08b Programmaverantwoording 2023
Tekst van het document
Dit is het maximaal toegestane percentage en zorgt voor de ruimste mate van kwijtschelding. In 2023 is € 91.660,52 aan kwijtschelding verleend. Hiervan heeft € 58.335,50 betrekking op het vaste deel en € 33.325,02 op het variabele deel van de afvalstoffenheffing. Daarnaast is een bedrag opgenomen aan nog op te leggen kwijtschelding (€ 15.100,00). Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB) In 2023 is € 453.000,00 aan reguliere bijdragen betaald aan de BWB. Dit bedrag is exclusief compensabele BTW (€ 28.000,00) en na verwerking van de 1e begrotingswijziging BWB 2023.
90
Weerstandsvermogen en risicobeheersing In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing beschrijven we de financiële positie van onze gemeente. Ook nemen we hier de verplichte financiële kengetallen op. Beleidskader In de raadsvergadering van 19 september 2018 stelde uw raad de “Nota risicomanagement & weerstandsvermogen 2018” vast. In het risicomanagementbeleid is op hoofdlijnen aangegeven wat uw raad wil bereiken met risicomanagement, welke instrumenten en middelen daartoe ingezet worden, en wat de definities en uitgangspunten zijn om te komen tot de noodzakelijke berekeningen. Dit beleidskader gebruiken we om uitvoering te geven aan het risicomanagement. Wij zoeken een balans tussen een zo volledig en objectief mogelijk risicoprofiel zonder daarbij onnodig beslag te leggen op de weerstandscapaciteit. Dit kan alleen door een integrale benadering waarin de samenhang tussen risico’s, reserves en het ratio centraal staat. We leggen de nadruk op risicomonitoring. De speerpunten voor deze periode zijn dan ook gelijk aan de doelstellingen van risicomonitoring: • • •
Speerpunt 1: Tijdig signaleren van risico’s; Speerpunt 2: Effectiviteit van beheersmaatregelen; Speerpunt 3: Evaluatie.
Risico’s, weerstandscapacitieit en weerstandsvermogen Het realiseren van ambities gaat gepaard met het nemen van risico’s. Risico’s horen bij het proces van verandering. Het is belangrijk dat uw raad zich bewust is van de risico’s die horen bij het beleid van de gemeente en dat zij hierop stuurt. Of onze gemeente in staat is de gevolgen van de risico’s op te vangen zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt, wordt weergegeven door de 'weerstandscapaciteit'. Onder weerstandscapaciteit verstaan we de middelen en mogelijkheden die de gemeente heeft om risico’s te kunnen dekken. Dit zijn onder andere: het vrij aanwendbare gedeelte van de algemene reserve, de reserve grondexploitatie, de onbenutte belastingcapaciteit, de post onvoorzien en overige stille reserves. Samen vormen deze middelen de beschikbare weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit is afhankelijk van de aard en de omvang van de risico’s (risicoprofiel). De relatie tussen de weerstandscapaciteit en het risicoprofiel noemen we het weerstandsvermogen. Deze wordt weergegeven door de ratio weerstandsvermogen. Risicoprofiel De lijst met risico’s actualiseren we twee keer per kalenderjaar: bij de samenstelling van de begroting en de jaarrekening. In combinatie met de risico’s van de grondexploitatie en strategische gronden vormen deze risico’s het risicoprofiel van de gemeente Rucphen.
In de Programmabegroting 2024 waren 43 risico’s geïnventariseerd. Bij deze laatste actualisatie onderkennen we in totaal 41 risico’s voor onze gemeentelijke exploitatie. Bij de inventarisatie is ook de kans en het financiële gevolg in beeld gebracht. Uit ons risicoprofiel blijkt dat het maximale financiële gevolg van alle risico’s samen € 12.286.204,00 is. Het is ondenkbaar dat alle risico’s tegelijk en in hun maximale omvang optreden. We reserveren daarom een gedeelte van het totale risicobedrag. Dit berekenen we door middel van kanspercentage x maximaal financieel gevolg. Om het totale risicobedrag af te dekken is een weerstandscapacitieit benodigd van € .3.379.529,00. In het volgende overzicht presenteren we de grootste risico’s en het totaalbedrag van de overige risico’s uit de gemeentelijke exploitatie. Een totaallijst van deze risico’s vindt u terug in de bijlagen. Daarnaast hebben we de risico’s die bij onze grondexploitaties zijn benoemd in deze paragraaf opgenomen. Door de risico’s van de gemeentelijke exploitatie en grondexploitatie te combineren wordt een totaalbeeld van alle risico’s gegeven.
91
Belangrijkste financiële risico's Risico
Kans
Financieel gevolg maximaal
Benodigde weerstandscapaciteit
Opzeggen huurovereenkomst Vinkenbos
10%
€
2.000.000
€
200.000
50%
€
400.000
€
200.000
50%
€
200.000
€
100.000
50%
€
200.000
€
100.000
10%
€
1.000.000
€
100.000
De (financiële) beheersmaatregelen in de jeugdzorg zijn onvoldoende in relatie tot de knelpunten in de Jeugdzorg WBW. Ontwikkelingen bij verbonden partijen, uitbreiding takenpakket GR, begrotingstekorten e.d. De (financiële) beheersmaatregelen zijn onvoldoende in relatie tot de toename in zorgvraag (open einde regeling Wmo). Boete Autoriteit Persoonsgegevens als gevolg van datalek of niet voldoen aan de AVG. Het uitbreken van nog onbekende crises.
10%
€
1.000.000
€
100.000
Slechte, ontoereikende verkeersveiligheid.
30%
€
300.000
€
90.000
Faillissement leverancier software toepassingen.
10%
€
750.000
€
75.000
Lagere uitkering Regeling specifieke uitkering stimulering sport.
30%
€
236.000
€
70.000
Overlast door extreme weersomstandigheden.
30%
€
200.000
€
60.000
6.286.000
€
1.095.000
Totaal grote risico's
€
Overige risico's
€
4.490.000
€
811.000
Totaal risico’s gemeentelijke exploitatie
€
10.776.000
€
1.906.000
Strategische gronden: Uitbreiding Struikhei
10%
Totaal risico’s strategische gronden:
€
€
40.750
€
4.075
40.750
€
4.075
Risico’s grondexploitatie: Complexen in exploitatie (zie paragraaf 5.7)
1.469.454
€
1.469.454
Totaal risico’s grondexploitatie
n.v.t. €
€
1.469.454
€
1.469.454
Totaal gemeentelijke risico’s
€
12.286.204
€
3.379.529
Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit van Gemeente Rucphen bestaat uit het vrij aanwendbare gedeelte van de algemene reserve, de reserve grondexploitatie, de onbenutte belastingcapaciteit, het restantbedrag van de post onvoorzien uit de begroting 2023 en overige stille reserves. Alle onderdelen worden hieronder toegelicht. Algemene reserve Per 31 december 2023 is de algemene reserve groot € 4.158.436,17. Om een correct beeld te geven van het vrij aanwendbare gedeelte van de algemene reserve brengen we alle toekomstige onttrekkingen uit de algemene reserve, waarover door uw raad besluitvorming heeft plaatsgevonden, in mindering. In 2024 houden we rekening met de storting 2024 in de Reserve Kadernota van € 327.020,00 i.v.m. de eenmalige claims uit de Kadernota 2024. Daarnaast houden we rekening met de aanwending van het restantbudget € 27.143,92 van de Kwaliteitsimpuls buitengebied Rucphen (7e begrotingswijziging 2021). Over de resultaatbestemming 2023 is nog geen formele besluitvorming en is daarom niet verwerkt in onderstaande tabel. Reserve grondexploitatie Deze middelen gebruiken we om de risico’s van de grondexploitatie af te dekken. We nemen deze mee in de weerstandscapaciteit omdat overschotten binnen deze reserve terugvloeien naar de algemene reserve. In het geval van een tekort, wordt dit juist aangevuld door de algemene reserve.
De omvang van de reserve grondexploitatie per 31 december 2023 is € 2.903.365,56.
92
Onbenutte belastingcapaciteit Onbenutte belastingcapaciteit is de mogelijkheid om extra middelen te genereren door belastingen te verhogen of heffingen meer kostendekkend te maken. Voor de drie belangrijkste inkomsten van onze gemeente, onroerendezaakbelasting (OZB), afvalstoffenheffing en rioolheffing, is deze mogelijkheid alleen van toepassing op de OZB omdat de anderen al 100% kostendekkend zijn. De nadruk ligt hierbij op het woord ‘mogelijkheid’. Anders dan bij de reserves kan de onbenutte belastingcapaciteit namelijk niet worden gebruikt als dekking en mag deze alleen worden gezien als scenario bij grote financiële tekorten op de begroting over langere tijd. De onbenutte belastingcapaciteit bij de OZB is zo groot als het verschil tussen het gehanteerde tarief en het tarief om tot een "artikel 12 gemeente" gerekend te worden. Voor 2024 is dit tarief 0,1614%. Wanneer we dit percentage afzetten tegen de in de begroting opgenomen ramingen voor de OZB-ontvangsten blijkt er nog een ruimte te zijn van € 3.365.318,40 structureel. Onvoorzien De post onvoorzien is een vast onderdeel van de begroting. Op het budget voor onvoorziene uitgaven 2024 resteert een bedrag van € 55.000,00. De mutaties op de post onvoorzien uit 2023 worden toegelicht in paragraaf 6.4.
Algemene reserve geactiveerde gronden in erfpacht (stille reserves) Op basis van nieuwe BBV-regelgeving moeten in erfpacht uitgegeven gronden worden gewaardeerd tegen de uitgifteprijs van eerste uitgifte. Deze waarde (€ 953.000,00) is toegevoegd aan de algemene reserve (erfpacht) en mag worden toegerekend aan onze weerstandscapaciteit. Net als bij de onbenutte belastingcapaciteit kan deze waarde niet worden gebruikt als dekking. Beschikbare weerstandscapaciteit Algemene reserve per 31-12-2023
€
4.158.436
Reserve grondexploitatie
€
2.903.366
Onbenutte belastingcapaciteit (redelijk peil 2024)
€
3.365.318
Onvoorzien (2024)
€
55.000
Algemene reserve geactiveerde gronden in erfpacht (stille reserves)
€
953.000
Totale beschikbare weerstandscapaciteit
€
11.435.120
Af: Totaal aanwendingen tlv / vrijval tgv de algemene reserve
€
354.164
Totaal gecorrigeerde beschikbare weerstandscapaciteit
€
11.080.956
Totaal benodigde weerstandscapaciteit (o.b.v. 100%)
€
3.379.529
Vrij besteedbaar
€
7.701.427
Wanneer we de benodigde weerstandscapaciteit in mindering brengen op de beschikbare weerstandscapaciteit resteert een vrij besteedbaar bedrag van € 7.701.427,21. Wanneer we op dit bedrag een correctie toepassen voor de middelen welke niet als dekking gebruikt kunnen worden (onbenutte belastingcapaciteit en erfpacht), resteert nog € 3.383.108,81 aan vrij besteedbare middelen. Ratio weerstandsvermogen Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit, zetten we af tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen: Ratio weerstandsvermogen
=
Beschikbare weerstandscapaciteit
€ 11.080.956
Benodigde weerstandscapaciteit
€
3,3
3.379.529
Wanneer we op deze ratio een correctie toepassen voor de middelen welke niet als dekking gebruikt kunnen worden (onbenutte belastingcapaciteit en erfpacht), verandert het ratio als volgt: Ratio weerstandsvermogen (gecorrigeerd)
=
Beschikbare weerstandscapaciteit
€
6.762.638
Benodigde weerstandscapaciteit
€
3.379.529
93
2,0
Het uitgangspunt is een gecorrigeerd ratio met een bandbreedte tussen 1,0 en 1,4, met waarderingscijfer C. Het gecorrigeerd ratio voor de jaarrekening 2023 ligt in positieve zin buiten deze bandbreedte. Volgens de weerstandsnorm is dit ratio ‘uitstekend’. Indien het ratio op enig moment groter is dan 1,4, dan is sprake van vrij besteedbare ruimte binnen de Algemene reserve. De financiële ruimte boven een ratio van 1,4 is € 2.031.297,21. Het uitgangspunt is dat deze ruimte in de Algemene reserve blijft, totdat anders wordt besloten.
Weerstandsnorm Waarderingscijfer
Ratio
Betekenis
A
>2.0
uitstekend
B
1.4-2.0
ruim voldoende
C
1.0-1.4
voldoende
D
0.8-1.0
matig
E
0.6-0.8
onvoldoende
F
<0.6
ruim onvoldoende
In onderstaand schema is het verloop van het ratio weerstandsvermogen weergegeven. De genoemde P&C documenten staan volgorde van vaststelling.
Verloop van het ratio weerstandsvermogen Begroting 2023
Rekening 2022
Begroting 2024
Rekening 2023
ratio weerstandsvermogen
3,4
3,1
3,6
3,3
ratio weerstandsvermogen (gecorrigeerd)
2,2
2,0
2,1
2,0
ratio:
Op basis van de door ons uitgevoerde risico-inventarisatie, de weerstandsratio van 2,0 en het beeld van onze meerjarenbegroting is ons college van mening dat de normale bedrijfsvoering financieel kan worden voortgezet. Kengetallen Kengetallen drukken de verhouding uit tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van een provincie of gemeente. Om dit te bereiken is voorgeschreven dat de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing de volgende kengetallen bevat: Netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) De netto schuldquote geeft de hoogte van de schulden van gemeente Rucphen aan ten opzichte van de totaal baten. Het percentage gecorrigeerd voor alle verstrekte geldleningen geeft aan hoeveel schulden zijn doorgeleend aan derden. De schuldquote geeft daarmee een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. Solvabiliteitsratio Het solvabiliteitsratio geeft aan in hoeverre de gemeente Rucphen voldoende eigen vermogen bezit om aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van de gemeente.
Grondexploitatie Aan grondexploitatie kunnen risico’s verbonden zijn, door bijvoorbeeld herwaardering. Het percentage grondexploitatie geeft aan of de gemeente Rucphen relatief veel grond heeft en daardoor veel risico loopt. Voor het percentage grondexploitatie geldt: hoe lager dit percentage, hoe beter. Structurele exploitatieruimte Dit percentage geeft aan of de gemeente Rucphen voldoende structurele baten heeft om haar structurele lasten te dekken. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de inkomsten onvoldoende ruimte biedt om de structurele component van de lasten te dragen. Voor het percentage structurele exploitatieruimte geldt: hoe hoger dit percentage, hoe beter. Belastingcapaciteit De hoogte van de belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het
94
landelijk gemiddelde. Het geeft aan of de gemeente Rucphen relatief veel belastingen heft en of er ruimte om deze belastingen te verhogen. Als dit percentage laag ligt, betekent het dat de gemeente meer inkomsten uit belastingen zou kunnen verwerven. Of dit wel of niet gebeurt is een beleidskeuze.
Kengetallen weerstandsvermogen en risicobeheersing Rekening 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Rekening 2023
Netto schuldquote
41,1%
61,6%
50,2%
35,5%
Netto schuldquote (gecorrigeerd)
40,6%
61,2%
49,8%
35,1%
Solvabiliteitsratio
54,7%
41,3%
48,0%
55,3%
Grondexploitatie
13,2%
2,1%
1,2%
9,3%
Kengetallen:
Structurele exploitatieruimte
5,9%
5,1%
2,7%
4,2%
Belastingcapaciteit
95,8%
98,8%
90,4%
90,4%
Kengetallen weerstandsvermogen en risicobeheersing Rekening 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Rekening 2023
Netto schuldquote
A
A
A
A
Netto schuldquote (gecorrigeerd)
A
A
A
A
Solvabiliteitsratio
A
B
B
A
Grondexploitatie
A
A
A
A
Structurele exploitatieruimte
A
A
A
A
Belastingcapaciteit
B
B
A
A
Kengetallen:
In 2023 was een stijging in de netto schuldquote (gecorrigeerd) verwacht als direct gevolg van het aantrekken van lang vermogen om onze regulier- en investeringsuitgaven te kunnen financieren. Het aantrekken van lang vermogen bleek niet noodzakelijk in de begrootte omvang en is deels doorgeschoven naar 2024, wat een gunstig effect heeft op de netto schuldquote per 31 december 2023. De daling is het gevolg van een afname van vaste schulden door reguliere aflossing en toename in de vooruit ontvangen bedragen van Rijk. Het doorschuiven van de financieringsbehoefte is ook een (deel)oorzaak van de stijging in het solvabiliteitsratio. Een toename van het totaal eigen vermogen in combinatie met een minder grote toename van het vreemd vermogen zorgt voor een verhoogde financiële weerbaarheid. De gemeente Rucphen heeft een aantal grondposities. Ten opzichte van de totaalbaten uit de programma’s lopen we hiermee minimaal risico (< 20%) bij bijvoorbeeld een herwaardering van de gronden. De structurele exploitatieruimte over 2023 is positief. Dit komt omdat de structurele lasten over 2023 lager zijn dan de structurele baten uit 2023. Hierin nemen we alle lasten en baten mee waarvan het karakter structureel is. Een structureel karakter wil niet per definitie zeggen dat het jaarlijks voorkomt, maar wel dat er regelmaat in zit.
Een goed voorbeeld zijn de verkiezingen, deze zijn niet jaarlijks, maar hebben wel een terugkeerpatroon, dus een structureel karakter. Tussen de begrotingsjaren kan de structurele exploitatieruimte afwijken. Het percentage belastingcapaciteit in Rucphen ligt op 90,4%. Dit houdt in dat er minder belasting wordt geheven t.o.v. het landelijk gemiddelde. Impliciet geeft dit percentage weer dat er meer inkomsten uit belastingen gegenereerd kunnen worden.
95
Onderhoud kapitaalgoederen Wegen In juni 2017 is het beheerplan wegen 2017 vastgesteld. Dit gebruiken we om de jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s op te stellen. Gemiddeld worden de wegen tweemaal per drie jaren visueel geïnspecteerd, waarna de resultaten (de onderhoudstoestand van de wegen) worden vastgelegd in het softwarepakket t.b.v. het wegenbeheer. Op basis van objectieve criteria wordt vervolgens bepaald wanneer bepaalde wegvakken voor onderhoud of reconstructie in aanmerking komen. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud. Op 13 december 2023 heeft uw raad het beleids-/beheerplan wegen 2024-2028 vastgesteld. Het beheerniveau is hierin vastgesteld op beeldkwaliteitsniveau B. Hierin is ook vastgesteld dat de wegen tweemaal per drie jaar visueel worden geïnspecteerd. De reguliere voortgang op het gebied van het (financiële) beheer, investeringen en onderhoud is toegelicht onder taakveld 2.1 – verkeer en vervoer. Riolering Op 15 juni 2022 heeft uw raad het Gemeentelijk Riolerings Programma 2023-2026 (GRP) vastgesteld. Met dit nieuwe GRP is invulling gegeven aan de gemeentelijke zorgplichten voor afvalwater, regenwater, grondwater en aan klimaatadaptatie. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud. De stand van de voorziening GRP is € 1.673.775,67 per 31 december 2023.
De reguliere voortgang op het gebied van het (financiële) beheer, investeringen en onderhoud is toegelicht onder taakveld 7.2 – riolering. Groen Het beheer van bomen en plantsoenen vindt plaats conform het in 2021 vastgestelde boombeleidsplan BOOM | Boombeleid gemeente Rucphen en het in 2022 vastgestelde groenbeleidsplan Groen R | Groenbeleid gemeente Rucphen. Het beheerniveau van het openbaar groen is hierin vastgesteld op beeldkwaliteitsniveau B (beeldbestek, niveau B op basis van landelijke CROW normeringen). Bij de inrichting en beheer van groen wordt invulling gegeven aan de beleidsuitgangspunten zoals genoemd in het groenbeleid en boombeleid. Het reguliere onderhoud op het groen vindt grotendeels plaats door het Werkvoorzieningsschap (WVS). Door gerichte sturing en jaarrond ondersteuning door commerciële partijen is een verbetering van de kwaliteit van het onderhoud merkbaar. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud. De stand van de reserve groencompensatie is € 950.893,75 per 31 december 2023. In 2023 heeft een storting plaatsgevonden van € 14.588,00 i.v.m. financiële herplantplicht en een storting van € 27.900,00 aan het groenfonds. Daarnaast is een bedrag aangewend ten laste van de reserve van € 36.074,00 i.v.m. afschrijvingslasten en voortzetting van het Stimuleringskader Landschap (STILA).
Na aftrek van alle geraamde aanwendingen resteert op deze reserve een boekwaarde van € 562.281,52 (betreft vrije ruimte). De stand van de reserve groenvoorziening is € 338.551,85 per 31 december 2023. In 2023 heeft een storting plaatsgevonden van € 31.152,25 i.v.m. de verkoop van diverse percelen (stukken plantsoen en reststroken). Daarnaast is een bedrag aangewend ten laste van deze reserve van € 29.819,00 i.v.m. afschrijvingslasten. Na aftrek van alle geraamde aanwendingen resteert een boekwaarde van € 187.587,15 (betreft vrije ruimte). De reguliere voortgang op het gebied van het (financiële) beheer, investeringen en onderhoud is toegelicht onder taakveld 5.7 – openbaar groen en (openlucht) recreatie. Gebouwen De gemeentelijke gebouwen en objecten zoals gemeenschapshuizen, sport- en zwemaccommodaties zijn in onderhoud en beheer van de gemeente. Het onderhoud vindt plaats aan de hand van het meerjarenonderhoudsplan (MJOP). In 2021 is het MJOP geactualiseerd voor de jaren 2022-2025. Hierin is onderscheid gemaakt tussen klein of jaarlijks onderhoud en groot onderhoud, op advies van onze accountant. Dit advies vloeit voort uit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV): klein/dagelijks onderhoud komt rechtstreeks ten laste van de exploitatiebudgetten, voor groot onderhoud wordt gespaard door storting in een voorziening.
96
De werkzaamheden zijn conform MJOP 2023 uitgevoerd. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud. De stand van de voorziening onderhoud gebouwen is € 41.502,31 per 31 december 2023. In 2023 is een bedrag gestort van € 63.630,00. Na verwerking van alle geboekte kosten in 2023 is een bedrag van € 74.929,15 onttrokken aan de voorziening. In 2023 is in totaliteit een bedrag uitgegeven aan klein onderhoud van € 379.067,84.
97
Financiering Beleidskader In de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) is een belangrijk en bindend kader gesteld voor een verantwoorde en professionele inrichting van de treasuryfunctie en voor het scheppen van voorwaarden om deze te kunnen uitvoeren. Op grond van de Wet fido zijn de gemeenten verplicht twee treasury-instrumenten op te stellen. Dit zijn het treasurystatuut en de paragraaf financiering in de begroting en de jaarrekening. Het treasurystatuut is een nadere uitwerking van artikel 20 Financieringsfunctie uit de ‘Verordening financieel beleid, beheer en organisatie (artikel 212 Gemeentewet) Rucphen 2023’. Op basis van artikel 20, lid 4 stelt het college regels op ter uitvoering van de taken, bevoegdheden en de bijbehorende informatievoorziening omtrent de financieringsfunctie. In de collegevergadering van 7 februari 2023 is het ‘Treasurystatuut Rucphen 2023’ vastgesteld. In de financieringsparagraaf leggen we de verwachtingen en het beleid voor de financieringsrisico's vast. De paragraaf geeft inzicht in het rentebeleid, het risicobeheer, de kasgeldlimiet, de financieringsbehoefte en de renterisiconorm. Rentebeleid We trekken tegen een zo laag mogelijk rentepercentage financieringsmiddelen aan. Voor financiering tot één jaar zijn dit kasgeldleningen. Langlopende financiering vindt plaats op de kapitaalmarkt tegen concurrerende rentetarieven.
Hierbij houden we ons aan de normen zoals deze zijn opgenomen in de Wet fido. Risicobeheer We zijn ons bewust van de renterisico’s die gemoeid zijn met financiering op lange termijn. We kiezen bij nieuwe geldleningen voor een looptijd van circa 25 jaar. Hierbij maken we een afweging tussen financieringsovereenkomsten welke rentevast zijn en financieringsovereenkomsten met een conversiebepaling na 10 jaar. Dit is afhankelijk van de renteontwikkeling op dat moment. Bij een stijgende renteontwikkeling maken we de afweging om eerder financieringsmiddelen voor de langere termijn aan te trekken. Bij een dalende rente zijn we alert op mogelijkheden voor renteconversie binnen de bestaande leningenportefeuille. Op deze manier kunnen we optimaal profiteren van de renteontwikkeling. Kasgeldlimiet De financiering met kasgeld is geregeld binnen de kasgeldlimiet die is voorgeschreven in de Wet fido. De wettelijke norm bedraagt 8,5% van het totaal van de jaarbegroting (de totale lasten op de begroting) van het openbare lichaam bij aanvang van het jaar. Dit betekent dat het maximale bedrag dat in 2023 met kasgeld (korter dan één jaar) gefinancierd mocht worden 8,5% x € 67.838.872,00 = € 5.766.304,00 bedroeg. In 2023 is één kasgeldlening afgesloten met een totaalbedrag van € 3.500.000,00 voor een periode van 3 maanden. Op 14 juni 2023 is de kasgeldlening volledig afgelost.
In totaal is € 27.727,78 aan rente betaald over deze lening. Het totaal aan kasgeldleningen per 31 december 2023 is nihil en valt binnen de kasgeldlimiet. Financieringsbehoefte In de Programmabegroting 2023 hebben we aangegeven dat we verwachten dat het aantrekken van een langlopende geldlening in 2023 niet nodig zou zijn. Het daadwerkelijk aantrekken van langlopend geld is inderdaad niet nodig gebleken. Onze gemeente was in 2023 voldoende liquide. Bij het opstellen van Programmabegroting 2024 is de financieringsbehoefte van onze gemeente geactualiseerd. Op basis van de geactualiseerde liquiditeitenplanning verwachten we in de periode 2024 – 2027 afgerond € 24,0 mln. aan geldleningen te moeten aantrekken. Waar nodig maken we gebruik van kasgeldleningen tot maximaal de kasgeldlimiet. Renterisiconorm De renterisiconorm is een bedrag ter grootte van 20% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. Het doel van deze norm is dat gemeenten in enig jaar niet meer dan 20% van hun begrotingstotaal (looptijd langer dan 1 jaar) mogen converteren. Deze zekerheid is ingebouwd in de wet Fido om te voorkomen dat de gemeente met te grote negatieve renteschommelingen geconfronteerd wordt en de nadelige gevolgen daarvan moet kunnen opvangen binnen de begroting. In 2023 zijn geen nieuwe geldleningen afgesloten. Onze bestaande geldleningen kwamen niet in aanmerking voor renteconversie.
Vervroegde aflossing van de leningen is op korte termijn niet mogelijk.
98
Per 31 december 2023 heeft de gemeente Rucphen, ter financiering van haar operationele en investeringsactiviteiten, een restant aan langlopende schulden van € 29.576.134,06. Onze leningenportefeuille bestaat uit een zestal langlopende geldleningen met een gemiddeld gewogen rentepercentage van 1,17%. Het renterisico daarvan blijft ruim binnen de norm van 20% van het begrotingstotaal.
Renterisiconorm
2023
1a Renteherziening op vaste schuld o/g
0
1b Renteherziening op vaste schuld u/g
0
2 Netto-renteherziening op vaste schuld (1a -/- 1b)
0
3 Aflossingen
1.816.134
4 Renterisico op vaste schuld (2 +/+ 3)
1.816.134
5 Begrotingstotaal 2023
67.838.872
6 Het normpercentage
20%
7 Renterisiconorm (5 x 6)
13.567.774
8 Ruimte onder risiconorm (7 -/- 4)
11.751.640
Staat van vaste schulden Per 31 december 2023 hebben we een restant aan langlopende schulden van € 29.576.134,00. De rentelasten over 2023 bedragen € 359.635,55. Onze huidige leningenportefeuille ziet er als volgt uit:
Onderhandse leningen nr.
omschrijving
536
BNG Bank 1999 - 2024
1.134.451
544
BNG Bank 1999 - 2024
2.268.901
181.512
-90.756
221
BNG Bank 2014 - 2034
8.000.000
4.800.000
-400.000
706
BNG Bank 2015 - 2040
9.000.000
6.480.000
-360.000
279
BNG Bank 2017 - 2042
14.000.000
11.200.000
507
BNG Bank 2021 - 2046
9.000.000
8.640.000
Totaal onderhandse leningen
hoofdsom
1 jan
aflossing
90.756
31.392.268
31 dec
-45.378
rente
45.378
1.960
4,32
90.756
7.404
5,27
4.400.000
104.383
2,27
6.120.000
58.294
0,938
-560.000
10.640.000
172.922
1,577
-360.000
8.280.000
14.673
0,177
-1.816.134 29.576.134 359.636
Waarborgsommen 1 jan 1
Huurovereenkomsten
2
Overige waarborgsommen
Totaal waarborgsommen
mutatie
12.449
31 dec
595
13.044
0
0
0
12.449
595
13.044
99
%
Bedrijfsvoering De Organisatie agenda – Samenwerken aan resultaat en mens De organisatieagenda bevat de koers voor de doorontwikkeling van onze organisatie (ons huis). Het huis is gebouwd op zes pijlers: bedrijfscultuur, toekomst van ons personeel, talentontwikkeling, managementstijl, organisatiestructuur en werkwijzen. Per pijler hebben we samen met de organisatie bepaald wat we willen bereiken. Hoe we dat willen doen is vertaald in concrete projecten en activiteiten, welke bijdragen aan de doelstellingen van meerdere pijlers. Bedrijfscultuur “De bedrijfscultuur bepaalt hoe we samenwerken aan resultaat en mens. Houding en gedrag, vertrouwen, verbinding en communicatie zijn belangrijke elementen om te komen tot een familiaire, maar wel professionele cultuur”. Het programma IkBenR is de “paraplu” voor de doorontwikkeling van onze organisatie. Het zorgt onder andere voor de samenhang in organisatie brede activiteiten van de diverse werkgroepen. Een belangrijke activiteit was de geslaagde Open Dag/huis in september voor inwoners van Rucphen én familie van medewerkers. We organiseerden diverse workshops en kijkjes achter de schermen in het gemeentehuis en het nieuwe zwembad. Jonge(re) medewerkers verenigden zich in de groep “JongR”. Doel van deze groep van medewerkers jonger dan 35 jaar is niet alleen van elkaar leren, maar ook het verbinden van generaties binnen onze organisatie.
De ”Grote Generatieshow” in juni was hier een goed voorbeeld van. Een vast onderdeel is de werkgroep Betrouwbaar Rucphen. Doel is het bevorderen het werken aan integrale bewustwording op het gebied van integriteit, interne veiligheid, privacy en informatieveiligheid. We actualiseerden het Integriteitsbeleid en bijbehorende regelingen. Ook zijn interne vertrouwenspersonen geworven en opgeleid. Daarnaast gingen we met elkaar in gesprek over integriteit in de vorm van een spel. Tot slot boden we diverse e-learnings aan, bijvoorbeeld over privacy, identiteitsfraude, datalekken en veilige publieke taak. Toekomst van ons personeel “Onze organisatie moet nu en in de toekomst gesteld staan voor de ondersteuning aan de samenleving. Met een personeelsbestand dat daarbij past”. Het strategisch samenbrengen van taken en mensen is één van de belangrijkste opgaven in de organisatieontwikkeling. Met de huidige krappe arbeidsmarkt wordt het vinden en behouden van medewerkers een steeds grotere uitdaging. Het zijn én blijven van een aantrekkelijk werkgever blijft daarom een belangrijk uitgangspunt. We zetten de eerste stappen in de overgang naar een functiegebouw met een moderner functiewaarderingssysteem (HR21) en een beloningsbeleid dat past bij onze opgaven en de actuele arbeidsmarkt. In 2024 ronden we dit project af.
In het kader van arbeidsmarktcommunicatie is in het vierde kwartaal de nieuwe campagne IkwilRwerken gelanceerd. Daarnaast scherpten we het werving- en selectieproces en het introductieprogramma aan. In De6 verband zochten we de samenwerking op het gebied van de arbeidsmarktbenadering en de tekorten aan personeel in de civiele techniek. In samenwerking met de Arbo-commissie en de werkgroep VitaalR hebben we de focus gelegd op preventie met als doel gezond, gedreven en gelukkige medewerkers. We vormden een Sociaal Medisch Team, voerden een aantal risico-inventarisaties (RI&E) uit en organiseerden sportieve, mentale en voorlichtende workshops. Talentontwikkeling “We willen alle aanwezige kwaliteit in de organisatie optimaal benutten. Een belangrijke basis vormt daarbij de gesprekscyclus tussen manager en medewerkers”. Doelen en kaders voor talentontwikkeling zijn vastgelegd in de beleidsnotitie “talentontwikkeling in Rucphen”. Van daaruit werken we -naast de afspraken met de individuele medewerker- met een organisatie breed traject. Hiermee borgen we dat we in de organisatie dezelfde taal spreken over talentontwikkeling. In 2023 is dit traject
100
met de diverse teams op één sessie na afgerond. Naast dit traject zijn ook andere teamontwikkelingstrajecten opgestart. De invulling daarvan is maatwerk, afhankelijk van de opgave en behoefte van het betreffende team. Managementstijl “We streven naar een managementstijl die meer faciliterend en coachend is”. We werken stap voor stap aan het collectief van leidinggevenden (het managementteam) door middel van groeps- en individuele gesprekken en een aantal teamdagen per jaar. De focus ligt op integraal sturen, leiderschap, opdrachtgeverschap en eigen ontwikkeling. Ook werkten we aan de rollen en taken die horen bij goed opdrachtgeverschap. In het tweede halfjaar vonden veel wisselingen in het management plaats. De nieuwe managers zijn meegenomen op de ingeslagen weg. Organisatiestructuur “Het eindplaatje is een structuur die ons maximaal ondersteunt om de maatschappelijke opgaven en bestuurlijke ambities zo goed mogelijk te kunnen vervullen”. We bewegen organisch volgens leidende principes. Dit jaar hebben we de hulpstructuur op enkele plaatsen in de organisatie anders ingericht, dit houdt in dat op sommige afdelingen teamleiders of coördinatoren zijn toegevoegd. Werkwijzen “We hebben een grote diversiteit aan opgaven, taken en diensten. Op verschillende schaalniveaus en met de aansturing die daarbij hoort.
Per opgave en ambitie kijken we continue hoe we die het beste kunnen oppakken en bemensen”. In het kader van het doorlopend optimaliseren van bedrijfsprocessen hebben we het proces advies en besluitvorming aangescherpt. Ook zijn de voorbereidingen afgerond voor de komst van de Omgevingswet. Bovendien zijn we gestart een pilot data gedreven werken om te verkennen hoe we het gebruik van data kunnen inzetten voor verbetering en evaluatie van onze dienstverlening. Om het tijd- en plaats onafhankelijk werken te blijven faciliteren is de “Leidraad flexibel werken” vastgesteld. In de leidraad staan kaders en randvoorwaarden die we stellen voor deze wijze van werken. Arbo Arbodienst West-Brabant In 2023 hebben we een nieuwe aanbesteding gedaan voor een arbodienst. We zijn een contract met de arbodienstverlener aangegaan voor 4 jaar. De arbodienst zal ons onder meer ondersteunen in ons arbomeerjarenbeleid, waarin het nemen van preventieve maatregelen om psychologische casuïstiek te beperken/voorkomen een nadrukkelijk speerpunt is. Samenwerking en juridische kwaliteitszorg Juridische kwaliteitszorg Sinds de start van de juridisch adviseur Privaatrecht is op privaatrechtelijk gebied een kwaliteitsverbetering ingevoerd. Om de juridische kwaliteitszorg de komende jaren naar een hoger niveau te tillen zal er een kwaliteitsslag op verscheidene onderwerpen gaan plaatsvinden.
In 2023 is hiervoor gestart met het opstellen van een projectplan. Samenwerking Naast samenwerking in de vorm van verbonden partijen blijven we op allerlei niveaus, vormen en verschillende vakgebieden samenwerken. We kijken per opgave wat het beste past om deze opgave te realiseren. Per 1 juli 2022 is de aangepaste Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) van kracht. Met de wijziging komen er meer mogelijkheden voor de gemeenteraad om de eigen controlerende en kader stellende rol bij gemeenschappelijke regelingen te versterken. Een van de gevolgen is dat alle gemeenschappelijke regelingen voor 1 juli 2024 moeten worden aangepast aan de geactualiseerde Wgr. De Nota Verbonden Partijen vormt daarbij de basis. 2023 was het jaar van het “voorwerk” met bestuurlijke en ambtelijke werkgroepen en overleg met alle betrokken partijen. Met als resultaat de conceptversies van de wijzigingen van alle Gemeenschappelijke regelingen en de aanpassing van de Nota Verbonden Partijen. Waar nodig heeft uw raad zienswijzen kenbaar gemaakt. Met de input van de zienswijzen van alle betrokken gemeenten zijn in het tweede kwartaal van 2024 de definitieve versies opgesteld.
101
Dienstverlening en informatievoorziening Op het gebied van dienstverlening en informatievoorziening zijn de meeste geplande projecten uit het ‘Uitvoeringsprogramma Dienstverlening en Informatievoorziening 2023’ afgerond of in uitvoering. De belangrijkste resultaten die zijn behaald: • Zeven e-diensten van Centric zijn eind 2022 in gebruik genomen. Dit betekent in de praktijk een verbetering van de dienstverlening, omdat inwoners meer producten digitaal kunnen aanvragen; • Eind 2023 zijn voorbereidingen getroffen om het aantal e-diensten verder uit te breiden; • Het digitaal aanvragen van rijbewijzen is ingevoerd (DAR); • De aanbesteding voor de vervanging van de switches (een switch koppelt de decentrale werkplekken/wifi/printers etc. aan de servers binnen ons gemeentehuis) is gegund. • Multifactor toegang is verder uitgebreid voor toegang tot bedrijfsinformatie; • Het adviesrapport met betrekking tot de Visie op Functioneel Applicatiebeheer/ Informatisering is opgeleverd; • De aanbesteding via de VNG van de printers (multifunctionals) is afgerond; • In 2023 zijn er een flink aantal bedrijfskritische applicaties naar de cloud gebracht: Begraven, Betalen, Exchange en Servicedesk ontvlechting met Halderberge zijn afgerond; Zaaksysteem is gegund; Beheer openbare ruimte is gegund; Aanwezigheidsregistratie is gegund.
• Voor het beschrijven van organisatorische processen en procesoptimalisatie is een programma uitgerold; • Voor het anonimiseren van documenten is een programma in gebruik genomen. Applicatiebeheer Sociaal Domein De afdeling maatschappelijke ontwikkeling voorziet in haar eigen functioneel beheer van de applicatie Suite. Suites voor het Sociaal Domein is een applicatie die gebruikt wordt door gemeenten welke bedoeld is om gegevens te beheren en processen te stroomlijnen. Ter ondersteuning van het functioneel beheer wordt elk jaar een strippenkaart afgenomen. Het betreft een strippenkaart van 6 dagen welke gedurende het jaar in onderling overleg worden ingezet. In 2023 is de strippenkaart bijvoorbeeld ingezet voor het opnieuw inrichten van de werkprocessen Jeugd en het koppelen van externe documenten. Archief- en informatiebeheer Volgens de Archiefverordening van de gemeente Rucphen wordt uw raad jaarlijks door ons college geïnformeerd over het archief- en informatiebeheer. Wij doen dit door het onderwerp archief- en informatiebeheer op te nemen in de gemeentelijke planning & control cyclus en hierbij verantwoording af te leggen en verbeteracties te benoemen.
De belangrijkste uitgevoerde verbeteracties in 2023 zijn: • In 2023 hebben er voorbereidingen en proefexports plaatsgevonden van digitale bouwvergunningen periode 1905-2010 naar het e-depot (elektronische archiefkluis) van het West-Brabants Archief (WBA) ter voorbereiding op de definitieve export in 2024. Hiermee worden deze bouwvergunningen digitaal toegankelijk voor burgers en bedrijven. • Het bestuursarchief van de gemeente Rucphen periode 2000-2004 is in 2023 bewerkt en gedigitaliseerd door een gespecialiseerd, extern bedrijf ter voorbereiding op de definitieve export naar het e-depot van het WBA in 2024. Hiermee wordt dit archief digitaal toegankelijk voor burgers en bedrijven. • Ook is in 2023 een Handboek kwaliteitscontrole opgeleverd dat een kwaliteitsimpuls gaat geven aan gemeente breed zaakgericht werken. In 2024 wordt dit handboek geactualiseerd en in gebruik genomen. • Ten slotte is in 2023 een archievenoverzicht (artikel 18 Archiefregeling) naar het IBT (Interbestuurlijk Toezicht) gezonden. In dit overzicht wordt beschreven hoe de gemeentelijke informatiehuishouding is ingericht (waar en hoe informatie wordt bewaard binnen de eigen organisatie, maar ook bij onze externe partners). Rapportage Informatievoorziening De archivaris van het WBA stelt voor de gemeente Rucphen periodiek een “Kritische Prestatie Indicatoren (KPI)” rapport op.
In 2023 is een uitgebreide KPI-rapportage (vanaf nu Rapportage Informatievoorziening) opgesteld door de archivaris en door ons voorzien van een SMART plan van aanpak met verbeteracties. Deze
102