CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

07 DEF Visie Zonne- en Windenergie 17-11-20

commissie Economie Ruimtelijke Ordening en Milieu 20 januari 2021, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Visie Zonne- en Windenergie21.399 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

De lange lijnen in het landschap zijn beplant met bomen. Dit levert een fraai coulisse-effect op. Ook aan de volgorde van de ontginning is af te lezen welk delen van het landschap droger of natter waren. De ontginning is begonnen in het droge noordwestelijke kwadrant, vervolgens is het zuidwestelijk deel gedaan, dan het noordoostelijk en tenslotte het zuidoostelijke. Vooral in de laatste twee kwadranten zijn nog stukken te vinden die bij de ontginning zijn overgeslagen en een hoge natuurwaarde hebben. De Oude Zoek is op dit moment een duidelijk agrarisch landschap, met ook intensieve veehouderij. In de droogmakerij zelf is weinig bebouwing aanwezig. Grote delen van de Oude Zoek hebben, mede door de waterkwantiteit en –kwaliteit een beschermde status gekregen. In de reconstructie is de Oude Zoek aangewezen als extensiveringsgebied voor de intensieve veehouderij en als koopmansgebied.

49 Bijlage 4

Zoekgebieden zonneparken treden 1 t/m 3

______________________________________________________________________

50

51

52

53

54

55

56

57

Bijlage 5

Inpassingseisen per gebied

_______________________________________________________________________________ Het rode zoekgebied (trede 1) Voor de inpassing van een zonnepark in het gebied ‘Bremhoef’ gelden de volgende inpassingseisen: Kenmerken Door de ontwikkeling van Sint Willebrord langs de ontsluitingswegen ontstaan er open middenstukken met hoofdzakelijk een kleinschalige agrarische functie; Geen relatie met het omliggende landschap; Enkel achterzijden van de woningen aan het middenterrein; Visie -

Door combinatie van spelen, bewegen en het zonneveld kan er een (tijdelijk) eigentijds dorpspark ontstaan;

Ontwerprichtlijnen vorm terrein zonneveld De zonnevelden kunnen in de regel regelmatig worden gevormd en vertonen een rationele karakteristiek, maar kunnen ook (deels) aansluiten bij een ontwerpkeuze; Locatie leent zich voor een meerwaarde in recreatie voor de inwoners van Sint Willebord; Maat en schaal is door de inpassing afgestemd op de omliggende bebouwing en haar karakteristieken en korrelgrootte; Voor het inpassingsontwerp dient gebruik te worden gemaakt van minimaal één van deze landschapspakketten: - Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9). - Aan de noordzijde van zonnevelden kan ook gekozen worden voor Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b); - Toe te passen beplantingssoorten en mengsels zijn inheems en streekeigen. Tot maximaal vijf procent van de boombeplanting mag uit Quercus robur (zomereik) bestaan en tot maximaal 10% van de struikbeplanting mag uit Amelanchier lamarckii (Amerikaans krentenboompje) bestaan. Het zonneveld dient volledig omgeven te zijn door opgaande beplanting.

Dit kunnen reeds aanwezige houtopstanden of minimaal één van de hierna te noemen landschapspakketten hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b), Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9). Deze bomen kunnen in de toekomst het groene geraamte vormen van een nieuwe ontwikkeling; De gemeente Rucphen is een bijvriendelijke gemeente het inzaaien van de gronden onder de zonnepanelen met een bijvriendelijk bloemenmengsel heeft de voorkeur. De blauwe zoekgebieden (trede 2) Voor het realiseren van zonneparken in de gebieden die aansluiten aan de bestaande bebouwing c.q. bestaande bedrijventerreinen gelden de volgende inpassingseisen: • Inpassing in gebieden nabij Zegge (gebiedsnr. 1) Kenmerken Grootschalig en open landschap met voornamelijk een agrarische functie; Een oud, historisch landschap met een herkenbare waardevolle structuur; Verspreid liggende agrarische bebouwing, doorgaans voorzien van perceelsbeplanting; Ten zuidwesten van Zegge is er meer opgaand groen te vinden en is het landschap kleinschaliger; Recreatiemogelijkheden beperkt aanwezig.

58 Visie (bron: landschapsontwikkelingsplan) Handhaven van de openheid en het agrarische karakter; Het (visueel) benadrukken van de landschapskarakteristiek en cultuurhistorische waarden. Uitgangspunt is het in stand houden van de bijzondere historische structuur (verkaveling/ ontginning); Natuurwaarden versterken door de realisatie van natte/ en droge verbindingszones; Recreatie en toerisme versterken door het bevorderen van route gebonden recreatie in combinatie met cultuurhistorische waarden. Ontwerprichtlijnen landschappelijke inpassing zonnevelden Bij de landschappelijke inpassing is het rechtlijnige open karakter van het landschap uitgangspunt.

Er dient rekening gehouden te worden met bestaande elementen als turfvaarten, begeleidende beplanting e.d.; Natte/ en droge verbindingszones dienen aan te sluiten of een relatie te hebben met omliggende verbindingszones, en/ of gronden met de bestemming natuur of groen – landschapselement; Houtopstanden vermeld op de groene kaart dienen te worden ingepast in het ontwerp van het zonneveld en de bijhorende landschappelijke inpassing; Voor het ontwerp van de landschappelijke inpassing dient gebruik te worden gemaakt van minimaal één van deze landschapspakketten: Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9), Amfibieënpoel (L11), Natuuroever riet (L13), Natuuroever nat grasland (L14), Bloemrijke rand (R1), Kruidenrijke zoom (R2), Grasland flora en faunarand (R3), Weiderand (R5), . Aan de noordzijde van zonnevelden kan ook gekozen worden voor Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b); Toe te passen beplantingssoorten en mengsels zijn inheems en streekeigen. Tot maximaal vijf procent van de boombeplanting mag uit Quercus robur (zomereik) bestaan en tot maximaal 10% van de struikbeplanting mag uit Amelanchier lamarckii (Amerikaans krentenboompje) bestaan.

Het zonneveld dient volledig omgeven te zijn door opgaande beplanting. Dit kunnen reeds aanwezige houtopstanden of minimaal één van de hierna te noemen landschapspakketten Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b), Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9); De gemeente Rucphen is een bijvriendelijke gemeente het inzaaien van de gronden onder de zonnepanelen met een bijvriendelijk bloemenmengsel heeft de voorkeur. Ontwerprichtlijnen vorm terrein zonnevelden De zonnevelden kunnen in de regel regelmatig worden gevormd en vertonen een rationele karakteristiek, maar kunnen ook (deels) bij het grillige verloop van het onderliggende landschap of cultuurhistorische elementen aansluiten; Maat en schaal is door de landschappelijke inpassing afgestemd op het omliggende landschap en haar karakteristieken. -

• Inpassing in gebieden nabij Rucphen (gebiedsnr. 2) Kenmerken Ten noorden van Rucphen kenmerkt zich het landschap als relatief open, maar doorsneden met boskavels en houtwallen. Ten zuiden van Rucphen zijn er de boscomplexen van de Rucphense Bossen en de Molenheide. Hiertussen bevindt zich het kenmerkende open gebied van de Schijfse Vaart; Een oud, historisch landschap met een herkenbare waardevolle structuur; Verspreid liggende agrarische bebouwing, doorgaans voorzien van perceelsbeplanting; Recreatiemogelijkheden meer dan voldoende aanwezig. Visie (bron: landschapsontwikkelingsplan)

59 -

Handhaven van het bestaande landschap en verder versterken met een robuuste landschappelijke drager. Het (visueel) benadrukken van de landschapskarakteristiek en cultuurhistorische waarden; Natuurwaarden versterken door de realisatie van natte/ en droge verbindingszones; Recreatie en toerisme versterken door het bevorderen van route gebonden recreatie in combinatie met cultuurhistorische waarden.

Ontwerprichtlijnen landschappelijke inpassing zonnevelden Bij de landschappelijke inpassing is het karakter van het landschap uitgangspunt. Er dient rekening gehouden te worden met bestaande elementen als turfvaarten, begeleidende beplanting, (kleine) boscomplexen e.d.; Natte/ en droge verbindingszones dienen aan te sluiten of een relatie te hebben met omliggende verbindingszones, en/ of gronden met de bestemming natuur of groen – landschapselement; Houtopstanden vermeld op de groene kaart dienen te worden ingepast in het ontwerp van het zonneveld en de bijhorende landschappelijke inpassing; Voor het ontwerp van de landschappelijke inpassing dient gebruik te worden gemaakt van minimaal één van deze landschapspakketten: - Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9), Amfibieënpoel (L11), Natuuroever riet (L13), Natuuroever nat grasland (L14), Bloemrijke rand (R1), Kruidenrijke zoom (R2), Grasland flora en faunarand (R3), Weiderand (R5), . - Aan de noordzijde van zonnevelden kan ook gekozen worden voor Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b); - Inzet van de genoemde landschapspakketten is locatie specifiek.

Ten zuiden van Rucphen worden de landschapspakketten Knotboom (L9), Amfibieënpoel (L11), Natuuroever riet (L13) niet toegepast. - Toe te passen beplantingssoorten en mengsels zijn inheems en streekeigen. Tot maximaal vijf procent van de boombeplanting mag uit Quercus robur (zomereik) bestaan en tot maximaal 10% van de struikbeplanting mag uit Amelanchier lamarckii (Amerikaans krentenboompje) bestaan; Het zonneveld dient volledig omgeven te zijn door opgaande beplanting. Dit kunnen reeds aanwezige houtopstanden of minimaal één van de hierna te noemen landschapspakketten Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b), Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9); De gemeente Rucphen is een bijvriendelijke gemeente het inzaaien van de gronden onder de zonnepanelen met een bijvriendelijk bloemenmengsel heeft de voorkeur.

Ontwerprichtlijnen vorm terrein zonnevelden De zonnevelden kunnen in de regel regelmatig worden gevormd en vertonen een rationele karakteristiek, maar kunnen ook (deels) bij het grillige verloop van het onderliggende landschap of cultuurhistorische elementen aansluiten; Maat en schaal is door de landschappelijke inpassing afgestemd op het omliggende landschap en haar karakteristieken. • Inpassing in gebieden nabij Sint Willebrord (gebiedsnr. 3) Kenmerken Het landschap rondom Sint Willebrord kenmerkt zich als relatief grootschalig en open met voornamelijk een agrarische functie; Een historisch landschap met een afwisselende structuur; Verspreid liggende agrarische bebouwing, doorgaans voorzien van perceelsbeplanting; Recreatiemogelijkheden voldoende aanwezig. Visie (bron: landschapsontwikkelingsplan)

60 -

Handhaven van het bestaande landschap en verder versterken met lijnvormige landschapselementen; Het (visueel) benadrukken van de landschapskarakteristiek en (cultuurhistorische) waarden; Natuurwaarden versterken door de realisatie van natte/ en droge verbindingszones; Recreatie en toerisme versterken door het bevorderen van route gebonden recreatie in combinatie met landschappelijke (en cultuurhistorische) waarden.

Ontwerprichtlijnen landschappelijke inpassing zonnevelden Bij de landschappelijke inpassing is het karakter van het landschap uitgangspunt. Er dient rekening gehouden te worden met bestaande elementen als lijnvormige landschapselementen, begeleidende beplanting e.d.; Natte/ en droge verbindingszones dienen aan te sluiten of een relatie te hebben met omliggende verbindingszones, en/ of gronden met de bestemming natuur of groen – landschapselement; Houtopstanden vermeld op de groene kaart dienen te worden ingepast in het ontwerp van het zonneveld en de bijhorende landschappelijke inpassing; Voor het ontwerp van de landschappelijke inpassing dient gebruik te worden gemaakt van minimaal één van deze landschapspakketten: - Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9), Amfibieënpoel (L11), Natuuroever riet (L13), Natuuroever nat grasland (L14), Bloemrijke rand (R1), Kruidenrijke zoom (R2), Grasland flora en faunarand (R3), Weiderand (R5), . - Aan de noordzijde van zonnevelden kan ook gekozen worden voor Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b); - Toe te passen beplantingssoorten en mengsels zijn inheems en streekeigen.

Tot maximaal vijf procent van de boombeplanting mag uit Quercus robur (zomereik) bestaan en tot maximaal 10% van de struikbeplanting mag uit Amelanchier lamarckii (Amerikaans krentenboompje) bestaan; Het zonneveld dient volledig omgeven te zijn door opgaande beplanting. Dit kunnen reeds aanwezige houtopstanden of minimaal één van de hierna te noemen landschapspakketten Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b), Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9); De gemeente Rucphen is een bijvriendelijke gemeente het inzaaien van de gronden onder de zonnepanelen met een bijvriendelijk bloemenmengsel heeft de voorkeur. Ontwerprichtlijnen vorm terrein zonnevelden De zonnevelden kunnen in de regel regelmatig worden gevormd en vertonen een rationele karakteristiek, maar kunnen ook (deels) bij het grillige verloop van het onderliggende landschap of cultuurhistorische elementen aansluiten; Maat en schaal is door de landschappelijke inpassing afgestemd op het omliggende landschap en haar karakteristieken. • Inpassing in gebieden nabij Sprundel (gebiedsnr.

4) Kenmerken Het landschap rondom Sprundel kenmerkt zich als relatief kleinschalig met voornamelijk een agrarische functie; Een historisch landschap met een duidelijke kamerstructuur en aanwezigheid van lijnvormige elementen; Verspreid liggende agrarische bebouwing, doorgaans voorzien van perceelsbeplanting; Recreatiemogelijkheden voldoende aanwezig. Visie (bron: landschapsontwikkelingsplan) Handhaven en versterken van het bestaande landschap door middel van lijnvormige landschapselementen; Het (visueel) benadrukken van de landschapskarakteristiek en cultuurhistorische waarden; Natuurwaarden versterken door de realisatie van natte/ en droge verbindingszones;

61 -

Recreatie en toerisme versterken door het bevorderen van route gebonden recreatie in combinatie met landschappelijke en cultuurhistorische waarden.

Ontwerprichtlijnen landschappelijke inpassing zonnevelden Bij de landschappelijke inpassing is het karakter van het landschap uitgangspunt. Er dient rekening gehouden te worden met bestaande elementen als de kamerstructuur, lijnvormige landschapselementen, begeleidende beplanting e.d.; Natte/ en droge verbindingszones dienen aan te sluiten of een relatie te hebben met omliggende verbindingszones, en/ of gronden met de bestemming natuur of groen – landschapselement; Houtopstanden vermeld op de groene kaart dienen te worden ingepast in het ontwerp van het zonneveld en de bijhorende landschappelijke inpassing; Voor het ontwerp van de landschappelijke inpassing dient gebruik te worden gemaakt van minimaal één van deze landschapspakketten: Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9), Amfibieënpoel (L11), Natuuroever riet (L13), Natuuroever nat grasland (L14), Bloemrijke rand (R1), Kruidenrijke zoom (R2), Grasland flora en faunarand (R3), Weiderand (R5), .

Aan de noordzijde van zonnevelden kan ook gekozen worden voor Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b); Bij de ontwikkeling van een zonneveld nabij de molen De Hoop kunnen er in verband met de molenbiotoop geen bomen aangeplant worden; Toe te passen beplantingssoorten en mengsels zijn inheems en streekeigen. Tot maximaal vijf procent van de boombeplanting mag uit Quercus robur (zomereik) bestaan en tot maximaal 10% van de struikbeplanting mag uit Amelanchier lamarckii (Amerikaans krentenboompje) bestaan; Het zonneveld dient volledig omgeven te zijn door opgaande beplanting. Dit kunnen reeds aanwezige houtopstanden of minimaal één van de hierna te noemen landschapspakketten Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b), Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9); De gemeente Rucphen is een bijvriendelijke gemeente het inzaaien van de gronden onder de zonnepanelen met een bijvriendelijk bloemenmengsel heeft de voorkeur.

Ontwerprichtlijnen vorm terrein zonnevelden De zonnevelden kunnen in de regel regelmatig worden gevormd en vertonen een rationele karakteristiek, maar kunnen ook (deels) bij het grillige verloop van het onderliggende landschap of cultuurhistorische elementen aansluiten; Maat en schaal is door de landschappelijke inpassing afgestemd op het omliggende landschap en haar karakteristieken. • Inpassing in gebieden nabij Schijf (gebiedsnr. 5) Kenmerken Het landschap rondom Schijf kenmerkt zich als kleinschalig met voornamelijk een agrarische functie; Een historisch landschap met duidelijk aanwezige historische lijnen, boskavels en de aanwezigheid van een kamerstructuur; Verspreid liggende agrarische bebouwing (waaronder intensieve veehouderij), doorgaans voorzien van perceelsbeplanting; Recreatiemogelijkheden zijn door de nabijheid van de Rucphense Bossen meer dan voldoende aanwezig. Visie (bron: landschapsontwikkelingsplan) Handhaven en versterken van het bestaande landschap door middel van lijnvormige landschapselementen; Het (visueel) benadrukken van de landschapskarakteristiek en cultuurhistorische waarden. Hierbij expliciet de aanwezigheid van de Schijfse Vaart;

62 -

Natuurwaarden versterken door de realisatie van natte/ en droge verbindingszones; Recreatie en toerisme versterken door het bevorderen van route gebonden recreatie in combinatie met landschappelijke en cultuurhistorische waarden.

Ontwerprichtlijnen landschappelijke inpassing zonnevelden Bij de landschappelijke inpassing is het karakter van het landschap uitgangspunt. Er dient rekening gehouden te worden met bestaande elementen als de kamerstructuur, lijnvormige landschapselementen, begeleidende beplanting e.d.; Natte/ en droge verbindingszones dienen aan te sluiten of een relatie te hebben met omliggende verbindingszones, en/ of gronden met de bestemming natuur of groen – landschapselement; Houtopstanden vermeld op de groene kaart dienen te worden ingepast in het ontwerp van het zonneveld en de bijhorende landschappelijke inpassing; Voor het ontwerp van de landschappelijke inpassing dient gebruik te worden gemaakt van minimaal één van deze landschapspakketten: Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9), Amfibieënpoel (L11), Natuuroever riet (L13), Natuuroever nat grasland (L14), Bloemrijke rand (R1), Kruidenrijke zoom (R2), Grasland flora en faunarand (R3), Weiderand (R5), . Aan de noordzijde van zonnevelden kan ook gekozen worden voor Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b); Bij de ontwikkeling van een zonneveld nabij de molen De Hoop kunnen er in verband met de molenbiotoop geen bomen aangeplant worden.

Toe te passen beplantingssoorten en mengsels zijn inheems en streekeigen. Tot maximaal vijf procent van de boombeplanting mag uit Quercus robur (zomereik) bestaan en tot maximaal 10% van de struikbeplanting mag uit Amelanchier lamarckii (Amerikaans krentenboompje) bestaan; Het zonneveld dient volledig omgeven te zijn door opgaande beplanting. Dit kunnen reeds aanwezige houtopstanden of minimaal één van de hierna te noemen landschapspakketten Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b), Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9); De gemeente Rucphen is een bijvriendelijke gemeente het inzaaien van de gronden onder de zonnepanelen met een bijvriendelijk bloemenmengsel heeft de voorkeur. Ontwerprichtlijnen vorm terrein zonnevelden De zonnevelden kunnen in de regel regelmatig worden gevormd en vertonen een rationele karakteristiek, maar kunnen ook (deels) bij het grillige verloop van het onderliggende landschap of cultuurhistorische elementen aansluiten; - Maat en schaal is door de landschappelijke inpassing afgestemd op het omliggende landschap en haar karakteristieken.

Het gele zoekgebied (trede 3) • Inpassing ten zuiden van de A58 Kenmerken Het gebied ten zuiden van de snelweg kenmerkt zich door een duidelijke tweedeling. Ten oosten van de Rucphenseweg is het landschap grootschalig en open. Ten westen van de weg is het landschap kleinschaliger en relatief open, maar doorsneden met boskavels en houtwallen. Een oud, historisch landschap met een herkenbare waardevolle structuur; Verspreid liggende agrarische bebouwing, doorgaans voorzien van perceelsbeplanting; Recreatiemogelijkheden meer dan voldoende aanwezig. Visie (bron: landschapsontwikkelingsplan) Handhaven van het bestaande landschap waarbij de kleinschaligheid in het westen en de openheid in het oosten genoemd kunnen worden; Het (visueel) benadrukken van de landschapskarakteristiek en cultuurhistorische waarden;

63 -

Natuurwaarden versterken door de realisatie van natte/ en droge verbindingszones; Recreatie en toerisme versterken door het bevorderen van route gebonden recreatie in combinatie met cultuurhistorische waarden.

Ontwerprichtlijnen landschappelijke inpassing zonnevelden Bij de landschappelijke inpassing is het karakter van het landschap uitgangspunt. Er dient rekening gehouden te worden met bestaande elementen als turfvaarten, begeleidende beplanting, (kleine) boscomplexen e.d.; Natte/ en droge verbindingszones dienen aan te sluiten of een relatie te hebben met omliggende verbindingszones, en/ of gronden met de bestemming natuur of groen – landschapselement; Houtopstanden vermeld op de groene kaart dienen te worden ingepast in het ontwerp van het zonneveld en de bijhorende landschappelijke inpassing; Voor het ontwerp van de landschappelijke inpassing dient gebruik te worden gemaakt van minimaal één van deze landschapspakketten: Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9), Amfibieënpoel (L11), Natuuroever riet (L13), Natuuroever nat grasland (L14), Bloemrijke rand (R1), Kruidenrijke zoom (R2), Grasland flora en faunarand (R3), Weiderand (R5), . Aan de noordzijde van zonnevelden kan ook gekozen worden voor Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b); Inzet van de genoemde landschapspakketten is locatie specifiek.

Ten zuiden van Rucphen worden de landschapspakketten Knotboom (L9), Amfibieënpoel (L11), Natuuroever riet (L13) niet toegepast; Toe te passen beplantingssoorten en mengsels zijn inheems en streekeigen. Tot maximaal vijf procent van de boombeplanting mag uit Quercus robur (zomereik) bestaan en tot maximaal 10% van de struikbeplanting mag uit Amelanchier lamarckii (Amerikaans krentenboompje) bestaan; Het zonneveld dient volledig omgeven te zijn door opgaande beplanting. Dit kunnen reeds aanwezige houtopstanden of minimaal één van de hierna te noemen landschapspakketten Hakhoutsingel (L1a) en/ of bossingel (L1b), Struweelhaag 6 jaar (L6a), Struweelhaag 12 jaar (L6b), Landschapsboom als solitair (L8a), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep (L8b), Landschapsboom in bomenrij of boomgroep in grasland (L8c), Knotboom (L9); De gemeente Rucphen is een bijvriendelijke gemeente het inzaaien van de gronden onder de zonnepanelen met een bijvriendelijk bloemenmengsel heeft de voorkeur. Ontwerprichtlijnen vorm terrein zonnevelden De zonnevelden kunnen in de regel regelmatig worden gevormd en vertonen een rationele karakteristiek, maar kunnen ook (deels) bij het grillige verloop van het onderliggende landschap of cultuurhistorische elementen aansluiten; Maat en schaal is door de landschappelijke inpassing afgestemd op het omliggende landschap en haar karakteristieken.

64

Bijlage 6

Beschermingszones Schijf en Seppe

_______________________________________________________________________________

65

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9596531/1