CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

12 BWB Zienswijze 1e begrotingswijziging BWB 2023 gemeente Rucphen

commissie Algemeen Bestuur en Middelen 14 september 2023, gemeente RucphenBij agendapunt: Ingekomen stukken11.257 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Aan de raad van de gemeente Rucphen Postbus 9 4715 ZG Rucphen

Contactpersoon drs. P.C.A.M. Stoffelen

Bijlagen 4

Onderwerp Zienswijze 1e begrotingswijziging BWB 2023

Datum 13 juli 2023

Geacht bestuur, Het algemeen bestuur van de Belastingsamenwerking West-Brabant heeft in haar vergadering van 7 juli 2023 de 1e bestuursrapportage 2023 vastgesteld. Als gevolg van de aangekondigde ontwikkelingen is een begrotingswijziging noodzakelijk. Deze leidt tot een verhoging van de totale deelnemersbijdrage en leggen hem nu voor zienswijze aan u voor. Begrotingswijziging Via de Kadernota 2024-2027 en de begroting 2024 is aangekondigd dat een begrotingswijzing voor 2023 noodzakelijk is. Deze begrotingswijziging wordt veroorzaakt door: Aanpassing aan loon- en prijsontwikkeling Stijging proceskostenvergoeding als gevolg van het arrest Hoge Raad Toetreding Loon op Zand De stijging van het aantal waardebezwaren is een belangrijke ontwikkeling welke ná de kadernota en begroting 2024 is opgetreden. De consequenties hiervan zijn verwerkt in de budgetten voor proceskostenvergoedingen. De benodigde stijging van het budget kan deels opgevangen worden als gevolg van voordelen op met name personeel (vacatureruimte) en door het inzetten van de post onvoorzien. Tot slot is de voortgang van de budgetten beoordeeld. Een inhoudelijke toelichting treft u aan in bijlage 2, de financiële gevolgen per deelnemer zijn weergegeven in bijlage 4.

Ontwikkelingen in bedrijfsvoering De eerste bestuursrapportage van 2022 en de daaraan verbonden begrotingswijziging was voor verschillende deelnemers aanleiding om het bestuur van de BWB op te roepen om de ontwikkelingen in de bedrijfsvoering nauwgezet te volgen en daarover de deelnemers te informeren. Naast de gevolgen van de inflatie en de loonontwikkeling speelden er met name op het personele vlak zaken die tot onrust leidden. Het ziekteverzuim in de eerste vier maanden van 2022 was zorgwekkend. We zagen toen een hoog werkgerelateerd ziekteverzuim als gevolg van de zeer hoge werkdruk. Tegelijkertijd liep het, grotendeels niet werkgerelateerde, aandeel langdurig verzuim op. Inmiddels is het verzuimpercentage aan het dalen. De bedrijfsvoering is stabieler en meer in control, de werkdruk lager. Van werkgerelateerd verzuim is geen sprake meer. Het aantal langdurig zieken is afgenomen, met name als gevolg van uitgestroomd wegens arbeidsongeschiktheid. Dat laatste wijst op het feit dat het hier vorig jaar niet beïnvloedbaar verzuim betrof. Een tweede punt van zorg was het hoge aandeel inhuur als gevolg van het feit dat de BWB aanzienlijk meer openstaande vacatures kende dan bij een normaal personeelsverloop gebruikelijk is. Een situatie die vooral werd veroorzaakt door de overspannen arbeidsmarkt. Inmiddels lijkt er een kentering te zijn.

Het laatste halfjaar zijn veel nieuwe collega’s ingestroomd. Het team Waarderen neemt op dit punt een uitzonderingspositie in. Het team staat er veel beter voor dan een jaar geleden. De systemen zijn stabieler. De waarderingsmodule die gebruik maakt van kunstmatige intelligentie en machine learning kan nu een belangrijkere rol spelen in de afhandeling van de waardebezwaren. En robotisering helpt ons bij het verder automatiseren van onze werkprocessen. Maar het bezetten van de formatie met eigen mensen is als gevolg van de gestegen vraag naar deze medewerkers op de arbeidsmarkt (gerelateerd aan de explosieve groei van het aantal waardebezwaren en -beroepen) nog veel moeilijker dan het in het verleden al was. Daarom zullen we, ondanks de doorgevoerde innovaties, bij de afhandeling van de bezwaarschriften een groter risico op beroepszaken lopen, uitmondend in een groter financieel risico. Hoe groot dat risico is valt in deze fase onmogelijk te becijferen. De betreffende beroepszaken zullen grotendeels in 2025 worden afgehandeld. De kosten zullen dan genomen moeten worden. Aan het einde van 2023 wordt de vereiste omvang van de voorziening berekend.

Zienswijze We verzoeken u uw (concept)zienswijze vóór 28 september 2023 in te dienen zodat de begrotingswijziging in de vergadering van het algemeen bestuur van de Belastingsamenwerking West-Brabant op 27 oktober 2023 ter besluitvorming kan worden voorgelegd.

Toelichting Indien u naar aanleiding van deze brief vragen heeft, kunt u altijd contact opnemen met de heer P.C.A.M. Stoffelen, directeur Belastingsamenwerking West-Brabant, telefonisch te bereiken via het secretariaat, telefoon 076 – 5298333. Wij kunnen ons ook voorstellen dat uw raad behoefte heeft aan een mondelinge toelichting. Wij zijn graag bereid deze te verschaffen. Indien hier prijs op wordt gesteld dan vernemen wij dat graag. Met vriendelijke groet, Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant,

Bijlagen: 1. Stand van zaken bezwaren WOZ-beschikkingen 2023 2. Toelichting op voorgestelde begrotingswijziging 2023 3. Ontwerp 1e begrotingswijziging BWB 2023 4. Overzicht van de totaalbijdrage per deelnemer. Afschrift aan: college van burgemeester en wethouders en ambtelijk regiefunctionaris

Bijlage 1 Stand van zaken bezwaren WOZ-beschikkingen 2023 De verzending van de WOZ-waardebeschikkingen 2023 heeft zoals ieder jaar tot gevolg dat bij de BWB de nodige reacties in de vorm van bezwaarschriften inkomen. Op de circa 334.000 WOZ objecten waarvoor in 2023 een beschikking is afgegeven, zijn (afgerond) 21.000 bezwaarschriften ingediend (ruim 6%). Dit aantal is sterk gestegen ten opzichte van 2022, toen (in totaal) circa 8.300 bezwaren zijn ingediend. Deze stijging ligt geheel in lijn met de landelijke trend. Als oorzaken voor deze trend wordt gewezen op de stijging van de WOZ-waarde (gemiddeld zo’n 14% per peildatum 1-1-2022) in een (inmiddels) dalende vastgoedmarkt, de gestegen kosten van levensonderhoud door een bovengemiddelde inflatie en de bezwaren van de zogenaamde ‘No Cure No Pay’ (NCNP) bureaus. In absolute aantallen hebben de NCNP’s ruim 9.800 bezwaren ingediend. Hoewel dat in verhouding tot het totale aantal bezwaren minder is dan in 2022, is het in absolute zin een erg hoog aantal met een hoog risico op claims in de vorm van proceskostenvergoedingen, ingebrekestellingen en beroep op immateriële schadevergoeding. In de afdoening van de bezwaren, waar meteen een aanvang mee is gemaakt, sturen we op het tijdig afdoen van deze categorie bezwaren om zo financiële claims te voorkomen.

Daarbij worden we gehinderd door het feit dat de NCNP’s een beroep doen op de mogelijkheid om te worden gehoord (aangezien dit aanspraak oplevert voor de vergoeding van de ‘inzet’ van de NCNP’s op dit onderdeel op basis van het besluit proceskostenvergoeding fiscale procedures). Deze hoorzittingen zijn inmiddels allemaal ingepland en ook gestart. Het valt te begrijpen dat het organiseren van hoorzittingen voor zo’n 9.800 dossiers een enorme werklast meebrengt voor de collega’s van bezwaar en beroep en onze taxateurs. Voor het afdoen van bezwaarschriften maken we naast eigen personeel (taxateurs en medewerkers bezwaar & beroep) gebruik van inhuurkrachten en zetten we zoveel als mogelijk in op het verder automatiseren van processen. Daarbij maken we gebruik van een ‘robot’ voor het afwikkelen van allerhande handelingen in het belastingsysteem (zoals het geautomatiseerd omzetten van bepaalde coderingen) en het vervaardigen van correspondentie. Het aantal afgewikkelde bezwaren wordt vanzelfsprekend dagelijks bijgehouden. Op dit moment (1 juli 2023) zijn circa 5.500 bezwaren afgedaan (circa 26 % van het totaal). ‘Afgedaan’ wil in dit verband zeggen: de uitspraak is verzonden. Wettelijk gezien verloopt de termijn voor het afdoen van de bezwaren op 31-12-2023. Daar waar beschikbaar zetten we in op extra inhuur van medewerkers om de bezwaren af te wikkelen.

Overigens is in de landelijke media veel aandacht geweest voor de druk die de bezwaren van de NCNP’s op de uitvoering van het belastingproces bij de lokale overheden, belastingsamenwerkingen en de rechterlijke macht geeft. De BWB blijft actief betrokken bij het verder uitwerken van het wetsvoorstel dat dit najaar in het kader van het ‘Belastingplan 2024’ aan de Tweede en Eerste Kamer zal worden aangeboden. Dit voorstel heeft, zoals bekend, het oogmerk om het voor NCNP’s minder aantrekkelijk te maken om bezwaar- en beroepsprocedures aan te spannen.

Bijlage 2 Toelichting op voorgestelde begrotingswijziging 2023 Hieronder treft u een toelichting op de begrotingswijziging aan. In bijlage 3 en 4 treft u de begrotingswijzing en een overzicht van de bijdragen 2023 per deelnemer aan. Ten opzichte van de begroting 2023 vindt een bijstelling plaats die leidt tot een wijziging van de totale deelnemersbijdrage met € 2.062.000. De belangrijkste (financiële) ontwikkelingen zijn te herleiden naar de volgende drie onderwerpen: 1) de aangekondigde begrotingswijziging (via de kadernota 2024-2027 & begroting 2024); 2) een stijging van het aantal waardebezwaren (van 14.000 begroot naar 21.000); 3) overige budgettaire ontwikkelingen.

1)

De aangekondigde begrotingswijziging (via kadernota 2024-2027 & begroting 2024)

Via de Kadernota 2024-2027 en de begroting 2024 is aangekondigd dat een begrotingswijzing voor 2023 noodzakelijk is om de volgende effecten te verwerken: •

•

•

Aanpassing aan loon- en prijsontwikkeling Er is een nieuwe CAO vastgesteld. In deze cao is onder andere een loonsverhoging met terugwerkende kracht vanaf 2 januari 2023 van € 240,- en daarna 2% overeengekomen. Voor de hogere inflatie is gebruik gemaakt van de meest recente inzichten. Stijging proceskostenvergoeding als gevolg van het arrest Hoge Raad Als gevolg van het arrest van de Hoge Raad is vanaf 2022 het benodigde budget voor de proceskostenvergoeding verhoogd met een bedrag van € 300.000. Toetreding Loon op Zand Met ingang van 2023 is Loon op Zand toegetreden tot de BWB. De directe uitvoeringslasten leiden tot een stijging van € 259.000. De toetreding zorgt voor een besparing voor de overige deelnemers als gevolg van herverdeeleffecten.

In de kadernota is aangegeven dat het financiële effect hiervan in 2023 € 1.692.000 is (proceskostenvergoeding 2023 uitgezonderd). Bij de uitwerking in de 1e bestuursrapportage 2023 is dit € 1.867.000. Dit is vooral het gevolg van de vaststelling van de CAO (hoger dan geraamd). Voor de proceskostenvergoeding wordt verwezen naar de toelichting onder 2. 2) Stijging van het aantal waardebezwaren (€ 468.000 nadeel) De stijging van het aantal waardebezwaren is een belangrijke ontwikkeling welke ná de kadernota en begroting 2024 is opgetreden. De consequenties hiervan zijn verwerkt in de budgetten voor proceskostenvergoedingen. De benodigde stijging van het budget kan deels opgevangen worden als gevolg van budgettaire voordelen op met name personeel (in verband met vacatures) en door het inzetten van de post onvoorzien. In de begroting 2023 is rekening gehouden met 14.000 waardebezwaren. Het werkelijke aantal waardebezwaren is gestegen naar 21.000. Dit betekent een afwijking van 50% ten opzichte van begroot. Als gevolg hiervan is kritisch gekeken naar de gerelateerde budgetten. Dit betreft het budget voor proceskostenvergoedingen en de budgetten voor de afhandeling van de bezwaren (veelal salaris- en inhuurbudgetten). •

Proceskostenvergoedingen De stijging van het aantal waardebezwaren en de verplichtte vorming van een voorziening per jaareinde heeft gevolgen voor het benodigde budget voor proceskostenvergoedingen. De verwachting ten aanzien van de financiële gevolgen is uitgewerkt in drie scenario’s (hoog,

•

midden en laag). Het scenario ‘midden’ is verwerkt. Dit leidt ertoe dat het budget wordt verhoogd naar afgerond € 1.468.000, een stijging van € 468.000, -. Personele capaciteit We constateren dat een uitbreiding van de personele capaciteit voor de afhandeling van waardebezwaren niet kansrijk is. Vacatures staan structureel open maar kunnen niet (volledig) ingevuld worden (ook niet door inhuur). Een aanpassing van de flexibele schil om de stijging van het aantal waardebezwaren op te vangen is dan ook niet mogelijk. Dit stelt de BWB voor de uitdaging de stijging van de benodigde productie op te vangen met de beschikbare capaciteit. Hiervoor wordt onder andere gebruik gemaakt van innovaties, deze worden versneld. Indien zich onverhoopt toch kansen voordoen zal extra worden ingehuurd. De budgetten voor salaris en inhuur worden als gevolg hiervan dan ook niet verhoogd. Binnen het budget resteert nog ruimte om in te spelen op kansen om extra personeel in te huren.

Een toelichting op de stand van zaken bezwaren WOZ-beschikkingen 2023 is opgenomen in bijlage 1. 3) Overige budgettaire ontwikkelingen De ontwikkeling van de budgetten 2023 is beoordeeld. De significante afwijkingen zijn hieronder weergegeven. •

•

•

Kantoorkosten (€ 139.000 nadeel) De raming van de post kantoorkosten is verhoogd met € 139.000. Deze stijging is met name het gevolg van de aanbesteding print- en portokosten en verspreiding van de correspondentie via ‘Mijn overheid’. Deze aanbesteding is doorlopen in 2022 als gevolg waarvan de financiële gevolgen nog niet bekend waren bij het opstellen van de begroting 2023. Bedrijfsvoering (€ 123.000 nadeel) De raming van de post bedrijfsvoering is verhoogd met € 123.000. Dit is met name het gevolg van het introduceren van het onderzoeks- en ontwikkelingsbudget (R&D), om processen te verbeteren en vernieuwen. Deze inspanningen moeten ertoe leiden dat verdere kostenstijgingen worden voorkomen. Dit budget wordt in 2023 aangewend om innovaties (zoals artificial intelligence en robotisering) te versnellen om de hoge aantallen waardebezwaren af te kunnen handelen binnen de beschikbare personele capaciteit. Daarnaast zijn nog enkele andere budgetten gewijzigd. Renteopbrengsten (€ 240.000 voordeel) De renteopbrengsten stijgen als gevolg van de oplopende rente op de kapitaalmarkten. Er is een voorzichtige inschatting gemaakt van het effect. Dit resulteert in € 240.000 extra rentebaten.

Bijlage 3 Ontwerp 1e begrotingswijziging BWB 2023

Lasten

Primaire begroting 2023

Begrotingswijziging

Begroting na wijziging

Waarderen

4.840.000

1.207.000

6.047.000

Heffen

2.146.000

236.000

2.382.000

Invordering

2.165.000

91.000

2.256.000

Subtotaal programma's

9.151.000

1.534.000

10.685.000

Kosten overhead

8.888.000

863.000

9.751.000

7.000

-

7.000

-

-

-

80.000

-80.000

-

Subtotaal overhead

8.975.000

783.000

9.758.000

Totaal lasten

18.126.000

2.317.000

20.443.000

Treasury Vennootschapsbelasting Post onvoorzien

Baten

Primaire begroting 2023

Begrotingswijziging

Begroting na wijziging

Waarderen

-

-

-

Heffen

-

-

-

Invordering

-

-

-

Subtotaal programma's

-

-

-

255.000

15.000

270.000

-

240.000

240.000

17.871.000

2.062.000

19.933.000

Vennootschapsbelasting

-

-

-

Post onvoorzien

-

-

-

Subtotaal overhead

18.126.000

2.317.000

20.443.000

Totaal baten

18.126.000

2.317.000

20.443.000

Opbrengst overhead Treasury Bijdragen deelnemers

Bijlage 4 Overzicht van de totaalbijdrage per deelnemer. Deelnemers

Primaire begroting 2023

Mutatie A

Mutatie B

Mutatie C

Begroting na wijziging

Bergen op Zoom

1.669.800

-29.800

-43.000

177.000

1.774.000

Breda

4.019.100

-392.100

-83.000

433.000

3.977.000

Dongen

526.300

30.700

-15.000

61.000

603.000

Etten-Leur

904.100

14.900

-23.000

87.000

983.000

Halderberge

650.000

16.000

-17.000

69.000

718.000

Loon op Zand

-

-

584.000

78.000

662.000

Moerdijk

1.009.900

95.100

-20.000

101.000

1.186.000

Oosterhout

1.266.700

92.300

-38.000

148.000

1.469.000

Roosendaal

1.823.400

53.600

-44.000

187.000

2.020.000

Rucphen

427.500

23.500

-12.000

45.000

484.000

Woensdrecht

539.700

-12.700

-15.000

55.000

567.000

Zundert

536.200

97.800

-19.000

78.000

693.000

Brabantse Delta

4.498.300

10.700

4.000

284.000

4.797.000

Totaal deelnemers

17.871.000

-

259.000

1.803.000

19.933.000

De wijziging van de deelnemersbijdrage bestaat uit drie componenten. Deze componenten zijn hierboven één voor één in beeld gebracht. Dit resulteert in een totale deelnemersbijdrage van € 19.933.000. De componenten zijn als volgt: A. De eerste mutatie bestaat uit de productiewijzigingen in de kostenverdeelstaat. Op basis van de totale bijdrage in de primaire begroting 2023 is een nieuwe doorrekening gemaakt met de begrote productiekwantiteiten en personeelsinzet per 2023. Dit zorgt voor een interne verschuiving van bijdrage. B. De tweede mutatie bestaat uit de deelname van Loon op Zand. De toetreding zorgt voor een bijdrage van € 584.000 voor Loon op Zand en een besparing van € 325.000 voor de overige deelnemers dankzij een herverdeling binnen de overheadlasten. C. De derde mutatie bestaat uit de indexatiecorrectie 2023 vanuit de kadernota 2024-2027. De bijdragewijziging van € 1.803.000 bestaat voor een deel uit het cao-akkoord 2023, griffie en proceskosten waardebezwaren, 7% personeelslasten stijging en 9,9% materiële indexatie.

Inhoudsopgave 1.

2.

3.

4.

5.

Algemeen ....................................................................................................................................2 1.1

Doel en functie bestuursrapportage ........................................................................................2

1.2

Aanbieding en resultaat...........................................................................................................2

1.3

Leeswijzer................................................................................................................................4

Ontwikkelingen/voortgang primaire proces ......................................................................................5 2.1

Programma Waarderen ...........................................................................................................5

2.2

Programma Heffen ................................................................................................................11

2.3

Programma Invordering.........................................................................................................14

Bedrijfsvoering/ organisatie ............................................................................................................16 3.1

Personeel en organisatie.......................................................................................................16

3.2

Informatisering en automatisering .........................................................................................18

3.4

Control ...................................................................................................................................19

Weerstandsvermogen & risicobeheersing .....................................................................................20 4.1

Algemeen ..............................................................................................................................20

4.2

Inventarisatie weerstandscapaciteit.......................................................................................20

4.3

Risicobeheersing ...................................................................................................................20

4.4

Risicoanalyse ........................................................................................................................20

Financiën........................................................................................................................................22 5.1

Overzicht exploitatie 2023 .....................................................................................................22

5.2

Toelichting budgetten begroting 2023 ...................................................................................23

5.3

Aandachtspunten waarmee (financieel) nog geen rekening is gehouden.............................26

5.4

Deelnemersbijdrage ..............................................................................................................27

BIJLAGEN ............................................................................................................................................30 Bijlage 1: Risicoprofiel BWB over 2023 en volgende jaren .........................................................30

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 1

1.

Algemeen

1.1

Doel en functie bestuursrapportage

De bestuursrapportage heeft als doel om uw Algemeen bestuur te informeren over de voortgang van de (voorgenomen) beleidsontwikkelingen, de zich eventueel aandienende ontwikkelingen op het gebied van de bedrijfsvoering en over eventuele afwijkingen tussen de werkelijke baten en lasten per 1 mei ten opzichte van de vastgestelde ramingen bij de primaire begroting. Door een dergelijke rapportage wordt uw Algemeen bestuur tussentijds op de hoogte gesteld van zich aandienende afwijkingen en ontwikkelingen, waardoor een tijdige bijstelling van de begroting kan plaatsvinden. Tussentijdse bijstellingen in een bestuursrapportage kunnen een wijziging van de begroting tot gevolg hebben. Als dit een wijziging betreft van de totale bijdrage van de deelnemers, wordt de zienswijze procedure toegepast conform artikel 30 lid 8 van de gemeenschappelijke regeling BWB.

1.2

Aanbieding en resultaat

Via deze eerste bestuursrapportage 2023 wordt uw Algemeen Bestuur over de voortgang van de begroting 2023 geïnformeerd. Een volledige weergave is opgenomen vanaf hoofdstuk 2. De belangrijkste (financiële) ontwikkelingen zijn te herleiden naar de volgende drie onderwerpen: 1) de aangekondigde begrotingswijziging (via de kadernota 2024-2027 en begroting 2024); 2) een stijging van het aantal waardebezwaren (van 14.000 begroot naar 21.000); 3) overige budgettaire ontwikkelingen. De stijging van het aantal waardebezwaren en de verplichte vorming van een voorziening voor de openstaande WOZ-bezwaren en – beroepen per jaareinde leidt ertoe dat de het benodigde budget voor proceskostenvergoeding moet worden verhoogd. Dit wordt deels opgevangen binnen de begroting, het deel wat niet kan worden opgevangen binnen de begroting vormt een aanvulling op de begrotingswijziging zoals reeds aangekondigd (zie onderstaande toelichting op onderdeel 1). 1) Aangekondigde begrotingswijziging De begroting 2023 wordt zoals aangekondigd aangepast voor: -

Aanpassing aan loon- en prijsontwikkeling Er is een nieuwe CAO vastgesteld. In deze cao is onder andere een loonsverhoging met terugwerkende kracht vanaf 2 januari 2023 van € 240,- en daarna 2% overeengekomen. Voor de hogere inflatie is gebruik gemaakt van de meest recente inzichten.

-

Stijging proceskostenvergoeding als gevolg van het arrest Hoge Raad Als gevolg van het arrest van de Hoge Raad is vanaf 2022 het benodigde budget voor de proceskostenvergoeding verhoogd met een bedrag van € 300.000.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 2

-

Toetreding Loon op Zand Met ingang van 2023 is Loon op Zand toegetreden tot de BWB. De directe uitvoeringslasten leiden tot een stijging van € 259.000. De toetreding zorgt voor een besparing voor de overige deelnemers als gevolg van herverdeeleffecten.

2) Stijging van het aantal waardebezwaren In de begroting is rekening gehouden met 14.000 waardebezwaren. Het werkelijke aantal waardebezwaren is gestegen naar 21.000. Dit betekent een afwijking van 50% ten opzichte van begroot. Voor de begroting 2023 is als gevolg hiervan kritisch gekeken naar de gerelateerde budgetten. Dit betreft het budget voor proceskostenvergoedingen en de budgetten voor de afhandeling van de bezwaren (veelal salaris- en inhuurbudgetten). Proceskostenvergoedingen De stijging van het aantal waardebezwaren en de verplichte vorming van een voorziening per jaareinde heeft gevolgen voor het benodigde budget voor proceskostenvergoedingen. De verwachting ten aanzien van de financiële gevolgen is uitgewerkt in drie scenario’s (hoog, midden en laag). Het scenario ‘midden’ is verwerkt, dit leidt ertoe dat het budget wordt verhoogd naar afgerond € 1.468.000, een stijging van € 450.000,-. De uitwerking hiervan treft u aan in paragraaf 2.1 Programma Waarderen. Personele capaciteit We constateren dat een uitbreiding van de personele capaciteit voor de afhandeling van waardebezwaren niet kansrijk is. Vacatures staan structureel open maar kunnen niet (volledig) ingevuld worden (ook niet door inhuur). Een aanpassing van de flexibele schil om de stijging van het aantal waardebezwaren op te vangen is dan ook niet mogelijk.

Dit stelt de BWB voor de uitdaging de stijging van de benodigde productie op te vangen met de beschikbare capaciteit. Indien zich onverhoopt toch kansen zal extra worden ingehuurd. De budgetten voor salaris en inhuur worden als gevolg hiervan dan ook niet verhoogd, binnen het budget resteert nog ruimte om in te spelen op kansen om extra personeel in te huren. Een toelichting op de oorzaken van de stijging van het aantal waardebezwaren, de aanpassingen die de BWB doorvoert in de bedrijfsvoering en het risicoprofiel worden toegelicht in het programma Waarderen. Gezien de onzekerheden wordt de afhandeling van de bezwaren en de proceskostenvergoeding intensief gemonitord. De kans is aanwezig dat de werkelijke kosten de geschetste scenario’s ‘laag’ en ‘midden’ zullen overstijgen. Dit zal pas duidelijk worden gedurende kwartaal 4 van 2023. Het is dan te laat om de begroting 2023 hierop aan te passen. Het scenario ‘hoog’ is toegevoegd aan de risicoparagraaf.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 3

3) Overige budgettaire ontwikkelingen De afwijkingen tussen de werkelijke baten en lasten per 1 mei ten opzichte van de primaire begroting 2023 inclusief de aanpassing van de begroting op grond van onderdeel 1 zijn in kaart gebracht. Er is sprake van één significante afwijking. Er resteren een aantal functies die moeilijk in te vullen zijn. Als gevolg hiervan treedt een voordeel op bij de salarislasten. Het budget voor inhuur is overschreden. Per saldo laten de salarisbudgetten/ inhuurbudgetten een voordeel zien van afgerond € 425.000,-. Dit wordt voor € 175.000 ingezet om de nadelen op te vangen, het restant is nodig om in te spelen op de personele uitvraag als gevolg van vacatures, ziekte en extra productie. Samenvattend Samenvattend leidt het bovenstaande tot de volgende begrotingswijziging: Kaders 2023 uit kadernota 2024

Begroting 2023 na wijziging

Primaire begroting 2023

17.966.000

18.126.000

-160.000

Correctie indexatie 2023

1.074.000

1.308.000

-234.000

Proceskosten NCNP uitspraak Hoge Raad

300.000

300.000

-

Uitvoeringskosten toetreding Loon op Zand

318.000

259.000

59.000

PM (450.000)

PM (450.000)

-

20.108.000

20.443.000

-335.000

Omschrijving

Proceskosten NCNP 2023

Totaal

Verschil

Deelnemersbijdrage De voorliggende bestuursrapportage leidt per saldo tot een verhoging van de begroting van de BWB en daarmee tot een verhoging van de deelnemersbijdrage, In dat kader wordt een begrotingswijziging opgesteld. Op grond van artikel 30, lid 8 van de gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking West-Brabant wordt hierop de zienswijze procedure toegepast. Na definitieve vaststelling door het algemeen bestuur, na afloop van de zienswijze procedure, wordt deze begrotingswijziging aan het college van GS van Noord-Brabant gezonden.

1.3

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 worden de ontwikkelingen en de voortgang van het primaire proces beschreven. In hoofdstuk 3 van deze bestuursrapportage is nader ingegaan op de stand van zaken, de voortgang en de zich aandienende ontwikkelingen op het gebied van de bedrijfsvoering en de organisatie in zijn algemeenheid. Tenslotte is in hoofdstuk 4 gedetailleerd ingegaan op de financiële stand van zaken van de exploitatie 2023 en is waar nodig een toelichting gegeven.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 4

2.

Ontwikkelingen/voortgang primaire proces

2.1

Programma Waarderen

In deze paragraaf wordt voor een aantal belangrijke productiekwantiteiten aangegeven wat de verwachting is binnen het primaire proces Waarderen. Hierbij wordt rekening gehouden met de werkelijke productie tot en met april 2023 en de realisatie van 2022.

Objecten

Aantal WOZ-objecten 360.000 330.000 300.000 270.000 240.000 210.000 180.000 150.000

321.033

320.530

Realisatie 2022

Begroot 2023

335.400

120.000 90.000 60.000 30.000 -

Prognose 2023

Het aantal WOZ-objecten overstijgt de initiële prognose door de toetreding van de gemeente Loon op Zand (circa 12.000 objecten). Het restant van de stijging wordt veroorzaakt door circa 0,75% autonome stijging van het aantal objecten bij de overige deelnemers.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 5

Bezwaren

Waardebezwaren 22.500 21.000 19.500 18.000 16.500 15.000 13.500 12.000 21.000

10.500 9.000 7.500

13.680

6.000 4.500

8.246

3.000 1.500 -

Realisatie 2022

Begroot 2023

Prognose 2023

WOZ-bezwaren en WOZ beroepen 2022 en voorgaande jaren Er resteren vrijwel geen bezwaarschriften meer tegen de waardebeschikkingen van het jaar 2022. Deze zijn tijdig afgewikkeld, zoals ook in de jaarrekening is gerapporteerd. Als vervolg daarop komen de beroepszaken binnen van met name van NCNP-bedrijven. Door achterstanden bij de rechtbank Zeeland West-Brabant loopt de afhandeling ter zitting daarvan forse vertraging op. Momenteel worden nog zittingen gepland voor dossiers uit 2021. Binnen het team Waarderen wordt per zaak beoordeeld welke dossiers voor een voorstel tot schikking in aanmerking kunnen komen, zodat de voorraad beroepsdossiers beheersbaar wordt. In totaal zijn nog circa 500 beroepschriften in behandeling, voornamelijk uit belastingjaar 2021 en 2022. De reeds vorig jaar ingezette trend dat de NCNP-bedrijven het proces van de beroepschriften ook als verdienmodel inzetten is daarmee een bestendigde praktijk geworden. Zoals bekend is momenteel een wetsvoorstel in voorbereiding met het oogmerk de NCNP-bedrijven een halt toe te roepen door –onder meer- een reductie van de proceskostenvergoeding in dit type bezwaar- en beroepsprocedures en een verplichte uitbetaling van die proceskosten aan de belanghebbende en niet aan de gemachtigde (in dit geval het NCNP-bedrijf).

Dit voorstel, waaraan door de belastingsamenwerkingen waaronder de BWB actief is meegewerkt, wordt dit najaar behandeld bij de belastingplannen van het kabinet voor 2024. Het is momenteel afwachten of door de Tweede en Eerste Kamer wordt ingestemd met de voorstellen.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 6

WOZ-bezwaren 2023 Het aantal WOZ bezwaren 2023 ligt aanzienlijk hoger dan begroot voor dit jaar (circa 21.000 ten opzichte van 13.680 begroot). Dit aantal is eveneens sterk gestegen ten opzichte van 2022, toen (in totaal) circa 8.300 bezwaren zijn ingediend. Deze stijging ligt geheel in lijn met de landelijke trend. Als oorzaken voor deze trend wordt gewezen op de stijging van de WOZ-waarde (gemiddeld zo’n 17% per peildatum 01-01-2022) in een (inmiddels) dalende vastgoedmarkt, de gestegen kosten van levensonderhoud door een bovengemiddelde inflatie en inzet van de zogenaamde ‘No Cure No Pay’ (NCNP) bureaus die ook in 2023 een intensieve communicatie campagne hebben opgezet. In absolute aantallen hebben de NCNP’s ruim 9.300 bezwaren ingediend. Hoewel dat in verhouding tot het totale aantal bezwaren minder is dan in 2022, is dit natuurlijk een erg hoog aantal met een hoog risico op claims in de vorm van proceskostenvergoeding en beroep op immateriële schadevergoeding. In de afdoening van de bezwaren, waar meteen een aanvang mee is gemaakt, sturen we zoveel als mogelijk op het tijdig afdoen van deze categorie bezwaren.

Daarbij worden we gehinderd door het feit dat de NCNP’s een beroep doen op de mogelijkheid om te worden gehoord (aangezien dit aanspraak oplevert voor de vergoeding van de ‘inzet’ van de NCNP’s op dit onderdeel op basis van het besluit proceskostenvergoeding fiscale procedures). Deze hoorzittingen zijn inmiddels allemaal ingepland en ook gestart. Het valt te begrijpen dat het organiseren van hoorzittingen voor zo’n 8.500 dossiers een enorme werklast meebrengt voor de collega’s van bezwaar en beroep. Voor het afdoen van bezwaarschriften maken we naast eigen personeel (taxateurs en medewerkers bezwaar & beroep) gebruik van inhuurkrachten en zetten we zoveel als mogelijk in op het verder automatiseren van processen. Daarnaast maken we gebruik van een ‘robot’ voor het afwikkelen van allerhande handelingen in het systeem en het vervaardigen van correspondentie. Het aantal afgewikkelde bezwaren wordt vanzelfsprekend dagelijks bijgehouden. Op dit moment (11 mei 2023) zijn circa 1.940 bezwaren afgedaan. Wettelijk gezien verloopt de termijn voor het afdoen van de bezwaren op 31-12-2023.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 7

Omschrijving

Prognose 2023

Realisatie 2022

Realisatie 2021

Realisatie 2020

WOZ-objecten

335.400

321.033

315.773

315.840

Objecten onder bezwaar

21.000

8.246

*10.934

9.420

% aandeel WOZ-objecten

6,3%

2,6%

3,5%

3,0%

% mutatie per jaar

155%

-/- 25%

16%

25%

I - % gegrond verklaard

28%

38%

22%

II - % gegrond waarbij Vermindering WOZ-waarde met >10%

16%

13%

9%

II / I

59%

34%

42%

Objecten onder bezwaar & ingediend door NCNP

9.248

4.646

4.756

3.234

% van alle objecten onder bezwaar

44%

56%

44%

38%

€ 1.468.000

€ 1.011.200

€ 601.500

€ 504.500

367

173

103

142

Uitbetaalde proceskostenvergoeding** Beroepszaken**

*Exclusief bezwaren die voortvloeien uit het project Waarderen op Gebruiksoppervlakte. **Zie toelichting op bezwaar- en beroepsscenario's

De inzet van personele capaciteit kent beperkingen in het feit dat de arbeidsmarkt voor zowel taxateurs als medewerkers bezwaar en beroep aanhoudend krap is. In de eerste maanden van 2023 zijn wel 4 taxateurs aangenomen in vaste dienst, maar momenteel komt er op de permanent uitstaande vacatures vrijwel geen reactie. Op dit moment is nog een formatieruimte bij de taxateurs van circa 7 fte. Dit aantal ziet op het afwikkelen van de werklast zoals die in de begroting is opgenomen. Daarbij is nog geen rekening gehouden met de bovenmatige aantallen bezwaarschriften zoals die nu zijn ingediend over 2023. Aangezien het moeilijk, zo niet vrijwel onmogelijk is om vacatures te vervullen, zetten we zoveel mogelijk in op procesverbeteringen en RPA (robotisering) en inzet van AI / ML (kunstmatige intelligentie en machine learning) in het bezwaarproces. Het is bij het schrijven van deze rapportage nog te vroeg om te bepalen of deze inzet het gebrek aan menskracht (grotendeels) kan compenseren.

Financiële gevolgen proceskostenvergoedingen Voor proceskostenvergoedingen wordt in de begroting 2023 het volgende budget opgenomen: Primaire begroting 2023

€ 700.000

Aanpassing n.a.v. arrest Hoge Raad

€ 300.000

Aanpassing n.a.v. toetreding Loon op Zand

€ 18.000

Productiestijging (21.000 i.p.v. 14.000 bezwaren)

€ 450.000 +

Totaal

€ 1.468.000

In de primaire begroting is rekening gehouden met 14.000 waardebezwaren, waarbij het uitgangspunt was dat de proceskostenvergoedingen als last werden genomen gedurende het boekjaar op basis van

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 8

het moment van betaling. Deze uitgangsituatie is met ingang van de jaarrekening 2022 losgelaten. Er is een voorziening getroffen voor alle openstaande verplichtingen per balansdatum 31-12-2022 van € 308.000. Het vormen van een voorziening voor de openstaande verplichtingen per balansdatum is vanaf 2023 en verder structureel. Voor het budgettaire verloop van het budget voor proceskostenvergoedingen in het boekjaar 2023 is beoordeeld of de voorziening voor openstaande verplichtingen (2022 en eerder) toereikend is. Voorts is beoordeeld welk budget nodig is om de stijging van het aantal WOZ-bezwaren (naar 21.000 waardebezwaren) op te vangen. Afloop voorziening De voorziening is als volgt opgebouwd: de aantallen openstaande bezwaar- en beroepschriften per balansdatum (jaarrekening 2022) zijn vermenigvuldigd met het gemiddelde van uitbetaalde proceskostenvergoeding voor bezwaren en beroepen in 2022. Openstaande bezwaren per balansdatum

€ 52.000

Openstaande beroepen per balansdatum

€ 256.000 +

Totaal

€ 308.000

De afloop is gecontroleerd. Per 01-05-2023 zijn 755 bezwaren afgehandeld voor € 78.908 en 111 beroepen voor € 66.824. De voorziening is toereikend en zal mogelijk iets te hoog zijn gewaardeerd. Benodigd budget proceskostenvergoeding 2023 Het budget voor de proceskostenvergoeding 2023 moet toereikend zijn om gedurende het boekjaar de vergoedingen voor proceskostenvergoedingen te dekken en ultimo 2023 een voorziening te kunnen vormen voor de verplichtingen die voortvloeien uit de openstaande bezwaren en beroepen welke ontvangen zijn in 2023. Dit laatste is nog niet verwerkt in de begroting 2023. Er is een verwachting opgesteld van het benodigde budget op basis van ervaringscijfers van de afgelopen jaren. Samengevat zijn de omstandigheden aan verandering onderhevig als gevolg van: -

Een hogere WOZ-waarde gekoppeld aan een dalende woningmarkt;

-

Een hoge inflatie;

-

Toegenomen media-inspanningen door NCNP-bureaus;

-

Toegenomen media-inspanningen van de BWB;

-

Verlaging drempel door de BWB voor het zelfstandig bezwaar indienen;

-

Oplopende vertragingen bij rechtbanken;

-

Procesaanpassingen bij de BWB in 2023 bij de afhandeling van bezwaren en beroepen (WOZwaarde) om de gestegen werkvoorraad met de beschikbare capaciteit af te kunnen handelen;

-

De aankondiging van de staatssecretaris om het verdienmodel van de NCNP-bureaus in te perken.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 9

Er zijn factoren die een dempende werking op de te verwachten kosten maar over het geheel genomen verwachtten we dat de omstandigheden zullen leiden tot extra proceskosten. ‘Extra’ moet hierbij geïnterpreteerd worden als hogere kosten dan op grond van de toename van het aantal waardebezwaren mag worden verwacht. Het effect van de veranderende omstandigheden is niet exact te bepalen. Hier staat tegenover dat bij de jaarrekening 2022 een voorziening is getroffen voor de verplichtingen per balansdatum terwijl het budget in 2023 afgestemd was op de vereiste hoogte zonder deze voorziening. Scenario’s Het benodigde budget voor proceskostenvergoedingen is ingeschat op basis van de ontvangen WOZbezwaren in 2023 (inclusief het aandeel voor NCNP-bureaus), het percentage ‘gegrond’ en de vergoeding op basis van het besluit proceskostenvergoeding. Voor beroepen is gebruik gemaakt van ervaringscijfers voor de kosten per beroep en de te verwachten beroepen. Gezien de veranderende omstandigheden is ervoor gekozen drie scenario’s te ontwikkelen: laag, midden en hoog. Waarbij het scenario laag is opgesteld op basis van ongewijzigde omstandigheden, bij midden en hoog is telkens het budget verhoogd met 10% om in te spelen op de onzekerheden.

Het budget is afgestemd op de proceskostenvergoeding voor de (te) ontvangen WOZ-bezwaren en beroepen (dus inclusief het vormen van een voorziening voor de verplichtingen hierover per jaareinde). Dit geeft het volgende beeld: Scenario's

Lasten volgens

Begroting 2023 na

scenario

wijziging

Resultaat

Laag

€ 1.328.000

€ 1.468.000

€ 140.000 V

Midden

€ 1.468.000

€ 1.468.000

€0

Hoog

€ 1.594.000

€ 1.468.000

€ 126.000 N

Zoals te zien in de uitwerking van de 1e bestuursrapportage is rekening gehouden met het scenario ‘midden’.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 10

2.2

Programma Heffen

In deze paragraaf wordt voor een aantal belangrijke productiekwantiteiten aangegeven wat de verwachting is binnen het primaire proces heffen. Hierbij wordt rekening gehouden met de werkelijke productie tot en met april 2023 en de realisatie van 2022.

Aanslag(regels)

Aantal aanslagen 900.000 800.000 700.000 600.000 500.000 805.153

400.000

812.600

764.200

300.000 200.000 100.000 -

Realisatie 2022

Begroot 2023

Prognose 2023

Aantal aanslagregels 3.300.000

Totaal: 2.965.027

3.000.000 2.700.000

428.590

Totaal: 2.974.700

Totaal: 2.886.720

435.000

435.000

2.400.000 2.100.000 1.800.000 1.500.000 1.200.000

2.536.437

2.451.720

2.539.700

Realisatie 2022

Begroot 2023

Prognose 2023

900.000 600.000 300.000 -

Aanslagregels (excl. beschikkingen)

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 11

Beschikkingen

Het eerste kwartaal van het jaar zijn zoals gebruikelijk de grote runs met aanslagen (OZB/afval/riool etc.) zoveel mogelijk gecombineerd verzonden. Er is dit jaar voldaan aan de KPI dat op 28 februari van het jaar 95% van de gecombineerde aanslagen moet zijn verzonden. Het resultaat was 96,5%. Er is helaas niet voldaan aan de norm welke de waarderingskamer stelt dat 99% van de aanslagen voor 1 mei moet zijn verzonden. Het percentage was op 1 mei 2023 98,3%. Met de komst van de nieuwe deelnemer Loon op Zand vallen de prognoses hoger uit dan begroot.

Exoten

30.400

33.000

30.620

30.157

Exoten Gemeenten 30.000

14.202

21.000 18.000 15.000

12.950

24.000

16.690

27.000

-

Regels precariobelasting

880

730

2.760

2.920

738

3.000

2.654

4.970

6.000

4.660

9.000

4.097

12.000

Regels reclamebelasting

Aanslagen (water)toeristen

Realisatie 2022

Begroot 2023

Regels hondenbelasting

Panden BAG

Prognose 2023

In het jaar 2023 is voor de precariobelasting op verzoek van 1 deelnemer de belasting opgelegd over het jaar 2022. Deze belasting wordt in het laatste kwartaal van het jaar opgelegd waardoor er in totaliteit een hoger aantal opgelegde aanslagen zullen zijn aan het einde van het jaar. De prognose Hondenbelasting is hoger dan begroot door de toetreding van de gemeente Loon op Zand. Dit geldt ook voor de toeristenbelasting en in mindere mate voor de reclamebelasting.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 12

Bezwaren

Bezwaren heffen gecategoriseerd 11.000

10.045

10.000 9.000

8.690

8.750

8.000 7.000 6.000 5.000 4.000 3.000 2.000 1.000 -

207 Heffingsbezwaren Realisatie 2022

190 Legesbezwaren

Begroot 2023

Prognose 2023

Er is door de toetreding van Loon op Zand een lichte stijging van het aantal heffings- en legesbezwaren geprognosticeerd.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 13

220

2.3

Programma Invordering

In deze paragraaf wordt voor een aantal belangrijke productiekwantiteiten aangegeven wat de verwachting is binnen het primaire proces Invordering.

Invorderingsproces

47.800

50.000

47.000

55.000

48.093

Invorderingsproces

45.000 40.000 35.000

0

5.000 -

Aanmaningen

Dwangbevelen Realisatie 2022

Hernieuwde bevelen

Begroot 2023

610

10.000

600

6.646

15.000

11.500

12.360

20.000

8.500

25.000

12.560

21.763

30.000

Beslag

Prognose 2023

De gerealiseerde resultaten in 2022 tonen aan dat de achterstand van de dwangbevelen is ingelopen, en deze positieve trend wordt verwacht voort te zetten in 2023 voor de hernieuwde bevelen. Op basis van deze ontwikkelingen hebben we het vertrouwen dat we aan het einde van dit jaar volledig up-todate zullen zijn met betrekking tot het aanmaken en verzenden van aanmaningen en dwangbevelen en het betekenen van hernieuwde bevelen. Jaarlijks voert Invordering verschillende acties uit om bij het uitblijven van betaling de openstaande aanslag te innen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in mensen die niet willen of niet kunnen betalen. De aantallen beslagen die zichtbaar zijn, zijn exclusief zogenaamde loonvordering, Overheidsvordering of betalingsvordering. Deze aantallen geven de beslagen op roerende of onroerende zaken weer. Eerdere rapportages hebben herhaaldelijk vermeld dat diverse werkzaamheden niet konden worden uitgevoerd vanwege de implementatie van het nieuwe belastingpakket en de invloed van de coronapandemie. Deze periode kunnen we grotendeels achter ons laten.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 14

Het aantal verzoeken om kwijtschelding is vergelijkbaar met het aantal verzoeken van vorig jaar. Waar er vorig jaar nog sprake was van een achterstand, is dat dit jaar niet meer het geval. Dit is een positieve ontwikkeling. Het is daarnaast niet de verwachting dat er extra inzet nodig zal zijn om zowel de verzoeken als de eventuele beroepen tijdig af te handelen. Tot op heden is nog geen toename waargenomen in achterstallige betalingen, aanmaningen of verzoeken om kwijtschelding als gevolg van de voorbijgaande coronapandemie.

Ontwikkelingen Invordering Er is landelijk al geruime tijd aandacht voor het hanteren van een menselijke benadering bij de invordering van belastingen. Hierbij wordt sterk de nadruk gelegd op het maken van onderscheid tussen personen die niet willen betalen en personen die daadwerkelijk niet in staat zijn om te betalen. Binnen invordering wordt al geruime tijd dit onderscheid gemaakt. Voor mensen die niet kunnen betalen, wordt bijvoorbeeld ondersteuning geboden door te wijzen op mogelijkheden van schuldhulpverlening, het aanvragen van kwijtschelding, het treffen van betalingsregelingen of betalen middels automatische incasso. Er zijn recentelijk verschillende wetswijzigingen doorgevoerd om een betere bescherming te bieden aan mensen die niet in staat zijn om hun betalingen te voldoen. Deze ontwikkeling heeft positieve gevolgen voor deze groep, maar heeft als neveneffect dat de mogelijkheden voor invordering bij personen die bewust niet willen betalen, beperkter zijn geworden. Het is op dit moment moeilijk te voorspellen wat de langetermijneffecten hiervan zullen zijn. Een andere belangrijke verandering die van kracht zal worden per 1 juli 2023, is de verkorting van de aflosperiode bij schuldhulpverlening. Momenteel bedraagt deze periode 36 maanden, maar met ingang van de wetswijziging van de Faillissementswet zal deze worden verkort naar 18 maanden.

Het inlichtingenbureau is al geruime tijd bezig met de ontwikkeling van kwijtschelding 3.0, zoals eerder aangegeven zal dit stapsgewijs worden geïmplementeerd. Vanaf de tweede helft van 2023 gaat hiermee worden gestart. Met de invoering van kwijtschelding 3.0 beschikt het inlichtingenbureau over meer informatie om de aanvragen nog beter te beoordelen.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 15

3.

Bedrijfsvoering/ organisatie

3.1

Personeel en organisatie

Strategische personeelsplanning In 2022 is gestart met het onderwerp strategische personeelsplanning. De doelstelling hiervan is: •

Exact te weten wat van de BWB nodig heeft op het gebied van personeel en daarmee gerichter nieuwe medewerkers kan werven en selecteren maar ook om de doorgroei van intern personeel te faciliteren

•

Optimale inzet van medewerkers en meer sturing op behoud en verloop.

•

Effectieve ontwikkeling van medewerkers omdat inzichtelijk is gemaakt welke kennis en expertise er in de toekomst nodig is.

Twee keer per jaar wordt er een zogenaamde personeelsscan gemaakt. Op basis van deze personeelsscan wordt er een plan opgesteld om op tijd gerichte interventies in te zetten om te verwachten knelpunten te kunnen oplossen. De BWB maakt voor deze personeelsscan gebruik van het programma teamnavigator. Werving en selectie Zoals nagenoeg elke organisatie heeft de BWB last van de krappe arbeidsmarkt. In de 2e berap van 2022 zijn een aantal acties benoemd. In het bijzonder zijn dat het traineeprogramma’s en het vroegtijdig werven voor (sleutel)functies waarvan bekend is dat de zittende functionarissen de organisatie gaan verlaten. Onlangs heeft de BWB een zogenaamde wervingsbonus ingevoerd. Doormiddel van deze bonus worden medewerkers van de BWB gestimuleerd om voor vacatures kandidaten uit hun netwerk aan te dragen. Wanneer dit heeft geleid tot een contract en de proeftijd is doorlopen dan wordt daar een vergoeding voor uitgekeerd. Inmiddels is deze bonus vier keer uitgekeerd. Moeilijk vervulbare functies Ondanks de krappe arbeidsmarkt worden toch successen geboekt bij het vervullen van functies. In het 1e kwartaal van 2023 zijn de lang openstaande functies van HR-beleidsadviseur, applicatiebeheerder en beleidsadviseur fiscaal juridisch ingevuld. Tevens zijn drie WOZ-taxateurs gestart. Maar er staan ook een aantal vacatures open.

Deels hoort dat ook bij een normaal personeelsverloop. Verzuim Over de maanden januari tot en met april was het gemiddelde ziekteverzuimpercentage 10,1%. De meldingsfrequentie is 1,4 en de gemiddelde verzuimduur is 43,6 dagen. Vanaf februari 2023 zien wij echter een significante daling in het verzuim ten opzichte van de voorgaande maanden en ten opzichte van dezelfde periode van vorig jaar.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 16

Werk en niet werk gerelateerd verzuim Het merendeel van het verzuim wordt veroorzaakt door niet werk gerelateerd verzuim. Dit verzuim wordt veroorzaakt door oorzaken in de privésfeer. Het betreft hier zowel fysieke aandoeningen alsmede mentale klachten. In veel gevallen worden de zieke medewerkers geconfronteerd met wachtlijsten voor een specifieke behandeling. Wanneer mogelijk probeert de BWB hier invloed op uit te oefen door zelf hulp in te kopen, denk hierbij aan psychologische ondersteuning. Echter in een aantal situaties is dit niet mogelijk en dienen de collega’s te wachten totdat er ruimte is om de behandeling op te starten.

Verzuimpercentage 13,0% 12,4% 12,0% 11,6%

11,5%

11,3% 11,0%

10,6% 10,4%

10,6% 10,0%

9,8%

9,0% 8,6% 8,0%

8,3%

jan-23

feb-23

mrt-23

apr-23

Verzuimpercentage 2023

Gemideld verzuimpercentage 2023

Verzuimpercentage 2022

Gemideld verzuimpercentage 2022

Verzuimduur in percentage Januari tot en met april 2023 9,0%

Totaal: 7,9%

8,0% 1,8%

7,0% 6,0% 5,0% 4,0%

6,1%

3,0% 2,0% 1,0% 0,0%

Totaal: 1,0%

Totaal: 1,1%

1,0%

1,1%

Kort (<11 dagen)

Middellang (11 t/m 42 dagen)

Verzuimduur niet-werkgerelateerd

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 17

Lang (> 42 dagen)

Verzuimduur werkgerelateerd

Verzuimbegeleiding De teammanagers blijven veel aandacht hebben voor het verzuim. Ze worden hierbij ondersteund door de bedrijfsarts en het team P&O van de BWB. De ingezette intensieve verzuimbegeleiding blijft gecontinueerd worden. Naast de begeleiding van de zieke collega’s zal in 2023 ook worden ingezet op het voorkomen van verzuim. In de 2e helft van 2023 start en een nieuwe HR-beleidsadviseur die veel ervaring met zich meebrengt in het voorkomen van verzuim. Om een verdiepingsslag te kunnen maken in de verzuimbegeleiding heeft de BWB ervoor gekozen om een nieuwe bedrijfsarts te zoeken. Dit proces is in het eerste kwartaal van 2023 opgestart. De verwachting is dat de nieuwe bedrijfsarts zal starten per 1 augustus van dit jaar. Met de hierboven genoemde acties hoopt de BWB dat de daling van het verzuim in de 2e helft van 2023 wordt doorgezet. Loonontwikkeling In 2023 is er een nieuwe cao SGO afgesloten. In deze cao is onder andere een loonsverhoging met terugwerkende kracht vanaf 2 januari 2023 van € 240,- en daarna 2%. Functiewaardering In het eerste kwartaal is de functie van WOZ-taxateur geherwaardeerd. Er is voor gekozen om met drie onderscheidende niveaus van taxateurs te gaan werken. Het betreft de functies van: trainee taxateur, taxateur en register taxateur.

De invoering van deze functies levert een tweetal voordelen op: het behoud van ervaren taxateurs, het bieden van loopbaanpaden aan zittende en nieuwe collega’s. De wijziging moet nog wel worden verwerkt in de personeelsbegroting. In 2023 staat een traject gepland om te kijken naar de functies van de coördinatoren binnen de BWB. De verwachting is dat dit traject in de 2e helft van 2023 kan worden afgerond.

3.2

Informatisering en automatisering

Op het gebied van ICT en Informatieveiligheid zijn er in 2023 geen nieuwe projecten te benoemen voor de eerste bestuursrapportage. Wel is er op beide vlakken sprake van doorontwikkeling. Zo zijn op het gebied van Informatieveiligheid de meeste beleidsstukken en uitgangspunten geactualiseerd. Daarnaast blijft het personeel van de BWB continue getraind worden op het herkennen van verdachte situaties. Vanuit formeel oogpunt kan gesteld worden dat de BWB binnen het kader van de Baseline Informatieveiligheid Overheden (BIO) weer een aantal verschillende stappen heeft gezet en daardoor een veiliger ICT-omgeving heeft gecreëerd. Deze ontwikkeling zal dan ook doorgezet worden. Op het gebied van ICT is de ontwikkeling te zien in bewegingen als het werken in Microsoft 365, het steeds

meer

ontwikkelen

van

SaaS-oplossingen

en

het

verder

verbeteren

van

de

managementinformatie-voorziening. Daarnaast is de eerder ingevoerde robotisering (RPA) verder uitgerold op het gebied van WOZ bezwaren om uiteindelijk minder bewerkingstijd per bezwaar te hebben.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 18

De implementatie van nieuwe Belastingapplicatie is afgerond. De applicatie werkt inmiddels stabiel en risico’s hieromtrent zijn verwijderd. Formele oplevering vindt plaats in juni 2023.

3.4

Control

Het verbeteren van de administratieve organisatie en interne beheersing (AO/IB) van de BWB is in 2022 hervat. Prioriteit voor 2023 ligt op de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording. Over het boekjaar 2023 legt het dagelijks bestuur van de BWB rechtstreeks verantwoording af over de (financiële) rechtmatigheid van het gevoerde bestuur, aan de hand van de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening. De accountant controleert vervolgens de rechtmatigheidsverantwoording op getrouwheid. De accountant beoordeelt of hetgeen het dagelijks bestuur meldt in de rechtmatigheidsverantwoording, juist en volledig is. Om de rechtmatigheidsverantwoording succesvol in te voeren worden de noodzakelijke activiteiten op dit moment uitgevoerd (actualisatie ic-plan, risicoanalyses, procesbeschrijvingen en interne controles actualiseren). Het algemeen bestuur zal in oktober voorstellen voorgelegd krijgen om invulling te geven aan haar kaderstellende rol in deze. Het gaat hierbij over de reikwijdte van de controle, de te hanteren verantwoordingsgrenzen, rapporteringstoleranties en de wijze van rapporteren. Dit wordt formeel vastgelegd in de verordeningen en protocollen.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 19

4.

Weerstandsvermogen & risicobeheersing

4.1

Algemeen

In

de

paragraaf

weerstandsvermogen

en

risicobeheersing

wordt

inzicht

gegeven

in

de

weerstandscapaciteit van de BWB. De weerstandscapaciteit is de mate waarin onvoorziene, financiële tegenvallers kunnen worden opgevangen zonder dat verandering van beleid noodzakelijk is. Om dit te kunnen beoordelen, dient er inzicht te zijn in de omvang en achtergronden van de aanwezige weerstandscapaciteit en de risico’s die voor de BWB aanwezig zijn.

4.2

Inventarisatie weerstandscapaciteit

Onder weerstandscapaciteit wordt verstaan de middelen en mogelijkheden die de organisatie heeft om onverwachte, niet-begrote kosten te kunnen dekken. Voorbeelden van deze middelen zijn het vrij aanwendbare gedeelte van de algemene reserve, de onbenutte belastingcapaciteit en de post onvoorzien die in de begroting is opgenomen. Voor de BWB geldt dat zij geen reserves en onbenutte belastingcapaciteit heeft. De enige vorm van weerstandsvermogen is de post onvoorzien ad € 80.000 die in de begroting is opgenomen. In deze bestuursrapportage wordt de post onvoorzien volledig aangewend om in te spelen op de stijging van het aantal waardebezwaren.

4.3

Risicobeheersing

Om een juist beeld van de financiële positie van de BWB te krijgen, is het noodzakelijk dat helder is met welke risico’s de samenwerking kan worden geconfronteerd. Onder risico wordt in dit verband verstaan ‘een niet door de BWB te beïnvloeden gebeurtenis, onvoorspelbaar en onafwendbaar als deze zich voordoet, met veelal financiële of materiële gevolgen die niet specifiek af te dekken zijn’. De BWB streeft ernaar om risico’s zoveel mogelijk te ondervangen door zorgvuldigheid in de uitvoering van procedures, het treffen van beheersmaatregelen en de benodigde verzekeringen af te sluiten. Het vormen van een financiële buffer in de vorm van reserves is op basis van de verordening uitgesloten. Op grond van artikel 31, lid 4 van de gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking WestBrabant zijn de deelnemers verplicht er zorg voor te dragen dat de BWB te allen tijde beschikt over voldoende middelen om aan al haar verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. Concreet betekent dit dat de risico’s voor rekening van de deelnemers komen.

4.4

Risicoanalyse

Het is van belang periodiek een analyse van de risico’s te maken, welke de financiële zelfstandigheid van functioneren van de samenwerking in gevaar kunnen brengen.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 20

Een van de risicovolle ontwikkelingen binnen het primaire proces is de invloed van de no cure no pay bedrijven. In de begroting van 2023 is primair rekening gehouden met 14.000 WOZ-bezwaren (op grond van de vastgestelde waarde) en een bedrag van € 700.000 voor proceskostenvergoeding. Via de kadernota en begroting 2024 is aangekondigd het budget voor proceskosten via de 1e Bestuursrapportage 2023 aan te passen aan het arrest van de Hoge Raad (naar € 1.000.000). Het aantal WOZ-bezwaren is gestegen naar afgerond 21.000. Dit brengt een aantal risico’s met zich mee welke in het programma Waarderen en de inleiding uitgebreid zijn toegelicht. De BWB heeft er vooralsnog voor gekozen geen verdere verhoging van het budget door te voeren maar adviseert de gemeentelijke deelnemers nadrukkelijk hier wel rekening mee te houden bij het opstellen van risico-paragraaf en het bepalen van de benodigde weerstandscapaciteit. Alle andere risico’s blijven gelijk aan de jaarrekening 2022, er zijn geen nieuwe risico’s toegevoegd. Aanpassing bepalen risicoprofiel Het totale financiële risico afgezet tegen de kans dat een dergelijk risico zich voordoet, geeft een beeld over het risicoprofiel van de BWB. (Risico = Kans x Gevolg). In bijlage 1 zijn de risico’s opgenomen. Concreet levert dit een risicoprofiel op van € 305.000.

Genoemd risicoprofiel kan/dient normaliter te worden afgedekt door de aanwezige weerstandscapaciteit van de organisatie. In de Gemeenschappelijke regeling van de BWB is echter besloten dat door de organisatie geen algemene reserve mag worden gevormd. De enige vorm van weerstandscapaciteit waarover de BWB normaliter beschikt, is de in de begroting opgenomen post onvoorzien. Deze is in 2023 ingezet ten behoeve van de stijging van de waardebezwaren Indien zich in de praktijk een risico aandient, zal dit door de deelnemers zelf moeten worden afgedekt. In dat kader is het belangrijk dat het bestuur zich bewust is van de mogelijke risico’s die horen bij de uitvoering van het beheer en het beleid van de BWB.

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 21

5.

Financiën

5.1 Overzicht exploitatie 2023 In de het onderstaande overzicht wordt weergeven hoe de baten en lasten zich in 2023 zich ontwikkelen ten opzichte van de primaire begroting 2023. In de begrotingswijziging zijn de mutaties verwerkt zoals toegelicht in de kadernota 2024-2027 en begroting 2024. Deze worden toegelicht in paragraaf 5.2. Op basis van de realisatie over de periode januari tot en met april 2023 heeft een extrapolatie plaatsgevonden.

Lasten

Primaire begroting 2023

Begrotingswijziging

Begroting na wijziging

Waarderen

4.840.000

1.207.000

6.047.000

Heffen

2.146.000

236.000

2.382.000

Invordering

2.165.000

91.000

2.256.000

Subtotaal programma's

9.151.000

1.534.000

10.685.000

Kosten overhead

8.888.000

863.000

9.751.000

7.000

-

7.000

-

-

-

80.000

-80.000

-

Subtotaal overhead

8.975.000

783.000

9.758.000

Totaal lasten

18.126.000

2.317.000

20.443.000

Treasury Vennootschapsbelasting Post onvoorzien

Baten

Primaire begroting 2023

Begrotingswijziging

Begroting na wijziging

Waarderen

-

-

-

Heffen

-

-

-

Invordering

-

-

-

Subtotaal programma's

-

-

-

255.000

15.000

270.000

-

240.000

240.000

17.871.000

2.062.000

19.933.000

Vennootschapsbelasting

-

-

-

Post onvoorzien

-

-

-

Subtotaal overhead

18.126.000

2.317.000

20.443.000

Totaal baten

18.126.000

2.317.000

20.443.000

Opbrengst overhead Treasury Bijdragen deelnemers

1e Bestuursrapportage 2023

Pagina 22

5.2

Toelichting budgetten begroting 2023

Algemeen Voordat wordt ingegaan op de confrontatie tussen de begroting 2023 en de eerste bestuursrapportage 2023 voor de diverse programma’s wordt eerst een inzicht gegeven van de uiteindelijke verwerking van de kaders 2023 uit de kadernota 2024.

Kaders 2023 uit kadernota 2024

Begroting 2023 na wijziging

Primaire begroting 2023

17.966.000

18.126.000

-160.000

Correctie indexatie 2023*

1.074.000

1.308.000

-234.000

Proceskosten NCNP uitspraak Hoge Raad

300.000

300.000

-

Uitvoeringskosten toetreding Loon op Zand

318.000

259.000

59.000

PM (450.000)

PM (450.000)

-

20.108.000

20.443.000

-335.000

Omschrijving

Proceskosten NCNP 2023

Totaal

Verschil

*) Deze correctie bevat ook een uitbreiding van € 240.000 aan renteopbrengsten. Dit wordt aangemerkt als extra dekkingsmiddel en resulteert niet in een stijging van de deelnemersbijdrage, waardoor het werkelijke verschil gelezen moet worden als € 6.000 voordelig.

Op basis van het bovenstaande beeld is de begroting € 335.000 nadeliger uitgevallen, dan in de kadernota is geschetst, waarvan € 240.000 is opgevangen door extra renteopbrengsten. Allereerst is de actualisatie tarief- en productiestijging 2023 doorgevoerd. In de kadernota 2024 staat beschreven dat dit 7,0% voor personele lasten bedraagt en 9,9% voor materiële lasten. De werkelijke uitvraag in de begroting is echter hoger omdat er actuelere inzichten zijn verwerkt zoals in het caoakkoord 2023. Het cao-akkoord brengt € 109.000 aan meerkosten met zich mee dan dat in de kadernota is beschreven. Als de actuele inzichten niet verwerkt waren zou dit resulteren in een lagere wijziging ten opzichte van de financiële paragraaf in de kadernota. De correctie indexatie 2023 zou, rekening houdend met de renteopbrengst van € 240.000 en het cao-akkoord van € 109.000, een verschil opleveren van € 115.000 voordelig. De uitspraak van de Hoge Raad omtrent de no-cure-no-pay bureaus is één op één overgenomen. De toetreding van de Gemeente Loon op Zand valt € 59.000 voordeliger uit door een kleinere uitvraag van personeel als gevolg van de toetreding. De waardebezwaren waren als PM-post opgenomen, maar wordt zoals ook in de voortgang van de primaire processen is geschetst, geraamd op € 450.000 extra. Hier wordt later in paragraaf 5.3 nog bij stil gestaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13075011/3