07b Programmaverantwoording 2021
Tekst van het document
Dit heeft geleid tot minder uitgaven dan geraamd. 7.5 - Begraafplaatsen en crematoria De hogere last op dit taakveld wordt met name veroorzaakt door de storting in de voorziening afkoopsommen onderhoud graven. Deze voorziening is in 2018 gevormd. Het deel van de grafrechten dat voor een langere periode is betaald, wordt gestort in een voorziening. De jaarlijkse kosten van onderhoud e.d. brengen we ten laste van die voorziening. Per saldo is in 2021 een bedrag van € 13.040,00 gestort.
De taakvelden 7.1 – Volksgezondheid Publieke gezondheidszorg De gemeente Rucphen neemt deel aan de gemeenschappelijke regeling GGD West-Brabant. De GGD is een gemeenschappelijke regeling van 16 gemeenten. Gemeenten hebben op grond van de Wet publieke gezondheidszorg de wettelijke plicht om zorg te dragen voor preventieve en publieke gezondheidszorg. Door deze taken moeten zij o.a. zorg dragen voor de instandhouding van een GGD. De bijdrage aan GGD WestBrabant over 2021 bedroeg € 418.668,00. Automatische Externe Defibrillators (AED’s) In het najaar van 2021 is voor de vervanging en onderhoud van 31 van de 48 AED’s een meervoudig onderhandse aanbesteding uitgevoerd. Eind 2021 zijn de betreffende AED’s vervangen. De kosten voor de vervanging zijn met € 34.990,00 excl. btw. fors lager uitgevallen dan het beschikbare krediet € 85.000,00. Redenen zijn de scherpe inschrijfprijs. Er hoefden minder AED’s vervangen te worden dan waar bij de beschikbaarstelling van het krediet in 2016 rekening mee is gehouden. Vervanging van buitenkasten was niet nodig. Tot slot hebben we van de RAV een bijdrage ontvangen van € 5.000,00. Lokaal preventie akkoord In 2018 is er een landelijk preventieakkoord getekend door 70 publieke en private partijen, waaronder de VNG. De focus ligt op het terugdringen van problematisch alcoholgebruik, roken en overgewicht.
Van de VNG is een ondersteuningsbudget (€ 9.600,00) ontvangen, waarmee aan Sportservice Noord-Brabant de opdracht is verstrekt voor het opstellen van een Rucphens preventieakkoord. Bij het preventieakkoord zijn onder meer betrokken de GGD West-Brabant, het onderwijsveld (primair en voortgezet) en huisartsen. Op grond van het lokale akkoord is een uitvoeringsbudget voor 2022 aangevraagd en verkregen van € 20.000,00. RAV Bij de ambulancevoorziening is er nog steeds sprake van een bijzondere situatie. Door gewijzigde wetgeving zijn gemeenten nog verantwoordelijk voor een organisatie, die geen gemeentelijke taak (meer) uitvoert en waarbij de zeggenschap over beleid en financiering is belegd bij de minister van VWS en de zorgverzekeraars. We betalen dan ook geen gemeentelijke bijdrage aan de RAV.
44
JGZ Net als in 2020, zijn er ook in 2021 meer kinderen geboren dan waar in de begroting rekening mee is gehouden. In 2021 waren er 837 kinderen van 0-4 jaar, terwijl er rekening gehouden was met 786. Door stijging van het aantal kinderen van 0-4 jaar waren de kosten in 2021 hoger dan het begrote bedrag. 7.2 – Riolering Operationeel rioolbeheer Het operationeel rioolbeheer is uitgevoerd en bekostigd zoals gepland in het gemeentelijk rioleringsplan (GRP). Een uitzondering hierop is het onderhoud van mechanische rioolinstallaties, waarbij een restant is ontstaan. Conform de 1e bestuursrapportage 2021 heeft uitbesteding plaatsgevonden voor ondersteuning ten behoeve van implementatie Omgevingsvisie thema water. Investeringen riolering Er is ingezet op meeliften met integrale projecten zoals Centrumplan Rucphen en Dorpsstraat-Noord. Hierbij zijn rioolreparaties uitgevoerd en is infiltratieriolering aangelegd ter bestrijding van verdroging en wateroverlast. Er zijn rioolreparaties uitgevoerd in het kader van risicogestuurd rioolbeheer. Een deel van het krediet ‘rioolvervanging vrij-verval’ wordt overgebracht naar 2022 vanwege integraal werken (reconstructie Nachtegaalstraat). Een restant van het krediet ‘afkoppelen en klimaatadaptatie’ is veroorzaakt door een gunstige aanbesteding van Dorpsstraat-Noord en zal worden overgebracht naar 2022.
Het krediet voor persleiding ‘Bernhardstraat-Gebrande Hoefstraat’ wordt pas in 2022 aangewend vanwege gecombineerde uitvoering met de aanleg van het laatste tracé van de omleidingsweg. Klimaatadaptatie In navolging op het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie zijn in regionaal verband klimaatstresstesten uitgevoerd voor Rucphen en de andere gemeenten binnen ‘Water- en Klimaatkring de Baronie’. De uitkomsten zijn gepresenteerd in een regionale klimaatonderlegger die opgaven op een grotere schaal in de regio weergeven en in de lokale stresstesten die tot op straatniveau de opgaven weergeven. Met deze opgaven in beeld zijn we in gesprek gegaan met verschillende regionale en lokale stakeholders en is besproken hoe we gezamenlijk de thema’s wateroverlast, hitte, droogte en overstromingen kunnen aanpakken. De uitkomst van de klimaatstresstesten en de gevoerde gesprekken worden verwerkt in het gemeentelijke klimaat-adaptief beleid en een uitvoeringsagenda. In 2021 is hier voorbereidend werk voor verricht. De lokale klimaatadaptatie uitvoeringsagenda wordt aangevuld met de bevindingen vanuit de Systeemanalyse Stedelijk Water (SSW+) en het Gemeentelijk rioleringsprogramma dat in 2022 zal worden afgerond. Het klimaatbeleid wordt eveneens in 2022 ter vaststelling aangeboden aan uw gemeenteraad.
De bewustwording van het veranderende klimaat en de gevolgen hiervan wordt vergroot bij onze inwoners door het organiseren van de ‘Week van ons Water’ acties (Regentonactie en Tegels eruit, Plantjes erin-actie). Vermeldenswaardig is de succesvolle deelname aan het ‘NK Tegelwippen’, waarbij Rucphen als winnaar is uitgeroepen en hiervoor de ‘gouden tegel’ uitgereikt heeft gekregen. Hierbij is het gelukt om publiciteit te genereren en daarmee inwoners te enthousiasmeren om minder verharding en meer groen in tuinen aan te brengen in het kader van klimaatadaptatie. Voor de invulling en uitvoering van klimaatadaptatie werken we samen met de gemeenten van de werkregio ‘Water- en Klimaatkring de Baronie’. Zodoende pakken we de stappen en ambities zoals omschreven in het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie op. Hierin staat omschreven dat Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust ingericht moet zijn. Binnen Water- en Klimaatkring de Baronie heeft afstemming plaatsgevonden over het regionale ‘Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie De Baronie’. Er zijn mooie resultaten geboekt zoals de afronding van het boek ‘hoe houden we het leefbaar’, invulling van de rol klimaattrainee, de oplevering van de Klimaatonderlegger en het afronden van de regionale dialogen. Aan het Meerjarenprogramma 2020-2021 wordt in 2022 vervolg gegeven.
In samenwerking met de Klimaatkring is Rijkssubsidie (impulsgelden) aangevraagd (2021) en inmiddels toegekend (februari 2022), te weten € 157.789,00 voor het project ‘reconstructie Nachtegaalstraat e.o.’. In 2022 wordt de aanvraag ingediend voor het resterende deel van de beschikbare impulsgelden én voor de Provinciale Bijdrageregeling.
45
Rioolheffing De rioolheffing hangt samen met de wettelijke zorgplicht voor drie beleidsvelden op het gebied van water. Doel van de rioolheffing is om geld vrij te maken voor onder meer de afvoer van afvalwater, de afvoer van regenwater (ook wel hemelwater genoemd) en het beheer van het grondwaterpeil. De inkomsten uit rioolheffing zijn alleen beschikbaar voor aan de beschreven zorgtaken gerelateerde uitgaven. De inkomsten en uitgaven worden nader toegelicht in paragraaf 5.1. 7.3 – Afval Afval (Attero) Vernietigingsprocedure Op 12 april 2021 was de eerste zitting m.b.t. de vernietigingsprocedure minderlevering Attero 2015-2017. Verdelingsvraagstuk naheffing ATTERO 2015-2017 Het voormalig Gemeentelijk Samenwerkingsverband Westelijk Noord-Brabant (GSV) heeft in deze procedure een ‘nulfactuur’ gehad. Het voormalig GSV heeft daarom altijd aangegeven niet mee te gaan in een verdelingsvraagstuk op basis van solidariteit, ook niet achteraf. Het voormalig GSV heeft uit solidariteit wel ingestemd met het gezamenlijk voeren van de procedure tegen Attero om hiermee te voorkomen dat gewesten mogelijk tegen elkaar zouden worden uitgespeeld. Het bestuur van de Vereniging van Contractanten (VVC) heeft eerder vastgesteld dat zij niet gaat over het verdelingsvraagstuk. Het bestuur van de VVC gaat derhalve: 1.
geen besluit nemen over het verdelingsvraagstuk en gaat geen bindend advies daarover vragen. 2. geen verdelingsvoorstel (tussen gewesten onderling) voorleggen aan de Algemene Vergadering. 3. geen standpunt innemen op welke wijze verdeling binnen ieder gewest moet plaatsvinden. Het voormalig GSV heeft altijd de stelling ingenomen dat zij niet meebetaalt aan naheffingen bij andere regio’s. De stand van zaken van de vernietigingsprocedure met betrekking tot de vonnissen van het Scheidsgerecht over de arbitrage tegen Attero vanwege de minderleveringen van brandbaar (huishoudelijk) restafval in 2015, 2016 en 2017 is als volgt. Het Scheidsgerecht had de vorderingen van Attero met betrekking tot de hoofdsommen toegewezen. Het Hof in Den Haag heeft in de vernietigingsprocedure op 29 juni jl. de arbitrale vonnissen uit de hiervoor genoemde arbitrage vernietigd. Nu de uitspraak in de vernietigingsprocedure in ons voordeel is uitgevallen dient Attero de juridische kosten van Arbitrage II aan de Vereniging voor Contractanten (VvC) te vergoeden/terug te betalen. Voorgesteld is deze vergoeding/terugbetaling door Attero af te wachten en de VvC daarna te verzoeken deze naar rato van inwonersaantal terug te laten betalen aan de gewesten. Attero is tegen de uitspraak in de vernietigingsprocedure in hoger beroep gegaan. Deze procedure loopt nog.
Milieustraat Vosdonk Etten-Leur Middels de brief van 1 september 2021 is uw raad geïnformeerd over de evaluatie “Samenwerking milieustraat Vosdonk in Etten-Leur”. Geconcludeerd wordt dat de samenwerking een positief resultaat heeft opgeleverd. Onze inwoners hebben in 2020 per inwoner 13,3 kg minder grof restafval aangeboden vergeleken met 2019. Per inwoner staat de teller op 23,7 kg. Vanwege de coronacrisis is er wel 6% meer grof huishoudelijk afval op de gratis route aangeboden. Dit in de lijn met het landelijk gemiddelde. Dit alles heeft geleid tot een bijbetaling voor onze gemeente van € 18.823,00 over 2020. Naar aanleiding van de gegevens van 2020 is de bijdrage aan milieustraat Etten-Leur voor 2021 verhoogd. Deze verhoging kon niet meer worden meegenomen in de afvalstoffenheffing, waardoor voor 2021 een tekort ontstaat van € 17.000,00. In totaal is de milieustraat in 2020 17.274 keer door onze inwoners bezocht. De gratis route is 9.062 bezocht en de betaalroute 8.212 keer. Er zijn 3.855 extra tikken gekocht. Een deel van de kosten van deze extra tikken, groot € 42.000,00, is niet geïnd. Bij de ingebruikname van de milieustraat Vosdonk te Etten-Leur is huis-aan-huis een flyer verspreid. Omdat deze flyer met betrekking tot het onderwerp ‘kosten betaalroute’ tweeërlei uitlegbaar was, is hierop een eenduidige uitleg in de Rucphense Bode gepubliceerd.
Tegen de aanslag gemeentelijke belastingen zijn bezwaarschriften ingekomen. Omdat de eenduidige uitleg niet huis-aan-huis is verspreid, is op advies van de Belastingsamenwerking West-Brabant besloten de bezwaarschriften gegrond te verklaren en de extra bezoeken aan de betaalroute in de milieustraat niet in rekening te brengen.
46
Het aantal bezoekers aan de milieustraat Vosdonk tot september 2021 bedroeg 12.322. 5.893 Bezoekers hebben gebruik gemaakt van de betaalroute. Dit is ca. 2% meer dan vorig jaar in dezelfde perioden. De evaluatie van de milieustraat Vosdonk 2021 was bij het opstellen van de Jaarrekening 2021 nog niet afgerond. Afvalbakken Ter voorkoming van inwerpen van zakken huishoudelijk afval zijn gedurende 2021 een 60 tal afvalbakken voorzien van inworpverkleiners. Afvalstoffenheffing Het uitgangspunt bij de afvalstoffenheffing is een volledig 100%-kostendekkende tariefberekening. Alle kosten van de activiteiten die in enige mate (geheel/gedeeltelijk) kunnen worden toegerekend aan de in de Wet Milieubeheer opgenomen gemeentelijke zorgplicht voor het verwijderen van huishoudelijke afvalstoffen, inclusief de kosten van de gemeentelijke milieustraat, zijn in de kostenonderbouwing meegenomen. De kosten en opbrengsten lichten we nader toe in paragraaf 5.1. 7.4 – Milieubeheer De Regionale Energie Strategie 2030 West-Brabant In juni 2019 is het Nederlands Klimaatakkoord gesloten: de Nederlandse uitwerking van de internationale klimaatafspraken van Parijs uit 2015. Eén van de afspraken is dat 30 energieregio's in Nederland onderzoeken waar en hoe het beste duurzame elektriciteit op land (wind en zon) opgewekt kan worden.
Zestien gemeenten, waterschappen Brabantse Delta en Rivierenland, de Provincie en Enexis hebben samen in de Regio West-Brabant aan de Regionale Energiestrategie 2030 West-Brabant 1.0 (RES 1.0) gewerkt. In juni 2020 is het concept RES 2030 van de regio West-Brabant vastgesteld. Het concept is verder uitgewerkt hetgeen heeft geleid tot de RES 1.0. De RES 1.0 is 21 april 2021 door uw raad vastgesteld. In de RES 1.0 is uitgewerkt hoe we in de regio WestBrabant tot 2030 totaal 2,0 Terawatt uur (TWh) aan duurzame energie met zonprojecten en windenergie willen opwekken. Ook is een uitvoeringsprogramma opgesteld, waarin uitgewerkt is welke projecten en activiteiten de gemeenten gaan uitvoeren om dit doel te halen. De beoordeling van initiatieven zal op basis van de definitieve RES 2030 West-Brabant en het daarbij behorende uitvoeringsprogramma plaatsvinden. In het vastgestelde RES 2030 zijn voor onze gemeente de volgende opgaven opgenomen: - vóór 2030 opwekken van 30 GWh zonne-energie; - na 2030 opwekken van 36 GWh windenergie. Visie Zonne- en Windenergie Ten behoeve van de beoordeling van initiatieven in het kader van het RES 1.0 op gemeentelijk niveau is de Visie Zonne- en Windenergie opgesteld.
Deze Visie Zonne- en Windenergie is tot stand gekomen in overleg met de drie belangrijkste partijen, te weten: Enexis en de Industriële Kring Rucphen (IKR) en de Zuidelijke Land- en Tuinbouworganisatie (ZLTO), afdeling Rucphen. Dit zijn de belangrijkste partijen bij de totstandkoming van de Visie omdat het midden- en klein bedrijf (MKB) in onze gemeente de meeste grote dakoppervlakken in eigendom hebben en/of eigenaar zijn van percelen in het buitengebied. De participatie van de inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties is zeer belangrijk wanneer er concrete initiatieven op locaties worden aangemeld. Dit is ook de reden waarom er een proceswijzer Participatie in deze Visie is opgenomen. De Visie Zonne- en windenergie is 3 februari 2021 door uw raad vastgesteld, onder voorwaarden dat initiatieven die vallen onder de treden 1 t/m 3 van de zonneladder gelijktijdig en gelijkwaardig moeten worden getoetst en dat vóór 2030 geen enkele (voorbereidende) activiteit met betrekking tot windenergie mag plaatsvinden. Transitievisie Warmte Het streven van het Rijk is dat Nederland in 2050 aardgasloos is. Daarom moesten gemeenten voor 31 december 2021 een Transitievisie Warmte (TvW) vaststellen. Een ingenieursadviesbureau heeft ons ondersteund bij het opstellen van deze visie.
De inwoners, bedrijven en organisaties zijn betrokken door middel van een enquête en daarop volgend een digitale bewonersavond. De resultaten hiervan zijn meegenomen in het opstellen van de Transitievisie Warmte. Daarnaast zijn andere belangrijke stakeholders uitgenodigd om deel te nemen aan de zogenaamde transitietafel. Deze transitietafel is drie keer bij elkaar gekomen en is op deze
47
manier uitgebreid meegenomen in het proces. Resultaten van deze sessies zijn ook meegenomen in het opstellen van de visie. De Transitievisie Warmte is in uw vergadering van 16 december 2021 vastgesteld. Regeling Reductie Energieverbruik (RRE) De belangrijkste voorwaarde voor de specifieke uitkering RRE was dat de activiteiten waarvoor de uitkering werd aangevraagd, bijdroegen aan de beoogde CO2-reductie. Door de uitgevoerde activiteiten heeft de reductie van energieverbruik bij woningen plaatsgevonden en is de beoogde reductie van de CO2-uitstoot behaald. Daarbij gaat het om woningen die particulier eigendom zijn en die niet bedoeld zijn voor verhuur. De acties hebben de volgende resultaten opgeleverd: • collectieve inkoop zonnepanelen Het aantal inschrijvingen van 285 heeft geleid tot 67 opdrachten, hetgeen resulteerde in het leggen van 831 zonnepanelen. • collectieve inkoop isolatie Het aantal inschrijvingen van 66 heeft geleid tot 13 opdrachten. • buurtacties Energie Zuinig Wonen Deze actie heeft een teleurstellend resultaat opgeleverd. Slechts 24 adressen hebben naar aanleiding van deze actie advies opgevraagd. Positief is dat 90% van deze adressen tevreden tot zeer tevreden is over het verkregen advies. • cadeaubonnenactie In totaal waren er 1.500 cadeaubonnen van € 45,00 te vergeven. Deze 1.500 cadeaubonnen zijn allemaal verzilverd.
Regeling reductie energiegebruik woningen (RREW) In het kader van de RREW hebben wij van het Rijk een specifieke uitkering ontvangen van € 112.032,00. Het uitkeringsbedrag moet worden ingezet voor de acties die op basis van deze RREW-regeling door onze gemeente worden georganiseerd. De volgende RREW-acties worden uitgevoerd: 1. uitreiken cadeaubonnen voor huurders en particuliere woningeigenaren; 2. buurtactie energiezuinig Wonen; 3. collectieve acties isolerend glas en hybride warmtepompen; 4. maatwerkadviezen voor particuliere woningeigenaren; 5. opleiden en inzetten energiecoaches voor huurders en particuliere woningeigenaren; 6. webinars en informatiepakketten voor huurders; Vanwege de aanvullende acties RRE zijn we met het uitvoeringsprogramma RREW op 1 januari 2022 gestart. Dit geldt niet voor RREW-acties 1 en 5. Met het verstrekken van de cadeaubonnen en het opleiden en inzetten van energiecoaches is al gestart in het 4e kwartaal 2021. De acties moeten vóór 31 juli 2022 worden uitgevoerd. Slim laden, de Brabantse aanpak Er is provinciebreed voor elke gemeente een plankaart oplaadpunten opgesteld voor de aanleg van oplaadpalen. In fase 1 zijn in onze gemeente begin 2022 (planning was in 2021) 10 extra openbare laadpunten (5 laadpalen) aangelegd in de kernen Zegge, Sprundel, Rucphen en St. Willebrord.
In de komende 2 jaren wordt fase 2 uitgevoerd waarbij nogmaals 10 extra laadpunten worden gerealiseerd. Deze openbare laadpalen worden op kosten van de provincie Noord-Brabant gerealiseerd. Omgevingsdienst Midden- en West Brabant De landelijke basistaken moet Rucphen verplicht door de Omgevingsdienst laten uitvoeren. De gemeentelijke bijdrage aan de OMWB voor het jaar 2021 bedroeg € 324.428,00. Ongediertebestrijding Het aantal geregistreerde meldingen met betrekking tot ratten is ten opzichte van 2020 met ongeveer 10% gestegen tot 247. Hierop is altijd bestrijding toegepast. In 2021 is wederom de preventieve bestrijding van de Eikenprocessierups toegepast. Hierdoor is de overlast in sterke mate gedaald. Het aantal meldingen over eikenprocessierupsen is ten opzichte van 2020 verder afgenomen tot een twintigtal meldingen. De voor de bestrijding beschikbare middelen zijn in 2021 niet volledig ingezet, mede door het positieve effect van de preventieve bestrijding en beperkte curatieve bestrijding.
48
7.5 - Begraafplaatsen en crematoria De gemeentelijke begraafplaatsen aan de Kaaistraat te St. Willebrord en de Kerkstraat te Rucphen geven invulling aan de verplichting van de gemeente om een algemene begraafplaats te hebben. Beide begraafplaatsen bieden nog voldoende ruimte qua graven en urnenplaatsen. Beheer en onderhoud van de begraafplaatsen heeft op de vastgestelde wijze plaatsgevonden.
Beleidsindicatoren
Percentage berekende hernieuwbare elektriciteit 6,2%
20,0%
Rucphen
Nederland bron: berekening | 2019
Omvang huishoudelijk restafval kg per inwoner
Rucphen
162
bron: Sitchting Halt | 2016 - 2020
Nederland
161
bron: CBS statistiek Huishoudelijk afval | 2019
*Omvang huishoudelijk restafval: Het aantal kilogram niet gescheiden ingezameld huishoudelijk afval.
49
Programma 8: Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing
Beoogd maatschappelijk effect Het is goed wonen in Rucphen; aantrekkelijk en leefbaar.
Ontwikkelingen en speerpunten binnen dit programma In de begroting 2020 zijn de volgende speerpunten uit het Coalitieakkoord, de Raadsagenda en de Toekomstvisie opgenomen. Speerpunten uit het Coalitieakkoord 2018-2022 en de Raadsagenda 2018-2022; • Actualisatie woonvisie in 2018; • Speciale aandacht voor een optimale verdeling van woningbouw op basis van vraag, tussen de doelgroepen starters, senioren, sociale huur, geliberaliseerde huur en zelfbouwers; • Aanvullende afspraken met Thuisvester over toewijzen woningen aan mensen met lokale binding; • Afronding dorpsplannen binnen de reeds beschikbaar gestelde kredieten en de laatste verpaupering in de dorpscentra actief te lijf gaan; • Passende oplossingen voor leegstand buitengebied. Speerpunten uit de Toekomstvisie “Puur Rucphen 2030”: • De gemeente Rucphen is aantrekkelijk voor wonen en vrijetijdsbesteding; • Onze dorpen hebben allemaal een eigen karakter en het is er goed leven. De samenstelling van de bevolking is daarbij belangrijker dan aantallen; • Een sterke vrijetijdseconomie draagt bij aan de leefbaarheid van onze dorpen.
Overzicht taakvelden en baten en lasten per taakveld
Ruimtelijke ordening Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Wonen en bouwen
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
TOTAAL
Prim. Beg. 2021
Begr. na wijz. 2021
Rekening 2021
588.070 -179.251 6.643.387 -6.525.573 697.307 -424.677
1.076.383 -971.562 8.220.182 -8.962.499 760.667 -499.848
851.566 -825.973 8.303.028 -9.008.956 780.968 -436.699
799.263
-376.677
-336.066
Verschillenverklaring per taakveld 8.1 - Ruimtelijke ordening Voor het project Zoeksestraat ontvangt de gemeente, naar verwachting in 2022, per saldo een bedrag van € 100.000,00. Een bedrag van € 50.000,00 wordt gereserveerd voor de optimalisering van de Zoeksestraat. De raming ontvangst van € 100.000,00 en de uitgaaf van € 50.000,00 vinden pas plaats in 2022 en worden overgebracht, wat een verschil veroorzaakt tussen de raming en werkelijkheid. Ook zijn er minder inkomsten uit de anterieure overeenkomsten. Hiertegenover staat een extra bijdrage voor de Ettenseweg en Pierestraat in het kader van Ruimte voor Ruimte. 8.2 - Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Dit taakveld verantwoorden we binnen het grondbedrijf. De resultaten van de grondexploitatie worden verwerkt in de reserve van het grondbedrijf. Afwijkingen in baten en lasten worden daardoor gecompenseerd en hebben geen invloed op het resultaat. Het verschil, zowel bij de uitgaven als inkomsten, wordt veroorzaakt door: • tussentijdse-winstnemingen; • aanzuivering van de voorziening binnen het grondbedrijf voor verliesgevende complexen.
50
Bij de inrichting van een perceel naast het opslag terrein was een gedeeltelijk afwaardering van € 58.000,00 noodzakelijk. Tevens zal de opbrengst van € 400.000,00 voor de verkoop van de ondergrond van de voormalige milieustraat naar verwachting in 2022 plaatsvinden. 8.3 - Wonen en bouwen De lagere opbrengst wordt veroorzaakt door minder aanvragen voor omgevingsvergunningen (bouwen).
De taakvelden 8.1 - Ruimtelijke ordening Omgevingswet Op 30 maart 2021 is uw raad bijgepraat over de invoering van de Omgevingswet en de omgevings-visie. De inwerkingtreding van de Omgevingswet stond gepland op 1 juli 2022, maar omdat niet gegarandeerd kon worden dat het Digitale Stelsel Omgevingswet (DSO LV) tijdig operationeel is, heeft het kabinet de inwerkingtreding uitgesteld naar 1 januari 2023. In 2021 is de gemeente Rucphen aangesloten op het Digitaal Stelsel Omgevingswet en zijn er ter voorbereiding op de inwerkingtreding applicaties en softwarepakketten aangeschaft. I.v.m. genoemd uitstel wordt het resterende budget overgebracht naar 2022. Naar verwachting zal de omgevingsvisie in september 2022 worden vastgesteld. Actualisatie ruimtelijk beleid De toekomstige Omgevingswet zorgt ervoor dat het bestaande ruimtelijke beleid hierop moet worden aangepast. Dit is echter zeer divers. Denk aan de Omgevingsvisie (voorheen structuurvisie, waarin het strategische ruimtelijke beleid wordt beschreven), maar ook aan tal van verordeningen die geactualiseerd moeten worden of moeten worden vastgesteld naast al bestaande verordeningen (APV, Nadeelcompensatie, Erfgoedverordening, etc.). Ook het uitvoeringsbeleid hebben we aangepast aan de toekomstige Omgevingswet.
Zo werken we nu reeds met Intake- en Omgevingstafels conform advies vanuit de VNG en is er gewerkt aan een Casco Omgevingsplan. Om hier uitvoering aan te kunnen geven, wordt er gewerkt met inhuurkrachten (omgevingsvisie) of wordt er aan deskundige bureaus advies of begeleiding gevraagd. Deze kosten worden ten koste gebracht van het budget ‘Actualisatie ruimtelijk beleid’. Feitelijk zijn het allemaal kosten die worden gemaakt voor implementatie van de Omgevingswet. Toename aantal ruimtelijke procedures In 2021 zijn opnieuw veel verzoeken voor ruimtelijke ontwikkelingen ingediend. De stijgende trend die in 2019 is ingezet wordt daarmee gecontinueerd. In totaal zijn er 34 principeverzoeken en 26 plannen ingediend. De meeste verzoeken en plannen richten zich op het toevoegen van woningen of het omzetten van voormalige winkels en bedrijven naar woningen. Voor de geconstateerde stijging van het aantal verzoeken kunnen twee oorzaken worden aangewezen. De eerste oorzaak is de toekomstige Omgevingswet. Veel initiatiefnemers willen hun verzoeken en plannen nog onder de huidige wet- en regelgeving indienen, zodat ze niet aan de systematiek van de Omgevingswet hoeven te voldoen. De tweede oorzaak is dat mensen door de coronapandemie noodgedwongen thuis werken/werkten en niet op vakantie zijn gegaan.
Dit heeft er aan bijgedragen dat we een stijging waarnemen in kleinere particuliere verzoeken en plannen. Deze trend is ook waarneembaar in een stijging van het aantal aanvragen voor omgevingsvergunningen. Dit wordt in taakveld 8.3 nader toegelicht. Uw raad heeft extra middelen beschikbaar gesteld voor de toegenomen omvang van het aantal principeverzoeken en plannen. Met deze middelen zijn extra krachten ingehuurd. De huidige arbeidsmarkt is zodanig krap dat over het algemeen enkel junioren en medioren beschikbaar zijn. Deze krachten hebben bij het uitvoeren van hun werkzaamheden begeleiding nodig van het vaste personeel. Het leerproces en de benodigde begeleiding zorgen ervoor dat de productie op de korte termijn minder snel toeneemt dan je op grond van de ingezette middelen zou verwachten. Verwacht wordt dat de productie zal toenemen zodra de ingehuurde krachten in toenemende mate zelfstandig gaan functioneren. De werkvoorraad is in 2021 dusdanig toegenomen dat niet meer gegarandeerd kan worden dat voor gewenste ontwikkelingen tijdig (lees: voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2023) een ontwerpplan ten inzage kan worden gelegd. Om die reden is besloten dat plannen die na 1 maart 2022 worden ingediend
51
zullen moeten voldoen aan de systematiek van de toekomstige Omgevingswet. Dit geldt ook voor plannen die naar aanleiding van een positief principebesluit worden ingediend. Uitgangspunt is de datum waarop het plan wordt ingediend en niet de datum waarop het principeverzoek is ingediend. Actualisatie van bestemmingsplannen De volgende ruimtelijke plannen zijn in 2021 vastgesteld: Bestemmingsplannen: • Buitengebied Rucphen 2012, Berkstraat ongenummerd naast 1a te Sprundel • Buitengebied Rucphen 2012, Ettenseweg naast nr. 29 te Sprundel • Buitengebied Rucphen 2012, Hazelaarstraat ong. naast 37 te St. Willebrord II • Buitengebied Rucphen 2012, Scherpenbergsebaan 53-55 te Rucphen • Buitengebied Rucphen 2012, Schijfsebaan 17 te Schijf • Buitengebied Rucphen 2012, Vorenseindseweg 104 te Sprundel • Kom St. Willebrord, Dorpsstraat 91-95 te St. Willebrord • Kom St. Willebrord, Lijsterbesstraat ongenummerd naast 23 en 25 • Kom St. Willebrord, Valkendonk ongenummerd naast 38 • Kom Zegge • Kom Zegge, Lage Zegstraat naast 8 te Zegge • Kom Zegge, Hoefstraat 12 Wijzigingsplannen • Buitengebied Rucphen 2012, Hoekvensedreef ong. naast nr. 6 te Schijf • Buitengebied Rucphen 2012, Scherpenbergsebaan tussen nr. 2a en 4 te Schijf • Kom St.
Willebrord, Kaaistraat ongenummerd naast nummer 62 Uitwerkingsplan: • Kom Sprundel, Kerkeheidestraat 38 te Sprundel Van de volgende plannen is het voorontwerp- of het ontwerpplan in 2021 ter inzage gelegd: Bestemmingsplannen: • Buitengebied Rucphen 2020, Hoeksestraat ong. tussen nr. 15a en 17 te Schijf • Buitengebied Rucphen 2012, Sprundelseweg 10 te Rucphen • Buitengebied Rucphen 2012, Schijfsebaan 17 te Schijf • Buitengebied Rucphen 2012, Achtmaalsebaan ong. naast 26 te Schijf • Kom St. Willebrord • Kom St. Willebrord, Irenestraat ong. naast 63 te St. Willebrord • Kom St. Willebrord, Kaaistraat ong. Wijzigingsplannen: • Buitengebied Rucphen 2012, Bredasebaan 94 te Sprundel • Buitengebied Rucphen 2012, Hoekvensedreef ong. naast nr. 6 te Schijf • Buitengebied Rucphen 2020, Kolkstraat ong. naast 12 te Sprundel • Kom Rucphen, Woonwijk Hofstede, fase II • Kom St. Willebrord, Kaaistraat ongenummerd naast nummer 62 Uitwerkingsplan: • Kom Sprundel, Kerkeheidestraat 38 te Sprundel Toelichting De actualisatie van het bestemmingsplan Kom St. Willebrord is in voorbereiding en heeft als voorontwerp ter inzage gelegen. Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan het ontwerpbestemmingsplan, waarna deze door ons college kan worden vastgesteld.
Voor het bestemmingsplan bedrijventerrein Nijverhei ligt de nadruk op de uitbreiding en de herziening van het bestemmingsplan voor de gronden gelegen achter het gemeentehuis. Dit bestemmingsplan is in voorbereiding. Beroepsprocedures Tegen het vaststellingsbesluit van de volgende plannen is in 2021 beroep ingesteld: • Kom Zegge
52
• • •
Kom Zegge, Lage Zegstraat naast 8 te Zegge Kom Sprundel, Kerkeheidestraat 38 te Sprundel Buitengebied Rucphen 2020
Het is nog niet bekend wanneer deze beroepen behandeld worden. Kwaliteitsverbetering landschap Met de Provincie zijn afspraken gemaakt over middelen die ontvangen worden voor Ruimte voor Ruimte. De ontvangen middelen kunnen ingezet worden voor verbetering van de kwaliteit en leefbaarheid van het buitengebied. Hierover bent u op 23 juni 2021 schriftelijk geïnformeerd. Voor de woningbouwprojecten Pierestraat, Zoeksestraat, Ettenseweg en Hoeksestraat zijn met de Ruimte voor Ruimte Ontwikkelmaatschappij overeenkomsten afgesloten. Daarin zijn onder andere afspraken gemaakt over de kwaliteitsverbetering van het landschap en de te ontvangen bedragen van de Provincie. Voor het project Pierestraat ontvangt de gemeente in totaal € 420.000,00 van de provincie. Met Ruimte voor Ruimte is afgesproken dat hiervan een bedrag van € 100.000,00 aan Ruimte voor Ruimte betaald wordt voor kwaliteitsverbetering. Er resteert dan € 320.000,00 die ten gunste komt van de reserve ‘Verbetering kwaliteit en leefbaarheid landelijk gebied’. Voor het project Zoeksestraat ontvangt de gemeente, naar verwachting in 2022, in totaal € 250.000,00. Met Ruimte voor Ruimte is afgesproken dat een bedrag van € 150.000,00 betaald wordt voor kwaliteitsverbetering. De Provincie Noord-Brabant heeft aangegeven deze betaling rechtstreeks met Ruimte voor Ruimte te regelen, waardoor de gemeente hier niet meer tussen zit.
Per saldo ontvangt de gemeente Rucphen dus een bedrag van € 100.000,00. Een bedrag van € 50.000,00 wordt gereserveerd voor de optimalisering van de Zoeksestraat, zodat vanuit Schijf een betere overgang ontstaat naar het buitengebied. De bijdrage voor de optimalisering van de Zoeksestraat wordt bepaald aan de hand van de werkelijke kosten. De ontvangst van € 100.000,00 en de uitgaaf van € 50.000,00 lopen via de reserve verbetering kwaliteit en leefbaarheid landelijk gebied. Voor het project Ettenseweg in Sprundel en Hoeksedreef in Schijf ontvangt de gemeente in totaal € 150.000,00 van de provincie. Wij stellen voor dit bedrag via de resultaatbestemming van de jaarrekening 2021 te storten in de reserve verbetering kwaliteit en leefbaarheid landelijk gebied. 8.2 - Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) De gemeente heeft voor een viertal locaties zelf de regie over de gronduitgifte voor woningbouw. Dit zijn de locaties Hofstede in Rucphen en de Fazantendonk, Vosdonkseweg en Kaaistraat-Valkendonk in St. Willebrord. Hofstede De ontwikkeling van Hofstede fase I is volop in uitvoering. Het wijzigingsplan voor Hofstede fase II is in voorbereiding. Dit plan heeft als ontwerp reeds ter inzage gelegen. Ook in fase II zullen kavels worden uitgegeven door de gemeente. Fazantendonk Voor de invulling van de gronden Fazantendonk is een stedenbouwkundige visie opgesteld.
Er wordt bekeken of in dit plangebied Koop Later (KoLat) woningen een plek kunnen krijgen. Dit onderzoek loopt nog. Zodra hier meer duidelijkheid over is, wordt uw raad geïnformeerd. Vosdonkseweg Voor de invulling van de Vosdonkseweg is een principeverzoek ontvangen van een ontwikkelaar. Momenteel bevinden wij ons in het stadium van de conceptkoopovereenkomst. Kaaistraat-Valkendonk De hoek Kaaistraat-Vosdonkseweg in St. Willebrord wordt door Ruimte voor Ruimte in ontwikkeling gebracht. De grond naast deze locatie (naast de begraafplaats) wordt door de gemeente zelf ontwikkeld voor woningbouw. De kernrandzone wordt afgerond en landschappelijk versterkt. Het perceel grond achter de Valkendonk wordt eveneens voor woningbouw bestemd. De visie hiervoor wordt in 2022 verder uitgewerkt.
53
8.3 - Wonen en bouwen Uitvoering woonvisie Voor 2021 zijn twee onderwerpen in de begroting opgenomen: • Onderzoek naar short stay huisvestingsvoorzieningen op of bij het bedrijventerrein voor arbeidsmigranten/ buitenlandse werknemers; • Meer starters faciliteren met een starterslening door het verhogen van het plafond. Op de Ontwikkeldag (9 juli 2021) is namens het college het Afsprakenkader Arbeidsmigranten West-Brabant ondertekend. Dit afsprakenkader zal als onderlegger gebruikt worden voor het aanvullen van het gemeentelijke beleid huisvesting Arbeidsmigranten. Het onderzoek naar short stay huisvestingsvoorzieningen is nog niet afgerond. Dit onderzoek en de actualisering van het beleid huisvesting arbeidsmigranten wordt naar verwachting in 2022 uitgevoerd. Startersleningen In de raadsvergadering van juni 2021 is het budget van de startersleningen verruimd met € 900.000,00. Dit wordt vrijgegeven in tranches van 3 x € 300.000,00. Hierdoor is het weer mogelijk om startersleningen te verstrekken. Huisvestingsverordening In de huisvestingsverordening zijn regels opgenomen over voorrang bij de toewijzing van een sociale huurwoning als er sprake is van maatschappelijke gebondenheid. Woningzoekenden kunnen sinds februari 2021 gebruik maken van die mogelijkheid. De huisvestingsverordening zal in 2022 worden geactualiseerd op basis van de geactualiseerde modelverordening van de VNG.
In deze jaarrekening wordt een overzicht gegeven van de resultaten over het jaar 2021. Tussen 1 februari en 31 december 2021 zijn er 36 woningen aangeboden op basis van de huisvestingsverordening. Sinds 1 februari hebben 113 woningzoekenden, die voldoen aan de vereisten van de huisvestingsverordening, zich bij Thuisvester aangemeld. Van de 36 aangeboden woningen zijn 24 woningen toegewezen op basis van de voorrangsregels van de huisvestingsverordening en 6 woningen zijn toegewezen in afwijking van de voorrangsregels. Op 6 aangeboden woningen heeft niemand met sociale binding en passend inkomen gereageerd. Deze woningen zijn vervolgens op de reguliere wijze toebedeeld. Woningbouw in Schijf Het beroep tegen het bestemmingsplan ‘De Berg’ in Schijf bij de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is in 2021 ongegrond verklaard, waardoor het plan onherroepelijk is geworden. Het plan kan daardoor in uitvoering worden gebracht. Dorpsontwikkeling In Rucphen is gebouwd op de locaties ‘De Vaart’ en de ‘De Vlette’. De herinrichting van het centrumgebied is in 2021 in een volgende fase aangekomen. Ook voor het middengebied wordt verkend hoe dit verder ingevuld kan worden. Hiervoor zal een bestemmingsplan worden voorbereid. Voor de locatie ‘Onder de molen’ in Sprundel is een plan ontvangen voor de realisatie van (zorg)appartementen. Dit plan is nog in beoordeling.
Vergunningverlening Door de toegenomen werkvoorraad is de formatie voor vergunningen structureel uitgebreid met 1 fte en flexibel met 0,5 fte. De werkvoorraad voor vergunningsprocedures laat sinds 2019 een stijgende lijn zien. Ten opzichte van 2020 zijn de benodigde werkuren voor vergunningprocedures met circa 15% gestegen. Door de huidige arbeidsmarktsituatie is het niet gelukt een extra casemanager vergunningen aan te trekken die relatief snel zelfstandig kan functioneren. Om de werkdruk bij de casemanagers vergunningen beheersbaar te kunnen houden, wordt als gevolg daarvan gekeken naar alternatieve oplossingen, zoals administratieve ondersteuning.
54
Beleidsindicatoren
Woonlasten éénpersoonshuishouden
Woonlasten meerpersoonshuishouden
euro
euro
720
733
800
810
Rucphen
Nederland
Rucphen
Nederland
bron: COELO, Groningen | 2021
bron: COELO, Groningen | 2021
*Woonlasten: Het gemiddelde totaalbedrag per jaar dat een één- of meerpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten (onroerendezaakbelastingen, rioolheffing en afvalstoffenheffing).
Gemiddelde WOZ waarde woningen 300 290 280 270 260 250 240 230 220 210 200 2017
2018
2019 Rucphen
2020
2021
Nederland bron : CBS - WOZ | 2017 -2021
Nieuw gebouwde woningen per 1.000 woningen
3,4
8,7
Rucphen
Nederland bron: BAG/ABF | 2020
Demografische druk
Rucphen
68,10%
Nederland
70,10%
bron : CBS | 2021
*Demografische druk: De som van het aantal personen van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 20 tot 65 jaar. Dit cijfer geeft inzicht in de verhouding van het niet-werkende deel van de bevolking tot het werkende deel van de bevolking.
55
Het overzicht van algemene dekkingsmiddelen Inleiding In dit hoofdstuk besteden wij aandacht aan de algemene dekkingsmiddelen. Algemene dekkingsmiddelen zijn inkomsten van een gemeente waarvoor geen bestedingsdoel is bepaald. Deze middelen zijn in principe vrij aanwendbaar: uw raad bepaalt voor welk doel de middelen worden ingezet. Hierbij dient natuurlijk in acht te worden genomen dat gemeenten wettelijk verplicht zijn een aantal taken uit te voeren. Het overzicht van algemene dekkingsmiddelen bevat de volgende onderdelen: • Lokale heffingen; • Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds; • Treasury; • Overige baten en lasten (inclusief onvoorzien).
Overzicht algemene dekkingsmiddelen In onderstaande tabel is de opbrengst van de verschillende algemene dekkingsmiddelen verantwoord. Hierna lichten wij de opbrengsten per onderdeel toe.
Lokale heffingen Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds Treasury Overige baten en lasten
Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten
TOTAAL
Prim. Beg. 2021
Begr. na wijz. 2021
Rekening 2021
311.707 -3.984.443
332.607 -3.999.443
381.361 -3.962.749
-37.933.789 440.142 -532.503 166.445
-40.333.858 434.921 -492.522 81.396
-40.873.483 418.803 -515.703
-41.532.441
-43.976.899
-44.557.921
-6.150
Lokale heffingen Lokale heffingen zijn de opbrengsten uit rechten (retributies) en de eigen belastingen. Onder de algemene dekkingsmiddelen verstaan we alleen de baten uit de eigen belastingen. Dit zijn de onroerende zaakbelastingen, toeristenbelasting en forensenbelasting. Belastingopbrengsten uit rechten, zoals rioolheffing, zijn kostendekkend en daarmee niet vrij besteedbaar. Voor het opleggen en innen van de eigen belastingen betalen we een bijdrage aan de Belastingsamenwerking West-Brabant (BWB). Deze bijdrage zien we terug aan de lastenkant. Een nadere toelichting over de inkomsten en kostendekking vindt u terug in paragraaf 5.1 ‘Lokale heffingen’.
56
Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds De algemene uitkering is één van de uitkeringen die gemeenten van het Rijk ontvangen. Dat gebeurt via het Gemeentefonds. Gemeenten kunnen, met inachtneming van wet- en regelgeving, zelf bepalen of zij de uitkering uitgeven aan taken die het Rijk opdraagt of aan eigen beleid. Gemeenten hoeven zich niet te verantwoorden over de besteding van de algemene uitkering richting het Rijk. De verantwoording vindt plaats aan de gemeenteraad. Algemene uitkering 2021 Aan de hand van de decembercirculaire 2021 van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is de uitkering uit het gemeentefonds voor het jaar 2021 berekend op € 33.420.359,60. In onderstaand overzicht is de ontwikkeling van de algemene uitkering op de verschillende rapportagemomenten weergegeven: Algemene uitkering van het gemeentefonds 2021 Raming
Werkelijk
Verschil
Begroting 2021
30.942.867,00
1e bestuursrapportage 2021
31.382.186,00
439.319,00
2e bestuursrapportage 2021
33.049.342,00
1.667.156,00
Financiële slotwijziging 2021
33.121.726,00
72.384,00
Jaarrekening 2021
33.420.359,60
298.633,60
(Bedragen excl. afrekening oude jaren, integratie- en decentralisatie-uitkeringen, maar wel incl. taakmutaties ivm compensatie Corona).
Het verschil tussen de begroting 2021 en de 1e bestuursrapportage 2021 wordt met name veroorzaakt door het 3e pakket aan maatregelen, o.b.v. de decembercirculaire 2020, en het 4e steunpakket om gemeenten te compenseren voor de gevolgen van de coronacrisis. Daarnaast wordt de stijging veroorzaakt door actualisatie van maatstaven die gebruikt worden in de berekening van de algemene uitkering. Zie voor verdere toelichting de 1e bestuursrapportage 2021. Het verschil tussen de 1e en 2e bestuursrapportage 2021 van € 1.667.156,00 positief, wordt veroorzaakt door de effecten van de mei- en septembercirculaire 2021. Het betreft met name de volgende onderdelen binnen het gemeentefonds die een afwijking veroorzaken: • incidentele compensatie jeugdzorg 2021; • de afrekening van het BTW-compensatiefonds 2020; • het 5e steunpakket aan steunmaatregelen om gemeenten te compenseren voor de gevolgen van de coronacrisis. Zie voor verdere toelichting de 2e bestuursrapportage 2021. Na de 2e bestuursrapportage 2021 is de financiële slotwijziging 2021 opgesteld. Het verschil tussen deze twee documenten bedraagt € 72.384,00 positief, wat o.a. veroorzaakt wordt door actualisatie van de aantallen en tarieven van diverse maatstaven. Ten opzichte van de berekening die gemaakt is voor de financiële slotwijziging 2021 is het werkelijke bedrag voor 2021 € 298.633,60 hoger uitgevallen.
Dit wordt veroorzaakt door de mutaties uit de decembercirculaire 2021. Algemene uitkering oude jaren In het dienstjaar 2021 hebben er nog verrekeningen plaatsgevonden met betrekking tot de jaren 2018, 2019 en 2020 welke per saldo hebben geleid tot een ontvangst van € 110.732,50.
57
Totaal algemene uitkering Het totale bedrag dat in 2021 wordt verantwoord op het taakveld “algemene uitkering” bedraagt € 40.873.483,10. Voor 2021 was een bedrag begroot van € 40.333.858,00, waardoor er per saldo een bedrag van € 539.625,10 meer ontvangen is in 2021. In onderstaande tabel is per onderdeel het geraamde en het werkelijke bedrag opgenomen. Totaal algemene uitkering Omschrijving
Begroot
Werkelijk
Verschil
1
Algemene uitkering uit het gemeentefonds 2021
33.121.726
33.420.360
298.634
2
Alg. uitkering uit het gemeentefonds 2021 oude jaren
100.437
110.732
10.295
3
Integratie-uitkering Sociaal domein Integratie-uitkering Verhoging raadsledenvergoeding kleine gemeenten
6.598.796
6.749.678
150.882
85.126
85.126
30.902
47.550
4 5
Integratie-uitkering Inburgering
16.648
Decentralisatie-uitkeringen: 6
Gezond in de stad
51.691
51.691
7
Cultuurmiddelen (Corona comp pakket 3)
43.016
43.016
8
Voorschoolse voorziening peuters
36.897
36.897
9
VTH provinciale taken
46.697
46.697
10 Armoedebestrijding kinderen
65.270
65.270
11 Brede aanpak dak-+thuisloosheid
32.051
32.051
12 Maatschappelijke begeleiding
30.810
30.810
13 Extra kosten verkiezingen Covid-19
31.787
31.787
14 Heroriëntatie zelfstandigen
10.880
10.880
15 Inkomstenderving 2020 ivm Covid-19
0
62.000
62.000
16 Einde lening inburgeringsplichtig
0
1.166
1.166
17 Brede Reg Combi functies/buurtsportcoach
42.772
42.772
18 Versterking omgevingsveiligheidsdiensten Totaal
5.000
5.000
40.333.858
40.873.483
539.625
Het verschil van € 539.625,00 wordt met name veroorzaakt door de mutaties uit de decembercirculaire 2021. In onderstaande toelichting wordt per onderdeel een toelichting gegeven. Ontwikkelingen n.a.v. de decembercirculaire 2021 Zoals gebruikelijk bevat de decembercirculaire geen nieuwe accresramingen. Omdat het accres voor 2021 – net als voor 2020 – in overleg met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het Interprovinciaal Overleg (IPO) is bevroren, zal het accres voor dit jaar dan ook niet meer worden bijgesteld. Voor de jaarafsluiting 2021 is het accres 2021, zoals gemeld in de meicirculaire 2020, de definitieve stand. In de decembercirculaire is wel de omvang van de algemene uitkering voor 2021 gewijzigd. Dit wordt veroorzaakt door de diverse taakmutaties die zijn toegevoegd. Gemeenten zijn vrij om deze middelen in de begroting op te nemen voor het uitvoeren van de taken waaraan ze volgens de circulaire aan gelabeld zijn of mogen deze middelen vrij besteden. De middelen zijn namelijk niet geoormerkt. Van een aantal taakmutaties die zijn toegevoegd in de decembercirculaire zijn de middelen gestort in een reserve, zodat we deze middelen voor het doel waarvoor ze toegevoegd zijn kunnen gaan inzetten. Omdat de middelen pas eind 2021 ontvangen zijn, konden deze niet meer deze in 2021 worden ingezet.
Het betreft de volgende taakmutaties: Taakmutatie Versterking dienstverlening gemeenten In de reactie van het kabinet van 15 januari 2021 op het rapport Ongekend onrecht van de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK) is toegelicht dat naast de hersteloperatie voor getroffen ouders en kinderen, ook maatregelen nodig zijn die structureel tot brede verbeteringen in beleid en uitvoering moeten leiden. Onderdeel hiervan is het versterken van de dienstverlening bij alle onderdelen van de overheid, waaronder de gemeenten. Het kabinet heeft besloten voor het versterken van de dienstverlening bij gemeenten en het extra ondersteunen van mensen in kwetsbare posities voor de periode tot en met 2027 € 150 miljoen
58
per jaar beschikbaar te stellen. Het Rijk is zich er van bewust dat de transitie niet in deze periode kan worden voltooid en zal daarom vroegtijdig met de VNG het gesprek aangaan over de periode na 2027. Om de dienstverlening bij gemeenten te versterken en mensen in kwetsbare posities extra te ondersteunen heeft de VNG een visiedocument opgesteld met daarin activiteiten die met name inzetten op het vergroten van de menselijke maat in de dienstverlening, ontwikkeling van professionals en systematisch leren, zodat waar nodig structurele verbeteringen op zowel rijksniveau als gemeentelijk niveau worden doorgevoerd. Het visiedocument van de VNG is langs acht actielijnen uitgewerkt. De acht actielijnen zijn: 1. Digitale dienstverlening: voor 2021 en 2022 geen middelen via het gemeentefonds. Voor de jaren daarna wordt de uitkeringswijze nog bezien. 2. Robuust rechtsbeschermingssysteem: € 23 miljoen via de algemene-uitkering. 3. Systeemleren en stedelijke vernieuwing: € 5 miljoen via de algemene-uitkering voor systeemleren tot en met 2027 en € 5 miljoen via een decentralisatie-uitkering aan de stedelijke vernieuwingsgebieden voor de jaren 2021 en 2022 (de decentralisatie-uitkering is niet van toepassing voor de gemeente Rucphen). 4. Versterking ondersteuning wijkteams: € 45 miljoen via de algemene-uitkering. 5. Impuls integraal werken: € 36 miljoen via de algemene-uitkering. 6.
Toekomstscenario’s Kind- en gezinsbescherming: geen middelen in 2021. Meer informatie over de verdeling van de middelen voor 2022 en verder volgt in de meicirculaire 2022. 7. Risicovol verward gedrag: € 10 miljoen via een decentralisatie-uitkering (niet van toepassing voor de gemeente Rucphen). 8. Programmatische ondersteuning van gemeenten: De middelen worden via de begroting van het ministerie van BZK aan de VNG ter beschikking gesteld. De VNG bepaalt samen met gemeentelijke dienstverleningskoepels en andere partijen de besteding van de middelen voor de collectieve ondersteuning van gemeenten. Voor de algemene uitkering gaat het in 2021 om een bedrag van € 109 miljoen. De bijbehorende vier actielijnen zijn hieronder toegelicht. Actielijn 2 Robuust rechtsbeschermingssysteem Het is belangrijk dat mensen dichtbij ondersteuning hebben om de weg te vinden en hun recht te kunnen halen, bijvoorbeeld wanneer ze verdwalen tussen uitvoeringsinstanties. Er is bij het ministerie van Justitie en Veiligheid een programma rechtsbijstand waarin met partners wordt gewerkt aan een stelselvernieuwing. Mede in opvolging van de POK wordt gewerkt aan een robuust rechtsbeschermingsstelsel dicht bij de burger. Gemeenten zijn daarin belangrijke partners. De resultaten van de aanpak door gemeenten zijn: 1.
Toegang versnellen: inwoners hebben sneller en makkelijker toegang tot voorzieningen en rechtsbescherming en verdwalen niet langer tussen uitvoeringsinstanties. 2. Betere gemeentelijke juridische dienstverlening: voor inwoners is voldoende juridische ondersteuning beschikbaar, zowel in de vorm van eerstelijns juridische ondersteuning als in de versterking van de gemeentelijke ombudsfunctie. 3. Pilots robuuste rechtsbescherming: kennis over effectieve rechtsbescherming wordt door gemeenten hergebruikt. Gemeenten hoeven niet elk het wiel zelf uit te vinden. In pilots zijn effectieve (nieuwe) werkwijzen voor rechtsbescherming ontwikkeld, gemeenten zijn ondersteund in het in gebruik nemen van die werkwijzen en gemeenten leren van elkaar. Om gemeenten in staat te stellen om, langs bovenstaande lijnen samen met juridische partners, meer robuuste rechtsbescherming voor hun inwoners te organiseren, stelt het kabinet voor zowel 2021 als 2022 een bedrag van € 23 miljoen beschikbaar en voor 2023 tot en met 2027 een bedrag van € 25 miljoen per jaar. Voor Rucphen gaat het in 2021 om een bedrag van € 24.119,00. Bij de resultaatbestemming 2021 wordt voorgesteld dit bedrag te storten in een nieuw te vormen reserve Versterking dienstverlening gemeenten. De uitwerking voor de jaren 2022 en verder vindt plaatst in de 1e bestuursrapportage 2022.
Actielijn 3 Systeemleren Om de dienstverlening in gemeenten daadwerkelijk en structureel te kunnen verbeteren is het van belang dat de dienstverlening plaatsvindt in een ‘lerende uitvoeringspraktijk’. Binnen de gemeentelijke uitvoering moet er ruimte zijn om te reflecteren op het eigen handelen in de dienstverlening aan inwoners. Gemeenten moeten kunnen leren van de fouten en knelpunten in hun uitvoeringspraktijk en kunnen leren van elkaar, zodat de gemeentelijke dienstverlening aan inwoners in kwetsbare posities continu kan worden verbeterd. Het uiteindelijke doel daarbij is de kwaliteit van de dienstverlening aan de meest kwetsbare burgers te verhogen en zo in de gemeente een betere en veiligere leefomgeving te laten ontstaan.
59
De projectmatige capaciteit om de ‘lerende uitvoeringspraktijk’ in de gemeente vorm te geven, is nog niet in alle gemeenten beschikbaar. Het is wenselijk dat er in alle gemeenten ruimte is om het systeemleren in te richten. Deze capaciteit kan worden aangewend om aan te sluiten bij het kennis- en leernetwerk van het programma Leefbaarheid en Veiligheid en de lessen uit dat programma te vertalen naar de eigen gemeente. Hiervoor stelt het kabinet voor 2021 tot en met 2027 € 5 miljoen per jaar beschikbaar. Voor Rucphen gaat het om een bedrag van € 6.500,00 in 2021. Bij de resultaatbestemming 2021 wordt voorgesteld dit bedrag te storten in een nieuw te vormen reserve Versterking dienstverlening gemeenten. De uitwerking voor de jaren 2022 en verder vindt plaatst in de 1e bestuursrapportage 2022. Actielijn 4 Versterking ondersteuning wijkteams Voor de versterking ondersteuning wijkteams heeft het kabinet voor de jaren 2021 tot en met 2025 € 45 miljoen per jaar en voor de jaren 2026 en 2027 een bedrag van € 50 miljoen per jaar beschikbaar gesteld ter compensatie van de extra uitgaven die gemaakt worden om de toegang van cliënten tot de gemeentelijke dienstverlening en ondersteuning in de komende jaren stap voor stap structureel te verbeteren.
Dit betekent dat voor de sociale wijkteams extra uitvoeringscapaciteit beschikbaar komt, om de coördinatie tussen de verschillende soorten van hulpverlening in het sociaal domein te verbeteren. Voor de gemeente Rucphen gaat het om € 41.932,00 in 2021. Bij de resultaatbestemming 2021 wordt voorgesteld dit bedrag te storten in een nieuw te vormen reserve Versterking dienstverlening gemeenten. De uitwerking voor de jaren 2022 en verder vindt plaatst in de 1e bestuursrapportage 2022. Actielijn 5 Impuls integraal werken Als onderdeel van het versterken van de gemeentelijke dienstverlening stelt het kabinet € 36 miljoen in 2021, € 6 miljoen in 2022 en € 3 miljoen in 2023 beschikbaar, waarmee gemeenten een impuls kunnen geven aan het ontwikkelen van een integrale dienstverlening. Voor de aanpak van meervoudige problematiek in het sociaal domein krijgen gemeenten incidenteel deze extra middelen om methoden voor integraal werken te ontwikkelen en geleerde lessen beter met elkaar te delen. Voor de gemeente Rucphen gaat het om € 33.096,00 in 2021. Bij de resultaatbestemming 2021 wordt voorgesteld dit bedrag te storten in een nieuw te vormen reserve Versterking dienstverlening gemeenten. De uitwerking voor de jaren 2022 en verder vindt plaatst in de 1e bestuursrapportage 2022.
Taakmutatie Jeugdhulp: subsidieregeling continuïteit cruciale jeugdzorg In mei 2019 hebben de VNG en het Rijk afspraken gemaakt over de inrichting van een subsidieregeling continuïteit cruciale jeugdzorg met een looptijd tot eind december 2021. Hiertoe is destijds € 20 miljoen vanuit de € 420 miljoen aan tijdelijke extra middelen Jeugdhulp voor gemeenten apart gehouden op de begroting van het ministerie van VWS. Via de subsidieregeling kunnen aanbieders van cruciale jeugdhulp tijdelijke liquiditeitssteun ontvangen indien dit noodzakelijk is om continuïteit van zorg te garanderen. Er is afgesproken dat de middelen na afloop van de subsidieregeling weer worden toegevoegd aan het gemeentefonds. Momenteel is nog € 18,9 miljoen beschikbaar in de subsidieregeling continuïteit cruciale jeugdzorg. Het overige deel, € 1,1 miljoen, is momenteel als liquiditeitssteun uitgekeerd. In de decembercirculaire wordt de nog beschikbare € 18,9 miljoen toegevoegd aan het jeugdhulpbudget voor het jaar 2021. De resterende € 1,1 miljoen wordt op een later moment - na terugbetaling door de aanbieders - teruggestort in het gemeentefonds. Voor Rucphen komt deze € 18,9 miljoen neer op een bedrag van € 21.630,00. Bij de resultaatbestemming 2021 wordt voorgesteld dit bedrag te storten in de reserve mutaties decembercirculaire.
Overigens wordt momenteel gewerkt aan verlenging van de subsidieregeling voor één jaar. Ter overbrugging is € 5 miljoen op de begroting van het ministerie van VWS gereserveerd. Begin 2022 vindt overleg plaats tussen het Rijk en VNG over het eventueel ophogen van de financiële middelen voor de subsidieregeling. Hierover volgt naar verwachting meer informatie in de meicirculaire 2022. Taakmutatie Kwaliteitsborging bouw- woningtoezicht Per 1 januari 2023 treedt de nieuwe Wet kwaliteitsborging (Wkb) voor het bouwen in werking. De wet gaat gefaseerd in. Er wordt gestart met de eenvoudigere bouwprojecten, daarna volgen eventueel de meer complexe projecten. De Wkb heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborgers. Onder de Wkb zullen kwaliteitsborgers zorgdragen voor het voldoen aan de bouwtechnische regels. Deze taken vervallen hiermee bij gemeenten die overigens wel het bevoegd gezag blijven houden. Tegelijkertijd wijzigen bepaalde taken en krijgen gemeenten er extra taken bij, zoals registratie en beoordeling van de Wkb-meldingen. Hieronder vallen onder andere bouwmeldingen en gereed meldingen en informatieverstrekking van de start en einde van bouwwerkzaamheden. Voor de noodzakelijke
60
voorbereidingen die de gemeenten nog moeten treffen tot de inwerkingtreding van de Wkb ontvangen gemeenten in 2021 een initiële bijdrage van € 10 miljoen. Voor Rucphen gaat het hier om een bedrag van € 12.607,00. Bij de resultaatbestemming 2021 wordt voorgesteld dit bedrag te storten in de reserve mutaties decembercirculaire. Taakmutatie 6e Corona steunpakket: Continuïteit van zorg: meerkosten jeugd en Wmo (covid-19) De VNG en het Rijk hebben afgesproken dat meerkosten binnen het sociaal domein (Jeugdwet en Wmo) als gevolg van de coronapandemie in 2021 door het Rijk worden gecompenseerd. In opdracht van de ministeries van VWS, FIN, BZK en de VNG is een onderzoek naar de omvang van de totale meerkosten in het sociaal domein uitgevoerd. Op basis van dit onderzoek is de totale hoogte van de compensatie met betrekking tot de Jeugdwet en Wmo 2015 in het bestuurlijk overleg tussen VWS en VNG van 7 oktober jl. gezamenlijk vastgesteld op € 136,1 miljoen. Deze compensatie betreft een afrondende afspraak voor meerkosten over 2021. Een deel van het bedrag is als volgt toegevoegd aan de algemene uitkering van het gemeentefonds: • € 26,2 miljoen aan het cluster Jeugd. • € 20,8 miljoen aan het cluster Maatschappelijke ondersteuning.
De overige € 89,1 miljoen wordt verdeeld over de decentralisatie-uitkeringen Maatschappelijke opvang en Vrouwenopvang en de integratie-uitkering Beschermd wonen. Ook komt er een regeling voor de meerkosten in de Jeugdwet en Wmo 2015 in 2022. Op het moment van de vaststelling van de compensatie voor 2021 was echter niet voorzien in nieuwe beperkende maatregelen, welke 12 november 2021 zijn aangekondigd. Het Rijk en de VNG hebben afgesproken de eventuele extra meerkosten die hier uit voortvloeien te betrekken bij de compensatie 2022. Voor Rucphen gaat het in 2021 om een bedrag van: • Jeugdwet € 29.999,00 • Wmo € 37.049,00 Bij de resultaatbestemming 2021 wordt voorgesteld deze bedragen te storten in de Risicoreserve Coronacrisis. Taakmutatie 6e Corona steunpakket: Lokaal cultuuraanbod (covid-19) De gemeenten ontvangen € 41,6 miljoen voor het in stand houden van de lokale en regionale cultuur in 2021. Dit komt bovenop de aan de gemeenten voor de eerste helft van 2021 verstrekte € 50 miljoen voor de instandhouding van de lokale en regionale cultuur. Voor Rucphen gaat het hier om een bedrag van € 46.121,00. Bij de resultaatbestemming 2021 wordt voorgesteld dit bedrag te storten in de Risicoreserve Coronacrisis.
Integratie- en decentralisatie-uitkeringen decembercirculaire 2021 Naast de taakmutaties bevat de decembercirculaire ook nog een aantal integratie- en decentralisatie uitkeringen met betrekking tot 2021. Decentralisatie-uitkering Einde lening inburgeringsplichtig In het bestuurlijk overleg van april 2020 zijn tussen het ministerie van SZW en de VNG afspraken gemaakt over het ondersteunen van de zogenaamde Einde lening inburgeringsplichtig (ELIPs). Dit zijn inburgeraars die hun lening voor de inburgering (vrijwel) volledig hebben uitgeput, maar nog steeds inburgeringsplichtig zijn. Gemeenten zullen inburgeraars die tot deze doelgroep behoren begeleiden. Gemeenten gaan zelf over de wijze van invulling van de begeleiding. Via een decentralisatie-uitkering worden middelen aan gemeenten beschikbaar gesteld voor begeleiding en het in een beperkt aantal gevallen financieel ondersteunen van ELIPs bij het betalen van extra cursusuren of examengelden.
De ELIPs-groep is in de praktijk afgebakend als: “inburgeringsplichtige asielmigranten onder de Wet inburgering 2013 die nog niet aan de inburgeringsplicht hebben voldaan maar wel: • € 9.500,00 hebben verbruikt van hun lening (ongeacht de termijn) of; • € 7.500,00 hebben verbruikt van hun lening en waarvan de inburgeringstermijn binnen 12 maanden afloopt.” De middelen worden over gemeenten verdeeld op basis van het aantal ELIPs zoals volgt uit deze definitie, gemeten op basis van DUO-cijfers per 1 januari van het jaar. Voor 2021 wordt via deze circulaire een bedrag van € 3,428 miljoen beschikbaar gesteld. Over de bedragen voor de jaren 2022 – 2026 volgt meer informatie in de meicirculaire 2022. Voor Rucphen gaat het in 2021 om een bedrag van € 1.166,00. Dit bedrag is gestort in de reserve maatschappelijke begeleiding.