07b Bijlage 1 Ontwerp-omgevingsvisie Rucphen 1
Tekst van het document
Nieuwe winkels buiten winkelconcentratiegebieden in de dorpen worden tegengegaan en planologische mogelijkheden worden waar mogelijk uitgesloten. 12) We gaan nieuwe horeca buiten de dorpscentra tegen, tenzij deze horeca van toegevoegde waarde is voor de directe omgeving. 13) We werken, buiten de winkelconcentratiegebieden, zoveel mogelijk mee aan bestemmingswijzigingen van ‘detailhandel’ of ‘horeca’ naar ‘wonen’. Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
4
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
Prioriteiten
4.2.2 Een omgeving die mensen uitnodigt om naar buiten te gaan en te bewegen
1) Wij dagen schoolbesturen uit om schoolpleinen zo in te richten, dat ze geschikt zijn voor sporten en bewegen. Verder bespreken wij mogelijkheden om schoolpleinen, na schooltijd als openbare ruimte beschikbaar te stellen. Wij kunnen dan faciliteren bij een groenere inrichting van de schoolpleinen.
De omgeving kan op twee manieren uitnodigen om naar buiten te gaan en meer te bewegen. De woonomgeving kan aantrekkelijker gemaakt worden én er kunnen meer faciliteiten voor sport en bewegen worden ontwikkeld. Het aantal mensen met een lidmaatschap bij een sportclub is in Nederland tussen 2014 en 2020 afgenomen van 32% tot 29%. Dit hoeft niet persé te betekenen dat mensen minder bewegen. Je kunt ook in je eigen omgeving bewegen. Soms gebeurt dit in huis, maar vaak zal dit buiten zijn. Om mensen te verleiden om in hun omgeving te gaan bewegen, is de uitstraling van de dorpen en het buitengebied belangrijk. In paragraaf 4.1.1 is aangegeven dat we in Rucphen een aaneengesloten groenstructuur willen ontwikkelen. Behalve om ons aan te passen aan het veranderende klimaat en het behoud van biodiversiteit is deze groenstructuur ook belangrijk om het buitengebied via aantrekkelijke routes met onze dorpen te verbinden. Bij de invulling van deze groenstructuur moet voldoende ruimte zijn voor spelen en recreëren. Dit kan onder andere door dorpsbossen en landschapsparken in te richten. Daarnaast willen we zorgen dat de verkeerveiligheid voor fietsers en voetgangers groot is. In paragraaf 4.3.4 wordt beschreven hoe de verkeersveiligheid vergroot kan worden. Een aantrekkelijke woonomgeving is niet voor iedereen voldoende om erop uit te gaan.
Daarom is het belangrijk dat er meer faciliteiten komen die mensen stimuleren om te sporten en bewegen. In de eerste plaats gaat het hierbij om faciliteiten die voornamelijk door sportclubs en scholen worden gebruikt, zoals sportvelden, het zwembad, de sporthal en gymzalen. Behalve dat mensen hier vaker in groepsverband sporten, hebben deze faciliteiten vaak ook nog de mogelijkheid om achteraf wat te nuttigen en bij te praten. Deze voorzieningen hebben daarmee ook een belangrijke sociale functie in de dorpen en kunnen bijdragen aan een goede mentale gezondheid. In de tweede plaats zorgen een goed wandel- en fietspadennetwerk in de gemeente ervoor dat mensen makkelijk kunnen sporten en bewegen. Gebruik van de wandel- en fietspaden is gratis en daarmee een laagdrempelige manier om te sporten en bewegen. Daarnaast kunnen mensen zelf
23
1 2 3
kiezen welke vorm van beweging het beste bij hen past. Als je slecht ter been bent, kun je ervoor kiezen om een rondje te lopen over verharde wandelpaden, terwijl iemand met een goede conditie ervoor kan kiezen om de mountainbikeroute te rijden. Het is nu al druk in de Rucphense bossen en die drukte neemt alleen maar toe. Fietsers, wandelaars en mountainbikers kruisen steeds vaker elkaars route, waardoor overlast en gevaarlijke situaties kunnen ontstaan. Daarnaast komen natuurwaarden onder druk te staan. Bij alle ontwikkelingen in de Rucphense bossen moet rekening worden gehouden met andere gebruikers en de aanwezige natuurwaarden. Tenslotte stimuleren ook gratis en openbaar toegankelijke sportfaciliteiten om te gaan sporten en bewegen. Het gaat daarbij niet alleen om faciliteiten die uitsluitend voor kinderen bedoeld zijn, maar ook om faciliteiten die door volwassenen gebruikt kunnen worden. Om bewegen in de openbare ruimte te stimuleren willen we in ieder dorp een locatie met openbare sport en beweegvoorzieningen.
2) Bij aanpassing van het wandel- fiets- mountainbike of ruiternetwerk moet rekening worden gehouden met de andere netwerken en met de aanwezige natuurwaarden. Bundeling en ontvlechting van netwerken vormen het uitgangspunt. 3) Wij zorgen voor een goede kwaliteit van het wandelnetwerk. Denk aan voldoende zitplaatsen om te rusten en een goede bereikbaarheid vanuit de dorpen. 4) Wij stimuleren initiatieven om fitroutes aan te leggen. Een fitroute is een wandelroute waarbij op speciale tegels instructies zijn gegeven voor het uitvoeren van oefeningen. 5) Wij staan positief ten aanzien van initiatieven die sport en bewegen stimuleren. Denk hierbij aan een natuurpark om te wandelen, een visvijver, losloopveldjes voor honden, een klimbos of een speelbos- of park waar verschillende faciliteiten worden gecombineerd. 6) Wij houden bij wijkrenovaties altijd rekening met maatregelen die bewegen bevorderen. Denk bijvoorbeeld aan openbare fitnesstoestellen. In overleg met stakeholders werken we aan een passende invulling.
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
4
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
4.2.3 Door samenwerking worden de recreatieve mogelijkheden beter benut en uitgedragen Onze gemeente heeft recreanten veel te bieden. Met het uitgestrekte buitengebied, de bossen, heide en vijf kerkdorpen hebben we een aantrekkelijk en divers landschap. Daarbovenop wordt onze gemeente door veel mensen uit Roosendaal en Etten-Leur als achtertuin gebruikt en ligt het centraal tussen grote steden als Breda, Rotterdam en Antwerpen. Om deze recreatieve mogelijkheden beter te benutten, willen wij meer samenwerken met ondernemers in de recreatieve sector. De gemeente neemt daarbij een leidende rol, door duidelijke kaders te stellen. Binnen deze kaders willen we ondernemers stimuleren om hun ondernemingen verder te ontwikkelen.
Om potentiële bezoekers te verleiden om onze gemeente te bezoeken, moeten we in ieder geval zorgen dat er een aantrekkelijk aanbod aan recreatieve voorzieningen aanwezig is. Dit is niet alleen belangrijk om bezoekers naar onze gemeente te trekken, maar ook om onze gemeente aantrekkelijker te maken voor haar inwoners. In veel gevallen wordt dus niet alleen geïnvesteerd in een aantrekkelijk aanbod aan recreatieve voorzieningen, maar ook in een aantrekkelijke woonomgeving voor onze inwoners. We ontwikkelen de Binnentuin, samen met ondernemers, tot hotspot voor intensieve recreatie met een actief karakter. In de Binnentuin gebeurt het straks! Met het nieuwe zwembad, de wielerbaan en de atletiekbaan heeft de gemeente fors geïnvesteerd in de voorzieningen. Ook het openbaar gebied verandert de komende jaren flink zodat het een aantrekkelijk gebied wordt om te verblijven. Het unieke aanbod aan sport- en vrijetijdsvoorzieningen maakt het gebied aantrekkelijk om verblijfsrecreatie (huisjespark en een hotel) te realiseren. De gemeente staat open voor initiatieven die het gebied nog verder versterken.
Prioriteiten
1 2 3
1) Versterken van het aanbod aan verblijfsrecreatie. Dit houdt in dat: • de kwaliteit van de parken en verblijfseenheden voldoende moet zijn; • gebruik voor andere doeleinden dan verblijfsrecreatie moet worden tegengegaan; • het aanbod aan verblijfseenheden vergroot moet worden; • het aanbod goed aansluit bij verschillende doelgroepen en de behoefte van dat moment; • er beleid voor camperstandplaatsen wordt opgesteld. 2) Versterken van het aanbod van dag-recreatieve voorzieningen. Dit houdt in dat: • er voldoende aanbod komt van slechtweervoorzieningen; • het aantal en de kwaliteit van de voorzieningen op peil wordt gehouden; • streekproducten zijn in kaart gebracht en moeten zoveel mogelijk gepromoot worden. 3) Wij faciliteren ondernemers die hun recreatieve voorzieningen willen ontwikkelen tot uitvalsbasis om de gemeente, bijvoorbeeld per fiets of mountainbike, te gaan verkennen. Aanvullende voorzieningen, zoals horeca, informatiepanelen en een speeltuin, kunnen gewenst zijn. 4) De Binnentuin is het gebied voor sport- en vrijetijdsvoorzieningen. De gemeente faciliteert ontwikkelingen die bijdragen aan de versterking van dit gebied. 5) Wij faciliteren initiatieven voor themaroutes.
24
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
4
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
4.3 Prettig samenleven 4.3.1 Versterken van een aantrekkelijke woonomgeving Welke kenmerken een woonomgeving aantrekkelijk of juist onaantrekkelijk maken verschilt voor iedereen. Toch zijn er een aantal kenmerken te noemen die voor de meeste mensen bijdragen aan een aantrekkelijke woonomgeving. Deze zijn onder te verdelen in kenmerken die voldoen aan directe en indirecte behoeften. Het vinden van een passende woning, de nabijheid van dagelijkse voorzieningen en mogelijkheden voor ontwikkeling zijn voorbeelden van directe behoeften. Een goede landschappelijke kwaliteit, voldoende groen en het accentueren van cultuurhistorische karakteristieken zijn voorbeelden van indirecte behoeften. Mensen brengen over het algemeen de meeste tijd door in hun woning. Daarom blijven wij inzetten op kwaliteitsverbetering van de woningvoorraad. De naoorlogse uitbreidingswijken krijgen hierbij extra aandacht. Daarnaast zijn in ieder dorp nog kleine woningbouwlocaties beschikbaar, waarmee we de bebouwde kom kunnen afronden. Om tegemoet te komen aan de gewenste woningbehoefte is kleinschalige uitbreiding van de dorpen mogelijk. Dit kan bijdragen aan de landschappelijke versterking. Concrete zoekgebieden liggen vooral in de buurt van de Binnentuin. De dorpen hebben de ideale omvang om een basisniveau aan voorzieningen in stand te houden.
Zo heeft ieder dorp op dit moment minimaal een basisschool en een supermarkt. Ons doel is om de dorpen zo te ontwikkelen dat deze voorzieningen levensvatbaar blijven. De dorpen kunnen te maken krijgen met leegstand. Het gaat vooral om panden op zichtlocaties waar nu winkels, horeca en maatschappelijke voorzieningen zitten.
25
Ruimtelijke kwaliteit als uitgangspunt Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen staat het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit voorop. Ruimtelijke kwaliteit kan bijvoorbeeld door een nieuwe functie verbeteren. Door bijvoorbeeld een leegstand bedrijfspand te slopen en er woningen voor terug te bouwen verbetert de ruimtelijke uitstraling. Ruimtelijke ontwikkelingen moeten passen bij de maat en schaal in de dorpen en het buitengebied. Zo behouden we de unieke waarden. Ontwikkelingen moeten passen in het straatbeeld. Hoogbouw hoger dan vier lagen is daarom niet mogelijk. Om de ruimtelijke kwaliteit en sociale veiligheid te waarborgen, werken wij niet mee aan tweedelijns bebouwing. Nieuwe woningen worden aan de straatzijde gerealiseerd. Vanwege leefbaarheid en duurzaamheid is het belangrijk om bij de ruimtelijke opzet te gaan voor kwaliteit. Om die reden wordt bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen per woning minimaal 75 m2 groen (inclusief waterberging) gerealiseerd. Ontwikkelingen worden getoetst aan de Beleidsregel groennorm gemeente Rucphen. Ruimtelijke kwaliteit willen we niet nadrukkelijk afdwingen, maar indien gewenst sturen met een programma van eisen. Tegen excessen treden we op. We geloven in eigen initiatief en beperken welstandsregels dan ook enkel tot cultuurhistorische waardevolle panden, monumenten en specifiek aangewezen gebieden.
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
4
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
Prioriteiten
1 2 3
1) Nieuwe woningbouwlocaties worden voornamelijk gezocht binnen de bebouwde kom of op plekken die aansluiten op de dorpsranden. 2) Initiatieven voor herbestemming die bijdragen aan een prettige woon- en leefomgeving en passen binnen het gemeentelijk beleid worden gestimuleerd.
Tegelijkertijd is er vraag naar woningen die aansluiten bij de woningbehoefte, zoals levensloopbestendige woningen en kleinschalige woon-werklocaties. Met herbestemming van leegstaande panden kan zowel de leegstand worden beperkt, als beter bij de woningbehoefte worden aangesloten. Herbestemming van panden die kunnen bijdragen aan de aantrekkelijkheid en vitaliteit van de dorpen moet voorrang krijgen in het woningbouwprogramma. Ons buitengebied wordt grotendeels gebruikt door de agrarische sector, voor extensieve recreatie en beleefbare natuur. Om het buitengebied aantrekkelijk te houden, moeten er ontwikkelingen mogelijk blijven. De kaders waarbinnen ontwikkelingen mogelijk zijn, liggen voor een groot deel vast in Europese, nationale en provinciale wetgeving en beleid. Een aantrekkelijke woonomgeving gaat ook om beleving. De meeste mensen voelen zich prettiger als ze het gevoel hebben dat er aandacht is besteed aan hun woonomgeving. Zo’n omgeving is gunstig voor de gezondheid, omdat mensen eerder geneigd zijn om te gaan wandelen en te fietsen. Ook voelen mensen zich er eerder gelukkig. Onder andere, omdat zo’n omgeving uitnodigt om langer buiten te blijven en er andere mensen te ontmoeten. In een aantrekkelijke woonomgeving is voldoende groen en water aanwezig en zijn elementen uit het verleden nog zichtbaar.
In de gemeente werken we met een groenbeleidsplan en een landschapsontwikkelingsplan aan het cascolandschap. Dit is een grofmazig netwerk van landschapselementen en groene erven die
26
3) We stimuleren het verbinden van de belangrijkste bosgebieden en het ontwikkelen van ecologische verbindingen. 4) Het Landschapsontwikkelingsplan en Groenbeleidsplan zijn leidend voor het versterken van het landschap en de natuurwaarden. Nieuwe ontwikkelingen voldoen aan de (provinciale) afspraken rondom kwaliteitsverbetering van het landschap. 5) Wij realiseren een cascolandschap. Het landschap doet zoveel mogelijk recht aan het verleden van onze gemeente. voor verbinding zorgen tussen het natuurnetwerk en de groene dooradering van de dorpen. We sluiten aan bij oude landschaps- en bebouwingsstructuren. Karakteristieke panden, pleinen en parken krijgen extra aandacht en cultuurhistorische lijnen en archeologische vondsten worden zichtbaar gemaakt. Cultuurhistorische lijnen zijn vooral oude laanstructuren en turfvaarten. Door deze lijnen terug te brengen of te versterken, wordt ook de overgang van de dorpen naar het buitengebied minder groot. We proberen het cascolandschap vooral in te richten op agrarische gronden die worden afgestoten en in overleg met agrariërs. Cultuurhistorisch waardevolle bebouwing willen we in stand houden. Door hier nieuwe functies toe te staan, kunnen deze karakteristieke panden behouden blijven. Water is voor de lager gelegen delen van onze gemeente de drijvende kracht achter een aantrekkelijke woonomgeving.
Het verkleint de kans op wateroverlast, kan fungeren als buffer tussen agrarisch gebied en natuur en schept extra mogelijkheden voor recreatie. De hoger gelegen delen zijn van oudsher waterarm. Ingrepen om water hier langer vast te houden zijn wenselijk, maar moeten passen binnen de omgeving.
6) De gemeente staat open voor initiatieven voor nieuwe landgoederen, mits de economische draagkracht wordt ingezet voor natuur- en landschapsontwikkeling. 7) Wij informeren agrariërs over (financiële) mogelijkheden om bijdragen te leveren aan de ontwikkeling van natuur en het accentueren van landschapselementen. 8) Oude bebouwings- en landschapsstructuren worden zoveel mogelijk in ere hersteld. We richten ons op het behoud en herstel van turfvaarten. Bij ruimtelijke ontwikkelingen wordt rekening gehouden met mogelijke archeologische waarden.
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
4
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
4.3.2 Een aantrekkelijke gemeente voor jonge mensen zijn
voorzieningenaanbod aansluiten bij hun behoeften. Het onderwijs heeft een bijzondere positie binnen het voorzieningenaanbod.
Dat er in Nederland steeds meer ouderen en steeds minder jonge mensen wonen, betekent niet dat we minder aandacht aan jonge mensen moeten geven. Integendeel! Jonge mensen maken vaker gebruik van onderwijsinstellingen, sportvoorzieningen en horeca. Daarmee zorgen zij voor levendige en vitale dorpen. Ook zijn zij belangrijk voor het actieve verenigingsleven zoals we dat kennen. Onder jonge mensen verstaan we mensen tot ongeveer 45 jaar. Om het aantal jonge mensen op peil te houden is het belangrijk dat we voorkomen dat teveel jonge mensen wegtrekken, na hun studie niet meer terugkomen en moeten we proberen om jonge mensen van elders aan te trekken. Om dit te bereiken moet onze gemeente aantrekkelijk zijn voor jonge mensen. De grootste opgave in onze gemeente is het bouwen van meer woningen voor jonge mensen. Daarnaast moet het
Jonge mensen hebben vaker dan andere groepen behoefte aan betaalbare woningen, kleine appartementen om te starten en huizen met een tuin. Wij moeten zorgen dat de woningvoorraad voldoende aan blijft sluiten bij deze behoefte. Ondanks de huidige krappe woningmarkt is deze constant in beweging. Monitoren en vooruitlopen op ontwikkelingen in de woningmarkt is daarom belangrijk. Jonge mensen maken verder meer gebruik van onderwijs-, horeca-, en sportvoorzieningen dan ouderen. Om deze voorzieningen in stand te houden is het belangrijk dat voorzieningen die elkaar aanvullen gebundeld worden. Denk aan een school en buitenschoolse opvang. Daarnaast maken veel recreanten ook gebruik van voorzieningen die veel door jonge mensen uit de gemeente worden gebruikt. Door ons op beide groepen te richten, kan het voorzieningenaanbod makkelijker op peil gehouden worden.
Veel jonge mensen hebben kinderen op school of maken zelf gebruik van onderwijsvoorzieningen. Een breed aanbod aan onderwijs is daarom onmisbaar om een aantrekkelijke gemeente te zijn voor jonge mensen. Een school is voor kinderen een centrale plek, van waaruit zij zich ontwikkelen. Naast onderwijs bieden veel scholen ook mogelijkheden voor culturele en creatieve activiteiten en onderhouden zij, in het belang van de kinderen, contacten met sporten zorgvoorzieningen. Op dit moment is in ieder dorp minimaal één school en kinderopvanglocatie aanwezig. Wij willen dit zo houden. Daarbij streven wij ernaar om alle kinderen in de basisschoolleeftijd, die geen gebruik maken van speciaal onderwijs, onderwijs binnen onze gemeente te kunnen bieden.
Prioriteiten
1 2 3
1) Het woningbouwbeleid richt zich op middeldure particuliere huurwoningen en goedkope koopwoningen. 2) Wij gaan door met het aanbieden van de huidige starterslening. Het maximale leenbedrag is verhoogd zodat meer woningen in aanmerking komen voor starters. 3) Wij gaan met Thuisvester mogelijkheden onderzoeken om huurwoningen die verkocht gaan worden, bij voorkeur aan starters te verkopen. 4) In onze gemeente is nog ruimte om woningen te bouwen. Hiermee kunnen wij inspelen op de woonwensen van jonge mensen. 5) In alle dorpen worden voldoende speelruimtes voor kinderen van verschillende leeftijden aangelegd. Bij het maken van speeltuinbeleid worden kinderen betrokken zodat in de toekomst de speeltuinen aansluiten bij de wensen. 6) Bij vervangende nieuwbouw of renovatie van scholen houden we rekening met groei en krimp in de toekomst. Verder wordt gestreefd naar combinaties met andere sociaal-maatschappelijke functies (zoals naschoolse opvang). Schoolpleinen worden groen en ruim opgezet, zodat kinderen gestimuleerd worden om buiten te spelen.
27
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
4
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
4.3.3 De groeiende groep oudere mensen voelt zich thuis in de gemeente In onze gemeente zijn steeds meer ouderen en steeds minder jonge mensen. Maar wanneer rekenen we iemand tot de ouderen? Hier gaan wij uit van mensen die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt. Onze gemeente moet mee-veranderen met de veranderende samenstelling van de bevolking en rekening houden met de behoeften van ouderen. Dit betekent dat de woningvoorraad, het voorzieningenaanbod en een aantal onderdelen van de openbare ruimte moet worden aangepast.
Ouderen zijn vaak minder fit en mobiel dan jongere mensen. Daarnaast hebben zij vaak geen thuiswonende kinderen meer. Tegelijkertijd wonen veel van onze ouderen in de naoorlogse uitbreidingswijken. Deze woningen zijn vooral geschikt voor jonge gezinnen, die veel ruimte nodig hebben en geen moeite hebben met traplopen. Om aan de woonbehoefte van ouderen tegemoet te komen moet er bij het toevoegen van woningen rekening worden gehouden met hun woonwensen, zoals kleinere, gelijkvloerse woningen. Dit kan door nieuwbouw of herbestemming van panden waar eerder geen woonbestemming op lag. Daarnaast willen wij ons meer richten op het levensloopbestendig maken van de bestaande woningvoorraad, zodat ouderen langer in hun vertrouwde omgeving kunnen blijven wonen.
De verminderde fitheid en mobiliteit van veel ouderen betekent ook dat het voor hen belangrijk is dat voorzieningen in de buurt te vinden zijn. Denk daarbij aan: winkels, ontmoetingsplekken en zorgvoorzieningen. In de dorpen vormen de steunpunten en dorpshuizen een plek waar veel ouderen elkaar ontmoeten voor dagbesteding, ontmoeting en activiteiten. Steunpunten en dorpshuizen kunnen daarmee een bijdrage leveren aan het tegengaan van eenzaamheid. Een goed zorgaanbod betekent in ieder geval dat een huisarts en wijkverpleging in de buurt zijn. In Schijf en Zegge is het zorgaanbod beperkt. Hier is maatwerk nodig. In de openbare ruimte is het belangrijk dat een aantrekkelijke en groene woonomgeving voor iedereen dichtbij is, omdat dit de drempel verlaagd om naar buiten te gaan, te bewegen en andere mensen te ontmoeten. Daarnaast moet de openbare weg veilig en overzichtelijk worden ingericht.
Prioriteiten
1 2 3
1) In samenwerking met onze inwoners voeren wij regelmatig een scan uit om te zorgen dat onze woningbouwopgave voldoende aansluit op de woonwensen van ouderen.
Toegankelijkheid voor mensen met een beperking Er zijn weinig mensen die meer belang hebben bij een woonomgeving die toegankelijk is ingericht dan mensen met een beperking. Het gaat zowel om mensen met een lichamelijke beperking als mensen met een verstandelijke beperking. Het is belangrijk dat bij iedere ontwikkeling in onze gemeente rekening wordt gehouden met toegankelijkheid. De gemeente heeft ook een taak om initiatiefnemers hierop te wijzen. Een kleine investering kan vaak een groot verschil maken voor mensen met een beperking.
2) Wij stimuleren het levensloopbestendig maken van woningen door inwoners te ondersteunen en informeren over mogelijkheden als domotica, het financieel aantrekkelijk maken om te investeren in onderhoud en verbetering. We willen een blijverslening invoeren zodat dit voor meer ouderen financieel haalbaar wordt. 3) Wij zorgen voor een toegankelijk zorgaanbod. Zorg wordt daarom zo dicht mogelijk bij de afnemers georganiseerd en er wordt aangesloten bij bestaande zorgfaciliteiten.
Maatregelen om onze gemeente toegankelijk te maken bestaan bijvoorbeeld uit: - rolstoeltoegankelijk maken van horeca, winkels en bedrijven; - goed toegankelijke openbare ruimte; - overzichtelijke verkeerssituaties.
28
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
4
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
4.3.4 Woningvoorraad flexibeler maken om sneller te reageren op een veranderende woningbehoefte De woningbehoefte verandert constant. Dit komt door voorspelbare ontwikkelingen, zoals de veranderende leeftijdsopbouw van de bevolking, maar ook door moeilijker voorspelbare ontwikkelingen, als de komst van statushouders en buitenlandse arbeidskrachten. Bij investeringen in de bouw van woningen wordt veelal gerekend met een exploitatietermijn van 50 jaar. De huidige woningvoorraad heeft daarom maar een beperkt aanpassingsvermogen. Om toch in te kunnen spelen op veranderingen in de woningbehoefte willen wij het makkelijker maken om nieuwe woonvormen te realiseren en bestaande bouw aan te passen. Initiatieven moeten passen binnen het beleid en de regelgeving van ons als gemeente en hogere overheden. Zo liggen er vanuit de provincie ruime beperkingen op woningbouw in het buitengebied. Daarnaast is in sommige gevallen samenwerking met Thuisvester gewenst. Afbeelding … geeft voorbeelden van nieuwe woonvormen en aangepaste bestaande bouw. De voorwaarden om mee te werken liggen vast in ander beleid, of moeten nog worden bepaald. Initiatieven voor nieuwe woonvormen en aanpassing van bestaande bouw moeten binnen een goede woon- en leefomgeving passen en mogen niet leiden tot vermindering van sociale samenhang in de omgeving.
Een goede woon- en leefomgeving betekent dat de nieuwe woonvorm geen negatieve impact op de omgeving mag hebben, maar ook dat de omgeving een positieve bijdrage kan leveren aan het woongenot rond een nieuwe woonvorm. In het buitengebied en nabij de Nijverhei waken wij ervoor dat bedrijven niet in hun bedrijfsvoering gehinderd worden. In een goed ingerichte woonomgeving, worden bewoners ondersteund om gezond te leven, sociale contacten op te doen en langer thuis te blijven wonen.
Prioriteiten
1 2 3
1) In de 2.0 omgevingsvisie worden voorwaarden en mogelijke locaties voor tiny houses en boerderijbuurtschappen uitgewerkt. Vanwege de ontwikkelingen in de agrarische sector is het te verwachten dat meer agrarische bedrijven zullen stoppen. De regeling ruimte voor ruimte kan agrariërs helpen om hun bedrijf te beëindigen en een financieel perspectief te geven. We denken zoveel mogelijk mee. In het ruimte voor ruimtebeleid is aangegeven welke agrarische percelen in aanmerking komen, welke type woning(en) gebouwd kan (kunnen) worden en welke voorwaarden er meegeven kunnen worden.
2) Om te zorgen dat mensen zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen, werkt de gemeente zoveel mogelijk mee aan het aanpassen van woningen. 3) Huisvesting van arbeidsmigranten vindt in principe plaats bij (agrarische) bedrijven. Er wordt onderzocht of op of nabij de Nijverhei een voorziening voor arbeidsmigranten gerealiseerd kan worden. Voor huisvesting van arbeidsmigranten wordt de beleidsregel geactualiseerd waarbij in huisvesting in de dorpen maximaal twee buitenlandse arbeidskrachten per woning mogen wonen. Bij langdurig verblijf van buitenlandse arbeidskrachten wordt gezocht naar huisvesting in de reguliere woningvoorraad. 4) De gemeente streeft ernaar om statushouders zoveel mogelijk te spreiden over de gemeente. Op deze manier kunnen zij het beste integreren. 5) De gemeente handhaaft het ruimte voor ruimtebeleid zodat agrariërs makkelijker kunnen stoppen, het landschap wordt versterkt en er woningen in het buitengebied gerealiseerd kunnen worden.
29
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
Vervolg en uitvoering
5
5
De omgevingsvisie is onderdeel van de beleidscyclus uit de Omgevingswet. Deze cyclus bestaat uit 4 fasen (figuur 9): 1. beleidsontwikkeling (o.a. omgevingsvisie); 2. beleidsdoorwerking (o.a. omgevingsprogramma’s en omgevingsplan); 3. uitvoering (o.a. omgevingsvergunning en projectbesluit); 4. terugkoppeling (o.a. toezicht & handhaving en actualisering en monitoring).
g n i l e pp
Bel eid so n g lin ke ik tw
(o.a. omgevingsvisie)
(o.a. omgevingsvergunning en projectbesluit
(o.a. omgevingsprogramma’s en omgevingsplan)
o
in
or
tv
w
Ui
er
g
B
d i e el
Figuur 9: Beleidscyclus van de Omgevingswet met de bijbehorende instrumenten
31
g
(o.a. toezicht & handhaving en actualisering en monitoring)
er
Te ru gk o
De omgevingsvisie is slechts één van de zes kerninstrumenten van de Omgevingswet. Welke rol heeft de omgevingsvisie in de beleidscyclus van de Omgevingswet? Op welke manier kunnen we de prioriteiten die we in hoofdstuk 4 gesteld hebben straks in onze leefomgeving terug zien? Hoe werken we samen om onze ambities voor de lange termijn te realiseren? In dit hoofdstuk geven we antwoorden op deze vragen en willen we aan iedereen duidelijk maken hoe we met zijn allen een steentje bij kunnen dragen aan het realiseren van de ambities voor onze gemeente!
5.1 Omgevingsvisie binnen de beleidscyclus van de Omgevingswet
kin
Vervolg en uitvoering
o d s
Omgevingsprogramma’s In de omgevingsprogramma’s zijn één of meerdere ambities uit de omgevingsvisie uitgewerkt in concrete doelen. Ook staat in deze programma’s welke middelen en instrumenten nodig zijn om die doelen te behalen. Denk aan communicatieve instrumenten (zoals een publiekscampagne), financiële instrumenten (zoals een subsidie) of juridische instrumenten. In de komende tijd gaan wij omgevingsprogramma’s maken. Wij beginnen met doelen uit deze omgevingsvisie die onvoldoende zijn vastgelegd in ons huidige beleid en beleid dat geactualiseerd moet worden. De bestaande beleidsstukken zullen de komende tijd vertaald worden in programma’s. Voor omgevingsprogramma’s hanteren wij de volgende uitgangspunten: 1. Een programma is uitvoeringsgericht en levert zichtbaar meerwaarde op voor onze gemeente. 2. Een programma is een concrete vertaling van één of meerdere ambities (en prioriteiten) uit de omgevingsvisie naar concrete doelen, maatregelen en acties. 3. Een programma is gericht op de middellange termijn. 4. Een programma beschrijft de (communicatieve, financiële en/of juridische) middelen waarmee de doelen worden bereikt. 5. Een programma beschrijft de planning (wanneer) en capaciteit (wie) en de middelen (budget) voor de uit te voeren acties. 6. Een programma wordt gemonitord.
Wanneer is het doel bereikt? Collega’s in de uitvoering van projecten, handhaving en vergunningverlening hebben een belangrijke rol in de monitoring. 7. Een programma wordt opgesteld met een integrale aanpak. Omgevingsplan In het omgevingsplan staan duidelijke regels, zodat het beleid juridisch is vastgelegd. Het omgevingsplan is de opvolger van de huidige bestemmingsplannen, beheersverordeningen en een groot deel van de gemeentelijke verordeningen. In tegenstelling tot de omgevingsvisie zijn de regels in het omgevingsplan juridisch bindend voor de gemeente en onze inwoners, ondernemers en initiatiefnemers. Voor initiatieven die niet passen in het omgevingsplan, maar wel bij de omgevingsvisie, kan onderbouwd worden afgeweken van het omgevingsplan. Het omgevingsplan wordt in fasen vastgesteld. Naar verwachting hebben we in 2027 of 2028 één gebiedsdekkend omgevingsplan.
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
5
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
Actualisering en monitoring omgevingsvisie In hoofdstuk 1 is aangegeven dat we de omgevingsvisie in 2022 nader uitwerken, door ruimere bewonersparticipatie te organiseren en een gebiedsgerichte uitwerking te maken. Daarna wordt de omgevingsvisie geactualiseerd als daar aanleiding voor is. Mogelijke aanleidingen zijn: Doelstellingen worden niet gerealiseerd Het monitoren van de doelen en ambities uit deze omgevingsvisie is een belangrijk instrument om in te schatten of we de doelen en ambities uit de visie ook halen en waarmaken. Als uit de monitoring blijkt dat we de doelen niet halen, is dat een signaal voor de gemeente om bij te sturen of om de omgevingsvisie te actualiseren. Het college monitort daarom regelmatig de voortgang van de omgevingsvisie. Daarbij betrekken we ook de voortgang van de programma’s die een uitwerking vormen van de doelstellingen uit de omgevingsvisie.
Omgevingsvergunning Een omgevingsvergunning is in sommige gevallen nodig om activiteiten in de leefomgeving uit te voeren. Voor welke activiteiten een vergunning verplicht is, is nu nog bepaald door het Rijk. Onder de Omgevingswet kunnen gemeenten in het omgevingsplan zelf bepalen of voor een activiteit een vergunning nodig is. Projectbesluit Het projectbesluit is een instrument voor waterschappen, provincies en het Rijk voor het mogelijk maken van vaak complexe projecten met een publiek belang. Het waterschap moet een projectbesluit vaststellen voor de aanleg, verlegging of versterking van primaire waterkeringen die niet in beheer zijn bij het Rijk. Gemeenten kunnen geen projectbesluit vaststellen. De gemeente kan wel stappen uit de projectprocedure toepassen voor het wijzigen van het omgevingsplan voor een gemeentelijk project van publiek belang. Toezicht & handhaving De Omgevingswet heeft op verschillende manieren gevolgen voor toezicht en handhaving. Zo is er vaker sprake van algemene regels en zorgplichten. Zorgplichten kunnen zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk worden gehandhaafd. Een overtreding van een gedoogplicht is onder de Omgevingswet strafbaar te stellen. De mogelijkheden voor de bestuurlijke boete zijn uitgebreid.
32
Regels blijken in praktijk niet te handhaven Bij monitoring en evaluatie betrekken we de ervaringen van toezicht en handhaving. Toezicht en handhaving zal plaatsvinden op grond van de regels die onder andere zijn opgenomen in de bestemmingsplannen (en in de toekomst het omgevingsplan). Als blijkt dat de regels in de praktijk niet te handhaven zijn, bekijken we of dit bijstelling van het omgevingsplan vraagt. Dit kan tot gevolg hebben dat de omgevingsvisie moet worden gewijzigd. Onvoldoende antwoord op vragen uit de samenleving Ook wijzigingen in beleid van andere overheden worden bijgehouden. Vaak zijn wijzigingen terug te voeren op vragen of wensen uit de samenleving of nieuwe maatschappelijke ontwikkelingen. Deze beleidswijzigingen van andere overheden kunnen ook gevolgen hebben voor deze omgevingsvisie. Er zijn nieuwe maatschappelijke of politiek-bestuurlijke ontwikkelingen Ook op andere manieren kunnen signalen de gemeente bereiken die om het actualiseren van de omgevingsvisie vragen. Per geval bekijken we of het om een urgente aanpassing gaat die om een directe actualisering vraagt of dat de aanpassing op een later moment kan worden meegenomen in een grotere actualiseringsslag. Ook gewijzigde politiek-bestuurlijke inzichten kunnen leiden tot aanpassing van de omgevingsvisie.
5.2 Sturingsfilosofie Iedereen heeft de mogelijkheid gehad om aan te geven wat er in de omgevingsvisie moet komen. Daarnaast wordt in 2022 met de 2.0 versie van de omgevingsvisie begonnen, waarbij uitgebreide bewonersparticipatie plaats zal vinden. De omgevingsvisie is daarom geen product van de gemeente, maar van de gemeente, inwoners, ondernemers en andere organisaties samen. Daarmee is de totstandkoming van de omgevingsvisie een voorbeeld voor de nieuwe manier van werken aan de leefomgeving. Inwonersparticipatie versus overheidsparticipatie Vroeger kwamen alle initiatieven om iets aan de leefomgeving te veranderen van de overheid. De overheid bedacht een plan en keek vervolgens wie zij nodig had om het plan te realiseren. Deze manier van werken is verleden tijd. Inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties worden betrokken bij de plannen van de gemeente. Zij weten als geen ander wat zij belangrijk vinden in hun leefomgeving. Zij zijn immers degenen die er wonen, werken en recreëren. We spreken van inwonersparticipatie als we onze omgeving vragen mee te denken, ons te adviseren, mee te beslissen en soms mee te creëren. Afhankelijk van het project of vraagstuk en de mogelijkheden die er zijn. Soms ontstaat een initiatief in de openbare ruimte niet bij de gemeente, maar bij inwoners, ondernemers of maatschappelijke organisaties.
De gemeente neemt het initiatief niet van hen over, maar kan wel bijdragen of ondersteunen en heeft bijvoorbeeld een rol om te toetsen aan wettelijke kaders. We noemen dit overheidsparticipatie.
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
5
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
Van nee, tenzij naar ja, mits Als je voor zelfsturing kiest, is het belangrijk dat je ook probeert om meer toe te staan. Als initiatiefnemers vroeger met een plan bij de gemeente aanklopten, was het uitgangspunt dat het plan niet mogelijk was, tenzij het aan bepaalde voorwaarden voldeed. Bij de nieuwe manier van werken zal de gemeente er in beginsel vanuit gaan dat een plan wel mogelijk is en mitsen meegeven om te voorkomen dat belangen van anderen en het algemeen belang teveel worden geschaad. Wederzijds vertrouwen Zelfsturing kan alleen worden gerealiseerd als wij vertrouwen hebben in de inwoners, ondernemers en andere organisaties en als zij vertrouwen hebben in de gemeente. Wij geven hen ons vertrouwen om zaken te regelen. Dat wil niet zeggen dat wij ons afzijdig houden. Als het om publieke zaken gaat, kunnen wij altijd door inwoners en andere betrokkenen worden aangesproken. Het principe van de zelfsturende inwoner en de zelfsturende samenleving gaat goed samen met de gemeentelijke verantwoordelijkheid om de regie te voeren over maatschappelijke ontwikkelingen en integrale samenhang en kwaliteit te garanderen.
33
Prioriteiten: - We bieden ruimte aan initiatieven en laten inwoners echt aan zet. Bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van coöperaties, bij het invullen en beheren van de openbare ruimte en het in stand houden van voorzieningen. Wij zijn daarbij faciliterend, voorwaardenscheppend, meedenkend en staan open voor experimenten. - We brengen de mensen in onze dorpen met elkaar in gesprek, zodat zij zich beter en waar nodig anders kunnen organiseren. Er ontstaan nieuwe netwerken. De gemeente kan hierbij faciliteren. We verkennen de mogelijkheden van organisaties die werkzaamheden uitvoeren. Dat kunnen werkzaamheden zijn die nu bij ons of andere instanties liggen. Denk aan groenbeheer, wegbeheer, welzijn, cultuur, maar ook zorgtaken en zelfs woningbouw. De uitvoering gebeurt met een mix van vrijwilligers, bedrijven en ingehuurde professionals. - Ruimte voor eigen initiatief betekent dat dorpen, gebieden en gemeenschappen zich ieder op hun eigen manier ontwikkelen. Dit kan tot gevolg hebben dat het ene dorp meer voor elkaar krijgt dan een ander dorp. Een bewuste keuze die past binnen de filosofie van overheidsparticipatie. Uiteraard waakt de gemeente er wel voor dat de kwaliteit van de leefomgeving teveel gaat verschillen tussen de verschillende dorpen. Met name als het gaat om gezondheid en veiligheid.
- Intern werken we continu aan de ontwikkeling van onze eigen organisatie, waarin de eigen kracht en talenten van onze medewerkers maximaal worden benut. De ontwikkeling van participatie heeft verstrekkende gevolgen voor onze eigen organisatie en manier van werken, zowel voor het bestuur als de ambtenaren. We werken aan verregaande deregulering, omkering van rollen, op de handen zitten, “beleidsnota’s op één A4” en werken in de samenleving. We zetten een eigen leertraject op om bewust om te gaan met onze nieuwe rol.
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
5
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
5.3 Het belang van participatie Bijna alle ruimtelijke ontwikkelingen in onze gemeente hebben invloed op mensen in de omgeving. Bij de keuze of iets kan, kunnen belangen botsen maar elkaar ook versterken. Een rode draad binnen de Omgevingswet is dat we de fysieke leefomgeving in zijn totaliteit benaderen. De verschillende belangen van de inwoners, ondernemers, buurt of dorp staan daarom centraal. Als initiatiefnemer brengt u de belangen van de directe omgeving in beeld. Op basis van een afweging van alle belangen moet de gemeente uiteindelijk een definitief besluit nemen. Samen werken we aan onze gemeente. Daarvoor geeft deze omgevingsvisie een inhoudelijk perspectief. Maar hoe werk je samen mét de dorpen? Een initiatiefnemer staat middenin de samenleving en in continue interactie met de omgeving: inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Hoe zorg je dan voor een optimaal samenspel? Verschillende partijen kunnen daarin het initiatief nemen. Het begint bij een idee, plan, project of initiatief van de gemeente, inwoners, ondernemers, een bewonersgroep of organisatie. De gemeente vindt het belangrijk dat inwoners, ondernemers of andere partijen in een vroeg stadium worden betrokken bij het maken van plannen en het beoordelen van initiatieven in onze dorpen. Voor draagvlak, betere plannen en besluitvorming.
Werken op basis van vertrouwen en het vergroten van vertrouwen is een belangrijk doel. Om dat te bereiken, is een goed participatieproces cruciaal. Dat betekent niet dat iedereen op één lijn moet zitten. Het betekent wel dat het participatieproces met de omgeving zo is ingericht dat belanghebbenden de mogelijkheid hebben gehad om hun kennis en belangen in te brengen. In 2019 is in de Verordening participatie en inspraak vastgelegd wanneer participatie verplicht is. Bij ruimtelijke ontwikkelingen is de omgevingsdialoog verplicht zodat omwonenden betrokken worden bij de planvorming. In 2021 is de Leidraad Participatie vastgesteld waarin is uitgelegd welke vormen van participatie geschikt zijn voor verschillende soorten ontwikkelingen. Door participatie kan de gemeente een betere belangenafweging en dus keuzes maken die passen bij de omgeving van inwoners en ondernemers. De gemeente toetst vervolgens of de kwaliteit ervan voldoende is om te komen tot gedegen, afgewogen besluitvorming.
De democratische kwaliteit van een plan, project of initiatief en de besluitvorming is een van de belangrijkste pijlers voor het vertrouwen in onze gemeente. Om de democratisch kwaliteit van een plan of een initiatief te garanderen, is het van belang dat de initiatiefnemer zich richt op: - openbaarheid van haar plan en besluitvorming; - het mogelijk maken van een zorgvuldige en representatieve belangenafweging; - toegankelijkheid van participatiemogelijkheden in besluitvormingsprocessen; - verantwoording van beleid en/of terugkoppeling van gemaakte keuzes.
34
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
Begrippenlijst Domotica een product waarbij technologie en diensten gecombineerd worden om het woon- en leefklimaat van mensen met een zorgvraag te verbeteren. Fysieke leefomgeving datgene wat je ziet, voelt en ruikt. Dat zijn bijvoorbeeld gebouwen, wegen, parken, een schone lucht, sloten, rivieren, bossen, enzovoort. Hittestress aandoening veroorzaakt door extreme hitte, die zich uit in diverse lichamelijke klachten, waarbij mensen en dieren warmte niet kwijt kunnen. Klimaatadaptatie de fysieke leefomgeving aanpassen aan het veranderende klimaat en de risico’s die dit met zich meebrengt. Klimatologische omstandigheden het gemiddelde weer op een specifieke plek over de afgelopen dertig jaar. De klimatologische omstandigheden bepalen de waarschijnlijkheid dat een bepaalde weergebeurtenis plaatsvindt, zoals een zware regenbui, onweer of het overschrijden van een bepaalde temperatuur.
35
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
Bronnenlijst Beleidsdocumenten Gemeente Rucphen, Beleidsnota Sport verenigt Rucphen (2019) Gemeente Rucphen, Beleidsregel groennorm gemeente Rucphen (2021) Gemeente Rucphen, BOOM Boombeleid gemeente Rucphen (2021) Gemeente Rucphen, Groen R (Groenbeleid gemeente Rucphen) (2022) Gemeente Rucphen, Duurzaamheidsagenda 2019-2030 (2019) Gemeente Rucphen, Kindertop gemeente Rucphen (2018) Gemeente Rucphen, LandschapOntwikkelingsPlan (2009) Gemeente Rucphen, Nota Buitensportaccommodaties gemeente Rucphen 2018 (2018) Gemeente Rucphen, Nota uiterlijk van bouwwerken gemeente Rucphen (2019) Gemeente Rucphen, Programma van Eisen Openbare Ruimte 2020 (2020) Gemeente Rucphen, Rucphen Landschap onthuld: definitief Groenstructuurplan (2009) Gemeente Rucphen, Structuurvisie Rucphen (2012) Gemeente Rucphen, Structuurvisie Rucphen 2030 (2013) Gemeente Rucphen, Toekomstvisie: Puur Rucphen 2030 (2015) Gemeente Rucphen, Uitvoeringsagenda (Vrijetijds)Economie Gemeente Rucphen (2019) Gemeente Rucphen, Verbreed gemeentelijk rioleringsplan 2018-2022 (2018) Gemeente Rucphen, Verordening participatie en inspraak gemeente Rucphen (2019) Gemeente Rucphen, Visie Duurzaamheid 2019-2030 (2019) Gemeente Rucphen, Visie (Vrijetijds)Economie Gemeente Rucphen (2020) Gemeente Rucphen, Visie Zonne- en Windenergie (2020) Gemeente Rucphen, Woonvisie gemeente Rucphen 2020-2024 (2019) Grondwaterconvenant 2021-2027 (2021)
ICS Adviseurs, Integraal Huisvestingsplan gemeente Rucphen (2019) IDDS & Cuijpers Advies, Gemeentelijke Erfgoedkaart (2012) Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Nationale omgevingsvisie (2020) Provincie Noord-Brabant, Omgevingsvisie (2018) Regio West-Brabant, Nota Archeologie gemeente Rucphen (2019) Regio West-Brabant, Ontwikkelplan West-Brabant West (2021) Rijksoverheid, Deltaplan Ruimtelijke adaptatie 2018 (2018) Royal Haskoning, Welstandsnota Rucphen (2011) Water- en klimaatkring de Baronie, Klimaatstresstest De Baronie – eindrapportage (2020) Water- en klimaatkring de Baronie, Meerjarenprogramma 2020-2021 (2020) Waterschap Brabantse Delta, Klimaatbestending en veerkrachtig waterlandschap (2021)
36
Overige bronnen: Brabantwater, De Omgevingswet en drinkwater (https://www.brabantwater.nl/over-ons/de-omgevingswet-en-drinkwater) (8 december 2021) Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Statline (geraadpleegd: 9 februari 2022) GezondIn, Inspiratieboek Gezondheid in de Omgevingsvisie (https://www.gezondin.nu/kennisbank/inspiratieboekgezondheid-in-de-omgevingsvisie/) (8 december 2021) Informatiepunt Leefomgeving, Zorgplicht in de Omgevingswet (https://iplo.nl/regelgeving/ omgevingswet/algemeneartikelen/zorgplicht/) (16 februari 2021) Platform 31 & Pharos, Masterclass Omgeving en gezondheid (2021) Rijksoverheid, Werking circulaire economie (https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/circulaire-economie/werkingcirculaire-economie) (16 februari 2021) Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (https://www.sportenbewegenincijfers.nl/kernindicatoren/clublidmaatschap) (geraadpleegd: 9 maart 2022) ZLTO-afdeling: Rucphen, Landbouwvisie (2021)
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
De omgevingsvisie van de gemeente Rucphen
Bijlage 1 Organisaties die een inspraakreactie hebben gegeven • Dorpswerk Sprundel • GGD West-Brabant • Hiswa-Recron • Natuurwerkgroep gemeente Rucphen • Ondernemersvereniging Sprundel • Provincie Noord-Brabant • Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant • Waterschap Brabantse Delta Naast deze organisaties hebben wij ook zes inspraakreacties van bewoners ontvangen. In verband met de privacy noemen wij hen niet bij naam.
37
Omgevingsvisie - gemeente Rucphen
Colofon Gemeente Rucphen: Tine van Wijnen, Ivo Balemans en de projectgroep omgevingsvisie Kinran Omgevingsspecialisten: Robert Beelen Zichtbaar.nl: vormgeving