07a Bijlage a1 t NL.IMRO.0840.9000B0034-DEF1 2020-11-30
Tekst van het document
1 Spoorlijn, autoweg, waterweg en buisleiding welke als risicovolle infrastructuur zijn benoemd in het besluit externe
veiligheid transport. 2 Kinderdagverblijven. buitenspeeltuinen, basisscholen en zorgcentra zoals: ziekenhuizen, verpleegtehuizen, hospices of tehuizen voor verstandelijk en/of lichamelijke gehandicapten, kampeerterreinen, evenemententerreinen of gebouwen met veel bezoekers en de vitale infrastructuur.
Sector Risicobeheersing
Maatwerkadvies 1. Ontwikkeling binnen de 750 m1 meter van een niet-categoriale Bevi inrichting. 2. Ontwikkelingen binnen de 30 m1 van een spoorlijn, autoweg of buisleiding. 3. Ontwikkeling buiten de 30 m1 en tot een afstand van 200 m1 van een categoriale Bevi inrichting, spoorlijn, autoweg of buisleiding waarin de komst van nieuwe bijzonder kwetsbare objecten wordt mogelijke gemaakt. 4. Bestemmingsplannen waarin Bevi inrichtingen mogelijk gemaakt worden of aanwezig zijn. 5. Nieuwe milieuvergunningen of wijzigingen op bestaande milieuvergunningen voor Bevi inrichtingen waarbij de PR-10-06 groter wordt of bij aanwezig is. Het beleid van de Veiligheidsregio is dat alle nieuwe bijzonder kwetsbare objecten zoveel mogelijk geweerd dienen te worden binnen de 750 m1 van een niet-categoriale Bevi inrichting en nieuwe bijzonder kwetsbare objecten binnen 200 meter van een categoriale Bevi inrichting en risicovolle infrastructuur. Aanvragen voor maatwerk adviezen kunt u richten aan info@brandweermwb.nl. Verantwoording van het groepsrisico Dit advies ontslaat u niet van de verplichting om bij uw besluit het groepsrisico te verantwoorden.
In deze verantwoording kunt u voor de volgende onderdelen gebruik maken van dit advies voor de onderdelen: a) mogelijk te treffen maatregelen ter verbetering van de veiligheid; b) mogelijkheden voor de rampenbestrijding; c) mate van zelfredzaamheid van de aanwezigen. De Veiligheidsregio Midden- en West- Brabant geeft het advies om kwetsbare personen via ruimtelijke besluiten beter te beschermen. Reden hiervoor is dat het niet alleen gaat om het wel of niet kunnen vluchten of schuilen uit een eventueel effectgebied. Ook het feit dat bij blootstelling aan toxische stoffen kleine kinderen, zieke en oudere personen eerder het slachtoffer zullen worden dan gezonde personen van middelbare leeftijd speelt hierin een rol. Het is uw bevoegdheid om af te wijken van een advies van de Veiligheidsregio Midden en West Brabant. De afwijking dient u dan wel nadrukkelijk in de verantwoording van het groepsrisico van het betreffende ruimtelijke plan te motiveren. Scenario’s De scenario’s waardoor het plangebied getroffen kan worden is afhankelijk van de aanwezige risicobron (risicovolle inrichting, weg, water en/of spoor). De meest voorkomende scenario’s welke zich zullen voordoen, wanneer er sprake is van een situatie voor een standaard advies zijn: Toxische wolk Er komt een wolk met giftige stoffen vrij die zich verspreid in de omgeving.
Deze kan ontstaan als gevolg van: een brand bij een inrichting met gevaarlijke stoffen (giftige verbrandingsproducten, rookwolk), en/of het lek raken van een container/tankwagen/spoorketelwagon met gevaarlijke stoffen (door uitdamping verspreiding in de omgeving). Aanwezigen in het plangebied die worden blootgesteld aan de toxische wolk kunnen ernstige gezondheidsschade oplopen en kwetsbare groepen (longpatiënten, kleine kinderen etc.) kunnen in een ‘worstcase scenario’ overlijden. Overige gevolgen zijn last van de luchtwegen en branderige ogen. Explosie Een explosie kan optreden bij een LPG tankstation, bij een inrichting of bij het transport van onder druk vervoerd gas (weg, water en/of spoor). Door het instantaan falen, bijvoorbeeld als gevolg van een ongeluk, komt de inhoud spontaan en explosief vrij. De stof zal waarschijnlijk ontbranden wat eveneens voor schade zorgt. Het ‘worstcase scenario’ is dat de tank door een externe brand wordt opgewarmd, waardoor deze door de oplopende interne druk faalt. Hierdoor komt de inhoud onder zeer grote druk explosief vrij en ontbrandt direct.
pagina 2 van 5
Sector Risicobeheersing
De warmtestraling in de omgeving is direct dodelijk zowel binnen als buiten. Op grotere afstand zullen aanwezigen brandwonden oplopen. Verder is er veel schade aan gebouwen als gevolg van de druk Fakkelbrand Dit scenario treed op bij aardgastransportleidingen. Door een lekkage, scheur of volledige breuk van de buisleiding kan het aardgas vrijkomen en tot ontbranding worden gebracht door een ontstekingsbron in de nabijheid. Het vrijgekomen aardgas zal hierbij in brand vliegen wat gepaard gaat met een druk en hevige hitteontwikkeling in de vorm van een fakkelbrand. Door de hitte kunnen personen overlijden en/of brandwonden oplopen. Mogelijke maatregelen ter verbetering van de veiligheid (a) onderdeel van de verantwoording Groepsrisico Ter verbetering van de veiligheid adviseren wij u de volgende standaard maatregelen te (laten) treffen: 1.
Actief communiceren met de burgers in het invloedsgebied over de risico’s en de mogelijk te nemen maatregelen. Werknemers en bewoners moeten op de hoogte zijn van wat men moet doen in geval van een groot incident. Dit vraagt om een actief beleid op het gebied van risicocommunicatie.
2.
De inrichtinghouders te stimuleren in hun ontruimingsplan aandacht te besteden aan externe incidenten. De BHV organisatie moet niet alleen voorbereid zijn op interne incidenten, maar moet ook weten hoe te handelen bij een incident met toxische stoffen of toxische verbrandingsproducten in de omgeving.
3.
Vanaf 2015 is in de Veiligheidsregio MWB het alerteringssysteem CBIS operationeel, wat als hulpmiddel voor BHV organisaties gebruikt kan worden. Alle bedrijven en instellingen in uw gemeente kunnen zich aanmelden op dit systeem. Gebruik hiervoor de website: www.cbisbrabant.nl
Bij bestemmingplannen waarbij zich een toxisch scenario kan voordoen adviseren wij u tevens de volgende maatregelen: 1.
2.
Bij gebruik van mechanische ventilatie in nieuwe bouwwerken: een afsluitbare mechanische ventilatie toe te passen. Bij het vrijkomen van toxische stoffen zullen deze door de mechanische ventilatie de gebouwen ingezogen worden. In het algemeen is een mechanische ventilatie niet (makkelijk) uit te zetten. Om binnen afgeschermd te zijn van toxische stoffen moet de ventilatie of centraal of met een noodknop uit te zetten zijn. Extra controle bij bouwvergunningen op de detaillering van gevels en ramen, waardoor overmatige ventilatie als gevolg van tocht niet kan plaatsvinden. Wanneer de voorwaarden uit het bouwbesluit 2012 strikt worden nageleefd blijft het binnenklimaat van een bouwwerk voldoende veilig gedurende ca 4 uur.
Mogelijkheden voor de rampenbestrijding (b) onderdeel van de verantwoording Groepsrisico Opkomsttijd Voor een goede bestrijdbaarheid is het noodzakelijk dat de brandweer voldoende snel ter plaatse kan komen. De knelpunten met de opkomsttijd binnen uw gemeente kunt u globaal terug zien in de afbeelding in de bijlage 1, Voor een exacte opkomsttijd kunt u de postcodechecker raadplegen op: www.brandweermwb.nl/Brandveiligheid/Brandweerbereikbaarheid Door het Algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant zijn in het Dekkings- en spreidingsplan 2015-2019 de opkomsttijden voor de brandweer vastgesteld. In onderstaande tabel zijn deze opkomsttijden weergegeven: Acht minuten woonfunctie voor 2003 celfunctie gezondheidszorgfunctie logiesfunctie onderwijsfunctie basisonderwijs tot 12 jaar bijeenkomstfunctie bestemd voor kinderdagopvang
Twaalf minuten woonfunctie na 2003 kantoorfunctie winkelfunctie onderwijsfunctie overige industriefunctie sportfunctie bijeenkomstfunctie overige overige gebruiksfunctie
pagina 3 van 5
Sector Risicobeheersing
Wanneer een ontwikkeling plaatsvindt buiten de genoemde opkomsttijd moeten er maatregelen worden getroffen. Door de Veiligheidsregio MWB is een Toolbox met instrumenten ontwikkeld, welke de gemeente kan gebruiken ter compensatie van de te lange opkomsttijden. Wij adviseren u de Toolbox te implementeren binnen uw gemeentelijke organisatie. Waarschuwings- en alarmeringsinstallatie Binnen de bebouwde kom is er veelal voldoende dekking van de WAS-installatie daarnaast is NL Alert operationeel voor vele mobiele telefoons. Bij ontwikkelingen buiten de bebouwde kom adviseren wij u na te gaan of de dekking voldoende is. In de bijlage is een overzicht opgenomen van de dekking van de WASinstallatie in uw gemeente. Adequate bluswatervoorziening Een adequate bluswatervoorziening is een bluswatervoorziening die: de mogelijkheid biedt om middels een verbinding met de bluswatervoorziening, binnen drie minuten na aankomst, een tankautospuit van bluswater te voorzien; na aansluiting direct en onafgebroken voldoende water uit de bluswatervoorziening kan leveren. De benodigde bluswatercapaciteit voor de adequate bluswatervoorziening is afhankelijk van de mogelijke scenario’s. In bijlage 4 is dit inzichtelijk gemaakt. Voor bijzondere Infrastructuur en bijzondere industriegebieden met BRZO inrichtingen is een maatwerkadvies noodzakelijk.
Bluswatervoorziening voor bovenmatige risico’s De benodigde bluswatercapaciteit voor de bovenmatige risico’s bedraagt 240 m3/h. Deze bluswatervoorziening moet op maximaal 2.500 m1 van de objecten aanwezig te zijn. Voorbeelden van deze bluswatervoorzieningen zijn, vijvers, waterlopen en bluswaterriolen. Deze bluswatervoorziening dient op regionaal niveau binnen 60 minuten ingezet te kunnen worden en open water dient dan ook in ruime mate voorradig te zijn Brandweer Midden West Brabant beschikt over drie watertransportsystemen WTS WTS WTS 200
opbouwtijd 15 min
pompdruk 5 bar
drukverlies 2 bar /100 m1
zuighoogte 3 m1
debiet 2000 l/min
WTS 1000
30 min
10 bar
3 m1
4000 l/min
WTS 2500
60 min
10 bar
2 bar /100 m1 75 mm slangen 0.7 bar /100 m1 150 mm slangen 2 bar /100 m1 75 mm slangen 0.16 bar /100 m1 150 mm slangen
3 m1
2000 l/min
Het dekkings- en spreidingsplan in Midden en West Brabant voor de WTS systemen zijn zodanig gepositioneerd in de regio zodat de opkomsttijden van de systemen WTS 200 en WTS 2500 in uw gemeente ook ingezet kunnen worden binnen de noodzakelijke opbouwtijd. Bereikbaarheid De planlocatie moet bereikbaar zijn voor voertuigen van hulpverleningsdiensten. De eisen ten aanzien van de bereikbaarheid zijn opgenomen in de brancherichtlijn handreiking bluswatervoorziening en bereikbaarheid. Als de wegen in het plangebied voldoen aan de CROW 165 zijn geen problemen met de bereikbaarheid te verwachten. Zelfredzaamheid (c) onderdeel van de verantwoording Groepsrisico In de verantwoording moet u aangeven hoe het is gesteld met de zelfredzaamheid van de aanwezigen in het plangebied. In onderstaande tabel is de zelfredzaamheid van aanwezigen voor een aantal standaard functies beoordeeld. Bij de beoordeling zijn de volgende aspecten mee genomen: Fysieke gesteldheid bewoners of aanwezigen: kunnen de personen zich tijdig voortbewegen en zelfstandig in veiligheid brengen? Zelfstandigheid bewoners of aanwezigen: kunnen de personen zelfstandig een gevaarinschatting maken en zich zelfstandig in veiligheid brengen? Alarmeringsmogelijkheden bewoners of aanwezigen: kunnen de personen tijdig worden gealarmeerd?
pagina 4 van 5
Sector Risicobeheersing
Vluchtmogelijkheden gebouw & omgeving: heeft het gebouw voldoende vluchtmogelijkheden? Is het gebouw geschikt om te schuilen? Zijn er voldoende mogelijkheden om het gebied te ontvluchten? Mogelijkheden tot gevaarinschatting van het toxisch scenario: laat het ongeval zich tijdig aankondigen en is de dreiging herkenbaar door het afgaan van de WAS installatie en/of NL Alert? En is de dreiging duidelijk herkenbaar? Afwegingscriteria
Scenario
Toxisch
Explosie
+ + + +
AlarmeringsZelfstandigmogelijkheden heid personen en personen aanwezigen + +/+ + + + + +/-
Vluchtmogelijkheden gebouw & omgeving + + + +/-
Gevaarinschattingsmogelijkhedenscenario +/+/+/+/-
-
-
+
+
+/-
+ + + +
+ + + +
+/+ + +/-
+/+/+/+/-
+/+/+/+/-
-
-
+
+/-
+/-
Gebouwtype
Fysieke gesteldheid personen
Woning Kantoor Detailhandel Bedrijf Bijzonder kwetsbaar3 Woning Kantoor Detailhandel Bedrijf Bijzonder kwetsbaar
De genoemde maatregel risicocommunicatie verbetert de zelfredzaamheid voor wat betreft de inschattingsmogelijkheden van gevaar. De genoemde maatregelen ventilatie en detaillering verbeteren de vluchtmogelijkheden/schuilmogelijkheden. Aandachtspunt zijn bedrijfsloodsen waar meerdere personen verblijven. De eisen voor de luchtdichtheid van loodsen zijn vrij laag, waardoor de luchtkwaliteit gedurende een toxisch scenario niet voor 4 uur is gegarandeerd. Hoogachtend, Namens het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant, Afdelingshoofd Risicobeheersing,
H. Sijbring
Bijlage 1 Opkomsttijden van de gemeente. Bijlage 2 Overzicht WAS installatie in de gemeente. Bijlage 3 Folder van standaard tot maatwerk Bijlage 4 Bluswater Bijlage 5 Risicoprofiel
3
Deze functie kan alleen voorkomen als bestaande functie. Wanneer het een nieuwe functie betreft, moet er een gedetailleerd advies worden aangevraagd.
pagina 5 van 5
Bijlage 1 Opkomsttijden Basisbrandweereenheid Gemeente: Rucphen 05-01-2015
Bijlage 2 Aanwezigheid WAS installatie Gemeente: Rucpen 05-01-2015
Categoriale inrichtingen Het Bevi maakt onderscheid tussen inrichtingen waarvoor een QRA (kwantitatieve risicoanalyse) opgesteld moet worden en inrichtingen waarvoor vaste afstanden gelden, de zogenaamde categoriale inrichtingen. Met de wijzigingen van het Bevi en de Revi zijn meer inrichtingen categoriaal geworden. Dit betekent dat er voor de bepaling van de 10-6 contour (het plaatsgebonden risico) geen QRA uitgevoerd hoeft te worden. Categoriale inrichtingen zijn aangewezen in artikel 4 van het Bevi. Daarnaast is er op grond van artikel 2 eerste lid onder h nog een mogelijkheid voor de Minister om categoriale inrichtingen aan te wijzen. Voor de PGS 15 opslagen is in artikel 3 van de Revi bepaald dat het niet verplicht is om de afstanden uit de tabel te gebruiken, er mag ook altijd worden gerekend. Uiteraard moet daarbij wel de nieuwe rekenmethodiek worden gebruikt. Voor alle andere categoriale inrichtingen geldt dat de vaste afstanden uit de Revi gebruikt moeten worden. 1. Inrichtingen waar meer dan 1.500 kg ammoniak in een insluitsysteem aanwezig is, niet zijnde een onderdeel van een koel- of vriesinstallatie met ammoniak.
Van standaard tot maatwerk
2. Inrichtingen waar meer dan 150m3 zeer licht ontvlambare of licht ontvlambare vloeistof in een bovengronds insluitsysteem aanwezig is. 3. Inrichtingen waar meer dan 13m3 propaan of meer dan 13m3 acetyleen in een insluitsysteem aanwezig is. 4. Inrichtingen waar een cyanidehoudend bad ten behoeve van het aanbrengen van metaallagen aanwezig is met een inhoud van meer dan 100 liter.
Let op! Betrek Brandweer Midden- en West-Brabant altijd bij • Nieuwe ontwikkelingen zoals LNG/CNG stations • Kegelligplaatsen bij vaarwegen en of havens
5. Inrichtingen waar een giftige of zeer giftige stof in een
Uitgave Brandweer Midden- en West-Brabant
insluitsysteem met een inhoud van meer dan 1.000 liter
PR contouren van verschillende categoriale
Postbus 3208
aanwezig is.
inrichtingen kunnen groter zijn dan 30 meter.
5003 DE Tilburg
6. Inrichtingen waar in enige opslagvoorziening een giftige of zeer giftige stof in gasflessen aanwezig is en
Houd hierbij rekening met de projectie van (beperkt) kwetsbare objecten.
waarbij de totale waterinhoud van de gasflessen met
oktober 2014 Aan deze uitgave kunnen geen rechten worden ontleend www.brandweermwb.nl
giftige of zeer giftige inhoud in die opslagvoorziening
Meer informatie
meer bedraagt dan 1.500 liter.
Kijk voor meer informatie over standaard adviezen
7. Inrichtingen waar aardgasdruk gereduceerd wordt of
Onze adviezen bij ruimtelijke plannen en externe veiligheid
en de standaard verantwoording groepsrisico op
aardgashoeveelheid gemeten wordt, voor zover de
www.verbeterprogrammagroepsrisico.nl en ga naar
gastoevoerleiding een grotere diameter heeft dan 20
regioteam Midden- en West-Brabant.
inch.
Voor telefonische informatie: 06 536 25 089.
Midden- en West-Brabant
Midden- en West-Brabant
Brandweer Midden- en West-Brabant adviseert gemeenten op het gebied van externe veiligheid rond ruimtelijke plannen. Deze uitgave laat zien in welke gevallen gemeenten een standaard advies kunnen verwachten en in welke gevallen zij mogen rekenen op een maatwerk advies. Daarbij besteden we in het bijzonder aandacht aan de vestiging van kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten ten opzichte van risicobronnen.
De algemene regel is dat gemeenten een standaard advies ontvangen voor ruimtelijke plannen op bepaalde afstanden van Bevi inrichtingen en de transportroutes van gevaarlijke
plannen binnen 200 m van een categoriale Bevi inrichting.
stoffen over weg, water en spoor en door buisleidingen. Veel
In deze plannen worden in de regel alle nieuwe bijzonder
gemeenten hebben in hun Beleidsvisie Externe Veiligheid
kwetsbare objecten geweerd.
De afstanden zijn van toepassing op het uitbrengen van een
het object.
speeltuinen worden aangelegd en kan binnen de functie sport
Zone binnen 200 m1 van categoriale Bevi inrichting
willekeurig Zone eenbinnen openluchtzwembad worden gerealiseerd. Dit 30 m en 200 m van transport
Standaardisering
is immers moeilijk of niet te monitoren. Maar ook onder maatStandaardisering
1
uit het Bevi/Revi blijven van toepassing. Dus kunnen diverse
Bijzonder kwetsbare objecten zijn: kinderdagverblijven,
objecten worden bestemd, mits wordt voldaan aan 10 -06 voor
buitenspeeltuinen, basisscholen, zorgcentra (zoals:
kwetsbare objecten en 10
ziekenhuizen, verpleeghuizen, hospices of tehuizen
gende redenen) voor beperkt kwetsbare objecten binnen de
voor verstandelijk of lichamelijke gehandicapten),
aangegeven afstanden. Standaardisering
Standaardisering
Zone-indeling 3 Categoriale inrichtingen zoals gebruikt bij de bepaling van standaard De zone-indeling Gedetailleerd advies Standaard advies
advies 4 Transport 1 van een categoriale Bevi inrichting, In de(spoor, zone binnen 200 mGedetailleerd advies
-05
(met motivatie en zwaarwe-
Zone binnen 200 m van categoriale Bevi inrichting 1
infrastructuur.
1
Weliswaar kunnen binnen de functie groen willekeurig
Wat zijn bijzonder kwetsbare objecten?
gebouwen met veel bezoekers en de vitale
4. Een gedetailleerd maatwerk advies wordt opgesteld voor
aan de afstand tot de risicobron in relatie tot de functie van
standaard advies of gedetailleerd advies. Alle afstandregels
kampeerterreinen, evenemententerreinen of
weg, waterweg of buisleiding.
PR afstanden
3
Categoriale inrichtingen
schappelijke doeleinden vallen Gedetailleerd zowel zeer kwetsbare personen Transport adviesin de planregels expliciet 4 als minder kwetsbare personen. Door Gedetailleerd advies
Standaard advies
Zone binnen 30 m en 200 m van transport 1
1
Gedetailleerd Grensinrichting
(spoor,
Gedetailleerd autoweg, bijzonder kwetsbare objecten uit te sluiten is de advies zelfredzaam-
indien nieuwe bijzonder kwetsbare objecten mogelijk zijn, Standaard advies De Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant geeft het advies anders standaard advies om kwetsbare personen via ruimtelijke besluiten beter te vaarweg en
1
heid sterk te verbeteren. buisleiding) 200 m
beschermen. Niet alleen door in een eventueel effectgebied
vastgelegd hoe zij omgaan met locaties voor kwetsbare ob-
5. Voor plannen buiten 30 m1 en tot een afstand van 200 m1
de buitengevels, gelden extra afstanden bij objecten of
den- en West-Brabant kunnen verwachten. biedt de Grensinrichting 200Verder m
autoweg, indien vaarweg en spoorlijn, autoweg, waterweg of nieuwe buisleiding worden bijzonder bijzonder kwetsbare buisleiding) kwetsbare objecten ontmoedigd. Er kunnen objecten mogelijk zijn, zwaarwegende Standaard advies anders standaard overwegingen zijn om toch nieuwe advies bijzonder kwetsbare
jecten en beperkt kwetsbare objecten evenals voor risicovolle
van een spoorlijn, autoweg, waterweg of buisleiding ont-
bij gebieden in de openlucht waar bijzonder kwetsbare
zone-indeling duidelijkheid over de gewenste plaatsing van
objecten te750realiseren. DaarbijBevi dient bijzondere aandacht Zone binnen m van niet categoriale inrichting
worden. Van het advies van de Veiligheidsregio kan worden
activiteiten ten opzichte van risicobronnen. Deze visies vormen
moedigen we de komst van nieuwe bijzonder kwetsbare
personen aanwezig zijn. De afstand wordt dan bepaald
bijzonder kwetsbare objecten, waardoor er minder niet-zelf-
objecten. Indien in ruimtelijke besluiten nieuwe bijzonder
door:
redzame burgers aanwezig zullen zijn in de directe nabijheid
gegeven te worden aan de zelfredzaamheid 200 mvan burgers en Standaardisering 30 m Grensinrichting aan de afstand tot de risicobron in relatie tot de functie van
afgeweken. Dit moet dan nadrukkelijk in de verantwoording
doorgaans een verbetering van de veiligheid, waardoor Brand-
van risicobronnen.
Bij bestemmingsplannen die een Bevi inrichting mogelijk het1object.
advies of maatwerk advies, geeft vooraf duidelijkheid over In afwijking van kwetsbare objecten, te beoordelen op
wat gemeenten van het advies van de Veiligheidsregio Mid-
weer Midden- en West-Brabant de mogelijkheid heeft om het
kwetsbare objecten toch in deze zone worden bestemd,
• de grens van het gebied dat bestemd is voor het
gebruik van standaard adviezen uit te breiden. Met deze stan-
wordt een gedetailleerd advies opgesteld. In alle andere
verblijf van zieken, ouderen, gehandicapten of
gevallen is er sprake van een standaard advies.
minderjarigen, indien het desbetreffende object
daardisering komt meer tijd vrij voor adviezen over plannen en
een ziekenhuis, bejaardenhuis, verpleeghuis, school,
ontwikkelingen, waarvan de effecten zeer ernstig kunnen zijn.
6. Een gedetailleerd maatwerk advies wordt opgesteld voor
Denk hierbij aan adviezen bij vestiging van risicovolle bedrijven
plannen binnen 30 m van een spoorlijn, autoweg, water-
gebouw of een gedeelte van een gebouw is dat
en aan maatwerk adviezen voor ruimtelijke plannen waarbij
weg of buisleiding. In deze plannen worden in de regel alle
bestemd is voor dagopvang van minderjarigen,
1
7. Bestemmingsplannen met Bevi inrichtingen worden voorzien Wanneer standaard en wanneer maatwerk? 750 m van een niet-categoriale Bevi inrichting. 1
2. Een gedetailleerd maatwerk advies wordt opgesteld voor plannen binnen 750 m1 van een niet-categoriale Bevi inrichting. In deze plannen worden in de regel alle nieuwe bijzonder kwetsbare objecten geweerd. 200 m van een categoriale Bevi inrichting, spoorlijn, auto1
Standaardisering Standaardisering
inrichtingen Standaardisering
inrichtingen maken, wordt altijd een gedetailleerd advies opgesteld. Gedetailleerd advies Standaard advies BRZO & niet categoriale Gedetailleerd advies Standaard advies inrichtingen
2
speeltuin gaat;
Grensinrichting
200 m
4
categoriale
Gedetailleerd advies
Grensinrichting
voorkomen dat bij het vrijkomen van toxische stoffen kleine kinderen en zieke en oudere personen slachtoffer kunnen
van het groepsrisico worden gemotiveerd. Het standaard advies
Standaard advies
Gedetailleerd advies
Transport (spoor, Gedetailleerd advies autoweg, indien nieuwe750 m vaarwegGrensinrichting en bijzonder kwetsbare buisleiding) objecten mogelijk zijn, Standaard advies anders standaard advies
verblijf van personen, indien het desbetreffende
8. Conserverende bestemmingsplannen vallen in principe
Gemeenten krijgen jaarlijks hun standaard advies, waarbij de volgende aspecten vooraf worden gemeld: 1. Opkomsttijd van de brandweer 2. Aanwezigheid van de WAS-installatie Deze onderwerpen worden op een plattegrond van de gemeente gepresenteerd. Knelpunten op het gebied van bluswater worden generiek in het standaard advies benoemd. Bij het verlenen van een bouwvergunning wordt er specifiek op
onder het standaard advies, tenzij het plangebied binnen
object een sportterrein of een kampeer- of ander
de genoemde afstand ligt en er nog ontwikkelruimte voor
recreatieterrein is dat bestemd is voor het verblijf
bijzonder kwetsbare objecten in het bestemmingsplan zit.
van personen gedurende meerdere aaneengesloten
Bijzonder kwetsbare objecten worden ontmoedigd. Er
dagen.
kunnen zwaarwegende overwegingen zijn om toch deze
Consoliderende bestemmingsplannen
In deze gevallen wordt geadviseerd de specialisten van de
objecten binnen 750 m te realiseren, maar dat moet dan Standaardisering goed worden afgewogen. Daarbij dient bijzondere aandacht
De in deze uitgave genoemde zones behoeven nadrukkelijk
Veiligheidsregio Midden- en West- Brabant direct te betrek-
aandacht bij bestaande bestemmingsplannen en moeten in de
ken in het vooroverleg. Maak via ev@brandweermwb.nl een
gegevenBijtebestemmingsplannen worden aan de zelfredzaamheid van burgers en die een Bevi inrichting mogelijk 1
planregels worden verwoord.
afspraak.
9. Een standaard advies wordt opgesteld voor kleine bestem-
Grensinrichting
30 m
750 m
detailniveau beoordeeld.
200 m
Grensinrichting
Zone binnen 750 m1 van niet categoriale Bevi inrichting 1
mingsplannen, niet zijnde ruimtelijke plannen voor bijzonder
3. Een standaard advies wordt opgesteld voor plannen buiten
2
1 Zone binnen en 200 m1 van transport BRZO30&mniet
• de grens van het gebied dat bestemd is voor het
van een gedetailleerd maatwerk advies.
1. Een standaard advies wordt opgesteld voor plannen buiten
maken, wordt altijd een gedetailleerd advies opgesteld.
1 Zone binnen 200 van categoriale Bevi inrichting Zone binnen 750 m1m van niet categoriale Bevi inrichting
bestemmingsplannen die een Bevi inrichting mogelijk 1 3 BijCategoriale
of wanneer het om een openluchtzwembad of
nieuwe bijzonder kwetsbare objecten geweerd.
het om bijzonder kwetsbare objecten gaat.
1
m m te vlucht- of schuilmogelijkheden te30 bieden, maar ook 200 door
kwetsbare objecten. Overige bestemmingsplannen worden voorzien van een standaard advies.
Het gedetailleerde of maatwerk advies
maken, wordt altijd een gedetailleerd advies opgesteld.
2
Maakt het plan een
Ligt het plan binnen 200 m van
Ligt het plan binnen 750 m van
Bevi inrichting mogelijk?
Bevi inrichting?
NEE
Standaard advies
spoorlijn, autoweg, waterweg of
een categoriale Bevi inrichting?
een BRZO of niet categoriale
NEE
BRZO & niet categoriale Gedetailleerd advies inrichtingen Ligt het plan binnen 30 m van een
NEE
en binnen 200 m van een
NEE
buisleiding? Grensinrichting
Ligt het plan buiten 30 m
750 m
spoorlijn, autoweg, waterweg of
NEE
buisleiding?
STANDAARD ADVIES JA
JA
JA
JA
JA Maakt het plan bijzonder kwetsbare objecten mogelijk?
JA
NEE
MAATWERK ADVIES
Bijlage 4 Bluswater
Bijlage 5
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
3. Vooroverlegreacties Provincie Noord-Brabant en Waterschap Brabantse Delta
Bestemmingsplan toelichting 170490 | 30-11-2020
Brabantlaan 1 Postbus 90151 5200 MC ’s-Hertogenbosch Telefoon (073) 681 28 12
Gemeente Rucphen Postbus 9 4715 ZG RUCPHEN
Fax (073) 680 76 80 www.brabant.nl IBAN NL86INGB0674560043
Bereikbaarheid openbaar vervoer en fiets: www.brabant.nl/route
Datum
12 augustus 2019 Ons kenmerk Onderwerp
C2248954/4564541
Voorontwerp-bestemmingsplan ‘Scherpenbergsebaan 53-55 te Rucphen’
Uw kenmerk
Contactpersoon
G.A.M. (Gerard) van den Broek Telefoon
Geacht college,
(073) 681 27 83 Email
In het kader van het wettelijk vooroverleg heeft u ons om een reactie gevraagd op het voorontwerp-bestemmingsplan ‘Scherpenbergsebaan 53-55 te Rucphen’. In onze reactie gaan wij alleen in op onderwerpen die op basis van het provinciaal ruimtelijk beleid relevant zijn. Planbeschrijving
Met voorliggend voorontwerp-bestemmingsplan wordt het bouwblok IV van ca. 1,3 ha omgezet in een bestemming ‘dagrecreatie’ ten behoeve van een indoor klimbos op de locatie van de te slopen varkensstal en een kinderboerderijgedeelte (bestaand). Het geprojecteerde bouwvlak krijgt een oppervlakte van ca 8700m2 en het deel zonder bouwblok heeft een oppervlakte van ca 5500 m2 (o.a. parkeervoorzieningen en buitenruimte). In totaal heeft het bestemmingsvlak een oppervlakte van ca 1,42 ha. Provinciaal beleidskader
Het provinciaal ruimtelijk beleid is vastgelegd in de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening. De te beschermen provinciaal ruimtelijke belangen zijn vertaald in de Verordening ruimte Noord-Brabant zoals deze luidt per 15 juli 2017 (hierna aangehaald als Vr). In onze reactie baseren wij ons op deze documenten die zijn te raadplegen via www.brabant.nl > onderwerpen > ruimte.
gvdbroek@brabant.nl Bijlage(n)
-
Inhoudelijke standpunt
Datum
12 augustus 2019
Algemeen Het plan past in principe binnen de kaders van artikel 7.10/7.12 Vr, maar geeft op onderstaande punten nog aanleiding voor de navolgende opmerkingen.
Ons kenmerk
C2248954/4564541
Parkeren Niet duidelijk is, waarom de uitbreiding van de parkeerstrook aan de zuidzijde juist daar is geprojecteerd als een vreemde ‘uitstulping’, gelet op het achter gelegen weiland/agrarisch gebied. Een dergelijke parkeerstrook met auto’s/verharding op deze locatie oogt wat vreemd. Wij vragen u dan ook om vanuit het aspect zorgvuldig ruimtegebruik aan te geven waarom het beoogde gebruik juist op deze plaats is voorzien en niet gekozen kan worden voor uitbreiding van het achter-terrein (waar ook de bussen moeten parkeren).
Kwaliteitsverbetering van het landschap De vereiste kwaliteitsverbetering als bedoeld in artikel 3.2 Vr is verantwoord vanuit categorie 3 van het regionale afsprakenkader en is vastgelegd in een inpassingsplan dat in de planvoorschriften tevens is geborgd. Wij constateren echter dat de berekeningsgrondslag van de inspanningsverplichting een stuk lager uitvalt dan de bedragen die wij doorgaans krijgen voorgelegd in WestBrabant. Wat opvalt is, dat de toegepaste bedragen voor recreatief intensief met bebouwing en voor recreatie zonder bebouwing van respectievelijk 40 en 12,50 euro een stuk lager liggen dan de (laagste) bedragen die wij vaak zien in de regio. In die zin achten wij de inspanningsverplichting op een te laag niveau berekend, hetgeen dus ook gevolgen heeft voor de omvang van het landschappelijk inpassingsplan. Wij verzoeken u dan ook om hier nog eens kritisch naar te kijken en de inspanningsverplichting nader af te stemmen met onze buitengebied planologe, Mw. Naus.
Externe werking op omliggend Natuur Netwerk Brabant (NNB) De planlocatie is voor het merendeel omsloten door gronden die ingevolge de Vr zijn gelegen in het NNB. Gelet op de intensieve functie is niet uit te sluiten dat deze ontwikkeling negatieve effecten heeft op de natuurwaarden (externe werking) zoals bijvoorbeeld licht en/of geluid. Hoofdregel is, dat Indien dergelijke negatieve effecten aanwezig zijn, deze op grond van het bepaalde in artikel 5.1, lid 7 Vr zoveel als mogelijk dienen te worden gemitigeerd en voor het resterende negatieve deel te worden gecompenseerd overeenkomstig artikel 5.6 Vr (compensatieregel). Aangezien dit aspect niet nader is onderzocht, verzoeken wij u om alsnog een dergelijke toets/onderzoek aan het plan toe te voegen, zodat e.e.a. ook uitgesloten kan worden. Dit geldt ook voor het dichtstbijzijnde Natura 2000 gebied op 13 kilometer afstand van de planlocatie. Ook hier is het raadzaam om dit alles in een voortoets te laten onderzoeken en uit te sluiten.
2/3
Planregels
Wij constateren dat de maximaal toegelaten oppervlakte aan bebouwing ontbreekt in de planvoorschriften. Wij verzoeken u dit gebrek in het ontwerp te herstellen. Tevens ontbreekt in de bestemmingsomschrijving van artikel 4.1.1 van de planregels (groenlandschapselement) de landschappelijke inpassing conform het inpassingsplan. Wij gaan ervan uit dat dit alsnog aan het planvoorschrift wordt toegevoegd.
Datum
12 augustus 2019 Ons kenmerk
C2248954/4564541
Conclusie
Wij verzoeken u om de onderdelen van het bestemmingsplan die nog niet in overeenstemming zijn met de Verordening aan te passen en daarbij rekening te houden met ons bovengenoemd standpunt. Mocht onze reactie aanleiding geven tot vragen of opmerkingen dan zijn wij graag bereid tot nader overleg.
Provincie Noord-Brabant,
P.M.A. van Beek, projectleider uitvoering Wet RO In verband met geautomatiseerd verwerken is dit document digitaal ondertekend.
3/3
Gemeente Rucphen College van B&W Postbus 9 4715 ZG RUCPHEN
Uw schrijven van : Uw kenmerk : Zaaknummer : Ons kenmerk : Behandeld door : Doorkiesnummer : Datum : Verzenddatum :
12 juli 2019 52777 Mevrouw J. Nooren 076 564 10 83 24 juli 2019
Onderwerp: wateradvies voorontwerpbestemmingsplan Scherpenbergsebaan 53-55 te Rucphen Geacht college, Op 12 juli 2019 heeft u het voorontwerpbestemmingsplan Scherpenbergsebaan 53-55 te Rucphen toegestuurd met het verzoek om een wateradvies uit te brengen zoals bedoeld in artikel 3.1.1 lid 1 van het Besluit ruimtelijke ordening. Wij willen u er op attenderen dat de lozing van het huishoudelijk afvalwater moet voldoen aan de eisen zoals gesteld in het Activiteitenbesluit milieubeheer. Ondanks dat het op basis van het beleid van het waterschap niet noodzakelijk is om in infiltratie of retentie te voorzien is dat wel wenselijk. Wij verzoeken u om de landelijke voorkeursvolgorde voor het omgaan met hemelwater bij uitbreiding van verhard oppervlak (infiltreren, bergen, afvoeren) te volgen. Op basis van de (bodem)eigenschappen in het plangebied zou infiltratie wellicht mogelijk zijn in. Ook verzoeken wij u om na te gaan of het verzamelen van hemelwater middels dakgoten, kolken en riolering noodzakelijk is of dat het mogelijk is om het hemelwater oppervlakkig te laten afstromen zodat het ter plaatse in de bodem kan infiltreren. Aangezien de belangrijkste uitgangspunten voor het waterschap naar wens zijn opgenomen in het voorontwerpbestemmingsplan geven wij een positief wateradvies. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met mevrouw J. Nooren van het waterschap via telefoonnummer 076 564 10 83. Hoogachtend, Namens het dagelijks bestuur, Hoofd afdeling vergunningen ir. A.H.J. Bouten
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
4. Inspraakreactie Natuurwerkgroep gemeente Rucphen en Brandweer Midden- en WestBrabant
Bestemmingsplan toelichting 170490 | 30-11-2020
NatuurWerkgroep Gemeente Rucphen
College van burgemeester en wethouders, Postbus 9 4715 ZG Rucphen
Sprundel, 18 juli 2019
Betreft: Inspraak voorontwerpbestemmingsplan 'Buitengebied Rucphen 2012, Scherpenbergsebaan 53-55, Rucphen'
Geacht College, Wij hebben de volgende opmerkingen t.a.v. bovengenoemd voorontwerp: 4.4.8 Flora en Fauna (blz. 38) Citaat:`De varkensstal wordt gesloopt, voordat de stal gesloopt wordt dient er een ecologisch onderzoek plaats te vinden. Een nader onderzoek wordt daarom niet noodzakelijk geacht, maar er geldt altijd een algemene zorgplicht voor beschermde en onbeschermde soorten.' Wij achten het wenselijk dat het ecologisch onderzoek naar de aanwezigheid van beschermde vleermuizen vóór de volgende stap van de bestemmingsprocedure wordt uitgevoerd en in het (ontwerp)bestemmingsplan wordt opgenomen. 5.4 Landschappelijke inpassing (bijlage 1) Wij kunnen ons in het Landschappelijke inpassingsplan vinden, er van uitgaande dat u er dit keer op toeziet dat de maatregelen daadwerkelijk worden uitgevoerd.
Hoogachtend,
Kees Kools, voorzitter
Cees Terpstra, secretaris
NatuurWerkgroep gemeente Rucphen
Postadres: Hertogstraat 14, 4714 BZ Sprundel E: info@natuurwerkgroep-rucphen.n1 Bank: N106 RABO 0100928447
Tel.: 0165-384045 / 06-37324057 1: www.natuurwerkgroep-rucphen.n1 KvK: 40280192
Externe veiligheid
De paragraaf externe veiligheid in het rapport is beoordeeld aan de hand van het Omgevingsportaal. Daaruit is gebleken dat de conclusies in de paragraaf in het rapport correct zijn. Ondanks dat wil ik je er op attenderen de veiligheidszones aan te passen aan de vergunningen van SMT, waarvoor de aanpassing van het bestemmingsplan eerder zou moeten worden uitgevoerd. Hiermee kan worden voorkomen dat er bijvoorbeeld een omgevingsvergunning bouwen wordt verleend binnen de te verruimen veiligheidszone, waardoor dit in de toekomst kan leiden tot een saneringsgeval. Bereikbaarheid & Bluswatervoorziening
Wat onder een toereikende bereikbaarheid en bluswatervoorziening wordt verstaan is uitgewerkt in de Beleidsregels Bereikbaarheid en Bluswatervoorziening van de Veiligheidsregio’s Midden- en WestBrabant, Brabant Noord en Brabant Zuidoost, te raadplegen via de link https://www.veiligheidsregiomwb.nl/Organisatie/Regelingen op de website van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. Het plangebied betreft een bestaande situatie. Volgens het rapport vinden er geen wijzigingen plaats aan de bestaande wegen en worden er geen nieuwe wegen aangelegd. Ik neem aan dat de bestaande toestand van de wegen rondom het plangebied in overeenstemming is met de voorschriften in de Beleidsregels met betrekking tot wegbreedten, bochtstralen van brandweervoertuigen en het geschikt zijn voor genoemde voertuigafmetingen, aslasten, totaalgewichten en stempeldruk in relatie tot het kunnen voldoen als opstelplaats. De beschrijving over de bluswatervoorziening in het rapport is akkoord. Uit onze gegevens blijkt dat er voldoende bluswatervoorziening op de voorgeschreven afstanden en met de juiste capaciteit aanwezig is. Opkomsttijd brandweer De gebruiksfunctie van het bouwwerk is een bijeenkomstfunctie, waarvoor een opkomsttijd van de brandweer geldt van maximaal 12 minuten.
Het is echter onduidelijk of het bestaande en het nieuw te realiseren bouwwerk mogelijk valt te betitelen als een bijeenkomstfunctie voor kinderopvang. Voor deze gebruiksfunctie geldt een opkomsttijd van de brandweer van maximaal 8 minuten. Op basis van een theoretische berekening is bepaald dat de opkomsttijd van de brandweer vanuit de dichtstbijzijnde brandweerkazerne in Rucphen in ca. 9:06 minuten ter plaatse kan zijn. Het is bepalend welke gebruiksfunctie wordt aangevraagd voor het bouwen van het bouwwerk. Indien de opkomsttijd op basis van de gebruiksfunctie maximaal 8 minuten mag zijn, dan adviseren wij u de gebruiker na te laten denken over het treffen van aanvullende voorzieningen en/of het nemen van aanvullende maatregelen, die de mate van brandveiligheid vergroten.
III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling
5. Verantwoording makelaar toegepaste prijzen landschappelijke inpassing
Bestemmingsplan toelichting 170490 | 30-11-2020