08c bijlage LOP DaaRbuiten 26 januari 2025 def
Tekst van het document
Categorie 1:
Ruimtelijke ontwikkelingen waarvoor geen (extra) kwaliteitsverbetering van het landschap is vereist. Deze initiatieven hebben geen impact op de omgeving, of leiden op zichzelf al tot een zekere versterking van het landschap. Hiervoor dient een goede landschappelijke inpassing op basis van een goedgekeurd landschapsplan en borging van uitvoering en beheer te staan;
95
Categorie 2:
Ruimtelijke ontwikkelingen waarop de regels inzake kwaliteitsverbetering van toepassing zijn, maar waarbij het gaat om ontwikkelingen die een (zeer) beperkte invloed op de omgeving hebben. Hiervoor dient een goede landschappelijke inpassing op basis van een goedgekeurd landschapsplan en borging van uitvoering en beheer te staan;
Categorie 3:
96
Ruimtelijke ontwikkelingen waarop de regels inzake kwaliteitsverbetering van toepassing zijn en waarbij sprake is van een (substantiële) invloed op de omgeving. Deze initiatieven zijn van relatief grote omvang en hebben een grote impact op de omgeving en het landschap. Hierbij is zowel landschappelijke inpassing als ruimtelijke kwaliteitsverbetering vereist. Beide onderdelen dienen in één landschapsplan verbeeld te worden. Binnen de categorie 3 is de kwaliteitsverbetering van het landschap gebaseerd op het investeren van 20% van de waardevermeerdering van de bestemming. Op basis hiervan wordt een (gedeelte van het) landschapsplan opgesteld. Om een objectief kader te stellen voor de landschappelijke inpassing wordt gewerkt met een puntensysteem. We verlangen een bijdrage aan het behoud en de versterking van het landschap. Om duidelijk te maken hoe dat wordt bereikt, vragen we van de initiatiefnemers om een landschapsplan (landschappelijke inpassing en/ of kwaliteitsverbetering landschap) te maken. Hierin
is opgenomen welke landschappelijke (groene) kwaliteit het bestemmingsvlak in het verleden had en het in huidige situatie heeft. Vanuit deze analyse wordt de nieuwe ontwikkeling ingepast, waarbij de landschappelijke kwaliteit behouden en versterkt wordt. Het landschappelijk inpassingsplan maakt onderdeel uit van de planologische procedure en zal als voorwaardelijke verplichting daarin worden opgenomen. Dit betekent dat de initiatiefnemer bij realisatie van het plan gehouden is om uitvoering te geven aan het landschappelijke inpassingsplan en om de nieuwe landschapselementen in stand te houden. Hieronder is beschreven waar het landschappelijke inpassingsplan aan dient te voldoen. Om te zorgen dat er sprake is van een goede landschappelijke inpassing zijn er een aantal uitgangspunten die in acht genomen dienen te worden. Deze uitgangspunten zorgen ervoor dat er bij initiatiefnemers duidelijkheid is en de vele verschillende ruimtelijke ontwikkelingen op eenzelfde manier ruimtelijk worden ingepast en getoetst.
Hoe dient een landschappelijk inpassingsplan te zijn opgebouwd De initiatiefnemer zorgt ervoor dat een goed landschappelijk inpassingsplan wordt gemaakt. Dit plan omvat de volgende onderdelen waarop de nieuwe situatie ruimtelijk is onderbouwd:
Historische landschapsanalyse
Een beschrijving met analyse van de landschapsontwikkeling van de locatie en directe omgeving. De beschrijving is beeldend gemaakt, middels historische kaarten, bijvoorbeeld via www. topotijdreis.nl. In ieder geval worden de jaren 1900, 1950, 1990 en het heden beschreven.
Huidig landschapsbeeld
Een beschrijving van de locatie van het ruimtelijk initiatief in relatie tot de huidige landschappelijke waarden. Dit is beeldend gemaakt, middels luchtfoto’s en een situatieschets met de momenteel aanwezige landschapselementen; verschillende bomen en plantensoorten. Van de aanwezige landschapselementen wordt een beschrijving gegeven met in ieder geval: naam, oppervlakte/ stuks en de soortnamen van de beplanting in zowel het Nederlands als Latijn.
Landschapstype
Vanuit het huidige landschapsbeeld wordt de relatie gelegd naar het bijhorende landschapstype zoals die verwoord en verbeeld zijn in paragraaf 3.5 en 4.3 van dit perspectief. Het landschapstype waarbinnen de locatie valt is beschreven net als de bijbehorende karakteristieke landschapselementen.
Voorgenomen ontwikkeling
De voorgenomen ontwikkeling is omschreven en er is een duidelijke relatie gelegd met het voorstel voor de landschappelijke inpassing. Uitgangspunt is
Een perspectief voor het landschap
dat het voorstel van de landschappelijke inpassing voldoet aan de gestelde voorwaarden. Bij het voorstel voor de nieuwe landschapselementen is aangegeven hoe tot de keus is gekomen en hoe dit aansluit bij het landschapstype. Het onderscheid tussen bestaande en nieuwe elementen is in woord en beeld inzichtelijk gemaakt. Deze kaarten zijn op schaal en de oppervlakten zijn kloppend en waarheidsgetrouw. Van de nieuwe landschapselementen wordt beschreven: de naam, omschrijving en samenstelling landschapselement, oppervlakte/stuks, maatvoering plantmateriaal, soortnaam in Nederlands en Latijn van de beplantingen.
97
98
Beoordelingssysteem Ten behoeve van de landschappelijke inpassing zal een beoordelingssysteem uitgewerkt worden. Hierin zal staan hoe bepaald wordt hoeveel punten benodigd zijn voor de landschappelijke inpassing van een initiatief. Ook zal er in staan hoeveel punten de verschillende manieren van landschapellijke inpassing waard zijn. Daarbij kan gedacht worden aan een puntentoekenning per landschapselement en/of landschapspakket. De StiLa regeling is een goede basis voor de landschapselementen. In samenspraak met de agrarische natuurvereniging (ANV) tussen Baronie en Markiezaat wil de gemeente Rucphen agrariërs ook de mogelijkheid bieden om de beheerpakketten als landschappelijke inpassing en/of landschappelijke compensatie toe te passen. De ANV werkt met pakketten zoals wintervoedselakker, patrijzenrand, botanisch grasland, uitgesteld maaien en luzerne (te vinden op www.boerennatuur.nl). Deze pakketten lijken op de Stila-pakketten, maar richten zich meer op agrarisch natuurbeheer, dan op landschapselementen. Er zijn beheerpakketten voor akkers, grasland, landschap en weidevogels.
Een perspectief voor het landschap
99
100