CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

28 OMWB Vastgestelde jaarrekening en begroting

commissie Economie Ruimtelijke Ordening en Milieu 15 september 2021, gemeente RucphenBij agendapunt: Ingekomen stukken38.020 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

De declarabilitetsnorm van 1.350 uur per fte kent de volgende opzet: Bruto-netto-berekening

Totaal uren

Beschikbare uren 52 x 36

1.872

Verlof en feestdagen

223

Verzuim

84

Niet declarabele uren (o.a. overleg, opleiding

215

kwaliteitsmanagement, uren key users, OR/BHV)

De overige kosten zijn geïndexeerd met 1,5%.

Totaal Declarabele uren

1.350

De ruimte tussen zowel werk- als additioneel aanbod en beschikbare urencapaciteit wordt gerealiseerd met inzet van externe inhuur.

<<

<

OMWB Begroting 2022

24

>

5.4 Tarief ontwikkeling De OMWB hanteert in de begroting een gemiddeld, voorcalculatorisch uurtarief voor de geraamde bijdragen van deelnemers. De facturatie (afrekening ten opzichte van de bevoorschotting) vindt plaats tegen de gedifferentieerde nacalcu-

Functioneel voorcalculatorische uurtarieven

Begroting 2022

Begroting 2021

Milieu MBO

€

77,55

€

77,25

HBO

€

95,50

€

95,20

latorische tarieven, gebaseerd op de functionele inschaling van de uitgevoerde

HBO+

€

113,55

€

113,20

werkzaamheden.

Specialisten

€

113,55

€

113,20

Klachten

€

95,50

€

95,20

In de begroting 2022 is voor de tariefsaanpassing rekening gehouden met een

Klachten buiten kantoortijd

€

129,55

€

129,15

stijging van 1,5%. Dit is een gewogen percentage gebaseerd op de stijging van

BOA

€

55,15

€

54,95

loonkosten van 1,5% en materiële budgetten van 1,5%; beide indices conform

BOA buiten kantoortijd

€

73,30

€

73,05

de september-circulaire 2020. Deze 1,5% wordt normaliter doorberekend in de uurtarieven. Het gemiddelde, voorcalculatorische tarief voor 2022 zou daarmee afgerond € 96,15 bedragen (gemiddeld tarief 2021: € 94,70). Echter door het niet opnemen van de verwachte kosten voor invoering van de Omgevingswet, is voor het begrotingsjaar 2022 een tariefskorting mogelijk. Het gemiddelde voorcalculatorische tarief wordt daardoor op € 95,00 gesteld. De invoering van

x Overig Wabo Bouwmedewerker (MBO)

€

73,30

€

73,05

Bouwmedewerker (HBO)

€

85,05

€

84,75

Bouwmedewerker (Specialist)

€

98,75

€

98,40

x Milieu

de Omgevingswet kan op termijn tot hogere uitgaven leiden, en daarmee een

MBO buiten kantoortijd

€

98,75

€

98,40

hoger tarief.

HBO buiten kantoortijd

€

125,20

€

124,80

HBO+ buiten kantoortijd

€

147,55

€

147,05

Specialisten buiten kantoortijd

€

147,55

€

147,05

In navolgende tabel zijn de functionele, voorcalculatorische tarieven voor het

x

begrotingsjaar 2022 opgenomen, in vergelijking met 2021. Overig Wabo Bouwmedewerker (MBO)

€

93,40

€

93,10

€

109,30

€

108,95

€

128,40

€

128,00

buiten kantoortijd Bouwmedewerker (HBO) buiten kantoortijd Bouwmedewerker (Specialist) buiten kantoortijd

Tarieven buiten kantoortijd: Als kantoortijden hanteren we de maandagen tot en met de vrijdagen van 7.00 tot 22.00 uur. Alle overige tijdstippen zijn buiten kantoortijd. We hanteren een opslagpercentage van 30% op de tarieven voor werkzaamheden buiten kantoortijd.

<<

<

OMWB Begroting 2022

25

>

6.

Financiële positie Op grond van de BBV dient in de begroting en jaarrekening een uiteenzetting van de financiële positie van de dienst opgenomen te worden. Hierna wordt zowel de geprognosticeerde balans gepresenteerd als inzicht in verwachte investeringen en gehanteerde afschrijvingstermijnen. Ook wordt het verloop van de reserves weergegeven. In bijlage 2 is het overzicht per taakveld opgenomen. 6.1 Geprognosticeerde balans In onderstaand overzicht is de geprognosticeerde begin- en eindbalans weergegeven voor zowel het begrotingsjaar als de meerjarenraming. In deze meerjarige geprognosticeerde balans is primair uitgegaan van bestaand beleid, aangevuld met verwachte (vervangings)investeringen. Activa

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Bedragen x € 1.000

2022

2023

2024

2025

Materiële vaste activa

615

628

504

373

Totaal vaste activa

615

628

504

373

-

-

-

-

Uitzettingen rijksschatkist

Vorderingen op openbare lichamen

1.519

1.519

1.519

1.519

Uitzettingen met looptijd < 1 jaar

1.519

1.519

1.519

1.519

250

250

250

250

Overige en overlopende vlottende activa

3.285

3.486

3.797

3.791

TOTAAL ACTIVA

5.669

5.883

6.070

5.933

Liquide middelen (banksaldi)

<<

<

OMWB Begroting 2022

26

>

Passiva

Bij vervanging van activa wordt nut en noodzaak afgewogen. Niet altijd kan

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Bedragen x € 1.000

2022

2023

2024

2025

vervanging plaatsvinden tegen de geraamde aanschafwaarden, wat betekent

Algemene reserve

1.546

1.546

1.694

1.541

dat de werkelijke lasten kunnen afwijken van de in de tabel opgenomen jaar-

Bestemmingsreserve meetstations

297

297

297

297

Resultaat boekjaar vóór bestemming

0

149

-153

-504

1.843

1.992

1.838

1.334

Voorzieningen

-

-

-

-

Vaste schulden

-

-

-

-

Eigen vermogen

lasten. Substantiële afwijkingen melden we bij de bestuursrapportages. Voor activering van investeringen wordt - in afwijking op eerdere jaren een ondergrens van € 1.000 (was € 10.000) gehanteerd. Vervangingen of aanschaffingen onder deze grens verantwoorden we in de exploitatie. Met het vaststellen van de begroting worden ook de vermelde afschrijvingstermijnen voor investeringen vastgesteld. De afschrijvingen vinden - eveneens

Vlottende schulden < 1 jaar

1.371

1.371

1.371

1.371

Overlopende passiva

2.455

2.520

2.861

3.228

TOTAAL PASSIVA

5.669

5.883

6.070

5.933

in afwijking op eerdere jaren - plaats bij ingebruikname van het actief (was het jaar volgend op activering). Vanwege de teruglopende investeringen is de financiële impact van beide veranderingen niet materieel. Het financiële beleid wordt overeenkomstig aangepast. 6.3 Afschrijvingstermijnen

6.2 (Vervangings-)investeringen 2022

Bij investeringen worden de volgende afschrijvingstermijnen gehanteerd:

In 2022 zal een aantal bedrijfsmiddelen opnieuw aangeschaft of vervangen

Tabel met de gehanteerde afschrijvingstermijnen

moeten worden. Het uitgangspunt is dat het Algemeen Bestuur met het vaststellen van de begroting 2022 goedkeuring verleent aan het onderstaande overzicht van (vervangings-)investeringen. Investeringen Bedragen x € 1.000 Huisvesting

2023

2024

2025

50

100

-

50

-

-

-

-

-

-

Communicatiemiddelen

-

-

-

-

-

Wagenpark

-

40

150

-

-

Totaal

<

2022

Automatisering

Technische apparatuur

<<

2021

OMWB Begroting 2022

-

-

75

-

-

50

140

225

50

-

Jaren

Huisvesting

10

Automatisering

5

Communicatiemiddelen

3

Wagenpark

7

Technische apparatuur

15

27

>

6.4 Staat van reserves Het verwachte verloop van de reserves is als volgt: Staat van reserves 2022 - 2025 Bedragen x € 1.000

Algemene reserve

Reserve Meetstations

Stand per 1-1-2022

1.546

297

Mutatie 2022 Stand per 1-1-2023 Mutatie 2023

0

-

1.546

297

149

-

Stand per 1-1-2024

1.694

297

Mutatie 2024

-153

-

Stand per 1-1-2025

1.541

297

Mutatie 2025

-504

-

Stand per 1-1-2026

1.037

297

Algemene reserve De stand van de Algemene Reserve bedraagt naar verwachting per 1-1-2022 € 1.546.000 (voor resultaatbestemming 2020). Reserve Meetstations De stand van de reserve meetstations bedraagt naar verwachting per 1-1-2022 € 297.000 (voor resultaatbestemming 2020).

<<

<

OMWB Begroting 2022

28

>

B x.

Bijlagen Bijlage 1. Specificatie bijdrage per deelnemer Specificatie bijdrage 2022 Gemeente

P1

P2

P3

totaal

Alphen-Chaam

324.200

54.604

39.021

417.825

Altena

546.345

62.532

72.334

681.211

Baarle-Nassau

310.092

44.808

34.359

389.259

Bergen op Zoom

683.741

668.287

52.386

1.404.414

Breda

1.492.500

513.539

123.117

2.129.156

Dongen

238.396

64.456

32.412

335.264

Drimmelen

408.671

149.099

55.477

613.247

Etten-Leur

311.945

49.385

46.967

408.297

Geertruidenberg

266.122

115.036

33.005

414.162

Gilze en Rijen

292.679

60.330

44.445

397.454

Goirle

171.047

57.043

23.777

251.867

Halderberge

407.722

156.881

51.478

616.082

Heusden

268.445

107.795

38.760

415.000

Hilvarenbeek

456.740

139.032

43.656

639.429

Loon op Zand

223.484

85.362

39.653

348.499

Moerdijk

977.279

529.714

69.152

1.576.144

Oisterwijk

397.978

217.950

51.281

667.210

Oosterhout

694.305

231.739

74.614

1.000.658

Roosendaal

755.886

326.537

82.511

1.164.934

Rucphen

227.616

62.421

34.494

324.531

Steenbergen

358.187

145.172

49.008

552.367

Tilburg

1.822.977

969.935

134.265

2.927.177

Waalwijk

480.961

191.020

51.890

723.871

Woensdrecht

210.359

104.398

29.083

343.840

Zundert

357.182

155.556

63.782

576.520

12.684.859

5.262.632

1.370.927

19.318.418

7.925.091

4.461.886

588.292

12.975.269

20.609.949

9.724.518

1.959.220

32.293.687

Totaal gemeenten

Provincie

Totaal bijdrage 2022

<<

<

OMWB Begroting 2022

29

>

Algemene toelichtingen bijlage 1:

De bijdrage per deelnemer, met inbegrip van effecten volgend uit het kosten­

• de bedragen voor programma 1 zijn conform de MWB-norm, zoals die uit-

effectiviteitsonderzoek, ziet er meerjarig als volgt uit:

gewerkt en opgenomen is in de bestuurlijk goedgekeurde werkplannen voor 2021;

Meerjarige bijdrage deelnemers 2022

2023

2024

2025

Alphen-Chaam

417.825

417.019

416.199

424.773

Altena

681.211

679.898

678.561

692.539

Baarle-Nassau

389.259

388.508

387.744

395.732

Bergen op Zoom

1.404.414

1.401.707

1.398.950

1.427.769

Breda

2.129.156

2.125.051

2.120.872

2.164.562

Dongen

335.264

334.617

333.959

340.839

• de definitieve invulling van deze bijdragen per deelnemer vindt plaats aan

Drimmelen

613.247

612.065

610.861

623.445

de hand van de bestuurlijk vast te stellen werkprogramma’s. Bij de eerste

Etten-Leur

408.297

407.510

406.708

415.086

bestuursrapportage 2022 wordt dit financieel vertaald en vastgelegd door

Geertruidenberg

414.162

413.364

412.551

421.050

middel van een begrotingswijziging als daar aanleiding toe is.

Gilze en Rijen

397.454

396.688

395.908

404.063

Goirle

251.867

251.381

250.887

256.055

Halderberge

616.082

614.894

613.685

626.327

Heusden

415.000

414.200

413.385

421.901

Hilvarenbeek

639.429

638.196

636.941

650.062

Loon op Zand

348.499

347.827

347.143

354.294

1.576.144

1.573.106

1.570.012

1.602.354

Oisterwijk

667.210

665.923

664.614

678.305

Oosterhout

1.000.658

998.729

996.765

1.017.298

Roosendaal

1.164.934

1.162.688

1.160.402

1.184.306

324.531

323.905

323.268

329.928

• de bijdragen voor programma 1 zijn gecorrigeerd voor de effecten van het kosteneffectiviteitsonderzoek; • de bedragen voor programma 3 betreffen de bijdragen van de deelnemers inclusief SSIB (in totaliteit 335.000). De uitvoering van SSIB vindt plaats door de ODBN. De OMWB betaalt derhalve deze vaste bijdrage door aan de collega-omgevingsdienst;

Gemeente

Moerdijk

Rucphen Steenbergen

552.367

551.303

550.218

561.553

Tilburg

2.927.177

2.921.534

2.915.789

2.975.854

Waalwijk

723.871

722.475

721.055

735.908

Woensdrecht

343.840

343.178

342.503

349.558

Zundert

<<

<

OMWB Begroting 2022

576.520

575.409

574.277

586.107

Totaal gemeenten

19.318.418

19.281.177

19.243.257

19.639.668

Provincie

12.975.269

12.950.256

12.924.787

13.191.038

Totaal bijdrage

32.293.687

32.231.432

32.168.045

32.830.706

30

>

Bijlage 2. Overzicht van geraamde baten en lasten per taakveld Baten en lasten per taakveld Bedragen x € 1.000

<

Lasten

Bestuur en ondersteuning

0.4

Bedrijfsvoering

0.5

Treasury

-

-

0.8

Overige baten en lasten

-

150

-

-

784

10.865

0.9

Vennootschapsbelasting

-

5

0.10

Mutaties reserves

-

-

0.11

Resultaat van de rekening van baten en lasten

-

-

7.

Volksgezondheid en milieu

-

-

7.4

Milieubeheer

Saldo van baten en lasten op taakvelden

<<

Baten

0.

OMWB Begroting 2022

34.553

24.317

35.337

35.337

31

>

Lijst van veel gebruikte afkortingen en termen binnen de OMWB AB

Algemeen Bestuur

OR

Ondernemingsraad

DB

Dagelijks Bestuur

GO

Georganiseerd Overleg

AO

Ambtelijk Overleg

PNB

Provincie Noord-Brabant

MT

Management Team

AM

Accountmanagement

ATO

Afdelingsteam Overleg

TM

Teammanagers

MD

Management Development

TB

Technisch Beraad

SSiB

Samen Sterk in Brabant

HoO

Huis op Orde

BRZO

Bedrijf Risico Zware Ongevallen

P&C

Planning & Control

Gemeenschappelijke Regeling

NIG

Niet-inrichtinggebonden taken

MWB-norm

Midden- en West-Brabant Norm

GR Burap

Bedrijfsvoering

Marap

Collectieve Taken

SBK

Termijnrapportages

VVGB

Omgevingsdienst

LPF

Level Playing Field

IB

Inrichtingenbestand

T1 (ect.) OD

Regionale Uitvoeringsdienst

WP

Werkprogramma

WNT

Wet Normering Topinkomens

CT

Collectieve Taken

BBV

Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten

Vergunningverlening Toezicht & Handhaving

VV

Vergunningverlening

T&H P1

BV

Bedrijfsvoering

Wgr

Wet Gemeenschappelijk Regeling

Toezicht & Handhaving

DVO

Dienstverleningsovereenkomst

Wettelijke basistaken

ODBN

Omgevingsdienst Brabant Noord

P2

Verzoektaken

ODZOB

Omgevingsdienst Zuid-Oost Brabant

P3

Collectieve Taken

P4

Buiten Werkprogramma

BOR

Besluit Omgevingsrecht

GUK

Gemeenschappelijk Uitvoeringskader

FAG

Financiële Adviesgroep

ROK

Regionaal Operationeelkader

RUN

Regionaal Uitvoeringsniveau

IOV

Impuls Omgevingsveiligheid

OW

Omgevingswet

IPO

Interprovinciaal provinciaal overleg

BPO

Brabants Programma Omgevingsveiligheid

3D

<

Verklaring van geen Bedenkingen

RUD

VTH

<<

Sociaal Beleidskader

ITV

Intensieve Veehouderij

3-Directeuren Overleg

OMWB Begroting 2022

32

>

Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant

Postbus 75 5000 AB Tilburg 013 206 01 00 info@omwb.nl www.omwb.nl

<<

<

OMWB Begroting 2022

Ingediende zienswijzen

versie 28-7-2021

Zienswijzen Ten aanzien van de toekomstige kostenbesparingen én de toekomstige investeringen die met deze besparingen gepaard gaan, moet het AB in het vervolgtraject betrokken worden voordat deze taak- / kaderstellend worden doorgevoerd. Hier geldt een inspanningsverplichting.

Deelnemer Heusden

Reactie DB Het programma wordt op dit moment vormgegeven, en start naar verwachting in september. We gaan het AB periodiek en naar behoefte informeren over de (financiële) ontwikkelingen. Tevens merken wij hier op dat de deelnemers betrokken zullen worden bij het kosteneffectiviteitsonderzoek.

2

De OMWB aan te dringen om de bezuinigingen te monitoren die zijn vastgesteld middels het kosteneffectiviteitsonderzoek.

Breda

Zie 1.

3

P1 met € 10K te verlagen i.v.m. afbouw subsidie Provincie t.g.v. afronding van het project energietoezicht bij kantoorgebouwen

Breda

De verlaging is verwerkt in de definitieve begroting.

4

Actiepunten vanuit het P&C panel opvolgen

Breda

Waar mogelijk zijn de actiepunten verwerkt in de Begroting 2022. Aan overige actiepunten wordt opvolging gegeven.

5

In de begroting 2022 zijn posten verwerkt die voor het eerst op tafel van het Algemeen Bestuur komen, dit zijn: • € 100.000 voor vitaliteit medewerkers en toekomstbestendige leeftijdsopbouw (structureel) • € 100.000 voor een cultuur en leiderschapstraject (incidenteel) • € 150.000 voor databeheer (structureel) • € 250.000 investering voor kosteneffectiviteitsonderzoek (2022 en 2023) • € 200.000 kosten voor een kwaliteitsmanagementsysteem n.a.v. kosteneffectiviteitsonderzoek (structureel)

Altena / Zundert / Drimmelen / Rucphen / Roosendaal / EttenLeur / Halderberge / Woensdrecht

Om context te verschaffen bij de genoemde budgetten: • De eerste twee bullets betreffen budgetten om de continuïteit en dienstverlening van de bedrijfsvoering te borgen. • Het derde onderdeel volgt uit de strategische pijler ‘Datagestuurd werken’. • Deze posten zijn nader toegelicht in de begroting. • Onderdeel vier en vijf volgen uit eerder genomen besluiten van het DB inzake de uitwerking van het kosteneffectiviteitsonderzoek. Voor deze laatste geldt dat op onderdelen investeringen vooruitlopen op kostenbesparingen.

1

Volgens de overgenomen financiële richtlijn dient de begroting te worden opgesteld op basis van ongewijzigd beleid, tenzij hierover eerder door het Algemeen Bestuur is besloten. Wij beschouwen bovengenoemde posten als een vorm van nieuw beleid waarover het algemeen bestuur (nog) geen besluit heeft genomen. Het opnemen van deze posten in de begroting is daarom voorbarig. Wij verzoeken u in 2022 pas tot besteding van deze budgetten over te gaan nadat het algemeen bestuur een nadere toelichting en onderbouwing van deze posten heeft ontvangen.

Tevens merken wij hier op dat de deelnemers betrokken zullen worden bij het kosteneffectiviteitsonderzoek, en dat in de laatste vergadering van het AB van dit jaar door het DB een nadere toelichting gegeven wordt.

1

6

In de begroting 2022 zijn posten verwerkt die voor het eerst op tafel van het Algemeen Bestuur komen, dit zijn: • € 100.000 voor vitaliteit medewerkers en toekomstbestendige leeftijdsopbouw (structureel) • € 150.000 voor databeheer (structureel) • € 250.000 investering voor kosteneffectiviteitsonderzoek (2022 en 2023) • € 200.000 kosten voor een kwaliteitsmanagementsysteem n.a.v. kosteneffectiviteitsonderzoek (structureel)

Moerdijk

Volgens de overgenomen financiële richtlijn dient de begroting te worden opgesteld op basis van ongewijzigd beleid, tenzij hierover eerder door het Algemeen Bestuur is besloten. Wij beschouwen bovengenoemde posten als een vorm van nieuw beleid waarover het algemeen bestuur (nog) geen besluit heeft genomen. Het opnemen van deze posten in de begroting is daarom voorbarig.

Om context te verschaffen bij de genoemde budgetten: • De eerste bullet betreft budgetten om de continuïteit en dienstverlening van de bedrijfsvoering te borgen. • Het tweede onderdeel volgt uit de strategische pijler ‘Datagestuurd werken’. • Deze posten zijn nader toegelicht in de begroting. • Onderdeel drie en vier volgen uit eerder genomen besluiten van het DB inzake de uitwerking van het kosteneffectiviteitsonderzoek. Voor deze laatste geldt dat op onderdelen investeringen vooruitlopen op kostenbesparingen. Tevens merken wij hier op dat de deelnemers betrokken zullen worden bij het kosteneffectiviteitsonderzoek, en dat in de laatste vergadering van het AB van dit jaar door het DB een nadere toelichting gegeven wordt.

Wij verzoeken u in 2022 pas tot besteding van deze budgetten over te gaan nadat het algemeen bestuur een nadere toelichting en onderbouwing van deze posten heeft ontvangen. 7

Verzoek is om de zienswijze te verwerken in de definitieve versie van de begroting 2022.

Moerdijk / Zundert / Drimmelen / Rucphen / Roosendaal / Halderberge

Waar mogelijk/ van toepassing zijn de zienswijzen verwerkt in de Begroting 2022.

8

De raad gaat er vanuit dat het bestuur de begroting vaststelt met inachtneming van deze zienswijze en dat de raad hierover wordt geïnformeerd, met daarbij een verantwoording aan welke onderdelen van zijn zienswijze is tegemoetgekomen en aan welke onderdelen niet en waarom.

Altena

Akkoord. Zie ook antwoord 6.

9

De gemeenteraad van Oisterwijk brengt zijn complimenten over aan de OMWB voor de ontwerpbegroting die steeds overzichtelijker, informatiever en beter leesbaar wordt en spreekt daarnaast zijn waardering uit voor de inspanning van de dienst om in de jaren 2022-2024 een besparing van 4-7% te realiseren.

Oisterwijk

Waarvoor dank.

10

De raad vraagt de OMWB, gelet op de weerstandsratio, wel om in te zetten op het beperken en beheersen van de financiële risico’s.

Oisterwijk

Risicobeheersing vormt een continu en integraal onderdeel van onze bedrijfsvoering. We herijken onze risico’s mede bij elk P&C moment, en verwerken deze in de risicoparagraaf. 2

11

De raad gaat er vanuit dat de deelnemersbijdrage voor de gemeente Altena in de meerjarenbegroting op hetzelfde niveau blijft als de bijdrage voor 2021, totdat er na de evaluatie gedegen kan worden verklaard dat op basis van een geëvalueerde MWBnorm een toegroei noodzakelijk wordt geacht.

Altena

De deelnemersbijdrage 2022 is gebaseerd op het werkprogramma 2021, geïndexeerd en in overeenstemming met de afspraken rondom de MWBnorm. Voor 2022 zal er voor een aantal gemeenten nog een toegroei plaatsvinden. De resultaten van de evaluatie van de MWB-norm krijgen hun beslag in de begroting 2023.

12

De raad gaat er vanuit dat er kritisch wordt gekeken naar de ontwikkelingen na COVID-19 op het gebied van bedrijfsvoering en de kosten die daarmee gepaard gaan.

Altena

Kostenbeheersing vormt een continu en integraal onderdeel van onze bedrijfsvoering. In relatie tot Covid-19 wordt vooral kritisch gekeken naar huisvesting(-skosten) en personele lasten.

13

De raad gaat er vanuit dat de OMWB het kosteneffectiviteitsonderzoek en de invoering van de Omgevingswet als aparte trajecten aanmerkt en dat het Bestuur de deelnemers over de ontwikkelingen op het gebied van beide trajecten actief blijft informeren.

Altena

Akkoord. Zie ook antwoord 1.

14

Er is in het dagelijks bestuur besloten om de Omgevingswet niet op te nemen in de begroting, maar in te calculeren bij de risico’s. Aangezien de OMWB daarnaast incidenteel/structureel investeringen gaat inzetten en sommige risico’s (zoals de Omgevingswet) lastig te calculeren zijn, vindt de raad het van belang om dit ook goed in samenhang te zien met de structurele exploitatie ruimte, het weerstandsvermogen en -ratio. Deze elementen bekijken immers de dekking van dergelijke investeringen en risico’s. In de begroting wordt hier op dit moment onvoldoende aandacht aan besteed. Gekeken naar het weerstandsvermogen is er momenteel onvoldoende ruimte om risico’s op te vangen. Wanneer een of meerdere van de risico’s leidt/leiden tot een financiële tegenvaller, ziet de raad hier vanuit het weerstandsvermogen weinig buffer toe. Gekeken naar de structurele exploitatieruimte worden momenteel de incidentele en structurele lasten onvoldoende gedekt door de baten. Richting de toekomst wil je een gezonde balans en acht de raad het dan ook noodzakelijk om goed te kijken wat dit voor doorwerking en effecten zal hebben voor de komende jaren. De raad gaat er vanuit dat de OMWB kritisch naar de onderlinge samenhang van deze elementen gaat kijken, het toekomstperspectief en de doorwerking nader onderzoekt en het Bestuur goed blijft informeren.

De Raad gaat er vanuit dat het bestuur van de OMWB inzet op het beperken en beheersen van deze financiële risico’s

Altena

Om deze reden stellen wij voor om het resultaat 2020 toe te voegen aan de reserve om zo het weerstandsvermogen op peil te krijgen. Zie verder tevens de antwoorden op vraag 1 en 9.

3

15

De MWB-norm is de basis van de financieringssystematiek. Van belang is dat de efficiëntie en effectiviteit hiervan wordt gemonitord en geëvalueerd nu de effecten hiervan duidelijk zijn. Met name de nut en noodzaak van deze norm tav de behaalde resultaten dient te worden bepaald. Mede op aandringen van onze gemeente is besloten vast te houden aan het evalueren van de MWB-norm in 2021. We verwachten dat de evaluatie samen met de gemeenten zal worden uitgevoerd en dat deze evaluatie een heroverweging omvat van de gehele financieringsstructuur inclusief programma 3 aangezien van beide het inrichtingsbestand de basis is. Tevens dringen we erop aan dat de financiële gevolgen hiervan in de begroting van 2022 zal worden verwerkt.

Zundert

De evaluatie van de MWB-norm vindt plaats in het najaar van 2021. Dit zal in samenspraak met de deelnemers gebeuren. De effecten van de evaluatie worden conform afspraak in de Begroting 2023 verwerkt.

16

Het gehele resultaat van de jaarrekening 2019 te laten terugvloeien aan de gemeenten. In de nota verbonden partijen is bepaald dat een positief saldo dient terug te gaan naar de deelnemers.

Zundert

Het resultaat 2019 is conform besluit van het AB medio 2020 deels teruggevloeid naar de deelnemers. Voorgesteld wordt om het resultaat 2020 toe te voegen aan de Algemene Reserve en Reserve meetstations. Zie tevens het antwoord op vraag 13.

17

Volgens een mondelinge toelichting van de OMWB op de ontwerpbegroting, is de voornoemde kostenbesparing van 1,5 miljoen slechts met de medewerking van de deelnemers mogelijk. Omdat de deelnemers nog niet op de hoogte zijn van de rapportage over de kosteneffectiviteit en wat hierbij van hen wordt verwacht, lijkt het behalen van dit bedrag onzeker. Duidelijk is wel dat voor het bereiken van deze besparing, de deelnemers zelf een investering zullen moeten doen. Voordat de voornoemde besparing eventueel in de begroting kan worden opgenomen, dient inzichtelijk te zijn welke investering van de deelnemers wordt verwacht, of de deelnemers hieraan medewerking willen verlenen en wat op basis hiervan het nettoresultaat is.

Dongen

Zie het antwoord op vraag 1.

18

Er wordt aangegeven dat door COVID-19 een daling van het werkaanbod zou kunnen plaatsvinden (pagina 12, Ontwerpbegroting 2022). Dit is in tegenspaak met de voorgestelde uitbreiding van het personeel van 228 naar 240 fte op pagina 4 van de Ontwerpbegroting 2022 en een slechts beperkte flexibele schil. Hierover wordt een nadere uitleg gevraagd.

Dongen

Ervaringscijfers tonen aan dat het werkaanbod de laatste jaren een stabiele koers vaart van circa 335.000 declarabele uren, dit staat gelijk aan 250 Fte. De mogelijke impact volgend uit COVID-19 betreft ons inziens een incidentele gebeurtenis. Wij verwachten, mede met het oog op tal van beleidsmatige ontwikkelingen, dat het werkaanbod post-COVID-19 op het niveau van voorheen gehandhaafd blijft. Daarnaast betreft de uitbreiding enerzijds meer een verschuiving van fte’s van overhead naar primair proces en anderzijds omvat het de mogelijkheid om 4

tijdelijk personeel naar vast personeel om te kunnen zetten wat een besparing oplevert. 19

De kosten van de invoering van de Omgevingswet zijn niet in de ontwerpbegroting opgenomen, maar bij de risico’s ondergebracht. Hierdoor stijgen de loonkosten minder dan na indexering met 1,5% (pagina 25, Ontwerpbegroting 2022). In de ontwerpbegroting gesteld dat de Omgevingswet 10% kostenverhogend kan werken. Gelet op dit percentage is het vrijwel zeker dat er extra kosten zullen worden gemaakt. Om te voorkomen dat bij de jaarrekening 2022 moet worden bijbetaald, dient voor de kosten van de Omgevingswet een bedrag in de begroting van 2022 te worden opgenomen

Dongen

De exacte financiële impact van de invoering van de Omgevingswet is lastig in te schatten en daarmee ook het uiteindelijke effect op de deelnemersbijdrage. Zie tevens het antwoord op vraag 22.

20

De bijdrage voor de gemeente Dongen moet in de Ontwerpbegroting 2022 of een begrotingswijziging worden aangepast. Voor 2021 is als bijdrage aan de OMWB voor het uitvoeren van het werkprogramma een bedrag opgenomen van € 324.388,-. Door de verschuiving van het inrichtingenbeheer van P2 (verzoektaken) naar P3 (collectieve taken), waarin een verdeelsleutel van toepassing is, is dit bedrag structureel met € 1.005,- verhoogd tot € 325.393,-. Op grond van kengetallen zou dit bedrag voor 2022 worden geïndexeerd met 1,5%. De OMWB heeft door het onderbrengen van de kosten van de Omgevingswet bij de risico’s deze indexering kunnen beperken tot 0,32%. Daarnaast is op de bijdrage, door een te verwachten kostenbesparing bij de vergunningverlening, een bedrag in mindering gebracht. Hierdoor bedraagt de bijdrage voor 2022 voor de gemeente Dongen € 325.263,-.

Dongen

De correcte deelnemersbijdrage wordt op een later moment verwerkt in de aangepaste begroting.

21

In de Ontwerpbegroting 2022 is in programma 2 een bedrag van € 10.000,- opgenomen voor de invoering van de Omgevingswet. Dit bedrag is incidenteel voor 2021 beschikbaar gesteld t.b.v. het uitvoeren van werkzaamheden ter voorbereiding van de Omgevingswet. Indien deze niet op 1-1-2022 in werking treedt, dan dient dit bedrag te worden doorgeschoven naar 2022. Indien deze wel in werking treedt dan dient dit bedraag uit de begroting 2022 te worden verwijderd.

Dongen

Recentelijk is besloten de inwerkingtreding van de wet te verplaatsen naar 1-7-2022. We verwerken de eventuele begrotingsmutatie te zijner tijd.

22

Wij maken graag gebruik van onze zienswijze mogelijkheid om ook een compliment uit te delen voor de groei die de ontwerpbegroting van de OMWB afgelopen jaren heeft gemaakt. De ontwerpbegroting is steeds overzichtelijker, informatiever en beter leesbaar.

Waalwijk

Wij nemen hiervan, met vreugde overigens, kennis.

Via de reguliere P&C producten informeren wij u tijdig over de ontwikkeling van de deelnemersbijdrage.

5

23

Net als de OMWB zien wij risico's in de onduidelijkheden die er op dit moment zijn over de kosten van de implementatie van de Omgevingswet. Dit ondanks de gedegen voorbereiding door zowel OMWB als de Gemeente Waalwijk. Wij onderschrijven dat de exacte impact van de invoering, ook financieel, nog onvoldoende duidelijk is. Wel hadden we gehoopt dat de OMWB met een exactere inschatting was gekomen wat de Omgevingswet voor invloed heeft voor werkzaamheden en de begroting van de 2022. Daardoor verrast het ons dat in de begroting geen extra middelen zijn begroot om deze transitie op te vangen.

Waalwijk

Landelijk heerst er nog grote onduidelijkheid over de financiële impact van de Omgevingswet. Samen met andere OD’s sluiten wij vooralsnog aan bij afgegeven ramingen door adviesbureaus; circa 10% kostenreductie voor de basistaken milieu. Voor de verwerking volgen wij het DB-voorstel voor opname in de risicoparagraaf.

24

De invloed van de stikstofcrisis is onvoldoende meegenomen in deze begroting. Op basis van het nieuwe beleid de Brabantse Ontwikkelaanpak Stikstof zijn er scenario's geschetst, dat dit beleidsstuk zou leiden tot meer aanvragen. Dit resulteert in een extra inzet van de OMWB en gemeentes, maar deze extra inzet ontbreekt in de begroting van de OMWB en de bijdrage voor de deelnemers.

Waalwijk

Zaken die nu al bekend zijn verwerken we nu reeds in de werkprogramma’s. Daarnaast vereist de aanpak van de stikstofproblematiek een landelijke aanpak waarvan veel nog onduidelijk is. Voor veehouderijen worden extra aanvragen omgevingsvergunning verwacht vanwege de verplichting om te voldoen aan de ammoniak emissie eisen uit de Interim Omgevingsverordening. De deadline daarvoor is 1 januari 2024. Daarom wordt een echte toename aan vergunningaanvragen pas verwacht eind 2022 en in 2023.

25

In de ontwerpbegroting 2022 wordt er slechts beperkt invulling gegeven aan de oproep van verschillende deelnemers om te bezuinigen. Hieraan heeft de OMWB gedeeltelijk gehoor gegeven, resulterend in een besparing van € 650.000 Hier tegenover staan diverse extra uitgaven van € 450.000. Voor 2022 willen we nogmaals extra verzoeken om strak naar de uitgaven te kijken en te bezien waar eventueel besparingen mogelijk zijn.

Waalwijk

De genoemde bedragen betreffen de verwerking van de eerste tranche volgend uit het kosteneffectiviteitsonderzoek, afgestemd met het DB. Voorts vormt kostenbeheersing een continu en integraal onderdeel van onze bedrijfsvoering.

26

Gelet op de financiële situatie van de gemeente Hilvarenbeek zijn wij actief op zoek naar besparingen. De daadwerkelijke bijdrage zal via het werkplan 2022 worden bepaald. Wij overwegen daarom minder in te brengen in het werkprogramma 2022 dan voorgesteld. Uiteraard met de gemaakte afspraken in het kader van de MWBnorm in ogenschouw genomen. We verzoeken u om een reactie ten aanzien van deze ontwikkelingen en hoe de dienst hiertegen aankijkt.

Hilvarenbeek

Wij zijn ons bewust van de financiële positie van onze deelnemers. Het definitieve werkprogramma verwerken we in het begrotingsvoorstel, verbonden aan de Eerste Bestuursrapportages.

27

Gelet op de gekwalificeerde weerstandratio verzoeken wij u om inzet om de risico’s te beperken.

Hilvarenbeek

Zie het antwoord op vraag 9.

6

28

Wij verzoeken u in 2022 pas tot besteding van de budgetten voor vitaliteit medewerkers en toekomstbestendige leeftijdsopbouw, een cultuur en leiderschapstraject, databeheer een (een kwaliteitsmanagementsysteem n.a.v. het) kosteneffectiviteitsonderzoek over te gaan nadat het algemeen bestuur een nadere toelichting en onderbouwing van deze posten heeft ontvangen.

Woensdrecht

Zie antwoord op vraag 5.

29

Wij constateren dat de weerstandsratio van de OMWB in de Ontwerpbegroting 2022 lager is dan het vastgestelde niveau zoals weergegeven in de Kaderbrief. Gemeente Tilburg verwacht dat deze zich binnen een periode van 2 jaar weer heeft hersteld en zich weer bevindt tussen de 1,0 en 1,4.

Tilburg

Wij delen deze ambitie. Om deze reden stellen wij voor om het resultaat 2020 toe te voegen aan de reserve om zo het weerstandsvermogen op peil te krijgen.

30

PS reageren instemmend op de ontwerpbegroting 2022 van de OMWB

PNB

Wij nemen hiervan, met vreugde overigens, kennis.

31

PS verzoeken het DB van de OMWB het weerstandsvermogen te versterken.

PNB

Zie het antwoord op vraag 28.

32

Het beschikbare provinciale exploitatiebudget 2022 hangt af van nog onzekere factoren.

PNB

We zijn ons hiervan bewust en blijven hierover graag in overleg. In een later stadium verwerken we het definitieve exploitatiebudget in het begrotingsvoorstel, verbonden aan de Eerste Bestuursrapportages.

33

De risico’s zijn naar onze ogen erg ruim ingeschat. Wij vragen om een betere onderbouwing. Als voorbeeld noemen we hierbij de gewogen risicobedragen voor de arbeidsmarkt 350.000,- (markt is minder gespannen), CoVID-19 (€ 500.000,- voor 2022!) en het uitstel van de Omgevingswet met een half jaar (€ 400.000,-).

Etten-Leur

De risico’s zijn beschreven en gewogen, en onderwerp van gesprek tussen het Dagelijks Bestuur en de directie van de OMWB. Dit geeft naar onze mening meer dan voldoende basis.

34

Het huurcontract van de OMWB loopt tot 1-1-2023. Er is nog geen besluit genomen omtrent huisvesting nadien. In vervolg op onze motie wordt u nogmaals verzocht om de gemeenten hier tijdig en nadrukkelijk bij te betrekken en hierbij ook naar besparingen te zoeken. Ook dienen zaken als hybride werken en de noodzaak van nabijheid bij de deelnemers hierin te worden betrokken. Juist de Omgevingswet vraagt om nabijheid. Ons beeld is hybride werken, een klein hoofdkantoor in Tilburg, en decentrale werkplekken op de gemeentekantoren om de noodzakelijke nabijheid te versterken. Maak de besparingen zichtbaar in de meerjarenraming.

Etten-Leur

Tilburg blijft de standplaats van de OMWB, zo is in het Dagelijks Bestuur besloten. Op dit moment wordt er een onderzoek uitgevoerd naar de invulling van de huisvesting in Tilburg, hybride werken wordt hier zeker in meegenomen. Over de nabijheid van medewerkers van de OMWB: in de regel (de situatie mbt Covid 19 even buiten beschouwing gelaten) zijn medewerkers van de OMWB al werkzaam bij deelnemers, er zijn voor dat doel ook werkplekken door deelnemers beschikbaar gesteld. 7

35

De OMWB is opgericht als een uitvoeringsdienst voor de VTH-taken (wettelijke basistakenpakket). In de Kaderbrief en in de begroting 2022 profileert u zich steeds meer als een dienst voor niet basistaken, dit wordt zichtbaar in de geraamde bijdragen voor P2 en de resultaten voor P4. U spreekt in de toelichting op de baten over een aanzienlijke toename van verzoektaken en taken buiten werkprogramma. Dit is nieuw beleid, belangrijk is dat het AB zich eerst uitspreekt over deze koers en ambitie. Deze bredere koers heeft gevolgen voor onze rol als eigenaar, juist aan verzoektaken kleven grotere risico’s.

Etten-Leur

De toename van P2 (verzoektaken) en P4 (buiten werkprogramma) is een trend die zich al jaren manifesteert. Het is de keuze van individuele deelnemers om hiervan gebruik te kunnen en mogen maken.

36

Nog steeds is de begroting gebaseerd op geschreven uren en niet op productprijzen, de gemeenschappelijke regeling kent geen deelnemersbijdrage. De maatregelen van het kosteneffectiviteitsonderzoek worden niet geduid, niet duidelijk wordt hoe die besparingen zullen worden gerealiseerd. Juist door het ontbreken van productprijzen blijven die besparingen een wassen neus zo lang wordt afgerekend op geschreven uren. Het is steeds afwachten hoeveel uren op een vergunning, melding of controle in rekening worden gebracht. De productprijzen zijn ook nodig voor de leges die met de komst van de Omgevingswet ook voor milieuactiviteiten kunnen worden geheven. Gemeenten zijn voor het opstellen van hun Legesverordening hiervoor afhankelijk van de input van de OMWB. Hoe gaat de OMWB de input voor de gemeentelijke legesverordening bepalen? Het verzoek is om met heldere productprijzen te komen zodat de gemeenteraad de tarieven voor de legesverordening kan vaststellen.

Etten-Leur

Voor het kosteneffectiviteitsonderzoek, zie het antwoord bij punt 1.

37

U wijst op pagina 6 op het belang van regionale afstemming van omgevingsplannen om onder andere een wildgroei en versnippering van verschillende regels voor geluid, geur en lucht tegen te gaan. Wij wijzen u op de bedoeling van de wetgever om juist voor deze locatie specifieke milieuthema’s (o.a. geluid en geur) maatwerk te kunnen leveren. De OMWB zal zich vooral op de rijksregels (Besluit activiteiten leefomgeving) moeten richten en oog moeten houden voor lokaal maatwerk.

Etten-Leur

Lokaal maatwerk is belangrijk, echter we denken dat de leefomgeving en onze bedrijfsvoering niet gebaat is bij versnippering van regels.

38

De deelnemers in het vervolgtraject goed en vroegtijdig te betrekken bij de uitwerking en doorvoering van de toekomstige kostenbesparingen en de daarvoor noodzakelijke investeringen;

Geertruidenberg

Zie de beantwoording op punt 5.

39

De Omgevingsdienst te verzoeken zich in te zetten op het beperken en beheersen van de financiële risico’s;

Geertruidenberg

Risicomanagement is in alle verantwoordingsdocumenten een terugkerend punt

Voor wat betreft de uitwerking van het legesbesluit: dit wordt op dit moment in een projectgroep vanuit het programma Omgevingswet uitgewerkt, gezamenlijk met deelnemers.

8

40

Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet een zero based (gebaseerd op nul: elke uitgave wordt beoordeeld op omvang en noodzaak) operatie op de begroting uit te voeren, en daarbij drie scenario’s te formuleren waarin de consequenties in beeld worden gebracht voor de dienstverlening door de verbonden partij wanneer de begroting daarvan met 5, 10 en 15% wordt verlaagd.

Geertruidenberg

Naar aanleiding van eerder ingediende zienswijzen is besloten om de directeur van de OMWB een opdracht te geven om meer kosteneffectief te werken. De uitwerking van het kosteneffectiviteitsprogramma is opgenomen in de begroting 2022.

41

De OMWB te verzoeken, om in het geval de taakstellende bezuiniging niet wordt overgenomen, de gemeenteraad van Geertruidenberg schriftelijk en met redenen omkleed, te voorzien van een toelichting.

Geertruidenberg

Het is gebruikelijk dat de communicatielijn over P&C producten en de daarbij genomen besluiten via de vertegenwoordiger in het Algemeen Bestuur verloopt. Het is raadzaam deze lijn niet te doorbreken.

42

Wij constateren dat de weerstandsratio van de OMWB in de ontwerpbegroting 2022 lager is dan het vastgestelde niveau zoals weergegeven in de kaderbrief. De weerstandsratio dient zich te bevinden tussen de 1,0 en 1,4.

Goirle

Wij delen deze ambitie. Om deze reden stellen wij voor om het resultaat 2020 toe te voegen aan de reserve om zo het weerstandsvermogen op peil te krijgen.

43

De OMWB wordt dringend verzocht om de budgetten die nu in de begroting opgenomen zijn zonder voorbereidend besluit daarover van het Algemeen Bestuur, pas te besteden als het AB daar via een apart voorstel met onderbouwing over heeft besloten.

Oosterhout

Zie antwoord op vraag 5.

Loon op Zand, Steenbergen, AlpenChaam, Gilze & Rijen, Baarle-Nassau

Wij nemen hiervan, met genoegen, kennis.

* Deze zienswijze is wegens late aanlevering nog toegevoegd na de AB-vergadering.

44

Geen zienswijzen ingediend.

9

Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant

Jaarstukken 2020 Accountantscontrole toegepast

www.omwb.nl

>

Inhoudsopgave 1. Voorwoord

3

2. Jaarverslag

5

2.1

Inleiding

5

2.2

Programmaverantwoording

7

2.2.1 P  rogrammadeel 1: Vergunningverlening, toezicht en handhaving (basistaken)

7

2.2.2 Programmadeel 2: Adviezen en projecten

16

3.3.4 Kengetallen 49

2.2.3 Programmadeel 3: Collectieve taken

18

3.3.5 Toelichting op de baten

50

2.2.4 Programmadeel 4: Overige exploitatielasten en -baten

19

3.4

Overzicht baten en lasten per taakveld 2020

50

3.5

Publicatieverplichting op grond van de WNT

50

3.6

Gebeurtenissen na balansdatum 52

2.3

2.4

<<

<

2.2.5 K  osten van Bedrijfsvoering, Vennootschapsbelasting en de post Onvoorzien

19

2.2.6 S  amenwerking van drie Brabantse Omgevingsdiensten

19

Paragrafen

20

2.3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing

20

2.3.2 Financiering

24

2.3.3 Bedrijfsvoering - plannen en resultaten

25

COVID-19-analyse

32

OMWB Jaarstukken 2020

3. Jaarrekening

34

3.1

Balans ultimo boekjaar 35

3.2

Het overzicht van baten en lasten

3.3

Toelichtingen 40

37

3.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

40

3.3.2 Toelichting op de balans per 31 december 2020

41

3.3.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten 2020

46

Bijlage 1: Kwaliteitscriteria 2.2

53

2

>

1.

Voorwoord Voor u liggen de jaarstukken 2020 van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (hierna OMWB). De jaarstukken vormen het sluitstuk van de planning-en-controlcyclus en bestaan uit de volgende onderdelen: 1. e  en algemeen deel met daarin het directieverslag dat de ontwikkelingen op hoofdlijnen beschrijft; 2. h  et jaarverslag 2020, bestaande uit de programmaverantwoording en de paragrafen; 3. d  e jaarrekening 2020, bestaande uit de balans, het overzicht van baten en lasten over het boekjaar en de toelichtingen. a) Het resultaat 2020 Het voordelige resultaat 2020 bedraagt € 482.000 (2019: € 699.000). Bestemming resultaat Bij de vaststelling van de jaarrekening 2020 wordt aan het Algemeen Bestuur een voorstel gedaan voor de bestemming van het resultaat. b) Toelichting op het resultaat 2020 Het jaarrekeningresultaat 2020 laat een positief resultaat zien van € 482.000. Hieronder treft u de toelichting aan op de voornaamste ontwikkelingen van het jaarrekeningresultaat 2020 ten opzichte van de begroting 2020 na wijzigingen. Opbrengsten De totale opbrengsten bedragen € 33,5 mln. en zijn daarmee € 280.000 lager dan begroot. Met name binnen de programma’s P1 en P2 is er een onderschrij­ding (totaal € 1,9 mln.), welke gedeeltelijk wordt gecompenseerd door hogere opbrengsten op P4 Buiten werkprogramma (€ 1,7 mln.).

In de opbrengst op P4 Buiten werkprogramma zit onder andere een hogere opbrengst dan begroot van de milieumetingen. De hiermee gemoeide kosten bedragen 875.000 hoger dan begroot.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

3

>

Door tijdens de lockdowns werkzaamheden anders aan te pakken, is het verlies

Gebouwgebonden kosten

in productieve uren beperkt gebleven. Zo zijn werkzaamheden in tijd naar

De gebouwgebonden kosten zijn ongeveer € 220.000 lager dan begroot, met

voren gehaald of op afstand dan wel administratief uitgevoerd. Het aantal

name als het gevolg van lagere onderhoudskosten.

declarabele uren bedraagt ongeveer 330.800 uur, waar 342.000 uren waren begroot (realisatie 2019: 332.500 uur). Het bijbehorende gemiddelde nacalcu­

Automatiseringskosten

latorische uurtarief bedraagt circa € 95,00 (voorcalculatorisch € 92,20).

Op algemene kosten is een overschrijding van ongeveer € 345.000 gereali-

Het verschil in tarieven komt door een verschuiving in type werkzaamheden;

seerd; voornamelijk voor automatiseringskosten volgend uit de implementatie

er wordt meer specialistische inzet gevraagd.

van Squit 20/20.

Kosten

In juli 2019 is door het Bestuur een aanvullend bedrag beschikbaar gesteld van € 800.000 voor ICT. Dit bedrag bestaat uit een overheveling van € 500.000

Inhuur personeel

voor project SPEER uit 2018 en een budget van € 300.000 voor data-ontwik-

Tijdens de eerste golf van COVID-19 is een aantal inhuurcontracten tijdelijk

keling. Aangezien deze budgetten een zekere bandbreedte kenden (afhanke-

opgeschort. Dit heeft mede geleid tot een substantiële besparing op het

lijk van tijd en uitvoering van de verschillende projecten), is een deel van de

inhuurbudget (in totaal € 1,2 mln. t.o.v. begroting). Ook het in vaste dienst

budgetten naar 2020 doorgelopen (€ 150.000). Per jaareinde is het budget

treden van een aantal externe medewerkers heeft aan deze besparing bijge-

volledig besteed.

dragen. Onvoorzien Personeel in loondienst

Het bedrag dat is gereserveerd voor onvoorziene kosten is in 2020 voor

Door de indiensttredingen van extern personeel én door een aantal indienst­

€ 142.000 aangesproken. Dit betreft de kosten voor BOA-inzet tijdens diverse

tredingen als gevolg van een actief wervingsbeleid, zijn de salarislasten

weekenden in verband met COVID-19. Het Dagelijks Bestuur heeft toestem-

€ 200.000 hoger uitgevallen dan begroot. In het verleden is een totaalbudget

ming gegeven deze kosten ten laste van de post Onvoorzien te verantwoorden.

van € 700.000 beschikbaar gesteld in het kader van de arbeidsmarktproblematiek. Hiervan is een vanuit 2019 onbesteed deel van € 250.000 doorgeschoven

Vrijval Egalisatiereserve

naar 2020. Het budget is, zoals verwacht en reeds aangekondigd, volledig

Het doel van de reserve ‘huisvesting’ was het egaliseren van de huurkosten

besteed per jaareinde.

over de contractperiode. In de eerste twee jaar van het contract werden geen

Overige personeelskosten

ren over de looptijd werd er de eerste twee jaar gestort in de reserve huisves-

De verminderde reisbewegingen van medewerkers en dito aanwezigheid op

ting. De OMWB heeft conform afspraak met het Ministerie van BZK de reserve

kantoor als gevolg van het thuiswerken hebben geleid tot een onderbesteding

van € 67.000 in 2020 laten vervallen.

huurkosten in rekening gebracht door de verhuurder. Om de kosten te egalise-

op reis- en kantoorkosten; tezamen van ongeveer € 325.000 ten opzichte van de begroting.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

4

>

Overige De uitloop van de livegang van Squit 20/20 heeft geleid tot het opleggen van een boete en het indienen van een schadeclaim bij de firma Roxit. De boete is geaccepteerd en over de hoogte van de schadeclaim is overeenstemming bereikt. De bedragen van € 139.000 en respectievelijk € 192.000 zijn in het jaarrekening resultaat verwerkt. Hiertegenover staat een post van € 125.000 die is gevormd voor toekomstige kosten als gevolg van de overname van vijf trainees. Tussen detacheringsbureau Lybrae en de OMWB was verschil van inzicht over het nakomen van contractverplichtingen. Naar aanleiding van een rechtszaak heeft op 27 mei 2021 een schikking plaatsgevonden, die heeft geleid tot het vormen van deze kostenpost.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

5

>

2.

Jaarverslag 2.1 Inleiding De OMWB sluit het boekjaar 2020 af met een positief financieel resultaat van € 482.000. Door het COVID-19-virus heeft het volledig uitvoeren van de werkprogramma’s afgelopen jaar onder behoorlijke druk gestaan. Dankzij flexibiliteit en creativiteit is het verlies in productieve uren zeer beperkt gebleven. Zo hebben we samen met de deelnemers gezocht naar activiteiten die een bijdrage leveren aan het milieu en wel (op afstand) uitgevoerd konden worden. Ook hebben we creatief naar onze instrumenten gekeken en gezocht naar alternatieven die zoveel mogelijk de kwaliteit waarborgden, gelijk aan de kwaliteit die fysieke activiteiten bieden. De werkplannen van de deelnemers zijn dan ook grotendeels gerealiseerd. Van de 340.000 uren zijn er afgerond 330.800 daadwerkelijk gerealiseerd. Het COVID-19-virus heeft de OMWB als organisatie daarentegen ook iets gebracht. Zo hebben we in 2020 een kwalitatieve en kwantitatieve impuls gegeven aan digitaal en administratief toezicht. De resultaten zijn boven verwachting goed gebleken en we zijn er dan ook van overtuigd dat deze vormen van toezicht van blijvende betekenis zullen zijn in de toekomst. Ook het thuiswerken heeft door het COVID-19-virus een nieuw perspectief gekregen.

Het actieve wervingsbeleid (onder andere in samenwerking met de twee andere Brabantse omgevingsdiensten) heeft in 2020 tot het aantrekken van een aantal nieuwe medewerkers geleid. Hierdoor is de verhouding tussen vast personeel en inhuur beter in balans gekomen. Daartegenover staat echter dat de vaste formatie voor het primaire proces is gebaseerd op 228 fte (308.000 declarabele uren), waar de laatste 2 à 3 jaar de opdrachtportefeuille van de deelnemers aan de dienst rond de 340.000 declarabele uren op jaarbasis beweegt. Een uitbreiding van het vaste personeel voor het primaire proces ligt daarmee voor de hand. Het management heeft derhalve als lijn gekozen om de vaste formatie voor het primaire proces in de jaren 2021 en volgend verder uit te breiden naar een niveau van 240 fte (324.000 declarabele uren).

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

6

>

In 2020 is de organisatie verder ontwikkeld; de nieuwe teams Strategie & In 2020 is de (S&O) organisatie verder ontwikkeld; dePlannen nieuwe en teams Strategie Ontwikkeling en PPR (Programmeren, bewaken van&de Ontwikkeling (S&O) een en PPR (Programmeren, Plannen en de bewaken de ealisatie) vervullen belangrijke rol en functie voor OMWB.van Enerzijds met ealisatie) vervullen een belangrijke rol en functie voor de in OMWB. Enerzijds met het oog op de komst van de Omgevingswet, anderzijds verband met de eisen het oog op de komst van de Omgevingswet, anderzijds in verband met de eisen die deelnemers en opdrachtgevers aan ons stellen voor de realisatie van onze die deelnemers en opdrachtgevers aan ons stellen voor realisatie van onze VTH­producten, adviezen en diensten. Daarnaast is in de 2020 een begin gemaakt VTH-producten, adviezen en diensten. Daarnaast is in 2020 een begin gemaakt met het project “De dienst nog beter maken”. Het doel van dit project is een met het project “De dienst nog beter maken”. Het doel van dit project is een hogere efficiëntie in de werkprocessen en kosteneffectiviteit. Dit project zal in ho­gere efficiëntie in de werkprocessen en kosteneffectiviteit. Dit project zal in 2021 worden uitgewerkt voor de begrotingen van de jaren 2022 tot en met 2021 worden uitgewerkt voor de begrotingen van de jaren 2022 tot en met 2024. 2024.

Inhoudelijk heeft er in 2020 een aantal belangrijke zaken gespeeld; in het Inhoudelijk heeft er in 2020 een aantal belangrijke zaken gespeeld; in het bijzonder in de agrarische sector, maar ook onderwerpen in relatie tot stikstof, bijzonder in de agrarische sector, maar ook onderwerpen in relatie tot stikstof, PFAS en de Wet natuurbescherming (Wnb) vroegen in 2020 veel aandacht. PFAS en de Wet natuurbescherming (Wnb) vroegen in 2020 veel aandacht. Het betreffen ingewikkelde dossiers in een complexe politiek­bestuurlijke en Het betreffen ingewikkelde dossiers in een complexe politiek-bestuurlijke en maatschappelijke omgeving. In paragraaf 2.2 van dit document, de programma­ maatschappelijke omgeving. In paragraaf 2.2 van dit document, de programmaverantwoording, wordt op deze onderwerpen verder ingegaan. verantwoording, wordt op deze onderwerpen verder ingegaan. Naast dit jaarverslag jaarverslag en endeze dezejaarrekening jaarrekeningverantwoorden verantwoorden ons aan onze Naast dit wijwij ons aan onze deelnemers via de jaarlijkse werkprogramma’s en de termijnrapportages. deelnemers via de jaarlijkse werkprogramma’s en de termijnrapportages. Gezamenlijk vormen deze dezedocumenten documentende debasis basisvoor voor het geven van inzicht Gezamenlijk vormen het geven van inzicht en verantwoording. en verantwoording.

AlfredArbouw Arbouw Alfred Algemeendirecteur directeurOMWB OMWB Algemeen

<< <<

< <

OMWB Jaarstukken 2020 OMWB Jaarstukken 2020

7

>

7

2.2 Programmaverantwoording

2.2.1 Programmadeel 1: Vergunningverlening, toezicht en handhaving (basistaken)

In dit hoofdstuk wordt per onderdeel toegelicht wat de OMWB heeft bereikt in

Programmadeel 1 bestaat uit de wettelijke taken op het terrein van milieu,

relatie tot de begroting. Aan het eind van ieder deelprogramma staan de baten

de zogenaamde VTH­-milieutaken. In opdracht van bevoegde gezagslichamen

vermeld. De programmalasten worden op totaalniveau verantwoord; hiervoor

voert de OMWB voor de deelnemers de volgende taken uit:

wordt verwezen naar paragraaf 3.3.3 Toelichting op het overzicht van baten en

• vergunningverlening op het gebied van milieu (agrarisch, procesindustrie,

lasten 2020.

afval, horeca, evenementen, BRZO, asbest(melding) en bouwen); • toezicht op het gebied van milieu (agrarisch, procesindustrie, afval, horeca,

Basistaken, verzoektaken en collectieve taken In de gemeenschappelijke regeling hebben de deelnemers afgesproken dat er in de P&C-­cyclus onderscheid gemaakt wordt tussen basis-­en verzoekta­ken.

evenementen, BRZO, asbest en bouwplannen bij provinciale inrichtingen); • klachtenbehandeling en repressieve handhaving (agrarisch, procesindustrie, afval, horeca, evenementen en BRZO);

De OMWB werkt met vier deelprogramma’s: basistaken (programma 1), ver­

• niet inrichting gebonden taken; asbest, bodem, ketengericht milieutoezicht;

zoektaken (programma 2), collectieve taken (programma 3) en de overige

• energiecontroles en beoordelingen.

exploitatielasten en –baten (programma 4). Programma 1 en 2 worden in de volgende paragrafen inhoudelijk toegelicht. Programma 3 kent een afzonderlij­ke

Net als in andere jaren vormden in 2020 de werkprogramma’s van gemeenten

inhoudelijke verantwoordingscyclus- en d ­ ocumenten. In programma 4 zijn

en provincie en de afspraken met de andere Brabantse omgevingsdiensten

de werkzaamheden ondergebracht die buiten voorgaande programma’s vallen.

het uitgangspunt van het ‘gelijke speelveld’ en de afspraken voor de landelijke

Het gaat hierbij om de levering van producten en diensten aan zowel deelne­

uit­voering BRZO­en VTH-­taken van de gezamenlijke BRZO­-omgevingsdiensten,

mers als niet-­deelnemers.

de basis voor dit programmadeel.

De inhoudelijke verantwoording van programma 4 vindt tegelijkertijd met het leveren van de dienst of het product plaats en is daardoor niet opgenomen in dit hoofdstuk.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

8

>

Ontwikkelingen van invloed op de resultaten

ving m.b.t. stikstofdepositie hebben tot procedures geleid tegen uitbreiding van veehouderijen in Vlaanderen. Tegelijk zien we dat Nederlandse bedrijven in het

Vergunningverlening

grensgebied stoppen en net over de grens – mede vanwege minder strenge re­

Op enkele kleine taakvelden na (vergunningverlening vuurwerkevenementen) heeft

gelgeving – nieuwe bedrijven starten of bedrijven overnemen. Deze ontwikkelin­gen

de COVID-19­-crisis in 2020 beperkte impact gehad op het werkaanbod milieuver-

kregen ook media-­aandacht. Over deze problematiek vindt de komende tijd

gunningverlening. Wel had het enige uitvoeringsgevolgen in met name de afval-

op bestuurlijk niveau overleg plaats tussen Noord-Brabant en Vlaanderen/België.

branche zoals verderop te lezen staat onder ‘Vergunningverlening Afvalverwerking’. Vergunningverlening Afvalverwerking Vergunningverlening Agrarisch

Op het gebied van vergunningverlening voor afvalverwerkende bedrijven heb­ben

Anders dan begin 2020 verwacht, is de grote hausse aan vergunningaanvragen

we gemerkt dat rondom de eerste golf van COVID-19 bedrijven wat minder contact

voor veehouderijen ten gevolge van provinciaal beleid niet gekomen. Oorzaak is

met ons zochten. De werkvoorraad was echter meer dan voldoende. Na de eerste

dat het nieuw aangetreden provinciaal bestuur de deadline voor het voldoen aan

golf is het contact met bedrijven hersteld en terug op het oude niveau. Bedrijven

stengere eisen met betrekking tot emissiearme stalsystemen heeft verschoven

starten weer nieuwe aanvragen op en komen met nieuwe initiatieven.

van 1 januari 2022 naar 2024. De voorbereiding op deze transitie is wel in gang gezet. De noodzakelijke efficiencymaatregelen, die de Brabantse omgevingsdien­

COVID-19

sten moeten doorvoeren om de komende jaren het vergrote aanbod aan aanvra­

Door de crisis van COVID-19 heeft bij de afvalbedrijven een aantal zaken ge­speeld.

gen te kunnen behandelen, zijn verder uitgewerkt. Dit is gebeurd op basis van

Zo was er in het voorjaar veel meer aanvoer naar milieustraten en op­en over­

het door de taskforce transitie veehouderij opgestelde plan naar aanleiding van

slagbedrijven, omdat veel mensen thuis aan het opruimen of verbouwen zijn

het adviesrapport “Meer dan de som der delen”. De eerste maatregelen zijn in de

geslagen. Ook voerde een aantal bedrijven tijdelijk geen werkzaamheden uit.

loop van 2020 geïmplementeerd.

Om die reden zijn stromen afval, die normaal gerecycled worden, afgevoerd om te worden verbrand. Hier is in overleg met het ministerie een tijdelijke regeling

Gevolgen van de provinciale beleidsaanpassing waren zichtbaar in het aanbod

voor in het leven geroepen. Ook hebben we toestemming gegeven om bepaalde

van vergunningaanvragen. Echter door de PAS­-uitspraak, het stikstofvraagstuk,

stromen tijdelijk meer op te mogen slaan, zoals groenafval maar ook ziekenhuis-

de aanscherping van regelgeving en de relatie met vergunningen in het kader

afval omdat de verwerkingscapaciteit bij de verwerkers te beperkt was. Als laatste

van de Wet natuurbescherming is de complexiteit van procedures toegenomen

zien we dat de afzet van bijvoorbeeld papier en kunststof voor hergebruik onder

en vraagt dit om extra capaciteit en deskundigheid. Daarnaast stond 2020 in

druk staat. Met name bij gemeentelijke bedrijven leidt dit tot grotere hoeveelhe-

het teken van een aantal andere acties in het kader van de transitie veehouderij:

den opslag. Dit heeft te maken met het feit dat op dit moment zuivere grondstof-

de subsidieregeling warme sanering veehouderij, de stoppersregeling en de

fen goedkoper zijn dan recyclaten.

actualisatie en registratie van het Bestand Veehouderijbedrijven (BVB) en van de Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij (BZV).

De nasleep van de brand bij TUF Recycling Dongen (kunststof grasmatten) werkte ook in heel 2020 door. Vanuit de OMWB is intensief VTH­-ondersteuning geleverd

<<

<

In 2020 was er ook nadrukkelijk aandacht voor de ontwikkeling van veehouderijen

aan de gemeente. Het ziet er inmiddels naar uit dat het traject binnen­kort kan

in het grensgebied met België. Verschillen in de toepassing van Europese regelge-

worden afgerond.

OMWB Jaarstukken 2020

9

>

Vergunningverlening circulaire economie

Vergunningverlening Bodem

Dit jaar hebben we vanuit vergunningverlening geparticipeerd in een verken­

Het werkaanbod vergunningverlening bodemsaneringen in het kader van de

ning vanuit provincie en ministerie naar de ontwikkeling van circulaire econo­mie

Wet bodembescherming voor de provincie en de gemeenten Tilburg en Bre­da

in relatie tot afvalverwerking. Vergunningverlening, toezicht en handhaving

was ook in 2020 zeer groot. Hierbij speelt tevens de noodzaak van het af-

spelen een belangrijke rol in de transitie naar de circulaire economie. De huidige

ronden van een aantal spoedeisende saneringsprojecten in het licht van de

wet­en regelgeving voor afvalstoffen richt zich vooral op het voorkomen van

komende transitie bodem (overdracht van bevoegdheden van provincie naar

niet­-acceptabele risico’s voor mens en milieu in het verwerken en hergebruiken

gemeenten per 2022). In opdracht van de provincie is daarnaast gestart met

van afval­en reststromen. Dit kan belemmerend werken voor de zogenaamde

een project gericht op de monitoringsverplichtingen bij bodemsaneringen.

koplopers die in innovatieve en circulaire productieprocessen willen investeren.

Een sanering die in 2020 met name (media­)aandacht kreeg was die in Goirle

Genoemde verkenning krijgt in 2021 een vervolg in een onderzoek naar welk

waarbij vervuiling in de drinkwaterleiding werd geconstateerd. In nauwe sa­

VTH-­instrumentarium er al beschikbaar is en wat er aanvullend moet worden

menwerking met de gemeente, Brabant Water en de verantwoordelijke saneer­

ontwikkeld om invulling te kunnen geven aan VTH-­CE beleid. Ook verkennen

der zijn snel maatregelen getroffen en is vervolgonderzoek in gang gezet.

we hoe het ‘transitieproces’ vormgegeven kan worden en de discussie daar­ over op gang kan worden gebracht. In opdracht van IPO en ODNL voeren we

Vergunningverlening GBES

deze opdracht mede uit. Dit project geeft inzicht in de mogelijke inzet van de

In 2020 was in het kader van alternatieve energievoorziening een toename

omgevingsdiensten om werk te gaan maken van de circulaire economie, binnen

van de aanleg van gesloten bodemenergiesystemen zichtbaar (met name

of aansluitend op de wettelijke taken van de diensten.

woningbouwprojecten). Steeds meer gemeenten hebben de beoordeling van de aanvragen voor deze systemen bij onze dienst neergelegd. Vergunningverlening BRZO-bedrijven Ook in het BRZO-­veld liepen de meeste procedures normaal door. Naast de reguliere procedures is er sprake van een aanzienlijk aantal revisievergunningen, waarbij aangesloten wordt op een verbetering en ontwikkeling in de randvoor­ waarden voor de bedrijfsvoering. Voor de meest complexe BRZO­-bedrijven is periodiek overleg gevoerd over de relevante bedrijfsontwikkelingen en wet-­en regelgeving conform de programmatische aanpak. De actualisatietoetsen die in 2020 waren gepland zijn uitgevoerd volgens het in IOV/MJA­-verband (Impuls Omgevingsveiligheid/Meerjarenafspraken) ontwik­ kelde format. De volgende thema’s die in overleg tussen de zes BRZO-­od’s in IOV/MJA-­verband waren benoemd zijn in 2020 meegenomen bij behandeling van vergunningaanvragen: • energiebesparing; • zeer zorgwekkende stoffen.

<<

<

OMWB Jaarstukken 2020

10

>

Toezicht en handhaving

Naleefgedrag

De crisis rondom COVID-19 had ook effect op het reguliere en fysieke toezicht

Wel overtredingen

grijs (VTH-taken industrie en MKB). Een deel van de integrale milieucontro­

• Percentage regio: 54,4%

les, waaronder de agrarische controles, is getrapt uitgevoerd waarbij er in de periodes van lockdown met name administratief is gecontroleerd en de tus­ senliggende periode bij deze locaties nog fysieke flitscontroles zijn uitgevoerd.

• Percentage alle deelnemers: 53,5% Geen overtredingen

Daarnaast is een deel van de horecacontroles niet uitgevoerd. Tijdens de eer­ ste lockdown is in overleg met alle gemeenten besloten om een deel van het ad hoc budget van toezicht in te zetten voor het project geveltoezicht. Resul­ taten hiervan zijn getoond in de eerste termijnrapportage van 2020 en daarna zijn overzichten met de resultaten aan al de gemeentelijke contactpersonen verstuurd. Daar waar we genoeg gegevens hadden van locaties, zijn deze ver­

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10492038/1