgebied dient de organisatie verbeteracties toe te passen. Op basis van de analyse op de kenniselementen wordt samen met de afde­ ling HRM een uitvraag gedaan naar de opleidingsmarkt. Omdat er nauwkeurig in beeld is gebracht wie wat nog moet doen, wordt hierop een efficiencyslag verwacht. Ook wordt er gekeken naar een mogelijke samenwerking met de partners. Het e-­portfolio Ditkanik.nu wordt door de medewerkers bijgehouden; (nieuwe) bewijsstukken en certificaten worden geüpload en gedeeld met de teammana­ ger. Het vormt de basis voor ontwikkeling. Ook de medewerkers die niet onder een deskundigheidsgebied van de Kwaliteitscriteria vallen, kunnen hun e-­portfolio bijhouden en aanvullen.

2.4 COVID-19-analyse We kunnen er niet omheen dat een groot deel van het jaar en zodoende onze

Verder zal de VTH-­monitor onderhouden worden en mutaties worden door­

werkzaamheden beïnvloed zijn door COVID-19. Het heeft onze fysieke werk­

gevoerd, zodat de OMWB blijvend kan aantonen te voldoen aan de Kwaliteits­

zaamheden lastig gemaakt en contact met deelnemers, bedrijven en burgers

criteria.

en collega’s onderling was vaak alleen op afstand mogelijk. Ook zijn activiteiten en evenementen waar we normaal gesproken werkzaamheden voor uitvoeren

Bijlage

niet doorgegaan. Deze situatie heeft onze resultaten onmiskenbaar beïnvloed.

De volledige uiteenzetting van de bevindingen van de nulmeting is als bijlage

Anderzijds heeft het ons als organisatie ook iets gebracht. We hebben samen

toegevoegd aan dit document.

met de deelnemers gezocht naar activiteiten die een bijdrage leveren aan het milieu en wel (op afstand) uitgevoerd konden worden. Ook hebben we creatief naar onze instrumenten gekeken en gezocht naar alternatieven die zoveel mo­ gelijk de kwaliteit waarborgden, gelijk aan de kwaliteit die fysieke activiteiten bieden. Tot slot zijn er ook effecten geweest op de bedrijfsvoering en de kosten van de organisatie. In de volgende twee kaders schetsen we een beeld over hoe COVID-19 onze werkzaamheden en resultaten in 2020 heeft beïnvloed.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

33

>

Effecten op het werkprogramma Vergunningverlening:

Advies:

• Vooroverleg op afstand

• Geen effect op advies RO en Externe Veiligheid

• Extra aanvragen inzake productie desinfectiemiddelen

• Aanpassingen meetprotocollen vanwege COVID-19

• Extra aanvragen rondom afvalstromen (milieustraten, ziekenhuizen)

• Minder geluidsmetingen uitgevoerd

• Verminderde aanvragen van TUG-ontheffingen

• Minder preventief luchtonderzoek uitgevoerd, repressieve metingen wel

• Sterk verminderde aanvraag voor evenementen Vuurwerkbesluit

volledig uitgevoerd • Bodemonderzoeken uitgevoerd volgens planning

Toezicht: • Groot deel van de controles is administratief uitgevoerd, aangevuld met fysieke flitscontroles

Effecten op bedrijfsvoering en kosten

• Deel van de controles bij horeca en MKB heeft niet plaatsgevonden • Bij de BRZO-­inspecties is DAT (Diepgaand Administratief Toezicht) veelvuldig toegepast en heeft goede resultaten opgeleverd • ITv­-programma is niet afgerond en loopt uit richting 2021

• Geen effect op het ziekteverzuimcijfer • Extra uitgaven en investeringen op het gebied van ICT en facilitair • Minder uitgaven op inhuurbudget, reiskostenbudget en ‘kantoorkosten’

• Toezicht in het kader van vuurwerkverkoop is niet uitgevoerd Klachten en handhaving: • 10% minder klachten en ongewone voorvallen t.o.v. 2019 • Wegvallen klachten rondom horeca en evenementen • Forse toename klachten m.b.t. lichthinder, trillingen, afval en verontreiniging • Piek in handhaafbaarheid toetsen • Meer gedoogbeschikkingen NIG­-activiteiten: • Een deel van de bedrijven binnen het Energieprogramma was lastig te bereiken voor toezicht op afstand • Weinig tot geen effect op het toezicht op asbestsaneringen • Weinig tot geen effect op het bouw en sloop toezicht en vergunningver­ lening bouwen

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

34

>

3.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

Jaarrekening Hierna volgt de jaarrekening over 2020 met financiële toelichting.

35

>

3.1 Balans ultimo boekjaar Activa (bedragen x € 1.000)

31 december 2020

31 december 2019

905

703

Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut

905

Totaal vaste activa

833

703

905

833 703

Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

2.190 658 1.532

Liquide middelen Banksaldi

833

2.605 716 1.889

245 245

Overlopende activa

833

833

226 226

2.465

833

2.955

Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

<<

<

• Vooruitontvangen facturen

328

438

• Nog te ontvangen BTW

259

523

• Nog te ontvangen posten

1.724

1.363

• Afrekeningen werkprogramma’s

141

631

• Afdr. loonheffing en netto salarissen

13

0

Totaal vlottende activa

4.900

5.786

Totaal generaal

5.805

6.489

OMWB Jaarstukken 2020

36

>

Passiva (bedragen x € 1.000)

31 december 2020

31 december 2019

2.325

2.609

Vaste passiva Eigen vermogen Reserves Algemene reserve

1.546

1.546

Bestemmingsreserve huisvesting

0

67

Bestemmingsreserve meetstations

297

297

Gerealiseerd resultaat

482

Totaal vaste passiva

699 2.325

2.609

Vlottende passiva Kortlopende schulden Netto vlottende schulden, met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

488 488

Overlopende passiva

1.346 1.346

2.992

2.534

De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren • Van overige Nederlandse overheidslichamen

0

44

Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume: • Nog te betalen posten

1.048

1.219

• Afrekeningen werkprogramma’s

1.944

1.258

• Afdr. loonheffing en netto salarissen

<<

<

0

13

Totaal vlottende passiva

3.480

3.880

Totaal generaal

5.805

6.489

OMWB Jaarstukken 2020

37

>

3.2 Het overzicht van baten en lasten Lasten (bedragen x € 1.000)

2020 begroting voor wijziging

2020 begroting na wijziging

2020 realisatie

verschil

Salarissen

18.351

17.463

16.729

734

Reiskosten

574

373

206

167

Overige personeelskosten

142

490

200

290

2.380

4.471

3.444

1.027

Primair proces

Personeelslasten

Inhuurbudgetten Detacheringsinkomsten Subtotaal

0

0

-­114

114

21.447

22.797

20.465

2.332

Afschrijvingen Afschrijvingen

235

160

104

56

Subtotaal

235

160

104

56

Huisvesting en facilitaire kosten

135

135

33

102

Externe werkplekken

64

0

0

0

Tractie

81

81

51

30

ICT-budgetten

124

124

16

108

Subtotaal

404

340

100

240

Laboratoriumkosten

600

600

1.598

-­998

Milieumetingen

506

506

462

44

Luchtkwaliteitsmetingen/ENoses

78

78

0

78

1.184

1.184

2.060

-876

23.270

24.481

22.729

1.752

Huisvesting en organisatie

Overige kosten

Subtotaal

Totaal lasten Primair proces

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

38

>

Lasten (bedragen x € 1.000)

2020 begroting voor wijziging

2020 begroting na wijziging

2020 realisatie

verschil

Salarissen

4.721

3.359

4.232

-­873

Reiskosten

0

201

95

106

837

490

804

-­314

0

1.620

1.426

194

5.558

5.669

6.557

-888

Afschrijvingen

0

75

82

­-7

Subtotaal

0

75

82

-7

Huisvesting en facilitaire kosten

880

944

872

72

Facilitaire kosten

154

154

0

154

Accountantskosten / overige

489

489

755

-­266

Bedrijfsvoering

Personeelslasten

Overige personeelskosten Inhuurbudgetten Subtotaal

Afschrijvingen

Huisvesting en organisatie

ICT-budgetten

2.266

2.266

2.571

-­305

Subtotaal

3.789

3.853

4.198

-345

Totaal lasten Bedrijfsvoering

9.573

11.073

10.534

539

Totaal lasten Bedrijfsvoering

9.347

9.597

10.837

-1.240

246

Overig Diverse baten en lasten

0

0

­-246

150

150

142

8

0

0

2

-­2

Subtotaal

150

150

-102

252

Totaal lasten Overig

160

294

182

112

Totaal lasten Overig

150

150

-102

252

Onvoorzien Vennootschapsbelasting

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

39

>

Baten (bedragen x € 1.000)

2020 begroting voor wijziging

2020 begroting na wijziging

2020 realisatie

verschil

Programmadeel 1: Vergunningverlening, toezicht en handhaving

19.656

20.356

19.621

735

Programmadeel 2: Advies en Projecten

8.958

9.275

8.103

1.172

Programmadeel 3: Collectieve taken structureel

1.556

1.556

1.556

0

Programmadeel 4: Buiten werkprogramma

1.391

1.391

2.493

-­1.102

Programmadeel 4: Overige exploitatie

1.184

1.184

1.706

-­522

32.743

33.760

33.479

281

-23

-467

15

-482

0

0

0

0

Totaal baten

Gerealiseerd saldo baten en lasten

Stortingen reserves Onttrekkingen reserves*

23

467

467

0

Totaal reserves

23

467

467

0

160

294

182

112

0

0

482

-482

Totaal lasten Overig Gerealiseerd resultaat

*V  olgens het verloopoverzicht van de reserves is een bedrag van € 766.000 als onttrekking 2020 meegenomen. Het verschil van € 299.000 met bovenstaand bedrag van € 467.000 betreft de terugbetaling aan de deelnemers conform het besluit van het Algemeen Bestuur in 2020 over de jaarrekening 2019.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

40

>

3.3 Toelichtingen

Balans

3.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

Vaste activa

Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening

Investeringen met een economisch nut De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijging­of vervaardi­

De jaarrekening is opgesteld op basis van het BBV.

gingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden zijn op de betreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afge­

De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden

schreven.

plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het betreffende balansonderdeel anders is vermeld, zijn de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden.

De investeringen worden vanaf het jaar volgend op het moment van ingebruik­ name lineair afgeschreven op basis van de verwachte gebruiksduur. Er wordt

De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking

geen rekening gehouden met een eventuele restwaarde. De afschrijvingstermij­

hebben. Baten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn

nen worden jaarlijks bij de begroting vastgesteld en zijn in de tabel verderop in

gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden vóór het einde van

deze toelichting opgenomen.

het begrotingsjaar, worden in acht genomen. Bij de waardering is in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijPersoneelslasten worden toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking

zondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duur­zaam is.

hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen en schulden als gevolg van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde

Gehanteerde afschrijvingstermijnen

verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten

Bij investeringen worden de volgende afschrijvingstermijnen gehanteerd:

toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Bijvoorbeeld com­ ponenten als overlopende verlofaanspraken. Het BBV schrijft voor dat kosten van bedrijfsvoering (BBV hanteert de term ‘overhead’) afzonderlijk worden begroot en verantwoord. De totale kosten van bedrijfsvoering voor de hele organisatie worden aan de lastenkant in één over­ zicht gepresenteerd. Volgens de definitie van het BBV worden tot de bedrijfs­

Tabel met de gehanteerde afschrijvingstermijnen

Jaren

Automatisering

5

Huisvesting

10

Communicatiemiddelen

3

Vervoersmiddelen

7

Technische apparatuur

15

voering gerekend “Alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteu­ ning van de medewerkers in het primaire proces”. Bedragen in de tabellen zijn opgenomen in duizendtallen; in de toelichtingen zijn de bedragen niet afgerond.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

41

>

Vlottende activa

Van het verloop van de boekwaarde van deze investeringen kan het volgende overzicht worden gegeven:

Vorderingen

Boekwaarde

De vorderingen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte on­

per 1-1-2020

Investeringen

Desinvesteringen

Afschrijvingen

Afschrijvingen Desinvesteringen

Boekwaarde per 31-12-2020

inbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening is bepaald

Huisvesting (Overige materiële vaste activa)

360

40

30

83

0

287

op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten

Automatisering (Overige materiële vaste activa)

48

2

0

11

0

39

Tractie/wagenpark (Vervoersmiddelen)

62

0

0

15

0

47

Communicatiemiddelen (Overige materiële vaste activa)

179

8

0

63

0

124

Machines, apparaten en installaties/technische apparatuur

54

377

123

14

­-114

408

703

427

153

185

-114

905

Deze activa zijn tegen nominale waarde opgenomen. Passiva Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Totaal

3.3.2 Toelichting op de balans per 31 december 2020

De desinvestering van € 30.000 op huisvesting betreft een vrijval van een in 2019 gemaakte inschatting voor een nog te verwachten factuur voor reeds in

Vaste activa

2019 in gebruik genomen bureaustoelen.

Materiële vaste activa

Van bijdrage derden en afwaarderingen is in 2020 geen sprake geweest.

Investeringen met een economisch nut

De investeringen 2020 zijn als volgt te specificeren:

De materiële vaste activa met een economisch nut bestaan uit de volgende onderdelen:

<<

<

(Vervangings)investeringen

Krediet per 1-1-2020

Nieuw krediet 2020

Beschikbaar totaal 2020

Uitgaven in 2020

Afschrijving v.a. 2021

Boekwaarde per

Boekwaarde

Vervanging wagenpark*

305

0

305

229

33

31-12-2020

per 31-12-2019

Communicatiemiddelen

25

0

25

8

3

Automatisering (Overige materiële vaste activa)

39

48

Huisvesting

0

100

100

40

4

Huisvesting (Overige materiële vaste activa)

287

360

Technische apparatuur

0

75

75

148

10

Communicatiemiddelen (Overige materiële vaste activa)

124

179

Automatisering

0

0

0

2

0

Tractie/wagenpark (Vervoersmiddelen)

47

62

Totaal

330

175

505

427

50

Machines, apparaten en installaties/technische apparatuur

408

54

Totaal

905

703

OMWB Jaarstukken 2020

*aangezien het omgebouwde meetwagens betreft, worden deze (conform voorgaande jaren) in de activastaat verantwoord onder de technische apparatuur.

42

>

In 2020 is € 73.000 extra geïnvesteerd in technische apparatuur (meetstati­

Uitzettingen in ’s Rijks schatkist (schatkistbankieren)

ons). Aangezien dit tot een overschrijding van het beschikbare krediet heeft

Dit betreft het per 31 december 2020 uitstaand saldo in de schatkist. Sinds

geleid, zal hiervoor in het eerstvolgende bestuursoverleg (Algemeen Bestuur

medio 2015 worden overtollige middelen in het kader van schatkistbankieren

van 14 juli 2021) met terugwerkende kracht goedkeuring worden gevraagd.

in de vorm van een rekening-­courantverhouding bij het Rijk afgestort.

Hetzelfde geldt voor de geringe overschrijding van het automatiseringskrediet. Het bedrag aan middelen dat voor het drempelbedrag door de OMWB buiten De investering in de meetstations betreft onderdelen die in de regel pas bij

’s Rijks schatkist is aangehouden was per ultimo van het kwartaal:

defect worden vervangen en zijn daarom lastig te voorzien. De investeringen hebben plaatsgevonden na het opstellen van de 2e Burap en zijn derhalve niet eerder gemeld.

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten ’s Rijks

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

467

216

254

270

0

34

0

0

217

0

4

20

schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag

Vlottende activa

Overschrijding van het drempelbedrag

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of min­

Liquide middelen

der kunnen als volgt gespecificeerd worden:

Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten:

(Vervangings)investeringen

Stand 31-12-2020

Voorziening oninbaarheid

Boekwaarde 31-12-2020

Boekwaarde 31-12-2019

Vorderingen openbare lichamen

658

0

658

716

Uitzetting in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

1.532

0

1.532

1.889

Totaal

2.190

0

2.190

2.605

Boekwaarde 31-12-2020

Boekwaarde 31-12-2019

Banksaldo BNG

45

226

Banksaldo Rabobank

200

0

Totaal

245

226

Ultimo 2020 had de dienst een tegoed bij de Rabobank en de BNG van totaal afgerond € 245.000. Vorderingen op openbare lichamen In het boekjaar 2020 zijn geen oninbare posten afgeboekt. Een groot deel van

Overlopende activa

de openstaande posten per 31-­12-­2020 is per medio maart 2021 afgewikkeld.

De post overlopende activa kan als volgt gespecificeerd worden:

Door de aanscherping van het debiteurenbeheer is voor oninbaarheid geen

Boekwaarde

Boekwaarde

voorziening gevormd (2019: € 0).

31-12-2020

31-12-2019

2.465

2.955

2.465

2.955

Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

43

>

Passiva

Nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen Boekwaarde

Boekwaarde

31-12-2020

31-12-2019

Eindafrekeningen deelnemers

141

631

Nog te ontvangen BTW

259

523

Eigen vermogen

Vooruit ontvangen facturen

328

438

Het eigen vermogen van de dienst bestaat uit het totaal van alle reserves per

Nog te ontvangen bedragen

1.724

1.363

31 december, aangevuld met het resultaat over het boekjaar. Zowel de alge-

13

0

2.465

2.955

Afdr. loonheffing en netto salarissen Totaal

Vaste passiva

mene reserve als de bestemmingsreserves worden tot het eigen vermogen gerekend.

Eindafrekeningen gemeenten

Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende compo­

Dit betreft de eindafrekeningen over 2020 die in januari 2021 naar de deel­

nenten:

nemers zijn gestuurd. Ter bevestiging van deze saldi is bij de deelnemers een confirmatie opgevraagd en ontvangen. Een voorziening wordt niet noodzakelijk geacht. BTW Het bedrag aan BTW betreft voor € 259.000 de aangifte over het laatste kwar­ taal 2020 tezamen met de suppletie over 2020.

Algemene reserve

Boekwaarde 31-12-2020

Boekwaarde 31-12-2019

1.546

1.546

Reserve huisvesting

0

67

Reserve meetstations

297

297

Gerealiseerd resultaat boekjaar 2020

482

0

Gerealiseerd resultaat boekjaar 2019

0

699

2.325

2.609

Totaal

Vooruit ontvangen facturen Dit betreffen facturen die in 2020 zijn ontvangen, maar waarvan een deel van

Het boekjaar 2019 sloot met een te bestemmen voordelig resultaat van

de kosten betrekking heeft op het boekjaar 2021.

€ 699.000. Van dit bedrag is conform het besluit van het Algemeen Bestuur in 2020 € 299.000 terugbetaald aan de deelnemers, € 400.000 is overgeheveld

Nog te ontvangen bedragen

naar 2020.

Hier zijn verantwoord diverse opbrengsten over 2020 die per einde van het

<<

<

boekjaar nog niet (volledig) waren gefactureerd.

Het boekjaar 2020 sluit met een te bestemmen positief resultaat van € 482.000

In deze post is de vordering van € 192.000 inzake vergoeding voor inge­

(2019 voordelig resultaat van € 699.000). Overeenkomstig het BBV is dit saldo

brekestelling van leverancier Roxit opgenomen. Van deze vordering zal circa

afzonderlijk op de balans opgenomen. Bij de vaststelling van de jaarrekening

€ 144.000 gelijkmatig in de jaren 2022 tot en met 2024 worden ontvangen.

zal een voorstel tot bestemming van dit resultaat worden gedaan.

OMWB Jaarstukken 2020

44

>

Vlottende passiva

Het verloop van de reserves over het boekjaar was als volgt: Boekwaarde 31-12-2019

Resultaatbestemming voorgaand boekjaar

Algemene reserve

Toevoeging

Onttrekking

Boekwaarde 31-12-2020

1.546

699

0

699*

1.546

Reserve huisvesting

67

0

0

67

0

Reserve meetstations

297

0

0

0

297

1.910

699

0

766

1.843

Totaal

Onder de vlottende passiva zijn opgenomen: Boekwaarde 31-12-2020

Boekwaarde 31-12-2019

488

1.346

Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overlopende passiva

2.992

2.534

Totaal

3.480

3.880

(*betreft 299.000 + 400.000)

Algemene reserve

Ultimo 2020 was er, evenals voorgaande jaren 2018 en 2019, door de goede

De algemene reserve is een buffer voor exploitatietekorten en het opvangen

liquiditeitspositie geen noodzaak om kasgeldleningen op te nemen.

van risico’s. De onttrekking aan de reserve was als volgt: Onttrekking Onttrekking t.b.v. budget arbeidsmarktcommunicatie

250

Onttrekking t.b.v. budget ICT/Speer

150

Totaal

400

Overlopende passiva De specificatie van de overlopende passiva is als volgt: Boekwaarde 31-12-2020

Boekwaarde 31-12-2019

0

44

Nog te betalen posten

1.048

1.219

Afrekeningen werkprogramma’s

1.944

1.258

De van Europese en Nederlandse overheidslichamen

Reserve huisvesting Het doel van de reserve ‘huisvesting’ was het egaliseren van de huurkosten over de contractperiode. In de eerste twee jaar van het contract werden er geen huurkosten in rekening gebracht door de verhuurder. Om de kosten te egaliseren over de looptijd werd er de eerste twee jaar gestort in de reserve huisvesting. De OMWB heeft conform afspraak met het Ministerie van BZK de reserve in 2020 laten vervallen.

ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume

Reserve meetstations

Afdr. loonheffing en netto salarissen

Vanuit de overgebleven middelen van de Provincie is vanuit de resultaatbe­

Totaal

0

13

2.992

2.534

stemming 2017 de reserve meetstations gevormd. Deze bestemmingsreserve is ter continuering van de meetstations (het betreft investeringsintensieve locaties).

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

45

>

Niet uit de balans blijkende vorderingen en verplichtingen

Onder de nog te betalen posten is een verplichting opgenomen aan een voor­ malig werknemer van de OMWB. Van deze verplichting wordt circa € 26.300 uitbetaald in 2022.

Personele verplichtingen Op grond van het BBV mogen geen voorzieningen worden gevormd voor jaar­

Van de ontvangen voorschotbedragen kan het volgende verloopoverzicht wor-

lijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar

den gegeven.

volume. Om die reden wordt geen post voor personele verplichtingen opgeno­ Saldo

Bestedingen

Ontvangen bedragen

1-1-2020

Saldo

men op de balans.

31-12-2020

Project luchtkwaliteitsberekening

44

44

0

0

Het tegoed aan vakantiedagen bedraagt per 31 december 2020 afgerond

Totaal

44

44

0

0

2.685 dagen (2019: 2.280 dagen). Dit betekent in geld uitgedrukt een ver­ plichting van circa € 726.000 (2019: € 595.000).

Het saldo van project luchtkwaliteitsberekening is in de jaarrekening 2019 als overlopend passief verantwoord. In het boekjaar 2020 is het saldo van 2020

(Lease)verplichtingen

en voorgaande jaren op dit project als resultaat 2020 meegenomen omdat er

Een deel van de activa is aangeschaft via een leasecontract. Dit betreffen:

geen terugbetalingsverplichting voor deze middelen bestaat. Bij de vaststelling

• IT-­infrastructuur en omgeving: hiervoor is in 2012 een overeenkomst

van het jaarrekening resultaat 2020 wordt voorgesteld dit saldo toe te voegen

afgesloten met Equalit. De jaarlijkse kosten hiervan bedragen afgerond

aan de Reserve meetstations.

€ 1,5 miljoen. De overeenkomst heeft als ingangsdatum 1 januari 2013 en is voor onbepaalde tijd afgesloten. In 2019 is het contract opgezegd; met inachtneming van de opzegtermijn van drie jaar zal het contract per 01-01-2022 aflopen. • dienstauto’s: voor vijf auto’s is een leasecontract afgesloten. De jaarlijkse leasekosten bedragen circa € 17.875. Van vier dienstauto’s lopen de contrac­ ten per augustus 2021 af; hiervoor zal in 2021 contractuele verlenging of vervanging plaatsvinden. Van de andere dienstauto loopt het contract medio juli 2024 af. • koffieautomaten: hiervoor is in 2019 een overeenkomst aangegaan voor een zestal automaten; de jaarlijkse kosten hiervan bedragen circa € 4.000. De overeenkomst is op 1 augustus 2019 ingegaan en kent een looptijd van vijf jaar. Het contract eindigt derhalve op 31 juli 2024.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

46

>

In 2018 zijn contracten gesloten voor de IT-­systemen met Afas en Roxit, de

Nadere toelichting op de lasten Primair proces

jaarlijkse kosten hiervan bedragen afgerond respectievelijk € 50.000 en € 100.000.

De bijstelling van de lasten en baten is conform de besluitvorming van het Algemeen Bestuur. In het boekjaar 2020 is één begrotingswijziging vastgesteld.

Huurovereenkomsten De jaarlijkse huurverplichting voor het pand (incl. parkeerplaatsen) in Tilburg

Hierna worden de belangrijkste verschillen toegelicht. Waarbij eerst de lasten

bedraagt circa € 600.000. De huurovereenkomst is aangegaan voor een periode

van het primaire proces worden toegelicht; vervolgens die van de bedrijfsvoe­

van 10 jaar met als einddatum 31 december 2022.

ring. Doordat (evenals in 2019) gedurende 2020 bij de administratie een zui­

Bij de BNG Bank is een bankgarantie afgegeven van € 155.000 met als begun­

verdere toerekening is gehanteerd dan bij het opstellen van de begroting, wijkt

stigde HSA Spoorlaan BV inzake de huurverplichting.

de realisatie op een aantal onderdelen af van de begroting. Indien van toepas­

De jaarlijkse huurverplichting voor kantoorruimte (incl. parkeerplaatsen)

sing is dat in onderstaande toelichting bij de betreffende posten aangegeven.

en laboratorium aan de Brabantlaan 1 te ’s­-Hertogenbosch bedraagt circa € 125.000. Vanaf 1 juli 2017 wordt de overeenkomst telkenmale met 5 jaar

Personeelslasten

verlengd met een opzegtermijn van 6 maanden.

Primair proces

2020 begroting na wijzigingen

2020 realisatie

17.463

16.729

Salarissen

Inkoopverplichtingen In de kadernota rechtmatigheid heeft de commissie BBV de stellige uitspraak gedaan dat meerjarige contracten -in het kader van Europese regels­- in de toelichting op de jaarrekening opgenomen moeten worden voor het volle bedrag waarover het contract is afgesloten. De OMWB verleent opdrachten aan

Reiskosten

373

206

Overige personeelskosten

490

200

4.471

3.444

0

-­114

22.797

20.465

Inhuurbudgetten Detacheringsinkomsten Subtotaal personeelslasten

milieukundige adviesbureaus op basis van het actuele werkaanbod vanuit de

Enerzijds vertonen de salariskosten een stijging als gevolg van CAO-effecten,

opdrachtgevers en specifieke casuïstiek. Hiervoor zijn geen meerjarige contrac­

anderzijds een afname doordat vacatures niet vast kunnen worden ingevuld als

ten afgesloten met bedoelde bureaus, enkel jaarcontracten.

gevolg van krapte op de arbeidsmarkt. Deze krapte leidt vervolgens weer tot een relatieve stijging van de inhuurkosten.

3.3.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten 2020 De grootste afwijking op de personeelslasten betreft de lagere inhuur derden De begroting 2020 sloot na wijziging met een saldo van € 0. Bij de tweede

dan begroot voor een bedrag van € 1.026.000. Dit komt doordat bij de eerste

bestuursrapportage is melding gemaakt dat een aantal budgetten niet volledig

golf van COVID-19 een aantal inhuurcontracten tijdelijk is opgeschort.

besteed zouden worden. Als prognose van het resultaat is € 100.000 gemeld. Het jaarrekeningresultaat volgens balans bedraagt € 482.000.

De lagere reiskosten zijn het directe gevolg van het minder aantal reisbewegingen door het vele thuiswerken als gevolg van COVID-19. Detacheringsinkomsten worden evenals voorgaande jaren niet begroot; de

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

47

>

overige onderdelen van de personeelslasten wijken in mindere mate af van de

In totaal zijn de kosten op dit onderdeel ruimschoots binnen de ramingen

bijgestelde begroting.

gebleven. De kosten van ICT-­budgetten zijn in de realisatie en begroting voor­ namelijk onder de kosten bedrijfsvoering verantwoord. De lage realisatie van

Afschrijvingen

de huisvestingskosten komt doordat als gevolg van COVID-19 veelal taken op

2020 begroting na wijzigingen

2020 realisatie

Afschrijvingen

160

104

Overige kosten

Subtotaal Afschrijvingen

160

104

Primair proces

Primair proces

Een deel van de afschrijvingslast is verantwoord onder de lasten bedrijfsvoe­ ring (€ 82.000 tegenover € 75.000 begroot). De totale afschrijvingen over 2020 vallen lager uit dan begroot als gevolg van achterblijvende investeringen in 2018 en 2019.

Huisvesting en organisatie

2020 begroting na wijzigingen

2020 realisatie

Huisvesting en facilitaire kosten

135

33

Tractie

81

51

ICT-budgetten

124

16

Subtotaal huisvesting en organisatie

340

100

Primair proces

afstand dan wel administratief uitgevoerd zijn. 2020 begroting na wijzigingen

2020 realisatie

Laboratoriumkosten

600

1.598

Milieumetingen

506

462

Luchtkwaliteitsmeting/eNoses

78

0

1.184

2.060

Subtotaal Overige kosten

Toelichting: • De laboratoriumkosten vormen een variabele post, wat wil zeggen dat meer vraag een hoger kostenniveau tot gevolg heeft. De laboratoriumkosten worden doorbelast. De corresponderende baten zijn opgenomen onder deel­ programma 4. • De kosten milieumetingen zijn op niveau van begroting. De totale kosten, dus inclusief de huisvesting en personele kosten, zijn doorbelast aan de Provincie Noord­-Brabant als onderdeel van deelprogramma 4. • De kosten voor luchtkwaliteitsmetingen/eNoses zijn verantwoord onder de laboratoriumkosten. Nadere toelichting op de lasten Bedrijfsvoering Evenals gedurende 2019 is gedurende 2020 bij de administratie een zuiverdere toerekening gehanteerd dan bij het opstellen van de begroting. Hierdoor wijkt de realisatie op een aantal onderdelen af van de begroting. Indien van toepas­ sing is dat in onderstaande toelichting bij de betreffende posten aangegeven.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

48

>

Personeelslasten

Een deel van de afschrijvingslast is verantwoord onder de lasten primair proces

2020 begroting na wijzigingen

2020 realisatie

Salarissen

3.359

4.232

Reiskosten

201

95

uit dan begroot. De oorzaak hiervan ligt in de achterblijvende investeringen in

Overige personeelskosten

490

804

2018 en 2019.

Inhuurbudgetten

1.620

1.426

Subtotaal personeelslasten

5.669

6.557

(€ 104.000 tegenover begroot € 160.000). Samen met de afschrijvingslast

Bedrijfsvoering

voor bedrijfsvoering vallen de totale afschrijvingen over 2020 € 49.000 lager

Huisvesting en organisatie

2020 begroting na wijzigingen

2020 realisatie

944

872

Bedrijfsvoering Huisvesting en facilitaire kosten

Toelichting: • In 2020 is een aantal vaste medewerkers in dienst getreden bij de OMWB wat terug te zien is in de realisatie van de salarislasten. • Een aantal medewerkers die onder bedrijfsvoering vallen, hebben door de inzet voor declarabele projecten in 2020 voor ongeveer € 750.000 opbrengsten

Facilitaire kosten

154

0

Accountantskosten/overige

489

755

ICT-budgetten

2.266

2.571

Subtotaal huisvesting en organisatie

3.853

4.198

gegenereerd. Dit betreft met name medewerkers van de afdeling IV en van de afdeling S&O. De omzet heeft vooral betrekking op Programma 3.

Toelichting:

• In relatie tot bovenstaande is de lagere realisatie op inhuur te verklaren. Dat

• In de begroting voor huisvesting en facilitaire kosten is de verhuur van de

deze realisatie niet lager is, komt doordat inhuur heeft plaatsgevonden voor

zesde verdieping aan de gemeente Tilburg niet meegenomen (€ 66.000). Te-

specifieke vaardigheden en/of kennis, bijvoorbeeld gerelateerd aan Speer.

vens zijn door een lagere bezetting van personeel op kantoor (als gevolg van

Hiervoor zijn bedragen begroot onder ICT-­budgetten bedrijfsvoering, maar

COVID-19) de facilitaire kosten aanzienlijk lager dan begroot. Daartegenover

onder inhuurbudgetten als werkelijke kosten opgenomen.

staat dat in de realisatiecijfers van 2020 een afrekening voor servicekosten

• De reiskosten zijn ook hier lager door het minder aantal reisbewegingen door

2019 en een reservering voor afrekening servicekosten 2020 voor een totaal van € 50.000 is opgenomen.

het vele thuiswerken als gevolg van COVID-19. • We zien een overschrijding bij de overige personeelskosten door met name

• De Accountantskosten/overige kosten zijn hoger dan begroot. - Voor de accountant is een bedrag verantwoord van € 98.000. Hiervan heeft

een reservering voor Mobiliteit en loopbaanontwikkeling en door hogere kosten voor werving en selectie. Dit laatste houdt verband met de ingezette

€ 25.000 betrekking op de afwikkeling controlekosten 2019 en € 73.000 voor

koers van de OMWB om meer vast personeel aan zich te binden.

de accountantscontrole 2020.

Rente en afschrijvingen

2020 begroting na wijzigingen

2020 realisatie

Afschrijvingen

75

82

Subtotaal Afschrijvingen

75

82

Bedrijfsvoering

- Onder de advieskosten van € 176.000, zoals opgenomen onder de overige kosten, is een bedrag van € 26.000 opgenomen inzake onderzoek kostenef­ fectiviteit OMWB 2020. Een bedrag van € 19.000 is opgenomen voor advies inzake herstructurering en voor advisering IT­-landschap is een bedrag van € 30.000 opgenomen. Tenslotte zijn ook de kosten voor uitbestede dienst­ verlening voor salarisverwerking voor € 70.000 en rechtskundige bijstand voor € 35.000 in deze regel opgenomen. Het restant omvat een aantal minder omvangrijke adviestrajecten.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

49

>

• De overschrijding op de ICT­-budgetten hangt samen met de uitloop van project

Vennootschapsbelasting

Speer. De niet tijdige oplevering van leverancier Roxit heeft tot extra kosten

De kosten voor de vennootschapsbelasting over 2020 zijn geschat op € 2.500;

voor de OMWB geleid. Ter compensatie is hiertoe een boete en een claim bij

in lijn met de aanslagen 2016 tot en met 2018 en de aangifte 2019.

betreffende leverancier neergelegd. De boete is geaccepteerd en over de hoogte van de schadeclaim is overeenstemming bereikt. De bedragen van € 139.000

Overzicht incidentele baten en lasten

en respectievelijk € 192.000 zijn in het jaarrekening resultaat onder de diverse

Onder de incidentele baten en lasten zijn de kosten opgenomen voor arbeids-

baten en lasten verwerkt (zie ‘Nadere toelichting op de lasten Overig’ hierna).

marktproblematiek (€ 250.000) en project SPEER en data-ontwikkeling (€ 150.000). Voor deze kosten waren voor 2020 specifieke budgetten begroot.

Nadere toelichting op de lasten Overig Overige kosten

Daarnaast zijn de kosten van € 142.000 van de BOA-inzet tijdens diverse

2020 begroting na wijzigingen

2020 realisatie

0

-246

150

142

0

2

150

-102

Bedrijfsvoering Diverse baten en lasten Onvoorzien Vennootschapsbelasting Totaal lasten overig

weekenden in verband met COVID-19 hierin opgenomen. Tenslotte is een bedrag van € 125.000 opgenomen voor toekomstige kosten volgend uit de zaak met detacheringsbureau Lybrae. Daartegenover staat een opbrengst van € 139.000 inzake de contractuele boeteclaim die aan leverancier Roxit in rekening is gebracht en een vergoeding van € 192.000 voor ingebrekestelling van leverancier Roxit. Overzicht structurele toevoegingen en onttrekkingen reserves

Diverse baten en lasten

In 2020 hebben geen structurele onttrekkingen aan de reserves plaatsgevonden.

Het saldo op de diverse baten en lasten betreft voornamelijk een bedrag van € 139.000 inzake een opgelegde boete aan leverancier Roxit en een bedrag van € 192.000 inzake vergoeding voor ingebrekestelling van leverancier Roxit. Daarnaast een saldo van € 19.000 inzake de opbrengst van verkoop van activa.

3.3.4 Kengetallen Kengetallen

2019 realisatie

2020 begroting na wijzigingen

2020 realisatie

Hiertegenover staat een post van € 125.000 die is gevormd voor toekomstige

Uurtarief

€ 91,80

€ 92,20

€ 94,98

kosten als gevolg van de overname van vijf trainees. Tussen detacheringsbureau

Productieve uren

332.500

342.000

330.800

Lybrae en de OMWB was verschil van inzicht over het nakomen van contractver-

FTE Primair Proces

plichtingen. Naar aanleiding van een rechtszaak heeft op 27 mei 2021 een schik-

Gemiddeld aantal productieve uren per FTE

king plaatsgevonden, wat heeft geleid tot het vormen van deze kostenpost.

Ziekteverzuim Eigenaarsdeel gemeenten/provincie

248

252

247

1.341

1.350

1.340

4,3

4,5

4,9

61% / 39%

60% / 40%

58% / 42%

Onvoorzien In de programmaverantwoording wordt inzicht gegeven in het gebruik van de post onvoorzien. Het bedrag dat is gereserveerd voor onvoorziene kosten is in 2020 voor € 142.000 aangesproken. Dit betreft de kosten voor BOA-­inzet tijdens diverse weekenden in verband met COVID-19.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

50

>

FTE

2019 realisatie

2020 begroting na wijzigingen

2020 realisatie

Primair proces - kernformatie

210

228

213

Primair proces - flexibele schil

38

24

34

Subtotaal Primair Proces

248

252

247

Bedrijfsvoering - kernformatie

43

55

45

Bedrijfsvoering - flexibele schil

10

0

12

Totaal Bedrijfsvoering Totaal

53

55

57

301

307

304

Programmadeel 2: Advies en Projecten De baten zijn € 1.172.000 lager dan begroot (­-13%). Incidentele verzoektaken kunnen van jaar tot jaar verschillen en ook heeft de krapte op de arbeidsmarkt er, net als voorgaand jaar, toe geleid dat niet alle verzoektaken uitgevoerd konden worden. Tevens is er sprake van een verschuiving naar Programmadeel 4, buiten werkprogramma. Programmadeel 3: collectieve taken structureel De collectieve taken zijn overeenkomstig de begroting in rekening gebracht bij de deelnemers.

Ten opzichte van het begrote aantal productieve uren van 1.350 zien we over 2020 een lagere realisatie (1.340 uur). De reden hiervan is dat personeel niet

Programmadeel 4: Buiten werkprogramma

declarabele uren aan project Speer heeft besteed en dat zij tijd hebben gesto­

In totaal € 1.624.000 hogere baten zijn enerzijds veroorzaakt door een verschui­

ken in het inwerken van nieuw eigen personeel en inhuurkrachten. Deze lagere

ving vanuit Programmadeel 2; anderzijds doordat er meer aanvragen zijn binnen­

productiviteit is gecompenseerd door een hoger gerealiseerd uurtarief en een

gekomen en door de OMWB zijn uitgevoerd voor het Team Meting en Onderzoek.

hoger aantal inhuurkrachten dat een hogere productiviteit kent. Uitsplitsing baten 3.3.5 Toelichting op de baten Baten

In 2020 bedroegen de gerealiseerde baten provincie op P1 € 7.679.000, op P2 2020 begroting na wijzigingen

realisatie

20.356

19.621

Programmadeel 2: Advies en Projecten

9.275

8.103

Programmadeel 3: Collectieve taken structureel

1.556

1.556

Programmadeel 1: V  ergunningverlening,

2020

toezicht en handhaving

Programmadeel 4: Buiten werkprogramma

1.391

2.493

Programmadeel 4: Overige exploitatie

1.184

1.706

33.760

33.479

Totaal baten

Programmadeel 1: vergunningverlening, toezicht en handhaving De baten zijn € 735.000 lager dan begroot (4%). Dit wordt deels verklaard door een verschuiving met programmadeel 4 (wettelijke taken versus taken buiten werkprogramma). Verder zijn er geen bijzondere afwijkingen. De vastgestelde werkprogramma’s zijn grotendeels uitgevoerd.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

€ 3.660.000 en op P3 € 522.000. De gerealiseerde baten gemeenten bedroegen voor P1, P2 en P3 respectievelijk € 11.942.000, € 4.443.000 en € 1.033.000. 3.4 Overzicht baten en lasten per taakveld 2020 Baten en lasten per taakveld

Baten

Lasten

0.

Bestuur en ondersteuning

0.4

Overhead

0.5

Treasury

0.8

Overige baten en lasten

-104

0.9

Vennootschapsbelasting

2

0.10 Mutaties reserves

10.837

467

0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten 7.

Volksgezondheid en milieu

7.4

Milieubeheer

33.479

22.729

Totaal lasten overig

33.946

33.464

51

>

Dhr. N. van Mourik Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2019

Directeur 01/01 – 31/12

Deeltijdfactor in FTE

1,0

(Fictieve) dienstbetrekking?

ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- Onverschuldigd betaald bedrag Totale bezoldiging 2020

Redenen waarom de overschrijding al dan niet is

€ 130.682,96 € 20.727,00 € 151.409,96 € 201.000 n.v.t. € 151.409,96

n.v.t.

toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldig-

n.v.t.

de betaling

De lasten op taakveld 0.4 Overhead bedragen de personeelslasten en huisves­ tingslasten voor het bedrijfsvoeringsproces – niet zijnde het primaire proces –

Gegevens 2019

en corresponderen met de specificatie van de lasten in paragraaf 3.2.

Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2019

3.5 Publicatieverplichting op grond van de WNT WNT-verantwoording 2020 De WNT is van toepassing op de OMWB. Het voor de OMWB toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2020 € 201.000. Dit betreft het algemene bezoldi­ gingsmaximum.

Deeltijdfactor 2019 in FTE

1,0

(Fictieve) dienstbetrekking?

ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking

Directeur 01/01 – 31/12

Totale bezoldiging 2019

€ 125.867,52 € 19.888,68 € 145.756,20 € 194.000 € 145.756,20

De heer Van Mourik is voor onbepaalde tijd aangesteld als algemeen directeur van de OMWB. Op basis van het aan deze functie verleende mandaat, is hij te

<<

<

kwalificeren als topfunctionaris in het kader van de WNT. De heer Van Mourik

Er zijn geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2020

heeft geen dienstbetrekking bij meerdere WNT-­plichtige instelling(en) als leiding­-

een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben

gevende topfunctionaris (die zijn aangegaan met ingang van 1 januari 2018).

ontvangen.

OMWB Jaarstukken 2020

52

>

Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.700 of minder

Naam topfunctionaris

Functie

In onderstaande tabel zijn de leden van het Dagelijks Bestuur en Algemeen

P.F.G. Depla

AB-­ en DB-­voorzitter

Bestuur weergegeven. Voor allen geldt dat zij deze bestuursfunctie onbezol­

J.P.M. Klijs

AB- en DB-lid

digd verrichten. Noch ontvangen zij een onkostenvergoeding van de OMWB.

T. Weterings

AB- en DB-lid

R. Grashoff (inmiddels vertrokken)

AB- en DB-lid

P. Smit

AB- en DB-lid

Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.700 of minder staan vermeld

R. van den Belt

AB- en DB-lid

B. Schellekens (inmiddels vertrokken)

AB- en DB-lid

A. Zwarts

AB- en DB-lid

R. Jansen

AB- en DB-lid

R. van Vugt

AB-lid

E. Wilmsen

AB-lid

Er is sprake van een maximum norm voor ontslagvergoedingen voor topfunc­

H. van Tilborg

AB-lid

tionarissen, die niet mag worden overschreden. In 2020 hebben ter zake geen

B. Jacobs

AB-lid

uitkeringen plaatsgevonden.

G. de Kok

AB-lid

K. van Aert

AB-lid

M. Hofkens

AB-lid

L. Franssen

AB-lid

H. Wierikx

AB-lid

W. van Hees

AB-lid

T. van de Loo

AB-lid

in de tabel. Publicatieverplichting uitkeringen wegens beëindiging van het dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking

3.6 Gebeurtenissen na balansdatum De firma ATOS heeft 152 partijen gedaagd vanwege het eenzijdig intrekken van de GT Connect opdracht. De OMWB is één van de partijen. De VNG zal als gemachtigde namens de 152 partijen deze kwestie behandelen. De impact is (nog) niet te voorspellen. De voorzieningenrechter heeft in kort geding op 23 maart 2021 de vorderingen van ATOS afgewezen. Of ATOS verdere juridische stappen gaat ondernemen, is op dit moment niet bekend; mede hierdoor is de impact momenteel niet te voorspellen.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

E. Weys (tijdelijke vervanging T. van de Loo; inmiddels vertrokken)

AB-lid

H. van Aart

AB-lid

E. ten Brink

AB-lid

M. Buijs

AB-lid

I. Raaijmakers

AB-lid

R. Lazeroms

AB-lid

E. Daandels

AB-lid

J. van Agtmaal

AB-lid

P. Kok

AB-lid

53

>

B

Bijlage Bijlage 1: Kwaliteitscriteria 2.2 Inleiding De Omgevingsdienst Midden-­en West­-Brabant (OMWB) richt zich op een hoge kwaliteit van haar diensten. Een belangrijk doel van de oprichting van omge­ vingsdiensten is de kwaliteit van de uitvoering van de taken en de efficiency structureel te verhogen. Daarnaast met behulp van kennisdeling betere dien­ sten te kunnen verlenen. De OMWB wil aan haar opdrachtgevers laten zien dat (blijvend) aan de kwali­ teitseisen wordt voldaan. Kwaliteit is wettelijk verankerd in de op 14 april 2016 in werking getreden Wet Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH). Uit de wet vloeit voort dat elke gemeente en provincie in Nederland ook een zogenaamde kwaliteitsverordening vaststelt. Ook alle opdrachtgevers van de OMWB hebben een dergelijke verordening vastgesteld. Hierbij is het uitgangs­ punt dat de OMWB voor BRZO­-taken altijd moet voldoen aan de kwaliteitscri­ teria, en voor de andere taken eventueel gemotiveerd kan worden afgeweken (comply or explain). Momenteel wordt uitgegaan van de set Kwaliteitscriteria 2.2 zoals per 1 juli 2019 vastgesteld. Deze set geeft aan wat de minimale meetlat van kwaliteit (proces én deskundigheid) is waaraan een organisatie moet voldoen.

De Kwaliteitscriteria maken deel uit van een palet van meerdere ontwikkelingen binnen en buiten de OMWB zoals de komende Omgevingswet, diverse wijzigin­gen in wet- en regelgeving (WKB) en het prestatiegericht financieren (PGF). In 2014 is de eerste nulmeting bij de OMWB gedaan gericht op de Kwaliteitscri­ teria 2.1 (KC 2.1). Per 1 juli 2019 zijn de KC 2.1 landelijk geüpdatet naar een KC 2.2 versie. Deze vormen hiermee de nieuwe basis van de VTH­-verordening en het wettelijk kader. Hierin zijn onder meer naar aanleiding van een (infor­ mele) consultatieronde verbetersuggesties doorgevoerd voor de betreffende deskundigheidsgebieden en verschillende opleidingen en kenniseisen geactu-

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

54

>

aliseerd. Ook is er als 27e deskundigheids­gebied “Energiebesparing en Duurzaamheid” toegevoegd.

• Het percentage medewerkers dat aantoont voldoende ‘deskundig’ (groen) te zijn, bedraagt 95%. Uit de meetgegevens blijkt dat van de medewerkers die nog niet voldoen aan de KC 2.2, en dus op oranje staan, er relatief veel ‘dicht

De OMWB heeft bureau Libereaux in de arm genomen om een geactualiseerd

tegen groen aanzitten’ of hun functie niet geheel raakvlak heeft met het

beeld te krijgen van de mate van robuustheid op deze KC 2.2. Libereaux is

deskundigheidsgebied. De conclusie die hieruit getrokken kan worden is dat

landelijk erkend om deze nulmetingen uit te voeren. Er is een nieuwe nul­-

er veel specialisme in huis is (één van de pijlers van de Kwaliteitscriteria) en

me­ting uitgevoerd, wat heeft geresulteerd in inzicht in aanwezige deskundig-

dat bij het aannemen van nieuwe personeel, rekening wordt gehouden met

heid en ontwikkelbehoeften ten opzichte van de KC 2.2.

de vereiste criteria.

Hieronder wordt ingezoomd op de robuustheid van de OMWB-­medewerkers op het onderdeel ‘deskundigheid’, met daarin de belangrijkste conclusies, werkwijze

Uitkomsten van de nulmeting

en vervolgacties. Daarbij wordt er een link gelegd met de procescriteria en de doorontwikkeling op het gebied van vaardigheden in relatie tot onder meer de

Keuze onderzoeksmethode

Omgevingswet. Hiermee is deze rapportage niet alleen een verantwoordings­ document, maar spreekt het ook een ambitie uit om blijvend te werken aan de

De nulmeting is gedaan onder begeleiding van Libereaux, waarvan de werkwij­ze

professionaliteit van medewerkers en daarmee de OMWB als organisatie.

eerder is toegepast bij meerdere OD’s en RUD’s. Medewerkers van de OMWB

Conclusie nulmeting deskundigheid Kwaliteitscriteria 2.2

er­varing, opleiding en aanvullende kennis op één of meerdere deskundig­

werken met digitale e-­portfolio’s, waarin zij hun relevante activiteiten, werk­heidsge­bieden in kaart hebben gebracht en hebben onderbouwd met ‘beUit de nulmeting blijkt het volgende:

wijsstukken’, zoals diploma’s en voorbeelden van producten die zij leveren.

• De OMWB laat zien erg robuust te zijn als het gaat om expertise binnen de

Deze bewijsstuk­ken zijn door Libereaux getoetst, aan de hand van (VRAAK)­

kwaliteitscriteria. De organisatie toont aan op 20 van de 27 deskundigheids­

criteria, om een zo valide mogelijk beeld te schetsen van de expertise binnen

gebieden genoeg kennis en kunde te hebben (comply);

de OMWB. Nadat expertise ten opzichte van een deskundigheidsgebied per

• Zes deskundigheidsgebieden worden uitbesteed (explain);

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10492038/1