1. b&w Interbestuurlijk Toezicht VTH-Taken
Tekst van het document
Daarnaast is het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 op 12 maart 2024 door ons college vastgesteld. De OMWB heeft haar eigen jaarverslag echter pas op 29 april 2024 aan de gemeenteraad toegestuurd, waardoor het niet mogelijk was deze bij eerder genoemde documenten mee te sturen. Deze stukken sturen wij u als bijlage bij deze reactie toe. Verwerking reactie: Bij dit procescriterium gaat het erom dat B&W evalueren over de naleving van de kwaliteitscriteria, zowel voor de eigen organisatie als ook de uitbestede werkzaamheden. Bij commerciële bedrijven kan verzocht worden om een leveranciersbeoordeling. De nagestuurde Jaarstukken 2023 van de OMWB gaan in Bijlage 1 in op de Kwaliteitscriteria 2.2. Vermeld wordt dat vanaf 2024 geëvalueerd zal worden aan de hand van versie 2.3. Het is opmerkelijk dat een gerenommeerd bureau als Libereaux niet de juiste versie heeft toegepast bij haar onderzoek, aangezien de Kwaliteitscriteria 2.3 sinds 2022 van toepassing zijn. Overigens is het een keus van de OMWB de evaluatie over de naleving van de kwaliteitscriteria in de Jaarstukken op te nemen. Een alternatief is de T3-rapportage van de OMWB, die gemeenten eerder in het lopende jaar ontvangen en waarin wordt teruggekeken op het afgelopen jaar. De toelichting van gemeente Rucphen geeft dan ook geen aanleiding het toezichtoordeel te herzien.
Definitief oordeel: Voldoet gedeeltelijk Vraag 3. Voldoen B&W aan deskundigheidsgebied 27 (Cultuurhistorie) van de actuele kwaliteitscriteria U&H? Toelichting wetgever: Deskundigheidsgebied 27 van de actuele kwaliteitscriteria 2.3 (deel B kritieke massa) bevat de eisen aan de U&H-medewerkers en aan de organisaties die de daar genoemde activiteiten op het gebied van cultuurhistorie uitvoeren. De criteria voor kritieke massa hebben geen relatie met de omvang van het werkaanbod. Ze geven de organisaties een ondergrens van het aantal medewerkers en hun deskundigheid, die nodig is om activiteiten in continuïteit uit te kunnen voeren. Voorlopig oordeel: Voldoet niet
3
Tekortkomingen: Op de uitvoering en handhaving van de basis- en plustaken zijn, zoals weergegeven in de Verordening uitvoering en handhaving Omgevingsrecht, de kwaliteitscriteria van toepassing. In de U&H-strategie is aangegeven dat de werkzaamheden op het gebied van erfgoed en monumentenzorg worden uitgevoerd door de Omgevingsdienst. In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023, alsmede de onderliggende Werkprogramma 2024 van de omgevingsdienst wordt niet ingegaan op evaluatie over naleving van de kwaliteitscriteria door de omgevingsdienst waardoor de raad hierover ook niet wordt geïnformeerd. Verbeterpunten: Zorg voor of toon aan dat de omgevingsdienst evalueert over de naleving van de kwaliteitscriteria VTH en informeer uw raad hierover. Aanbeveling: Neem de evaluatie over de naleving van de kwaliteitscriteria VTH door de Omgevingsdienst op in de dienstverleningsovereenkomst tussen uw gemeente en de omgevingsdienst. Hierdoor wordt dit ook onderdeel wordt van de jaarlijkse rapportage van de Omgevingsdienst. Reactie gemeente: De Omgevingsdienst is een Gemeenschappelijke Regeling (GR) en rapporteert derhalve zelfstandig aan de deelnemers. Alle relevante stukken – begroting, kadernota en jaarrekening / jaarverslag – deelt de Omgevingsdienst zelfstandig met de deelnemende gemeenteraden.
Deze documenten worden opgesteld door het DB, voor advies voorgelegd aan het P&C-panel en daarna voor bespreking geagendeerd voor het Ambtelijk Overleg (AO) en daarna het Bestuurlijk Overleg (BO). De bestuurders worden voorafgaande aan het Bestuurlijk Overleg geadviseerd door hun ambtenaren. Na instemming in het BO gaan deze stukken ter vaststelling of ter kennisname naar de gemeenteraden. Gelet op de GR-structuur en de onafhankelijke positie van de Omgevingsdienst zijn wij van mening dat de dienst zelf moet rapporteren over de VTH-kwaliteitscriteria. De bijsturing verloopt immers ook via de GR-structuur. Deze opmerking is ook opgenomen in het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 in hoofdstuk 5 (IBT) op pagina 10. Daarnaast is het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 op 12 maart 2024 door ons college vastgesteld. De OMWB heeft haar eigen jaarverslag echter pas op 29 april 2024 aan de gemeenteraad toegestuurd, waardoor het niet mogelijk was deze bij eerder genoemde documenten mee te sturen. Deze stukken sturen wij u als bijlage bij deze reactie toe. Verwerking reactie: Bij dit procescriterium gaat het erom dat B&W evalueren over de naleving van de kwaliteitscriteria, zowel voor de eigen organisatie als ook de uitbestede werkzaamheden. Bij commerciële bedrijven kan verzocht worden om een leveranciersbeoordeling.
De nagestuurde Jaarstukken 2023 van de OMWB gaan in Bijlage 1 in op de Kwaliteitscriteria 2.2. Vermeld wordt dat vanaf 2024 geëvalueerd zal worden aan de hand van versie 2.3. Het is opmerkelijk dat een gerenommeerd bureau als Libereaux niet de juiste versie heeft toegepast bij haar onderzoek, aangezien de Kwaliteitscriteria 2.3 sinds 2022 van toepassing zijn. Overigens is het een keus van de OMWB de evaluatie over de naleving van de kwaliteitscriteria in de Jaarstukken op te nemen. Een alternatief is de T3-rapportage van de OMWB, die gemeenten eerder in het lopende jaar ontvangen en waarin wordt teruggekeken op het afgelopen jaar. De toelichting van gemeente Rucphen geeft dan ook geen aanleiding het toezichtoordeel te herzien. Definitief oordeel: Voldoet niet
4
Uitvoerings- en handhavingsstrategie (U&H-strategie) Vraag 4: Stellen B&W een U&H-strategie vast in een of meer documenten waarin
gemotiveerd wordt aangegeven welke U&H-doelen worden gesteld en welke werkzaamheden met het oog op die doelen zullen worden verricht?
(Ob art. 13.5, lid 1 en Ob art. 13.6) Toelichting wetgever: Het is de bedoeling dat gemeenten en waterschappen ieder voor zich een U&H-strategie vaststellen en schriftelijk vastleggen. Dat kan in een gezamenlijk U&H-document of apart. U&H-strategie bevat het geheel van prioriteiten, doelstellingen, strategie en werkwijze. Voor uitvoering hoort daar een analyse van inzichten, technieken en werkwijzen bij. Het op elkaar afstemmen van doelen van uitvoering en handhaving is belangrijk. U&H-strategie wordt, indien nodig, ook afgestemd met andere bestuursorganen. Met wie hangt af van de vraag welke andere bestuursorganen door het beleid worden geraakt, bijvoorbeeld omdat samenwerking aan de orde is. Een goede interne afstemming tussen de werkeenheden uitvoering en handhaving en met andere werkterreinen binnen de eigen organisatie is ook van belang. Definitief oordeel: Voldoet Op 16 januari 2024 heeft het college de U&H-strategie vastgesteld. In de U&H-strategie hoofdstuk 6 worden de prioriteiten en doelen verder uitgewerkt. In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 hoofdstuk 9, 10 en 11 wordt aangegeven welke activiteiten daartoe worden uitgevoerd. Vraag 5: Wordt de handhavingsstrategie gebaseerd op een analyse van de problemen die zich kunnen voordoen bij de naleving van het bepaalde bij of krachtens de wet? (Ob art.
13.5, lid 4) Toelichting wetgever: Er moet sprake zijn van door het bestuursorgaan schriftelijk vastgelegde handhavingsdoelstellingen. Deze moeten gebaseerd zijn op een probleemanalyse waarbij het bestuursorgaan in kaart heeft gebracht voor welke regelgeving (de Ow en het bij of krachtens de andere betrokken wetten bepaalde) het de zorg voor de bestuursrechtelijke handhaving is opgedragen, wat de kansen op overtredingen van die regelgeving zijn en wat de effecten van die overtredingen voor de fysieke leefomgeving zijn. Een goede probleem- of risicoanalyse is één van de belangrijkste factoren om een kwalitatief goede beleidscyclus te realiseren. Op basis van de probleemanalyse bepaalt het bestuursorgaan welke activiteiten nodig zijn om de in kaart gebrachte handhavingsdoelen te bereiken en welke prioriteiten het daarbij stelt. Definitief oordeel: Voldoet In de U&H-strategie hoofdstuk 5 wordt ingegaan op de werkwijze bij het opstellen van de risicoanalyse en de totstandkoming van de prioriteiten. De prioriteringslijst voor de De6 en de gemeente Rucphen zijn opgenomen respectievelijk in hoofdstuk 6 als bijlage 2. Vraag 6: Gaan B&W in de U&H-strategie ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed? (Ow art. 1.2 en Ob art.
13.5) Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 1.2 dat de fysieke leefomgeving in ieder geval ook het onderdeel erfgoed omvat. Daarmee zijn de wettelijke procescriteria U&H ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in de omgevings-/probleemanalyse en de prioriteitenstelling die tot de U&Hstrategie behoren wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Als gemeenten de U&H-taken op het gebied van erfgoed niet goed uitvoeren, is het risico groot dat cultureel erfgoed beschadigd wordt of zelfs verloren gaat.
5
Definitief oordeel: Voldoet In de U&H-strategie hoofdstuk 6 en bijlage 2 wordt cultureel erfgoed meegenomen in de risicoanalyse en de prioriteitenstelling. Aan het onderdeel bouwen voor monumenten wordt een hoge prioriteit toegekend. Aanvragen voor monumenten worden getoetst door de monumentencommissie. Voor de locaties die vallen onder de erfgoedverordening (monumenten) wordt een programmatisch toezichtprogramma opgesteld om verval of slecht onderhoud te voorkomen. De Omgevingsdienst voert de taken uit op het gebied van erfgoed en monumentenzorg. Vraag 7: Gaan B&W in de U&H-strategie ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving van de regels in het omgevingsplan? (Ow art. 1.2, 2.4 en Ob art. 13.5) Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 2.4 dat de gemeenteraad voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan vaststelt waarin regels over de fysieke leefomgeving worden opgenomen. De wettelijke procescriteria U&H zijn ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in de omgevings-/probleemanalyse en de prioriteitenstelling die tot de U&H-strategie behoren wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Definitief oordeel: Voldoet In de U&H-strategie paragraaf 6.1 en bijlage 2 worden de bestuurlijke uitvoerings- en handhavingstaken met hun prioriteiten aangegeven.
Hierin is ook naleving van voorschriften uit het bestemmingsplan opgenomen waarbij voor de afzonderlijke taken verschillende prioritering is toegekend. In de U&H-strategie paragraaf 7.1 t/m 7.4 wordt aangegeven dat de hiertoe verschillende strategieën (landelijke strategieën aangevuld met regionale afspraken en gemeentelijke werkwijze) worden ingezet voor uitvoering en handhaving.
Uitvoeringsprogramma Vraag 8. Werken B&W jaarlijks de U&H-strategie uit in een uitvoeringsprogramma, waarin wordt aangegeven welke werkzaamheden het komende jaar zullen worden verricht, waarbij zij rekening houden met de gestelde doelen en gestelde prioriteiten? (Ob art. 13.6 lid 1) Toelichting wetgever: Het uitvoeringsprogramma dat het bestuursorgaan jaarlijks moet opstellen voor zijn activiteiten, legt een relatie met de geldende vastgestelde U&H-strategie. Het programmeren van de activiteiten moet plaatsvinden in lijn met de prioriteitenstelling van activiteiten die op haar beurt weer in relatie moet staan met het bereiken van de door het bestuursorgaan geformuleerde doelen. Definitief oordeel: Voldoet Op 12 maart 2024 is het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 door het college vastgesteld. In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 hoofdstukken 9, 10 en 11 wordt aangegeven welke van de vastgestelde activiteiten het komende jaar worden uitgevoerd. In de U&H-strategie paragraaf 2.4 is aangegeven met welke externe partners wordt samengewerkt. In het Werkprogramma 2024 gemeente Rucphen, worden de (verzoek- en basis) taken weergegeven welke zijn belegd bij de Omgevingsdienst.
6
Vraag 9. Gaan B&W in het uitvoeringsprogramma U&H ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed? (Ow art. 1.2 en Ob art. 13.6 lid 1) Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 1.2 dat de fysieke leefomgeving in ieder geval ook het onderdeel erfgoed omvat. Daarmee zijn de wettelijke procescriteria U&H ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in het uitvoeringsprogramma ook wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Als gemeenten de U&H-taken op het gebied van erfgoed niet goed uitvoeren, is het risico groot dat cultureel erfgoed beschadigd wordt of zelfs verloren gaat. Definitief oordeel: Voldoet In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 paragraaf 9.1, 9.2 en 9.8 wordt ingegaan
op de uitvoering en handhaving en worden de hiervoor benodigde uren inzichtelijk gemaakt. Vraag 10: Gaan B&W in het uitvoeringsprogramma U&H ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving van de regels in het omgevingsplan? (Ow art. 1.2, 2.4 en Ob art. 13.6 lid 1) Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 2.4 dat de gemeenteraad voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan vaststelt waarin regels over de fysieke leefomgeving worden opgenomen. De wettelijke procescriteria U&H zijn ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in het uitvoeringsprogramma ook wordt ingegaan op voornoemd onderdeel. Definitief oordeel: Voldoet In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 paragraaf 8.3, 9.3, 9.6 en 9.7 wordt
ingegaan op de uitvoering en handhaving en worden de hiervoor benodigde uren inzichtelijk gemaakt. Vraag 11: Stellen B&W het uitvoeringsprogramma U&H jaarlijks vóór 1 februari vast? (Verordening systematische toezichtinformatie Noord-Brabant) Toelichting wetgever: Jaarlijks wordt de U&H-strategie uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma met de uit te voeren activiteiten in het komende jaar. De provincie heeft de wettelijke taak van interbestuurlijk toezichthouder op de kwaliteit van de taakuitvoering door gemeenten en waterschappen onder meer op het domein omgevingsrecht. Doel is om informatie te verschaffen om systematisch toezicht te kunnen uitoefenen. Definitief oordeel: Voldoet niet. Op 12 maart 2024 is het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 door het college vastgesteld. Daarmee is het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 meer dan een maand te laat bestuurlijk vastgesteld, wat direct zou moeten leiden tot actief toezicht. Echter voorgaande jaren heeft de gemeente alle VTH-documenten tijdig vastgesteld en was het Beleidsplan VTH actueel. Gemeente Rucphen beschikt nu ook over een actueel U&H-strategie en heeft tijdig aangegeven waarom het dit jaar niet is gelukt om het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 vóór 1 februari 2024 vast te stellen en welke maatregelen inmiddels zijn genomen om herhaling te voorkomen.
Daarom wordt de gemeente niet onder actief toezicht geplaatst, omdat wij dit als incident beschouwen met daarbij de waarschuwing voor actief toezicht indien in de IBT-beoordelingsronde 2025 documenten te laat of niet worden aangeleverd. Dat voor het onderdeel U&H-programma 2024, de gemeente rood kleurt op de IBTkleurenkaartjes.
7
Borging van middelen Vraag 12: Dragen B&W er zorg voor dat: a. De voor het bereiken van de doelen en voor het verrichten van de werkzaamheden, benodigde en beschikbare financiële en personele middelen inzichtelijk worden gemaakt en in de begroting worden gewaarborgd; b. Voor de uitvoering van het uitvoeringsprogramma voldoende financiële en personele middelen beschikbaar zijn? (Ob art. 13.10) Toelichting wetgever: De gemeente zorgt ervoor dat de voor de uitvoering van de U&H-strategie benodigde en beschikbare financiële en personele middelen in de begroting worden opgenomen en worden toegelicht. Voor de in het uitvoeringsprogramma concreet beschreven activiteiten moet worden aangegeven wat de voor die activiteiten benodigde en beschikbare capaciteit en financiële middelen zijn. Capaciteit en financiële middelen moeten uiteraard toereikend zijn voor de uitvoering van het programma. Dit geldt niet alleen bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma; ook tijdens de uitvoering moeten de capaciteit en financiële middelen worden bewaakt. Definitief oordeel: Voldoet 12a Voldoet In de U&H-strategie paragraaf 2.3 wordt aangegeven dat de doorwerking van de prioriteiten en doelen op de personele en financiële capaciteit plaatsvindt in de jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s en wordt geborgd in de begroting.
In de U&H-strategie hoofdstuk 8 en het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 hoofdstuk 8 worden capaciteit en financiële middelen inzichtelijk gemaakt, die nodig zijn voor het uitvoeren van strategieën, het bereiken van gestelde doelen en hoe deze in de begroting worden geborgd. 12b Voldoet In de U&H-strategie paragraaf 8.2 is opgenomen dat indien uit de monitoring van de indicatoren blijkt dat de doelstelling niet gerealiseerd wordt, wordt (afhankelijk van het moment van constateren) hiervoor een verklaring opgenomen in het jaarverslag. Indien nodig worden verbetermaatregelen voorgesteld die ertoe dienen te leiden dat in het vervolg de doelstelling wel gerealiseerd wordt.
Evaluatierapportage Vraag 13. Rapporteren B&W jaarlijks over de mate waarin uitvoering van het uitvoeringsprogramma heeft plaatsgevonden en de mate waarin deze uitvoering heeft bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen? (Ob art. 13.11, lid 1) Toelichting wetgever: Een cyclisch verlopend uitvoeringsproces wordt door middel van evaluatie afgesloten met een rapportage over en verantwoording van de uitgevoerde activiteiten aan de gemeenteraad. Daarbij wordt getoetst of de geleverde inspanningen ook het bereiken van de uitvoeringsdoelstellingen hebben opgeleverd. Indien deze doelstellingen zijn bereikt, zal dit in algemene zin leiden – indirect – tot positieve effecten op de omgevingskwaliteit. Indien deze doelstellingen niet zijn bereikt, kan dit leiden tot conclusies en aanbevelingen over aanpassingen van de U&H-strategie, het uitvoeringsprogramma of de uitgevoerde U&H-activiteiten. Voor input voor het uitvoeringsprogramma van het komende jaar is het belangrijk dat de interne evaluatie voorafgaand aan het opstellen van het uitvoeringsprogramma wordt gedaan.
8
Definitief oordeel: Voldoet In de U&H-strategie hoofdstuk 7.6 wordt aangegeven dat de gemeente jaarlijks evalueert of de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsprogramma’s zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen? In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 hoofdstuk 7 wordt beschreven dat hoe de gemeente het monitoren en registeren heeft ingevuld om o.a. te voldoen aan de wettelijke eis, maar ook voor hun interne sturing, zowel voor de eigen organisatie als voor de Omgevingsdienst. In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 hoofdstuk 9, 10 en 11 evalueert de gemeente of de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsprogramma’s zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen. Vraag 14. Wordt naar aanleiding van het evaluatierapport de uitvoerings- en handhavingsstrategie bezien en zo nodig aangepast? (Ob, art. 13.11, lid 2) Toelichting wetgever: De U&H-strategie wordt regelmatig bezien en waar nodig aangepast. De periode waarop de strategie betrekking dient te hebben, is niet voorgeschreven. Het ligt echter voor de hand dat het beleid betrekking heeft op een periode van minstens een jaar. Het bestuursorgaan is vrij om een langere periode te kiezen.
Het feit dat de periode waarvoor het beleid wordt vastgesteld meerdere jaren kan bedragen, neemt niet weg dat ten minste eenmaal per jaar moet worden bezien of de vastgestelde strategie door wijziging van het desbetreffende document moet worden aangepast. Tussentijdse aanpassingen doorvoeren en opnemen als strategie is ook mogelijk. Definitief oordeel: Voldoet In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 hoofdstuk 7 wordt aangegeven dat de monitorresultaten worden gebruikt voor bijsturing van de operationele cyclus en als input voor de beleidsevaluatie. In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 hoofdstuk 9, 10 en 11 evalueert de gemeente of de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsprogramma’s zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen. Vraag 15. Gaan B&W in het evaluatierapport ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed? (Ow art. 1.2 en Ob art. 13.11) Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 1.2 dat de fysieke leefomgeving in ieder geval ook het onderdeel erfgoed omvat. Daarmee zijn de wettelijke procescriteria U&H ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in het evaluatierapport wordt ingegaan op voornoemd onderdeel.
Het gaat daarbij mede om de manier waarop is omgegaan met klachten en verzoeken van burgers. Als gemeenten de U&H-taken op het gebied van erfgoed niet goed uitvoeren, is het risico groot dat onroerend cultureel erfgoed beschadigd wordt of zelfs verloren gaat.
Opmerking IBT: het evaluatierapport gaat over het uitvoeringsjaar 2023. In dat jaar was de Wabo nog van toepassing met verwijzing naar de Monumentenwet 1988 en de Erfgoedwet (Wabo art. 5.1). D.w.z. dat in de evaluatie aandacht dient te worden besteed aan de uitvoering en de handhaving van het onderdeel ‘vergunningen tot wijziging, sloop of verwijdering’. Het gaat daarbij mede om de manier waarop is omgegaan met klachten en verzoeken van burgers. Voorlopig oordeel: Voldoet niet
9
Tekortkoming: In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 wordt niet ingegaan op de evaluatie voor de uitoefening van de uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed. Noch voor de werkzaamheden die worden uitgevoerd door de eigen organisatie als voor de onderdelen die zijn belegd bij de omgevingsdienst. Verbeterpunten: Zorg voor een evaluatie over de uitoefening van de uitvoering en handhaving voor het onderdeel cultureel erfgoed voor de werkzaamheden die worden uitgevoerd door de eigen organisatie als voor de werkzaamheden die zijn belegd bij de omgevingsdienst en informeer uw raad hierover. Reactie gemeente: Eigen organisatie In het VTH-beleid bijlage 2 wordt bij het onderdeel bouwen voor monumenten een hoge prioriteit toegekend. In het VTH-beleid paragraaf 9.1 (activiteit bouwen) wordt specifiek ingegaan op de aanpak uitvoering en handhaving omtrent monumenten. Hierbij wordt actief samengewerkt met het Rijk (landelijke regelgeving) en de provincie (provinciale regelgeving). Aan vergunningverlening en handhaving wordt een hoge prioriteit toegekend met (minimaal) toetsingsniveau 3 (zie ook de U&H-strategie).
De evaluatie van de uitvoering en handhaving, de daarvoor benodigde uren en het bereiken van de gewenste doelen is integraal onderdeel van alle andere zaken en derhalve in haar volledigheid overgenomen in de evaluatie van hoofdstuk 13 van het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023. De gemeente Rucphen erkent wel dat hiervoor binnen dit hoofdstuk geen aparte paragraaf is opgenomen. Hier zullen wij volgend jaar extra aandacht aan besteden.
Omgevingsdienst De Omgevingsdienst is een Gemeenschappelijke Regeling (GR) en rapporteert derhalve zelfstandig aan de deelnemers. Alle relevante stukken – begroting, kadernota en jaarrekening / jaarverslag – deelt de Omgevingsdienst zelfstandig met de deelnemende gemeenteraden. Deze documenten worden opgesteld door het DB, voor advies voorgelegd aan het P&C-panel en daarna voor bespreking geagendeerd voor het Ambtelijk Overleg (AO) en daarna het Bestuurlijk Overleg (BO). De bestuurders worden voorafgaande aan het Bestuurlijk Overleg geadviseerd door hun ambtenaren. Na instemming in het BO gaan deze stukken ter vaststelling of ter kennisname naar de gemeenteraden. Gelet op de GR-structuur en de onafhankelijke positie van de Omgevingsdienst zijn wij van mening dat de dienst zelf moet rapporteren over de VTH-kwaliteitscriteria. De bijsturing verloopt immers ook via de GR-structuur. Deze opmerking is ook opgenomen in het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 in hoofdstuk 5 (IBT) op pagina 10. Daarnaast is het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 op 12 maart 2024 door ons college vastgesteld. De OMWB heeft haar eigen jaarverslag echter pas op 29 april 2024 aan de gemeenteraad toegestuurd, waardoor het niet mogelijk was deze bij eerder genoemde documenten mee te sturen. Deze stukken sturen wij u als bijlage bij deze reactie toe.
Verwerking reactie: Bij dit procescriterium gaat het erom dat de evaluatie ook betrekking heeft op het onderdeel cultureel erfgoed. Zo wordt niet ingegaan op de rol van de Monumentencommissie (nu: Commissie Ruimtelijke Kwaliteit) in het proces van advisering bij de uitvoering (lees: vergunningverlening). Evenmin is iets terug te lezen over bijvoorbeeld de manier waarop is omgegaan met klachten en verzoeken van burgers of het toezicht en de handhaving in het bouwproces in relatie tot cultureel erfgoed.
10
Naast de evaluatie van de VTH-taken in de T3-rapportage kan de OMWB daarin ook de werkzaamheden ten aanzien van cultureel erfgoed evalueren. IBT houdt geen toezicht op de omgevingsdiensten. Die rol is weggelegd door de deelnemers in de GR-structuur via AB en DB. Indien IBT tekortkomingen constateert waarvoor B&W-procesverantwoordelijke zijn en hen daarop wijst, is het aan B&W om via die GR-structuur verbetering aan te brengen. De toelichting geeft geen aanleiding het oordeel te herzien. Definitief oordeel: Voldoet niet Vraag 16: Gaan B&W in het evaluatierapport ook in op de uitoefening van uitvoering en handhaving van de regels in het bestemmingsplan (oud, vanaf 1-1-2024: omgevingsplan)? (Ow art. 1.2, 2.4 en Ob art. 13.11) Toelichting wetgever: De Omgevingswet bepaalt in artikel 2.4 dat de gemeenteraad voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan vaststelt waarin regels over de fysieke leefomgeving worden opgenomen. De wettelijke procescriteria U&H zijn ook van toepassing op de uitvoering en de handhaving daarvan. Dat wil zeggen dat in het evaluatierapport ook wordt ingegaan op voornoemd onderdeel.
Opmerking IBT: het evaluatierapport gaat over het uitvoeringsjaar 2023. In dat jaar was de Wabo nog van toepassing met verwijzing naar de Wet ruimtelijke ordening (Wabo art. 5.1). D.w.z. dat in de evaluatie aandacht dient te worden besteed aan de wijze waarop uitvoering is gegeven aan de bestuursrechtelijke handhaving van het bepaalde bij of krachtens de Wro en de verlening van omgevingsvergunningen voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, b, c en g, van de Wabo. De genoemde omgevingsvergunningen gaan over de Wabo activiteiten bouwen van een bouwwerk, het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, in gevallen waarin dat bij een bestemmingsplan, beheerverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit is bepaald, het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheerverordening, een exploitatieplan, de regels gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, of 4.3, derde lid, van de Wro of een voorbereidingsbesluit voor zover toepassing is gegeven aan artikel 3.7, vierde lid, tweede volzin, van die wet en het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheerverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald.
Voorlopig oordeel: Voldoet niet Tekortkoming: In het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 wordt niet ingegaan op de evaluatie van de uitoefening van uitvoering en handhaving van de regels in het bestemmingsplan. Verbeterpunten: Zorg voor een evaluatie over de uitoefening van de uitvoering en handhaving van de regels in het bestemmingsplan en informeer uw raad hierover. Reactie gemeente: In hoofdstuk 13.2 van het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 wordt ingegaan op handhaving van onder andere regels in het bestemmingsplan. In 2023 hebben wij relatief veel meldingen en klachten ontvangen over onder meer illegale bestemmingsplanactiviteiten. Aan de hand van prioriteitenstelling op basis van een risicoanalyse (welke integraal onderdeel uitmaakt van de U&H strategie) is steeds adequaat ingezet op handhaving van de regels van het bestemmingsplan.
11
Een groot onderdeel hiervan betrof de handhaving van niet-recreatief gebruik van recreatieparken dan wel permanente bewoning op recreatieparken, maar ook het niet naleven van groen-inpassingsplannen en illegale bewoning in strijd met het bestemmingsplan. Vooral op het laatste onderdeel zijn in 2023 veel klachten en meldingen ontvangen. Omdat illegale bewoning een hoge prioriteit heeft in het handhavingsbeleid zijn (ook) boa’s – in de hoedanigheid als toezichthouder – ingezet om hierop toezicht te houden. De hieruit voortkomende rapportages zijn steeds gebruikt als basis om handhavend op te treden tegen de overtreding(en) van het bestemmingsplan. Daarnaast is in 2023 gestart met een structurele aanpak van het lage naleefgedrag aangaande landschappelijke inpassingen. Waarbij de aanpak met name is gericht op toezicht door gebiedsregisseurs (afdeling BRO) en afstemming met de juridisch adviseurs van de afdeling B&V. De raad is reeds geïnformeerd over het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 en daarmee ook de evaluatie over de uitoefening van de uitvoering en handhaving van de regels in het bestemmingsplan. Verwerking reactie: Akkoord met de toelichting. Het oordeel wordt in positieve zin gewijzigd: voldoet. Definitief oordeel: Voldoet Vraag 17.
Stellen B&W het evaluatierapport jaarlijks vóór 1 mei vast? (Verordening systematische toezichtinformatie Noord-Brabant) Toelichting wetgever: Jaarlijks evalueert een gemeente of de activiteiten die zijn opgenomen in de uitvoeringsprogramma’s zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de vastgestelde beleidsdoelen. De provincie heeft de wettelijke taak van interbestuurlijk toezichthouder op de kwaliteit van de taakuitvoering door gemeenten en waterschappen onder meer op het domein omgevingsrecht. Doel is om informatie te verschaffen om systematisch toezicht te kunnen uitoefenen. Definitief oordeel: Voldoet Op 12 maart 2024 is het Uitvoeringsprogramma VTH 2024 & Jaarverslag VTH 2023 door het college vastgesteld.
Eindoordeel Op basis van de behaalde scores en conform de vastgestelde beoordelingscriteria en normen, is het eindoordeel: Voldoet gedeeltelijk Aantal
Punten
Toetsingsvragen
17
-
Score Voldoet (2 punten)
13
26
Score Voldoet gedeeltelijk (1 punt)
1
1
Score Voldoet niet (0 punten)
3
0
Totaal aantal punten
-
27
Eindoordeel o.b.v. punten
27/34 x 100% = 79,41%
Toelichting eindoordeel:
≥ 80 = Voldoet ≥ 60 en < 80 = Voldoet gedeeltelijk < 60 = Voldoet niet 12
U&H (Uitvoerings- en Handhavings)
strategie Rucphen 2024 – 2027
1
Inhoudsopgave 1.
Inleiding ..................................................................................................................... 3
1.1
Achtergrond en aanleiding ...................................................................................... 3
1.2
Leeswijzer .............................................................................................................. 5
1.3
Reikwijdte en doel .................................................................................................. 6
2.
Wettelijk kader ........................................................................................................... 7
2.1
U&H-strategie ......................................................................................................... 7
2.2
Kwaliteitseisen ....................................................................................................... 7
2.3
Beleidscyclus .......................................................................................................... 8
2.4
Externe partners ................................................................................................... 10
3.
Ontwikkelingen en bestaand beleid .......................................................................... 13
3.1
Profiel van de gemeente ...................................................................................... 13
3.2
Landelijke ontwikkelingen ................................................................................... 13
3.3
Gemeentelijke ontwikkelingen ............................................................................. 16
4.
Uitgangspunten voor uitvoerings- en handhavingsstrategie ..................................... 19
4.1
Professioneel, servicegericht een daar waar nodig daadkrachtig.......................... 19
4.2
Focus op de grootse risico’s .................................................................................. 19
4.3
Eigen verantwoordelijkheid en ruimte voor eigen initiatief................................... 19
4.4
Van handhaving naar Preventie ............................................................................ 20
4.5
Communicatie ....................................................................................................... 20
5.
Van een risicoanalyse naar VTH strategieën ............................................................. 23
5.1
Inleiding .............................................................................................................. 23
5.2
Risicoanalyse ....................................................................................................... 23
5.3
Werking risicoanalyse .......................................................................................... 23
5.4
Analyse vakspecialisten ....................................................................................... 24
5.5
Reacties inwoners en bedrijven ........................................................................... 24
5.6 6. 6.1
Uitvoeringsprogramma en jaarverslag ................................................................. 24 Prioriteiten en doelen ............................................................................................... 25 Resultaten prioritering......................................................................................... 25
6.2
Doelen .................................................................................................................. 27
7.
Strategie en uitvoering ............................................................................................ 29
7.1
Strategieën ........................................................................................................... 29
7.2
Vergunningenstrategie ......................................................................................... 30
7.3
Toezichtstrategie .................................................................................................. 31
7.4
Handhavingsstrategie ........................................................................................... 36
7.5
Kwaliteitsborging en Kwaliteitscriteria 2.2 ........................................................... 38
7.6
Monitoring en verantwoording .............................................................................. 38
7.7
Mediation en buurtbemiddeling ............................................................................ 39
8.
Organisatie en middelen ........................................................................................... 40
8.1
Inleiding ............................................................................................................... 40
8.2
Het wettelijk kader ............................................................................................... 40
8.3
Personele capaciteit .............................................................................................. 40
8.4
Input voor de begroting ........................................................................................ 40
8.5
Uitbesteden .......................................................................................................... 40
2
1.
Inleiding
1.1
Achtergrond en aanleiding
Voor u ligt onze Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2024 t/m 2027 (verder U&H-strategie). Deze strategie vervangt het ‘Uitvoeringsbeleid VTH’ van de gemeente Rucphen, vastgesteld op DATUM. Deze U&Hstrategie bevat het beleidskader voor de uitvoering van de taken op het gebied van vergunningen, toezicht en handhaving (VTH) van de fysieke leefomgeving. Voorheen werd dit ook wel het VTH-beleid genoemd. De op 1 januari 2024 inwrking getreden Omgevingswet vervangt echter de Wabo en zorgt voor een nieuw wettelijk kader met bijkomende nieuwe terminologie. Deze U&H-strategie is tot stand gekomen in nauwe afstemming met de buurgemeenten Etten-Leur, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal en Zundert hierna te noemen De6. Binnen deze gezamenlijke U&H-strategie heeft elke gemeente de gelegenheid om naar eigen behoefte de juiste accenten voor de gemeente te leggen (couleur locale). Deze U&H-strategie bevat het beleidskader voor alle taken met betrekking tot vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) van Rucphen. Met deze strategie wordt aangesloten op actuele wet- en regelgeving en de praktijk op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH). Rucphen streeft ernaar om de kwaliteit van de leefomgeving te beschermen en daar waar mogelijk te verbeteren.
De inzet door de overheid betekent echter niet dat elk risico kan worden uitgesloten en elke overtreding voorkomen kan worden. De omvang van de taak bij vergunningverlening, het houden van toezicht en handhaven in combinatie met de schaarse middelen (personeel en financiën) maakt het noodzakelijk om prioriteiten te stellen en keuzes te maken. Om die vragen te kunnen beantwoorden is het noodzakelijk om inzicht te hebben in de omvang van de risico’s die samenhangen met activiteiten. Zijn die groot, dan krijgen ze meer prioriteit. In de tweede plaats is er een meer principiële afweging: waar ligt de grens tussen de eigen verantwoordelijkheid van burgers en bedrijven en die van de gemeentelijke overheid? In de derde plaats is er een praktische reden: de capaciteit en middelen van de gemeente voor vergunningverlening, toezicht en handhaving zijn beperkt en bij de inzet daarvan moeten keuzes gemaakt worden. Tussen deze drie zaken moet voldoende balans zijn. Hoe de gemeente Rucphen met deze balans omgaat wordt in deze U&H- strategie beschreven. De prioriteiten en doelen worden aangegeven, evenals de instrumenten die worden ingezet om deze te realiseren. Deze strategie vormt de basis voor het jaarlijks op te stellen
3
uitvoeringsprogramma waarin wordt vastgelegd welke activiteiten dat jaar worden uitgevoerd en met welke middelen. De verantwoording vindt plaats via het jaarverslag. Deze U&H strategie bevat uitvoeringsbeleid en is vastgesteld door het college van B&W. Daarmee is het een uitzondering op de gangbare lijn dat de gemeenteraad beleid vaststelt. De reden hiervoor is gelegen in het feit dat het uitvoeringsbeleid betreft. En in het feit dat landelijke wetgeving het college van B&W aanwijst als bevoegd gezag en daardoor als het bestuursorgaan dat de U&H-strategie moet vaststellen.
4
1.2
Leeswijzer
De U&H-strategie omvat 8 hoofdstukken. In hoofdstuk 1 staan de achtergrond, aanleiding, doel en reikwijdte van deze strategie. In hoofdstuk 2 staat het wettelijk kader waarbinnen deze strategie tot stand is gekomen. Hoofdstuk 3 beschrijft de relevante ontwikkelingen. In hoofdstuk 4 zijn de gemeentelijke uitgangspunten voor deze strategie benoemd. Hoofdstuk 5 bevat de resultaten van de risicoanalyse. In hoofdstuk 6 staan de prioriteiten en doelen. Hoofdstuk 7 gaat in op de strategieën en instrumenten en hoe deze worden ingezet om de doelen te realiseren. In hoofdstuk 8 zijn de organisatie en de benodigde middelen benoemd. Bijlagen Bijlage 1: Bijlage 2 Bijlage 3: Bijalge 4: Bijlage 5: Bijlage 6: Bijlage 7: Bijlage 8:
Afkortingen Risicomatrix/Prioriteitenoverzicht Zienswijze LHSO Risico gestuurd toezicht Roulatie en functiescheiding Vormen van toezicht Afstemming en uitwisseling van handhavingsinformatie
5
1.3
Reikwijdte en doel
Reikwijdte Dit document bevat het beleidskader voor alle VTH-taken die volgens de Omgevingswet aan de gemeente zijn opgedragen met betrekking tot de fysieke leefomgeving. Daarnaast vallen de VTH-taken die voortkomen uit de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en de bijzondere wetten, zoals de Alcoholwet er ook onder. Tevens is rekening gehouden met de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen(Wkb). Het gaat hier om het toetsen van aanvragen om een vergunning, het houden van toezicht en het handhaven van wet- en regelgeving met betrekking tot de bebouwde en onbebouwde leefomgeving. De handhaving van regels binnen het sociaal en financieel domein (zoals uitkeringsfraude, leerplicht, belastingen vallen buiten de reikwijdte van het deze U&A-straegie. Doel Wettelijke regels, normen en vergunningvoorschriften zijn er onder andere op gericht om bescherming te bieden tegen gezondheids-, veiligheids- en milieurisico’s. Vanwege dit grote maatschappelijk belang is het noodzakelijk dat deze regels worden nageleefd. Het is een taak van de overheid om de naleving te bevorderen en hierop toe te zien. Doel: de kwaliteit van de leefomgeving te beschermen en daar waar mogelijk te verbeteren
Voor een verdere uitwerking van dit doel en de subdoelen verwijzen we naar hoofdstuk 6.
6
2.
Wettelijk kader
2.1
U&H-strategie
De Omgevingswet schrijft voor dat het bestuursorgaan een U&H-strategie opstelt voor de kwaliteit van de uitvoering van VTH-taken. Artikel 18.19 en 18.1 van de Omgevingswet in samenhang met artikelen 13.5 t/m 13.11 van het Omgevingsbesluit (geconsolideerde versie Staatscourant). Onder de Wabo was dit geregeld in artikel 5.2 Wabo en artikel 7.2 Besluit Omgevingsrecht (Bor). Met deze U&H-strategie geven wij invulling aan deze wettelijke verplichting. Strategisch beleidskader: Operationeel beleidskader: Planning en control: Rapportage en evaluatie:
artikel 13.5 en 13.6. artikel 13.7. en 13.8. artikel 13.8. 13.9 en 13.10. artikel 3.11.
Deze U&H-strategie geeft weer hoe wij een eenduidige werkwijze en een integrale afweging van de inzet van beschikbare middelen willen bereiken. Het biedt de belangrijkste basis voor het jaarlijks opstellen van het uitvoeringsprogramma voor VTH. Vanwege de ontwikkelingen omtrent het omgevingsrecht, zoals de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb), verandert de komende jaren veel in de werkwijze van de VTH-taken. Om deze reden is deze U&H-strategie een dynamisch document dat wij tussentijds aanpassen als de veranderende wet- en regelgeving hierom vraagt. Op het gebied van openbare orde en veiligheid is het Integraal veiligheidsplan 2023-2026 van de Rucphen vastgesteld. In paragraaf 3.3 gaan we verder in op de samenhang tussen de U&H strategie 2024 t/m 2027 en het Integraal veiligheidplan 2023-2026. 2.2
Kwaliteitseisen
De belangrijkste kwaliteitseisen voor het beleidskader, de organisatie en de kwaliteit van het personeel ligt vast in de Omgevingswet en het Omgevingsbesluit. In afdeling 13.2 van het Omgevingsbesluit zijn de belangrijkste eisen beschreven waaraan de U&H strategie, het uitvoeringsprogramma, de uitvoeringsorganisatie, de evaluatierapportage moeten voldoen. De voor het bereiken van de doelen en voor het verrichten van de werkzaamheden benodigde en beschikbare financiële en personele middelen moeten inzichtelijk worden gemaakt en in de begroting worden gewaarborgd en voor de uitvoering van het uitvoeringsprogramma moeten voldoende financiële en personele middelen beschikbaar zijn (zie hoofdstuk 8 van deze U&H-strategie).
7
In artikel 18.20 van de Omgevingswet is vastgelegd dat de betrokken bestuursorganen zorgdragen voor een goede kwaliteit van de uitoefening van de uitvoeringstaak en de handhavingstaak. De gemeenteraad kan regels stellen over de uitoefening van deze taken door het college van burgemeester en wethouders (zie paragraaf 7.5 van deze U&H-strategie).
Doel van de wettelijke kwaliteitseisen in de Wabo en de Omgevingswet: Een robuust en professioneel werkende uitvoeringsstructuur voor vergunningverlening, toezicht en handhaving die: •
kwaliteitsverbetering, afstemming en gegevensuitwisseling, afstemming strafen bestuursrecht, en een landelijk speelveld/level playing field nastreeft;
•
bijdraagt aan de realisatie van beleidsdoelen in de fysieke leefomgeving;
•
leidt tot vermindering van regel- en toezichtdruk;
•
onafhankelijkheid, professionaliteit en vakmanschap, betrouwbaarheid, eenvoud en gezamenlijkheid borgt.
De Omgevingswet geeft ons meer ruimte en mogelijkheden om inhoudelijk integrale afwegingen te maken. Het doel van de wet is vooral om ontwikkelingen mogelijk te maken die zorgen voor een verbetering van de omgevingskwaliteit. Ook bij deze nieuwe manier van werken moeten we voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen. 2.3
Beleidscyclus
Zoals hiervoor is beschreven zijn in de Omgevingswet en Omgevingsbesluit eisen opgenomen waaraan de verscheidene (beleids)documenten en handhavings- en vergunningenorganisatie moet voldoen. Deze eisen leiden tot een strategische, programmatische en onderling afgestemde uitoefening van de VTH-taken. Hierdoor wordt een transparante en systematische manier van werken bereikt, waarmee gestuurd kan worden op prioriteiten en de in te zetten capaciteit en waarover achteraf via het evaluatieverslag verantwoording kan worden afgelegd. Deze manier van werken is opgesplitst in een beleidsmatig en een uitvoerend deel. Het start met stap 1, de risicoanalyse en vervolgens het bepalen van de prioriteiten (WAT). Daarna volgen procedurele, inhoudelijke en organisatorische eisen. Stap 2: HOE geven we invulling aan het bereiken van goede naleving op de gestelde prioriteiten. Deze manier van werken is deels wettelijk bepaald, deels door jurisprudentie en deels door (landelijke) bestuurlijke afspraken zoals met de VNG of het IPO.
8
De beleidscyclus kan als volgt worden weergegeven:
Big 8 cyclus Het systematisch doorlopen van deze cyclus zorgt ervoor dat vergunningverlening, toezicht en handhaving steeds doelmatiger kan worden uitgevoerd. Stap 1, ‘WAT vraag’ nader toegelicht. Prioriteiten en doelen Prioriteiten en doelen zijn tot stand gekomen op basis van een visie op vergunningverlening, toezicht en handhaving en een probleemanalyse. Waarbij het ‘Hoofdlijnenakkoord 2022 – 2026, Samen verder Bouwen’ belangrijke input levert voor beantwoording van de ‘WAT vraag’. De risicoanalyse bestaat uit een beschouwing van interne vakspecialisten van het taakveld waarop zij werkzaam zijn en een risicoanalyse van de fysieke leefomgeving. Dit is een inschatting van de kans dat in de gemeente Rucphen wetten en regels worden overtreden en wat de impact daarvan is. Strategie en uitvoering Vervolgens wordt beschreven hoe de doelen uit de U&H-strategie worden gerealiseerd. Aangegeven is welke strategieën worden gehanteerd, zoals
9