CConstaterende datRucphen
Koppel je AI →
Document · PDF

06 20210520 Jaarrekening cie raad

gemeenteraad 16 juni 2021, gemeente RucphenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling jaarrekening 2020 en bestemming batig rekeningsaldo 202041.620 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

In het 2e kwartaal van 2021 wordt de gemeenteraad op de hoogte gesteld van de vorderingen. Detailhandel In het kader van de leefbaarheid is het van belang de winkelvoorzieningen in de kernen te concentreren en te behouden. Hiervoor zijn in de visie (Vrijetijds)Economie kaarten opgenomen met daarop de gewenste structuur van de concentratiegebieden. Bij de herziening van bestemmingsplannen worden voorstellen opgenomen om het wijzigen van functies naar bijvoorbeeld woningen te vereenvoudigen. Hierdoor wordt leegstand aangepakt en kunnen vrijkomende winkelmeters worden geschrapt. Voor het Emmausplein is gezocht naar een invulling met detailhandel. Dit wordt in 2021 voortgezet. Aansluitvoorziening marktstandplaatsen Op diverse locaties in de gemeente staan kasten waar gebruikers stroom kunnen afnemen. Het areaal aan kasten met dit doel neemt toe. Naast de marktkasten (Emmausplein) en evenementen aansluitingen bij o.a. De Vijfsprong komen er in het centrum van Rucphen ook aansluitpunten voor marktstandplaatsen. Voor het onderhoud is structureel budget opgenomen vanaf 2020. 3.3 - Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen Bedrijfsloket / ondernemersloket Stichting Ondernemers Klankbord (OKB) is het eerste aanspreekpunt in onze gemeente voor advisering of ondersteuning in alle levensfasen en alle onderdelen van het ondernemen.

Zij adviseren en ondersteunen bij de start van een onderneming, alle aspecten van bedrijfsuitoefening, faillissementspreventie en bedrijfsopvolging. De vijf samenwerkende gemeenten hebben het convenant met het OKB in 2019 voor twee jaar verlengd. In 2020 heeft het OKB financiële ondersteuning gekregen van het Ministerie van Economische Zaken om ondernemers hulp te bieden in coronatijd. De ondernemers in de vijf samenwerkende gemeenten zijn door het OKB gratis ondersteund.

24

Voucherregeling ondernemers voor ondersteuning financiële rapportage Om Rucphense ondernemers tijdens de coronacrisis te ondersteunen is de voucherregeling opgesteld als extra maatregel. Er heeft één ondernemer gebruik gemaakt van de regeling. De voucherregeling liep van 15 juni 2020 tot en met 30 september 2020.

3.4 - Economische promotie Toerisme Het beleid voor toerisme is opgenomen in de nieuwe visie (Vrijetijds) Economie met bijbehorende uitvoeringsagenda. De gemeente heeft een toeristisch aanbod wat we in samenwerking met de ondernemers verder willen uitbreiden en op de kaart zetten, zodat de bekendheid van gemeente Rucphen groter wordt en we meer bezoekers trekken voor een langer verblijf. Ontdek-R De website www.ontdekr.nl is verder doorontwikkeld en op verschillende manieren gepromoot. Promotie In verband met het uitbreken van de coronacrisis zijn evenementen na medio maart afgelast dan wel verboden tot 1 september 2020. Ook na deze datum konden evenementen geen doorgang vinden of slechts onder strikte voorwaarden. Hierdoor zijn o.a. LaVuelta 2020 en het Rood-Wit U10 toernooi niet doorgegaan.

Beleidsindicatoren

Functiemenging 40,6%

53,2%

Rucphen

Nederland bron: Meerdere bronnen | 2019

Vestigingen (van bedrijven) per 1.000 inw. 15 t/m 64jr

154,0

151,6

Rucphen

Nederland bron: LISA | 2019

25

Programma 4: Onderwijs

Beoogd maatschappelijk effect Inwoners kunnen zich ontwikkelen tot burgers die in staat zijn om zelfstandig te functioneren en een positieve bijdrage te leveren aan de (lokale) samenleving.

Ontwikkelingen en speerpunten binnen dit programma Wij willen dat de jeugd/jongeren in onze gemeente zich zodanig kunnen ontwikkelen dat ze op kunnen groeien tot zelfredzame volwassenen die optimaal participeren in onze maatschappij. Door binnen dit programma te zorgen voor realisatie en behoud van voorzieningen op gebied van voor- en vroegschoolse educatie en onderwijs wordt een basis gelegd voor de algemene ontwikkeling. Het betreft zowel fysieke voorzieningen als ook financiële mogelijkheden ter realisatie van een activiteitenaanbod. Ook wordt, in samenwerking met onze partners, ingezet op een optimale schoolloopbaan van onze jongeren. Voor de jongeren die tijdelijk hulp nodig hebben wordt ondersteuning op maat gerealiseerd. Afgelopen jaar hebben we, door de effecten van corona op onze samenleving, meer dan ooit gemerkt hoe belangrijk het is om een goed netwerk te hebben in en om de school. Scholen, kinderopvang, de leerplichtambtenaar en jeugdprofessionals hebben samen overlegd over de aanpak van de kwetsbare kinderen. In de eerste lockdown hadden we de regie m.b.t. de noodopvang. Bij de tweede lockdown was onze rol kleiner maar we hebben wel steeds een vinger aan de pols gehouden, ook m.b.t. de risico’s op, en gevolgen van onderwijsachterstanden.

Corona zorgde er ook voor dat we de uitvoering van activiteiten soms hebben moeten aanpassen of opschorten, specifieke informatie hierover vind u bij de taakvelden. Hopelijk kunnen we de goede dingen uit deze bijzondere periode behouden en gebruiken voor de jaren hierna. Doorontwikkeling In maart 2020 is in de commissie het plan van aanpak doorontwikkeling sociaal domein besproken. In dit plan van aanpak zijn 3 thema’s benoemd: Integrale aanpak multiproblematiek, Gezond opgroeien, vitaal ouder worden. Binnen deze thema’s zijn in totaal 14 projecten uitgewerkt. Nadere informatie over deze projecten kunt u vinden bij het specifieke taakveld. De projecten worden uitgevoerd in de periode 2020-2023.

Overzicht taakvelden en baten en lasten per taakveld

Openbaar basisonderwijs Onderwijshuisvesting Onderwijsbeleid en leerlingzaken

Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten

TOTAAL

Prim. Beg. 2020

Begr. na wijz. 2020

Rekening 2020

105.870

105.870

104.199

696.625

623.271

614.881

792.986 -549.245

1.107.694 -626.691

1.010.380 -637.769

1.046.236

1.210.144

1.091.691

Verschillenverklaring per taakveld

4.2 – Onderwijshuisvesting De werkzaamheden met betrekking tot de businesscase uitbreiding Palet en Vinkenbos zijn deels doorgeschoven naar 2021. Van het budget resteert € 4.800,00. Voorgesteld wordt dit budget beschikbaar te houden voor 2021.

26

4.3 - Onderwijsbeleid en leerlingzaken Sinds 2019 is het budget voor het leerlingenvervoer niet meer toereikend. Dit wordt gedeeltelijk veroorzaakt doordat de vervoerders jaarlijks de ritprijzen mogen indexeren terwijl het budget voor leerlingenvervoer niet standaard geïndexeerd wordt. Overigens is de overschrijding vanwege het uitblijven van indexering ongeveer € 15.000,00. De resterende overschrijding van bijna € 55.000,00 is te verklaren door een toename van het aantal ritten. Zo zijn er meer ritten ingezet voor het voortgezet onderwijs, omdat de schooltijden in sommige gevallen dusdanig van elkaar afweken dat de maximale wachttijd werd overschreden. In dat geval wordt er een extra rit ingezet. Bovendien worden we sinds de invoering van de Variawet op 1 augustus 2018 binnen het leerlingenvervoer steeds vaker geconfronteerd met vervoersvraagstukken die niet passen de reguliere dienstverlening. Hierdoor is het noodzakelijk om maatwerk toe te passen. Deze leerlingen kunnen door beperkte belastbaarheid (afwijkende schooltijden), of specifieke onderwijsbehoefte (andere school dan de scholen waarnaar we collectief vervoer hebben georganiseerd) niet worden opgenomen in de reguliere ritten voor het leerlingenvervoer. Het is in deze gevallen noodzakelijk om individueel vervoer te organiseren.

Gelet op het bovenstaande werd in de 2e bestuursrapportage 2020 het budget voor leerlingenvervoer met € 48.000,00 verhoogd. De overschrijding voor de jaarrekening bedraagt derhalve € 21.000,00. Aan scholen en kinderopvang werd voor een bedrag van € 332.900,00 aan subsidies beschikt ten behoeve van voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Hiervan resteert € 12.700,00. In het programma was ook een post onvoorzien opgenomen van € 28.400,00 voor extra peuters. Omdat het aantal peuters niet hoger was dan geraamd, hoefde dit bedrag niet ingezet te worden. De voorbereiding voor het project ondersteuningsstructuur peuters/ouders was in 2020 nog niet afgerond, waardoor er nog geen kosten zijn gemaakt. Hiervoor was € 20.000,00 in het programma opgenomen. Het budget voor resultaatafspraken (€ 12.500,00) is niet aangesproken, omdat de resultaatmeting over schooljaar 2019-2020 is gestart in januari 2021. Tegenover de lagere uitgaven staat een lagere aanwending uit de Reserve Onderwijsachterstandenbeleid. Op het budget van schoolbegeleiding resteert € 15.100,00. Tot en met 2019 lagen de afspraken over de besteding van de middelen binnen het budget voor schoolbegeleiding vast.

Omdat de scholen zelf ook budget krijgen voor het doen van onderzoeken bij leerlingen die uitval vertonen op cognitief vlak, is in goed overleg met de schoolbesturen besproken dat dit budget na herijking op een andere manier zou worden ingezet. De resultaten uit de pilot complexe zorgvragen kunnen worden gebruikt bij het besluitvormingsproces hierover. In afwachting van het nieuwe beleid zijn de middelen in 2020 niet besteed.

De taakvelden

4.1 - Openbaar basisonderwijs Beleidsmatig wordt geen onderscheid gemaakt tussen openbaar en bijzonder onderwijs. Passend onderwijs binnen het openbaar basisonderwijs houdt in dat onderwijs en gemeenten verplicht zijn om samen afspraken te maken over de taakverdeling ten aanzien van zorg in en om de school. Dit doen we op basis van artikel 167A van de Wet op het primair onderwijs (WPO). De aansluiting tussen onderwijs en jeugdhulp is belangrijk voor het kunnen bieden van goede zorg in en om de school. Het stimuleren van het netwerk en het verbeteren van de samenwerking stond ook in 2020 op de agenda. Een van de te behalen doelen daarbij was om na de zomervakantie te starten met de uitrol van de pilot die op de St. Martinusschool liep in 2019-2020. Onder invloed van corona is daarbij vertraging ontstaan. Scholen moesten alle zeilen bijzetten om te kunnen voldoen aan hun zorgplicht waardoor met de besturen is afgesproken om daar eerste prioriteit aan te geven.

4.2 – Onderwijshuisvesting Uitvoering integraal huisvestingsplan: Vinkenbos en Het Palet In 2020 zijn we gestart met de uitwerking van de eerste businesscases uit het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP). In september 2020 heeft uw raad budget beschikbaar gesteld voor de begeleiding bij het opstellen van twee businesscases, waarvan is afgesproken dat deze vervolgens ter inhoudelijke beoordeling aan uw raad zouden worden voorgelegd. Dit is in 2020 voor een van de projecten gebeurd. Uw raad heeft in december besloten om op basis van de voorgelegde businesscase in te stemmen met de voorfinanciering van de uitbreiding ten behoeve van de kinderopvang bij basisschool Vinkenbos. De uitwerking van de tweede businesscase (uitbreiding basisschool het Palet ten behoeve van de kinderopvang) is in het laatste kwartaal door het schoolbestuur opgepakt. Dit traject loopt nog door in 2021.

27

Uitvoering integraal huisvestingsplan: Heilinde Nadat de nieuwe bestuurder van Borgesius en een nieuwe directeur voor basisschool Heilinde zijn aangesteld, is een doorstart gemaakt met de voorbereidingen voor de nieuwbouw van Heilinde. Voordat een ruimtelijk- en technisch programma van eisen voor het schoolgebouw kan worden opgesteld moet duidelijkheid bestaan over twee belangrijke zaken: de onderwijsvisie van de school en het samenwerkingsmodel t.b.v. de beoogd samenwerkingspartner(s) voor het Integraal Kind Centrum (IKC). Beiden zijn van groot belang voor de omvang, indeling en inrichting van het gebouw. De onderwijsvisie is met enige vertraging in februari 2021 ontvangen. Recent heeft de school aangegeven met welke ketenpartners zij in gesprek willen gaan. Wanneer de afspraken met die partner(s) contractueel goed zijn vastgelegd en geborgd, kunnen vervolgstappen in het voorbereidingsproces worden gezet. Dat zal in de loop van 2021 het geval zijn.

4.3 - Onderwijsbeleid en leerlingzaken Voorschoolse educatie Op 17 juni 2020 heeft uw raad het plan voorschoolse educatie 2020-2022 vastgesteld. Op grond van dit plan is op alle VVE-locaties in Rucphen vanaf 1 augustus 2020 voorschoolse educatie uitgebreid van 10 naar 16 uur. Sjors sportief / creatief In maart 2020 zijn de boekjes voor Sjors sportief/Sjors creatief uitgereikt op de scholen. De bedoeling was dat kinderen direct daarna proeflessen bij sport- en culturele verenigingen konden volgen. Door de coronacrisis zijn de proeflessen in het voorjaar niet doorgegaan. In het najaar van 2020 konden verenigingen opnieuw proeflessen aanbieden. Een deel van de verenigingen heeft hiervan gebruik gemaakt. Scholen en kinderopvang In de periode 16 maart – 1 juli 2020 had onze gemeente een coördinerende taak in de noodopvang voor kinderen in de leeftijd van 0-12 jaar met ouders in vitale beroepen en voor kwetsbare kinderen. We hebben in dit kader voor afstemming gezorgd met kinderopvang en het onderwijs. Daarnaast hebben we de extra kosten die door enkele aanbieders/scholen gemaakt zijn voor de noodopvang betaald. Het Rijk vergoedt deze extra kosten aan de gemeente. In de septembercirculaire is bekendgemaakt dat de vergoeding € 30.984,00 bedraagt. In december 2020 zijn kinderopvang en scholen opnieuw gesloten.

De gemeente heeft toen geen coördinerende taak gekregen in de noodopvang van kinderen met ouders in vitale beroepen. Wel verzorgt de gemeente de coördinatie van noodopvang van kwetsbare kinderen. Het Rijk heeft verzocht om de ouderbijdrage van kinderen die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag en VVE-kinderen te vergoeden. Deze vergoeding wordt betaald aan de aanbieders van kinderopvang, die vervolgens de ouders compenseren voor de reeds betaalde ouderbijdrage. Het Rijk compenseert onze gemeente voor deze kosten. Leerlingenvervoer Artikel 4 Wet op het Primair Onderwijs en artikel 4 Wet Voortgezet Onderwijs verplichten ons leerlingenvervoer te organiseren voor kinderen die niet in staat zijn om zelfstandig te reizen. Het doel hiervan is de bereikbaarheid van het onderwijs te borgen. We hebben, ondanks de periode van de scholensluiting waarin we slechts 80% van de kosten hebben vergoed, het leerlingenvervoer in 2020 niet binnen het vastgestelde budget kunnen organiseren. De maatregelen rondom het coronavirus hebben effect op het leerlingenvervoer gehad. Tijdens de scholensluiting in maart werden de taxibedrijven enkel ingezet voor vervoer van kinderen met ouders in een cruciaal beroep en kwetsbare kinderen in een onveilige thuissituatie. Omdat de vervoerders betaald krijgen op basis van werkelijk gereden kilometers, resulteerde dit in een forse daling van de omzet.

Om de vervoerders te ondersteunen in deze moeilijke tijd is besloten om, in lijn van het advies van de VNG, 80% van de reguliere kosten door te blijven betalen. Leerplicht en bestrijding voortijdig schoolverlaten Ook op terrein van de leerplicht en het bestrijden van voortijdig schoolverlaten waren de effecten van corona merkbaar. Met de intrede van het virus kregen we ook te maken met de angst van ouders, leerkrachten en kinderen voor besmetting. Het online les krijgen was voor sommige kinderen lastig en moeilijk vol te houden. Dit leidde tot een toename van de contacten tussen scholen, ouders en leerplicht vooral in de preventieve zin. Door steeds in overleg te blijven is het gelukt om iedereen in beeld te houden en het schoolverzuim te beperken.

28

Daarnaast zagen we vooral op het MBO dat de invulling van de stages moeizaam verliep. Er zijn zorgen over de effecten van de maatregelen tegen corona, op toekomst van onze jongeren. Daarom zullen onze plannen ook de komende jaren nog in het kader staan van de bestrijding van de negatieve gevolgen van dit virus. De totale bijdrage aan het Regionaal Bureau Leren in 2020 bedroeg € 30.616,00.

Beleidsindicatoren

Voortijdige schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers) 2,0%

2,0%

Rucphen

Nederland bron: DUO / Ingrado | 2019

Absoluut verzuim

Relatief verzuim

per 1.000 leerlingen

per 1.000 leerlingen

3,8 26

19

2,4

Nederland

Rucphen

Nederland

bron: DUO / Ingrado | 2019

Rucphen bron: DUO / Ingrado | 2019

* Er wordt gesproken van absoluut verzuim als een leerplichtige en/of kwalificatie plichtige jongere niet op een school of instelling staat ingeschreven. De periodeaanduiding "2019" staat voor schooljaar "2018/2019". * Er is sprake van relatief verzuim als een jongere wel op een school staat ingeschreven, maar gedurende een bepaalde tijd de lessen/praktijk verzuimt. Ook veelvuldig te laat komen kan hiertoe worden gerekend. De periodeaanduiding "2019" staat voor schooljaar "2018/2019". Onze gemeente kent een hoog percentage absoluut schoolverzuim. Een substantieel deel van dit percentage wordt veroorzaakt door de nog niet verwerkte vrijstellingen van jongeren die een school in het buitenland bezoeken. Het beroep op vrijstelling voor deze kinderen wordt regelmatig te laat of soms zelfs niet ingediend. Omdat er geen schoolinschrijving én geen vrijstelling is, worden deze kinderen als absoluut verzuimer opgevoerd. Na een rappel wordt dit in de administratie wel weer gecorrigeerd maar dit is pas na bekendmaking van de landelijke cijfers. Het is niet eenvoudig om dit om te buigen. We zijn hierbij immers ook afhankelijk van de aanvrager van de vrijstelling.

29

Programma 5: Sport, cultuur en recreatie

Beoogd maatschappelijk effect Een vitale samenleving met (volop) mogelijkheden om elkaar te ontmoeten en ontspannen op het gebied van sport, cultuur en recreatie.

Ontwikkelingen en speerpunten binnen dit programma Speerpunten vanuit het Coalitieakkoord: • We waarderen het budget voor het onderhoud van de bestaande buitensportverenigingen op tot een niveau dat toereikend is voor de verenigingen; • Tennis en wielrennen worden toegevoegd aan de nota buitensport, zodat ook deze sporten/sportverenigingen recht krijgen op basisvergoedingen van de gemeente. • In de Binnentuin blijven een binnen- en buitenzwembad, een sporthal en voorzieningen voor de reeds gevestigde buitensporten beschikbaar; • Er wordt een wielerbaan voor Willebrord Wil Vooruit (WWV) gerealiseerd; • We verkorten de periode van afvoeren van het slootmaaisel. Speerpunten vanuit de Toekomstvisie “Puur Rucphen 2030”: • De kwaliteiten van Rucphen als woongemeente zijn het dorpse gemeenschapsgevoel, het kleinschalig groene karakter, de nabijheid van bossen en het goede aanbod van voorzieningen. • De gemeente Rucphen is aantrekkelijk voor wonen en vrijetijdsbesteding. • De gemeente biedt ruimte om te ondernemen in de Binnentuin: actieve en innovatieve ondernemers bouwen aan bezoekers intensieve attracties in de vrijetijdseconomie. • Een sterke vrijetijdseconomie draagt bij aan de leefbaarheid van onze dorpen. Dit jaar heeft corona behoorlijk ingegrepen in de uitvoering van de verschillende activiteiten.

Door de pandemie en de RIVM maatregelen is continu geschakeld op wat wel kon, wat niet kon en wat beperkt door kon gaan. Per taakveld kunt u de details lezen. Doorontwikkeling In maart 2020 is in de commissie het plan van aanpak doorontwikkeling sociaal domein besproken. In dit plan van aanpak zijn 3 thema’s benoemd: Integrale aanpak multiproblematiek, Gezond opgroeien, vitaal ouder worden. Binnen deze thema’s zijn in totaal 14 projecten uitgewerkt. Nadere informatie over deze projecten kunt u vinden bij het specifieke taakveld. De projecten worden uitgevoerd in de periode 2020-2023.

Overzicht taakvelden en baten en lasten per taakveld

Sportbeleid en activering Sportaccommodaties Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie Musea Cultureel erfgoed Media Openbaar groen en (openlucht) recreatie

Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten

TOTAAL

30

Prim. Beg. 2020

Begr. na wijz. 2020

Rekening 2020

74.838 1.014.646 -171.595 67.502

73.823 -20.000 1.009.341 -170.474 149.339

1.600

1.600

66.196 -20.000 1.028.564 -173.188 135.556 -2.115 1.600

22.546

21.922

466.360

471.677

21.934 3.143 471.677

1.731.971 -335

1.739.090 -386.660

1.597.393 -423.453

3.207.533

2.889.658

2.707.307

Verschillenverklaring per taakveld 5.2 - Sportaccommodaties De hogere lasten worden met name veroorzaakt door het aangaan van een nieuwe overeenkomst met de huidige exploitant van de Vijfsprong, vanaf 1 september 2020. Hierdoor stijgen de lasten met € 19.300,00. 5.3 - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie In 2020 was in verband met de schadecompensatieregeling sport en cultuur 2020 als gevolg van de uitbraak COVID-19 (corona) een bedrag geraamd van € 70.000,00. Hiervan is werkelijk € 62.000,00 uitgegeven. Daarnaast is het eenmalige budget 75 jaar vrijheid door de corona ontwikkelingen niet volledig ingezet. De geplande festiviteiten op 5 mei (ontvangst bevrijdingsvuur, boekuitreiking, bevrijdingsmaaltijd etc.) zijn afgelast. Er resteert op dit budget € 5.200,00. Dit restantbudget wordt overgebracht naar 2021, zodat eventuele activiteiten alsnog in 2021 plaats kunnen vinden. 5.7 - Openbaar groen en (openlucht) recreatie De lagere lasten worden o.a. veroorzaakt door het budget Groenblauwe diensten. Hiervoor was in 2020 een budget beschikbaar van € 27.400,00. In 2020 zijn geen kosten geboekt voor de Groenblauwe diensten, maar hebben we afrekeningen van eerdere jaren mogen ontvangen van in totaliteit € 63.100,00. Per saldo een lagere last van € 90.500,00.

Het betreft hier de eindafrekening van de overgang van 'Groen Blauw Stimuleringskader' (STIKA) naar ‘Stimuleringsregeling Landschap’ (STILA). Omdat de kosten met betrekking tot de Groen blauwe diensten normaliter voor 50% ten laste worden gebracht van de reserve groencompensatie en voor 50% ten laste van de reserve groenvoorziening, zijn de ontvangen afrekening op dezelfde wijze gestort in deze reserves. Tevens was in 2020 een budget beschikbaar van € 75.900,00 voor boomonderhoud. Hiervan resteert € 42.700,00. Van dit restant wordt een bedrag van € 21.578,00 overgebracht naar 2021 omdat nog niet alle werkzaamheden met betrekking tot de Zundertseweg, Schijfse Vaartkant en Oud Kerkpad waren afgerond in 2020. Dit bedrag wordt overgebracht ten laste van de reserve wegbeheer. De hogere baten worden veroorzaakt door verkoop van kleine percelen grond voor € 13.000,00. Daarnaast hebben we in 2020 voor € 19.500,00 meer aan inkomsten ontvangen dan gemaakte kosten in verband met het Bijenlandschap West-Brabant. Omdat nog niet het volledige bedrag van de bijdragen in 2020 is ingezet, dient het bedrag € 19.500,00 te worden gereserveerd om ingezet te kunnen worden als dekkingsmiddel voor verdere uitvoering van de activiteiten met betrekking tot het bijenlandschap in 2021.

De taakvelden 5.1 - Sportbeleid en activering Begin 2020 is het Lokaal Sportakkoord: ‘Sport verenigt Rucphen’ ondertekend door de deelnemende partners. Het was oorspronkelijk de bedoeling om in 2020 met verschillende werkgroepen de ambities per thema verder uit te werken. Door het coronavirus heeft deze uitwerking vertraging opgelopen. In het laatste kwartaal is dit traject weer opgepakt. Ook was het de bedoeling om in het tweede kwartaal van 2020 de inzet van de buurtsportcoaches te realiseren. Door de beperkte ruimte die er op dat moment was om activiteiten te organiseren, hebben we een pas op de plaats gemaakt. Toen echter bleek dat het coronavirus voorlopig deel uit zou blijven maken van ons leven is dit dossier toch weer opgepakt. Vanaf eind november is er een kwartiermaker actief om de inzet van de buurtsportcoaches te realiseren. Vanwege de beperkingen door corona is er geen huldiging sportkampioenen geweest. De kampioenen van 2019 hebben de medailles en bloemen thuisbezorgd gekregen. De huldiging van de sportkampioenen 2020, gepland in maart 2021, is afgelast. Veel competities zijn in 2020 niet doorgegaan. Indien aan de orde zullen zij in 2022 alsnog gehuldigd worden.

5.2 - Sportaccommodaties Zwembad Met Laco is een nieuwe exploitatieovereenkomst aangegaan. Deze loopt tot aan de opening van het nieuwe zwembad. Binnentuin

31

Op de locatie De Vijfsprong is het huidige buitenbad gesloopt. Op deze locatie wordt vanaf medio 2021 gestart met de bouw van het nieuwe zwembad en wielerretail. Tegelijkertijd wordt de openbare ruimte ingericht. Afronding van de werkzaamheden staat gepland in het tweede deel van 2022. Voor deze werkzaamheden worden op dit moment bestek en tekeningen opgesteld. Renovatie voetbalvelden Bij drie voetbalverenigingen zijn velden gerenoveerd, te weten het hoofd- en C-veld van R.K.S.V. Rood-Wit, het hoofdveld van S.V. Sprundel en het B-veld bij V.V. DIOZ. Tevens is bij V.V. R.S.V. groot onderhoud uitgevoerd aan het B- en C-veld. De werkzaamheden zijn in eigen beheer door de verenigingen uitgevoerd. Hiermee wordt invulling gegeven aan een versnelde uitvoering van het sportveldrenovatieplan. Omvorming veldverlichting In 2020 is gestart met de omvorming van de conventionele verlichting naar ledverlichting bij de voetbalverenigingen en H.C. Mistral. Hiermee is ingezet op het verduurzamen van de verlichting en reducering van kosten voor de verenigingen. De werkzaamheden zijn gezamenlijk door de verenigingen uitgevoerd. 5.3 - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie Schadecompensatieregeling Het raadsvoorstel ‘Schadecompensatieregeling sport en cultuur’ is behandeld in de vergadering van 8 juli 2020.

De regeling beoogt bij te dragen aan de continuïteit van de Rucphense (sport)verenigingen en sociaal culturele instellingen door de nadelige financiële gevolgen van de uitbraak COVID-19 deels te compenseren. In totaal is een bedrag van € 153.075,00 aan schade gecompenseerd. Cultuureducatie met kwaliteit Het programma cultuureducatie met kwaliteit liep eind 2020 af. Tijdens de begrotingsbehandeling in november is besloten om deel te nemen aan cultuureducatie met kwaliteit in de programmaperiode 2021-2024. ‘Ken je roots’ Er is een subsidie beschikbaar gesteld voor het, via een website, interactief maken van het kunstwerk ‘ken je roots’ in Schijf. 5.5 - Cultureel erfgoed In 2020 hebben we invulling gegeven aan de afspraken voor behoud van de twee molens. Voor de Heimolen zijn de plannen voor de realisatie van de horecavoorziening vertraagd. De benodigde omgevingsvergunning is verleend, realisatie is voorzien in 2021. In 2019 is gestart met een inventarisatie van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing. Dit heeft geleid tot een ontwerplijst cultuurhistorisch waardevolle bebouwing met behoudenswaardige panden. Uw raad heeft in september 2019 de erfgoedverordening vastgesteld met criteria om op deze lijst opgenomen te worden. Naar aanleiding hiervan is een update van de lijst gemaakt met daarop 72 panden.

Deze lijst met panden wordt vervolgens opgenomen in een apart bestemmingsplan zodat deze panden beschermd worden (sloopregeling) maar b.v. ook gesplitst kunnen worden. Ook blijft voor deze panden dan welstandstoezicht gelden zoals ook door de raad is vastgesteld in de “Nota uiterlijk van bouwwerken Rucphen 2019”. Een deel van de panden is reeds opgenomen in het bestemmingsplan Buitengebied Rucphen 2020. De overige panden worden opgenomen in een zogenaamd ‘paraplubestemmingsplan’.

5.6 – Media We willen al onze inwoners op een laagdrempelige manier toegang geven tot informatie. De bibliotheek heeft hierin een belangrijke functie. Het jaar 2020 is vanwege corona een bijzonder jaar geweest. De bibliotheek is een periode gesloten dan wel beperkt open geweest. De bibliotheek heeft in die periodes alternatieve dienstverlening ingezet, zoals het bestellen en afhalen van boeken. De digitale dienstverlening heeft een extra impuls gekregen onder invloed van corona. Het uitlenen van e-books is dan ook fors toegenomen.

5.7 - Openbaar groen en (openlucht) recreatie Het op peil houden van de kwaliteit van het openbaar groen is essentieel. Dit gebeurt door voldoende onderhoud, maar ook door het groen te renoveren. In 2020 is met wijkgerichte renovaties in onder andere de Dorestede (Zegge) en Stote Stede (De Louwen, Rucphen) het openbaar groen gerenoveerd. Daarnaast zijn een tweetal groene parels ingericht, dit betreft het Molenerf te Sprundel en het “Paletparkje” in de Julianastraat te Rucphen.

32

Het beheer en onderhoud van de plantsoenen is in toenemende mate onderhevig aan de weersextremen. Hierdoor kent de uitvoering van deze werkzaamheden piekperioden. Door de coronarichtlijnen van het RIVM kende de WVS een lagere bezetting. Om de piekperioden op te vangen heeft de WVS bij haar werkzaamheden in 2020 ondersteuning gehad van een hoveniersbedrijf. Boombeleid Het gemeentelijk bomenbestand vertegenwoordigt een grote (kapitaal)waarde. Om dit te borgen is een concept-Boombeleidsplan opgesteld, hierin zijn tevens kaders opgenomen voor het actualiseren van de groene kaart. In 2021 wordt het Boombeleidsplan aangeboden aan de raad. Landschapselementen De landschapselementen in de gemeente leveren een bijdrage aan de groene uitstraling van de gemeente en vertegenwoordigen daarnaast de geschiedenis van de plek. Door herijking van afspraken met Staatsbosbeheer en de NatuurWerkgroep gemeente Rucphen zijn deze geborgd. De overeenkomst met de NatuurWerkgroep gemeente Rucphen is hiervoor in 2020 ondertekend. De ondertekening van de overeenkomst met Staatsbosbeheer vindt plaats in 2021.

Beleidsindicatoren

% Niet-sporters 63,2%

48,7%

Rucphen

Nederland bron: Meerdere bronnen | 2016

33

Programma 6: Sociaal domein

Beoogd maatschappelijk effect De sociale cohesie van de gemeente is toekomstbestendig en de burgers zijn zoveel mogelijk in staat zowel voor zichzelf als voor anderen te zorgen.

Ontwikkelingen en speerpunten binnen dit programma Speerpunten uit de Toekomstvisie “Puur Rucphen 2030”: • We hebben de ambitie dat alle inwoners op eigen kracht kunnen deelnemen aan de samenleving. • Transformatie sociaal domein: “van zorgen voor naar zorgen dat”. • Wij spelen in het sociaal domein een actieve rol in het lokale en regionale veld. We willen bewerkstelligen dat de sociale cohesie van de gemeente toekomstbestendig is en dat de burgers zoveel mogelijk in staat zijn zowel voor zichzelf als voor anderen te zorgen. Dat doen we door: • Het bevorderen van sociale cohesie en een sterke samenleving; • Inzetten op preventie; • Het bieden / bevorderen van algemene voorzieningen waarvoor geen individuele beschikking van de gemeente nodig is; • Het bieden van zorg en ondersteuning. Het jaar 2020 werd zoals al eerder is vermeld gekenmerkt door de coronapandemie. De effecten daarvan op zorg (Jeugd en Wmo) en inkomensondersteuning waren duidelijk aanwezig. Door het coronavirus en de maatregelen van het RIVM was het niet altijd mogelijk om de zorg en ondersteuning te bieden zoals voorheen. Daarnaast kregen we als gemeenten van het Rijk extra opdrachten om aanbieders van Jeugdzorg en Wmo in staat te stellen zo veel mogelijk ondersteuning te kunnen blijven bieden aan onze kwetsbare burgers. Om dit mogelijk te kunnen maken konden de aanbieders financiële compensatie krijgen.

Op het gebied van de Participatiewet werden extra rijksregelingen ingezet om ondernemers te ondersteunen. Corona zorgde er ook voor dat we de uitvoering van activiteiten soms hebben moeten aanpassen of opschorten. Specifieke informatie hierover vindt u bij de desbetreffende taakvelden. De corona pandemie vroeg de nodige inzet en flexibiliteit van zowel onze maatschappelijke partners als van gemeenten zelf. Corona had ook positieve effecten, zo zagen we bij zorgaanbieders erg veel flexibiliteit in de geleverde ondersteuning om zo toch contact te blijven houden met onze kwetsbare burgers. Doorontwikkeling In maart 2020 is in de commissie MA het plan van aanpak doorontwikkeling sociaal domein besproken. In dit plan van aanpak zijn 3 thema’s benoemd: Integrale aanpak multiproblematiek, Gezond opgroeien, vitaal ouder worden. Binnen deze thema’s zijn in totaal 14 projecten uitgewerkt. Nadere informatie over deze projecten kunt u vinden bij het specifieke taakveld. De projecten worden uitgevoerd in de periode 2020-2023. De realisatie van het Plan van Aanpak gaat uit van de inzet van meer preventieve maatregelen op thema’s waar onze inwoners en maatschappelijke en vrijwillige organisaties problemen ervaren. Daarnaast wordt er geïnvesteerd in vroegtijdig signaleren van problemen en de aanpak hiervan.

Deze investering is bedoeld om inhoudelijke problemen op te lossen en om uitgaven aan de achterkant omlaag te brengen.

34

Overzicht taakvelden en baten en lasten per taakveld

Samenkracht en burgerparticipatie Wijkteams Inkomensregelingen Begeleide participatie Arbeidsparticipatie Maatwerkvoorziening (WMO) Maatwerkdienstverlening 18+ Maatwerkdienstverlening 18Geëscaleerde zorg 18+ Geëscaleerde zorg 18-

Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten

TOTAAL

Prim. Beg. 2020

Begr. na wijz. 2020

Rekening 2020

1.709.317 -247.940 2.736.618 -213.276 6.207.339 -4.732.248 6.892.617

1.608.196 -154.022 3.228.605 -332.422 11.404.450 -9.633.904 7.239.054

1.555.012 -160.729 2.702.369 -293.547 8.935.904 -7.590.156 7.210.536

929.293

1.106.112

773.054

687.980 -9.135 5.286.590 -212.000 3.441.000

858.770 -9.135 5.164.679 -362.786 3.681.540

354.283

288.826

853.782 -9.376 5.108.489 -294.784 3.931.272 -2.610 207.023

410.933

534.240

455.211

23.241.371 24.622.203 23.381.450

Verschillenverklaring per taakveld 6.1 - Samenkracht en burgerparticipatie Op het budget van Mantelzorgondersteuning en -waardering resteert bijna € 22.000,00. Hiervan wordt de helft veroorzaakt door een afrekening van 2019, doordat niet alle mantelzorgers een beroep hebben gedaan op de mantelzorgwaardering. Het budget is in 2021 neerwaarts bijgesteld. Van het budget Zorginfrastructuur resteert bijna € 17.000,00. We willen deze middelen inzetten voor het onderdeel indicatievrije dagbesteding. Dat is één van de projecten uit het Plan van Aanpak Doorontwikkeling Sociaal Domein 2020 – 2024. Het budget dient derhalve beschikbaar te blijven voor 2021. Van het budget voor het project Sjors sportief/creatief resteert € 5.300,00. Dit budget is beschikbaar gesteld voor 2020 en 2021 en zal dus deels overgebracht worden naar 2021. 6.2 – Wijkteams Het overschot op dit programma wordt voor € 410.600,00 veroorzaakt doordat middelen voor uitvoering van het Plan van Aanpak voor de Doorontwikkeling van het Sociaal Domein, nog niet zijn ingezet. Het gaat om eenmalige middelen die voor uitvoering van projecten in meerdere jaren beschikbaar zijn gesteld. Deze middelen dienen derhalve beschikbaar te blijven voor 2021 en verder. Het budget voor monitoring en sturing WMO van € 19.000,00 is niet ingezet. Dit is regionaal anders ingevuld. Het budget is vanaf 2021 vervallen.

De middelen voor het project zorgcontinuïteit zijn in 2020 niet ingezet. Het gaat om € 8.250,00 waarvan € 7.450,00 zou worden bijgedragen door andere gemeenten. Vanaf 2021 is dit budget vervallen. Het regionale werkbudget WMO van € 36.000,00 hoefde nagenoeg niet ingezet te worden, met name omdat er geen externe expertise ingehuurd hoefde te worden en omdat er geen bijeenkomsten op regionaal niveau georganiseerd zijn. De bijdrage van de deelnemende gemeenten is hierdoor ook lager, namelijk ruim € 32.000,00. Van het budget voor Cliëntondersteuning MEE resteert ruim € 24.000,00. Een mogelijke verklaring voor de lagere besteding kan gelegen zijn in Corona, waardoor in ieder geval in het voorjaar cliënten minder snel een beroep deden op de cliëntondersteuning door MEE. Ten laste van het budget van € 14.400,00 voor Project Samen Doen (ondersteunende begeleiding) zijn geen uitgaven gedaan.

35

6.3 – Inkomensregelingen Van het Rijk werd € 5.390.000,00 ontvangen in verband met corona voor Tijdelijke Ondersteuning van Zelfstandige Ondernemers (TOZO). Dit bedrag werd in 6 tranches ontvangen. De laatste tranche was niet bekend bij het opstellen van de Financiële Slotwijziging; in de begroting is derhalve slechts het bedrag opgenomen van de 1e 5 tranches (€ 4.781.000,00). De werkelijke uitgaven bedroegen slechts € 2.738.000,00. Dit veroorzaakt een overschot op de geraamde uitgaven van € 2.042.000,00. Het teveel ontvangen bedrag is opgenomen als terug te betalen. Aan de inkomstenzijde veroorzaakt dit hetzelfde verschil. De kosten van bedrijfsvoering die het Werkplein doorbelast aan onze gemeente voor dit taakveld zijn € 223.000,00 lager dan begroot. Dit heeft voornamelijk te maken met de door het Werkplein ontvangen Rijksbijdrage voor uitvoeringskosten in verband met corona. Het Werkplein heeft veel van deze werkzaamheden binnen de bestaande capaciteit kunnen uitvoeren. De kosten van IOAW en IOAZ waren € 43.200,00 lager dan waar in de begroting rekening mee was gehouden. Die van loonkostensubsidie waren € 26.300,00 lager. Jaarlijks beoordeelt het Werkplein de hoogte van de voorziening voor dubieuze debiteuren. In 2020 werd € 41.400,00 gestort om deze voorziening op peil te brengen. Van het budget voor Initiatiefplan Vroegsignalering resteert € 79.600,00.

Dit plan kent een looptijd van 2 jaar; tot en met 2021. Door een afrekening over 2019 resteert van het budget voor de bijdrage aan Stichting Leergeld € 19.000,00. Van het budget voor armoedebestrijding van kinderen resteert € 60.500,00. Beide budgetten blijven voor armoedebestrijding beschikbaar na 2020. 6.4 - Begeleide participatie Voor de herstructurering van het WVS waren extra middelen in de begroting opgenomen. Kosten hiervoor worden echter volledig verwerkt in de begroting van het WVS zelf en middels de gemeentelijke bijdrage verrekend. Het resterende bedrag van € 28.500,00 was derhalve niet nodig. Vanaf 2021 is hiervoor geen afzonderlijk budget meer in de gemeentelijke begroting opgenomen. 6.5 – Arbeidsparticipatie Op de uitvoeringskosten van dit taakveld resteert € 116.000,00 doordat middelen voor uitvoering van het Plan van Aanpak voor de Doorontwikkeling van het Sociaal Domein, nog niet zijn ingezet. Bij het Werkplein resteert op het totale uitgavenbudget van € 5.452.000,00 voor arbeidsparticipatie € 874.500,00. Dit wordt voor een groot deel veroorzaakt doordat werkzaamheden en activiteiten als gevolg van corona niet of in mindere mate doorgang konden vinden. Hiervan heeft € 661.000,00 betrekking op Individuele trajecten en leerwerktrajecten bij het WVS. Voor Rucphen heeft dit een positieve afrekening tot gevolg van € 114.500,00.

Hiervan heeft weer € 36.100,00 betrekking op invoeringskosten inburgering. Dit bedrag blijft beschikbaar voor 2021 in verband met het uitstel van de nieuwe wet. Daarnaast zijn de kosten van bedrijfsvoering die het Werkplein doorbelast aan onze gemeente voor dit taakveld € 26.000,00 lager dan begroot. Dit heeft voornamelijk te maken met de door het Werkplein ontvangen Rijksbijdrage voor uitvoeringskosten in verband met corona. Het Werkplein heeft veel van deze werkzaamheden binnen de bestaande capaciteit kunnen uitvoeren. Onze gemeente heeft bij de Septembercirculaire een bonus voor beschut werk ontvangen van € 67.300,00. In verband met corona heeft het Werkplein er van af gezien dit bij de gemeentes in rekening te brengen. In de meicirculaire 2020 is een decentralisatie-uitkering maatschappelijke begeleiding ontvangen. Van dit bedrag was € 7.500,00 ingezet als werkbudget voor kosten van opvang/workshops statushouders. Vanwege de coronacrisis zijn de workshops niet doorgegaan. Een deel van deze eenmalige middelen blijft beschikbaar om deze in 2021 te kunnen inzetten. 6.71 - Maatwerkdienstverlening 18+ De overschrijding op huishoudelijke ondersteuning en begeleiding (Zorg in Natura en PGB’s) bedraagt slechts € 34.200,00 op een totale begroting van ruim € 4,5 mln. Daarnaast was de eigen bijdrage € 30.400,00 lager dan geraamd.

Dit komt doordat in april en mei vanuit het Rijk is opgelegd dat er geen eigen bijdrage wordt geïnd. Van het budget schuldhulpverlening resteert € 25.600,00. In verband met de herijking van schuldhulpverlening in 2022 blijven deze middelen beschikbaar. In 2021 wordt een deel hiervan ingezet voor maximaal 15 trajecten thuisadministratie. Door corona werd aanzienlijk minder gebruik gemaakt van de Deeltaxi. De kosten waren hierdoor € 58.600,00 lager. De eigen bijdrage was hierdoor ook lager; namelijk € 27.400,00.

36

6.72 - Maatwerkdienstverlening 18Op dit taakveld is sprake van een overschrijding van bijna € 250.000,00. Hiervan heeft € 95.000,00 betrekking op jeugdzorg plus. In maart 2021 is een afrekening (€ 79.000,00) ontvangen van een zorginstelling buiten onze jeugdhulpregio over heel 2020, waarop niet was voorzien. Daarnaast pakt de afrekening binnen de bovenregionale samenwerking tussen Zeeland, WBO en WBW negatief uit voor onze regio door onderbezetting. In het convenant is opgenomen dat de onderbezetting aan de aanbieder gecompenseerd wordt op basis van een vooraf afgesproken verdeelsleutel. Beide mutaties komen na de financiële slotwijziging en konden niet worden geraamd. Van het resterende verschil heeft € 160.000,00 betrekking op de andere budgetten voor niet-vrij-toegankelijkezorg. Desondanks de actualisaties in de 2e bestuursrapportage 2020 en financiële slotwijziging 2020 is er alsnog een toename in arrangementen jeugdzorg ten opzichte van de raming. Hierin is ook een bedrag van ruim € 200.000,00 aan ‘nog-te-betalen’-posten opgenomen. Deze arrangementen zijn gestart of beëindigd in 2020, maar nog niet afgerekend. 6.81 - Geëscaleerde zorg 18+ De kosten van beschermd wonen zijn € 50.000,00 lager dan begroot. In het convenant dat de zes gemeenten hebben ondertekend m.b.t.

de samenwerking op het gebied van beschermd wonen en maatschappelijke opvang, is opgenomen dat de centrumgemeente Bergen op Zoom zorg draagt voor het opstellen van een jaarrekening. In deze jaarrekening is te lezen dat op beschermd wonen een positief resultaat is behaald van € 248.600,00 en op Maatschappelijke opvang van € 29.300,00. Daarnaast resteert van ontvangen coronagelden € 138.500,00. Deze middelen worden niet aan de deelnemende gemeenten uitgekeerd maar gereserveerd. Van het budget voor Veilig Thuis (deel WMO) resteert € 28.800,00. Het Rijk heeft in september 2020 extra middelen beschikbaar gesteld richting de centrumgemeenten. Voor Breda gaat het structureel om € 1,8 mln. Het was niet haalbaar om dat bedrag voor 2020 nog in te zetten, waardoor is besloten om dit in mindering te brengen op de gemeentelijke bijdragen. 6.82 - Geëscaleerde zorg 18Op dit taakveld resteert ongeveer € 79.000,00. Dit ontstaat in hoofdzaak door een gunstige afrekening van Veilig Thuis (€ 28.800,00, zie ook de toelichting in de vorige paragraaf), minder lasten voor verslavingspreventie (€17.000,00) en minder lasten binnen de spoed-eisende-zorg (€ 12.000,00). De budgetten voor jeugdbescherming en -reclassering zijn in de 2e bestuursrapportage en financiële geactualiseerd voor een totaal bedrag van € 120.000,00.

Ten opzichte van die prognose is uiteindelijk minder besteed aan jeugdbescherming (€ 14.000,00) en jeugdreclassering (€ 7.000,00).

De taakvelden 6.1 - Samenkracht en burgerparticipatie Deeltaxi Corona heeft een grote invloed gehad op het deeltaxivervoer in 2020. Door alle genomen maatregelen is er aanzienlijk minder gebruik gemaakt van het deeltaxivervoer. Regionaal (Regio West-Brabant) hebben we een aantal financiële afspraken gemaakt waardoor de taxivervoerders kunnen blijven bestaan. In 2020 is conform de afspraken 100% van de begroting als voorschot uitbetaald aan Regio West-Brabant. De afrekening van 2020 bestaat uit drie componenten: Januari en februari: betaling verreden ritten conform contract (vóór corona). Maart tot en met augustus: compensatieregeling 80% (conform verzoek vanuit het Rijk). September tot en met december: betaling verreden ritten conform een nieuw afgesproken regionale prijsstaffel.

37

6.2 – Wijkteams Onafhankelijke cliëntondersteuning De overeenkomst met MEE West-Brabant voor onafhankelijke cliëntondersteuning liep eind 2020 af. In de overeenkomst is de mogelijkheid opgenomen om het contract met 1 jaar te verlengen. Besloten is om de overeenkomst met 1 jaar te verlengen.

6.3 – Inkomensregelingen Werkplein Hart van West-Brabant In de oorspronkelijke begroting voor 2020 van het Werkplein Hart van West-Brabant werd uitgegaan van een dalend uitkeringsbestand (-1%). Als gevolg van de coronacrisis is echter een toename van het aantal bijstandsgerechtigden zichtbaar geworden. Deze ontwikkeling was aanleiding voor de 2e begrotingswijziging 2020 van het Werkplein, waarin een bestandstoename van 7,5% ten opzichte van 1 januari 2020 is verwerkt. Rucphen sluit 2020 echter af met een stijging van 12,5% ten opzichte van begin dit jaar. In absolute cijfers is het aantal uitkeringsdossiers voor Rucphen in 2020 gestegen van 297 naar 334 (bron: jaarrekening 2020 Werkplein HvWB). Het Werkplein heeft uitvoering gegeven aan de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo). De Tozo voorziet in een aanvullende uitkering voor levensonderhoud als het inkomen door de coronacrisis tot onder het sociaal minimum daalt. Daarnaast biedt de Tozo een lening voor bedrijfskapitaal om liquiditeitsproblemen als gevolg van de coronacrisis op te vangen. Voor Rucphen is, op peildatum 13 januari 2021, sprake van 407 toekenningen van inkomensondersteuning voor levensonderhoud (totaal € 1.1781.135,00) en 26 leningen voor bedrijfskapitaal (totaal € 224.525,00).

Ondanks de forse inzet op de uitvoering van de Tozo bleven de afhandeltermijnen voor (reguliere) aanvragen levensonderhoud, bijzondere bijstand en minimabeleid op koers. Armoede en schuldhulpverlening Het De6-project ‘Vroeg Eropaf’ is per maart 2020 van start gegaan. Door de coronabeperkingen is de uitvoering aangepast en zijn er minder huisbezoeken uitgevoerd. De uitvoeringskosten zijn hierdoor over 2020 lager uitgevallen. De nota Integraal Armoede- en schuldenbeleid De6 is in mei 2020 door uw raad vastgesteld. Uitwerking van de genoemde speerpunten is enigszins vertraagd, mede doordat de aandacht verlegd moest worden naar de gevolgen van de coronacrisis. Ten aanzien van de schuldhulpverlening was een toename verwacht van het aantal aanvragen. Die toename is vooralsnog uitgebleven, mede door de steunpakketten die het Rijk heeft ingesteld. In 2020 is een start gemaakt met de herinrichting van de schuldhulpverlening. De daadwerkelijke herinrichting zal plaats gaan vinden in 2021. Ten aanzien van de armoedegelden voor kinderen is ondersteuning verleend aan onder andere Stichting Leergeld. In 2020 zijn er 34 nieuwe gezinnen bereikt (nieuwe gezinnen 2019: 20). In totaal zijn er bijna 200 kinderen geholpen met voorzieningen uit het Kindpakket. Leergeld heeft een bedrag van € 19.000,00 terugbetaald.

Dit bedrag was de afgelopen jaren als reserve opgebouwd omdat niet alle verkregen middelen volledig waren ingezet. Het terug ontvangen bedrag blijft beschikbaar voor armoedebestrijding.

6.4 - Begeleide participatie In het kader van de ketensamenwerking tussen WVS, het Werkplein Hart van West-Brabant en de ISD Brabantse Wal hebben de drie directeuren een jaarplan 2021 en verder opgeleverd. Hierin zijn de ambities voor de ketensamenwerking geformuleerd en een aantal concrete activiteiten opgenomen, waaronder de uitvoering van drie proeftuinen. De negen gemeenten hebben ingestemd met aanpassing van de Gemeenschappelijke Regeling WVS-Groep, met als belangrijkste wijziging de verdeelsystematiek van de gemeentelijke bijdrage van WVS. De jaarlijkse tekorten van WVS (= gemeentelijke bijdrage) worden vanaf 1 januari 2021 niet meer verdeeld aan de hand van het aantal SW-medewerkers op de peildatum 1 januari van het jaar t–1, maar ook op basis van het aantal beschut werkers en overige participanten op die peildatum. Hierdoor sluit de verdeelsystematiek aan op de huidige realiteit van de WVS-organisatie en leidt deze tot een rechtvaardigere verdeling van de kosten van het gezamenlijk leerwerkbedrijf WVS. In het kader van corona hebben gemeenten in 2020 twee keer een compensatie ontvangen ten behoeve van het Sociale Werkbedrijf. Gemeente Rucphen ontving in totaal een bedrag van bijna € 470.000,00, dat is doorbetaald aan het WVS. In totaal heeft WVS een bedrag van bijna € 3,9 miljoen aan compensatie ontvangen.

38

Bij de vaststelling van de herziene begroting 2021 van WVS is besloten om ten laste van het resultaat 2020 een bedrag van € 2 miljoen, zijnde een deel van de coronacompensatie, te reserveren en dit bedrag aan te wenden voor de exploitatie van 2021. De totale aanvullende gemeentelijke bijdrage 2020 aan de WVS is € 993.891,00. De jaarrekening van het WVS sluit met een “positief” resultaat van ruim € 4,1 mln. Hiervan wordt € 2 mln gereserveerd om de gemeentelijke bijdrage in 2021 te verlagen. Bijna € 1,9 mln wordt gestort in de algemene reserve; het gaat hier om ontvangen Coronagelden. Daarnaast wordt € 50.000,00 gereserveerd voor de “viering 50 jaar WVS”. Aan de deelnemende gemeenten wordt slechts € 206.000,00 uitgekeerd. Voor Rucphen gaat het om een bedrag van € 25.408,00. De uiteindelijke uitkering van de door het WVS in het verleden ontvangen compensatie voor transitievergoedingen valt € 14.406,00 hoger uit dan waarmee we rekening hadden gehouden. Ten tijde van het cijfermatig afsluiten van onze jaarrekening was de jaarrekening van het WVS nog niet beschikbaar. De financiële consequenties worden verwerkt in de 1e Bestuursrapportage 2021.

6.5 – Arbeidsparticipatie Participatiewet De dienstverlening van het Werkplein Hart van West-Brabant in het kader van re-integratie stond door het coronavirus behoorlijk onder druk. In verband met de landelijke maatregelen is het fysieke contact met inwoners tot een minimum beperkt en werd overgestapt naar telefoon, e-mail en zo nodig beeldbellen. Ondanks de beperkende maatregelen heeft het Werkgeversservicepunt de doelstellingen voor reguliere plaatsingen en plaatsingen in een garantiebaan wel behaald. De doelstelling voor plaatsingen van statushouders is niet behaald, doordat bij deze groep de dienstverlening op afstand door de taalbarrière moeizaam verloopt. Ook wat betreft de leerwerktrajecten is de doelstelling als gevolg van de maatregelen rondom het coronavirus niet behaald. Het project uit het Plan van Aanpak voor de Doorontwikkeling van het Sociaal Domein met betrekking tot de brede vraagverheldering van doelgroep C is in verband met het coronavirus uitgesteld tot er weer huisbezoeken kunnen plaatsvinden. Statushouders In 2020 zijn er 30 vergunninghouders gehuisvest. Met betrekking tot de taakstelling huisvesting statushouders was er eind december 2020 sprake van een achterstand van 6 statushouders. De achterstand is ontstaan vanwege het achterwege blijven van koppelingen van statushouders aan onze gemeente.

In december zijn de De6-raden akkoord gegaan om de uitvoering van de nieuwe Wet Inburgering te beleggen bij het Werkplein. Een projectgroep met een afvaardiging van de De6-gemeenten en het Werkplein werkt aan de nadere uitwerking hiervan. De invoering van de wet is echter uitgesteld tot januari 2022.

6.6 - Maatwerkvoorziening (WMO) De inhoudelijke toelichting op deze onderwerpen volgt onder 6.71.

6.71 - Maatwerkdienstverlening 18+ Huishoudelijke ondersteuning Voor de huishoudelijke ondersteuning zijn we zoals gepland in 2020 gestart met de voorbereiding op een nieuw contract. Ook in dit contract blijft het resultaatgericht werken centraal staan. Tijdens de coronacrisis heeft de huishoudelijke ondersteuning veelal doorgang gevonden. Wanneer dit niet mogelijk was of de cliënt dit niet wilde, zijn hierover afspraken gemaakt tussen aanbieder en cliënt. Als gemeente zijn we hierover geïnformeerd. Eigen bijdrage Vanaf 2020 is de eigen bijdrage voor alle Wmo cliënten vastgesteld op € 19,00 per maand. Vanwege corona heeft het Rijk besloten dat in de maanden april en mei geen eigen bijdrage werd geïnd. De gemeenten worden voor deze kosten gecompenseerd door het Rijk. Hulpmiddelen Het contract voor hulpmiddelen (waaronder scootmobielen en rolstoelen) is in 2020 gecontinueerd zoals vooraf afgesproken. Tevens hebben we vanaf medio 2020 een contract voor de trapliften afgesloten na een aanbesteding met meerdere gemeenten uit de regio. Begeleiding

39

Doorbetalen tijdens corona Alle lopende indicaties Wmo (inclusief de vervoersindicaties) zijn tijdens de eerste coronagolf doorbetaald tot 1 juli 2020. Dat zijn de reguliere indicaties die uitgekeerd worden als resultaatfinanciering. Voor de vervoersindicaties gold dat deze door de zorgaanbieder doorbetaald moesten worden aan de vervoerders. Deze afspraak gold voor alle gecontracteerde Wmo-aanbieders, die op 12 maart 2020 een contract hadden met gemeenten. Het Rijk heeft in die periode een zeer dringend beroep gedaan op gemeenten om onze zorgaanbieders financiële zekerheid te bieden. Door vraaguitval en verminderde inzetbaarheid van personeel kon de omvang van de Wmo-ondersteuning tijdelijk afwijken van de normale situatie. Met het doorbetalen van de lopende indicaties in deze eerste fase van de coronacrisis boden we als gemeente zorgaanbieders de gelegenheid om in deze uitzonderlijke situatie zoveel mogelijk continuïteit van zorg en ondersteuning te leveren daar waar die nodig was. Het doel was acute liquiditeitsproblemen bij aanbieders te voorkomen en behoud van werkgelegenheid in de Wmo-ondersteuning. Tijdens deze periode is er via steekproeven en gesprekken met de aanbieders een vinger aan de pols gehouden. Daarbij was de insteek vooral welke alternatieve zorg er geboden is en hoe de zorgaanbieders de kwetsbare ouderen in beeld hielden.

Hiervoor heeft het Rijk geen extra middelen aan gemeenten beschikbaar gesteld. Omdat het hier lopende indicaties betreft die we toch al hadden moeten betalen is er geen sprake van extra uitgaven. Omzetderving Wmo Naast het doorbetalen van lopende Wmo-indicaties zijn er door het Rijk en de VNG afspraken gemaakt over het compenseren van omzetverlies van zorgaanbieders in de periode van 1 maart tot 1 juli 2020 als gevolg van corona. Dit betekent dat indien zorgaanbieders minder zorg leveren dan 'normaal' en daardoor te maken hebben met omzetdaling, er van gemeenten gevraagd wordt om deze omzetdaling te compenseren. Om hier uitvoering aan te geven is in 2020 door de De6 colleges de regeling Omzetderving vastgesteld. Het gaat dan om substantieel verlies van omzet die daadwerkelijk betrekking heeft op corona. Aanbieders hebben op deze regeling een beroep kunnen doen. Juist omdat gemeenten de lopende indicaties hebben doorbetaald is er maar een beperkt aantal aanvragen ingediend. In het geval van Rucphen gaat het om een 5-tal aanvragen, waarvan er 1 is gehonoreerd. Er vanuit gaande dat er niet meer wordt uitgegeven aan compensatie van omzetverlies en/of meerkosten dan de gemeente van het Rijk aan extra middelen hiervoor ontvangt, worden er per saldo geen extra kosten gemaakt.

Meerkosten Jeugdwet en Wmo Een derde onderdeel van de afspraken tussen het Rijk en de VNG is het compenseren van meerkosten die zorgaanbieders (Wmo en Jeugdwet) hebben gemaakt Hierbij is afgesproken dat directe meerkosten (bijvoorbeeld voor de huur van extra ruimtes, inzet van meer personeel) als gevolg van de RIVM-maatregelen door het Rijk worden gecompenseerd aan gemeenten. Meerkosten dienen aantoonbaar te zijn. Gemeenten moeten op hun beurt uitvoering geven aan deze regeling. Deze afspraak gold tot 1 januari 2021. In het eerste kwartaal 2021 wordt in regionaal verband hier uitvoering aan gegeven. Ook hierbij geldt dat er niet meer wordt uitgegeven dan de middelen die de gemeenten hiervoor ontvangen van het Rijk.

6.72 - Maatwerkdienstverlening 18In 2020 hebben we verder gewerkt aan de next steps zoals benoemd in het Beleidskader Zorg voor Jeugd 2018-2021. In het beleidskader zijn als uitgangspunten op genomen dat we als gezamenlijke gemeenten van West-Brabant West optreden als regisseur en het WAT bepalen. Dat houdt in dat er goede jeugdhulp voor onze jeugd beschikbaar is, dat we binnen Rijksbudget blijven en dat de kaders vormgegeven worden passend binnen onze Jeugdvisie. De zorgaanbieders in het werkveld bepalen HOE de resultaten bereikt worden. Hierbij is overleg met de aanbieders en onze cliënten een belangrijk onderdeel. Door de coronacrisis en de daarbij behorende maatregelen kon dit in 2020 niet volledig uitgevoerd worden. Bij de ontwikkelingen in ons stelsel blijven onze visie met de uitgangspunten centraal staan: Van zorgen voor naar zorgen dat; Van zorg naar preventie Van individuele ondersteuning naar systeemgerichte ondersteuning en Van intramuraal naar extramuraal. Dit zien we onder andere in de vastgestelde Visie op Wonen in de Jeugdzorg. Deze is tot stand gekomen in samenwerking met diverse partners in het veld. Het Beleidskader Zorg voor Jeugd West-Brabant West 201820201 is geëvalueerd. Uit de evaluatie is gebleken dat we belangrijke stappen hebben gezet in de verbinding zowel binnen de jeugdhulp als domein overstijgend.

We zien dat bijvoorbeeld concreet terug in de binnen het

40

veiligheidsdomein opererende veiligheidsteams maar ook in de ontwikkeling van de zorgcombinaties in het hoogcomplexe segment van de jeugdhulp. Integraliteit in de trajecten (bijvoorbeeld samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp) krijgt steeds meer vorm, maar blijft een aandachtspunt en is zeker nog voor verbetering vatbaar. Ook onze gemeente ziet zich geconfronteerd met een discrepantie tussen de uitgaven voor onze jeugdigen en het Rijksbudget. Hierdoor staat ons uitgangspunt om binnen het Rijksbudget goede jeugdhulp beschikbaar te hebben voor onze jeugdigen onder druk. Ten aanzien van de coronapandemie hebben we regionaal een werkgroep ingericht om de adviezen vanuit het Rijk te analyseren en richting onze jeugdzorgaanbieders te communiceren. Lokaal vindt er afstemming plaats over de opvang van onze kinderen in een kwetsbare (thuis)situatie en worden handen in een geslagen. Samenwerking tussen onderwijs, kinderopvang en jeugdhulp is versterkt. Ons jeugdhulpstelsel kent een garantieregeling. Deze kan in bijzondere situaties buiten werking worden gesteld. Corona is zo’n bijzondere situatie. Dit betekent dat als er sprake is van een terugval bij een kind als gevolg van de corona-omstandigheden opgeschaald kan worden en/of het huidige arrangement gecombineerd kan worden met een perspectief arrangement of een intensief arrangement.

Hier worden afspraken over gemaakt met de jeugdprofessional en de jeugdhulpaanbieder in voorkomende gevallen. De extra afgegeven arrangementen als gevolg van corona brengen in totaal extra kosten van € 14.106,00 met zich mee. Gedurende het begrotingsjaar zijn de budgetten voor jeugdzorg meerdere malen geprognosticeerd. Hierbij werden de lopende verplichtingen uit toegekende zorgarrangementen inzichtelijk gemaakt. Ook maakten we een inschatting van de nog te verwachte toekenningen. Hieruit bleek dat het begrotingsbedrag voor 2020 niet toereikend was. Op basis van de prognoses is in de 2e bestuursrapportage 2020 het budget voor Zorg in Natura (ZIN) verhoogd met € 25.000,00. In de financiële slotwijziging 2020 is hier nog een bedrag van € 180.000,00 aan toegevoegd. Deze stijging is veelal het gevolg van een algemene toename in zorgvraag. Daarbij heeft er medio 2020 een nieuw gezinshuis zich in onze gemeente gevestigd. Hier zijn zes jeugdigen gehuisvest en ontvangen begeleiding. Dit zorgt voor een stijging van kosten voor woonzorg. Omzetderving Jeugd Onderdeel van de afspraken tussen het Rijk en de VNG is het compenseren van meerkosten die zorgaanbieders (Wmo en Jeugd) maken als gevolg van corona.

Hierbij is afgesproken dat directe meerkosten zoals huur van extra ruimtes of inzet van meer personeel als gevolg van de RIVM maatregelen door het Rijk worden gecompenseerd aan gemeenten. Deze meerkosten moeten aantoonbaar zijn. Gemeenten geven op hun beurt uitvoering aan deze regeling. In het eerste kwartaal 2021 wordt hier regionaal uitvoering aan gegeven. Hierbij geldt dat we niet meer uitgeven dan de middelen die gemeenten hiervoor ontvangen van het Rijk. Meerkostenregeling corona Jeugdwet en Wmo Voor Jeugd geldt, anders dan bij Wmo, dat er géén omzetgaranties verstrekt worden aan zorgaanbieders als gevolg van de coronacrisis. Binnen het domein Jeugd wordt gewerkt met resultaatfinanciering en worden er gesprekken gevoerd met aanbieders zowel lokaal als regionaal over de te behalen/behaalde resultaten. Het gaat bij resultaatfinanciering om wat er behaald wordt en niet hoe het resultaat behaald wordt.

6.81 - Geëscaleerde zorg 18+ Beschermd wonen en maatschappelijke opvang De decentralisatie van beschermd wonen van centrumgemeente Bergen op Zoom naar alle gemeenten (Halderberge, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen en Woensdrecht) gaat in per 2022. Hierbij geldt een financieel ingroeipad van 10 jaar (10% per jaar). De decentralisatie van de maatschappelijke opvang zal op zijn vroegst pas in 2026 ingaan. Voor de decentralisatie is in 2020 een start gemaakt met een implementatieplan en nieuwe samenwerkingsafspraken per 2022. Wet verplichte ggz Met ingang van 1 januari 2020 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet verplichte ggz. De Wvggz vervangt samen met de Wet Zorg en Dwang (Wzd) de voormalige huidige Wet bijzondere opnemingen psychiatrische ziekenhuizen (Wet Bopz). De Wvggz richt zich op mensen met een psychiatrische aandoening. De Wzd richt zich op mensen met een verstandelijke beperking of een psychogeriatrische aandoening en valt buiten de taken van de gemeenten. De Wvggz stelt de zorg centraal. Deze is patiëntvolgend. Dit betekent dat verplichte zorg kan worden toegepast op de plek waar de betrokkene zich bevindt, ook thuis. Alleen als het thuis niet verantwoord is kan gedwongen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10250375/1