15 VNG lbr. 25-066 Wijziging Model Marktverordening
Tekst van het document
Intrekking van de vergunning op grond van het tweede lid kan voor bepaalde of onbepaalde tijd zijn. Als de intrekking voor bepaalde tijd is, kan dat ook betekenen dat gedurende die tijd ook de op de vergunning vermelde vaste standplaats vervalt. Vierde lid De vaste-standplaatsvergunning vervalt tijdelijk als de vergunninghouder (of zijn rechtmatige vervanger, zie artikel 17) de standplaats niet (op tijd) heeft ingenomen. In dat geval vervalt de vergunning voor de rest van de dag en kan de betreffende vaste-standplaats worden uitgegeven als dagplaats (zie artikel 19, eerste lid). De houder van de vaste-standplaatsvergunning kan op die dag zijn standplaats niet alsnog innemen. Artikel 17. Persoonlijk innemen vaste standplaats; vervanging Eerste en tweede lid De vergunninghouder is verplicht om de op de vaste-standplaatsvergunning vermelde standplaats persoonlijk in te nemen. Als hij dat vanwege vakantie of bijzondere omstandigheden niet kan, kunnen burgemeester en wethouders erin toestemmen dat een vervanger de vaste standplaats inneemt. De vergunninghouder moet een aanvraag om toestemming indienen, met daarin de reden en de duur van zijn afwezigheid en de naam van de beoogde vervanger. Burgemeester en wethouders kunnen toestemming weigeren.
Het spreekt voor zich dat de vervanger optreedt namens de vergunninghouder en evenzeer gebonden is aan alle verplichtingen die voor de vergunninghouder gelden. [Artikel 18. Plaatsverandering na beschikbaar komen vaste standplaats Eerste lid Als op een markt, om welke reden ook, een vaste standplaats vrijkomt, dan kan deze worden toegewezen aan een zittende houder van een andere vaste-standplaatsvergunning op die markt. De toewijzing gebeurt door een wijziging van diens bestaande vergunning en op aanvraag, niet ambtshalve. De plaatsverandering is voor de resterende duur van de vaste-standplaatsvergunning die was gekoppeld aan de beschikbaar gekomen standplaats. Zittende vergunninghouders kunnen een aanspraak maken op een verandering van hun standplaats, omdat zij hebben bijgedragen aan de markt en daarmee aan het voorzieningenniveau. Tweede lid Bijlage 3/3 bij VNG ledenbrief, december 2025
Als er meer vergunninghouders zijn die een aanvraag doen om plaatsverandering, dan wordt tussen hen geloot. Loting vindt plaats door middel van een trekking.] Paragraaf 4. Dagplaats-, standwerk- en bedienvergunning Artikel 19. Dagplaatsvergunning Eerste lid Een dagplaatsvergunning kan langs twee wegen worden verleend, zo volgt uit het eerste lid. Als bepaalde standplaatsen zijn bedoeld als dagplaats [en als zodanig zijn aangegeven op de kaart van de markt], kunnen burgemeester en wethouders voor die standplaatsen dagplaatsvergunningen afgeven. Ook kan een dagplaatsvergunning worden verleend voor een vaste-standplaats die op de betreffende dag niet (op tijd) is ingenomen door de houder van de bijbehorende vastestandplaatsvergunning of zijn rechtmatige vervanger (zie artikel 17). Ook dagplaatsvergunningen kunnen niet onbeperkt worden uitgegeven en zijn in die zin schaars. Hun looptijd is beperkt tot een dag. Op de vergunning staat vermeld welke standplaats door de vergunninghouder ingenomen mag (en moet) worden. De wijze van verdeling van dagplaatsvergunningen is geregeld in artikel 11. Tweede tot en met vierde lid Uit het tweede lid volgt wie in aanmerking kan komen voor een dagplaatsvergunning en wie dus een toewijsbare aanvraag kan indienen.
[Het vereiste dat in de aan de aanvraag voorafgaande periode niet vaker dan [aantal] keren een dagplaatsvergunning is verleend, is gesteld om ook andere gegadigden de kans te geven op deze vergunning.] Burgemeester en wethouders moeten de vergunning weigeren in de gevallen die zijn genoemd in het derde lid. In de gevallen die zijn genoemd in het vierde lid kunnen burgemeester en wethouders de vergunning weigeren. Vijfde en zesde lid Anders dan bij een vaste-standplaatsvergunning kan de houder van een dagplaatsvergunning zich, logischerwijs, niet laten vervangen. Hij kan zich wel laten bijstaan. Artikel 20. Standwerkvergunning Eerste lid Als bepaalde standplaatsen zijn bedoeld als standwerkplaats [en als zodanig zijn aangegeven op de kaart van de markt], kunnen burgemeester en wethouders voor die standplaatsen standwerkvergunningen afgeven. De standwerkvergunning geldt, net als de dagplaatsvergunning, voor een dag. Op de vergunning staat vermeld welke standplaats door de vergunninghouder ingenomen mag (en moet) worden en eveneens voor welke artikelen de vergunning geldt. De wijze van verdeling van standwerkvergunningen is geregeld in artikel 12. Tweede en derde lid Uit het tweede lid volgt wie in aanmerking kan komen voor een standwerkvergunning en wie dus een toewijsbare aanvraag kan indienen.
[Het vereiste dat in de aan de aanvraag voorafgaande periode niet vaker dan [aantal] keren een standwerkvergunning is verleend, is gesteld om ook andere gegadigden de kans te geven op deze vergunning.] De weigeringsgronden zijn geregeld in het derde lid. Zie verder de toelichting bij artikel 19. Vierde en vijfde lid Anders dan bij een vaste-standplaatsvergunning kan de houder van een standwerkvergunning zich, logischerwijs, niet laten vervangen. Hij kan zich wel laten bijstaan. [Artikel 21. Bedienvergunning Ook de bedienvergunning is een schaarse vergunning en wordt daarom verleend voor bepaalde tijd. Hoe lang de looptijd van deze vergunning moet zijn, is afhankelijk van de terugverdientijd van de investeringen die de vergunninghouder ten behoeve van deze vergunning moet doen.] Bijlage 3/3 bij VNG ledenbrief, december 2025
Paragraaf 5. Algemene bepalingen voor vergunninghouders Paragraaf 5 bevat een aantal algemene bepalingen voor (markt)vergunninghouders. Daarbij gaat het voornamelijk om algemene verplichtingen, zoals de verplichting om de vergunning te laten zien op eerste verzoek van een toezichthouder [en OF ,] de verplichting om de markttijden in acht te nemen [en de verplichting om de markt schoon te houden] . Deze verplichtingen gelden uiteraard ook voor eventuele vervangers van vergunninghouders. Paragraaf 6. Handhaving Artikel 26. Onmiddellijke verwijdering In artikel 125 van de Gemeentewet is bepaald dat het gemeentebestuur onder andere ter uitvoering van gemeentelijke verordeningen de bevoegdheid heeft om een last onder bestuursdwang op te leggen. Dit artikel regelt de bevoegdheid voor burgemeester en wethouders om een bijzondere vorm van bestuursdwang, namelijk verwijdering, toe te passen. Deze bevoegdheid kan worden gebruikt als een vergunninghouder zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog op de markt, of bij andere (ernstige) overtredingen van de Marktverordening. Bij deze vorm van bestuursdwang wordt spoedeisendheid verondersteld (zie artikel 5:31, eerste lid, van de Awb). Dan kan bestuursdwang worden toegepast zonder voorafgaande last.
Bij zéér spoedeisende gevallen, waarbij de haast zo groot is dat een besluit niet kan worden afgewacht, kan bestuursdwang onmiddellijk worden toegepast (artikel 5:31, tweede lid, van de Awb). Wel moet het besluit dan achteraf alsnog bekendgemaakt worden (artikel 5:31, tweede lid, in samenhang met artikel 5:24, derde lid, van de Awb). Het hangt van de omstandigheden van het geval af of sprake is van een spoedeisend geval, of van een zéér spoedeisend geval. Paragraaf 7. Slotbepalingen Artikel 28. Overgangsrecht Eerste lid Op grond van het eerste lid blijven de besluiten op grond van de [citeertitel oude verordening] (vergunningen, ontheffingen, mandaten, inrichtingsplan enz.) bestaan, totdat ze (ambtshalve) worden gewijzigd of ingetrokken. Zo hebben burgemeester en wethouders de gelegenheid om te doen wat er moet gebeuren. Dat is vooral van belang voor de vergunningen voor onbepaalde tijd: dit moeten immers vergunningen voor bepaalde tijd zijn. Tweede lid Burgemeester en wethouders hebben de bevoegdheid om eenmaal, bij het omzetten van vastestandplaatsvergunningen voor onbepaalde tijd naar bepaalde tijd een kortere looptijd dan op grond van artikel 14, eerste lid, te bepalen. De gewijzigde vergunningen kunnen als overgangstermijn dienstdoen. Het bepalen van de duur van de overgangstermijn is lokaal maatwerk.
Relevant is onder meer of de zittende ondernemers hun investeringen al grotendeels hebben kunnen terugverdienen en of zij voldoende tijd hebben om zich voor te bereiden op de nieuwe situatie van vergunningen voor bepaalde tijd, die volgens de nieuwe verdeelprocedures worden uitgegeven. Uit rechtspraak (Rechtbank Amsterdam 5 augustus 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:5002) blijkt dat het mogelijk is om een generieke overgangstermijn te bepalen, mits er ruimte is om daarvan af te wijken als in een individueel geval blijkt dat een ondernemer onevenredig wordt benadeeld. Uit dezelfde uitspraak volgt dat een overgangstermijn niet is bedoeld als volledige compensatie, maar om de vergunninghouders de gelegenheid te bieden om zich in te stellen op de nieuwe situatie. Derde lid
Bijlage 3/3 bij VNG ledenbrief, december 2025
heeft opmaak toegepast: Lettertype: Cursief
De wacht- en anciënniteitslijsten komen te vervallen. Het laten voortbestaan van deze lijsten dient nauwelijks doel en is Europeesrechtelijk mogelijk problematisch. Vierde lid Op aanvragen die zijn ingediend ten tijde van de [citeertitel oude verordening] en waarop nog niet is beslist bij de inwerkingtreding van deze Marktverordening, is deze Marktverordening van toepassing. Voor deze situatie is niet voorzien in overgangsrecht en geldt dus onmiddellijke inwerkingtreding. Dat is anders voor bezwaarschriften die zijn ingediend ten tijde van de [citeertitel oude verordening]. Daarvoor is wel voorzien in overgangsrecht, zodat deze bezwaarschriften nog worden afgehandeld conform de [citeertitel oude verordening].
Bijlage 3/3 bij VNG ledenbrief, december 2025
Was-wordt-tabel Verordening tot wijziging van de Marktverordening (inclusief toelichting, december 2025) Leeswijzer modelbepalingen - [iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 3, eerste lid, aanhef. - [iets] = facultatief, zie bijvoorbeeld artikel 4, derde lid. - [(iets)] = een voorbeeld ter illustratie of uitleg voor gemeente, zie bijvoorbeeld artikel 8, eerste lid. - […] of [iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel 15, tweede lid. Combinaties zijn ook mogelijk, zie bijvoorbeeld artikel 4, vierde lid. Nadere uitleg is opgenomen in de VNG ledenbrief en de implementatiehandleiding. In de ‘bestaande tekst’ zijn de woorden en leestekens waaraan iets verandert, cursief gezet en – als het een facultatieve bepaling betreft – eveneens onderstreept (aangezien dan de hele bepaling cursief is i.v.m. het facultatieve karakter). In de ‘nieuwe tekst’ zijn de nieuwe woorden en leestekens vet gedrukt. Artikel 3 komt te luiden (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 3. Inrichtingsplan 1. Burgemeester en wethouders stellen een inrichtingsplan voor [de OF elke] markt vast, met daarin in ieder geval: a. de dagen en uren waarop [en de periode waarin] de markt wordt gehouden; b. een kaart van de markt; c. de verdeelprocedure die zij toepassen bij de verlening van vaste-standplaatsvergunningen. 2. Op de kaart van de markt zijn [in ieder geval] aangegeven: a. de grenzen van de markt; b. de vaste standplaatsen. [3. Op de kaart van de markt kunnen zijn aangegeven: a. de standplaatsen die bij voorrang zijn bestemd voor een of meer branches of artikelgroepen; b. het maximumaantal vastestandplaatsvergunningen dat voor een of meer branches of artikelgroepen of combinaties daarvan kan worden afgegeven; [en] c. de dagplaatsen; [en] [d. de standwerkplaatsen.]]
Artikel 3. Inrichtingsplan [1.] Burgemeester en wethouders stellen een inrichtingsplan voor [de OF elke] markt vast, met daarin in ieder geval: a. de dagen en uren waarop [en de periode waarin] de markt wordt gehouden; b. een kaart van de markt met daarop aangegeven de vaste standplaatsen;] c. de verdeelprocedure die zij toepassen bij de verlening van vaste-standplaatsvergunningen. [2. Op de kaart van de markt zijn [in ieder geval] aangegeven: a. de grenzen van de markt zoals deze zijn vastgesteld in het omgevingsplan; b. de vaste standplaatsen.] [3. Op de kaart van de markt kunnen zijn aangegeven: a. de standplaatsen die bij voorrang zijn bestemd voor een of meer branches of artikelgroepen; b. het maximumaantal vastestandplaatsvergunningen dat voor een of meer branches of artikelgroepen of combinaties daarvan kan worden afgegeven; [en] c. de dagplaatsen; [en] [d. de standwerkplaatsen.]]
Artikel 4, derde lid komt te luiden (artikel I, onderdeel B[, onder 1,] van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
3. Burgemeester en wethouders verlenen alleen een vergunning aan een handelingsbekwame natuurlijke persoon die gerechtigd is in Nederland arbeid te verrichten.
3. Voor een marktvergunning [of bedienvergunning] komt uitsluitend een handelingsbekwame natuurlijke persoon in aanmerking die gerechtigd is in Nederland arbeid te verrichten en die schriftelijk een aanvraag op een daartoe door burgemeester en wethouders
Bijlage 2/4 bij ledenbrief december 2025
beschikbaar gesteld aanvraagformulier heeft ingediend. Bij de aanvraag worden de volgende stukken overgelegd: a. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; b. een document waaruit de geldige verblijfstitel in Nederland blijkt, als de aanvrager niet de Nederlandse nationaliteit bezit; c. een document waaruit blijkt wat het adres en de woon- of verblijfplaats van de aanvrager is; d. een document waaruit blijkt dat de aanvrager verzekerd is tegen wettelijke aansprakelijkheid als de aanvrager een aanvraag voor een marktvergunning indient.
[Aan artikel 4 wordt een lid toegevoegd dat luidt (artikel I, onderdeel B, onder 2 van het wijzigingsbesluit):] Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Nieuw lid
[(4. Aanvullend moeten bij een aanvraag voor een marktvergunning ook stukken worden overgelegd waaruit blijkt: a. voor welke branche de vergunning wordt aangevraagd; b. welk assortiment met de vergunning zal worden aangeboden; c. hoe de uitstalling eruit zal zien inclusief een schets of foto; d. welke kennis, ervaring en opleiding de aanvrager ten aanzien van het assortiment heeft; e. hoe de aanvrager invulling geeft aan maatschappelijk verantwoord ondernemen; en f. hoe de aanvrager invulling geeft aan consumentvriendelijk ondernemen.)]
Artikel 7 komt te luiden (artikel I, onderdeel C, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 7. Verdeling beschikbare vastestandplaatsvergunning 1. Burgemeester en wethouders leggen in het inrichtingsplan vast of zij de verdeelprocedure van artikel 9 dan wel artikel 10 toepassen bij het beschikbaar komen van een vastestandplaatsvergunning. 2. Burgemeester en wethouders kunnen in het inrichtingsplan vastleggen of zij de verlengingsprocedure van artikel 8 toepassen bij het beschikbaar komen van een vastestandplaatsvergunning.
Artikel 7. Verdeling beschikbare vastestandplaatsvergunning Burgemeester en wethouders leggen in het inrichtingsplan vast of zij bij het beschikbaar komen van vaste-standplaatsvergunningen de verdeelprocedure van artikel 9 of artikel 10 toepassen als het aantal gegadigden hoger is dan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt.
Artikel 8 komt te luiden (artikel I, onderdeel D, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst Artikel 8. Verlenging na afroep Bijlage 2/4 bij ledenbrief december 2025
Nieuwe tekst
1. Bij het beschikbaar komen van een vastestandplaatsvergunning vanwege het einde van de vergunningsduur kunnen burgemeester en wethouders de procedure van verlenging na afroep toepassen, als voldoende aannemelijk is dat er naast de betreffende vergunninghouder geen andere gegadigden voor deze vergunning zijn. 2. Bij de verlenging na afroep maken burgemeester en wethouders [termijn (bijvoorbeeld acht weken)] voor het einde van de duur van de vastestandplaatsvergunning door een openbare kennisgeving in […] bekend dat deze vergunning beschikbaar komt voor de duur van [termijn van artikel 14, eerste lid]. 3. Bij deze openbare kennisgeving worden gegadigden uitgenodigd om hun belangstelling voor de vaste-standplaatsvergunning binnen [termijn (bijvoorbeeld vier weken)] na de kennisgeving kenbaar te maken op de door burgemeester en wethouders aangegeven wijze. 4. Als binnen de gestelde termijn alleen de betreffende vergunninghouder belangstelling kenbaar heeft gemaakt en is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, verlengen burgemeester en wethouders zijn vaste-standplaatsvergunning met de in het tweede lid genoemde duur. 5. Als binnen de gestelde termijn naast de betreffende vergunninghouder ook een of meer andere gegadigden belangstelling kenbaar hebben gemaakt, wordt de vergunning niet verlengd.
In dat geval passen burgemeester en wethouders de in het inrichtingsplan vastgelegde procedure van de artikelen 9 of 10 toe, met uitzondering van het tweede lid van deze artikelen. 6. In het in het vijfde lid bedoelde geval stellen burgemeester en wethouders de gegadigden ervan in kennis dat de procedure van de artikelen 9 of 10 wordt toegepast en dat zij vóór de door burgemeester en wethouders genoemde datum een aanvraag kunnen indienen.
Artikel 8. Kennisgeving en verlening zonder verdeelprocedure 1. Bij het beschikbaar komen van een vastestandplaatsvergunning maken burgemeester en wethouders binnen [termijn (bijvoorbeeld acht weken)] door een openbare kennisgeving in [communicatiemedium noemen (bijvoorbeeld website)] bekend dat deze vergunning beschikbaar komt en voor welke duur [en welke branche of artikelgroep] de vergunning is. 2. Als de verwachting is dat het aantal gegadigden: a. lager is dan of gelijk is aan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt, worden gegadigden in de openbare kennisgeving uitgenodigd om hun belangstelling voor de vastestandplaatsvergunning binnen [termijn (bijvoorbeeld vier weken)] na de kennisgeving kenbaar te maken op de door burgemeester en wethouders aangegeven wijze; b. hoger is dan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt, maken burgemeester en wethouders ook in de openbare kennisgeving bekend of de procedure uit artikel 9 of 10 wordt toegepast en worden gegadigden uitgenodigd om binnen [termijn (bijvoorbeeld zes weken)] na de kennisgeving een aanvraag voor de vergunning in te dienen op de door burgemeester en wethouders aangegeven wijze. 3.
Als na de termijn uit het tweede lid, onder a, blijkt dat het aantal gegadigden of het aantal aanvragers lager is dan of gelijk is aan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt, en is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, verlenen burgemeester en wethouders de vaste-standplaatsvergunningen aan de degenen die binnen de termijn hun belangstelling kenbaar hebben gemaakt of binnen de termijn een aanvraag hebben ingediend. 4. Als na termijn uit het tweede lid, onder a, blijkt dat het aantal gegadigden hoger is dan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt, passen burgemeester en wethouders alsnog de in het inrichtingsplan vastgelegde procedure van uit artikel 9 of 10 toe en stellen burgemeester en wethouders de gegadigden ervan in kennis dat deze procedure wordt toegepast en dat zij vóór een door burgemeester en wethouders genoemde datum een aanvraag kunnen indienen.
Artikel 9, eerste lid komt te luiden (artikel I, onderdeel E, onder 1, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Bijlage 2/4 bij ledenbrief december 2025
Nieuwe tekst
1. Bij het beschikbaar komen van een vastestandplaatsvergunning kunnen burgemeester en wethouders deze verdelen via selectie.
1. Bij het beschikbaar komen van een vastestandplaatsvergunning kunnen burgemeester en wethouders deze verdelen via de procedure van selectie. Een aanvrager kan per procedure van selectie slechts één aanvraag indienen.
Artikel 9, tweede lid vervalt, onder vernummering van het derde tot en met het zevende lid tot het tweede tot en met het zesde lid (artikel I, onderdeel E, onder 2, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
2. Bij de verdeling via selectie maken burgemeester en wethouders door een openbare kennisgeving in […] bekend dat de vaste-standplaatsvergunning voor de duur van [termijn van artikel 14, eerste lid] beschikbaar komt[, voor welke branche of artikelgroep deze vergunning wordt verleend] en dat gegadigden vóór de in de kennisgeving genoemde datum een aanvraag kunnen indienen. 3. Als een aanvraag vóór de indieningsdatum is ingediend maar onvolledig is, krijgt de aanvrager een termijn van [termijn (bijvoorbeeld twee weken)] om zijn aanvraag aan te vullen. Als er meer onvolledige aanvragen zijn, wordt de betreffende aanvragers op dezelfde dag mededeling gedaan van de gelegenheid om hun aanvraag aan te vullen. 4. Uitsluitend volledige aanvragen die tijdig zijn ingediend en waarbij is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, komen voor beoordeling als bedoeld in het vijfde lid in aanmerking. 5. Bij de beoordeling van de aanvragen kennen burgemeester en wethouders punten toe aan de hand van de volgende criteria en tot het daarbij vermelde maximumaantal: [(a. het assortiment van de gegadigde vormt een gewenste toevoeging aan het marktassortiment ([punten]); b. de kwaliteit van de uitstraling van de uitstalling van de gegadigde ([punten]); c. de kennis, ervaring en eventuele opleiding van de gegadigde met betrekking tot het marktassortiment ([punten]); d.
het maatschappelijk verantwoord ondernemen door de gegadigde ([punten]); e. het consumentvriendelijk ondernemen door de gegadigde ([punten]); f. […] ([punten]).)] 6. Burgemeester en wethouders verlenen de vastestandplaatsvergunningen aan de gegadigden met het op basis van de beoordeling hoogste aantal punten. 7. Als meer gegadigden hetzelfde aantal punten krijgen toegekend, vindt de verdeling van de vergunningen tussen hen plaats via loting door middel van een trekking, waarvoor zij worden uitgenodigd [en
2. Als een aanvraag vóór de indieningsdatum is ingediend maar onvolledig is, krijgt de aanvrager een termijn van [termijn (bijvoorbeeld twee weken)] om zijn aanvraag aan te vullen. Als er meer onvolledige aanvragen zijn, wordt de betreffende aanvragers op dezelfde dag mededeling gedaan van de gelegenheid om hun aanvraag aan te vullen. 3. Uitsluitend volledige aanvragen die tijdig zijn ingediend en waarbij is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, komen voor beoordeling als bedoeld in het vierde lid in aanmerking. 4. Bij de beoordeling van de aanvragen kennen burgemeester en wethouders punten toe aan de hand van de volgende criteria en tot het daarbij vermelde maximumaantal: [(a. het assortiment van de aanvrager vormt een gewenste toevoeging aan het marktassortiment ([punten]); b. de kwaliteit van de uitstraling van de uitstalling van de aanvrager ([punten]); c. de kennis, ervaring en eventuele opleiding van de aanvrager met betrekking tot het marktassortiment ([punten]); d. het maatschappelijk verantwoord ondernemen door de aanvrager ([punten]); e. het consumentvriendelijk ondernemen door de aanvrager ([punten]); f. […] ([punten]).)] 5. Burgemeester en wethouders verlenen de vastestandplaatsvergunningen aan de aanvragers met het op basis van de beoordeling hoogste aantal punten. 6.
Als meer aanvragers hetzelfde aantal punten krijgen toegekend, vindt de verdeling van de vergunningen tussen hen plaats via loting door middel van een trekking, waarvoor zij worden uitgenodigd [en in aanwezigheid van een door burgemeester en wethouders aangewezen notaris].
Bijlage 2/4 bij ledenbrief december 2025
in aanwezigheid van een door burgemeester en wethouders aangewezen notaris].
In artikel 9, derde lid, wordt ‘het vijfde lid’ vervangen door ‘het vierde lid’, in artikel 9, vierde lid wordt ‘gegadigde’ steeds vervangen door ‘aanvrager’ en in artikel 9, vijfde en zesde lid wordt ‘gegadigden’ vervangen door ‘aanvragers’ (artikel I, onderdeel E, onder 3, 4 en 5, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
3. Uitsluitend volledige aanvragen die tijdig zijn ingediend en waarbij is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, komen voor beoordeling als bedoeld in het vijfde lid in aanmerking. 4. Bij de beoordeling van de aanvragen kennen burgemeester en wethouders punten toe aan de hand van de volgende criteria en tot het daarbij vermelde maximumaantal: [(a. het assortiment van de gegadigde vormt een gewenste toevoeging aan het marktassortiment ([punten]); b. de kwaliteit van de uitstraling van de uitstalling van de gegadigde ([punten]); c. de kennis, ervaring en eventuele opleiding van de gegadigde met betrekking tot het marktassortiment ([punten]); d. het maatschappelijk verantwoord ondernemen door de gegadigde ([punten]); e. het consumentvriendelijk ondernemen door de gegadigde ([punten]); f. […] ([punten]).)] 5. Burgemeester en wethouders verlenen de vastestandplaatsvergunningen aan de gegadigden met het op basis van de beoordeling hoogste aantal punten. 6. Als meer gegadigden hetzelfde aantal punten krijgen toegekend, vindt de verdeling van de vergunningen tussen hen plaats via loting door middel van een trekking, waarvoor zij worden uitgenodigd [en in aanwezigheid van een door burgemeester en wethouders aangewezen notaris].
3. Uitsluitend volledige aanvragen die tijdig zijn ingediend en waarbij is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, komen voor beoordeling als bedoeld in het vierde lid in aanmerking. 4. Bij de beoordeling van de aanvragen kennen burgemeester en wethouders punten toe aan de hand van de volgende criteria en tot het daarbij vermelde maximumaantal: [(a. het assortiment van de aanvrager vormt een gewenste toevoeging aan het marktassortiment ([punten]); b. de kwaliteit van de uitstraling van de uitstalling van de aanvrager ([punten]); c. de kennis, ervaring en eventuele opleiding van de aanvrager met betrekking tot het marktassortiment ([punten]); d. het maatschappelijk verantwoord ondernemen door de aanvrager ([punten]); e. het consumentvriendelijk ondernemen door de aanvrager ([punten]); f. […] ([punten]).)] 5. Burgemeester en wethouders verlenen de vastestandplaatsvergunningen aan de aanvragers met het op basis van de beoordeling hoogste aantal punten. 6. Als meer aanvragers hetzelfde aantal punten krijgen toegekend, vindt de verdeling van de vergunningen tussen hen plaats via loting door middel van een trekking, waarvoor zij worden uitgenodigd [en in aanwezigheid van een door burgemeester en wethouders aangewezen notaris].
Artikel 10, eerste lid, komt te luiden (artikel I, onderdeel F, onder 1, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
1. Bij het beschikbaar komen van een vastestandplaatsvergunning kunnen burgemeester en wethouders deze verdelen via loting.
1. Bij het beschikbaar komen van een vastestandplaatsvergunning kunnen burgemeester en wethouders deze verdelen via de procedure van loting. Elke aanvrager kan per procedure slechts één aanvraag indienen.
Artikel 10, tweede lid vervalt, onder vernummering van het derde tot en met het zesde tot het tweede tot en met het vijfde lid. (artikel I, onderdeel F, onder 2, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Bijlage 2/4 bij ledenbrief december 2025
Nieuwe tekst
2. Bij de verdeling via loting maken burgemeester en wethouders door een openbare kennisgeving in […] bekend dat de vaste-standplaatsvergunning voor de duur van [termijn van artikel 14, eerste lid] beschikbaar komt[, voor welke branche of artikelgroep deze vergunning wordt verleend] en dat gegadigden vóór de in de kennisgeving genoemde datum een aanvraag kunnen indienen. 3. Als een aanvraag vóór de indieningsdatum is ingediend maar onvolledig is, krijgt de aanvrager een termijn van [termijn (bijvoorbeeld twee weken)] om zijn aanvraag aan te vullen. Als er meer onvolledige aanvragen zijn, wordt de betreffende aanvragers op dezelfde dag mededeling gedaan van de gelegenheid om hun aanvraag aan te vullen. 4. Uitsluitend volledige aanvragen die tijdig zijn ingediend en waarbij is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, krijgen een lotnummer. 5. De loting vindt plaats door middel van een trekking, waarvoor de aanvragers met een lotnummer worden uitgenodigd [en in aanwezigheid van een door burgemeester en wethouders aangewezen notaris]. 6. Burgemeester en wethouders verlenen de vastestandplaatsvergunning op basis van de rangschikking die volgt uit de trekking.
2. Als een aanvraag vóór de indieningsdatum is ingediend maar onvolledig is, krijgt de aanvrager een termijn van [termijn (bijvoorbeeld twee weken)] om zijn aanvraag aan te vullen. Als er meer onvolledige aanvragen zijn, wordt de betreffende aanvragers op dezelfde dag mededeling gedaan van de gelegenheid om hun aanvraag aan te vullen. 3. Uitsluitend volledige aanvragen die tijdig zijn ingediend en waarbij is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, krijgen een lotnummer. 4. De loting vindt plaats door middel van een trekking, waarvoor de aanvragers met een lotnummer worden uitgenodigd [en in aanwezigheid van een door burgemeester en wethouders aangewezen notaris]. 5. Burgemeester en wethouders verlenen de vastestandplaatsvergunning op basis van de rangschikking die volgt uit de trekking.
[In artikel 11 wordt na ‘toewijsbare aanvragen’ ingevoegd ‘die binnen de door burgemeester en wethouders daarvoor vastgestelde termijn zijn gedaan’ (artikel I, onderdeel G, onder 1, van het wijzigingsbesluit):] Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 11. Verdeling beschikbare dagplaatsvergunningen Burgemeester en wethouders verdelen de beschikbare dagplaatsvergunningen [op volgorde van ontvangst van de toewijsbare aanvragen OF via loting [, die per branche of artikelgroep kan gebeuren en] waarvoor de aanvragers die een toewijsbare aanvraag hebben gedaan worden uitgenodigd]. [Aanvragers die een nog niet op de markt verkrijgbaar artikel of artikelgroep wensen te verkopen, hebben daarbij voorrang.]
Artikel 11. Verdeling beschikbare dagplaatsvergunningen Burgemeester en wethouders verdelen de beschikbare dagplaatsvergunningen [op volgorde van ontvangst van de toewijsbare aanvragen [die binnen de door burgemeester en wethouders daarvoor vastgestelde termijn zijn gedaan] OF via loting [, die per branche of artikelgroep kan gebeuren en] waarvoor de aanvragers die een toewijsbare aanvraag hebben gedaan worden uitgenodigd]. [Aanvragers die een nog niet op de markt verkrijgbaar artikel of artikelgroep wensen te verkopen, hebben daarbij voorrang.]
Aan artikel 11 wordt toegevoegd ‘Een aanvrager kan per procedure slechts één aanvraag indienen.’ (artikel I, onderdeel G, [onder 2, ]van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 11. Verdeling beschikbare dagplaatsvergunningen Burgemeester en wethouders verdelen de beschikbare dagplaatsvergunningen [op volgorde van
Artikel 11. Verdeling beschikbare dagplaatsvergunningen Burgemeester en wethouders verdelen de beschikbare dagplaatsvergunningen [op volgorde van
Bijlage 2/4 bij ledenbrief december 2025
ontvangst van de toewijsbare aanvragen OF via loting [, die per branche of artikelgroep kan gebeuren en] waarvoor de aanvragers die een toewijsbare aanvraag hebben gedaan worden uitgenodigd]. [Aanvragers die een nog niet op de markt verkrijgbaar artikel of artikelgroep wensen te verkopen, hebben daarbij voorrang.]
ontvangst van de toewijsbare aanvragen [die binnen de door burgemeester en wethouders daarvoor vastgestelde termijn zijn gedaan] OF via loting [, die per branche of artikelgroep kan gebeuren en] waarvoor de aanvragers die een toewijsbare aanvraag hebben gedaan worden uitgenodigd]. [Aanvragers die een nog niet op de markt verkrijgbaar artikel of artikelgroep wensen te verkopen, hebben daarbij voorrang.] Een aanvrager kan per procedure slechts één aanvraag indienen.
Aan artikel 12 wordt toegevoegd ‘Een aanvrager kan per procedure slechts één aanvraag indienen.’ (artikel I, onderdeel H, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 12. Verdeling beschikbare standwerkvergunningen Burgemeester en wethouder verdelen de beschikbare standwerkvergunningen [op volgorde van ontvangst van de toewijsbare aanvragen OF via loting [, die per branche of artikelgroep kan gebeuren en] waarvoor de aanvragers die een toewijsbare aanvraag hebben gedaan worden uitgenodigd]. [Aanvragers die een nog niet op de markt verkrijgbaar artikel of artikelgroep wensen te verkopen, hebben daarbij voorrang.]
Artikel 12. Verdeling beschikbare standwerkvergunningen Burgemeester en wethouder verdelen de beschikbare standwerkvergunningen [op volgorde van ontvangst van de toewijsbare aanvragen OF via loting [, die per branche of artikelgroep kan gebeuren en] waarvoor de aanvragers die een toewijsbare aanvraag hebben gedaan worden uitgenodigd]. [Aanvragers die een nog niet op de markt verkrijgbaar artikel of artikelgroep wensen te verkopen, hebben daarbij voorrang.] Een aanvrager kan per procedure slechts één aanvraag indienen.
[Artikel 14, eerste lid, komt te luiden: (artikel I, onderdeel I, van het wijzigingsbesluit):] Bestaande tekst
Nieuwe tekst
1. Burgemeester en wethouders kunnen een vastestandplaatsvergunning verlenen voor de duur van [[termijn] OF [termijn (bijvoorbeeld 9 of 12 jaar)]] en voor de op de vergunning vermelde standplaats.
1. Burgemeester en wethouders kunnen een vastestandplaatsvergunning verlenen voor de duur van [[termijn] OF [termijn (bijvoorbeeld acht of elf jaar)]] en voor de op de vergunning vermelde standplaats.
In artikel 15, eerste en tweede lid, wordt ‘artikel 9, vijfde lid’ vervangen door ‘artikel 9, vierde lid’ (artikel I, onderdeel J, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
1. Als de vergunninghouder niet langer zelf van de vaste-standplaatsvergunning wil gebruikmaken, overleden is of onder curatele gesteld is, kunnen burgemeester en wethouders op aanvraag van de vergunninghouder, zijn erven of curator de vergunning overschrijven op naam van zijn echtgenoot, geregistreerde partner of andere persoon met wie hij duurzaam samenwoont of samenwoonde, of zijn kind. Als de over te schrijven vergunning is verleend met inachtneming van de verdeelprocedure van artikel 9, kan overschrijving alleen gebeuren als in dezelfde mate wordt voldaan aan de criteria, genoemd in artikel 9, vijfde lid. [Als de over te
1. Als de vergunninghouder niet langer zelf van de vaste-standplaatsvergunning wil gebruikmaken, overleden is of onder curatele gesteld is, kunnen burgemeester en wethouders op aanvraag van de vergunninghouder, zijn erven of curator de vergunning overschrijven op naam van zijn echtgenoot, geregistreerde partner of andere persoon met wie hij duurzaam samenwoont of samenwoonde, of zijn kind. Als de over te schrijven vergunning is verleend met inachtneming van de verdeelprocedure van artikel 9, kan overschrijving alleen gebeuren als in dezelfde mate wordt voldaan aan de criteria, genoemd in artikel 9, vierde lid. [Als de over te
Bijlage 2/4 bij ledenbrief december 2025
schrijven vergunning is verleend voor een branche of artikelgroep, kan overschrijving alleen gebeuren voor die branche of artikelgroep.] 2. Als de in het eerste lid bedoelde overschrijving niet kan worden gedaan, kunnen burgemeester en wethouders de vaste-standplaatsvergunning op aanvraag van de vergunninghouder, zijn erven of curator overschrijven op naam van een medewerker van de vergunninghouder of een mede-eigenaar van diens bedrijf als deze ten minste [aantal] jaren in loondienst heeft gewerkt bij de vergunninghouder of heeft gefunctioneerd als mede-eigenaar. Als de over te schrijven vergunning is verleend met inachtneming van de verdeelprocedure van artikel 9, kan overschrijving alleen gebeuren als in dezelfde mate wordt voldaan aan de criteria genoemd in artikel 9, vijfde lid. [Als de over te schrijven vergunning is verleend voor een branche of artikelgroep, kan overschrijving alleen gebeuren voor die branche of artikelgroep.]
schrijven vergunning is verleend voor een branche of artikelgroep, kan overschrijving alleen gebeuren voor die branche of artikelgroep.] 2. Als de in het eerste lid bedoelde overschrijving niet kan worden gedaan, kunnen burgemeester en wethouders de vaste-standplaatsvergunning op aanvraag van de vergunninghouder, zijn erven of curator overschrijven op naam van een medewerker van de vergunninghouder of een mede-eigenaar van diens bedrijf als deze ten minste [aantal] jaren in loondienst heeft gewerkt bij de vergunninghouder of heeft gefunctioneerd als mede-eigenaar. Als de over te schrijven vergunning is verleend met inachtneming van de verdeelprocedure van artikel 9, kan overschrijving alleen gebeuren als in dezelfde mate wordt voldaan aan de criteria genoemd in artikel 9, vierde lid. [Als de over te schrijven vergunning is verleend voor een branche of artikelgroep, kan overschrijving alleen gebeuren voor die branche of artikelgroep.]
In artikel 19, tweede lid wordt ‘gegadigden’ vervangen door ‘aanvragers’ (artikel I, onderdeel K, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
2. Voor een dagplaatsvergunning komen in aanmerking de gegadigden die op de marktdag vóór de aanvang van de markttijd bij de marktmeester een toewijsbare aanvraag om een dagplaatsvergunning hebben ingediend [, mits zij voldoen aan een geldend branche- of artikelgroepvereiste] [, en aan wie gedurende de voorafgaande [periode (bijvoorbeeld in weken of maanden)] niet vaker dan [aantal] keren een dagplaatsvergunning is verleend].
2. Voor een dagplaatsvergunning komen in aanmerking de aanvragers die op de marktdag vóór de aanvang van de markttijd bij de marktmeester een toewijsbare aanvraag om een dagplaatsvergunning hebben ingediend [, mits zij voldoen aan een geldend branche- of artikelgroepvereiste] [, en aan wie gedurende de voorafgaande [periode (bijvoorbeeld in weken of maanden)] niet vaker dan [aantal] keren een dagplaatsvergunning is verleend].
In artikel 20, tweede lid wordt ‘gegadigden’ vervangen door ‘aanvragers’ (artikel I, onderdeel L, van het wijzigingsbesluit): Bestaande tekst
Nieuwe tekst
2. Voor een standwerkvergunning komen in aanmerking de gegadigden die op de marktdag vóór de aanvang van de markttijd bij de marktmeester een toewijsbare aanvraag om een standwerkvergunning hebben ingediend [, mits zij voldoen aan een geldend branche- of artikelgroepvereiste] [, en aan wie gedurende de voorafgaande [periode (bijvoorbeeld in weken of maanden)] niet vaker dan [aantal] keren een standwerkvergunning is verleend].
2. Voor een standwerkvergunning komen in aanmerking de aanvragers die op de marktdag vóór de aanvang van de markttijd bij de marktmeester een toewijsbare aanvraag om een standwerkvergunning hebben ingediend [, mits zij voldoen aan een geldend branche- of artikelgroepvereiste] [, en aan wie gedurende de voorafgaande [periode (bijvoorbeeld in weken of maanden)] niet vaker dan [aantal] keren een standwerkvergunning is verleend].
[Artikel 24 vervalt (artikel I, onderdeel M, van het wijzigingsbesluit):] Bestaande tekst Artikel 24. Marktterrein schoonhouden
Bijlage 2/4 bij ledenbrief december 2025
Nieuwe tekst Vervalt.
1. De vergunninghouder is verplicht afval, waaronder verpakkingsmateriaal, dat op zijn standplaats vrijkomt tijdens de door hem bedreven handel zodanig te bewaren dat het marktterrein daardoor niet wordt verontreinigd en het afval niet door onbevoegden kan worden verwijderd. De vergunninghouder voert het afval onmiddellijk na afloop van de markt af, of laat het afvoeren. 2. De vergunninghouder is verplicht de door hem ingenomen standplaats en de naaste omgeving daarvan na afloop van de markt veegschoon achter te laten.
Toelichting Algemeen De Marktverordening bevat artikelen die de fysieke leefomgeving betreffen. In 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Op grond van de Omgevingswet zijn gemeenten verplicht om regels over activiteiten die onderdelen van de fysieke leefomgeving wijzigen in het omgevingsplan op te nemen. Daarnaast biedt de Omgevingswet gemeenten de keuze om ook andere regels die de fysieke leefomgeving betreffen een plaats te geven in het omgevingsplan. Voor de Marktverordening geldt dat die één artikel bevat dat naar het omgevingsplan over ‘moet’. Dat is artikel 3, tweede lid, onder a, voor zover dat gaat om het vaststellen van de grenzen van de markt. Daarnaast is er een aantal artikelen waarvoor geldt dat gemeenten een keuze kunnen maken. Het gaat dan om het inrichtingsplan zoals dat in artikel 3, eerste lid, onder b en artikel 3, tweede lid, aan de orde komt en de verplichting om het marktterrein schoon te houden zoals dat in artikel 24 is vastgelegd. Met deze verordening wordt de Marktverordening in verband hiermee aangepast. Dit is gedaan aan de hand van de handreiking ‘Marktverordening en omgevingsplan’ van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG).
Verder is van de gelegenheid gebruik gemaakt ook de artikelen inzake het verdelen van de schaarse vergunningen op de markt aan te scherpen en de termijn voor de looptijd van de vaste-standplaatsvergunning in lijn te brengen met het meest recente onderzoek naar de terugverdientijd. Artikelsgewijs Artikel I, onderdeel A Artikel 3 heeft betrekking op het inrichtingsplan voor de markt. In dat inrichtingsplan leggen burgemeester en wethouders onder andere vast op welke dagen en tijden de markt plaatsvindt en welke verdeelprocedure zij bij het verlenen van de schaarse vaste-standplaatsvergunningen hanteren. In de regel wordt in het inrichtingsplan bovendien kenbaar gemaakt wat de grenzen van de markt zijn. Omdat deze grenzen na de inwerkingtreding van de Omgevingswet in het omgevingsplan moeten worden vastgelegd, wordt dit artikel aangepast. [Daarbij is ervoor gekozen niet alleen de grenzen van de markt, maar ook de indeling van de markt en de vaste standplaatsen in het omgevingsplan op te nemen. Alle leden die hier betrekking op hebben vervallen met dit onderdeel dus OF Daarbij is ervoor gekozen de indeling van de markt en de vaste standplaatsen wel in het inrichtingsplan te laten staan.
Bijlage 2/4 bij ledenbrief december 2025
Met dit onderdeel wordt dus alleen duidelijk gemaakt dat de grenzen van de markt in het omgevingsplan staan]. Artikel I, onderdeel B Aan artikel 4 worden indieningsvereisten voor een marktvergunning [of een bedienvergunning] toegevoegd. Geregeld was al dat een vergunning alleen wordt verleend aan een natuurlijk persoon die in Nederland arbeid mag verrichten en die ook handelingsbekwaam is. Daaraan wordt met dit onderdeel toegevoegd dat er ook een aanvraagformulier moet worden ingevuld en ingediend en dat er bepaalde stukken moeten worden verstrekt. Het gaat dan onder andere om een kopie van een identiteitsbewijs en een bewijs van verzekering. [(Naast de documenten die moeten worden verstrekt om aan te tonen dat aan de formele vereisten is voldaan, moet een aanvrager ook stukken verstrekken om de aanvraag meer inhoudelijk te beoordelen. Het gaat dan bijvoorbeeld om informatie over het assortiment dat de aanvrager wil aanbieden, de wijze waarop de aanvrager de uitstalling vorm wil geven en de kennis, ervaring en opleiding van de aanvrager over het assortiment. Verder moet de aanvrager ook ingaan op de invulling die wordt gegeven aan maatschappelijk verantwoord en consumentvriendelijk ondernemen. Die informatie stellen burgemeester en wethouders in staat om bij een verdeling middels selectie punten aan de aanvraag toe te kennen.
De inhoudelijke stukken hebben dus een directe relatie met de criteria die burgemeester en wethouders bij het maken van de selectie hanteren.)] Artikel I, onderdeel C In artikel 7 van de Modelverordening wordt geregeld dat uit het inrichtingsplan blijkt welke verdeelprocedure burgemeester en wethouders toepassen bij het beschikbaar komen van een vastestandplaatsvergunning waarvoor er meer gegadigden dan vergunningen beschikbaar zijn. Burgemeester en wethouders hanteren de gekozen verdeelprocedure zowel in de situatie waarin er slechts één vergunning beschikbaar komt, als in de situatie waarin er meer vergunningen tegelijk beschikbaar zijn. Burgemeester en wethouders hebben de keuze uit de selectieprocedure (artikel 9) of de procedure van loting (artikel 10). Door deze keuze vast te leggen in het inrichtingsplan, weten gegadigden voorafgaand aan de verdeling van beschikbare vergunningen hoe die verdeling zal plaatsvinden. Burgemeester en wethouders moeten de keuze in het inrichtingsplan bovendien onderbouwen. Voor gegadigden is dan dus ook duidelijk waarom voor die verdeelprocedure is gekozen. Artikel I, onderdeel D Als de verwachting is dat het aantal gegadigden voor een vergunning lager is dan of gelijk is aan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt, dan is een verdeelprocedure omslachtig en onnodig belastend.
Om die reden voorziet het aangepaste tweede lid van artikel 8 in een procedure waarbij in de openbare kennisgeving alleen een oproep aan gegadigden wordt gedaan om zich te melden als zij voor de vaste-standplaatsvergunning in aanmerking willen komen. Als dan blijkt dat een vergunning op dat moment niet feitelijk schaars is, dan is het op grond van het nieuwe derde lid mogelijk om de vergunning zonder verdeelprocedure te verlenen. Dit voor de looptijd die in de openbare kennisgeving opgenomen is. Als de verwachting is dat het aantal gegadigden hoger is dan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt, dan biedt het aangepaste tweede lid daar ook ruimte voor. In dat geval wordt in de openbare kennisgeving kenbaar gemaakt hoeveel vergunningen er beschikbaar komen, wat de looptijd daarvan is, welke verdeelprocedure wordt toegepast en tot wanneer gegadigden een aanvraag kunnen indienen. Vervolgens wordt dan de verdeelprocedure uit de artikelen 9 of 10 toegepast. Bijlage 2/4 bij ledenbrief december 2025
Het vierde lid van artikel 8 regelt wat er moet gebeuren als vooraf de verwachting was dat het aantal gegadigden lager is dan of gelijk is aan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt en na het doen van de afroep blijkt dat er toch meer gegadigden dan beschikbare vergunningen zijn. In dat geval wordt alsnog een van de verdeelprocedures uit de artikel 9 of 10 toegepast. Dit moet dan ook aan de gegadigden kenbaar worden gemaakt en zij moeten een termijn krijgen om een aanvraag in te dienen. Artikel I, onderdeel E, F, G en H Met de wijzigingen die deze onderdelen doorvoeren, wordt duidelijk gemaakt dat een aanvrager bij het verdelen van de beschikbare vergunningen slechts één aanvraag per procedure mag indienen. Dit om te voorkomen dat een aanvrager bij een procedure meerdere aanvragen indient en daarvoor bij de selectie meer kans maakt. Omdat vergunningen alleen aan natuurlijke personen worden verleend, kunnen ook alleen natuurlijke personen een aanvraag indienen. Het aanvragen van een vergunning namens een natuurlijk persoon én een rechtspersoon is daardoor sowieso niet mogelijk. Verder is van de gelegenheid gemaakt om ‘gegadigde’ of ‘gegadigden’ in een aantal artikelen te wijzigen in ‘aanvrager’ of ‘aanvragers’. Daarmee wordt aangesloten bij het gebruik van deze begrippen op andere plekken in de verordening.
Het verschil tussen deze begrippen is dat een aanvrager al een aanvraag voor een vergunning heeft ingediend en een gegadigde dit (nog) niet heeft gedaan. [Artikel I, onderdeel I Op grond van artikel 12, tweede lid, van de Dienstenrichtlijn mogen schaarse vergunningen alleen voor bepaalde tijd worden verleend. Uit overweging 62 bij de Dienstenrichtlijn en de jurisprudentie (zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 21 juli 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1588) blijkt dat de gemeente bij het bepalen van de precieze duur van die bepaalde tijd in ieder geval rekening moet houden met de terugverdientijd. Op verzoek van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat heeft SEO Economisch Onderzoek (hierna: SEO) in 2021 onderzoek gedaan naar de terugverdientijd in de ambulante handel. De uitkomst van dit onderzoek was dat de gemiddelde terugverdientijd tussen de negen (benedengrens) en twaalf jaar (bovengrens) ligt. Aan de hand hiervan is de terugverdientijd en dus ook de looptijd van de schaarse vaste-standplaatsvergunning op [aantal] jaar vastgesteld. Inmiddels heeft SEO een nieuw onderzoek naar de terugverdientijd in de ambulante handel gedaan.
In het rapport dat SEO heeft uitgebracht (‘Terugverdientijd in de ambulante handel, een update van het SEO-rapport uit 2021’, februari 2025) staat dat de gemiddelde terugverdientijd nu tussen de acht (benedengrens) en elf jaar (bovengrens) ligt. Zie hierover ook de Kamerbrief van 2 juni 2025 van de minister van Economische Zaken: Kamerbrief over Dienstenwet: Onderzoek Terugverdientijd Ambulante Handel. Naar aanleiding daarvan wordt in artikel 14 de looptijd van de schaarse vastestandplaatsvergunning met dit onderdeel gewijzigd in [aantal] jaar.] Artikel I, onderdeel J Omdat het tweede lid van artikel 9 vervalt, is het vijfde lid het vierde lid geworden. In verband hiermee worden de verwijzingen naar artikel 9 in dit artikel aangepast. Artikel I, onderdeel K en L Ook in artikel 19 en 20 wordt ‘gegadigden’ gewijzigd in ‘aanvragers’. Daarmee wordt ook hier aangesloten bij het gebruik van deze begrippen op andere plekken in de verordening.
Bijlage 2/4 bij ledenbrief december 2025
[Artikel I, onderdeel M Artikel 24 bevat een schoonmaakplicht. Op grond daarvan moet een vergunninghouder het afval van dat van zijn standplaats afkomstig is bewaren en van de markt afvoeren. Verder moet de vergunninghouder de standplaats en de omgeving van de standplaats na afloop van de markt veegschoon achterlaten. Omdat deze schoonmaakplicht na de inwerkingtreding van de Omgevingswet ook in het omgevingsplan kan worden opgenomen en daar in het omgevingsplan ook voor gekozen is, komt de schoonmaakplicht uit de marktverordening met dit onderdeel te vervallen.]
Bijlage 2/4 bij ledenbrief december 2025
Model raadsbesluit Verordening tot wijziging van de Marktverordening (december 2025) Leeswijzer modelbepalingen - […] of [iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld de citeertitel in artikel I. - [iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 3, eerste lid, aanhef. - [iets] = facultatief, zie bijvoorbeeld artikel 4, derde lid. - [(iets)] = een voorbeeld ter illustratie of uitleg voor gemeente, zie bijvoorbeeld artikel 8, eerste lid. Combinaties zijn ook mogelijk, zie bijvoorbeeld artikel 4, vierde lid. Nadere uitleg is opgenomen in de VNG ledenbrief en de implementatiehandleiding. De raad van de gemeente [naam gemeente] gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van [datum en nummer]; gelet op artikel 149 van de Gemeentewet, gezien het advies van [naam commissie]; besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening tot wijziging van de [citeertitel Marktverordening]. Artikel I De [citeertitel Marktverordening] wordt als volgt gewijzigd: A Artikel 3 komt te luiden: Artikel 3. Inrichtingsplan [1.] Burgemeester en wethouders stellen een inrichtingsplan voor [de OF elke] markt vast, met daarin in ieder geval: a. de dagen en uren waarop [en de periode waarin] de markt wordt gehouden; b. een kaart van de markt [met daarop aangegeven de vaste standplaatsen;] c.
de verdeelprocedure die zij toepassen bij de verlening van vaste-standplaatsvergunningen. [2. Op de kaart van de markt zijn [in ieder geval] aangegeven: a. de grenzen van de markt zoals deze zijn vastgesteld in het omgevingsplan; b. de vaste standplaatsen.] [3. Op de kaart van de markt kunnen zijn aangegeven: a. de standplaatsen die bij voorrang zijn bestemd voor een of meer branches of artikelgroepen; b. het maximumaantal vaste-standplaatsvergunningen dat voor een of meer branches of artikelgroepen of combinaties daarvan kan worden afgegeven; [en] c. de dagplaatsen; [en] [d. de standwerkplaatsen.]] B [Artikel 4, derde lid komt te luiden: OF Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het derde lid komt te luiden:] 3. Voor een marktvergunning [of bedienvergunning] komt uitsluitend een handelingsbekwame natuurlijke persoon in aanmerking die gerechtigd is in Nederland arbeid te verrichten en die
schriftelijk een aanvraag op een daartoe door burgemeester en wethouders beschikbaar gesteld aanvraagformulier heeft ingediend. Bij de aanvraag worden de volgende stukken overgelegd: a. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; b. een document waaruit de geldige verblijfstitel in Nederland blijkt, als de aanvrager niet de Nederlandse nationaliteit bezit; c. een document waaruit blijkt wat het adres en de woon- of verblijfplaats van de aanvrager is; d. een document waaruit blijkt dat de aanvrager verzekerd is tegen wettelijke aansprakelijkheid als de aanvrager een aanvraag voor een marktvergunning indient. [2. Er wordt een lid toegevoegd dat luidt: 4. Aanvullend moeten bij een aanvraag voor een marktvergunning ook stukken worden overgelegd waaruit blijkt: (a. voor welke branche de vergunning wordt aangevraagd; b. welk assortiment met de vergunning zal worden aangeboden; c. hoe de uitstalling eruit zal zien inclusief een schets of foto; d. welke kennis, ervaring en opleiding de aanvrager ten aanzien van het assortiment heeft; e. hoe de aanvrager invulling geeft aan maatschappelijk verantwoord ondernemen; en f. hoe de aanvrager invulling geeft aan consumentvriendelijk ondernemen.)] C Artikel 7 komt te luiden: Artikel 7.
Verdeling beschikbare vaste-standplaatsvergunning Burgemeester en wethouders leggen in het inrichtingsplan vast of zij bij het beschikbaar komen van vaste-standplaatsvergunningen de verdeelprocedure van artikel 9 of artikel 10 toepassen als het aantal gegadigden hoger is dan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt. D Artikel 8 komt te luiden: Artikel 8. Kennisgeving en verlening zonder verdeelprocedure 1. Bij het beschikbaar komen van een vaste-standplaatsvergunning maken burgemeester en wethouders binnen [termijn (bijvoorbeeld acht weken)] door een openbare kennisgeving in [communicatiemedium noemen (bijvoorbeeld website)] bekend dat deze vergunning beschikbaar komt en voor welke duur [en welke branche of artikelgroep] de vergunning is. 2. Als de verwachting is dat het aantal gegadigden: a. lager is dan of gelijk is aan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt, worden gegadigden in de openbare kennisgeving uitgenodigd om hun belangstelling voor de vaste-standplaatsvergunning binnen [termijn (bijvoorbeeld vier weken)] na de kennisgeving kenbaar te maken op de door burgemeester en wethouders aangegeven wijze; b.
hoger is dan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt, maken burgemeester en wethouders ook in de openbare kennisgeving bekend of de procedure uit artikel 9 of 10 wordt toegepast en worden gegadigden uitgenodigd om binnen [termijn (bijvoorbeeld zes weken)] na de kennisgeving een aanvraag voor de vergunning in te dienen op de door burgemeester en wethouders aangegeven wijze. 3. Als na termijn uit het tweede lid, onder a, blijkt dat het aantal gegadigden of het aantal aanvragers lager is dan of gelijk is aan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt, en is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, verlenen burgemeester en wethouders de vaste-
standplaatsvergunningen aan de degenen die binnen de termijn hun belangstelling kenbaar hebben gemaakt of binnen de termijn een aanvraag hebben ingediend. 4. Als na termijn uit het tweede lid, onder a, blijkt dat het aantal gegadigden hoger is dan het aantal vergunningen dat beschikbaar komt, passen burgemeester en wethouders alsnog de in het inrichtingsplan vastgelegde procedure van uit artikel 9 of 10 toe en stellen burgemeester en wethouders de gegadigden ervan in kennis dat deze procedure wordt toegepast en dat zij vóór een door burgemeester en wethouders genoemde datum een aanvraag kunnen indienen. E Artikel 9 wordt gewijzigd als volgt: 1. Het eerste lid komt te luiden: 1. Bij het beschikbaar komen van een vaste-standplaatsvergunning kunnen burgemeester en wethouders deze verdelen via de procedure van selectie. Een aanvrager kan per procedure van selectie slechts één aanvraag indienen. 2. Het tweede lid vervalt, onder vernummering van het derde tot en met het zevende tot het tweede tot en met het zesde lid. 3. In het derde lid wordt ‘het vijfde lid’ vervangen door ‘het vierde lid’. 4. In het vierde lid wordt ‘gegadigde’ steeds vervangen door ‘aanvrager’. 5. In het vijfde en zesde lid wordt ‘gegadigden’ vervangen door ‘aanvragers’. F Artikel 10 wordt gewijzigd als volgt: 1. Het eerste lid komt te luiden: 1.
Bij het beschikbaar komen van een vaste-standplaatsvergunning kunnen burgemeester en wethouders deze verdelen via de procedure van loting. Elke aanvrager kan per procedure van loting slechts één aanvraag indienen. 2. Het tweede lid vervalt, onder vernummering van het derde tot en met het zesde tot het tweede tot en met het vijfde lid. G [Artikel 11 wordt gewijzigd als volgt: 1. Na ‘toewijsbare aanvragen’ wordt ingevoegd ‘die binnen de door burgemeester en wethouders daarvoor vastgestelde termijn zijn gedaan’. 2. Aan artikel 11 wordt toegevoegd: ‘Een aanvrager kan per procedure slechts één aanvraag indienen.’. OF
Aan artikel 11 wordt toegevoegd: ‘Een aanvrager kan per procedure slechts één aanvraag indienen.’.]
Met opmerkingen [PD1]: Klopt dit? Dit komt niet in de was/wordt tabel terug als facultatief, en ook niet op die manier in de ModelVO met wijzigingen bijhouden.
H Aan artikel 12 wordt toegevoegd: ‘Een aanvrager kan per procedure slechts één aanvraag indienen.’
Met opmerkingen [JK2R1]: Ik denk van wel. De eerste wijziging is facultatief, dus als je ervoor kiest die niet over te nemen moet je met de tweede wijziging volstaan.
I [Artikel 14, eerste lid, komt te luiden: 1. Burgemeester en wethouders kunnen een vaste-standplaatsvergunning verlenen voor de duur van [[termijn] OF [termijn (bijvoorbeeld acht of elf jaar)]] en voor de op de vergunning vermelde standplaats.] J In artikel 15, eerste en tweede lid, wordt ‘artikel 9, vijfde lid’ vervangen door ‘artikel 9, vierde lid’. K In artikel 19, tweede lid, wordt ‘gegadigden’ vervangen door ‘aanvragers’. L In artikel 20, tweede lid, wordt ‘gegadigden’ vervangen door ‘aanvragers’. M [Artikel 24 (Marktterrein schoonhouden) vervalt.]
Artikel II Dit besluit treedt in werking op [datum]. Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente [naam gemeente], [datum], De voorzitter, De griffier,
Implementatiehandleiding wijziging model Marktverordening (gewijzigd model, december 2025) Algemeen deel Inleiding De model Marktverordening is geactualiseerd. Met de Verordening tot wijziging van de Marktverordening (hierna ook: wijzigingsverordening) kunnen gemeenten hun Marktverordening in lijn brengen met het nieuwe model. Deze implementatiehandleiding gaat in op de keuzes die daarbij te maken zijn. Eerst wordt er hieronder echter ingegaan op de achtergrond van de wijzigingen. Inwerkingtreding Omgevingswet In de eerste plaats is de model Marktverordening aangepast in verband met de inwerkingtreding van de Omgevingswet in 2024. De model Marktverordening bevat een aantal bepalingen die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving. Op grond van de Omgevingswet zijn gemeenten echter verplicht om regels over activiteiten die onderdelen van de fysieke leefomgeving wijzigen in het omgevingsplan op te nemen. Daarnaast biedt de Omgevingswet gemeenten de keuze om ook andere regels die de fysieke leefomgeving betreffen een plaats te geven in het omgevingsplan. Met de wijzigingsverordening wordt de model Marktverordening hiermee in lijn gebracht.
Aanscherping procedure schaarse vergunningen en terugverdientijd Verder worden met deze wijzigingsverordening de artikelen inzake de schaarse vergunningen op de markt aangescherpt en wordt de termijn voor de looptijd van de vaste standplaatsvergunning in lijn gebracht met het meest recente onderzoek naar de terugverdientijd. Inhoud implementatiehandleiding De wijzigingsverordening kent diverse bepalingen die facultatieve of nader door de gemeente in te vullen onderdelen of keuzemogelijkheden bevatten. In de tekst van het model, de was-wordt-tabel, de toelichting en het raadsbesluit worden deze onderdelen weergegeven met behulp van de VNG Leeswijzer modelbepalingen. Deze implementatiehandleiding is opgesteld om te helpen bij het maken van de keuzes die daarbij aan de orde zijn. Voor een goed beeld dient deze handleiding in samenhang met de VNG ledenbrief en de toelichting bij de was-wordt-tabel gelezen te worden. Als gemeenten besluiten de facultatieve bepalingen niet op te nemen, dan is het van belang dat er aandacht is voor de nummering van de artikelen in de verordening en de verwijzingen daarnaar. Andere keuzes zijn mogelijk Opgemerkt wordt dat gemeenten er ook voor kunnen kiezen om andere keuzes te maken.