CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

12b.3 Regels

commissie Economie Ruimtelijke Ordening en Milieu 29 november 2023, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan ‘Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf’15.745 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

8.4

Afwijken van de gebruiksregels

8.4.1

Beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis

Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 8.1.1 juncto lid 8.3.1 sub f voor de uitoefening van beroeps- en/of bedrijfsmatige activiteiten aan huis in het hoofdgebouw en/of in bijbehorende bouwwerken, met dien verstande dat: a. b. c. d. e.

het gebruik een kleinschalig karakter heeft en behoudt; door de uitoefening van de activiteit(en) het uiterlijk van de woning niet zodanig wijzigt dat de woning het karakter van een woning geheel of gedeeltelijk verliest; de vloeroppervlakte van de activiteit(en) in de woning en bijbehorende bouwwerken gezamenlijk maximaal 70 m² bedraagt; de activiteit(en) niet vergunnings- of meldingsplichtig zijn op grond van milieuwetgeving, met dien verstande dat deze voorwaarde niet geldt voor theeschenkerijen; degene die de activiteit(en) in de woning en/of bijbehorende bouwwerken uitvoert tevens gebruiker

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 27

f. g. h. i. j. k. l.

van de woning is; parkeren plaatsvindt op eigen terrein; de activiteit(en) niet leiden tot een onevenredige verkeersaantrekkende werking en/of verkeersonveilige situaties; de uitoefening van detailhandel niet is toegestaan, uitgezonderd als ondergeschikte nevenactiviteit gerelateerd aan de desbetreffende activiteit(en); er geen buitenopslag plaatsvindt; het gebruik niet leidt tot afbreuk en/of belemmering van gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en/of bebouwing; de uitoefening van seksinrichtingen niet is toegestaan; de uitoefening van horeca-activiteiten niet is toegestaan.

28 chthuis Schijf

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja

Artikel 9

Leiding - Gas

9.1

Bestemmingsomschrijving

9.1.1

Bestemming

De voor 'Leiding - Gas' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor: a. b. c.

een ondergrondse hoofdtransportgasleiding ter plaatse van de aanduiding 'hartlijn leiding - gas'; het beheer en onderhoud van de leiding; de bescherming van het woon- en leefklimaat in verband met de leiding;

met de bij a tot en met c behorende: d. e. f.

beschermingsgzones aan weerszijden van de aanduiding 'hartlijn leiding - gas'; voorzieningen als bouwwerken, geen gebouwen zijnde; (on)bebouwde gronden.

9.1.2

Voorrangsregeling

In geval van strijdigheid van bepalingen gaan de bepalingen van dit artikel vóór de bepalingen die op grond van andere artikelen op de desbetreffende gronden van toepassing zijn. Verder geldt voor zover de op de verbeelding weergegeven dubbelbestemmingen geheel of gedeeltelijk samenvallen, dat de dubbelbestemming 'Leiding - Gas' voorrang krijgt.

9.1.3

Toelaatbare bebouwing

Op deze gronden mogen, met inachtneming van de op de kaart aangegeven aanduidingen, uitsluitend ten dienste van de in lid 9.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a.

bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

9.2

Bouwregels

9.2.1

Algemeen

In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen (artikelen 3 tot en met 8) mag alleen ten behoeve van deze bestemming worden gebouwd.

9.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a.

de bouwhoogte bedraagt maximaal 3 m.

9.3

Afwijken van de bouwregels

Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 9.2 en toestaan dat overeenkomstig de andere bestemmingen wordt gebouwd, met dien verstande dat: a. b.

geen aantasting plaatsvindt van het doelmatig functioneren van de leiding; vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de betreffende leidingbeheerder.

9.4

Specifieke gebruiksregels

9.4.1

Kwetsbare objecten

In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen (artikelen 3 tot en met 8) zijn op de in lid 9.1.1 bedoelde gronden geen nieuwe kwetsbare objecten toegestaan.

9.5 Omgevingsvergunning ten behoeve van het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden 9.5.1

Omgevingsvergunningvereiste

Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden uit te voeren: a. b. c.

het ontgronden, vergraven, afgraven, egaliseren, diepploegen, woelen en mengen en ophogen van gronden; het aanleggen, verbreden en verharden van wegen, paden, banen, parkeervoorzieningen en andere oppervlakteverhardingen; het aanleggen, verdiepen, verbreden en dempen van sloten, watergangen en overige

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 29

d. e.

waterpartijen; het aanbrengen of verwijderen van diepwortelende beplantingen, het bebossen en aanplanten van gronden en het vellen en/of kappen van bos of andere houtgewassen; het permanent opslaan van goederen binnen een zone van 4 respectievelijk 5 m aan weerszijden van de hartlijn van de leidingen (belemmeringenstrook).

9.5.2

Uitzonderingsregel

Het in lid 9.5.1 vervatte verbod geldt niet voor werken en/of werkzaamheden die: a. b. c.

behoren tot normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming; reeds in uitvoering zijn ten tijde van de inwerkingtreding van het plan; mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning.

9.5.3

Voorwaarden

Een omgevingsvergunning voor werken en/of werkzaamheden als bedoeld in 9.5.1 wordt door het bevoegd gezag niet eerder verleend, nadat: a. b.

is aangetoond dat uitoefening van de werken en/of werkzaamheden niet strijdig is met de belangen van de leiding; schriftelijk advies is ingewonnen bij de leidingbeheerder omtrent de vraag of door de voorgenomen werken en/of werkzaamheden de belangen in verband met de leiding niet onevenredig worden geschaad en welke voorwaarden dienen te worden gesteld ter voorkoming van eventuele schade.

9.6

Wijzigingsbevoegdheid

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen voor het verwijderen van de dubbelbestemming 'Leiding - Gas', indien de betreffende leiding als zodanig niet meer in gebruik is en/of niet meer in gebruik mag worden genomen.

30 chthuis Schijf

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja

Artikel 10

Waarde - Archeologie

10.1 Bestemmingsomschrijving 10.1.1 Bestemming De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor: a.

de instandhouding, bescherming en het behoud van archeologische waarden of verwachtingswaarden.

10.2 Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere daar voorkomende bestemmingen (artikelen 3 tot en met 8) mogen op of in deze gronden geen gebouwen dan wel bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd, met uitzondering van: a.

b. c.

vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande gebouwen en bouwwerken geen gebouw zijnde, waarbij de verstoorde oppervlakte, voor zover gelegen op of onder maaiveld, niet wordt uitgebreid en/of gebruik wordt gemaakt van de diepte van de bestaande fundering zonder daarbij de bestaande fundering dieper uit te graven; 1. gebouwen dan wel bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die niet leiden tot een verstoring dieper dan 0,50 meter ten opzichte van het maaiveld en: 2. ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - waarde archeologie 2' met een oppervlakte kleiner dan 100 m 2; 3. ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - waarde archeologie 3' met een oppervlakte kleiner dan 500 m 2; ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - waarde archeologie 4' met een oppervlakte kleiner dan 1.000 m 2. 10.2 a. en b. zijn niet van toepassing ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - archeologisch monument'.

10.3 Afwijken van de bouwregels a.

b.

c.

Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 10.2 en toestaan dat ten behoeve van de andere bestemming gebouwen, dan wel bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd, mits de indiener bij de omgevingsvergunning- aanvraag ter beoordeling een archeologisch rapport overlegt van een ter zake deskundige die hiervoor gecertificeerd is conform de Erfgoedwet, waarin de archeologische waarde van het te verstoren terrein in voldoende mate is vastgesteld en waaruit blijkt dat: 1. indien dit een gravend archeologisch onderzoek betreft, het verplicht is om een Programma van Eisen conform de vigerende KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag, en; 2. het behoud van de archeologische waarden in voldoende mate kan worden geborgd, of; 3. de archeologische waarden door de verstoring niet onevenredig worden geschaad, of; 4. geen archeologische waarden te verwachten zijn of kunnen worden geschaad. In de situatie als bedoeld in lid 10.3 sub a, kan het bevoegd gezag de volgende voorwaarden aan de omgevingsvergunning verbinden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden, of; 2. de verplichting tot het doen van opgravingen, (hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht); of 3.

de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg conform de vigerende KNA, namelijk een archeologische instantie met een opgravingsbevoegdheid. Deze vorm van onderzoek kan alleen in uitzonderlijke situaties worden toegepast zoals verwoord in de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie. Hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht. Bij de beoordeling van archeologische rapporten, laat het bevoegd gezag zich adviseren door een deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg conform de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie-KNA, vastgesteld door het bevoegd gezag van de gemeente Rucphen.

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 31

10.4 Omgevingsvergunning ten behoeve van het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden 10.4.1 Omgevingsvergunningvereiste a.

b.

c.

Het is verboden om op of in de gronden met de bestemming 'Waarde - Archeologie' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken en/of werkzaamheden uit te voeren: 1. het ontgronden, ontginnen, vergraven, afgraven, verwijderen van bestaande funderingen, egaliseren, diepploegen, woelen en mengen van gronden; 2. het aanleggen, verdiepen, verbreden en dempen van sloten, watergangen en overige waterpartijen en het aanbrengen van drainage; 3. het verlagen of verhogen van het waterpeil; 4. het aanleggen van ondergrondse transport-, energie- en/of communicatieleidingen; 5. het aanbrengen of verwijderen van diepwortelende beplantingen, het bebossen van gronden en het vellen van bos of andere houtgewassen waarbij de stobben worden verwijderd; 6. het doen van opgravingen in het kader van archeologisch onderzoek, tenzij verricht door een ter zake deskundige, namelijk een hiertoe gecertificeerde archeologische instantie conform de Erfgoedwet, die in het bezit is van een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen. Het verbod als bedoeld in sub a geldt niet voor werken en/of werkzaamheden, die: 1.

niet leiden tot een verstoring dieper dan 0,50 meter ten opzichte van het maaiveld en: ter plaatse van de aanduiding 'overige zone – waarde archeologie 2' met een oppervlakte kleiner dan 100 m 2; ter plaatse van de aanduiding 'overige zone – waarde archeologie 3' met een oppervlakte kleiner dan 500 m 2; ter plaatse van de aanduiding 'overige zone – waarde archeologie 4' met een oppervlakte kleiner dan 1.000 m 2; Het bepaalde in lid 10.4.1 b.1. is niet van toepassing ter plaatse van de aanduiding 'overige zone – archeologisch monument'.

10.4.2 Uitzonderingsregel Het in lid 10.4.1 vervatte verbod geldt niet voor werken en/of werkzaamheden die: a. b. c. d. e.

reeds in uitvoering zijn tijde van de inwerkingtreding van het plan; mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning; worden uitgevoerd voor het realiseren van een bouwwerk waarop lid 10.2 van toepassing is; ten dienste van archeologisch onderzoek worden uitgevoerd; worden uitgevoerd op de plaats van een verwijderde of nog te verwijderen fundering waarbij geen diepere verstoringen worden veroorzaakt.

10.4.3 Rapport Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 10.4.1 mits de indiener bij de omgevingsvergunningsaanvraag een archeologisch rapport overlegt van een ter zake deskundige, namelijk een hiertoe gecertificeerde archeologische instantie conform de Erfgoedwet waarin de archeologische waarde van het te verstoren terrein in voldoende mate is vastgesteld en waaruit blijkt dat: a.

b. c. d.

indien dit een gravend archeologisch onderzoek betreft, het verplicht is om een Programma van Eisen conform de vigerende KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag, en; het behoud van de archeologische waarden in voldoende mate kan worden geborgd, of; de archeologische waarden door de verstoring niet onevenredig worden geschaad, of; geen archeologische waarden te verwachten zijn of kunnen worden geschaad.

10.4.4 Beoordeling rapport a.

Bij de beoordeling van archeologische rapporten als bedoeld in lid 10.4.3, laat het bevoegd gezag zich adviseren door een deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg conform de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie-KNA, vastgesteld door het bevoegd gezag van de gemeente Rucphen.

32 chthuis Schijf

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja

10.4.5 Voorwaarden In de situatie als bedoeld in lid 10.4.3 kan het bevoegd gezag de volgende voorwaarden aan de omgevingsvergunning verbinden: a. b. c.

de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden, of; de verplichting tot het doen van opgravingen (hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht); of de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige, namelijk een hiertoe gecertificeerde archeologische instantie conform de Erfgoedwet, die in het bezit is van een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen.

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 33

Artikel 11 Brabant

Waarde - Ecologie - Natuur Netwerk

11.1 Bestemmingsomschrijving 11.1.1 Bestemming De voor 'Waarde - Ecologie - Natuur Netwerk Brabant' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: a.

het behoud, beheer, herstel of de duurzame ontwikkeling van de ecologische waarden en kenmerken van de onderscheiden gebieden (Natuur Netwerk Brabant);

alsmede voor: b. c.

behoud, beheer en herstel van aanwezige cultuurhistorische waarden; agrarisch gebruik gericht op natuurbeheer.

11.1.2 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen, met inachtneming van de op de kaart aangegeven aanduidingen, uitsluitend ten dienste van de in lid 11.1.1 genoemde bestemmingen worden opgericht: a.

bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

11.2 Bouwregels 11.2.1 Algemeen In afwijking van het bepaalde bij de andere daar voorkomende bestemmingen (artikelen 3 tot en met 8) mag alleen ten behoeve van deze bestemming worden gebouwd.

11.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen worden opgericht met inachtneming van de volgende regels: a.

de bouwhoogte bedraagt maximaal 2,50 m.

11.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 11.1.2 voor de bouw van een gebouw ten behoeve van de natuurbestemming, met een oppervlakte van maximaal 20 m² en een bouwhoogte van maximaal 4 m, met dien verstande dat geen aantoonbare onevenredige aantasting plaatsvindt van het Natuur Netwerk Brabant.

11.4 Omgevingsvergunning ten behoeve van het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden 11.4.1 Omgevingsvergunningvereiste Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden uit te voeren: a. b. c. d. e. f. g. h.

het ontgronden, vergraven, afgraven, egaliseren, diepploegen, woelen, mengen en ophogen van gronden; het aanleggen, verbreden en verharden van wegen, paden, parkeervoorzieningen en andere oppervlakteverhardingen van meer dan 100 m²; het aanleggen, verdiepen, verbreden en dempen van sloten, watergangen en overige waterpartijen en het aanbrengen van drainage; het verlagen en/of verhogen van de waterstand anders dan door middel van het graven van sloten of het toepassen van drainage of bronbemaling; het aanleggen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie- en/of communicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur; het verwijderen van beplanting en/of houtopstand; het scheuren van grasland; het blijvend omzetten van grasland in bouwland.

11.4.2 Uitzonderingsregel Het in lid 11.4.1 vervatte verbod geldt niet voor werken en/of werkzaamheden die: a.

behoren tot normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming;

34 chthuis Schijf

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja

b. c.

reeds in uitvoering zijn ten tijde van de inwerkingtreding van het plan; mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning.

11.4.3 Voorwaarden Een omgevingsvergunning voor werken en/of werkzaamheden als bedoeld in 11.4.1 wordt door het bevoegd gezag niet eerder verleend, nadat: a. b.

is aangetoond dat uitoefening van de werken en/of werkzaamheden niet strijdig is met de belangen van de ecologische waarden; schriftelijk advies is ingewonnen bij de beheerder omtrent de vraag of door de voorgenomen werken en/of werkzaamheden de belangen in verband met het Natuur Netwerk Brabant niet onevenredig worden geschaad en welke voorwaarden dienen te worden gesteld ter voorkoming van eventuele schade.

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 35

Hoofdstuk 3 Artikel 12

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

36 chthuis Schijf

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja

Artikel 13

Algemene bouwregels

13.1 Afstand van geluidsgevoelige bebouwing tot de weg 13.1.1 Algemeen Deze bepaling strekt tot de bescherming van het woon- en leefklimaat in verband met het wegverkeerslawaai van lokale en interlokale wegen.

13.1.2 Bouwregels Voor de bouw van woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen op gronden die zijn gelegen naast wegen dient in ieder geval een afstand van 15 m uit de as van de weg in acht te worden genomen, met dien verstande dat deze afstand niet geldt voor gronden gelegen: a. b.

naast wegen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - onverharde wegen' en de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - halfverharde wegen'; ter plaatse van de aanduiding 'geluidzone - weg', waar een afstand van 25 m uit de as van de weg in acht dient te worden genomen.

13.1.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 13.1.2 voor het toestaan van een kortere afstand tot de weg, met dien verstande dat de voldaan moet worden aan de geluidsnormen voor nieuwe woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen uit de Wet geluidhinder juncto het Besluit geluidhinder.

13.2 Ondergronds bouwen 13.2.1 Ondergrondse bouwwerken Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden, behoudens in deze regels opgenomen afwijkingen, de volgende regels: a.

b.

c.

binnen het bouwvlak zijn ondergrondse bouwwerken toegestaan, met dien verstande dat: 1. ondergrondse bouwwerken onder de contouren van woningen, bedrijfswoningen en agrarische bedrijfsgebouwen in de vorm van dierenverblijven zijn toegestaan tot een verticale diepte van maximaal 4 m, met dien verstande dat toegangen tot deze ondergrondse bouwwerken, zoals hellingbanen en trappen, ook buiten de genoemde contouren zijn toegestaan tot een verticale diepte van maximaal 4 m; 2. hellingbanen en laaddocks, anders dan bij woningen, bedrijfswoningen en agrarische bedrijfsgebouwen in de vorm van dierenverblijven zijn toegestaan tot een verticale diepte van maximaal 4 m; 3. randvoorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, zoals bergbezinkbassins, bergbezinkleidingen en bergingsbassins, zijn toegestaan tot een verticale diepte van maximaal 4 m; 4. voorzieningen ten behoeve van kadaverkoelingen zijn toegestaan tot een oppervlakte van maximaal 10 m 2 en een verticale diepte van maximaal 1,5 m; 5. overige ondergrondse bouwwerken zijn toegestaan tot een verticale diepte van maximaal 1,5 m; buiten het bouwvlak zijn uitsluitend de volgende ondergrondse bouwwerken toegestaan: 1. voorzieningen ten behoeve van kadaverkoelingen, met een maximum oppervlakte van 10 m 2 en een maximale verticale diepte van 1,5 m; 2.

randvoorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, zoals bergbezinkbassins, bergbezinkleidingen en bergingsbassins, tot een verticale diepte van maximaal 6 m; bij de berekening van de inhoud van woningen en bedrijfswoningen wordt de inhoud van ondergrondse bouwwerken niet meegerekend.

13.2.2 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 13.2.1 onder f voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken met een ondergrondse bouwdiepte van maximaal 10 m onder peil, onder de voorwaarde dat de waterhuishouding niet wordt verstoord en nadat schriftelijk advies is verkregen van het waterwinbedrijf.

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 37

13.3 Bestaande afstanden 13.3.1 Bestaande afstanden a.

b.

In die gevallen dat afstanden tot of tussen bestaande gebouwen en bestaande bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan meer dan wel minder bedragen dan ingevolge hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen de bestaande afstanden, uitsluitend ter plaatse van de afwijking, als maximaal respectievelijk minimaal toelaatbaar worden aangehouden. In het geval van sloop en vervangende nieuwbouw is het bepaalde onder a van overeenkomstige toepassing, maar uitsluitend indien de vervangende nieuwbouw op dezelfde plaats plaatsvindt.

13.3.2 Bestaande andere maten a.

b.

In die gevallen dat hoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande gebouwen en bestaande bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan meer dan wel minder bedragen dan ingevolge hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen de bestaande maten en hoeveelheden, uitsluitend ter plaatse van de afwijking, als maximaal respectievelijk minimaal toelaatbaar worden aangehouden. In het geval van sloop en vervangende nieuwbouw is het bepaalde onder a van overeenkomstige toepassing, maar uitsluitend indien de vervangende nieuwbouw op dezelfde plaats plaatsvindt.

13.4 Nadere eisen 13.4.1 Algemeen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij het verlenen van een omgevingsvergunning, met inachtneming van de regels vervat in hoofdstuk 2, nadere eisen te stellen ten aanzien van: a.

de plaatsing van gebouwen en bijbehorende bouwwerken ten opzichte van de bouwperceelsgrens

b. c.

en ten opzichte van elkaar; de dakhelling en nokrichting van hellende dakvlakken van gebouwen; de plaatsing en vormgeving van bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

13.4.2 Voorwaarden De in lid 13.4.1 bedoelde nadere eisen mogen uitsluitend worden gesteld: a. b.

met het doel te voorkomen dat de belangen van derden worden geschaad of afbreuk wordt gedaan aan de doeleinden van het plan; met het oog op de verkeersafwikkeling, de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid van gronden, gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde in verband met calamiteiten.

38 chthuis Schijf

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja

Artikel 14

Algemene gebruiksregels

14.1 Algemene gebruiksregels Het is verboden de in de artikelen 3 tot en met 8 bedoelde gronden en bouwwerken: a.

b. c.

te gebruiken en/of te doen en/of laten gebruiken en/of in gebruik te geven op een wijze of tot een doel strijdig met de aan de grond gegeven bestemming, zoals die nader is aangeduid in de bestemmingsomschrijving; te gebruiken en/of te doen en/of laten gebruiken en/of in gebruik te geven voor een seksinrichting, een escortbedrijf en raam- en straatprostitutie; te gebruiken en/of te doen en/of laten gebruiken en/of in gebruik te geven ten behoeve van de productie, opslag, stalling en dumping van: 1. een verboden middel zoals bedoeld in lijst I of II van de Opiumwet; 2. grondstoffen ten behoeve van en afvalstoffen afkomstig uit het productieproces van een verboden middel zoals bedoeld in lijst I of II van de Opiumwet.

14.2 Mestbewerking Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan de nieuwvestiging van mestbewerking, de uitbreiding van de bestaande gebruiksoppervlakte van mestbewerking en de toename van de bestaande bebouwingsoppervlakte voor mestbewerking, uitgezonderd in het geval van mestbewerking van ter plaatse geproduceerde mest bij een veehouderij.

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 39

Artikel 15

Algemene aanduidingsregels

15.1 Milieuzone - boringvrije zone 15.1.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Milieuzone - boringsvrije zone' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor de bescherming van de kwaliteit van het grondwater ten behoeve van de drinkwatervoorziening.

15.1.2 Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen (artikelen 3 tot en met 8) mag de verticale diepte van een bouwwerk niet meer dan 10 m bedragen.

15.1.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 15.1.2 voor het bouwen van een bouwwerk met een verticale diepte van meer dan 10 m, met dien verstande dat: a. b.

het bouwwerk of de bouwwerkzaamheden geen onevenredige afbreuk doen aan de bescherming van de kwaliteit van het grondwater ten behoeve van de drinkwatervoorziening; schriftelijk advies is verkregen van Gedeputeerde Staten waarbij het bevoegd gezag het advies van het Gedeputeerde Staten als afweging meeneemt bij de verlening of weigering van de omgevingsvergunning.

15.1.4 Omgevingsvergunning ten behoeve van het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden Op het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden zijn de rechtstreeks werkende regels voor de boringsvrije zone zoals opgenomen in de (interim) Omgevingsverordening Noord-Brabant van toepassing.

15.2 Milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied 15.2.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor de bescherming van de kwaliteit van het grondwater ten behoeve van de drinkwatervoorziening.

15.2.2 Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen (artikelen 3 tot en met 8) mag de verticale diepte van een bouwwerk niet meer dan 3 m bedragen.

15.2.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 15.2.2 voor het bouwen van een bouwwerk met een verticale diepte van meer dan 3 m, met dien verstande dat: a. b.

het bouwwerk of de bouwwerkzaamheden geen onevenredige afbreuk doen aan de bescherming van de kwaliteit van het grondwater ten behoeve van de drinkwatervoorziening; schriftelijk advies is verkregen van Gedeputeerde Staten waarbij het bevoegd gezag het advies van het Gedeputeerde Staten als afweging meeneemt bij de verlening of weigering van de omgevingsvergunning.

15.2.4 Omgevingsvergunning ten behoeve van het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden Op het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden zijn de rechtstreeks werkende regels voor het grondwaterbeschermingsgebied zoals opgenomen in de (interim) Omgevingsverordening Noord-Brabant van toepassing.

40 chthuis Schijf

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja

15.3 Overige zone - groenblauwe mantel 15.3.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Overige zone - groenblauwe mantel' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor het behoud, herstel of duurzame ontwikkeling van het watersysteem en de ecologische en landschappelijke waarden en kenmerken van het gebied.

15.3.2 Omgevingsvergunning ten behoeve van het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden a. Omgevingsvergunningvereiste Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden uit te voeren: a. b. c. d. e.

het ontgronden, vergraven, afgraven, egaliseren, diepploegen, woelen en mengen en ophogen van gronden; het aanleggen, verbreden en verharden van wegen, paden, parkeervoorzieningen en andere oppervlakteverhardingen van meer dan 100 m²; het aanleggen, verdiepen, verbreden en dempen van sloten, watergangen en overige waterpartijen en het aanbrengen van drainage; het aanleggen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie- en/of communicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur; het verwijderen van beplanting.

b. Uitzonderingsregel Het in lid 15.3.2 sub a vervatte verbod geldt niet voor werken en/of werkzaamheden die: a. b. c.

behoren tot normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming; reeds in uitvoering zijn ten tijde van de inwerkingtreding van het plan; mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning.

c. Voorwaarden Een omgevingsvergunning voor werken en/of werkzaamheden als bedoeld in 15.3.2 sub a wordt door het bevoegd gezag niet eerder verleend dan, nadat: a. b.

is aangetoond dat uitoefening van de werken en/of werkzaamheden niet strijdig is met de belangen van de ecologische, landschappelijke dan wel hydrologische waarden; schriftelijk advies is ingewonnen bij de beheerder omtrent de vraag of door de voorgenomen werken en/of werkzaamheden de belangen in verband met de groenblauwe mantel niet onevenredig worden geschaad en welke voorwaarden dienen te worden gesteld ter voorkoming van eventuele schade.

15.4 Overige zone - landbouwenclave 15.4.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Overige zone - landbouwenclave' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor het behoud en de bescherming van de cultuurhistorische waardevolle landbouwenclave.

15.4.2 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden a. Omgevingsvergunningvereiste Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden uit te voeren: a. b.

het aanbrengen van hoogopgaand en/of diepwortelende beplanting, waaronder bijvoorbeeld houtgewas, welke niet overeenkomstig is met landbouwkundige doeleinden; het vellen van houtgewas, welke niet overeenkomstig is met landbouwkundige doeleinden.

b. Uitzonderingsregel Het in lid 15.4.2 sub a vervatte verbod geldt niet voor: a.

werken en/of werkzaamheden die: 1. behoren tot normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming; 2. reeds in uitvoering zijn ten tijde van de inwerkingtreding van het plan; 3. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning;

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 41

c. Voorwaarden Een omgevingsvergunning voor werken en/of werkzaamheden als bedoeld in 15.4.2 sub a wordt door het bevoegd gezag niet eerder verleend dan nadat is aangetoond dat uitoefening van de werken en/of werkzaamheden niet strijdig is met de belangen van de cultuurhistorische waarden.

15.5 Overige zone - landgoed 15.5.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Overige zone - landgoed' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor het behoud en de bescherming van: a. b.

de cultuurhistorische waarden; de landschappelijke waarden en structuren van het landgoed, waaronder in ieder geval begrepen de drevenstructuren.

15.5.2 Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen (artikelen 3 tot en met 8) mogen kunstwerken met een maximale hoogte van 4 m worden opgericht.

15.5.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden a. Omgevingsvergunningvereiste Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden uit te voeren: a.

het verleggen en/of verharden van wegen en paden die tot de drevenstructuur behoren.

b. Uitzonderingsregel Het in lid 15.5.3 sub a vervatte verbod geldt niet voor: a.

werken en/of werkzaamheden die: 1. behoren tot normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming; 2. 3.

reeds in uitvoering zijn ten tijde van de inwerkingtreding van het plan; mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning;

c. Voorwaarden Een omgevingsvergunning voor werken en/of werkzaamheden als bedoeld in 15.5.3 sub a wordt door het bevoegd gezag niet eerder verleend dan nadat is aangetoond dat uitoefening van de werken en/of werkzaamheden niet strijdig is met de belangen van de cultuurhistorische en landschappelijke waarden.

15.6 Overige zone - openheid 15.6.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Overige zone - openheid' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor het behoud van de openheid in het landschap.

15.6.2 Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen (artikelen 3 tot en met 8) mogen geen gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden opgericht op gronden gelegen buiten het bouwvlak.

15.6.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 15.6.2 voor het bouwen overeenkomstig de andere bestemmingen, mits: a. b.

de bebouwing redelijkerwijs niet binnen het bouwvlak kan worden gerealiseerd; de aantasting van de openheid in het landschap zoveel mogelijk wordt beperkt, bijvoorbeeld door clustering van bebouwing rond het bouwvlak.

15.6.4 Omgevingsvergunning ten behoeve van het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden a. Omgevingsvergunningvereiste Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden uit te voeren: a.

het aanbrengen van opgaand houtgewas;

42 chthuis Schijf

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja

b. Uitzonderingsregel Het in lid 15.6.4 sub a vervatte verbod geldt niet voor: a.

b.

werken en/of werkzaamheden die: 1. behoren tot normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming; 2. reeds in uitvoering zijn ten tijde van de inwerkingtreding van het plan; 3. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning; het aanbrengen van opgaande houtopstanden ten behoeve van landschappelijke inpassing van nieuwe bouwwerken, waarvoor een landschappelijke inpassing wordt vereist en beplantingen naast openbare wegen welke geen strijdigheid opleveren met de bestemming.

c. Voorwaarden Een omgevingsvergunning voor werken en/of werkzaamheden als bedoeld in 15.6.4 sub a wordt door het bevoegd gezag niet eerder verleend dan nadat is aangetoond dat uitoefening van de werken en/of werkzaamheden niet strijdig is met de belangen van de landschappelijke waarden.

15.7 Overige zone - toegangslaan met veldkapel 15.7.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Overige zone - toegangslaan met veldkapel' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor het behoud en de bescherming van de toegangslaan met veldkapel.

15.7.2 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden a. Omgevingsvergunningvereiste Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden uit te voeren: a.

het verwijderen van laanbeplanting;

b. Uitzonderingsregel Het in lid 15.7.2 sub a vervatte verbod geldt niet voor: a.

werken en/of werkzaamheden die: 1. behoren tot normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming; 2. reeds in uitvoering zijn ten tijde van de inwerkingtreding van het plan; 3. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning;

c. Voorwaarden Een omgevingsvergunning voor werken en/of werkzaamheden als bedoeld in 15.7.2 sub a wordt door het bevoegd gezag niet eerder verleend dan nadat is aangetoond dat uitoefening van de werken en/of werkzaamheden niet strijdig is met de belangen van de cultuurhistorische en landschappelijke waarden, wat in ieder geval inhoudt dat de laanbeplanting als geheel niet onevenredig wordt of kan worden aangetast, dan wel aangetoond wordt dat na afloop van de werkzaamheden bomen opnieuw worden aangeplant, zodanig dat het karakter van de laan als geheel hersteld wordt.

15.8 Veiligheidszone - leiding 15.8.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Veiligheidszone - leiding' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor de bescherming van het woon- en leefklimaat in verband met de nabijheid van een leiding.

15.8.2 Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen (artikelen 3 tot en met 8) mogen geen gebouwen ten behoeve van nieuwe (beperkt) kwetsbare objecten worden opgericht.

15.8.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 15.8.2 voor het bouwen van gebouwen ten behoeve van nieuwe kwetsbare objecten voor zover in overstemming met de andere bestemmingen, met dien verstande dat: a. b. c.

geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het doelmatig functioneren van de leiding; de veiligheid van personen en goederen is afgewogen en het groepsrisico is verantwoord; vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de betreffende leidingbeheerder.

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 43

15.9 Vrijwaringszone - obstakelbeheerzone 15.9.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Vrijwaringszone - obstakelbeheerzone' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, tevens bestemd voor de bescherming van de radarverstoringsgebieden van Vliegbasis Woensdrecht en radarstation Herwijnen, teneinde de verstoring van het radarbeeld te voorkomen en bescherming van de obstakelbeheerzones van Vliegbasis Woensdrecht.

15.9.2 Bouwregels In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen (artikelen 3 tot en met 8): a. b.

mogen geen bouwwerken worden gebouwd met een hoogte van meer dan 88 meter; geldt voor windturbines, in aanvulling op het bepaalde onder a en naast de bouwregels zoals opgenomen in de artikelen 3 tot en met 25, dat geen windturbines mogen worden opgericht met een tiphoogte hoger dan 90 m + NAP.

15.9.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 15.9.2 voor het bouwen overeenkomstig het bepaalde in de andere bestemmingen, met dien verstande dat: a. b.

het functioneren van de radar niet in onevenredige mate wordt of kan worden aangetast; de Minister van Defensie ingestemd heeft met de ontwikkeling.

44 chthuis Schijf

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja

Artikel 16

Algemene afwijkingsregels

16.1 Algemeen Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het volgende: a.

b.

c.

d.

de in het plan genoemde goothoogten, bouwhoogten, oppervlakte- en inhoudsmaten, percentages en afstandseisen, waarbij een overschrijding is toegestaan tot maximaal 10%, met dien verstande dat deze afwijking niet is toegestaan voor de inhoud van burgerwoningen binnen de bestemming 'Wonen'; de regels en toestaan dat bouwgrenzen worden overschreden, met dien verstande dat de overschrijding maximaal 2,5 m bedraagt en deze noodzakelijk is in verband met de uitmeting van het terrein of uit een oogpunt van doelmatig gebruik van de gronden en/of de bebouwing; de regels en toestaan dat de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van kunstwerken, geen gebouwen zijnde, en ten behoeve van zend-, ontvang- en/of sirenemasten wordt verhoogd tot maximaal 40 m; de regels en toestaan dat de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt vergroot tot maximaal 10 m;

met dien verstande dat: 1. 2.

de belangen van de eigenaren en gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet aantoonbaar onevenredig worden geschaad; het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen niet onevenredig worden geschaad.

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 45

Artikel 17

Algemene wijzigingsregels

17.1 Algemeen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de regels in het plan wijzigen in de vorm van het aanbrengen van geringe veranderingen in de plaats, ligging en/of afmetingen van bestemmingsgrenzen, met dien verstande dat: a. b. c.

bestemmingsgrenzen met niet meer dan 5 m worden verschoven; de belangen van de eigenaren en gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet aantoonbaar onevenredig worden geschaad; het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen niet onevenredig worden geschaad.

46 chthuis Schijf

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja

Artikel 18

Algemene procedureregels

18.1 Nadere eisen Bij toepassing van de nadere eisen regeling, die onderdeel uitmaakt van dit plan, is op de voorbereiding van het besluit de procedure als bedoeld in de afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 47

Artikel 19

Overige regels

19.1 Strafbepaling Overtreding van het bepaalde in artikel 14 is een economisch delict in de zin van artikel 1a, sub 2° van de Wet op de economische delicten en als zodanig strafbaar op grond van deze wet.

19.2 Parkeerregeling a.

b.

c.

d.

bij de uitoefening van de bevoegdheid voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor bouwen en/of afwijken, dient tenminste voldaan te worden aan het gemeentelijk beleid ten aanzien van parkeernormen, zoals opgenomen in de 'Nota Parkeernormen Rucphen 2017 ' d.d. 31 mei 2017; het bevoegd gezag kan omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde onder a indien wordt voorzien in parkeervoorziening, die gelet op de parkeerbelasting naar aard en invloed op de omgeving gelijkwaardig is als bedoeld onder a; indien de 'Nota Parkeernormen Rucphen 2017' als bedoeld onder a gedurende de planperiode van dit bestemmingsplan wordt gewijzigd, wordt bij de verlening van de omgevingsvergunning getoetst aan deze wijziging. parkeergelegenheid die is gerealiseerd om te voorzien in voldoende parkeergelegenheid dient in stand te worden gehouden.

48 chthuis Schijf

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja

Hoofdstuk 4 Artikel 20

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht

20.1 Overgangsrecht bouwwerken a.

b.

c.

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a met maximaal 10%. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

20.2 Overgangsrecht gebruik a. b.

c.

d.

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde in sub a te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. Indien het gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik, dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf 49

Artikel 21

Slotregel

Deze regels kunnen worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Jachthuis Schijf'.

50 chthuis Schijf

bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020, Landgoed Ja

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13483187/1